BR 4735 Esc - Vloerreiniger Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BR 4735 Esc Kärcher in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Vloerreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BR 4735 Esc - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BR 4735 Esc van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING BR 4735 Esc Kärcher
Chairman of the Board of Management Director Regulatory Affairs & Certification 54 IT– 1 Lees vóór het eerste gebruik van uw apparaat deze originele gebruiksaanwijzing, ga navenant te werk en bewaar hem voor later gebruik of voor een latere eigenaar. Voor exploitanten: Vergewis u ervan dat alle gebruikers van dit apparaat vertrouwd zijn met de inhoud van deze gebruiksaanwijzing en met de natio- nale voorschriften inzake arbeidsveiligheid. De gebruikers moeten vakkundig onder- richt zijn over de bediening van het appa- raat. Voor gebruikers: Voordat u het apparaat voor de eerste keer in gebruik neemt, dient u deze gebruiks- handleiding en de bijgevoegde brochure met veiligheidsaanwijzingen voor borstel- reinigingsapparaten 5.956-251.0 te lezen en er nota van te nemen. GEVAAR Voor een onmiddellijk dreigend gevaar dat leidt tot ernstige en zelfs dodelijke lichame- lijke letsels. 몇 WAARSCHUWING Voor een mogelijks gevaarlijke situatie die zou kunnen leiden tot ernstige en zelfs do- delijke lichamelijke letsels. 몇 VOORZICHTIG Verwijzing naar een mogelijk gevaarlijke si- tuatie die tot lichte verwondingen kan lei- den. LET OP Verwijzing naar een mogelijke gevaarlijke situatie die tot materiele schade kan leiden. Beveiligingselementen dienen ter bescher- ming van de gebruiker en mogen niet bui- ten gebruik gesteld worden of in de functie omgaan worden. Het apparaat kan uitsluitend gestart wor- den indien de voetpedaal volledig ingedrukt is. Na het loslaten van het voetpedaal stopt de machine. Door de roltrapreiniger wordt reinigings- vloeistof (uit het schoonwaterreservoir) op de lopende band / roltrap aangebracht. De walsborstels borstelen daarbij de reini- gingsvloeistof tegen de looprichting in de gleuven van de loopband / roltrap. In de- zelfde werkstap wordt de verontreinigde reinigingsvloeistof via opnameborstels in het vuilwaterreservoir van het apparaat ge- zogen. Inhoudsopgave Veiligheidsinstructies. . . . . . . . NL 1 Functie . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 1 Reglementair gebruik . . . . . . . NL 2 Zorg voor het milieu . . . . . . . . NL 2 Elementen voor de bediening en de functies. . . . . . . . . . . . . . . . NL 3 Voor de inbedrijfstelling. . . . . . NL 4 Inbedrijfstelling . . . . . . . . . . . . NL 4 Werking. . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 5 Buitenwerkingstelling . . . . . . . NL 7 Onderhoud . . . . . . . . . . . . . . . NL 8 Vervoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 10 Opslag. . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 10 Hulp bij storingen . . . . . . . . . . NL 11 Technische gegevens . . . . . . . NL 12 Garantie . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 12 Toebehoren en reserveonderde- len . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 12 EU-conformiteitsverklaring . . . NL 13 Veiligheidsinstructies Gevarenniveaus Veiligheidsinrichtingen Voetpedaal Functie 55NL– 2 Dit apparaat is geschikt voor bedrijfsmatig en industrieel gebruik, zoals bijvoorbeeld in hotels, scholen, ziekenhuizen, fabrieken, winkels, kantoorgebouwen en verhuurkan- toren. Gebruik dit apparaat uitsluitend volgens de gegevens in deze gebruiksaanwijzing. – Het apparaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het reinigen van loopvlak- ken van loopbanden en roltrappen. – Dit apparaat is enkel bestemd voor ge- bruik binnen. – De looprichting van de te reinigen in- stallatie moet zodanig ingesteld zijn dat de loopband / roltrap zich van het appa- raat weg beweegt. – Voor de reiniging van roltrappen mag het apparaat alleen aan het onderste uiteinde van de roltrap gebruikt worden. – Het apparaat mag alleen uitgerust wor- den met originele toebehoren en reser- veonderdelen. Aanwijzingen betreffende de inhouds- stoffen (REACH) Huidige informatie over de inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.com/REACH Reglementair gebruik Zorg voor het milieu Het verpakkingsmateriaal is her- bruikbaar. Deponeer het verpak- kingsmateriaal niet bij het huis- houdelijk afval, maar bied het aan voor hergebruik. Onbruikbaar geworden appara- ten bevatten waardevolle mate- rialen die geschikt zijn voor her- gebruik. Lever de apparaten daarom in bij een inzamelpunt voor herbruikbare materialen. Batterijen, olie en dergelijke stof- fen mogen niet in het milieu be- landen. Verwijder overbodig ge- worden apparatuur daarom via geschikte inzamelpunten. 56 NL– 3 1 Duwbeugel 2 Aftapslang schoon water 3 Aftapslang vuil water 4 Netstekker 5 Snoerontlastingshaak 6 Voetpedaal 7 Achterste wielen met vastzethefboom 8 Deksel reservoir vuil water 9 Voorste wielen 10 Vuilwaterreservoir 11 Vulopening verswaterreservoir 12 Pedaal voor het omhoog / omlaag bren- gen van de borstelkop 13 Hendel voor het vergrendelen van de borstelkop 1 Bedrijfsurenteller 2 Weergave pompdruk 3 Apparaatschakelaar 4 Controlelampje "Vuilwaterreservoir vol" 5 Controlelampje "Overbelasting borstel- motor" Elementen voor de bediening en de functies Bedieningspaneel 57NL– 4 Verpakking verwijderen tot op de hou- ten pallet. Duwbeugel in de uitsparingen aan het apparaat plaatsen. Duwbeugel met de 4 bijgevoegde schroeven bevestigen. Afdekking bevestigen. Snoerontlastingshaak in de duwbeugel hangen. Achterste wielen vastzetten, blokken voor de vergrendeling van de wielen verwijderen. Vier gemarkeerde vloerplanken van de pallet zijn met schroeven bevestigd. Schroef deze planken er af. Leg de planken op de kant van de pal- let. Plaats de planken zo, dat ze voor de wielen van het apparaat liggen. Beves- tig de planken met de schroeven. Apparaat langzaam van de losplank schuiven. Instructie: Tijdens de productie is het apparaat ge- spoeld met antivriesmiddel. Voor de eerste inbedrijfstelling moet het antiviesmiddel worden verwijderd. 10 liter vers water in het schoonwater- reservoir vullen. Voetpedaal induwen. Apparaatschakelaar instellen op basis- reiniging. Apparaat laten draaien tot de druk op de manometer daalt. GEVAAR Gevaar voor letsel! Het apparaat kan blij- ven hangen en door de loopband worden meegesleurd. Loopvlakken en groefprofiel voor de reiniging controleren op vervor- ming en geklemde voorwerpen verwijde- Symbolen op het toestel Afvoer vuilwater Afvoer schoonwater Vulopening verswaterreservoir Handrem Voetpedaal Voor het kantelen van het apparaat het schoon- water- en vuilwaterreser- voir legen. Voor de inbedrijfstelling Duwbeugel monteren
Afladen Antivriesmiddel verwijderen Inbedrijfstelling Voorbereiding loopband / roltrap 58 NL– 5 ren. Zorg ervoor dat u voor noodgevallen weet waar de noodstopknop van de loop- band/roltrap zit. Loopband / roltrap ruim afzetten zolang gereinigd wordt en de loopvlakken nog vochtig zijn. Loopband / roltrap inschakelen. Garanderen dat de looprichting van de loopband / roltrap van het apparaat weg loopt. Controleren of kammen en geleiderails van het apparaat afgestemd zijn op het fabrikaat van de loopband / roltrap. In- dien nodig kammen en geleiderails ver- vangen. Deksel van het schoonwaterreservoir openen. Vers water vullen. LET OP Beschadigingsgevaar. Gebruik uitsluitend aanbevolen reinigingsmiddelen. Bij gebruik van andere reinigingsmiddelen draagt de exploitant het verhoogde risico wat betreft de bedrijfsveiligheid en het ongevalgevaar. Gebruik enkel reinigingsmiddelen die vrij zijn van oplosmiddelen, zout- en fluorzuut. Veiligheidsinstructies op de reinigingsmid- delen in acht nemen. Instructie: Gebruik geen sterk schuimende reinigings- middelen. Vullen met reinigingsmiddel. Deksel van het schoonwaterreservoir sluiten. Apparaat voor het bordes van de loop- band / roltrap rijden. GEVAAR Verwondingsgevaar! – Apparaat niet op hellende vlakken ge- bruiken. – Alleen met één voet op het voetpedaal drukken. De andere voet moet stabiel op de bodem blijven staan. – Duwbeugel steeds met minstens een hand vasthouden. – Loszittende kledingstukken of sieraden kunnen worden gegrepen door bewe- gende onderdelen van de loopband/rol- trap. Verwijder daarom alle sieraden en draag nauwsluitende kleding en veilig- heidsschoenen. De reinigingsduur is afhankelijk van de ver- vuilingsgraad en wordt onderverdeeld in drie soorten. Droogzuigen van de reeds gereinigde loop- band / roltrap. Reiniging van licht vervuilde loopbanden / roltrappen (in de regel volgens korte, regel- matige intervallen). In die instelling werkt het apparata met een beperkte waterhoe- veelheid. De waterpomp klokt. Reiniging van sterk vervuilde loopbanden / roltrappen (in de regel indien gedurende een lange periode niet werd gereinigd). Bij- zonder sterk vervuilde zones moeten ma- nueel voorgereinigd worden. Voorbereiding apparaat Werking Soorten reiniging Droogzuigen Onderhoudsreiniging Basisreiniging 59NL– 6 – Grof, los vuil eerst met de hand verwij- deren. – Vastzittende voorwerpen (bijv. stenen) uit de gleuven van het loopvlak verwij- deren. – Kopvlakken van de treden van roltrap- pen met de hand reinigen. – Loopvlakken in overlappende banen reinigen. Daartoe het apparaat uit de werkpositie nemen en zijdelings ver- plaatsen. – Loopvlakken tijdens de reiniging obser- veren. Ze moeten vochtig maar niet nat zijn. Er mag geen schuim achterblijven. – Eerst vochtig (met reinigingsvloeistof), dan droog (apparaatschakelaar op droogzuigen) reinigen. – Tenslotte een keer met zuiver water rei- nigen om de resten van de reinigings- vloeistof te verwijderen. GEVAAR Gevaar voor letsel en elektrische schok! De verlengkabel moet zodanig worden gelegd, dat de kabel niet geklemd of geplet kan ra- ken en geen struikelgevaar bestaat. Steek de netstekker in de contactdoos. Einde van het verlengingssnoer als lus in de snoerontlastingshaak hangen. Achterste wielen arrêteren. Apparaat zodanig op het bordes schui- ven dat de voorste wielen het eerste loopvlak van de lopende band / roltrap niet raken. Pedaal voor het omlaag brengen van de borstelkop induwen. Borstelkop wordt neergelaten en hendel voor de vergrendeling klikt vast. Voetpedaal met één voet induwen en daarbij het apparaat zijdelings wat heen en weer bewegen. Het apparaat cen- treert zich in de gleuven van de loop- vlakken, daarna is een ruisen hoorbaar. GEVAAR Gevaar voor letsel! Het apparaat mag niet verder dan onderaan vermeld op de roltrap worden schoven. Anders bestaat het ge- vaar dat het apparaat door de roltrap wordt meegesleurd. Druk bij gevaar meteen op de noodstopknop. De reinigingskop moet vlak op de roltrap liggen. Apparaatschakelaar op onderhoudsrei- niging of basisreiniging zetten. Apparaat start. Instructies voor de reiniging Reinigingswerking 60 NL– 7 Instructie: Als het vuilwaterreservoir vol is, schakelt het apparaat uit. Om het apparaat weer in bedrijf te stellen, de vuilwaterreservoir leegmaken en apparaatschakelaar kort- stondig op 0“ plaatsen. Reiniging uitvoeren tot de loopband / roltrap 1 tot 2 cycli uitgevoerd heeft. Vervolgens het apparaat zijdelings ver- plaatsen en een nieuwe reinigingspro- ces starten. Apparaatschakelaar op stand Droog- zuigen zetten. Droogzuigen wordt ge- activeerd. Pompdruk laten zakken tot 0 bar. Apparaatschakelaar op „0“ stellen. Voetpedaal ontlasten. Pedaal voor het omhoog brengen van de borstelkop induwen. Borstelkop wordt omhoog gebracht. Apparaat zijdelings verplaatsen. Pedaal voor het omlaag brengen van de borstelkop induwen. Borstelkop wordt neergelaten en hendel voor de vergrendeling klikt vast. Voetpedaal induwen en apparaat in gleuven van de loopvlakken centreren. Apparaatschakelaar op onderhoudsrei- niging of basisreiniging zetten. Tenslotte een keer met zuiver water rei- nigen om de resten van de reinigings- vloeistof te verwijderen. GEVAAR Gevaar voor letsel! Voor het bijvullen van de reinigingsvloeistof moet het apparaat steeds van de werkpositie zijn weggere- den. Apparaatschakelaar op stand Droog- zuigen zetten. Droogzuigen wordt ge- activeerd. Pompdruk laten zakken tot 0 bar. Apparaatschakelaar op „0“ stellen. Voetpedaal ontlasten. Hendel voor het vergrendelen en pe- daal voor het optillen van de borstelkop bedienen. Borstelkop wordt omhoog gebracht. Achterste wielen loszetten. Apparaat uit de werkpositie en van het bordes wegrijden tot het op vaste bo- dem staat. Netstekker uittrekken. Resterende reinigingsvloeistof aflaten en verwijderen. Vuil water aftappen en verwijderen. Apparaat aan de binnen- en buitenkant reinigen. Reservoirs met zuiver water spoelen. Apparaat alleen in een vorstvrije ruimte en op effen, propere bodem plaatsen. Achterste wielen arrêteren. Afzetting van de loopband / roltrap pas wegnemen als de volledige werkzone droog is. Bij nattigheid op de loopband / roltrap bestaat ongevallengevaar door uitglijden. Apparaat zijdelings verplaatsen Buitenwerkingstelling Reiniging beëindigen Apparaat uitzetten 61NL– 8 GEVAAR Gevaar voor letsel! Voor alle werkzaamhe- den aan het apparaat: Apparaatschakelaar op „0“ stellen. Netstekker uittrekken. Achterste wielen arrêteren. Resterende reinigingsvloeistof aflaten en verwijderen. Vuil water aftappen en verwijderen. LET OP Beschadigingsgevaar! Apparaat niet met water afspuiten en geen agressief reini- gingsmiddel gebruiken. Apparaat aan de buitenkant met een vochtige, in mild zeepsop gedrenkte doek reinigen. Vuilwaterreservoir aan de binnenkant schoonvegen. Pluizenzeef reinigen. Om verschillende controle- en onderhouds- werkzaamheden te kunnen uitvoeren, moet de roltrapreiniger aan de onderkant toe- gankelijk zijn. Apparaat samen met een tweede per- soon naar voren kantelen tot het op het voorste behuizingsvlak staat. Sproeibeeld van de sproeiers controle- ren. Zuigstukken controleren op verontreini- ging. Noodstopfunctie van de voetpedaal controleren. Voetpedaal induwen, apparaatschake- laar op droogzuigen zetten, apparaat moet starten. Voetpedaal loslaten, ap- paraat moet stoppen. Reparatie alleen laten uitvoeren door de klantendienst. Vergrendeling van de achterste wielen controleren. Reparatie alleen laten uitvoeren door de klantendienst. Controleren op slijtage: Walsborstels, opnameborstels, kam- men, geleiderails, slangen, stoppers en voorste wielen. Stoppers en voorste wielen indien nodig alleen door de klan- tendienst laten vervangen. Stroomkabel en stekker controleren op beschadiging en breuk. Vervanging uit- sluitend door de klantendienst of een electricien laten uitvoeren. Alle bevestigingsonderdelen controle- ren op stabiliteit. Aandrijfriem laten controleren op span- ning en slijtage (klantendienst). Plaatafdekking met ronde binnenzes- kantsleutel (Torx) losschroeven. Onderhoud Apparaat reinigen Onderhoudsintervallen Apparaat in de onderhoudspositie kantelen Dagelijks voor gebruik Na 100 bedrijfsuren Onderhoudswerkzaamheden Pluizenzeef reinigen
62 NL– 9 Instructie: In de houder van de afstapslang voor het afvalwater bevindt zich een inbussleutel (Torx). Pluizenzeef reinigen. Plaatafdekking aanschroeven. Alle 4 schroeven uitdraaien en lager- deksel wegnemen. Walsborstels (groot) en opnamebor- stels (klein) uittrekken en vervangen (zeskantopnamen van de borstels in acht nemen!). Kammen en zuigstukken bij die stap eveneens controleren en indien nodig vervangen of reinigen. Kammen uittrekken en vervangen. Daartoe de inlooplammen op de smalle en de uitloopkammen op de brede rail schuiven. Verontreinigingen uit de zuigstukken trekken, er niet induwen. Walsborstels en opnameborstels vervangen
Kammen vervangen Zuigstukken reinigen 63NL– 10 Bevestigingsschroeven van de houder voor de geleiderail losdraaien. Geleiderail demonteren. Montage van de nieuwe geleiderail in de omgekeerde volgorde. Letten op stabiliteit. Wartelmoer losdraaien. Sproeier, dich- tingsring en zeef eruitnemen. Sproeier reinigen of nieuwe sproeier in de wartelmoer plaatsen. Dichtingsring en zeef plaatsen en war- telmoer met de hand aanspannen. Beschermers met een schroevendraai- er losschroeven en vervangen. GEVAAR Gevaar voor letsel! Rijd niet op hellingen van meer dan 5°. Apparaat nooit transpor- teren op roltrappen/loopbanden. 몇 VOORZICHTIG Verwondings- en beschadigingsgevaar! Neem bij het transport het gewicht van het apparaat in acht. Achterste wielen arrêteren. Apparaat met spanriemen en kabels beveiligen tegen verschuiven. 몇 VOORZICHTIG Gevaar voor lichamelijk letsel en beschadi- ging! Let op het gewicht van het apparaat bij opslag. Het apparaat mag alleen binnen worden opgeborgen. Geleiderail vervangen Sproeiers en filter voor reinigingsvloeistof controleren Beschermers vervangen Vervoer Opslag 64 NL– 11 GEVAAR Gevaar voor letsel! Voor alle werkzaamhe- den aan het apparaat: Apparaatschakelaar op „0“ stellen. Netstekker uittrekken. Achterste wielen arrêteren. Resterende reinigingsvloeistof aflaten en verwijderen. Vuil water aftappen en verwijderen. Hulp bij storingen Storing Oplossing Motor/pomp start niet of scha- kelt tijdens de werking zelfstan- dig uit. Vuilwaterreservoir vol, leegmaken. Voetpedaal induwen. Controlelampje "Vuilwaterreser- voir vol" brandt. Vuilwaterreservoir vol, leegmaken. Arbeidsdruk van minimum 3 bar wordt niet bereikt. Indien het schoonwaterreservoir leeg is, volledig vullen (35 liter). Leidingsysteem op ondichtheden controleren. Indien no- dig de klantendienst contacteren voor het afdichten. Sproeiers controleren. Pomp door de klantendienst laten reinigen. Gereinigde loopvlakken zijn te nat. Kammen op slijtage controleren, indien nodig vervangen. Afdichting van het deksel van het vuilwaterreservoir con- troleren op beschadiging, indien nodig vervangen. Opnameborstels op slijtage controleren, indien nodig ver- vangen. Zuigstukken en zuigslangen op verstopping controleren, indien nodig reinigen. Controleren of het deksel van het vuilwaterreservoir vol- ledig gesloten is. Controleren of de juiste kammen gemonteerd zijn. Gereinigde loopvlakken zijn niet proper. Sproeiers voor reinigingsvloeistof controleren op verstop- ping, indien nodig reinigen of vervangen. Afdichting van het deksel van het vuilwaterreservoir con- troleren op beschadiging, indien nodig vervangen. Walsborstels en opnameborstels op slijtage controleren, indien nodig vervangen. Reinigingsmiddel controleren. Concentratie van de reini- gingsoplossing controleren. Opnameborstels op slijtage controleren, indien nodig ver- vangen. Controleren of het deksel van het vuilwaterreservoir vol- ledig gesloten is. Controleren of de juiste kammen gemonteerd zijn. Controlelampje "Overbelasting borstelmotor" brandt. Apparaatschakelaar op „0“ zetten, vervolgens opnieuw in de gewenste stand draaien. Indien de storing vaker op- treedt, klantendienst raadplegen. Banden of snoeren van borstels verwijderen. 65NL– 12 In ieder land zijn de door ons bevoegde verkoopkantoor uitgegeven garantiebepa- lingen van toepassing. Eventuele storingen aan het apparaat verhelpen wij zonder kos- ten binnen de garantietermijn, mits een ma- teriaal of fabrieksfout de oorzaak van deze storing is. Neem bij klachten binnen de ga- rantietermijn contact op met uw leverancier of de dichtstbijzijnde klantenservicewerk- plaats en neem uw aankoopbewijs mee. Gebruik alleen origineel toebehoren en ori- ginele reserveonderdelen. Deze garande- ren dat het apparaat veilig en zonder storin- gen functioneert. Informatie over het toebehoren en de re- serveonderdelen vindt u op www.kaercher.com. Technische gegevens Capaciteit Nominale spanning V 220-240 Frequentie Hz 50/60 Stuurspanning V 12 Nominaal vermogen (max.) W 1400 Vermogen zuigmotor W 800 Vermogen borstelmotor W 600 Veiligheidsklasse IPX4 Pompdruk bar 3-4 Waterverbruik l/h 25-50 Toerental walsborstel 1/min 870 Toerental opnamebor- stel 1/min 1090 Maten en gewichten Werkbreedte mm 470 Breedte mm 480 Lengte mm 1150 Hoogte met duwbeugel mm 1050 Hoogte zonder duw- beugel mm 760 Volume reservoirs schoon/vuil water l 35/35 Transportgewicht kg ca. 90 Toelaatbaar totaalge- wicht kg ca. 125 Berekende waarden volgens EN 60335- 2-72 Totale bewegingswaar-
0,3 Onzekerheid K m/s
dB(A) <75 Onzekerheid K
dB(A) 90 Garantie Toebehoren en reserveonderdelen 66 NL– 13 Hierbij verklaren wij dat de hierna vermelde machine door haar ontwerp en bouwwijze en in de door ons in de handel gebrachte uitvoering voldoet aan de betreffende fun- damentele veiligheids- en gezondheidsei- sen, zoals vermeld in de desbetreffende EU-richtlijnen. Deze verklaring verliest haar geldigheid wanneer zonder overleg met ons veranderingen aan de machine worden aangebracht. De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie. Documentatieverantwoordelijke: S. Reiser Alfred Kärcher SE & Co. KG Alfred-Kärcher-Straße 28-40 71364 Winnenden (Germany) Tel.: +49 7195 14-0 Fax: +49 7195 14-2212 Winnenden, 2019/05/01 EU-conformiteitsverklaring Product: Rulletrappvasker Type: 1.310-xxx Van toepassing zijnde EU-richtlijnen 2006/42/EG (+2009/127/EG) 2014/30/EU Toegepaste geharmoniseerde normen EN 55014–1: 2006+A1: 2009+A2: 2011 EN 55014–2: 2015 EN 60335–1 EN 60335–2–72 EN 61000–3–2: 2014 EN 61000–3–3: 2013 EN 62233: 2008 Toegepaste landelijke normen
Notice-Facile