530iPT5 - Heggenschaar HUSQVARNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 530iPT5 HUSQVARNA in PDF-formaat.

📄 624 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice HUSQVARNA 530iPT5 - page 390
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HUSQVARNA

Model : 530iPT5

Categorie : Heggenschaar

Download de handleiding voor uw Heggenschaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 530iPT5 - HUSQVARNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 530iPT5 van het merk HUSQVARNA.

GEBRUIKSAANWIJZING 530iPT5 HUSQVARNA

  • Inleiding p. 390
  • Veiligheid p. 391
  • Montage p. 399
  • Werking p. 400
  • Onderhoud p. 401
  • Probleemoplossing p. 405
  • Vervoer, opslag en verwerking p. 407
  • Technische gegevens p. 408
  • Accessoires p. 409
  • Verklaring van overeenstemming Inleiding Productbeschrijving Husqvarna 530iP4, 530iPT5 is een stoksnoeischaar met een accu en een elektromotor. Gebruik Het product is bedoeld voor het knippen van takken en twijgen. Let op: Nationale wetgeving kan het gebruik van dit product mogelijk beperken. Gebruik het product uitsluitend met accessoires die door de fabrikant zijn goedgekeurd. Zie Accessoires op pagina 409 p. 410

16. Waarschuwingslampje

17. Accu-indicatieknop

24. Gebruikershandleiding

25. Telescoopfunctie (530iPT5)

Let op: De accu en de acculader kunnen er anders uitzien, afhankelijk van het model. Symbolen op het product (Fig. 2) WAARSCHUWING! Dit product is gevaarlijk. Onzorgvuldig of onjuist gebruik van het product kan leiden tot letsel of de dood van de gebruiker of omstanders. Lees en volg alle veiligheidsinstructies in de bedieningshandleiding om letsel bij de gebruiker of omstanders te voorkomen. Lees de bedieningshandleiding zorgvuldig door en zorg dat u de instructies hebt begrepen voordat u het product gebruikt. (Fig. 3) Gebruik een veiligheidshelm op locaties waar objecten op u kunnen vallen. Gebruik goedgekeurde gehoorbescherming. Gebruik goedgekeurde oogbescherming. (Fig. 4) Draag goedgekeurde veiligheidshandschoenen. (Fig. 5) Gebruik antisliplaarzen voor zwaar gebruik. (Fig. 6) Houd omstanders uit de buurt. Gebruikers van het product moeten erop toezien dat er tijdens het werk geen mensen of dieren dichter dan 15 meter bij het product komen. (Fig. 7) Indicatie van kettingrichting. (Fig. 8) Beschermd tegen spatwater. (Fig. 9) Gelijkstroom. 390 783 - 009 - 16.05.2025(Fig. 10) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de hete oppervlakken. (Fig. 11) Kettingolie bijvullen en de oliestroom afstellen. (Fig. 12) Werkcyclus zaageenheid, bedrijfstijd/ stationaire tijd. (Fig. 13) Zowel het product als de verpakking mogen niet worden verwerkt als huishoudelijk afval. Het product en de verpakking moeten worden ingeleverd bij een geschikt inzamelstation voor het terugwinnen van elektrische en elektronische apparatuur. (Alleen geldig voor Europa) (Fig. 14) Koppel de accu los voor onderhoud. (Fig. 19) Dit product is niet elektrisch geïsoleerd. Wanneer het product in contact komt met of in de buurt komt van stroomvoerende leidingen kan dit leiden tot dodelijke ongelukken of ernstig letsel. Elektriciteit kan door een zogenaamde spanningsboog van het ene naar het andere punt geleid worden. Hoe hoger de spanning is, des te langer de weg waarover de elektriciteit geleid kan worden. Elektriciteit kan ook door takken of andere voorwerpen geleid worden, vooral als deze nat zijn. Houd altijd minimaal 10 m afstand tussen de machine en een leiding waarop spanning staat en/of voorwerpen die daarmee in contact staan. Wanneer u toch met een kortere veiligheidsafstand moet werken, moet u altijd contact opnemen met de desbetreffende energiemaatschappij om ervoor te zorgen dat de spanning uit staat voordat u uw werkzaamheden begint. yyyywwxxxx Het serienummer staat op het product- plaatje. yyyy is het productiejaar, ww is de productieweek en xxxx is het se- rienummer. (Fig. 15) Het product voldoet aan de geldende EG- richtlijnen. Let op: Andere symbolen/stickers op het product hebben betrekking op certificeringseisen voor bepaalde markten. Symbolen op de accu en/of op de accuhouder. (Fig. 20) Lever dit product in bij een re- cyclepunt voor elektrische en elektronische apparatuur. (Al- leen geldig voor Europa) (Fig. 16) Faalveilige transformator. (Fig. 17) Bewaar en gebruik de acculader alleen binnen. (Fig. 18) Dubbele isolatie. Veiligheid Veiligheidsdefinities Waarschuwingen, voorzorgsmaatregelen en opmerkingen worden gebruikt om te wijzen op belangrijke delen van de handleiding. WAARSCHUWING: Wordt gebruikt om te wijzen op de kans op ernstig of fataal letsel voor de gebruiker of omstanders wanneer de instructies in de handleiding niet worden gevolgd. OPGELET: Wordt gebruikt indien er een risico bestaat op schade aan het product en andere eigendommen of aan de omgeving wanneer de instructies in de handleiding niet worden gevolgd. Let op: Geven verdere informatie die nodig is in een bepaalde situatie.

783 - 009 - 16.05.2025 391Algemene veiligheidsaanwijzingen

voor machines WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidsaanwijzingen, instructies, illustraties en specificaties voor deze machine. Het niet opvolgen van ieder van de onderstaande instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor later gebruik. Let op: Het in de veiligheidsaanwijzingen gebruikte begrip “machine” heeft betrekking op machines die met netspanning worden gebruikt (met een netsnoer) en op machines die op een accu werken (zonder netsnoer). Veiligheid van het werkgebied

  • Zorg ervoor dat de werkplek schoon en goed verlicht is. In rommelige of donkere gebieden gebeuren eerder ongelukken.
  • Gebruik machines niet in een explosieve omgeving, zoals in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof.Machines produceren vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
  • Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van de machine op afstand. U kunt de controle over het apparaat verliezen als u afgeleid wordt. Elektrische veiligheid
  • De aansluitstekkers van de machine moeten in het stopcontact passen. Wijzig nooit de stekker. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaarde machines. Ongewijzigde stekkers en overeenkomende stopcontacten verkleinen het risico op elektrische schokken.
  • Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er is een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.
  • Houd machines uit de buurt van regen of vocht. Het binnendringen van water in een machine verhoogt het risico op een elektrische schok.
  • Gebruik de kabel niet voor oneigenlijke doeleinden. Gebruik de kabel nooit om de machine te dragen, te trekken of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen en bewegende onderdelen. Beschadigde of in de knoop geraakte kabels verhogen het risico op elektrische schokken.
  • Wanneer u met een machine in de openlucht werkt, dient u alleen verlengsnoeren te gebruiken die ook geschikt zijn voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een kabel die geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico op elektrische schokken.
  • Als gebruik van een machine in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, gebruik dan een netvoeding met aardlekschakelaar (RCD). Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op elektrische schokken. Persoonlijke veiligheid
  • Wees attent! Let op wat u doet en ga verstandig aan het werk met een machine. Gebruik geen machine wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid bij het gebruik van machines kan leiden tot ernstige verwondingen.
  • Maak altijd gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, veiligheidsschoenen met antislipprofiel, een veiligheidshelm of gehoorbescherming in relevante werkomstandigheden beperken letsel.
  • Voorkom een onbedoelde start. Zorg ervoor dat de schakelaar in de stand Off staat voordat u de machine aansluit op een spanningsbron en/of accupack, oppakt of draagt. Wanneer u uw vingers tijdens het dragen van machines op de schakelaar houdt of de machine ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dat leiden tot ongevallen.
  • Verwijder instelgereedschappen of stelsleutels voordat u de machine inschakelt. Gereedschap of sleutels die zich in een draaiend onderdeel van de machine bevinden, kunnen verwondingen veroorzaken.
  • Voorkom overstrekken. Zorg dat u te allen tijde stevig en in balans staat. Daardoor hebt u de machine in onverwachte situaties beter onder controle.
  • Draag geschikte kleding. Draag geen losse kleding of sieraden. Houd uw haar en kleding uit de buurt van bewegende onderdelen. Losse kleding, sieraden of lang haar kunnen verstrikt raken in bewegende onderdelen.
  • Als de mogelijkheid bestaat voor het opvangen van stof moet u ervoor zorgen dat deze is aangesloten en op de juiste wijze wordt gebruikt. Het gebruik van stofopvang kan stofgerelateerde gevaren beperken.
  • Laat de vertrouwdheid met de door u gebruikte machines door het frequente gebruik ervan niet toe leiden dat u de veiligheidsprincipes negeert. Een onzorgvuldige handeling kan binnen een fractie van een seconde leiden tot ernstig letsel. Gebruik en behandeling van machine
  • Overbelast de machine niet. Gebruik de juiste machine voor uw toepassing. Met de juiste

783 - 009 - 16.05.2025machine werkt u beter en veiliger binnen het

vermelde vermogensbereik.

  • Gebruik geen machine waarvan de schakelaar defect is. Machines die niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, zijn gevaarlijk en moeten worden gerepareerd.
  • Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder het accupack, indien verwijderbaar, van de machine voordat u aanpassingen maakt, accessoires verwisselt of machines opbergt. Deze voorzorgsmaatregel verhindert dat de machine onopzettelijk start.
  • Berg ongebruikte machines buiten reikwijdte van kinderen op. Laat de machine niet gebruiken door personen die hiermee niet vertrouwd zijn of die deze instructies niet hebben gelezen. Machines zijn gevaarlijk wanneer ze door onervaren personen worden gebruikt.
  • Voer onderhoud uit op machines en accessoires. Controleer op onjuiste montage of vastlopen van bewegende delen, gebroken onderdelen en andere condities die de werking van de machine kunnen beïnvloeden. Laat beschadigde onderdelen repareren alvorens de machine te gebruiken. Veel ongevallen vinden hun oorzaak in slecht onderhouden machines.
  • Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Goed onderhouden snijmachines met scherpe snijranden zullen minder gauw vastlopen en zijn eenvoudiger onder controle te houden.
  • Gebruik de machine, accessoires, bits en dergelijke overeenkomstig deze instructies. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van de machine voor andere dan de voorziene toepassingen kan leiden tot gevaarlijke situaties.
  • Houd de handgrepen en grijpoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en handgreepvlakken maken in onverwachte situaties geen veilige bediening en controle van het elektrische gereedschap mogelijk. Gebruik en onderhoud van machines met accuvoeding
  • Laad het gereedschap alleen op met de lader die door de fabrikant is gespecificeerd. Een lader die voor een bepaald type accu geschikt is, kan een risico op brand creëren als de lader met een andere accu wordt gebruikt.
  • Gebruik alleen de accupacks die bestemd zijn voor de bijbehorende machine. Als er andere accupacks worden gebruikt, bestaat er risico op letsel en brand.
  • Als het accupack niet gebruikt wordt, houd hem dan uit de buurt van andere metalen voorwerpen, zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding tussen de twee klemmen kunnen maken. Als er kortsluiting tussen de accuaansluitingen ontstaat, kunnen er brandwonden of brand ontstaan.
  • Als het accupack verkeerd wordt gebruikt, kan er vloeistof uit de accu komen; zorg dat u deze niet aanraakt. Als u per ongeluk in contact komt met de vloeistof, afspoelen met water. Als er vloeistof in de ogen komt dient u medische hulp in te roepen. Vloeistof die uit de accu komt kan irritatie of brandwonden veroorzaken.
  • Gebruik geen accu of machine die is beschadigd of aangepast. Beschadigde of aangepaste accu's kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat kan leiden tot brand, explosies of letsel.
  • Stel de accu of machine niet bloot aan vuur of hoge temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen hoger dan 130 °C kan een explosie veroorzaken.
  • Volg alle oplaadinstructies op en laad de accu of machine niet op bij temperaturen die buiten het in de instructies gespecificeerde bereik liggen. Door onjuist opladen of opladen bij temperaturen die buiten het gespecificeerde bereik liggen, kan de accu beschadigd raken en neemt het risico op brand toe. Service
  • Laat uw machine onderhouden door een gekwalificeerde onderhoudsmonteur met gebruikmaking van uitsluitend identieke vervangende onderdelen. Hierdoor blijft de veiligheid van de machine gehandhaafd.
  • Voer nooit onderhoud uit aan beschadigde accupacks. Onderhoud aan accupacks mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of geautoriseerde dienstverleners. Veiligheidswaarschuwingen voor stoksnoeischaar:
  • Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting of het zaagblad als de stoksnoeischaar in werking is. Controleer voordat u de stoksnoeischaar start of de zaagketting of het zaagblad niets raakt. Een moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de stoksnoeischaar kan leiden letsel bij uzelf of anderen.
  • Gebruik altijd twee handen bij het bedienen van de stoksnoeischaar. Houd de stoksnoeischaar met beide handen vast om te voorkomen dat u de controle verliest.
  • Om het risico op elektrocutie te beperken, mag u de stoksnoeischaar nooit in de buurt van elektriciteitskabels gebruiken. Contact met of gebruik in de buurt van elektriciteitskabels kan ernstig letsel veroorzaken of een elektrische schok die de dood tot gevolg heeft.
  • Houd de stoksnoeischaar alleen vast aan de geïsoleerde handgrepen, omdat de zaagketting of het zaagblad verborgen bedrading kan raken. Als de zaagketting of het zaagblad een onder stroom

783 - 009 - 16.05.2025

393staande draad aanraakt, kan dit ervoor zorgen dat niet-geïsoleerde delen van de machine onder stroom komen, waardoor de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.

  • Draag oog- en gehoorbescherming. Wij raden u aan verdere beschermingsuitrusting voor handen en antislip schoenen te gebruiken. Door geschikte beschermende uitrusting te dragen verkleint u het risico op letsel.
  • Gebruik altijd hoofdbescherming wanneer u boven uw hoofd werkt met de stoksnoeischaar. Vallend afval kan leiden tot ernstig lichamelijk letsel.
  • Ga altijd goed staan en bedien de stoksnoeischaar alleen terwijl u op de grond staat. Gladde of onstabiele oppervlakken kunnen ervoor zorgen dat u uw evenwicht of de controle over de machine verliest.
  • Gebruik geen stoksnoeischaar in een boom, op een ladder of een onstabiele ondergrond. Het op deze manier gebruiken van een stoksnoeischaar kan leiden tot evenwichtsverlies, verlies van controle en lichamelijk letsel.
  • Houd alle netsnoeren en kabels uit de buurt van het snijgebied. Netsnoeren en kabels kunnen verborgen in bomen liggen en kunnen onbedoeld worden doorgesneden door de zaagketting of het zaagblad.
  • Gebruik de stoksnoeischaar niet bij slechte weersomstandigheden, vooral wanneer er een risico op bliksem bestaat. Dit vermindert het risico op blikseminslag.
  • Als u een tak doorzaagt die onder spanning staat, zorg dan dat de tak u niet kan raken. Als de spanning in de houtvezels vrijkomt, kan de geveerde tak de gebruiker raken en/of ervoor zorgen dat de gebruiker de stoksnoeischaar niet meer onder controle heeft.
  • Wees zeer voorzichtig als u struiken en jonge bomen zaagt. Het dunne materiaal kan vast komen te zitten in de zaagketting of het zaagblad en naar u toe zwiepen of u uit uw evenwicht brengen.
  • Bij het dragen van de stoksnoeischaar terwijl de machine is uitgeschakeld, dient u ervoor te zorgen dat u geen aan/uit-schakelaar bedient en de zaagketting of het zaagblad van uw lichaam af houdt. Als u de stoksnoeischaar correct draagt, verlaagt u de kans op onbedoeld contact met de zaagketting of het zaagblad.
  • Als u de stoksnoeischaar vervoert of opbergt, moet u altijd de afdekking over het zaagblad of blad aanbrengen. Als u de stoksnoeischaar goed hanteert, verlaagt u de kans op onbedoeld contact met de bewegende zaagketting of het zaagblad.
  • Als u vastgelopen materiaal verwijdert, de stoksnoeizaag opbergt of er onderhoud aan uitvoert, dient u te zorgen dat de schakelaar uit staat en dat alle accupacks verwijderd zijn. Indien de machine onverwacht wordt geactiveerd tijdens het verwijderen van vastgelopen materiaal of onderhoud, kan dit leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Zaag alleen hout. Gebruik de stoksnoeischaar alleen waarvoor hij is bedoeld. Bijvoorbeeld: gebruik de stoksnoeischaar niet om plastic, metaal, metselwerk of ander bouwmateriaal dan hout door te zagen. Als de stoksnoeischaar voor andere toepassingen wordt gebruikt dan waarvoor hij is bedoeld, kan dat tot gevaarlijke situaties leiden. Oorzaken van terugslag en het voorkomen ervan door de gebruiker Er kan terugslag optreden wanneer de punt van het zaagblad in contact komt met een voorwerp of wanneer de zaagsnede dichtklapt en de zaagketting in de snede wordt geblokkeerd. Als de zaagbladpunt contact maakt, kan dit in sommige gevallen een plotselinge tegengestelde reactie veroorzaken, waarbij het zaagblad omhoog en naar achteren, naar de gebruiker toe wordt geslagen. Als de zaagketting aan de bovenkant van het zaagblad klem komt te zitten, kan het zaagblad snel op de gebruiker af komen. Bij deze reacties kunt u de controle over de zaag verliezen, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Vertrouw niet uitsluitend op de veiligheidsvoorzieningen die in de zaag zijn geïntegreerd. Bij het gebruik van een motorkettingzaag moet u een aantal stappen nemen om ongevallen of letsel bij het zagen te voorkomen. Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik en/of verkeerde bedrijfsprocedures of -omstandigheden van de motorkettingzaag en kan worden vermeden door de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals hieronder wordt beschreven:
  • Houd de zaag stevig vast, met uw duimen en vingers rond de handgrepen van de motorkettingzaag, met beide handen op de zaag en uw lichaam en arm zodanig geplaatst dat u eventuele terugslag kunt opvangen. De kracht van een terugslag kan door de gebruiker onder controle worden gehouden, mits de juiste voorzorgsmaatregelen zijn genomen. Laat de motorkettingzaag niet los.
  • Reik niet te ver en zaag niet boven schouderhoogte. Zo voorkomt u onbedoeld contact met de punt en houdt u de motorkettingzaag in onverwachte situaties beter onder controle.
  • Monteer uitsluitend vervangende zaagbladen en zaagkettingen die door de fabrikant zijn gespecificeerd. Als verkeerde vervangende zaagbladen en zaagkettingen worden gebruikt, kan de ketting breken en/of kan er terugslag ontstaan.
  • Volg de instructies van de fabrikant voor het slijpen en onderhouden van de zaagketting. Als de zaagdiepte wordt verkleind, kan de terugslag toenemen. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.

783 - 009 - 16.05.2025Algemene veiligheidsinstructies

WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.

  • Verwijder de accu om onbedoeld starten van de machine te voorkomen.
  • Dit product kan bij onvoorzichtig of onjuist gebruik een gevaarlijk gereedschap zijn. Dit product kan ernstig of fataal letsel toebrengen aan de gebruiker of anderen.
  • Gebruik het product niet als de oorspronkelijke specificatie is gewijzigd. Vervang geen onderdelen van het product zonder toestemming van de fabrikant. Gebruik alleen onderdelen die zijn goedgekeurd door de fabrikant. Onjuist onderhoud kan leiden tot letsel of de dood.
  • Controleer het product vóór gebruik. Zie Controleren voor het starten op pagina 400

Onderhoudsschema op pagina 401 . Gebruik geen product dat is beschadigd of niet correct werkt. Voer de in deze handleiding beschreven veiligheidscontroles en de onderhouds- en service- instructies uit.

  • Kinderen moeten onder toezicht worden gehouden om er zeker van te zijn dat ze niet met het product spelen. Laat het product nooit gebruiken door kinderen of andere personen die niet zijn opgeleid voor het gebruik of onderhoud van het product en/of de accu. De minimumleeftijd van de gebruiker kan zijn vastgelegd in plaatselijke voorschriften.
  • Bewaar het product in een afgesloten ruimte om toegang door kinderen of onbevoegde personen te verhinderen.
  • Bewaar het product buiten het bereik van kinderen.
  • De oorspronkelijke vormgeving van het product mag in geen enkel geval worden gewijzigd zonder toestemming van de fabrikant. Gebruik altijd originele accessoires. Niet goedgekeurde wijzigingen en/of niet-originele onderdelen kunnen tot ernstig persoonlijk letsel of de dood van zowel gebruiker als omstanders leiden. Let op: Landelijke of lokale wettelijke voorschriften kunnen van toepassing zijn op het gebruik. Volg de eventuele voorschriften op. Veiligheidsinstructies voor bediening WAARSCHUWING: Lees en volg de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
  • Zorg ervoor dat er zich geen personen of dieren op minder dan 15 meter bevinden terwijl u werkt. Indien meerdere gebruikers in hetzelfde gebied werken, moet de veiligheidsafstand minimaal 15 meter bedragen. Anders bestaat er een risico op ernstig persoonlijk letsel. Schakel het product onmiddellijk uit indien iemand dichterbij komt. Draai het product nooit rond zonder eerst te controleren of er achter u niet iemand zich in de veiligheidszone bevindt.
  • Werken in slechte weersomstandigheden is vermoeiend en kan tot extra gevaarlijke situaties leiden. Het is in verband met het extra gevaar niet aanbevolen om de machine te gebruiken bij zeer slecht weer, bijvoorbeeld dichte mist, zware regen, sterke wind, intense koude of bij risico op bliksem, etc.
  • Sta niet toe dat kinderen het product gebruiken of in de buurt van het product komen. Het product start gemakkelijk, zodat kinderen deze mogelijk kunnen starten wanneer ze niet onder volledig toezicht staan. In dat geval kan er een risico op ernstig persoonlijk letsel bestaan. Koppel de accu los wanneer het product niet onder streng toezicht staat.
  • Zorg ervoor dat mensen, dieren of andere dingen geen invloed hebben op uw controle over het product en dat ze niet in contact komen met de snijuitrusting of losse objecten die worden uitgeworpen door de snijuitrusting.
  • Let als u gehoorbescherming draagt op waarschuwingssignalen of geschreeuw. Doe uw gehoorbescherming altijd af zodra het product is gestopt.
  • Overmatige blootstelling aan trillingen kan leiden tot bloedvat- en zenuwbeschadigingen bij personen met een slechte bloedcirculatie. Consulteer uw dokter wanneer u symptomen waarneemt die wijzen op overmatige blootstelling aan trillingen. Voorbeelden van zulke symptomen zijn slapen, geen gevoel, 'kriebels', 'speldeprikken', pijn, geen of minder kracht, huidverkleuringen of veranderingen van het huidoppervlak. Deze symptomen worden meestal waargenomen in de vingers, handen of polsen.
  • Onder geen beding mag snijuitrusting worden gebruikt zonder dat een goedgekeurde beschermkap is gemonteerd. Indien een verkeerde of defecte beschermkap wordt gemonteerd, kan dit ernstige verwondingen veroorzaken.
  • Stop altijd het product, verwijder de accu en zorg ervoor dat de snijuitrusting volledig stopt voordat u werkzaamheden uitvoert aan het product. Het niet volgen van de slijpinstructies verhoogt het terugslagrisico van de ketting aanzienlijk.
  • Wanneer u in een situatie belandt waarin u niet goed weet hoe u verder te werk moet gaan, moet u een expert raadplegen. Wend u tot uw dealer of uw servicewerkplaats. Gebruik de machine nooit voor taken waarvoor u niet voldoende gekwalificeerd bent.
  • Gebruik de machine nooit voor taken waarvoor u niet voldoende gekwalificeerd bent.
  • Gebruik het product nooit wanneer u vermoeid bent, alcohol of drugs hebt gebruikt, of als

783 - 009 - 16.05.2025

395u medicijnen gebruikt die uw gezichtsvermogen, beoordelingsvermogen of coördinatie kunnen beïnvloeden.

  • Het product kan met enorme kracht opzij worden geworpen als de punt van het zaagblad in contact komt met een vast voorwerp. Dit wordt terugslag genoemd. Terugslag kan zo heftig zijn dat het product en/of de gebruiker in een bepaalde richting wordt geworpen, waardoor de gebruiker de controle over het product kan verliezen. Vermijd zagen met de punt van het zaagblad.
  • Gebruik het product nooit zonder de mogelijkheid hulp in te roepen in geval van nood.
  • Zorg voor een goede balans en een stabiele houding. Zorg ervoor dat u veilig kunt bewegen en staan. Controleer of er eventuele hindernissen zijn als u onverwacht snel moet kunnen wegkomen (wortels, stenen, takken, kuilen, greppels enz.). Wees extra voorzichtig wanneer u op hellend terrein werkt.
  • Controleer altijd het werkgebied. Verwijder alle losse voorwerpen, zoals stenen, gebroken glas, spijkers, staaldraad, touw en dergelijke, die weggeslingerd kunnen worden of vast kunnen komen zitten in de snijuitrusting.
  • Wees extra voorzichtig wanneer u in bomen zaagt die gespannen zijn. Een gespannen boom kan zowel voor als na het doorzagen in zijn normale stand terug vliegen. Als u op de verkeerde plaats staat of de inkeping op de verkeerde plaats maakt, kan dit ertoe leiden dat de boom u of het product raakt, zodat u de controle verliest. In beide gevallen kunt u ernstig gewond raken.
  • Gebruik het draagstel om het gewicht van het product te ondersteunen en het hanteren te vergemakkelijken.
  • Houd het product altijd met twee handen vast. (Fig. 21)
  • Stop het product wanneer u zich verplaatst. Bevestig de transportbescherming voordat u het product gaat dragen of vervoeren.
  • Leg het product nooit neer terwijl het is geactiveerd, tenzij u er goed zicht op hebt.
  • Indien het product wordt bediend bij temperaturen lager dan -10 C, moeten het product en de accu vóór aanvang van de werkzaamheden gedurende ten minste 24 uur worden opgeslagen in een verwarmde ruimte.
  • Sta nooit direct onder een tak die wordt afgezaagd. Dit kan leiden tot ernstig of zelfs dodelijk letsel.
  • Houd u aan de geldende veiligheidsvoorschriften voor werkzaamheden in de buurt van hoogspanningskabels.
  • Dit product is niet elektrisch geïsoleerd. Wanneer het product in contact komt met of in de buurt komt van stroomvoerende leidingen kan dit leiden tot dodelijke ongelukken of ernstig persoonlijk letsel. Elektriciteit kan door een zogenaamde spanningsboog van het ene naar het andere punt geleid worden. Hoe hoger de spanning is, des te langer de weg waarover de elektriciteit geleid kan worden. Elektriciteit kan ook door takken of andere voorwerpen geleid worden, vooral als deze nat zijn. Houd altijd minimaal 10 m afstand tussen het product en stroomvoerende leidingen en/of voorwerpen die daarmee in contact staan. Wanneer u toch met een kortere veiligheidsafstand moet werken, moet u altijd contact opnemen met de desbetreffende energiemaatschappij om ervoor te zorgen dat de spanning uit staat voordat u uw werkzaamheden begint.
  • Het gebruik van defecte snijuitrusting kan het risico op ongevallen vergroten. Persoonlijke beschermingsuitrusting WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
  • Draag tijdens het gebruik van het product altijd goedgekeurde persoonlijke beschermingsuitrusting. Persoonlijke beschermingsuitrusting kunnen niet alle risico’s uitsluiten maar kunnen de ernst van eventueel letsel helpen beperken. Vraag uw dealer u te helpen bij het kiezen van de juiste beschermingsmiddelen.
  • Gebruik een veiligheidshelm bij kans op vallende voorwerpen.
  • Langdurige blootstelling aan lawaai kan leiden tot permanente gehoorbeschadiging. Over het algemeen zijn accu-aangedreven producten relatief stil, maar schade kan voortvloeien uit een combinatie van geluidsniveau en lang gebruik. Husqvarna raadt aan dat gebruikers gebruik maken van gehoorbescherming wanneer producten gedurende een groot deel van de dag worden gebruikt. Bij continu en regelmatig gebruik dienen gebruikers hun gehoor regelmatig te laten controleren. WAARSCHUWING: Gehoorbescherming beperkt de mogelijkheid om geluiden en waarschuwingssignalen te horen.
  • Gebruik goedgekeurde oogbescherming. Als u een vizier gebruikt, moet u ook een goedgekeurde veiligheidsbril gebruiken. Een goedgekeurde veiligheidsbril moet voldoen aan de norm ANSI Z87.1 voor de VS of EN 166 voor de EU-landen.
  • Gebruik een vizier voor gezichtsbescherming. Een vizier is niet voldoende om de ogen te beschermen. (Fig. 22)
  • Draag zo nodig handschoenen, bijvoorbeeld bij het monteren, inspecteren of reinigen van de snijuitrusting.
  • Gebruik stevige laarzen of schoenen met antislipzool.

783 - 009 - 16.05.2025• Gebruik kleding van stevige stof. Gebruik altijd een

zware lange broek en lange mouwen. Gebruik geen loszittende kleding die gemakkelijk kan blijven haken aan takjes en struikgewas. Draag geen sieraden, korte broek of sandalen of loop niet op blote voeten. Bind voor de veiligheid lang haar samen tot boven schouderhoogte. (Fig. 23)

  • Houd een EHBO-doos binnen handbereik. (Fig. 24) Veiligheidsvoorzieningen op het product WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
  • Gebruik geen producten met veiligheidsvoorzieningen die beschadigd zijn of niet correct werken.
  • Controleer de veiligheidsvoorzieningen regelmatig op een juiste werking. Raadpleeg Onderhoudsschema op pagina 401
  • Als de veiligheidsvoorzieningen beschadigd zijn of niet goed werken, neem dan contact op met uw Husqvarna servicedealer. Toetsenbord controleren

1. Druk op de ON/OFF-knop (A). (Fig. 25)

a) Het product is ingeschakeld wanneer de led (B) brandt. b) Het product is uitgeschakeld wanneer de led (B) uit is.

2. Als het waarschuwingslampje (C) brandt of knippert.

Zie Toetsenbord op pagina 405

De vergrendeling van de activeringsschakelaar controleren De vergrendeling van de activeringsschakelaar is bedoeld om te voorkomen dat het product per ongeluk wordt ingeschakeld. Wanneer u de vergrendeling van de activeringsschakelaar naar voren (A) en tegen de handgreep (B) drukt, wordt de activeringsschakelaar (C) losgelaten. Wanneer u de handgreep loslaat, gaat zowel de gashendel als de gashendelvergrendeling terug naar de originele positie. Drie onafhankelijke veren zorgen voor deze beweging. (Fig. 26)

2. Druk de vergrendeling van de activeringsschakelaar

naar voren (A) en naar beneden. Houd de vergrendeling van de activeringsschakelaar tegen de handgreep (B) en controleer of hij teruggaat naar de oorspronkelijke positie wanneer u deze loslaat. (Fig. 28)

3. Zorg ervoor dat de activeringsschakelaar en de

vergrendeling vrij kunnen bewegen en dat de retourveren juist werken. (Fig. 29)

4. Druk op de ON/OFF-knop, zie

5. Druk de activeringsschakelaar volledig in voor volle

snijuitrusting stopt en blijft stilstaan. Beschermkap voor snijuitrusting De beschermkap van de snijuitrusting voorkomt dat losse objecten in de richting van de gebruiker kunnen vliegen. Controleer de beschermkap van de snijuitrusting op schade en vervang hem indien hij beschadigd is. Gebruik alleen de goedgekeurde beschermkap voor de snijuitrusting. Veiligheidsinstructies voor snijuitrusting WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.

  • Gebruik alleen goedgekeurde combinaties van zaagblad/zaagketting en de hulpmiddelen voor vijlen. Zie Accessoires op pagina 409 voor instructies.
  • Draag veiligheidshandschoenen wanneer u onderhoud aan de zaagketting uitvoert of de zaagketting gebruikt. Ook een zaagketting die niet beweegt, kan verwondingen veroorzaken.
  • Houd de zaagtanden goed geslepen. Volg de instructies en gebruik de aanbevolen vijlmal. Een beschadigde of verkeerd geslepen zaagketting vergroot de kans op ongevallen. (Fig. 30)
  • Zorg voor de correcte tanddiepte. Volg de instructies en gebruik de aanbevolen instelling voor de vijlmal. Als de tanddiepte te groot is, vergroot dit de kans op terugslag. (Fig. 31)
  • Zorg dat de zaagketting de juiste spanning heeft. Als de zaagketting niet strak tegen het zaagblad loopt, kan de zaagketting van het zaagblad lopen. Een verkeerde kettingspanning zorgt voor overmatige slijtage van het zaagblad, de zaagketting en het kettingaandrijfwiel. Zie De ketting spannen op pagina
  • Voer regelmatig onderhoud uit op de snijuitrusting en houd deze goed gesmeerd. Bij onvoldoende smering van de zaagketting is de kans op slijtage van het

783 - 009 - 16.05.2025

397zaagblad, de zaagketting en het kettingaandrijfwiel groter. (Fig. 33) Veiligheid bij accu's WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.

  • Gebruik alleen accu's die zijn goedgekeurd door Husqvarna. Zie Goedgekeurde accu's op pagina

. De accu's zijn voorzien van softwarematige encryptie.

  • Gebruik uitsluitend accu's die zijn goedgekeurd door Husqvarna als voedingsbron voor de bijbehorende producten van Husqvarna. Gebruik de accu niet als voedingsbron voor andere apparaten, om letsel te voorkomen.
  • Risico van elektrische schok. Breng de accuklemmen niet in contact met sleutels, munten, schroeven of ander metaal. Dit kan kortsluiting van de accu veroorzaken.
  • Gebruik geen niet-oplaadbare accu's.
  • Plaats geen voorwerpen in de luchtspleten van de accu.
  • Bescherm de accu tegen direct zonlicht, warmte of open vuur. De accu kan brandwonden en/of chemische brandwonden veroorzaken.
  • Bescherm de accu tegen regen en vocht.
  • Houd de accu uit de buurt van magnetrons en hoge druk.
  • Probeer de accu niet te demonteren of te slopen.
  • Als er een accu lekt, zorg er dan voor dat de vloeistof niet in aanraking komt met uw huid of ogen. Als u in aanraking bent gekomen met de vloeistof, reinig het oppervlak dan met een ruime hoeveelheid water en zeep en raadpleeg een arts. Wrijf niet in uw ogen wanneer u vloeistof in uw ogen krijgt, maar spoel uw ogen minstens 15 minuten met water en raadpleeg een arts.
  • Gebruik de accu bij temperaturen tussen -10 °C (14 °F) en 40 °C (114 °F).
  • Reinig de accu of acculader nooit met water. Zie Product, accu en acculader reinigen op pagina 405
  • Gebruik geen accu die is beschadigd of niet correct werkt.
  • Sla accu's op uit de buurt van metalen voorwerpen, bijvoorbeeld spijkers, schroeven en sieraden.
  • Houd de accu buiten het bereik van kinderen. Veiligheidsvoorschriften voor acculader WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u het product gaat gebruiken.
  • Risico van elektrische schok of kortsluiting wanneer de veiligheidsinstructies niet worden opgevolgd.
  • Gebruik geen andere acculader dan die bij uw product is geleverd. Gebruik alleen door Husqvarna goedgekeurde acculaders om door Husqvarna goedgekeurde accu's op te laden. Zie Goedgekeurde acculaders op pagina 409 voor instructies.
  • Probeer de acculader niet te demonteren.
  • Gebruik de acculader niet als deze beschadigd is of niet correct werkt.
  • Til de acculader niet op aan de voedingskabel. Trek aan de stekker om de acculader uit de wandcontactdoos te halen. Trek niet aan de voedingskabel.
  • Houd alle kabels en verlengsnoeren uit de buurt van water, olie en scherpe kanten. Let op dat de kabel niet bekneld raakt tussen objecten zoals deuren, hekken en dergelijke.
  • Gebruik de acculader niet in de buurt van brandbare materialen of materialen die corrosie kunnen veroorzaken. Controleer of de acculader niet is afgedekt. Haal de stekker van de acculader uit de wandcontactdoos bij rookontwikkeling of brand.
  • De accu mag alleen binnenshuis worden opgeladen op een plek met voldoende ventilatie en zonder direct zonlicht. Laad de accu niet buiten op. Laad de accu niet op in vochtige omstandigheden.
  • Gebruik de acculader alleen op plekken met een temperatuur tussen 5 °C (41 °F) en 40 °C (104 °F). Gebruik de lader in een omgeving die goed geventileerd, droog en stofvrij is.
  • Plaats geen voorwerpen in de koelspleten van de acculader.
  • Verbind de contacten van de acculader niet met metalen objecten, omdat dit kortsluiting in de acculader kan veroorzaken.
  • Gebruik goedgekeurde stopcontacten die niet beschadigd zijn. Controleer of de kabel van de acculader niet beschadigd is. Als er verlengkabels worden gebruikt, zorg er dan voor dat deze niet beschadigd zijn. Veiligheidsinstructies voor onderhoud WAARSCHUWING: Lees de volgende waarschuwingen voordat u onderhoud aan het product gaat uitvoeren.
  • Verwijder de accu voordat u onderhoud of andere controles uitvoert, of het product demonteert.
  • De gebruiker mag alleen de onderhouds- en servicewerkzaamheden uitvoeren die in deze bedieningshandleiding zijn beschreven. Ga naar uw servicedealer voor verdergaande service- of onderhoudswerkzaamheden.

783 - 009 - 16.05.2025• Reinig de accu of acculader nooit met water. Sterke

reinigingsmiddelen kunnen schade aan het kunststof veroorzaken.

  • Als u geen onderhoud uitvoert, verkort dit de levenscyclus van het product en vergroot het risico op ongevallen.
  • Voor alle service en reparaties is speciale training vereist, vooral voor de veiligheidsvoorzieningen op het product. Als niet alle controles in deze bedieningshandleiding een goed resultaat geven nadat u onderhoud hebt uitgevoerd, ga dan naar uw servicedealer. Wij garanderen dat u daar professionele reparaties en service voor uw product krijgt.
  • Gebruik alleen originele reserveonderdelen. Montage Inleiding WAARSCHUWING: Zorg dat u het hoofdstuk over veiligheid hebt gelezen en begrepen voordat u het apparaat monteert. Zaagblad en zaagketting monteren

1. Verwijder de moer van de geleider waarmee het

geleider in de achterste stand. Plaats de zaagketting op het kettingaandrijfwiel en in de groef van de geleider. Begin aan de bovenzijde van de geleider.

3. Zorg dat de snijkanten van de zaagschakels op de

bovenrand van de geleider naar voren wijzen zoals aangegeven met het symbool op het product (C).

4. Lijn het gat in het zaagblad uit met de stelpen van

de kettingspanner en plaats het koppelingsdeksel. Controleer of de aandrijfschakels goed op het aandrijfkettingwiel (B) passen. Controleer of de zaagketting zich in de groef op de geleider bevindt. Draai de zaagbladmoeren met de hand zo vast mogelijk aan. (Fig. 34)

5. Breng de spanning aan op de zaagketting, zie

ketting spannen op pagina 404

De hoek van de zaagkop aanpassen WAARSCHUWING: Voor u doorgaat, moet u altijd eerst het product uitschakelen en de accu verwijderen. Draag veiligheidshandschoenen.

1. Draai de schroeven op de zaagkop (A) los.

  • Gebruik 2 schroeven om de takkenhaak te bevestigen. (Fig. 36) De schokbescherming monteren

1. Gebruik 6 bouten om de schokbescherming te

bevestigen. (Fig. 37) De lengte van steel aanpassen

1. Draai de knop los. (Fig. 38)

2. Trek de as uit tot de gewenste lengte.

1. Doe het draagstel om.

2. Bevestig het draagstel aan de ophanghaak van het

3. Stel de lengte van het draagstel zo af dat de

ophanghaak ongeveer ter hoogte van uw heup hangt. (Fig. 21) Aansluiten van de acculader

1. Sluit de acculader alleen aan als de spanning en

frequentie overeenkomen met de specificaties op het productplaatje.

2. Steek de stekker in een geaard stopcontact. De LED

op de acculader licht eenmaal groen op. Let op: De accu wordt niet opgeladen als de temperatuur van de accu lager is dan 0 °C of meer dan 50 °C. Als de temperatuur hoger is dan 50 °C, laat de acculader de accu afkoelen voordat de accu wordt opgeladen. De accu aansluiten op het product WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend originele Husqvarna-accu's in het product.

1. Zorg ervoor dat de accu volledig is opgeladen.

2. Druk de accu in de accuhouder van het product. De

accu is in positie vergrendeld als u een klik hoort. (Fig. 40) OPGELET: Als u de accu niet eenvoudig in de accuhouder kunt plaatsen, is de batterij niet correct geïnstalleerd. Dit kan schade aan het product veroorzaken.

3. Controleer of de accu goed is geïnstalleerd.

1. Open de kettingoliedop boven op de zaagkop. (Fig.

2. Vul bij met Husqvarna-kettingolie.

3. Bevestig de kettingoliedop.

Werking Inleiding WAARSCHUWING: Zorg dat u het hoofdstuk over veiligheid hebt gelezen en begrepen voordat u het product gebruikt. Husqvarna Connect Husqvarna Connect is een gratis app voor uw mobiele apparaat. De Husqvarna Connect-app biedt uitgebreide functies voor uw Husqvarna-product.

  • Uitgebreide productinformatie.
  • Informatie over, en hulp bij, onderdelen en onderhoud van uw product. Husqvarna Connect gebruiken

3. Volg de instructies in de Husqvarna Connect-app

om verbinding te maken met het product en dit te registreren. Let op: De Husqvarna Connect-app kan niet in alle markten worden gedownload. Neem voor meer informatie contact op met uw servicedealer. De accu opladen Let op: Laad de accu op als u deze voor de eerste keer gebruikt. Een nieuwe accu is slechts 30% opgeladen.

Let op: De accu en de acculader kunnen er anders uitzien, afhankelijk van het model, maar de procedure is hetzelfde.

3. Zorg ervoor dat het groene laadlampje op de

acculader gaat branden. Dat betekent dat de accu goed is aangesloten op de acculader.

4. Wanneer alle leds op de accu branden, is de accu

volledig opgeladen. (Fig. 43)

5. Trek aan de stekker om de acculader uit de

wandcontactdoos te halen. Trek niet aan de kabel.

6. Haal de accu uit de acculader.

Let op: Raadpleeg de handleidingen van de accu en de acculader voor meer informatie. Controleren voor het starten

1. Controleer het werkgebied. Verwijder voorwerpen

die weggeslingerd kunnen worden.

2. Controleer de zaagketting. Gebruik nooit botte,

gebarsten of beschadigde apparatuur.

3. Controleer of het product in goede staat is.

4. Controleer of alle moeren en bouten goed

5. Zorg ervoor dat de ketting voldoende gesmeerd is,

zie De snijuitrusting smeren op pagina 404

7. Gebruik het product alleen voor het beoogde doel.

8. Controleer of de hendel en de veiligheidsfuncties in

orde zijn. Gebruik nooit een machine die onderdelen mist of gewijzigd is ten opzichte van de specificatie. Product starten

1. Houd de ON/OFF-knop ingedrukt totdat de groene

led gaat branden. (Fig. 44)

2. Gebruik de activeringsschakelaar om het toerental te

regelen. De functie SavE gebruiken Dit product heeft een accubesparingsfunctie (SavE). De SavE-functie beperkt het toerental van de ketting en zorgt voor de langste bedrijfstijd van de accu. Let op: De SavE-functie zorgt niet voor een lagere zaagkracht van het product.

1. Druk op de SavE-knop op het toetsenblok.

2. Controleer of de groene LED gaat branden.

3. Druk nogmaals op de SavE-knop om de functie uit te

schakelen. De groene LED gaat uit. (Fig. 45) Het product stoppen

1. Laat de activeringsschakelaar of de vergrendeling

van de activeringsschakelaar los.

783 - 009 - 16.05.20252. Druk op de ON/OFF-knop totdat de groene led uit

3. Druk op de ontgrendelknoppen op de accu en trek

de accu eruit. (Fig. 46) Het product gebruiken WAARSCHUWING: Sta nooit direct onder een tak die wordt afgezaagd. Dit kan leiden tot letsel of de dood.

  • Wees voorzichtig wanneer u werkzaamheden uitvoert in de buurt van hoogspanningskabels. Vallende takken kunnen leiden tot kortsluiting.
  • Zorg er indien mogelijk voor dat u de tak onder de juiste hoek kunt doorzagen. (Fig. 47)
  • Zaag grote takken in secties. Let op: vallende takken kunnen in de richting van de gebruiker stuiteren nadat ze de grond hebben geraakt. (Fig. 48)
  • Zaag nooit door de verdikking bij de wortel van de tak, want hierdoor vertraagt de genezing en wordt het risico op schimmelvorming vergroot! (Fig. 49)
  • Gebruik de stop op de basis van de zaagkop voor ondersteuning tijdens het zagen. Hierdoor voorkomt u dat de snijuitrusting op de tak "springt". (Fig. 50)
  • Maak een eerste snede aan de onderkant van de tak voordat u de tak doorzaagt. Zo voorkomt u dat de bast gaat scheuren, wat kan leiden tot een langzame genezing en permanente schade aan de boom. De snede mag niet dieper zijn dan 1/3 van de dikte van de tak om vastlopen te voorkomen. Laat de ketting lopen terwijl u de snijuitrusting van de tak verwijdert om vastlopen te voorkomen. (Fig. 51)
  • Zorg ervoor dat u stevig staat en dat u kunt werken zonder te worden gehinderd door takken, stenen of bomen. WAARSCHUWING: Activeer de activeringsschakelaar nooit als u geen volledig zicht hebt op de snijuitrusting. Onderhoud Inleiding WAARSCHUWING: Zorg dat u het hoofdstuk over veiligheid hebt gelezen en begrepen voordat u onderhoudswerkzaamheden aan het product gaat uitvoeren. WAARSCHUWING: Verwijder de accu voordat u onderhoud aan het product uitvoert. Onderhoudsschema WAARSCHUWING: Verwijder de accu voordat u onderhoud uitvoert. Hieronder volgt een lijst van het onderhoud dat u aan het product moet uitvoeren. Laat naast het onderhoud dat in het onderhoudsschema wordt beschreven, een servicedealer van Husqvarna regelmatig onderhoud aan het product uitvoeren. Neem contact op met uw servicedealer van Husqvarna voor informatie over de onderhoudsintervallen. Raadpleeg de taken in het hoofdstuk Onderhoud voor meer informatie. Onderhoud Elke dag Wekelijks Maandelijks Reinig de externe onderdelen van het pro- duct met een droge doek. Gebruik geen wa- ter.

Controleer of de ON/OFF-knop correct werkt en niet beschadigd is.

Controleer of de activeringsschakelaar en de vergrendeling van de activeringsschakelaar correct werken vanuit veiligheidsoogpunt.

Controleer of alle bedieningselementen wer- ken en niet zijn beschadigd.

Zorg ervoor de handgrepen schoon en droog zijn. Zorg ervoor dat er geen olie en vet op de handgrepen zit.

Controleer of de kap van de zaagketting niet beschadigd is. Vervang de kap van de zaag- ketting als deze beschadigd is.

Controleer of de schroeven en moeren goed zijn vastgedraaid.

Reinig de dop van de olietank X Controleer of de ontgrendelknoppen op de accu werken en de accu in het product ver- grendelen.

Controleer of de acculader niet beschadigd is en goed functioneert.

Controleer of de accu niet beschadigd is. X Zorg ervoor dat de accu is opgeladen. X Controleer of de acculader niet beschadigd is.

Controleer alle kabels, koppelingen en aan- sluitingen. Controleer of er geen beschadi- gingen en vuil zijn.

Reinig de kap van de zaagketting. X Controleer de verbindingen tussen de accu en het product. Controleer de verbinding tus- sen de accu en de acculader.

Zorg ervoor dat de zaagkop niet is bescha- digd. Vervang de zaagkop indien deze be- schadigd is. Een erkende Husqvarna-dealer moet alle onderhoudswerkzaamhe- den aan de zaagkop uitvoeren. Controleer de slijtage het kettingaandrijfwiel. Vervang het kettingaandrijfwiel na ongeveer 100 bedrijfsuren of vak- er indien nodig. Accu en acculader controleren

1. Controleer de accu op beschadigingen, bijvoorbeeld

bijvoorbeeld scheuren.

3. Controleer of de aansluitkabel van de acculader niet

beschadigd of gescheurd is. Onderhoud uitvoeren aan de bevestiging De zaagketting controleren Controleer de zaagketting dagelijks.

3. Vergelijk de zaagketting met een nieuwe om te

bepalen of de klinknagels en schakels versleten zijn.

4. Gooi de zaagketting weg als deze één of enkele van

bovenstaande punten vertoont.

5. Vervang de zaagketting wanneer de zaagtanden zijn

afgesleten en korter zijn dan 4 mm (Fig. 53) Het kettingaandrijfwiel onderzoeken

1. Controleer regelmatig het slijtageniveau van het

kettingaandrijfwiel. (Fig. 54) 402 783 - 009 - 16.05.20252. Vervang het kettingaandrijfwiel als deze versleten is en zich heen en weer beweegt op de motoras. De geleider controleren

1. Controleer of het oliekanaal niet verstopt is. Reinig

indien nodig. (Fig. 55)

2. Controleer de randen van de geleider op bramen.

Verwijder bramen met een vijl. (Fig. 56)

3. Reinig de groef in het zaagblad. (Fig. 57)

4. Controleer de geleidergroef op slijtage. Vervang het

zaagblad indien nodig. (Fig. 58)

5. Controleer de punt van de geleider op ruwheid en

overmatige slijtage. (Fig. 59)

6. Controleer of het neuswiel van het zaagblad soepel

draait en of de smeeropening in het neuswiel van het zaagblad open is. Maak schoon en smeer indien nodig. (Fig. 60)

7. Draai de geleider dagelijks om de levensduur te

verlengen. (Fig. 61) Zaagketting slijpen Informatie over de geleider en zaagketting WAARSCHUWING: Draag veiligheidshandschoenen wanneer u onderhoud aan de zaagketting uitvoert of de zaagketting gebruikt. Ook een zaagketting die niet beweegt, kan verwondingen veroorzaken. Als het zaagblad of de zaagketting versleten of beschadigd is, moet u deze vervangen door een door Husqvarna aanbevolen combinatie van zaagblad en zaagketting. Zo blijven de veiligheidsfuncties van het product behouden. Zie Accessoires op pagina 409 voor een lijst met aanbevolen combinaties voor het vervangen van het zaagblad en de zaagketting.

  • Zaagbladlengte, inch/cm. Informatie over de lengte van het zaagblad kunt u meestal vinden op het achterste uiteinde van het zaagblad. (Fig. 62)
  • Aantal tanden in het neuswiel (T). (Fig. 63)
  • Steek van de ketting, inch. De afstand tussen de aandrijfschakels van de zaagketting, moet overeenkomen met de tandsteek van het neuswiel en het kettingaandrijfwiel. (Fig. 64)
  • Aantal aandrijfschakels (stuks). Het aantal aandrijfschakels wordt bepaald door het type zaagblad. (Fig. 65)
  • Breedte geleidergroef, inch/mm. De breedte van de groef in het zaagblad moet gelijk zijn aan de breedte van de aandrijfschakels. (Fig. 66)
  • Kettingolie-opening en opening voor kettingstrekkerpen. De geleider moet aangepast zijn aan het product. (Fig. 67)
  • Breedte aandrijfschakel, mm/inch. (Fig. 68) Algemene informatie over het slijpen van zaagtanden Gebruik geen ongeslepen zaagketting. Als de zaagketting bot is, dient u meer druk toe te passen om de geleider door het hout te drukken. Als de zaagketting zeer bot is, ontstaan er geen houtsnippers maar zaagsel. Een scherpe zaagketting zaagt door het hout en de houtsnippers worden lang en dik. De zaagtand (A) en de dieptesteller (B) samen vormen het zagende deel van de zaagketting, de snijder. Het hoogteverschil tussen de twee geeft de zaagdiepte (instelling dieptesteller). (Fig. 69) Denk bij het slijpen van een zaagtand na over het volgende:
  • Diameter van de ronde vijl. (Fig. 73) Het is niet makkelijk om zonder de juiste hulpmiddelen een zaagketting correct te slijpen. Gebruik de aanbevolen vijlmal. Deze helpt u om optimale zaagprestaties te bereiken en het risico op terugslag tot een minimum te beperken. WAARSCHUWING: Het risico op terugslag wordt ernstig verhoogd als u de slijpinstructies niet opvolgt. Let op: Zie Snijtanden slijpen op pagina 403 voor informatie over het slijpen van de zaagketting. Snijtanden slijpen

1. Gebruik voor het slijpen van de snijtanden een ronde

vijl en een vijlmal. (Fig. 74)

783 - 009 - 16.05.2025

403Let op: Zie Accessoires op pagina 409 voor informatie over welke vijl en mal wordt aangeraden voor uw zaagketting.

2. Zorg dat de zaagketting de juiste spanning heeft.

Een zaagketting zonder de juiste spanning beweegt zijdelings heen en weer. Hierdoor wordt het moeilijker om de zaagketting te slijpen. Zie

ketting spannen op pagina 404 voor instructies. (Fig. 75)

3. Beweeg de vijl vanaf de binnenkant van de

snijtanden naar buiten. Verlaag de druk bij de trekslag. (Fig. 76)

4. Verwijder eerst de vijlresten op de tanden aan de

5. Draai het product om en verwijder de resten op de

tanden aan de andere kant.

6. Controleer na het verwijderen van de vijlresten of

alle zaagtanden dezelfde lengte hebben.

7. De zaagketting is versleten als de zaagtanden 4 mm

(0,16 inch) of kleiner zijn. In dat geval moet u de zaagketting vervangen. (Fig. 53) Algemene informatie over hoe u de hoogte van de dieptesteller aanpast. De hoogte van de dieptesteller (C) neemt af wanneer u de zaagtanden (A) slijpt. Voor maximale zaagprestaties moet u de vijlresten verwijderen van de dieptesteller (B), zodat de dieptesteller de juiste hoogte heeft. Zie Accessoires op pagina 409 voor instructies over hoe u voor de juiste hoogte van de dieptesteller zorgt voor uw zaagketting. (Fig. 77) WAARSCHUWING: Een te hoge dieptesteller vergroot het terugslagrisico van de ketting! Hoogte van de dieptesteller aanpassen Zie Snijtanden slijpen op pagina 403 voor instructies vóór u de hoogte van de dieptesteller aanpast of de zaagtanden slijpt. We raden aan de snijdiepte bij te stellen na elke derde kettingslijpbeurt. Let op: Deze aanbeveling is alleen van toepassing als de lengte van de zaagtanden niet overmatig is afgenomen. We raden u aan onze vijlmal voor de tanddiepte te gebruiken, om de juiste maat voor de tanddiepte en de juiste hoek van de dieptestellernok te krijgen. (Fig. 78)

1. Gebruik een platte vijl en een vijlmal om de hoogte

van de dieptesteller aan te passen. Gebruik alleen een aanbevolen vijlmal om de juiste maat voor de tanddiepte en de juiste hoek van de dieptestellernok te verkrijgen.

2. Plaats de vijlmal op de zaagketting.

Let op: Zie de verpakking van de vijlmal voor meer informatie over het gebruik.

3. Gebruik de platte vijl om het gedeelte van de

dieptesteller te verwijderen dat boven de vijlmal uitsteekt. (Fig. 79) Let op: De snijdiepte is correct als u geen weerstand voelt wanneer u de vijl over de mal haalt. De ketting spannen WAARSCHUWING: Een zaagketting die niet correct is gespannen, kan losschieten uit het zaagblad en ernstig of dodelijk letsel veroorzaken. Een zaagketting rekt uit tijdens gebruik. Stel de zaagketting regelmatig af.

1. Maak de zaagbladmoeren los waarmee het

koppelingsdeksel en de kettingrem zijn vergrendeld. Gebruik een moersleutel. (Fig. 80)

2. Draai de zaagbladmoeren met de hand zo vast

3. Til de voorkant van de geleider op en draai

de stelschroef van de ketting aan. Gebruik een moersleutel. (Fig. 81)

4. Span de zaagketting aan totdat deze strak tegen

het zaagblad aanligt maar toch nog met gemak kan bewegen.

5. Draai de zaagbladmoeren vast met de moersleutel

en til hierbij tegelijkertijd de voorzijde van het zaagblad omhoog. (Fig. 82)

6. Controleer of de zaagketting gemakkelijk met de

hand kan worden rondgedraaid en of deze niet doorhangt aan de onderkant van het zaagblad. (Fig. 83) De snijuitrusting smeren WAARSCHUWING: Onvoldoende smeren van de snijuitrusting kan een breuk van de ketting veroorzaken wat tot ernstige en zelfs dodelijke verwondingen kan leiden. WAARSCHUWING: Gebruik geen afgewerkte olie! Afgewerkte olie is gevaarlijk voor personen, het product en voor het milieu. 404 783 - 009 - 16.05.2025Kettingolie WAARSCHUWING: Onvoldoende smeren van de snijuitrusting kan een breuk van de ketting veroorzaken wat tot ernstige en zelfs dodelijke verwondingen kan leiden.

  • Zaagkettingolie moet een goede hechting aan de motorzaagketting en tevens goede vloei- eigenschappen hebben, of het nu een warme zomer of een koude winter is.
  • Wij hebben wij een optimale kettingolie ontwikkeld die door zijn plantaardige basis bovendien biologisch afbreekbaar is. Wij raden het gebruik van onze olie aan voor zowel een maximale levensduur van de motorzaagketting als voor behoud van het milieu.
  • Als onze zaagkettingolie niet verkrijgbaar is, bevelen wij gewone zaagkettingolie aan.
  • In gebieden waar specifiek voor smering van de zaagkettingen bestemde olie niet beschikbaar is, kan gewone EP 90-transmissieolie worden gebruikt.
  • Gebruik nooit afvalolie! Dit is gevaarlijk voor uzelf, de machine en het milieu. De kettingsmering controleren

1. Controleer bij elke tankbeurt de kettingsmering.

Houd de zaagbladpunt op ca. 20 cm op een vast licht voorwerp gericht. Na 1 minuut draaien bij 75% gas moet er een duidelijke lijn van olie zichtbaar zijn op het lichte oppervlak. (Fig. 84) Controleren of de smering niet werkt

1. Controleer of het kettingoliekanaal van het zaagblad

open is. Maak schoon indien nodig. (Fig. 85)

2. Controleer of het oliekanaal in het tandwielhuis

schoon is. Maak schoon indien nodig.

3. Controleer of het neuswiel vrij draait. Als de

kettingsmering nog steeds niet werkt na uitvoering van bovenstaande controles, moet u contact opnemen met uw servicewerkplaats. (Fig. 86) Het kettingaandrijfwiel vervangen

1. Verwijder de geleidermoer (A) waarmee het

koppelingsdeksel vastzit.

2. Verwijder het koppelingsdeksel (B).

3. Demonteer de schroef (C).

4. Verwijder de onderlegring (D).

5. Verwijder de veerschijf (E).

6. Verwijder het kettingaandrijfwiel (F). (Fig. 87)

7. Breng een nieuw kettingaandrijfwiel aan.

Product, accu en acculader reinigen

1. Reinig het product met een droge doek na gebruik.

2. Reinig de accu en acculader met een droge doek.

Houd de accugeleiderails schoon.

3. Zorg ervoor dat de aansluitingen op de accu en de

acculader schoon zijn voor gebruik.

4. Reinig het gedeelte rond de olietankdop met een

5. Reinig het binnenvlak van de beschermkap met een

borstel. Probleemoplossing Toetsenbord Probleem Mogelijke fouten Mogelijke oplossing Groene start-led knippert. Lage accuspanning. Laad de accu op. Rode fout-led knip- pert. Overbelasting. De snijuitrusting is geblokkeerd. Druk op de ON/OFF-knop om het product uit te schake- len. Verwijder de accu. Verwijder ongewen- ste materialen uit de snijuitrusting. Maak de ketting los. Temperatuurafwijking. Laat het product afkoelen. De activeringsschakelaar en de ON/OFF- knop worden tegelijkertijd ingedrukt. Laat de activeringsschakelaar los en druk op de ON/OFF-knop. Het product start niet. Vuil in de aansluitingen van de accu. Reinig de accu-aansluitingen met perslucht of een zachte borstel.

783 - 009 - 16.05.2025 405Probleem Mogelijke fouten Mogelijke oplossing

Rode fout-led gaat branden. Het product moet worden onderhouden. Neem contact op met uw servicedealer. Accu 40-B220X

Symptomen Oorzaak Actie De accufoutindicator knippert. De accu is leeg. Laad de accu op. Zware werklast in combinatie met een zeer lage accutemperatuur. Laat de accu warm worden. Ver- plaats de accu bijvoorbeeld naar bin- nen of werk alleen met een lage toe- rental totdat de accu warm is. De accu werkt niet. Het bedrijfsbereik van de accu heeft de limiet bereikt. Verwijder de accu uit het product. Laat de accu rusten en druk vervol- gens op de accu-indicatorknop. De accutemperatuurindicator is AAN. De accu is te koud of te heet om te gebruiken. Houd de accu in een omgevingstem- peratuur tussen -10 °C (14 °F) en 40 °C (104 °F). Als de accu de juis- te temperatuur heeft, kan deze weer worden gebruikt. De accutemperatuurindicator knip- pert. De accu heeft bijna de temperatuur- grenzen bereikt. Verlaag het toerental en/of de werk- last. Houd de accu op de gewenste temperatuur tussen +10°C en +30°C voor optimale prestaties. De accutemperatuurindicator is AAN terwijl de accu in de lader is. Temperatuurafwijking, de accu is te koud of te heet om op te laden. Laat de accu afkoelen of breng de- ze naar binnen om warm te worden. Als de accu de juiste temperatuur heeft, kan deze weer laden. Gebruik de lader alleen als de omgevingstem- peratuur tussen 5°C (41°F) en 40°C (104°F) ligt. Houd de lader uit direct zonlicht. Indien het probleem zich blijft voordoen, neemt u contact op met uw dealer. De accufoutindicator gaat branden. De accu heeft een kritieke fout. Neem contact op met uw dealer. Acculader 40-C500X

De probleemoplossing kan verschillen voor andere accumodellen. Raadpleeg de bedieningshandleiding van de accu voor informatie over het gebruik van de accu. Gebruik alleen accu's goedgekeurd door Husqvarna.

De probleemoplossing kan verschillen voor andere modellen acculaders. Raadpleeg de bedieningshandlei- ding van de acculader voor informatie over het gebruik van de acculader. Gebruik alleen acculaders goedge- keurd door Husqvarna. 406 783 - 009 - 16.05.2025Symptomen Mogelijke fouten Mogelijke procedure De oplaadindicator op de oplader is geel. De accufoutindicator op de accu brandt of de accutemperatuurin- dicator is aan. Temperatuurafwij- king, de accu is te koud of te heet om te gebruiken of op te laden. Als de accu te heet is, laat u deze aangesloten op de lader. De ingebouwde ventilator van de lader verlaagt de temperatuur van de accu. Wanneer de accu de aanbevo- len temperatuur heeft, begint het opladen automatisch. Als de accu te koud is, brengt u deze naar binnen. Wan- neer de accu de aanbevolen temperatuur heeft, gaat u verder met opladen. Houd u aan het temperatuurbereik voor gebruik, zie de gebruikershandleiding van de acculader. Houd de lader uit direct zonlicht. Indien het probleem zich blijft voor- doen, neemt u contact op met uw dealer. De oplaadindicator op de oplader is geel. De accufoutindicator op de accu brandt. De accu heeft een kritieke fout. Neem contact op met uw dealer. De oplaadindicator op de oplader is rood. De oplader heeft een kritieke fout. Neem contact op met uw dealer. Vervoer, opslag en verwerking Transport en opslag Let op: Temperatuurvariaties kunnen leiden tot druk in de olietank met tijdelijke olielekkage als gevolg. Volg de instructies voor opslag.

  • Reinig het product en leeg de olietank voordat u het product opslaat.
  • Leg het product horizontaal of hang het met het blad naar beneden tijdens opslag.
  • Sla het product nooit op met het blad naar boven gericht.
  • De meegeleverde Li-ion-accu's voldoen aan de wettelijke vereisten voor gevaarlijke goederen.
  • Neem de bijzondere voorschriften op de verpakking en labels voor commercieel transport in acht. Dit geldt ook voor derden en expediteurs.
  • Neem contact op met een persoon die gespecialiseerd is op het gebied van gevaarlijke stoffen voordat u het product verzendt. Neem alle van toepassing zijnde nationale voorschriften in acht.
  • Breng tape aan op blootliggende aansluitingen wanneer u de accu in een pakket plaatst. Plaats de accu strak in het pakket om beweging te voorkomen.
  • Verwijder de accu bij opslag of vervoer.
  • Plaats de accu en de acculader in een droge, vocht- en vorstvrije ruimte.
  • Bewaar de accu niet op plaatsen waar statische elektriciteit aanwezig is. Bewaar de accu niet in een metalen doos.
  • Bewaar de accu op een plaats met een temperatuur tussen 5 °C (41 °F) en 25 °C (77 °F) en niet in direct zonlicht.
  • Bewaar de acculader op een plaats met een temperatuur tussen 5 °C (41 °F) en 45 °C (113 °F) en niet in direct zonlicht.
  • Laad de accu op tussen de 30% en 50% voorafgaand aan langdurige opslag.
  • Berg de acculader op in een ruimte die afgesloten en droog is.
  • Bewaar de accu niet in de buurt van de acculader. Laat kinderen en andere onbevoegde personen niet aan de apparatuur komen. Bewaar de apparatuur in een ruimte die u kunt afsluiten.
  • Gebruik de transportbescherming op het product om letsel bij personen of schade aan het product tijdens vervoer en opslag te voorkomen.
  • Bevestig het product stevig tijdens vervoer. Afvoer Het symbool betekent dat het product geen huishoudelijk afval is. Lever het in bij uw lokale inzamelsysteem voor elektrische en elektronische apparatuur. Dit draagt bij aan een goed afvalbeheer aan het einde van de levensduur. Neem contact op met de plaatselijke autoriteiten, de afvalverwerkingsdienst, uw dealer of verkoper voor meer informatie. Onjuiste afvoer kan een potentieel negatief effect hebben op het

783 - 009 - 16.05.2025 407milieu en de volksgezondheid vanwege de mogelijke

aanwezigheid van gevaarlijke stoffen. Let op: Het symbool staat op het product of op de verpakking van het product. Technische gegevens Technische gegevens 530iP4 530iPT5 Motor Motortype BLDC (borstelloos) 36 V Kettingsnelheid, m/s (1/4) 18 18 Inhoud olietank, l/cm

0,15/150 0,15/150 Gewicht Gewicht zonder accu, snijuitrusting, beschermkap van de snijuitrus- ting, draagstel en met lege tank, kg 3,4 5 Waterbeschermingsniveau IPX4

Ja Ja Geluidsemissies

Geluidsdrukniveau bij het oor van de gebruiker, gemeten volgens EN 62841-1, dB(A), min./max.:

De draagbare accumachines van Husqvarna die zijn gemarkeerd met IPX4 voldoen aan deze vereisten op productgoedkeuringsniveau

De gerapporteerde gegevens voor een geluidsvermogensniveau voor de machine vertonen een typische statistische spreiding (standaardafwijking) van 2 dB (A).

De gerapporteerde gegevens voor een geluidsdrukniveau voor de machine vertonen een typische statistische spreiding (standaardafwijking) van 1 dB(A).

De gerapporteerde gegevens voor een trillingsniveau vertonen een typische statistische spreiding (standaard- afwijking) van 2 m/s

10 3/8 mini 1,3 Husqvarna S93G 40 Zaagkettingvijl en vijlmal Gebruik de aanbevolen vijlmal om de tanden in de juiste hoek te krijgen voor vijlen. Wij raden u aan altijd de aanbevolen vijlmal te gebruiken om uw zaagketting weer scherp te krijgen. Neem contact op met uw servicedealer als u niet weet met welke zaagketting uw product is uitgerust. (Fig. 88) (Fig. 89) (Fig. 90) (Fig. 91) (Fig. 92) (Fig. 93) (Fig. 94) (Fig. 95) mm/inch mm/inch 37 4,0/5/32 80° 30° 0° 0,65/0,025 5056981-03 5806875-01 S93G 4,0/5/32 60° 30° 0° 0,65/0,025 n.v.t. 5966389-02

783 - 009 - 16.05.2025 409Verklaring van overeenstemming

EU-verklaring van overeenstemming Wij, Husqvarna AB, SE-561 82 Huskvarna, Zweden, tel: +46-36-146500, verklaren onder onze alleenverantwoordelijkheid dat het product: Beschrijving Accu-aangedreven stoksnoeischaar Merk Husqvarna Type/model 530iP4, 530iPT5 Identificatie Serienummers vanaf 2025 en verder volledig voldoet aan de volgende EU-richtlijnen en -regelgeving: Verordening Beschrijving 2006/42/EG "betreffende machines" 2014/30/EU "betreffende elektromagnetische compatibiliteit" 2011/65/EU "betreffende beperking van gevaarlijke stoffen" en dat de volgende normen en/of technische specificaties zijn toegepast: EN 62841-1:2015, EN ISO 11680-1:2021, EN ISO 14982:2009, CISPR12:2007+amd1 2009, EN IEC 63000:2018. Aangemelde instantie: 0404, Svensk Maskinprovning AB, Box 4053, SE-904 03 Umeå, Sweden heeft een EG- typeonderzoek uitgevoerd volgens de machinerichtlijn (2006/42/EG), artikel 12, punt 3b. Het certificaat heeft nummer: 0404/19/2530. Voor informatie over geluidsemissies, zie Technische gegevens op pagina 408

Huskvarna, 2025-04-15 Stefan Holmberg, Directeur R&D, Technologiemanagement, Husqvarna AB Verantwoordelijk voor technische documentatie