KEY 2-3 - Autostoel CHICCO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KEY 2-3 CHICCO in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Autostoel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KEY 2-3 - CHICCO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KEY 2-3 van het merk CHICCO.
GEBRUIKSAANWIJZING KEY 2-3 CHICCO
NL Belangrijk: lees deze gebruiksaanwijzing voor het gebruik aandachtig en helemaal door, om gevaren bij het gebruik te voorkomen. bewaar haar voor latere raadpleging. houd u zorgvuldig aan deze instructies, om de veiligheid van uw kind niet op het spel te zetten.
NL Gebruiksaanwijzing
PARA MAIS INFORMAÇÕES: Farsana Portugal, SA Atendimento ao Consumidor - R. Humberto Madeira, no 9 Queluz de Baixo – 2730-097 BARCARENA telefone: 21 434 78 00 www.chicco.com ATENÇÃO! Para cada país foram previstas versões diferentes deste produto, quanto ao número e tipologia dos acessórios disponíveis. 53
NL Gebruiksaanwijzing
• Het artikel is uitsluitend bestemd om te worden gebruikt als autostoeltje en niet voor gebruik in huis. • De firma Artsana wijst elke vorm van aansprakelijkheid af bij oneigenlijk gebruik van het artikel en bij elk gebruik dat niet overeenstemt met deze instructies. • Geen enkel autostoeltje kan de totale veiligheid van het kind in geval van een ongeluk garanderen, maar het gebruik van dit artikel vermindert het gevaar voor ernstig letsel of de dood. • Gebruik ook op korte trajecten altijd het correct geïnstalleerde autostoeltje met vastgemaakte veiligheidsgordels. Doet u dat niet, dan brengt u het kind in gevaar. Controleer vooral dat de gordel strak genoeg zit, niet verdraaid is en zich op de goede plaats bevindt. • Ook na een niet ernstig ongeluk kan het autostoeltje schade opgelopen hebben, die echter niet altijd met het blote oog zichtbaar is: het moet daarom worden vervangen. • Gebruik geen tweedehands autostoeltjes: deze kunnen voor het blote oog onzichtbare structurele schade hebben opgelopen, die zodanig is dat de veiligheid van het artikel niet langer gewaarborgd wordt. • Gebruik een autostoeltje niet als het beschadigd, vervormd, versleten is, of als er delen ontbreken: het kan de originele veiligheidskenmerken hebben verloren. • Verricht geen wijzigingen aan het artikel en voeg er niets aan toe zonder toestemming van de fabrikant. Breng geen accessoires, reserveonderdelen of niet door de fabrikant geleverde en goedgekeurde onderdelen aan om met het autostoeltje te gebruiken. • Gebruik niets, bijv. kussens of dekens, om het autostoeltje wat hoger op de stoel van het voertuig te zetten of om het kind hoger op het autostoeltje te zetten: in geval van een ongeluk kan het dan gebeuren dat het autostoeltje niet correct functioneert. • Controleer dat zich geen voorwerpen tussen het autostoeltje en de zitting of het autostoeltje en het portier bevinden. • Controleer dat de stoelen van het voertuig
KEY 23 BELANGRIJK: LEES DEZE GEBRUIKSAANWIJZING VOOR HET GEBRUIK AANDACHTIG EN HELEMAAL DOOR, OM GEVAREN BIJ HET GEBRUIK TE VOORKOMEN. BEWAAR HAAR VOOR LATERE RAADPLEGING. HOUD U ZORGVULDIG AAN DEZE INSTRUCTIES, OM DE VEILIGHEID VAN UW KIND NIET OP HET SPEL TE ZETTEN. LET OP! VERWIJDER VOOR HET GEBRUIK EVENTUELE PLASTIC ZAKKEN EN ALLE ANDERE VERPAKKINGSONDERDELEN EN GOOI ZE WEG OF HOUD ZE IN IEDER GEVAL BUITEN HET BEREIK VAN KINDEREN. GOOI ZE WEG IN OVEREENSTEMMING MET DE GELDENDE WETTEN VOOR GESCHEIDEN AFVALVERWERKING. ZEER BELANGRIJK! METEEN LEZEN • Dit autostoeltje is met inachtneming van de Europese voorschriften ECE R 44/04 goedgekeurd voor “Groep 2 – 3” voor het vervoer van kinderen tussen de 15 en 36 kg lichaamsgewicht (ongeveer tussen de 2 en 12 jaar). • Ieder land heeft andere wetten en voorschriften betreffende een veilig vervoer van kinderen in de auto. Het is daarom raadzaam voor meer informatie contact op te nemen met de plaatselijke autoriteiten. • Het autostoeltje mag uitsluitend door een volwassene worden versteld. • Laat niemand het artikel gebruiken zonder eerst de instructies te hebben gelezen. • Het gevaar voor ernstig letsel van het kind, en niet alleen bij een ongeluk, maar ook in andere omstandigheden (bijv. bij hard remmen, enz.) wordt groter, als men zich niet nauwgezet houdt aan de aanwijzingen die in deze handleiding worden gegeven. • Bewaar de gebruiksaanwijzing om deze steeds weer te kunnen raadplegen: tegen de rugleuning van het artikel bevindt zich een vakje om de handleiding in te steken. 54
(inklapbare, kantelbare of draaiende) stevig vastzitten. Controleer dat er geen voorwerpen of bagage, in het bijzonder op de hoedenplank in het voertuig worden vervoerd, die niet zijn vastgezet of veilig zijn geplaatst: in geval van een ongeluk of bij hard remmen kunnen deze de passagiers verwonden. Laat andere kinderen niet met onderdelen of delen van het autostoeltje spelen. Laat het kind nooit alleen in de auto. Dit kan gevaarlijk zijn! Vervoer niet meer dan één kind tegelijk in het autostoeltje. Verzeker u ervan dat alle passagiers van het voertuig hun eigen veiligheidsgordel gebruiken, zowel voor de eigen veiligheid, als omdat zij tijdens de reis in geval van een ongeluk of bij hard remmen het kind kunnen verwonden. LET OP! Bij het verstellen (van de hoofdsteun en de rugleuning), dient u zich ervan te verzekeren dat de bewegende delen van het autostoeltje niet in aanraking komen met het lichaam van het kind. Tijdens het rijden, dient u het voertuig op een veilige plaats stil te zetten, voordat u het autostoeltje verstelt of het kind verzet. Controleer regelmatig dat het kind de gesp van de veiligheidsgordel niet opent en dat het niet aan het autostoeltje of delen ervan komt. Geef het kind tijdens de reis geen eten, in het bijzonder geen lolly, ijslolly of andere etenswaar op een stokje. In geval van een ongeluk of bij hard remmen kunnen deze hem verwonden. Tijdens lange reizen wordt aangeraden vaak te pauzeren: het kind verveelt zich al gauw in het autostoeltje en moet zich kunnen bewegen. Het is raadzaam het kind aan de kant van de stoep in- en uit te laten stappen. Haal de etiketten en merken niet van de bekleding, aangezien dit de bekleding zelf kan beschadigen. Laat het autostoeltje niet lang in de zon staan: de materialen en stoffen kunnen hierdoor van kleur verschieten.
• Als het voertuig in de zon heeft gestaan, controleert u, voordat u het kind in het autostoeltje laat plaatsnemen, dat de verschillende delen niet heet zijn geworden: in dit geval laat u ze eerst afkoelen voordat u het kind laat plaatsnemen, om verbranding te voorkomen. • Als het kind niet wordt vervoerd, moet u het autostoeltje toch laten zitten of in de koffer steken met het wagentje helemaal in het onderste gedeelte van de zitting geschoven. Het niet vastgezette autostoeltje kan in geval van een ongeluk of bij hard remmen namelijk een gevaar inhouden voor de passagiers. BELANGRIJKE MEDEDELINGEN 1. Dit is een “Universeel” kinderbeveiligingssysteem, dat goedgekeurd is volgens Voorschrift nr. 44, amendementen serie 04. Het is geschikt voor algemeen gebruik in voertuigen en compatibel met de meeste, maar niet alle, autozittingen. 2. De perfecte compatibiliteit is eenvoudiger te verkrijgen indien de fabrikant van het voertuig in de handleiding ervan verklaart dat het voertuig geschikt is om er “universele” kinderbeveiligingssystemen voor kinderen van deze leeftijdsgroep in aan te brengen. 3. Dit kinderbeveiligingssysteem is als “Universeel” geclassificeerd volgens goedkeuringscriteria die strenger zijn ten opzichte van vorige modellen die niet van deze mededeling zijn voorzien. 4. Het is alleen geschikt om te worden gebruikt in voertuigen met vaste of oprolbare driepuntsgordel, die goedgekeurd is volgens de Voorschriften UN/ECE N°16 of andere gelijkwaardige standaarden. 5. Neem in geval van twijfel contact op met de fabrikant van het kinderbeveiligingssysteem of met de dealer. BEPERKINGEN EN GEBRUIKSVEREISTEN BETREFFENDE HET ARTIKEL EN DE AUTOZITTING LET OP! Neem de volgende beperkingen en gebruiksvereisten betreffende het artikel en 55
de autozitting nauwgezet in acht: anders is de veiligheid niet verzekerd. • Het kind moet tussen de 15 en de 36 kg wegen. • De autozitting dient uitgerust te zijn met een vaste of oprolbare driepuntsgordel, die goedgekeurd is volgens de Voorschriften UN/ECE N°16 of andere gelijkwaardige standaarden (Fig.1 – Fig. 2). • Het kan gebeuren dat de gesp van de veiligheidsgordel te lang is en de voorziene hoogte ten opzichte van het onderste gedeelte van de Key 2-3 (Fig. 3) overschrijdt. In dit geval mag het autostoeltje niet op die zitting worden bevestigd, maar zal hij op een andere zitting moeten worden geïnstalleerd die dit probleem niet heeft. Neem voor meer informatie hierover contact op met de autofabrikant. • Het autostoeltje kan voorin op de passagierszitting worden aangebracht, of op één van de achterzittingen en moet altijd in de rijrichting worden geplaatst. Gebruik dit autostoeltje nooit op zittingen die zijdelings staan of tegen de rijrichting in (Fig. 4). LET OP! Volgens de statistieken over ongelukken is de achterbank van het voertuig veiliger dan de voorzittingen: daarom wordt aangeraden het autostoeltje op de achterbank te installeren. De veiligste zitting is de middelste achterzitting, als deze voorzien is van driepuntsgordel: in dit geval wordt aangeraden het autostoeltje op de middelste achterzitting te plaatsen. Als het autostoeltje op de voorzitting wordt geplaatst, wordt voor een grotere veiligheid aangeraden de zitting zover mogelijk naar achteren te zetten, voor zover de aanwezigheid van andere passagiers op de achterbank dit toelaat, en de rugleuning zo verticaal mogelijk te zetten. Als de auto is voorzien van een hoogteregelaar voor de gordel, bevestigt u deze op de laagste stand. Controleer vervolgens dat de gordelregelaar ten opzichte van de rugleuning van de autozitting naar achteren staat (of er hooguit op één lijn mee staat) (Fig. 5). Als de voorzitting is voorzien van een frontale airbag wordt afgeraden het autostoeltje op deze zitting aan te brengen. Bij installatie op
een zitting die beschermd is door een airbag dient u altijd de handleiding van de auto te raadplegen. ONDERHOUD Reinigings- en onderhoudswerkzaamheden mogen alleen door een volwassene worden verricht. De hoes reinigen De hoes van het autostoeltje kan geheel verwijderd en gewassen worden. Volg bij het wassen de instructies op het etiket van de bekleding. Reinig de hoes uitsluitend met een doekje, wasmiddel en water. Gebruik nooit schuur- of oplosmiddelen. Centrifugeer de hoes niet en hang hem op zonder hem uit te wringen. De hoes mag uitsluitend worden vervangen met een door de fabrikant goedgekeurde reservehoes, aangezien deze integrerend deel uitmaakt van het autostoeltje en dus een veiligheidselement is. LET OP! Het autostoeltje mag nooit zonder hoes worden gebruikt, om de veiligheid van het kind niet op het spel te zetten. De kunststof onderdelen reinigen Reinig de kunststof delen uitsluitend met een met water of een neutraal schoonmaakmiddel bevochtigd doekje. Gebruik nooit schuur- of oplosmiddelen. De bewegende delen van het autostoeltje mogen op geen enkele wijze worden gesmeerd. Controle dat de onderdelen heel zijn Aangeraden wordt de volgende onderdelen regelmatig op beschadiging en slijtage te controleren: • hoes: controleer dat de vulling niet uitpuilt of dat geen delen ervan loszitten. Controleer de staat van de naden die altijd heel moeten zijn. • kunststof delen: controleer de slijtagestaat van alle kunststof delen, die geen duidelijke beschadigingen of verkleuring mogen hebben. LET OP! Indien het autostoeltje vervormd 56
mocht zijn of ernstig versleten, dient het te worden vervangen: het kan de originele veiligheidskenmerken hebben verloren.
S. Scharnier rugleuning / zitting T. Vergrendelpunten van de hoes aan de zitting U. Wagen V. Vergrendel / Ontgrendelknop van de zitting W. Symbool voor het openen OPEN X. Symbool voor het sluiten CLOSE Y. Referentiepunten
Het artikel opbergen Als het niet in de auto geïnstalleerd is, wordt aangeraden het autostoeltje op een droge plaats, uit de buurt van warmtebronnen en beschermd tegen stof, vocht en rechtstreeks zonlicht te bewaren.
Het autostoeltje in de auto installeren en het kind erin zetten LET OP! Deze instructies hebben, zowel in de tekst als op de tekeningen, betrekking op de installatie van het autostoeltje op de rechter achterzitting. Verricht echter dezelfde handelingen voor installaties op andere plaatsen. 1. Zet het autostoeltje op de zitting en duw de rugleuning tegen die van de zitting (Fig. 6). LET OP! Controleer dat de hoofdsteun van de zitting de hoofdsteun van het autostoeltje niet hindert: hij mag hem niet naar voren duwen (Fig. 7). Als dit mocht gebeuren, verwijdert u de hoofdsteun van de autozitting waarop het autostoeltje wordt geïnstalleerd. Denk er vervolgens aan de hoofdsteun weer op de zitting te plaatsen als het autostoeltje wordt verwijderd en de zitting voor een passagier wordt gebruikt. LET OP! Het achterste gedeelte van het autostoeltje dient goed tegen de zitting vast te zitten (Fig. 8). 2. Laat het kind met de rug stevig tegen de rugleuning van het autostoeltje zitten (Fig. 9). 3. Controleer de hoogte van de hoofdsteun en stel deze af als zij niet goed is: zie de paragraaf “DE HOOGTE VAN DE HOOFDSTEUN AFSTELLEN”. 4. Controleer de breedte van de rugleuning en stel deze af als zij niet goed is: zie de paragraaf “DE BREEDTE VAN DE RUGLEUNING AFSTELLEN”. 5. Maak de veiligheidsgordel van de auto vast door het horizontale gedeelte onder de twee armleuningen op de met rood aangegeven plaatsen door te halen en het diagonale gedeelte onder de armsteun aan de
GEBRUIKSAANWIJZING Inhoudsopgave • Het autostoeltje in de auto installeren en het kind erin zetten • Het kind uit het autostoeltje halen • Het autostoeltje in de auto installeren zonder kind • De hoogte van de hoofdsteun afstellen • De breedte van de rugleuning afstellen • De schuine stand van de rugleuning afstellen • Afneembaarheid hoes rugleuning / zitting • Loshaken rugleuning / zitting Onderdelen A. Hoofdsteun B. Opening voor vergrendel/ontgrendelknop van het schuifmechanisme C. Rugleuning D. Armleuningen E. Achterpaneel van de rugleuning F. Zitting G. Instelhendel voor de hoogte van de hoofdsteun H. Instelgreep voor de breedte van de rugleuning I. Velcro J. Ritsen K. Hoes L. Opbergvakje aan de achterkant M. Klemmen om de diagonale gordels doorheen te halen N. Zijvleugels O. Zijkussentjes P. Passages van de buikgordel Q. Bovenste gedeelte van de zitting R. Onderste gedeelte van de zitting 57
kant van de gesp (Fig. 10). 6. Haal het diagonale gedeelte van de gordel door de rode klem (Fig. 11). 7. Trek het diagonale gedeelte van de autogordel in de richting van het oprolsysteem, zodat de hele gordel gespannen wordt en goed op de borstkas en de benen van het kind aansluit, maar trek hem niet te strak aan! (Fig. 12). Nu is het autostoeltje goed bevestigd (Fig. 13). LET OP! Controleer dat de autogordel goed gespannen is. LET OP! Controleer dat de autogordel niet verdraaid zit (Fig. 14). LET OP! Controleer dat de diagonale gordel goed tegen de schouder van het kind rust (Fig. 15) en geen druk uitoefent op de nek. Zet de hoofdsteun indien nodig lager. LET OP! Controleer dat de gordelregelaar ten opzichte van de rugleuning van de autozitting naar achteren staat (of er hooguit op één lijn mee staat) (Fig. 5). LET OP! Laat de autogordels nooit op andere plaatsen lopen dan die in deze gebruiksaanwijzing worden aangeduid! (Fig. 16). LET OP! Laat het kind niet naar voren en omlaag glijden.
den worden geregeld om het autostoeltje zo goed mogelijk aan de lengte van het kind aan te passen. Zorg ervoor dat het hoofd van het kind goed gesteund is en de gordel goed tegen zijn schouder aan zit. Denk er tijdens het afstellen van de hoogte van de hoofdsteun aan dat de oren van het kind de hoogte van de hoofdsteun niet mogen overschrijden en dat de klem zich net iets hoger dan de schouders van het kind moet bevinden, zodat de veiligheidsgordel correct tegen zijn schouder steunt (Fig. 17). Het afstellen kan door de aanwezigheid van het kind in het autostoeltje worden bemoeilijkt. Afstellen: 1. Druk met één hand op de hendel aan de achterkant van de hoofdsteun en steun met de andere hand tegelijkertijd tegen de zitting, zoals in de afbeelding wordt getoond (Fig. 18). 2. Haal de hoofdsteun naargelang de specifieke behoefte omhoog of laat deze zakken (Fig. 19). 3. Laat de hendel los en haal de hoofdsteun omhoog/laat deze zakken tot u de klik hoort die bevestigt dat hij op de gewenste stand vergrendeld is.
Het kind uit het autostoeltje halen 1. Haak de autogordel los 2. Haal het diagonale gedeelte ervan uit de klem 3. Begeleid de gordel tijdens het oprollen.
De breedte van de rugleuning afstellen De breedte van de rugleuning kan worden afgesteld om het autostoeltje zo goed mogelijk aan de maat van het kind aan te passen. Het afstellen kan door de aanwezigheid van het kind in het autostoeltje worden bemoeilijkt. Draai om de breedte af te stellen met één hand aan de knop aan de achterkant van het stoeltje: • Met de klok mee draaien: de zijvleugels gaan verder uit elkaar en de rugleuning wordt breder (Fig. 20). • Tegen de klok in draaien: de zijvleugels komen dichter naar elkaar toe en de rugleuning wordt smaller (Fig. 21).
Het autostoeltje in de auto installeren zonder kind Verricht de handelingen 1, 5, 6, 7 van de paragraaf “Het autostoeltje in de auto installeren en het kind erin zetten”. Als het kind niet wordt vervoerd, moet u het autostoeltje toch laten zitten of in de koffer steken met het wagentje helemaal in het onderste gedeelte van de zitting geschoven. Het niet vastgezette autostoeltje kan in geval van een ongeluk of bij hard remmen namelijk een gevaar inhouden voor de passagiers.
De schuine stand van de rugleuning afstellen De rugleuning van het autostoeltje kan zich bewegen en kan op eenvoudige wijze aan de
De hoogte van de hoofdsteun afstellen De hoogte van de hoofdsteun kan op 8 stan58
schuine stand van de autozitting worden aangepast (Fig. 22). De rugleuning van het autostoeltje kan op 3 standen worden versteld, zodat het kind op de voor hem comfortabelste stand kan reizen. Voordat u de rugleuning afstelt, moet u het kind uit het autostoeltje halen. Om de rugleuning achterover te laten hellen: 1. Steek een vinger in de opening op de zitting, zoals in Fig. 23 wordt weergegeven. 2. Druk op de knop onder de opening en trek/ duw het achterliggende schuifmechanisme tegelijkertijd op de gewenste stand, zoals in figuur 24 wordt getoond. Ieder klik is een stand. LET OP! Controleer na de handeling of het schuifmechanisme goed vastzit. Na de zojuist beschreven handelingen kan het autostoeltje in de auto worden geïnstalleerd en het kind vervolgens in het stoeltje worden gezet door hem goed vast te zetten, zoals voorheen werd beschreven. LET OP! Controleer dat de gordelregelaar ten opzichte van de rugleuning van de autozitting naar achteren staat (of er hooguit op één lijn mee staat) (Fig. 5).
Om de hoes van de zitting te nemen, moet eerst het bovenste gedeelte van het onderste vaste gedeelte worden gekoppeld: 1. Steek een vinger in de opening op de zitting en druk op de knop die eronder zit, zoals beschreven in de paragraaf “De schuine stand van de rugleuning afstellen” (Fig. 29). 2. Draai de 4 knoppen volgens de symbolen op de OPEN stand (Fig. 30) LET OP! controleer na de handeling dat de referentiepunten op de basis en op de knoppen op één lijn staan en de twee delen inderdaad losgekoppeld zijn. 3. Plaats het autostoeltje zoals in Fig. 31 wordt getoond en zet de rugleuning op de hoogste stand. 4. Til het bovenste gedeelte van de zitting op en neem tegelijkertijd het achterpaneel van de rugleuning weg (Fig. 32). 5. Maak de hoes bij de 5 bevestigingspunten aan de basis los (Fig. 33). 6. Neem de hoes van het bovenste gedeelte van de zitting (Fig. 34) Om de hoes weer op de structuur aan te brengen: 7. Herhaal de handelingen 4,5,6 in omgekeerde volgorde en let er in het bijzonder op dat de bekleding perfect past en op de structuur aansluit, vooral bij de twee rode gebieden waar de buikgordel overheen loopt. 8. Druk op de knop en trek tegelijkertijd aan het achterliggende schuifmechanisme, zoals in figuur 35 wordt getoond. 9. Plaats het autostoeltje zoals in Fig. 36 wordt getoond en zet de rugleuning op de hoogste stand. 10.Plaats het bovenste gedeelte van de zitting weer in overeenstemming met het vaste onderste gedeelte: om het bevestigen te vereenvoudigen, is het raadzaam het bovenste gedeelte tijdens de handeling te laten hellen zoals getoond wordt in Fig. 37. LET OP! controleer na de handeling dat de twee gedeeltes op elkaar aansluiten. 11.Breng het achterpaneel weer tussen de structuur en de bekleding (Fig. 38) aan. 12.Zet het autostoeltje op een vlakke ondergrond zoals in Fig. 39 wordt getoond en
Afneembaarheid hoes rugleuning / zitting De bekledingen van de hoofdsteun, de rugleuning en de zitting zijn met behulp van velcro en ritsen bevestigd en zijn daarom gemakkelijk af te nemen en weer aan te brengen. Rugleuning 1. Open de twee ritsen aan de zijkanten van de hoofdsteun helemaal en maak de 3 velcro delen los (Fig. 25). 2. Open de achterste rits helemaal (Fig. 26). 3. Haal de kussentjes uit de twee zijvleugels (Fig. 27). 4. Neem de hoes van de structuur (Fig. 28). Om de hoes weer om de structuur te doen, herhaalt u de handelingen 1, 2, 3,4 in omgekeerde volgorde en let u er in het bijzonder op dat de bekleding perfect past en op de structuur aansluit. Zitting De zitting bestaat uit twee onbuigzame kunststof gedeeltes die met elkaar verbonden zijn. 59
draai de 4 knoppen volgens de symbolen op de sluitstand CLOSE (Fig. 40). LET OP! controleer na de handeling dat de referentiepunten op de basis en de knoppen op één lijn staan en de twee delen vastgekoppeld zijn. Loshaken rugleuning / zitting Het autostoeltje mag alleen worden gebruikt MET de rugleuning correct op de zitting gemonteerd. De rugleuning kan eventueel UITSLUITEND voor plaatsbesparing als het niet wordt gebruikt van de zitting worden gehaald. Om de rugleuning van de zitting te halen: 1. Zet het wagentje op de derde stand volgens hetgeen beschreven wordt in de paragraaf “De schuine stand van de rugleuning afstellen”. 2. Druk tegen de achterkant van de rugleuning in overeenstemming met de geleding met de zitting en koppel de twee aanhechtingen los (Fig. 41). Om de rugleuning aan de zitting te bevestigen herhaalt u de zojuist beschreven handelingen in omgekeerde volgorde. LET OP! Controleer na de handelingen dat het bovenste en onderste gedeelte van de zitting correct aan elkaar zitten.
VOOR NADERE INFORMATIE: PHARSANA NV Maccabilaan 34 2660 Hoboken BELGIE telefoon: (0032) 3 828 08 80 www.chicco.com LET OP! Afhankelijk van het land bestaan er verschillende uitvoeringen van het artikel wat betreft het aantal en soort verkrijgbare accessoires. 60
Notice-Facile