MultiCableChecker - Meetinstrumenten Laserliner - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MultiCableChecker Laserliner in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MultiCableChecker Laserliner
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Meetinstrumenten in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MultiCableChecker - Laserliner en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MultiCableChecker van het merk Laserliner.
GEBRUIKSAANWIJZING MultiCableChecker Laserliner
Lees de bedieningshandleiding en de bijgevoegde brochure ‚Garantie- en aanvullende aanwijzingen‘ volledig door. Volg de daarin beschreven aanwijzingen op. Bewaar deze documentatie en geef ze door als u het apparaat doorgeeft.
Functie / toepassing – Lokaliseert telefoondraden, netwerkkabels, draden en kabels in elektrische systemen – Controleert de netwerkbedrading (toewijzing van de afzonderlijke geleiders) – Geïntegreerde doorgangstester – Omvangrijke set toebehoren voor de controle van de meest gangbare steekverbindingen (RJ11, RJ45, BNC, tv-coax, F-adapter) – Universele testklem voor de aansluiting op willekeurige geleiders – Hard signaalgeluid voor de eenvoudige identicatie van de geselecteerde kabels – Zeer felle, witte led-zaklampfunctie Algemene veiligheidsaanwijzingen – Gebruik het apparaat uitsluitend doelmatig binnen de aangegeven speccaties. – De meetapparaten en het toebehoren zijn geen kinderspeelgoed. Buiten het bereik van kinderen bewaren. – De bouwwijze van het apparaat mag niet worden veranderd! – Stel het apparaat niet bloot aan mechanische belasting, extreme temperaturen, vocht of sterke trillingen. – Gebruik het apparaat niet in omgevingen met explosieve gassen of stoom. – Vóór het openen van het batterijvakdeksel dient de verbinding van het apparaat naar alle meetkringen te worden onderbroken. – Het apparaat is niet geschikt voor de meting onder spanning. Controleer daarom altijd of de meetkring spanningsvrij is. De spanningsvrijheid moet door middel van geschikte maatregelen gewaarborgd zijn. – Let op dat alle hoogspanningscondensators ontladen zijn. – De zender leidt de meetspanning in de te controleren leidingen. Gevoelige elektronica (bijv. netwerk- kaarten) kunnen daardoor beïnvloed worden of beschadigd raken. Waarborg daarom vóór de meting dat de te controleren leidingen niet zijn aangesloten op gevoelige elektronica. – Gebruik uitsluitend de originele meetadapters. Veiligheidsaanwijzingen Omgang met kunstmatige, optische straling OStrV (verordening inzake kunstmatige optische straling) Veiligheidsaanwijzingen Omgang met elektromagnetische straling – Het apparaat werkt met leds uit de risicogroep RG0 (vrij van gevaar) overeenkomstig de geldende normen voor fotobiologische veiligheid (EN 62471:2008-09vv / IEC/TR 62471:2006-07vv) in de telkens actuele lezing. – Stralingsvermogen: peak-golengte is 456 nm. – De toegankelijke straling van de leds is bij doelmatig gebruik en onder redelijkerwijs te voorziene voorwaarden ongevaarlijk voor het menselijk oog en de menselijke huid. – Het meettoestel voldoet aan de voorschriften en grenswaarden voor de elektromagnetische compatibiliteit volgens de EMC-richtlijn 2014/30/EU. – Plaatselijke gebruiksbeperkingen, bijv. in ziekenhuizen, in vliegtuigen, op pompstations of in de buurt van personen met een pacemaker, moeten in acht worden genomen. Een gevaarlijk effect op of storing van elektronische apparaten is mogelijk. Uittree-opening ledMultiCable-Checker
RJ 45 kabelaansluiting RJ 11 kabelaansluiting AAN/UIT-toets / MODE-toets (omschakeling SCAN / LAN-TEST) Weergave kabelsequentie Batterijvakje (achterzijde) Statusweergave SCAN Modusweergave SCAN Modusweergave LAN-TEST Statusweergave LAN-TEST Verbindingselement voor ontvanger RECV Zender TX
RJ 45 kabelaansluiting Weergave kabelsequentie RJ 45 Luidsprekers (achterzijde) Houder voor zender TX Meetpunt Zaklamp Koptelefoonaansluiting Volumeregelaar ontvangstsignaal Statusweergave ontvangstsignaal AAN/UIT-schakelaar zaklamp Toets testmodus Batterijvakje (achterzijde) Ontvanger RECV Plaatsen van de batterijen Zender TX Al naargelang de geselecteerde modus knippert de statusweergave SCAN resp. de modusweergave LAN-TEST langzaam. Open het batterijvakje op de achterzijde van het apparaat en plaats een 9V batterij. Let daarbij op de juiste polariteit. Ontvanger RECV Het volume van het signaalgeluid wordt zwakker, ook al wordt de positie van het apparaat resp. de volumeregelaar (18) niet veranderd.14
Kabelconfectie bij LAN-kabels controleren Doorgangstest De LAN-kabel (RJ 45) met de zender en de ontvanger verbinden en de zender in de LAN-TEST-modus schakelen. Druk daarvoor op de MODE-toets (3) totdat de modusweergave LAN-TEST (8) brandt en de statusweergave LAN-TEST (9) knippert. Vergelijk nu de lichtsequentie van de dioden 1 t/m 8 van zender en ontvanger. Zender TX Ontvanger RECV Het apparaat is direct na het plaatsen van de batterijen klaar voor gebruik. Het apparaat heeft geen aparte aan-/ uitschakelaar en is dus altijd actief. Doorgang in de kabel is voorhanden: – Lichtsequenties van zender en ontvanger zijn identiek: 1=1, 2=2 enz. – Lichtsequentie van zender en ontvanger verschillen, bijv. 1=8, 2=7 enz: kabelaansluitingen gekruist. – Als bovendien de diode G bij beide apparaten brandt,is de kabel afgeschermd. Doorgang in de kabel is niet voorhanden: – De dioden 1 t/m 8 branden niet: de kabel is beschadigd, bijv. door een kabelbreuk of steker zonder contact. – Gelijktijdig en onregelmatig knipperen van meerdere dioden (1 t/m 8): kortsluiting in de kabel. Tip 1: De snelheid van de lichtsequentie kan in de LAN-TEST-modus worden omgezet door indrukken van de toets (3). Bij de snelheid van de sequentie wordt een onderscheid gemaakt tussen langzaam en snel knipperen van de statusweergave LAN-TEST (9). Bij deze toepassing is alleen de zender vereist. Verbind de kabelklemmen met de RJ 11-aansluiting, sluit de kabelklemmen aan op het meetobject en schakel het apparaat in de LAN-TEST-modus. Druk daarvoor op de MODE-toets (3) totdat de modusweergave LAN-TEST (8) brandt en de statusweergave LAN-TEST knippert. Houd daarna de MODE-toets (3) ingedrukt, totdat de statusweergave LAN-TEST (9) continu brandt. Als de statusweergave LAN-TEST (9) brandt, is het testcircuit gesloten. Als de statusweergave LAN-TEST (9) niet brandt, is het meetcircuit onderbroken. Zie hiervoor ook tip 1. Geen meting in de buurt van resp. direct aan spanning- en signaalvoerende kabels uitvoeren! Er bestaat gevaar voor levensgevaarlijke elektrische schokken en beschadiging van het apparaat.
– Schakel het meetcircuit spanningsvrij. – Afschermingen in de kabel en in de omgeving (metalen afdekkingen, metalen staanders) verminderen de lokalisatiediepte van de ontvanger.
Lokaliseren van een netwerk, telefoon-, multimediakabel en afzonderlijke aders Verbind de adapterkabel resp. de gezochte kabels met de zender en de ontvanger en schakel de zender in de TEST-modus. Sluit de zender eventueel aan op een netwerk- resp. telefoondoos, zie afbeelding b. Sluit bij metingen met de kabelklemmen de rode klem aan op de gezochte leiding en de zwarte op de massa (aard- geleider of afscherming). Zoek vervolgens de aangesloten leiding met de ontvanger. Zie hiervoor ook tip 2. Tip 3: Verminder het ontvangstsignaal stapsgewijs met de volumeregelaar (18) om de gezochte kabel beter te kunnen lokaliseren. De gezochte kabel kan door volumeverschillen worden gelokaliseerd en wordt aan- gegeven door het felste branden van de statusweergave (19) resp. de hoogste geluidssterkte van het signaal. Tip 4: De beste zoekresultaten worden behaald als de meetpunt (15) een direct metalen contact maakt met de gezochte leiding. In dat geval wordt door dit contact een aanzienlijk hogere signaalsprong gegenereerd. Sterkere signalen ontvangt u ook aan de kabeluiteinden (afb. c) of direct aan de afzonderlijke aders (afb. d). Tip 5: Eventueel optredende storingen (brommen enz.) kunnen worden verminderd door de retour- en afschermgeleiding in de meetleiding te aarden. De aarding door de eigen hand of vinger kan daarbij al voldoende zijn.Verbind de kabelklemmen met de RJ 11-aan- sluiting, sluit de kabelklemmen aan op de gewenste leiding en schakel de zender in de SCAN-modus. Druk daarvoor op de MODE-toets (3) totdat de modusweergave SCAN (7) brandt en de statusweergave SCAN (6) knippert. Zoek vervolgens met behulp van de ontvanger en ingedrukte testmodus-toets (21) de leiding, zie afb. a. Stel het signaal bij de ontvanger in op het hoogste volume (18) om de maximale meet-diepte te bereiken. Tip 2: Al naargelang de toepassing kan het zinvol zijn om de signaalsoort om te schakelen. Houd daarvoor in de SCAN-modus de MODE-toets (3) ingedrukt, totdat de statusweergave SCAN (6) continu brandt. Door het kort indrukken van de MODE-toets (3) wordt de signaalsoort weer teruggezet. Een knipperende status- weergave SCAN (6) geeft het gemoduleerde signaal en een continu brandende weergave het constante signaal aan. Het ingevoerde zendsignaal van de toevoerleiding kan op andere geleidingen worden overgedragen, zodra deze over langere afstanden parallel aan de toevoerleiding verlopen. !16
Opmerkingen inzake onderhoud en reiniging Reinig alle componenten met een iets vochtige doek en vermijd het gebruik van reinigings-, schuur- en oplosmiddelen. Verwijder de batterij(en) voordat u het apparaat gedurende een langere tijd niet gebruikt. Bewaar het apparaat op een schone, droge plaats. Koptelefoon Met de bijgeleverde koptelefoon kunnen ontvangstsignalen exacter worden geanalyseerd BELANGRIJK: stel de volumeregelaar eerst in op de kleinste stand voordat u de koptelefoon op de ontvanger (17) aansluit en de koptelefoon opzet. Een te hoog volume in de koptelefoon kan leiden tot gehoorschade. Tip 6: Parallel verlopende stroomleidingen kunnen een storend bromgeluid in de meetleiding veroorzaken. Als de externe storing te sterk is, schakelt u indien mogelijk de huisverzorging tijdens de meting uit. Tip 7: In het bijzonder de tv-dozen kunnen lters bevatten die metingen negatief beïnvloeden. Demonteer in dat geval de tv-doos en meet direct aan de kabel. Technische gegevens (Technische wijzigingen voorbehouden. 05.17) Zender TX Max. ingangsspanning 20V DC Max. uitgaande stroomsterkte 10 mA Max. signaalspanning 8 Vpp (piek piek) Max. testlengte 3 km Stroomvoorziejning 1 x 9V-blok, IEC LR6, alkali Afmetingen (B x H x D) 49 x 127 x 34 mm Gewicht (inkl. incl. batterij) 130 g Ontvanger RECV Max. ingangsspanning 20V DC Max. uitgaande stroomsterkte 30 mA Meetbereik SCAN-modus 0 ... 5 cm meetdiepte Stroomvoorziejning 1 x 9V-blok, IEC LR6, alkali Afmetingen (B x H x D) 39 x 187 x 30 mm Gewicht (inkl. incl. batterij) 135 g Zender TX / Ontvanger RECV Werkomstandigheden 0 ... 40°C, Luchtvochtigheid max. 80 % rH, niet-condenserend, Werkhoogte max. 2000 m Opslagvoorwaarden -10°C ... 60°C, Luchtvochtigheid max. 80 % rH EU-bepalingen en afvoer Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde normen voor het vrije goederenverkeer binnen de EU. Dit product is een elektrisch apparaat en moet volgens de Europese richtlijn voor oude elektrische en elektronische apparatuur gescheiden verzameld en afgevoerd worden. Verdere veiligheids- en aanvullende instructies onder: http://laserliner.com/info?an=mucache NLMultiCable-Checker
SimpelGids