METABO MS 3618 LTX BL 40 - Zaag

MS 3618 LTX BL 40 - Zaag METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MS 3618 LTX BL 40 METABO in PDF-formaat.

📄 144 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice METABO MS 3618 LTX BL 40 - page 30
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : METABO

Model : MS 3618 LTX BL 40

Categorie : Zaag

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MS 3618 LTX BL 40 - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MS 3618 LTX BL 40 van het merk METABO.

GEBRUIKSAANWIJZING MS 3618 LTX BL 40 METABO

Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Wij verklaren op eigen en uitsluitende verantwoording dat: deze accu-kettingzaag, geïdentificeerd door type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3), Technische documentatie bij *6) 2000/14/EG: Evaluatieprocedure van de conformiteit volgens bijlage V. Aangemelde instantie *4). Gegarandeerd geluidsvermogensniveau LWA(G) *5) - zie pagina

De kettingzaag is bestemd voor het doorzagen van stammen, takken, kanthout e.d. en is geschikt om bomen te snoeien en te vellen. Alleen de gebruiker is aansprakelijk voor schade door oneigenlijk gebruik. De algemeen erkende ongevallenpreventievoorschriften en de bijgevoegde veiligheidsinstructies moeten in acht worden genomen. Let voor uw veiligheid en die van het elektrische gereedschap op de passages die zijn voorzien van dit symbool! WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaanwijzing om het risico op letsel te verminderen. WAARSCHUWING – Lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, afbeeldingen en technische specificaties die samen met dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen met het oog op toekomstig gebruik. Geef uw elektrische gereedschap alleen met deze documenten aan anderen door. Algemene veiligheidsinstructies voor kettingzagen a) Zorg ervoor dat er zich geen lichaamsdelen in de buurt van de zaagketting bevinden als de zaag loopt. Verzeker u er voordat de zaag start van dat de zaagketting niets raakt. Bij het werken met een kettingzaag kan een moment van onoplettendheid ertoe leiden dat kleding of lichaamsdelen door de zaag worden gegrepen. b) Houdt de kettingzaag altijd met uw rechterhand vast aan de achtergreep en met uw linkerhand aan de voorste greep. Het vasthouden van de kettingzaag in omgekeerde werkhoudig verhoogt het risico op letsel en is verboden. c) Houd de kettingzaag alleen vast aan de geïsoleerde grepen, omdat de zaagketting verborgen stroomkabels kan raken. Door het contact van de zaagketting met een onder spanning staande kabel kunnen ook metalen onderdelen van het apparaat onder spanning worden gezet, met een elektrische schok als mogelijk gevolg. d) Draag een veiligheidsbril. Andere beschermingsmiddelen voor gehoor, hoofd, handen, benen en voeten verdient aanbeveling. Passende veiligheidskleding vermindert het risico op letsel door rondvliegende spaanders en onbedoeld contact met de zaagketting. e) Werk met de kettingzaag niet op een boom, een ladder, vanaf een dak of een onstabiel standvlak. Bij gebruik op een dergelijke manier bestaat er gevaar voor ernstig persoonlijk letsel. f) Zorg altijd voor een goede stand en gebruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stevige, veilige en vlakke ondergrond staat. Een gladde ondergrond of onstabiele oppervlakken kunnen verlies van evenwicht of zelfs controle over de kettingzaag tot gevolg hebben. g) Houd er bij het zagen van een tak die onder spanning staat rekening mee dat deze terugveert. Wanneer de spanning in de houtvezels vrijkomt kan de gespannen tak de gebruiker treffen en/of ervoor zorgen dat hij de controle over de kettingzaag verliest. h) Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen van kreupelhout en jonge bomen. Het dunne materiaal kan in de zaagketting verstrikt raken en u treffen of u uit uw evenwicht brengen.

i) Draag de kettingzaag aan de voorste

handgreep in uitgeschakelde toestand en houd de ketting weggedraaid van uw lichaam. Wanneer u de kettingzaag vervoert of bewaart, breng dan altijd de beschermende afdekking aan. Indien zorgvuldig met de kettingzaag wordt omgegaan is het risico dat de lopende zaagketting per ongeluk wordt aangeraakt kleiner. j) Houd u aan de aanwijzingen voor het smeren, de kettingspanning en het vervangen van het zwaard en ketting. Een ketting die op onvakkundige wijze gespannen of gesmeerd is, kan breken of het terugslagrisico verhogen. k) Alleen hout zagen. Gebruik de kettingzaag niet voor werkzaamheden, waarvoor hij niet bedoeld is. Voorbeeld: Gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van metaal, metselwerk of bouwmaterialen, die niet van hout zijn. Als de kettingzaag wordt gebruikt voor werkzaamheden

1. Conformiteitsverklaring

veiligheidsvoorschriften

4. Speciale veiligheidsinstructiesNEDERLANDS nl

waarvoor hij niet bestemd is, kan dit tot gevaarlijke situaties leiden. l) Probeer geen boom te vellen, zolang u geen duidelijk beeld heeft van de risico’s en hoe u ze kunt vermijden. De gebruiker of anderen kunnen ernstig letsel oplopen door een vallende boom. m) Neem als u de kettingzaag bevrijdt van materiaalophopingen, als u hem opslaat of onderhoudswerkzaamheden uitvoert, alle aanwijzingen in acht. Verzeker u ervan dat de schakelaar is uitgeschakeld en de accu is verwijderd. Een onverwachte inschakeling van de kettingzaag tijdens het verwijderen van opgehoopt materiaal of tijdens onderhoudswerkzaamheden kan ernstig letsel tot gevolg hebben. De oorzaken van een terugslag en hoe deze te voorkomen Er kan zich een terugslag voordoen wanneer de punt van het zwaard een voorwerp raakt of wanneer het hout buigt en de zaagketting in de zaagsnede vast komt te zitten. Wordt de punt van het zwaard geraakt, dan kan dit in veel gevallen tot een onverwachte naar achteren gerichte reactie leiden, waarbij het geleideblad naar boven wordt geslagen, in de richting van de gebruiker. Komt de zaagketting aan de bovenkant van het zwaard klem te zitten, dan kan het zwaard snel in de richting van de gebruiker terugslaan. Het gevolg van al deze reacties kan zijn dat u de controle over de zaag verliest en eventueel zwaar letsel oploopt. Vertrouw niet uitsluitend op de veiligheidsinrichtingen die in de kettingzaag zijn ingebouwd. Als gebruiker van een kettingzaag dient u verschillende maatregelen te nemen om ongevallen- en letselvrij te werken. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik van de kettingzaag. Dit kan worden verhinderd door passende veiligheidsmaatregelen te nemen, zoals hieronder beschreven: a) Houd de zaag met beide handen vast, waarbij duimen en vingers zich om de handgrepen van de kettingzaag sluiten. Breng uw lichaam en armen in zo'n positie dat u de kracht van de terugslag kunt weerstaan. Wanneer de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen, kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen. De kettingzaag nooit loslaten. b) Neem geen ongewone lichaamshouding aan en zaag niet boven schouderhoogte. Op deze manier wordt voorkomen dat de punt van het blad per ongeluk wordt geraakt, waardoor de kettingzaag in onverwachte situaties beter onder controle kan worden gehouden. c) Gebruik altijd door de fabrikant voorgeschreven reservezwaarden en zaagkettingen. Verkeerde reservebladen en zaagkettingen kunnen een terugslag en/of het breken van de ketting tot gevolg hebben. d) Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant voor het slijpen en het onderhoud van de zaagketting. Door te lage dieptebegrenzers wordt de neiging tot terugslag verhoogd. Overige veiligheidsinstructies: Trekken Wanneer de kettingzaag niet met de klauwaanslag tegen het te zagen hout wordt geplaatst en - bij het zagen aan de onderzijde van het zwaard - het zwaard klem komt te zitten of wanneer men met de zaagketting een hard voor- werp in het hout raakt, kan de kettingzaag naar voren worden getrokken. Daarom dient de machine zo mogelijk met de klauwaanslag tegen het hout te worden aangezet. Opgelet! Bij het werken met de machine bestaat het risico van letsel. WAARSCHUWING – Algemeen gevaar! De gebruiksaanwijzing lezen. Draag een veiligheidsbril. Draag gehoorbescherming. Niet aan regen blootstellen. De kettingzaag altijd met beide handen gebruiken. De kettingzaag altijd met beide handen gebruiken. Pas op voor de terugslag van de kettingzaag en voorkom contact met de punt van het zwaard. Neem de veiligheidsinstructies voor de terugslag en maatregelen om deze te voorkomen in acht. Pas op voor de terugslag van de kettingzaag en voorkom contact met de punt van het zwaard. Neem de veiligheidsinstructies voor de terugslag en maatregelen om deze te voorkomen in acht. Pas op voor de terugslag van de kettingzaag en voorkom contact met de punt van het zwaard. Neem de veiligheidsinstructies voor de terugslag en maatregelen om deze te voorkomen in acht. Gebruik accupacks met dezelfde capaciteit. Gebruik accupacks die hetzelfde laadniveau hebben. Bij regenweer mag de kettingzaag niet worden gebruikt. De machine bij regenweer niet buiten laten liggen!NEDERLANDSnl

Bij het werken met de kettingzaag werkhandschoenen, geschikte schoenen, been-, oog- en gehoorbescherming dragen. Bij werkzaamheden waarbij rekening dient te worden gehouden met hoofdletsel een veiligheidshelm, bij het vellen van bomen en het snoeien van takken daarnaast nog gezichtsbescherming dragen. Let op een juist gespannen zaagketting. Een slappe zaagketting kan eraf springen en ernstig of zelfs dodelijk letsel veroorzaken. Om het onbedoeld starten te voorkomen: Alvorens de kettingspanning te controleren en na te spannen, de ketting te vervangen, storingen op te heffen of van arbeidsplaats te veranderen, de accupacks verwijderen! Haal de accupacks uit de machine voordat instel-, ombouw-, onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uitgevoerd worden. Accupacks tegen vocht beschermen! Accupacks niet aan vuur blootstellen! Geen defecte of vervormde accupacks gebruiken! Accupacks niet openen! Contacten van de accupacks niet aanraken of kortsluiten! Uit defecte Li-ion-accupacks kan een licht zure, brandbare vloeistof lekken! Wanneer accuvloeistof eruit lekt en met de huid in aanraking komt, onmiddellijk onder stromend water afspoelen. Wanneer er accuvloeistof in uw ogen terecht komt, was deze dan uit met schoon water en zoek onmiddellijk een arts op voor behandeling! Bij een defecte machine moet u het accupack uit de machine halen. Transport van Li-ion-accupacks: Op de verzending van Li-ion accupacks is het voorschrift voor het transport van gevaarlijke stoffen (UN 3480 en UN 3481) van toepassing. Voor het versturen van Li-ion accupacks moet u informatie inwinnen omtrent de actueel geldende voorschriften. Vraag eventueel ook informatie op bij uw transportbedrijf. Gecertificeerde verpakking is bij Metabo verkrijgbaar. Verstuur accupacks alleen als de behuizing onbeschadigd is en er geen vloeistof uit lekt. Voor het verzenden haalt u het accupack uit de machine. De contacten tegen kortsluiting beschermen (bijv. met tape isoleren). De stofbelasting verminderen: WAARSCHUWING - Sommige stofdeeltjes die worden geproduceerd bij het schuren, zagen, slijpen, boren en ander werk bevatten chemicaliën waarvan bekend is dat ze kanker, geboorteafwijkingen of andere reproductieve schade kunnen veroorzaken. Enkele voorbeelden van deze chemicaliën zijn: - lood van loodhoudende verf, - mineraalstof van bakstenen, cement en andere metselwerkmaterialen, en - arseen en chroom uit chemisch behandeld hout. Het risico dat u hierbij loopt varieert, afhankelijk van hoe vaak u met dit soort werk bezig bent. Om de blootstelling aan deze chemicaliën te verminderen: Werk in een goed geventileerde ruimte en werk met goedgekeurde persoonlijke beschermingsmiddelen zoals stofmaskers die speciaal zijn ontwikkeld voor het filteren van microscopische deeltjes. Dit geldt ook voor stof van andere materialen, zoals sommige houtsoorten (zoals eiken- of beukenstof), metalen, asbest. Andere bekende ziektes zijn bijvoorbeeld allergische reacties, aandoeningen van de luchtwegen. Laat geen stof in uw lichaam komen. Neem de richtlijnen en nationale voorschriften in acht die van toepassing zijn op uw materiaal, personeel, toepassing en locatie (bijv. arbeidsveiligheidsbepalingen, afvoer). Verzamel de ontstane deeltjes op de plaats waar ze ontstaan en voorkom dat ze neerslaan in de omgeving. Gebruik geschikte toebehoren voor speciale werkzaamheden. Daardoor komen slechts weinig deeltjes ongecontroleerd in de omgeving terecht. Gebruik een geschikte stofafzuiging. Verminder de stofbelasting door: - de vrijkomende deeltjes en de afvoerluchtstroom van de machine niet op de gebruiker zelf of omstanders of op neergeslagen stof te richten, - een afzuiginstallatie en/of een luchtfilter te gebruiken, - de werkplek goed te ventileren en schoon te houden door te stofzuigen. Vegen of blazen wervelt het stof op. - Zuig of was de beschermende kleding. Niet uitblazen, uitslaan of uitborstelen. Zie pagina 2. 1 Zaagkettingbescherming 2 Zwaard (zaagblad) 3 Sluitkap (kettingsmeerolie)

Doorzichtig oliereservoir 5 Klauwaanslag 6 Handbescherming 7 Beugelhandgreep 8 Knop voor de ontgrendeling van het accupack 9 Toets voor de indicatie van de capaciteit * 10 Capaciteits- en signaalindicatie * 11 Accupacks * 12 Veiligheidsschakelaar (tegen onbedoeld starten) Opmerking: Hij bevindt zich buiten het grijpbereik van de hand, herkenbaar door de verhoging in het greepbereik) 13 Drukschakelaar 14 Schakelhandgreep (grijpbereik) 15 Zaagstang (voor het nauwkeurig richten) 16 Afdekking van het kettingwiel 17 Moeren (raken niet verloren)

18 Combisleutel 19 Smeergat 20 Kettingwiel 21 Kettingspanstift 22 Spanschroef (kettingspanning) 23 Schroefbout 24 Oliekanaal 25 Zaagketting 26 Langwerpig gat van het zwaard 27 Opening 28 Olie-inlaatopening van het zwaard

  • afhankelijk van de uitvoering / niet in de leveringsomvang inbegrepen

6.1 Zwaard en zaagketting aanbrengen,

kettingspanning instellen Zie afbeelding, pagina 3. WAARSCHUWING! Accupacks (11) verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. De motor moet stilstaan. Draag veiligheidshandschoenen.

1. De niet te verliezen moeren (17) losdraaien en

de afdekking van het kettingwiel (16) verwijderen.

2. De spanschroef (22) tot de aanslag tegen de

wijzers van de klok in draaien en daardoor de kettingspanstift (21) in de linkereindstand brengen.

3. De zaagketting (25) op het zwaard (2) plaatsen:

Zie pagina 3, afb. A: De snijranden van de zaagkettingmessen (b) moeten in de draairichting wijzen. Symbool op het gereedschap in acht nemen. Zie pagina 3, afb. B: Het zwaard (2) met het voorste einde naar boven houden en de zaagketting (25) zo plaatsen dat de tanden (a) van het neustandwiel van het zwaard in de kettingschakels grijpen en de aandrijfschakels van de ketting in de groef van het zwaard zitten.

4. Vervolgens de zaagketting (25) om het

kettingwiel (20) leggen en het zwaard met het langwerpig gat (26) zo op de beide schroefbouten (23) plaatsen dat de kettingspanstift (21) in het boorgat (27) van het zwaard grijpt.

5. De afdekking van het kettingwiel (16) weer

terugplaatsen (eerst de achterkant erop plaatsen, dan volledig erop plaatsen) en de moeren (17) erop draaien, maar nog niet helemaal aanhalen.

6. De spanschroef (22) met de klok mee draaien,

totdat de zaagketting aan de onderkant van het zwaard niet meer doorhangt. Hierbij het voorste uiteinde van het zwaard iets optillen.

7. Zie pagina 3, afb. C: De zaagketting is juist

gespannen, als ze tegen het zwaard ligt en in de midden van het zwaard 3 à 4 mm van de bovenkant van het zwaard kan worden opgetild, lichtjes met de hand kan worden verschoven, zonder klem te raken.

8. Na het spannen van de zaagketting het voorste

uiteinde van het zwaard optillen en de moeren (17) stevig vastdraaien.

6.2 Kettingsmeerolie

De kettingzaag wordt vanuit de fabriek zonder olievulling geleverd. Voor de inwerkingstelling van de machine dient het oliereservoir met kettingsmeerolie te worden gevuld. Alleen originele Metabo kettingsmeerolie gebruiken. In geen geval oude olie gebruiken! Voor het vullen met olie de sluitkap (3) eraf draaien. Let er bij het vullen van de olie op dat er geen vuil in het oliereservoir komt. Het oliepeil kan aan het doorzichtige oliereservoir (4) worden afgelezen. Met één vulling van het oliereservoir kan men, afhankelijk van de buitentemperatuur, 20 tot 40 minuten lang met het gereedschap werken.

6.3 Nieuwe zaagketting laten inlopen

De nieuwe zaagketting voor het zagen 2-3 minuten laten inlopen. Na de inlooptijd de kettingspanning (zoals aangegeven in hoofdstuk 6.1) controleren en zo nodig de zaagketting naspannen.

6.4 Kettingsmering controleren

Nooit werken zonder kettingsmering! Tijdig bijvullen. Bij een droge, lopende zaagketting worden het zwaard en de zaagketting in korte tijd onbruikbaar. Daarom voor het begin van de werkzaamheden altijd het oliepeil in het oliereservoir controleren. Om de kettingsmering te controleren houdt men de kettingzaag met het zwaard (bij een omlopende zaagketting) - op een veilige afstand van ongeveer 20 cm - boven een lichte ondergrond (bijv. een uitgespreide krant). Wanneer zich op de lichte ondergrond een oliespoor aftekent dat mettertijd duidelijker wordt, werkt de kettingsmering correct.

De ingebouwde kettingrem brengt de zaagketting binnen< 0,2 seconde tot stilstand, wanneer... - de handbescherming (6) met de hand of tijdens het werken met de kettingzaag (als gevolg van een terugslag) met de handrug van de bediener in de voorste stand wordt gebracht of wanneer - de kettingzaag door de drukschakelaar (13) los te laten uitgeschakeld wordt. Wanneer de snelrem van de zaagketting door het aanraken van de handbescherming (6) wordt geactiveerd, laat de motor van de kettingzaag dan niet te lang lopen zolang de handbescherming zich in deze stand bevindt. Machine uitschakelen. De handbescherming weer in de oorspronkelijke stand brengen. Controleer alvorens de kettingzaag in gebruik te nemen (door het aanraken van de handbescherming (naar voren drukken) en het loslaten van de drukschakelaar), of de kettingrem

correct functioneert. Laat de machine repareren wanneer de afremtijd langer wordt.

Het accupack (11) voor gebruik opladen. Laad het accupack bij vermogensverlies weer op. U vindt de instructies voor het opladen van het accupack in de gebruiksaanwijzing van de Metabo- lader. Accupacks hebben een capaciteits- en signaalindicatie (10) (afhankelijk van de uitvoering): - Druk op knop (9) waarna de laadtoestand wordt aangegeven door de led-lampen. - Wanneer een led-lampje knippert, is het accupack bijna leeg en moet weer worden opgeladen. Accupack verwijderen, plaatsen Verwijderen: Knop voor de accupack-ontgrendeling (8) indrukken en accupack (11) verwijderen. Plaatsen: Accupack (11) erop schuiven tot hij vast klikt.

7.1 Houd het gereedschap correct vast,

In- en uitschakelen De bedienende persoon dient bij het inschakelen van de kettingzaag een veilige houding te hebben en de machine goed vast te houden. Het zwaard mag hierbij geen voorwerp raken. Inschakelen Opmerking: De handbescherming (6) moet bij het inschakelen in de basisstand staan, d.w.z. in de pijlrichting (afb., pagina 3) tegen de beugelhandgreep (7) gedrukt zijn. Opmerking: De kettingzaag is beveiligd tegen het per ongeluk inschakelen (veiligheidsschakelaar (12) ). Om in te schakelen:

1. Het gereedschap met de linkerhand aan de

voorste beugelhandgreep (7) vasthouden.

2. Het gereedschap met de rechterhand aan de

schakelhandgreep (14) vasthouden.

3. Omsluit de handgrepen met uw duimen en

vingers. Zorg ervoor dat uw linkerhand de voorste beugelhandgreep (7) vasthoudt en uw duim hierbij onder de beugelhandgreep (7) zit.

4. Met de duim van de rechterhand de

veiligheidsschakelaar (12) drukken.

5. Wanneer de veiligheidsschakelaar (12)

ingedrukt is, de drukschakelaar (13) drukken en

6. de veiligheidsschakelaar (12) loslaten.

Uitschakelen: Voor het uitschakelen de drukschakelaar (13) loslaten. (Hierbij gaat de veiligheidsschakelaar (12) terug in de blokkeerstand.)

7.2 Het werken met de kettingzaag

Voor het begin van de werkzaamheden dient altijd te worden nagegaan of de kettingzaag correct functioneert. Bijzonder belangrijk zijn: - juist gemonteerd zwaard - juiste spanning van de zaagketting, - werking van de kettingsmering - feilloos werken van de kettingrem. - Niet werken met een botte of versleten zaagketting. - Alleen een onbeschadigd en compleet gereedschap in gebruik nemen. De gebruiker van de kettingzaag dient voordat hij deze voor de eerste keer gebruikt te oefenen met het doorzagen van een stam op een zaagbok of iets dergelijks. Stammen, takken e.d. doorzagen. Probeer nooit een ingeklemde zaag vrij te maken terwijl de motor loopt. Gebruik houten wiggen om de zaagketting vrij te maken. Kortere houtstukken voor het zagen vastklemmen. De linkerarm dient bij het doorzagen bijna gestrekt te zijn. Het gereedschap zo leiden dat zich geen lichaamsdelen buiten de voorgestelde lijn "X" - door het zwaard en in de verlenging hiervan - bevinden. De kettingzaag met de klauwaanslag (5) tegen het hout plaatsen en dan vervolgens pas beginnen met zagen door de machine aan de beugelhandgreep (7) vast te houden en de schakelhandgreep (14) omhoog te trekken. Wanneer één snede niet toereikend is om door het hout te komen, - met een lichte druk op de beugelhandgreep (7) verder zagen; hierbij - het gereedschap iets naar achteren trekken, - de klauwaanslag (5) dieper aanzetten (de zaag hierbij niet uit de zaagsnede halen) en - het zagen beëindigen door de schakelhandgreep omhoog te trekken. De kettingzaag alleen bij een omlopende zaagketting uit het hout trekken. Om op het moment van het „doorzagen“ de volledige controle te behouden, tegen het einde van de zaagsnede de aandrukkracht reduceren, zonder de vaste greep op de handgrepen van de kettingzaag te verminderen. Erop letten dat de zaagketting de grond niet raakt. Na afronding van de zaagsnede het gereedschap uitschakelen, wachten tot de zaagketting stilstaat voordat u de kettingzaag weghaalt. De kettingzaag altijd uitschakelen voordat u van boom naar boom wisselt.

7. GebruikNEDERLANDS nl

Let er bij het doorzagen van het op de grond liggende hout op dat het zwaard niet in contact komt met de grond, omdat de zaagketting anders snel bot wordt. Bij zaagwerkzaamheden op een helling altijd boven de boomstam gaan staan, zoals getoond in de afbeelding, omdat de stam kan wegrollen. Boomstam op lengte zagen Daarmee wordt bedoeld het in stukken snijden van de gevelde boom. Let erop dat u een stabiele houding heeft en dat uw lichaamsgewicht gelijkmatig over beide voeten verdeeld is. De stam dient zo mogelijk door eronder geplaatste takken, balken of wiggen te worden ondersteund. Volg de aanwijzingen bij „Het doorzagen van stammen, takken e.d.“ Wanneer de boomstam in zijn volledige lengte gelijkmatig op de ondersteuning ligt, wordt zoals aangegeven van bovenaf gezaagd. Ligt de boomstam met een uiteinde op de ondersteuning, zoals aangegeven, eerst 1/3 van de stamdiameter zagen vanaf de onderkant en vervolgens de rest van bovenaf, parallel aan de onderste zaagsnede. Ligt de boomstam met beide uiteinden op de ondersteuning, zoals aangegeven, eerst 1/3 van de stamdiameter zagen vanaf de bovenkant en vervolgens 2/3 van onderaf, parallel aan de bovenste zaagsnede. Bomen snoeien Daarmee wordt bedoeld het afzagen van de takken van de gevelde boom. Bij het snoeien grotere naar beneden gerichte takken, die de boom ondersteunen, eerst laten zitten (totdat de stam in stukken is gezaagd). Kleinere takken volgens de afbeelding met één zaagsnede afzagen. Takken die onder spanning staan dienen van onderen naar boven te worden gezaagd, om te voorkomen dat de zaag vastgeklemd komt te zitten. Boom vellen Wanneer door twee of meer personen tegelijkertijd wordt gezaagd en geveld, dan moet de afstand tussen de vellende personen minimaal tweemaal de hoogte van de te vellen boom zijn. Bij het vellen van bomen moet erop worden gelet, dat andere personen geen gevaar lopen, er geen energieleidingen worden getroffen en er geen materiële schade ontstaat. Wanneer een boom met een elektriciteitskabel in aanraking komt, dan moet het energiebedrijf direct worden geïnformeerd. Bij zaagwerkzaamheden op een helling moet de bediener van de kettingzaag zich boven de te vellen boom ophouden, omdat de boom na het vellen waarschijnlijk bergaf zal rollen of glijden. Voor het vellen moet een vluchtweg worden bepaald en indien nodig worden vrijgemaakt. De vluchtweg moet vanaf de verwachte vallijn schuin naar achteren toe weglopen, zie afbeelding. A = velrichting B = gevarenzone C = vluchtbereik Voor het vellen dient rekening te worden gehouden met de natuurlijke neiging van de boom en de positie van grotere takken en de windrichting, om de valrichting van de boom te kunnen beoordelen. De boom dient te worden ontdaan van vuil, stenen, losse boomschors, spijkers, klemmen en draad. Kerfsnede maken: Zaag in een rechte hoek tot de valrichting een kerf (A) met een diepte van 1/3 van de boomdoorsnede, zoals in de afbeelding wordt getoond. Eerst de onderste horizontale kerfsnede aanbrengen. Daardoor wordt het inklemmen van de 1.) 1/3 2.) 2/3 1.) 1/3 2.) 2/3

zaagketting of het zwaard bij het aanbrengen van de tweede kerfsnede voorkomen. Valzaagsnede maken: De valzaagsnede (B) minimaal 50 mm boven de horizontale kerfsnede aanbrengen, zie afbeelding. De valzaagsnede parallel aan de horizontale kerfsnede maken. De valzaagsnede slechts zo diep inzagen dat er nog een brug (breukvlak) (C) blijft staan, die als scharnier kan werken. De brug voorkomt dat de boom draait en in de verkeerde richting valt. Zaag de brug niet door. Breedte van de brug (C): 50 mm. Wanneer de valzaagsnede in de buurt van de brug komt, zou de boom moeten beginnen te vallen. Wanneer blijkt dat de boom niet in de gewenste richting valt of naar achteren neigt en de zaagketting vastklemt, de valzaagsnede onderbreken en wiggen van hout, kunststof of aluminium gebruiken om de snede te openen en de boom op de gewenste vallijn te brengen. Wanneer de boom begint te vallen de kettingzaag uit de snede verwijderen, uitschakelen, neerleggen en het gevarengebied via de geplande vluchtroute verlaten. Op vallende takken letten en niet struikelen. Opnieuw spannen van de zaagketting Bij het werken met de kettingzaag rekt de zaagketting als gevolg van de warmte uit. Deze hangt dan door en kan uit de groef van het zwaard springen. De kettingspanning (zoals aangegeven in hoofdstuk 6.1) controleren en de zaagketting zo nodig naspannen. Wanneer de zaagketting wordt nagespannen terwijl hij warm is, dient hij na afloop van het zagen beslist te worden ontspannen. Anders kan tijdens het afkoelen een hoge krimpspanning ontstaan. Onvoldoende kettingsmering Wanneer het oliereservoir nog bijna vol is nadat de kettingzaag ongeveer 20 minuten is gebruikt, kan het zijn dat het oliekanaal (24) van het gereedschap of de olie-inlaatopening (28) van het zwaard verstopt is. Deze moeten dan gereinigd worden. Voor het transporteren van het gereedschap (na het gebruik) - Het accupack verwijderen. - Houd de handen uit de buurt van de veiligheidsschakelaar (12). - De meegeleverde beschermende afdekking (1) op het zwaard steken. Beschermende afdekking (1) op het zwaard (2) schuiven. Het accupack verwijderen. Gereedschap reinigen. Op een veilige plek, buiten het bereik van kinderen bewaren. WAARSCHUWING! Accupacks (11) verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. De motor moet stilstaan. Reinigen Ventilatiesleuven van het gereedschap met een kwastje reinigen en schoon zuigen. Indien nodig met droge perslucht schoon blazen. Na een langere periode of zeer frequent gebruik is het raadzaam om de binnenkant van het apparaat te laten reinigen door de klantenservice. Zaagketting Wanneer met een botte zaagketting wordt gewerkt, leidt dit tot voortijdige slijtage van de zaagketting, het kettingwiel en het zwaard. Ook een voortijdige breuk van de zaagketting kan hier het gevolg van zijn. Daarom is het belangrijk dat de zaagketting op tijd wordt geslepen. Het slijpen dient te gebeuren in een gespecialiseerde werkplaats. De zaagtanden van de zaagketting hebben de volgende hoeken: snijhoek = 55°, slijphoek= 30°. Voor het slijpen van de zaagketting wordt een ronde vijl van 4,5 mm gebruikt. De dieptebegrenzer met een vlakke vijl op een hoogte van 0,64 mm vijlen. Vervang de zaagketting als: - De lengte van de zaagtanden minder dan 5 mm bedragen. - Er te veel afstand is tussen de aandrijfschakels en de klinknagels. - De zaagsnelheid laag is. - Er na meerdere keren slijpen van de zaagketting nog altijd geen verbeterde zaagsnelheid kan worden bereikt. Vervangende zaagkettingen zie hoofdstuk Toebehoor. Zwaard Door de smeergaten (19) voor het neustandwiel aan de punt van het zwaard moet regelmet (met een smeerpistool, niet inbegrepen) een beetje kogellagervet worden gedrukt. Aan de onderkant is het zwaard onderhevig aan bijzonder sterke slijtage. Om eenzijdige slijtage van het zwaard te voorkomen, dient dit telkens wanneer de zaagketting geslepen wordt te worden omgekeerd. Indien nodig: Ontbraam de randen en vijl de randen vlak met een vlakke vijl. Bij deze gelegenheid ook de groef en de olie- inlaatopeningen (28) van het zwaard schoonmaken. Vervang het zwaard als - de groef niet overeenstemt met de hoogte van de aandrijfschakels (die nooit de onderkant mogen aanraken) - de binnenkant van het zwaard is versleten en de zaagketting daarom naar een kant helt. Wanneer het zwaard wordt vervangen, moet ook de zaagketting worden vervangen. Vervangende zwaarden zie hoofdstuk Toebehoor.

9. Onderhoud, reiniging

Kettingwiel Wanneer er grotere sporen van slijtage op het kettingwiel (20) te zijn (diepe groeven), dient het te worden vervangen. Zie het hoofdstuk Reparatie.

Gebruik uitsluitend originele Metabo of CAS (Cordless Alliance System) accupacks en toebehoor. Gebruik alleen toebehoren die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken. Toebehoren stevig aanbrengen. Als de machine wordt gebruikt in een houder: de machine veilig bevestigen. Verlies van controle kan tot letsel leiden. Bio-kettingzaag-hechtolie bestelnr.: 628441000 Zaagketting (als vervanging) bestelnr.: 628439000 Zwaard (als vervanging), bestelnr.: 628437000 Oplaadapparaten: ASC 145 DUO, ASC 55, etc. Accupacks met verschillende capaciteiten. Koop alleen accupacks met een spanning die overeenkomt met uw elektrische gereedschap. 5,5 Ah (LiHD), bestelnr.: 625368000 etc.

5.2 Ah (Li-Ion), bestelnr.: 625028000

etc. Compleet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus. Reparaties aan elektrisch gereedschap mogen uitsluitend door een erkende elektricien worden uitgevoerd! Neem voor elektrisch gereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com. Lijsten met reserveonderdelen kunt u via www.metabo.com downloaden. Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijke verwijdering en de recycling van afgedankte gereedschappen, verpakkingen en toebehoren. Accupacks mogen niet bij het huisvuil worden gegooid! Lever defecte of afgedankte accupacks in bij de Metabo-handelaar! Accupacks niet in het water gooien. Uitsluitend voor EU-landen: geef uw elek- trisch gereedschap nooit met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/ EG inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving dienen afgedankte elektrische gereed- schappen gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd. Ontlaad eerst het accupack in het elektrisch gereedschap alvorens het af te voeren. De contacten tegen kortsluiting beschermen (bijv. met tape isoleren).

Toelichting op de gegevens van pagina 3. Wijzigingen in het kader van technische verbeteringen voorbehouden. U = spanning van het accupack

max = lengte van het zwaard L = nuttige zaaglengte

= kettingsnelheid bij onbelast toerental

= zaagketting, aantal aandrijfschakels

= zaagketting, dikte aandrijfschakel

= gewicht (zonder olie, zwaard, zaagketting, accupack)

= gewicht (met zwaard, zaagketting, vol oliereservoir, zonder accupack) S = snijbeschermingsklasse Meetgegevens vastgesteld volgens de norm EN 62841. Toegestane omgevingstemperatuur tijdens het gebruik: -20 °C tot 50 °C (beperkt vermogen bij temperaturen beneden 0 °C). Toegestane omgevingstemperatuur tijdens de opslag: 0°C tot 30°C Gelijkstroom De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm). Emissiewaarden Deze waarden maken een beoordeling van de emissie van het elektrische gereedschap en een vergelijking van de verschillende elektrische gereedschappen mogelijk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap kan de daadwerkelijke belasting hoger of lager uitvallen. Neem voor de beoordeling werkpauzes en fasen met een lagere belasting in aanmerking. Bepaal op basis van de overeenkomstig aangepaste geschatte waarden maatregelen ter bescherming van de gebruiker, bijv. organisatorische maatregelen. Totale trillingswaarde (vectorsom van drie richtingen) vastgesteld conform EN 62841:

= trillingsemissiewaarde (zagen van hard houten stam)

= onzekerheid (trilling) Typisch A-gekwalificeerd geluidsniveau

, K WA/WA(G) = onzekerheid

Tijdens het werken kan het geluidsniveau 80 dB(A) overschrijden. Draag gehoorbescherming!ITALIANO it