Lavor XTR 1007 - Hogedrukreiniger

XTR 1007 - Hogedrukreiniger Lavor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis XTR 1007 Lavor in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Lavor XTR 1007 - page 52
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Lavor

Model : XTR 1007

Categorie : Hogedrukreiniger

Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XTR 1007 - Lavor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XTR 1007 van het merk Lavor.

GEBRUIKSAANWIJZING XTR 1007 Lavor

Schakelaar van de verwarmer

dunne straal/ waaiervormige straal

2. La machine se met en

- 5Vertaling van de originele instructies

  • Het apparaat kan gebruikt worden voor het reinigen van oppervlakken buiten, telkens als er water onder hoge druk benodigd is om vuil te verwijderen.
  • Met de nodige hulpstukken kan het ap- paraat gebruikt worden voor opbrengen van schuim, zandstralen en wassen met de roterende borstel die op de pistool aange- bracht moet worden.
  • Door de prestaties en het gebruiksgemak er- van is het apparaat geschikt voor NIET PRO- FESSIONEEL gebruik. > TECHNISCHE GEGEVENS (zie technische gegevens die op het plaatje) SYMBOLEN ATTENTIE! Uit veiligheidsoverwegingen goed opletten. BELANGRIJK VAST NIET GEBLOKKEERD INDIEN AANWEZIG Dubbel geïsoleerd (indien aan- wezig): aanvullende isolatie wordt toegepast op de fundamentele isolatie tegen elektrische schokken te beschermen in geval van mislukking van de basisisolatie. waarschuwing niet aanraken waarschuwingssymbool: niet inademen VEILIGHEID SPECIALE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
  • 01 LET OP: Dit apparaat is alleen bestemd om buiten gebruikt te worden.
  • 02 LET OP: Na afloop van elk karwei moet de stroom- en wateraansluiting altijd losgekop- peld worden.
  • 03 LET OP: Het apparaat mag niet gebruikt worden als het elektrische snoer of vitale onderdelen van het apparaat, zoals veilig- heidssystemen, hogedrukslang, pistool enz. beschadigd zijn.
  • 04 LET OP: Dit apparaat is ontworpen voor gebruik met het meegeleverde reinigings- middel of met het reinigingsmiddel dat vo- orgeschreven wordt door de fabrikant, zoals neutrale reinigingsshampoo op basis van biologisch afbreekbare anionische opperv- lakteactieve stoffen. Het gebruik van andere reinigingsmiddelen of chemicaliën kan de veiligheid van het apparaat in gevaar bren- gen.
  • 05 LET OP: Het apparaat mag niet in de buurt van personen gebruikt worden, tenzij zij beschermende kleding dragen.
  • 06 LET OP: De straal van de lans mag niet op mechanische onderdelen die smeervet bevatten gericht worden: anders lost het vet op en wordt het over de grond verspreid. Banden van voertuigen en bandenventielen moeten vanaf een afstand van minstens 30 cm worden gereinigd, anders kan de band of het ventiel door de hogedrukstraal bescha- digd worden. Een eerste teken van een be- schadiging is een verkleuring van de band. Beschadigde banden of ventielen kunnen levens-gevaarlijk zijn.

07LET OP: De hogedrukstralen kunnen gevaarlijk zijn als zij op een onjuiste manier gebruikt worden. De stralen mogen niet op personen, dieren, onder stroom staande elektrische apparaten of op het apparaat zelf gericht ONGELMIA SYYT RATKAISU

  • 08 LET OP: De slangen, de hulpstukken en de hogedrukaansluitingen zijn belangrijk voor de veiligheid van het apparaat. Er mo- gen uitsluitend slangen, hulpstukken en aansluitingen die door de fabrikant voorges- chreven worden gebruikt worden (het is zeer belangrijk om ervoor te zorgen dat deze on- derdelen in goede staat blijven door onjuist gebruik ervan te vermijden en ze tegen knik- ken, stoten en schuren te beschermen).
  • 09 LET OP: Apparaten zonder A.S.S. – Auto- matic Stop System: Deze apparaten mogen, als het pistool losgelaten is, niet langer dan 2 minuten in werking blijven. De temperatuur van het terugstromende water neemt aan- zienlijk toe en veroorzaakt ernstige schade aan de pomp.

10LET OP: Apparaten met A.S.S. – Automatic Stop System: Het is verstandig om deze apparaten niet langer dan 5 minuten in stand-by te laten staan.

  • 11 LET OP: Het apparaat moet helemaal uit- gezet worden (hoofdschakelaar op (0)OFF) telkens als het apparaat onbeheerd achter- gelaten wordt.
  • 12 LET OP: Elk apparaat wordt in zijn ge- bruikstoestand getest, het is dus normaal dat er enkele druppels water aan de binnen- kant ervan achterblijven.
  • 13 LET OP: Er goed oo letten dat electrische kabel niet wordt bescadigd. Laat de bescha- digde voedingskabel door de fabrikant of de assistentie of gekwalificeerd pesoneel ver- vangen om gevaren te voorkomen.
  • 14 LET OP: Apparaat met vloeistof onder druk. Houd het pistool stevig vast om re- actiekracht te voorkomen. Gebruik alleen de hogedruksproeier die bij het apparaat gele- verd wordt.
  • 16 LET OP: Dit apparaat is niet bestemd om gebruik te worden door personen (inclusief kinderen) met beperkte lichamelijke, senso- riële of geestelijke vermogens of die geen ervaring of kennis van het apparaat hebben, tenzij ze voor het gebruik instructies ontvan- gen hebben of ze bijgestaan worden door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
  • 17 LET OP: Kinderen moeten in de gaten gehouden worden om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat zullen spelen.
  • 18 LET OP: Gebruik de hogedrukreiniger pas als de hogedrukslang volledig uitgerold is.
  • 19 LET OP: Pas tijdens het op- en afrollen van de slang op dat de hogedrukreiniger niet kantelt.
  • 20 LET OP: Als u de slang af- of oprolt moet de machine uitgeschakeld zijn en moet de slang drukloos zijn (apparaat uitschakelen).
  • 21 LET OP: Ontploffingsgevaar. Voorkom het sproeien met ontvlambare vloeistoffen.
  • 22 LET OP: Maak uitsluitend gebruik van ori- ginele reserveonderdelen van de producent of die door de fabrikant goedgekeurd zijn om de veiligheid van de machine te kunnen garanderen.
  • 23 LET OP: Men mag de straal niet op zich- zelf of op andere personen richten om de kleding of de schoenen te reinigen.
  • 24 LET OP: Men mag het apparaat niet door kinderen of door personen die er geen ver- stand van hebben laten gebruiken.

LET OP: Het water dat door de anti-reflux systemen gelopen is, is niet langer drinkbaar.

LET OP: Alvorens enige onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uit te voeren moet u het apparaat eerst van het elektrici- teitsnet afkoppelen.

LET OP: Het gebruik van een niet juiste verlengkabel is gevaarlijk.

LET OP: Als er een verlengsnoer gebruikt wordt dan moet de stekker en het stopcontact waterdicht zijn moet.

LET OP: Het apparaat niet afdekken tijdens gebruik, en zorgen voor voldoende ventila- tie.

  • LET OP: Het apparaat niet in de regen ge- bruiken, en de spuitstraal niet op de pomp richten.
  • LET OP: Geen gebruik maken van het appa- raat op brandbare oppervlakken. - RAAK HET APPARAAT NIET AAN MET NATTE HANDEN.
  • LET OP: Het pistool is uitgerust met een veiligheidspal. Telkens als het gebruik van het apparaat onderbroken wordt is het belangrijk dat de veiligheidspal in- geschakeld wordt om per ongeluk open- draaien van het pistool te voorkomen. - Veiligheidssystemen: Pistool uitgerust3 -

met veiligheidspal, apparaat met beveili- ging tegen elektrische overbelasting (Kl. I), pomp met bypassklep of stopsysteem. - De veiligheidsknop op het pistool dient niet om de hendel tijdens de werking vast te zetten maar om het per ongeluk open- draaien ervan te voorkomen.

  • LET OP: Het apparaat is uitgerust met een motor beveiligingssysteem: wacht een aantal minuten of koppel het apparaat van de stroomtoevoer los en sluit hem vervolgens weer aan als het systeem in- gegrepen heeft. Breng het apparaat naar het dichtstbijzijnde assistentiecentrum als het probleem aanhoudt of als u niet in staat bent het apparaat opnieuw in te schakelen. > STABILITEIT
  • LET OP: Het apparaat moet op een veilige en stabiele manier op een horizontale on- dergrond neergezet worden. GEBRUIK > TOESTEL UITZICHT zie blz.3-4-5

> INSTALLATIE zie blz. - Controleer of de hoofdschakelaar op “OFF”(0) staat en of het waterfilter in de inlaataansluiting van de pomp (INLET) zit. - Draai de snelkoppeling met de hand vast, zonder gebruik te maken van gereedschap.Sluit de waterto

evoerslang aan op de snelkoppeling. De slang moet een inwendige diameter van minimaal 13 mm (1/2”) hebben. - Sluit de hogedrukslang aan op de uitlaataansluiting van de pomp (OUTLET). Druk de koppeling van de hogedrukslang helemaal naar beneden en draai hem daarna met de hand aan zonder gebruik te ma

ken van gereedschap. - Sluit de hogedrukslang aan op het pistool - Draai de waterkraan helemaal open. De watertem

peratuur moet absoluut beneden de 40°C zijn. BELANGRIJK : Het te gebruiken water voor de hogedrukreiniger moet schoon zijn om het functio

neren van de machine niet te belemmeren, of scha- de aan de machine te voorkomen. - Ontgrendel de veiligheidspal van het pistool en houd de trekker van het pistool ingedrukt totdat er zoveel water uitgestroomd is dat alle lucht eruit ge- gaan is. - Steek de lans in het pistool. - Steek de stekker in het stopcontact. Om het appa

raat in werking te stellen moet u de trekker van het pistool indrukken en tegelijkertijd de hoofdschake

laar op “ON” ( I ) zetten. BIJVULLEN De brandstoftank met de op het plaatje met tech- nische gegevens aangegeven brandstof bijvullen. Vermijden dat de tank leeg raakt tijdens het functio

neren, om de dieselpomp niet te beschadigen.

LET OP: Het kan gevaarlijk zijn om verkeerde brand- stof te gebruiken. De schoonmaakmiddelentank vullen met aangera- den producten, geschikt voor de uit te voeren type reiniging.

LET OP: Maak alleen gebruik van vloeibaar schoon- maakmiddel, gebruik absoluut geen zuur of produk- ten met teveel alkaline. Wij adviseren u alleen produkten te gebruiken die getest zijn voor gebruik in dit soort machines. > SCHAKELEN zie blz. Om te wassen met koud water zet schakelaar om 2 ( I ) ON

Om te wassen met heet water zet schakelaar om 1 ( I ) ON

verwarmer werkt met de machine onder druk. > HOGEDRUKLANS zie blz. > SCHOONMAAKMIDDEL/SCHUIMKIT Vedere sequenza blz. > HOGEDRUKSLANG zie blz. > WATERTOEVOER Hydraulische aansluiting LET OP: (SYMBOL) De apparat niet mag alleen dan rechtstreeks op het openbare drinkwaterleidingnet worden aangesloten er in de toevoerleiding De hogedrukreiniger mag alleen dan recht- streeks op het openbare drinkwaterlei- dingnet worden aangesloten als er in de toevoerleiding een terugstroomklep met afvoer overeenkomstig de geldende nor- men is geïnstalleerd. Verzeker u ervan dat de binnendiameter van de slang tenmin- ste 13mm is en dat hij verstevigd is.- 4

  • LET OP: Het water dat door de anti-reflux systemen gelopen is, is niet langer drinkbaar. BELANGRIJK Zuig uitsluitend gefilterd of schoon water op. De waterkraan moet een watertoevoer ga

randeren die tenminste dubbel is aan de capaciteit van de pomp.

  • Minimum wateropbrengst: 15 l/ min.
  • Maximum temperatuur van het inlaatwater: 40°C
  • Maximale waterdruk toevoer: 1Mpa De hogedrukreiniger moet zo dicht mogelijk bij het waterleidingnet worden geplaatst. Het niet in acht nemen van bovengenoemde omstandigheden heeft ernstige mechanische schade aan de pomp tot gevolg of leidt tot ver- lies van het recht op garantie. Watertoevoer via de waterleiding
  • Sluit een toevoerslang (niet meegeleverd) aan op de wateraansluiting van het apparaat en aan de watertoevoer.
  • Open de watertoevoer. Watertoevoer uit een open reservoir
  • Schroef het koppelstuk voor de watertoevoer los.
  • Schroef een zuigslang met filter (niet meegeleverd) aan de wateraansluiting van het apparaat vast.
  • Hang het filter in het reservoir.
  • Reinig het filter op de aansluiting van de hogedruks

lang (indien aanwezig).

  • Ontlucht het apparaat voor gebruik. - Schroef de hogedrukleiding van de hogedrukaan

sluiting van het apparaat los. - Schakel het apparaat in en laat het zolang lopen tot het water zonder bellen uit de hogedrukaansluiting komt. - Schakel het apparaat uit en schroef de hogedruks

lang weer vast. - Als de olie van de pomp bijgevuld moet worden moet u olie gebruiken met een gradatie SAE20W40 op minerale basis. Inhoud: 70 gr. - Podiek het diesel filter controleren; als het versleten of te vuil is, dit vervangen. > STROOMTOEVOER - De elektrische aansluiting van het apparaat moet aan de norm IEC 60364-1 voldoen. BELANGRIJK Alvorens het apparaat aan te sluiten moet gecontroleerd worden of de gegevens die op het typeplaatje staan overe- enstemmen met die van het elektriciteitsnet en of het stopcontact beveiligd is met een aardlekschakelaar met een inschakelgevo- eligheid van minder dan 0,03 A - 30ms. - Voor het geval het stopcontact en de stekker van het apparaat niet bij elkaar passen moet u het stopcon

tact door een vakman door een ander type laten ver- vangen dat wel geschikt is. - Gebruik het apparaat niet bij een omge- vingstemperatuur van beneden de 0°C, als het apparaat uitgerust is met een PVC (H VV- F) snoer.

  • XY LET OP: Het gebruik van een niet juiste verlengkabel is gevaarlijk.
  • XJ LET OP: Als er een verlengsnoer gebruikt wordt dan moet de stekker en het stopcon- tact waterdicht zijn moet, het snoer de af- metingen hebben die in onderstaande tabel staan. <16 A <25 A <20 m ø 1,5 mm

10 AWG (indien voorhanden) A.S.S. (Automatic Stop System), die ervoor zorgt dat de hogedrukreiniger tijdens de om- loopfase uitgeschakeld wordt. Om de hoge- drukreiniger te starten dient u de schakelaar op de (I)ON -stand te zetten en vervolgens op de hendel van het spuitpistool te drukken. Het A.S.S. zorgt ervoor dat de machine wordt ge- start en dat deze op het moment dat u de hen- del loslaat weer uitgeschakeld wordt. Elke keer dat de machine niet in gebruik is, raden wij u aan de veiligheidspal, geplaatst op de hendel van het spuitpistool, op veilig te zetten om te voorkomen dat de machine bij toeval gestart wordt.

  • Het uit eigen beweging aanslaan van de machine zonder bemiddeling van het pis- tooI, is te wylen aan fenomenen zoals lucht- bellen in het water en niet aan een fout van het product.
  • Laat de machine nooit langer dan 5 minu- ten in de standby stand draaien. Voor de veiligheid en de levensduur van de machine is het noodzakelijk de machine uit te scha- kelen door middel van de aan/uit schake- laar op de machine.
  • Controleren of de koppelingen van de5 -

slang aan de zijde van de machine en van het pistool op lekkage. Bij lekkage eerst de koppelingen controlleren en pas als de lekkage is verholpen kan u de machine ge- bruiken. > UITSCHAKELEN OFF zie blz. Zet de schakelaar in de “OFF”(0) positie en wacht tot het water helemaal koud geworden is. Op deze manier voorkomt u kalkaanslag en overver

hitting van het verwarmingselement, welke altijd gevaarlijk zijn. BELANGRIJK: Als de machine stilstaat, altijd de hogedrukslang leeg laten lopen, door het pistool te openen.

  • XX LET OP: Alvorens enige onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uit te voeren moet u het apparaat eerst van het elektrici- teitsnet afkoppelen.
  • LET OP: Spuit niet met het apparaat met wa- ter en gebruik geen schoonmaakmiddelen of oplosmiddelen. Het apparaat kan worden beschadigd.
  • het oppervlak van het polijsten met een dro- ge doek. - Zorg ervoor dat het apparaat altijd schoon is zodat de koellucht vrij door de gleuven kan stromen. - Reiniging van het waterfilter: Om ervoor te zorgen dat de pomp altijd goed functioneert is het zeer belangrijk om het waterfilter veel- vuldig te controleren en te reinigen. Gebruik een tang om het filter uit de pomp te halen en spoel het filter daarna zorgvuldig onder stromend water af. - Reiniging van de sproeier: Een verstopping van de sproeier kan de juiste werking van het apparaat schaden. Daarom moet de sproeier schoon gehouden worden. (A) Zet het apparaat uit en haal de lans eraf. (B) Maak de sproeier met de meegeleverde naald schoon. (C) Spoel de lans onder stromend water af. > OPSLAG zie blz.
  • Apparaat aan de transportgreep verplaat- sen.
  • Apparaat met alle accessoires in een vorst- vrije ruimte bewaren, Buiten bereik van kin- deren. GARANTIE VOORWAARDEN Al onze apparaten zijn onderworpen aan zorg- vuldige tests en zijn gedekt voor fabrieksfou- ten in overeenstemming met de geldende voorschriften (minimaal 12 maanden). De aan- vangsdatum van de garantie wordt bepaald door de aankoopdatum. Als uw machine of toebehoor moet hersteld worden, gelieve de kassticket of het factuur bijzetten. Het volgende valt niet onder de garantie: - De bewegende onderdelen die aan slijta- ge onderhevig zijn. - De rubberen onderde- len, koolborstels, hulpstukken, en optionele hulpstukken. - De garantie dekt geen defecten te wijten aan transport, nalatigheid, - De reini- ging van de hoge drukreiniger valt niet onder de garantie, filters, mondstuk, geblokkeerde door de vorming van kalkaanslag, De machine is uitsluitend bestemd voor hobbyge- bruik en NIET voor PROFESSIONEEL gebruik: de ga- rantie dekt geen ander gebruik dan voor privédo- eleinden. WEGGOOIEN In de hoedanigheid van eigenaar van een elektrisch of elektronisch apparaat wordt het u door de wet (in overeenstemming met de EU richtlijn 2012/19/EU betreffende afval van elektrische en elektronische apparatuur en de na- tionale wetgeving van de EU Lidstaten die deze richtlijn toepassen) verboden om dit product of de elektrische/elektronische accessoires hiervan af te danken als vast huishoudelijk afval en bent u verplicht om hem te brengen naar een speciaal verzamelcentrum. Het is mogelijk om het produ- ct direct door de dealer te laten afdanken door middel van de aankoop van een nieuw product dat equivalent is aan het af te danken product. Het achterlaten van dit product in het milieu kan ernstige schade aan het milieu en aan de gezond- heid veroorzaken. Het symbool van de afbeelding stelt een vuilnis- ton voor huishoudelijk afval voor. Het is absoluut verboden om het apparaat hierin te stoppen. Het niet opvolgen van de aanwijzingen van de richt- lijn 2012/19/EU en de bepalingen met betrekking hiertoe van de verschillende Lidstaten wordt administratief gesanctioneert.- 6

1. Als u op de schakela-

ar drukt start de pomp niet.

1. De stekker zit niet goed in het stopcontact.

2. Het stopcontact functioneert niet.

3. De netspanning is onvoldoende.

4. De doorsnede van het verlengsnoer is niet

5. De pomp is geblokkeerd.

1. Steek de stekker op de juiste manier in het stopcon-

2. Laat het stopcontact nakijken.

3. Controleer of de elektrische installatie geschikt is.

4. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aanslu-

5. Zet de schakelaar op ON en houd daarbij de hendel

van het pistool ingedrukt; als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.

22. Het apparaat start

maar er komt geen water uit.

6. De pomp, de slangen of de hulpstukken zijn

7. Er wordt geen water toegevoerd.

8. Het waterfilter is verstopt.

9. De sproeier is verstopt.

6. Laat de pomp en de slangen ontdooien.

7. Sluit het apparaat aan op de waterleiding en draai de

8. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf

9. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier

met de meegeleverde speld.

maar er wordt geen druk opgebouwd.

10. De hoeveelheid water is onvoldoende.

11. Het aanzuigfilter is verstopt.

12. Het drukregelventiel (indien voorhanden) staat op de

13. De sproeier van de lans is versleten.

14. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.

11. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

12. Verhoog de druk door aan de knop te draaien.

13. Vervang de lans.

14.Wend u tot een erkende servicedienst.

15. De sproeier van de lans is verstopt of vuil.

16. Er zit lucht in het toevoerwater.

17. Het aanzuigfilter is verstopt.

18. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.

19. De dichtingen zijn versleten.

20. De dichtingen van het drukregelventiel zijn

15. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier met de

16. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.

17. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

DERHOUD”). 18.Wend u tot een erkende servicedienst. 19.Wend u tot een erkende servicedienst. 20.Wend u tot een erkende servicedienst.

5. De motor slaat plot-

21. De overbelastingsbeveiligingsschakelaar van het

apparaat is aangesproken.

22. De doorsnede van het verlengsnoer is niet juist.

21. Laat de motor enkele minuten afkoelen. Als de storing voor-

tduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.

22. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aansluiting.

6. Het apparaat lekt water. 23. De slanghaspel (indien voorhanden) lekt.

24. De toevoerkoppeling lekt.

23. Draai de koppelingen aan; als de storing voortduurt wendt u

zich dan tot een erkende servicedienst.

24. Controleer of de koppeling op de juiste manier gemonteerd

is (zie de afbeeldingen in de paragraaf “INSTALLATIE”). 25.Wend u tot een erkende servicedienst.

7. Het apparaat maakt

26. Het aanzuigfilter is verstopt.

27. De temperatuur van het inlaatwater is te hoog.

28. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of

29. De lagers zijn versleten.

26. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

27. Verlaag de temperatuur tot beneden de 40°C.

28.Wend u tot een erkende servicedienst. 29.Wend u tot een erkende servicedienst.

8. Er zit water in de olie.. 30. De dichtingsringen zijn versleten. 30.Wend u tot een erkende servicedienst.

9. Het apparaat start op-

nieuw terwijl het pistool losgelaten is (uitvoerin- gen met A.S.S.).

31. Er lekt water uit de aansluiting slang - pistool (met

uitzondering van de modellen die geleverd worden met een reeds aangesloten slang en pistool).

32. Er zit lucht in het toevoerwater.

33. Er lekt water uit het pistool.

34. Er lekt water uit de pomp.

31. Draai de aansluiting vast en maak daarbij gebruik van 2

32. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.

33.Wend u tot een erkende servicedienst. 34.Wend u tot een erkende servicedienst.

10. Het apparaat zuigt

geen reinigingsmiddel aan.

35. De tank is leeg.

36. De knop van de lans staat op de hogedrukstand

(indien voorhanden).

37. De doorzichtige aanzuigslang is beschadigd of

36. Zet de knop op de lagedrukstand door de knop in de

richting van de sproeier te trekken.

37. Sluit de slang weer aan. Als de storing voortduurt wendt u

zich dan tot een erkende servicedienst. 11.Bij het inschakelen van de brander slaat verbrandingsketel niet aan. 38.Diesel ontbreekt 39.Dieselfilter verstopt 40.Dieselpomp gebrokeerd of verbrand 41.Thermostaat kapot 42.Ontstekeing te zwak of ontbreekt 43.Onjuiste afstand tussen electrodes 38.het niveau in de tank controleren en of de harde zuigpijp schoon is. 39.Het kleine filter vervangen. 40.Vervangen. 41.Vervangen. 42.Wend u tot een erkende servicedienst.

1. Als u op de schakela-

ar drukt start de pomp niet.

1. De stekker zit niet goed in het stopcontact.

2. Het stopcontact functioneert niet.

3. De netspanning is onvoldoende.

4. De doorsnede van het verlengsnoer is niet

5. De pomp is geblokkeerd.

1. Steek de stekker op de juiste manier in het stopcon-

2. Laat het stopcontact nakijken.

3. Controleer of de elektrische installatie geschikt is.

4. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aanslu-

5. Zet de schakelaar op ON en houd daarbij de hendel

van het pistool ingedrukt; als de storing voortduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.

22. Het apparaat start

maar er komt geen water uit.

6. De pomp, de slangen of de hulpstukken zijn

7. Er wordt geen water toegevoerd.

8. Het waterfilter is verstopt.

9. De sproeier is verstopt.

6. Laat de pomp en de slangen ontdooien.

7. Sluit het apparaat aan op de waterleiding en draai de

8. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf

9. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier

met de meegeleverde speld.

maar er wordt geen druk opgebouwd.

10. De hoeveelheid water is onvoldoende.

11. Het aanzuigfilter is verstopt.

12. Het drukregelventiel (indien voorhanden) staat op de

13. De sproeier van de lans is versleten.

14. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.

11. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

12. Verhoog de druk door aan de knop te draaien.

13. Vervang de lans.

14.Wend u tot een erkende servicedienst.

15. De sproeier van de lans is verstopt of vuil.

16. Er zit lucht in het toevoerwater.

17. Het aanzuigfilter is verstopt.

18. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of versleten.

19. De dichtingen zijn versleten.

20. De dichtingen van het drukregelventiel zijn

15. Haal de lans van het pistool af en reinig de sproeier met de

16. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.

17. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

DERHOUD”). 18.Wend u tot een erkende servicedienst. 19.Wend u tot een erkende servicedienst. 20.Wend u tot een erkende servicedienst.

5. De motor slaat plot-

21. De overbelastingsbeveiligingsschakelaar van het

apparaat is aangesproken.

22. De doorsnede van het verlengsnoer is niet juist.

21. Laat de motor enkele minuten afkoelen. Als de storing voor-

tduurt wendt u zich dan tot een erkende servicedienst.

22. Raadpleeg de paragraaf over de elektrische aansluiting.

6. Het apparaat lekt water. 23. De slanghaspel (indien voorhanden) lekt.

24. De toevoerkoppeling lekt.

23. Draai de koppelingen aan; als de storing voortduurt wendt u

zich dan tot een erkende servicedienst.

24. Controleer of de koppeling op de juiste manier gemonteerd

is (zie de afbeeldingen in de paragraaf “INSTALLATIE”). 25.Wend u tot een erkende servicedienst.

7. Het apparaat maakt

26. Het aanzuigfilter is verstopt.

27. De temperatuur van het inlaatwater is te hoog.

28. De aanzuig- of uitlaatkleppen zijn verstopt of

29. De lagers zijn versleten.

26. Demonteer en reinig het filter (zie de paragraaf “ON-

27. Verlaag de temperatuur tot beneden de 40°C.

28.Wend u tot een erkende servicedienst. 29.Wend u tot een erkende servicedienst.

8. Er zit water in de olie.. 30. De dichtingsringen zijn versleten. 30.Wend u tot een erkende servicedienst.

9. Het apparaat start op-

nieuw terwijl het pistool losgelaten is (uitvoerin- gen met A.S.S.).

31. Er lekt water uit de aansluiting slang - pistool (met

uitzondering van de modellen die geleverd worden met een reeds aangesloten slang en pistool).

32. Er zit lucht in het toevoerwater.

33. Er lekt water uit het pistool.

34. Er lekt water uit de pomp.

31. Draai de aansluiting vast en maak daarbij gebruik van 2

32. Voorzie het apparaat van de juiste hoeveelheid water.

33.Wend u tot een erkende servicedienst. 34.Wend u tot een erkende servicedienst.

10. Het apparaat zuigt

geen reinigingsmiddel aan.

35. De tank is leeg.

36. De knop van de lans staat op de hogedrukstand

(indien voorhanden).

37. De doorzichtige aanzuigslang is beschadigd of

36. Zet de knop op de lagedrukstand door de knop in de

richting van de sproeier te trekken.

37. Sluit de slang weer aan. Als de storing voortduurt wendt u

zich dan tot een erkende servicedienst. 11.Bij het inschakelen van de brander slaat verbrandingsketel niet aan. 38.Diesel ontbreekt 39.Dieselfilter verstopt 40.Dieselpomp gebrokeerd of verbrand 41.Thermostaat kapot 42.Ontstekeing te zwak of ontbreekt 43.Onjuiste afstand tussen electrodes 38.het niveau in de tank controleren en of de harde zuigpijp schoon is. 39.Het kleine filter vervangen. 40.Vervangen. 41.Vervangen. 42.Wend u tot een erkende servicedienst.

43. Wend u tot een erkende servicedienst.- 2