P5611OT - Thermostaat Emos - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis P5611OT Emos in PDF-formaat.
| Technische specificaties | Programmeerbare thermostaat, compatibel met elektrische en warmwaterverwarmingssystemen. |
|---|---|
| Temperatuurbereik | 5°C tot 30°C. |
| Type display | Digitale LCD-weergave. |
| Voeding | 230V AC voeding. |
| Gebruik | Ideaal voor het regelen van de temperatuur in huizen, kantoren en andere ruimtes. |
| Installatie | Wandmontage, vereist geschikte elektrische bedrading. |
| Onderhoud | Controleer regelmatig de werking en reinig het scherm. |
| Veiligheid | Bescherming tegen elektrische overbelasting. |
| Garantie | 2 jaar garantie. |
| Algemene informatie | Product voldoet aan CE-normen. |
Veelgestelde vragen - P5611OT Emos
Download de handleiding voor uw Thermostaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding P5611OT - Emos en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. P5611OT van het merk Emos.
GEBRUIKSAANWIJZING P5611OT Emos
praegune toatemperatuur.
- Alvorens het toestel eerste keer te gebruiken lees aandachtig deze bedienings- handleiding voor de thermostaat, maar ook voor de ketel en de klimaatrege- lingsapparatuur.
- Voordat u de thermostaat installeert, moet u de stroomtoevoer uitschakelen!
- Wij raden aan de installatie te laten uitvoeren door gekwaliceerd personeel!
- Neem bij de installatie de voorgeschreven normen in acht. SPECIFICATIE Schakelbelasting: max. 230 V AC; 16 A voor resistieve belasting; 5 A voor inductieve belasting Kloknauwkeurigheid: ±60 seconden/maand Temperatuurmeting: 0 °C tot 40 °C met resolutie van 0,1 °C; nauwkeurigheid ±1 °C bij 20 °C Temperatuurinstelling: 7 °C tot 30 °C in stappen van 0,2 °C Spreiding van de ingestelde temperatuur: 0,1; 0,2; 0,5; 1 °C Bedrijfstemperatuur: 0 °C tot 40 °C Opslagtemperatuur: -10 °C tot 60 °C Aansluiten van de eenheden: via radiosignaal 868 MHz, 25 mW e.r.p. max. Koppelcapaciteit: maximaal 6 ontvangers Bereik van de uitzendeenheid: tot 100 m in de vrije ruimte Voeding: Bedieningseenheid (zender) 2× 1,5 V batterij type AA (LR6) Schakeleenheid (ontvanger) 230 V AC/50 Hz204 Maten en gewicht: Bedieningseenheid: 23 × 97 × 122 mm; 143 g Schakeleenheid: 37 × 115 × 91 mm; 150 g Bedieningseenheid (verplaatsbaar) (zie afb. 1) 1 – dag van de week; 2 – weergave van uren 3 – comfortmodus 4 – spaarmodus 5 – handbediening 6 – voorinstelling van programma‘s 7 – comfort/spaarmodus 8 – toets „OPWAARTS“ 9 – tijdinstelling 10 – programma-instelling 11 – icoon voor draadloze commu- nicatie 12 – ingestelde temperatuur 13 – ijzelindicatie 14 – bedieningsicoon 15 – indicatie van de batterijstatus 16 – weergave van de huidige kamer- temperatuur 17 – dagproelweergave 18 – toets “OMLAAG” toets 19 – temperatuurinstelling 20 – achtergrondverlichting van de display 21 – RESET van het apparaat Verwijderen van het achterdeksel van de regeleenheid (zie afb. 2)
1. Druk op het binnenste slot en houd het vast met een schroevendraaier.
2. Verwijder het voordeksel.
Schakeleenheid (zie afb. 3) 1 – hoofdschakelaar 2 – koppelingstoets 3 – LED-indicatoren LED-indicatoren (diodes)
- De blauwe LED geeft aan dat de schakeleenheid gevoed wordt door het 230 V AC elektriciteitsnet. Als het toestel niet is aangesloten op de stroomvoorziening of als de hoofdschakelaar staat in de uit-stand (OFF), brandt de blauwe LED-indicator niet.
- De rode LED brandt terwijl de verwarmings-/ airconditioningsunit is ingeschakeld. Hoofdschakelaar Als het verwarmings-/ airconditioningsysteem gedurende langere tijd niet wordt gebruikt, raden wij aan de schakeleenheid uit te schakelen (hoofdschakelaar in de stand OFF schakelen).205 INSTALLATIE Koppelen van de regeleenheid aan de schakeleenheid Koppeling maakt de overdracht van informatie tussen de regeleenheid en de scha- keleenheid mogelijk. De automatische koppeling (“zelerend”) wordt gebruikt om in te stellen met de toets “ID”. Waarschuwing: Wanneer u twee of meer ontvangers koppelt, moet de koppe- lingsmodus voor alle ontvangers tegelijk worden geactiveerd!
1. Plaats 2× 1,5 V AA-batterijen in de regeleenheid (let er bij het plaatsen op dat
de batterijen de juiste polariteit hebben). Gebruik alleen alkalinebatterijen, geen oplaadbare batterijen.
2. Sluit de schakeleenheid correct aan op de stroombron en druk lang op de toets
“ID”; de bovenste rode LED begint te knipperen. Druk binnen 10 seconden lang op de toets voor achtergrondverlichting van het display ( ) op de regeleenheid. De twee toestellen worden automatisch gekoppeld, de icoon verschijnt. De rode LED op de schakeleenheid stopt met knipperen en gaat uit. Als de twee apparaten niet gekoppeld worden, gaat de icoon knipperen. Testen van de draadloze communicatie tussen de toestellen
1. Gebruik de toets om een temperatuurwaarde te kiezen die enkele graden hoger
ligt dan de huidige kamertemperatuur.
2. Wacht ongeveer 10 seconden of bevestig door te drukken op de toets
3. De rode LED op de schakeleenheid licht op.
4. Indien de LED niet oplicht, verplaats de regeleenheid dan dichter bij de schakeleen-
heid. Druk op de toets om de waarde in te stellen op een lagere temperatuur dan de kamertemperatuur – de ontvanger moet worden uitgeschakeld.
5. Herhaal de stappen 1 tot en met 4.
Het bereik tussen de regel en de schakeleenheid bedraagt maximaal 100 m in een open ruimte. In binnenruimtes kan het bereik kleiner zijn door blokkering van het signaal door muren en andere obstructies.
6. Druk na het testen op de toets “RESET”.
Wissen van het geheugen (de code) van gekoppelde eenheden Als u de koppelingscode tussen de regeleenheid en de schakeleenheid moet wissen, volgt u de onderstaande instructies. Druk lang op de toets “ID” op de schakeleenheid, de rode LED begint te knipperen. Druk binnen 10 seconden nogmaals kort op de toets “ID”. De rode LED stopt met knipperen en gaat uit. De koppelingscode wordt gewist.206 Vervanging van de originele thermostaat WAARSCHUWING: Voordat u de thermostaat vervangt, koppelt u het verwar- mings-/ airconditioningssysteem los van de hoofdbron va de el. spanning in uw woning. Dit voorkomt mogelijke elektrische schokken. Lees de volgende instruc- ties zorgvuldig door voordat u de kabels loskoppelt.
1. Schakel de originele thermostaat uit en verwijder het thermostaatdeksel.
2. Schroef de thermostaat los van de muurplaat.
3. Schroef de verbindende achterplaat van de thermostaat los van de muur. Verwijder
de achterplaat een klein stukje van de muur, maar maak nog geen draden los. Markering van de draden
1. Identiceer elke draad en maak hem los.
2. Beveilig de draden tegen uittrekken.
3. Voorkom dat er lucht door het isolatieschuim kan dringen als de ruimte achter de
thermostaat te groot is. Dit voorkomt een onjuiste temperatuurmeting. Het plaatsen van de thermostaat De plaats van de thermostaat (bedieningseenheid) is van grote invloed op de werking ervan. Plaats hem in de kamer waar de familieleden het vaakst aanwezig zijn. Kies de plek, bij voorkeur op een binnenmuur waar de lucht vrij kan circuleren en waar direct zonlicht de kamer niet bereikt. Plaats de thermostaat niet in de buurt van warmtebronnen (TV’s, radiatoren, koelkasten) of in de buurt van deuren (in verband met frequente schokken). Als u deze aanbevelingen niet opvolgt, zal de kamer niet goed op temperatuur blijven. Bevestiging van de schakeleenheid aan de muur
1. Verwijder de achterkant van het deksel van de schakeleenheid.
2. Markeer de posities van de gaten.
3. Boor twee gaten, steek de plastic deuvels voorzichtig in de gaten en bevestig de
achterkant van het deksel van de schakeleenheid met twee schroeven.
4. Sluit de draden aan op de gemarkeerde klemmen volgens het aansluitschema.
5. Voltooi de installatie door de schakeleenheid te monteren op het bevestigde
achterdeel van het deksel.207 Aansluitschema De thermostaat P5611OT kan worden gebruikt met elk eenfasig verwarmings- of airconditioningsysteem. NO – geschakeld contact COM – contact van de schakelaar L – 230 V AC stroomaansluiting N – nuldraad N/O
COM 230 V~ 50–60 Hz 16 (5) A L N Aansluitschema pomp/gemotoriseerde klep COM pomp klep NO L
Aansluitingsschema van de vloerverwarming COM aangesloten apparatuur NO L
N208 Aansluitschema voor de boiler (spanningsvrij schakelen) COM ketel NO L
- De voorgeïnstalleerde draadverbinding tussen COM en L zal niet worden aan- gesloten. schema voor de OpenTherm-aansluiting N/O
COM 230 V~ 50–60 Hz L N OT – OpenTherm-aansluiting Installatie van de regeleenheid (indien u de mobiliteit van de eenheid niet wenst te gebruiken)
1. Verwijder het achterdeksel van de regeleenheid.
2. Markeer de posities van de gaten voor het achterdeksel.
3. Boor twee gaten en steek de plastic deuvels voorzichtig in de gaten en lijn ze
4. Zet het achterdeksel van de regeleenheid vast met twee schroeven.
5. Voltooi de installatie door de schakeleenheid te monteren op het bevestigde
achterdeel van het deksel. Keuze van het verwarmings-/ airconditioningsysteem
1. Verwijder het achterdeksel van de regeleenheid – er bevinden zich 3 DIP-schake-
laars op de printplaat. Deze 3 schakelaars worden gebruikt om de temperatuur- spreiding in te stellen en het verwarmings-/ airconditioningsysteem te schakelen.
2. Stel de DIP-schakelaar (stand 3) in afhankelijk van uw keuze van het verwarmings-
of airconditioningssysteem, zoals aangegeven in de volgende illustratie.209
OFF ON – verwarming OFF – airconditioning Selectie van de temperatuurspreiding Spreiding (hysterese) is het temperatuurverschil tussen de temperatuur bij inschakeling en uitschakeling. Als u de temperatuur in het verwarmingsregime bijvoorbeeld instelt op 20 °C en de spreiding op 0,2 °C, zal de thermostaat beginnen te werken wanneer de kamertemperatuur daalt tot 19,8 °C en uitschakelen wanneer de temperatuur 20,2 °C bereikt. Stel de DIP-schakelaars (standen 1 en 2) in overeenkomstig uw keuze van temperatuurspreiding zoals aangegeven in de volgende afbeelding. 1 2 Span ON ON 0,1 °C
Installatie van de batterijen Twee 1,5 V, type AA batterijen worden meegeleverd om de thermostaat P5611OT te voorzien van stroom.
1. Plaats de twee AA-batterijen volgens de aangegeven polariteit in het batterijvak
in de regeleenheid. Gebruik alleen 1,5 V alkaline batterijen, gebruik geen 1,2 V oplaadbare batterijen (wegens lagere spanning). Het display moet bij de eerste start de tijd en de kamertemperatuur aangeven.
2. Als er andere waarden op het display verschijnen, druk dan zachtjes op de toets “RE-
SET”. Gebruik hiervoor een dun, recht voorwerp, bv. een rechtgetrokken paperclip.
3. Breng na het plaatsen van de batterijen het achterdeksel weer aan.
4. Druk eenmaal op de toets “RESET” alvorens de hoofdschakelaar van de schake-
leenheid in te schakelen. De thermostaat is klaar voor gebruik. Waarschuwing: Na het plaatsen van de batterijen heeft de zender tot ca. 30 minuten nodig om de parameters te stabiliseren!210 Uren/dag-instelling
1. Druk op de toets om de dag en de tijd in te stellen. De dagindicator (nummer
1 – maandag tot 7 – zondag) knippert.
2. Druk op de toets of om de juiste volgorde van de huidige dag in te stellen.
en gebruik de toets of om de klok in te stellen. Houd de toetsen of ingedrukt om de afstelling te versnellen.
en gebruik de toets of om de minuten in te stellen. Houd de toetsen of ingedrukt om de afstelling te versnellen.
om de instelling te bevestigen. Als er gedurende 10 seconden geen toets wordt ingedrukt, wordt de afstelmodus automatisch verlaten. Achtergrondverlichting van de display Druk op de toets om de achtergrondverlichting van het display aan te zetten. Als er binnen 10 seconden geen toets wordt ingedrukt, gaat de achtergrondverlichting uit. Instelling van de benodigde temperatuur
1. Druk op de toets TEMPERATUURINSTELLING om over te schakelen naar de
modus voor de temperatuurinstelling.
2. Druk herhaaldelijk op de toets
om te wisselen tussen de spaartemperatuur (icoon ) en de comfortstand (icoon ).
3. Druk op de toets of om beide temperaturen in te stellen in stappen van 0,2 °C.
4. Gebruik de toets TEMPERATUURINSTELLING
om de instelling op te slaan. Als er gedurende 10 seconden geen toets wordt ingedrukt, wordt de afstelmodus automatisch verlaten. De comforttemperatuur is vooraf ingesteld op 21 °C voor het verwarmingssysteem en 23 °C voor de airconditioning, de voorinstelling voor de spaartemperatuur is 18 °C voor het verwarmingssysteem en 26 °C voor de airconditioning. De waarden kunnen naar behoefte worden aangepast. PROGRAMMA-INSTELLING Week/dag-selectie
1. Druk op de toets “P”, de dag indicator toont de geprogrammeerde dag.
2. Druk herhaaldelijk op de toetsen of om de dag te selecteren die u wilt
programmeren. Voor programmering kan het volgende worden geselecteerd: hele week (1, 2, 3, 4, 5, 6, 7), werkweek (1, 2, 3, 4, 5), weekend (6, 7) of individuele dagen. Keuze van het vooringestelde programma
1. Druk nogmaals op de toets “P” om het programma in te stellen.211
Programmanummer Programmaproel Programma 1: Comforttemperatuur gedurende de hele dag Programma 2: Spaartemperatuur gedurende de hele dag Programma 3: Combinatie van comfort en spaartemperatuur Programma 4: Combinatie van comfort en spaartemperatuur Programma 5: Combinatie van comfort en spaartemperatuur Programma 6: Combinatie van comfort en spaartemperatuur Programma 7: Voor de gebruiker De donkere vakjes geven de com- fortstand aan, anders is spaarstand ingesteld
Programma 8: Voor de gebruiker Programma 9: Voor de gebruiker
2. Gebruik de toets of om een van de programma’s P1–P6 te kiezen. Deze zijn
vooraf ingesteld (kunnen niet worden aangepast) en hun proelen zijn aangegeven in de afbeelding.
3. Druk nogmaals op de toets “P” om het gekozen programma voor de dag/week te
bevestigen en de instelling te verlaten. Gebruikersinstelling van het programma
1. Als er bij het selecteren van het programma een door de gebruiker instelbaar
programma (P7–P9) is geselecteerd, drukt u op de toets “P” om naar de tempe- ratuurmodusinstelling op het geselecteerde tijdstip te gaan.212
of om het uur te selecteren dat wordt aangegeven door het knipperen van de icoon . Druk op de toets om de comfort- of spaarstand voor het betreende uur te selecteren.
3. Nadat u het proel voor de hele dag heeft ingesteld, drukt u op de toets “P” om
het gekozen programma te bevestigen en de instelling te verlaten. Tijdelijke wijziging van het ingestelde programma In de normale modus voor temperatuurregeling met het geselecteerde programma, kan de huidige modusinstelling worden omgeschakeld naar de comfort- of besparingsmodus door te drukken op de toets . Wanneer het geselecteerde programma op deze manier wordt gewijzigd, wordt de icoon van de geselecteerde besturingsmodus samen met de icoon van de geselecteerde besturingsmodus weergegeven. Deze instelling wordt automatisch onderbroken bij de volgende temperatuurwijziging in het programma. Tijdelijke wijziging van de temperatuurinstelling In de normale modus voor temperatuurregeling met het geselecteerde programma kan de huidige temperatuurinstelling worden overschreven door te drukken op de toets . Wanneer de temperatuur wordt gewijzigd, wordt de nieuw ingestelde temperatuur weergegeven met de icoon en met uitgeschakelde iconen en . Door te drukken op een willekeurige toets (behalve de toets of ) verlaat u de temperatuurinstelmo- dus. Als er gedurende 10 seconden geen toets wordt ingedrukt, wordt de instelmodus automatisch verlaten. Deze instelling wordt automatisch onderbroken bij de volgende temperatuurwijziging in het programma. Opmerking: Als u de temperatuur gedurende een lange periode handmatig wilt wijzigen, is het raadzaam dit in programma 1 of 2 te doen. Kalibratie van de kamertemperatuur Druk lang op de toets “P”, het display zal “CAL” tonen, de ingestelde waarde zal knipperen. Druk herhaaldelijk op de toets of toets om aan te passen (-3,0 °C tot 3,0 °C, in stappen van 0,5 °C). Druk op de toets “P” om de instelling te bevestigen. De kamertemperatuur wordt gekalibreerd, bijvoorbeeld als de thermostaat 21 °C aangeeft, maar wij willen dat hij 20 °C aangeeft. In dit geval wordt de kalibratiewaarde ingesteld op -1 °C. Antivriesmodus
1. Druk tegelijkertijd op de toetsen en om de antivriesmodus te activeren (alleen
voor de verwarmingsmodus). De iconen en verschijnen op het display, de iconen en worden niet weergegeven.213
2. Druk op een willekeurige toets (behalve
) om de antivriesmodus te verlaten.
3. De vooraf ingestelde temperatuur voor deze modus is 7 °C.
Instellen van de OpenTherm-parameters Alleen geldig in de verwarmingsmodus.
1. Druk lang op de toets
om de OpenTherm-parameterinstellingen te openen. In de linkerhoek van het display wordt “01” weergegeven en in het midden wordt de watertemperatuur in de boiler OpenTherm weergegeven (als de thermostaat deze temperatuur niet haalt, wordt “---” weergegeven).
, in de linkerhoek van het display wordt 02 weergegeven en de temperatuur van het water dat terugkeert naar de boiler wordt weergegeven in het midden (als de thermostaat deze temperatuur niet bereikt, wordt “--” weergegeven).
, in de linkerhoek van het display wordt “03” weergegeven en de temperatuur van het warme water wordt in het midden weergegeven (indien de thermostaat deze temperatuur niet bereikt, wordt “--” weergegeven).
om de schakelinstelling voor de gewenste waarde van de limie- tregeling te openen. In de linkerhoek van het display verschijnt “04” en in het midden knippert “OFF”. Gebruik de toetsen en om de ON/OFF instelling in te stellen.
5. Als u in de vorige stap ON (ingeschakeld) heeft ingesteld, drukt u op de toets
om de instelling voor de maximumwaarde van de limietregeling te openen. In de linkerhoek van het display verschijnt “05” en in het midden wordt de temperatuur weergegeven die u heeft ingesteld met en (30 °C tot 80 °C in stappen van 1 °C).
om toegang te krijgen tot de instelling voor het omschakelen van warm water. In de linkerhoek van het display wordt “06” weergegeven en in het midden knippert “OFF” (uitgeschakeld). Gebruik de toetsen en om de ON/OFF instelling in te stellen.
7. Als u in de vorige stap ON (ingeschakeld) heeft ingesteld, drukt u op de toets
om de instelling van de temperatuur van het warme water te openen. In de lin- kerhoek van het display licht “07” op en de temperatuur die u heeft ingesteld met en (25 °C tot 65 °C in stappen van 1 °C) wordt in het midden weergegeven.
om toegang te krijgen tot de instelling voor het omschake- len van de bediening. In de linkerhoek van het display verschijnt “08” en in het midden knippert “ON” (ingeschakeld). Gebruik de toetsen en om de ON/OFF instelling in te stellen.
9. Druk op de toets “” om de instellingen te bevestigen.214
Indicatie van een OpenTherm-fout Als er een fout van de boiler OpenTherm optreedt, zal de foutcode “Exxx” worden weergegeven, waarbij “xxx” een getal is van 0 tot 255. Vervangen van batterijen Als de batterijicoon op het scherm verschijnt, vervang dan de batterijen:
1. Schakel de stroom naar de ontvangende eenheid uit.
2. Verwijder het achterdeksel van de regeleenheid.
3. Vervang de originele batterijen door nieuwe 1,5V alkaline AA batterijen.
4. Plaats het achterdeksel terug.
5. Druk eenmaal op de toets “RESET” en herstel dan de stroomtoevoer naar de
ontvangende eenheid. Zorg en onderhoud Het product is ontworpen om bij de juiste zorg jarenlang betrouwbaar te dienen. Hier zijn enkele tips voor een goede bediening:
- Lees de gebruikershandleiding voordat u met het product gaat werken.
- Stel het product niet bloot aan direct zonlicht, extreme koude, vochtigheid of plotselinge temperatuurschommelingen. Dit zal de nauwkeurigheid van de aezing verminderen.
- Plaats het product niet op plekken met kans op vibraties en schokken – deze kunnen het product beschadigen.
- Stel het product niet bloot aan bovenmatige druk, schokken, stof, hoge temperatuur of vocht – deze kunnen de functionaliteit van het product aantasten of een korter energetisch uithoudingsvermogen, beschadiging van batterijen en deformatie van de kunststof onderdelen tot gevolg hebben.
- Stel het product niet bloot aan regen of vocht, druipend of spattend water.
- Plaats geen bronnen van open vuur op het product, bijvoorbeeld een brandende kaars of iets dergelijks.
- Plaats het product niet op plaatsen waar niet voldoende luchtstroom is gewaar- borgd.
- Schuif geen voorwerpen in de ventilatieopeningen van het product.
- Raak de interne elektrische circuits van het product niet aan – u kunt het product beschadigen en hierdoor automatisch de garantiegeldigheid beëindigen.
- Het product mag alleen worden gerepareerd door een gekwaliceerde vakman.
- Maak het product schoon met een licht bevochtigd zacht doekje. Gebruik geen oplos- en schoonmaakmiddelen – deze kunnen krassen op de kunststof delen veroorzaken en elektrische circuits beschadigen.
- Dompel het product niet in water of andere vloeistoen.
- Als het product beschadigd of defect is, mag u het niet zelf repareren. Breng het voor reparatie naar de winkel waar je het gekocht hebt.215
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) die door een lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk onvermogen of door een gebrek aan ervaring of kennis niet in staat zijn het apparaat veilig te gebruiken, tenzij zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het apparaat spelen. Deponeer niet bij het huisvuil. Gebruik speciale inzamelpunten voor gesorteerd afval. Neem contact op met de lokale autoriteiten voor informatie over inzamel- punten. Als de elektronische apparaten zouden worden weggegooid op stort- plaatsen kunnen gevaarlijke stoen in het grondwater terecht komen en vervolgens in de voedselketen, waar het de menselijke gezondheid kan beïnvloeden. Hierbij verklaart EMOS spol. s r. o. dat de radioapparatuur van het type P5611OT in overeenstemming is met de richtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-con- formiteitsverklaring is beschikbaar op het volgende internetadres: http://www.emos. eu/download.216 GARANCIJSKA IZJAVA
Notice-Facile