GEBRUIKSAANWIJZING Highline 473 SPE AL-KO
Lees voor de ingebruikname eerst deze documentationatie volledig door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik. Maak u voor het gebruik ver Trouwd met de bedieningselementen en de functies van de machine.
U moet de veiligheidsinstrumentes en waarschuwingen die in dit document en op het apparaat vermeld staan opvolgen.
Bewaar de bedieningshandleiding voor het gebruik en geef deze ook door aan toekomstige gebruikers.
Legenda

Let op!
Nauwkeurig opvolgen van de waarschuwingsinstructies kan schade aan Personen en zaken voorkomen.

Speciale instructies voor een better begrip en een goed gebruik.

Het camerasymbool verwijst maar afbeeldingen.
Inhoudsopgave
Over dit handboek 32
Productbeschrijving 32
Veiligheidsinrichtingen en beschemende componenten 32
Veiligheidsinstructies 34
Montage. 35
Tanken 35
Ingebruikname 36
Elektrische starten (optie) 39
Onderhoud en reiniging 40
Opslag 41
Reparaties 41
Afvoer 41
Hulp bij storingen 42
Garantie. 43
EG-conformiteitsverklaring 43
Productbeschrijving
In deze documentationatie worden verschillende modellen benzinegrasmaaiers beschreiben. Enkele modellen zijn uitgerust met een grasopvangbox en/of zijn bovendien geschickt voor mulchen.
Identifi ceer uw model aan de hand van de productfoto's en de beschrijving van de verschillende opties.
Gebruik volgens bestemming
Dit apparaat is bestemd voor het maaien van grayscale in privilegedebruik en mag Niet enkel op droog gazon worden ingezet.
Een ander of verdergaand gebruik geldt nicht als gebruik volgens bestemming.
Mogelijk verkeerd gebruik
Deze grasmaier is nicht geschikt voor gebruik in openbare plantsoenen, parken en sportvelden of voor land- en bosbouw
Veiligheidsinrichtingen mogen nicht worden gedemonteerd of overbrugd
Het apparaat nicht gebruiken bij regen of op een nat gazon
Het apparaat mag nicht professioneel worden toegepast
Veiligheidsinrichtingen en beschemende componenten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen nicht buten werkung worden gesteld!
Veiligheidsbeugel
Het apparaat is uitgerust met een veiligheidsbeugel. Bij gevaar要去 de veiligheidsbeugel worden losgelaten.
mes wordt gestopt
motor wordt gestopt
Veiligheidsklep
De veiligheidsklep beschermt gegen het eruit vliegen van de onderdelen.

| 1 Startkabel 9 Snijhoogteverstelling* | | |
| 2 Start, stop* 11 Varioaandrijving* | | |
| 3 Wielaandrijving* 12 Gebruikshandleiding | | |
| 4 Veiligheidsbeugel 13 Uitwerpinzet* | | |
| 5 Ergonomische hoogteverstelling* 14 Sluitklep* | | |
| 6 Vulstandindicatie* 15 Mulchkit* | | |
| 7 Veiligheidsklep* 16 Zünenschloss voor elektrische start | | |
| 8 Grasopvangbox* | | |
Symbolen op het apparaat
| Let op!
Voorzichtig handelen bij gebruik. | Voordat u werkzaamheden gaat
uitvoeren aan het snijmechanisme, eerst
de bougiedop uittrekken. |
| Vóró de ingebruikname gebruiksaanwijzing lezen! | |
| Derden buiten het gezarenbereik honden! | |
| Handen en voeten bij messen vandaan honden | |
| Afstand honden van het gezarenbereik. |

Let op! Gevaar door elektrische schok.

Aansluitleiding uit de buurt houden van het mes.

Apparaat voor onderhoudswerkzaamheden of bij beschadigde kabel.altijd van het stroomnet halen.
Veiligheidsinstructies

Let op!
Apparaat alleen in een technisch perfecte staat gebruiken!

Let op! - Gevaar voor letsel!
Veiligheidsinrichtingen en beschermende componenten mogen nicht buiten werkung worden gesteld!

Let op! - Brandgevaar!
Machines met volle tank nicht in gebouwen opbergen, waarin benzinedampen met open vuur of vonden aanraking kuren kom!
Bereik rondon de motor, uitlaat, accuhuis, brandstoftank vrij van maaigoed, benzine en olie houden.
Derden buiten deGeVarenzone houden
De machinebestuurder of gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen met andere personen of hun eigendommen
■ Kinderen of andere Personen die de gebruikshandleiding nicht kennen mogen het apparatusat Niet gebruiken
Lokale voorschriften over de minimumleeftijd voor een bediener inucht nemen
Het apparaat Niet bedieren onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen
Doelmatige werkkleding dragen
lange broek
stevige en nicht glijdende schoenen
gehoorbescherming
Bij het werken op hellingen
altijd opletten dat u stabel staat
altijd dwars ten opzichte van de helling maaken, nooit omhoog of omlaag
niet maaien op helling van meer dan 20
Wees zeer voorzichtig bij het keren
■ Enkel bij voldoende daglicht of kunstmatige verlichting werken
Lichaam, ledematen en kleding uit de buurt van het mes houden
- Landspecifieke voorschriften voor dearend van het gebruik in acht nemen
Gebruisklaar apparaat Niet onbeheerd lately
Enkel met scherp mes maaien
Apparaat nooit gebruiken met beschadigde veiligheidsinrichtingen /veiligheidsroosters
Apparaat nooit zicher volledig gemonteerde. veiligheidsinrichtingen gebruiken (bijv.: veiligheidsklep, grasopvangvoorzieningen)
Apparaat voor ieder gebruik controeren op beschadigingen, voordat u het apparaat wee ingebruik neemt de beschadigde onderdelen lately verrangen
Motor uitzetten, wachten tot het apparaat stilstaaten bougiedop uittrekken
als u het apparaat verlaat
na het optreden van storingen
hoortgrendelen van blokkeringen
hoer het verwijderen van verstoppingen
na het contact met vreemde voorwerpen
■ Als storingen en ongewoonlijke trillingen in het apparatusat optreden
Zoekenaar beschadigingen aan de grasmaaier en de vereiste reparatiesuitvoeren,voordat u de grasmaaier opnieuw start en er mee gaat werken.
Bougiedop opsteken en motor starten
na het verhelpen van storingen (zie tabel met storingen) en contrôle van het apparaat
na het reinigen van het apparaat
Het grayscale dat moet worden gemaaid volledig en nauwkeurig controleren, alle vreemde voorwerpen verwijderen
Bijzonder goed opletten bij het omkeren van de grasmaier of wonneer u de grasmaier maar u toetrekt
Niet over hindernissen maaien (bijv. takken, boomwortels)
Snijdsel enkel verwijderen bij stilstaande motor
Motor / mes uitschakelen, wanner er over een ander vlak dan het te maaien grasvlak moet worden gereden
Apparaat nooit bij draaiende motor optillen of dragen
Bij het vullen met benzine of motorolie Niet eten of drinken
Benzinedampen nicht inademen
Beweeg het apparaat stapvoets voort.
- Controller voor het gebruik of alle moeren, schroeven en bouten vastzitten
Montage
Meegeleverde montagehandleiding in acht nemen.

Let op!
Het apparaat mag pas na volledig te zich gemonteerd gebruikt worden.
Tanken
Voor de ingebruikname要去 dgrasmaaier voltanken.

Waarschuwing - Brandgevaar!
Benzine en olie+zijnzeerlichtontvlambaar!

Steeds de bijgeleverde gebruiksaanwijzing van de motorfabrikant in acht nemen.
Verbruiksstoffen
| Benzine Motorolie |
| Soort | normale benzine / loodvrij | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant |
| Vulhoeveelheid | zie de aanwijzingen van de motorfabrikant | ca. 0,6 l |
Veiligheid

Waarschuwing!
Motor nicht in afgesloten ruimten lately lopen. Vergiftigingsgevaar!
Benzine en olie enkel in waarvoort bestemde reservoirs bewaren
Benzine en olie enkel bij koude motor en buiten vullen of aftappen
Bij draaiende motor geen benzine of olie vullen
Tank nicht te vol vullen (benzine zet uit)
Tijdens het tanken nicht roken
De tankdop nicht bij draaiende of warme motor openen
Beschadigde tank of tankdop verrangen
Tankdop altijd stevig vastdraaien
■ Als er benzine gemorst is:
Motor nicht starten
Startpogingen vermijden
Apparaat reinigen
■ Als er motorolie gemorst is:
Motor nicht starten
Uitgestroomde motorolie met oliebindmittel of een lap opzuigen en juiste wijze afvoeren
Apparaat reinigen

Oude olie mag u
■ Niet bij het afval voegen
in de riolering, de afvoer of op de gronduitgieten
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te gehen bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Benzine vullen
- Tankdop afschroeven, op een schone plek leggen.
- Benzine met een trechter vullen.
- Vulopening van de tank stevig sluiten en reinigen.
Motorolie vullen
- Olievuldop afschroeven, dop op een schone plek leggen.
- Olie met een trechter vullen.
- Olievulopening stevig sluiten en reinigen.
Ingebruikname

Let op!
Met een loszrittend, of versleten snijmechanisme, en/of loszrittende onderdelen, mag het apparaat Niet gebruikt worden!
Voor iedere ingebruikname moet u een visuèle controle uitvoeren.

Het camerasymbool op de volgens网页's wijst op de afbeeldingen op pagina 4-7.
Snijhoogte instellen

Let op! - Gevaar voor letsel!
Snijhoogte enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verstellen.

Centrale overstelling (2)
- Hendel voor de ontgrendeling opzij duwen en vasthouden.
- Hendelaar links of rechts naar de gewenste snijhoogte schuiven.
- Hendel laten vergrendelen.
- Op gelijke vergrendelpositie bij alle wielen letten.
Maaien met grasopvangbox

Let op! - Gevaar voor letsel!
Grasopvangbox enkel bij uitgeschakelde motoren stilstaand mes verwijderen of monteren.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox in de houders hangen (6).
Vulstandindicatie
De vulstandindicatie wordt door de luchtstroom tijdens het maaien omhoog geduwd (5a).
Wanneer de grasopvangbox vol is, ligt de vulstandindicatie gegen de box (5b). De grasopvangbox moet worden geleegd.
Grasopvangbox leegmaken
- Veiligheidsklep optillen.
- Grasopvangbox eruit hangen enaar achteren toe verwijderen (6).
- Grasopvangbox leegmaken.
- Veiligheidsklep optillen en grasopvangbox wee in de houlders hangen (6).
Maaien zonder grasopvangbox

Let op!
Enkel bij goed werkende draaiveer van de veiligheidsklep zonder grasopvangbox maaien.
De veiligheidsklep ligt met veerkracht gegen de behuizing van de grasmaier. Het gemaaide gras worden zo waarchyteren uitgeworpen.
Mulchen met mulchkit (optie)
Bij het mulchen wordt het snijdsel Niet opgevangen, maar blijft liggen op het gazon. De mulchlaag beschermt de bodem gegen uitdrogen en verzorgt deze met voedingsstoffen.
De Beste resultaten worden bereikt wanseer regelmatinca.2 cm wordt teruggesneden. Enkel Jong gras metzachte bladeren verrotten snugl.
Grashoogte voor het mulchen: maximaal 8 cm
Grashoogte na het mulchen: minimaal 4 cm

Stapsnelheid aanpassen aan het mulchen, nicht te snel gaan.
Mulchkit inzetten

Let op! - Gevaar voor letsel!
Mulchkit enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes inzetten of verwijderen.
- Grasopvangbox afnemen ( 6).
- Veiligheidsklep optillen en mulchkit in deuitwerpschacht plaatsen (7). Vergrendeling要去 vastklikken.

Wanner de mulchkit Niet vastklikt, kannen mulchkit en mes worden beschadigd.
Mulchkit verwijderen
- Veiligheidsklep optillen.
- Vergrendeling aan mulchkit losmaken ( 8/1).
- Mulchkit eruit trekken ( 8/2).
Maaien met zichuitworp (optie)

Let op! - Gevaar voor letsell!
Zijuitworp enkel bij uitgeschakelde motor en stilstaand mes verwijderen of monteren.
Zijuitworp inzetten
-
Grasopvangbox verwijderen en mulchkit erin zetten.
-
Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (9/1).
- Zijuitwerpkanaal inzetten (9/2).
- Afdekking langzaam sluiten. De afdekking beveiligt het zijuitwerpkanaal tegen eruit vallen.
Zijuitworp verwijderen
- Afdekking voor zijuitworp openklappen en vasthouden (9/1).
- Zijuitworp verwijderen en afdekking sluiten (9/2).
Greephoogte instellen (optie)
Klemverstelling
- Beugel vasthouden en beiden klemmen losmaken (10).
- Beugel in de gewenste positie zetten.
- Klemmen sluiten.
Motor starten

Let op! - Vergiftigingsgevaar!
Motor nicht in afgesloten ruimten latent lopen.

Let op! - Gevaar voor letsel!
Apparaatijdens het starten Niet kantelen.

- Motor enkel starten als het mes is gemonteerd (mes dient als rotatiemassa)
Bij het starten van de warme motor choke ofprimerknop NIET gebruiken
Regelaarinstellungen aan de motor Niet wijzigen
Apparaat Niet starten, wonneer het uitwerpkanaal Niet door een van de volgende onderdelen is afgedekt:
grasopvangbox
veiligheidsklep
mulchkit
Goed opletten bij het bedieren van de startschakelaar en de aanwijzingen van de fabrikant opvolgen
Erop letten dat er voldoende aufstand is:tussen de voeten en het snijgereedschap
Apparaat in laag gras starten
Handmatig starten
met snelheidsregelaar, met choke
- Gashendel in stand max zetten (e1/1).
- Veiligheidsbeugel maar de beugel trekken en vasthouden (16) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna wee langzaam lately oprollen (17).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) gashendel op een stand zetten:tussen min en max.
met snelheidsregelaar, zonder primer/choke
- Gashendel in stand max zetten ( 12/1).
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthonden (16) - veiligheidsbeugel klikt nicht vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna\
weer langzaam lately oprollen (17).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) gashendel op een stand zetten zusammen min en min.
met snelheidsregelaar, met primer (16)
- Gashendel in stand max zetten ( 12/1).
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (15). Bij temperaturen onder 10^ de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthonden (16) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Startkabel uittrekken en verwolgens weir langzaam\
laten oprollen (17).
- Op het moment dat de motor draait, gashendel voor het gewenste motortoerental op een stand:tussen min en max zetten.
zonder snelheidsregelaar, met choke
Choke aan
uit


- Choke in stand 1 zetten (13/1).
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna wee langzaam lately oprollen (18).
- Na het opwarmen van de motor (ca. 15-20 seconden) de choke in stand 2 zetten (3/2).

De motor heeft een vast toerental.
U kunt het toerental waarom Niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, met primer (16)
- Primerknop 3x indrukken, met tussenpozen van ca. 2 seconden (16). Bij temperaturen onder 10^ de primerknop 5x indrukken.
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna wee langzaam lately oprollen (18).

De motor heeft een vast toerental.
U kunt het toerental waarom Niet regelen.
zonder snelheidsregelaar, zonder primer/choke
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthouden (17) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Startkabel krachtig en snel uittrekken en daarna wee langzaam lately oprollen (18).

De motor heeft een vast toerental.
U kunt het toerental waarom nicht regelen.
Elektrische starten (optie)
Elektrische start zonder primer/choke (3)
- Gashendel in stand „START“ zetten ( 13/1).
- Veiligheidsbeugel maar de duwbeugel trekken en vasthouden (16) - veiligheidsbeugel klicht nicht vast.
- Contactsleutel in het contactslot steken en helemaal maar rechts draaien (18).
- Op het moment dat de motor draait, contactsleutel loslaten (springt terug in de stand 0^ ).
- Gashendel afhankelijk van het gewenste mortoerental in een stand zusammen min en max zetten.
Motor uitzetten
Apparaat zonder meskoppeling
- Gashendel in stand min zetten ( 12/2).
- Veiligheidsbeugel loslaten ( 22). - Motor schakeltuit.

Let op ernstige snijwonden!
Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controleren of de motor stilstaat.
Wielaandrijving (optie) (20)

Let op!
Aandrijving enkel bij draaiende motor schakelen.
Wielaandrijving inschakelen.
- Aandrijfbeugel gegen de duwbeugel duwen en vasthouden (19) - aandrijfbeugel klicht nicht vast. - Wielaandrijving worden ingeschakeld.
Wielandrijving uitschakelen
- Aandrijfbeugel loslaten ( 21). -Wielaandrijving wordtuitgeschakeld.
Varioaandrijving (Speed Control) (optie)
Met de varioaandrijving kan de rijsnelheid van de grasmaier traploos worden gewijzigd.

Let op!
Hendel enkel bij draaiende motor bedieren. Schakelen zonder motoraandrijving kan het aandrijfmechanisme beschadigen.
Voor een hogere snelheid de hend (20) in derichting (0/1) trekken
Voor een lagere能力和 de hende (20) in de.
richting (20/2) trekken

Rijsnelheid algijd aanpassen aan de actuèle toestand van de bodem en het gras.
Onderhoud en reiniging

Let op! - Gevaar voor letsel!
Voor onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd de eerst de motor uitschakelen en de bougiedop eruit trekken.
- Motor kan nalopen. Na het uitschakelen controeren of de motor stilstaat.
Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden aan het mes algijd werkhand Schoenen dragen!
Grasopvangvoorziening regelmatig controleren op goede werkung en slijtage
Het apparatus na ieder gebruik reinigen
Apparaat Niet met water schoonspuien. Indringend water kan tot storingen leiden (ontstekingssystem, carburateur)
Mes regelmatig controleren op beschadigingen
Defecte geluidsdempers altijd verrangen
Grasmaier Kantelen
Afhankelijk van de motorproducent moet:
de carburateur / het luchtfilteraar boven wijzen (23)
de bougieaar boven wijze (24)

Bedieningshandleiding van de motorproducent inRCTn!
Mes bijslijpen / verrangen
Stomp of beschadigd mes enkel bij een servicepunt of een geauthoriseerdvakbedrijf lately slijpen / verrangen
■ Bijgeslepen messen要去 uitgebalanceerd zijn

Let op!
Niet uitgebalanceerde messen veroorzaken sterke trillingen en beschadigen de grasmaier.
Startaccu opladen (optie)
De startaccu is onderhoudsvrij en wordt normaliter door de grasmaier geladen.
In uitzonderingsgeallen moet de accu door de gebruiker worden geladen:
Voordat de grasmaier voor het eerst in gebruik worden genomen
Bij een lege accu, voor de winterpauze of na langere stilstandstijden (> 6 maanden)
Werkwijze voor het opladen:
- Lader uit het accuhuis nemen.
- Accukabel van de motorkabel losmaken ( 25).
- Accukabel met laderkabel verbinden ( 26).
- Lader aan het stroomnet aansluiten. De spanning van het stroomnet要去 overeenkomen met de bedrijfs spanning van de lader.
De laadtijd bedraagt ca. 36 ur.
Enkel de meegeleverde originele lader gebruiken.

Let op!
- Startaccu enkel in droge, goed geventileerde ruimtes laden.
- Grasmaaierijdens het laden Niet aanzetten.
Motoronderhoud
Motorolie verversen
- Een geschikte bak klaarzetten om de olie op te vangen.
- Olie via de olievulopening volledig laten uiststrom of afzigen.

De afgewerkte motorolie op een milieuvriendelijk manier afvoeren!
Wij adviseren u om de afgewerkte olie in een gesloten tankje af te geben bij het recyclingcentrum of bij een klantenservice locatie.
Afgewerkte olie要去
- nied bij het afval voegen
- nied in de riolering of afvoer gieten
- niedopdegrounduitgieten
Luchtfi Iter verrangen
Aanwijzingen van de motorproducent in acht nemen.
Bougie verrangen
Aanwijzingen van de motorproducent in acht nemen.
Wielaandrijving (optie)
Bowdenkabel instellen
Wanner de wielaandrijving bij draaiende motor nicht meer kan worden in- of uitgeschakeld moet de betreffende bowdenkabel worden bijgesteld.

Let op!
Bowdenkabel enkel bij uitgeschakelde motorverstellen.
- Het verstelstuk aan bowdenkabel in de richting van de pijl draaien (27).
- Voor het controlleren van de instelling de motor starten en de wieaandrijving inschakelen.
- Wanner de wielaandrijving nog steeds nicht werkt, moet de grasmaaieraar een servicepunt of een geautoriseerdvakbedrijf worden gebracht.
Aandrijfwiel met olie insmeren
Aandrijfwiel op de aandrijfas vanijd tot vrij insmeren met spuitolie

De aandrijving van de wielaandrijving is onderhoudsvrij.
Opslag

Let op! - Explosiegevaar!
Apparaat nicht bij open vuur of warmtebronnen opslaan.
Motor laten afkoelen
Om bij het opslaan plaats te besparen kurz u de duwbeugel inklappen (28)
Apparaat droog en op een voor kinderen nicht toegankelijkke plaat opslaan
Startaccu vorstvrij opslaan
Startaccu vanijd tot hijd bijladen
Benzinetank legen
Bougiedop eruit trekken
Reparaties
Reparatiewerkzaamheden mogen enkel worden uitgevoerd in servicepunter en geauthoriseerdevakbedrijven.
Afvoer

Apparaten, batterijen of accu's die.
niet meer worden gebruikt nicht bij het.
huisvuil gooien!
Verpakking, apparaat en accessoires zich gemaakt van recyclebare materialien en moeten ook als zodenig worden afgevoerd.
Hulp bij storingen

Let op!
Mes en motoras mogen nicht worden uitgelijnd.
| Storing Oplossing | |
| Motor slaat nicht aan • Benzine vullen
• Gashendel op „start“ zetten
• Choke inschakelen
• Motorschakelbeugel maar de duwbeugel duwen
• Bougie controleren, indien nodig verrangen
• Luchtfilter reinigen
• Maaiames vrijdraaien
• Startaccu bijladen
• Op gemaad vlak starten | |
| Motorprestatie schiet te kort • Snijhoogte corrigeren
• Maaiames bijslippen / verrangen
• Uitwerpkanaal / behuizing reinigen
• Luchtfilter reinigen
• Werksnelheid verlagen | |
| Niet zuiver maaien • Maaimes bijslippen / verrangen
• Snijhoogte corrigeren | |
| Grasopvangbox vult nicht voldoende | • Snijhoogte corrigeren
• Gras latent drogen
• Maaiames bijslippen / verrangen
• Rooster van de grasopvangbox schoonmaken
• Uitwerpkanaal / behuizing reinigen |
| Wielaandrijving werkt nicht • Bowdenkabel bijstellen
• V-snaar defect
• Werkplaats van klantenservice raadplegen
• Vuil in wielaandrijving, tandriem en aandrijving verwijderen
• Vrijlopen (aandrijfwiel op aandrijfas) met spuitolie insmeren | |
| Wielen draaien nicht bij ingeschakelde aandrijving | • Wielschroeven bijdraaien
• Wielnaaf defect
• V-snaar defect
• Werkplaats van klantenservice raadplegen |
| Apparaat tritt buitengewoon sterk | • Maaimes controleren |

Bij storingen die nicht in deze tabel zichen beschreiben of die u zich selbst kurz verhelsen verwieken we u contact op te nemen met unsere geauthoriseerde klantenservice.
In de volgende gevallen is er.altijd een inspectie door een vakman nodig:
als het gegen een obstakel gereden is
als de motor plotseling stilvalt
■ bij drijfwerkschade
als de V-snaar defect is
als een mes verbogen is
als de motoras is verbogen
zie montagehandleiding
Garantie
Eventuele materiaal- of fabricagefouten aan het apparaat verhelpen we gedurende de wettelijkke termijn voor garantieaanspraken maar once keuze door reparatie of een verrangende levering. Deze garantietermijn worden bepaald door de wetgeving in het land, waar het apparaat is gekocht.
Onze garantietoezegging geldt enkel bij: De garantie vervalt bij:
correcte behandeling van het apparaat
pogingen tot reparatie van het apparatus
inachtneming van de bedieningshandleiding
technische wijzigingen aan het apparaat
gebruik van originele reserveonderdelen
gebruik dat Niet in overeenstemming is met de bestemming (bijvoorbeeld bedrijfsmatig of gemeentelijk gebruik)
Uitgesloten van de garantie zijn:
lakschade die is veroorzaakt door normale slijtage
■ slijtageonderdelen, die op de kaart met reserveonderdelen zichen gekenmerkt met de omkadering [XXX XXX (X)]
■ verbrandingsmotoren - hiervoord geldend de aparte garantiebepalingen van de betreffende motorfabrikant
Bij garantieaanspraken kut u zich met deze garantieverklaring en het aankoopbewijs wenden tot de distributeur of de bevoegde klantenservice bij u in de buurt. Met deze garantietoezegging blijven de wettelijkke aanspraken bij gebreken van de koper tegenover de verkoper onverkort van kracht.
Neieelpot benzina tvaikus