MB 4 RTP - Grasmaaier VIKING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MB 4 RTP VIKING in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MB 4 RTP VIKING
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MB 4 RTP - VIKING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MB 4 RTP van het merk VIKING.
GEBRUIKSAANWIJZING MB 4 RTP VIKING
Hartelijk dank voor uw aankoop van een kwaliteititsproduct van de firma VIKING.
Dit product werd volgens de meest moderne procedures en met veel zorg voor kwaliteit gefabricieerd, want wij hebben ons doel pas bereikt als u tevreten bent over uw apparaat.
Neem contact op met uw dealer of met once verkoopafdeling als u vragen over uw apparaat heeft.
Veel plezier met uw VKING apparatus.

Dr. Peter Pretzsch
Director
Svanen

De modellen MB 4.0 R, MB 4.0 RT, MB 4.0 RTP voldoen aan het Noorse milieulabel.
1. Inhoudsopgave
Over deze gebruiksaanwijzing 68
Algemeen 68
Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 68
Beschrijving van het apparaat 68
Voor uwveiligheid 69
Algemeen 69
Tanken - omgaan met benzine 70
Kleding en uitrusting 70
Transport van het apparatus 70
Vórhetwerken 71
Tijdens het werken 71
Onderhoud en reparations 73
Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen 74 Afvoer 74
Toelichting van de symbolen 74
Leveringsomvang 75
Apparaat klaarmaken voor gebruik 75
Algemeen 75 Duwstang monteren (MB 4 R, MB 4 RT) 75
Duwstang monteren (MB 4 RTP) 76
Kabelclip monteren 76
Kabel vastmaken (MB 4 RT, MB 4 RTP) 76 Brandstof en motorolie 76
Bedieningselementen 76
Algemeen 76
Hoogeteverstelling duwstang 76
Duwstang omklappen 77
Startkabel vast-en loshaken 77
Snijhoogteverstelling 77
Veiligheidsvoorzieningen 77
Beugel motorstop 77
Aanwijzingen voor werken 77
Algemene informatatie over het mulchen 77
Wanneer mag umulchen? 78
Hoe u moet mulchen? 78
Hoe vaak moet u mulchen? 78
Apparaat in gebruik nemen 78
Verbrandingsmotor starten 78
Verbrandingsmotor uitschakelen 78
Wielaandrijying (MB 4 RT, MB 4 RTP) 78
Onderhoud 79
Apparaat reinigen 79
Slijtage van het mes controeren 79
Maaiimes slijpen 79
Maaimes demoneren en monteren 80
Verbrandingsmotor 80
Opslag (winterpauze) 80
Transport 81
Transport 81
Milieubescherming 81
Slijtage minimalisieren en schade voorkomen 81
Standaard reserveonderdelen 82
CE-conformiteitsverklaring van de fabrikant 82
2. Over deze gebruiksaanwijzing
2.1 Algemeen
Deze gebruiksaanwijzing is een originele gebruiksaanwijzing van de fabrikant in de zin van de EG-richtlijn 2006/42/EC.
VIKING werkkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering�n waarom voorbehonden.
Op basis van gevevens of afbeeldingen uit dit boekje+kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaatk.
2.2 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing
Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen.
Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht.
Kijkrichting:
kijkrichting bij gebruik links en rechts in de gebruiksaaanwijzing: De gebruiker staat später het apparatusat (werkstand).
Hoofdstukverwijzig:
aar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg worden met een pijtje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzingaar een hoofdstuk: ( 4.)
Markeringen van tekstpassages:
De beschreiben aanwijzingen kennen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zich.
Handelingen waar bij ingrijpen van de gebruiker vereist is:
- Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ...
Algemene opsommingen:
-productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementsen
Teksten met aanvullende betekenis:
Tekstpassages met aanvullende betekenis zich met een van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren.

Gevaar!
Gevaar voor oncegevalen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen+zijnoodzakelijk of verboden.

Waarschuwing!
Kans op letsel. Bepaalde handelingen voorkomen möglich of waarschijnlijk letsel.

Voorlichtig!
Minder ernstig letsel of materiele schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen.

Aanwijzing
Informatie voor een better apparaatgebruik en om een möglich oneigenlijk gebruik te vermijden.
Teksten met afbeeldingverwijzing:
Afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaaanwijzing.
Het camerasybmbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing.

3. Beschrijving van het apparatus

1 Beugel motorstop
2 Beugel welaandrijving (MB 4 RT/RTP)
3 Duwstang
4 Kabelgeleiding
5 Sturbevestiging (MB 4 RTP) Snelspanner (MB 4 R/RT)
6 Snijhoogteverstelling
7 Behuizing
8 Stootstrippen
9 Verbrandingsmotor
10 Bougiestekker
11 Handgreep voor
12 Handgreep acheer
13 Wielschraper
4. Voor uw veiligheid
4.1 Algemeen

Tijdens de werkzaamheden met het apparaat要去en devoorschriften terpreventie van ongevallen beslist in acheit
wordengenomen.

Vór de eerste inbedrijfstelling
moet u de—hele
gebruiksaanwijzing goed
doorlezen. Bewaar de
gebruiksaanwijzing voor later gebruik zorgvuldig op een veilige plaats.
Volg de gebruiks-en onderhoudsinstructies in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
Deze veiligheidsmaatregelen zich onontbeerlijk voor uwveiligheid, maar deze opsomming is Nietuitputtend. Gebruik het apparaat altoerd verstandig en met verantwoordelijkkeidsgevoel, en denk erom dat de gebruiker aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen met andere personen of voor schade aan hun eigendommen.
Maak u vertrouwd met de bedieningsonderdelen en het gebruik van het apparaat.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en die met de bediening ervan vertrouwd zich. Elke gebruiker要去 voór de eerste ingebruiknamevragen om een deskundige en praktische instructie. De verkoper of een andere deskundige要去 aan de gebruiker uitleggen, hoe hij veilig met het apparaat kan werken.
Bij deze instructie要去 de gebruiker er vooral bewust van worden gemaakt dat voor het werken met dit apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie vereist+zijn.
Leen het apparaat inclusief accessoires alleen uit aan Personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zich. De gebruiksaanwijzing is onderdeel van het apparaat en要去 algtd worden meegegeven.
Gebruik het apparaat alleen als uuitgerust bent en een goede lichamelijke en geestelijkke conditie hebt. Als u een verminderde gezondheid heeft, dient u uw arts te vragen of u met het apparaat kutwerken. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beinvloeden, mag nicht met het apparaat worden gewerkt.
Kinderen ofjongerenonder16jaar mogende machine Niet gebruiken.De minimumleeftijd van de gebruiker kan vastgelegd+zijn inplaatselijkebpalingen.
Dit apparaat mag zich worden gezrukt door Personen (met name kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijkke vermogens of door Personen zonder ervaring en/of zonder kennis, tenzij deze Personen onder toezurecht staan van iemand die voor hun verilgheid verantwoordelijk is of van wie men instructies m.b.t. het gezruik heeft ontvangen. Houd kinderen onder toezurecht om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen.
De modellen MB 4 R en MB 4 RT zijn ontworpen voor privaatgebruik.
Het model MB 4 RTP is ontworpen voor professioneel gebruik.
Opgelet - Gevaar voor ongevallen!
De grasmaier is alleen bedoeld voor het maaien van gras. Een andere toepassing is Niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben.
Om persoonlijk letsel van de gebruiker te vermijden, mag de grasmaaier bijvoorbeeld Niet worden ingezet voor volgende werken (onvolledige opsomming):
- het trimmen van bosjes, heggen en struiken,
- het snoeien van rankgewas,
- gazononderhoud op dakbeplantingen en in bloembakken,
- het hakselen enklein hakken van boom-en heggensnoeisel,
- het schoonmaken van voetpaden (opzuigen, wegblazen),
- het egaliseren van oneffenheden in de bodem, zoals bijv. molshopen.
Om veiligheidsredenen is het verboden wijzigingen aan het apparaat aan te brengen, behalte vakkundige montage van toebehoren die door VKING zich goedgekeurd. Bovendien heeft dit tot gevolg dat uw garantie vervalt. Neem voor informatatie over goedgekeurde toebehoren contact op met uw VKINGvakhandelaar.
Vooral elke wijziging aan het apparaat waardoor het vermogen of het toerental van de verbrandingsmotor of de elektromotor worden veranderd, is verboden.
Vervoer geen voorwerpen, dieren of personen, met name kinderen, met het apparaat.
Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan.

Opgelet! Gevaar voor de gezondheid door trillingen!
Een overmatige belasting door trillingen kan schade aan de
bloedsomloop en het zenuwstelselveroorzaken,vooral bij personen metcirculatiestoornissen.Raadpleeg een artswanner er symptomen optreden die doorde trillingen zouden+kennen zinveroorzaakt.
Deze symptomen treten voornamelijk op bij de vingers, handen of polsen en zich bijvoorbeeld (onvolledige opsomming):
- gevoelloosheid,
-pi j n,
slappe spieren,
-huidverkleuringen, - onaangenaam kriebelen.
4.2 Tanken - omgaan met benzine

Levensgevaarlijk!
Benzine is gifting en in hoge mate ontvlambaar.
Bewaar de brandstofuitsluitend in geschichte en goedgekeurde reservoirs (jerrycans). Schroef de tankdoppen van de jerrycans altijd goed erop en draai de dappen stevig vast. Om veiligheidsredenen要去en defecte afsluitingen worden verrangen.
Gebruik geen drankflessen of soortgelijke zaken om brandstoffen en smeermiddelen af te voeren of op te sloan, zoals
bijv. benzine. Personen, met name\ kinderen, zouden in de verleiding kuren\ komen om eruit te drinken.

Houd benzine uit de buurt van vuur, permanent vuur, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken!
Tank alleen in de buitenlucht en rook nicht tijdens het tanken.
Schakel de verbrandingsmotor voor het bijtanken uit en LAST deze afkoelen.
De benzine moet voor het starten van de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Bij een draaiende verbrandingsmotor of hetemachine mag de tankdop Niet worden geopend en mag er geen benzine worden bijgevuld.
Vul de brandstoftank Niet geheel, maar slechts tot ca. 4 cm onder de rand van de vulpijp, zodate brandstof ruimte heeft omuit te zetten.
Als er benzine is overgelopen, mag u de verbrandingsmotor pas starten nadat u het met benzine verontreinigde oppervlak hebt gereinigd. Start de verbrandingsmotor Niet voordat de benzinedampen zijn verdampt (droog vegen).
Gemorste brandstof moet meteen worden afgeveegd.
Verwissel van kleding als er benzine op is gemorst.
Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen+kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden.
Als de tank moet worden geleegd,要去 dit in de buitenlucht worden uitgevoerd.
4.3 Kleding en uitrusting

Draag tijdens werkzaamheden
altijd stevige schoenen met grip.
Werk nooit op blote voeten of
feld op sandalen.

Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden en tijdens het vervoer van de machine ook telkens stevige enen dragen en langhaar den en bedekken (hoofddoek, ).

Bij het slijpen van het maimes moet algtd een geschikte veiligheidsbril worden gedragen.

Tijdens het gebruik van het apparaat dient men algtd gehoorbescherming te dragen.
De machine mag alleen met een lange broek en nauwe kleding aan in gebruik worden genomen.
Draag nooit loses kledingstukken die aan draaiende onderdelen (bedieningshendel) können blijven hangen - ook geen sieraden, geen stropdassen en geen sjaals.
4.4 Transport van het apparatus
Werk uitsluitend met handschoenen aan om letsel door scherpe randen en hete onderdelen van het apparaat te voorkomen.
Het apparaat Niet met draaiende verbrandingsmotor verplaatsen. Schakel voor het transport de verbrandingsmotoruit, maar de messen uitlopen en trek de bougiestekker los.
Transporteer het apparaat alleen met een afgekoelde verbrandingsmotor en zonder brandstof.
Gebruik voor het laden geschikte hulpmiddelen (takel of laadhelling).
Maak het apparaat op het laadoppervlak vast met hiervoor geschikte bevestigingsmaterialen (gordels, touwen, enz.).
Maaiimes bij het optillen en dragen nicht aanraken.
Raadpleeg de informatie in het hoofdstuk "Transport". Daar wordt beschreiben hoe het apparaat op te tilen of vast te sjorren is. ( 13)
Houd u bij het transport van het apparaat aan deplaatselijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadopppervlakken.
4.5 Vóor het werken
Het moet duidelijk zijn, dat er alleen personen met het apparaat werken die gebruiksaanwijzing kennen.
Controleer het brandstofsystem voor ingebruikname van het apparaat op lekkage, met name de zichtbare onderdelen, zoals bijv. tank, tankdop, slangverbindingen. Verbrandingsmotor bij lekkage of schade Niet starten -
Brandgevaar!
Apparaat voor ingebruikname door vakhandelaar lately repareren.
Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparatuur met verbrandingsmotor of elektromotor in acht.
Controleer het complete terrein waarop de machine worden gebruikt en verwijder alle stenen, stokken, kabels, botten en andere voorwerpen die door de machine omhoog hunnen worden geslingerd. Hindernissen (b.v. boomstromken, wortels) hunnen in het hoge gras eenvoudig over het hoofd worden gezien.
Markeer Maarom voor het maaien alle in het gazon verborgen vreeinde voorwerpen (hindernissen) die nicht verwijderd hunnen worden.
Vervang voordat u de machine gebruikt defecte geluiddempers en alle andere versleten en beschadigde delen.
Onleesbare of beschadigde
waarschuwingsaanwijzingen op de machine要去en worden verrangen.
Stickers en alle verdere verwangingsonderdelen zichen verkrijgbaar bij uw VKINGvakhandelaar.
Voor het gebruik van het apparaat dient men te controeren of de bougiestekker goed vastzit op de bougie.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het in goede staat verkeert. Controller voor elk gebruik:
- of het apparaat volgens de voorschriften is gemonteerd.
- of het snijgereedschap en de complete snij-eenheid (maaimes,
bevestigingselementen,
maaiwerkbehuiizing) in onberispijke staat+zijn. Er moet vooral worden gecontroleerd op veilige montage, beschadigingen (kerven of scheuren) alsook slijtage. ( 12.2)
- of de tankdop goed vastgeschroefd is.
-
of de tank en de brandstofvervoerende delen en de tankdop in onberispelijke staat+zijn.
-
of de veiligheidsvoorzieningen (bijv. motorstopbeugel, behuizing, duwstang, bescherming) in perfecte toestand zich en�n behoren functioneren.
- of de oliedop goed opgeschroefd is.
Indien nodig deoodzakelijke werkenuitvoeren of toevertrouwen aan devakhandelaar. VIKING beveelt de VIKINGvakhandelaar aan.
4.6 Tijdens het werken

Werk nooit als er zich dieren of personen, in het bijzonder kinderen, binnen het gevaarlijke gebied bevinden.
De op het apparaat geinstalleerde schakel- en veiligheidsinrichtingen mogen nicht worden verwijderd of overbrugd. In het bijzonder de motorstopbeugel nooit aan de duwstang vastzetten (bijv. door afbinden).

Opgelet - kans op letsel!
Houd handen of voeten nooit tegen of onder draaiende onderdelen. Raak hetende mes nooit aan.
Neem steeds de door de duwstang bepaalde veiligheidsafstand in acht. De duwstang moet steeds goed gemonteerd zich en mag nicht veranderd worden. Gebruik het apparaat nooit met neergeklapte duwstang.
Bevestig nooit voorwerpen aan de duwstang (bijv. werkkleding).
Werk alleen bij daglicht of bij goede kunstverlichting.
Werk Niet met het apparaat bij regen,
onweer en met name Niet bij
blikseminslaggevaar.
Bij een vochtige ondergrond is er meer gevaar voor letsel, waar de gebruiker minder stabel staat.
Om uitglieden te voorkomen要去 bijzonder voorzichtig worden gewerkt.
Indien möglich het apparaat Niet op een vochtige ondergrond gebruiken.
Uitlaatgassen:

Levensgevaar door vergiftigng!
Stop onmiddelijk met werken bij misselijkheid, hoofdpijn, zichstoornissen (b v. blikvernauwing), slecht horen, duizeligheid of een verminder concentratievermogen. Deze symptomen+kunnen onder andere door een te hoge concentratie uitlaatgassen wordenveroorzaakt.

Het apparaat genereert giftige
uitlaatgassen zodra de
verbrandingsmotor is
ingeschakeld. Deze gassen
bevatten giftig koolmonoxide, een kleuren reukloos gas, en andere schadelijke stoffen. De verbrandingsmotor mag nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes in werkung worden gezet.
Starten:
Start het apparaat voorzichtig, volgens de aanwijzingen in het hoofdstuk "Apparaat in gebruik nemen". ( 11.) Houd uw voeten op voldoende afstand van het snijgereedschap.
Bij het starten mag het apparaat nicht worden gekanteld.
Bij het starten mag de beugel voor wielaandrijving Niet bediend worden.
Werken op hellingen:
Hellingen altijd in de dwarsrichting, nooit in de lengterrichting bewerken.
Als de gebruiker bij het maaien in langsrichting de controle verliest over de grasmaier kan hij overreden worden door het maaiende apparaat.
Wees bijzonder voorzichtig als u op een helling vanrichting verandert.
Let steeds op een goede stand bij hellingen en vermijd om met het apparatus te werken op zeer sterke hellingen.
Om veiligheidsredenen mag het apparaat nicht op hellingen steiler dan 25^ (46,6%) worden gezrukt. Kans op letsel! Een stijging van de helling van 25^ betekent een verticale stijging van 46,6cm bij een horizontale lengte van 100 cm.

Voor gegarandeerd voldoende smering van de verbrandingsmotor要去en bij het gebruik van het apparaat op hellingen ook de instructies in de meegeleverde gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor in acht worden genomen.
Werken:

Gevaar voor letsel!
Houd handen of voeten nooit boven, onder of gegen draaiende onderdelen.

Probeer nicht om het mes te inspecteren zolang de grasmaier werkt. Het
ronddraaiende mes kan letselveroorzaken.
Werk alsijd stapvoets en ga bij het werken met het apparaat vooral Niet rennen. Door snel te lopen met het apparaat is er meer kans op letsel door struikelen, uitgliden enz.
Wees bijzonder voorzichtig als u het apparaat omdraait of的那一u toe trekt. Struikelgevaar!
Gebruik het apparaat uiterst behoedzaam wanneer u in de buurt van vuilnishopen, sloten en dijken werk. Houd met name voldoende afstand tot dergelijk gezavarenzones.
U moet om in het gras verborgen voorwerpen hebennrijden
(beregeningsinstallaties, palen, waterkranen, fundamenten, stroomkabels etc.). Rijd nooit expres over dergelijk voorwerpenBeen.

Houd rekening met de uitloop van het snijgereedschap. Het duurt enkele seconden voordat het snijgereedschap helemaal tot stilstand is gekomen.
Schakel de verbrandingsmotoruit,laat het werkgereedschap tot stilstand komen en trek de bougiestekker eruit,
- wonneer u het apparaat verlaat of als het apparaat zonder toezicht is,
- voordat u bijtankt. Tank alleen wanner de verbrandingsmotor volledig is afgekoeld. Brandgevaar!
-
voordat u blokkades opheft of verstoptingen in de maaiwerkbehuizing verwijdert.
-
voordat u het apparaat optitl en draagt.
- voor dat u het apparaat transporteert,
- voor het werkken aan het maaimes wordt aangevat,
- voordat het apparaat getest of gereinigd worden of voordat sommige werken uitgevoerd worden (bijv. omklappen van de duwstang),
- wonneer een vreemd voorwerp geraakt werk of als de grasmaaier abnormaal hard begint te trillen. Controller in deze gevallen het apparaat, in het bijzonder de snijeenheid (messen, messenas, mesbevestiging), op beschadigingen en voer de noodzakelijkhe herstellingen uit voordat u het apparaat opnieuw start en ermee gaat werken.

Kans op letsel!
Hard trillen wijst meestal op een storing.
De grasmaier mag met name nicht worden gebrukt als de messenas beschadigd of verbogen is of als het maaimes beschadigd of verbogen is.
Laat de nooodzakelijkke herstellingen door een vakman -VIKING beveelt de VIKING vakhandelaar aan -uitvoeren, indien u Niet over de nodige kennis beschikt.
Schakel de verbrandingsmotor UIT,
-wanneer u het apparaat van enaar het te bewerken gazon duwt,
- voordat u het apparaat over een nicht met gras begroeide ondergrund gaat duwen,
- wonneer het apparaat voor het transport gekanteld moet worden,
- voor u de snijhoogte aanpast.
4.7 Onderhoud en reparations

Plaats het apparaat voorafgaand aan reinigings-, instel-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden op
een stevige, vlakke ondergrond, schakel de verbrandingsmotor uit en LAST deze afkoelen en trek de bougiestekker eruit.

Kans op letsel door het maaimes!
Door aan de startkabel te trekken krijgt het werkgereedschap een draaibeweging. Houd altijd voldoende afstand tot het maaimes, in het bijzonder de handen en de voeten, wonneer u aan de startkabel trekt.
Vooral voor werkzaamheden rond de verbrandingsmotor, het uitlaatspruitstuk en de geluiddemper, het apparaat eerst laden afkoelen. De temperaturen+kennen tot 80^ eneer oplopen.Kans op brandwonden!
Direct contact met motorolie kan gevaarlijk zijn, ook mag motorolie nicht worden gemorst.
VIKING adviseert het bijvullen resp.
verversen van motorolie door een VIKING
vakhandelaar te lately uitvoeren.
Reiniging:
na gebruik moet het gehele apparaat zorgvuldig worden gereinigd. ( 12.1)
Maak de aangekoeke resten gras in de behuizing met een houten staaf los. Reinig de onderkant van de grasmaaier met een borstel en water.
Gebruik nooit hagedrukreinigers en reinig het apparaat Niet onder stromend water (bijv. met een tuinslang).
Gebruik geen agressieve
reinigungsmiddelen. Dergelijk reinigungsmiddelen können kunststoffen en metalen zodenig beschadigen dat deveiligheid van uw VKING apparatus wellicht in het geding komt.
Om brandgevaar te voorkomen, moet u de gebieden rond de koelluchtopeningen, koelvinnen en rondon de uitlaat vrij houden van bijv. gras, stro, mos, bladeren of uistromend vet.
Onderhoudswerkzamheden:
Er mogen alleen
onderhoudswerkzaamheden worden
uitgevoerd die in deze gebruiksaanwijzing
worden vermeld. Alle andere
werkzaamheden dient u door uw
vakhandelaar te latent uitvoeren.
Neem.altijd contact op met uw
vakhandelaar als u Niet over de vereiste
kennis en gereedschappen beschikt.
VIKING raadt aan
onderhoudswerkzaamhedenen reparationsuitsluitend door de VIKING vakhandelaartelaten uityoeren.
VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
Gebruik uitsluitend gereedschappen, accessoires of combi-apparaten die voor dit apparaat door VIKING zich toegelaten of technisch gelijkwaardige delen, anders is er kans op ongevallen met letsel of schade aan het apparaat. Neem bij VXen contact op met een vakhandelaar.
Originele VIKING gereedschappen,
accessoires en verrangingsonderdelen
zijn wat betreft hun eigenschappen
optimaal op het apparaat en de behoeften
van de gebruiker afgestemd. Originele
VIKING verrangingsonderdelen zich
herkenbaar aan het VIKING
onderdeelnummer, het VIKING logo en eventuele het VIKING symbol op de onderden. Opkleine onderden kan ook alleen het teken staan.
Om veiligheidsredenen要去 brandstofvervoerende onderdelen (brandstofleiding, brandstofkraan, brandstoftank, tankdop, aansluitingen enz.) regelmatig op beschadigingen en lekkages worden geinspecteerd en indien nodig door een erkende monteur worden verrangen (VIKING raadt de VIKING vakhandelaar aan).
Houd waarschuwings- en instructiestickers alkijd leesbaar en schoon. Beschadigde of verloren gegane stickers要去en via uw VKING vakhandelaar door{nieuwe originele stickers worden verrangen.Let er bij het verwangen van een onderdeel door een nieuw onderdeel op dat het nieuwe onderdeel vandezelfde stickers is voorzien.
Werk aan de snijeenheid uitsluitend met ditdekweerkhandsschoenen en met de uiterste voorzichtigheid.
Zorg voor een veilig gebruik van het apparaat en zorg ervoor dat alle moeren, bouteen en schroeven, en zeker de mesbout goed zijn vastgedraaid.
Inspecteer het gehele apparaat op gezette tijden, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat (bijv. voor de winterpauze), op slijtage en beschadigingen. Versleten of beschadigde onderdelen moeten om veiligheidsredenen direct worden verrangen, omervoortezorgendat demachine alttijd inveiligstaat is.
Wijzig de instellenen van de verbrandingsmotor nooit en jaag deze nicht over+zijn toeren.
Als onderdelen of
veiligheidsvoorzieningen voor
onderhoudswerkzaamheden zich
verwijderd,要去en deze weeer meteen en
correct worden aangebracht.
4.8 Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen
Laat de verbrandingsmotor afkoelen voordat u het apparaat in een afgesloten ruimteplaatst.
Laat het apparaat volledig afkoelen voor dat u het bedekt.
Bewaar het apparaat met een lege tank en de brandstofvoorraad in een afluitbare en goed geventileerde ruimte.
Controleer of het apparaat gegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) is beveiligd.
Als de tank moet worden geledigd Zoals voor het stilleggen voor de winterpauze, mag de brandstoftank uitsluitend in de open lucht worden geledigd (bijv. leegrijden door de motor te lately draaien).
Reinig het apparaat voor het opslaan (bijv. winterpauze) grondig.
Apparaat alleen met uitgetrokken bougiestekker bewaren.
Sla het apparaat in een veilige staat op.
4.9 Afvoer
Afvalproducten zoals verbruike olie of brandstof, verbruike smeermiddelen, filters, accu's en soortgelijke slijtageonderdelen zich slecht voor mensen en dieren en konnen het milieu beschadigen en moeten derhalve deskundig worden afgevoerd.
Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.
Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de waarvoort bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval worden verwerkt. Verwijder om ongevalten te voorkomen vooral de bougiekabel, maak de tank leeg en tap de motorolie af.
Kans op letsel door het maaimes! Laat ook een grasmaier aan het eind van de levensduur ervan nooit zonder toezicht staan. Bewaar het apparaat en in het bijzonder het maaimes algijd buiten het bereik van kinderen.
5. Toelichting van de symbolen

Let op!
Lees voor inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing.


Gevaar voor letsel!
Houd andere Personen uit deGeVarenzone.

Kans op letsel!
Vór werkzaamheden aan het snijgereedschap en onderhoud- en reinigingswerkzaamheden de bougiestekker eruit trekken.

Kans op letsel!
De snijvoorziening loopt na het uitschakelen nog een aantal seconden na (rem van de verbrandingsmotor/messenrem).

MB 4R, MB 4RT:
Verbrandingsmotor starten.

MB 4 RTP:
Verbrandingsmotor starten.

MB 4R, MB 4RT:
Verbrandingsmotor uitschakelen.

MB 4 RTP:
Verbrandingsmotor uitschakelen.

MB 4 RT:
Wielaandrijving inschakelen.

MB 4 RTP:
Wielaandrijving inschakelen.

MB 4 RTP:
Draag tijdens het werk gehoorbescherming.

Aanduiding van de servicestand aan het rastsegment. ( 12.1)
6. Leveringsomvang

Pos. Omschrijving
A Basisapparaat met 1 duwstang
B Kabelclip 2
- Gebruiksaanwijzing 1
- Gebruiksaanwijzing 1
verbrandingsmotor
MB4R,MB4RT
C Bout met vlakke kop 2
D Snelspanner 2
E Beschermhulzen 2
MB 4 RTP
F Bout met vlakke kop 2
G Borgringen 2
H Borgmoeren 2
I Beschermhulzen 2
7. Apparaat klaarmaken voor gebruik
7.1 Algemeen

Gevaar voor letsel
Neem de
veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk 'Voor uweiligkeit' in acht. ( 4.)
- Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.
7.2 Duwstang monteren (MB 4 R, MB 4 RT)

- Beschermhulzen (E) met de lange zijde maar binnen op bovenstuk duwstang (1) steken.
- Bovenstuk duwstang (1) aan onderstuk duwstang (2) houden en bouten van buiten maar buiten door de boringen (3) steken.
- Snelspanner (D) aan de bouten (C) indraaien (er要去 onceveeer een schroefdraad van de boutuitsteken) en maar boven klappen.
- Correcte montage controleren: De snelspanners (D) dieren zo sterk aangetrokken te zich dat ze zich bij de duwstang aansluiten en dat het bovenstuk duwstang vast met het onderstuk duwstang verbonden is. Als de duwstang Niet vast gemonteerd zit, of de snelspanners Niet juist zitten, de snelspanners openen en zover verdraaien tot ze vastzitten.
7.3 Duwstang monteren (MB 4 RTP)

- Beschermhulzen(I) met de lange zijde maar binnen op bovenstuk duwstang (1) steken.
- Bovenstuk duwstang (1) aan onderstuk duwstang (2) houden, bouten (F) van buiten maar buiten door de boringen (3) steken. Borgringen (G) en borgmoeren (H) eropplaatsen en met 22 - 28 Nm vastdraaien.
- Correcte montage controleren: Het bovenstuk duwstang要去 vast met het onderstuk duwstang verbonden zich.
7.4 Kabelclip monteren

- Trekkabel motorstop (1) met kabelclip (B) aan het linker bovenstuk duwstang bevestigen.
- MB4RT, MB4RTP: Trekkabel wielaandrijving (2) met kabelclip (B) aan het rechter bovenstuk duwstang bevestigen.
Volgende afstanden:tussen de onderkant van rand/paneel en kabelclip aanhonden:
MB 4R, MB 4RT: 42 - 44 cm
MB 4 RTP:37-39 cm
7.5 Kabel vastmaken (MB 4 RT, MB 4 RTP)

- Trekkabel wielaandrijving (1) in de geleiding (2) langs het rastsegment drukken.
7.6 Brandstof en motorolie

Kans op letsel! Let op de veiligheidsinstrumenties in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid". ( 4.2)
Brandstof
Gebruik uitsluitend verse, milieuvriendlijke merkbrandstof:
Loodvrijebenzine
Gegevens over de juiste brandstofkwaliteit - octaangetal vindt u in de gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
Motorolie
Gebruik uitsluitend biologisch afbreekbare motorolien. VIKING beveelt aan om volgende motorolie te gebruiken:
-VIKINGSAE30
- VIKING 10W - 30
De vulhoeveelheid olie vindt u in de gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.

Controleer regelmatig het oliepeil (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
Brandstof bijtanken

Gebruik bij het tanken een voldoende grote vultrechter, om morsen van brandstof te vermijden.
Tankdop (1) eraf schroeven.
Vultrechter (2) inzetten.




- Jerrycan (3) rustig houden en de brandstof voorzichtig in meerdere malen tot ca. 4 cm onder de rand van de tank vullen.
Hoe meer brandstof reeds werd bevuld, des te kleiner moeten de hoeveelheden per stap worden.
Tussendoor steeds opniew de inhoud in de tank controeren, hiervoor de vultrechter wegemen.
Tankdop (1) terug opschroeven.
8. Bedieningselementen
8.1 Algemeen

Gevaar voor letsel
Neem de
veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk 'Voor uweiligkeit' in acht. ( 4.)
- Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.
8.2 Hoogteverstelling duwstang
De hoogte van de duwstang kan individueler worden ingesteld.
Moeren (1) en (2) losmaken.
- De duwstang door op en neer te bewegen op een aangename bedieningshoogte instellen en vasthouden.
- Moeren (1) en (2) waar vastdraaien.

8.3 Duwstang omklappen
Voor ruimtebesparend
transporteren en opslaan kan de duwstang ingeklapt worden.


Gevaar voor knellen!
Door het losdraaien van de snelspanners of de duwstangverbinding kan de duwstang ongecontroleerd omklappen.
Houd de duwstangkaarom steeds met een hand vast, terwijl u de bevestiging losmaakt.
Zet de verbrandingsmotor af en trek de bougiestekkeruit. ( 11.2)
- Startkabel loshaken. ( 8.4)
- MB 4 R, MB 4 RT: Duwstang (1) vasthouden, snelspanner (2) links en rechts losmaken en duwstang voorzichtigelijk waar voor leggen.
- MB 4 RTP: Duwstang (1) vasthouden, moeren (2) links en rechts losmaken en duwstang voorzichtig maar voor leggen.
8.4 Startkabel vast- en loshaken
Vasthaven

- Bougiestekker uitt de verbrandingsmotor trekken.
-
Motorstopbeugel (1) maar de duwstang drukken en vasthonden.
Startkabel (2) langzaam eruit trekken. -
Motorstopbeugel (1) loslaten en startkabel (2) in de startkabelgeleiding (3) inhaken.
Bougiestekker aansluiten.
Loshaken
- Bougiestekkeruit de verbrandingsmotor trekken.
- Startkabel (2) uit de kabelhouser (3) loshaken.
8.5 Snijhoogteverstelling

Kans op letsel!
Vór het instellen van de snijhoogte de verbrandingsmotor uitschakelen.
Er kuren 5 verschillende snijhoogtes worden ingesteld.
De hoogste snijstand (70 mm) worden uitgekozen, wanneer de hendel snijhoogteverstelling zich in dechterste stand (zie aanduiding) bevindt.

De laagste snijstand (30 mm) worden uitgekozen, wanneer de hendel snijhoogteverstelling zich in de voorste stand bevindt.
Hendel snijhoogteverstelling (1) maar buiten maar het anschwerwiel drukken en vasthouden.
Hendel snijhoogteverstelling (1) in degewenste positie in het rastersegment (2)plaatsen en lately inklikken.
9. Veiligheidsvoorzieningen
9.1 Beugel motorstop
De grasmaier is voorzien van een motorstop-toestel.
Tijdens het gebruik worden na het loslaten van de motorstopbeugel de verbrandingsmotor uitgeschakeld.
De verbrandingsmotor en de maaimessen komen binnen 3 seconden tot stilstand.

Kans op letsel!
Indien de uitlooptijd van de messen groter is, dan mag u het apparaat Niet verder gebruiken en moet u het waar de vakhandelaar brengen.
Meten van de naloootijd
Na het starten van de verbrandingsmotor draaien de messen en is er een windgeruis te horen. De uitlooptijd duurt even lang als het windgeruis na het uitschakelen van de verbrandingsmotor. Dit kan met een stopwatch worden gemeten.
10. Aanwijzingen voor werken
10.1 Algemene informatie over het mulchen
Bij het mulchen worden het afgesneden gras door een speciale geleiding van de luchtstroom bij de messen meerdere malen versnipperd en daarna wee terug in de grasnerf geblazen. Het maiaigoed blijft op het gazon liggen.
Effect
Rottend grasafval geeft organische voedingsstoffen aan de bodem'erug en dient zo als natuurlijke mest.
Voordelen
Het ledigen van de grasopvangbox en afvoeren van maaigoed valt weg. De groei van onkruid vertraagt en aanzienlijke hoeveelheden mest hunnen bespaard worden.
10.2 Wanner mag u mulchen?
VIKING beveelt aan alleen bij een droog gazon en bij Niet te hoog gras te mulchen. Bij te hoog gras moet het gazon in tweer rondes worden gemaaid. ( 10.3)

Voorzichtig!
Bij een te lage snijhoogte of een nat gazon kan de behuizing verstopt raken en het mes blokkeren!
10.3 Hoe u moet mulchen?
Voorwaarden voor een fraai mulchresultaat:
- De optimale snijdhoogte instellen: Enderde van de grashoogte za afgesneden worden.
- goed geslepen messen gebruiken.
- Maairichting variëren en ervoor zorgen dat de maaibanen elkaar overlappen.
Werkwijze bij hoog gras
Bij hoog gras moet het gazon in twee rondes worden bewerkt.
Eerste ronde:
Het gazon wordt op de hoogste snijhoogte voorgemaaid.
Tweede ronde:
12 tot 24研究成果 deeerste ronde haaks op de eerste maairichting op de gewenste grashoogte mulchen.
10.4 Hoe vaak moet u mulchen?
Door regelmatig te mulchen en het gras kort te houden, krijgt u een moot en zich gazon.
Belangrijkste groepperiode:
Lente:
min. 2-x per week mulchen.
Zomer en herfst:
min. 1-x per week mulchen.
11. Apparaat in gebruik nemen
11.1 Verbrandingsmotor starten

Voorkom schade aan de machine!
Motorolie bijvullen voor de eerste keer start (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).

Start de verbrandingsmotor Niet in het hoge gras of ingesteld op de laagste snijhoogte. Dit kan een zware opstart tot gevolg hebben.
- Beugel motorstop (1) maar de duwstang drukken en houd deze vast.
Startkabel (2) langzaam tot aan de compressorweerstand uittrekken. Daarna krachtig en snel tot armlengte verder trekken. - Laat de startkabel (2) langzaam teruggaan, zodat deze zich weer oprolt. Herhaal dit totdat de verbrandingsmotor aanslaat.
Na het starten werkdt de verbrandingsmotor op basis van een vaste aandrijfsnelheid algtd op het optimale toerental.
11.2 Verbrandingsmotor uitschakelen

- De motorstopbeugel (1) loslaten.
De verbrandingsmotor en de maaimessen komen binnen de 3 seconden tot stilstand.
11.3 Wielaandrijving (MB 4 RT, MB 4 RTP)


De modellen MB 4 RT en MB 4 RTP hebben een voorwielaandrijving.
Wielandrijving inschakelen
- Verbrandingsmotor starten. ( 11.1)
- De beugel voor wielaandrijving (1) maar de duwstang trekken en vasthouden.
De welaandrijving schakelt zich in en de grasmaier zet zich vooruit in beweging.
Wielaandrijving uitschakelen
- Beugel voor wielaandrijving (1) loslaten.
De welaandrijving schakelt zich uit en de grasmaier blijft staan.
De verbrandingsmotor en de messen draaien verderr.
12. Onderhoud

Kans op letsel!
Voordat u aan onderhouds-- of reinigingswerkzaamheden aan het apparaat begint, dient u het hoofdstuk "Voor uwveiligheid" ( 4.) , in het bijzonder de paragraaf "Onderhoud en reparations ( 4.7) , zorgvuldig te lezen en alle veiligheidsinstrumentes op te volgen.
Voor alle onderhoud-en reinigingswerkzaamheden het apparaat lately afkoelen en de bougiestekker eruit trekke

Jaarliks onderhoud door devakhandelaar:
De grasmaier moet elk Jaar door een vakhandelaar worden geinspecteerd. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.
12.1 Apparaat reinigen
Onderhoudsinterval:
Na elk gebruik.


Kans op letsel!
Verbrandingsmotor uitschakelen,
apparaat laten afkoelen en
bougiestekker eruit trekken.
Zet het apparaat in de servicestand
Hendelsnijhoogteverstelling in de hoogste positie (1)plaatsen. ( 8.5)
Duwstangverbinding of snelspanner (2) losmaken en bovenstuk duwstang (3)naar acheer omklappen.
Apparaat vooraan opheffen en zoals afgebeeld in de servicestand plaatsen.
12.2 Slijtage van het mes controleren
Onderhoudsinterval:
Voor elk gebruik.

Kans op letsel!
Afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur zijn de messen in meer of mindere mate aan slijtage onderhevig. Als u het apparaat op een zanderige ondergrond in droge omstandigheden gebruikt, slijt het mes door een sterkere belasting sneller dan gemiddeld.
Een versleten mes kan afbreken en ernstig letsel veroorzaken. Volg waarom steeds de onderhoudsinstructies voor het mes.
Procedure

Kans op letsel!
Let op de veiligheidsinstructies in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid". ( 4.7)
- Zet het apparaat in de servicestand.
(⇒ 12.1) -
Messen (1) reinigen.
-
Dikte van het mes (A) op Meerdere punten met schuifmaat (2) nameten.
- Buigafstand (B) nameten. Leg een liniaal (3) zoals afgebeeld aan de voorste mesrand.
Slijtagegrenzen
De dikte van het mes (A) moet overal ten minste 2,5 mm zijn. De belangrijkste punten zijn op de afbeelding gemarkeerd.
De lemmeten mogen bij het slijpen maximaal 5 mm - Afstand (B) (buiging) - teruggeslepen worden.
12.3 Maimes slijpen
Indien u Niet over de juiste kennis of hulpmiddelen beschikt, raden wij aan de messen te lately slijpen door een vakman. Bij een onjuist geslepen mes (verkeerde slijphoek, onbalans enz.) komt de goede werkung van het apparaat in het gedrang.
Aanwijzingen voor het slijpen
Maaimedesmonteren. ( 12.4)
- Het maaimes koelen tijdens het slijpen, bijv. met water.
Het mes mag nicht blauw worden, odomat anders de snijresultaten minder worden.
- Slijp het maaimes geleikmatig om vibratie door onbalans te voorkomen.
- Met een hoek van 30^ slijpen.
- Slijtagegrenzen ( 12.2) aanhouden.
12.4 Maimes demonteren en monteren


Kans op letsel!
Let op de veiligheidsinstrcties in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid". ( 4.7)

Kans op letsel!
Werk uitsluitend met handschoenen.

Demontage
- Maaimes (1) vasthouden en mesbout (2) losers.
- Mesbout (2), borgring (3) en maimes (1) verwijderen.
Montage

Het maaimes moet verwangen worden, wonneer kerven of scheuren zichtaar zijn of wonneer een slijtagegrens ( 12.2) bereikt werden.
- Montagevlak en bus van het mes (4) reinigen.
Mesbout (2) met Loctite 243 voorzien.
Maaimessen (1) zoals afgebeeld op de mesbus (4)plaatsen. MB 4 RTP:Op de juiste positie van de aanloopring (5) letten!
Borgring (3) opleggen zoals afgebeeld en met de mesbout (2) met 60 - 65 Nm vastdraaien.

Kans op letsel!
Het voorgeschreveen
aandraaimoment van de mesbout
moet worden aangehonden.
De borgring (3)要去 bij elke
montage van een mes vernieuwd
worden.
De mesbout (2)要去 bij elke
montage van een mes vernieuwd
worden.
12.5 Verbrandingsmotor
Onderhoudsinterval:
zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
Algemene aanwijzingen:
Neem de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de bijgevoegde gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor in acht.
Voor een lange levensduur is het van belang de olie op peil te houden, regelmatig de olie te verversen alsook het luchtfilter te verrangen.
Voor de aanbevolen oliewissel-intervallen en informatatie over motorolie en de vulhoeveelheid olie verwijzen wij u ook maar het punt van de verbrandingsmotor in de gebruiksaanwijzing.
De koelvinnen要去en alkijd schoon worden gezhonden om een goede koeling van de verbrandingsmotor te garanderen.
12.6 Opslag (winterpauze)
Neem bij een langere stilstand van de machine (winterpauze) de volgende punten in ache:
Maak alle onderdelen aan de buitenkant van de machine zorgvuldig schoon.
- Smeer alle bewegende delen goed in met olie of vet.
- Ledig de brandstoftank en de carburator (bijv. door leeg te rijden).
- Schroef de bougie eruit (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor) en giet ca. 3cm^3 motorolie in de bougieboring in de verbrandingsmotor. Laat de verbrandingsmotor eenaar keer zonder bougie doordraaien (aan de startkabel trekken).

Brandgevaar!
Houd de bougiestekker wegens ontstekingsgevaar uit de buurt van de bougieopening.
- Bougie terug inschroeven (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
- Ververs de olie (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
Apparaat in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Bewaar het apparaat alsijd buiten het bereik van kinderen.
13. Transport
13.1 Transport


Kans op letsel!
Lees voor het transport het hoofdstuk Voor uwveiligheid en volg de instructies op. ( 4.4) Draag het apparaat alleen met behulp van iemand anders.Draag steeds geschikte beschemkleding (veiligheidsschoenen, werkhandsschoenen). Voor het optillen of transporteren, de bougiestekker lostrekken.
Apparaat optillen of dragen
- Duwstang gemonteerd: Apparaat aan de handgreep voor (1) en aan de duwstang (2) vasthouden.
- Duwstang omgeklapt: Apparaat aan de handgreep voor (1) en aan de handgreep anschter (3) vasthouden.
Apparaat transporteren
Apparaat op een zuiver effen laadvlak, op alle 4 wielen rustend, transporteren.
- Het apparaat met geschikte bevestigingsmiddelen beveiliggen gegen verschuiven. Koorden of gordels aan de handgreep voor (1) en aan de handgreep anschter (3) bevestigen.
Grasresten horen nicht in de vuilnisbak, maar要去en wordenGPComposteerd.
De verpakkingen, het apparaat en de accessoires zijn met
recycleraar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt.
Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u de recyclage van waardevolle stoffen.
Daarom moet het apparaat na afloop van de gebruikelijkke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Raadpleeg bij het afvoeren de informatie in het hoofdstuk 'Afvoeren' ( 4.9)
Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten.
15. Slijtage minimisieren en schade voorkomen
Belangrijke aanwijzingen voor het onderhoud van de productgroep
Grasmaiers met benzinemotor
De firma VKING aanvaardt in geen geval aansprakelijkheid voor materiele schade en persoonlijk letsel die veroorzaakt zijn als gevolg van het Niet in acht nemen van de instructies in de gebruiksaanwijzing, met name betreffende veiligheid, bediening en onderhoud, of die door gebruik van Niet toegestane montage- of reserveonderdelen optreden.
Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acheit om schade of overmatige slijtage aan uw VKING apparatus te vermijden:
1. Slijtageonderdelen
Sommige onderdelen van het VIKING apparaat zijn ook bij reglementair gebruik aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduurijdig worden verrangen.
Dit omvat o.a.:
Maaimes
V-riem (MB 4 RT, MB 4 RTP)
- Banden
2. Inachtneming van de voorschriften in\ deze gebruiksaanwijzing
Het VIKING apparaat要去 zo zorgvuldig möglichk worden gebruikt, onderhodenen opgeslagen, Zoals omschreiben in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het Niet in acht nemen van veriligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen wordenveroorzaakt, is de gebruiker zich verantwoordelijk.
Dit geldt met name voor:
- Niet door VKING toegelaten productwijzigingen.
- het gebruik van brandstoffen Niet door VIKING toegelaten (smeermiddelen, benzine en motorolie, die gegevens van de fabrikant).
-Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die nicht voor het apparaat zichen goedgekeurd, Niet geschikt zich of van een minder goede kwaliteit zich. -
Niet reglementair gebruik van het product.
-
gebruik van het product bij sport-of wedstrijdevenementsen.
- gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.
3. Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden要去en regelmatig worden uitgevoerd.
Voor zover deze
onderhoudswerkzaamheden nicht door de
gebruiker zich kann worden uitgevoerd,
moeten deze aan een vakhandelaar
worden overgedragen.
VIKING raadt aan
onderhoudswerkzaamheden en reparaties
uitsluitend bij de VIKING vakhandelaar te
laten uitvoeren.
VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatatie ter beschikking gesteld.
Worden deze werkzaamheden nicht uitgevoerd, dan kan er schade ontstaan waarvoord de gebruiker verantwoordelijk is.
Hieroe behoren onder andere:
corrosie en andere gevolgschade door ondeskundige opslag.
-beschadigingen aan het apparaat door het gebruik van kwalitatief minderwaardige reserveonderdelen.
-beschadigingen door nichtijdig of ondeskundig uitgevoerd onderhoud resp. beschadigingen door onderhoulds- of reparatiewerkzaamheden die nicht in werkplaatsen van vakhandelaars zijn uitgevoerd.
16. Standaard reserveonderdelen
Maaimessen (mulchmessen)
63837020100
Mesbout
90083199067
Borgring
00007026600
De bevestigingselementen van het maaimes (bijv. mesbout, borgring)要去en bij het verwisselen of monteren van het mes worden verrangen. Reserveonderdelen zich verkrijgbaar bij de VIKING vakhandelaar.
17. CE-conformiteitsverklaring van de fabrikant
Wij,
VIKING GmbH
Grasmaier, handgeduwd met verbrandingsmotor (MB)
Merk: VIKING
Type: MB 4.0 R
MB 4.0 RT
MB 4.0 RTP
Serie identificatie 6383
die voldoet aan de volgende EG richtlijnen: 97/68/EC, 2000/14/EC, 2004/108/EC, 2006/42/EC
Dit product is ontwikkeld in overeenstemming met de volgende normen:
EN ISO 5395-1, EN ISO 5395-2
Toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure: appendix VIII (2000/14/EC)
Naam en adres van de bevoegde instantie:
Samenstelling en klassement van de Technische Documentatie:
Johann Weiglhofer
VIKING GmbH
Het bouwjaar en het serienummer staan vermeld op het typeplaatje van het apparaat.
Gegarandeerd geluidsniveau: 94 dB(A)
MB 4.0 RTP:
Gemeten geluidsniveau: 91,2 dB(A)
Gegarandeerd geluidsniveau: 93 dB(A)
Langkampfen, 2014-01-02 (JJJJ-MM-DD)
VIKING GmbH

Hoofd Onderzoek en Productontwikkeling
Snjvoorzieening mesbalk
Snijbvrede 53 cm
Toerental
snijvoorziening 2800omw/min
Veiligheidsvoorzie
ningen
Startinrichting
Aandraaimoment
mesbout
Snijhoogte
Motorstop
Trekstarter
60 - 65 Nm
30-70mm
MB 4.0 R, MB 4.0 RT
Verbrandingsmotor, type
Motortype
Brandstofverbruik
(Gemiddeld)
Cylinderinhoud 149 ccm
Nominalvermogen 2,2-2800
bij nominaal toerental
Hoopste
motortoerental
Volgens richtlijn
2000/14/EC:
Gegarandeerd
geluidsniveau L_WAd 94 dB(A)
Volgens richtlijn
2006/42/EC:
Geluidsniveau op
werkplek LpA
Onzekerheid K_pA 1 db(A)
Opgeveen trillingskarakteristiek
conform EN 12096:
Gemetenwaarde
a_hw 3.33 m/s²
bij nominaal toerental
Hoogste
motoroerental
Volgens richtlij
2000/14/EC:
Gegarandeerd
geluidsniveauu LwAd
Volgens richtlij
2006/42/EC:
Geluidsdruk niveau op werkplek LpA
Onzekerheid Khw 1,20 m/s²
Meting conform
EN 20643
Aandrijving: Voorwiel
1 versnelling
vooruit
Wiel-0 voor 210 mm
Wiel-0 ache ter 205 mm
Gewicht 42 kg
L/B/H 140/57/108 cm
19. Defectopsoring
Neem eventueel contact op met een vakhandelaar, VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.
zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
Storing:
- Beugel motorstop nicht geactiveerd.
- Geen brandstof in de tank.
- Brandstofleiding verstoet.
-
Slechte, verwuiilde of oude brandstof in de tank.
Luchtfilter vuil. -
Bougiestekker is van bougie afgekoppeld; ontstekingskabel is nicht goed op de stekker aangesloten.
Bougie vol roet of beschadigd; verkeerde afstand elektroden.
Oplossing:
-Motorstopbeugel naar de duwstang drukken en vasthouden. ( 11.1)
- Brandstof bijvullen. (⇒ 7.6)
- Brandstoffleiding reinigen. 1,
- Alleen recente merkbrändstof, normale loodvrije benzine gebruiken; carburator reinigen. 日
Luchtfilter reinigen.
-Bougiestekker aanbrengen;verbinding tussen ontstekingskabel en stekker controeren.
- Bougie reinigen of cervangen; afstand elektroden instellen.
Storing:
Slecht starten of verminderen van het vermogen van de verbrandingsmotor.
Mogelijkoorzaak:
- Behuizing van de grasmaaier verstopt.
- U maait met een te lage snijstand of de rijnselheid is ten opzichte van de snijhoogte te hoog.
-Er zit water in de brandstoffank en carburator; de carburator is verstopt. - Brandstoftank vuil.
Luchtfilter vuil. - Bougie vol roet.
Oplossing:
- Behuizing van de grasmaier reinigen (bougiestekker lostrekken). ( 12.1)
-Hogere snijstand instellen of rijnselheid verlagen. ( 8.5) - Brandstoftank ledigen, brandstofleiding en carburator reinigen.
- Brandstoftank reinigen.
Luchtfilter reinigen. - Bougie reinigen.
Storing:
Verbrandingsmotor worden zeer heet.
Mogelijk oorzaak:
- Te laag oliepeil in de verbrandingsmotor.
-Koelribben zich vuil.
Oplossing:
-Motorolie verversen. ( 12.5)
-Koelribben reinigen. ( 12.1)
Storing:
Sterke trillingen tijdens gebruik.
Mogelijk oorzaak:
- Snijeenheid defect
- Bevestiging van de verbrandingsmotor is los.
Oplossing:
Maaimes, messenas en mesbevestiging (mesbout en borgring) controleren en zo nodsig herstellen.
- Bevestigingsboute n van de verbrandingsmotor aandraaien.
Geen aandrijving bij het indrukken van de beugel van de wielaandrijving
Mogelijkoorzaak:
-Kabel van de wielaandrijving defect (bijv. geknikt)
Oplossing:
-Kabel verrangen
Storing:
Onzuivere snede, gras wordt geel
Mogelijk oorzaak:
- Maaimes is bot of versleten
Oplossing:
-Slijp of verrang het maaimes ( 12.3), (12.4).
20. Onderhoudsschema
20.1 Leveringbevestigting


Volgende onderhoudsbeurt
Datum:
20.2 Servicebevestigting

Geef deze gebruiksaanwijzing aan 23 uw VKING vakhandelaar in geval van onderhoudswerkzaamheden. Hij bevestigt op de voorgedrukte velden de servicewerkzaamheden die werden uitgevoerd.
Service uitgevoerd op
Datum volgende servicebeurt
Gentili Clienti,
Tork alltid opp drivstoffsəl.
neiedarbinietieksdedzes motoru-pastavugunsbistamiba!
skatietieksdedzesmotoriatosanas pamacibu!
Traucejums:
ieksdedzes motors nesak darbodies.
lespejaisiemesls:
- nav pavilks motora apstadinasanas rokturis;
- t v e r t n ān av degvielas;
- degvielas padeves caurulvads aizserejis;
- tvertne ir nekvalitativa, netira vai veca degviela;
-gaisafiltrsirnetirs; - aizdedzes atslēgas kontaktsspraudnis ir atvienots no aizdedzes sveces; vājš aizdedzes kabela un kontaktsspraudna kontakts;
- nokvēpusi vai bojāa aizdedzes svece, nepareizs attalums starp elektrodiem.
Risinajums:
motora apstadinasanas rokturi spiediet pie vadibas roktura un turiet; ( 11.1)
- uzpildiet degvielu; () 7.6
- izt triet degvielas padeves caurulvadu; 1
vienmér izmantojiet svaigu zimola degvielu, normalu bezsvina benzinu; iztriet karburatoru;
-iztiriagetaisafiltru;,
- pievienojiet aizdedzes atslegas kontaktspraudni, pärbaudiet aizdedzes kabela un kontaktspraudna savienojumu;
- n o t iriet vai nomainiet aizdedzes sv noregulejiet attalumu starp elektrodiem.
Traucejums:
Nakamās apkopes datumss
Gerbiamiei pirkéjai,
dékojame, kad pasirinkote kokyibská
VIKING bendrovés gaminj.