Fold&Go iSize - Autostoel CHICCO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Fold&Go iSize CHICCO in PDF-formaat.
| Merk | Chicco |
| Model | Fold&Go iSize |
| Categorie | Autostoel |
| Homologatie | Verordening R129/03 (i-Size) |
| Lengte van het kind | 100 tot 150 cm |
| Installatie | Voorwaarts gericht, met Isofix + 3-puntsgordel of alleen 3-puntsgordel |
| Opvouwbaar | Ja, rugleuning neerklapbaar op zitting voor compact transport |
| Hoogteverstelling rugleuning | 9 standen |
| Breedteverstelling rugleuning | Ja, via draaiknop |
| Hellingsverstelling | 4 standen |
| Side Safety System | Verwijderbare zijbescherming |
| Safe Pad | Buik-/diagonaalgordelbeschermer |
| Hoes | Verwijderbaar en wasbaar in machine op 30°C |
| Reiniging plastic | Vochtige doek, neutraal reinigingsmiddel, geen oplosmiddelen |
| Levensduur | Maximaal 10 jaar |
| Onderdelen | Hoes uitsluitend goedgekeurd door de fabrikant |
| Garantie | Conformiteitsgebreken, volgens nationale wetgeving |
Veelgestelde vragen - Fold&Go iSize CHICCO
Gebruikersvragen over Fold&Go iSize CHICCO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autostoel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Fold&Go iSize - CHICCO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Fold&Go iSize van het merk CHICCO.
GEBRUIKSAANWIJZING Fold&Go iSize CHICCO
1.1. Waarschuwing
1.2. Kenmerken van het artikel
1.3. Beschrijving van de onderdelen
1.4. Beperkingen en gebruiksvereisten van het artikel en de autozitting
2. INSTALLEREN VAN HET AUTOSTOELTJE IN DE WAGEN
2.1. Installeren van het autostoeltje met veiligheidsgordels en stijve Isofix-koppelstukken
2.2. Installeren van het autostoeltje met veiligheidsgordels
-
VERWIJDEREN VAN HET AUTOSTOELTJE
-
SLUITEN EN TRANSPORTEREN VAN HET AUTOSTOELTJE
-
INSTALLEREN EN VERWIJDEREN VAN HET SIDE SAFETY SYSTEM
-
INSTALLEREN VAN DE SAFE PAD
7. VERDERE HANDELINGEN
7.1. Verstellen van de hoogte van de rugleuning
7.2. Verstellen van de breedte van de rugleuning
7.3. Verstellen van de hoek van de rugleuning/zitting
7.4. Verwijderen van de hoes van de rugleuning/zitting
7.5. Onderhoud en reinigen van de hoes
WAARSCHUWING
- leder land heeft andere wetten en voorschriften betreffende een veilig vervoer van kinderen in de auto. Het is daarom aangeraden voor meer informatie contact op te nemen met de plaatselijke autoriteiten.
- Het autostoeltje mag uitsluitend door een volwassene worden versteld.
- Zorg ervoor dat niemand het artikel gebruikt zonder eerst de aanwijzingen gelezen te hebben.
- Het gevaar voor ernstig letsel van het kind, en niet alleen bij een ongeluk, maar ook in andere omstandigheden (bijv. bij hard remmen, enz.) wordt groter als de aanwijzingen die in deze handleiding worden beschreven niet nauwgezet in acht worden genomen.
- Bewaar het instructieboekje om het in de toekomst te kunnen raadplegen: achter de rugleuning van het autostoeltje is hiervoor een zak voorzien om de handleiding op te bergen.
- Het artikel is uitsluitend bedoeld om als auto-stoeltje in de wagen te worden gebruikt en het is niet bedoeld om in huis te worden gebruikt.
- De firma Artsana wijst elke vorm van aansprakelijkheid af bij oneigenlijk gebruik van het artikel en bij elk gebruik dat niet overeenstemt met deze instructies.
- Geen enkel autostoeltje kan de volledige veiligheid van het kind garanderen in geval van een ongeval, maar het gebruik ervan verkleint het risico op ernstige verwondingen bij ongevallen.
- Gebruik het autostoeltje altijd om uw kind te transporteren, ook voor korte trajecten, en zorg ervoor dat het correct is geïnstalleerd; indien u dit niet doet, brengt dit de integriteit van het kind in gevaar. Controleer in het bijzonder dat de gordel voldoende strak en niet gedraaid zit of op een verkeerde manier is aangebracht.
- Zelfs na een licht ongeval of nadat het per ongeluk is gevallen, kan het autostoeltje schade hebben opgelopen die niet altijd met het blote oog waarneembaar is: het moet daarom worden vervangen.
- Gebruik het product NIET langer dan 10 jaren. Na deze periode kunnen de wijzigingen in de materialen (bijvoorbeeld door blootstelling
aan zonlicht) de goede werking van het product reduceren of negatief beïnvloeden.
- Gebruik geen tweedehandsautostoeltjes: ze kunnen structurele schade hebben opgelopen die niet waarneembaar is met het blote oog, maar van die aard is dat de veiligheid van het artikel niet meer gegarandeerd is.
- Gebruik geen autostoeltje dat beschadigd, vervormd of te versleten is of een defect onderdeel vertoont: het kan zijn dat het niet meer over de oorspronkelijke veiligheidskenmerken beschikt.
- Wijzig niets aan het artikel en voeg er niets aan toe zonder toestemming van de fabrikant.
- Gebruik voor dit autostoeltje geen accessoires, wisselstukken of onderdelen die niet zijn geleverd en erkend door de fabrikant.
- Gebruik geen opvullingen, bijv. kussens of dekens, om het autostoeltje omhoog te brengen op de autozetel of om het kind omhoog te brengen op het autostoeltje: in geval van een ongeluk kan het dan gebeuren dat het autostoeltje niet goed functioneert.
- Controleer of er zich geen voorwerpen (bijv. een boekentas, een rugzakje) bevinden tussen het kind en het autostoeltje of tussen het autostoeltje en het portier.
- Controleer of de (inklapbare, kantelbare of draaiende) zetels van het voertuig stevig vastzitten.
- Controleer of er geen voorwerpen of bagage, in het bijzonder op de hoedenplank, in het voertuig worden vervoerd, die niet zijn vastgezet of veilig zijn geplaatst: in geval van een ongeluk of bij hard remmen kunnen ze de passagiers verwonden. Laat andere kinderen niet met onderdelen of delen van het Auto-stoeltje spelen.
- Laat andere kinderen niet met onderdelen of delen van het autostoeltje spelen.
- Laat het kind nooit alleen in de auto. Dit kan gevaarlijk zijn!
- Vervoer niet meer dan één kind tegelijk in het autostoeltje.
- Controleer of alle passagiers van het voertuig hun veiligheidsgordel vastmaken. Dit voor hun eigen veiligheid maar ook omdat ze anders het kind kunnen verwonden indien er tijdens de reis een ongeval gebeurt of er bruusk geremd wordt.
- WAARSCHUWING! Zorg er bij het verstellen (van de hoofdsteun en de rugleuning) voor dat de bewegende onderdelen van het autostoeltje niet in contact komen met het lichaam van het kind.
- Tijdens het rijden dient u het voertuig op een veilige plaats stil te zetten, voordat u het auto-stoeltje verstelt of het kind verzet.
- Controleer regelmatig of het kind de vergrendelgesp van de veiligheidsgordel niet opent en niet aan het autostoeltje of onderdelen ervan zit te prutsen.
- Geef het kind tijdens de reis geen eten, in het bijzonder geen lolly, ijslolly of andere etenswaar op een stokje. Als er een ongeval gebeurt of bruusk geremd wordt, zou het zich kunnen verwonden.
- Tijdens lange reizen wordt aangeraden vaak te pauzeren: het kind verveelt zich al gauw in het autostoeltje en moet zich kunnen bewegen. Het is raadzaam het kind te laten in- en uitstappen langs de kant van het voetpad (waarbij u het begeleidt).
- Verwijder de etiketten en merken van de hoes van het autostoeltje niet. Terwijl u dit doet, zou u de hoes zelf immers kunnen beschadigen.
- Laat het autostoeltje niet lang in de zon staan: hierdoor kunnen de materialen en stoffen verkleuren.
- Indien het voertuig heeft stilgestaan in de zon, controleer dan of de verschillende onderdelen niet heet zijn alvorens het kind in het autostoeltje te zetten: als dit wel het geval is, laat ze dan eerst afkoelen alvorens het kind te laten plaatsnemen, om zo te vermijden dat het zich brandt.
1.2 KENMERKEN VAN HET PRODUCT
Dit autostoeltje is goedgekeurd voor het transport van kinderen met een lengte tussen 100 en 150 cm in overeenstemming met het Europees reglement ECE R 129/03.
BELANGRIJKE MEDEDELINGEN
- Dit is een geavanceerd kinderbevestigings- systeem type "i-Size"-zitverhoger. Het is goed- gekeurd op grond van reglement nr. 129 voor gebruik in voertuigen voorzien van "i-Size-com- patibele" zitplaatsen zoals aangegeven door
voertuigproducenten in de gebruikershandleiding bij hun voertuigen. Raadpleeg in geval van twijfels de producent van het kinderbevestigingssysteem of de verkoper.
- Het Fold&Go i-Size wordt in de rijrichting ge-installeerd met de Isofix-verankering in een voertuig dat is uitgerust met Isofix-veranker-punten, in combinatie met een 3-puntsautogordel, wat is goedgekeurd volgens reglement nr. 16 van de VN/ECE of andere.
- Wanneer het voertuig niet is uitgerust met een Isofix-verankering, kan het Fold&Go i-Size in de rijrichting worden geïnstalleerd met de 3-puntsautogordel, wat is goedgekeurd volgens reglement nr. 16 van de VN/ECE of gelijkwaardige regelgeving.
- Het Fold&Go i-Size is goedgekeurd voor kinderen met een lengte tussen 100 en 150 cm, in de rijrichting.
- Wanneer het wordt gebruikt bij kinderen met een lengte tussen 135 cm en 150 cm, is het Fold&Go i-Size mogelijk niet geschikt voor alle voertuigen, vooral bij voertuigen met een dak dat aan de zijkanten verlaagd is.
1.3 BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN Afbeelding A
A. Hoofdsteun
B. Geleider voor diagonale gordel
C. Rugleuning
D. Zijvleugels
E. Zitting
F. Geleider voor heupgordel
G. Belt Positioner
H. Safe Pad
J. Band voor vergrendeling van rugleuning (voor het sluiten van het autostoeltje)
Afbeelding B
K. Verstelwiel breedte van rugleuning
L. Verstelhendel hoogte van rugleuning
M. Ontgrendelhendel rugleuning
N. Achterzak voor gebruiksaanwijzingen
O. Handvat voor vervoer
Afbeelding C
P. Knop om de Isofix-koppelstukken naar buiten te trekken
Q. Knop voor het ontgrendelen van de Isofix-koppelstukken
R. Isofix-koppelstukken
S. Isofix-koppelstukkentekens
T. Side Safety System
1.4 BEPERKINGEN EN GEBRUIKSVEREISTEN VAN HET ARTIKEL EN DE AUTO-ZITTING
WAARSCHUWING! Neem de volgende beperkingen en gebruiksvereisten betreffende het artikel en de autozitting nauwgezet in acht: indien dit niet gebeurt, is de veiligheid niet gegarandeerd
- De lengte van het kind moet tussen 100 en 150 cm liggen.
- De zetel van de auto moet zijn voorzien van een 3-puntsveiligheidsgordel, die statisch is of uitgerust met een oprolmechanisme én die goedgekeurd is op basis van reglement nr.16 van de VN/ECE of andere gelijkwaardige nor-men (Afb. 1 - Afb. 2).
WAARSCHUWING! Bij gebruik van voertuigen met veiligheidsgordels achteraan met geïntegreerde airbags (opblaasbare gordels), volg dan de gebruikshandleiding van de autofabrikant.
- Het kan voorkomen dat de gesp van de veiligheidsgordel van de wagen te lang is en de hoogte overschrijdt die voorzien was ten opzichte van het onderste gedeelte van de zitting (Afb. 3A-3B). In dat geval mag het autostoeltje niet worden bevestigd op deze zetel, maar moet het op een andere zetel worden geïnstalleerd waarbij het probleem zich niet voordoet. Voor meer informatie over dit aspect neemt u contact op met de auto-fabrikant.
- Het autostoeltje kan worden geïnstalleerd op de zetel vooraan aan de passagierszijde of op eender welke van de achterste zetels en het moet altijd in de rijrichting worden aangebracht. Gebruik dit autostoeltje nooit op zittingen die zijdelings staan of tegen de rijrichting in (Fig. 4).
WAARSCHUWING! Volgens de statistieken over ongelukken is de achterbank van het voertuig veiliger dan de voorzetels: daarom wordt aangeraden het autostoeltje op de ach-
terbank te installeren. De veiligste zitting is de middelste achterzitting, als deze is uitgerust met een driepuntsgordel: in dat geval wordt aangeraden het Autostoeltje op de middelste achterzitting te plaatsen. Als het autostoeltje op de voorzitting wordt geplaatst, wordt voor een grotere veiligheid aangeraden de zitting zover mogelijk naar achteren te zetten, voor zover de aanwezigheid van andere passagiers op de achterbank dit toelaat, en de rugleuning zo verticaal mogelijk te zetten. Als de gordels in de wagen in de hoogte verstelbaar zijn, moet de gordel in de laagste stand worden vergrendeld. Controleer vervolgens of de gordel regulator zich achter de rugleuning van de autozetel bevindt (of er hoogstens mee is uitgelijnd) (Afb. 5A-5B). Als de voorzitting is uitgerust met een frontale airbag wordt afgeraden het Autostoeltje op deze zitting aan te brengen. Indien het stoeltje wordt geïnstalleerd op een zetel die wordt beschermd met een airbag, raadpleeg dan altijd de handleiding van de wagen.
2. INSTALLEREN VAN HET AUTOSTOELTJE IN DE WAGEN
2.1 INSTALLEREN VAN HET AUTOSTOELTJE EN STIJVE ISOFIX-KOPPELSTUKKEN
WAARSCHUWING! Deze instructies verwijzen, zowel in de tekst als in de afbeeldingen, naar een installatie van het autostoeltje op de achterzetel aan de rechterkant. Voor installaties op andere posities voert u sowieso dezelfde opeenvolging van handelingen uit.
WAARSCHUWING! Alvorens het autostoel-tje met de Isofix-koppelstukken te installeren, controleert u dat het in de verticale stand staat en niet in de achteroverleunde stand.
WAARSCHUWING! Controleer dat de hoofdsteun van de zetel niet in de weg zit van de hoofdsteun van het autostoeltje: hij mag hem niet naar voren duwen (Fig. 6). Indien dit het geval is, verwijder dan de hoofdsteun van de autozetel. Denk eraan de hoofdsteun weer aan te brengen op de autozetel wanneer het autostoeltje wordt verwijderd en de zetel wordt gebruikt door een passagier.
- Trek de Isofix-koppelstukken (R) naar buiten terwijl u de knop (P) ingedrukt houdt (Afb. 7).
- Koppel de twee stijve koppelstukken (R) aan
aan de overeenkomstige ISOFIX-aansluitingen in de autozetel tussen de rugleuning en de zitting (Afb. 8).
WAARSCHUWING! Controleer dat het aan-koppelen op een correcte manier is uitgevoerd door na te kijken of de twee indicatoren (S) een groene kleur aangeven (Afb. 9).
- Duw het autostoeltje stevig tegen de rugleuning van de autozetel terwijl u de knop (P) ingedrukt houdt om ervoor te zorgen dat de rugleuning van het autostoeltje zo stevig mogelijk tegen de autozetel zit (Afb. 10).
WAARSCHUWING! De achterkant van het autostoeltje moet goed tegen de autozitting aangedrukt zijn.
-
Laat het kind zitten met de rug goed aangedrukt tegen de rugleuning van het auto-stoeltje. Controleer de hoogte van de rugleuning (zie paragraaf "7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING"). Controleer de breedte van de rugleuning (zie paragraaf "7.2 VERSTELLEN VAN DE BREEDTE VAN DE RUGLEUNING").
-
Steek het diagonale gedeelte van de autogordel in de geleider voor de diagonale gordel (B) (Afb. 11).
-
Koppel de veiligheidsgordel van de wagen aan door het heupgedeelte door de Belt Positioner (G) te steken (Afb. 12).
-
Trek het diagonale gedeelte van de autogordel naar boven zodat heel de gordel strak zit en goed aansluit op de borst en de benen van het kind (zonder hem te veel aan te trekken) (Afb. 13).
WAARSCHUWING! Controleer dat de autogordel goed is aangespannen.
WAARSCHUWING! Controleer dat de autogordel niet gedraaid zit (Afb. 14).
WAARSCHUWING! Controleer of de diagonale gordel correct tegen de schouder van het kind zit (Afb. 15) en geen druk uitoefent op de nek; verstel indien nodig de hoogte van de rugleuning (zie paragraaf "7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING").
WAARSCHUWING! Controleer of de autogordel regulator zich achter de rugleuning van de autozetel bevindt (of er hoogstens mee is uitgelijnd) (Afb. 5A-5B).
nooit aan op andere posities dan degene die zijn aangegeven in deze handleiding! (Afb. 16)
WAARSCHUWING! Wanneer het kind niet wordt getransporteerd, moet het autostoeltje altijd bevestigd blijven met de Isofix-koppelstukken, of het moet worden opgeborgen in de koffer. Een niet vastgezet autostoeltje kan in geval van een ongeluk of bij hard remmen namelijk een gevaar inhouden voor de passagiers. Om het kind uit het autostoeltje te halen, is het voldoende de gesp van de autogordel los te maken en de riem te begeleiden tijdens het oprollen.
2.2 INSTALLEREN VAN HET AUTOSTOELTJE MET VEILIGHEIDSGORDELS
WAARSCHUWING! Deze instructies verwijzen, zowel in de tekst als in de afbeeldingen, naar een installatie van het autostoeltje op de achterzetel aan de rechterkant. Voor installaties op andere posities voert u sowieso dezelfde op-eenvolging van handelingen uit.
WAARSCHUWING! Het autostoeltje MOET AL-TIJD worden geïnstalleerd met behulp van de veiligheidsgordel van de wagen.
WAARSCHUWING! Controleer dat de hoofdsteun van de zetel niet in de weg zit van de hoofdsteun van het autostoeltje: hij mag hem niet naar voren duwen (Fig. 6). Indien dit het geval is, verwijder dan de hoofdsteun van de autozetel. Denk eraan de hoofdsteun weer aan te brengen op de autozetel wanneer het autostoeltje wordt verwijderd en de zetel wordt gebruikt door een passagier.
- Plaats het autostoeltje in de NIET-achteroverleunende stand en met de koppelstukken NIET uitgetrokken tegen de rugleuning van de autozetel (Afb. 17).
WAARSCHUWING! De achterkant van het autostoeltje moet goed tegen de autozitting aangedrukt zijn.
-
Laat het kind zitten met de rug goed aangedrukt tegen de rugleuning van het auto-stoeltje. Controleer de hoogte van de rugleuning (zie paragraaf "7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING"). Controleer de breedte van de rugleuning (zie paragraaf "7.2 VERSTELLEN VAN DE BREEDTE VAN DE RUGLEUNING").
-
Steek het diagonale gedeelte van de autogordel in de geleider voor de diagonale gordel (B) (Afb. 11).
- Koppel de veiligheidsgordel van de wagen aan door het heupgedeelte door de Belt Positioner (G) te steken (Afb. 12).
- Trek het diagonale gedeelte van de autogordel naar boven zodat heel de gordel strak zit en goed aansluit op de borst en de benen van het kind (zonder hem te veel aan te trekken) (Afb. 13).
WAARSCHUWING! Controleer dat de autogordel goed is aangespannen.
WAARSCHUWING! Controleer dat de autogordel niet gedraaid zit (Afb. 14).
WAARSCHUWING! Controleer of de diagonale gordel correct tegen de schouder van het kind zit (Afb. 15) en geen druk uitoefent op de nek; verstel indien nodig de hoogte van de rugleuning (zie paragraaf "7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING").
WAARSCHUWING! Controleer of de autogordel regulator zich achter de rugleuning van de autozetel bevindt (of er hoogstens mee is uitgelijnd) (Afb. 5A-5B).
WAARSCHUWING! Breng de autogordel nooit aan op andere posities dan degene die zijn aangegeven in deze handleiding! (afb. 16).
WAARSCHUWING! Controleer dat het kind correct is vastgemaakt in het autostoeltje zodat het niet naar voren schuift.
WAARSCHUWING! Controleer dat de niet-gebruikte stijve Isofix-koppelstukken niet zijn uitgetrokken.
WAARSCHUWING! Wanneer het kind niet wordt getransporteerd, moet het autostoeltje altijd bevestigd blijven met de 3-puntsgordel, of het moet worden opgeborgen in de koffer. Een niet vastgezet autostoeltje kan in geval van een ongeluk of bij hard remmen namelijk een gevaar inhouden voor de passagiers.
Om het kind uit het autostoeltje te halen, is het voldoende de gesp van de autogordel los te maken en de riem te begeleiden tijdens het oprollen.
-
VERWIJDEREN VAN HET AUTOSTOELTJE WAARSCHUWING! Haal het kind uit het autostoeltje alvorens het stoeltje te verwijderen.
-
Koppel de autogordel los.
- Haal het diagonale gedeelte van de gordel uit de geleider en begeleid de gordel bij het oprollen.
- Als het autostoeltje ook is bevestigd met de stijve Isofix-koppelstukken, moeten zo worden verwijderd uit hun haken met behulp van de ontkoppelknop (Q).
WAARSCHUWING! Het is mogelijk dat u niet bij de ontkoppelknop (Q) kunt. In dit geval moet u de knop om de Isofix-koppelstukken naar buiten te trekken (P) ingedrukt houden en tegelijkertijd het autostoeltje naar u toe trekken totdat de Isofix-koppelstukken volledig zijn uitgetrokken.
- Trek aan de twee rode knoppen (Q) om de koppelstukken los te koppelen van de overeenkomstige Isofix-aansluitingen van de autozetel (Afb.18), zodat de indicator helemaal rood is.
- Terwijl u een van de knoppen(P) ingedrukt houdt, duwt u de stijve koppelstukken in de basis van het autostoeltje totdat ze volledig in de basis zitten (Afb. 19).
4. SLUITEN EN TRANSPORTEREN VAN HET AUTOSTOELTJE
Om het autostoeltje op een makkelijke manier te transporteren, kunt u het compacter maken door de rugleuning neer te klappen op de zitting. Om dit te doen, moet u controleren dat de rugleuning in de laagste stand staat (zie paragraaf "7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING").
Vervolgens kunt u de rugleuning op de zitting neerklappen door de ontgrendelhendel van de rugleuning (M) te bedienen (Afb. 20).
WAARSCHUWING! Indien de rugleuning niet in de onderste stand staat, kunt u misschien niet gemakkelijk bij de ontgrendelhendel van de rugleuning (M).
Om het autostoeltje compact te houden, trekt u de band voor vergrendeling van de rugleuning (J) uit zijn houder en haakt u hem vast in een van de twee daarvoor voorziene gleuven naast het verstelwiel van de breedte van de rugleuning (K) (Afb. 21).
Om het autostoeltje in deze opstelling gemakkelijk te verplaatsen, kunt u de transporthandgreep
(O) achteraan de zitting gebruiken (Afb. 22).
5. INSTALLEREN EN VERWIJDEREN VAN HET SIDE SAFETY SYSTEM
Het Side Safety System (T) is een inrichting die aan de zijde van het portier wordt geïnstalleerd om meer bescherming te garanderen bij een zijdelingse impact.
Om het te installeren, moet u de haak "1" in de opening in de zijvleugel (D) aan de zijde van het portier steken en op het middelste gedeelte drukken totdat ook het andere uiteinde "2" op de structuur is vastgehaakt (Afb. 23).
6. INSTALLEREN VAN DE SAFE PAD
De Safe Pad (H) is een inrichting die ALTIJD op de diagonale veiligheidsgordel moet worden aangebracht om voor de correcte bescherming te zorgen bij een impact. Om de Safe Pad correct aan te brengen, moet u de diagonale veiligheidsgordel onder de twee klittenbanden van de Safe Pad aanbrengen (Afb. 24) en de Pad vervolgens sluiten. Let er hierbij op dat het ronde gedeelte zich tussen de kin en de borst van het kind bevindt (Afb. 25).
WAARSCHUWING! De Safe Pad moet ALTIJD worden gebruikt.
7. VERDERE HANDELINGEN
7.1 VERSTELLEN VAN DE HOOGTE VAN DE RUGLEUNING
De hoogte van de rugleuning kan in 9 standen worden versteld zodat u het autostoeltje het beste kunt aanpassen aan de lengte van het kind. Het hoofd van het kind moet goed omringd zijn en de diagonale autogordel moet correct op de schouder rusten. Controleer tijdens het verstellen van de hoogte van de rugleuning dat de geleider voor de diagonale gordel (B) zich boven de schouder bevindt op een maximumafstand van 2 cm (Afb. 26).
Doe het volgende om te verstellen:
-
Druk met een hand op de verstelhendel voor de hoogte van de rugleuning (L) aan de achterzijde van de hoofdsteun en breng de rugleuning omhoog/omlaag om ze aan te passen aan de hoogte van de schouders van het kind (Afb. 27).
-
Laat de hendel los en controleer of de rug-
leuning in de gewenste stand is vergrendeld.
7.2 VERSTELLEN VAN DE BREEDTE VAN DE RUGLEUNING
De breedte van de rugleuning kan worden versteld om het autostoeltje het beste aan te passen aan de grootte van het kind. Om de afstelling uit te voeren blijft u met een hand op de hendel voor de afstelling van de hoogte van de rugleuning (L) aan de achterzijde van de hoofdsteun duwen en bedien tegelijkertijd het wieltje voor de afstelling van de breedte van de rugleuning (K) te zien boven de hoofdsteun (fig. 28).
Nadat u de breedte van de rugleuning heeft afgesteld, controleert u of de vergrendeling is uitgevoerd in de gewenste positie.
7.3 VERSTELLEN VAN DE HOEK VAN DE RUGLEUNING/ZITTING
U kunt het autostoeltje laten achteroverleunen met behulp van de verstelhendel van de schuine stand (I). Bij het autostoeltje is het kantelen van de rugleuning/zitting mogelijk in 4 standen om ervoor te zorgen dat het kind in een houding reist die voor hem of haar het meest comfortabel is. Om het autostoeltje makkelijker te verstellen, is het raadzaam het kind uit het stoeltje te halen. Met het kindje erin zal het verstellen moeilijker verlopen. Om het autostoeltje terug in de verticale stand te zetten, bedient u de verstelhendel van de schuine stand (I) terwijl u de zitting in de richting van de rugleuning van de autozetel duwt (Afb. 29).
WAARSCHUWING! Nadat de hoek is versteld, controleert u of de autogordels juist zijn aangespannen en dat ze maximaal 2 cm boven de schouder van het kind zitten (Afb. 26).
7.4 VERWIJDEREN VAN DE HOES VAN DE RUGLEUNING/ZITTING
De bekleding van het autostoeltje is volledig verwijderbaar en wasbaar. Zet de rugleuning (C) in de hoogste stand en zet de zijvleugels (D) in een brede stand.
RUGLEUNING
- Haal de elastische knoopsgaten van hun haken op de bovenste en onderste gedeelten
van de zijvleugels (Afb. 30) en haal de stof van de vleugels.
- Verwijder vervolgens de hoes van het middelste gedeelte van de rugleuning door de knoopsgaten van de rechter- en linkerpinnen te trekken (Afb. 31).
- Verwijder de stof van onder naar boven en let bij het verwijderen van de hoes van de hoofdsteun op de elastiek achter de rugleuning (Afb. 32).
ZITTING
- Haal de hoes van de zitting door de plastic profielen van de rechter- en linkergeleiders voor de gordels te halen (Afb. 33).
- Maak de plastic vleugeltjes los onder de zitting (Afb. 34).
- Haal de stof van de zitting van de Belt Positioner (Afb. 35).
Om het autostoeltje weer te bekleden, voert u de hiervoor beschreven aanwijzingen in omgekeerde volgorde uit.
7.5 ONDERHOUD EN REINIGEN VAN DE HOES
Reinigings- en onderhoudswerkzaamheden mogen alleen door een volwassene worden verricht.
DE HOES REINIGEN
De hoes van het autostoeltje is volledig verwijderbaar en wasbaar. Voor het wassen, volgt u de aanwijzingen op het etiket van de hoes:

Op 30°C in de wasmachine wassen

Niet bleken

Niet in de droger drogen

Niet strijken

Niet chemisch laten reinigen
- Gebruik nooit schuur- of oplosmiddelen.
- Centrifugeer de hoes niet en laat ze drogen zonder ze uit te wringen.
De hoes mag uitsluitend worden vervangen met een door de fabrikant goedgekeurde
reservehoes, aangezien ze integrerend deel uitmaakt van het Autostoeltje en dus een veiligheidselement is.
WAARSCHUWING! Het autostoeltje mag nooit zonder hoes worden gebruikt, om de veiligheid van het kind niet op het spel te zetten.
REINIGING VAN DE PLASTIC ONDERDELEN
Reinig de plastic onderdelen uitsluitend met een doek die vochtig is gemaakt met water of met een neutraal reinigingsmiddel. Gebruik nooit schuur- of oplosmiddelen. De bewegen-de delen van het autostoeltje mogen op geen enkele wijze worden gesmeerd.
CONTROLE OF DE DELEN INTACT ZIJN
Het wordt aanbevolen de volgende onderdelen regelmatig op beschadiging en slijtage te controleren:
- hoes: controleer of de wattering niet uitpuilt en of er geen delen loszitten. Controleer de staat van de naden die altijd intact moeten zijn.
- kunststof delen: kijk na in hoeverre alle plastic onderdelen zijn versleten, er mogen geen duidelijke tekenen van schade of verkleuring waarneembaar zijn.
WAARSCHUWING! Indien het autostoeltje beschadigd, vervormd of ernstig versleten mocht zijn, moet het worden vervangen: het kan de oorspronkelijke veiligheidskenmerken hebben verloren.
HET ARTIKEL OPBERGEN
Als het niet in de auto geïnstalleerd is, wordt aangeraden het autostoeltje op een droge plaats, uit de buurt van warmtebronnen en beschermd tegen stof, vocht en rechtstreeks zonlicht te bewaren.
HET ARTIKEL AFDANKEN
Als de voorziene gebruiksgrens van het autostoeltje is bereikt, gebruikt u het niet meer en zet u het bij het afval. Uit respect voor het milieu scheidt u de verschillende soorten afval volgens wat door de geldende voorschriften in uw land is voorgeschreven.
GARANTIE
Het artikel valt onder garantie tegen elke
non-conformiteit binnen de normale gebruiksomstandigheden zoals voorzien in de gebruiksaanwijzingen. De garantie is dus niet geldig in geval van schade veroorzaakt door oneigenlijk gebruik, slijtage of toevallige gebeurtenissen. Voor de duur van de garantie inzake non-conformiteit verwijzen we naar de specifieke richtlijnen en de nationale normen die van toepassing zijn in het land van aankoop, indien deze voorzien zijn.
FOLD&GO I-SIZE (100–150 cm)
DŮLEŽITÉ: PŘED POUŽITÍM SI POZORNĚ PROČTĚTE CELÝ TENTO NÁVOD K POUŽITÍ, ABYSTE SE VYHNULI MOŽNÝM NEBEZPEČÍM PŘI POUŽÍVÁNÍ VÝROBKU; NÁVOD USCHOVEJTE PRO PŘÍPADNÉ DALŠÍ POUŽITÍ. ŘIĎTE SE POKYNY UVEDENÝMI V NÁVODU, ABYSTE NEOHROZILI BEZPEČNOST VAŠEHO DÍTĚTE.
UPOZORNĚNÍ! PŘED POUŽITÍM ODSTRAŇTE A ZLIKVIDUJTE PŘÍPADNÉ PLASTOVÉ SÁČKY A VŠECHNY ČÁSTI OBALU TOHOTO VÝROBKU NEBO JE ALESPOŇ UCHOVEJTE MIMO DOSAH DĚTÍ. TYTO ČÁSTI DOPORUČUJEME VYHODIT DO TŘÍDĚNÉHO ODPADU V SOULADU S PLATNÝMI VYHLÁŠKAMI A NAŘÍZENÍMI.