Multiclip 547 D - Grasmaaier STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Multiclip 547 D STIGA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Multiclip 547 D - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Multiclip 547 D van het merk STIGA.
GEBRUIKSAANWIJZING Multiclip 547 D STIGA
Lopend bediende grasmaaier - GEBRUIKERSHANDLEIDING LET OP: vooraleer de machine te gebruiken, dient men deze handleiding aandachtig te lezen.
NEDERLANDS - Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
- Voor het speciek gegeven, verwijst men naar wat aangegeven is op het identicatielabel van de machine.
Во случај на какво било двоумење или проблем, контактирајте со Овластениот сервис во непосредна близина или со Застапникот.NL - 1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN die strikt opgevolgd moeten worden A) VOORBEREIDING 1) LET OP! Lees deze aanwijzingen aandachtig alvorens de machine te gebruiken. Zorg dat u vertrouwd raakt met de bedieningsknoppen en in staat bent de machine op de juiste wijze te gebruiken. Leer de motor snel af te zetten. Het niet in acht nemen van de voorschriften en instructies kan brand en/of ernstige letsels veroorzaken. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om ze in de toekomst te kunnen raadplegen. 2) Laat nooit toe dat de machine gebruikt wordt door kinde- ren of door personen die niet vertrouwd zijn met deze aan- wijzingen. De minimale leeftijd van de gebruiker kan lande- lijk gereglementeerd zijn. 3) Gebruik de grasmaaier nooit als er personen, in het bij- zonder kinderen, of dieren in de buurt zijn 4) Gebruik de machine nooit indien de gebruiker vermoeid of onwel is, of indien hij geneesmiddelen, drugs, alcohol of andere stoen ingenomen heeft die negatieve invloed kun- nen hebben zijn voor zijn reactievermogen en aandacht. 5) Denk eraan dat de persoon die de machine bedient of de gebruiker aansprakelijk is voor ongevallen en onvoorziene gebeurtenissen die personen of hun eigendommen kunnen overkomen. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de risico’s, die het terrein waar hij op moet werken met zich mee kan brengen, te beoordelen en om alle nodige voorzorgsmaatregelen te treen met het oog op zijn eigen veiligheid en die van anderen, met name op hel- lingen, hobbelige, gladde of instabiele terreinen. 6) Indien men de machine aan derden wil geven of lenen, moet men zich ervan verzekeren dat de gebruiker de ge- bruiksaanwijzingen in dit handboek doorneemt.
1) Gebruik tijdens het gebruik van de machine steeds ste- vige antislip-werkschoenen en een lange broek. Bedien de machine niet met blote voeten of met open sandalen. Draag geen kettingen, armbanden, kledij met loshangende delen, of met veters of dassen. Lang haar moet zorgvuldig bijeengebonden worden. Draag altijd gehoorbescherming. 2) Controleer grondig de hele werkzone en verwijder al- les wat van de machine weg zou kunnen springen of de snijgroep en de motor zou kunnen beschadigen (keien, tak- ken, ijzerdraad, beenderen, enz.) 3) LET OP: GEVAAR! Benzine is bijzonder brandbaar. – bewaar de brandstof in speciale reservoirs; – vul de brandstof met een trechter alleen buiten en rook niet tijdens deze werkzaamheden en wanneer u met de brandstof bezig bent; – Giet de brandstof in de tank vóórdat u de motor aanzet: als de motor aanstaat of warm is mag u geen benzine toe- voegen of de dop van de benzinetank afdraaien; – Als u benzine gemorst hebt mag u de motor niet starten maar dient u de machine uit de buurt van de plek waar u de benzine gemorst hebt te brengen en voorkomen dat er brand ontstaat. U dient te wachten totdat de brandstof verdampt is en de benzinedampen opgelost zijn: – Draai de dop altijd weer goed op de tank van de machine en het benzinereservoir.
LET OP: VOORALEER DE MACHINE TE GEBRUIKEN, DIENT MEN DEZE HANDLEIDING AANDACHTIG TE LEZEN. Bewaren voor toekomstige behoeften. 4) Vervang de geluiddempers als deze defect zijn 5) Ga vóór het gebruik over op een algemene controle van de machine, en in het bijzonder: – het uitzicht van de snij-inrichting, en controleer of de schroeven en de snijgroep niet versleten of beschadigd zijn. Vervang de snij-inrichting en de beschadigde of ver- sleten schroeven en bloc om ervoor te zorgen dat het maaidek in balans blijft. Eventuele herstellingen moeten nabij een gespecialiseerd centrum uitgevoerd worden – De veiligheidshendel moet vrij kunnen bewegen, zonder geforceerd te worden, en bij het loslaten moet deze au- tomatisch en snel terug in de neutrale stand komen, om het maaitoestel tot stilstand te brengen. 6) Controleer regelmatig de staat van de batterij (indien voorzien). Vervang ze in geval van beschadiging aan het omhulsel, aan het deksel of aan de klemmen. 7) Vooraleer het werk aan te vangen, dient men steeds de beschermingen op de uitgang te monteren (opvangzak, zij- delingse aaatbeveiliging of achterste aaatbeveiliging).
C) TIJDENS HET GEBRUIK
1) Start de motor niet in gesloten ruimten waar zich gevaar- lijke koolstofmonoxide kan ontwikkelen. Het starten dient altijd in de open lucht of in een goed geventileerde ruimte te gebeuren. Onthoud steeds dat de aaatgassen giftig zijn. 2) Werk enkel bij daglicht of met een goede kunstmatige verlichting en bij goede zichtbaarheid. Verwijder personen, kinderen en dieren uit de werkzone. 3) Vermijd, indien mogelijk, op nat gras te werken. Vermijd te werken in de regen en bij risico op onweer. Gebruik de machine nooit bij slechte weersomstandigheden, en zeker niet bij kans op bliksem. 4) Zorg er voor dat U steeds een goed steunpunt hebt op hellende terreinen 5) Loop nooit, maar stap. Laat u niet door de grasmaaier trekken. 6) Let bijzonder goed op bij het benaderen van hindernis- sen die de zichtbaarheid kunnen beperken. 7) Maai in de dwarse richting van de helling en nooit in de richting van de stijging/daling, let goed op bij de verande- ringen van richting en let er goed op dat de wielen niet op hindernissen stoten (stenen, takken, wortels, enz.) die een zijdelingse verschuiving of verlies van controle over de ma- chine zouden kunnen veroorzaken. 8) De machine mag nooit gebruikt worden op hellingen van meer dan 20°, onafgezien van de looprichting. 9) Wees zeer voorzichtig wanneer u de grasmaaier naar u toe trekt. Kijk achteruit voor en na het achteruit rijden om u ervan te verzekeren dat er geen hindernissen zijn. 10) Zet de snij-inrichting stil indien de grasmaaier gekan- teld moet worden voor het vervoer, bij het oversteken van zones zonder gras en wanneer de grasmaaier vervoerd wordt van of naar de zone die gemaaid moet worden. 11) Let goed op het verkeer, wanneer de machine dicht bij de straat gebruikt wordt. 12) Gebruik de machine niet indien de beschermingen be- schadigd zijn, of zonder de opvangzak, zonder de zijdeling- se of de achterste aaatbeveiliging. 13) Wees zeer voorzichtig nabij ravijnen, grachten of dijken. 14) Start de motor voorzichtig volgens de aanwijzingen en houd uw voeten ver van de snij-inrichting verwijderd. 15) Kantel de grasmaaier niet voor het opstarten. Start deNL - 2 machine op een vlakke ondergrond zonder hindernissen of hoog gras. 16) Breng uw handen en voeten nooit nabij of onder de draaiende delen. Blijf steeds op afstand van de aaat- opening. 17) Hef de grasmaaier niet op en vervoer hem niet wanneer de motor in werking is. 18) Schend of verwijder de veiligheidsinrichtingen niet. 19) Wijzig de afstelling van de motor niet en laat het toeren- tal van de motor niet buitengewoon hoog oplopen. 20) Raak de onderdelen van de motor die tijdens het ge- bruik heet worden, niet aan. Gevaar voor brandwonden. 21) Bij de modellen met aandrijving, moet men de koppe- ling van de transmissie aan de wielen uitschakelen vooral- eer de motor te starten. 22) Gebruik enkel toebehoren die goedgekeurd werden door de fabrikant van de machine. 23) Gebruik de machine niet indien de toebehoren/werktui- gen niet op de voorziene plaatsen geïnstalleerd zijn. 24) Koppel de snij-inrichting los, stop de motor en koppel de kabel van de bougie los (verzeker u ervan dat alle bewe- gende delen volledig stil staan): – Tijdens het vervoer van de machine – Telkens wanneer u de machine onbeheerd achterlaat; Bij de modellen met elektrische inschakeling, dient u ook de sleutel te verwijderen; – Vooraleer blokkeringen te verhelpen of het windkanaal vrij te maken; – Vóórdat u de machine controleert, schoonmaakt of er- aan werkt; – Nadat er op een vreemd voorwerp gestoten is. Controleer de machine op eventuele beschadigingen en voer de no- dige reparaties uit alvorens ze opnieuw te gebruiken; 25) Schakel de snij-inrichting uit en stop de motor; – Alvorens brandstof bij te vullen; – Elke keer wanneer u de opvangzak verwijdert of opnieuw monteert; – Elke keer wanneer u de zijdelingse aaatdeector verwij- dert of opnieuw monteert; – Vooraleer de maaihoogte af te stellen indien dit niet van- uit de plaats van de bestuurder uitgevoerd kan worden. 26) Behoud tijdens het werk steeds de veiligheidsafstand ten opzichte van de snij-inrichting, die overeenstemt met de lengte van de steel. 27) Geef gas terug vooraleer de motor stil te zetten. Sluit de toevoer van de brandstof af aan het einde van het werk, volgens de aanwijzingen in het handboekje. 28) LET OP: – In geval van breuken of ongevallen tijdens het werk, dient men de motor onmiddellijk stil te zetten en de machine te verwijderen om geen verdere schade te be- rokkenen; in geval van ongevallen met persoonlijke letsels of letsels aan derden, dient men onmiddellijk de meest ge- schikte eerste-hulp-procedures te volgen voor de situatie en zich tot een gezondheidsstructuur te richten voor de nodige zorgen. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan personen of dieren kunnen veroorza- ken indien ze onopgemerkt blijven. 29) LET OP – Het niveau van het geluid en van de trillingen dat aangegeven is in deze handleiding, zijn de maximale waarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een niet gebalanceerd maai-element, een overdreven snel- heid van de beweging en gebrekig onderhoud hebben een negatieve invloed op het geluidsniveau en op de trillingen. Bijgevolg is het noodzakelijk preventieve maatregelen te treen om mogelijke schade ten gevolge van een hoog ge- luidsniveau en stress van trillingen te vermijden; zorg voor het onderhoud van de machine, draag gehoorbescher- ming, maak pauzes tijdens het werk.
D) ONDERHOUD EN OPSLAG
1) LET OP! – Verwijder de kabel van de bougie en lees de desbetreende aanwijzingen alvorens eender welke in- greep voor reiniging of onderhoud aan te vangen. Draag geschikte kleding en werkhandschoenen voor alle hande- lingen die gevaarlijk kunnen zijn voor de handen. 2) LET OP! – Gebruik de machine nooit als er onderdelen versleten of beschadigd zijn. De defecte of beschadigde onderdelen moeten vervangen en niet gerepareerd wor- den. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen: het gebruik van niet originele en/of niet goed gemonteerde on- derdelen beïnvloedt de veiligheid van de machine, kan on- gelukken of persoonlijk letsels veroorzaken waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk gesteld kan worden. 3) Alle onderhoudshandelingen en afstellingen die niet be- schreven zijn in deze handleiding moeten uitgevoerd wor- den door uw Verkoper of in een gespecialiseerd Centrum dat beschikt over de nodige kennis en uitrustingen om de werken correct uit te voeren, met respect voor het oorspronkelijk niveau van veiligheid van de machine. Handelingen die uitgevoerd werden in niet geschikte struc- turen of door onbekwame personen doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikant vervallen. 4) Koppel na ieder gebruik de kabel van de bougie los en controleer of er geen beschadigingen zijn. 5) Laat bouten en schroeven vastgedraaid zitten om er ze- ker van te zijn dat de machine altijd op een veilige manier gebruiksklaar is. Als u regelmatig onderhoud aan de heg- genschaar pleegt, zal de werking ervan veilig blijven en zal het prestatieniveau bewaard blijven. 6) Controleer regelmatig of de schroeven van de snij-inrich- ting correct vastgedraaid zijn. 7) Draag werkhandschoenen om de snij-inrichting te hante- ren, te demonteren of opnieuw te monteren. 8) Let op de balans van de snij-inrichting, wanneer dit ge- slepen wordt. Alle handelingen die betrekking hebben op de snij-inrichting (demontage, slijpen, in balans brengen, hermontage en/of vervanging) vergen een specieke vaar- digheid en het gebruik van geschikt gereedschap; uit vei- ligheidsoverwegingen moeten deze handelingen daarom steeds uitgevoerd worden in een gespecialiseerd centrum. 9) Tijdens de afstellingen van de machine, moet men erop letten dat de vingers niet tussen de bewegende snij-inrich- ting en de vaste delen van de machine verklemd geraken. 10) Raak de snij-inrichting niet aan totdat de kabel van de bougie losgekoppeld is en de snij-inrichting volledig stil- staat. Tijdens het werken aan de snij-inrichting, dient men erop te letten dat de snij-inrichting kan bewegen, ook al is de kabel van de bougie losgekoppeld. 11) Controleer regelmatig de zijdelingse aaatbeveiliging, of de achterste aaatbeveiliging en de opvangzak. Vervang ze indien ze beschadigd zijn. 12) Vervang de labels met instructies en waarschuwingen, indien deze beschadigd zijn. 13) Berg de machine op in een plaats die niet toegankelijk is voor kinderen. 14) Zet de machine niet met benzine in de tank in een ruim- te waar de benzinedampen met vlammen, vonken of een warmtebron in aanraking zouden kunnen komen. 15) Laat de motor eerst afkoelen alvorens de machine de machine in eender welke ruimte op te bergen. 16) Om brandgevaar zoveel mogelijk te beperken dienen de motor, de geluiddemper van de uitlaat, de accubak enNL - 3 de benzinetank vrij gehouden te worden van gras, bladeren of teveel vet. Leeg de opvangzak en laat geen containers met gemaaid gras in gesloten ruimtes achter. 17) Om het risico op brand te verminderen, dient men regel- matig na te gaan of er geen olie- en/of brandstoekken zijn. 18) Als u de tank moet ledigen, dient u dit in de open lucht te doen en wanneer de motor koud is.
E) TRANSPORT EN VERPLAATSING
1) Telkens wanneer de machine verplaatst, geheven, ver- voerd of overgeheld moet worden, is het noodzakelijk: – Stevige werkhandschoenen te dragen; – De machine vast te nemen op punten waar u een stevige grip hebt, rekening houdend met het gewicht en de sprei- ding van het gewicht; – Een beroep te doen op een toereikend aantal personen die het gewicht van de machine kunnen heen, volgens de kenmerken van het transportmiddel of de plaats waar de machine opgenomen of opgesteld moet worden. – Verzeker u ervan dat de verplaatsing van de machine geen benzinelekken of beschadigingen of letsels ver- oorzaakt. 2) Bevestig de machine tijdens het vervoer goed met tou- wen of kettingen. G) MILIEUBESCHERMING 1) De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gun- ste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven. Wees geen storend element voor uw buren. 2) Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwer- ken van de verpakking, olie, benzine, lters, versleten de- len of eender welk element met een sterke invloed op de omgeving; dit afval mag niet met de huisafval weggewor- pen worden, maar moet gescheiden worden en aan speci- ale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen. 3) Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van het snijafval. 4) Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de gelden- de plaatselijke normen.
EN GEBRUIKSGEBIED Deze machine is een tuingereedschap en met name een grasmaaier met lopende bestuurder. De machine bestaat hoofdzakelijk uit een motor, die een snij-inrichting aanschakelt die beschermd is door een car- ter, voorzien van wielen en een handgreep. De bediener kan de machine besturen en de belangrijkste commando’s bedienen terwijl hij steeds achter de hand- greep blijft, en dus op veilige afstand van de draaiende snij-inrichting. Indien de bediener zich van de machine verwijdert, vallen de motor en de snij-inrichting na enkele seconden stil. Voorzien gebruik Deze machine is ontworpen en gebouwd om gras te maai- en in tuinen en zones met gras, met een grootte in verhou- ding met de maaicapaciteit, in aanwezigheid van een lo- pende bediener.
- het gras maaien en zijdelings aaten (met de hiervoor voorziene machines). Type gebruiker Deze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, d.w.z. door niet professionele bedieners. Deze machine is bestemd voor een amateuriëel gebruik. Onjuist gebruik Eender welk ander gebruik, dat afwijkt van wat hierboven beschreven is, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situaties behoren tot het onjuist gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend): – vervoer van personen, kinderen of dieren op de machine; – zich door de machine laten vervoeren; – gebruik van de machine voor het aanslepen of aandu- wen van een last; – gebruik van de machine voor het knippen van heggen of voor het maaien van andere vegetatie dan gras; – gebruik van de machine door meer dan één persoon te- gelijk; – de snij-inrichting aanschakelen op zones zonder gras.
IDENTIFICATIELABEL EN ONDERDELEN
VAN DE MACHINE (zie afbeeldingen op pag. ii)
14a. Zijdelingse aaatdeector (indien voorzien) 14b. Zijdelingse aaatbeveiliging (indien voorzien)
16. Snelheidsregelaar
17. Hendel rem motor / snij-inrichting
18. Bedieningshendel aandrijving
Onmiddellijk na de aankoop van de machine, worden de identicatienummers (3 – 4 – 5) in de hiertoe bestemde ruimten op de laatste pagina van de handleiding genoteerd.NL - 4
BESCHRIJVING VAN DE SYMBOLEN
OP DE KNOPPEN (indien aanwezig)
24. Stop motor 25. Aandrijving ingeschakeld
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - Uw grasmaaier moet voorzichtig gebruikt worden. Daarom zijn er op de machi- ne pictogrammen aangebracht die u aan de belangrijkste veiligheidsvoorschriften herinneren. Hun betekenis is hier- onder weergegeven. Verder wordt u aanbevolen de veilig- heidsvoorschriften in het speciale hoofdstuk daarover in dit boekje zorgvuldig door te lezen. Vervang de beschadigde of onleesbare stickers. 41. Let op: Lees de handleiding alvorens de machine te gebruiken. 42. Risico wegschietende voorwerpen. Houd de personen buiten de werkzone tijdens het gebruik. 43. Gevaar voor snijwonden: Bewegende snij-inrichting. Steek uw handen of voeten niet in de holte van de snij- inrichting. Maak de dop van de bougie los en lees de aanwijzingen vóór eender welke onderhoudswerk- zaamheden of reparaties te verrichten.
46. Gevaar voor snijwonden: Snij-inrichting. Steek uw han-
den of voeten niet in de holte van de snij-inrichting. 47. Let op voor de hete oppervlakten! GEBRUIKSVOORSCHRIFTEN Voor de motor en de batterij (indien aanwezig) wordt verwezen naar de relatieve handleidingen. OPMERKING - De overeenkomst tussen de verwijzin- gen in de tekst en de bijbehorende afbeeldingen (op de pag. iii en daaropvolgende ) is gegeven door het nummer dat voor iedere paragraaf staat.
1. DE MONTAGE VERVOLLEDIGEN
OPMERKING De machine kan mogelijk geleverd worden met sommige onderdelen reeds gemonteerd. LET OP! De machine moet op een vlakke en so- lide ondergrond uitgepakt en gemonteerd worden, met voldoende bewegingsruimte voor de machine en de verpakking, en steeds met gebruik van geschikte werktuigen. De verpakking moet volgens de plaatselijk geldende be- palingen worden afgevoerd.
- Modellen met elektrisch start met toets Plaats de meegeleverde accu in de holte voorzien op de motor (par. 3.2b, “II - III”).
2. BESCHRIJVING VAN DE COMMANDO’S
OPMERKING De betekenis van de symbolen op de knop- pen wordt verklaard op de volgende pagina’s.
2.3 Bedieningshendel aandrijving
(indien aanwezig) Voor de modellen met aandrijving, wordt de grasmaaier gestart met de bedieningshendel (1) tegen de handgreep geduwd. De grasmaaier stopt met rijden als de hendel losgelaten wordt. De motor moet steeds met uitgeschakelde aandrijving ge- start worden. Activering van de transmissie. LET OP! Om te vermijden de aandrijving te be- schadigen, mag men de machine niet achteruit trekken met de aandrijving ingeschakeld.
2.4 Comando snelheidsregelaar (indien voorzien)
Bij de modellen met aandrijving, staat de snelheidsrege- laar (indien voorzien) toe de voortbewegingssnelheid te regelen. De regeling wordt verkregen door de hendel (1) te verplaat- sen volgens de aanwijzingen nabij de hendel zelf. BELANGRIJK De overgang van een snelheid op een an- dere gebeurt wanneer de motor draait en de koppeling in- geschakeld. Raak de snelheidsregelaar niet aan wanneer de motor uitge- schakeld is. Dit kan de regelaar zelf beschadigen. OPMERKING Indien de machine niet vooruitgaat met de bediening in de stand « » volstaat het de hendel in de stand « » en vlak daarna weer in de stand « » te brengen.
2.5 Afstelling maaihoogte
De maaihoogte kan door middel van de speciale hendels (1) afgesteld worden. De hoogte moet voor de vier wielen gelijk zijn. U MAG DIT ENKEL DOEN ALS DE SNIJ-INRICHTING STIL STAAT.
2.6 Afstelling van de hoek van de handgreep
Doe dit enkel wanneer het maaimechanisme stil staat.
3.1a Voorbereiding voor het maaien en fijnmalen van het gras (functie “mulching”): – Bij de modellen met mogelijkheid tot zijdelings aaten: verzeker u ervan dat de zijdelingse aaatbeveiliging (2) omlaag is en geblokkeerd is met de veiligheidshendel (1).NL - 5 3.1b Voorbereiding voor het maaien en de zijde- lingse aflaat van het gras (indien voorzien) – Duw zachtjes op de veiligheidshendel (1) en hef de zijde- lingse aaatbeveiliging (2) op. – Plaats de zijdelingse aaatdeector (3) zoals aangege- ven op de afbeelding. – Hersluit de zijdelingse aaatbeveiliging (2) zodat de zij- delingse aaatdeector (3) geblokkeerd is. Om de achterste aaatdeector te verwijderen: – Duw zachtjes op de veiligheidshendel (1) en hef de zijde- lingse aaatbeveiliging (2) op. – Maak de zijdelingse aaatdeector los (3).
3.2 Starten van de motor
Voor het opstarten, volgt men de aanwijzingen in de hand- leiding van de motor. 3.2a
- Modellen met handmatige start (“I ”) Trek de remhendel van de snij-inrichting (1) tegen de hand- greep en geef een stevige ruk aan het handvat van de startkoord (2). 3.2b
- Modellen met elektrisch start met toets (“II - III”) – Plaats de meegeleverde accu in de holte voorzien op de motor (4); (volg de aanwijzingen in de handleiding van de motor.). – Steek de sleutel goed in (indien aanwezig) (5). – Trek de hendel rem motor / snij-inrichting naar de steel (1). OPMERKING De hendel rem motor / snij-inrichting moet aangetrokken gehouden worden om te vermijden dat de motor stilvalt. – Druk op de starttoets en houd deze ingedrukt tot de mo- tor ingeschakeld is (6).
Het gazon zal er beter uitzien als het steeds op dezelf- de hoogte en afwisselend in de twee richtingen gemaaid wordt. Een machine die voorzien is van het systeem “MULCHING” maait het gras, maalt het klein en verspreidt het over het gazon. Het is dus niet noodzakelijk het afgemaaide gras bijeen te rapen. Voor de beste resultaten van “MULCHING”, dient men de volgende aanwijzingen op te volgen: 1. Maai het gras niet te kort af. Maai het gras slechts voor 1/3 van de hoogte af. 2. Houd het chassis steeds goed schoon (van onderaan). 3. Gebruik steeds goed geslepen snij-inrichtingen. 4. Maai geen nat gras. Dit wordt gemakkelijker opgehoopt onder het chassis en verslechtert het resultaat van het maaien aanzienlijk. Raadgevingen voor de zorg van het gazon Iedere soort gras heeft verschillende kenmerken en er kun- nen dus verschillende werkwijzen nodig zijn om het gazon te verzorgen; lees steeds de aanwijzingen op de zaadver- pakkingen met betrekking op de maaihoogte, en al naarge- lang de groeicondities van de zone waar men werkt. Houd er rekening mee dat de meeste soorten gras uit een steel en een of meerdere bladeren bestaan. Als de blade- ren volledig afgemaaid worden, wordt het gazon bescha- digd en zal het moeilijker teruggroeien. Over het algemeen, gelden de volgende aanwijzingen: – een te laag maainiveau veroorzaakt scheuren en leegtes in het grasveld, en een “gevlekt” aspect”; – in de zomer, moet het gras hoger gemaaid worden om te vermijden dat het terrein uitdroogt; – maai het gras niet wanneer het nat is; dit zou de werk- zaamheid van de snij-inrichting verminderen omwille van het gras dat eraan vastkleeft en zou scheuren in het gras- veld veroorzaken; – indien het gras bijzonder hoog is, is het raadzaam eerst op de maximaal toegestane hoogte te maaien en ver- volgens een tweede maaibeurt te doen na twee of drie dagen.
3.4 Einde van het werk
Laat, na het werken, de hendel (1) van de rem los en maak het dopje van de bougie (2) los.
- Modellen met elektrisch start met toets Duw op het lipje (5) en verwijder de consensussleutel (4). WACHT TOT DE SNIJ-INRICHTING STIL STAAT, vooral- eer eender welke ingreep uit te voeren.
Bewaar de grasmaaier op een droge plaats. BELANGRIJK Een regelmatig en zorgzaam onderhoud, dat minstens jaarlijks wordt uitgevoerd, is onontbeerlijk om de veiligheid en originele performances van de machine met- tertijd te behouden. Iedere ingreep voor afstelling of onderhoud moet uitge- voerd worden bij stilstaande motor, en na de kabel van de bougie losgemaakt te hebben. 1) Draag robuuste werkhandschoenen bij alle ingrepen voor reiniging, onderhoud of afstelling van de machine. 2) Reinig de machine na elke maaiing; verwijder de resten van gras en modder die binnen het chassis opgestapeld worden om te vermijden dat deze resten, wanneer ze opdrogen, een volgend opstarten moeilijk maken. 3) De verf aan de binnenkant van het chassis kan metter- tijd loskomen ten gevolge van de krassende actie van het gemaaide gras; in dit geval moet men onmiddellijk de veraag bijwerken met een antiroestverf, om de vor- ming van roest te voorkomen, die tot corrosie van het metaal zou kunnen leiden. 4) Indien toegang tot het binnendeel van de machine no- dig is, moet de machine op de kant die aangegeven is in de handleiding van de motor, gelegd worden, volgens de instructies, en moet men zich ervan verzekeren dat de machine stabiel is alvorens eender welke ingreep uit te voeren. 5) Giet geen benzine op de plastic onderdelen van de mo- tor of de machine, om schade te voorkomen en verwij- der onmiddellijk elk spoor van benzine dat eventueel ge- morst werd. De garantie dekt geen schade aan de plas- tic onderdelen, veroorzaakt door benzine. 6) Bij de modellen met AVS: in geval van ongewone tril- lingen op de steel, de schokdempers controleren en contact opnemen met uw Verkoper . 7) Om de goede werking en levensduur van de machine te verzekeren, is het raadzaam de olie an de motor regel- matig te vervangen, volgens de frequentie die aangege- ven is in de Handleiding van de motor zelf.NL - 6 De olie kan nabij een gespecialiseerd centrum afgela- ten worden, ofwel door ze met een spuit uit de vulope- ning op te zuigen; houd er rekening mee dat het noodza- kelijk kan zijn deze handeling meerdere keren te herha- len om er zeker van te zijn dat de carter volledig leeg is. Verzeker u ervan dat de olie bijgevuld werd, vooral- eer de machine weer te gebruiken. BELANGRIJK Gebruik nooit water onder hoge druk.
4.1 Onderhoud van de snij-inrichting
Iedere ingreep aan de snij-inrichting moet door een gespe- cialiseerd centrum uitgevoerd worden, dat over het meest geschikte gereedschap beschikt. Voor deze machine is het gebruik van een snij-inrichting voorzien met de code die aangegeven is in de tabel op pagina vi. Gezien de ontwikkeling van het product, kan de boven ver- melde snij-inrichtingen in de loop van de tijd vervangen worden door een andere, met soortgelijke eigenschap- pen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele vei- ligheid.
4.2 Regeling van de aandrijving
- Model 474: Voor de modellen met aandrijving, moet men de be- scherming (1) 1 of 2 keer per jaar verwijderen door de schroeven (2) los te draaien; met een borstel of perslucht wordt vervolgens overgegaan tot een grondige reiniging, waarbij sporen van gras of vuil uit de zone rond de aan- drijving en de riem verwijderd worden. Hermonteer altijd de bescherming (1).
- Model 504: Voor de modellen met aandrijving, moet men de bescher- ming (1) 1 of 2 keer per jaar verwijderen door de schroe- ven (2) los te draaien en de haken (3) los te maken; met een borstel of perslucht wordt vervolgens overgegaan tot een grondige reiniging, waarbij sporen van gras of vuil uit de zone rond de aandrijving en de riem verwijderd wor- den. Hermonteer altijd de bescherming (1).
4.3 Herladen van de batterij (indien voorzien)
- Modellen met elektrisch start met toets Voor de aanwijzingen met betrekking op de autonomie, de herlading, de stalling en het onderhoud van de accu, dient men de aanwijzingen in de handleiding van de mo- tor in acht te nemen.
4.4 Regeling van de kabel van de regelaar
(indien voorzien) Deze regeling moet uitgevoerd worden wanneer de hendel (1) niet in de stand « », blijft. Met de hendel (1) in stand « », draai het register (2) van de kabel in de richting aangegeven door het pijltje, net zoveel totdat de hendel in de stand blijft staat. BELANGRIJK De regeling moet uitgevoerd worden wan- neer de motor uitgeschakeld is.
1. start de motor in de openlucht en laat deze draaien tot
hij afslaat, zodat alle in de carburator achtergebleven brandstof is verbruikt;
- beschermd tegen slechte weersomstandigheden;
- buiten bereik van kinderen;
- na zich ervan verzekerd te hebben de sleutels of werktuigen die voor het onderhoud gebruikt werden, verwijderd te hebben.
Wat te doen bij … Oorsprong van het probleem Oplossing
1. De bezinegrasmaaier werkt niet
Er is geen olie of benzine in de motor Controleer het oliepeil en het benzinepeil De bougie en de filter zijn niet in goede staat Reinig de bougie en de filter die mogelijk vervuild zijn of vervang ze De benzine werd niet uit de grasmaaier gehaald aan het einde van het vorige seizoen De drijver is mogelijk geblokkeerd; kantel de grasmaaier naar de kant van de carburator
2. Het maaien verloopt moeizaam
De snij-inrichting is niet in goede staat De snij-inrichting bijslijpen of vervangen.
3. De machine begint op abnormale wijze begint te
trillen Beschadiging of losgekomen delen Schakel de motor uit en koppel de kabel van de bougie los Controleer eventuele beschadigingen; Controleer of er delen losgekomen zijn en schroef ze weer vast. Voer de controles, vervangingen of herstellingen uit bij een Gespecialiseerd Centrum In geval van eender welke twijfel of probleem, raadpleeg de meest nabije Klantendienst of uw Verkoper.NO - 1 SIKKERHETSBESTEMMELSER Må følges nøye
NL ( Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing)
EG-verklaring van overeenstemming (Richtlijn Machines 2006/42/CE, Bijlage II, deel A)
2. Verklaart onder zijn eigen verantwoordelijkheid dat de
machine: Lopend bediende grasmaaier / grasmaaier a) Type / Basismodel c) Serienummer d) Motor: benzinemotor
3. Voldoet aan de specificaties van de richtlijnen:
e) Certificatie-instituut
4. Verwijzing naar de Geharmoniseerde normen
g) Gemeten niveau van geluidsvermogen h) Gegarandeerd niveau van geluidsvermogen
n) Bevoegd persoon voor het opstellen van het Technisch Dossier o) Plaats en Datum
Notice-Facile