KM 130300 R D Classic - Veegmachine Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KM 130300 R D Classic Kärcher in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KM 130300 R D Classic Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Veegmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KM 130300 R D Classic - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KM 130300 R D Classic van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING KM 130300 R D Classic Kärcher
Algemene aanwijzingen. . . . . NL 1
Zorg voor het milieu. NL 1
Garantie .NL1
Accessoires en reserveon
derdelen. NL 1
Symbolen in de gebruiks
aanwijizing .NL 1
Symbolen op het apparatusat NL 1
Reglementair gebruik . . . . . . NL 2
Voorzienbaar verkeerd ge-
bruik .NL 2
Geschikte ondergronden NL 2
Veiligheidsinstructies. . . . . . . NL 2
Veiligheidsinstrcties voor
debediening .NL2
Veiligheidsinstructures voor
derijmodus NL2
Apparaten met verbran
dingsmotor .NL 2
Apparaten met hoge afvoer NL 2
Apparaten met bestuurders
beschermingsdak. . . . . . NL 2
Veiligheidsinstructies over
het transport van het appa-
raat. NL 3
Veiligheidsinstructies over
verzorging en onderhoud NL 3
Functie. NL 3
Instructiesinzakeuitladen..NL3
Elementen voor de bediening en
de functies. NL 4
Afbeelding veegmachine NL 4
Bedieningsveld. . . . . . NL 4
Pedalen..NL4
Controleampjes en display NL 4
Voor de inbedrijfstelling. . . . . . NL 5
Parkeerrem vergrendelen/
loszetten. NL 5
Veegmachine zonder zich-
aandrijving bewegen . . . NL 5
Veegmachine met zelfaan
driying bewegen..NL5
Inbedrijfstelling. NL 5
Algemene aanwijzingen. NL 5
Controle- en onderhouds
werkzaamheden..NL5
Tanken.. NL 5
Werking. NL 5
Chauffeursstoel instellen NL 5
Apparaat starten . . . . . . NL 5
Apparaat verrijden . . . . NL 5
Veegbedrijf. NL 6
Veeggoedcontainer leegma
ken .NL 6
Apparaat uitschakelen..NL 6
Transport . NL 7
Opslag/stillegging .NL7
Onderhoud.. NL 7
Algemene aanwijzingen. NL 7
Reiniging .NL7
Onderhoudsintervallen..NL7
Onderhoudswerkzaamhede
n..NL7
Hulp bij storingen. NL 13
EU-conformiteitsverklaring . . . NL 15
Lees voor het eerste gebruik van uw apparaat deze originele
gebruiksaanwijzing, ga navenant te werk en bewaar hem voor later gebruik of voor een latere eigenaar.
Algemene aanwijzingen
Als u bij het uitpakken transportschade constasteert, neem dan contact op met uw distributeur.
- De op het apparaat aangebrachte waarschuwings- en aanwijzingsborden geben aanwijzingen voor gebruik zonder gevaar.
- Naast de aanwijzingen in de gebruksaanwijzingen要去en de algemene voiligheidsvoorschriften en voorschriften ter vermijding van ongevallen van de wetgeber in acht genomen worden.
Zorg voor het milieu

Het verpakkingsmaterial is herbruikbaar. Deponeer het verpakkingsmaterial Niet bij het huishoudelijk afval, maar bied het aan voor hergebruik.

Onbruikbaar geworden appar
aten bevatten waardevolle materi
alen die geschikt zich voor recyc
cling. Lever ze.darom in voor
hergebruik.Verwijder afgedankte
apparaten daemon via waarvoord
geeigende verzamelsystemen.
Motorolie, diesel en benzine mogen nicht in het milieu terechtkomen. Bescherm de bodem en verwijder oude olie op milieuvriendelijkke wijze.
Aanwijzingen betreffende de inhoudsstoffen (REACH)
Huidige informatatie over de inhoudsstoffen vindt u onder:
In ieder land+zijn de door ons bevoegde verkoopkantoor uitgegeven garantiebepalingen van toepassing. Eventuele storingen aan het apparaat verhelpen wij zonder kosten binnen de garantietermijn, mits een materiaal of fabrieksfout de oorzaak van deze storing is. Neem bij klachten binnen de garantietermijn contact op met uw leverancier of de dichtstbijzijnde klantenservicewerkplaats en neem uw aankoopbewijs mee.
Accessoires en reserveonderdelen
△GEVAAR
Om risico 's te vermijden, mogen reparations en het verrangen van onderdelen aan het apparaat alleen worden uitgevoerd door een erkende klantendienst.
- Er mogen alleen toebehoren en onder-delen gebruikt worden, die door de fabrikant zich goedgekeurd. Origineel toebehoren en originele onderdelen staan er borg voor dat het apparaat veilig en storingsvrij gebruikt kan worden.
- Verdere informatatie over reserveonder-delen vindt u op www.kaercher.com bij Service.
Symbolen in de gebruiksaanwijzing
GEVAAR
Waarschuwt voor een direct dreigend gevaar, dat tot ernstige lichamelijkke letsels of de dood leidt.
WAARSCHUWING
Waarschuwt voor een möglichk gevaarlijke situatie, die tot ernstige lichamelijk hetsels of de dood zou konnen leiden.
VOORZICHTIG
Verwijzing maar een möglichk gevaarlijke situation, die tot lichte letsels of materiele schades kan leiden.
LET OP
Verwijzing maar een möglichke gevaarlijke situatie die tot materiele schade kan leiden.
Symbolen op het apparaat
| Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken! Laat de uitlaatinstallatie voldoende afkoelen voordat u aan het apparaat begint te werken. | |
| Werkzaamheden aan het ap- paraat altijd met geschikte handschoenen uitvoeren. | |
| Knelgevaar door vastklem- men:tussen bewegende voertuigonderdelen | |
| Verwondingsgevaar door be- wegende onderdelen. Niet erin grijpen. | |
| Brandgevaar! Geen brand- dende of glimmende voor- werpen opzuigen. | |
| Kettingopname / kraanpunt | |
| Opnamepunt voor krik | |
| Maximale helling van de on- dergrond bij ritten met opge- tild veeggoedreservoir. | |
| In de rijrichting mag u slechts stijgingen tot 18% nemen. | |
| Beschadigingsgevaar! De Stofffilter Niet uitwassen. |
De veegmachine is voorzien voor de reining van vloeroppervlakken voor industrieel gebruik en onder andere voor de volgende toepassingsgebieden:
- parkings;
productie-installations;
logistieke bereiken;
hotels;
kleinhandel;
magazijnen;
voetpaden.
Gebruik deze veegmachine uitsluitend volgens de gegevens in deze gebruiskaanwijzing.
leder daarboven uitgaand gebruik geldt als Niet volgens de voorschriften. Voor hieruitresulterende schades is de fabrikant Niet aansprakelijk, het risico hiervoor draagt alleen de gebruiker.
Er mogen aan het apparaat geen wijzigingen worden aangebracht.
Deveegmachine is enkel geschikt voor de in de gebruiksaanwijzing aangegeven vloeroppervlakken.
Er mag alleen gereden worden op de door de ondernemer of diens gemachtigde voor het machinegebruik vrijgeveven oppervlakken.
Over het algemeen geldt: Licht ontvlambare stoffen uit de buurt van het apparaat honden (explosion-/brandgevaar).
Voorzienbaar verkeerd gebruik
Nooit explosieve vloeistoffen, brandbare gassen of onverdunde zuren en oplosmiddelen opvegen/opzuigen! Daartoe behoren benzine, verfverdunner of stookolie die door verwerveling met de zuiglucht explosieve dampen of mengsels kunnen vormen, verder aceton, onverdunde zuren en oplosmiddelen omdat zij op het apparaat gebruekte materialen aantasten.
Nooit reactieve metaalstoffen (bijv. aluminium, magnesium, zink) opvegen/opzuigen, ze vormen in verbinding met sterk alkalische of zure reinigingsmiddelen explosieve gassen.
Geen brandbare of glimmende voorwerpen opvegen/opzuiigen.
Het apparatus is nicht geschikt voor het opvegen van stoffen die schadelijk zijn voor de gezondheid.
Het apparaat mag nicht in gesloten ruimtes gebrukt worden.
Het verwlij in de gezavenzone is verboden. Niet gebruiken in ruimtes met ontploffingsgevaar.
Het meenemen van begeleidende personen is Niet toegestaan.
Het is nicht toegestaan om met dit appar-. raat voorwerpen te verschuiven of te transporteren.
Geschikte ondergronden
■ Asfalt
Industriebloer
E
Beton
■ Klinkers
Veiligheidsinstructies
Veiligheidsinstrumentes voor de bediening
Het apparaat met de werkinstallations要去 voor gebruik gecontroleerd worden op deugdelijkheid en bedrijsveiligheid. Indien zich Niet in goede staat verkeren, mag u de apparatuur Niet gebruiken.
Bij gebruik van het apparaat in gevaarlijke omgevingen (bijvoorbeeld tankstations)要去en de overeenkomstige veiligheidsvoorschriften in alot genomen worden. Niet gebruiken in ruimtes met ontploffingsgevaar.
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Gebruik het apparaat Niet zonder bescherming gegen vallende voorwerpen in bereiken waar de möglichkheid bestaat dat de bediener worden geraakt door vallende voorwerpen.
Degene die het apparaat bedient dient het te gebruiken volgens de voorschriften. Deze dient rekening te houden met deplaatselijke omstandigheden en bij het werken met het apparaat te letten op derden, special op kinderen.
De voor motorrijtuigen voorgeschreven maatregelen, regels en verordeningen dienen.altijd te worden opgevolgd.
Voor de aanvang van de werkzaamheden要去 bediener zich ervan vergewissen dat alle veiligheidsinrichtingen volgens de voorschriftenং en aangebracht en functioneren.
De bediener van het apparaat is verantwoordelijk voor ongevallen met andere personen of hun eigendom.
Erop letten dat de bediener nauw aansluitende kledij draagt. Stevig schoeisel dragen en losse kledij vermijden.
Voor het starten de onmiddelijkke omgeving van het apparaat controleren (bv. kinderen). Letten op voldoende zichtaarheid!
Het apparatus mag nooit onbeheerd worden achtergelaten zolang de motor nog draait. De bediener mag het apparatus pas verlaten, als de motor is uitgezet, het apparatus against onbedoelde bewegingen is beveiligd en de contact-sleuteluit het contact is gehaald.
Om onbevoegd gebruik van het apparaat te voorkomen, dient men de contactseutel te verwijderen.
Het apparatus mag alleen door personen worden gebruikt die voor de omgang ermee+zijn opgeleid of hun vaardigheden in het bedieren hebben aangetoond en uitrukkelijk de opdracht hebben gekreten voor het gebruik.
Dit apparaat is Niet ervoor gedacht, door personen (inclusieve kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke möglichkheden of door gebrek aan ervaring en/of door gebrek aan kennis te worden benut, tenzij deze personen door personen worden geobserveerd die voor hun veriligheid verantwoordelijk zijn of door deze hun instructies hebben vergkreten, hoe het apparaat dient te worden gezruikt.
Over kinderen dient toezicht te worden gehonden, om te waarborgen dat ze Niet met het apparaat spelen.
Veiligheidsinstrumentes voor de rijmodus
△GEVAAR
Ongevalgevaar, verwondingsgevaar!
De rijnselheid要去 aan de omstandig heden van dat moment aangepast worden.
Kantelgevaar bij de sterke hellingen.
In de rijrichting mag u slechts stijgingen tot 18% nemen.
Kantelgevaar bij onstabile ondergrond.
Het apparaat uitsluitend op bevestigde ondergrond bewegen.
Kantelgevaar bij de zijwaartse hellingen.
Dwars op de rijrichting alleen hellingen tot maximaal 10% berijden.
Apparaten met verbrandingsmotor
△Gevaar
Verwondingsgevaar!
De uitlauf mag nicht geblokkeerd worden.
Niet over de uitlaat buigen of deze aanraken (verbrandingsgevaar).
Aandrifmotorietaanrakenofvastpakken (verbrandingsgevaar).
Uitlaatgassen zich schadelijk voor de gezondheid, zeogensniet worden ingeademd.
De motor heeft ca. 3 - 4 seconden na-loop nodig na het uitzetten. In dezeijd absolututuit de buurt blijven van het aandrijbereik.
Apparaten met hoge afvoer
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Til het vuilreservoir bij werkzaamheden aan de hoge afvoer volledig op en beveilig het.
Voer de beveiliging enkel UIT buiten deGeVarenzone.
Apparaten met bestuurdersbeschermingsdak
OPMERKING
Het bestuurdersbeschemingsdak (optionel) biedt bescheming gegen große, valende delen. Het biedt darüber keinitel beschemming!
Veiligheidsinstructures over het transport van het apparatus
Neem het leeggewicht (transportgewicht) van het apparaat bij het transporteren op aanhangwagens of voertuigen in acht.
Klem voor het transport van het apparaat de batterij af en zet het apparaat veilig vast.
Veiligheidsinstructures over. verzorging en onderhoud
Voor reinigings- en onderhoudswerkzaamheden van het apparaat, het verwangen van onderdelen of het ombuwen voor een andere functie dient het apparaat te worden uitgeschakeld en de contactsleutel te worden verwijderd.
Bij werkzaamheden aan de elektrische installmentie要去 Batterij afgeklemd worden.
Het schoonmaken van het apparaat mag Niet met een waterslang of hoge- drukstraal gebeuren (gevaar van kortsluiting of andere schades).
Reparaties mogen uitsluitend door goedgekeurde klantenservicewerkplaatsen of door vaklui voor dit gebied worden uitgevoerd die met de betreffende veiligheidsvoorschriften vertrouwd zich.
Veiligheidscontrole volgens deplaatselijk geldige voorschriften voor vanplaats veranderlijke, industrieel benutte apparaten opvolgen.
Werkzaamheden aan het apparaat al-tijd met geschikte handschoenen uitvoeren.
Functie
De veegmachine werkt volgens het veeg-schoeeprincipe.
- De roterende keerrol transporteert het vuil direct maar het veeggoedreservoir.
- De zijbezem reinigt hoeken en kanten van het veegoppersvlak en transporteert het vuil in de baan van de keerrol.
-Het fijnstof wordt via de stoffilter door de zuigturbine wegsezogen.
Instructies inzake uitladen
△GEVAAR
Verwondings- en beschadigingsgevaar!
Gewicht van het apparaat bij het verla den in acht nemen!
Gebruik geen vorkhefttruck, het apparat zou beschadigd;kennen worden.
Leeggewicht (zonderaanbouw-sets) 920 kg*
- Indien aanbouwsets gemonteerd zijn, is dat gewicht overeenkomstig hoger.
Bij het verladen van het apparaat moet een geschikt platform of een kraan gebruikt worden!
Bij het gebruik van een losplank moet het volgende in acht genomen worden: Bodemvrijheid 70mm.
Elementen voor de bediening en de functies






Afbeelding veegmachine
Bedieningsveld Pedalen
Afbeelding A
1Tanksluiting
2 Stoel (met zitcontactschakelaar)
3 Stuarwiel
4 Centrifugaalseparator
5 Vergrendeling apparaatkap
6 Apparaatkap
7 Zijbezem, rechts
8 Voorwiel
9 Toegang keerrol
10 Vastosjorpunt
11 Typeplaatje
12 Zwaallicht
13 Apparaatkap rechts
14 Afdekking, rechts
15 Achterwandbekleding
16 Achterwiel
17 Afdekking, links
18 Kap links (motorkap)
Optionele utrusting
| Bestuurdersbescher-mingsdak | 2.851-691.0 |
| Werkverlichting 2.851-279.0 | |
| Zijbezem, links 2.851-272.0 |
Afbeelding
1 Bedieningshendel
Veegwals optillen/neerlaten
2 Bedieningshendel
Veeggoedcontainer omhoog/omlaag brengen
3 Bedieningshendel
Zijbezem optillen/neerlaten
4 Bedieningshendel
Reservoirklepopen/sluiten
5 Controleampjes en display
6 Schakelaar blazer en filterreiniging Stand centraal: filterreiniging en blazer uit Stand achteraan: blazer in Stand vooraan: filterreiniging in
7 Schakelaar claxon
8 Zekeringen
9 Contactslot Symbool verwarmingsspiraal: Voor-gloeien Stand 0: Motor uitschakelen
Stand 1: Ontsteking aan
Stand 2: Motor starten
10 Regeling motortoerental Goshefboom
11 Parkeerrem
Afbeelding
1 Rempedaal
2 Gaspediaal voor-/achteruit
Controleampjes en display
Afbeelding
1 Bedrijfsurenteller
2 Waarschuwingslampje laden
3 Waarschuwingslampje oiedruk
4 Waarschuwingslampje koelwatertemperatuur
5 Aangezogen motorlicht
6 Waarschuwingslampje brandstofreserve
7 Controleampje voorgloeien
8 Controleampjes (niet aangesloten)
9 Controleampje standlicht/dimlicht (optie)
10Tankweergave
11 Zonder functie, brandt enkel bij het starten van de motor (zelftest)
12 Zonder functie
13 Zonder functie
14 Zonder functie
Voor de inbedrijfstelling
Parkeerrem vergrendelen/loszetten
Parkeerrem loszetten, waar bij rempe-daal induwen.
Parkeerrem vergrendelen, waar bij rem-pedaal induwen.
Veegmachine zonder zelfaandrijving bewegen

1 Stand vrijloophendel bovenaan - apparaat kan verschoven.
Motorafdekking openen.
Vrijloophendel (rood) in de bovenste stand draaien.
LETOP
Beweeg de veegmachine zonder eigenaandrijving Niet over lange afstanden en Niet sneller dan 10km / h
Na het verplaatsen, vrijloophendel weer terugdraaien.
Veegmachine met zelfaandrijving bewegen

1 Stand vrijloophefboom omlaag - apparaat is rijklaar
Draai de vrijloop van de hydraulische pomp na het verschuiven van de machine opnieuw met de klok mee tot de aanslag terug.
Inbedrijfstelling
Algemene aanwijzingen
Voor de inbedrijfstelling de gebruiks-aanwijzing van de motorfabrikant lezen en in het bijzonder de veiligheidsin-structies in acht nemen.
Veegmachine op een egaal oppervlak neerzetten.
Contactsleutel uitnemen.
Parkeerrem vastzetten.
Controle- en onderhoudswerkzaamheden
Dagelijks voor het bedrijfsbegin
Vloeistofpeil van de brandstoftank controeren.
Motoroliepeil controleren.
Controller het vulniveau in het koelmiddel-compensatievat.
Keerwals en zijborstel controlleren op slijtage en in elkaar gewikkelde banden.
Wielen controlleren op in elkaar gedraaide banden.
Centrifugaalseparator en luchtfilter controeren, zo nods reinigen.
Werking van alle bedieningsonderdelen controleren.
Apparaat op beschadigingen controle- ren.
Stoffilter met de toets Filterreiniging rei-nigen.
Instructie: Beschrijving zie hoofdstuk Reparations en onderhoud.
Tanken
△GEVAAR
Explosiegevaar!
Uitsluitend de in de gebruiksaanwijzing aangegeven brandstof mag worden gebruikt.
Niet in gesloten ruimtes tanken.
Roken en open vuur is verboden.
Let erop dat er geen brandstof op hete oppervlakken komt.
Brandstofinhoud aan de tankweergave controleren.
Motor uitzetten.
Tankdopopenen.
Diesel tanken.
Overgelopen brandstof wegvegen en vuldop van brandstoffank sluiten.
Werking
Chauffeursstoel instellen

1 Hefboom stoeilverstelling
2 Bestuurdersstoel
Hefboom stoelverstelling maar buiten trekken.
Stoel verschuiven, hefboom loslaten en vastzetten.
Door vooruit- en terugbewegen van de stoel controeren of hij vast zit.
Apparaat starten
Instructie: Het apparaat is uitgerust met van een zitcontactschakelaar. Bij het verlaen van de chauffeursstoel worden het apparaat uitgeschakeld.

1 Parkeerrem
2 Regeling mortoerental
Op de chauffeursstoel plaatsnemen.
Parkeerrem vastzetten.
Regeling motortoerental 1/3 maar voren schuiven.
Voorgloeien
Contactsleutel in het contactslot steken.
Contactsleutel in positie,Verwarmingspiraal"draaien. Voorgloeilamplicht op.
Motor starten
Om de motor te starten, moet het rempedaal ingedrukt worden.
Wanner de voorgloeilamp uitgaat, de contactsleutel op positie "I" draaien.
Is het apparaat gestart, dan contact-sleutel loslaten.
Instructie: De startmotor nooit langer dan 10 seconden gebruiken. Voor het opnieuw gebruiken van de startmotor minstens 10 seconden wachten.
Apparaat verrijden

1 Rempedaal
2 Rijpedaal "vooruit"
3 Rijpedaal "achteruit"
Schuif de toerentalregeling van de mot- tor helemaal aan voren (bedrijfstoeren- tal).
Rempedaal induwen en ingedrukt houden.
Parkeerrem losmaken.
Vooruit rijden
Gaspedaal "vooruit" langzaam indruken.
Achteruit rijden
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Bij het achechteruitrijden mag geen gevaar voor derden bestaan, eventueel lately inwerken.
Gaspedaal "achteruit" langzaam indrukken.
Rijgedrag
Met het gaspedaal kan de rijnselheid traploos geregeld worden.
Vermijd schokkend bedieren van het pedaal aangezien de hydraulische installmentie beschadigd kan worden.
Bij capaciteitsafname op hellingen het rijpediaal zachtjes terugnemen.
Remmen
Rijpedaal loslaten, het apparaat remt zich en blijft staan.
Instructie: De remwerking kan door indrukken van het rempedaal ondersteund worden.
Over hindernissen heen rijden
Over vaststaande hinderissen tot 70 mm.
heen rijden:
Langzaam en voorzichtig in voorwaartserichting overheen rijden.
Over vaststaande hindernissen boven 70 mm heb denr:
Er mag alleen over hindernissen—heen gereden worden met een geschikte oprijdrempel.
Veegbedrijf
LET OP
Geen pakbanden, draden of soortgelijk materiaaal opvegen; dit kan leiden tot een beschadiging van het veegmechanisme.
Instructie: Om een optimaal reinigingsresultaat te krijgen, moet de rijnselheid aan de omstandigheden aangepast worden. Instructie: Tijdens het gebruik moet de stofffilter op gezette tjden gereinigd worden.
Instructie: Bij frequent werkken in een omgeving met veel fijn stof moet de filter vakergereinigd worden.
Bedieningshendel

1 Bedieningshefboom veegwals
2 Bedieningshefboom vuilreservoir
3 Bedieningshefboom zijbezem
4 Bedieningshefboom reservoirdeksel
Bedieningshefboom veegwals
Bedieningshefboom veegwals (1) maar voren: Veegwals gaat omlaag.
Bedieningshefboom veegwals (1) maarachten: Veegwals gaat omhoog.
Bedieningshefboom vuilreservoir
Bedieningshefboom vuilreservoir (2)
haar voren: Vuilreservoir gaat omlaag.
Bedieningshefboom vuilreservoir (2)
naar achteren: Vuilreservoir gaat om-hoog.
Bedieningshefboom lijbezem
Bedieningshefboom zichbezem (3) maar voren: Zijbezem.gaat maar beneden.
Bedieningshefboom zichbezem (3) maarachten: Zijbezem gaat omhoog.
Bedieningshefboom reservoirdeksel
Bedieningshefboom reservoirdeksel (4)
haar voren: reservoirdeksel van het vuilreservoir waar open.
Bedieningshefboom reservoirdeksen (4)
haar achefteren: reservoirdeksen van het vuilreservoir而去.
Droge bodem vegen

Ventilator inschakelen.
Bij oppervlaktereiniging: Bedieningshefboom veegwals (1) naar voren: Veegwals gaat omlaag.
Bedieningshefboom reservoirdeksen (4)
haar voren: reservoirdeksen发展格局.
Bij reiniging van zijranden: Bedieningshefboom zijbezem (3) maar voren: Zijbezem gaat maar beneden.
Vochtige of natte bodem vegen
Ventilator uitschakelen.
Bij oppervlaktereiniging: Bedieningshefboom veegwals (1) maar voren: Veegwals gaat omlaag.
Bedieningshefboom reservoirdeksen (4)
haar voren: reservoirdeksen发展格局.
Bij reiniging van zijranden: Bedieningshefboom zijbezem (3) maar voren: Zijbezem gaat maar beneden.
Veeggoedcontainer leegmaken
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Tijdens het ledigingsproces mogen geen personen en dieren in het zwenkbereik van het vuilreservoir staan.
Kantelgevaar!
Zet het appararaat tijdens het ledigingsproces op een effen oppervlak neer.
△WAARSCHUWING
Knelgevaar!
Nooit in het hefboomstelsel van het leggingsmechanisme gripen. Ga Niet onder het opgetilde reservoir staan.
LET OP
Verwordings- en beschadigingsgevaar!
Tijdens het ledigingsproces bestaat gevaar vanwegspattend materiaal doore daaiende veegwals. Houd voldoen de afstand aan.


Til de veegwals en de zichbezem met bedieningshefbomen op, breng daartoe de bedieningshefbomen (1 en 3) maar achteren.
Sluit het reservoirdeksel, breng daartoe de bedieningshefboom (4) maar ache- ren.
Til het vuilreservoir op, breng daartoe de bedieningshefboom vuilreservoir (2) maar,achteren.
Langzaam maar de verzamelbak rijden.
Parkeerrem vastzetten.
Open het reservoirdeksel, duw daartoe de bedieningshefboom reservoirdeksel (4) maar voren en maak het vuilreservoir leeg.
Sluit het reservoirdeksen, breng daartoe de bedieningshefboom reservoirdeksen (4)aar achefteren tot het in de eindstand is gekanteld.
Parkeerrem losmaken.
Langzaam van de verzamelbak wegrijden.
Laat het vuilreservoir in de eindstand zakken, breng daaroe de bedieningshefboom vuilreservoir (2) maar voren.
Apparaat uitschakelen
Til de veegwals en de zichbezem met bedieningshefbomen op, breng daartoe de bedieningshefbomen (1 en 3) maar achteren.
Sluit het reservoirdeksen, breng daartoe de bedieningshefboom (4) maar ache- ren.
Trek de toerentalregeling van de motor volledig maar achefteren.
Rempedaal induwen en ingedrukt houden.
Parkeerrem vastzetten.
Contactsleutel op '0' draaien en sleutel uittrekken.
Transport
△GEVAAR
Transportschade!
Neem het leeggewicht (transportgewicht) van het apparaat bij het transporteren op aanhangwagens of voertuigen in acht.
Bij het transport in voertuigen要去 het apparaat conform de geldige richtlijnen beveiligd worden gegen verschuiven en kantelen.
Contactsleutel op '0' draaien en sleutel uittrekken.
Parkeerrem vastzetten.
Apparaat aan de vastsjorpunten (4x) met spankabels, koorden of kettingen zekeren.
Apparaat aan de wielen met spelën vastzetten.
Klem de batterij af bij het transport van de veegmachine.
Opslag/stillegging
Zet de veegmachine weg op een effen oppervlak in een droge, vorstvrijne omgeving. Bescherm gegen stof met afdekmateriaal.
Keerrol en zichbezems ophalen om de borstels Niet te beschaden.
Sluit het reservoirdeksel.
Contactsleutel op '0' draaien en sleutel uittrekken.
Parkeerrem vastzetten.
Veegmachine gegen wegrollen beveiliggen.
Als de veegmachine gedurende langeijd Niet gebruikt worden, moet tevens het vol-gende inucht genomen worden:
Motorolie verversen.
Wonneer vorst verwacht worden, koelwater latent weglopen of controlleren of voldoende antivriesmiddel in de koelvloeistof zit.
Veegmachine aan de binnen- en buitenkant reinigen.
Accu afklemmen.
Batterij opladen en na ongeveer 2 maanden opniewu herladen.
Onderhoud
Algemene aanwijzingen
LETOP
Beschadigingsgevaar!
De Stofffilter Niet uittwassen.
Reparacies mogen uitsluitend door goedgekeurde klantenservicewerkplaatsen of door vaklui voor dit gebied worden uitgevoerd die met de betreffende veiligheidsvoorschriften vertrouwd zich.
Mobiel commercieel geexploiteerde apparatuur dient volgens VDE 0701 op veiligheid te worden gecontroleerd.
Veegmachine op een egaal oppervlak neerzetten.
Contactsleutel op '0' draaien en sleutel uittrekken.
Parkeerrem vastzetten.
Reiniging
VOORZICHTIG
Beschadigingsgevaar!
Het schoonmaken van het apparaat mag Niet met een waterslang of hogedrukstraal gebeuren (gevaar van kortsluiting of andere schades).
Reiniging binnenkant apparatus
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Draag een stofmasker en een veiligheidsbril.
Apparaat met een doek reinigen.
Apparaat met persluchtuitblazen.
Reiniging buitenkant apparatus
Apparaat met een vochtige, in een mild zeepsopje gedrenkte doek reinigen. Instructie: Geen agressieve reinigings-middelen gebruiken.
Onderhoudsintervallen
Instructie: De bedrijfsurenteller geeft het tijdstip van de onderhoudsintervallen aan.
Onderhoud door de klant
Instructie: Alle service- en onderhoudswerken bij onderhoud door de klant, dienen door een gekwalificeerde vakman uitgevoerd te worden. Indien nodig kan alltijd een Karcher-specialist geraadpleegd worden.
Onderhoud dagelijks:
Vloeistofpeil van de brandstoftank controeren.
Motorolieil controlleren.
Controller het vulniveau in het koelmid- del-compensatievat.
Keerwals en zijborstel controlleren op slijtage en in elkaar gewikkelde banden.
Brandstoffilter controeren.
Centrifugaalseparator en luchtfilter controeren, zo nods reinigen.
Werking van alle bedieningsonderdelen controlleren.
Apparaat op beschadigingen controle- ren.
Onderhoud wekelijks:
Radiateur reinigen.
→ Hydraulische-oliekoeler reinigen.
Hydraulisch systeme controleren.
Oliepeil van het hydraulisch systeme controlleren.
Remvloeistofpeil controleren.
Pakkingranden op slijtage controleren, indien nodig verwangen
Reservoirklep controlleren en smeren.
Onderhoud alle 50 bedrijfsuren:
Wateruit de waterafscheider Diesel aflaten
Onderhoud na slijtage:
Afdichtlijsten verrangen.
Zijdelingse aflichtstroken bijstellen, eventueel verrangen.
Veegrolervangen.
Zijbezems verrangen.
Instructie: Beschrijving zie hoofdstuk Onderhoudswerkzaamheden.
Onderhoud door de klantenservice
Instructie: Om aanspraken op garantie te behouden,要去en tijdens de garantietijd alle service- en onderhoudswerken door de geauthoriseerde Karcher-klantendienst overeenkomstig het onderhoudsboekje gedaan worden.
Onderhoud na 50 bedrijfsuren:
Laat het eerste onderhoud van het apparaat conform de inspectiechecklijst door de klantenservice uitvoeren.
Onderhoud na 250/500/1000/1500/2000 bedrijfsuren:
Laat het onderhoud conform inspectie-checklijd door de klantenservice uitvoeren.
Onderhoudswerkzaamheden
Voorbereidig:
Veegmachine op een egaal oppervlak neerzetten.
Contactsleutel op '0' draaien en sleutel uittrekken.
Parkeerrem vastzetten.
Algemene veiligheidsinstructures
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Breng de veiligheidsstang bij een opgetild vuilreservoir altid aan.
Voer de beveiliging enkeluit buiten de gevarenzone.

1 Houser veiligheidsstang
2 Veiligheidsstang
Veiligheidsstang voor hoogleging maar boven klappen en in de houder steken (beveiligd).

Motorolie, stookolie, diesel en benzine nicht in het milieu te-recht lately komen. Gelieve bodem te beschemen en oude olie op een milieuvriendelijk manier tot afval verwerken.
Veiligheidsvoorschriften accu's
Let bij de omgang met accu's absolut op de volgende waarschuwingstip:
| i | Aanwijzingen voor de accu, in de begruiksaanwijzing en in de voertuighandleiding opvolgen! |
| Veiligheidsbril dragen! | |
| Kinderen uit de buurt houden van zuren en accu's! | |
| Explosiegevaar! | |
| Vuur, vonden, openlicht en ro- ken verboden! | |
| Gevaar van brandwonden! | |
| Eerste hulp! | |
| Waarschuwingstekst! | |
| Verwijdering! | |
| Pb | Accu Niet in vuilnisbak gooien! |
△GEVAAR
Explosiegevaar!
Gebruik enkel batterijen met poolafdekking. Vervang de poolafdekking in geval van verlies.
△GEVAAR
Explosiegevaar!
Geen werktuig e.d. op de batterij leggen. Gevaar van kortsluiting en explosie.
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Breng wonders nooit in contact met lood. Reinig na werkzaamheden aan batterijen altiijd uw handen.
△GEVAAR
Brand- en explosiegevaar!
Roken en open vuur is verboden.
Ruimtes waarin accu's opgeladen worden, dienen goed geventileerd te zichon, maar bij het opladen zeer explosief gas ontstaat.
GEVAAR
Gevaar voor invreten!
Zuurspetters in het oog of op de huid met veel schoon water uit- resp. afspoelen.
Daarna direct een dokter raadplegen.
Verontreinigde kleding met water uitwassen.
Accu in apparaat plaatsen en aansluiten
Het apparatus is seriematig uitergerust met een onderhoudsvrijde batterij.

1 Positieve pool
2 Poolafdekking
3 Negatieve pool
Accu in de accuklemmen plaatsen.
Klemmen op de accubodem vast-schroeven.
Poolklem (rode kabel) op de pluspool (+) aansluiten.
Poolklem op minpool (-) aansluiten.
Poolafdekkingen aanbrengen.
Controller de batterijpolen en de poolklemmen op voldoende bescherming door poolbeschemmingsvet.
Controleer en corrigeer het vloeistofpeil van de batterij (enkel bij onderhoudsarme batterijen met celsluitingen)
VOORZICHTIG
Beschadigingsgevaar!
Bij met zour gezulde accu's regelmatig het vloeistofpeil controlen.
In alle cellen moet het soortelijk gewicht van het zour gelijk zich.
Het zuurmonster wee terugdoen in dezelfde cel.
Bij te lage vloeistofstand cellen met gedestilleerd water tot aan de marketing bijvullen.
Acculaden.
Celsluitingen inschroeven.
Accu laden
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Neem bij de omgang van batterijen de veiligheidsvoorschriften in acht. Neem de gebruiksaanwijzing van de fabrikant van het oplaadapparaat in acht.
△GEVAAR
Beschadigingsgevaar!
Accu alleen met het geschikte laadapparaat opladen.

Alle celsluitingen uittdraaien. (enkel bij onderhoudsarme batterij)
Pluspool-leiding van het laadtoestel met de pluspoolaansluiting van de accu verbinden.
Minpool-leiding van het laadtoestel met de minpoolaansluiting van de accu verbinden.
Stekker in het stopcontact steken en laadtoestel inschakelen.
Batterij met de kleinst möglichke laadstroom laden.
Scheid het oplaadapparaat eerst van het net en dan van de batterij als de batterij opgeladen is.
Celsluitingen inschroeven. (enkel bij onderhoudsarme batterij)
Batterij demonteren
Poolklem op minpool (-) akklemmen.
Poolklem op pluspool (+) afklemmen.
Klemmen op de accubodem losschro-ven.
Batterijuit debatterijhouser nemen.
Verbruike batterij conform de geldende bebaleingen verwijderen.
Controleeer het remvloeistofpeil en vul remvloeistof na.
△GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Breng de veiligheidsstang bij een opgetild vuilreservoir altid aan.
Voer de beveiliging enkel UIT buiten deGeVarenzone.

1 Houserveiligheidsstang
2 Remvloeistofreservoir
3 Afsluitdeksel
Breng het vuilreservoir waar boven en borg het met de veiligheidsstang, zie daartoe in hoofdstuk „Vuilreservoir leegmaken".
Controller of in het remvloeiestofreservoir voldoende remvloeestof voorhaden is.
Tip
Het vulpeil moet:tussen Min. en Max. liggen.
Vul indien nodig in de handel verkrijgbare DOT-remvloeistof na.
Motoroliepeil controlleren en olie bijvullen
△GEVAAR
Verbrandingsgevaar!
Motor laten afkoelen.
Controle van het motoroliepeil op+zijn vroegt 5 minuten na het uitzetten van de motor uityoeren.

1 Olievuldeksel (motor)
2 Oliepeilstok
Oliepeilstok uittrekken.
Oliepeilstok afvegen en inschuiven.
Oliepeilstok uittrekken.
Oliepeil controlleren.
Oliepeilstok weeer erin doen.

-Het oliepeil moet zich tussen de "MIN"en MAX"-markering bevinden.
- Bevindt zich het oliepeil onder de MIN"-markering, motorolie bijvullen.
-Motor nicht boven,MAX"-markering bij-vullen.
Olievuldeksel afschroeven.
Motorolie erin doeon. Oliesoort zie het hoofdstuk Technische gegevens.
Olievuldeksel afsluiten.
Minstens 5 minutes wachten.
Motoroliepeil controeren.
Motorolie en motoroliefilter wisselen VOORZICHTIG
Verbrandingsgevaar door hete motorolie!
Motor laten afkoelen.
Zet een opvangbak voor minstens 6 liter motorolie klaar.
Motor laten afkoelen.

Olieaftapschroef uitschroeven.
Olievuldeksel afschroeven.
Olie aftappen.

1 Motoroliefilter
2 Brandstofffilter
Oliefilter aftschroeven.
Bevestigingspunt en afdichtvlakken rei-nigen.
Afdichting van het neue oliefilter voor het inbouwen met olie insmeren.
Nieuw oliefilter inbouwen en handvast aanhalen.
Olieaftapplug inclusief neue aufdichting erinschroeven. Aanhaalmoment: 25 Nm
Motorolie erin doeon. Ollsoort en vulhoeveelheid zie Technische gegevens.
Olievuldeksel afsluiten.
Motor ca. 10 seconden laten lopen.
Motoroliepeil controlleren.
Brandstofffilter controlleren
Controller de brandstofffilter op verontreiniging.
Reinig indien nodig de brandstofffilter en de filterbehuiizing, verrang indien nodig de brandstofffilter.
Brandstofffilter verrangen

1 Brandstofkraan
2 Brandstofffilter
Brandstofkraan sluiten.
Brandstoffilter losschroeven en verrangen.

1 Brandstofkraan
2 Brandstofffilter
OPMERKING
Brandstofffilter voor de inbouw met diesel vullen.
Nieuwe brandstofffilter eropschroeven.
Brandstofffilter met een koppel van 20Nm aanspannen.
Brandstofkraan openen.
Condensatewater aan de waterafscheider dieselbrandstof aflaten

1 Brandstofkraan
2 Afscheiderbak
3 Waterafscheider
Brandstofkraan sluiten.
→ Schroef de aft Scheiderbak los en maak hem leeg.
Schroef de aft Scheiderbak vast.
Brandstofkraan openen.
Oliepeil hydraulisch systeme controlleren en hydraulische olie bijvullen
OPMERKING
Het veeggoedreservoir mag Niet opgetild zichn.
Motorafdekking openen.

1 Oliepeilglas hydraulische olie
2 Afluitdeksel, olievulopening
Hydraulische-oliepeil in het kijkglas controlleren.
-Het oliepeil moet zich:tussen de "MIN"-en MAX"-markering bevinden.
- Bevindt zich het oliepeil onder de MIN"-markering, hydraulische olie bij-vullen.
Afsuitdeksel van de olievulopening los-schroeven.
Vulgebied reinigen.
Hydraulische olie bijvullen. Oliesoort zi het hoofdstuk Technische gegevens.
Afsluitdeksel van de olievulopening eropschroeven.
Hydraulisch systeme controleren OPMERKING
Onderhoud van het hydraulische systeme alleen door de Karcher-klantendienst.
Parkeerrem vastzetten.
Motor starten.
Alle slangen van het hydraulische systemen en aansluitingen op lekkage controeren.
Koelmiddelpeil controlleren

1 Koelmiddel-compensatievat
Controller het vulniveau bij een koude motor.
Controller het vulniveau in het koelmiddel-compensatievat. Het juiste koelmiddelpeil moetCUSen Min.en Max.liggen.
Water-/hydraulische-oliekoeler controlleren en reinigen
GEVAAR
Verbrandingsgevaar!
Laat de waterkoeler minstens 20 minuten afkoelen.
Het koelwaterpeil van de waterkoeler wordt gecontroleerd aan het koelmiddelcompensatievat. Zie hoofdstuk ,Koelwaterpeil controlen
Koelerlamellen reinigen. Verwijder verontreinigingen met een zachte borstel, perslucht of geringe waterdruk.
Koelslangen en aansluitingen op dichtheid controleren.
Ventilator reinigen.
Veegrol controleren
Motor starten.
Veeggoedreservoir tot de eindstand optillen.
Motor uitzetten.
Parkeerrem vastzetten.
Veiligheidsstang gebruiken voor hoogleging.
Banden of snoeren van veegrol verwijderen.
Veiligheidsstang eruitnemen.
Motor starten.
Veeggoedreservoir tot de eindstand neerlaten.
Motor uitzetten.
Veegrol verwisselen Veegspiegel van de veegrol controlleren

1 Sleutel
2 Zijbekleding
Breng het vuilreservoir omhoog en ondersteun het met de veiligheidsstang.
Zijmantel met sleutel openen.

1 Houdbeugel
2 Vleugelmoer
3 Zijdelingsse afdichting
Vleugelmoeren losschroeven.
Neem de houdbeugel weg.
Vleugelmoeren aan de fenderbevestig ing van de zijdelingse afldichtstrook af-schroeven en fenderbevestiging afnemen.
Zijdelingse affdichtingaar buiten klappen.
Bevestigingschroef veegrolhouseruit schroeven en opname maar buiten zwenken.
Veegroluitnemen.

Inbouwplaats van de veegrol in rijrichting (bovenaanlicht)
Instructie: Bij de inbouw van de neueveegrol op de positie van de borstelset letten.
Nieuwe veegrol monteren. De groeven van de keerrol moeten op de nokken van de tegenoverliggende vleugel gestoken worden.
Instructie: Na het inbouwen van de neue veegrol要去 deveegspiegel opnieuw ingesteld worden.
en instellen
Zuigturbine uitschakelen.
Veegmachine op een egale en gladde bodem rijden die duidelijk met stof of krijt bedekt is.
Laat de veegwals met de bedieningshefboom zakken en draaien (ca. 10 s).
Veegrol omhoog brengen.
Apparaat achterwaarts wegrijden.
Veegspiegel controleren.

De vorm van de veegspiegel moet een gegelijkmatige rechthoek van 80-85 mm bredte vormen.
Veegspiegel instellen


1 Veer
2 Instelmoer
3 Contramoer
4 Stang met schroefdraad
Positie veegspiegel instellen door de instelschroef te verdraaien.
Veegspiegel controleren.
Veegspiegel van de zijbezem controlleren en instellen
Zijbezems opheffen.
Veegmachine op een egale en gladde bodem rijden die duidelijk met stof of krijt bedekt is.
Zijbezem met bedieningshendel neerla- ten en ca. 10 seconden latent draaien.
Zijbezems opheffen.
Apparaat achterwaarts wegrijden.
Veegspiegel controleren.

De breedte van de veegspiegel moet tussen 40 - 50mm liggen.

Veegspiegel met de twee instelschroeven corrigeren.
Veegspiegel controlleren.
Zijdelingse afdichtstrokenplaaten GEVAAR
Verwondingsgevaar!
Breng de veiligheidsstang bij een opgetild vuilreservoir.altijd aan.
Voer de beveiliging enkel UIT buiten deGeVarenzone.
Veeggoedreservoirn arboen bren gen en met veiligheidsstang zekeren.
Veiligheidsstang voor hoogleging maar boven klappen en in de houder steken (beveiligd).

1 Houserveiligheidsstang
2 Veiligheidsstang
Zijmantel openen zoals in Hoofdstuk "Veegwals verrangen" beschreiben wordt.
6 Vleugelmoeren van de zijdelingsfeenderbevestiging losaken.
3 Moeren (SW 13) van de voorste fenderbevestiging losmaker.
Zijdelingse afdichtstrook zover maar beneden drukken (slobgat) totdat deze op een afstand van 1 - 3 mm van de bodem is.
Fenderbevestigingen vastschroeven.
Het proces op de andere kant van het apparaat herhalen.
Stofffilter manueel reinigen

Handmatige filterreining inschakelen.
Stoffilter controlleren / verrangen WAARSCHUWING
Verwondingsgevaar!
Bij werkzaamheden aan de filterinstal-. latie stofmasker dragen. Veiligheidsvoorschriften over de omgang met fjne stoffen in ache nemen.
Stoffilter met de toets Filterreiniging rei-nigen.
Veeggoedcontainer legen.

1 Vergrendeling apparaatkap
2 Apparaatkap
3 Filterafdekking
Vergrendeling openen, daartoe ster-greepschroef eruit draaien.
Apparaatkap maar voren klappen.

1 Sluiting, filterafdekking (2x)
2 Filterafdekking
Sluitingopenen.
Filterafdekkingopenen.

1 Dwarsbalk
2 Stofffilter
Controleer de stofffilter, reinig of ver-vang hem indien nodig.
Tip
De vervanging van de stoffilter mag enkel gebeuren door de klantenservice van Karcher.
Filterafdekking eropzetten en vergendelen.
V-snaar controlleren en instellen

De V-riem moet bij een druk van 10 kg ca. 7-9 mm meegeven.
V-riemspanning laten instellen door geautoriseerde klantenservice.
Luchtfilter controlleren en verwisselen

1 Sluiting
2 Luchtfilterbehuiizing
Zijpaneel wegnemen.
Luchtfilterbehuiizing wegemen.
Luchtfilterinzetervangen.
Instructie: Inbouwpositie met uitblaasopeningaarbeneden (zieafbeelding).
Centrifugaalafscheider reinigen

1 Vleugelmoer
2 Centrifugaalseparator
Vleugelmoer aan de centrifugaalseparator losschroeven.
Centrifugaalseparator reinigen.
Zekeringen verwisselen

1 Kartelmoer
2 Deksel zekeringskast
Draai de kartelmoer eruit.
Open het deksel op de zekeringkast.
Zekeringen controeren.
Defecte zekeringen verrangen.
Instructie: Alleen zekeringen met de-zelfde zekeringswaarde gebruiken.
Instructie: De zekering FU 01behindt zich in de motorruimte.

| FU 01 Hoofdzekering 60 A | |
| FU 02 ClaxonHydraulische-oliekoe-ler | 20 A |
| FU 03 VelligeidsrelaisMultifunctionele wee-gave | 10 A |
| FU 04 Zwaailicht 5 A | |
| FU 05 VelligeidsrelaisTijdsvertraging | 25 A |
| FU 06 CabineverlichtingRuitenwisser | 10 A |
| FU 07 Brandstofpomp 10 A | |
| FU 08 TijdrelaisStoelcontactschake-laar | 3 A |
| FU 09 Verlichting links 7,5 A | |
| FU 10 Verlichting rechts 7,5 A | |
| FU 11 Werkverlichting voren(dimlicht) | 10 A |
| FU 12 Schudsysteme 20 A | |
| FU 13 Achteruittrijsignaal 5 A |
Storing Oplossing
Apparaat wil Niet starten. Op de chauffeursstoel plaatsnemen, stoecontactschakelaar worden geactiveerd
Om de motor te starten,要去 het rempedaal ingedrukt worden.
Accu opladen of verrangen
Brandstof tanken, brandstofsystem ontluchen
Brandstofffilter verwangen
Brandstofleidingsystem, aansluitingen en verbindingen controleren en zo nodig repareren
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Motor loop onregelmatic Luchtfilter reinigen of filterpatroon verrangen
Brandstofleidingsystem, aansluitingen en verbindingen controleren en zo nodig repareren
Karcher-klantenservice op de hoogte brengen
Motor oververhit Koelmiddel bijvullen
Koeler doorspoelen
V-snaar aanspannen
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Motor loopt, maar het apparaat rijdt slechts langzaam of helemaal Niet.
Parkeerrem ontgrendelen
Gashefboom volledig maar voren (hoog toerental) zetten.
Controleren op ingedraide banden en snoeren.
Karcher-klantenservice op de hoogte brengen
Fluitend geluid in het hydraulische system
Hydraulische vloeistof navullen
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Gashefboom volledig maar voren (hoog toerental) zetten.
Borstels draaien slechts langzaam of helemaal nicht
Controleren op ingedraide banden en snoeren.
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Stoffilter controleren, reinigen of verwisselen.
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Weinig of geen zuigkracht in het borstelbereik
Apparaat stoft Zijdelingse afldichtstrokenplaaten
Ventilator inschakelen
Stoffilter controleren, reinigen of verwisselen.
Filterafdichtingen verrangen
Open het reservoirdeksel van het vuilreservoir.
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Veegeenheid maar veeggoed liggen Veeggoedcontainer legen
Stofffilter controlleren, reinigen of verwisselen.
Keerrol verrangen
Veegspiegel instellen
Afdichtstrook van het veeggoedreservoir verrangen
Blokkering van de keerrol oplossen
Open het reservoirdeksen van het vuilreservoir.
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Veeggoedreservoir gaat Niet omhoog of olaag
Gashefboom volledig maar voren (hoog toerental) zetten.
Karcher-klantenservice op de hoogte brengen
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
Reservoirdeksel van het vuilreservoir gaat Niet open.
Kärcher-klantenservice op de hoogte brengen
| Technische gegevens | ||
| KM 130/300 R D Classic | ||
| Apparaatgegevens | ||
| Rijnselheid, vooruit km/h 10 | ||
| Rijnselheid,chteruit km/h 10 | ||
| Klimvermogen (max.) % 18 | ||
| Oppervlaktecapaciteit zonder ijbebzem m | 2/h 10000 | |
| Oppervlaktecapaciteit met zijbebzem m | 2/h 13000 | |
| Werkbreedte zonder ijbebzem mm 1000 | ||
| Werkbreedte met zijbebzem mm 1300 | ||
| Beveiligingsklasse beschermd gegen spatwater -- IPX 3 | ||
| Duur inzetten bij volle tank h 4 | ||
| Motor | ||
| Type -- YANMAR 3TNV76A | ||
| Type -- 3-cylinder-viertakt-dieselmotor | ||
| CO2Emissie volgens de meetprocedure van EU-verordening 2016/1628 (niveau V) | g/kWh | 932,0 |
| Koelwijze | -- Waterkoeling | |
| Draairichting | -- wegen de wižers van de klok in | |
| Boring | mm 70 | |
| Slag | mm 82 | |
| Slagvolume | cm3 | 1116 |
| Oliehoeveelheid | I | 3,5 |
| Nominaal toerental | 1/min | 2500 |
| Maximaal toerental 1/min 2500 | ||
| Nullastoerental | 1/min | 1300 |
| Vermogen max. | kW/PS | 15,8 / 21,5 |
| Maximumkoppel bij 2100 1/min Nm 67,9 | ||
| Oliefilter | -- Filterpatronen | |
| Aanzuigluchtfilter | -- Binnenfilterpatronen, buitenfilterpatronen | |
| Brandstofffilter | -- Filterpatronen | |
| Elektrische installmentie | ||
| Accu V, Ah 12, 60 | ||
| Generator, draaiastroom | V, A | 12, 55 |
| Startmotor | -- Elektrische starter | |
| Hydraulische installmentie | ||
| Hoveeelheid oile in het complete hydraulische systeme | I | 26,5 |
| Hoveeelheid oile in de hydraulische tank | I | 21,2 |
| Oliesoorten | ||
| Motor (boven 25 °C) | -- SAE 30, SAE 10W-30, SAE 15W-40 | |
| Motor (0 tot 25 °C) | -- SAE 20, SAE 10W-30, SAE 10W-40 | |
| Motor (onder 0 °C) | -- SAE 10W, SAE 10W-30, SAE 10W-40 | |
| Hydraulisch systeme | -- HV 46 | |
| Veeggoedreservoir | ||
| Max. ontlaadhoogte | mm 1400 | |
| Volume van de veeggoedcontainer | I | 300 |
| Keerrol | ||
| Veegrol-diameter | mm 300 | |
| Veegrol-breedte | mm 1000 | |
| Toerental | 1/min | 350 |
| Veegspiegel | mm 80 | |
| Zijbebzem | ||
| Zijbezem-diameter | mm 600 | |
| Toerental (traploos) | 1/min | 0 - 60 |
| Massieve rubberbanden | ||
| KM 130/300 R D Classic | ||
| Grootte voor -- 15-4.5x8 | ||
| Grootte darüber -- 15-4.5x8 | ||
| Rem | ||
| Voorwielen -- Mechanisch | ||
| Achterwiel -- hydrostatisch | ||
| Filter- en zuigsysteme | ||
| Type -- Zakfilter | ||
| Toerental 1/min 2800 | ||
| Filtervlak fijnstofffilter m | 2 | 7,8 |
| Nominate onderdruk zuigsystem mbar 15,5 | ||
| Nominate volumestroom zuigsystem m | 3/h 800 | |
| Schudsystem | -- Elektromotor | |
| Omgevingsvoorwaarden | ||
| Temperatuur | °C | -5 tot +40 |
| Luchtvochtigheid, nicht bedauwend | % | 0 - 90 |
| Berekende waarden volgens EN 60335-2-72 | ||
| Geluidsemissie | ||
| Geluidsdrukniveau \( L_{pA} \) | dB(A) | 80 |
| Onzekerheid \( K_{pA} \) | dB(A) | 3 |
| Geluidskrachtniveau \( L_{iWA} + onveiligheid K_{iWA} \) | dB(A) | 98 |
| Apparaattrillingen | ||
| Hand-arm vibratiewaarde | \( m/s^2 \) | <2,5 |
| Zitplaats | \( m/s^2 \) | 0,7 |
| Onzekerheid K | \( m/s^2 \) | 0,1 |
| Maten en gewichten | ||
| Lengte x bredte x hoogte | mm | 2040x1330x1430 |
| Draaicirkel rechts | mm | 1400 |
| Draaicirkel links | mm | 1400 |
| Leeggewicht | kg | 920 |
| Toelaatbaar totaalgewicht | kg | 1397 |
| Toegelaten asbelasting vooraan | kg | 862 |
| Toegelaten asbelasting achteraan | kg | 535 |
| Inhoud Brandstoftank, diesel | l | 16 |
| Technische veranderingen voorbehonden! | ||
EU-conformiteitsverklaring
Hierbij verklaren wij dat de hierna vermelde machine doorhaar ontwerp en bouwwijze en in de door ons in de handel gebrachteuitvoering voldoet aan de betreffende fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen, zoals vermeld in de desbetreffende EU-richtlijnen. Deze verklaring verliesthaar geldigheid wanner zonder overleg met ons veranderingen aan de machine worden aangebracht.
Product: Veegzuigmachine op-stapmachine
Type: KM 130/300 R D Class- sic 1.186-139
Van toepassing zichnde EU-richtlijnen 2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2000/14/EG
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN 60335-1
EN 55012: 2007 + A1: 2009
EN 55014-2: 2015
Toegepaste landelijkne normen
Toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure
2000/14/EG:Bijlage V
Geluidsvermögensniveau dB(A)
Gemeten: 96
Gegarandeerd: 98
De ondergeteken handelen in opdracht en met volmacht van de directie.

Documentatieverantwoordelijke:
S. Reiser
Alfred Karcher SE & Co. KG
Løsne/lase stopbremsen
Løsn stopbremsen, hold derved bremsepedalen trykt.
Las stopbremsen, hold derived bremspedalen trykt.
Evikcs UToedieEeEL 1
PpOToaia TEPiBdAovTOc EL 1
Eyyunon. EL 1
Eeapntjmuata kai avtaaakti
Kα EL 1
IoepejdeHn npu mpanopmpoke!
→ Cneodum 3a co6cm8eHHbIM eecOM (mpaHcnopmHbI eec) ycmpoucmeBa npu mpaHcnopmupoeke Ha noedece unu aemomobunx.
Ppu nepee63ke annapama e mpaH cnopmhbix cpeoemex cneyem yuMbieambdeucmeyouue MecmHbe 2oc cyapcmehbIe HOpMbi, HanpaenHbIe Ha 3auumy om ckonbKeHua U onpokuobiaHua.
KJIIOU 3aJnraHnI NOBepHyb B No3nLIO "0" N BBItauNTb eO n3 aMka.
3aФнксypуITE CTORHOCHHbI TOPMO3.
→ PnKpeINbYcTPOINCTBO K yCToHNBIM MecTaM KpeNHeHn (4 1T) C NMOUbHO HATXHbIX pemHe, TpOCOB nIu cenei.
3aФнксрOBaTB annapaT, noДNoKnB NOd erO KOJIeCa KINHb.
→ Ptnp TaHcnpOpOBKe NOmTaHOUeMaUNHBI OTCOeINHrTb KNeMMbI aKKyMyJrTopa.
XpaHeHHe/BbIBOd n3 3KcπIpyatauN
YcTaHOBnTb NoDMetaUO MaunHy HaPoBHOn NOBepXHOCTN B CyXOM,3a- uHemOHOT MOpO3a MeTe. KaPbITb DnA 3aUNTb OT NBJIN.
→ PnnoDnHbNoDMTaHOuBn Bn 60KOBbIe uETKn, YTObI He NOBpeDHTb ux.
3aKpbTb KpbIkwy 6yHkepa.
KJIIOU 3aJnraHnI NOBepHyb B No3nLIO "0" N BBtAunTb erO n3 aMka.
3aФнКСИТe CTOrHOUHbI TOPMO3.
→ PnHrTb Mepbl npOTNB Hnpon3BOJb-HORO KaueHnna NOmTaIOUeM MaunHb. Ecln NOmTaIOUaMaUNHa He nCNOB-3yETcB TEeHne DnITeNBo BpemH, DOONHHTeNbHO CNeDyET COBIOdaTb CneDyIOoee:
3aMeHHTb MOtOPHOe MacNo.
→PnOxNdaHmMopo03OBcnyCTNTb BODyIpaPacnbIeHnI npOBepntb, DOCTaTOHO IIN aHTnΦpns3a BOxNaXdaHOSei BOe.
OuNTb NOMeTaIOUHO MaUNHy CHAPyKIN BHTn.
OTcoeHNHTKJIEMMbIaKKMyJrTOp-HoH6atapen.
→ AkkyMnyTOp cneJeYe3apAHTb, a 3a-TEM 3apXKaTb np6JI. KaXDbIe Dba MeCya.
YxOuN TeXHnueckoe 06cnyxmbaHne
06uine yka3aHn
BHIMAHHE
Onachocmb noepexdeHua!
→ ΠbIeou φuIbmp He HxKHO npOMbl- aamb.
→ PpoeedeHueem pemohmhbix pa6om pa3peuamcra 3aHumambc moIbko aemopuzo8aHHbIM cepuchbIM ueHmpam, uIu cneuaunucmaU eMoU cfepe, kOmOpBie O3HaKOMNeHbIC CO
omemcmeyouuMu npednucHuaMu npaun mexhuku bezonaacHocmu.
IpeeduXhIe npombuHneHHie npu-6opbI npoxoam npoeepky be3onacHo-cmu co2nacHO VDE 0701.
→ ΠοctaBntb IOndMeTaHou MaunHy ha pOBHOI NOBepxHOCTN.
→ KnIOu 3aJINraHn IOBepHyb B No3IuHO "0" n BbITaUNb erO n3 3AMka.
3aФнксypуnte cTOrHouhBt Topm03.
UNTka
OCTOPOXHO
Onachocmb noepexdeHua!
He pa3pewaemca yucmum npubop u3 e0d8noo 7nana unu cmpye 8odbl noD bICOKUM daeneHuEM (onachocmb KOpomko2 3aMbikauu u dpyux noepekdeHui).
Ynctka annapapa n3Hytpn
ONACHOCTb
Onachocmb noJyuheHua mpaem!
Hocumb 3aumHyIO Macky npomue nblu u 3aumHbIe OUK.
→ Ptopeptb annapat Tpnnkoi.
O6nytb annapat CxatbIM BO3dyxOM.
HcTka annapaTa chapyKn
OuNCTnTb annapat, nCNoB3yA DnA 3TORO BnaXHyIO TprkKy, npOnNTaHHyIO MRAKIM UeJNoUHbIM pACTBOPOM.
Yka3aHne: IVcnoIb3ObaHne arpeccNBbIX MOIOUIN cpeCTB He dOnyckaeTcra.
PepnoDnHocbTexHnueckoro 06cnyKnBaHHa
Yka3aHHe: CHTnK pa6OuNX yacOB COo6- ⅢaET O MOMENTe npOBeHnO BCnyKnBaHNJ.
Texnueckoe 6cbnykbanne, OcyuectBJrEmoe KInHeTOM
Yka3aHHe: Bce pa6oTbI no Texnueckomy 06cnykBaHNco cTOpOHb KIneHTa DOJHXbI pOBODITcB KaBnOuNpOBAH HbIM CneUAnCTOM. B cNyae Heo6xOnMoCTN B JIO6oM MOMeHT MOKHO o6paNTbCra 3a NOMOuBbO CneuaNIm3npOBAHHyTO TopROByO prAun3aUnO qnPmbl Karcher.
ExedHeBHOeTexHnueckoe 06cnyXnBaHnE:
→ PpOBepntb 3aONJIHeHne TOnJIINBHO6aka.
PpOBepuTyPOBeHbMaCnaBDbnraTe- ne.
→ PpOBepntb ypoBeHb HAnOnHeHnKOMneHcauOnHHoro 6aayka paDnaTopa XndKOCTHOOxJaXKeHn.
→ PpOBepntb MetyuB BAnIK 60KOBbIe UETKN HA N3HOC HANUHe HAMOTAB- WNXCJ NEHT.
PpOBepuTb TOnJIINBHyI pNlTp.
→ PpOBepnTb ueHtpo6Exhbl cenapaTop n BO3dyuHbl qHJbTp, npn Heo6xoNDMOCTN OCHNTb.
PpOBepntb NcnpaBHOe COCTOHNBECEX 3JEMEHTOB ynpabJIeHnI.
→Поверпь пибор Ha npeДмТ NOВpeKdEHH.
ExeHeIbHoeTexHnueckoe 6cnyKnBaHne:
OuHCTHTB BOJHOH paHaTOp.
OuHCTb rnpaBnueckm MacraHbip padnatop.
→PpOBepntb rnpaBnueckyU yCTaHOB-ky.
PpOBepntb ypoBeHb Macna B rnpabNueeCKO CNCTEM,
→ PpOBepuTb ypoBeHb TOpMO3HOJ KIOCTN.
→ PpOBepntb H3HOC yNtHTeBHBIX HAKnAIOK, pN Heo6xOIMOCCTn 3ameHNTb
→ PpOBepNTb n Cma3aTb KpbIuKy pe3epByapa.
Texnueckoe 06cnyxnbHne kKdble 50 cacob pa6oTbI:
Acoperisul de protectie (optional) a soferu lui ofera protectie contra obiectelor cazatoare mai mari. Insa nu ofera protectie la rasturnare!
Apkope ik pec 50 darba stundam:
no dize|degvielas udens separatora izlaidiet udeni
Apkope pec nodiluma:
Nomainft blvlistes.
Pieregulejiet vai nomainiet sanu blive-jumus.
Nomainit slaucitajveltni.
Nomainit sana slotu.
Norade: Aprakstu skatit sadaj "Apkopes darbi".