MAFS 40 - Multigereedschap METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MAFS 40 METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MAFS 40 METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multigereedschap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MAFS 40 - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MAFS 40 van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING MAFS 40 METABO
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Wij verklaren op eigen en uitsluitende verantwoording dat: Deze bosmaaier- opzetstukken, geïdentificeerd door type en serienummer in combinatie met de snoerloze multifunctionele aandrijving MA-36-18 LTX BL Q *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij *7). 2000/14/EG: Taxatieprocedure van de conformiteit volgens bijlage VI. Benoemde instantie *4), gemeten geluidsvermogensniveau *5), gegarandeerd geluidsvermogensniveau *6) - zie pagina 4. Het opzetstuk MA-FS 40 is in combinatie met de snoerloze multifunctionele aandrijving MA 36-18 LTX BL Q bij gebruik van de koordkop bestemd voor maai- en verbeteringswerkzaamheden en bij gebruik van het struikgewasmes voor het maaien van gras en voor het uitdunnen en verwijderen van taai, geknoopt gras, struiken en heggen met doorns. Het bosmaaier-opzetstuk mag niet worden gebruikt voor het snijden of trimmen van heggen, bosjes of andere vegetatie, waarbij het snijniveau niet parallel ten opzichte van het oppervlak van de ondergrond is. Gebruik uitsluitend de aanbevolen snijkoppen en veiligheidsvoorzieningen! Het gebruik van ander gereedschap (bijv. meerdelig metalen snijdgereedschap met zwenkkettingen en klepelmaaiers of ronde zaagmessen) kan ernstig letsel tot gevolg hebben. Het bosmaaier-opzetstuk mag tijdens het werken tegen de grond komen. Dit bosmaaier-opzetstuk is bedoeld om aan originele snoerloze multifunctionele aandrijvingen van Metabo met de aanduiding MA 36-18 LTX BL Q te worden aangebracht. Alleen gebruiken met de gemonteerde snoerloze multifunctionele aandrijving. De gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving moet in acht worden genomen. Alleen de gebruiker is aansprakelijk voor schade door oneigenlijk gebruik. De algemeen erkende ongevallenpreventievoorschriften en de veiligheidsinstructies moeten in acht worden genomen. Let voor uw veiligheid en die van het elektrische gereedschap op de passages die zijn voorzien van dit symbool! WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaanwijzing om het risico op letsel te verminderen. WAARSCHUWING – Lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen, afbeeldingen en technische specificaties die samen met dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen met het oog op toekomstig gebruik. Geef uw elektrische gereedschap alleen met deze documenten aan anderen door. Restrisico’s: Ook bij doelmatig gebruik kan tijdens werkzaamheden met het apparaat een restrisico blijven bestaan. Neem alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen in acht. Mogelijke gevaren: - Letsel en materiële schade, veroorzaakt door rondvliegende deeltjes. - Longletsel indien geen geschikt stofmasker wordt gedragen. - Gehoorbeschadiging indien geen geschikte gehoorbescherming wordt gedragen. - Schade aan de gezondheid vanwege trillingsemissie, indien de machine gedurende een langere periode wordt gebruikt of niet correct wordt bediend of onderhouden. - Een langere blootstelling aan trillingen kan leiden tot letsel en neurovasculaire aandoeningen (ook wel het “Raynaud-syndroom” of “witte vingers” genoemd), vooral bij mensen met stoornissen in de bloedsomloop. De symptomen kunnen de handen, polsen en vingers aantasten en omvatten verlies van gevoeligheid, dofheid, jeuk, pijn en verkleuringen of structurele veranderingen van de huid. Deze effecten kunnen worden versterkt door lage omgevingstemperaturen en/of door de handgrepen te stevig vast te pakken. Als symptomen optreden, moet de levensduur van de machine worden verkort en moet een arts worden geraadpleegd.
4.1 Veiligheidsvoorschriften voor de
bosmaaier a) Gebruik de bosmaaier niet tijdens slecht weer, in het bijzonder niet als er gevaar is voor onweer. Dit reduceert het gevaar, te worden getroffen door de bliksem.
1. Conformiteitsverklaring
2. Doelmatig gebruik
3. Algemene veiligheidsinstructies
4. Speciale veiligheidsinstructiesNEDERLANDS nl
b) Onderzoek het werkbereik grondig op wilde dieren. Wilde dieren kunnen letsel oplopen door het in gebruik zijnde gereedschap. c) Onderzoek het werkbereik grondig en verwijder alle stenen, stokken, draden, botten en andere vreemde voorwerpen. Wegslingerende voorwerpen kunnen letsel veroorzaken. d) Controleer voor gebruik van het gereedschap altijd, of het mes of de snijkop en de component van het mes of de snijkop niet versleten of beschadigd zijn. Versleten of beschadigde onderdelen verhogen het risico op letsel. e) Volg de instructies voor het vervangen van het toebehoor. Onvoldoende vastgedraaide moeren of schroeven voor de bevestiging van het mes kunnen of het mes beschadigen, of ertoe leiden, dat het losraakt. f) Het nominale toerental van het mes moet tenminste overeenkomen met de op het gereedschap vermelde hoogste toerental. Messen, die met een hoger toerental dan hun nominale toerental draaien, kunnen breken en uit elkaar vliegen. g) Draag tijdens het gebruik van het gereedschap altijd een veiligheidsbril, gehoorbescherming, een helm en veiligheidshandschoenen. Passende beschermende uitrusting vermindert het risico op letsel door rondvliegend puin of onbedoeld contact met de snijdraad of het mes. h) Draag tijdens het gebruik van het gereedschap altijd veiligheidsschoenen. Gebruik het gereedschap nooit met blote voeten of open schoeisel. Hierdoor vermindert u het gevaar op voetletsel bij contact met de snijkop, snijdraad of het bewegende mes.
i) Draag tijdens het gebruik van het
gereedschap altijd lange broeken. Blote huid verhoogt het risico op letsel door rondvliegende voorwerpen. j) Let erop dat omstanders tijdens het gebruik van het gereedschap op afstand blijven. Wegslingerende voorwerpen kunnen ernstig letsel veroorzaken. k) Gebruik het gereedschap altijd met beide handen. Door het gereedschap met beide handen vast te houden, vermijdt u het risico de controle over het gereedschap te verliezen. l) Houd het gereedschap alleen aan de geïsoleerde greepvlakken vast, omdat snijdraden of messen verborgen kabels kunnen raken. Als de snijdraad of het mes in contact komen met onder stroom staande kabels, kunnen blanke metalen onderdelen van het gereedschap onder stroom komen te staan en de bediener een elektrische schok geven. m) Let altijd op een stevige stand en beiden het gereedschap alleen als u op de grond staat. Gladde of onstabiele oppervlakken kunnen verlies van evenwicht of zelfs controle over het gereedschap tot gevolg hebben. n) Gebruik het gereedschap niet op buitensporig steile hellingen. Hierdoor wordt het risico vermindert de controle te verliezen, uit te glijden en te vallen, wat letsel tot gevolg kan hebben. o) Let tijdens het werken bij hellingen op een veilige stand; werk altijd dwars op de helling, nooit naar boven of naar beneden en wees buitengewoon voorzichtig als u van richting verandert tijdens het werken. Hierdoor wordt het risico vermindert de controle te verliezen, uit te glijden en te vallen, wat letsel tot gevolg kan hebben. p) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van het mes, de snijdraad of snijkop, als het gereedschap in gebruik is. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van het mes, snijdraad of de snijkop, als het gereedschap in gebruik is. Een moment van onachtzaamheid bij de bediening van het gereedschap kan tot letsel bij u of anderen leiden. q) Gebruik het gereedschap niet boven heuphoogte. Dit helpt, onbedoeld contact met het mes of de snijkop te voorkomen en maakt een betere controle van het gereedschap mogelijk in onverwachte situaties. r) Let op terugvering bij het snijden van struiken of jonge boompjes die onder spanning staan. Wanneer de spanning in de houtvezels afneemt, kan de struik of het jonge boompje de bediener raken en/of het gereedschap buiten controle laten raken. s) Ga bijzonder voorzichtig te werk tijdens het snijden van struiken en jonge boompjes. Het dunne materiaal kan vast komen te zitten in de snijkop en uw richting worden geslingerd of u uit uw evenwicht brengen. t) Houd het gereedschap onder controle en raak de messen, trimdraad of snijkop en andere gevaarlijke, bewegende delen niet aan terwijl deze nog bewegen. Daardoor wordt het letselgevaar door bewegende delen verminderd. u) Draag het gereedschap alleen, als het is uitgeschakeld en het is weggericht van uw lichaam. Door de juiste omgang met het gereedschap wordt de waarschijnlijkheid van een onbedoeld contact met de bewegende messen, snijdraad of het trimmermechanisme gereduceerd.
v) Bevestig bij het transporteren of opslag van
het gereedschap altijd de metalen mesafdekking aan. Door de juiste omgang met het gereedschap wordt de waarschijnlijkheid van een onbedoeld contact met de bewegende messen gereduceerd. w) Gebruik alleen de door de fabrikant vermelde reserve-trimmermechanismes, - trimdraden, -snijdkoppen of -messen. Onjuiste reserveonderdelen kunnen beschadigingen aan het gereedschap en letsel tot gevolg hebben.
x) Controleer dat alle schakelaars zijn
uitgeschakeld en de accu is verwijderd, als u blokkerend materiaal verwijdert of het apparaat wilt onderhouden. Een onverwacht starten van het gereedschap tijdens het verwijderenNEDERLANDSnl
van opgehoopt materiaal of tijdens onderhoudswerkzaamheden kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
4.2 Oorzaken voor een terugslag en
bijbehorende waarschuwingen Een terugslag is een plotselinge zijwaartse, voorwaartse of achterwaartse beweging van het gereedschap die kan optreden als het mes klem raakt of blijft haken in een voorwerp zoals een jong boompje of een boomstronk. De terugslag kan krachtig genoeg zijn om het gereedschap en/of de bediener in een willekeurige richting te slingeren waardoor eventueel ook de controle over het gereedschap verloren raakt. Een terugslag en de hieraan gekoppelde gevaren kunnen worden vermeden door de hierna genoemde voorzorgsmaatregelen te nemen. a) Houd het gereedschap stevig met beide handen vast en plaats uw armen zo dat u een terugslag kunt opvangen. Plaats uw lichaam aan de linkerkant van het gereedschap. Een terugslag kan het letselgevaar door een onverwachte beweging van het gereedschap verhogen. Een terugslag kan door de bediener worden gecontroleerd, als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen. b) Als het mes vastloopt of als u een snede om welke reden dan ook stopt, schakelt u het gereedschap uit en houdt u het in het materiaal zonder het te bewegen, totdat het mes tot stilstand is gekomen. Probeer nooit het gereedschap uit het materiaal te halen of naar achteren te trekken, terwijl het mes beweegt. Anders kan een terugslag optreden. Onderzoek de oorzaak van het vastlopen van de messen en neem passende maatregelen om ze te bevrijden. c) Gebruik nooit botte of beschadigde messen. Bij botte of beschadigde messen bestaat het gevaar dat ze vast komen te zitten of aan een voorwerp blijven haken, wat op zijn beurt weer tot een terugslag kan leiden. d) Zorg altijd voor een goed zicht op het te snijden materiaal. In bereiken, waar het te snijden materiaal moeilijk te zien is, ontstaat er sneller een terugslag. e) Als een andere persoon in de buurt komt, terwijl u het gereedschap bedient, moet u het gereedschap uitschakelen. Er bestaat een verhoogd risico op letsel voor andere personen, omdat zij in geval van een terugslag kunnen worden geraakt door het bewegende mes.
- Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Maak u vertrouwd met de bedieningselementen en het juiste gebruik van de machine.
- Het is niet toegestaan dat kinderen, personen met beperkte fysieke, sensorische of psychische vaardigheden of een gebrek aan ervaring en/of kennis, of personen die niet op de hoogte zijn van deze instructies, deze machine gebruiken. Plaatselijke voorschriften kunnen de leeftijd van de bediener beperken.
- Kinderen dienen onder toezicht te staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het apparaat spelen.
- De gebruiker is verantwoordelijk voor letsel of materiële schade aan andere personen of diens eigendom.
- Geen veranderingen aan het apparaat uitvoeren.
- Nationale voorschriften kunnen het gebruik van het gereedschap beperken.
- Verdere veiligheidsinstructies in de gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving moeten in acht worden genomen.
- Vervang nooit de niet-metalen snijddraad door een metalen snijddraad. Gebruik uitsluitend origineel toebehoor.
- Verwijder de verlengkabel uit het toepassingsgebied van het gereedschap. Het contact met een onder spanning staande kabel kan een elektrische schok tot gevolg hebben.
- Oefen alle werktechnieken. Wanneer u geen ervaring heeft met dergelijke gereedschappen, moet u een beroep doen op de hulp van ervaren personen.
- Gebruik het gereedschap alleen overdag of bij goed kunstlicht.
- Vermijd het gebruik van de machine als het gras nat is.
- Houd de ventilatieopeningen vrij van vreemde voorwerpen.
- Gebruik altijd de meegeleverde draagriem/ schouderriem.
- Voorkom een abnormale lichaamshouding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht bent, in het bijzonder op hellingen.
- Let altijd op een stevige stand. Mocht u het evenwicht verliezen, moet u de schakelaar direct loslaten.
- Let op de juiste werkhouding, las een pauze in en wissel de werkpositie.
- Beweeg de machine alleen stapvoets.
- Maai niet in de buurt van steile hellingen, sloten of bermen.
- Let op gaten, gleuven, rotsen en andere verborgen voorwerpen, waardoor u kunt vallen. Verwijder alle hindernissen zoals stenen en takken.
- Het snijdgereedschap moet altijd dicht bij de grond worden bewogen.
- Gebruik het gereedschap nooit met beschadigde of zonder veiligheidsvoorzieningen of - afdekkingen (bijv. voetbegrenzer, beschermkap, handgreep).
- Schakel de motor voorzichtig in overeenstemming met de instructies en met de voeten ver weg van de snijdinzet aan.
- Gevaar door gevaarlijke, bewegende onderdelen. Raak geen bewegende onderdelenNEDERLANDS nl
aan. Voor elk contact moeten alle onderdelen volledig tot stilstand zijn gekomen en het accupack worden verwijderd.
- Handen en voeten niet in de buurt van of onder draaiende delen plaatsen.
- Motor uitschakelen:, accupack(s) verwijderen. Zorg ervoor dat alle beweeglijke onderdelen tot stilstand zijn gekomen: - als de machine zonder toezicht wordt achtergelaten; - voordat u blokkeringen verwijdert; - voordat u het gereedschap controleert, reinigt of werkzaamheden eraan uitvoert; - als er een vreemd voorwerp werd geraakt of als u het gereedschap heeft laten vallen. Controleer het gereedschap op beschadigingen en voer reparaties uit, voordat u het gereedschap weer in gebruik neemt. - als het gereedschap zeer sterk begint te vibreren.
- Als de machine buitengewoon sterk begint te trillen is een directe controle noodzakelijk: - onderzoeken op beschadigingen; - als beschadigde onderdelen vervangen of gerepareerd worden; - zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven stevig zijn vastgedraaid.
- Bij een ongeval of een storing dient u de machine direct uit te schakelen en de accupacks te verwijderen.
4.6 Onderhoud en opslag
- Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische gereedschappen en toebehoor. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen.
- Alle moeren, bouten en schroeven moeten altijd stevig worden vastgedraaid om ervoor te zorgen dat de machine zich in een veilige bedrijfstoestand bevindt.
- Let bij het instellen van de machine erop dat uw vingers niet klem raken tussen beweeglijke messen en vaste componenten van de machine.
- Accupacks uit het gereedschap nemen. Wachten, totdat alle beweeglijke onderdelen tot stilstand zijn gekomen, voordat u instel-, ombouw, onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uitvoert of voordat het gereedschap wordt opgeborgen.
- Bij onderhoud van de messen moet erop worden gelet dat de messen, ondanks de verwijderde accupack, nog kunnen bewegen.
- Versleten of beschadigde onderdelen moeten omwille van de veiligheid worden vervangen. Gebruik alleen originele reserveonderdelen en - toebehoor.
- Breng de beschermende afdekking aan op het mes alvorens het opbergen en transporteren.
4.7 Gebruik van en omgang met een met
- Accupacks uit de machine nemen... - ...voordat instel-, ombouw-, onderhouds- of reinigingswerkzaamheden uitgevoerd worden. - ...als de bediener de machine zonder toezicht achter laat. - ...voor het verwijderen van blokkeringen. - ...na het aanraken van een vreemd voorwerp, om de machine op beschadigingen te controleren. - ...voor de directe controle, als het gereedschap zeer sterk begint te vibreren.
Draag oogbescherming. Draag gehoorbescherming. Blootstelling aan een hoger geluidsniveau kan tot beschadiging van het gehoor leiden. Draag hoofdbescherming als er een risico op vallende voorwerpen bestaat. Handschoenen dragen. Draag slipvaste voetbescherming. De gebruiksaanwijzing lezen. Pas op voor wegslingerende voorwerpen. WAARSCHUWING – Algemeen gevaar! Houd andere personen uit de buurt. Houd een afstand van minimaal 15 m (50 ft) in acht ten opzichte van personen en voorwerpen. WAARSCHUWING! Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. Voor het reinigen of het onderhoud: Gereedschap uitschakelen, accupacks verwijderen. Let erop dat niemand gewond raakt door weggeslingerde voorwerpen. Houd andere personen uit de buurt. Houd zich in de buurt bevindende personen en huisdieren op een veilige afstand ten opzichte van het apparaat. Gebruik geen metalen zaagbladen. Bescherm het apparaat tegen vocht. Niet aan regen blootstellen. Zie pag. 2, en 3. 1Stang 2 Snijdkop 3 Beschermkap 4 Draadafkorter (WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherp mes) 5 Pijl toont de draairichting van het snijdgereedschap
6 Draad (snijddraad) 7 Kap (van de draadkop) 8 Basis (van de draadkop) 9 Plaatlus (beschermkap) 10 Schroef (voor het bevestigen van de beschermkap) 11 Inbussleutel (voor het vergrendelen van de aandrijfas) 12 Boorgat (voor het vergrendelen van de aandrijfas) 13 Aandrijfas 14 Mes * 15 Schijf 16 Spankap 17 Spanmoer 18 Combisleutel 19 Draadkop 20 Voetbegrenzer (niet als handgreep gebruiken) 21 Schouderriem 22 Karabijnhaak 23 Ophangpunt 24 Handgreep 25 Handgreep
- afhankelijk van de uitvoering / niet in de leveringsomvang inbegrepen WAARSCHUWING! Gereedschap uitschakelen en accupacks verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. Het gereedschap moet stilstaan. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherpe snijdrand aan de draadafkorter (4) en het mes (14). Draag veiligheidshandschoenen.
6.1 Beschermkap (3) aanbrengen (afb. B)
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherpe snijdrand aan de draafafkorter (4). Draag veiligheidshandschoenen.
1. Plaatlus (9) aan de stang (1) monteren.
2. Beschermkap (3) in de plaatlus (9) haken.
3. De schroef (10) erin draaien en krachtig
6.2 Draadkop (19) aanbrengen / verwijderen
1. Aandrijfas (13) vergrendelen:
- meegeleverde inbussleutel (11) in het boorgat (12) steken. - Aandrijfas (13) met de hand vastdraaien, tot de inbussleutel (11) vast klikt en de aandrijfas niet meer gedraaid kan worden.
2. Zoals weergegeven, de draadkop (19) tegen de
klok in erop draaien en met de hand vast draaien.
3. Aandrijfas losmaken:
- Inbussleutel (11) eruit trekken. Verwijderen Op dezelfde manier te werk gaan zoals bij het monteren, echter de draadkop met de klok mee eraf draaien.
6.3 Snijddraad (6) in de draadkop (19)
1. Basis (8) vasthouden. Kap (7) met de klok mee
draaien, totdat de driehoekige markeringen tegenover elkaar staan (en/of de doorlopende groef aan de zijkant van de drukknop in een lijn staat met de driehoek van de kap van de draadkop).
2. Het uiteinde van de draad buigen (zodat hij er
makkelijker kan worden ingeschoven). Het uiteinde van de draad (6) in de met een pijl en de woorden ‘LINE IN’ gemarkeerde opening schuiven. OPMERKING: zie afb. A: exact in de richting van de pijl schuiven (een beetje schuin)! Resultaat: het uiteinde van de draad komt er aan de tegenoverliggende opening weer uit.
3. Het kortere uiteinde van de draad zo ver eruit
trekken, totdat beide uiteinden van de draad even lang zijn.
4. Basis (8) vasthouden. Kap (7) met de klok mee
draaien: de draad wordt opgerold op de basis. Stop als aan beide zijden nog 13 cm (5,1”) draad uitsteekt. (Een te lange draad wordt bij het eerste gebruik automatisch afgesnden door de draadafkorter (4)).
6.4 Mes aanbrengen / verwijderen (afb. D)
1. Aandrijfas (13) vergrendelen:
- meegeleverde inbussleutel (11) in het boorgat (12) steken. - Aandrijfas (13) met de hand vastdraaien, tot de inbussleutel (11) vast klikt en de aandrijfas niet meer gedraaid kan worden.
2. Zoals weergegeven het mes (14), de schijf (15)
en spankap (16) monteren. WAARSCHUWING! Schijf (15) in de juiste richting erop plaatsen (zie afb. D)! De spanmoer (17) tegen de klok in erop draaien en met de meegeleverde combisleutel (18) stevig vastdraaien.
3. Aandrijfas losmaken:
- Inbussleutel (11) eruit trekken. Verwijderen Ga op dezelfde manier te werk bij het aanbrengen, echter de spanmoer (17) met de meegeleverde combisleutel (18) met de klok mee eraf draaien.
6.5 Aan de snoerloze multifunctionele
aandrijving bevestigen Neem de gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving in acht. WAARSCHUWING! Er mag geen verlengstang worden gemonteerd tussen de snoerloze multifunctionele aandrijving en het opzetstuk.
Neem de gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving in acht.
1. Kies de juiste positie, zie hoofdstuk 7.1.
2. Handgreep aanbrengen zoals beschreven in de
gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving. WAARSCHUWING! Draag tijdens het gebruik een oogbescherming. WAARSCHUWING! Voor de ingebruikname en regelmatig tijdens het gebruik: Controleer of het gereedschap veilig is aangebracht op de snoerloze multifunctionele aandrijving. De vleugelschroef moet stevig worden vastgedraaid en de ontgrendelingsknop moet goed zijn vastgeklikt.
7.1 Gereedschap instellen voor de gebruiker
(afb. F) WAARSCHUWING! Gebruik alleen de meegeleverde schouderriem. Gebruik altijd slechts 1 schouderriem.
1. Schouderriem (21) aantrekken. De lengte zo
instellen dat de karabijnhaak (22) zich ongeveer een hand breed onder de heup bevindt.
2. Karabijnhaak inhaken bij het ophangpunt (23).
3. Gereedschap uitbalanceren:
- Schroef van het ophangpunt (23) losmaken. - Ophangpunt zo verschuiven dat de snijdkop (2) in uitgebalanceerde toestand lichtjes op de grond ligt. - Schroef van het ophangpunt weer vastdraaien
4. Handgreep in een comfortabele positie
bevestigen. Zie hoofdstuk 6.7.
7.2 Houd het gereedschap correct vast,
aan- en uitschakelen Controleer voor gebruik of het apparaat correct is aangesloten op de snoerloze multifunctionele aandrijving (neem de gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving in acht). De bediener moet stevig staan en het gereedschap stevig vasthouden. Niet aan de voetbegrenzer (20) vasthouden. Gereedschap met de rechterhand aan de handgreep (24) en met de linkerhand aan de handgreep (25) stevig vasthouden. Zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving aan- en uitschakelen.
De snijdkop (2) altijd dicht bij de grond bewegen. Snijdkop (2) gelijkmatig heen en weer bewegen. Langzaam en voorzichtig naar voren gaan.
7.4 Snijddraad opnieuw instellen
Met draaiend gereedschap de draadkop (19) kort tegen de grond tikken: er wordt ongeveer 3 cm draad aangevoerd. Een te lange draad wordt automatisch afgesneden door de draadafkorter (4). Als de draden direct bij de kop afscheuren of te kort zijn, moeten ze met de hand eruit worden getrokken: WAARSCHUWING! Het accupack verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. Het gereedschap moet stilstaan. - Gereedschap uitschakelen, motor tot stilstand laten komen, accupacks verwijderen. - Kap (7) drukken en gedrukt houden. - Draad met de hand eruit trekken. - Indien de snijddraad op is: zie hoofdstuk 6.3. WAARSCHUWING! Het accupack verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. Het gereedschap moet stilstaan. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherpe snijdrand aan de draafafkorter (4) en het mes (14). Draag veiligheidshandschoenen.
- Na elk gebruik reinigen: verwijder grasresten, bladeren, verontreinigingen en andere afzettingen.
8.2 Transporteren, opbergen
- Het gereedschap voor het opbergen reinigen en onderhoud uitvoeren.
- De snijddraad altijd vochtig houden. Een droge snijddraad scheurt sneller en verslijt sneller. Bijvoorbeeld de snijddraad uit de spoel halen en in een kom met water leggen.
- Controleer dat de machine geen losse of beschadigde onderdelen bezit. Indien noodzakelijk: - Vervang de beschadigde onderdelen. - Draai de schroeven vast. - Indien nodig door een gespecialiseerde werkplaats laten repareren.
- Machine op een droge plek bewaren.
- Zorg ervoor dat kinderen niet in de buurt van de machine kunnen komen.
- Breng de beschermende afdekking aan op het mes alvorens het opbergen en transporteren.
- Voor het transporteren in een veilige positie zekeren. WAARSCHUWING! Het accupack verwijderen. Ongewenst starten kan ernstig letsel veroorzaken. Het gereedschap moet stilstaan. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel door scherpe snijdrand aan de draadafkorter (4) en het mes (14). Draag veiligheidshandschoenen.
9. OnderhoudNEDERLANDSnl
9.1 Algemeen onderhoud
- Controleer de machine voor elk gebruik op beschadigde, ontbrekende of losse onderdelen zoals schroeven, moeren, bouten en doppen.
- Het gereedschap na elk gebruik op beschadiging en slijtage controleren en, indien nodig, in een gespecialiseerde werkplaats laten herstellen.
- Draai alle bevestigingen en doppen goed vast.
- Reinig de machine met een droge doek. Gebruik geen water
- Voer nooit onderhoudswerkzaamheden aan beschadigde accu's uit. Er mag uitsluitend door de fabrikant of erkende servicewerkplaatsen onderhoud aan de accu's worden uitgevoerd.
9.2 Snijddraad vervangen
Zie hoofdstuk 6.3. Bestelnummer zie hoofdstuk 11.
WAARSCHUWING! Een bot of verkeerd geslepen mes (14) verhoogt het gevaar op een terugslag. Een bot geworden mes (14) kan 180° worden gedraaid. Als beide zijden bot zijn, is het aan te bevelen het in een gespecialiseerde werkplaats te laten slijpen en uit te balanceren. Mes regelmatig op beschadiging controleren en, indien nodig, direct in een gespecialiseerde werkplaats laten herstellen.
Om de 40 bedrijfsuren vet door de smeernippel aan de behuizing van de aandrijving bijvullen met een vetspuit: 12 g samengesteld lithiumvet voor hoge temperaturen. Een lichtdiode van de capaciteitsweergave (accupack) knippert. Accupacks zijn leeg. -Accupacks opladen. Gereedschap wordt erg luid. Snijddraad is te kort - Snijddraad opnieuw instellen (zie hoofdstuk 7.4) Alle lichtdioden van de capaciteits- en signaalindicatie (accupack) knipperen. Overbelasting. - Laat het gereedschap afkoelen. - Beweeg langzamer naar voren. Het gereedschap start niet. Het vermogen van de accu is gering. -Accupacks opladen. Het gereedschap trilt zeer sterk. Het mes (14) is niet uitgebalanceerd of versleten. - Mes (14) vervangen. Snijddraad (6) heeft niet dezelfde lengte aan beide zijden. - Snijddraad opnieuw instellen. Zie hoofdstuk (7.4). Het gereedschap stopt tijdens het maaien. Accupacks zijn leeg. -Accupacks opladen. Er is een blokkering opgetreden. - Het accupack verwijderen. Controleer het mes (14) / de draadkop (19). De bedrijfstemperatuur van de machine is te hoog. - Machine laten afkoelen. Bij de bevestiging aan de snoerloze multifunctionele aandrijving kunnen de uiteinden van de stangen niet in elkaar schuiven. - De gebruiksaanwijzing van de snoerloze multifunctionele aandrijving in acht nemen. Gebruik uitsluitend originele Metabo of CAS (Cordless Alliance System) accupacks en toebehoor. Gebruik alleen toebehoor dat voldoet aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken. A Snoerloze multifunctionele aandrijving MA 36- 18 LTX BL Q, bestelnr: 601725850 B Struikgewasmes, 3-vleugelig, Ø 255 mm, incl. beschermende afdekking (als reserve): Bestelnr.: 628432000 C Grasmes, 4-vleugelig, Ø 254 mm, incl. beschermende afdekking: Bestelnr.: 628433000 D Snijddraad Ø 2 mm, golvend: Bestelnr.: 628430000 E Reservedraad ø 2 mm, spiraalvormig: Bestelnr.: 628423000 F complete draadkop (volledige behuizing incl. spoel en snijddraad), (als reserve) Bestelnr.: 628429000 Compleet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus. Reparaties aan elektrisch gereedschap mogen uitsluitend door een erkende elektricien en alleen met originele reserveonderdelen worden uitgevoerd! Neem voor elektrisch gereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com. Lijsten met reserveonderdelen kunt u via www.metabo.com downloaden. Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijke verwijdering en recycling van
afgedankte gereedschappen, verpakkingen en toebehoren. Accupacks mogen niet bij het huisvuil worden gegooid! Lever defecte of afgedankte accupacks in bij de Metabo-handelaar! Accupacks niet in het water gooien. Uitsluitend voor EU-landen: geef uw elek- trisch gereedschap nooit met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/ EG inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving dienen afgedankte elektrische gereed- schappen gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd. Ontlaad eerst het accupack in het elektrisch gereedschap alvorens het af te voeren. De contacten tegen kortsluiting beschermen (bijv. met tape isoleren). Toelichting op de gegevens van pagina 4. Wijzigingen in het kader van technische verbeteringen voorbehouden. Meetgegevens vastgesteld met snoerloze multifunctionele aandrijving MA 36-18 LTX BL. B = maaibreedte H = max. snijddraadlengte
= snijddraad-diameter
= toerental bij onbelast draaien m =gewicht (zonder snoerloze multifunctionele aandrijving, accupack, draagriem) Meetgegevens vastgesteld volgens de norm EN 50636-2-91+EN ISO 22868. Toegestane omgevingstemperatuur tijdens het gebruik: -20 °C tot 50 °C (beperkt vermogen bij temperaturen beneden 0 °C). Toegestane omgevingstemperatuur tijdens de opslag: 0 °C tot 30 °C Toegestane omgevingstemperatuur tijdens het laden: 0°C tot 40°C. Gelijkstroom De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm). Emissiewaarden Deze waarden maken een beoordeling van de emissie van het elektrische gereedschap en een vergelijking van de verschillende elektrische gereedschappen mogelijk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap kan de daadwerkelijke belasting hoger of lager uitvallen. Neem voor de beoordeling werkpauzes en fasen met een lagere belasting in aanmerking. Bepaal op basis van de overeenkomstig aangepaste geschatte waarden maatregelen ter bescherming van de gebruiker, bijv. organisatorische maatregelen. Totale trillingswaarde (vectorsom van drie richtingen):
= onzekerheid (trilling) Typisch A-gekwalificeerd geluidsniveau
WA(G) = gegarandeerd geluidsvermogensniveau conform 2000/14/EG Tijdens het werken kan het geluidsniveau 80 dB(A) overschrijden. Draag gehoorbescherming!
SimpelGids