XT420 - Walkietalkies MOTOROLA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis XT420 MOTOROLA in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - XT420 MOTOROLA
Download de handleiding voor uw Walkietalkies in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XT420 - MOTOROLA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XT420 van het merk MOTOROLA.
GEBRUIKSAANWIJZING XT420 MOTOROLA
AUTEURSRECHTEN COMPUTERSOFTWARE AUTEURSRECHTEN COMPUTERSOFTWARE Bij de in deze handleiding beschreven Motorola-producten horen mogelijk auteursrechtelijk beschermde Motorola- computerprogramma's die zijn opgeslagen op halfgeleidergeheugens of andere media. Volgens de wetgeving in de Verenigde Staten en andere landen behoudt MOTOROLA zich bepaalde exclusieve rechten voor op auteursrechtelijk beschermde computerprogramma's, met inbegrip van, maar niet beperkt tot het exclusieve recht om het auteursrechtelijk beschermde computerprogramma te kopiëren of reproduceren, op welke manier dan ook. Dienovereenkomstig mogen de auteursrechtelijk beschermde computerprogramma's in de in deze handleiding omschreven Motorola-producten zonder de uitdrukkelijke, schriftelijke toestemming van Motorola en op welke manier dan ook niet worden gekopieerd, gereproduceerd, aan reverse-engineering worden onderworpen of worden verspreid. Aan de koop van Motorola-producten kan bovendien geen gebruiksrecht worden ontleend krachtens auteursrechten, patenten of gepatenteerde toepassingen van Motorola, direct noch indirect, door juridische uitsluiting noch anderszins, behalve het normale, niet- exclusieve recht op gebruik van rechtswege bij de verkoop van een product.Nederlands
VEILIGHEID VEILIGHEID PRODUCTVEILIGHEID EN CONFORMITEIT VAN BLOOTSTELLING AAN RADIOGOLVEN LET OP! Om te voldoen aan de FCC/ICNIRP RF- vereisten ten aanzien van blootstelling aan radiogolven, mag deze portofoon alleen beroepsmatig worden gebruikt. Raadpleeg de volgende website voor een lijst met door Motorola goedgekeurde antennes, batterijen en andere accessoires: www.motorolasolutions.com/XTseries Voordat u dit product gaat gebruiken, dient u de bedieningsinstructies en de waarschuwingsinformatie over radiofrequente energie te lezen die u kunt vinden in het boekje Productveiligheid en blootstelling aan radiogolven dat bij de portofoon wordt geleverd. Let opNederlands
Dit document bevat belangrijke veiligheids- en gebruiksinstructies. Lees deze instructies goed door en bewaar deze voor later gebruik. Voordat u de batterijoplader gaat gebruiken, dient u alle instructies en waarschuwingsmar- keringen te lezen met betrekking tot:
- De portofoon waarvoor de batterij wordt gebruikt
1. Vermijd de kans op letsel door alleen gebruik te
maken van de oplaadbare, door Motorola goedgekeurde batterijen. Andere batterijen kunnen exploderen, waardoor persoonlijk letsel of schade kan ontstaan.
2. Het gebruik van accessoires die niet worden
aanbevolen door Motorola, kan leiden tot brand, een elektrische schok of letsel.
3. Vermijd de kans op schade aan de stekker en
de stroomkabel door de oplader aan de stekker en niet aan de kabel uit het stopcontact te trekken.
4. Gebruik alleen een verlengsnoer als dit
absoluut nodig is. Het gebruik van een verkeerd verlengsnoer kan leiden tot brand of een elektrische schok. Als een verlengkabel noodzakelijk is, gebruik dan een grootte van 18AWG voor een kabel tot 30 mtr en 16AWG voor een kabel tot 45 mtr.
5. Vermijd de kans op brand, een elektrische schok
of letsel door de oplader niet te gebruiken als deze op enigerlei wijze defect of beschadigd is. Breng in dat geval de oplader naar een gekwalificeerde Motorola-servicemonteur.
6. Haal de oplader niet uit elkaar; deze kan niet
worden gerepareerd en er zijn geen vervangende onderdelen verkrijgbaar. Als u de oplader uit elkaar haalt, kan er een elektrische schok of brand ontstaan.
7. Vermijd de kans op een elektrische schok door
de oplader uit het stopcontact te trekken voordat u deze onderhoudt of reinigt.Nederlands
- Schakel de portofoon uit alvorens de batterij op te laden.
- De oplader is niet geschikt voor gebruik buitenshuis. Gebruik deze alleen op droge locaties/in droge omstandigheden.
- De oplader mag alleen worden aangesloten op een correct bekabelde voedingsbron met zekeringen en het juiste voltage (zoals vermeld op het product).
- Koppel de oplader los van de netspanning door de stekker uit het stopcontact te trekken.
- Het stopcontact waarop deze apparatuur wordt aangesloten, moet zich in de buurt bevinden en goed bereikbaar zijn.
- Eventuele zekeringen in apparatuur moeten worden vervangen volgens het type en de specificatie zoals vermeld in de bijbehorende instructies.
- De maximale omgevingstemperatuur van de spanningsbronapparatuur mag niet hoger zijn dan 40°C.
- Het uitvoervermogen van de spanningsbroneenheid mag niet hoger zijn dan de classificaties die aan de onderzijde van de oplader staan vermeld op het productetiket.
- Zorg ervoor dat het snoer zodanig ligt dat niemand hierop kan stappen of erover kan struikelen, en dat het niet vochtig kan worden, kan worden beschadigd of strak kan komen te staan.Nederlands
Antenne Microfoon Knop voor aan/uit/ volume LED- indicator SB2 - Scannen/ hinderlijk kanaal verwijderen SB1 - Monitoren Batterij Modellabel PTT (Push-To- Talk)-toets Kanaalselectieknop 2-pins connector voor audioaccessoire XT420Nederlands
PORTOFOON Knop voor aan/uit/volume Wordt gebruikt om de portofoon in en uit te schakelen en het volume van de portofoon aan te passen. Kanaalselectieknop Wordt gebruikt om de portofoon op een ander kanaal af te stellen. Accessoireconnector Wordt gebruikt om compatibele audioaccessoires aan te sluiten. Modellabel Geeft het model van de portofoon aan. Microfoon Spreek duidelijk in de microfoon als u een bericht wilt versturen. Antenne De antenne van model XT420 kan niet worden verwijderd. LED-indicator Wordt gebruikt om de batterijstatus, de opstartstatus, informatie over de portofoonoproep en de scanstatus aan te geven. Knoppen aan de zijkant Push-to-Talk-knop (PTT)
- Houd deze knop ingedrukt als u praat en laat de knop los om te luisteren. Zijknop 1 (SB1)
- Zijknop 1 is een algemene knop die kan worden geconfigureerd met behulp van de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware). De standaardinstelling voor SB1 is 'Monitoren'. Zijknop 2 (SB2)
- Zijknop 2 is een algemene knop die kan worden geconfigureerd met behulp van de CPS. De standaardinstelling voor zijknop 2 is 'scannen/ hinderlijk kanaal verwijderen'.Nederlands
PORTOFOON De lithium-ionbatterij Bij de XT-serie wordt een lithium-ionbatterij met een standaardcapaciteit geleverd. Mogelijk zijn er ook andere batterijen beschikbaar. Zie "Batterij-eigenschappen en oplaadopties" op pagina 11 voor meer informatie. In deze gebruikershandleiding worden de modellen van de XT420-serie besproken. Op de onderkant van de portofoon vindt u de volgende informatie over het model van de portofoon: Tabel 1: Specificaties van XT420-portofoon Model Frequentie- bereik Zendvermo- gen (Watt) Aantal kanalen Antenne XT420 PMR446 0,5 16 Kan niet worden verwijderdNederlands
BATTERIJEN EN OPLADERS Portofoons van de XT-serie werken op lithium- ionbatterijen. Deze zijn verkrijgbaar in verschillende sterkten. De sterkte is bepalend voor de levensduur van de batterij. BATTERIJ-EIGENSCHAPPEN EN OPLAADOPTIES Informatie over de lithium-ionbatterij Bij portofoons van de XT-serie wordt een oplaadbare lithium-ionbatterij meegeleverd. Deze batterij moet vóór het eerste gebruik volledig worden opgeladen om optimale capaciteit en werking te garanderen. De levensduur van de batterij wordt bepaald door meerdere factoren. Een van de zwaarst wegende factoren is het regelmatig te lang opladen van batterijen en de mate waarin een batterij bij elke gebruiksronde wordt ontladen. Doorgaans geldt dat, hoe groter de overlading en hoe sterker de gemiddelde ontlading, des te lager het aantal keren dat een batterij kan worden gebruikt. Een batterij die bijvoorbeeld meerdere keren per dag overmatig wordt opgeladen en voor 100% wordt ontladen, gaat minder lang mee dan een batterij die per dag niet overmatig wordt opgeladen en slechts voor 50% wordt ontladen. Bovendien gaat een batterij die minimaal wordt overladen en gemiddeld voor slechts 25% wordt ontladen, zelfs nog langer mee. Batterijen van Motorola zijn speciaal ontworpen voor gebruik met een Motorola-oplader en vice versa. Door op te laden in een apparaat dat niet van Motorola is, kan de batterij beschadigen en kan de garantie van de batterij komen te vervallen. De batterij moet waar mogelijk op circa 25°C (kamertemperatuur) worden gebruikt of bewaard. Het opladen van een koude batterij (onder de 10°C) kan leiden tot het weglekken van batterijvloeistof en uiteindelijk tot een defecte batterij. Het opladen van een hete batterij (boven de 35°C) resulteert in een verminderde ontladingscapaciteit, wat de prestaties van de portofoon nadelig beïnvloedt. De snelladersNederlands
van Motorola bevatten een circuit dat de temperatuur meet om te verzekeren dat batterijen alleen worden opgeladen binnen het hierboven vermelde temperatuurbereik. De lithium-ionbatterij installeren
1. Schakel de portofoon uit.
2. Houd het Motorola-logo op de batterij naar
boven gericht en plaats de lipjes aan de onderkant van de batterij in de uitsparingen aan de onderzijde van de portofoonbehuizing.
3. Druk het bovenste gedeelte van de batterij naar
de portofoon toe totdat u een klik hoort. Opmerking: Raadpleeg voor meer informatie over de levensduur van de lithium-ionbatterij "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11 De lithium-ionbatterij verwijderen
1. Schakel de portofoon uit.
2. Druk de batterijvergrendeling naar beneden en
houd de vergrendeling ingedrukt terwijl u de batterij verwijdert.
3. Trek de batterij weg van de portofoon.
Lipjes Sleuven Aanbrengen Aandrukken tot de klik Loskoppelen Vergrendeling indrukken Tabel 1: Levensduur lithium-ionbatterij met Tx Power-batterij van 0,5 watt Type batterij Spaarstand uit Spaarstand aan Standaard 16 uur 20 uur Hoge capaciteit n.v.t. n.v.t.Nederlands
Voedingsbron en oplader De portofoon wordt geleverd met een oplader, een voedingsbron (ook bekend als transformator) en een set adapters. Alle adapters die bij de portofoon worden geleverd, kunnen worden gebruikt met de voedingsbron. Welke adapter u moet installeren, is afhankelijk van de regio waar u zich bevindt. Bepaal welke adapter geschikt is voor uw stopcontact en ga als volgt te werk om deze te installeren:
- Schuif de adapter met de gleuven omlaag op de voedingsbron tot deze op zijn plaats klikt.
- Schuif de adapter omhoog om deze te verwijderen. Opmerking: De adapter in de afbeeldingen dient slechts ter illustratie. Het is mogelijk dat de adapter die u installeert, er anders uitziet. Wanneer u een extra oplader of voedingsbron aanschaft, moet u erop letten dat deze overeenkomt met de oplader en de voedingsbronset die u al hebt. Voedingsbron Oplader PUSHPUSH PUSHPUSH Voedingsbron Voedingsbron Adapter AdapterNederlands
1. Plaats de portofoon gekanteld in de onderzijde
van de houder. Druk de portofoon tegen de achterkant van de houder totdat de haakjes van de houder in de bovenste uitsparingen van de batterij zitten.
2. Als u de portofoon van de houder wilt afnemen,
doet u dit zodanig dat de bovenste haakjes van de houder uit de bovenste uitsparingen van de batterij schuiven. Kantel de portofoon eerst iets voordat u deze uit de houder neemt. Opmerking: Als u de batterij (die in de portofoon is geplaatst) wilt opladen, plaatst u de portofoon in een door Motorola goedgekeurde oplader of in een oplaadstation voor meerdere apparaten. Opladen met de oplader
1. Plaats de oplader op een vlakke ondergrond.
2. Steek de stekker van de voedingsbron in de
aansluiting aan de zijkant van de oplader.
3. Steek de wisselstroomadapter in het stopcontact.
4. Plaats de portofoon in de houder met de
portofoon naar de voorzijde toe gekeerd, zoals in de afbeelding. Poort oplader Oplader Voedingsbron (transformator)Nederlands
Opmerking: Wanneer u een batterij wilt opladen die zich in een portofoon bevindt, dient u de portofoon uit te schakelen om ervoor te zorgen dat de batterij volledig kan worden opgeladen. Zie "Richtlijnen voor een veilige bediening" op pagina 7 voor meer informatie. Een losse batterij opladen Als u alleen de batterij wilt opladen, plaatst u bij stap stap 4 op pagina 14 de batterij in de houder, met de binnenzijde van de batterij naar de voorkant van de oplader voor één apparaat gericht, zoals in de afbeelding hierboven. Breng de sleuven in de batterij op één lijn met de ribbels in de oplader. Tabel 2: Door Motorola goedgekeurde batterijen Onderdeel- nummer Beschrijving PMNN4434_R Standaard lithium- ionbatterij PMNN4453_R Lithium-ionbatterij met hoge capaciteitNederlands
LED-indicators van de oplader (*) Dit probleem kan meestal worden opgelost door de batterij opnieuw te plaatsen. (**) Batterijtemperatuur is te hoog of te laag of het verkeerde voltage wordt gebruikt. Tabel 3: LED-indicator oplader Status LED-indicator Opmerkingen Ingeschakeld Brandt ca. 1 sec. groen Bezig met laden Brandt rood Opladen voltooid Brandt groen Batterijfout (*) Knippert snel rood Wacht op opladen (**) Knippert langzaam geel Status batterijniveau n.v.t. Batterij leeg Knippert 1 keer rood Batterij bijna leeg Knippert 2 keer oranje Batterij halfvol Knippert 3 keer groen Batterij volNederlands
Als er geen LED-indicatie is:
1. Controleer of de portofoon met batterij of de batterij alleen goed is geplaatst. (Zie stap van "Opladen met de
oplader" op pagina 14)
2. Zorg dat de voedingskabel goed in de aansluiting van de oplader is gestoken en in een geschikt stopcontact.
Ga na of de oplader stroom afneemt van het stopcontact.
3. Controleer of de batterij van de portofoon voorkomt in Tabel 2 op pagina 15.
Geschatte oplaadtijd In de volgende tabel staan de geschatte oplaadtijden van de batterij. Zie "Veiligheidsinformatie met betrekking tot batterijen en opladers" op pagina 6 voor meer informatie. Tabel 4: Geschatte oplaadtijd van batterij Laadoplossingen Geschatte oplaadtijd Standaardbatterij Batterij met hoge capaciteit Standaard ≤ 4,5 uur n.v.t. Snel ≤ 2,5 uur n.v.t.Nederlands
Een portofoon en batterij opladen met een laadstation voor meerdere apparaten (optioneel accessoire) Met het laadstation voor meerdere apparaten kunt u maximaal 6 portofoons of batterijen opladen. Portofoons kunnen samen met de erin geplaatste batterij worden opgeladen, of u kunt de batterij uit de portofoon halen en afzonderlijk in het laadstation plaatsen. Elk van de 6 laadvakken biedt plaats aan een portofoon (met of zonder de houder) of een batterij, maar niet aan beide.
1. Plaats het laadstation op een vlakke ondergrond.
2. Steek de stekker van de stroomkabel in de
2-pins aansluiting onder op het laadstation.
3. Steek de stroomkabel in een stopcontact.
4. Schakel de portofoon uit.
5. Plaats de portofoon of batterij in het laadvak.
Richt daarbij de portofoon of batterij van de contactpunten af. Opmerking:
- Met dit laadstation kunnen maximaal 2 portofoons (2 bronportofoons en 2 doelportofoons) worden gedupliceerd ('gekloond'). Zie "Klonen met een oplaadstation voor meerdere apparaten" op pagina 36 voor meer informatie.
- Meer informatie over de werking van het laadstation is beschikbaar in de instructiefolder die bij het laadstation is meegeleverd. Raadpleeg "Accessoires" op pagina 55 voor meer informatie over de onderdelen en de onderdeelnummers. Contactpunten voor opladen Laadindicator Ladercompartiment Stroomaansluiting opladerNederlands
LED-indicators van het oplaadstation (*) Dit probleem kan meestal worden opgelost door de batterij opnieuw te plaatsen. (**) Batterijtemperatuur is te hoog of te laag of het verkeerde voltage wordt gebruikt. Als er geen LED-indicatie is:
1. Controleer of de portofoon met batterij of de batterij alleen goed is geplaatst. (Zie "Een portofoon en batterij
opladen met een laadstation voor meerdere apparaten (optioneel accessoire)" op pagina 18):
2. Zorg dat de voedingskabel goed in de aansluiting van de oplader is gestoken en in een geschikt stopcontact.
Ga na of de oplader stroom afneemt van het stopcontact.
3. Controleer of de batterij van de portofoon voorkomt in Tabel 2 op pagina 15.
Tabel 5: LED-indicator oplader Status Led-status Opmerkingen Ingeschakeld Groen gedurende 1 sec Bezig met laden Brandt onafgebroken rood Opladen voltooid Brandt onafgebroken groen Batterijfout (*) Rood licht knippert snel Wacht op opladen (**) Knippert langzaam oranje Status batterijniveau Rood licht knippert 1 keer Batterij bijna leeg Oranje licht knippert 2 keer Batterij halfvol Groen licht knippert 3 keer Batterij volNederlands
Raadpleeg bij de volgende toelichtingen "Onderdelen van de portofoon" op pagina 8.
DE PORTOFOON IN- EN UITSCHAKELEN
Draai de knop voor aan/uit/volume naar rechts om de portofoon in te schakelen. Op de portofoon hoort u:
- Aankondiging voor opstarttoon en kanaalnummer, of
- Aankondigingen voor accuniveau en kanaalnummer, of
- Stil (hoorbare tonen uitgeschakeld) De LED knippert kort rood. Als u de portofoon wilt uitschakelen, draait u de knop voor aan/uit/volume naar links tot u een klik hoort en de led-indicator van de portofoon uitgaat.
HET VOLUME AANPASSEN
Draai de knop voor aan/uit/volume naar rechts om het volume te verhogen en naar links om het volume te verlagen. Opmerking: Houd de portofoon niet te dicht bij uw oor wanneer het volume te hoog staat of wanneer u het volume regelt
EEN KANAAL SELECTEREN
Als u een kanaal wilt selecteren, draait u aan de kanaalselectieknop tot u het gewenste kanaal hebt gevonden. U hoort welk kanaal is geselecteerd. Elk kanaal heeft een eigen frequentie, een eigen interferentie-eliminatiecode en eigen scaninstellingen.
Het is belangrijk het radioverkeer te controleren voordat u berichten verstuurt, om te voorkomen dat u 'over iemand heen praat' die al bezig is met verzenden. Houd knop SB1 (*) lang ingedrukt om toegang te krijgen tot het radioverkeer op het kanaal. Als er geen activiteit is, hoort u 'statische' ruis. Om los te laten, drukt u nogmaals op knop SB1. Zodra er geen radioverkeer meer is opNederlands
het kanaal, kunt u verdergaan met uw oproep door de PTT-knop in te drukken. Tijdens het uitzenden blijft de LED-indicator rood branden. Opmerkingen:
- Als u naar alle activiteit op het huidige kanaal wilt luisteren, drukt u kort op SB1 om de CTCSS/ DPL-code in te stellen op 0. Deze functie heet 'CTCSS/DPL-onderdrukking' (ruisonderdrukking ingesteld op STIL).
- (*) Dit is alleen mogelijk als knop SB1 niet al is ingesteld voor een andere modus.
EEN OPROEP ONTVANGEN
1. Selecteer een kanaal door aan de
kanaalselectieknop te draaien tot u het gewenste kanaal heeft gevonden. U hoort welk kanaal is geselecteerd.
2. Let erop dat u de PTT-knop niet indrukt, en
luister of er stemactiviteit op het kanaal is.
3. De LED-indicator blijft rood branden wanneer
de portofoon een oproep ontvangt.
4. Als u wilt antwoorden, houdt u de portofoon
verticaal op 2,5 tot 5 cm afstand van uw mond. Druk de PTT-knop in om te praten; laat de knop los om te luisteren. Opmerking:
- Interferentie-eliminatiecodes worden ook wel CTCSS/DPL-codes of PL/DPL-codes genoemd.Nederlands
ZENDBEREIK Portofoons van de XT-serie zijn ontworpen voor een maximale prestatie en een verbeterd transmissiebereik in het veld. Aanbevolen wordt om minimaal 1,5 m afstand tussen de portofoons te houden om te voorkomen dat er interferentie optreedt. Het dekkingsbereik van de XT460 is 16.250 vierkante meter, 13 verdiepingen en 9 km in vlakke gebieden. Het zendbereik hangt af van het terrein. Het bereik kan worden beïnvloed door betonnen constructies of dicht gebladerte en door de portofoons binnenshuis of in een voertuig te gebruiken. Het optimale bereik wordt verkregen in een vlak, open gebied en kan dan 9 km bedragen. Als er gebouwen en bomen in de weg staan, wordt er een gemiddeld bereik verkregen. Voor een goede tweewegcommunicatie moeten op beide portofoons hetzelfde kanaal, dezelfde frequentie en dezelfde interferentie- eliminatiecode zijn ingesteld. Deze instellingen hangen af van het opgeslagen profiel dat vooraf op de portofoon is geprogrammeerd:
1. Kanaal: het huidige kanaal dat op de portofoon
wordt gebruikt, afhankelijk van het portofoonmodel.
2. Frequentie: de frequentie die door de
portofoon wordt gebruikt voor het verzenden/ ontvangen.
3. Interferentie-eliminatiecode: deze code helpt
de interferentie te minimaliseren doordat er een reeks codecombinaties beschikbaar wordt gesteld.
4. Scramblercode: code die ervoor zorgt dat de
transmissie vervormd klinkt voor iedereen die de portofoon niet heeft ingesteld op die specifieke code. Zie "Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus)" op pagina 27 voor informatie over het instellen van frequenties en CTCSS/DPL-codes voor de kanalen.Nederlands
PORTOFOONSTATUS LED-INDICATIE Kanaal bezet Brandt oranje Kloonmodus Dubbele oranje hartslag Bezig met klonen Brandt oranje Kritieke fout bij opstarten Knippert één keer groen, één keer oranje, één keer groen en vervolgens wordt dit 4 seconden lang herhaald Batterij bijna leeg Oranje hartslag Uitschakeling wegens lege batterij Snelle oranje hartslag Monitoren Led is uit Opstarten Brandt 2 seconden lang rood 'Inactieve' programmeermodus/ kanaalmodus Groene hartslag Scanmodus Snelle rode hartslag Verzenden (Tx)/ontvangen (RX) Brandt rood VOX/iVOX-modus Dubbele rode hartslagNederlands
Portofoons van de Motorola XT-serie kunnen handsfree (VOX) worden gebruikt als u deze gebruikt in combinatie met de compatibele VOX-accessoires. Met compatibele VOX-accessoires De standaardfabrieksinstelling voor het VOX- gevoeligheidsniveau is gemiddeld (niveau '2'). Stel voordat u VOX gebruikt, het VOX- gevoeligheidsniveau in op een ander niveau dan '2', met behulp van de computerprogrammeersoftware (CPS). Voer vervolgens deze stappen uit:
1. Schakel de portofoon uit.
2. Open het accessoireklepje.
3. Steek de stekker van de audio-accessoire goed
in de accessoirepoort.
4. Zet de portofoon aan. De LED-indicator gaat
dubbel rood knipperen.
5. Zet het volume van de portofoon zachter
VOORDAT u de accessoire bij uw oor houdt.
6. Om uit te zenden, spreekt u in de
accessoiremicrofoon en om te ontvangen stopt u met spreken.
7. VOX kan tijdelijk worden uitgeschakeld door op
de knop Push-to-Talk (PTT) te drukken of door de audio-accessoire te verwijderen. Opmerking: Als u accessoires wilt bestellen, neemt u contact op met het filiaal waar u het Motorola-apparaat hebt aangeschaft. iVOX-gevoeligheid instellen De gevoeligheid van de accessoire of microfoon van de portofoon kan worden aangepast, naar gelang de verschillende werkomgevingen. De iVOX-gevoeligheid kan met behulp van de CPS worden geprogrammeerd. VOX- accessoire Accessoirepoort/- aansluitingNederlands
De standaardwaarde is '3'. Het iVOX-niveau moet op een ander niveau worden ingesteld.
- 1 = Lage gevoeligheid
- 2 = Gemiddelde gevoeligheid
- 3 = Hoge gevoeligheid Handsfree zonder accessoires (iVOX)
- Schakel iVOX in door op de PTT-knop te drukken terwijl u de portofoon aanzet.
- U kunt iVOX tijdelijk uitschakelen door op de PTT-knop te drukken.
- Door kort op de PTT-knop te drukken, wordt iVOX weer ingeschakeld.
- Er zit een korte vertraging tussen het moment waarop u begint te praten en het moment waarop de portofoon begint uit te zenden. Microfoonversterking De gevoeligheid van de microfoon kan worden aangepast aan de wensen van verschillende gebruikers of werkomgevingen. Deze functie kan alleen worden aangepast met behulp van de CPS. Standaard is de microfoon ingesteld op niveau 2 (gemiddelde versterking). Gebruik van spraakopdrachten wisselen in gebruikersmodus Druk kort op de knop SB1 terwijl u de portofoon aanzet, om gebruik van spraakopdrachten in de gebruikersmodus in of uit te schakelen. (Deze functie is standaard ingeschakeld). Opstarttoonmodus Om de opstarttoonmodus in of uit te schakelen, drukt u 2 à 3 seconden lang tegelijkertijd op de knoppen SB1 en SB2 terwijl de portofoon wordt opgestart, totdat u de voorgeprogrammeerde opstarttoon hoort. Er zijn 3 verschillende opstarttonen beschikbaar. Terugzetten op fabrieksinstellingen Terugzetten op fabrieksinstellingen betekent dat alle portofoonfuncties worden teruggezet op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen. U doet dit door tegelijkertijd op PTT, SB2 en SB1 te drukken terwijl u de portofoon aanzet, totdat u een hoog tjilpgeluid hoort.Nederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN FUNCTIES PROGRAMMEREN Aanbevolen wordt de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware) en de programmeerkabel te gebruiken om alle functies van de portofoon eenvoudig te kunnen programmeren. CPS-software kan gratis worden gedownload van www.motorolasolutions.com/XTSeries.
ADVANCED CONFIGURATION MODE
(GEAVANCEERDE CONFIGURATIEMODUS) Advanced Configuration (Geavanceerde configuratie) is een configuratiemodus waarmee extra functies kunnen worden aangepast via het voorpaneel van de portofoon. Voor portofoonmodellen zonder display vindt de navigatie plaats via spraakopdrachten. Wanneer de portofoon is ingesteld op Advanced Configuration (Geavanceerde configuratie), kunt u de volgende drie functies lezen en wijzigen:
- Auto-scan Met de functie Frequenties selecteren kunt u frequenties kiezen in een vooraf ingestelde lijst. De interferentie-eliminatiecode (CTCSS/ DPL) helpt interferentie te minimaliseren door middel van een reeks codecombinaties voor het filteren van statisch geluid, ruis en ongewenste berichten. Met de functie Auto-scan kunt u een bepaald kanaal configureren zodat dit automatisch wordt gescand als u naar dat kanaal overschakelt.Nederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) Opmerking: Zorg ervoor dat uw portofoon is ingesteld op het kanaal dat u wilt programmeren, voordat u de functies gaat configureren. U kunt dit doen voordat u Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) opent of op elk gewenst moment in Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) door aan de kanaalselectieknop te draaien totdat u het gewenste kanaal hebt bereikt. Als u frequenties, codes of auto-scan wilt lezen of wijzigen, stelt u de portofoon in op Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus). Houd hiertoe tegelijkertijd de knop PTT en de knop SB1 3 tot 5 seconden ingedrukt terwijl u de portofoon inschakelt. Ga hiermee door totdat u een stem "Programming Mode" (programmeermodus) en "Channel Number" (kanaalnummer) hoort zeggen. De LED-Indicator begint te knipperen met een groene hartslag. Opmerking: De 'inactieve' programmeermodus is de fase van de programmeermodus waarin de portofoon wacht tot de gebruiker de programmeercyclus voor de portofoon start. Zodra u zich in de 'inactieve' programmeermodus bevindt, kunt u de instellingen voor frequentie, code en auto-scan horen door kort te drukken op de PTT-knop en de verschillende programmeerbare functies te doorlopen. Frequentiewaarden invoeren Portofoons van de XT-serie maken gebruik van de PMR446-band, waarop acht frequenties beschikbaar zijn. In de 'inactieve' programmeermodus is het kanaalnummer de eerste waarde die kan worden gewijzigd. Selecteer het gewenste kanaal door te draaien aan de kanaalselectieknop. U hoort een stem het kanaal noemen dat is geselecteerd voor configuratie. Als u kort op de PTT-knop drukt, kunt u de overige functies doorlopen dieNederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN beschikbaar zijn voor configuratie. Gebruik de knoppen SB1 en SB2 om de waarden te wijzigen. U hoort een stem de geselecteerde waarde zeggen. CTCSS/DPL-waarden lezen Als u de functies wilt doorlopen die beschikbaar zijn voor configuratie, drukt u kort op de PTT-knop totdat u de huidige code hoort. U gaat naar de modus voor het programmeren van CTCSS/PL-codes. Voer een nieuwe codewaarde in met de knoppen SB1 en SB2. Voor portofoons van de XT-serie zijn maximaal 219 codes beschikbaar. Zie "Frequentie- en codetabellen" op pagina 47 voor meer informatie. Auto-scanwaarden lezen Zodra u de CTCSS/DPL-codes hebt gehoord, drukt u kort op de PTT-knop om naar de auto- scanmodus te gaan. Auto-scan kent maar twee waarden:
- Uitgeschakeld Pas de auto-scanwaarden aan met de knoppen SB1 en SB2. Instellingen opslaan Zodra u tevreden bent met de instellingen, kunt u een van de volgende dingen doen:
- Druk kort op de PTT-knop om door te gaan met programmeren.
- Druk lang op de PTT-knop om uw wijzigingen op te slaan en terug te keren naar de 'inactieve' programmeermodus.
- Druk tweemaal lang op de PTT-knop om de 'inactieve' programmeermodus te verlaten en terug te keren naar de normale werking van de portofoon. Opmerking:
- Schakel de portofoon uit als u de programmeermodus wilt verlaten zonder uw wijzigingen op te slaan.Nederlands
- Als u de portofoon doordraait naar het begin van de 'inactieve' programmeermodus, hoort u "Channel Number" (kanaalnummer) en begint de LED-indicator weer groen te knipperen. Alle gewijzigde waarden worden automatisch opgeslagen. Veelgestelde vragen over programmeermodus
1. Ik raakte afgeleid tijdens het programmeren en
ben vergeten welke functie ik aan het programmeren was. Wat moet ik nu doen? Keer terug naar de 'inactieve' programmeermodus en begin opnieuw. U kunt niet terugkeren naar de programmeermodus (de portofoon biedt geen verdere mogelijkheid om u te laten weten in welke fase van de programmeermodus u zich bevindt). U kunt wel een van de volgende dingen doen:
- Druk lang op de PTT-knop. De portofoon gaat terug naar de 'inactieve' programmeermodus.
- Of schakel de portofoon uit en open de programmeermodus opnieuw. (Zie "Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus)" op pagina 27 voor meer informatie)
2. Ik probeer een frequentiewaarde (of
codewaarde) te programmeren maar de portofoon werkt niet mee. De portofoon draaide door naar de waarde '0'. U mag alleen waarden programmeren die beschikbaar zijn in de pool van frequenties en codes. Als u bijvoorbeeld programmacode 220 probeert te programmeren, wordt dit niet geaccepteerd omdat de maximumwaarde 219 is. Hetzelfde geldt voor frequenties. Zie "Frequentie- en codetabellen" op pagina 47 om te controleren of u een geldige waarde probeert te programmeren.
3. Ik probeer de programmeermodus te openen,
maar dat lukt niet.Nederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN Mogelijk is de portofoon vergrendeld met behulp van de CPS om programmering via het voorpaneel te voorkomen. Gebruik de CPS om deze functie in te schakelen.
4. Ik heb een onjuiste waarde geprogrammeerd.
Hoe kan ik deze waarde wissen of wijzigen? Als u een onjuiste waarde hebt geprogrammeerd, kunt u het volgende doen:
- Draai de portofoon door. Elke keer dat u de maximumwaarde bereikt, draait de portofoon door naar nul. Blijf de waarde verhogen (door kort te drukken op de knop SB1) of verlagen (door kort te drukken op de knop SB2) totdat u de gewenste waarde hebt bereikt.
- Of schakel de portofoon uit en begin opnieuw.
5. Ik heb zojuist de gewenste waarde
geprogrammeerd. Hoe verlaat ik nu de programmeermodus? U kunt dit als volgt doen:
- Druk tweemaal lang op de PTT-knop als u zich in de programmeermodus bevindt.
- Of druk eenmaal lang op de PTT-knop als u zich al in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.
6. Ik ben klaar met het programmeren van de
functies voor dit kanaal. Hoe kan ik nu nog een kanaal programmeren? Druk meermaals kort op de PTT-knop totdat u "Channel Number" (kanaalnummer) hoort. Wissel van kanaal door te draaien aan de kanaalselectieknop. Als u de wijzigingen wilt opslaan, moet u zich bevinden in de 'inactieve' programmeermodus voordat u van kanaal wisselt, anders gaan de aangebrachte wijzigingen verloren.Nederlands
WAARDEN Voorbeeld van programmeren van een frequentie Als de frequentiewaarde momenteel is ingesteld op Kanaal 1, terwijl de PMR446- standaardfrequentie is ingesteld op '02' (446.03125 MHz), en u dit wilt wijzigen in Frequentienummer = '13' (466.05625 MHz), gaat u als volgt te werk:
1. Open Advanced Configuration Mode
(Geavanceerde configuratiemodus).
2. Druk kort op de PTT-knop om de frequentiemodus
te openen. U hoort dat de huidige waarde '2' is.
3. Druk elf keer op de knop SB1 om de frequentie
te verhogen. U hoort dan frequentie "One, three" (één drie, 13).
4. Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator
laat een groene hartslag zien om aan te geven dat u zich in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.
5. Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de
programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoon uit. Voorbeeld van programmeren van een code Als de codewaarde momenteel is ingesteld op de fabrieksinstelling '001' en u dit wilt wijzigen in CTCSS/DPL-code = 103, gaat u als volgt te werk:
1. Open Advanced Configuration Mode
(Geavanceerde configuratiemodus).
2. Druk tweemaal kort op de PTT-knop. U hoort
"Code Number" (codenummer) (de CTCSS/ DPL-programmaselectiemodus wordt geopend).
3. Als u de knop SB1 of SB2 ingedrukt houdt, gaat
u snel naar voren of naar achteren in stappen van 10. Wanneer u de knop loslaat, hoort u het eerste, tweede en derde cijfer volledig. Druk meermaals op de knop SB1 of SB2 totdat u "103" hoort.
4. Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator
laat een groene hartslag zien om aan te geven dat u zich in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.Nederlands
5. Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de
programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoon uit. Voorbeeld van het programmeren van auto-scan Auto-scan is de derde beschikbare functie in de programmeermodus. U kunt deze in- of uitschakelen voor een bepaald kanaal. Auto-scan inschakelen:
- Open Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) en selecteer het gewenste kanaal.
- Druk driemaal kort op de PTT-knop om de programmeerselectiemodus voor actieve kanalen te openen. U hoort "Auto-scan" (automatisch scannen) en de instelling Enabled (ingeschakeld) of Disabled (uitgeschakeld).
- Druk op SB1 of SB2 als u de instelling wilt wijzigen.
- Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator laat een groene hartslag zien om aan te geven dat u zich in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.
- Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoon uit. OVERIGE PROGRAMMEERFUNCTIES Scannen Met Scannen kunt u andere kanalen monitoren om gesprekken te detecteren. Wanneer de portofoon een uitzending detecteert, stopt deze met scannen en gaat de portofoon naar het actieve kanaal. U kunt dan luisteren naar en praten met mensen op dat kanaal zonder dat u van kanaal hoeft te wisselen. Als er geldige kanaalactiviteit is op kanaal 2, blijft de portofoon op kanaal 1 en hoort u kanaal 2 niet. Zodra het praten is gestopt op kanaal 1, wacht de portofoon 5 seconden voordat het scannen wordt hervat.
- Druk op de knop SBx (x=1 of 2) om te beginnen met scannen. (Scannen vindt standaard plaats op SB2, maar u kunt dit via CPS instellen op de knop SB1 of SB2.) Wanneer de portofoonNederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN kanaalactiviteit detecteert, stopt deze bij dat kanaal totdat de activiteit stopt. Druk op de PTT- knop om op dat kanaal te reageren zonder dat u van kanaal hoeft te wisselen. Als er niet binnen 5 seconden een uitzending plaatsvindt, wordt het scannen hervat.
- Als u wilt stoppen met scannen, drukt u nogmaals op de (voor scannen geprogrammeerde) knop SB1 of SB2.
- Als u een kanaal wilt scannen zonder de interferentie-eliminatiecodes (CTCSS/DPL), stelt u de codes voor de kanalen in op '0' in de CTCSS/DPL-programmaselectiemodus. Opmerking: Wanneer de portofoon is ingesteld op Scannen, knippert de LED-indicator met een rode hartslag. Scanlijst bewerken U kunt de scanlijst bewerken met de CPS. Zie "Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware)" op pagina 34 voor meer informatie. Hinderlijk kanaal verwijderen Met Hinderlijk kanaal verwijderen kunt u kanalen tijdelijk verwijderen van de scanlijst. Deze functie komt goed van pas wanneer irrelevante gesprekken op een 'hinderlijk' kanaal de scanfunctie van de portofoon verstoren. Een kanaal verwijderen van de scanlijst:
- Start de scanmodus door kort te drukken op de (voor scannen geprogrammeerde) knop SB1 of SB2.
- Wacht totdat de portofoon stopt met ontvangen op het kanaal dat u wilt verwijderen. Druk lang op de knop SB2 om het kanaal te verwijderen. U kunt het kanaal niet verwijderen wanneer scannen is ingeschakeld (startkanaal).
- Het kanaal wordt pas weer gescand als u de scanmodus verlaat door nogmaals kort te drukken op de (voor scannen geprogrammeerde) knop SB1 of SB2 of door de portofoon uit te schakelen en weer in te schakelen.Nederlands
WARE) Afbeelding 1: De portofoon instellen op de CPS De eenvoudigste manier om de functies van de portofoon te programmeren of te wijzigen, is door gebruik te maken van de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware) en de CPS- programmeerkabel (*). CPS-software kan gratis worden gedownload van www.motorolasolutions.com/XTseries Als u wilt programmeren, verbindt u de portofoon uit de XT-serie met behulp van het oplaadstation en de CPS-programmeerkabel, zoals weergegeven in Afbeelding 1 op pagina 34. Stel de schakelaar van de CPS- programmeerkabel in op 'CPS-modus'. Met de CPS kunt u frequenties en PL/DPL- codes programmeren, evenals een aantal andere functies zoals: Time-out Timer, Scan List, Call Tones, Scramble, Reverse Burst, enzovoort. CPS is een zeer handig hulpmiddel, omdat hiermee ook programmering via het voorpaneel van de portofoon kan worden geblokkeerd of het wijzigen van specifieke portofoonfuncties kan worden beperkt (om te voorkomen dat vooraf ingestelde portofoonwaarden per ongeluk worden gewist). Daarnaast is het mogelijk het beheer van het profiel van de portofoon te beveiligen met een wachtwoord. Zie het schema met het functieoverzicht achter in de gebruikershandleiding voor meer informatie. Houder oplader Te programmeren portofoon USB-poorten CPS-programmeerkabelNederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN Opmerking: (*) De CPS-programmeerkabel P/N# HKKN4027_ is een afzonderlijk verkrijgbaar accessoire. Neem voor meer informatie contact op met een Motorola-verkooppunt. Time-Out Timer Met deze timer stelt u in hoelang de portofoon mag doorgaan met continu uitzenden voordat de uitzending automatisch wordt beëindigd. De standaardinstelling is 60 seconden, maar deze kan worden gewijzigd met de CPS. Oproeptonen Met de functie voor oproeptonen kunt u een hoorbare toon uitzenden naar andere portofoons op hetzelfde kanaal, om gebruikers erop te attenderen dat u gaat praten, of om hen te waarschuwen zonder dat u iets zegt. Als u deze functie wilt gebruiken, moet Call Tones zijn ingesteld op SB1 of SB2 en moet een van de drie vooraf opgenomen tonen zijn geselecteerd. Scramble De functie Scramble zorgt ervoor dat de transmissie vervormd klinkt voor iedereen die luistert zonder dezelfde code. Scramble is standaard uitgeschakeld. Als u de scramblercode wilt wijzigen bij een normale werking van de portofoon, moet de functie Scramble zijn ingesteld op SB1 of SB2. Reverse Burst Met Reverse Burst elimineert u ongewenste ruis (squelch tail) wanneer er geen berichten worden gedetecteerd. U kunt de waarde 180 of 240 selecteren om compatibel te zijn met andere portofoons. De standaardwaarde is 180. Opmerkingen:
- De functies die worden beschreven op de vorige pagina's, vormen nog maar een greep uit de functies die CPS heeft. CPS heeft nog veel meer mogelijkheden. Zie voor meer informatie het HELP-bestand in de CPS.
- Hoe een aantal van de functies die beschikbaar zijn bij de CPS-software werkt, is afhankelijk van het portofoonmodel.Nederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN PORTOFOONS KLONEN U kunt profielen van portofoons van de XT- serie klonen van een bronportofoon naar een doelportofoon met behulp van een van de volgende drie methoden:
- Met een oplaadstation voor meerdere apparaten (optioneel accessoire)
- Met twee oplaadstations voor één apparaat en een portofoon-naar-portofoon kloonkabel (optioneel accessoire),
- Met de CPS (gratis te downloaden software) Klonen met een oplaadstation voor meerdere apparaten Als u portofoons wilt klonen met een oplaadstation voor meerdere apparaten, moeten er minimaal twee portofoons zijn:
- Een bronportofoon (waarvan de profielen worden gekloond of gekopieerd)
- Een doelportofoon (een portofoon waarvan het profiel wordt gekloond van de bronportofoon) De bronportofoon moet zich bevinden in compartiment 1 of 4, terwijl de doelportofoon zich moet bevinden in compartiment 2 of 5. De twee portofoons moeten zich bevinden in een van de volgende combinaties van compartimenten van het oplaadstation voor meerdere apparaten:
- 4 en 5 Bij het klonen hoeft het oplaadstation voor meerdere apparaten niet te zijn aangesloten op een stopcontact, maar wel moeten ALLE portofoons opgeladen batterijen hebben. Compartiment 1 "KLOON"- symbool Compartiment 2 "KLOON"- symbool Compartiment 5 Compartiment 4Nederlands
1. Schakel de doelportofoon in en plaats deze in
een van de doelcompartimenten van het oplaadstation voor meerdere apparaten.
2. Schakel de bronportofoon in door als volgt te
- Houd de knoppen PTT en SB2 lang gelijktijdig ingedrukt en schakel de portofoon in.
- Wacht drie seconden met het loslaten van de knoppen, totdat u "Cloning" (klonen) hoort.
3. Plaats de bronportofoon in het
broncompartiment dat hoort bij het doelcompartiment dat u hebt gekozen in stap 1. Druk kort op de SB1-knop.
4. Na het klonen hoort u via de bronportofoon
"Successful" (gelukt) of "Fail" (mislukt). Als de bronportofoon een model met display is, wordt op het display 'Pass' (gelukt) of 'Fail' (mislukt) weergegeven (binnen vijf seconden hoort u een toon).
5. Zodra u het kloonproces hebt voltooid, schakelt
u de portofoons uit en weer in om de kloonmodus te verlaten. Zie voor meer informatie over het klonen van portofoons het instructieblad dat bij het oplaadstation voor meerdere apparaten is geleverd. Verwijs naar P/N# PMLN6384_ wanneer u een oplaadstation voor meerdere apparaten bestelt. Opmerkingen:
- Zie "Wat te doen als het klonen mislukt" op pagina 40 als het klonen mislukt.
- Aan elkaar gekoppelde doel- en bronportofoons moeten van hetzelfde bandtype zijn, anders mislukt het klonen.
- Nummers van compartimenten van oplaadstations voor meerdere apparaten moet u van links naar rechts lezen terwijl het Motorola- logo naar voren wijst.Nederlands
- Zowel CPS- als kloonkabels zijn gemaakt om te werken met portofoons van de XT- of de XTNi- serie. De kloonkabel ondersteunt portofoons van de XT- en de XTNi-serie.
- Met een CPS-kabel kunt u portofoons van de XT- serie programmeren. Zorg ervoor dat de schakelaar van de kabel in de positie "Flash" of "CPS" staat. Als u een XTNi-portofoon wilt programmeren met de CPS-kabel, zorgt u ervoor dat de schakelaar van de kabel in de positie "CPS" staat en dat de USB-converter uit de CPS- kabelset aan de kabel is gekoppeld.
- Met de kloonkabel kunt u het volgende klonen: – Portofoons van de XT-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Cloning" (klonen) of "Legacy" staat. – Portofoons van de XTNi-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Legacy" staat en dat er zich aan elk uiteinde van de kloonkabel één USB-converter bevindt. – Portofoons van de XT- en XTNi-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Legacy" staat en gebruik een USB-converter voor het XTNi-oplaadstation voor één apparaat. De kloonkabelset bevat één USB- converter. CPS-kabel Cloning Cable Cloning Cable Unique Micro to Mini Converter USB-converterNederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN Portofoon klonen met de portofoon-naar- portofoon kloonkabel (optioneel accessoire) Bedieningsinstructies
1. Voordat u begint met het kloonproces, zorgt u
- Voor elk van de portofoons hebt u een volledig opgeladen batterij.
- U hebt twee oplaadstations voor één apparaat, of twee oplaadstations voor het klonen van een portofoon van de XT-serie, of één oplaadstation voor een portofoon van de XT- serie en één oplaadstation voor een portofoon van de XTNi-serie.
- Schakel de portofoons uit.
2. Koppel eventuele kabels (netsnoeren of USB-
kabels) los van de oplaadstations voor één apparaat.
3. Sluit het ene uiteinde van de mini-USB-
connector van de kloonkabel aan op het eerste oplaadstation voor één apparaat en het andere uiteinde op het tweede oplaadstation. Opmerking: Tijdens het kloonproces is de stroom uitgeschakeld voor het oplaadstation voor één apparaat. De batterijen worden niet opgeladen. Er vindt alleen gegevenscommunicatie plaats tussen de twee portofoons.
4. Schakel de doelportofoon in en plaats deze in
een van de doelstations voor één apparaat.
5. Schakel de bronportofoon in door als volgt te
- Houd de knoppen PTT en SB2 gelijktijdig en lang ingedrukt en schakel de portofoon in.Nederlands
- Wacht drie seconden met het loslaten van de knoppen. U hoort dan het woord "Cloning" (klonen).
6. Plaats de bronportofoon in het oplaadstation
voor één apparaat. Druk kort op de SB1-knop.
7. Wanneer het klonen is voltooid, hoort u op de
bronportofoon "Successful" (gelukt) of "Fail" (mislukt). Als de bronportofoon een model met display is, wordt op het display 'Pass' (gelukt) of 'Fail' (mislukt) weergegeven (binnen vijf seconden hoort u een toon).
8. Zodra het kloonproces is voltooid, schakelt u de
portofoons uit en weer in om de kloonmodus te verlaten. Wat te doen als het klonen mislukt U hoort "Fail" (mislukt) als het kloonproces is mislukt. Als het klonen mislukt, voert u elk van de volgende stappen uit voordat u probeert het kloonproces opnieuw te starten:
1. Zorg ervoor dat de batterijen van beide
portofoons volledig zijn opgeladen.
2. Controleer of de kloonkabel goed is
aangesloten op beide oplaadstations voor één apparaat.
4. Controleer of het oplaadstation en de
contactpunten van de portofoons vrij zijn van vuil.
5. Controleer of de doelportofoon is ingeschakeld.
6. Controleer of de bronportofoon zich in de
7. Controleer of de twee portofoons binnen
dezelfde frequentieband en regio vallen en hetzelfde zendvermogen hebben. Opmerking: Deze kloonkabel werkt alleen met de compatibele oplaadstations voor één apparaat van Motorola RLN6175 en PMLN6394 Verwijs naar P/N# HKKN4028_ bij het bestellen van een kloonkabel. Zie "Accessoires" op pagina 55 voor meer informatie over de accessoires.Nederlands
FUNCTIES PROGRAMMEREN Klonen met de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoft- ware) Wanneer u met deze methode wilt klonen, hebt u CPS-software, een oplader en een CPS- programmeerkabel nodig. Verwijs naar P/N# HKKN4028_ als u de CPS- programmeerkabel wilt bestellen. Informatie over klonen met de CPS is beschikbaar in:
- Het CPS Help-bestand --> Inhoud en index --> Portofoons klonen
- Het informatieblad bij de CPS- programmeerkabel. Oplader Te programmeren portofoon USB-poorten CPS-programmeerkabelNederlands
PROBLEEMOPLOSSING PROBLEEMOPLOSSING Symptoom Oplossing... Geen stroom Laad de lithium-ionbatterij op of vervang deze. Een extreme bedrijfstemperatuur kan ervoor zorgen dat de batterij minder lang meegaat. Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. U hoort ruis of andere gesprekken op een kanaal Controleer of de interferentie-eliminatiecode is ingesteld. Frequentie of interferentie-eliminatiecode is mogelijk al in gebruik. Wijzig de instellingen: wijzig de frequenties of codes van alle portofoons. Zorg ervoor dat bij het zenden de juiste frequentie en code worden gebruikt. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. Bericht is gecodeerd Scramblercode is mogelijk ingeschakeld en/of de instelling wijkt af van die van de andere portofoons. De geluidskwaliteit is onvoldoende De instellingen van de portofoon zijn niet goed op elkaar afgestemd. Controleer of de frequenties, codes en bandbreedtes van alle portofoons overeenkomen.Nederlands
PROBLEEMOPLOSSING Beperkt zendbereik Stalen en/of betonnen constructies, dicht gebladerte en gebouwen of voertuigen beperken het bereik. Gebruik een open omgeving om het zendbereik te verbeteren. Als u de portofoon dicht op het lichaam draagt, bijvoorbeeld in een broekzak of aan een riem, beperkt u het bereik. Draag de portofoon ergens anders. Als u het bereik en de dekking wilt verbeteren, zorgt u voor minder obstakels of verhoogt u het vermogen. UHF-portofoons hebben een betere dekking in industriële of commerciële gebouwen. Als u het vermogen verhoogt, vergroot u het bereik en heeft het signaal minder moeite met obstakels. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. Bericht niet verzonden of ontvangen Druk de PTT-knop volledig in wanneer u probeert te zenden. Controleer of de instellingen van de portofoons voor kanalen, frequenties, interferentie-eliminatiecodes en scramblercodes overeenkomen. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20 voor meer informatie. Laad de batterijen op, vervang ze of verwissel ze van plaats. Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. Obstakels en gebruik binnenshuis of in voertuigen veroorzaken interferentie. Wijzig de locatie. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. Zorg ervoor dat de portofoon niet in de scanmodus staat. Zie "Scannen" op pagina 32 en "Hinderlijk kanaal verwijderen" op pagina 33. Symptoom Oplossing...Nederlands
PROBLEEMOPLOSSING Zware statische ruis of interferentie De portofoons bevinden zich te dicht bij elkaar; er moet minimaal 1,5 meter tussen zitten. De portofoons bevinden zich te ver uit elkaar of er zijn obstakels die interferentie veroorzaken. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. Batterijen bijna leeg Laad de lithium-ionbatterij op of vervang deze. Een extreme bedrijfstemperatuur zorgt ervoor dat de batterij minder lang meegaat. Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. De LED van het oplaadstation knippert niet Controleer of de portofoon/batterij goed is geplaatst, de contactpunten van de batterij/oplader schoon zijn en de oplaadpin goed is geplaatst. Zie "Opladen met de oplader" op pagina 14, "LED-indicators van de oplader" op pagina 16 en "De lithium-ionbatterij installeren" op pagina 12. Het lampje knippert om aan te geven dat de batterijen bijna leeg zijn, terwijl er nieuwe batterijen zijn geplaatst Zie "De lithium-ionbatterij installeren" op pagina 12 en "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. Symptoom Oplossing...Nederlands
PROBLEEMOPLOSSING Kan VOX niet activeren Mogelijk is de VOX-functie uitgeschakeld. Gebruik de CPS om te controleren of het VOX-gevoeligheidsniveau is ingesteld op '0'. Accessoire werkt niet of is niet compatibel. Zie "Handsfree gebruik/VOX" op pagina 24. De batterij is niet opgeladen, hoewel deze enige tijd in de oplader heeft gestaan. Controleer of de oplader goed is aangesloten op een compatibele spanningsbron. Zie "Opladen met de oplader" op pagina 14 en "Een losse batterij opladen" op pagina 15. Zie de LED's van de oplader om te controleren of er problemen zijn met de batterij. Zie "LED-indicators van de oplader" op pagina 16. Opmerking: Wanneer de waarden van een functie van de portofoon niet overeenkomen met de standaardwaarden of voorgeprogrammeerde waarden, controleert u of het profiel van de portofoon met de CPS is aangepast. Symptoom Oplossing...Nederlands
Als de portofoon wordt ondergedompeld in water...
GEBRUIK EN ONDERHOUD
Gebruik een zachte, vochtige doek om de buitenkant te reinigen Dompel de portofoon niet onder in water Gebruik geen alcohol of schoonmaakmiddelen Schakel de portofoon uit en verwijder de batterij Droog de portofoon met een zachte doek Gebruik de portofoon pas als deze volledig droog isNederlands
De tabellen in deze sectie geven informatie over de frequenties en bijbehorende codes. Deze informatie is handig wanneer u de tweerichtingsportofoons van de Motorola XT-serie gebruikt in combinatie met andere bedrijfsportofoons. De meeste frequentieposities zijn gelijk aan de frequentieposities voor de XTNi-serie. Standaard kanaalfrequentie en interferentie-eliminatiecode Kanaalnr. Frequentie (MHz) Code Band- breedte Kanaalnr. Frequentie (MHz) Code Band- breedte 1 446.00625 67,0 Hz 12,5 kHz
446.09375 754 12,5 kHz Opmerking: Code 754 komt overeen met DPL 121Nederlands
106 612 124 Aangepaste PL 90 412 107 624 125 Aangepaste PL 91 413 108 627 126 Aangepaste PL 92 423 109 631 127 Aangepaste PL 93 431 110 632 128 Aangepaste PL 94 432 111 654 129 Aangepaste PL 95 445 112 662 130 Geïnverteerde DPL 39 96 464 113 664 131 Geïnverteerde DPL 40 97 465 114 703 132 Geïnverteerde DPL 41 98 466 115 712 133 Geïnverteerde DPL 42 99 503 116 723 134 Geïnverteerde DPL 43 100 506 117 731 135 Geïnverteerde DPL 44 101 516 118 732 136 Geïnverteerde DPL 45 102 532 119 734 137 Geïnverteerde DPL 46 103 546 120 743 138 Geïnverteerde DPL 47 PL/DPL-codes (vervolg) DPL Code DPL Code DPL CodeNederlands
FREQUENTIE- EN CODETABELLEN 139 Geïnverteerde DPL 48 156 Geïnverteerde DPL 65 173 Geïnverteerde DPL 82 140 Geïnverteerde DPL 49 157 Geïnverteerde DPL 66 174 Geïnverteerde DPL 83 141 Geïnverteerde DPL 50 158 Geïnverteerde DPL 67 175 Geïnverteerde DPL 84 142 Geïnverteerde DPL 51 159 Geïnverteerde DPL 68 176 Geïnverteerde DPL 85 143 Geïnverteerde DPL 52 160 Geïnverteerde DPL 69 177 Geïnverteerde DPL 86 144 Geïnverteerde DPL 53 161 Geïnverteerde DPL 70 178 Geïnverteerde DPL 87 145 Geïnverteerde DPL 54 162 Geïnverteerde DPL 71 179 Geïnverteerde DPL 88 146 Geïnverteerde DPL 55 163 Geïnverteerde DPL 72 180 Geïnverteerde DPL 89 147 Geïnverteerde DPL 56 164 Geïnverteerde DPL 73 181 Geïnverteerde DPL 90 148 Geïnverteerde DPL 57 165 Geïnverteerde DPL 74 182 Geïnverteerde DPL 91 149 Geïnverteerde DPL 58 166 Geïnverteerde DPL 75 183 Geïnverteerde DPL 92 150 Geïnverteerde DPL 59 167 Geïnverteerde DPL 76 184 Geïnverteerde DPL 93 151 Geïnverteerde DPL 60 168 Geïnverteerde DPL 77 185 Geïnverteerde DPL 94 152 Geïnverteerde DPL 61 169 Geïnverteerde DPL 78 186 Geïnverteerde DPL 95 153 Geïnverteerde DPL 62 170 Geïnverteerde DPL 79 187 Geïnverteerde DPL 96 154 Geïnverteerde DPL 63 171 Geïnverteerde DPL 80 188 Geïnverteerde DPL 97 155 Geïnverteerde DPL 64 172 Geïnverteerde DPL 81 189 Geïnverteerde DPL 98 PL/DPL-codes (vervolg) DPL Code DPL Code DPL CodeNederlands
FREQUENTIE- EN CODETABELLEN 190 Geïnverteerde DPL 99 200 Geïnverteerde DPL 109 210 Geïnverteerde DPL 119 191 Geïnverteerde DPL 100 201 Geïnverteerde DPL 110 211 Geïnverteerde DPL 120 192 Geïnverteerde DPL 101 202 Geïnverteerde DPL 111 212 Geïnverteerde DPL 121 193 Geïnverteerde DPL 102 203 Geïnverteerde DPL 112 213 Geïnverteerde DPL 123 194 Geïnverteerde DPL 103 204 Geïnverteerde DPL 113 214 Aangepaste DPL 195 Geïnverteerde DPL 104 205 Geïnverteerde DPL 114 215 Aangepaste DPL 196 Geïnverteerde DPL 105 206 Geïnverteerde DPL 115 216 Aangepaste DPL 197 Geïnverteerde DPL 106 207 Geïnverteerde DPL 116 217 Aangepaste DPL 198 Geïnverteerde DPL 107 208 Geïnverteerde DPL 117 218 Aangepaste DPL 199 Geïnverteerde DPL 108 209 Geïnverteerde DPL 118 219 Aangepaste DPL PL/DPL-codes (vervolg) DPL Code DPL Code DPL CodeNederlands
De erkende Motorola-dealer of -leverancier waar u de Motorola-portofoon en/of originele accessoires hebt gekocht, zal garantieclaims in behandeling nemen en/of service binnen de garantie verlenen. Breng de portofoon naar uw dealer of leverancier als u behoefte hebt aan service binnen de garantie. Stuur de portofoon niet terug naar Motorola. Om aanspraak te kunnen maken op garantie dient u de aankoopnota of een vergelijkbaar bewijs van aankoop voorzien van de aankoopdatum te overleggen. Op de portofoon moet ook duidelijk het serienummer leesbaar zijn. De garantie vervalt als het type- of serienummer op het product is veranderd, verwijderd of onleesbaar gemaakt.
WAT VALT NIET ONDER DE GARANTIE
- Defecten of beschadigingen die het gevolg zijn van afwijkend gebruik, gebruik onder abnormale omstandigheden of het niet naleven van de instructies in deze gebruikershandleiding.
- Defecten of beschadigingen die het gevolg zijn van misbruik, ongelukken of onachtzaamheid.
- Defecten of beschadigingen die het gevolg zijn van onjuist testen, bedienen, onderhouden of afstellen of van aanpassingen of wijzigingen aan het toestel.
- Breuk of beschadiging van antennes tenzij dit een rechtstreeks gevolg is van materiaal- of constructiefouten.
- Producten die zijn gedemonteerd of gerepareerd op een zodanige manier dat dit negatieve gevolgen heeft voor de prestaties, of dat gepaste controle en testen ten behoeve van een garantieclaim onmogelijk is.
- Defecten of schade door vocht, vloeistoffen of morsen.Nederlands
- Alle kunststof oppervlakken en alle overige externe onderdelen die gekrast of beschadigd zijn als gevolg van normaal gebruik.
- Producten die in tijdelijke verhuur zijn gegeven.
- Periodiek onderhoud en reparatie of vervanging van onderdelen als gevolg van normaal gebruik en normale slijtage.Nederlands
Batterij voor externe- luidsprekermicrofoon
Headset met draaibare microfoon
Batterij voor oordopje met clip en PTT-micr. 00168 Lichtgewicht headset Artikelnr. Beschrijving PMNN4434_R Standaard lithium-ionbatterij PMNN4453_R Lithium-ionbatterij met hoge capaciteit Artikelnr. Beschrijving HKKN4028_ Kloonkabel portofoon-naar- portofoon HKKN4027_ CPS-programmeerkabel Artikelnr. Beschrijving PMLN6385_ Standaard opladerkit voor één apparaat (UK/EU) PMLN6393_ Standaard opladerkit voor meerdere apparaten (INT/UK/EU) Artikelnr. Beschrijving HKLN4510_ DraaihouderNederlands
ACCESSOIRES Opmerking: Bepaalde accessoires zijn mogelijk niet verkrijgbaar op het moment van aankoop. Neem contact op met het filiaal waar u uw Motorola-apparaat hebt aangeschaft, of ga naar www.motorolasolutions.com/XTSeries of www.motorolasolutions.com/radios/ business voor actuele informatie over accessoires.Nederlands
Notice-Facile