GP-110 - Waterpomp MSW - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GP-110 MSW in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GP-110 MSW
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GP-110 - MSW en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GP-110 van het merk MSW.
GEBRUIKSAANWIJZING GP-110 MSW
Deze gebruikershandleiding is voor uw gemak vertaald met behulp van automatische vertaling. Er is redelijk wat inspanning geleverd voor het zo nauwkeurig verstrekken van een accurate vertaling; alleen is geen enkele geautomatiseerde vertaling perfect en het is ook niet de bedoeling dat zij menselijke verticalers gaan vervangen. De officiële gebruikershandleiding is de Engelse versie. Discrepanies of verschillen in de vertaling zijn niet bindend en hebben geen rechtsgevolgen voor naleving of handhaving. Bij vragen over de juistheid van de informatie in de gebruikershandleiding wordt verwezen naar de Engelse versie van die inhoud, die de officiële versie is.
Technische gegevens
| Parameter beschrijving | Parameter waarde | |
| Productnaam | Benzine waterpomp | |
| Model | MSW-GP-100 | MSW-GP-110 |
| Afmetingen [breedte x diepte x hoogte; mm] | 500 x 400 x 400 560 | x 450 x 430 |
| Gewicht [kg] | 22 | 23 |
| Diameter wateraansluiting - inlaat/uitlaat [mm] | 50 / 50 80 / 80 | |
| Maximaal motortoerental [tpm] | 3600 | |
| Maximale capaciteit [m3/h of L/h] | 25 / 25000 60 / 60000 | |
| Maksimal hoogte [m] | 25 28 | |
| Maximale aanzuighoogte [m] | 8 | |
| Motor type | 1-cilinder 4-takt benzine, OHV, luchtgekoeld, compressieverhouding 8,5:1, terugloopstarter, Euro 5 | |
| Cilinderinhoud [cm3] | 210 | |
| Maximaal motorvermogen [kW/KM] | 5,2/7 bij 3600 tpm | |
| Maximaal koppel [Nm] | 14 bij 2500 tpm | |
| Brandstoftype | Loodvrije benzine min. 95 octaan (RON) | |
| Inhoud brandstoftank [L] | 3,6 | |
| Volume motoroliesysteem [L] | 0,6 liter | |
NL
| Brandstofverbruik [l/u] | ~2.42 |
| Olie soort | voor 4-takt benzinemotoren SAE 10W30-40 of 15W30-40* met reinigingsadditieven*Standaard toepassingstemperatuuromstandigheden.In het geval van extreem koude omstandigheden onder -20 °C wordt SAE 10W30 met reinigingsadditieven aanbevolen |
| Bougietype / elektrodenafstand [mm] | F6RTC (of gelijkwaardig) / 0,7-0,8 |
| Geluidsdrukniveau L_pA / Meetonzekerheid K= [dB(A)]. | 88,5 |
| Geluidsvermogensniveau L_wA / Meetonzekerheid K= [dB(A)] | 109 |
1. Algemene beschrijving
De gebruikershandleiding is bedoeld als hulpmiddel bij een veilig en probleemloos gebruik van het apparaat. Het product is ontworpen en vervaardigd volgens strikte technische richtlijnen, met gebruikmaking van de modernste technologieën en componenten. Bovendien wordt het geproduceerd volgens de strengste kwaliteitsnormen.
GEBRUIK HET APPARAAT ALLEEN ALS U DEZE GEBRUIKERSHANDLEIDING GRONDIG HEBT GELEZEN EN BEGREPEN.
Om de levensduur van het apparaat te verlengen en een probleemloze werking te garanderen, dient u het te gebruiken in overeenstemming met deze gebruikershandleiding en regelmatig onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. De technische gegevens en specificaties in deze handleiding zijn actueel. De fabrikant behoudt zich het recht om wijzigingen aan te brengen in verband met kwaliteitsverbetering. Het toestel is ontworpen om de risico's van geluidsemissie tot een minimum te beperken, rekening houdend met de technologische vooruitgang en de mogelijkheden tot geluidsreductie.
Legenda
NL
Het product voldoet aan de relevante veiligheidsnormen.
Lees de instructies voor gebruik.
Het product moet worden gerecycled.
WAARSCHUWING ! of VOORZICHTIG! of HERINNERING! Van toepassing op de gegeven situatie.
(algemeen waarschuwingssignaal)
Gebruik gehoorbescherming. Blootstelling aan hard geluid kan leiden tot gehoorverlies.
Draag een veiligheidsbril.
Draag veiligheidshandschoenen.
Draag voetbescherming.
ATTENTIE! Waarschuwing voor luid geluid
ATTENTIE! Brandgevaar - brandbare materialen!
WAARSCHUWING! Giftige stoffen, gevaar voor vergiftiging!
ATTENTIE! Heet oppervlak, kans op brandwonden!
Verboden te roken in buurt van apparaat. Het apparaat bevat brandbare stoffen.

Alleen gebruiken in open, goed geventileerde ruimtes.

LET OP! De tekeningen in deze handleiding dienen uitsluitend ter illustratie en kunnen in sommige details afwijken van het werkelijke product.
2. Gebruiksveiligheid

LET OP! Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies nauwkeurig. Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernistige verwondingen of de dood.
De term "eenheid" of "product" in de waarschuwingen en in de beschrijving van de instructies verwijst naar:
Benzine waterpomp
2.1. Veiligheid op de werkplek
a) Oprethold orden på arbejdspladsen og god belysning. Rommel of slechte verlichting kan leiden tot ongelukken. Anticipeer, hou in de gaten wat er gebeurt en gebruik tijdens de het gebruik van het gereedschap uw gezonde verstand.
b) Gebruik apparaat niet in een omgeving met explosiegevaar, bijvoorbeeld in de buurt van brandbare vloeistoffen, gas of stof. Apparaat geeft vonken af die kunnen leiden tot brand.
c) Indien u schade of onregelmatigheden aantreft in het gebruik van het apparaat, dan dient deze onmiddellijk te worden uitgeschakeld en gemeld bij een bevoegde.
d) Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door een servicepunt van de fabrikant. Zelfstandige reparaties zijn niet toegestaan!
e) Gebruik in geval van brand een poeder- of kooldioxide (CO2) brandblussen (een die bestemd is voor gebruik op onder spanning staande elektrische apparaten) om de brand te blussen.
f) Er mogen geen kinderen of onbevoegde personen in de werkruimte komen. (Onoplettendheid kan ertoe leiden dat u de controle over het apparaat verliest.)
g) Brug apparatet i et godt ventileret område.
h) Controleer de toestand van de veiligheidsstickers. Indien de stickers niet meer leesbaar zijn, dienen ze te worden vervangen.
i) Bewaar de gebruiksaanwijzing voor latere referentie. Indien het apparaat wordt doorgegeven aan derden, dan dient de gebruiksaanwijzing te worden meegegeven.
j) Verpakkingsmaterialen of kleine montage-elementen dienen te worden bewaard op een plek ontoegankelijk voor kinderen.
k) Apparaat dient buiten bereik van kinderen en dieren te blijven.
I) Tijdens het gebruik van het apparaat samen met andere apparaten dient ook gehouden te worden aan de overige gebruiksaanwijzingen.

2.2. Persoonlijke veiligheid
f) Om onbedoelde inschakeling te voorkomen dient de schakelaar in de uitstand te staan voordat u de stekker in het stopcontact steekt.
g) Verwijder alle afstelgereedschappen of sleutels voordat u de machine inschakelt. Een gereedschap of sleutel die in een draaiend onderdeel van de machine is achtergebleven kan letsel veroorzaken.
h) Het apparaat is geen speelgoed. Kinderen dienen onder toezicht te blijven zodat ze niet met apparaat gaan spelen.
i) Plaats geen handen of attributen aan de binnenkant van apparaat wanneer deze in bedrijf is!
2.3. Veilig gebruik van het apparaat
a) Overbelast het product niet. Brug værktøjer, der er egnede til applikationen. Korrekt valgt apparat udfører bedre og sikrere arbejde, som den er designet til.
b) Brug ikke apparatet, hvis ON/OFF-kontakten ikke fungerer korrekt (den kan ikke tænde eller slukke apparatet). Apparaten die niet kunnen worden bediend met de schakelaar zijn onveilig, kunnen niet worden ingezet en moeten worden gerepareerd.
c) Fjern stikket fra stikkontakten, før du foretager justeringer, skifter tilbehøret eller opbevarer værktøjet. Dit voorkomt dat het apparaat per ongeluk wordt ingeschakeld.
d) Houd het apparaat in goede technische staat. Controleer iedere keer voor gebruik op beschadigingen of slijtage van bewegende onderdelen (scheuren in onderdelen en elementen, of andere omstandigheden die invloed kunnen hebben op de veilige operatie van het apparaat). In het geval van beschadiging dient het product voor gebruik te worden gerepareerd.
e) Apparaat moet worden beschermd tegen kinderen.
f) Reparatie en onderhoud van het product dient te worden gedaan door gekwalificeerde mensen en alleen met originele reserveonderdelen. Dit verzekerd de veiligheid tijdens het gebruik.
g) Om de operationele integriteit van het apparaat zoals bedoeld te garanderen, mag u geen in de fabriek geïnstalleerde afdekkingen of schroeven verwijderen.
h) Voor transport en handling van het apparaat van het magazijn naar de plek waar deze wordt gebruikt dienen de gezondheids- en veiligheidsregels voor handmatige transportwerkzaamheden in acht te worden genomen die gelden in het land waar het apparaat wordt ingezet.
i) Vermijd situaties waarbij het apparaat door een te grote belasting stopt met werken. Dit kan tot gevolg hebben dat aandrijvingen oververhit raken, waardoor apparaat beschadigd raakt.
j) Verplaats, verplaats of draai de machine niet terwijl deze in werking is.
k) Laat het apparaat niet zonder toezicht draaien.
1) Het apparaat dient regelmatig te worden gereinigd om blijvend vuil te voorkomen.
m) De opgegeven trillingsemissiewaarde wordt gemeten met behulp van standaard meetmethoden. De trillingsemissiewaarde kan veranderen wanneer het apparaat in verschillende omgevingsomstandigheden wordt gebruikt.
n) Zorg er vóór elk gebruik voor dat het mondstuk goed in de machine is gemonteerd en dat de slang goed is aangesloten en onbeschadigd is.
o) Dek de inlaat- en uitlaatopeningen niet af.
p) Het apparaat is geen speelgoed. Reiniging en onderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen zonder toezicht door een volwassene.
q) Apparaat niet inschakelen als deze leeg is.
r) Het is niet toegestaan om de wijzigingen aan de constructie van apparaat door te voeren met als doel om de werking of constructie te wijzigen.
s) Hou het apparaat buiten bereik van open vuur en warmtebronnen.
t) Overbelast het product niet.
v) Het gebruik van de pomp voor het verpompen van zout water, bijtende stoffen, brandbare vloeistoffen etc. is verboden.
w) Voeg olie toe tot het juiste niveau voordat u de machine inschakelt. Als het oliepeil te laag is, start de motor niet of wordt mogelijk uitgeschakeld. Als u een motor laat draaien met een te laag motoroliepeil, kan deze defect raken.
x) Meld elke lekkage van bedrijfsolie uit de machine aan de relevante autoriteiten of voldoe aan de wettelijke eisen in uw gebruiksgebied.
y) Gevaar! Gezondheidsgevaar en explosiegevaar van de verbrandingsmotor.
z) De uitlaatgassen van de motor bevatten giftig koolmonoxide. Als u in een omgeving verblijft die koolmonoxide bevat, kan dit leiden tot bewusteloosheid of zelfs de dood. Laat de motor niet in een afgesloten ruimte draaien.
aa) Houd de motor uit de buurt van hitte, vonken en vlammen. Rook niet in de buurt van de machine!
bb) Benzine is brandbaar en explosief. Zet de motor af en laat hem afkoelen voordat u brandstof bijvult.
cc) Let op! Verkeerde brandstof kan schade aan de motor veroorzaken.

ATTENTIE! Ondanks het veilige ontwerp van het apparaat en de beschermende functies ervan, en ondanks het gebruik van extra elementen ter bescherming van de bediener, bestaat er toch een klein risico op een ongeval of letsel bij het gebruik van het apparaat. Blijf alert en gebruik uw gezond verstand wanneer u het apparaat gebruikt.
3. Gebruik richtlijnen
Het apparaat is ontworpen voor het verpompen van water.
Gebruiker is verantwoordelijk voor eventuele schade veroorzaakt door niet- beoogd gebruik.
3.1. Beschrijving van het apparaat

A. Gashendel
B. Geluiddemper
C. Tankvuldop
D. Einde waterafvoer
E. Kader
F. Motorlievuldop (met peilstok)
G. Contactschakelaar
H. Handgreep van de terugloopstarter
I. Brandstofklep
J. Chokeregelklep
K. Watervuldop
L. Luchtfilterhuis
M. Aftapplug voor motorolie
N. Aftapplug voor restwater
O. Waterinlaatmondstuk
P. Waterfilter (zuiging)
3.2. Klaarmaken voor gebruik
Gebruik het apparaat alleen in open ruimtes of goed geventileerde ruimtes. Blokkeer de luchtinlaat of -uitlaat van het apparaat niet. Apparaat dient uit de buurt van hete oppervlakken te worden gehouden. Gebruik het apparaat altijd op een vlakke, stabiele, vuurvaste en droge ondergrond en buiten het bereik van kinderen en personen met verminderde geestelijke, zintuiglijke en intellectuele functies. Het werkgebied van de unit moet directe toegang tot de aan/uit-schakelaar bieden.
MONTERING AF APPARATET
De unit is een vrijstaande unit. Sluit voor gebruik slangen aan met adapters voor het waterinlaatuiteinde (O) en uitlaatuiteinde (D).
Plaats een filter (P) op het uiteinde van de watertoevoerslang.
BELANGRIJK: Gebruik de pomp niet zonder waterfilter.
Zet de slangen aan de uiteinden vast met de meegeleverde klemmen. Bevestig het waterfilter aan het uiteinde van de zuigslang op dezelfde manier. Slanglengtes mogen de opgegeven parameters niet overschrijden.

BELANGRIJK: de pomp heeft de grootste capaciteit wanneer deze zo dicht mogelijk bij de inlaatwatertank wordt geplaatst.
Vul vervolgens olie bij in de motor. Om dit te doen, draait u de olieplug los en giet u er motorolie doorheen totdat het peil het juiste veld op de peilstok van de plug bereikt, bij voorkeur dichter bij het maximaal toegestane niveau.
Controleer het oliepeil door de plug met drooggeveegde peilstok in de motor te draaien/plaatsen en na enkele seconden weer los te draaien en te controleren tot welk niveau de opgehoopte olie op de peilstok reikt.
BELANGRIJK: Controleer het motoroliepeil altijd als de motor uitstaat en koud of afgekoeld is.
Vul niet te veel motorolie bij - dit kan de motor beschadigen! Als het oliepeil het toegestane peil overschrijdt, zuigt u de overtollige olie via de vulplug weg.

text_image
0453 Max Min3.3. Gebruik van het apparaat
3.3.1 Werking van de eenheid
Vóór de (eerste) ingebruikname
- Plaats het apparaat op een vlakke, stevige ondergrond en kantel het niet meer dan 20 ^graden ten opzichte van de juiste verticale positie.
- Controleer het motoroliepeil (zie paragraaf 3.2)
- Vul de tank met brandstof. Draai hiervoor de tankdop los en vul de tank. Zorg ervoor dat u de brandstof niet over de maximale niveau-indicator giet, dat wil zeggen de niveaumarkering op het filter in de vulopening van de tank. Plaats de vuldop door deze helemaal vast te draaien.
- Vul de pomp met (schoon) water. Draai hiervoor de watervuldop los en vul deze met water tot aan de dop. Schroef de watervuldop er weer op. BELANGRIJK: een draaiende pomp wordt gekoeld door het water dat er doorheen stroomt, daarom mag deze niet "droog" gestart worden - risico
op oververhitting en schade!

OPMERKING: als de pomp na het pompen van water lucht aanzuigt, schakel deze dan onmiddellijk uit en giet koud water in de pomp via de vulplug om deze af te koelen.
3.3.2 DE MOTOR STARTEN:

text_image
COLD HOT- Open de brandstofklep door de brandstofklephendel naar de open positie te bewegen, aangegeven door de pijl (zie het brandstofpomppictogram in de bovenstaande afbeelding).
- (alleen als de motor koud is of direct na het starten afslaat; koude omgevingsomstandigheden): Zet de choke aan, dwz zet de chokeklep in de stand "KOUD" (zie zuigpictogram in bovenstaande afbeelding: blauwe pijl = choke AAN).
• Zet de contactschakelaar in de stand "ON":

text_image
OFF ON- Pak de hendel van de terugloopstarter vast en trek hem langzaam weg van het apparaat totdat u weerstand voelt. Trek vervolgens met een stevige beweging, terwijl u de hendel te allen tijde in uw hand houdt, zelfs als deze terugkeert naar de startpositie. Herhaal deze beweging totdat de motor start:

- Laat de motor ongeveer 1-3 minuten met choke draaien om de bedrijfstemperatuur te bereiken.
- Zet vervolgens de choke soepel uit (zet de hendel geleidelijk in de "HOT"-positie) en stel het gewenste motortoerental in met de gashendel - door de hendel in de richting van het schildpadpictogram te bewegen, wordt de snelheid verlaagd, en in de richting van het haaspictogram verhoogt het:

3.3.3 De motor uitschakelen
- Zet de gashendel op het laagste motortoerental (pictogram van een schildpad).
- Draai de contactschakelaar naar de stand "UIT" - de motor stopt.
- Als u het apparaat verder niet gebruikt, sluit u de brandstofklep door de hendel in de tegenovergestelde positie van de pijl te zetten.
BELANGRIJK: in geval van nooduitschakeling van de pomp: zet gewoon de contactschakelaar in de stand "OFF" - de motor stopt onmiddellijk. Sluit de brandstofklep.
3.3.4 TRANSPORT EN OPSLAG
Als het apparaat niet opnieuw wordt gebruikt, moet u het volledig afkoelen voordat u het vervoert.
- Spoel de pomp door met schoon water en tap het resterende water af door de wateraftapplug (N) los te draaien.
- Sluit de brandstofklep (I). Voor transport is het raadzaam de brandstoftank leeg te maken om eventuele brandstoflekkage tijdens transport te voorkomen.
Transporteer het apparaat in een horizontale positie – zoals ingesteld tijdens bedrijf.
Als het apparaat gedurende langere tijd niet wordt gebruikt:
• Koel het apparaat.
- Spoel de pomp door met schoon water en giet eventueel achtergebleven water weg door de wateraftapplug (N) los te draaien.
NL
- Draai de brandstofklep dicht (naar de "UIT"-positie).
- Leeg eventuele resterende brandstof uit de brandstoftank in de carburateur door de bout aan de onderkant van de carburateur los te draaien (zie onderstaande afbeelding).

- Open de brandstofkraan en giet de resterende brandstof uit de tank.
- Schroef de bout aan de onderkant van de carburateurtank er weer in.
• Vervang de motorolie door nieuwe.
- Verwijder de bougie (bevindt zich onder de ontstekingsdraadhoes - zie onderstaande afbeelding) en giet een beetje verse motorolie door het gat in de motor.
- Pak vervolgens de hendel van de terugloopstarter vast om de motorzuiger meerdere keren te draaien om de olie in de cilinder te verdelen. Plaats de bougie opnieuw in de motor en plaats de draadlaars.

- Dek de pomp af om deze te beschermen tegen stof en zonlicht.
3.4. Reiniging en onderhoud
a) Voordat u de unit schoonmaakt, afstelt, accessoires vervangt en wanneer deze niet in gebruik is, moet u de motor uitschakelen en de unit volledig laten afkoelen.
• Wacht tot de roterende elementen stoppen.
b) • Voor reiniging van het oppervlak mogen alleen niet-corrosieve middelen worden gebruikt.
c) Bewaar het apparaat op een koele en droge plaats, beschermd tegen vocht en direct zonlicht.
d) Het is niet toegestaan het apparaat met een straal water te besproeien of het apparaat in water onder te dompelen.
e) Zorg ervoor dat er geen water binnendringt via de ventilatieopeningen in de behuizing.
f) Reinig de ventilatieopeningen met een borstel en perslucht.
g) Het apparaat dient regelmatig worden gecontroleerd op technische operatie en eventuele schade.
h) Gebruik een zachte doek voor het schoonmaken.
i) Gebruik voor reinigen geen scherpe en/of metalen attributen (bijv. metalen borstels of metalen spatels) omdat dit de buitenkant van het materiaal kan beschadigen.
j) Ververs de motorolie na de eerste maand of na 20 bedrijfsuren. Ververs daarna de olie elke 300 bedrijfsuren of elke zes maanden, afhankelijk van wat zich het eerst voordoet.
- Het verversen van motorolie kunt u het beste doen als de olie warm is, omdat deze dunner is en gemakkelijker vloeit.
- Voordat u de olievuldop en vervolgens de aftapplug losdraait, moet u er eerst een bak voor gebruikte olie onder zetten.
- Nadat u de olie hebt afgetapt, sluit u de aftapplug goed en veegt u het gebied eromheen droog van de rest van de gebruikte olie. U kunt de motor bijvullen met verse olie.
LET OP: de motorolie is na het werk heet - verbrandingsgevaar!
k) Inspecteer de bougie van tijd tot tijd op slijtage en vuil.
- Om toegang te krijgen tot de bougie, verwijdert u de ontstekingskabelhoes waaronder de bougie in de motorkop is geschroefd
- Schroef de bougie los en inspecteer de punt op vuil en brandplekken.
- Als de elektrode alleen gereinigd hoeft te worden, verwijder dan de afzettingen op de elektrode, bijvoorbeeld met een staalborstel of fijn schuurpapier, of spoel deze met een borstel af in extractie-nafta. Controleer de elektrodenafstand voordat u deze opnieuw monteert er pas deze indien nodig aan.
- Controleer ook de afstand bij de elektrode als u een nieuwe bougie installeert.

BELANGRIJK: Het is raadzaam een bougie te verwijderen als de motor koud of afgekoeld is.
LET OP: Een bougie die onlangs in gebruik is geweest, kan heet zijn - risico op brandwonden!
I) Inspecteer en reinig het luchtfilter regelmatig en vervang het indien nodig door een nieuw exemplaar.
- Om toegang te krijgen tot het luchtfilter draait u onder andere de vleugelmoer los en verwijdert u de behuizing (zie onderstaande afbeeldingen).
- Het sponsfilterelement (op onderstaande afbeelding aangegeven met een pijl) is afneembaar en kan worden afgespoeld in warm water met afwasmiddel of extractiebenzine.
- Droog het sponsfilter volledig voordat u het in verse motorolie dompelt en vervolgens de overtollige hoeveelheid olie eruit knijpt.
BELANGRIJK: gebruik het apparaat niet zonder luchtfilter!

| Probleem | Mogelijke oorzaak | Actie |
| De motor start niet. | a) Te weinig brandstof in de tank.b) Gesloten brandstofklep.c) Brandstof bereikt de carburateur niet.d) Contactschakelaar in "UIT"-positie.e) Onvoldoende olie inde motor.f) Versleten bougie. of een onjuiste elektrodeafstand of stroom bereikt de stekker niet. | a) Voeg brandstof toe aan de tank.b) Open de brandstofklep.c) Draai de schroef aan de onderkant van de druppeltank in de carburateur los om er zeker vante zijn dat de brandstof de carburateur bereikt. Controleer de brandstofleiding van de tank naar de carburateur en indien van toepassing de brandstofpomp.d) Zet de contactschakelaar in de stand "ON".e) Vul de motorolie bij.f) Verwijder de bougie en controleer de staat ervan. Als dit in orde is, steek deze dan in de bougiekabelleiding, sluit de brandstofklep, plaats het metalen lichaam van de bougie op het motorhuis (massa) en trek aan de startruk. Controleer of er een vonk op de elektrode zit? |
| Pomp pompt geen water | a) Geen water in pompuis.b) Waterfilter (aanzuiging) verstopt.c) Zuigslang slecht gemonteerd of beschadigd (lekkend). | a) Vul het pompuis met vers water.b) Aanzuigfilter reinigen.c) Controleer de bevestiging en staat van de zuigslang.d) Plaats de pomp dichter bij de |
NL
| d) Afstand tussen pomp en waterbron te lang. | watertank: hoe dichter, hoe beter de prestaties. | |
| De pomp heeft zout water aangezogen. | a) De pomp is niet ontworpen om zout water te verwerken; tijdelijke werking met zout water mag de pomp echter niet beschadigen. | a) Als er zout water wordt aangezogen, schakel dan onmiddellijk de pomp uit en spoel vervolgens de binnenkant grondig af met stromend water.Het resterende water moet worden afgevoerd via de aftapplug in het pompuis. U kunt de pomp ook aansluiten op een zoetwaterbron en deze kort laten draaien om de binnenkant te spoelen.Het resterende water moet worden afgevoerd via de aftapplug in het pompuis. |
VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATEN.
Aan het einde van de levensduur mag dit product niet worden weggegooid met het normale huisvuil, maar moet het worden ingeleverd bij een inzamelpunt voor het recyclen van elektrische en elektronische apparaten. Dit wordt aangegeven door een symbool op het product, de handleiding of de verpakking. De materialen die in het apparaat worden gebruikt kunnen worden hergebruikt in overeenstemming met hun markering. Dankzij hergebruik, gebruik van materialen of andere vormen van gebruik van gebruikte apparaten levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van ons milieu.
Uw plaatselijke overheid zal u informatie geven over het juiste afvoerpunt voor gebruikte apparaten.
