KS 305 M - Zaag METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KS 305 M METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KS 305 M METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KS 305 M - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KS 305 M van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING KS 305 M METABO
Originele gebruiksaanwijzing
Inhoudsopgave
- Conformiteitsverklaring
- Beoogd gebruik
- Algemene veilgheidsinstructies
- Speciale veiligheidsvoorschriften
- Overzicht
- Plaatsen en transport
- Het apparaat gedetailleerd
- Ingebruikname
- Bediening
- Service en onderhoud
- Handige tips
- Toebehoren
- Reparatie
- Milieubescherming
15.Problemen en storingen - Technische gegevens
1. Conformiteitsverklaring
Wij verklaren op eigén enuitsluitende verantwoordig: Deze afkort-en verstekzagen, geidentificerd door type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3).Technische documentatie bij *4)-zie pagina 4.
2. Beoogd gebruik
De verstekapfortzaag is geschikt voor het zagen in de lengte en breedte, voor schuine snedes, versteksnedes evenals voor dubbele versteksnedes. Bovendien kannen er groeven mee worden gemaatk.
Er mogen uitsluitend materialen worden bewerkt, waarvoort het dienovereenkomstige zaagblad geschikt is (zie hoofdstuk 12. Toebehoren voor toegestane zaagbladen).
De toegestane afmetingen van de werkstukken moeten in acht worden genomen (zie hoofdstub16. Technische gevevens).
Werkstukken met Ronde of onregelmatige
doorsnede (zoals bijvoorbeeld brandhout) mogen
niet worden gezagaard, sondern ze Niet goed
vastgehonden konnen wordenijdens het zagen.
Bij het smalkantzagen van vlakke werkstukken
moet een geschiktte hulpgeber gebruikt worden
om een verdige geleiding te garanderen.
ledere andere toepassing is nicht volgens de voorschriften. Door onreglementair gebruik, veranderingen aan het toestel of door gebruik van onderden die Niet door de fabrikant gekeurd en vrijgeveen zijn, hunnen Niet te voorziene beschadigingen ontstaan!
3. Algemene veiligheidsinstructies

Let ter bescherming van uzelf en de machine op de met dit symbol aangegeven passages!

gebruiksaanwijizing om het risico van letse te verminderen.
Geef uw elektrisch gereedschap alleen metdez documenten aan andereen door.
Algemene veiligheidsinstrumentes voor elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING - Lees alle verilgheidswaarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en specificaties die bij dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen Niet worden opgevolga, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstrcties en aanwijzingen goed met het oog op toekomstig gebruik! Het in de veiligheidsinstrcties gebruikte begrip "elektrisch gereedschap" heeft betrekking
op elektrisch gereedschap voor gebruik op het stroomnet (met aansluitkabel) en op elektrisch gereedschap voor gebruik met een accu (zonder aansluitkabel).
3.1 Veiligheid op de werkplek
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelinge of onverlichte werkomgeving kan tot oncevallen leiden.
b) Werk met het elektrisch gereedschap Niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen bevinden. Elektrisch gereedschap veroorzaakt vonken die het stof de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personneijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap uit de buurt. Wanneru wordt afgeleid, kut de controle over het gereedschap verliezen.
a) De aansluitstekker van het elektrisch gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekker in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuien en
koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c) Houd het elektrisch gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in elektrisch gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik de aansluitleiding Niet voor een verkeerd doel, om het elektrisch gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de aansluitleiding uit de buurt van ditte, olie, scherpe randen en bewegende apparaatdelen. Beschadigde of in de war geraakte aansluitleidgen vergroten het risico van een elektrische schok.
e) Wanner u buitenhuis met elektrisch gereedschap kerwt, dient u alleen verlengsoeren te gebruiken die voor gebruik buitenhuis geschikt zich. Het gebruik van een voor gebruik buitenhuis geschikt verlengsoer beperkt het risico van een elektrische schok.
f) Wanneer het onvermijdelijk is om elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving te gebruiken, kaan dan gebruik van een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar beperkt het risico van een elektrische schok.
3.3 Veiligkeit van Personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap wonneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onopletendheid bij het gebruik van elektrisch gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
b) Draag persoonlijke beschemmende
uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het
dragen van persoonlijke beschemmingsmiddelen
zoals een stofmasker, slipvaste
veiligheidschoenen, een veiligheidshelm of
gehoorbescheming, affhankelijk van de aard en
het gebruik van het elektrisch gereedschap,
vermindert het risico van verwondingen.
c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Verzeker u ervan dat het elektrisch gereedschapuitgeschakeld is voordat u het op de stroomvoortzieening en/of de accu aansluit, het oppakt of het draagt. Wanner u bij het dragen van het elektrisch gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanner u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoortzieening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.
d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het elektrisch gereedschap inschakelt. Geredeschap of
sleutels in een draaiend deel van het apparaat hunnen tot verwondingen leiden.
e) Vermijd een abnormale lichaamshouding.
Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blift.
Daardoor kunt u het elektrisch gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschichte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g) Wanneer stofafzugings- of stofopvangvoorzieingen können worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze�ngaansloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuging kan het gevaar door stof verminderen.
h) Waan uzelf Niet ten onrechte veilig en vergeet nicht de veiligheidsregels voor elektrisch gereedschap in ante te nemen, ook al bent u na veelvuldig gebruik vertrouwd met het elektrisch gereedschap. Onvoortichtig te werk gaan kan binnen een fractie van een seconde tot ernstigt letsel leiden.
3.4 Gebruik van en omgang met het elektrisch gereedschap
a) Overbelast het apparaat Niet. Gebruik voor uw werkzaamheden hetঀoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werk u better en veiligier binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat Niet meer kan worden in- ofuitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijdera een aansebare accu,voordat u het apparaat instelt, toebehoren wisselt of het apparaat weglect. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrisch gereedschap.
d) Bewaar nicht-gebrukte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het apparaatietne gebruiken door personen die er Niet mee vertrouwd zijn of deze aanwijzingeniet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zich gaarlijk wanner deze doord onervaren personen worden gebruikt.
e) Verzorg het elektrisch gereedschap en toebehoren zorgvuldig. Controller of bewegende delen correct functioneren en nicht vastklemmen en of onderden zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het elektrisch gereedschap nadelig worden beinvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het apparaat gebruikt. Veel ongevallen worden voroorzaakt door slecht onderhonden elektrisch gereedschap.
f) Houd snijgereedschap scherp en schoon.
Zorgvuldig onderhonden snijgereedschap met scherpe nijkanten klemmen minder nsel vast en zichen gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, inzeitgereedschap enz. volgens deze aanwijzingen. LetARABij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassenen kan tot gevaarlijke situatuies leiden.
h) Zorg ervoor dat grepen en grijpvlakken droog, schoon en vrij van olie en vet zichn. Gladde grepen en grijpvlakken makeen een veilige bediening en de controle van het elektrisch gereedschap in onverwachtte situatuies onmogelijk.
3.5 Gebruik van en omgang met accugevoerd gereedschap
a) Laad accu's alleen op in oplaadapparaten die door de fabrikant worden geadviseer. Voor een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat brandgevaar runawayer het met andere accu's worden gebruikt.
b) Gebruik alleen de waarvoort bedoelde accu's in de elektrische gereedschappen. Het
gebruik van andere accu's kan tot verwondingen en brandgevaar leiden.
c) Voorkom aanraking van de Niet-gebruekte accu met paperclips, Munten, sleutels, spijkers, schroeven en anderekleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten kannenveroorzaken. Kortsluijtung tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
d) Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanner de vloeistof in de ogen komt, dien u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties en verbrandingen leiden.
e) Gebruik geen beschadigde of veranderde accu. Beschadigde of veranderde accu's kennen tot onvoorspelbare reacties en tot brand, explosie en letselgevaar leiden.
f) Stel een accu nooit bloot aan vuur of hoge temperatenere. Vuur of temperaten vaneer dan 130^ kunnen een explosie veroorzaken.
g) Neem alle instructies voor het laden in acht en laad de accu of het accugevoerde gereedschap nooit op buiten het in de gebruiksaanwijzing genoemde temperatuurbereik. Verkeer laden of laden buiten het toegestane temperatuurbereik kan de accu beschadenig en het brandevaar verhogen.
3.6 Service
a) Laat het elektrisch gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel an alleen met originele reserveonderdelen. Daarmee worden gewaarborgd dat de veilighheid van het gereedschap in stand blift.
b) Onderhoud nooit beschadigde accu's. Al het onderhoud van accu'sClient door fabrikant of diens gemachtigde klantenservice te worden uitgevoerd.
3.7 Overige veiligheidsinstructies
- Deze gelebruksaanwijzing richt zich tot Personen met technische basiskennis in de omgang met apparaten zoals het hier beschrenven apparaat. Wanner u geen enkele ervaring hebt met dergelijke apparaten, moet u eerst een beroep doen op de hulp van ervaren Personen.
- Voor schade die ontstaat, odomat geen nota werden genomen van deze gebruiksaanwijzing, aanvaardt de fabrikant geen aansprakelijkheid. De informatie in deze gebruiksaanwijzing is als volgt gekenmerkt:

Gevaar!
Waarschuwing voor lichamelijk letsel of milieuschade.

Gevaar voor elektrische schok!
Waarschuving voor lichamelijk letsel door elektrische schok.

Intrekgevaar!
Waarschuwing voor lichamelijk letsel door meetrekken van lichaamsdelen of kleding.

Let op! Waarschuwing voor materièle schade.

Aanwijzing:
Aanvullende informatatie.
4. Speciale veiligheidsvoorschriften
a) Verstekapfortzagen zijn bestemd voor het zagen van hout of houtachtige producten. Zij mogen Niet voor het zagen van ijzer zoals staven, stangen, schroeven etc. worden gebruikt. Slijpstof leidt tot het blokkeren van bewegende delen zoals de onderste beschemkap. Vonken van het zagen verbranden de onderste beschemkap, het toevoerbordes en andere kunststof onderdelen.
b) Fixeer het werkstuk indien möglichk met klemmen. Als u het werkstuk met de hand vasthoudt, moet u uw hand op een afstand van tenminste 100 mm van iedere kant van het zaagblad honden. Gebruik de zaag Niet voor het zagen van stukken die teklein zijn om ze vast te zetten of met de hand vast te
houlden. Als uw hand zich te richt bij het zaagblad bevindt, bestaat een verhoog letseirisico door contact met het zaagblad.
c) Het werkstuk moet onbeweeglijk zijn en of vastgeklemd of tegen de aanslag en de tafel worden gedrukt. Schuif het werkstuk niert in het zaagblad, en zaag nooit zonder het vast te zetten. Losse of bewegende werkstukken konnen met hoge能力和 eruit worden geslingerd en tot letsel leiden.
d) Schuif de zaag door het werkstuk. Voorkom dat u de zaag door het werkstuk trekt. Voor een zaagsnede tilt u de zaagkop op en trekt u hem zonder te zagen over het werkstuk. Vervolgens schakelt u de motor aan, zwenkt u de zaagkop maar beneden en drukt u de zaag door het werkstuk. Als u de zaag door het werkstuk trekt, bestaat het gevaar dat het zaagblad langus het werkstuk omhoog klimt en de zaagbladeenheid met geweld inrichting van de bediener worden geslingerd.
e) Beweeg nooit uw hand boven de beoogde zaaglijn, Niet voor en ook nicht acheer het zaagblad. Het vasthouden van het werkstuk "met gekruiste handen", d.w.z. het vasthouden van het werkstuk rechts van het zaagblad met de linker hand of omgekeerd is zeer gevaarlijk.
f) Pak bij een draaiend zaagblad nooit ache ter de aanslag. Onderschrijn nooit een veiligheidsafstand van 100mm tussen hand en draaiend zaagblad (geldt aan beiden zijden van het zaagblad, bijv. bij het verwijderen van houtafval). De omgeving van het draalende zaagblad fot uw hand is mogelijk nicht herkenbaar en u kunst zoaar letsel oplopen.
g) Controller het werkstuk voor het zagen. Als het werkstuk gebogen of gewormd is, spant u het met de waar buiten gekromde kantrichting de aanslag.Zorg er altiqvdoor, dat zich langs de zaaglijn geen spreetussen werkstuk, aanslag en tafel is. Gebogen en verwormde werkstukken+kennen ziaaien of verplaatsen en het vastklemmen van het draaiende zaagbladijdens het zagenveroorzaken.Er mogen zich geen nagels of vreeinde voorwerpen in het werkstuk bevinden.
h) Gebruik de zaag pas als er zich geen gereedschap, houtafval etc. 更er op de tafel bevindt; Alleen het werkstuk mag zich op de tafel bevinden. Klein afval, losese houtstukken of andere voorwerpen, die in contact komen met het draaiende blad, hunnen met hoge sleheid worden weggeslingerd.
i) Zaag nooit meerere werkstukken tegelijk.
Meerdere gestapelde werkstukken konnen nicht goed worden gespannen of vastgehonden en konnenijdens het zagen het vastlopen van het blad veroorzaken.
j) Zorg ervoor dat de verstekafkortzaag voor gebruik op een vlakke, stevige ondergrond staat. Een vlakke en stevige ondergrond verminder het gevaar, dat de verstekafkortzaag instabiel worden.
k) Plan uw werkzaamheden. Let er iedere keer als u de hoek van het zaagblad of de verstekhoek verandered op, dat de instelbare aanslag jeust geplaatst is en het werkstuk ondersteund, zonder met het blad of de beschermkap in contact te komen. Zonder de machine in te schakenen en zonder werkstuk op de tafel dient een volledige zaagbeweging van zaagblad te worden gesimuleerd om ervoor te zorgen, dat er geen spreke is van beperkeningen of het gevaar dat in de aanslag worden gezaagd.
I) Zorg er bij werkstukken, die breder of langer dan het tafelblad zichoor voor, dat ze goed worden ondersteund, bijv. door een tafelverlenging of zaagbokken. Werkstukken die langer of breder dan de tafel van de verstekafkortzaag zichen, kannen Kantelen als ze Niet goed worden ondersteund. Als een afgezaagd stuk hout of het werkstuk kanselt, kan het de onderste beschermkap optillen of ongecontroleerd door het draaiende blad worden weggeslingerd.
m) Laat u Niet door andere personen als vergvangng voor een tafelverlenging of als extra ondersteuning helpen. Een instabiele ondersteuning van het werkstuk tot de vastklemmen van het blad leiden. Ook kan het werkstukijd den het zagen verschuiven en u en uw hulp in het draaiende blad trekken.
n) Het afgezaagde stuk mag Niet gegen het draaiende zaagblad worden gedrukt. Als er
weinig ruimte is, bijv. bij het gebruik van lange geleidingen, kan het afgezaagde stuk klem komen te zitten samen met het blad en met geweld worden wegsglesserd.
o) Gebruik alkijd een klem of een geschiktte installmentatie om rond materiaial zoals stangen of buizen correcte te ondersteunen. Stangen haben de neigingijdens het zagen weg te rollen waardoor het blad zich "vast bijt" en het werkstuk met uw hand in het blad kan worden getrokken.
p) Laat het blad eerst+zijn volle spelheid bereiken voordat u het werkstuk zaagt. Ditt verminder het risico dat het werkstuk wordenweggeslingerd.
q) Als het werkstuk vast worden geklemd of het blad blokkeert,Client u de verstekafkortzaaguit te schaken. Wacht totdat alle bewegende delen to stilstand zichen gekommen, trek de stekker uit en/of haal de accu eruit.Verwijder verrolgens het vastgelopen materiaal. Als u bij dergelijke blokkeringen verder zaagt, kunt u de controle verliezen of kan de verstekafkortzaag beschadigd raken.
r) Laat na het zagen de schakelaar los, houd de zaagkop beneden en wacht totdat het zaagblad stil staat, voordat u het afgezaagde stuk verwijderd. Het is zeer gevaarlijk met de hand in de buurt van het draaiende blad te komen.
4.1 Overige veiligheidsinstructies
- Neem de bijzondere veiligheidsinstructies in de betreffende hoofdstukken in acht.
- Neem eventueel de wettelijke richtlijnen of ongevallenpreventievoerschriften in acht.

Algemeen gevaar!
Houd rekening met omgevingsomstandigheden.
- Gebruik geschichte oppervlakken voor het zagen van lange werkstukken.
- Deze machine mag uitsluitend door personen die met dergelijke machines bekend zich en zich de geziven bij het werkden steeds bewust zich, in bedrijf gesteld en gebruikt worden. Personen beneden de 18aar mogen dit apparaat slechts bedieren in het kader van een beroepsopleding en onder het voortdurend toezacht van een ervaren leraar.
- Let erop dat zich geen onbevoegde Personen, vooral geen kinderen, in de gezavenzone begeven. Zorg ervoor dat geen andere Personen het apparaat of het snoer{kennen aanraken.
Vermijd het oververhitten van de zaagtanden.
- Vermijd bij het zagen van kunststoffen dat de kunststoff smelt.

Gevaar voor verwondingen en ingen aan bewegende onderdelen!
- Neem dit apparaat nooit in gebruik zonder gemonteerde verilgheidsvoorzieningen.
Houd steeds voldoende afstand van het zaagblad. Gebruik desnoods geschiktte invoerhulpmiddelen. Houdijdens het gebruik voldoende afstand tot aangedreven onderdelen. - Wacht tot het zaagblad stilstaat alvorenskleine werkstukdelen, houtresten enz.uit het werkbereik te verwijderen.
- Zaag alleen werkstukken die groot genoeg zich, zodat ze bij het zagen veilig vastgeklemd konnen worden.
- Gebruik een spaninrichting of een bankschroef om het werkstuk vast te zetten. Het kan hierdoor better worden vastgehonden als met de hand.
- Rem het uitlopende zaagblad Niet af door er aan de zijkant tegenaan te drukken.
- Alvorens de machine in te stellen, te repareren of er onderhoud aan te plegenClient u de stekkeruih het stopcontact te halen of de accu te verwijderen.
- Als u het apparaat niet gebruikt, dient u de stekker uit het stopcontact te halen of de accu te verwijderen.

Gevaar voor snijwonden ook bij and snijgereedschap!
Draag veiligheidshandschoenen als u snijgereedschap moet verrangen.
Bewaar de zaagbladen zo dat niemand zich eraan kan verwonden.

A Gevaar voor terugslag van de zaagkop, Holad blijf in het werkstuk steken en de zoop staat plotseling omhoog)!
Kies een voor het te snijden materiaal geschikt zaagblad.
- Houd de handgreep goed vast. Op het moment waarop het zaagblad insteekt in het werkstuk is het risico op terugslag bijzonder groot.
- Gebruik voor het zagen van dunne werkstukken
-werkstukken met dunne wanden uitsluitend zaagbladen met fjne tandng.
Zorg ervoor dat de zaagbladen steeds scherp zich. Botte zaagbladen要去en onmiddelijk verrangen worden. Er bestaat een verhoogd risico op terugslag als een botte zaagtand in het oppervlak van het werkstuk vast blijft zitten.
Zet het werkstuk Niet "op z'n kant" (tijdens het schaven).
- Controller in geval van twijfel de werkstukken op vreemde voorwerpen (bijkoorbeeld nagels of schroeven).
- Zaag nooit meerere stukken in een keer - ook geen bundels die uit diverse afzonderlijke stukken bestaan. Er is gevaar voor lichamelijk letsel als afzonderlijke stukken zonder steun door het zaagblad worden gegren.
Vermijd bij het makeen van groeven zijdelingesdruk op het zaagblad - gebruik een spaninrichting.

Intrekgevaar!
Zorg ervoor datijdens het gebruik geen lichaamsdelen of kleding door roterende onderdengegepen en megetrokken können worden (geen stropdassen, geen handsochoenen, geen kleding met wijde mouwen dragen; bij lang的那一hme absuukt een haarnet worden gedragen).
- Zaag nooit werkstukken waaraan touwen, snoeren, riemen of draden hangen of die dergelijke materialen bevatten.

Gevaar door onvoldoende onlijke beschemningsmiddelen!
Draag gehoorbescheming.
Draag een veiligheidsbril.
- Draag een stofmasker.
Draag geschikte werkkleding.
- Draag slipvast schoeisel.
Draag de handschoenen bij de omgang met zaagbladen en ruwe gereedschappen. Draag de zaagbladen in een container.

Gevaar door zaagsel!
- Werk uitsluitend met aangesloten afzugininstallatie. De afzugininstallatie moet voldoen aan de in hoofdstuk 16. genoemde waarden.
De stofbelasting verminderen:
- Stofdeeltjes die tijdens het werkken met deze machine ontstaan, hunnen stoffen bevatten die kanker, allergische reacties, aandoeningen aan de luchtwegen, aangeboren afwijkingen of andere voortplantingsproblemen hunnen veroorzaken. Enkele voorbeelden van dergelijke stoffen zijn: lood (inloodhoudende vert), additieven voor de behandeling van hout (chromaat, houtverduurzamingsmiddelen), enkele houtsoorten (zoals eiken- of beukenstof).
- Het risico is afhankelijk van het feit hoe lang de gebruiker of in de buurt aanwezigze Personen aan de stofbelasting worden bloodgesteld.
-
Deze stofdeeltjes mogen nicht in het lichaam terechtkommen.
-
Om de belasting met deze stoffen te verminderen: Zorg voor een goede ventilatie van de werkplek en draag geschikte beschemingsmiddelen,zoals bijv. stofmaskers die in staat vrij om de microscopischkleine stofdeelijts uit de lucht te filteren.
- Neem de voor uw materiaal, personeel, toeassingsgeval en locatie geldende richtlijnen in acht (bijv. arbeidsveiligheidsbepalingen, afvalbehandeling).
- Verzamel de ontstane stofdeelijtes op deplaats waar deze ontstaan, voorkom dat ze neerslaan in de omgeving.
- Gebruik de meegeleverde stofopvanginrichting en een geschikte stofafzuiiging. Daardoor komen slechts weinig deeltjes ongecontroleerd in de omgeving terecht.
- Verminder de stofbelasting door:
- de vrijkomende stofdeeltjes en de af te voeren luchtstroom van de machine niet op de gebruiker zich of in de buurt aanwezige personen of op neergeslagen stof te richten,
- een afzuginstallatie en/of een luchtfilter teplaatsen,
- de werkplek goed te ventileren en door te stofzuigen schoon te houden. Vegen of blazen wervelt het stof op.
-Zuig of was de beschermende kleding. Nietuitblazen,uitslaan ofuitborstelen.

Gevaar door technische wijzigingen of de bruik van onderdelen die Niet door deont zichen goedgekeurd en vrijgeveen
- Monteer dit apparaat zoals in de handleiding wordt aangegeven.
- Gebruik hiervoor uitsluitend door de fabrikant vrijgeveen onderdelen. Dit betreft in het bijzonder:
-zaagbladen (bestelnummers zie hoofdstuk 12. Toebehoren). - Veiligheidsvoorzieningen.
-Zaaglaser
-Zaagbereikverlichting
Voer aan deze onderden geen wijzigingen uit. - Let erop dat de op het zaagblad aangegeven toerental tenminste net zo hoog is als het toerental dat op de zaag worden vermeld.

Gevaar door gebreken aan hetaat!
- Controller het apparaat voor het inschaken telkens op eventuele beschadigingen: voor het gebruik moet de goede werkung van de veiligheidsnichtingen, beveiligingen oflicht beschadigde onderdelen algid zorgvuldig gecontrolerd worden. Controller of de scharmierende onderdelen correct functioneren en Niet klemmen. Alle onderdelen dieren juist gemonteerd te zich en te voldoen aan alle voorwaarden om een goede werkung van de machine te garanderen.
- Gebruik geen beschadigde of verwormde zaagbladen.

Gevaar door lawaai!
- Draag gehoorbescherming.

Gevaar door blokkerende werkstukkenkstukdelen!
Als er een blokkering optreedt:
1.apparaatuitschakelen,
2. stekker uit het stopcontact halen of de accu verwijderen,
3. handschoenen dragen,
4. blokkering met geschikt gereedschap opheffen.
4.2 Speciale verilgheidsvoorschriften voor accurmachines:
Haal het accupack uit de machine, voordat instel-, ombouw-, onderhouds- of
reinigungswerkzaamheden uitgevoerd worden.

Accupacks nied aan vuur bloatstellen!
Geen defecte of verrormde accurpacks gebruiken! Accupacks nicht openen! Contacten van de accurpacks Niet aanraken of kortsluiten!

Uit defecte Li-lon-accupacks kan een Licht zure, brandbare vloeistof lekken!

Wanneer accuvloeistof eruit lekt en met de huid in aanraking komt, onmiddelijk onder stromend water afspoelen. Wanneer er
accuvloeistof in uw ogen komt, was deze dan uit met schoon water en zoek onmiddelijk een arts op voor behandeling!
4.3 Symbolen op het apparaat
(afhankelijk van het model)

Lees de gebruiksaaanwijzing.

Niet in het zaagblad vrijpen.

Veiligheidsbril engehoorbescherming dragen.

Apparaat Niet in vochtige of natte omgeving gebruiken.

LASER 2 1 2 3 4 5 LASER KLASSE 2
4.4 Veiligheidsvoorzieningen Pendel beschemkap (6)
De pendel beschemkap verhindert ongewild contact met het zaagblad en biedt beschemming gegen rondvliegende spaanders.
Veiligheidsvergrendeling (26)
Apparaten met accu: Alleen als de veiligeidsvergrendeling geactiveerd worden, kan de machine worden ingeschakeld.
Apparaten op stroom: Alleen als de veriligeidsvergrendeling geactiveerd worden,.gaat de pendel afdekbescheming open waarna u de zaag kunt lately zakken.
Werkstukaanslag (25)
De werkstukaanslag verhindert, dat een werkstuk tijdens het zagen kan worden bewogen. De werkstukaanslag moetijdens gelebruik algtd gemonteerd zijn.
Let erop, dat het extra profiel (34) juist ingesteld is en het werkstuk zo goed möglichk ondersteunt, zonder met het blad of de beschermkap in contact te komen. Met borgschroef (35) vergrendelen.
Een verkeerd ingesteld extra profil (34) kan, bij schuine zaagsnées en bij dubbele versteksnèdes in contact komen met het zaagblad en zodoende ernstig letsel verooorzaken
Het extra profiel (34) aan de werkstukaaanslag要去 voor schuine zaagsneden na het losdraaien van de borgschroef (35) worden verschoven.
5. Overzicht
Zie pagina 2.
De afbeeldingen gelden als voorbeeld voor alle apparaten. De uitvoering van uw apparaat kan daardoor afwijken van de afbeeldingen.
1 Sluiting van de spaanzak
2 Spaanzak
3 Spananafzuiiging
4 Laseruitgang
5 Zaagbereikverlichting *
6 Pendenbescherm kappa
7 Lenght-aanslag
8 T a f e l
9 Draaitafel
10 Tafel inlegprofiel
11 Vergrendelgreep voor draaitatafel
12 Pal voor vergrendelpositions van de draaaitafel*
13 Borgschoef voor trekbank *
14 Binnenzenskantsleutel / gereedschapsdepot voor binnenzenskantsleutel
15 Werkstukspaninrichting
16 Tafelverbreding
17 Stelschroef van de tafelverlenging
18 Zaagbladvergrendeling
19 Zaaggreep
20 Draaggreep*
21 Haak voor kabelopwikkeling
22 Vergrendelingshendel voor hoekverstelling
23 Vergrendelknop (voort het vergroten van de hoek met +/- 2°)
24 Transportvergrendeling
25 Werkstukaanslag
26 Veiligheidsvergrendeling
27 Aan-/uit-schakelaar van de zaag
28 Aan-/uit-schakelaar van de zaaglaser
29 Aan-/uit-schakelaar van de zaagbereikverlichting
30 Toets voor ontgrendeling van het accupack
31 Toets voor de individatie van de capaciteit *
32 Capaciteits- en signaalindicatie *
33 Accupuncture
*aflhankelijk van model /uitvoering
6. Plaatsen en transport
Indien nodig draaggreep (20) monteren (athankelijk van het model)
Draaggreep (20) zoals getoond vastschroeven.
Indien nodig tafelverbreding (16) monteren (aftankelijk van het model)
- Rechter en linker tafelverbreding uit de transportverpakking halen.
- Schroven (36) aan de geleidingen van de rechter en linker tafelverbreding eruit schroven.
- Geleidingen van de tafelverbredingen helemaal in de opname schuiven. Athankelijk van de uitvoering: De tafelverbreding met omhoog geklapte lenghtaanslag (7) op de rechter kant monteren.
- Apparaat aan de Voorpoten optillen, voorzichtig zichterover kantelen en gegen het kantelen beveiligdplaatsen.
- Schroeven (36) aan de geleidingen weeer vastdraaien.
- Apparaat aan de Voorpoten vastpakken, voorzichtig voorover kantelen en neerzetten.
- Gewenste tafelbreedte instellen en tafelverbredingen met stelschroeven (17) vastzetten.
Opstelling
Voor het veilige werkken moet het apparatusat op een stabiele ondergrund worden bevestigd.
- Als ondergrond kan of een vast gemonteerd werkblad of werkbank worden gebruikt.
- Het apparaat moet ook tijdens het bewerken van grotere werkstukken veilig staan.
- Lange werkstukken dieren met geschikte toebehoor extra worden ondersteund.

Aanwijzig:
Voor mobiel gebruik kan het apparaat op een triplex- of multiplex plaat (500 mm x 500 mm, tenminste een dikte van 19 mm) worden vastgeschroefd. Tijdens het gebruik moet de plaat met een bankschroef op een werkbank worden bevestigd.
- Apparaat vastschroeven op de ondergrond.
- Transportvergrendeling (24) losmaken: zaagkop een beetje maar beneden drukken en vasthouden. Transportvergrendeling (24) eruit trekken.
- Zaagkop langzaam maar boven zwenken.
Transport
- Zaagkop waar beneden zwenken en transportvergrendeling (24) indrukken.
- Trekbank met borgschoef (13) in de voorste positie vergrendelen.

Let op!
Transporteer de zaag Niet aan deveiligheidsinrichtingen.
3. Apparaat aan de draaggreep (20) (afhankelijk van de uitvoering) optillen en dragen.
Bij apparaten zonder draaggrep: beide tafelverbredingen (16)—helemaal erin schuiven en met de stelschroeven (17) vergrendelen. De machine aan beide tafelverbredingen (16) optillen en dragen.
7. Het apparaat gedetailleerd
7.1 Aan-/uit-schakelaar motor (27)
Motor inschakelen:
Aan-/uit-schakelaar indrukken en ingedrukt honden.
Motor uitschakelen:
Aan-/uit-schakelaar loslaten.
7.2 Aan-/uit-schakelaar van de zaagbereikverlichting (29) (afhankelijk van de uitvoering)
Verlichting van het zaagbereik in- en uitschaken.

Gevaar!
De Lichtstraal Niet opogen van personen of dieren richten.

LET OP Niet in de brandende lamp staren.

Aanwijzing:
Bij accu-apparaten: Tijdens een korte werkonderbreking gaat de zaagbereikverlichting (rustmodus)uit en worden automatisch geactiveerd wanneer u weer verdier werkt. Tijdens een lange werkonderbreking gaat de zaagbereikverlichtinguit.Voor het hornieuwd inschakelen: Schakelaar (29) drukken.
7.3 Aan-/uit-schakelaar van de zaaglaser (28)
Zaaglaser in- en uitschakelen.
De zaaglaser-Markeert een lijn links langs de zaagsnede.Probeer het uit om aan de positioningering te wennen.

Gevaar!
LASERSTRALEN NIET IN DE STRAAL KIKKEN
LASER KLASSE 2
EN 60825-1:2014
P<1mW,λ=650nm

Aanwijzijing:
Bij accu-apparaten: Tijdens een korte
werkonderbreking gaat de zaaglaser (rustmodus)
uit en wordt automatisch geactiveerd wanneer u
weer verder werkt. Tijdens een lange
werkonderbreking gaat de zaaglaser uit. Voor het
hernieuwd inschakelen: Schakelaar (28)
drukken.
7.4 Hoekverstelling
Na het losmaken van de vergrendelingshendel (22) kan de zaag traploos tussen 0^ en 45^ maar links ten opzichte van de loodrechte positie worden ingesteld (39).
Druktijdens het instellen op de vergrendelknop (23) om ook een hoek van maximaal 47^ maar links ten opzichte van de loodrechte positie c.q. tot 2^ maarchtsen opzichte van de loodrechte positie in te stellen.

Gevaar!
Om ervoor te zorgen dat de hoek tijdens het zagen Niet kan veranderen, moet de vergrendelingshendel (22) van de kantelarm worden vastgedraaid.
U kunt de positie van de vergrendelingshendel aanpassen aan uw behoefte: Trek de vergrendelingshendel eruit, verdraien en in de gewenste positie indrukken en vast latent klikken.
7.5 Draaitafel
Voor versteksneden kan de draaiafel na het losmaker van de vergrendelgreep (11) en het drukken van de pa (12) 47^ naar links of 47^ naar
rechts worden gedraaid. Op deze manier worden de zaaghoek ten opzichte van de aanleunrand van het werkstuk veranderd.

Gevaar!
Om ervoor te zorgen dat de verstkhoekijdens het zagen Niet kan veranderen, moet de vergrendelgreep (11) van de draaiafel (ook in de rustposities!) worden vastgedraaid.
7.6 Trekbank
Met de trekbank können ook werkstukken met grotere doorsnede worden gezaagd. De trekbank kan voor alle soorten zaagsnedes (rechte smeden, versteksnedes, schuine smeden en dubbele versteksnedes en het zagen van groeven) worden gezruikt.
Als de trekbank Niet nodig is, kurz u de trekbank met de borgschoef (13) in de späterste positie worden vergrendel.
7.7 Zaagdieptebegrenzing
De zaagdieptebegrenzing (50) maakt samen met de trekbank het maken van groeven möglichk.
De stelschroef verdraaien en met de contramoer fixeren. De zaagdieptebegrenzing kan worden uitgeschakeld als de aanslag (51) maar afterwards geschoven.
8. Ingebruikname
8.1 Spaanzak / spaanafzuiiginstallatie aansluten

Gevaar!
Sommige soorten zaagsel (bijvoorbeeld van beuken-, eiken- en essenhout)Known bij inademing kankerverwekkend zich.
- Werk alleen met een gemonteerde spaanzak of een geschikte spaanafzuginstallatie.
- Gebruik bovendien een stofmasker sondern nicht al het zaagstof opgevangen c.q. afgezuidg worden.
- Maak de spaanzak regelmatig leeg. Draag tijdens het legen een stofmasker.
Als u het apparaat met de meegeleverde spaanzak in gebruik neemt:
- Steek de spaanzak (2) op de spaanazfuiging (3). Let erop dat de sluiting (1) van de spaanzak gesloten is.
Als u het apparaat aan een spananafzuinstallatie aansluit:
- Gebruik voor het aansluien aan de spaanafzuing een geschichte adapter (zie hoofdstalk 12. "Toebehoren").
- Let erop dat de spaanafzuiiginstallatie voldoet aan de in hoofdstuk 16. "Technische gegevens" genoemde eisen.
Lees ook de handleiding voor de bediening van de spaanafzuginstallatie!
8.2 Werkstukspaninrichting monteren
De werkstukspaninrichting (15) kan in tweet posities gemonteerd worden:
-Voor brederkstukken: Werkstukspanrinrichting in het achterste boorgat (37) van de tafel schuiven.
-Vo o r s mawkstukken: Werkstukspaninrichting in het voorste boorgat (38) van de tafel schuiven.
8.3 Special voor elektrische machines

Gevaar! Elektrische spanning
Het apparaat mag uitsluitend worden aangesloten op een stopcontact dat aan de hierna volgende voorwaarden voldoet (zie ook hoofdstuk 16. "Technische gegevens"):
- Netspanning en -frequente要去
overeienstemmen met de waarden op het typeplaatje van het apparaat. - De stroomkringClient vakkundig beveilig te worden met een differentieelschakelaar die aanslaat bij eenlekstroom van 30mA
NEDERLANDSNI
- De stopcontacten要去 reglementair geinstalleerd zich en een goedgekeurde aarding hebben.
- Het snoer要去 gelegd worden dat het zaagwerkzaamheden Niet kan bemoeilijken enDat het snoer Niet beschadigd kan raken.
- Gebruik als verlengsnoer alleen snoeren met rubbermantel en voldoende diameter (3× 1,5mm^2)
- Gebruik verlengsnoeren voor gebruik buitenhuis. Gebruik in de open lucht alleen hiervoor togetelaten en overeenkomstig gekenmerke verlengsnoeren.
- Voorkom het per ongeluk starten. Controller de aan/-uit-schakelaar isuitgeschakeld wanner de stekker in het stopcontact worden gestoken.
8.4 Special voor accurmachines
Voorkom het pe por oneselfuk starten. Verzeker u ervan dat de schakelaar bij het insteken van het occupack uitgeschakeld is.
Bij een defeche machine dient u het accupack uit de machine te halen.
Accupack
Het accupack (33) voor gebruik opladen.
Laad het.accupack bij vermogensverlies wee por. U vindt instructies voor het laden van het accupack in de gebruiksaanwijzing van de Metabo-lader. Li-Ion-accupacks,Li-Power" heben een capacitieits- en signalindicatie (32):
- Drukoptoets (31) en de laadtostand door de LED-verlichting aangegeven.
- Wonneer een LED-lampje knippert, is het accupack bijna leeg en moet worden opgeladen.
Op de verzending van Li-ion.Accupacks is het voorschrift voor het transport van gevaarlijke stoffen (UN 3480 en UN 3481) van toepassing. Informeer bij het versturen van Li-ion accurpacks waar de actuel e geldende voorschriften. Informeer u ook bij uw transportbedrivij. Gecertificierde vergpakking is bij Metabo verkrijgbaar.
Verstuur.Accupacks alleen als de behuizing onbeschadig is en er geen vloeistof uit lekt.Voor het verzenden haalt u het occupapui de machine.De contacten gegen kortsluiting beschermen (bijv. met tape isoleren).
Accupack verwijderen,plaatsen
Uitnemen: De knop voor de.Accupackontgrendeling (30) indrukken en accupack (33) maar achteren eruit trekken.
Inbrengen: accupack (33) erop schuiven tot deze inklikt.
9. Bediening
- Controller voor de werkzaamheden of de veiligheidsvoorzijeningen feilloos functioneren.
-
Let steeds op een juiste houding en plaats tijdens het zagen:
-
neem plaats aan de voorkant;
- gegenover het zaagblad;
-van het opstuivende zaagsel.

Gevaar!
Fixeer het werkstuk indien möglichk met de werkstukspaninrichting (15).

Klemgevaar!
Pakijdens het kantenen of zwenken van de zaagkop Niet in het scharnierbereik of onder het apparatusa!
- Houdijdens het kantelen de zaagkop vast.
- Gebruikijdens de werkzaamheden:
- Werkstuksteunen - bij lange werkstukken, die na het afzagen van de tafel zouden vallen;
- Spaanzak of spaanafzuiginstallatie.
Zaat alleen werkstukken die groot genoeg zich, zodat ze bij het zagen veilig vastgeklemd konnen worden. - Druk het werkstukijdens het zagen steeds op de tafel enplaats het nooit op zijn kant. Probeer het zaagblad ook Niet af te remmen door middel
van zijdelinges druk. Er bestaat een risico op ongevallen als het zaagblad geblokkeerd worden.
9.1 Rechte zaagsnedes Uitgangspositie:
- Transportvergrendeling (24) eruit getrokken.
- Zaagkop maar boven gezwenkt.
-Zaagdieptebegrenzing (51)uitgeschakeld.
-Draaitafel staat in 0^ -positie, vergrendelgreep (11) voor draaitafel is vastgetrokken. - Hoek van de kantelarm tot de verticale positie bedraagt 0^ , vergrendelingshendel (22) voor het instellen van de hoek is vastgetrokken.
Trekbank helemaal maar zichteren.
Borgschoef (13) van de trekbank is los.
Werkstukaanslag (25) instellen: Borgschoef (35) losdraaien. Het extra profiel (34) zo verschuiven, dat het werkstuk zo goed möglichkt worden ondersteund, zonder in contact te komen met het blad of de beschemkap. Met borgschoef (35) fixeren.
Werkstuk zagen:
- Werkstuk gegen de aanslag drukken en met de werkstukspaninrichting (15) vastklemmen.
- Bij bredere werkstukken: Zaagkop waar voren (aar de bediener) trekken (trekbank).
- Veiligheidsvergrendeling (26) activeren en aan-/uit-schakelaar (27) drukken en ingedrukt honden.
dZaagkop aan de handgreep langzaam helemaaal naer beneden latent zakken en indien nodig aanipheren (weg van de bediener) schuiven. Tijdens het zagen de zaagkop slechts zo steig op het werkstuk drukken, dat het motorteroental niet te sterk daalt.
- Werkstuk in een keer doorzagen.
- Aan-/uit-schakelaar (27) loslaten en zaagkop langzaam in de bovenste uitgangspositie terug latenten zwenken.
9.2 Versteksnede Uitgangspositie:
- Transportvergrendeling (24) eruit getrokken.
- Zaagkop maar boven gezwenkt.
-Zaagdieptebegrenzing (51)uitgeschakeld.
-Hoek van de kantelarm ten opzichte van de verticale positie bedraagt 0^ vergrendelingshendel (22) voor het instellen van de hoek is vastgetrokken.
Trekbank helemaal maar achteren.
Borgschoef (13) van de trekbank is los.
Werkstukaanslag (25) instellen: Borgschoef (35) losdraaien. Het extra profiel (34) zo verschuiven, dat het werkstuk zo goed möglichkt wordt ondersteund, zonder in contact te komen met het blad of de beschemkap. Met borgschoef (35) fixeren.
Werkstuk zagen:
- Vergrendelgreep (11) van de draaitafel losdraaien en de pal (12) losdraaien.
- Gewenste hoek instellen.
- Vergrendelgreep (11) van de draaitafel vastdraaien.
- Werkstuk zagen, zoals beschreiben bij "Rechte zaagsnedes".
9.3 Schuine zaagsnedes Uitgangspositie:
- Transportvergrendeling (24) eruit getrokken.
-Zaagkopaarboven gezwenkt.
-Zaagdieptebegrenzing (51)uitgeschakeld.
Draaitafel staat in 0^ -positie, vergrendelgreep (11) voor draaitafel is vastgetrokken.
Borgschoef (13) van de trekbank is los.
Trekbank helemaal maar zichteren.
Werkstukaanslag (25) instellen: Borgschoef (35) losdraaien. Het extra profiel (34) zo verschuiven, dat het werkstuk zo goed möglichk worden ondersteund, zonder in contact te komen met het blad of de beschemkap. Met borgschoef (35) fixeren.
Voor bepaalde instelleningen van de hoek kan het noodzakelijk zijn, het extra profiel (34), na het losdraien van de borgschoret (35), er
helemaaluit te trekken.Borgschoef (35)weer vastdraaien. Na het uittvoeren van de zaagsnede het extra profiel (34)weer aanbrengen en met de borgschoef (35) fixeren, zDat hij Niet verloren raakt.)
Werkstuk zagen:
- Vergrendelhendel (22) voor het instellen van de hoek aan de achterkant van de zaag los maken.
- Kantelarm langzaam in de gewenste positie kantelen.
- Vergrendelhendel (22) voor het instellen van de hoek vasttrekken.
- Werkstuk zagen, zoals beschreiben bij "Rechte zaagsnedes".
9.4 Dubbele versteksnedes

Aanwijzing:
De dubbele versteksnede is een combinatie uit een versteksnede en een schuin snede. Dat beteket, het werkstuk wordt schuin in richting van deijkenste aanleunrand en schuin waar de bovenkant gezaagd.

Gevaar!
Bij de dubbele versteksnede is het zaagblad vanwege de vergrootte hoek makkelijker toegankelijk - hierdoor bestaat een verhoogd letselrisico. Houd steeds voldoende afstand tot het zaagblad!
Uitgangspositie:
- Transportvergrendeling (24) eruit getrokken.
-Zaagkop naar boven gezwenkt.
-Zaagdieptebegrenzing(51)uitgeschakeld.
Draaiafalen gwenste positie vergrendeld.
Kantelarm in gewenste hoek ten opzichte van het werkstukoppervlak gekanteld en vergrendeld.
Borgschoef (13) van de trekbank is los.
Trekbank helemaal maar achteren.
Werkstukaanslag (25) instellen: Borgschoef (35) losdraaien. Het extra profiel (34) zo verschuiven, dat het werkstuk zo goed可想而知 ondersteund, zonder in contact te komen met het blad of de beschemkap. Met bergschoef (35) fixeren. Voor bepaalde instelingen van de hoek kan het moodzakelijk,zijn, het extra profiel (34), na het losdraaien van de bergschoef (35),er helemaal uit te trekken. Borgschoef (35) weer vast draaien. (Na het uityoeren van de zaagsnede het extra profiel (34) wee aanbrengen en met de bergschoef (35) fixeren, zodate hij niet verloren raakt.)
Werkstuk zagen:
- Werkstuk zagen, zoals beschreiben bij "Rechte zaagsnedes".
9.5 Groven zagen

Aanwijzig:
De zaagdieptebegrenzing maakt samen met de trebkank het maken van groeven mogelijk. Hierbij wordt geen deelsnede gemaakt, maar wordt het werkstuk slechts tot op een bepaalde diepte ingesneden.
Gevaar op terugslag!
Bij het makeen van groeven is het bijzonder belangrijk, dat er geen zijdelingse druk op het zaagblad worden uitgeoefend. De zaagkop kan anders plotseling omhoog slaan! Gebruik voor het makeen van groeven een spaninrichting. Vermijd een zijdelingse druk op de zaagkop.
Uitgangspositie:
- Transportvergrendeling (24) eruit getrokken.
- Zaagkop maar boven gezwenkt.
Kantelarm in gewenste hoek ten opzichte van het werkstukoppervlak gekanteld en vergrendeld.
Draaiafalen gewenste positie vergrendeld.
Borgschoef (13) van de trekbank is los.
Trekbank helemaal maar achteren.
Werkstuk zagen:
- Zaagdieptebegrenzing (50) instellen op de geweneste zaagdiepte en met de contramoer fixeren.
- Veiligheidsvergrendeling (26) losmaken en zaagkop maar beneden zwenken om de ingestelde zaagdiepte te controleren:
- Proefsnde make.
- Indien nodig stap 1 en 3 herhalen totdat de gewenste zaagdiepte is ingesteld.
- Werkstuk zagen, zoals beschreiben bij "Rechte zaagsnedes".
10. Service en onderhoud

Gevaar!
Voor alle onderhouds-en reinigingswerkzaamheden dient u de stekker uithet stopcontact te trekken of het accupack (33) verwijdenen.
- Andere dan de in dit hoofdstuk beschreiben onderhouds- of reparatiewerkzaamheden mogen uitsluiend door geschoold personeel worden uitgevoerd.
- Beschadigde onderdelen, in het bijzonderveiligheidsvoorzieningen, mogen alleen doororiginele onderden worden verrangen. Onderdelen die nicht gekeurd en vrijgegeven zichdoor de fabrikant konnen onvoorziebnbare beschadigingen veroorzaken.
- Nadat u klaar bent met de service en/ of onderhoudsbeurt, moet de goede werkking van alle veiligheidsvoorzieningen als eerste gecontroleerd worden.
10.1 Zaagblad cervangen

Risico van verbranding!
Onmiddelijk na het zagen kan het zaagblad erg heet+zijn. Laat een heet zaagblad erest voldoende afkoelen. Reining een heet zaagblad Niet met brandbare vloeistoffen.

Gevaar voor snijwonden bestaat ook t zaagblad stil staat!
Tijdens het losdraien en vastdraien van de stelschroef (43)要去 de pendel beschemrkap (6) over het zaagblad gezwenkt zijn. Bij het verwagensen van een zaagblad要去 veiligheidshandschoenen dragen.
- Stekker uit het stopcontact trekken of het accupack (33) verwijderen.
- Zaagkop in de bovenste stand brengen.
- Zaagblad vergrendelen: De vergrendelknop (18) indrukken en hier bij het zaagblad met de andere hand draaien, totdat de vergrendelknop vastklikt. Vergrendelknop ingedrukt honden.
- Stelschroef met schijf (43) op de zaagas met een binnenzeskantstleutel (14) rechtsom eraf schroeven (inkse schroeifdraad!).
- Veiligheidsvergrendeling (26) los make
(alleen bij apparaten die op stroom werken) en
pendel beschermkap (6) maar boven schuiven
en vasthouden. - Buitenflens (44) en zaagblad (45) voorzichtig van de zaagas nemen en pendel beschermkapeer sluitten.

Gevaar!
Gebruik geen schoonmaakmiddelen (bijvoorbeeld om harsresten te verwijderen) die de lichtmetalen delen zouden konnen beschadigden. De stabilititeit van de zaag zou erdoor konnen worden beperkt.
- Opspanvlak reinigen:
-zaagas (48),
-zaagblad (45),
-buitenflens (44),
-binnenflens (47)

Gevaar!
Binnenflens correct opleggen! De zaag kan anders blokkeren of het zaagblad kan losraken! De binnenflens zit goed, als de ringgroef maar het zaagblad en de vlakke kan tant waar de motor wijst.
-
Binnenflens (47) monteren.
-
Veiligheidsvergrendeling (26) los make
(alleen bij apparaten die op stroom werken) en
pendel beschemkap (6) maar boven schuiven
en vasthouden. - Nieuw zaagbladplaatsen - let op de draairichting: Van de linker (geopende) kant gezien,要去 dijl op het zaagblad overeenkomen met de pijrichting (46) op de zaagbladafdekking!

Gevaar!
Gebruik alleen zaagbladen die voldoen aan de in de ze gebruikershandleiding genoemde eisen en kenmerken.
Gebruik alleen geschikte zaagbladen die overeenkomen met het maximale toerental (zie "Technische gegevens") - bij ongeschikte of beschadigde zaagbladen konnen onder invloed van de middelpuntvliedende kracht delen wegsglingerd worden.
Zaagbladen diearendontworpen voor het zagen van hout of dergelijkematerialien, moeten voldoen aan EN 847-1.
Niet gebruiken:
-zaagbladen van hooggelegeerd sneldraiaastaal (HSS);
-beschadigde zaagbladen;
-slijpschijven.

Gevaar!
-Het zaagblad moet gemonteerd worden met originele onderden.
- Gebruik nooit losse spanringen. Het zaagblad zou vanzelf los konnen raken.
- De zaagbladen要去 uitgebalanceerd zich. Ze mogen nicht trillen, anders können zeijdens het werkken vanzelfloskomen.
11.Pendel beschemkap (6)weer sluiten.
12. Buitenflens (44) erop schuiven - de vlakke kant要去aar de motor wijzen!
13.Stelschroef met schijf (43) linksom erop schroeven (inkse schreefdraad!) en met de hand vastdraaien.
14.Zaagblad vergrendelen: De vergrendelknop (18)indrukken hierbij het zaagblad met de andere hand draaien, totdat de vergrendelknop vastklikt. Vergrendelknop ingedrukt honden.

Gevaar!
-Zeskantsleutel nicht verlengen.
-Slanietopdezeskantsleutelomde stels vastte draaien.
15.Stelschroef (43) met de zeskantsleutel (14) stevig vastdraien.
16. Functionaliteit controleren. Hiervoor de veiligheidsvergrendeling (26) los makeen (alleen bij apparaten die op stroom werken) en de zaag maar beneden klappen:
- de pendel beschermkap要去 het zaagblad bij het waar beden zwenken vrijgeven, zonder andere onderdelen aan te raken.
-Bij het omhoog klappen van de zaag in de uitgangspositie要去 delpend beschemkap hetzaagblad automatisch afdekken.
Zaagblad met de hand draaien. Het zaagblad要去 in jegere möglichke positie kuren draaien,zonder andere onderdelen aan te raken.
10.2 Tafel inlegprofiel verrangen

Gevaar!
Als het tafel inlegprofiel (10) beschadigd is, bestaat het risico datkleine voorwerpenussen
het tafel inlegprofiel en het zaagblad
vastklemmen en het zaagblad blokkeren.
Bescadigde inlegprofielen要去en onmiddelijk
vervangen worden!
- Schroeven van het inlegprofiel losdraaien.
Indien nodig de draaitafel draaien en zaagkop kanten, om de schroeven te konnen bereiken. - Inlegprofiel verwijderen.
- Nieuw inlegprofiel plaatsen.
- Schroeven van het inlegprofiel vastdraaien.
10.3 Werkstukaanslag instellen
- Binnenzenskantschroeven (49) losdraaien.
- Werkstukaaanslag (25) zo instellen, dat hij precies haaks op het zaagblad staat als de draaiaftef in de 0^ -positie vastklicht.
- Binnenzenskantschroeven (49) vastdraien.
10.4 Zaaglaser instalellen Laser haaks instalellen
Middelste schroef (40) losdraaien. Laser verdraaien. Middelste schroef (40) vastdraaien.
Laser zijdelings instellen
- Rechter schroef (42) en linker schroef (41) losdraaien. Laser horizontal verschuiven. Rechter schroef (42) en linker schroef (41) vastdraaien.
10.5 Apparaat reinigen
Zaagsel en stof met een borstel of stofzuiger verwijderen van/uit:
instelinstallations;
- bedieningselementen;
- koelopening van de motor;
- ruimte onder het inlegprofiel;
-zaaglaser;
- zaagbereikverlichting
10.6 Apparaat bewaren

Gevaar!
- Sla het apparaat zo op dat het Niet door onbevoegden in werkig kan worden gesteld.
Zorg ervoor dat zich niemand aan het staande apparaat kan verwonden.

Let op!
- Het apparaat Niet in de openlucht of in een vochtige omgeving bewaren.
10.7 Onderhoud Voor jederingeinbe!
- Verwijder zaagsel met stofzuiger of penseel.
- Controle van netsnoer en netstekker of occupap op beschadigingen; indien nodig laat u de defecte onderdelen door een elektromonteur verrangen.
Alle bewegende onderdelen controleren, of zich over het gehele bewegingsbereik vrij hunnen bewegen.
Regelmatig, afhankelijk van de werkkomstandigheden
- Controller alle schroefverbindingen en schroef ze eventueel vast.
- Reset functie van de zaagkop controeren (zaagkop要去 door veerkracht in de bovenste uitgangspositie terugkeren), indien nodig de veer latentervangen.
- Geleidingselementen smeren.
11. Handige tips
- Gebruik bij lange werkstukken links en rechts van de zaag geschikte ondersteuningen.
Bij schuine snedes dient u het werkstuk rechts van het zaagblad vast te houden.
Tijdens het zagen vankleine stukken de extra aanslag gebruiken (als extra aanslag kan bijv. een passende houten planta worden gebruikt, dat wordt vastgeschroefd aan de aanslag van het apparatus).
NEDERLANDSNI
Tijdens het zagen van Ronde (vervormde) planken (52) de waar buiten verwormde kant gegen de werkstukaanslag plaatsen.
Werkstukken nichtrechtop zagen, maar plat op de draaitafel leggen.
12. Toebehoren
Gebruikuitsluitend originele Metabo of CAS (Cordless Alliance System) accompanies en accessoires.
Gebruik alleen toebehoren die voldoen aan de in deze gebruikershandleiding genoemde eisen en kenmerken.
A Onderhouds- en verzorgingsspray voor het verwijderen van harsresten en voor het conserveren van metalen oppervlakken. 0911018691
B Zuigadapter Multi voor het aansluien van zuigslangen met 44, 58 of 100 mm aansluitstuk 0910058010
C Metabo alleszuiger (zie catalogus)
D Onderstellen:
Universeeel machine-onderstel UMS 631317000
Mobil onderstel KSU 251 Mobile 629007000
Onderstel KSU 251 629005000
Onderstel KSU 401 629006000
E Rolonderstel:
RS 420G 0910053345
RS 420 W 0910053361
F Oplaadapparaten: ASC 145, etc.
G Accupacks met verschiedene capaciteiten. Koop alleen accupacks met een spanning die aansluit bij uw elektrisch gereedschap. Bestelnr.: 625369000 (8,0 Ah, LiHD) Bestelnr.: 625368000 (5,5 Ah, LiHD) etc.
Zaagbladen voor KGS 216 / KGS 216 M / KGSV 216 M:
H Zaagblad Power Cut 6.28009
216 x 2,4 / 1,8 x 30 WZ 5° neig
voor langs-en dwarsrichting in massief hout
I Zaagblad Precision Cut Classic 6.28060 216× 2,4 / 1,8× 30 40 WZ 5^ neig voor langs-en dwarsrichting in massief hout en spanplaat
J Zaagblad Multi Cut Classic 6.28066 216× 2,4 / 1,8× 30 FZ/TZ 5^ neig voor langs-en dwarsrichting in gecoat materiaal, laminaal, kunststof en aluminium profielen
Zaagbladen voor KGS 254 M:
K Zaagblad Precision Cut Classic 6.28061 254× 30× 2,4 / 1,8 48 WZ 5^ neig voor langs-en dwarsrichting in massief hout en spanplaat
L Zaagbad Multi Cut 6.28223 254× 30× 2,4 / 1,6 80 FZ/TZ 5^ neig voor langens-en dwarsrichting in gecoat materiaal, laminaat, kunststof en aluminium profielen
Zaagbladen voor KGS 305 M:
M Zaagblad Precision Cut Classic 6.28064 305× 30× 2,4 / 1,8 56 WZ 5^ neig voor langs- en dwarsrichting in massief hout en spaanplaat
N Zaaglbad Multi Cut 6,28091 305× 30× 2,8 / 2,096 FZ/TZ 5^ neig, Voor langen-en dwarsrichting in gecoat materiaal, laminaat, kunststof en aluminium profielen
Zaagbladen voor KGS 18 LTX 216:
O Zaagblad Precision Cut Classic 6.28065 216× 1,8 / 1,2× 30 40 WZ 5^ voor langs-en dwarsrichting in massief hout en spanplaat
Complet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus.
13. Reparatie

Gevaar!
Reparaties aan elektrische werktuigen mogen alleen uitgevoerd worden door elektrotechnici!
Wanner de stroomkabel van dit apparaat worden beschadigd,要去这点 door een originele Metabo-stroomkabel worden verragen.
Neem voor elektrisch gereedschap van Metabo dat gerepareerdClient te worden contact op met
uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com.
Lijsten met reserveonderdelen kurz u via www.metabo.com downloaden.
Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijkke verwijdering en de recycling van afgedankte machines, verpakkingen en toebehoren.
Alleen voor EU-landen: Geef uw elektrisch gereedschap nooit met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtijn 2012/12/EU inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving dient oud elektrisch gereedschap gescheden te worden ingezameld en op milieuvriendelijkwijze te worden afgevoerd.
15.Problemen en storingen
Hierna worden problemen en storingen beschreiben, die u selbst mag verhelpen. Als de hier beschreiben maatregelen Niet verdter helpen, kunt u een kijkje nemen in hoofdstuk 13. "Reparatie".

Gevaar!
In combinatie met problemen en storingen gebeuren bijzonder vaak ongelukken. Neem waar het volgende in acht:
- Trek voor iedere keer dat u een storing verheltp de stekker uit het stopcontact of verwijder het occupapck (33).
Nadat de storing verholpen is, moet u eerst de goede werkung van alle voiligheidsvoorzieningen controeren.
Geen kapfunctie
Transportvergrendeling vergrendeld:
- Transportvergrendeling eruit trekken.
Veiligheidsvergrendeling vergrendeld:
Veiligheidsvergrendeling losmaken.
Het zaagblad is bot (het zaagblad vertoont eventueel brandvlekken opzij);
Zaagblad is nicht geschikt voor het materiaal (zie hoofdstuk 12."Toebehoren");
Zaagblad cervormd:
Zaagblad verrangen (zie hoofdstuk 10. "Onderhoud").
Zaagblad vibreert krachtig
Zaagblad cervormd:
Zaagblad verwangen (zie hoofdstuk 10. "Onderhoud").
Zaagblad is nicht correct gemonteerd:
Zaagblad correct monteren (zie hoofdstuk 10. "Onderhoud").
Draaitafel loopt stroef
Zaagspanen onder de draaitafel:
- Zaagspanen verwijderen.
Toelichting bij de gegevens van pagina 3. Wijzigingen en technische verbeteringen voorbehonden.
U =netspanning / spanning van het occupack
= nominale stroom
F =min. beveiling
P1 =nominalvermogen
IP = beschemingsklasse
n0 =toerental bij onbelast draaien
v_0 =max. zaagsnelheid
D =zaagbladdiameter(buiten)
d =zaagbladboring(binnen)
b = max.tandbreedte van het zaagblad
A =afmetingen (lxbxh)
m = gewicht
Eisen voor een spaanafzuiqinstallatie:
D1 =aansluitdiameter van de afzuiqkoker
D2 =minimum luchtdebiet
D3 =minimum onderduk aan de afzuigkoker
D4 =minimum luchtsnelheid aan de afzuigkoker
Emissiewaarden
Maximale doorsnede van het werkstukzie tabel op pagina 4.
Toegestane omgevingstepmateruur tijdens het begruiuk: -20^ tot 50^ (beperkt vermogen bij temperatuuren beneden 0^ ). Toegestane
omgevingstemperatuur tijdens de opslag: 0^ tot 30^
Wisselstroom
Gelijkstroom
Machine van beveiligingsklasse II
De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm).
Deze waarden makeen een beordeling van de emissie van het elektrische gereedschap en een vergelijkking van de verschillende elektrische gereedschappen möglichk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap kan de daadwerkelijkke belasting hoger of lager uittvallen. Neem voor de beordeling pauzes en fases met een lagere belasting in aanmerking. Bepaal op grond van de overeenkomstig aangepaste taxatiewaarden maatregelen ter beschemming van de gebruiker, bijv. organisatorische maatregelen.
Typisch A-gekwaliffeerd geluidsniveau:
LpA =geluidsdrukniveau
LWA =geluidsvermogensniveau
K_DA K_WA = onzekerheid
Draag gehoorbescherming!
isilginiams ir skersiniampijviamsdzio masya ir medzio drozliu plokste
Koksnes puteklu ieelpošana rada riskuni haumas!
Netiek veikta zagësana
Aktivizets transportsanas fiksators:
- izvelciet transportešanas fiksatoru.
Aktivizets droibas sledzis:
- atbrivojiet drošibas sledži.
Parak zema grieztspeja
Zaga asmens ir kluvis truls (uz asmens virsmas iespejamas apdeguma pazimes).
zaga asmens nav piemeroits attiecigajam materialam (skat. 12. nodalu, Piederum).
Saliektzagaasmens:
nomainiet zaga asmeni (skat. 10. nodaju, Tehniska apkope".
Zagis specigi vibre
Saliektszagaasmens:
nomainiet zaga asmeni (skat. 10. nodalu "Tecniska apkope".
Zaga asmens ir uzstadits nepareizi:
- uzstadiet zaga asmeni pareizi (skat. 10. nodalu, Tehniska apkope".
Rotjo so platformu ir gruti pagriezt
Zem platforms ir sakrajusas skaidas/putekji:
likvidejiet skaidas/puteklus.