KFMV 17-15 F - Freesmachine METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KFMV 17-15 F METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KFMV 17-15 F METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Freesmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KFMV 17-15 F - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KFMV 17-15 F van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING KFMV 17-15 F METABO
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing 28
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
1. Conformiteitsverklaring
Wij verklaren op eigen en uitsluitende verantwoording dat: deze kantenfrezen, geïdentificeerd door type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij *4) - zie pagina 4.
2. Voorgeschreven gebruik van het systeem
De kantenfrees is bedoeld voor het frezen van randen van staal, edelstaal, aluminium en aluminiumlegeringen op professioneel gebied.
Alleen de gebruiker is aansprakelijk voor schade door oneigenlijk gebruik.
De algemeen erkende ongevallenpreventievoorschriften en de bijgevoegde veiligheidsinstructies moeten in acht worden genomen.
3. Algemene veiligheidsvoorschriften

Let voor uw veiligheid en die van het elektrische gereedschap op de passages die zijn voorzien van dit symbool!

WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaanwijzing om het risico op letsel te verminderen.

WAARSCHUWING – Lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, afbeeldingen en technische specificaties die samen met dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor toekomstig gebruik.
Geef uw elektrische gereedschap alleen met deze documenten aan anderen door.
4. Speciale veiligheidsinstructies
a) Houd het elektrische gereedschap vast aan de geïsoleerde greepvlakken wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap het eigen netsnoer kan raken. Door contact met een onder spanning staande leiding kunnen ook de metalen onderdelen van het apparaat onder spanning komen te staan, met een elektrische schok als mogelijk gevolg.
b) Bevestig en vergrendel het werkstuk met behulp van schroefklemmen of op een andere manier aan een stabiele ondergrond. Wanneer u het werkstuk alleen met de hand vasthoudt of het
tegen uw lichaam houdt, blijft het instabiel, hetgeen verlies van controle tot gevolg kan hebben.
c) Gebruik geen toebehoren die door de fabrikant niet speciaal voor dit elektrisch gereedschap zijn bestemd en aanbevolen. Wanneer u in staat bent de toebehoren aan uw elektrisch gereedschap te bevestigen, betekent dat nog geen garantie voor veilig gebruik.
d) Gebruik geen beschadigd
inzetgereedschap. Controleer de wisselplaten
vóór gebruik altijd op splinters, scheuren,
geringe of sterke slijtage. Wanneer het
elektrisch gereedschap of het
inzetgereedschap valt, controleer dan of het
beschadigd is, of ga over op onbeschadigd
inzetgereedschap.
e) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag afhankelijk van de toepassing volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of een veiligheidsbril. Draag zo nodig een stofmasker, gehoorbescherming, veiligheidshandschoenen of een speciale schort, die u bescherming biedt tegen kleine materiaaldeeltjes. Uw ogen dienen beschermd te worden tegen de rondvliegende deeltjes die bij verschillende toepassingen ontstaan. Stof- of adembeschermingsmaskers dienen om het stof te filteren dat tijdens de werkzaamheden ontstaat. Wanneer u lang aan hard geluid wordt blootgesteld, kan uw gehoor beschadigd raken.
f) Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand van uw werkgebied bevinden. Iedereen die het werkgebied betreedt, dient persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken inzetgereedschap kunnen wegvliegen en ook buiten het directe werkgebied letsel veroorzaken.
g) Houd het elektrisch gereedschap bij het starten steeds goed vast. Tijdens het aanlopen naar het volledige toerental kan het elektrisch gereedschap door het reactiemoment van de motor verdraaien.
h) Gebruik, indien mogelijk, schroefklemmen om het werkstuk te fixeren. Houd nooit een klein werkstuk in de ene hand en het elektrische gereedschap in de andere, terwijl u het gebruikt. Door het opspannen van kleine werkstukken heeft u beide handen vrij voor een betere controle van het elektrische gereedschap.
i) Leg het elektrisch gereedschap nooit weg voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met de ondergrond waardoor u mogelijk de controle over het elektrisch gereedschap kunt verliezen.
j) Laat het elektrisch gereedschap niet draaien terwijl u het draagt. Door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap kan uw kleding worden gegrepen en kan het inzetgereedschap zich in uw lichaam boren.
k) Reinig de ventielatiesleuten van uw elektrisch gereedschap regelmatig. De motorventilator trekt stof in de behuizing en een sterke ophoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken.
1) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken en hete spaanders kunnen deze materialen ontsteken.
m) Gebruik geen inzetgereedschap waarvoor een vloeibaar koelmiddel nodig is. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmedia kan leiden tot een elektrische schok.
4.1 Veiligheidsinstructies met het oog op terugslag
Terugslag is de plotselinge reactie als gevolg van draaiend inzetgereedschap dat blijft haken of blokkeert. Indien het draaiende inzetgereedschap blokkeert of blijft haken, komt het onmiddellijk tot stilstand. Hierdoor wordt ongecontroleerd elektrisch gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereedschap in op de plaats van de blokkering versneld.
Wanneer een wisselplaat in het werkstuk blijft haken of blokkeert, kan de rand van de wisselplaat, die invalt in het werkstuk, vastraken, met het uitbreken van de wisselplaat of een terugslag als mogelijk gevolg. De wisselplaathouder beweegt zich dan naar of weg van de bediener, afhankelijk van de draairichting van de wisselplaathouder op de plaats van de blokkering. Hierbij kunnen wisselplaten ook breken.
Een terugslag is het gevolg van verkeerd of onjuist gebruik van het elektrisch gereedschap. Deze kan worden verhinderd door passende veiligheidsmaatregelen te nemen, zoals hieronder beschreven.
a) Houd het elektrisch gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een dergelijke positie dat u de terugslagkrachten kunt opvangen. De gebruiker kan door geschikte veiligheidsmaatregelen te nemen de terugslagkrachten beheersen.
b) Werk bijzonder voorzichtig bij hoeken, scherpe randen, enz. Zorg ervoor dat het inzetgereedschap niet van het werkstuk terugspringt en klem komt te zitten. Het roterende inzetgereedschap heeft de neiging om bij hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt klem te raken. Dit leidt tot verlies van controle of een terugslag.
c) Geleid het inzetgereedschap altijd in dezelfde richting in het materiaal als waarin het snijgereedschap het materiaal verlaat (komt overeen met dezelfde richting waarin de spanen worden uitgeworpen). Wordt het elektrisch gereedschap in de verkeerde richting geleid, dan kan de snijkant van het inzetgereedschap uit het werkstuk breken, waardoor het elektrisch gereedschap in deze aanzetrichting wordt getrokken.
d) Voorkom een te hoge aandrukkeracht of een blokkering van de wisselplaat. Stel geen hogere dan de maximaal toegestane
geleiderandhoogte in. Bij een overbelasting van de wisselplaat worden ook de belasting en de neiging tot schuin wegdraaien of blokkeren verhoogd, en daarmee de kans op een terugslag of breuk de wisselplaat.
e) Mijd met uw hand het gebied voor en achter de roterende wisselplaat. Wanneer u de wisselplaat in het werkstuk van u af beweegt, kan ingeval van een terugslag het elektrisch gereedschap met de draaiende wisselplaat direct naar u toe worden geslingerd.
Draai resp. vervang bot geworden wisselplaten of dergelijke waarvan de coating is versleten op tijd. Botte wisselplaten verhogen het gevaar dat de machine blijft steken en niet meer te bedienen is.
4.2 Overige veiligheidsinstructies:
Houd het elektrisch gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken, omdat de frees het eigen netsnoer kan raken. Door het contact met een spanningsgeleidend snoer kunnen ook metalen onderdelen van de machine onder spanning worden gezet, met een elektrische schok als gevolg.
Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden.

WAARSCHUWING – Draag altijd een veiligheidsbril.

Draag gehoorbescherming.

Draag geschikte veiligheidskleding.

Let erop dat niemand gewond raakt door weggeslingerde voorwerpen.

Houd zich in de buurt bevindende personen en huisdieren op een veilige afstand ten opzichte van het apparaat.

Houd haren, los zittende kleding, vingers en andere lichaamsdelen uit de buurt. Zij kunnen vastgegrepen worden en hierdoor orden getrokken. Gebruik een haarnet indien e haren heeft.

Waarschuwing voor draaiend gereedschap

Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat instelt, ombouwt, reinigt of er onderhoud aan pleegt.

WAARSCHUWING – Het elektrisch gereedschap altijd met beide handen gebruiken.

Gevaar voor letsel door scherpe randen. Draag veiligheidshandschoenen.
Wisselplaten, wisselplaathouder, werkstuk en spaanders kunnen heet zijn na het werken. Draag veiligheidshandschoenen.
NEDERLANDSnl
Draag gehoorbescherming als gedurende langere tijd met het blaaspistool gewerkt wordt. Langdurige blootstelling aan een hoger geluidsniveau kan tot beschadiging van het gehoor leiden.
Alleen scherpe, onbeschadigde wisselplaten gebruiken.
Het werkstuk dient stevig te liggen en beveiligd te zijn tegen wegglijden, bijv. met behulp van spaninrichtingen. Grote werkstukken dienen voldoende te worden ondersteund.
Zorg ervoor dat vonken en hete spaanders die tijdens het gebruik ontstaan, geen gevaar veroorzaken, bijv. de gebruiker of andere personen raken of ontvlambare substanties doen vlam vatten. Gevaarlijke gebieden moeten met moeilijk ontvlambare dekens afgedekt worden. Houd in brandgevaarlijke bereiken een geschikt blusmiddel bij de hand.
Houd de machine altijd met beide handen aan de hiervoor bestemde handgrepen vast, zorg ervoor dat u stevig staat en werk geconcentreerd.
Houd uw handen uit de buurt van het freesgedeelte en het inzetgereedschap.
Het draaiende gereedschap niet aanraken! Verwijder spaanders en dergelijke uitsluitend bij een uitgeschakelde en stilstaande machine.
Beschadigd, onrond resp. trillend inzetgereedschap mag niet gebruikt worden.
De bouten voor de hoekinstelling van de geleiderail en de bouten van de geleideplaten goed vastdraaien.
Niet boven uw hoofd werken.
Personen die niet vertrouwd zijn met de gebruiksaanwijzing mogen het apparaat niet gebruiken. Er dient op gelet te worden dat kinderen niet met het apparaat spelen.
Het apparaat mag niet in de open lucht onder natte omstandigheden gebruikt of opgeslagen worden.
De stofbelasting verminderen:

WAARSCHUWING - Sommige stofdeeltjes die worden geproduceerd bij het schuren, zagen, slijpen, boren en ander werk bevatten chemicaliën waarvan bekend is dat ze kanker, geboorteafwijkingen of andere reproductieve schade tot gevolg kunnen hebben. Enkele voorbeelden van deze chemicaliën zijn:
- lood van loodhoudende verf,
- mineraalstof van bakstenen, cement en andere metselwerkmaterialen, en
- arseen en chroom uit chemisch behandeld hout. Het risico dat u hierbij loopt varieert, afhankelijk van hoe vaak u met dit soort werk bezig bent. Om de blootstelling aan deze chemicaliën te verminderen: werk in een goed geventileerde ruimte en werk met goedgekeurde persoonlijke beschermingsmiddelen zoals stofmaskers die speciaal zijn ontwikkeld voor het filteren van microscopische deeltjes.
Dit geldt ook voor stof van andere materialen, zoals sommige houtsoorten (zoals eiken- of beukenstof), metalen, asbest. Andere bekende ziektes zijn
bijvoorbeeld allergische reacties, aandoeningen van de luchtwegen. Laat geen stof in uw lichaam komen.
Neem de richtlijnen en nationale voorschriften in acht die van toepassing zijn op uw materiaal, personeel, toepassing en locatie (bijv. arbeidsveiligheidsbepalingen, afvoer).
Verzamel de ontstane deeltjes op de plaats waar ze ontstaan en voorkom dat ze neerslaan in de omgeving.
Gebruik geschikte toebehoren voor speciale werkzaamheden. Daardoor komen slechts weinig deeltjes ongecontroleerd in de omgeving terecht.
Gebruik een geschikte stofafzuiging.
Verminder de stofbelasting door:
- de vrijkomende deeltjes en de afvoerluchtstroom van het blaaspistool niet op de gebruiker zelf of omstanders of op neergeslagen stof te richten,
- een afzuiginstallatie en/of een luchtfilter te gebruiken,
- de werkplek goed te ventileren en schoon te houden door te stofzuigen. Vegen of blazen wervelt het stof op.
- Zuig of was de beschermende kleding. Niet uitblazen, uitslaan of uitborstelen.
4.3 Speciale veiligheidsvoorschriften voor elektrische machines:
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat instelt, ombouwt, reinigt of er onderhoud aan pleegt.
Het gebruik van een stationaire afzuiginstallatie wordt aanbevolen. Schakel altijd een aardlekschakelaar (RCD) met een max. inschakelstroom van 30 mA voor de machine. Wanneer de machine door de FI-veiligheidsschakelaar wordt uitgeschakeld, dient hij gecontroleerd en gereinigd te worden. Zie hoofdstuk 10. Reiniging.
5. Overzicht
Zie pag. 2, en 3.
1 Beugelhandgreep
2 Vergrendelschijven
3 Vleugelschroeven
4 Schroefgaten van de aandrijfkast
5 Zijdelingse handgreep *
6 Schaal (geleiderandhoogte)
7 Instelring (geleiderandhoogte)
8 Klemschroeven van de schaalring
9 Schaalring (geleiderandhoogte)
10 Handgreep
11 Schroeven van de spaanderbeschermplaten
12 Spaanderbeschermplaten
13 Grondplaat
14 Pijl = voorgeschreven werkrichting
15 Stelknop voor de toerentalinstelling
16 Elektronische signaalindicatie
17 Schaal (geleiderandhoek)
18 Schroeven (geleiderandhoek)
19 Wisselplatenhouder / freeskop
20 Wisselplaat
21 Bevestigingsschroef van de wisselplaat
22 Drukschakelaar
23 Geleiderol
24 Schaal (buisdiameter)
6. Ingebruikneming

Vergelijk vóór de ingebruikname of de op het typeplaatje aangegeven spanning en sentie overeenkomen met de netspanning.

Schakel altijd een aardlekschakelaar (RCD) met een max. aanspreekstroom van 30 mA de machine.
6.1 Extra handgreep aanbrengen

Alleen met een gemonteerde beugelhandgreep (1) of zijdelingse handgreep
(5) van Metabo werken! De handgreep zoals getoond aanbrengen (zie pagina 2, afb. A).
Beugelhandgreep (1) aanbrengen
- Vergrendelschijven (2) links en rechts op de handgreep (1) plaatsen.
- Handgreep (1) met de vergrendelschijven (2) van voren op de motorbehuizing schuiven.
- Vleugelschroeven (3) links en rechts in de handgreep (1) steken en licht vastschroeven.
- Gewenste hoek van de handgreep (1) instellen.
- Vleugelschroeven (3) links en rechts stevig met de hand vastdraaien.
Zijdelingse handgreep (5) aanbrengen

Bij het kantfrezen van kleine hoeken (instelling <30°) kan het, afhankelijk van de
werkomstandigheden, van voordeel zijn, een zijdelingse handgreep (5) in plaats van de beugelhandgreep (1) te gebruiken.
- De zijdelingse greep (5) aan de rechter of linker kant van de machine vast schroeven. Hiervoor kunnen alle zijdelingse handgrepen met schroefdraad M8 worden gebruikt.
7. Instellen

Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat instelt, ombouwt, reinigt of er erhoud aan pleegt.

Wisselplaten, wisselplaathouder, werkstuk en spaanders kunnen heet zijn na het werken.
Draag veiligheidshandschoenen.
7.1 Geleiderandhoek instellen
- De ingestelde geleiderandhoek aflezen aan de schaal (17).
- Schroeven (11) losdraaien en beide spaanderbeschermplaten (12) (links en rechts van de machine) naar boven schuiven.
- Schroeven (18) (voor en achter) losmaken en de geleiderandhoek door het draaien van de grondplaat (13) instellen op de gewenste hoek. Ingestelde geleiderandhoek aflezen aan de schaal (17).
-
Schroeven (18) (voor en achter) stevig vastdraaien.
-
Beide spaanderbeschermplaten (12) (links en rechts van de machine) helemaal naar beneden schuiven. Schroeven (11) (links en rechts van de machine) vastdraaien.
- Door het veranderen van de geleiderandhoek verandert ook de geleiderandhoogte (afhankelijk van het model). Stel daarom na iedere keer dat de geleiderandhoek werd ingesteld, ook de geleiderandhoogte opnieuw in. Zie hoofdstuk 7.2
7.2 Geleiderandhoogte instellen
Eerst de geleiderandhoek instellen:
- Controleer eerst, of de gewenste geleiderandhoek is ingesteld: de ingestelde geleiderandhoek aflezen op de schaal (17). Indien nodig instellen. Zie hoofdstuk 7.1
Instelwaarde vaststellen:
Aanwijzing: grote geleiderandhoogtes altijd in meerdere keren frezen (tenminste 3) tot stand brengen. Harde materialen moeten nog vaker worden gefreesd. Hierdoor ontstaan de volgende voordelen: hogere levensduur van de wisselplaten, een grotere oppervlaktekwaliteit van het werkresultaat, prettiger werken.

De beneden vermelde "maximale geleiderandhoogte per freesbeurt" niet schrijden.
Bijv. bij 45°
1e freesbeurt: max. 9 mm 2e+3e freesbeurt: max. 3 mm
De maximaal toegestane geleiderandhoogte ( h_max ) niet overschrijden (zie hoofdstuk Technische gegevens).
Voor een optimale oppervlaktekwaliteit is het aan te bevelen, tijdens de laatste freesbeurt slechts nog maar een beetje materiaal af te schuren.
-
Kies de voor de ingestelde geleiderandhoek geldende lijn. (Zie de grafiek aan de achterzijde)
-
Voorbeeld voor een geleiderandhoek van 45° en een gewenste geleiderandhoogte van 3 mm (zie afb. beneden). Resultaat: instelwaarde = 2,0.

Kies langs de Y-as de geleiderandhoogte die u wilt instellen. Trek een horizontale lijn tot aan het kruispunt met de lijn. Trek vanaf dit kruispunt een
NEDERLANDSnl
verticale lijn tot aan de X-as. Lees de waarde van de X-as af. Deze waarde "X" moet u nu op de volgende manier instellen aan de machine.
Opmerking: het diagram heeft betrekking op scherpe werkstukken. Bij werkstukken met een afgeronde rand moet hiermee rekening worden gehouden tijdens het instellen van de freeshoogte.
De geleiderandhoogte instellen:
- De instelring (7) naar boven trekken en zo draaien, dat aan de schaal (9) de waarde "X" uit het diagram is ingesteld. Zie afbeelding (beneden): ingestelde waarde "X" = 2,0. (Een omdraaiing komt overeen met "X" = 3. Voor een grotere X-waarde: meerdere omdraaiingen uitvoeren. De schaal (6) dient als grove oriëntatie tijdens het instellen).

text_image
+ 2. - 1. 6 0 8
text_image
15 R/6 2.0 (5/64) 8 5 7 3 2 5 2 0 0 2.0 (5/64)-
Test de frees.
-
Als voor de laatste freesbeurt de geleiderandhoogte zeer nauwkeurig moet worden ingesteld, gaat u als volgt te werk: Voer een test uit. De gefreesde geleiderandhoogte meten en indien nodig door het draaien van de instelring (7) met slechts een streep van de schaal aanpassen: draaiing rechtsom = grotere geleiderandhoogte. Draaiing linksom = geringere geleiderandhoogte. Voer nog een test uit. Indien nodig herhaalt u deze stap.
8. Gebruik
8.1 In-/uitschakelen

Pak de machine altijd met beide handen vast.

Eerst inschakelen, dan het inzetgereedschap naar het werkstuk bewegen.

Voorkom onverhoeds starten: de machine altijd uitschakelen wanneer de stekker uit het
stopcontact wordt gehaald of wanneer sprake is geweest van een stroomonderbreking.
Bij continue inschakeling draait de machine door wanneer hij uit uw handen wordt getrokken. Houd de machine daarom altijd met beide handen vast aan de hiervoor bestemde handgrepen, zorg ervoor dat u stevig staat en werk geconcentreerd.
Voorkom dat de machine stof en spaanders opjaagt of naar binnen zuigt. De machine na het uitschakelen pas wegleggen wanneer de motor tot stilstand is gekomen.
Momentinschakeling (zie pagina 3, afb. B):
Inschakelen: drukschakelaar (22) naar voren schuiven en vervolgens de drukschakelaar (22) naar boven drukken.
Uitschakelen: laat de drukschakelaar (22) los.
Continue inschakeling:
Inschakelen: machine zoals boven beschreven inschakelen. Vervolgens de drukschakelaar (22) nog een keer naar voren schuiven en in de voorste positie ontplasten om de drukschakelaar (22) te vergrendelen (continue inschakeling).
Uitschakelen: de drukschakelaar (22) naar boven drukken en loslaten.
8.2 Toerental instellen
Met de stelknop (15) kan het toerental vooraf worden ingesteld en traploos worden veranderd.
De standen 1-6 komen bij benadering overeen met het volgende toerental bij nullast:
1 ...... 6.200/min 4......9.600/min
2 ..... 7.100/min 5.....11.100/min
3 ...... 8.300/min 6......12.000/min
De VTC-elektronica maakt materiaalgericht werken en een vrijwel constant toerental mogelijk, ook onder belasting.
Toerentalaanbevelingen voor verschillende materialen:
Aluminium, koper, messing 4-6
Staal tot 400 N/mm ^2 ...... 4-6
Staal tot 600 N/mm ^2 ...... 3-5
Staal tot 900 N/mm ^2 ...... 2-4
Edelstaal 1-3
De optimale instelling is het beste vast te stellen door deze in de praktijk uit te proberen.
8.3 Algemene werkinstructies
-
Wisselplaten (20) controleren. Beschadigde of versleten wisselplaten vervangen.
-
Werkstuk trillingsvrij met spaninrichtingen fixeren.
-
Bij het bewerken van buizen dient u hoofdstuk 8.4 in acht te nemen.
-
Geleiderandhoek instellen (zie hoofdstuk 7.1).
-
Geleiderandhoogte instellen (zie hoofdstuk 7.2).
-
Houd de machine altijd met beide handen aan de hiervoor bestemde handgrepen vast, zorg ervoor dat u stevig staat en werk geconcentreerd.
-
De wisselplaten (20) raken het werkstuk niet aan. Eerst inschakelen, dan de machine met de grondplaat (13) op het werkstuk plaatsen en dan
het inzetgereedschap langzaam naar het werkstuk brengen.
- De machine alleen in de, op de machine door een pijl (14) vermelde richting schuiven.
De machine alleen in de richting van de pijl (14) schuiven. Anders bestaat het gevaar op een terugslag. Werk met een matige, aan het te bewerken materiaal aangepaste voorwaartse beweging. Niet schuin wegdraaien, niet drukken, niet slingeren. - De machine zo geleiden, dat de grondplaat (13) tegen het werkstuk ligt.
- Het werk beëindigen: inzetgereedschap wegbrengen van het werkstuk, de machine uitschakelen. Motor tot stilstand laten komen, machine weg leggen.
8.4 Buizen bewerken aan de buitenrand
- Buisdiameter van de te bewerken buis vaststellen.
- Zie pagina 3, afb. C: geleiderol (23) zoals weergegeven aanbrengen tegen de grondplaat (13). Geleiderol (23) verschuiven en aan de hand van de schaal (24) op de buisdiameter instellen. De moer van de geleiderol met behulp van een steeksleutel vast draaien en op deze manier de geleiderol bevestigen.
- De algemene werkinstructies (hoofdstuk 8.3) in acht nemen.
- Houd de machine altijd met beide handen aan de hiervoor bestemde handgrepen vast, zorg ervoor dat u stevig staat en werk geconcentreerd.
- De machine met de geleiderol (23) tegen de buitenkant van de buis leggen. Dan de grondplaat tegen het vlak van het uiteinde van de buis leggen.
- De wisselplaten (20) raken het werkstuk nog niet aan. Eerst inschakelen en vervolgens de machine langzaam over de geleiderol (23) kantelen en zo de freeskop naar het werkstuk brengen.
- De algemene werkinstructies (hoofdstuk 8.3) in acht nemen.
8.5 Mogelijkheid voor het draaien van de grondplaat (13)
Mocht u voor speciale werkzaamheden de grondplaat (13) liever overdwars willen monteren, dan stelt de Metabo-klantenservice u op aanvraag een ombouwhandleiding ter beschikking, indien deze bij deze levering ontbreekt. Informatie hierover vindt u ook op www.metabo.com.
9. Onderhoud
9.1 Wisselplaten vervangen

Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat instelt, ombouwt, reinigt of er erfoud aan pleegt.

Wisselplaten, wisselplaathouder, werkstuk en spaanders kunnen heet zijn na het werken.
Draag veiligheidshandschoenen.
Controleer regelmatig de wisselplaathouder (19). Beschadigde of versleten wisselplaathouders laten repareren/vervangen.
Controleer regelmatig alle wisselplaten (20). Beschadigde of versleten wisselplaten vervangen.

Draai resp. vervang bot geworden wisselplaten of dergelijke waarvan de coating
is versleten op tijd. Botte wisselplaten verhogen het gevaar, dat de machine blijft hangen en uitbreekt of dat de wisselplaathouder (19) beschadigd raakt.

Ernstig versleten of defecte wisselplaathouders mogen niet meer worden uikt.

Altijd alle wisselplaten draaien of vervangen.

Alleen door Metabo toegestane wisselplaten gebruiken. Zie het hoofdstuk Toebehoren.

Afbeelding A: normale slijtage: wisselplaat draaien/vervangen.
Afbeelding B: slijtage tijdens het bewerken van harde materialen: wisselplaats draaien/vervangen. Bij ernstigere slijtage mag de wisselplaat niet meer worden gebruikt en dient hij te worden vervangen.
- Schroeven (11) los draaien en een spaanderbeschermplaat (12) naar boven schuiven.
- Indien nodig de wisselplaathouder (19) met de hand draaien.
- Bevestigingsschroef (21) eruit draaien en de wisselplaat (20) verwijderen.
- Wisselplaat (20) en opspanvlakken bij de wisselplaathouder (19) reinigen.
- Wisselplaat draaien of, als alle messen bot zijn, een nieuwe wisselplaat plaatsen.
- Wisselplaat (20) weer vastdraaien met bevestigingsschroef (21). Draaimoment: 3,5 Nm.
- Spaanderbeschermplaat (12) helemaal naar beneden schuiven. Schroeven (11) vast draaien.
Opmerking: oorzaken voor een wisselplaat met een afgebroken hoek of in extreme gevallen gebroken wisselplaten kunnen zijn:

- slagen op de wisselplaat als gevolg van een foutieve werkwijze: neem hoofdstuk 8.3 in acht.
- Trillingen van het werkstuk: werkstuk trillingsvrij met spaninrichtingen fixeren.
NEDERLANDSnl
- Wisselplaat niet correct bevestigd: opspanvlakken altijd reinigen en rekening houden met het juiste draaimoment.
- Wisselplaat niet correct bevestigd: ernstig versleten wisselplaten hebben onvoldoende ondersteuningsvlakken en kunnen daarom niet voldoende worden bevestigd. Vervang ernstig versleten wisselplaten.
10. Reiniging
Stekker uit het stopcontact halen.
Spaanders en deeltjes kunnen achterblijven op de freeskop (19). Dit kan ertoe leiden, dat de freeskop blokkeert. Reinig de freeskop en de omgeving regelmatig en ontdoe hem van spaanders en deeltjes.
Voer regelmatig een visuele controle van de freeskop uit om te controleren of deze beschadigd of versleten is.
Tijdens de bewerking kunnen deeltjes in de behuizing van het elektrisch gereedschap binnendringen. Dit heeft invloed op de koeling van het elektrisch gereedschap. Geleidende afzettingen kunnen invloed hebben op de veiligheidsisolatie van het elektrisch gereedschap en elektrische gevaren veroorzaken.
Elektrisch gereedschap regelmatig, vaak en grondig door alle voorste en achterste luchtsleuven uitzuigen. Trek eerst de stekker van het elektrisch gereedschap uit het stopcontact en draag tijdens het schoonmaken veiligheidsbril en stofmasker.
11. Storingen verhelpen
De elektronische signaalweergave (16) brandt en het belastingstoerental neemt af. De machine wordt te zwaar belast! De voorwaartse beweging verminderen totdat de elektronische signaalindicatie uitgaat.
-De machine loopt niet. De elektronische signaalindicatie (16) (afhankelijk van de uitvoering) knippert. De herstartbeveiliging is geactiveerd. Als de stekker in het stopcontact wordt gestoken wanneer het apparaat is ingeschakeld of wanneer de stroom wordt hersteld na een pauze, start het apparaat niet. Schakel de machine uit en weer in.
- Herstartbeveiliging: Wordt de netstekker in het stopcontact gestoken wanneer de machine ingeschakeld is of wordt de stroomtoevoer na een onderbreking weer hersteld, dan start de machine niet. Schakel de machine uit en weer in.
- Inschakelingen genereren kortstondige spanningsdips. Bij ongunstige netomstandigheden kunnen andere apparaten worden beïnvloed. Bij netimpedanties kleiner dan 0,4 Ohm worden geen storingen verwacht.
12. Toebehoren
Gebruik alleen originele Metabo-toebehoren. Gebruik alleen toebehoren die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken.
Toebehoren stevig aanbrengen. Als de machine wordt gebruikt in een houder: de machine veilig bevestigen. Verlies van controle kan tot letsel leiden.
A 10 HM-wisselplaten universeel ....6.23564000
B 10 HM-wisselplaten edelstaal .....6.23565000
C 10 HM-wisselplaten aluminium ....6.23559000
D Bevestigingsschroef voor
Wisselplaten 6.23566000
Compleet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus.
13. Reparatie
Reparaties aan elektrisch gereedschap mogen uitsluitend door een erkende elektricien worden uitgevoerd!
Neem voor elektrisch gereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com.
Lijsten met reserveonderdelen kunt u via www.metabo.com downloaden.
Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijke verwijdering en recycling van afgedankte gereedschap, verpakkingen en toebehoren.
Verpakkingsmateriaal moet overeenkomstig hun codering volgens de gemeentelijke richtlijnen worden afgevoerd. Meer informatie vindt u op www.metabo.com onder Service.
Uitsluitend voor EU-landen: geef uw elektrisch gereedschap nooit met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG inzake gebruikte elektrische en elektronische machines en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving moet afgedankt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en op milieu-vriendelijke wijze te worden afgevoerd.
Toelichting op de gegevens van pagina 4. Wijzigingen in het kader van technische verbeteringen voorbehouden.
n = onbelast toerental (hoogste toerental)
P_1 =nominaal vermogen
P_2 =afgegeven vermogen
h_max =max.geleiderandhoogte
b_max =max.geleiderandbreedte
a = geleiderandhoek
d_min =kleinst mogelijke buisdiameter m =gewicht zonder netsnoer
Meetgegevens vastgesteld volgens de norm EN 62841.
□ Machine van beveiligingsklasse II
\~ Wisselstroom
De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm).

Emissiewaarden
Deze waarden maken een beoordeling van de emissie van het elektrische gereedschap en een vergelijking van de verschillende elektrische gereedschappen mogelijk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap kan de daadwerkelijke belasting hoger of lager uitvallen. Neem voor de beoordeling werkpauzes en fasen met een lagere belasting in aanmerking. Bepaal op basis van de overeenkomstig aangepaste taxatiewaarden maatregelen ter bescherming van de gebruiker, bijv. organisatorische maatregelen.
Totale trillingswaarde (vectorsom van drie richtingen) vastgesteld conform EN 62841:
a_h,SG =trillingsemissiewaarde
K_h,SG = onzekerheid (trilling)
Typisch A-gekwalificeerd geluidsniveau:
L_pA =geluidsdrukniveau
L_WA = geluidsvermogensniveau
K_pA , K_WA= onzekerheid
Tijdens het werken kan het geluidsniveau 80 dB(A) overschrijden.

Draag gehoorbescherming!
onder invloed van extreme elektromagnetische storingen van buiten kunnen soms voorbijgaande schommelingen van het toerental optreden of kan de herstartbeveiliging worden geactiveerd. In dit geval de machine uit- en weer inschakelen.