SECALARM210 - Alarmsysteem KONIG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SECALARM210 KONIG in PDF-formaat.

📄 189 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice KONIG SECALARM210 - page 35

Download de handleiding voor uw Alarmsysteem in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SECALARM210 - KONIG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SECALARM210 van het merk KONIG.

GEBRUIKSAANWIJZING SECALARM210 KONIG

NEDERLANDS Draadloos alarmsysteem Inleiding: De SEC-ALARM210 is een eenvoudig te installeren draadloos alarmsysteem. U heeft de mogelijkheid een compleet alarmsysteem met optionele sensoren te bouwen. Het regelcentrum bestaat uit drie zones met alarm-, zoem- en waarschuwingsfuncties en een extra zone voor waarschuwingsberichten. Het compacte regelcentrum bestaat uit een 5-knops toetsenbord, indicatoren, audiosignalen en een intern alarm van 105 dB. Er kunnen in totaal 16 sensoren (4 per zone) aan het systeem worden toegevoegd om volledige dekking te creëren voor uw huis of kantoor. Optionele sensoren: SEC-ASDW10 deur-/raamsensor en SEC-ASMS10 bewegingssensor (PIR) Beschrijving regelcentrum:35

10. Waarschuwingsschakelaar type

Sluit de adapter aan op de 12 V DC-ingang en op een stopcontact. De voedingsindicator zal groen oplichten. Plaats 4 x AAA batterijen voor back-up tijdens een stroomonderbreking. Synchroniseren van de deur-/raamsensor(en) naar het regelcentrum: Verwijder, voordat u verder gaat, de batterij-isolator van de sensor, en plaats de magneet naast de zender (waar de rode markering is). Stap 1: Houd de “Inleer-knop” op het regelcentrum voor 3 seconden ingedrukt. Laat de “Inleer-knop” los zodra het regelcentrum eenmaal piept.

3 Seconden drukken Lange toon pieptoon36 Stap 2: Druk eenmaal op de “Zone-knop” (1, 2, 3, of 4) waarvoor u de sensor wilt programmeren. De geselecteerde zone-indicator zal knipperen.

Stap 3: Activeer de deur-/raamsensor door de magneet van de sensor te scheiden.

U hoort een lange pieptoon en de zone-indicator stopt met knipperen. De sensor is nu naar het regelcentrum geprogrammeerd Opmerking: U kunt maximaal 4 sensoren naar één zone programmeren. Zone 4 is een waarschuwingszone; sensoren in deze zone zijn ENKEL bedoeld voor waarschuwingsdoeleinden en activeren het alarm niet. Stap 4: Na het synchroniseren van de sensor naar het regelcentrum, kunt u de communicatie testen door de magneet naast de zender te plaatsen (waar de rode markering is) en deze vervolgens van de zender te verwijderen. Magneetknop Sensor Scheid de magneet van de sensor Regelcentrum “lange pieptoon”. Zone-indicator UIT Zone-indicator knippert Op de zone-knop drukken37 De ontvanger zal niet piepen als het magneetcontact gesloten is. Als het magneetcontact verbroken is (open), hoort u een pieptoon en knippert een zone-indicator. Het piepen verloopt volgens de zonenummers (type waarschuwingsschakelaar staat ingesteld op waarschuwen) 1 pieptoon voor zone 1, 2 pieptonen voor zone 2 enz., totdat de sensor gesloten is. Opmerking: Indien het type waarschuwingsschakelaar ingesteld staat op zoemen, zal het regelcentrum eenmaal voor elk geactiveerd signaal zoemen. Indien de schakelaar op UIT staat ingesteld, zal er geen audio-alarm afgaan. Stap 5: De sensor moet op een deur- of raamvenster met dubbelzijdig plakband worden bevestigd. De magneet moet op een deur of raam met dubbelzijdig plakband of schroeven worden bevestigd. Zorg ervoor dat de magneet is uitgelijnd met de rode markering op de zender. Als het König logo na het bevestigen van de sensor ondersteboven staat, verwijdert u het frontdeksel en roteert u het totdat het in rechte positie staat.

(A) Rode markering aan deze zijde (B) Magneet (C) Sensor Na het bevestigen van de sensor, test u deze door de deur of het raam te openen en te sluiten. Het regelcentrum moet op dezelfde wijze functioneren zoals staat beschreven in stap 4. (A) (B) (C) (A) (B) (C)38 Synchroniseren van de bewegingssensoren naar het regelcentrum: Voordat u het proces begint, plaatst u eerst een 9 V alkalinebatterij in (niet inbegrepen) het batterijvak. Het regelcentrum reageert niet op de bewegingssensor tenzij:

1) Het regelcentrum is ingeschakeld in de afwezigheidsmodus (het reageert enkel op

bewegingssensoren in zones 1, 2 en 3)

2) De bewegingssensor in zone 4 is geprogrammeerd, die dient als extra alarmzone.

Het is belangrijk de zone te selecteren waarin u de bewegingssensor wilt programmeren. Als u de bewegingssensor voor veiligheidsdoeleinden opstelt, waar het een alarm voor een inbraak zal veroorzaken, moet u de bewegingssensor programmeren naar zone 1, 2 of 3. NIET naar zone 4 programmeren, omdat dit een extra alarmzone is. Sensoren in deze zone zullen geen alarm activeren. Als u de bewegingssensor voor veiligheidsdoeleinden opstelt, waar een alarmactivatie bij een beweging niet noodzakelijk is, moet u de bewegingssensor naar zone 4 programmeren. Programmeer NIET naar zone 1, 2 of 3, omdat bewegingssensoren in deze zones geen waarschuwingspieptoon-indicaties activeren. Selecteer voordat u verder gaat in welke zone u de bewegingssensor moet programmeren. Herhaal stap 1 en 2 van het vorige hoofdstuk om het synchroniseringsproces te starten. Stap 3: Activeer de bewegingssensor door op de “Test-knop” aan de achterkant van deze sensor te drukken.

U hoort een lange pieptoon en de zone-indicator stopt met knipperen. De sensor is nu naar het regelcentrum geprogrammeerd Opmerking: U kunt maximaal 4 sensoren naar één zone programmeren. Zone 4 is een alarmzone. Sensoren in deze zone zijn ENKEL bedoeld voor waarschuwingsdoeleinden en activeren het alarm niet. “Test-knop” indrukken Regelcentrum “lange pieptoon”. Zone-indicator UIT. Test-knop Indicator onder de lens39 Stap 4: Nadat de bewegingssensor naar het regelcentrum is geprogrammeerd, kunt u het regelcentrum in testmodus plaatsen om de communicatie te controleren tussen de bewegingssensor en het regelcentrum.

1) Verwijder de adapter en alle batterijen van het regelcentrum.

2) Houd de “Demperknop” ingedrukt en steek de AC-adapter terug in het regelcentrum. Alle LED

indicators zijn AAN; u kunt de “Demperknop” loslaten. Het regelcentrum is nu in de “Testmodus” en zal op alle bewegingssensoren reageren.

3) Stel het type waarschuwingsschakelaar in op “Waarschuwen” en u kunt nu de bewegingssensor

activeren door op de “Testknop” van de bewegingssensor te drukken. U kunt ook voor de bewegingssensor bewegen. Verwijs naar stap 6 voor gedetailleerde informatie over de wijze waarop de bewegingssensor kan worden getest middels een looptest.

4) Het regelcentrum zal reageren middels het knipperen van de zone-indicator en de

waarschuwingspieptonen volgens het zonenummer. 1 Pieptoon voor zone 1, 2 pieptonen voor zone 2 enz. De pieptonen duren ongeveer15 seconden voor elke activatie. Trek na het testen de adapter eruit en steek deze terug in het regelcentrum; het keert terug naar de normale bedieningsmodus. Stap 5: U kunt nu het batterijvak sluiten en de schroef terug plaatsen. Bevestig het kogel-hoofdgewricht op de muur met de bijgesloten schroeven. Glijd de achterkant van de sensor in het kogel-hoofdgewricht. De bevestigingshoek kan versteld worden. Stap 6: Een looptest moet uitgevoerd worden nadat de bewegingssensor bevestigd is. Loop in het sensorgebied. Indien beweging gedetecteerd wordt, zal een rood licht in de sensor verschijnen. Indien het rode licht niet verschijnt, betekent het dat de beweging niet is gedetecteerd en dient u de sensor te verplaatsen. Zorg ervoor dat u op alle locaties loopt waarvan u wilt dat deze gedekt worden door de bewegingssensor.40 Detectiegebied in meter Opmerking: - Verricht de looptest nadat de batterij langer dan een minuut is geplaatst. - Voordat u de looptest uitvoert, mag de bewegingssensor geen bewegingen detecteren. - Nadat een beweging eenmaal is gedetecteerd, zal de bewegingssensor niet geactiveerd worden tenzij er gedurende 20 seconden geen beweging is gedetecteerd. Wacht tijdens de looptest minstens 20 seconden tussen 2 activeringen. De bewegingssensor detecteert alleen de eerste beweging en na 20 seconden weer een andere. Besteed aandacht aan het volgende indien er incorrecte activatie optreedt. - Plaats de bewegingssensor niet in de buurt van apparaten die warmte of koude lucht produceren. Luchtstroming, voornamelijk veroorzaakt door temperatuursverandering, kan de bewegingssensor activeren en vals alarm veroorzaken. Test voorzichtig uw bewegingssensor zodat het alleen geactiveerd wordt bij bepaalde bewegingen. - Er is een verbindingsdraad voor gevoeligheidsinstelling. U kunt de gevoeligheid verlagen indien incorrecte activatie blijft optreden. U vindt de verbindingsdraadinstelling aan de linkerkant van de testknop. U kunt het kleine zwart plastic deel op de pinnen met positie 1 of 2 plaatsen. Positie 1 is hoge gevoeligheid en positie 2 is lage gevoeligheid. Systeemstatus, sensorfout en lage batterij-indicatie: Het regelcentrum controleert constant de sensoren. Indien het regelcentrum niet met sensoren communiceert, zal de zone-indicator snel gaan knipperen. Wanneer een sensorfout optreedt, kunt u het volgende uitproberen:

1. Controleer of de sensor zich bevindt waar deze zou moeten zijn en dat de sensor geen materiële

2. Indien de foute sensor geen materiële schade vertoont, activeert u de sensor en controleer of het

regelcentrum hierop reageert.

3. Anders verplaatst u de sensor van zijn locatie en brengt u deze dichter bij het regelcentrum waarna

u de sensor activeert. Het is mogelijk dat de sensor te ver van het regelcentrum is bevestigd, waardoor het geen constante communicatie kan vaststellen. Indien dit het geval is, installeert u de sensor dichter bij het regelcentrum.

4. Vervang de batterij van de sensor in de desbetreffende zone, indien het regelcentrum niet reageert

als de sensor binnen korte afstand is geactiveerd. Indien u veelvoudige sensoren in een zone hebt, kunt u de functie van elke sensor testen om te identificeren welke sensor problemen geeft. Sensoren wissen: Om een sensor van een zone te wissen, zal het regelcentrum alle sensoren in die desbetreffende zone wissen. Alle sensoren naar een bepaalde zone zullen opnieuw moeten worden gesynchroniseerd. Om een zone te wissen: Stap 1: Houd de “Inleer-knop” op het regelcentrum ingedrukt. De eenheid zal eenmaal piepen.41 Stap 2: Terwijl u de “Inleer-knop” ingedrukt houdt, drukt u tevens op de zone-knop om te wissen. Houd beide knoppen gedurende 5 seconden ingedrukt, totdat het regelcentrum 2 maal piept en de zone indicator tweemaal knippert. Stap 3: Laat alle knoppen los. Wachtwoord instellen: Het wachtwoord is voor het in- en uitschakelen van het regelcentrum. Het door de fabrikant ingestelde wachtwoord is (1 2 3 4). Het wordt aangeraden uw eigen wachtwoord in te stellen door de onderstaande stappen te volgen. Stap 1: Houd de “Inleer-knop” ingedrukt. Stap 2: Terwijl u de “Inleer-knop” ingedrukt houdt, drukt u tevens op de “Beveiligingsknop”. Houd deze gedurende 3 seconden ingedrukt totdat u een lange pieptoon hoort en de groene voedingsindicator knippert. Stap 3: Laat beide knoppen los. Voer het huidige wachtwoord in (de eerste keer is dit 1 2 3 4). U zult 2 pieptonen horen. Stap 4: Voer het nieuwe 4-cijferig wachtwoord in, u zult twee pieptonen horen. Stap 5: Voer nogmaals het nieuwe 4-cijferige wachtwoord in om te bevestigen. Een lange pieptoon zal afgaan en de groene indicator stopt met knipperen om aan te geven dat uw nieuwe wachtwoord is ingesteld.42 Bediening van de waarschuwingsfunctie: Een waarschuwingsbericht wordt getoond als een sensor geactiveerd is, terwijl het systeem wordt uitgeschakeld. Verschillende waarschuwingsberichten kunnen worden getoond, afhankelijk van de instelling van het type waarschuwingschakelaar aan de zijkant van het regelcentrum. Type van de waarschuwings- schakelaar Audio-alarm Zone-indicator knippert UIT Geen Ja ZOEM Zoemt eenmaal wanneer de sensor geactiveerd is

WAARSCHUWING Waarschuwspieptonen hangen van het zonenummer af

Indien het type waarschuwingsschakelaar ingesteld staat op “Waarschuwen”, zal het aantal pieptonen afhangen van de geactiveerde zone. Het piepen zal doorgaan totdat de sensor wordt gedeactiveerd, bijvoorbeeld als de deur gesloten wordt. Voorbeeld: Zone 1 sensor: “1 pieptoon, pauze, 1 pieptoon, pauze, 1 pieptoon, pauze ... etc.” Zone 2 sensor: “2 pieptonen, pauze, 2 pieptonen, pauze, 2 pieptonen, pauze ... etc.” Zone 3 sensor: “3 pieptonen, pauze, 3 pieptonen, pauze, 3 pieptonen, pauze ... etc.” Zone 4 sensor: “4 pieptonen, pauze, 4 pieptonen, pauze, 4 pieptonen, pauze ... etc.” Als de pieptonen hoorbaar zijn, kunt u deze tijdelijk deactiveren door op de “Demperknop” te drukken aan de zijkant van het regelcentrum. Het gepiep zal onmiddellijk stoppen. Dit is handig wanneer een raam moet worden geopend voor tijdelijke ventilatie. Om de demper te deactiveren, stelt u de sensor terug (door bijvoorbeeld het raam te sluiten). De demperfunctie wordt gedeactiveerd. Indien de raamsensor opnieuw is geactiveerd, zal het blijven piepen. Opmerking: bewegingssensoren in zone 1, 2 en 3 zullen niet reageren in de waarschuwingsmodus wanneer het systeem wordt uitgeschakeld. Bewegingssensoren in zone 1, 2 en 3 zullen alleen reageren als het systeem wordt ingeschakeld. Als u een waarschuwingsindicatie voor de bewegingssensoren wilt, moet u de bewegingssensoren in zone 4 programmeren. Bediening van de alarmfunctie: U kunt het regelcentrum op 2 andere manieren inschakelen: 1) Inschakelen voor thuis en

2) Inschakelen tijdens afwezigheid

1) Inschakelen voor thuis:

Deze instelling wordt gebruikt als u het gebied wenst te beveiligen, maar thuis bent en rondloopt binnen het ingeschakelde gebied. Inschakelen voor thuisinstelling, elke bewegingssensor in zone 1, 2 en 3 zal niet op bewegingen reageren. Het alarm zal direct afgaan als de sensoren in zone 1, 2 en 3 geactiveerd zijn (behalve de bewegingssensoren). PIEPTOON PIEPTOON Voorbeeld: ZONE 1 Deur-/raamsensor DEUR OPEN43 Voorbeeld: Als u het systeem 's nachts wilt inschakelen, waar alle deuren/ramen niet zullen worden geopend, kunt u het systeem in thuismodus inschakelen. Zelfs binnenshuis bewegen (activeert wel de bewegingssensor); zal het alarm niet activeren, tenzij de bewaakte deuren of ramen geopend zijn. Om het regelcentrum in de thuismodus in te schakelen: Stap 1: Voer het 4-cijferig wachtwoord in Stap 2: Houd de “Inschakelknop” voor 3 seconden ingedrukt. De inschakel-indicator zal AAN blijven om aan te geven dat het regelcentrum nu in de thuismodus is ingeschakeld. Stap 3: Om uit te schakelen, voert u het 4-cijferig wachtwoord in.

2) Inschakelen tijdens afwezigheid

Deze instelling wordt gebruikt wanneer u het huis verlaat. Door het inschakelen van het systeem in de afwezigheidsmodus, heeft u na inschakelen 45 seconden de tijd om het huis te verlaten. Na 45 seconden zijn alle sensoren in zone 1, 2 en 3 ingeschakeld. Het activeren van deze sensoren in de ingeschakelde afwezigheidsmodus, zal resulteren tot 30 seconden vertraging bij binnenkomst. Als een geldig wachtwoord niet binnen 30 seconden is ingevoerd, zal het alarm afgaan. Om het bedieningspaneel in de thuismodus in te schakelen: Stap 1: Voer het 4-cijferig wachtwoord in Stap 2: Druk de “Inschakelknop” tweemaal in. De inschakel-indicator zal knipperen om aan te geven dat het regelcentrum is ingeschakeld in de afwezigheidsmodus. Stap 3: Om uit te schakelen, voert u het 4-cijferig wachtwoord in. Opmerking: Als een sensor in zone 4 geactiveerd is, zal dit het alarm niet activeren. Zone 4 is een extra waarschuwingszone, waar enkel de waarschuwingspieptoon afgaat. Alarm uitschakelen: Om het systeem uit te schakelen wanneer deze nog aan staat, voert u het 4-cijferig wachtwoord in. De inschakel-indicator zal uit gaan als een geldig wachtwoord is ingevoerd. Als het alarm geactiveerd wordt, voert u het 4-cijferig wachtwoord in om het alarm te stoppen. Nadat het geldige wachtwoord is ingevoerd, zal het alarm bij binnenkomst worden gestopt. De groene voedingsindicator zal gedurende 3 seconden knipperen. Dit is overigens normaal. Alarmzone omzeilen: Er kunnen zich situaties voordoen dat u de sensoren tijdelijk wilt uitschakelen om alarmactivatie te voorkomen. In deze situatie kunt u een zone omzeilen door het regelcentrum in te schakelen. Zodra het systeem uitgeschakeld is, zal de omzeilinstelling worden opgeheven.44 Voorbeeld: Als u een raam open wil laten staan maar het systeem ingeschakeld wilt houden, kunt u de zone omzeilen met de raamsensor terwijl het systeem ingeschakeld blijft. Zonder deze zone te omzeilen, kan het regelcentrum niet worden ingeschakeld. Om een zone te omzeilen: Stap 1: Houd de “Zone-knop” die u wilt omzeilen voor 3 seconden ingedrukt. Na 3 seconden blijft de zone-indicator constant om aan te geven dat deze zone is omzeild. Stap 2: Het systeem inschakelen (Thuis of Afwezig) Om de omzeiling uit te schakelen, houdt u de zone-knop gedurende 3 seconden ingedrukt, of schakel het systeem uit. Systeemstatus:

1) Back-up batterijen

Het regelcentrum biedt tot 48 uur back-upbatterij in het geval van een stroomstoring. Het systeem kan zonder batterijen werken, maar u wordt aangeraden 4 x AAA alkalinebatterijen erin te plaatsen. Om ervoor te zorgen dat de back-upbatterijen in goede conditie verkeren, beschikt het regelcentrum over een ingebouwde batterijmonitor . Om de batterijen te testen: Stap 1: Alle batterijen moeten op het regelcentrum geplaatst worden en adapter moet aangesloten zijn. Stap 2: Verwijder de adapter van het regelcentrum. Stap 3: Controleer de groene voedingsindicator met behulp van onderstaande informatie en bepaal de batterijconditie. Groene voedingsindicator > Aan > Goede conditie Groene voedingsindicator > Knipperend > Lage batterijspanning, vervang de batterijen Groene voedingsindicator > Uit > Batterijen zijn ontladen, vervang de batterijen

2) Wachtwoord terugstellen

In het geval dat u het wachtwoord vergeten bent, kunt u het wachtwoord terugstellen naar de fabrieksinstelling: 1 2 3 4. Om het wachtwoord terug te stellen: Stap 1: Verwijder adapter en alle batterijen Stap 2: Houd de “Inleer-knop” ingedrukt en steek de adapter er weer in (blijf op de “Inleer-knop” drukken). Wacht totdat alle 4 zone-indicators aan zijn. Laat de “Inleer-knop” los. Stap 3: Zone 1 indicator begint te knipperen. Het zal 4 uren duren om dit herstelproces te voltooien. Stap 4: Het wachtwoord wordt hersteld wanneer alle 4 zone-indicators uit zijn. Bedien het regelcentrum niet tijdens het herstelproces van het wachtwoord. Veiligheidsvoorzorgsmaatregelen: Om het risico op elektrische schokken te voorkomen mag dit product ALLEEN worden geopend door een erkende technicus wanneer er onderhoud nodig is. Koppel het product los van de elektrische voeding en van andere apparatuur als zich problemen voordoen. Stel het product niet bloot aan water of vocht. Onderhoud: Uitsluitend reinigen met een droge doek. Gebruik geen reinigingsmiddelen of schuurmiddelen.45 Garantie: Voor wijzigingen en veranderingen aan het product of schade veroorzaakt door een verkeerd gebruik van dit product, kan geen aansprakelijkheid worden geaccepteerd. Tevens vervalt daardoor de garantie. Algemeen: Wijziging van ontwerp en specificaties zonder voorafgaande mededeling onder voorbehoud. Alle logo’s, merken en productnamen zijn handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van de respectievelijke eigenaren en worden hierbij als zodanig erkend. Bewaar deze gebruiksaanwijzing voor latere raadpleging. Let op: Dit product is voorzien van dit symbool. Dit symbool geeft aan dat afgedankte elektrische en elektronische producten niet met het gewone huisafval verwijderd mogen worden. Voor dit soort producten zijn er speciale inzamelingspunten. Dit product is vervaardigd en geleverd in overeenstemming met de relevante reglementen en richtlijnen die voor alle lidstaten van de Europese Unie gelden. Het voldoet ook aan alle toepasselijke specificaties en reglementen van het land van verkoop. Op aanvraag is officiële documentatie verkrijgbaar. Inclusief, maar niet uitsluitend: Conformiteitsverklaring (en productidentiteit), materiaalveiligheidsinformatie en producttestrapport. Wend u tot onze klantenservice voor ondersteuning: via de website: http://www.nedis.nl/nl-nl/contact/contact-formulier.htm via e-mail: service@nedis.nl telefonisch: +31 (0)73-5993965 (tijdens kantooruren) NEDIS B.V., De Tweeling 28, 5215 MC ’s-Hertogenbosch, NEDERLAND

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : KONIG

Model : SECALARM210

Categorie : Alarmsysteem