SHARP UD-P204P-W - Ontvochtiger

UD-P204P-W - Ontvochtiger SHARP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis UD-P204P-W SHARP in PDF-formaat.

📄 186 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice SHARP UD-P204P-W - page 113

Gebruikersvragen over UD-P204P-W SHARP

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Ontvochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding UD-P204P-W - SHARP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. UD-P204P-W van het merk SHARP.

GEBRUIKSAANWIJZING UD-P204P-W SHARP

Neduriet vai nededziniet.

Uw product is van dit merkteken voorzien. Dit betekent dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur niet samen met het normale huisafval mogen worden weggegooid. Er bestaat een afzonderlijk inzamelingssysteem voor deze producten.

A. Informatie over afvalverwijdering voor gebruikers (particuliere huishoudens)

1. In de Europese Unie

Let op: Deze apparatuur niet samen met het normale huisafval weggooien!

Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur moet gescheiden worden ingezameld conform de wetgeving inzake de verantwoorde verwerking, terugwinning en recycling van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur.

Na de invoering van de wet door de lidstaten mogen particuliere huishoudens in de lidstaten van de

Europese Unie hun afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kosteloos* naar hiertoe aangewezen inzamelingsinrichtingen brengen*.

In sommige landen* kunt u bij de aanschaf van een nieuw apparaat het oude product kosteloos bij uw lokale distributeur inleveren.

* Neem contact op met de plaatselijke autoriteiten voor verdere informatie.

Indien uw gebruikte elektrische of elektronische apparatuur batterijen of accu's bevat, dan dienen deze hieraan vooraf afzonderlijk, conform de plaatselijke voorschriften, te worden weggegooid. Door dit product op een verantwoorde manier weg te gooien, zorgt u ervoor dat het afval de juiste verwerking, terugwinning en recycling ondergaat en potentiële negatieve e ecten op het milieu en de menselijke gezondheid worden voorkomen, die anders door het verkeerd verwerken van het afval zouden kunnen ontstaan.

2. In andere landen buiten de Europese Unie

Als u dit product wilt weggooien, neem dan contact op met de plaatselijke autoriteiten voor informatie omtrent de juiste verwijderingsprocedure.

Voor Zwitserland: U kunt afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kosteloos bij de distributeur inleveren, zelfs als u geen nieuw product koopt.

Aanvullende inzamelingsinrichtingen zijn vermeld op de startpagina van www.swico.ch of www.sens.ch.

B. Informatie over afvalverwijdering voor bedrijven

1. In de Europese Unie

Als u het product voor zakelijke doeleinden heeft gebruikt en als u dit wilt weggooien:

Neem contact op met uw SHARP-dealer die u inlichtingen verschaft over de terugname van het product. Het kan zijn dat u een bijdrage voor de terugname en recycling moet betalen. Kleine producten (en kleine hoeveelheden) kunnen door de lokale inzamelingsinrichtingen worden verwerkt.

Voor Spanje: Neem contact op met de inzamelingsinrichting of de lokale autoriteiten voor de terugname van uw afgedankte producten.

2. In andere landen buiten de Europese Unie

Als u dit product wilt weggooien, neem dan contact op met de plaatselijke autoriteiten voor informatie omtrent de juiste verwijderingsprocedure.

SHARP UD-P204P-W - In andere landen buiten de Europese Unie - 1

Ontvlambaar materiaal. Dit apparaat bevat R290/Propaan, een ontvlambaar koelmiddel. Probeer het apparaat niet bij te vullen met gas. Laat het koelmiddel niet in de atmosfeer terechtkomen.

Voor service, zie www.sharpconsumer.com/contact/, voor uw garantierechten gaat u naar www.sharpconsumer.com/support/ of neemt u contact op met de winkel waar u uw product hebt gekocht.

De conformiteitsverklaringen zijn te vinden op www.sharpconsumer.com/documents-of-conformity/

SHARP UD-P204P-W - In andere landen buiten de Europese Unie - 2

Aanvullende waarschuwingen voor apparaten met R290-koelmiddel (raadpleeg het typeplaatje voor het gebruikte koelmiddel)

LEES DEZE GEBRUIKSAANWIJZING ZORGVULDIG DOOR VOORDAT U HET APPARAAT GEBRUIKT

R290-koelmiddel voldoet aan de Europese milieuvoorschriften.

Dit apparaat bevat ongeveer 55g R290-koelmiddel.

Niet doorboren of verbranden.

Onderhoud en reparaties die de hulp van ander gekwalifi ceerd personeel vereisen, moeten worden uitgevoerd onder supervisie van specialisten in het gebruik van brandbare koelmiddelen.

Voor apparaten die R290-koelmiddelen gebruiken, raadpleeg de sectie ENGINEER INFORMATION in deze gebruikshandleiding voor een onderhouds- en bedieningshandleiding.

Lees dit alvorens u uw nieuwe luchtontvochtiger gebruikt

  • De luchtontvochtiger zuigt lucht aan door de luchtinlaat via het stofffilter. Deze lucht wordt gekoeld om het vocht af te voeren en verlaat het apparaat via de klep aan de bovenkant.
  • Uw luchtontvochtiger is ontworpen om vocht aan de lucht te onttrekken en dit op te vangen in het interne waterreservoir voor afvoer. Het proces om vocht te verwijderen kan vele uren duren en is niet ogenblikkelijk. Afhankelijk van de grootte van de ruimte en vochtbronnen zal niet alle vocht uit de lucht worden verwijderd.
  • Installeer en gebruik het apparaat niet voordat u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig hebt doorgelezen. Bewaar deze handleiding voor de garantie van het product en voor toekomstig gebruik.
  • Gebruik uw luchtontvochtiger met de juiste netspanning.
  • Plaats het apparaat niet in de buurt van warmtebronnen, want dit kan de behuizing beschadigen of brand veroorzaken.
  • Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht om te voorkomen dat de plastic onderdelen verkleuren.
  • Gebruik het apparaat niet op plaatsen waar stof of corrosief/ontvlambaar/explosief gas aanwezig is.
  • Geef begeleiding bij gebruik door kinderen.
  • Demonteer, repareer of vervang de reserveonderdelen van het apparaat niet zelf. Laat alleen een professional het apparaat repareren.
  • Plaats het apparaat op een vlakke en stabiele ondergrond om trillingen en lawaai te voorkomen.
  • Trek de stekker uit het stopcontact als u het apparaat niet gebruikt.
  • Dek het apparaat nooit af als deze in werking is.
  • Zorg ervoor dat de luchtinlaat en -uitlaat niet geblokkeerd zijn tijdens gebruik.
  • Spuit geen water op het apparaat, aangezien dit storingen en elektrische schokken kan veroorzaken.
  • Trek nooit de stekker uit het stopcontact als uw handen vochtig of nat zijn.

  • Schakel het apparaat altijd uit voordat u de stekker uit het stopcontact haalt om elektrische schokken te voorkomen.

  • Als u de luchtontvochtiger lange tijd niet gebruikt, schakel deze dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. Giet vervolgens het water in het reservoir weg en veeg het schoon.
  • Trek niet aan het netsnoer, dit kan schade veroorzaken.
  • Steek uw vingers of voorwerpen niet in het apparaat, dit kan schade of een elektrische schok veroorzaken.
  • Giet het water uit de tank alvorens u het apparaat verplaatst.
  • Wanneer het apparaat wordt gebruikt in een omgeving met een lage temperatuur en hoge luchtvochtigheid, stel dan de bedrijfsmodus in op wasmodus. In deze toestand zal de luchtontvochtiger continu werken.
  • Let op: Hang bij het drogen van kleding de kledingstukken niet boven de uitlaat, dit voorkomt dat er water in de unit druppelt.
  • Wanneer de machine draait, moet u ervoor zorgen dat de minimale afstand tussen het apparaat en de muur of andere obstakels vanuit alle kanten (bovenkant ≥60 cm; voorkant ≥60 cm; achterkant ≥50 cm; links ≥20 cm; rechts ≥20 cm) wordt aangehouden.
  • Het apparaat moet worden geïnstalleerd in overeenstemming met de landspecifi eke bedradingsvoorschriften.
  • Koppel het apparaat los van de stroomvoorziening bij het schoonma- ken.
  • Kinderen dienen onder toezicht te staan om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.
  • Reiniging en onderhoud mag niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd.
  • Als het netsnoer beschadigd is, dan moet de fabrikant of zijn onderhoudsvertegenwoordiger dit vervangen om alle mogelijke risico's uit te sluiten.
  • Dit apparaat is alleen bestemd voor gebruik binnenshuis en niet voor gebruik in de wasruimte.

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Bij het gebruik van elektrische apparaten dient u altijd enkele fundamentele veiligheidsvoorschriften in acht te nemen, waaronder:

WAARSCHUWING – Neem altijd het onderstaande in acht om het gevaar voor een elektrische schok, brand of lichamelijk letsel te voorkomen:

  • Lees alle instructies goed door voordat u het product in gebruik neemt.
  • Gebruik het apparaat uitsluitend met een netvoeding van 220-240 V AC/50 Hz.
  • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, zolang ze onder toezicht staan of zijn geïinstrueerd over het gebruik van het apparaat op een veilige manier en op de hoogte zijn van het gevaar tijdens het gebruik. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mag niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd.
  • Als het netsnoer beschadigd is, moet dit worden vervangen door de fabrikant, zijn onderhoudsvertegenwoordiger, door Sharp erkend onderhoudspersoneel of ander bevoegd personeel om alle mogelijke risico's uit te sluiten. Neem in geval van problemen of voor afstelling of reparatie contact op met het dichtstbijzijnde servicecenter.
  • Repareer of demonteer het product niet zelf.
  • Zorg ervoor dat u de stroomvoorziening loskoppelt voordat u onderhoud uitvoert, wanneer u het fi lter verwijdert en vervangt en wanneer u het apparaat lange tijd niet gebruikt. Het niet doen hiervan

kan een kortsluiting veroorzaken die resulteert in een elektrische schok of brand.

  • Gebruik het apparaat niet als het netsnoer beschadigd is of als de aansluiting op het stopcontact los zit.
  • Steek geen vingers of vreemde voorwerpen in de luchtinlaat of luchtuitlaat.
  • Houd bij het verwijderen van het netsnoer altijd de stekker vast en trek nooit aan het snoer. Als u dit niet doet, kan dit resulteren in kortsluiting hetgeen leidt tot een elektrische schok of brand.
  • Beschadig het netsnoer niet. Het niet naleven hiervan kan elektrische schokken, warmteproductie of brand veroorzaken.

- Haal de stekker niet uit het stopcontact met natte handen.

- Gebruik dit product niet in de buurt van gastoestellen of een open haard. Als het apapraat wordt gebruikt met gasapparaten in dezelfde ruimte, dan moet u de ruimte regelmatig ventileren. Anders kan dit leiden tot koolmonoxidevergiftiging.

- Gebruik het product niet in ruimtes waar aerosol insecticiden aanwezig zijn.

- Gebruik het product niet in ruimtes waar olieachtig residu, wierook, vonken van brandende sigaretten of chemische dampen in de lucht zijn.

- Stel het product niet bloot aan water.

- Wees voorzichtig bij het schoonmaken van het product. Agressieve reinigingsmiddelen kunnen de buitenkant beschadigen.

- Wanneer het apparaat moet worden verplaatst, verwijdert u eerst het waterreservoir. Til vervolgens het apparaat aan de handgrepen aan weerszijden op.

- Drink niet van het water dat in het waterreservoir zit.

- Maak het waterreservoir regelmatig schoon.

- Haal al het water uit de luchtbevochtigingsbak als u de luchtontvochtiger niet gebruikt. Als er water in het waterreservoir achterblijft, dan kan dit een voedingsbodem voor schimmels en bacteriën en een bron van kwalijke geuren vormen. In zeldzame gevallen kunnen dergelijke bacteriën een gezondheidsrisico vormen.

VOORZORGSMAATREGELEN VOOR GEBRUIK

  • Blokkeer de luchtinlaat en/of luchtuitlaat niet.
  • Plaats het product niet in de buurt van of boven hete voorwerpen, zoals een kachel of oven, noch op plaatsen waar het aan stoom kan worden blootgesteld.
  • Gebruik het product altijd rechtopstaand.
  • Verplaats het product niet als dit in gebruik is.
  • Als het product op een vloer staat die gemakkelijk beschadigd raakt, op een ongelijke ondergrond of op een dikt tapijt, til het dan op als u het verplaatst.
  • Gebruik het apparaat niet als de afdekking van de luchtinlaat niet correct geïnstalleerd is.
  • Reinig de buitenkant alleen met een zachte doek. Gebruik geen vluchtige vloeistoff en of reinigingsmiddelen. Het oppervlak van het product kan beschadigd raken of barsten als u verfverdunner met benzeen, alcohol of schuurpoeder gebruikt.
  • Zit niet op het product of leun er niet op.

Installatie

VÓÓR HET EERSTE GEBRUIK Laat het apparaat 4 uur staan, zodat het koelmiddel kan bezinken.

  1. Gebruik uw luchtontvochtiger in een afgesloten ruimte om zo eff ectief mogelijk te zijn.
  2. Sluit alle deuren, ramen en andere externe openingen naar de ruimte. De eff ectiviteit van de luchtontvochtiger hangt af hoe snel nieuwe, met vocht beladen lucht de ruimte binnenkomt.
  3. Plaats de luchtontvochtiger op een plek waar de luchtstroom via de voorkant van het apparaat niet wordt belemmerd.

  4. Een luchtontvochtiger die in een bepaalde ruimte werkt, heeft weinig tot geen eff ect op het drogen van de lucht in een aangrenzende afgesloten opslagruimte, zoals een kast, tenzij er een goede luchtcirculatie in en uit de ruimte is. Het kan nodig zijn om een tweede luchtontvochtiger in de afgesloten ruimte te installeren voor voldoende droging.

  5. Plaats het apparaat op een stabiele en vlakke ondergrond. Als de ondergrond niet stabiel is, dan bestaat het risico dat het apparaat onstabiel wordt. Hierdoor kunnen overmatige trillingen ontstaan, waardoor er water vrijkomt.

  6. Rondom de luchtontvochtiger moet minstens 20 cm vrije ruimte zijn. Zie 1 op bladzijde 1.

Het apparaat plaatsen

Vermijd plaatsen waar meubels, stoff en of andere objecten in contact kunnen komen met het product en de in- en uitlaat van lucht kunnen verstoren.

Vermijd plaatsen waar het product wordt blootgesteld aan condens of grote temperatuurswijzigingen. Een geschikte kamertemperatuur ligt tussen 5 °C en 35 °C.

Plaats het product op een vlakke en stabiele ondergrond en zorg dat een goede luchtcirculatie mogelijk is. Plaats het product in het midden van de kamer voor een betere luchtcirculatie. Als u het product op een zwaar tapijt plaatst, dan kan het product licht trillen.

Vermijd plaatsen met vet, olierook, alcohol, hypochloorzuur of chemicaliën in de lucht. Als u dit niet doet, kan dit ertoe leiden dat er scheurtjes in de buitenzijde van het product ontstaan.

De wanden en vloer rondom en onder het product kunnen na verloop van tijd vuil worden. Als u het product gedurende langere tijd op dezelfde plaats gebruikt, reinig dan regelmatig de omringende wanden en de vloer onder het apparaat.

Werkomgeving

  • Werktemperatuur: 5 °C tot 35 °C.
  • Dit apparaat is geschikt voor gebruik binnenshuis. Bijvoorbeeld in de woonkamer, studeerkamer, een kantoor, magazijn, kelder, ondergrondse garage.
  • Om de beste resultaten te krijgen, zorgt u ervoor dat de deur en het raam gesloten zijn alvorens u het apparaat aanzet.
  • Plaats het apparaat op een stabiele en vlakke ondergrond. Als het oppervlak van de vloer niet vlak is, dan bestaat het risico dat het apparaat niet stabiel staat en omvalt. Dit kan ook overmatige trillingen en lawaai tot gevolg hebben.

Onderdelendiagrammen - namen van onderdelen

Zie 2 en 3 op bladzijde 1 voor de locatie van de volgende onderdelen:

  1. Behuizing
  2. Handgreep
  3. Bedieningspaneel
  4. Voorkant
  5. Klep (luchtuitlaat)
  6. Netsnoer en stekker
  7. Zwenkwiel
  8. Waterreservoir
  9. Afvoerpijp (niet meegeleverd)
  10. Luchtinlaat en stoffi Iter

Inleiding - Bediening

Bedieningspaneel

Zie 4 van het bedieningspaneel op blz. 1.

De naam en functie van het bedieningspaneel

  1. POWER – Druk op deze knop om de stroom in en uit te schakelen.
  2. MODUS - Druk op deze knop om de wasmodus of ontvochtigingsmodus in te stellen
  3. HUMIDITY – Druk op deze knop om de gewenste luchtvochtigheid in te stellen.
  4. TIMER/LOCK - Druk op deze knop om de uitschakeltijd van de machine in te stellen. Het display toont de ingestelde uitschakeltijd. Houd deze knop gedurende 3 seconden ingedruk om de kinderslotfunctie in of uit te schakelen. Op het display verschijnt of verdwijnt een sloticoontje.

  5. SPEED – Druk op deze knop om de ventilatorsnelheid aan te passen (er zijn 2 ventilatorsnelheden).

  6. SWING - Druk op deze knop om de zwenkfunctie in of uit te schakelen.

  7. INDICATIELMAPJE AAN/UIT - Brandt als het apparaat is ingeschakeld, gaat uit als het apparaat is uitgeschakeld.

  8. DRY INDICATOR – Gaat aan tijdens de wasfunctie.

  9. ONTVOCHTIGINGSINDICATOR – Gaat aan wanneer het apparaat aan het ontvochtigen is.

  10. INDICATIELAMPJE ONTDOOIEN - Gaat branden als het apparaat in de ontdooimodus staat.

  11. DISPLAY – Toont de huidige status van de ontvochtigingsfunctie (vochtigheid in de lucht) en andere functies.

  12. INDICATIELAMPJE RESERVOIR VOL - Gaat branden als het water-reservoir vol is.

  13. INDICATIELAMPJE KNOPVERGRENDELING – Gaat branden als de knopvergrendeling actief is.

  14. INDICATIELAMPJE TIMER AAN – Gaat branden als de de timer actief is.

  15. INDICATIELAMPJE VENTILATORSNELHEID - Het desbretreff ende lampje gaat branden als de snelheid van de ventilator hoog of laag is.
  16. INDICATIELAMPJE KLEP AAN – Gaat branden als de klep in werking is.

Inleiding bediening

Inschakelen

Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet en druk op de AAN/UIT-knop. Het apparaat start op en de luchtuitlaatklep gaat open.

Als het apparaat is ingeschakeld, dan begint dit de lucht te ontvochtigen met de ventilator op de hoogste stand. De compressor wordt na drie minuten geactiveerd.

Als het apparaat met de AAN/UIT-schakelaar wordt uitgeschakeld en niet van het elektriciteitsnet wordt losgekoppeld, dan start het op in dezelfde modus.

Uitschakelen

Druk, terwijl het apparaat in werking is, op de AAN/UIT-knop om het apparaat uit te schakelen.

Modusknop

U kunt de modus van de luchtontvochtiger wijzigen in kleding drogen of ontvochtigen. Druk hiervoor op de MODUS-knop.

  1. Wasfunctie: Wanneer de DROOG-indicator verlicht is, zal het apparaat continu ontvochtigen, ongeacht de omgevingsvochtigheid. De ventilatorsnelheid zal vergrendeld zijn in de wasfunctie en kan niet worden gewijzigd.

  2. Ontvochtigingsfunctie: Als het indicatielampje ONTVOCHTIGEN brandt, dan ontvochtigt het apparaat de lucht. In deze modus kan de ventilatorsnelheid ingesteld worden en kan de vochtigheidsgraad geregeld worden.

Vochtigheidsinstelling

Om het vochtigheidsniveau te wijzigen, drukt u op de instelknop voor de vochtigheid. Elke keer dat u op de toets drukt, verandert het display als volgt CO\~40%\~45%\~50%\~55%\~60%\~65%\~70%\~CO. Nadat u het vochtigheidsniveau hebt ingesteld, keert het display terug naar het huidige vochtigheidsniveau dat de interne sensor detecteert.

Als het apparaat detecteert dat de omgevingsvochtigheid 2% lager is dan de ingestelde vochtigheid, dan stopt het apparaat met ontvochtigen. De ventilator blijft op lage snelheid werken. Als het apparaat detecteert dat de omgevingsvochtigheid 2% hoger is dan de ingestelde vochtigheid, dan begint het apparaat met ontvochtigen. De ventilator gaat weer op de ingestelde snelheid werken. Als de omgevingsvochtigheid ≤30% is, dan verschijnt het icoon LO. Als de omgevingsvochtigheid ≥80% is, dan verschijnt het icoon HI.

CO betekent continu ontvochtigen, ongeacht de vochtigheid van de omgeving. De standaardinstelling van het apparaat is CO als u de machine in het begin inschakelt.

Wanneer de wasfunctie in gebruik is, draait de machine in CO-status.

- Timer

Om de timerfunctie te starten, drukt u op de knop TIMER. Het indicatielampje voor de timer gaat branden. Met elke druk op de knop TIMER verandert het display van 1 tot 8 uur in stappen van 1 uur. 0H betekent dat de timermodus is geannuleerd.

Als het apparaat in de timermodus staat en het waterreservoir is vol of het apparaat schakelt over naar de automatische ontdooiingsmodus, dan stopt het apparaat.

De ventilatorsnelheid instellen

Om de snelheid van de ventilator te regelen, drukt u op de FAN-knop. Er zijn twee ventilatorsnelheden, namelijk laag of hoog; elke keer dat de FAN-knop wordt ingedrukt, wisselt de snelheid van de ventilator tussen deze twee snelheden. Let op: de ventilatorsnelheid kan niet worden ingesteld in de wasmodus.

Zwenken

Om de luchtuitlaatklep continu te openen en te sluiten, drukt u op de knop SWING. Als u nogmaals op de knop SWING drukt, dan wordt deze functie uitgeschakeld.

Vergrendelingsfunctie

Om onbedoelde bediening van het apparaat te voorkomen, kunt u het toetsenbord vergrendelen.

Geheugenfunctie

  1. Als u het apparaat uitschakelt via de AAN/UIT-knop, dan hervat het apparaat bij het opnieuw inschakelen de functie die het apparaat uitvoerde toen u het apparaat uitschakelde. Let op: als u de timer hebt ingesteld of als het apparaat vergrendeld is, dan worden deze instellingen niet opgeslagen.
  2. Als de netvoeding onderbroken wordt terwijl het apparaat in werking is, dan start het apparaat niet automatisch wanneer de netvoeding opnieuw wordt aangesloten. Als de netvoeding weer wordt ingeschakeld, dan moet u op de AAN/UIT-knop drukken om de werking te hervatten. Het apparaat start op in de initiele modus.

Automatische stopfunctie bij een vol waterreservoir

Als het waterreservoir vol is, dan stopt het apparaat met werken. De luchtuitlaatklep wordt gesloten en er klinkt een zoemer. Om het apparaat te resetten, verwijdert u het waterreservoir, giet u dit leeg en plaatst u het terug. Als u het lege waterreservoir terug in het apparaat plaatst, dan start het apparaat opnieuw op. Let op: het duurt ca. 3 minuten alvorens de compressor begint te werken.

Automatische ontdooiing

Als u het apparaat in een omgeving met lage temperaturen gebruikt, dan kan de interne verdamper door vorst worden bedekt. Om ervoor te zorgen dat het apparaat normaal werkt, beschikt het over een automatische ontdooiingsfunctie. Als de interne sensor een temperatuur van ≤-1 °C detecteert, dan schakelt het apparaat over op de automatische ontdooiingsfunctie. Dat betekent dat het apparaat gedurende 30 minuten continu in de ontvochtigingsmodus werkt. Vervolgens start het apparaat de ontdooicyclus. Hierbij gaat het indicatielampje ONTDOOIEN branden, stopt de compressor en gaat de ventilator op hoge snelheid draaien.

Als de temperatuur van de verdamper ≥2 °C is en het apparaat gedurende 10 minuten in de ontdooiingsfunctie heeft gestaan, dan wordt de automatische ontdooiingsfunctie uitgeschakeld en de compressor aangezet. Op dat moment begint het apparaat te ontvochtigen en gaat het indicatielampje ONTDOOIEN uit. Als in de ontdooiingsmodus de temperatuur van de verdamper gedurende twee minuten ≥0 °C is, dan wordt de ontdooiingsfunctie geannuleerd.

Beveiligingsfunctie van de compressor

Als er een probleem is met het apparaat waardoor de compressor stopt, dan wordt de compressor gedurende 3 minuten uitgeschakeld. Normaal herstart de compressor na 3 minuten. Indien dit niet het geval is, dan trekt u de stekker uit het stopcontact en probeert u het een uur later opnieuw. Als de compressor nog steeds niet start, neem dan contact op met de klantenservice voor ondersteuning.

Beveiligingsfunctie hoge/lage temperatuur

Als het apparaat detecteert dat de omgevingstemperatuur buiten het normale bedrijfsbereik van 1°C tot 39°C ligt, wordt het uitgeschakeld en knippert de foutcode C2 op het display. Wanneer het normale bedrijfsbereik is bereikt, haalt u de stekker van het apparaat 30 seconden uit het stopcontact, sluit u de stekker weer in en schakelt u het apparaat in.

Beveiligingsfunctie lage vochtigheid

Als het apparaat een lage luchtvochtigheid van <30% detecteert, dan verschijnt LO op het display. Het apparaat stopt met ontvochtigen en de ventilator draait op de laagste snelheid.

Als de luchtvochtigheid hoger is dan 80 %, dan verschijnt HI op het display aan en blijft het apparaat ontvochtigen.

Schakelfunctie ventilatorsnelheid bij hoge temperatuur

Als het apparaat ontvochtigt in een omgeving met hoge temperaturen en de ventilatorsnelheid is ingesteld op laag, dan schakelt het apparaat automatisch over op de hoge snelheid. Deze functie voorkomt overbelasting van de compressor. Als de temperatuur van de omgevingslucht daalt, dan schakelt de ventilatorsnelheid terug naar de lage snelheid.

Foutcodes

Er zijn een aantal foutcodes die op het display kunnen verschijnen. Deze luiden als volgt. Als de foutcode wordt weergegeven, dan gaat deze knipperen. Als één van deze foutcodes verschijnt, bel dan voor de klantenservice voor ondersteuning.
C1 – Geeft aan dat er iets fout is met de temperatuursensor van de verdamper. In deze toestand stopt het apparaat met werken.
C2 - Geeft aan dat er iets fout is met de temperatuursensor voor de omgevingslucht. In deze toestand stopt het apparaat met werken.
C8 – De temperatuur van de verdamper wordt om de 8 minuten gecontroleerd. Indien deze gedurende 5 opeenvolgende controles binnen ≤3 °C van de temperatuur van de omgevingslucht ligt, dan wordt het apparaat uitgeschakeld en verschijnt de foutcode C8.

Continue waterafvoer

Als een continue waterafvoer noodzakelijk zou zijn, dan is dit mogelijk door een buis met een binnendiameter van 15 mm aan te sluiten op de afvoeropening aan de achterkant van het apparaat. Als deze buis geïnstalleerd is, dan loopt het water via de buis weg en komt het niet in

het waterreservoir terecht.

Zorg ervoor dat de afvoerbuis naar beneden loopt. Zorg dat de afvoerbuis niet gebogen of beschadigd wordt, zodat het water vrij uit het apparaat kan stromen.

Zorg er bij het aanbrengen van de afvoerbuis voor dat u deze helemaal in de afvoeropening duwt. Zo duwt u de afvoerbuis over de afvoeropening heen die zich ongeveer 70 mm diep in het apparaat bevindt vanaf de achterkant van het apparaat.

Zie 3 op bladzijde 1 voor de aansluiting van de afvoerbuis.

Maintenance

De luchtontvochtier schoonmaken:

  • Gebruik een zachte, schone doek.
  • Gebruik geen alcohol, benzine of andere benzeenhoudende chemische oplosmiddelen.
  • Om het fi Iter te reinigen, verwijdert u dit. Gebruik een stofzuiger om eventueel opgehoopt stof te verwijderen. Gebruik indien nodig water om het fi Iter schoon te maken en leg dit dan in een geventileerde ruimte tot het droog is.
  • Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat schoonmaakt.

Ander advies:

  • Alvorens u het apparaat verplaatst, moet u de stekker uit het stopcontact halen en het waterreservoir verwijderen.
  • Als u het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt, haal dan de stekker uit het stopcontact en maak het waterreservoir leeg. Wacht dan 2 dagen om er zeker van te zijn dat het apparaat van binnen volledig droog is alvorens u het inpakt.
  • Berg het apparaat altijd rechtopstaand op.
  • Kantel het apparaat niet horizontaal en draai het niet ondersteboven.
  • Als het apparaat gerepareerd moet worden, schakel dan de hulp van een vakman in.

Informatie voor de technicus

1. Bekabeling

Zorg ervoor dat de bekabeling niet onderhevig is aan slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, scherpe randen of andere nadelige omgevingsinvloeden. Let ook op eventuele eff ecten veroorzaakt door veroudering of voortdurende lekkages. Een halidefakkel (of een andere detector die een open vlam gebruikt) mag niet worden gebruikt.

2. Detectie van brandbare koelmiddelen

GEBRUIK GEEN mogelijke ontstekingsbronnen om naar koelmiddellekken te zoeken. Een halidefakkel (of een andere detector die een open vlam gebruikt) mag niet worden gebruikt.

3. Lekdetectie methoden

De volgende lekdetectiemethoden worden als acceptabel beschouwd voor systemen met brandbare koelmiddelen.

Elektronische lekdetectoren kunnen worden gebruikt om brandbare koelmiddelen te detecteren, maar de gevoeligheid is mogelijk niet voldoende, of moet opnieuw worden gekalibreerd (detectieapparatuur moet worden gekalibreerd in een koelmiddelvrije ruimte). Zorg ervoor dat de detector geen potentiële ontstekingsbron is en geschikt is voor het gebruikte koelmiddel. Lekdetectieapparatuur moet worden ingesteld op een percentage van de LFL van het koelmiddel en moet worden gekalibreerd op het gebruikte koelmiddel, en het juiste percentage gas (maximaal 25%) moet worden bevestigd.

Lekdetectievloeistoff en zijn geschikt voor gebruik met de meeste koelmiddelen, maar het gebruik van detergenten die chloor bevatten moet worden vermeden omdat het chloor kan reageren met het koelmiddel en de koperen leidingen kan aantasten.

Als een lek wordt vermoed, moeten alle open vlammen worden

verwijderd/uitgedoofd.

Als er een koelmiddellek wordt gevonden dat solderen vereist, moet al het koelmiddelgas uit het systeem worden teruggewonnen, of worden geïsoleerd (door middel van afsluitkleppen) in een deel van het systeem zowel vóór als tijdens het soldeerproces.

4. Verwijdering en evacuatie

Bij het openen van het koelmiddelleidingcircuit voor reparaties of voor enig ander doel – moeten conventionele procedures worden gebruikt. Het is echter belangrijk dat de beste praktijken worden gevolgd omdat brandbaarheid een overweging is. De volgende procedure moet worden gevolgd:

Verwijder het koelmiddel.

Spoel het circuit met inert gas.

Vacumeren.

Opnieuw spoelen met inert gas.

Open het circuit door te snijden of te lassen.

De koelmiddellading moet worden teruggewonnen in de juiste terugwinningcilinders. Het systeem moet worden doorgespoeld met OFN om de unit veilig te maken. Dit proces moet mogelijk meerdere keren worden herhaald. Samengeperste lucht of zuurstof mag voor deze taak niet worden gebruikt.

Doorspoelen moet worden bereikt door het vacuum in het systeem met OFN te doorbreken en door te gaan met vullen totdat de werkdruk is bereikt, vervolgens ventileren naar de atmosfeer, en ten slotte het systeem onder vacuum brengen. Dit proces moet worden herhaald totdat er geen koelmiddel meer in het systeem zit. Wanneer de laatste OFN-lading wordt gebruikt, moet het systeem worden ontlucht tot atmosferische druk om het werk mogelijk te maken. Deze operatie is cruciaal als laswerk aan de leidingen moet worden uitgevoerd. Zorg ervoor dat de aansluiting van de vacuumpomp zich niet dichtbij ontstekingsbronnen bevindt en er ventilatie beschikbaar is.

5. Laadprocedures

Naast conventionele laadprocedures moeten de volgende vereisten worden opgevolgd.

Zorg ervoor dat er geen besmetting van verschillende koelmiddelen optreedt bij het gebruik van laadapparatuur.

Slangen of leidingen moeten zo kort mogelijk zijn om de hoeveelheid koelmiddel erin te minimaliseren.

Cilinders moeten rechtop worden gehouden.

Zorg ervoor dat het koelsysteem geaard is voordat het systeem met koelmiddel wordt gevuld.

Label het systeem wanneer het opladen is voltooid (indien nog niet gedaan).

Wees uiterst voorzichtig om het koelsysteem niet te overbelasten.

Vóór het opnieuw opladen moet het systeem op druk worden getest met OFN. Het systeem moet na het opladen maar vóór de ingebruikname worden getest op lekkages. Er moet een vervolglekproef worden uitgevoerd voordat de locatie wordt verlaten.

6. Buiten gebruik stellen

Voordat deze procedure wordt uitgevoerd, moet de ingenieur volledig vertrouwd zijn met de apparatuur en alle details ervan. Het is aanbevolen dat alle koelmiddelen veilig worden teruggewonnen. Vóór de uitvoering van de taak moet een olie- en koelmiddelmonster worden genomen, indien analyse vereist is vóór hergebruik van teruggewonnen koelmiddel. Het is essentieel dat elektrische stroom aanwezig is voordat de taak wordt gestart.

Maak uzelf vertrouwd met de apparatuur en de werking ervan.

Sluit het systeem elektrisch af.

Zorg er vóór het uitvoeren van de procedure voor dat:

Mechanische verwerkingsapparatuur is beschikbaar en wordt correct gebruikt het terugwinningsproces wordt altijd gecontroleerd door een bekwame persoon terugwinningsapparatuur en cilinders voldoen aan de juiste normen.

a) Indien mogelijk het koelmiddel afpompen.
b) Als een vacuum niet mogelijk is, maak dan een spruitstuk zodat

koelmiddel uit verschillende delen van het systeem kan worden verwijderd.

c) Zorg ervoor dat cilinders op de weegschaal staan voordat de terugwinning plaatsvindt.
d) Start de terugwinmachine en bedien deze volgens de instructies van de fabrikant.
e) Vul cilinders niet te vol. (Niet meer dan 80% vloeistofl ading).
f) Overschrijd de maximale werkdruk van de cilinder niet, zelfs niet tijdelijk.
g) Wanneer de cilinders correct zijn gevuld en het proces is voltooid, zorg ervoor dat de cilinders en de apparatuur snel van de locatie worden verwijderd en alle afsluitkleppen op de apparatuur gesloten zijn.
h) Teruggewonnen koelmiddel mag niet in een ander koelsysteem worden geladen, tenzij het is schoongemaakt en gecontroleerd.

7. Labelen

Apparatuur moet worden gelabeld met de vermelding dat deze buiten gebruik is gesteld en dat het koelmiddel is verwijderd. Het label moet van een datum en handtekening worden voorzien. Zorg ervoor dat er labels op de apparatuur zitten die aangeven dat de apparatuur brandbaar koelmiddel bevat.

8. Terugwinning

Bij het verwijderen van koelmiddel uit een systeem, zowel voor onderhoud als voor buitengebruikstelling, wordt aanbevolen om goed te oefenen door al het koelmiddel in cilinders te pompen. Zorg ervoor dat alleen geschikte koelmiddelterugwinningscilinders worden gebruikt.

Zorg ervoor dat het juiste aantal cilinders beschikbaar is om de totale systeemlading op te slaan. Alle te gebruiken cilinders zijn bestemd voor het teruggewonnen koelmiddel en geëtiket voor dat koelmiddel, dwz speciale cilinders voor de terugwinning van koelmiddel. Cilinders moeten compleet zijn met een overdrukventiel en bijbehorende afsluitventielen in goede staat. Lege terugwinningscilinders worden geëvacueerd en, indien mogelijk, gekoeld voordat de terugwinning plaatsvindt.

De terugwinningsapparatuur moet in goede staat verkeren en voorzien zijn van een instructieset met betrekking tot de apparatuur die voorhanden is en geschikt zijn voor de terugwinning van brandbare koelmiddelen.

Daarnaast moet er een set gekalibreerde weegschalen beschikbaar zijn en in goede staat verkeren. Slangen moeten compleet zijn met lekvrije snelkoppelingen en in goede staat. Controleer voordat u de terugwinningsmachine gebruikt of deze in goede staat verkeert, goed is onderhouden en dat eventuele bijbehorende elektrische componenten zijn verzegeld om ontsteking te voorkomen in geval van een koelmiddelvrijlating. Raadpleeg de fabrikant bij twijfel.

Het teruggewonnen koelmiddel moet worden teruggestuurd naar de koelmiddelleverancier in de juiste terugwinningscilinder en de relevante afvaloverdrachtsbon moet worden geregeld. Meng geen koelmiddelen in terugwinningseenheden en vooral niet in cilinders.

Indien compressoren of compressieoliën moeten worden verwijderd, zorg ervoor dat ze zijn geëvacueerd tot een acceptabel niveau om er zeker van te zijn dat er geen brandbaar koelmiddel in het smeermiddel achterblijft. Het evacuatieproces moet worden uitgevoerd voordat de compressor wordt teruggestuurd naar de leveranciers. Alleen elektrische verwarming van het compressorlijf mag worden gebruikt om dit proces te versnellen. Wanneer olie uit een systeem wordt afgetapt, moet dit veilig gebeuren.

9. Zekeringen

De onderstaande zekeringen zijn gemonteerd op de PWB.

ZEKERING 1: Walter 2010; AC 250V; T: 2A

ZEKERING x: Walter 2010; AC 250V; T:6,3A of 5A

Probleemopsporing

Probleem Oplossing
De luchtontvochtiger werkt nietControleer of de stekker van het apparaat in het stopcontact zit en of het apparaat is ingeschakeld. Controleer of het waterreservoir niet vol is. Als dit vol is, maak het dan leeg.
Het apparaat ontvochtigt nietControleer of het waterreservoir correct geplaatst is. Controleer of het waterreservoir niet vol is. Als dit vol is, maak het dan leeg. Reinig het luchtfilter. Zorg ervoor dat de luchtstroom door het apparaat niet belemmerd wordt.
Het apparaat verwijdert niet genoeg vocht uit de luchtVerminder de ventilatie (gesloten deuren en ramen). Zorg ervoor dat er niet te veel bronnen van vochtigheid zijn. Gebruik het apparaat niet om een ruimte te ontvochtigen die groter is dan de in de specifi caites vermelde grootte.
Het apparaat loopt niet soepel op de zwenkwielenControleer of de zwenkwielen schoon zijn en niet geblokkeerd worden door vuil.

Wat u moet doen als het product de radio- of tv-ontvangst verstoort.

Als de luchtontvochtiger de radio- of televisie-ontvangst verstoort, voer dan een of meerdere van de volgende maatregelen uit:

  • Pas de ontvangstantenne aan of positioneer deze opnieuw.
  • Vergroot de afstand tussen het product en de radio of tv.
  • Sluit de luchtreiniger aan op een stopcontact in een andere stroomgroep dan de groep waarop de radio- of televisie-ontvanger is aangesloten.

- Raadpleeg uw dealer of een gekwalificeerde radio- of tv-monteur.

Technische specifi caties

Model UD-P16 / UD-P164 UD-P20 / UD-P204
Ontvochtiging (liter per dag)30 °C, 80% RV 16 20
27 °C, 60% RV 9 11
Nominale spanning 220-240 V AC /50 Hz220-240 V AC /50 Hz
Stroomverbruik (W)35 °C, 90% RV310 W330 W
30 °C, 80% RV270 W280 W
27 °C, 60% RV230 W250 W
Luchtstroom (m3/u)146175
Grootte van de ruimte (m2)29 tot 3835 tot 46
KoelmiddelR290R290
Koelmiddelvolume (g)50 60
Capaciteit waterreservoir (l)3,83,8
Afmetingen apparaat (B × H × D in mm)355 x 567 x 259mm 355 x 567 x 259mm
Gewicht (kg)15,415,5
Snoerlengte (m)200200
Stroomverbruik in stand-by(W)0,250,25

OPMERKING:

- RV - Relatieve vochtigheid

- Grootte van de ruimte gebaseerd op de JEMA-norm (Japan Electrical Manufacturers' Association).

SHARP UD-P204P-W - OPMERKING: - 1

Obs:

Produktet er markert med dette symbolet. Det betyr at brukte elektriske og elektroniske produkter ikke skal blandes med generelt husholdning-savfall. Det er atskilte innsamlingssystemer for disse produktene.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SHARP

Model : UD-P204P-W

Categorie : Ontvochtiger