XT420 - Walkietalkies MOTOROLA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis XT420 MOTOROLA in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - XT420 MOTOROLA
Gebruikersvragen over XT420 MOTOROLA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Walkietalkies in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XT420 - MOTOROLA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XT420 van het merk MOTOROLA.
GEBRUIKSAANWIJZING XT420 MOTOROLA
Dit Motorola-product bevat open source-software. Raadpleeg voor meer informatie over licenties, kennisgevingen, vereiste auteursrechtvermeldingen en andere gebruiksvoorwaarden de documentatie bij dit Motorola-product op:
http://businessonline.motorolasolutions.com
Ga waar: Resource Center > Product Information > Manual > Accessories
(Resource Center > Productinformatie > Handleiding > Accessoires).
INHOUD
Inhoud 1
Auteursrechten computersoftware. .4
Veiligheid 5
Veiligheidsinformatie met betrekking tot batterijen en opladers 6
Richtlijnen voor een veilige bediening. 7
Overzicht van de portofoon 8
Onderdelen van de portofoon 8
Knop voor aan/uit/volume. .9
Kanaalselectieknop. 9
Accessoireconnector. 9
Modellabel. 9
Microfoon 9
Antenne. 9
LED-indicator 9
Knoppen aan de zijkant 9
De lithium-ionbatterij 10
Batterij-eigenschappen en oplaadopties . . .11
Informatie over de lithium-ionbatterij. . . .11
De lithium-ionbatterij installeren 12
De lithium-ionbatterij verwijderen. 12
Voedingsbron en oplader. 13
Houder 14
Opladen met de oplader 14
LED-indicators van de oplader 16
Geschatte oplaadtijd 17
LED-indicators van het oplaadstation . . 19
Aandeslag 20
De portofoon in- en uitschakelen 20
Het volume aanpassen 20
Een kanaal selecteren 20
Praten en monitoren. 20
Een oproep ontvangen. 21
Zendbereik 22
LED-indicatoren van de portofoon 23
23
Handsfree gebruik/VOX 24
Met compatibile VOX-accessoires . . . . 24
iVox-gevoeligheid instellen. 24
Handsfree zonder accessoires (iVox) . 25
Microfoonversterking 25
Gebruik van spreakopdrachten
wisselen in gebruikersmodus. 25
Opstarttoonmodus 25
Terugzetten op fabrieksinstellungen 25
Functiesprogrammeren. 26
Advanced Configuration Mode
(Geavanceerde configuratiemodus) 26
Advanced Configuration Mode
(Geavanceerde configuratiemodus) .27
Frequentiewarden invoeren 27
CTCSS/DPL-waarden lezen .28
Auto-scanwaarden lezen 28
Instellingen opslaan 28
Voorbeeld van programmeren van
waarden. 31
Voorbeeld van programmeren
van een frequenie 31
Voorbeeld van programmeren
van een code 31
Voorbeeld van het programmeren
van auto-scan 32
Overigeprogrammeerfuncties. 32
Scannen 32
Scanlijst bewerken 33
Hinderlijk kanaal verwijdersen 33
Portofoons klonen 36
Klonen met een oplaadstation
voormeerdereapparaten 36
CPS- en kloonkabels (optioneel
accessoire) 38
Portofoon klonen met de portofoon
haar-portofoon kloonkabel (optioneel
accessoire) 39
Klonen met de Customer Programming
Software (CPS -
Klantprogrammeringssoftware) 41
Probleemoplossing 42
Gebruik en onderhoud. 46
Frequentie- en codetabellen 47
CTCSS- en PL/DPL-codes. 48
Beperkte garantie van Motorola. 53
Accessoires 55
Audioaccessoires 55
Batterij 55
Kabels 55
Opladers 55
Draagaccessoires .55
AUTEURSRECHTEN COMPUTERSOFTWARE
Bij de in deze handleiding beschreiben
Motorola-producten horen möglich
auteursrechtelijk beschermde Motorola
computerprogramma's diearend opgeslagen op
halfgeleidergeheugens of andere media.
Volgens de wetgeving in deVerenigde Staten
en andere landen behoudt MOTOROLA zich
bepaalde exclusieve rechten voor op
auteursrechtelijk beschermde
computerprogramma's, met inbegrip van, maar
niet beperkt tot het exclusieve recht om het
auteursrechtelijk beschermde
computerprogramma te kopieren of
reproduceren, opwelke manier dan ook.
Dienovereenkomstig mogendere
auteursrechtelijk beschermde
computerprogramma's in deindeze
handleiding omschreiben Motorola-producten
zonder deuitdrukkelijke, schriftelijk
Nederlandds
toestemming van Motorola en op welke manier dan ook nicht worden gekopieerd, gereprodueerd, aan reverse-engineering worden onderworpen of worden verspreid. Aan de koop van Motorola-producten kan bovendien geen gebruiksrecht worden ontleend krachtens auteursrechten, patenten of gespatenteerde toepassingen van Motorola, direct noch indirect, door juridische uitsluiting noch anderszins, behalte het normale, Niet-exclusieverecht op gebruik van rechtswege bij de verkoop van een product.
VEILIGHEID
PRODUCTVEILIGHEID EN CONFORMITEIT VAN BLOOTSTELLING AAN RADIOGOLVEN

Voordat u dit product gaat gebruiken, dient u de bedieningsinstrumentes en de waarschuwingsinformatie over radiofrequente energiete lezen die u kunt vinden in het boekje Productveiligheid en blootstelling aan radiogolven dat bij de portofoon worden geleverd.
LET OPI!
Om te voldoen aan de FCC/ICNIRP RF-vereisten ten aanzien van bloatstelling aan radiogolven, mag deze portofoon alleen beroepsmatig worden gebruikt.
Raadpleeg de volgende website voor een lijst met door Motorola goedgekeurde antennes, batterijen en andere accessoires: www.motorolasolutions.com/XTseries
VEILIGHEIDSINFORMATIE MET BETREKKING TOT BATTERIJEN EN OPLADERS
Dit document bevat belongingsijke veiligheids- en gebruiksinstructies. Lees deze instructies goed door en bewaar deze voor later gebruik.
Voordat u de batterijoplader gaat gebruiken, dient u alle instructies en waarschuwingsmärkeringen te lezen met betrekking tot:
- Deoplader
De batterij -
De portofoon waarvoorde batterij wordengebruikt
-
Vermijd de kans op letsel door alleen gebruik te make n van de oplaadbare, door Motorola goedgekeurde batterijen. Andere batterijen konnen exploderen, waardoor persoonlijk letsel of schade kan ontstaan.
- Het gebruik van accessoires die nicht worden aanbevolen door Motorola, kan leiden tot brand, een elektrische schok of letsel.
Nederlandds
- Vermijd de kans op schade aan de stekker en de stroomkabel door de oplader aan de stekker en Niet aan de kabel uit het stopcontact te trekken.
- Gebruik alleen een verlengsnoer als dit absolut nodig is. Het gebruik van een verkeerd verlengsnoer kan leiden tot brand of een elektrische schok. Als een verlangkabeloodzakelijk is, gebruik dan een grootte van 18AWG voor een kabel tot 30 mtr en 16AWG voor een kabel tot 45 mtr.
- Vermijd de kans op brand, een elektrische schok of letsel door de oplader nicht te gebruiken als deze op enigerlei wijze defect of beschadigd is. Breng in dat geval de oplader maar een gekwalificeerde Motorola-servicemonteur.
- Haal de oplader Niet uit elkaar; deutsche kan nicht worden gerepareerd en er zich geen verwangende onderdelen verkrijgbaar. Als u de oplader uit elkaar haalt, kan er een elektrische schok of brand ontstaan.
- Vermijd de kans op een elektrische schok door de oplader uit het stopcontact te trekken voordat u deze onderhoudt of reinigt.
- Schakel de portofoonuit alvorens de batterij op te laden.
- De oplader is nicht geschickt voor gebruik buitenshuis. Gebruik deze alleen op droge locaties/in droge omstandigheden.
- De oplader mag alleen worden aangesloten op een correct bekabelde voedingsbron metzekeringen en het juiste voltage (zoals vermeld op het product).
Koppel de oplader los van de netspanning door de stekker uit het stopcontact te trekken. -
Het stopcontact waarop deze apparatuur worden aangesloten,要去 zich in de buurt bevinden en goed bereikbaar়.
Eventuele zekeringen in apparatuur要去en worden verrangen volgens het type en de specificatie zoals vermeld in de bijbehorende instructies. -
De maximale omgevingstemperatuur van de spanningsbronnapparatuur mag Niet hoger zichn dan 40^
- Het UITvoervermögen van de spanningsbroneenheid mag Niet hoger zichn dan de classificaties die aan de onderzijde van de oplader staan vermeld op het productetiket.
- Zorg ervoor dat het snoer zodanig ligt dat niemand hierop kan stappen of erover kan struiikelen, en dat het Niet vochtig kan worden, kan worden beschadigd of strak kan komen te staan.
OVERZICHT VAN DE PORTOFOON
OVERZICTVAN DE PORTOFOON

ONDERDELEN VAN DE PORTOFOON
Knop voor aan/uit/volume
Wordt gebruikt om de portofoon in en uit te schakelen en het volume van de portofoon aan te passen.
Kanaalselectieknop
Wordt gezrukt om de portofoon op een ander kanaal af te stellen.
Accessoireconnector
Wordt gebruikt om compatibile audioaccessoires aan te sluiten.
Modellabel
Geeft het model van de portofoon aan.
Microfoon
Spreekduidelijk in de microfoon als u een bericht wilt versturen.
Antenne
De antennen van model XT420 kan nicht worden verwijderd.
LED-indicator
Wordt gebruikt om de batterijstatus, de opstartstatus, informatatie over de portofoonoproep en de scanstatus aan te gehen.
Knoppen aan de zijkant
- Houd deze knop ingedrukt als u praat en LAST de knop los om te luisteren.
Zijknop 1 (SB1)
- Zijknop 1 is een algemene knop die kan worden geconfigureerd met behulp van de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware). De standaardinstelling voor SB1 is 'Monitoren'.
Zijknop 2 (SB2)
- Zijnkop 2 is een algemene knop die kan worden geconfigureererd met behulp van de CPS. De standaardinstelling voor zijnkop 2 is 'scannen/ hinderlijk kanaal verwijdenen'.
De lithium-ionbatterij
Bij de XT-serie worden een lithium-ionbatterij met een standardcapaciteit geleverd. Mogelijk zijn er ook andere batterijen beschikbaar. Zie "Batterij-eigenschappen en oplaadopties" op pagina 11 voor meer informatie.
In deze gebruikershandleiding worden de modellen van de XT420-serie besproken. Op de onderkant van de portofoon vindt u de volgende informatie over het model van de portofoon:
Tabel 1: Specificaties van XT420-portofoon
| Model | Frequentie-bereik | Zendvermo-gen (Watt) | Aantal kanalen Antenne | |
| XT420 PMR446 0,5 16 | Kan nicht worden verwijderd | |||
BATTERIJEN EN OPLADERS
Portofoons van de XT-serie werken op lithium-ionbatterijen. Deze zijn verkrijgbaar in verschillende sterkten. De sterkte is bepalend voor de levensduur van de batterij.
BATTERIJ-EIGENSCHAPPEN EN OPLAADOPTIES
Informatie over de lithium-ionbatterij
Bij portofoons van de XT-serie worden een oplaadbare lithium-ionbatterij meegeleverd. Deze batterij要去 het eerste gebruik volledig worden opgeladen om optimale capaciteit en werkung te garanderen.
De levensduur van de batterij wordt bepaald door meerdere factoren. Een van de zwaarst wegende factoren is het regelmatig te lang opladen van batterijen en de mate waar een batterij bij elke gebruiksronde worden ontladen. Doorgaans geldt dat, hoe groter de overlading en hoe sterker de gemiddelde ontlading, des te
lager het,aantal keren dat een batterij kan worden gezruikt. Een batterij die bijvoorbeeld meerdere keren per dag overmatig worden opgeladen en voor 100% wordt ontladen,gaat minder lang mee dan een batterij die per dag Niet overmatig worden opgeladen en slechts voor 50% wordt ontladen.Bovendien gaat een batterij die minimaal wordt overladen en gemiddeld voor slechts 25% wordt ontladen, zelfs nog langer mee.
Batterijen van Motorola zijn special ontworpen voor gebruik met een Motorola-oplader en vice versa. Door op te laden in een apparaat dat Niet van Motorola is, kan de batterij beschadigen en kan de garantie van de batterij komen te verrallen. De batterij要去 waar möglich op circa 25^ (kamertemperatuur) worden gebruikt of bewaard. Het opladen van een Koude batterij (onder de 10^ ) kan leiden tot het weglekken van batterijvloeistof uiteindelijk tot een defecte batterij. Het opladen van een hete batterij (boven de 35^ ) resulteert in een verminderde ontladingscapaciteit, wat de prestaties van de portofoon nadelig beinvloedt. De snelladers
van Motorola bevatten een circuit dat de temperatuur meet om te verzekeren dat batterijen alleen worden opgeladen binnen het hierboven vermelde temperatuurbereik.

De lithium-ionbatterij installeren
- Schakel de portofoonuit.
-
Houd het Motorola-logo op de batterij waar boven gericht en plaats de lipjes aan de onderkant van de batterij in de uitsparingen aan de onderzijde van de portofoonbehuzing.
-
Druk het bovenste gedeelte van de batterij maar de portofoon toe totdat u een klik hoor.
Opmerking: Raadpleeg voor meer informatie over de levensduur van de lithium-ionbatterij "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11
De lithium-ionbatterij verwijderen
- Schakel de portofoonuit.
- Druk de batterijvergrendeling waar beneden en houd de vergrendeling ingedrukt verwijl u de batterij verwijdert.
- Trek de batterij weg van de portofoon.
Tabel 1: Levensduar lithium-ionbatterij met Tx Power-batterij van 0,5 watt
| Type batterij | Spearstanduit | Spearstandaan |
| Standaard 16 | uur 20CCR | |
| Hoge capaciteit n.v.t. | n.v.t. |
Voedingsbron en explader

Oplader

Voedingsbron
De portofoon worden geleverd met een oplader, een voedingsbron (ookbekend als transformer) en een set adapters.
Alle adapters die bij de portofoon worden geleverd, können worden gebruikt met de voedingsbron.
Welke adapter u moet installereren, is afhankelijk van de regio waar u zich bevindt.
Bepaal welke adapter geschikt is voor uw stopcontact en ga als volgt te werk om deze te installereren:

- Schuif de adapter met de gleuven omlaag op de voedingsbron tot deze op+zijnplaats klikt.
- Schuif de adapter omhoog om deze te verwijderen.
Opmerking: De adapter in de afbeeldingen dient slechts ter illustratie. Het is möglichk dat de adapter die u installeert, er anders uitziet.
Wonneer u een extra oplader of voedingsbron aanschaft, moet u erop letten dat deze overeenkomt met de oplader en de voedingsbronset die u al hebt.
Houder

- Plaats de portofoon gekanteld in de onderzijde van de houder. Druk de portofoon gegen de achechterkant van de houder totdat de haakjes van de houder in de bovenste uitsparingen van de batterij zitten.
- Als u de portofoon van de houder wilt afnemen, doet u dit zodanig dat de bovenste haakjes van de houder uit de bovenste uitsparingen van de batterij schuiven. Kantel de portofoon erst iets voordat u deze uit de houder neemt.
Opmerking: Als u de batterij (die in de portofoon is geplaatst) wilt opladen,plaatst u de portofoon in een door Motorola goedgekeurde oplader of in een oplaadstation voor meerere apparaten.
Opladen met de oplader

- Plaats de oplader op een vlakke ondergrond.
- Steek de stekker van de voedingsbron in de aansluiting aan de zijkant van de oplader.
- Steek de wisselstroomadapter in het stopcontact.
- Plaats de portofoon in de houder met de portofoon waar de voorzijde toe gekeerd, zoals in de afbeelding.
Opmerking: Wonneer u een batterij wilt opladen die zich in een portofoon bevindt, dient u de portofoon uit te schakelen om ervoor te zorgen dat de batterij volledig kan worden opgeladen. Zie "Richtlijnen voor een veilige bediening" op pagina 7 vooreer informatie.
Een losse batterij opladen



Als u alleen de batterij wilt opladen,plaatst u bij stap stap 4 op pagina 14 de batterij in de houder, met de binnenzijde van de batterij maar de voorkant van de oplader voor een apparaat gericht, zoals in de afbeelding hierboven. Breng de sleuven in de batterij op een lijn met de ribbels in de oplader.
Tabel 2: Door Motorola goedgekeurde batterijen
| Onderdeel- nummer | Beschrijving |
| PMNN4434_R | Standaard lithium- ionbatterij |
| PMNN4453_R | Lithium-ionbatterij met hoge capaciteit |
LED-indicators van de explader
Tabel 3: LED-indicator oplader
| Status LED-indicator Opmerkingen | ||
| Ingeschakeld | Brandt ca. 1 sec. groen | |
| Bezig met laden | Brandt rood | |
| Opladen voltooid | Brandt groen | |
| Batterijfout (*) | Knippert snel rood | |
| Wacht op opladen (**) | Knippert langzaam geel | |
| Status batterijniveau | n.v.t. Batterij leeg | |
| Knippert 1 keer rood | Batterij bijna leeg | |
| Knippert 2 keer orangje | Batterij halvol | |
| Knippert 3 keer groen | Batterij vol | |
() Dit probleem kan meestal worden opgelost door de batterij opniewu teplaatsen.
(^*) Batterijtemperatuur is te hoog of te laag of het verkeerde voltage worden gebruikt.
Als er geen LED-indicatie is:
- Controller of de portofoon met batterij of de batterij alleen goed is geplaatst. (Zie stap van "Opladen met de oplader" op pagina 14)
- Zorg dat de voedingskabel goed in de aansluiting van de oplader is gestoken en in een geschikt stopcontact. Ga na of de oplader stroom afneemt van het stopcontact.
- Controller of de batterij van de portofoon voorkomt in Tabel 2 op pagina 15.
Geschatte oplaadtijd
In de volgende babel staan de geschatte oplaadtijden van de batterij. Zie "Veiligheidsinformatie met betrekking tot batterijen en opladers" op pagina 6 voor meer informatie.
Tabel 4: Geschatte oplaadtijd van batterij
| Laadoplossingen | Geschatte oplaadtijd | |
| Standaardbatterij Batterj | j met hoge capaciteit | |
| Standaard ≤ 4,5 eer n.v.t. | ||
| Snel ≤ 2,5 eer n.v.t. | ||
Een portofoon en batterij opladen met een laadstation voor meerere apparaten (optioneel accessoire)

Met het laadstation voor meerere apparaten kunt u maximaal 6 portofoons of batterijen opladen. Portofoons hunnen samen met de erin geplaatste batterij worden opgeladen, of u kunt de batterijuit de portofoon halen en afzonderlijk in het laadstation plaatsen. Elk van de 6 laadvakken biedt plaat aan een portofoon
(met of zonder de houder) of een batterij, maar nicht aan beiden.
- Plaats het laadstation op een vlikke ondergrond.
- Steek de stekker van de stroomkabel in de 2-pins aansluiting onder op het laadstation.
- Steek de stroomkabel in een stopcontact.
- Schakel de portofoonuit.
- Plaats de portofoon of batterij in het laadvak. Richt waar bij de portofoon of batterij van de contactpuntern af.
Opmerking:
- Met dit laadstation können maximaal 2 portofoons (2 bronportofoons en 2 doelportofoons) worden geduplicateerd ('gekloond'). Zie "Klonen met een oplaadstation voor meerere apparaten" op pagina 36 voor meer informatie.
- Meer informatatie over de werkung van het laadstation is beschikbaar in de instructiefolder die bij het laadstation is meegeleverd. Raadpleeg "Accessoires" op pagina 55 voor meer informatatie over de onderdelen en de onderdeelnummers.
LED-indicators van het oplaadstation
Tabel 5: LED-indicator oplader
| Status Led-status Opmerkingen | ||
| Ingeschakeld Groen geduende 1 sec | ||
| Bezig met laden Brandt onafgeb broken rood | ||
| Opladen voltooid Brandt onafgeb broken groen | ||
| Batterijfout (*) | Roodlicht knippert snel | |
| Wacht op opladen (**) | Knippert langzaam oranje | |
| Status batterijniveau | Roodlicht knippert 1 keer | Batterij bijna leeg |
| Oranjelicht knippert 2 keer | Batterij halfvol | |
| Groenlicht knippert 3 keer | Batterij vol | |
() Dit probleem kan meestal worden opgelost door de batterij opnieuw te plaatsen.
(^*) Batterijtemperatuur is te hoog of te laag of het verkeerde voltage worden gebruikt.
Als er geen LED-indicatie is:
- Controller of de portofoon met batterij of de batterij alleen goed is geplaatst. (Zie "Een portofoon en batterij opladen met een laadstation voor meerere apparaten (optioneel accessoire)" op pagina 18):
- Zorg dat de voedingskabel goed in de aansluiting van de oplader is gestoken en in een geschikt stopcontact. Ga na of de oplader stroom afneemt van het stopcontact.
- Controller of de batterij van de portofoon voorkomt in Tabel 2 op pagina 15.
AAN DE SLAG
Raadpleeg bij de volgende toelichtingen "Onderdelen van de portofoon" op pagina 8.
DE PORTOFOON IN- EN UITSCHAKELEN
Draai de knop voor aan/uit/volumeaar rechts om de portofoon in te schakelen. Op de portofoon hoogt u:
Aankondiging voor opstarttoon en kanaalnummer, of
Aankondigingen voor accuniveau en kanaalnummer, of
Stil (hoorbare tonen uitgeschakeld) De LED knippert kort rood.
Als u de portofoon wilt uitschakelen, draait u de knop voor aan/uit/volume maar links tot u een klik hoor en de led-indicator van de portofoon uitgaat.
HET VOLUME AANPASSEN
Draai de knop voor aan/uit/volume waar rechts om het volume te verhogen enaar links om het volume te verlagen.
Opmerking: Houd de portofoon Niet te zich bij uwoor wonneer het volume te hoog staat ofwonneer u het volume regelt
EEN KANAAL SELECTEREN
Als u een kanaal wilt selecteren, draait u aan de kanaalselectieknop tot u het gewenste kanaal hebt gezonden. U hoog welt kanaal is geseleerd.
Elk kanaal heeft een eigeneffektie, een eigeneffektie-eliminatiecode en eigeneanstelligen.
PRATEN EN MONITOREN
Het is belangrijk het radioverkeer te controleren voordat u berichten verstuurt, om te voorkomen dat u 'over iemandBeen praat' die al bezig is met verzenden.
Houd knop SB1 () lang ingedrukt om toegang te krijgen tot het radioverkeer op het kanaal. Als er geen activiteit is, hoort u 'statische' ruis. Om los teCTXen, drukt u nogmaals op knop SB1.Zodra er geen radioverkeermeer is op
het kanaal, kutu verdergaan met uw oproep door de PTT-knop in te drukken. Tijdens het uitzenden blijft de LED-indicator rood branden.
Opmerkingen:
- Als u waar alle activiteit op het huidige kanaal wilt luisteren, drukt u kort op SB1 om de CTCSS/DPL-code in te stellen op 0. Deze functie heet 'CTCSS/DPL-onderdrukking' (ruisonderdrukking ingesteld op STIL).
· (^) Dit is alleen möglichk als knop SB1 nicht al is ingesteld voor een andere modus.
- Selecteer een kanaal door aan de
kanaalselectieknop te draaien tot u het gewenste kanaal heeft gezonden. U hoog welt kanaal is geselecteerd.
- Let erop dat u de PTT-knop nicht indrukt, en luister of er stemaktiviteit op het kanaal
-
De LED-indicator blijt rood branden wanneer de portofoon een oproep ontvangt.
-
Als u wilt antewoorden, houdt u de portofoon verticaal op 2,5 tot 5cm afstand van uw mond. Druk de PTT-knop in om te praten; LAST knop los om te luisteren.
Opmerking:
- Interferentie-eliminatiecodes worden ook wel CTCSS/DPL-codes of PL/DPL-codes genoemd.
ZENDBEREIK
Portofoons van de XT-serie+zijn ontworpen voor een maximale prestatie en een verbeterd transmissiebereik in het veld. Aanbevolen worden om minimaal 1,5m afstandussen de portofoons te honden om te voorkomen dat er interferentie optreedt. Het dekkingsbereik van de XT460 is 16.250 vierkante meter, 13 verdiepingen en 9km in vlakke gebieden.
Het zendbereik hangt af van het terrein. Het bereik kan worden beinvloed door betonnen constructies of zich gebladerte en door de portofoons binnenshuis of in een voertuig te gebruiken. Het optimale bereik worden verkreten in een vlak, open gebied en kan dan 9 km bedragen. Als er gebouwen en bomen in de weg staan, worden er een gemiddeld bereik verkreten.
Voor een goede tweewegcommunicatie要去en op beiden portofoons hetzelfde kanaal,dezelfde freqentie endezelfde interferentieeliminatiecode zich ingesteld. Deze instellenghangen af van het opgeslagen profiel datvooraf op de portofoon is geprogrammeerd:
- Kanaal: het huidige kanaal dat op de portofoon wordt gezruikt, afhankelijk van het portofoonmodel.
- Frequentie: de frequently die door de portofoon worden gebrukt voor het verzenden/ontvangen.
- Interferentie-eliminatiecode: deze code helpt de interferentie te minimaliseren doordat er een reeks codecombinations beschikbaar worden gesteld.
- Scramblercode: code die ervoor zorgt dat de transmissie verrormd klinkt voor iedereen die de portofoon Niet heeft ingesteld op die specifieke code.
Zie "Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus)" op pagina 27 voor informatie over het instellen van frequencies en CTCSS/DPL-codes voor de kanalen.
LED-INDICATOREN VAN DE PORTOFOON
| PORTOFOONSTATUS LED-INDICATIE | |
| Kanaal gezet Brandt oranje | |
| Kloonmodus Dubbele oranje hartslag | |
| Bezig met klonen Brandt oranje | |
| Kritieke fout bij opstarten | Knippert=eén keer groen,=eén keer oranje,eén keer groen en cervolgens wordt dit 4 seconden lang herhaald |
| Batterij bijna leeg Oranje hartslag | |
| Uitschakeling wegens lege batterij | Snelle oranje hartslag |
| Monitoren Led is UIT | |
| Opstarten Brandt 2 seconden lang rood | |
| 'Inactieve'programmeermodus/kanaalmodus | Groene hartslag |
| Scanmodus Snelle rode hartslag | |
| Verzenden (Tx)/ontvangen (RX) | Brandt rood |
| VOX/iVOX-modus Dubbele rode hartslag | |

HANDSFREE GEBRUIK/VOX
Portofoons van de Motorola XT-serie{kennen handsfree (VOX) worden gebruikt als u deze gebruikt in combinatie met de compatibele VOX-accessoires.
Met compatibele VOX-accessoires
De standardfabrieksinstelling voor het VOX-gevoeligheidsniveau is gemiddeld (niveau '2'). Stel voordat u VOX gezruikt, het VOX-gevoeligheidsniveau in op een ander niveau dan '2', met behulp van de computerprogrammeersoftware (CPS). Voerervoilgens deze stappen UIT:
- Schakel de portofoonuit.
- Open het accessoireklepje.
- Steek de stekker van de audio-accessoire goed in de accessoirepoort.
- Zet de portofoon aan. De LED-indicator gaat dubbel rood knipperen.
- Zet het volume van de portofoon zachter VOORDAT u de accessoire bij uwoor houdt.
- Om uit te zenden, spreekt u in de accessoiremicrofoon en om te ontvangen stopt u met spreken.
- VOX kanijdelijk worden uitgeschakeld door op de knop Push-to-Talk (PTT) te drukken of door de audio-accessoire te verwijden.
Opmerking: Als u accessoires wilt bestellen, neemt u contact op met het filial waar u het Motorola-apparaat hebt aangeschaft.
De gevoeligheid van de accessoire of microfoon van de portofoon kan worden aangepast, maar gelang de verschillende werkomgevingen. De iVOX-gevoeligheid kan met behulp van de CPS worden geprogrammeerd.
De standardwaarde is '3'. Het iVOX-niveau要去 op een ander niveau worden ingesteld.
1 = Lage gevoeligheid
2 = Gemiddelde gevoeligheid
- 3 = Hoge gevoeligheid
Handsfree zonder accessoires (iVOX)
- Schakel iVOX in door op de PTT-knop te drukken terwiji u de portofoon aanzet.
- U kunt iVOXijdelijk uitschakelen door op de PTT-knop te drukken.
- Door kort op de PTT-knop te drukken, worden iVOX wee ingeschakeld.
- Er zit een korte vertraging:tussen het moment waarop u begint te praten en het moment waarop de portofoon begint uit te zenden.
Microfoonversterking
De gevoeligkeit van de microfoon kan worden aangepast aan de wensen van verschillende gebruikers of werkomgevingen.
Deze functie kan alleen worden aangepast met behulp van de CPS. Standaard is de microloon ingesteld op niveau 2 (gemiddelde versterking).
Gebruik van spreakopdrachten wisselen in gebruikersmodus
Druk kort op de knop SB1 verwijl u de portofoon aanzet, om gebruik van spreakopdrachten in de gebruikersmodus in of uit te schakelen. (Deze functie is standard ingeschakeld).
Opstarttoonmodus
Om de opstarttoonmodus in of uit te schakelen, drukt u 2 à 3 seconden lang tegelijkkertijd op de knoppen SB1 en SB2 werwij de portofoon worden opgestart, totdat u de voorgeprogrammeerde opstarttoon hoort. Er zijn 3 verschillende opstarttonen beschikbaar.
Terugzetten op fabrieksinstellungen
Terugzetten op fabrieksinstallingen betekent dat alle portofoonfuncties worden teruggezet op de oorspronkelijke fabrieksinstallingen. U doet dit door tegelijkertijd op PTT, SB2 en SB1 te drukken terwijl u de portofoon aanzet, totdat u een hoog tjilpgeluid hoort.
FUNCTIES PROGRAMMEREN
Aanbevolen worden de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware) en de programmeerkabel te gebruiken om alle functies van de portofoon eenvoudig te konnen programmeren.
CPS-software kan gratis worden gedownload van www.motorolasolutions.com/XTSeries.
ADVANCED CONFIGURATION MODE (GEAVANCEERDE CONFIGURATIEMODUS)
Advanced Configuration (Geavanceerde configuratie) is een configuratiemodus waarmee extra functies+kennen worden aangepast via het voorpaneel van de portofoon.
Voor portofoonmodellen zonder display vindt de navigatie plaats via spreakopdrachten.
Wanner de portofoon is ingesteld op Advanced Configuration (Geavanceerde configuratie), kunt u de volgende drie functies lezen en wijzigen:
- Frequentieselectie
- Codes (CTCSS/DPL)
- Auto-scan
Met de functie Frequenties selecteren=kunt u frequencieskiezen in een vooraf ingestelde lijst.
De interferentie-eliminatiecode (CTCSS/DPL) helpt interferentie te minimaliseren door middel van een reeks codecombinaties voor het filteren van staatisch geluid, ruis en ongewenste berichten.
Met de functie Auto-scan=kunt u een bepaald kanaal configureren zoday dit automatisch wordt gescand als u maar dat kanaal overschakelt.
Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus)
Opmerking: Zorg ervoor dat uw portofoon is ingesteld op het kanaal dat u wilt programmeren, voordat u de functies gaat configureren. U Aunt dit doe den voordat u Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) opent of op elk gewenst moment in Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) door aan de kanaalselectieknop te draaien totdat u het gewenste kanaal hebt bereikt.
Als u frequencies, codes of auto-scan wilt lezen of wijzigen, stelt u de portofoon in op Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus). Houd hiertoe tegelijkkertijd de knop PTT en de knop SB1 3 tot 5 seconden ingedrukt terwijl u de portofoon inschakelt. Ga hiermee door totdat u een stem "Programming Mode" (programmeermodus) en "Channel Number" (kanaalnummer) hoort zaggen. De LED-Indicator begint te knipperen met een groene hartslag.
Opmerking: De 'inactieve' programmeermodus is de fase van de programmeermodus waar in de portofoon wacht tot de gebruiker de programmeercyclus voor de portofoon start.
Zodra u zich in de 'inactieve'programmeermodus bevindt, kunt u deinstallen voor freiendentie, code en auto-scan horen door kort te drukken op de PTT-knop en de verschillende programmeerbare functies te doorlopen.
Frequentiewaarden invoeren
Portofoons van de XT-serie make gebruik van de PMR446-band, waarop acht frequenties beschikbaar�.
In de 'inactieve'programmeermodus is het kanaalnummer de eerste waarde die kan worden gewijzigd. Selecteer het gewenste kanaal door te draaien aan de kanaalselectieknop. U hoor een stem het kanaal noemen dat is geselecteerd voor configuratie. Als u kort op de PTT-knop drukt, kurz u de overige functies doorlopen die
beschikbaar zijn voor configuratie. Gebruik de knoppen SB1 en SB2 om de waarden te wijzigen. Uhoort een stem de geselecteerde waarde zeggen.
CTCSS/DPL-waarden lezen
Als u de functies wilt doorlopen die beschikbaar zijn voor configuratie, drukt u kort op de PTT-knop totdat u de huidige code hoog. UGaat maar de modus voor het programmeren van CTCSS/PL-codes.
Voer een neue codewaarde in met de knuppen SB1 en SB2.
Voor portofoons van de XT-serie+zijn maximaal 219 codes beschikbaar. Zie "Frequentie- en codetabellen" op pagina 47 voor meer informatie.
Auto-scanwaarden lezen
Zodra u de CTCSS/DPL-codes hebt gehoord, drukt u kort op de PTT-knop om maar de autoscanmodus te gaan.
Auto-scan kentaar twee waarden:
- Ingeschakeld
- Uitgeschakeld
Pas de auto-scanwaarden aan met de knuppen SB1 en SB2.
Installingen opslaan
Zodra u tevreden bent met de instellingen,
kunt u een van de volgende dingen doe:
- Druk kort op de PTT-knop om door te gaan met programmeren.
- Druk lang op de PTT-knop om uw wijzigingen opte slaan en terug te keren maar de 'inactieve'programmeermodus.
- Druk tweeemaal lang op de PTT-knop om de 'inactieve' programmeermodus te verlaten en terug te keren maar de normale werkung van de portofoon.
Opmerking:
-
Schakel de portofoonuit als u de programmeermodus wilt verlaten zonder uw wijzigingen op te slaan.
-
Als u de portofoon doordraait maar het begin van de 'inactieve' programmeermodus, hoort u "Channel Number" (kanaalnummer) en begint de LED-indicator waar groen te knipperen. Alle gewijzigde waarden worden automatisch opgeslagen.
Veelgestelde vragen over programmeermodus
- Ik raakte afgeleidijdens het programmeren en ben vergeten welke functie ik aan het programmeren was. Wat要去 ik nu doe?
Keer terug maar de 'inactieve' programmeermodus en begin opnieuw. U kurz nicht terugkeren maar de programmeermodus (de portofoon biedt geen verdere möglichkheid om u te latent weten in welke fase van de programmeermodus u zich bevindt). U kurz wel een van de volgende dingen doeen:
-
Druk lang op de PTT-knop. De portofoon gaat terug maar de 'inactieve' programmeermodus.
-
Of schakel de portofoonuit en open de programmeermodus opniew. (Zie"Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus)" op pagina 27 voor meer informatie)
- Ik probeer een freiendiewaarde (of codewaarde) te programmeren maar de portofoon werkt Niet mee. De portofoon draaide door maar de waarde '0'.
U mag alleen waarden programmeren die beschikbaar zijn in de pool van freientities en codes. Als u bijvoorbeeld programmacode 220 probeert te programmeren, worden dit Niet geaccepteerd,ondat de maximumwaarde 219 is.Hetzelfde geldt voor freientities.Zie "Frequentie- en codetabellen" op pagina 47 om te controeren of u een geldige waarde probeert te programmeren.
- Ik probeer de programmeermodus te openen, maar dat lukt nicht.
Mogelijk is de portofoon vergrendeld met behulp van de CPS om programmering via het voorpaneel te voorkomen. Gebruik de CPS om deze functie in te schakelen.
- Ik heb een onjuiste waarde geprogrammeerd. Hoe kan ik deze waarde wissen of wijdigen?
Als u een onjuiste waarde hebte geprogrammeerd, kurz u het volgende doeen:
- Draai de portofoon door. Elke keer dat u de maximumwaarde bereikt, draait de portofoon door maar nul. Blij de waarde verhogen (door kort te drukken op de knop SB1) of verlagen (door kort te drukken op de knop SB2) totdat u de gewenste waarde hebt bereikt.
- Of schakel de portofoonuit en begin opniew.
- Ik heb zojuist de gewenste waarde geprogrammeerd. Hoe verlaat ik nu de programmeermodus?
U kunt dit als volgt doe:
- Druk tweemaal lang op de PTT-knop als u zich in de programmeermodus befindt.
-
Of druk eenmaal lang op de PTT-knop als u zich al in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.
-
Ik ben maar met het programmeren van de functies voor dit kanaal. Hoe kan ik nu nog een kanaal programmeren?
Druk meermaals kort op de PTT-knop totdat u "Channel Number" (kanaalnummer) hoort. Wissel van kanaal door te draaien aan de kanaalselectieknop. Als u de wijzigingen wilt opslaan, moet u zich bevinden in de 'inactieve' programmeermodus voordat u van kanaal wisselt, anders gaan de aangebrachte wijzigingen verloren.
VOORBEELD VAN PROGRAMMEREN VAN WAARDEN
Voorbeeld van programmeren van een freundie
Als de frequentiewaarde momenteel is ingesteld op Kanaal 1, verwijl de PMR446-standardfrequentie is ingesteld op '02' (446.03125 MHz), en u dit wilt wijzigen in Frequentienummer = '13' (466.05625 MHz), gaat u als volgt te werk:
- Open Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus).
- Druk kort op de PTT-knop om de freiuentiemodus te openen. U hoor dat de huidige waarde '2' is.
- Druk elf keer op de knop SB1 om de frequenta te verhogen. U hoor dan frequenta "One, three" (eén drie, 13).
-
Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator maar een groene hartslag zich om aan te gezven dat u zich in de 'inactieve'programmeermodus bevindt.
-
Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoonuit.
Voorbeeld van programmeren van een code Als de codewaarde momenteel is ingesteld op de fabrieksinstalling '001' en u dit wilt wijzigen in CTCSS/DPL-code = 103, gaat u als volgt te werk:
- Open Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus).
- Druk tweemaal kort op de PTT-knop. U hoor "Code Number" (codenummer) (de CTCSS/DPL-programmaselectiemodus worden geopend).
- Als u de knop SB1 of SB2 ingedrukt houdt, gaat u snel maar voren of maar achteren in stappen van 10. Wonneer u de knop loslaat, hoort u het eerste, tweede en derde cijfer volledig. Druk meermaals op de knop SB1 of SB2 totdat u "103" hoort.
-
Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator maar een groene hartslag zich om aan te gezven dat u zich in de 'inactieve' programmeermodus bevindt.
-
Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoonuit.
Voorbeeld van het programmeren van auto-scan
Auto-scan is de derde beschikbare functie in de programmeermodus. U kunt deze in- of uitschakelen voor een bepaald kanaal.
Auto-scan inschakelen:
- Open Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) en selecteer het gewenste kanaal.
- Druk griemaal kort op de PTT-knop om de programmeerselectiemodus voor actieve kanalen te openen. U hoor "Auto-scan" (automatisch scannen) en de instelling Enabled (ingeschakeld) of Disabled (uitgeschakeld).
- Druk op SB1 of SB2 als u de instelling wilt wijzigen.
-
Druk lang op de PTT-knop. De LED-indicator staat een groene hartslag zich om aan te given dat u zich in de 'inactieve' programmeermodus befindt.
-
Druk nogmaals lang op de PTT-knop om de programmeermodus af te sluiten, of schakel de portofoonuit.
OVERIGE PROGRAMMEERFUNCTIES
Scannen
Met Scannen=kunt u andere kanalen monitoren om gesprekken te detecteren. Wanner de portofoon een uitzending deteceteert,stoptdezemet scannen en gaat de portofoonaar hetactieve kanaal.Ukunt dan luisterenaar enpraten met mensen op dat kanaal zonder dat uvan kanaal hoeft te wisselen. Als er geldige kanaalactiviteit is op kanaal 2, blijft deportofoon op kanaal 1 en hoort u kanaal 2 Niet.Zodra het praten is gestopt op kanaal 1,wacht de portofoon 5 seconden voordat het scannenwordt hervat.
- Druk op de knop SBx (x=1 of 2) om te beginnen met scannen. (Scannen vindt standarde plaats op SB2, maar u kunt dit via CPS instellen op de knop SB1 of SB2.) Wanner de portofoon
kanaalactiviteit detecteert,stopt deze bij dat kanaal totdat de activiteit stopt.Druk op de PTTknop om op dat kanaal te reageren zonder dat u van kanaal hoeft te wisselen. Als er nicht binnen 5 seconden een uitzending plaatsvindt, wordt het scannen hervat.
- Als u wilt stoppen met scannen, drukt u nogmaals op de (voor scannen geprogrammeerde) knop SB1 of SB2.
- Als u een kanaal wilt scannen zonder de interferentie-eliminatiecodes (CTCSS/DPL), stelt u de codes voor de kanalen in op '0' in de CTCSS/DPL-programmaselectiemodus.
Opmerking: Wanner de portofoon is ingesteld op Scannen, knippert de LED-indicator met een rode hartslag.
Scanlijst bewerken
U=kunt de scanlijst bewerken met de CPS. Zie "Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware)" op pagina 34 voor meer informatie.
Hinderlijk kanaal verwijdersen
Met Hinderlijk kanaal verwijderenkest u kanalen tijdelijk verwijderen van de scanlijst. Deze functie komt goed van pas wannerirrelevante gesprekken op een 'hinderlijk' kanaal de scanfunctie van de portofoon verstoren.
Een kanaal verwijderen van de scanlijst:
- Start de scanmodus door kort te drukken op de (voor scanden geprogrammeerde) knop SB1 of SB2.
- Wacht totdat de portofoon stocht met ontvangen op het kanaal dat u wilt verwijderen. Druk lang op de knop SB2 om het kanaal te verwijderen. U=kunt het kanaal Niet verwijderen wanner scannen is ingeschakeld (startkanaal).
- Het kanaal worden pas meer gescand als u de scanmodus verlaat door nogmaals kort te drukken op de (voor scanden geprogrammeerde) knop SB1 of SB2 of door de portofoonuit te schakelen en weein te schakelen.
CUSTOMER PROGRAMMING SOFTWARE (CPS - KLANTPROGRAMMERINGSSOFT-WARE)

Afbeelding 1: De portofoon instellen op de CPS
De eenvoudigste manier om de functies van de portofoon te programmeren of te wijzigen, is door gebruik te makev van de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware) en de CPS-programmeerkabel (^*) . CPS-software kan gratis worden gedownload van
Als u wilt programmeren, verbindt u de portofoonuit de XT-serie met behulp van het oplaadstation en de CPS-programmeerkabel, zoals weergegeven in Afbeeling 1 op pagina 34. Stel de schakelaar van de CPSprogrammeerkabel in op 'CPS-modus'.
Met de CPS=kunt u frequencies en PL/DPL-codesprogrammeren,evenalseenaanl Andere functies zoals:Time-out Timer,Scan List,Call Tones,Scramble,Reverse Burst, enzovoort.CPS is een zeer handig hulpmiddel, odomat hiermee ook programmering via het voorpaneel van de portofoon kan worden geblokkeerd of het wijzigen van specifieke portofoonfuncties kan worden beperkt (om te voorkomen dat vooraf ingestelde portofoonwaarden per ongeluk worden gewist). Daarnaast is het maybeijk het beheer van het profiel van de portofoon te beveiligigen met een wachtwoord.Zie het schema met het functieoverzichtchter in de gebruikershandleiding vooreer informatie.
Opmerking: (*) De CPS-programmeerkabel P/N# HKKN4027_is een afzonderlijk verkrijgbaar accessoire. Neem voor meer informatie contact op met een Motorola-verkooppunt.
Time-Out Timer
Met deze timer stelt u in hoelang de portofoon mag doorgaan met continu uitzenden voordat de uitzending automatisch worden beeindigd. De standardinstelling is 60 seconden, maar deze kan worden gewijzigd met de CPS.
Oproeptonen
Met de functie voor oproeptonenkest u een hoorbare toon uitzendenaar andere portofoons op hetzelfde kanaal, om gebruikers erop te attenderen dat u gaat praten, of om hente waarschuwen zonder dat u iets zegt.
Als u deze functie wilt gebruiken, moet Call Tones+zijn ingesteld op SB1 of SB2 en moet een van de drie vooraf opgenomen tonen+zijn geselecteerd.
Scramble
De functie Scramble zorgt ervoor dat de transmissie verrormd klinkt voor iedereen die luistert+zonderdezelfde code. Scramble is standarduiqgeschakeld. Als u de scramblercode wilt wijzigen bij een normale werkking van de portofoon, moet de functie Scramble zich ingesteld op SB1 of SB2.
Reverse Burst
Met Reverse Burst elimineert u ongewenste ruis (squelch tail) wonneer er geen berichten worden gedetecteerd. U kut de waarde 180 of 240 selecteren om compatibel te+zijn met andere portfoons. De standardwaarde is 180.
Opmerkingen:
- De functies die worden beschreiben op de vorige pagina's, vormen nog maar een greep uit de functies die CPS heeft. CPS heeft nog viel meer möglichkheden. Zie voor meer informatie het HELP-bestand in de CPS.
- Hoe een aantal van de functies die beschikbaar bij de CPS-software werkt, is afhankelijk van het portofoonmodel.
PORTOFOONS KOLONEN
U kunt profielen van portofoons van de XT-serie klonen van een bronportofoon aan een doelportofoon met behulp van een van de volgende drie methoden:
- Met een oplaadstation voor meerdere apparaten (optioneel accessoire)
- Met twee oplaadstations voor een apparaat een een portofoon-naar-portofoon kloonkabel (optioneel accessoire),
- Met de CPS (gratiss te downloaden software)
Klonen met een oplaadstation voor meerdere apparaten

Als u portofoons wilt klonen met een oplaadstation voor meerere apparaten,要去en er minimaal twee portofoons zich:
- Een bronportofoon (waarvan de profielen worden gekloond of gekopieerd)
- Een doelportofoon (een portofoon waarvan het profiel worden gekloond van de bronportofoon)
De bronportofoon要去zich bevinden in compartment 1 of 4, terwijl de doelportofoon zich要去 bevinden in compartment 2 of 5. De twee portofoons要去zich bevinden in een van de volgende combinaties van compartmenten van het oplaadstation voor meerdere apparaten:
·1 en 2
4 en 5
Bij het klonen hoeft het oplaadstation voor meerdere apparaten Niet te+zijn aangesloten op een stopcontact, maar wel要去en ALLE portofoons opgeladen batterijen hebben.
- Schakel de doelportofoon in en plaats deze in een van de doelcompartimenten van het oplaadstation voor meerdere apparaten.
-
Schakel de bronportofoon in door als volgt te werk te gaan:
-
Houd de knappen PTT en SB2 lang gegliktijdig ingedrukt en schakel de portofoon in.
Wacht drie seconden met het loslaten van de knoppen, totdat u "Cloning" (klonen) hoor. -
Plaats de bronportoon in het broncompartment dat hoort bij het doelcompartment dat u hebt gekozen in stap 1. Druk kort op de SB1-knop.
-
Na het klonen hoort u via de bronportofoon "Successful" (gelukt) of "Fail" (mislukt). Als de bronportofoon een model met display is, worden op het display 'Pass' (gelukt) of 'Fail' (mislukt) weergegeven (binnen vrij seconden hoort u een toon).
-
Zodra u het kloonproces hebt voltooid, schakelt u de portofoons uit en wee in om de kloonmodus te verlaten.
Zie voor meer informatie over het klonen van portofoons het instructieblad dat bij het oplaadstation voor meerere apparaten is geleverd.
VerwijsaarP/N#PMLN6384_wonneeru een oplaadstation voor meerere apparaten bestelt.
Opmerkingen:
Zie "Wat te doein als het klonen mislukt" op pagina 40 als het klonen mislukt.
Aan elkaar gekoppelde doel- en bronportofoons要去en van hetzelfde bandtype zich, anders mislukt het klonen.
- Nummers van compartmenten van oplaadstations voor meertere apparaten要去 van links maar rechts lezen verwijl het Motorola logo� voren wijst.
CPS- en kloonkabels (optioneel accessoire)
Zowel CPS- als kloonkabels zijn gemaakt om te werken met portofoons van de XT- of de XTNi-serie. De kloonkabel ondersteunt portofoons van de XT- en de XTNi-serie.
- Met een CPS-kabel=kunt u portofoons van de XT-serie programmeren. Zorg ervoor dat de schakelaar van de kabel in de positie "Flash" of "CPS" staat. Als u een XTNi-portofoon wilt programmeren met de CPS-kabel, zorgt u ervoor dat de schakelaar van de kabel in de positie "CPS" staat en dat de USB-converteruit de CPS-kabelset aan de kabel is gekoppeld.

CPS-kabel

Cloning Cable
USB-converter
M e t d e kloonkabel kurz u het volgende klonen:ue Micro to Mini Converter
- Portofoons van de XT-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Cloning" (klonen) of "Legacy" staat.
- Portofoons van de XTNi-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Legacy" staat en dat er zich aan elk uiteinde van de kloonkabel een USB-converter bevindt.
- Portofoons van de XT- en XTNi-serie. Zorg ervoor dat de schakelaar in de positie "Legacy" staat en gebruik een USB-converter voor het XTNi-oplaadstation voor een apparaat. De kloonkabelset bevat een USB-converter.
Nederlandds
Portofoon klonen met de portofoon-naar-portofoon kloonkabel (optioneel accessoire)

Bedieningsinstructies
-
Voordat u begint met het kloonproces, zorgt u voor het volgende:
-
Voor elk van de portofoons hebt u een volledig opgeladen batterij.
- U hebt twee oplaadstations voor een apparaat, of twee oplaadstations voor het klonen van een portofoon van de XT-serie, of een
oplaadstation voor een portofoon van de XT-serie en een oplaadstation voor een portofoon van de XTNi-serie.
- Schakel de portofoonsuit.
- Koppel eventuele kabels (netsnoeren of USB-kabels) los van de oplaadstations voor een apparatus.
- Sluit het ene uiteinde van de mini-USB-connector van de kloonkabel aan op het eerste oplaadstation voor een apparaat en het andere uiteinde op het tweede oplaadstation.
Opmerking: Tijdens het kloonproces is de stroomuitgeschakeld voor het oplaadstationvoor een apparaat. De batterijen worden Niet opgeladen. Er vindt alleen gegevenscommunicatie plaatstussen de twee portofoons. - Schakel de doelportofoon in en plaats deze in een van de doelstations voor een apparaat.
- Schakel de bronportofoon in door als volgt te werk te gaan:
Houd de knoppen PTT en SB2 geleijktijdig en lang ingedrukt en schakel de portofoon in.
Wacht drie seconden met het loslaten van de knappen. U hoor dan het woord "Cloning" (klonen).
- Plaats de bronportoofon in het oplaadstation voor een apparaat. Druk kort op de SB1-knop.
- Wanner het klonen is voltooid, hoort u op de bronportofoon "Successful" (gelukt) of "Fail" (mislukt). Als de bronportofoon een model met display is, worden op het display 'Pass' (gelukt) of 'Fail' (mislukt) weergegeven (binnen vijf seconden hoort u een toon).
- Zodra het kloonproces is voltooid, schakelt u de portofoonsuit en wee in om de kloonmodus te verlaten.
Wat te doe n als het klonen mislukt
U hoor "Fail" (mischukt) als het kloonproces is mislukt. Als het klonen mislukt, voert u elk van de volgende stappen uit voordat u probeert het kloonproces opnieuw te starten:
-
Zorg ervoor dat de batterijen van beiden portofoons volledig zich opgeladen.
-
Controller of de kloonkabel goed is aangesloten op beiden oplaadstations voor een apparaat.
- Controller of de batterij goed in de portofoon is geplaatst.
- Controller of het oplaadstation en de contactpunten van de portofoons vrij়n van vuil.
- Controller of de doelportofoon is ingeschakeld.
- Controller of de bronportoon zich in de kloonmodus bevindt.
- Controller of de twee portofoons binnen bezelfde freiuentieband en regio vallen en hetzelfde zendvermögen—hebben.
Opmerking: Deze kloonkabel werkkt alleen met de compatibile oplaadstations voor een apparatus van Motorola RLN6175 en PMLN6394
Verwijs maar P/N# HKKN4028_bij het bestellen van een kloonkabel. Zie "Accessoires" op pagina 55 voor meer informatie over de accessoires.
Klonen met de Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware)
Wanner u met deze methode wilt klonen, hebt u CPS-software, een oplader en een CPS-programmeerkabel nodig.
VerwijsaarP/N#HKKN4028_alsudc CPSprogrammeerkabelwiltbestellen.
Informatie over klonen met de CPS is beschikbaar in:
- Het CPS Help-bestand --> Inhoud en index --> Portofoons klonen
- Het informatieblad bij de CPSprogrammeerkabel.

PROBLEEMOPLOSSING
| Symptom Oplossing... | |
| Geen stroom | Laad de lithium-ionbatterij op of cervang deze. Een extreme bedrijftemperatuur kan ervoor zorgen dat de batterij minder lang meegaat. Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. |
| U hoor ruis of andere gesprekken op een kanaal | Controller of de interferentie-eliminatiecode is ingesteld. Frequentie of interferentie-eliminatiecode is möglich al in gebruik. Wijzig deinstallingen: wijzig defrequencies of codes van alle portofoons. Zorg ervoor dat bij het zenden dejuiste freqentie en code worden gebruikt. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. |
| Bericht is gecodeerd | Scramblercode is möglich ingeschakeld en/of de instelling wijkt af van die van de andere portofoons. |
| De geluidskwaliteit is onvoldoende | Deinstallingen van de portofoon zichniet goed op elkaar afgestemd. Controller of de frequencies, codes en bandbreedtes van alle portofoons overeenkomen. |
Nederlandss
| Symptom Oplossing... | |
| Beperkt zendbereik | Stalen en/of betonnen constructies, dicht gebladerte en gebouwen of voertuigen beperken het bereik. Gebruik een open omgeving om het zendbereik te verbeteren. Als u de portofoon dicht op het lichaam draagt, bijvoorbeeld in een broekzak of aan een riem, beperkt u het bereik. Draag de portofoon ergens anders. Als u het bereik en de dekking wilt verbeteren, zorgt u voor minder obstakels of verhoegt u het vermogen. UHF-portofoons hebben een betere dekking in industriële of commercële gebouwen. Als u het vermogen verhoegt, vergroot u het bereik en heeft het signaal minder moeite met obstakels. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. |
| Bericht nicht verzonden of ontvangen | Druk de PTT-knop volledig in wanner u probeert te zenden. Controller of deinstallingen van de portofoons voor kanalen, frequenties, interferentie-eliminatiecodes en scramblercodes overeenkommen. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20 voor meer informatie. Laad de batterijen op, verrang ze of verwissel ze vanplaats. Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. Obstakels en gebruik binnenschuis of in voertuigen veroorzaken interferentie. Wijzig de locatie. Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. Zorg ervoor dat de portofoon Niet in de scanmodus staat. Zie "Scannen" op pagina 32 en "Hinderlijk kanaal verwijdenen" op pagina 33. |
| Zware statische ruis of interferentie | De portofoons bevinden zich te dicht bij elkaar; er moet minimaal 1,5 meter:tussen zitten.De portofoons bevinden zich te ver uit elkaar of er+zijn obstakels dieinterferentie veroorzaken.Zie "Praten en monitoren" op pagina 20. |
| Batterijen bijna leeg | Laad de lithium-ionbatterij op of verrang deze.Een extreme bedrijfstemperatuur zorgt ervoor dat de batterij minder langmeegaat.Zie "Informatie over de lithium-ionbatterij" op pagina 11. |
| De LED van het oplaadstationknippert nicht | Controller of de portofoon/batterij goed is geplaatst, de contactpunter van debatterij/oplader schoon+zijn en de oplaadpin goed is geplaatst.Zie "Opladen met de oplader" op pagina 14, "LED-indicators van de oplader" oppagina 16 en "De lithium-ionbatterij installmenten" op pagina 12. |
| Het lampje knippert om aan tegeven dat de batterijen bijnaleeg+zijn, terwijl er{nieuwbatterijen+zijn geplaatst | Zie "De lithium-ionbatterij installmenten" op pagina 12 en "Informatie over delithium-ionbatterij" op pagina 11. |
| Kan VOX nicht activeren | Mogelijk is de VOX-functie uitgeschakeld. Gebruik de CPS om te controleren of het VOX-gevoeligheidsniveau is ingesteld op '0'. Accessoire werkt nicht of is nicht compatibel. Zie "Handsfree gebruik/VOX" op pagina 24. |
| De batterij is Niet opgeladen, hoewel deze etwa tijd in de oplader heeft gestaan. | Controller of de oplader goed is aangesloten op een compatibile spanningsbron. Zie "Opladen met de oplader" op pagina 14 en "Een losse batterij opladen" op pagina 15. Zie de LED's van de oplader om te controleren of er problemen+zijn met de batterij. Zie "LED-indicators van de oplader" op pagina 16. |
Opmerking: Wanner de waarden van een functie van de portofoon Niet overeenkomen met de standardwaarden of voorgeprogrammeerde waarden, contrôleert u of het profiel van de portofoon met de CPS is aangepast.
GEBRUK EN ONDERHOUD

Gebruik een zachte,vochtige doek om de buitenkant te reinigen

Dompel de portofoon nicht onder in water

Gebruik geen alcohol of schoonmaakmiddelen
Als de portofoon wordt ondergedompeld in water...

Schakel de portofoonuit en verwijder de batterij

Droog de portofoon met een zachte doek

Gebruik de portofoon pas als\
deze volledig droog is
FREQUENTIE- EN CODETABELLEN
De tabellen in deze sectie gehen informatie over de frequencies en bijbehorende codes. Deze informatatie is handig wanner u de tweerichtingsportofoons van de Motorola XT-serie gekruikt in combinatie met andere bedrijfsportofoons. De meeste frequentieposities zijn gelijk aan de freiendentieposities voor de XTNi-serie.
Standaard kanaalfrequency en interferentie-eliminatiecode
| Kanaalnr. | Frequentie (MHz) | Code | Band-breedte |
| 1 446.00 | 625 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 2 446.01 | 875 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 3 446.03 | 125 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 4 446.04 | 875 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 5 446.05 | 625 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 6 446.06 | 875 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 7 446.08 | 125 67,0 Hz 12,5 kHz | ||
| 8 446.09 | 875 67,0 Hz 12,5 kHz |
| Kanaalnr. | Frequentie (MHz) | Code | Band-breedte |
| 9 | 446.00625 | 754 12,5 kHz | |
| 10 | 446.01875 | 754 12,5 kHz | |
| 11 | 446.03125 | 754 12,5 kHz | |
| 12 | 446.04375 | 754 12,5 kHz | |
| 13 | 446.05625 | 754 12,5 kHz | |
| 14 | 446.06875 | 754 12,5 kHz | |
| 15 | 446.08125 | 754 12,5 kHz | |
| 16 | 446.09375 | 754 12,5 kHz |
Opmerking: Code 754 kommt overeen met DPL 121
CTCSS- EN PL/DPL-CODES
CTCSS-codes
| CTCSS Hz | CTCSS Hz |
| 1 67,0 | 14 107,2 27 167,9 |
| 2 71,9 | 15 110,9 28 173,8 |
| 3 74,4 | 16 114,8 29 179,9 |
| 4 77,0 | 17 118,8 30 186,2 |
| 5 79,7 | 18 123 31 192,8 |
| 6 82,5 | 19 127,3 32 203,5 |
| 7 85,4 | 20 131,8 33 210,7 |
| 8 88,5 | 21 136,5 34 218,1 |
| 9 91,5 | 22 141,3 35 225,7 |
| 10 94,8 | 23 146,2 36 233,6 |
| 11 97,4 | 24 151,4 37 241,8 |
| 12 100,0 | 25 156,7 38 250,3 |
| 13 103,5 | 26 162,2 |
| SS Hz | |
| 122 (*) | 69,3 |
Opmerking: (^*) Nieuwe CTCSS-code.
PL/DPL-codes
| DPL Code DPL Code DPL |
| 39 2 55 116 71 243 |
| 40 2 56 125 72 244 |
| 41 2 57 131 73 245 |
| 42 3 1 58 132 74 251 |
| 43 3 2 59 134 75 261 |
| 44 4 60 143 76 263 |
| 45 4 7 61 152 77 265 |
| 46 5 1 62 155 78 271 |
| 47 5 4 63 156 79 306 |
| 48 6 5 64 162 80 311 |
| 49 7 1 65 165 81 315 |
| 50 7 2 66 172 82 331 |
| 51 7 3 67 174 83 343 |
| 52 7 4 68 205 84 346 |
| 53 1 14 69 223 85 351 |
| 54 1 15 70 226 86 364 |
PL/DPL-codes (ervolg)
| DPL Code DPL Code DPL | Code | ||
| 87 3 | 65 104 565 121 754 | ||
| 88 3 | 71 105 606 123 645 | ||
| 89 4 | 11 | 106 6 12 124 Aangepaste PL | |
| 90 4 | 12 107 624 125 Aangepaste PL | ||
| 91 4 | 13 108 627 126 Aangepaste PL | ||
| 92 4 | 23 109 631 127 Aangepaste PL | ||
| 93 4 | 31 110 632 128 Aangepaste PL | ||
| 94 4 | 32 111 654 129 Aangepaste PL | ||
| 95 4 | 45 112 662 130 Geinverteerde DPL | PL 39 | |
| 96 4 | 46 113 664 131 Geinverteerde DPL | PL 40 | |
| 97 4 | 46 114 703 132 Geinverteerde DPL | PL 41 | |
| 98 4 | 46 115 712 133 Geinverteerde DPL | PL 42 | |
| 99 5 | 503 116 723 134 Geinverteerde DPL | PL 43 | |
| 100 5 | 506 117 731 135 Geinverteerde DPL | PL 44 | |
| 101 5 | 516 118 732 136 Geinverteerde DPL | PL 45 | |
| 102 5 | 532 119 734 137 Geinverteerde DPL | PL 46 | |
| 103 5 | 546 120 743 138 Geinverteerde DPL | PL 47 | |
| DPL Code DPL Code DPL | |
| 139 | Geinverteerde DPL 48 |
| 140 | Geinverteerde DPL 49 |
| 141 | Geinverteerde DPL 50 |
| 142 | Geinverteerde DPL 51 |
| 143 | Geinverteerde DPL 52 |
| 144 | Geinverteerde DPL 53 |
| 145 | Geinverteerde DPL 54 |
| 146 | Geinverteerde DPL 55 |
| 147 | Geinverteerde DPL 56 |
| 148 | Geinverteerde DPL 57 |
| 149 | Geinverteerde DPL 58 |
| 150 | Geinverteerde DPL 59 |
| 151 | Geinverteerde DPL 60 |
| 152 | Geinverteerde DPL 61 |
| 153 | Geinverteerde DPL 62 |
| 154 | Geinverteerde DPL 63 |
| 155 | Geinverteerde DPL 64 |
PL/DPL-codes (ervolg)
| 156 | Geinverteerde DPL 65 |
| 157 | Geinverteerde DPL 66 |
| 158 | Geinverteerde DPL 67 |
| 159 | Geinverteerde DPL 68 |
| 160 | Geinverteerde DPL 69 |
| 161 | Geinverteerde DPL 70 |
| 162 | Geinverteerde DPL 71 |
| 163 | Geinverteerde DPL 72 |
| 164 | Geinverteerde DPL 73 |
| 165 | Geinverteerde DPL 74 |
| 166 | Geinverteerde DPL 75 |
| 167 | Geinverteerde DPL 76 |
| 168 | Geinverteerde DPL 77 |
| 169 | Geinverteerde DPL 78 |
| 170 | Geinverteerde DPL 79 |
| 171 | Geinverteerde DPL 80 |
| 172 | Geinverteerde DPL 81 |
| 173 | Geinverteerde DPL 82 |
| 174 | Geinverteerde DPL 83 |
| 175 | Geinverteerde DPL 84 |
| 176 | Geinverteerde DPL 85 |
| 177 | Geinverteerde DPL 86 |
| 178 | Geinverteerde DPL 87 |
| 179 | Geinverteerde DPL 88 |
| 180 | Geinverteerde DPL 89 |
| 181 | Geinverteerde DPL 90 |
| 182 | Geinverteerde DPL 91 |
| 183 | Geinverteerde DPL 92 |
| 184 | Geinverteerde DPL 93 |
| 185 | Geinverteerde DPL 94 |
| 186 | Geinverteerde DPL 95 |
| 187 | Geinverteerde DPL 96 |
| 188 | Geinverteerde DPL 97 |
| 189 | Geinverteerde DPL 98 |
PL/DPL-codes (ervolg)
| DPL Code | |
| 190 | Geinverteerde DPL 99 |
| 191 | Geinverteerde DPL 100 |
| 192 | Geinverteerde DPL 101 |
| 193 | Geinverteerde DPL 102 |
| 194 | Geinverteerde DPL 103 |
| 195 | Geinverteerde DPL 104 |
| 196 | Geinverteerde DPL 105 2 |
| 197 | Geinverteerde DPL 106 |
| 198 | Geinverteerde DPL 107 2 |
| 199 | Geinverteerde DPL 108 |
| DPL Code | |
| 200 | Geinverteerde DPL 109 |
| 201 | Geinverteerde DPL 110 |
| 202 | Geinverteerde DPL 111 |
| 203 | Geinverteerde DPL 112 |
| 204 | Geinverteerde DPL 113 |
| 205 | Geinverteerde DPL 114 |
| nverteerde DPL 115 | 216 Aangep |
| 207 | Geinverteerde DPL 116 |
| nverteerde DPL 117 | 218 Aangep |
| 209 | Geinverteerde DPL 118 |
| DPL | Code |
| 210 | Geinverteerde DPL 119 |
| 211 | Geinverteerde DPL 120 |
| 212 | Geinverteerde DPL 121 |
| 213 | Geinverteerde DPL 123 |
| 214 | Aangepaste DPL |
| 215 | Aangepaste DPL |
| PL | |
| 217 | Aangepaste DPL |
| PL | |
| 219 | Aangepaste DPL |
BEPERKTE GARANTIE VAN MOTOROLA
INFORMATIE OVER GARANTIE
De erkende Motorola-dealer of -leverancier waar u de Motorola-portofoon en/of originele accessoires hebt gekocht, za garantieclaims in behandeling nemen en/of service binnen de garantie verlenen. Breng de portofoonaar uw dealer of leverancier als u behoefte hebt aan service binnen de garantie. Stuur de portofoon Niet terug maar Motorola. Om aanspraak te kunnen make np garantie dient u de aankoopnota of een vergelijkbaar bewijs van aankoop voorzien van de aankoopdatum te overleggen. Op de portofoon moet ook duidelijk het serienummer leesbaar zich. De garantie vervalt als het type- of serialummer op het product is veranderd, verwijderd of onleesbaar gemaakt.
WAT VALT NIET ONDER DE GARANTIE
Defecten of beschadigingen die het gevolg zichn van afwijkend gebruik, gebruik onder abnormale omstandigheden of het Niet naleven van de instructies in deze gebruikershandleiding.
Defecten of beschadigingen die het gevolg zichn van misbruik, ongelukken of onachtzaamheid.
Defecten of beschadigingen die het gevolg zichn van onjuist testen, bedieren, onderhonden of afstellen of van aanpassingen of wijzigingen aan het toestel.
- Breuk of beschadiging van antennes tenzij dit eenrechtstreeks gevolg is van materiaal- of constructiefouten.
- Producten die+zijn gedemonteerd of gerepareerd op een zodanige manier dat dit negatieve gevolgen heeft voor de prestaties, of dat gegaste controle en testen ten behoeve van een garantieclaim onmogelijk is.
Defecten of schade door vocht, vloeistoffen of morsen.
- Alle kunststof oppervlakken en alle overige externe onderdelen die gekrast of beschadigd zichn als gevolg van normalaal gebruik.
- Producten die in tijdelijke verhuur zijn gegeben.
Periodiek onderhoud en reparatie of verranging van onderdelen als gevolg van normaal gebruik en normale slijtage.
ACCESSIONS
AUDIOACCESSIONS
| Artikelnr. Beschrijving | |
| 00115 | Batterij voor exter- luidsprekermicroloon |
| 00117 | Headset met draaibare microloon |
| 00118 | Batterij voor oordopje met clip en PTT-micr. |
| 00168 Lichtgewicht headset | |
BATTERIJ
| Artikelnr. Beschrijving | |
| PMNN4434_R S | Standaard lithium-ionbatterij |
| PMNN4453_R | Lithium-ionbatterij met hoge capaciteit |
KABELS
| Artikelnr. Beschrijving | |
| HKKN4028_ | Kloonkabel portofoon-naar-portofoon |
| HKKN4027_CPS | S-programmeerkabel |
OPLADERS
| Artikelnr. Beschrijving | |
| PMLN6385_ | Standaard opladerkit voor een apparaat (UK/EU) |
| PMLN6393_ | Standaard opladerkit voor meerere apparaten (INT/UK/EU) |
DRAAGACCESSOIRES
| Artikelnr. Beschrijving | |
| HKLN4510_Draaihouser |
King: Bepaalde accessoires zichen möglichn nicht verkrijgbaar op het moment van aankoop. Neem contact op met het filial waar u uw Motorola-apparaat hebt aangeschaft, of ga maar www.motorolasolutions.com/XTSeries of www.motorolasolutions.com/radios/ business voor actuele informatie over accessoires.
Opmerking
MOTOROLA, MOTO, MOTOROLA SOLUTIONS en het gestileerde M-Logo�n handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Motorola Trademark Holdings, LLC en worden op grond van licenties gebruikt. Alle andere handelsmerken zijn het eigendom van hun respectieve eigenaren.
© 2013 Motorola Solutions, Inc.
Alle rechten voorbehonden.
Oversigt over radioen 8
Radioensdele .8 Tend-/sluk-/lydstyrkeknap .9
Kanalvaelgerknap 9
Stik til ekstraudstyr 9
Modelmaerkat 9
Mikrofon 9
Antenne. 9
LED-indicator 9
Sidekninger 9
Lithium-ion-batteriet (Li-Ion) 9