ROWELD P160B - Kunststoflassen ROTHENBERGER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ROWELD P160B ROTHENBERGER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ROWELD P160B ROTHENBERGER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kunststoflassen in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ROWELD P160B - ROTHENBERGER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ROWELD P160B van het merk ROTHENBERGER.
GEBRUIKSAANWIJZING ROWELD P160B ROTHENBERGER
NL Gebruiksaanwijzing
Wij verklaren in eigen verantwoordelijkheid dat dit product overeenstemt met de van toepassing zijnde normen en richtlijnen.
Inhoudsopgave Pagina
1 Aanwijzingen betreffende de veiligheid 62
1.1 Doelmating gebruik....62
1.2 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen 62
3 Werking van de machine 65
3.1 Toestelbeschrijving 65
3.1.1 Basismachine (A) 65
3.1.2 Hydraulisch aggregaat (B) 65
3.2 Gebruiksaamwijzing....66
3.2.1 In gebruik nehmen 66
3.2.2 Voorbereidende maatregelen voor de lasbewerking 68
3.2.3 Lasbewerking....70
3.2.4 Buitenbedrijfstelling....70
3.3 Algemene vereisten....71
3.4 Belangrijke instructies bij de lasparameters 71
4 Instandhouding en onderhoud 71
5 Toebehoren....72
6 Klantenservice....72
7 Afvalverwijdering 72
Gebruikte symbolen en tekens in dit document

Gevaar!
Dit symbool waarschuwt voor lichamelijk letsel.
Let op!
Dit teken waarschuwt voor materiële schade en schade aan het milieu.
Verzoek te handelen
Verklaring van symbolen Labels

text_image
CE EACEU-conformiteitsetikettering
EAC-conformiteitsetikettering
Waarschuwing voor inschuifgevaar
Waarschuwing voor heet oppervlak
Waarschuwing voor snijgevaar
Gebruiksaanwijzing lezen
Etikettering verwijdering WEEE
De ROWELD P160-630B Professional zijn voor de productie van lasverbindingen PE - PP - PVDF buizen en gebruikt volgens de technische gegevens. Voor schade door oneigenlijk gebruik is alleen de gebruiker aansprakelijk.
1.2 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en specificaties die bij dit elektrische gereedschap worden geleverd.
Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en voorschriften voor toekomstig gebruik.
Het in de waarschuwingen gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met netsnoer) en op elektrische gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
1) Veiligheid van de werkomgeving
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werk- omgeving kan tot ongevallen leiden.
b) Werk met het elektrische gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c) Houd het elektrische gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het elektrische gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok.
f) Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te gebruiken. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
3) Veiligheid van personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker in het stopcontact steekt of de accu aansluit en voordat u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.
d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden.
e) Voorkom een onevenwichtige lichaamshouding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging beperkt het gevaar door stof.
h) Ondanks het feit dat u eventueel heel goed vertrouwd bent met het gebruik van gereedschappen, moet u ervoor zorgen dat u niet nonchalant wordt en veiligheidsvoorschriften voor het gereedschap gaat negeren. Een onoplettende handeling kan binnen een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.
4) Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik van elektrische gereedschappen
a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu (indien uitneembaar) uit het elektrische gereedschap, voordat u het elektrische gereedschap instelt, accessoires wisselt of het elektrische gereedschap opbergt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrische gereedschap.
d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.
e) Pleeg onderhoud aan elektrische gereedschappen en accessoires. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het elektrische gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen.
f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
h) Houd handgrepen en greepvlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepvlakken verhinderen dat het gereedschap in onverwachte situaties veilig kan worden gehanteerd en bediend.
5) Service
a) Laat het elektrische gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
| P160B | P200B | P250B | P355B | P500B | P630B | ||
| Basismachine: | |||||||
| Buis – lasbereik ∅ (mm) | 40-160 | 63-200 | 90-250 | 90-355 | |||
| Buis - lasvermogen | SDR-series zie bijgevoegde lastabellen + observer max. Druck hydraulisch aggregaat | ||||||
| Max. cilinderslag (mm) | 100 | 100 | 150 | 150 | |||
| Totaal cilinderoppervlak ( cm^2 ) | 3,53 | 3,53 | 6,26 | 6,26 | |||
| Hoofdafmetingen: | |||||||
| Lengte (mm) | 705 | 675 | 810 | 795 | |||
| Breedte (mm) | 370 | 370 | 485 | 600 | |||
| Hoogte (mm) | 300 | 400 | 415 | 535 | |||
| max. Gewicht * (kg) | 30,2 | 27,5 | 56,7 | 77,9 | |||
| * inbegrip reductie-inzetstukken voor de kleinste diameter | |||||||
Freesinrichting:
| Elektrische aansluiting | 230 V115 V | |||||
| (Hz) | 50/60 | 50/60 | 50/60 | 50/60 | 50/60 | |
| (A) | 3,5 | 2,9 | 3,5 | 4,8 | 1,75 | |
| Opgenomen-/Afgegeven vermogen (W) | 750/470 | 630/425 | 750/470 | 1050/650 | 1210/750 | 1770/1100 |
| Motortoerental (min-1) | 660 | 950 | 660 | 726 | 140 | 140 |
| Nullasttoerental freesschijf (min-1) | 126 | 165 | 85 | 66 | 31 | 24 |
| Geluidsdrukniveau dB(A) LpA | KpA | 82 | 3 | 83 | 3 | 82 | 3 | 83 | 3 | 48 | 3 | 52 | 3 |
| GeluidsvermogenniveaudB(A) LWA | KWA | 93 | 3 | 94 | 3 | 93 | 3 | 94 | 3 | 59 | 3 | 63 | 3 |
| Gewicht (kg) | 7,6 | 7,0 | 15 | 22,4 | 68 | 123 |
Verwarmingselement:
| Elektrische aansluiting | 230 V115 V | |||||
| (Hz) | 50/60 | 50/60 | 50/60 | 50/60 | 50/60 | |
| (W) | 800 | 1000 | 1500 | 2500 | 4000 | |
| Diameter verwarmingselement (mm) | 200 | 230 | 300 | 380 | 540 | 660 |
| Gewicht (kg) | 3,3 | 3,9 | 5,5 | 9,1 | 32 | 49 |
Opbergkast:
| Gewicht (kg) | 4,7 | 4,3 | 8,2 | 9,6 | 55 | 70 |
| P160B, P200B, P250B, P355B | P500B, P630B | |||||
Hydraulisch aggregaat:
| Elektrische aansluiting | 230 V – 50 Hz – 2,5 A | 230 V – 50 Hz – 5,6 A |
| 230 V – 60 Hz – 2,5 A | 230 V – 60 Hz – 5,6 A | |
| Opgenomen-/Afgegeven vermogen (W) | 580/ 370 | 1290/ 750 |
| 670/ 370 | 1200/ 750 | |
| Pompdebiet (l/min) | 2,8 | 5,65 |
| 2,45 | 5,1 |
Inhoud olietank (I) 0,7 0,7
max. Druck (bar) 100 100
Volledige installatie:
Totale elektrische
aansluitingswaarde (kW) 2,1 2,0 2,9 4,0 6,7 11,3
Afmetingen van de transportkist:
Lengte (mm) 1200 1200 1200 1200 2240 2240
Breedte (mm) 800 800 800 800 1300 1300
Hoogte (mm) 900 900 900 900 1500 1500
De geluidsdruk tijdens het werken kan de waarde van 85 dB (A) overschrijden. Draag een gehoorbescherming!
3 Werking van de machine
3.1 Toestelbeschrijving
De ROWELD P160-630B Professional zijn compacte, draagbare verwarmingselementstomplasapparaten, die speciaal werden ontworpen voor het gebruik op bouwplaatsen – en hier in het bijzonder in leidingsleuven. Vanzelfsprekend kunnen de machines ook in werkplaatsen worden gebruikt.
Het lassen van pijp-aan-pijpverbindingen evenals T-stukken, pijpbochtstuk en lasrand kan worden geproduceerd.
De machines bestaan in essentie uit:
Basismachine, reductie-inzetstukken, hydraulisch aggregaat, freesinrichting, verwarmingselement, opbergkast.
Bij het aan elkaar lassen van lasranden moet de als accessoire verkrijgbare vierklauwenspan-schijf worden gebruikt.
ROWELD P160-250B: Bij het lassen van pijpbochtstukken met een rechte hoek met de maxima-le diameter van de machine, dient de als accessoire verkrijgbare bovenzijde voor het spanele-ment gebruikt te worden.
ROWELD P500-630B: Voor het intillen en uitlichten van frees en verwarmingselement kan de als accessoire verkrijgbare elektrische hefinrichting worden gebruikt.
3.1.1 Basismachine (A)
| 1 | Beweeglijke spanelementen | 5 | Verwijderbaar spanelement |
| 2 | Verschuifbaar spanelement | 6 | Bevestigingsschroeven boven |
| 3 | afstandhouder met vastzetkerven | 7 | Afstandsstuk |
| 4 | Afstandhouder verwarmingselement | 8 | Bevestigingsschroeven onder |
3.1.2 Hydraulisch aggregaat (B)
| 1 | Olievulopening en peilstaaf | 5 | Netsnoer |
| 2 | Snelkoppeling stekker | 6 | Manometer |
| 3 | Ontlastingsklep | 7 | Stuurknuppel Links-samen Rechts-uit elkaar |
| 4 | Snellkoppeling mof | 8 | Drukregelventiel |
Het hydraulisch aggregaat maakt de met de volgende symbolen gekenmerkte bedieningen van de lasmachine mogelijk:

natural_image
Pure geometric arrow symbols without any text or labelsStuurhendel naar links bewegen om de klembeugels naar elkaar toe te bewegen. De snelheid en drukopbouw is afhankelijk van de draaihoek van de hendel
Stuurhendel naar rechts bewegen Om de klembeugels uit elkaar te bewegen. De terugloopsnelheid is afhankelijk van de draaihoek van de hendel
Drukregelventiel voor regelen van de frees-, afvlak-, opwarm- en lasdruk. De ingestelde druk word op de manometer aangeduid
Ontluchtingsventiel, door linksom te draaien verlaagt men de druk. De snelheid hiervan is afhankelijk van het aantal toeren. Rechtsom draaien - druk behouden
3.2 Gebruiksaamwijzing
De lasmachines zijn geschikt voor gebruik bij omgevingstemperaturen tussen -10°C en +40°C. Ze zijn geschikt voor een stationaire stroomvoorziening van 230 V 50/60 Hz en 400 V 50/60 Hz. Als een stroomgenerator wordt gebruikt, moet de lasser het vereiste vermogen verifiëren bij de fabrikant van de generator.

De lasmachine mag alleen door geinstrueerde en gekwalificeerde vaklieden Volgens DVS 2212 deel 1 bedient worden!
Deze gebruiksaanwijzing en de richtlijnen voor veiligheid a.u.b. goed doorlezen voordat u de stomplasmachine in gebruik neemt!
Het verwarmingselement niet gebruiken in een omgeving waar explosiegevaar aanwezig is en niet in aanraking brengen met licht ontvlambare stoffen!
Houd een veilige afstand tot de machine aan, niets in de machine steken en niet in de machine reiken. Houd andere mensen verwijderd van het werkgebied!
Controleer voor elk gebruik het oliepeil van het hydraulische aggregaat, het oliepeil moet tussen de min/max-markeringen op de olievuldop met peilstok liggen, zo nodig bijvullen met hydraulische olie HLP 46!
Hydraulisch aggregaat alleen in loodrechte positie vervoeren en neerzetten, bij een schuine stand loopt er olie uit de be- en ontluchtingsopeningen met peilstok!
→ De basismachine en het hydraulisch aggregaat met de beide hydraulische slangen verbinden.

Bescherm de snelkoppelingen tegen vervuiling. Koppelingen die niet goed afsluiten meteen vervangen!
→ De netstekkers van freesinrichting, hydraulisch aggregaat en verwarmingselement op de elektrische voeding, overeenkomstig het typeplaatje, aansluiten.
Bij P160-250B:
→ De rode led ,Stand by' op het verwarmingselement brandt, d.w.z.: de spanning is ingeschakeld. Schakel het verwarmingselement in middels de grote drukknop (brandt groen) op de handgreep en stel de gewenste temperatuur in met de ,+' of ,-' knop (160°C tot 285°C / 320°F tot 545°F).
Het opwarmen wordt aangegeven door de gele led op de handgreep. Bovendien verschijnen en horizontale balken op de temperatuurdisplay. Kort voordat de gewenste temperatuur (tolerantie +/-3°C/5,4°F) wordt bereikt, gaat de gele led uit en gaat de groene branden. Na nog eens 10 minuten is het verwarmingselement klaar voor gebruik. Opmerking: bij het voor de eerste keer bereiken van de gewenste temperatuur kan de ingestelde waarde even worden overschreden.
→ Controleer de temperatuur met een externe temperatuurmeter. Bij afwijkingen moet het verwarmingselement opnieuw gekalibreerd worden: druk tegelijkertijd op de ,+‘ en ,-‘ knop en stel daarna het verschil in met de ,+‘ of ,-‘ knop.
Wanneer ,Er1' verschijnt, is de elektronica defect. Bij ,Er2' is de weerstandsthermometer defect of niet aangesloten. Stuur het apparaat op naar een geautoriseerd servicecentrum van RO-THENBERGER.

Waarschuwing, verbrandingsgevaar! Het verwarmingselement kan een temperatuur tot 290°C / 554°F bereiken en moet onmiddellijk na het gebruik in de daartoe voorziene opbergkast worden teruggezet!
Bij P355B:
→ Hoofdschakelaar van de besturingsbox inschakelen, de schakelaar licht groen op en de werkelijke temperatuurwaarde van de verwarmingsplaat wordt in de display weergegeven. Met de toetsen – en + de gewenste temperatuur tussen 160°C en 270°C / 320°F en 518°F instellen.
Bij het bereiken van de ingestelde temperatuur springt de indicator van 'set' naar 'actual' en de indicator 'heat' knippert. Het verwarmingselement is na circa 10 minuten klaar voor gebruik.
→ Controleer de temperatuur met een temperatuurmeetapparaat.
De temperatuurregelaar is af fabriek optimaal ingesteld; als de werkelijke oppervlaktetemperatuur van het verwarmingselement niet overeenkomt met de weergegeven waarde, dan kan er een 'offset' worden uitgevoerd. Zet daartoe de wipschakelaar op 0, druk op de toetsen – en + en schakel de wipschakelaar in; op de display verschijnt 'OFF', 'SET' en vervolgens de ingestelde offset-waarde. Stel met de – en + toets de offset in en sla deze op door op de – en + toets te drukken, daarna wordt de werkelijke waarde weer weergegeven.
Bij P500-630B:
→ De hoofdschakelaar in de besturingsbox / verwarmingselement inschakelen (de schakelaar licht groen op). De gewenste temperatuur instellen (zie temperatuurregelaar).
De indicatie op het display duidt in de regel de werkelijke temperatuurwaarde aan. Volgens de DVS is het verwarmingselement 10 minuten nadat de ingestelde temperatuur voor het eerst wordt bereikt gebruiksklaar..
→ Controleer de temperatuur met een temperatuurmeetapparaat.

Waarschuwing, verbrandingsgevaar! Het verwarmingselement kan een temperatuur tot 300°C / 572°F bereiken en moet onmiddellijk na het gebruik in de daartoe voorziene opbergkast worden teruggezet!
Het lasapparaat is met een digitale temperatuurregelaar type 400 uitgerust.
De digitale temperatuurregelaar is af fabriek optimaal geconfigureerd en ingesteld. Voor de temperatuurinstelling moet gewoon de toets →F← worden ingedrukt tot de indicator „SP“ vermeldt. Nu kan de gewenste temperatuur met de pijltjestoetsen binnen het bereik van 0-300°C / 32-572°F worden veranderd.
Worden geen andere toetsen ingedrukt, dan duidt de indicator weer de werkelijke temperatuur aan; de regelaar stelt automatisch de nieuw gekozen temperatuur in. Zolang de werkelijke temperatuur lager is dan de ingestelde temperatuur knippert de rode pijl (low). Is de werkelijke temperatuur hoger, dan knippert de rode pijl (high). Komt de ingestelde temperatuurwaarde overeen met de werkelijke waarde, dan brandt de groene balk. Mocht de werkelijke oppervlaktetemperatuur aan het verwarmingselement niet overeenstemmen met de aangeduide werkelijke waarde, dan kan een „offset“ worden ingevoerd. Daartoe moet men de toets →F← ingedrukt houden tot op het display „InP“ verschijnt (ca. 7 sec.); vervolgens de toets →F← loslaten. Daarna de toets →F← zo vaak indrukken, tot „oFS“ verschijnt. Deze waarde kan dan zoals nodig worden aangepast. Om de wijziging te beëindigen, de toets →F← indrukken tot de werkelijke waarde weer wordt weergegeven.

Opgelet! Alle andere parameters mogen niet worden veranderd!
Fabrieksinstelling:
Opm.: Door de Autotuning-functie kunnen de gegevens onder CFG licht afwijken. Mochten grotere regelschommelingen optreden, dan kan de Autotuning-functie bij een koud verwarmingselement worden geactiveerd (in het menu CFG het punt „S.tu“ op 2 instellen; de terugzetting op 0 gebeurt automatisch).
Gebruik om de frees en het verwarmingselement uit te nemen uitneemgereedschap 53410 resp. 53323 of ander geschikt gereedschap.
3.2.2 Voorbereidende maatregelen voor de lasbewerking
→ Bij buizen die kleiner zijn dan de max. te lassen diameter van de machine moeten de reductie-inzetstukken van de te verwerken pijpdiameter worden gemonteerd met behulp van de als toebehoren bijgeleverde inbusschroeven.
ROWELD P200B: ∅63-140mm: telkens 6 halve schalen met brede en 2 halve schalen met smalle spanvlakken. ∅160-180mm: telkens 8 halve schalen met brede spanvlakken.
ROWELD P160-355B: telkens 6 halve schalen met brede en 2 halve schalen met smalle spanvlakken.
ROWELD P500-630B: tot diameter 450 mm telkens 6 halve schalen met brede en 2 halve schalen met smalle spanvlakken, vanaf 500mm 8 halve schalen met brede spanvlakken.
Hierbij moet men erop letten dat de halve schalen met de smalle spanvlakken in de beide buitenste onderste basisspanelementen moeten worden ingezet. Alleen bij verbindingen tussen pijp/pijpbochtstuk worden deze onder en boven in het linker basisspanelement geplaatst.
De te lassen kunststof buizen of vormstukken in de spaninrichting leggen (bij langere buizen < 2,5m moeten rolbokken worden gebruikt) en de messing moeren aan de bovenste span-werktuigen aandraaien. Onrondheden van de buizen kunnen worden gecompenseerd door de messing moeren aan of los te draaien.
Bij P200B:
→ Bij pijp-pijpverbindingen wordt de machine met 4 basiscontact-wangen uitgerust (laspositie A).
→ Bij nauwe pijp-koppelstukverbindingen (laspositie B), kan de 4e basiscontactwang worden verwijderd. Hiervoor worden eerst de schroeven (3) verwijderd en de schroeven (5) een beetje losgedraaid. Nu kan de 4e contactwang samen met het basisstuk worden afgetrokken. Als laatste worden de afstandsstukken (4) afgeschroefd en door de schroeven (3) vervangen.
→ Bij pijp/pijpverbindingen moeten de afstandhouders in de beide linker spanelementen bevestigd worden (fabrieksinstelling).

Let op: de afstandhouders mogen in geen geval schuin geplaatst worden!
De pijpen worden altijd door twee spanelementen vastgehouden.
→ P160B: Bij pijp/fittingverbindingen moeten de afstandhouders in de beide middelste spanelementen bevestigd worden.
P250-355B: Bij pijp/fittingverbindingen moeten de afstandhouders in de beide middelste spanelementen bevestigd worden en de afstandhouder voor het verwarmingselement in het linker spanelement. Bij de verwerking van bepaalde fittingen, zoals haakse bochten, of bij het gebruik van een lasadapter moet de afstandhouder voor het verwarmingselement verwijderd worden.
→ P500-630B: Bij pijp/fittingverbindingen moeten de afstandhouders omgekeerd en in het middelste spanelement bevestigd worden.

Let op: de afstandhouders mogen in geen geval schuin geplaatst worden!
De pijp wordt in drie spanelementen gelegd en de fitting wordt door een spanelement vastgehouden. Hierbij kan het verstelbare spanelement zodanig over de stang verschoven worden, als nodig is voor het spannen en lassen.
→ Door de werkstukken naar elkaar te bewegen controleren of deze goed in het spanwerktuig vastzitten.

Houd een veilige afstand tot de machine aan, niets in de machine steken en niet in de machine reiken. Houd andere mensen verwijderd van het werkgebied!
→ Er dient eveneens gecontroleerd te worden of het verwarmingselement zijn bedrijfstemperatuur heeft bereikt.

Let op!!! Om een gelijkmatige warmteverdeling over het hele verwarmingselement te garanderen, mag het verwarmingselement pas op zijn vroegst 10 minuten na het bereiken van de bedrijfstemperatuur gebruikt worden. De temperatuur door middel van een meet-toestel controleren en eventueel bijstellen!
→ De elektrische freesinrichting tussen de te lassen werkstukken plaatsen.

P500-630B: Draairichtingen controleren! Af fabriek zijn de machines rechtsdraaiend aangesloten!
→ De freesinrichting inschakelen. De schaafschijven moeten in de snijrichting lopen, anders moet de faseregelaar aan de netstekker met een geschikt werktuig worden omgeschakeld.


Waarschuwing, verbrandingsgevaar! Houd tijdens het gebruik een veilige afstand tot de machine aan en grijp niet in de roterende messen. De frees alleen in gemonteerde toestand (werkpositie) bedienen en aansluitend in de daartoe voorziene opbergkast terugzetten. De functionaliteit van de veiligheidsschakelaar in de freesinrichting moet te allen tijde gegarandeerd zijn, om een onbedoeld starten van de machine te voorkomen!
→ Het drukinstelventiel tegen de richting van de klok in volledig naar buiten draaien.
→ De stuurknuppel naar links drukken en de freesdruk langzaam verhogen tot de optimale waarde.

Een te hoge freesdruk kan tot oververhitting en beschadiging van de freesaandrijving leiden. Bij overbelasting resp. stilstand van de freesinrichting de machine neerzetten en de druk verminderen!
→ Nadat de krul met een dikte van <= 0,2 mm ononderbroken uit de frees komt, de stuurknuppel naar rechts drukken en de machine terughalen.
→ Freesinrichting uitschakelen, wachten tot de schijven stilstaan. Freesinrichting uit de basis-machine nemen en in de opbergkast plaatsen.
→ Werkstukken bij elkaar brengen, druk verminderen door het openen van het drukventiel.
→ Testen of de lasoppervlakken vlak, parallel en centrifugaal lopen.
Is dit niet het geval, dan moet de freesbewerking worden herhaald. De axiale afwijking tussen de uiteinden van de werkstukken mag (volgens DVS) niet groter dan 10 % van de wanddikte en de max. spleet tussen de eindvlakken niet groter dan 0,5 mm zijn. Met een rein werktuig (bijv. penseel) de eventueel aanwezige schaafkrullen uit de pijp verwijderen.

Let op! De gefreesde, voor de lasbewerking voorbereide oppervlakken mogen niet met de handen worden aangeraakt en moeten volkomen vrij zijn van verontreinigingen!
3.2.3 Lasbewerking

Waarschuwing, knelgevaar! Bij het samenbrengen van de spanwerktuigen en pijpen moet absoluut een veilige afstand tot de machine worden gehouden. Nooit in de machine gaan staan!
→ Tijdens een nieuw samenbrengen van de werkstukuiteinden moet op de manometer van de hydraulische eenheid de werkstukbewegingsdruk (sleepdruk) worden afgelezen.
Onder werkstukbewegingsdruk (sleepdruk) wordt de laagst mogelijke druk verstaan die noodzakelijk is om het werkstuk, afhankelijk van lengte en gewicht, axiaal te bewegen. Deze waarde moet uiterst precies worden bepaald. Hierbij is het noodzakelijk de machine meermaals te laten openen en sluiten en het drukafstelventiel zo in te stellen dat de machine net niet blijft stilstaan. Deze vastgestelde sleepdruk moet bij de aanpas-, doorwarm- en aansluitruk worden bijgerekend.
→ Het verwarmingselement tussen de beide werkstukken in de basismachine zetten en opletten of de verwarmingsplaten in de vastzetkerven van de afstandhouder zitten.
→ De machine sluiten, de vereiste aanpasdruk plus sleepdruk instellen en aanhouden.
Zodra de vereiste lasverbindingshoogte gelijkmatig aan de volledige omtrek van de beide pijpen is bereikt, de druk aflaten door het ontlastingsventiel langzaam te openen.
→ De druk zo instellen, dat gegarandeerd is dat de werkstukuiteinden nog gelijkmatig, vrijwel drukloos tegen het verwarmingselement aanliggen (opwarmen).
→ Nu het ontlastingsventiel weer sluiten. Hierbij dient men erop te letten dat de uiteinden van de werkstukken het contact met het verwarmingselement niet verliezen.
→ Na afloop van de opwarmtijd worden de werkstukken weer uit elkaar bewogen, het verwarmingselement wordt verwijderd en de werkstukuiteinden worden samengebracht. De druk moet nu zo lineair mogelijk tot de gepaste samenvoegdruk worden verhoogd en gedurende de volledige afkoeltijd worden aangehouden.
→ Regelmatig de druk controleren en zo nodig bijpompen. Bij te groot drukverlies het hydraulische systeem laten controleren.

Opgelet: Tijdens de eerste 20 tot 100 seconden de stuurknuppel ingeduwd houden en daarna loslaten (in de middenstand)!
→ Verwarmingselement terugplaatsen in de opbergkast.
→ Nadat de afkoeltijd is verlopen, de druk volledig wegnemen door het ontlastingsventiel te openen, de aan elkaar gelaste werkstukken uitklinken en weg.
→ De basismachine openen en het protocol opstellen. De machine is gereed voor de volgende lasbewerking.
De volledige lasparameters vindt men in de bijgevoegde lastabellen.
3.2.4 Buitenbedrijfstelling
→ Het verwarmingselement uitschakelen.

Verwarmingselement laten afkoelen resp. zodanig opbergen dat er geen in de nabijheid aanwezige stoffen in brand kunnen vliegen!
→ De netstekkers van freesinrichting, verwarmingselement en hydraulisch aggregaat uit de stopcontacten trekken en de snoeren opwikkelen.

Hydraulisch aggregaat alleen in loodrechte positie vervoeren en neerzetten, bij een schuine stand loopt er olie uit de be- en ontluchtingsopeningen met peilstok!
→ De hydraulische slangen loskoppelen en opwikkelen.
Daar weers- en omgevingsinvloeden de lasbewerking wezenlijk beïnvloeden, moeten de betreffende bepalingen in de DVS-richtlijn 2207 deel 1, 11 en 15 worden nageleefd. Buiten het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland gelden de betreffende nationale richtlijnen.
Er moet permanent en zorgvuldig op de laswerkzaamheden worden toegezien!
3.4 Belangrijke instructies bij de lasparameters
Voor alle vereiste lasparameters, zoals temperatuur, druk en tijd, wordt verwezen naar de DVS-richtlijn 2207 deel 1, 11 en 15. Buiten het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland gelden de betreffende nationale richtlijnen.
Referentie: DVS Media GmbH, Aachener Str. 172, 40223 Düsseldorf
Postfach 10 19 65, 40010 Düsseldorf, Tel.: +49 (0) 211 / 15 91 – 0
Email: media@dvs-hg.de internet: www.dvs-media.info
Per geval moeten de materiaalspecifieke bewerkingsparameters van de buizenfabrikant on- voorwaardelijk worden aangehouden.
De in de bijgevoegde lastabellen genoemde lasparameters zijn richtwaarden waarvoor de firma ROTHENBERGER geen garantie verleent!
De in de lastabellen vermelde waarden voor de aanpas- en samenvoegdruk werden volgens de volgende formule berekend:
druk P [bar] = lasoppervlak A [mm^2] × lasfactor SF [N/mm^2]
cilinderoppervlak Az [cm²] x 10
Lasfactor (SF): PE = 0,15 N/mm², PP = 0,10 N/mm², PVDF = 0,10 N/mm²
4 Instandhouding en onderhoud
Om de functionaliteit van de machine te behouden moeten de volgende punten in acht worden genomen:
- De geleidestangen moeten vrij van vuil worden gehouden. Bij beschadigingen aan de oppervlakken moeten de geleidestangen worden vervangen, daar dit evt. tot een drukverlies kan leiden.
- Freesinrichting, verwarmingselement en hydraulisch aggregaat mogen uitsluitend worden gevoed met de op het typeplaatje vermelde spanning.
- Om onberispelijke lasresultaten te behalen, is het noodzakelijk het verwarmingselement rein te houden. Bij beschadigingen van de oppervlakken moet het verwarmingselement van een nieuwe laag worden voorzien of vervangen worden. Materiaalresten op de verwarmingsspiegel tasten de antikleefeigenschappen aan en moeten worden verwijderd met een nietvezelend papier en wasmiddel met een Ethanolgehalte >99,8% (volgens DVS 2207) (alleen bij een koud verwarmingselement!).
- Het oliepeil van het hydraulische aggregaat moet vóór elk gebruik gecontroleerd worden (het oliepeil moet tussen de min.- en max.-markeringen liggen). Indien nodig moet de hydraulische olie (HLP – 46, art.-nr.: 53649) worden bijgevuld.
- De hydraulische olie (HLP – 46, art.-nr.: 53649) moet alle 6 maanden worden ververst.
- Om functiestoornissen te voorkomen, moet het hydraulisch aggregaat regelmatig worden gecontroleerd op dichtheid, vaste zitting van de schroefverbindingen en onberispelijke toestand van de elektrische kabels.
- De hydraulische snelkoppelingen aan het hydraulisch aggregaat en aan het slangenpakket moeten tegen vervuiling worden beschermd. Bij verontreiniging moeten deze voor het aansluiten worden gereinigd.
- De freesinrichting is uitgerust met twee dubbelzijdig geslepen messen. Bij een afgenomen snijvermogen kunnen de messen omgekeerd of door nieuwe vervangen worden.
- Men dient er steeds op te letten dat de te bewerken pijp- of werkstukuiteinden en vooral de eindvlakken vrij van verontreinigingen zijn, daar anders de levensduur van de messen be- duidend wordt verkort.

Conform DVS 2208 dient men jaarlijks een controle van het lasapparaat te laten uitvoeren door de fabrikant of een door hem geautoriseerd servicestation. Bij machines met een meer dan gemiddelde belasting moet de controlecyclus worden verkort!
5 Toebehoren
Passende accessoires vindt u in de hoofdcatalogus of op www.rothenberger.com
6 Klantenservice
De ROTHENBERGER service-locaties zijn er om u te helpen (zie lijst in de catalogus of online). Via deze service-locaties zijn ook vervangende onderdelen verkrijgbaar. Bestel uw accessoires en reserveonderdelen via de vakhandel of RO SERVICE+ online: 📞 + 49 (0) 61 95/ 800 8200 + 49 (0) 61 95/ 800 7491 ✉ service@rothenberger.com - www.rothenberger.com
7 Afvalverwijdering
Delen van het apparaat zijn recyclebare materialen en kunnen dus opnieuw worden gebruikt. Hiertoe staan geregistreerde en gecertificeerde recyclebedrijven ter beschikking. Voor de milieuvriendelijke verwerking van de niet-recyclebare delen (bijv. elektronisch schroot) dient u de plaatselijk bevoegde afvaldiensten te raadplegen.

Gooi elektrische gereedschappen, accu's en batterijen niet bij het huisvuil!
Alleen voor de EU-landen: Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en de implementatie in nationaal recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereedschappen en volgens de Europese richtlijn 2006/66/EG moeten defecte of verbruikte accu's/batterijen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled.