5330 AA - Zaag SKIL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 5330 AA SKIL in PDF-formaat.
| Technische specificaties | Cirkelzaag, vermogen 1200 W, zaagbladdiameter 190 mm, onbelast toerental 5000 tpm |
|---|---|
| Gebruik | Ideaal voor het zagen van hout, panelen en vergelijkbare materialen, geschikt voor doe-het-zelf en bouwprojecten |
| Onderhoud en reparatie | Controleer regelmatig de staat van het zaagblad, verwijder zaagresten, smeer bewegende delen indien nodig |
| Veiligheid | Draag een veiligheidsbril, handschoenen en zorg ervoor dat het zaagblad goed is bevestigd voor gebruik |
| Algemene informatie | Gewicht 4,2 kg, garantie 2 jaar, inclusief zaaggeleider en stofzuigeradapter |
Veelgestelde vragen - 5330 AA SKIL
Gebruikersvragen over 5330 AA SKIL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 5330 AA - SKIL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 5330 AA van het merk SKIL.
GEBRUIKSAANWIJZING 5330 AA SKIL
ORIGINELE GEBRUIKSAANWIJZING
EU-conformiteitsverklaring Compacte zaag voor meerdere materialen Productnummer Wij verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat de genoemde producten voldoen aan alle desbetreende bepalingen van de hierna genoemde richtlijnen en verordeningen en overeenstemmen met de volgende normen. Technisch dossier bij:
Compacte zaag voor meerdere materialen 5330 INTRODUCTIE
- Deze machine is bestemd voor het in de lengte en dwars zagen van hout, spaanplaat, multiplex, aluminium, tegels, steen, plastic en lichte bouwmaterialen in een vaste positie
- Deze machine is uitsluitend bestemd voor het zagen van korte stukken
- Deze machine is niet bedoeld voor professioneel gebruik
- Lees deze handleiding aandachtig en bewaar hem zodat u hem in de toekomst kunt raadplegen 4 TECHNISCHE GEGEVENS 1 MACHINE-ELEMENTEN 2 A Veiligheidsschakelaar B Trekkerschakelaar C Klem voor instellen zaagdiepte D Zaagdiepte-schaalverdeling E Stofopvangslang F Aansluiting voor stofopvang G Zeskantsleutel H Opbergplaats voor zeskantsleutel J Asvergrendelknop K Zaagbladbout L Spanmoer M Knop voor invallend zagen N Voetplaat P Bovenste beschermkap Q Indicator “Stroom aan” R Zaaglijn-indikator S Breedtegeleider T Knop voor instellen breedtegeleider V Gehard stalen zaagblad W Diamantschijf X Zaagblad met hardmetalen tanden Y Ventilatie-openingen Z Onderste beschermkap VEILIGHEID
ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR
ELEKTRISCHE GEREEDSCHAPPEN WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en specificaties die bij dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle waarschuwingen en voorschriften voor toekomstig gebruik. Het in de waarschuwingen gebruikte begrip “elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met netsnoer) en op elektrische gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
1) VEILIGHEID VAN DE WERKOMGEVING
a) Houd uw werkomgeving schoon en opgeruimd. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden. b) Werk met het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) ELEKTRISCHE VEILIGHEID
a) De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok. b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is. c) Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.31 d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok. e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te gebruiken. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
3) VEILIGHEID VAN PERSONEN
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden. b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen. c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker in het stopcontact steekt of de accu aansluit en voordat u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden. e) Probeer niet ver te reiken. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, sieraden en lange haren kunnen door bewegende delen worden meegenomen. g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvang- voorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging beperkt het gevaar door stof. h) Ondanks het feit dat u eventueel heel goed vertrouwd bent met het gebruik van gereedschappen, moet u ervoor zorgen dat u niet nonchalant wordt en veiligheidsvoorschriften voor het gereedschap gaat negeren. Een onoplettende handeling kan binnen een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.
4) GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN ELEKTRISCHE
GEREEDSCHAPPEN a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu (indien uitneembaar) uit het elektrische gereedschap voordat u het elektrische gereedschap instelt, accessoires wisselt of het elektrische gereedschap opbergt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrische gereedschap. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt. e) Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het gereedschap gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen. f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden. g) Gebruik elektrische gereedschappen, toebehoren, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. h) Houd handgrepen en greepvlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepvlakken verhinderen dat het gereedschap in onverwachte situaties veilig kan worden gehanteerd en bediend.
a) Laat het gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
GEVAAR : Houd uw handen uit de buurt van de zaagomgeving en het zaagblad. Als u de zaagmachine met beide handen vasthoudt, kunnen uw handen niet door het zaagblad verwond worden.32 b) Reik niet naar iets onder het werkstuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet beschermen tegen het zaagblad. c) Stel de zaagdiepte in op de dikte van het werkstuk. Onder het werkstuk dient minder dan een volledige tand van de zaagbladtanden zichtbaar te zijn. d) Houd het te zagen werkstuk nooit in uw hand of op uw been vast. Zet het werkstuk in een stabiele opname vast. Het is belangrijk om het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van contact met het lichaam, vastklemmen van het zaagblad of verlies van de controle te minimaliseren. e) Houd het elektrische gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen netkabel kan raken. Contact met een onder spanning staande leiding zet ook de metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning en leidt tot een elektrische schok. f) Gebruik voor het afzagen van een langwerpig stuk hout altijd een breedtegeleider of een recht stuk hout als geleider. Daarmee wordt nauwkeuriger gezaagd en de kans op het verklemmen van het zaagblad verkleind. g) Gebruik altijd zaagbladen met de juiste maat en met een passende vorm van het opnameboorgat (bijv. stervormig of rond). Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaagmachine passen, lopen niet rond en leiden tot het verliezen van de controle. h) Gebruik nooit beschadigde of niet passende flenzen of bouten bij het zaagblad. De zaagbladenzen en -bout zijn speciaal ontworpen voor uw zaag, voor optimale prestatie en veiligheid tijdens het werk.
- Terugslag is een plotselinge reactie op een vastgeklemd, vastgelopen of niet goed uitgelijnd zaagblad, waardoor de zaag ongecontroleerd uit het werkstuk omhoog richting gebruiker springt
- Indien het zaagblad vastgeklemd zit of vastloopt in de zich sluitende zaagsnede, blokkeert het blad en zorgt de reactie-kracht van de motor ervoor, dat de machine snel richting gebruiker terug springt
- Als het zaagblad in de zaagsnede vervormd raakt of niet recht in de zaagsnede loopt, kunnen de zaagtanden aan de achterkant van het zaagblad in de bovenste laag van het hout grijpen, met als gevolg dat het zaagblad uit de zaagsnede klimt en terug naar de gebruiker springt
- Terugslag is het resultaat van verkeerd gebruik van de machine en/of onjuiste werkprocedures of -omstandigheden en kan voorkomen worden door de juiste voorzorgsmaatregelen in acht te nemen, zoals hieronder aangegeven a) Houd de zaag altijd stevig met beide handen vast en positioneer uw armen zodanig, dat u de krachten die ontstaan bij machine-terugslag kunt weerstaan. Positioneer uw lichaam aan één kant van het zaagblad, in ieder geval niet op dezelfde lijn als het zaagblad. Terugslag kan ervoor zorgen, dat de zaag naar achteren springt, maar terugslag-krachten kunnen door de gebruiker gecontroleerd worden als de juiste voorzorgsmaatregelen in acht genomen worden. b) Laat de schakelaar los, indien het zaagblad vastloopt, of indien om een andere reden het zaagproces onderbroken wordt, en houd de machine bewegingsloos in het materiaal todat het zaagblad volkomen tot stilstand komt. Probeer nooit om de zaag uit het werkstuk te verwijderen, of trek de zaag nooit naar achteren als het zaagblad in beweging is, want anders ontstaat terugslag. Onderzoek en neem corrigerende maatregelen om de oorzaak van vastlopen van het zaagblad te elimineren. Vermijd het zagen in spijkers en schroeven. c) Plaats, bij het opnieuw starten van de machine als deze zich in het werkstuk bevindt, het zaagblad midden in de zaagsnede en controleer of de zaagtanden niet in het materiaal vastzitten. Als het zaagblad vastloopt, kan het uit het werkstuk lopen of een terugslag-reactie geven als de machine opnieuw wordt gestart. d) Ondersteun grote panelen om het risico van vastklemmen en terugslaan van het zaagblad tot een minimum te beperken. Grote panelen hebben de neiging onder hun eigen gewicht door te zakken. De steunpunten moeten aan beide kanten onder het paneel geplaatst worden, vlakbij de zaagsnede en vlakbij de zijkant van het paneel. e) Gebruik geen botte of beschadigde zaagbladen. Een onscherp of onjuist geplaatst zaagblad zorgt voor een smalle zaagsnede met grote wrijving, vastlopen van het zaagblad en machine-terugslag als gevolg. f) De bedieningshendels voor het instellen van zaagdiepte en verstekhoek moeten stevig vastzitten, voordat u gaat zagen. Als de zaagblad-instelling verschuift tijdens het zagen, kan dit vastlopen van het zaagblad en machine-terugslag tot gevolg hebben. g) Wees bijzonder voorzichtig bij zaagwerkzaamheden in bestaande muren of andere plaatsen zonder voldoende zicht. Het invallende zaagblad kan bij zaagwerkzaamheden in niet-zichtbare voorwerpen blokkeren en een terugslag veroorzaken.
3) FUNCTIE VAN BESCHERMKAP
a) Controleer voor elk gebruik of de beschermkap correct sluit. Gebruik de zaagmachine niet als de beschermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddellijk sluit. Klem of bind de beschermkap nooit in de geopende stand vast. Anders is het zaagblad onbeschermd. Als de zaagmachine op de vloer valt, kan de beschermkap verbogen worden. Controleer dat de beschermkap vrij beweegt en bijalle zaaghoeken en zaagdiepten het zaagblad of andere delen niet aanraakt. b) Controleer de toestand en functie van de veer van de beschermkap. Als de beschermkap en de veer niet correct werken, dient u de zaagmachine te laten nazien voordat u deze gebruikt. Beschadigde delen, plakkende aanslag of ophoping van spanen laten de onderste beschermkap vertraagd werken. c) Als u invallend zaagt en u dat niet haaks doet, dient u de grondplaat van de zaagmachine vast te zetten om zijwaarts verschuiven te voorkomen. Zijwaarts verschuiven kan tot vastklemmen van het zaagblad en daarmee tot terugslag leiden.33 d) Leg de zaagmachine niet op de werkbank of op de vloer zonder dat de beschermkap het zaagblad bedekt.Een onbeschermd uitlopend zaagblad beweegt de zaagmachine tegen de zaagrichting en zaagt wat er in de weg komt. Let op de uitlooptijd van de zaagmachine.
4) VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR
DOORSLIJPMACHINES a) De bij het elektrische gereedschap behorende beschermkap moet stevig aangebracht en zodanig ingesteld zijn dat een maximum aan veiligheid wordt bereikt. Dat wil zeggen dat het kleinst mogelijke deel van het slijpgereedschap open naar de bediener wijst. Blijf uit de buurt van het vlak van de ronddraaiende slijpschijf en houd andere personen uit de buurt. De beschermkap moet de bediener beschermen tegen brokstukken en toevallig contact met het slijpgereedschap. b) Gebruik alleen met diamant bezette doorslijpschijven voor uw elektrische gereedschap. Het feit dat u het toebehoren aan het elektrische gereedschap kunt bevestigen, waarborgt nog geen veilig gebruik. c) Het toegestane toerental van het inzetgereedschap moet minstens zo hoog zijn als het maximale toerental dat op het elektrische gereedschap is aangegeven. Toebehoren dat sneller draait dan is toegestaan, kan onherstelbaar worden beschadigd. d) Slijptoebehoren mag alleen worden gebruikt voor de geadviseerde toepassingsmogelijkheden. Bijvoorbeeld: slijp nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Een zijwaartse krachtinwerking op dit slijptoebehoren kan het toebehoren breken. e) Gebruik altijd onbeschadigde spanflenzen in de juiste maat voor de door u gekozen doorslijpschijf. Geschikte enzen steunen de doorslijpschijf en verminderen zo het gevaar van een breuk van de doorslijpschijf. f) De buitendiameter en de dikte van het inzetgereedschap moeten overeenkomen met de maatgegevens van het elektrische gereedschap. Inzetgereedschappen met onjuiste afmetingen kunnen niet voldoende afgeschermd of gecontroleerd worden. g) Slijpschijven en flenzen moeten nauwkeurig op de uitgaande as van het elektrische gereedschap passen. Inzetgereedschappen die niet nauwkeurig op de uitgaande as van het elektrische gereedschap passen, draaien ongelijkmatig, trillen sterk en kunnen tot het verlies van de controle leiden. h) Gebruik geen beschadigde slijpschijven. Controleer vóór het gebruik de slijpschijven altijd op afsplinteringen en scheuren. Als het elektrische gereedschap of de slijpschijf valt, dient u te controleren of het gereedschap of de slijpschijf beschadigd is, of u dient een onbeschadigde slijpschijf te gebruiken. Nadat u de slijpschijf gecontroleerd en ingezet heeft, laat u het elektrische gereedschap een minuut lang met het maximale toerental lopen. Blijf daarbij uit de buurt van het vlak van de ronddraaiende slijpschijf en houd andere personen uit de buurt. Beschadigde slijpschijven meestal gedurende deze testtijd.
i) Draag persoonlijke beschermende uitrusting 6.
Gebruik afhankelijk van de toepassing een volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of veiligheidsbril. Draag voor zover van toepassing een stofmasker, een gehoorbescherming, werkhandschoenen of een speciaal schort dat kleine slijp- en metaaldeeltjes tegenhoudt. Uw ogen moeten worden beschermd tegen wegvliegende deeltjes die bij verschillende toepassingen ontstaan. Een stof- of adembeschermingsmasker moet het bij de toepassing ontstaande stof lteren. Als u lang wordt blootgesteld aan luid lawaai, kan uw gehoor worden beschadigd. j) Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand bevinden van de plaats waar u werkt. Iedereen die de werkomgeving betreedt, moet persoonlijke beschermende uitrusting dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken inzetgereedschappen kunnen wegvliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de directe werkomgeving. k) Houd het elektrische gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen stroomkabel kan raken. Contact met een onder spanning staande leiding kan ook metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden. l) Houd de stroomkabel uit de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Als u de controle over het elektrische gereedschap verliest, kan de stroomkabel worden doorgesneden of meegenomen en uw hand of arm kan in het ronddraaiende inzetgereedschap terechtkomen. m) Leg het elektrische gereedschap nooit neer voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het oppervlak, waardoor u de controle over het elektrische gereedschap kunt verliezen. n) Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap worden meegenomen en het inzetgereedschap kan zich in uw lichaam boren. o) Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap. De motorventilator trekt stof in de behuizing en een sterke ophoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken. p) Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materialen ontsteken. q) Gebruik geen inzetgereedschappen waarvoor vloeibare koelmiddelen vereist zijn. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan tot een elektrische schok leiden.
- Terugslag is de plotselinge reactie als gevolg van het vasthaken of blokkeren van een draaiende slijpschijf. Vasthaken of blokkeren leidt tot abrupte stilstand van het ronddraaiende inzetgereedschap. Daardoor wordt een ongecontroleerd elektrisch gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereedschap versneld op de plaats van de blokkering.34
- Als bijvoorbeeld een slijpschijf in het werkstuk vasthaakt of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstuk invalt, zich vastgrijpen. Daardoor kan de slijpschijf uitbreken of een terugslag veroorzaken. De slijpschijf beweegt zich vervolgens naar de bediener toe of van de bediener weg, afhankelijk van de draairichting van de schijf op de plaats van de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken.
- Een terugslag is het gevolg van het verkeerd gebruik of onjuiste gebruiksomstandigheden van het elektrische gereedschap. Terugslag kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven. a) Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een positie waarin u de terugslagkrachten kunt opvangen. Gebruik altijd de extra handgreep, indien aanwezig, om de grootst mogelijke controle te hebben over terugslagkrachten of reactiemomenten bij het op toeren komen. De bediener kan door geschikte voorzorgsmaatregelen de terugslag- en reactiekrachten beheersen. b) Breng uw hand nooit in de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Het inzetgereedschap kan bij de terugslag over uw hand bewegen. c) Mijd de omgeving voor en achter de ronddraaiende doorslijpschijf. Als u de doorslijpschijf in het werkstuk van u weg beweegt, kan in het geval van een terugslag het elektrische gereedschap met de draaiende schijf rechtstreeks naar u toe worden geslingerd. d) Werk bijzonder voorzichtig in de buurt van hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat inzetgereedschappen van het werkstuk terugspringen en vastklemmen. Het ronddraaiende inzetgereedschap neigt er bij hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt toe om zich vast te klemmen. Dit veroorzaakt een controleverlies of terugslag. e) Gebruik geen ketting- of vertand zaagblad en geen diamantschijf met meer dan 10 mm brede sleuven tussen de segmenten. Zulke inzetgereedschappen veroorzaken vaak een terugslag of het verlies van de controle over het elektrische gereedschap. f) Voorkom blokkeren van de doorslijpschijf en te hoge aandrukkracht. Slijp niet overmatig diep. Een overbelasting van de doorslijpschijf vergroot de slijtage en de gevoeligheid voor kantelen of blokkeren en daardoor de mogelijkheid van een terugslag of breuk van het slijptoebehoren. g) Als de doorslijpschijf vastklemt of als u de werkzaamheden onderbreekt, schakelt u het elektrische gereedschap uit en houdt u het rustig tot de schijf tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de groef te trekken. Anders kan een terugslag het gevolg zijn. Stel de oorzaak van het vastklemmen vast en maak deze ongedaan. h) Schakel het elektrische gereedschap niet opnieuw in zolang het zich in het werkstuk bevindt. Laat de doorslijpschijf eerst het volledige toerental bereiken voordat u het doorslijpen voorzichtig voortzet. Anders kan de schijf vasthaken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken.
i) Ondersteun platen of grote werkstukken om het
risico van een terugslag door een ingeklemde doorslijpschijf te verminderen. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorbuigen. Het werkstuk moet aan beide zijden worden ondersteund, vlakbij de slijpgroef en aan de rand. j) Wees bijzonder voorzichtig bij invallend frezen in bestaande muren of andere plaatsen zonder voldoende zicht. De invallende doorslijpschijf kan bij het doorslijpen van gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken. EXTRA VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ALGEMEEN
- Deze machine is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder begrepen kinderen) met fysieke, zintuiglijke of mentale beperkingen, of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan of instructies hebben ontvangen ten aanzien van het gebruik van deze machine door een persoon, die verantwoordelijk is voor hun veiligheid
- Laat u zich vóór het eerste gebruik van de machine ook praktisch over de bediening uitleg geven
- Deze machine is niet geschikt voor nat-zagen 3
- Trek altijd de stekker uit het stopcontact voordat u een instelling verandert of een accessoire verwisselt
- Gebruik de machine nooit voor afbraamwerkzaamheden
- Gebruik de machine niet, wanneer het snoer beschadigd is; laat dit door een erkende vakman vervangen
- Bedien het elektrische gereedschap niet stationair (dit is niet ontworpen voor gebruik met een zaagtafel)
- Bewerk geen asbesthoudend materiaal (asbest geldt als kankerverwekkend)
- Zaag geen harde metalen (hete splinters kunnen de stofopvang in brand zetten)
- Gebruik stopopvang als u met steen werkt. De stofzuiger moet zijn goedgekeurd voor de opvang van steenstof (als u deze apparatuur gebruikt, vermindert u stofgerelateerde gevaren)
- Stof van materiaal zoals loodhoudende verf, sommige houtsoorten, mineralen en metaal kunnen schadelijk zijn (contact met of inademing van de stof kan allergische reacties en/of ademhalingsziekten bij gebruiker of omstanders veroorzaken); draag een stofmasker en werk met een stofopvang-voorziening als die kan worden aangesloten
- Bepaalde soorten stof zijn geclassiceerd als kankerverwekkend (zoals stof van eiken en beuken), met name in combinatie met toevoegingsmiddelen voor houtverzorging; draag een stofmasker en werk met een stofopvang-voorziening als die kan worden aangesloten
- Neem voor de door u te bewerken materialen de nationale voorschriften aangaande stofopvang in acht ACCESSOIRES
- SKIL kan alleen een correcte werking van de machine garanderen, indien originele accessoires worden gebruikt
- Gebruik alleen accessoires met een toegestaan toerental, dat minstens even hoog is als het hoogste onbelaste toerental van de machine35
- Gebruik uitsluitend zaagbladen/doorslijpschijven met een minimale diameter van 85 mm, een maximale diameter van 89 mm en een asgat van 10 mm
- Gebruik nooit afbraam-slijpschijven bij deze machine
- Controleer altijd of het voltage, dat vermeld staat op het typeplaatje van de machine, overeenkomt met de netspanning
- Voorkom schade, die kan onstaan door schroeven, spijkers en andere voorwerpen in uw werkstuk; verwijder deze, voordat u aan een karwei begint
- Wees op de hoogte van de knoppen en het juiste gebruik van de machine
- Verwijder, voordat u begint te zagen, alle obstakels zowel boven als onder het zaagvlak
- Zet het werkstuk vast (een werkstuk, dat is vastgezet met klemmen of in een bankschroef, zit steviger vast dan wanneer het met de hand wordt vastgehouden)
- Gebruik een geschikt detectieapparaat om verborgen stroom-, gas- of waterleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke energie- of waterleidingbedrijf (contact met elektrische leidingen kan tot brand of een elektrische schok leiden; beschadiging van een gasleiding kan tot een explosie leiden; breuk van een waterleiding veroorzaakt materiële schade en kan tot een elektrische schok leiden)
- Gebruik volledig uitgerolde en veilige verlengsnoeren met een capaciteit van 16 Ampère TIJDENS GEBRUIK
- Tijdens het werken kan het geluidsniveau 85 dB(A) overschrijden; draag oorbeschermers
- Houd het snoer altijd verwijderd van de bewegende delen van uw machine; richt het snoer naar achteren, van de machine weg
- Gebruik uw machine nooit zonder het originele beschermkapsysteem
- Probeer niet om uitzonderlijk kleine werkstukken te zagen
- Werk niet boven uw hoofd met het elektrische gereedschap (voldoende controle over het elektrische gereedschap is bij deze werkwijze niet gegarandeerd)
- Schakel, in geval van blokkeren of electrische of mechanische storing, de machine onmiddellijk uit en trek de stekker uit het stopcontact
- Raak het snoer niet aan, als dit tijdens de werkzaamheden wordt beschadigd of doorgesneden, maar trek onmiddellijk de stekker uit het stopcontact NA GEBRUIK
- Als u de machine wegzet moet de motor uitgeschakeld zijn en de bewegende delen tot stilstand zijn gekomen
- Na uitschakeling van uw machine, nooit een draaiend acccessoire stoppen door er aan de zijkant iets tegenaan te drukken
UITLEG VAN SYMBOLEN OP MACHINE
4 Lees de gebruiksaanwijzing vóór gebruik 5 Dubbele isolatie (geen aarddraad nodig) 6 Draag een veiligheidsbril en gehoorbescherming 7 Geef de machine niet met het huisvuil mee GEBRUIK
- Aan/uit 8 - schakel de machine in door eerst de knop A naar voren te drukken en dan aan de schakelaar te trekken B - zet de machine uit door trekker-schakelaar B los te laten
- Instellen zaagdiepte (0-28,5 mm) 9 - draai de klem C los - stel de gewenste zaagdiepte in met behulp van de schaalverdeling D - zet de klem C vast - voor een optimale zaagsnede mag het zaagblad niet meer dan 3 mm onder het werkstuk uitsteken ! alleen bij gebruik van bladen met een diameter van 89 mm, correspondeert de zaagdiepte met de waarde op zaagdiepte-schaal D (gebruik tabel 0 voor het bepalen van de werkelijke zaagdiepte) ! altijd eerst uitproberen op een stuk afvalmateriaal
- Stofafzuiging ! - sluit de slang van de stofzuiger E aan op de aansluiting F en de stofzuiger, zoals afgebeeld ! laat de stofzuigerslang nooit het openen van de beschermkap of het zagen belemmeren ! gebruik de stofzuiger niet bij het zagen van metaal
- Verwisselen van het zaagblad @ ! trek de stekker uit het stopcontact ! zorg ervoor, dat het zaagblad tot stilstand gekomen is - stel de zaagdiepte in het maximum - haal zeskantsleutel G uit opbergplaats H - druk op asvergrendelknop J en houd deze ingedrukt terwijl u zaagbladbout K verwijdert door zeskantsleutel G RECHTSOM te draaien (in de richting van de pijl op het zaagblad) ! druk asvergrendelknop J alleen in als machine helemaal stilstaat - laat asvergrendelknop J los - verwijder ens L - druk op knop M met uw duim - til de voet N omhoog en verwijder het zaagblad ! verwissel het zaagblad met de zaagtanden en de pijl op het zaagblad in dezelfde richting wijzend als de pijl op de bovenste beschermkap P - monteer ens L - draai zaagbladbout K stevig aan door zeskantsleutel G LINKSOM te draaien terwijl u op asvergrendelknop J drukt - laat asvergrendelknop J los
- Werken met de machine # - stel gewenste zaagdiepte in - steek de stekker in het stopcontact (lampje Q licht op om aan te geven dat de machine stroom krijgt) $ - druk op knop M met uw duim - plaats machine met voorkant van voet goed vlak op het werkstuk - kantel machine naar voren met zaaglijn-indikator R op één lijn met op werkstuk aangegeven gewenste zaaglijn ! zorg dat de zaagtanden het werkstuk niet raken - zet de machine aan ! houd bij het aanzetten rekening met een plotselinge terugslag van de machine ! het zaagblad moet eerst op volle snelheid zijn voordat u het in het werkstuk leidt ! forceer de machine niet (oefen lichte en constante druk uit om oververhitting van de zaagbladpunten en het smelten van kunststof materiaal te voorkomen)36 ! houd de machine tijdens het werk altijd vast bij het(de) grijs-gekleurde greepvlak(ken) % - schakel uw machine, na het maken van de zaagsnede, uit door trekker B los te laten ! zorg ervoor, dat het zaagblad tot stilstand gekomen is, voordat u de machine van het werkstuk haalt
- Inval-zagen ^ - zet de machine aan ! het zaagblad moet eerst op volle snelheid zijn voordat u het in het werkstuk leidt - druk op knop M met uw duim - kantel machine naar voren met zaaglijn-indikator R op één lijn met op werkstuk aangegeven gewenste zaaglijn - beweeg de machine geleidelijk naar voren ! de machine nooit naar achteren trekken
- Breedtegeleider S & - voor het maken van een precieze zaagsnede langs de rand van een werkstuk - kan aan beide kanten van de voet bevestigd worden Instellen breedtegeleider - draai knop T los - stel gewenste zaagbreedte in met behulp van schaal op breedtegeleider (gebruik zaaglijn-indikator R als 0-referentiepunt) - draai knop T vast TOEPASSINGSADVIES
- Gebruik uitsluitend scherpe zaagbladen van het juiste type * - gebruik een gehard stalen zaagblad V 2 voor het zagen van hout, aluminium, plastic en allerlei soort laminaathout - gebruik de diamantschijf W 2 voor het zagen van keramiek en tegels - zaagbladen met hardmetalen tanden X 2 blijven tot 30 maal langer scherp dan gewone zaagbladen
- Zagen van grote panelen ( - ondersteun paneel dicht bij de zaagsnede op de grond, een tafel of een werkbank ! stel zaagdiepte zo in, dat u door paneel en niet door de ondersteuning zaagt - indien breedtegeleider de gewenste zaagbreedte niet aankan, klem of spijker een recht stuk hout op werkstuk als een geleider, en gebruik de rechterkant van de voet tegen deze geleider
- Splintervrij zagen - leg de goede kant van het werkstuk altijd naar beneden - een recht stuk hout op het werkstuk bevestigen door middel van twee klemmen
- Voor meer tips zie www.skil.com ONDERHOUD / SERVICE
- Deze machine is niet bedoeld voor professioneel gebruik
- Houd machine en snoer altijd schoon (met name de ventilatie-openingen Y 2) ! trek de stekker uit het stopcontact vóór het reinigen
- Houd het gebied rondom de onderste beschermkap Z 2 altijd schoon (verwijder stof en splinters met behulp van perslucht of een borstel)
- Maak zaagblad onmiddellijk na gebruik schoon (met name als er hars of lijm op zit)
- Mocht het elektrische gereedschap ondanks zorgvuldige fabricage- en testmethoden toch defect raken, dient de reparatie te worden uitgevoerd door een erkende klantenservice voor SKIL elektrische gereedschappen - stuur de machine ongedemonteerd, samen met het aankoopbewijs, naar het verkoopadres of het dichtstbijzijnde SKIL service-station (de adressen evenals de onderdelentekening van de machine vindt u op www.skil.com) MILIEU
- Geef electrisch gereedschap, accessoires en verpakkingen niet met het huisvuil mee (alleen voor EU-landen) - volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG inzake oude electrische en electronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient afgedankt electrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recycle-bedrijf, dat voldoet aan de geldende milieu-eisen - symbool 7 zal u in het afdankstadium hieraan herinneren GELUID/VIBRATIE
- Gemeten volgens EN 60745 bedraagt het geluidsdrukniveau van deze machine 94 dB(A) en het geluidsvermogen-niveau 105 dB(A) (standaard deviatie: 3 dB), en de vibratie ✱ (vectorsom van drie richtingen; onzekerheid K = 1,5 m/s²) ✱ zagen van hout 2,9 m/s² ✱ zagen van metaal 2,8 m/s² ✱ snijden van tegels 2,8 m/s²
- Het trillingsemissieniveau is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test volgens EN 60745; deze mag worden gebruikt om twee machines met elkaar te vergelijken en als voorlopige beoordeling van de blootstelling aan trilling bij gebruik van de machine voor de vermelde toepassingen - gebruik van de machine voor andere toepassingen, of met andere of slecht onderhouden accessoires, kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen - wanneer de machine is uitgeschakeld of wanneer deze loopt maar geen werk verricht, kan dit het blootstellingsniveau aanzienlijk reduceren ! bescherm uzelf tegen de gevolgen van trilling door de machine en de accessoires te onderhouden, uw handen warm te houden en uw werkwijze te organiseren37
SimpelGids