MagicWatch MWE9004 - Airconditioner WAECO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MagicWatch MWE9004 WAECO in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - MagicWatch MWE9004 WAECO
Gebruikersvragen over MagicWatch MWE9004 WAECO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MagicWatch MWE9004 - WAECO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MagicWatch MWE9004 van het merk WAECO.
GEBRUIKSAANWIJZING MagicWatch MWE9004 WAECO
Montagehandleiding en gebruiks- aanwijzing
Lees deze handleiding voor de montage en de ingebruikname zorg-vuldig door en bewaar hem. Geef de handleiding bij het doorgeven van het product aan de gebruiker.
Inhoudsopgave
1 Veiligheids- en montage-instructies. 81
2 Omvang van de levering 82
3 Reglementair gebruik. 84
4 Instructies vóór de montage....84
5 Parkeerhulp monteren 86
6 Parkeerhulp aansluiten 87
7 Detectiebereik 88
8 Systeem instellen....89
9 Werking testen....91
10 Parkeerhulp gebruiken....92
11 Storingen zoeken....93
12 Garantie 94
13 Afvoeren....94
14 Technische gegevens 95
1 Veiligheids- en montage-instructies
De volgende teksten vullen de afbeeldingen in de bijlage slechts aan. Alleen vormen ze geen volledige montage- en gebruiksaanwijzing! Neem de bijgevoegde afbeeldingen in acht!
Leef de veiligheidsinstructies en voorschriften van de voertuigfabrikant en het garagebedrijf na!
Neem de geldende wettelijke voorschriften in acht.
De fabrikant kan in de volgende gevallen niet aansprakelijk worden gesteld voor schade:
- beschadiging van het product door mechanische invloeden en overspanningen
- veranderingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant
- gebruik voor andere dan de in de handleiding beschreven toepassingen

VOORZICHTIG!
- Bevestig de in het voertuig te monteren delen van de parkeer-hulp zodanig, dat deze in geen geval (hard remmen, verkeers-ongeval) los kunnen raken en tot verwondingen bij de inzittenden van het voertuig kunnen leiden.
- Monteer de in het voertuig gemonteerde onderdelen van de parkeerhulp niet in het werkingsbereik van een airbag. Anders bestaat er verwondingsgevaar als de airbag opengaat.
- De parkeerhulp dient ter ondersteuning, d.w.z. dat het toestel u niet ontslaat van de plicht bijzonder voorzichtig te zijn bij het manoeuvreren.

LET OP!
- Bij voertuigen met LED-achterlichten kan de montage van de parkeerhulp tot storingen leiden.
- Als u de sensoren in metalen bumpers wilt monteren, heeft u een geschikte adapters (niet bij de levering inbegrepen) nodig.
- De dubbele besturingselektronica mag niet aan vocht blootgesteld zijn.
-
De sensoren mogen geen signaallampen bedekken.
-
Let er bij de montage van de sensoren op dat zich geen aan het voertuig vastgemonteerde objecten in het detectiebereik van de sensoren bevinden.
- Doe een beetje vet in de steekverbindingen van de sensoren.
2 Omvang van de levering
2.1 MWE9008
Zie afb. 1
| Nr. Aantal Omschrijving Artikelnr. | |||
| 1 1 Besturingselektronica achterste sensoren 9101500059 | |||
| 2 1 Besturingselektronica voorste sensoren 9101500060 | |||
| 3 1 Luidsprekers 9103555912 | |||
| 4 2 Aansluitkabel besturingselektronica | |||
| 5 | 2 | Ultrasone sensoren (blauw) | 9101500057 |
| 2 | Ultrasone sensoren (zwart) | 9101500056 | |
| 4 | Ultrasone sensoren (bruin) | 9101500058 | |
| 6 8 Standaard-sensorhouder 0°(montage van de binnenkant) | 9101500033(VPE 4) | ||
| 7 8 Standaard-sensorhouder 12°(montage van de binnenkant) | |||
| 8 8 Sensorhouder 0° met afdekring(montage van buiten) | |||
| 9 8 Sensorhouder 12° met afdekring(montage van buiten) | |||
| 10 1 Kernboor ∅18 mm | |||
| -1 Bevestigingsmateriaal | |||
2.2 MWE9004
Zie afb. 1
| Nr. Aantal Omschrijving Artikelnr. | |||
| 1 1 Besturingselektronica 9101500063 | |||
| 3 1 Luidsprekers 9103555912 | |||
| 4 1 Kabelbruggen | |||
| 5 | 2 | Ultrasone sensoren (blauw) | 9101500057 |
| 2 | Ultrasone sensoren (zwart) | 9101500056 | |
| 6 4 Standaard-sensorhouder 0°(montage van de binnenkant) | 9101500033(VPE 4) | ||
| 7 4 Standaard-sensorhouder 12°(montage van de binnenkant) | |||
| 8 4 Sensorhouder 0° met afdekring(montage van buiten) | |||
| 9 4 Sensorhouder 12° met afdekring(montage van buiten) | |||
| 10 1 Kernboor ∅18 mm | |||
| - 1 Bevestigingsmateriaal | |||
2.3 Toebehoren
Als toebehoren verkrijgbaar (niet bij de levering inbegrepen):
| Omschrijving Artikelnr. | |
| Sensorhouder met siliconen ring voor bumper van metaal 9101500015 | (VPE 4) |
| 20°-sensorhouder met afdekring (montage van buiten) 9101500023 | (VPE 1) |
| Verlengkabel sensor 1,5 m | 9103555747 |
| Stansgereedschap 18 mm | 9101500013 |
| Stansgereedschap 22 mm | 9101500024 |
| Externe toets MWE9008 (opbouw) | 9103555920 |
| Externe toets MWE9008 (inbouw) | 9101500064 |
| LED-display voor MWE9004 | 9101500062 |
| Display met afstandsschaal voor MWE9004 | 9101500002 |
MagicWatch is een ultrasone parkeerhulp. Deze bewaakt bij het rangeren de ruimte
● MWE9008: voor en achter het voertuig
● MWE9004: achter het voertuig
Deze waarschuwt akoestisch voor obstakels die door het toestel worden gedetecteerd.
MagicWatch is voor de montage in personenauto's en campers ontworpen.
4 Instructies vóór de montage
4.1 Montageplek voor de sensors bepalen
Zie afb. 3 tot afb. 6.

INSTRUCTIE
Voor een goede werking van het toestel is het belangrijk dat de sensoren juist afgesteld zijn.
Als deze naar de grond wijzen, worden bijv. oneffenheden op de grond als hindernis doorgegeven. Als ze te ver naar boven wijzen, worden aanwezige hindernissen niet herkend.
Neem bij de montage het volgende in acht:
- De afstand van de sensoren tot de grond moet minstens 40 cm en maximaal 60 cm bedragen (afb. 3).
- Voor een optimale werking dient de hoek van de sensor t.o.v. de rijbaan 90° te bedragen (afb. 3). De hoek mag niet kleiner zijn dan 90°, omdat in dat geval de rijbaan door de sensor als obstakel wordt herkend.
- De meegeleverde sensorhouders zijn geschikt voor de gangbare bumpers. Indien de bumper van het voertuig sterk overhelt, zijn optioneel 20°-sensorhouders met afdekring verkrijgbaar (zie hoofdstuk „Toebehoren” op pagina 83).
- De meegelegeverde sensorhouders zijn niet geschikt voor de montage in metalen bumpers. Hiervoor heeft u speciale sensorhouders met siliconen ring nodig (zie hoofdstuk „Toebehoren” op pagina 83).
- Neem in acht dat de sensorhouder afhangt van de montagehoogte en de schuine stand van de bumper. Kies volgens de tabel in afb. 3 de passende sensorhouder en de bijbehorende boordiameter. De handleiding geeft de montage weer van de standaard-sensorhouders (montage van de binnenkant van de bumper), omdat hier het optisch beste montageresultaat wordt bereikt. Alternatief kunnen de sensoren ook met de meege-leverde sensorhouders met afdekring worden gemonteerd.
- Monteer de sensoren op de juiste plek (afb. 6):
Kleur van de sensoren Montageplaats
blauw (bl) buitenkanten van de achterste bumper
zwart (sw) naar het midden toe van de achterste bumper
bruin (br) voorste bumper
4.2 Sensoren lakken
Zie afb. 2

INSTRUCTIE
De sensoren mogen gelakt worden. De fabrikant adviseert om de sensoren door een vakkundige werkplaats te laten lakken.
5 Parkeerhulp monteren
Zie afb. 7 tot afb. 10.

LET OP! Gevaar voor storing!
Hecht de sensorhouder juist afgesteld vast. Anders is de goede werking van de parkeerhulp niet gegarandeerd.
De sensorhouders moeten zo worden vastgehecht dat de bevestigingsnokken naar boven en onder wijzen!

LET OP! Gevaar voor lakschade!
- De omgevingstemperatuur mag bij het ponsen of boren niet lager zijn dan 18 °C.
- Wij adviseren het gebruik van het ponsgereedschap.
Aanvulling bij afb. 7 A
▶Boor de gaten overeenkomstig de geselecteerde sensorhouder.
Aanvulling bij afb. 7 B
▶Let erop dat het ponsgereedschap bij het gebruik niet kantelt.
Aanvulling bij afb. 8
Kleefvlak aan de binnenkant van de bumper met een primer reinigen.
6 Parkeerhulp aansluiten

INSTRUCTIE
- MWE9008/9004: Bij sommige voertuigen functioneert het achteruitrijlicht alleen bij ingeschakeld contact. In dit geval moet u het contact inschakelen om de plus- en massaleiding te bepalen.
- MWE9008: Indien u voor de besturingselektronica van de voorste sensoren geen tachosignaal beschikbaar kunt stellen (niet analoog van de tachometer en niet digitaal via de CANbus d.m.v. een CAN-bus-adapter als CBI150), kunt u een uitschakeltijd voor de voorste sensoren instellen.
De voorste sensoren worden door het inschakelen van de ontsteking geactiveerd en na afloop van de ingestelde tijd (parameter 12) gedeactiveerd.
Daarenboven kan er een schakelaar 9103555920 (toebehoren) gebruikt worden om de voorste sensoren te activeren.
Het totale aansluitschema MWE9008 vindt u in afb. 11.
Nr. Omschrijving
| 1 Besturingselektronica voor voorste sensoren | |
| 2 Zwart/blauwe ader: Aansluiting op geschakelde plus (+12 V) | |
| 3 Bruine ader: Aansluiting op massa | |
| 4 | Gele ader van de luidspreker: Aansluiting op steekplaats 15 in de stekker van de besturingselektronica van de voorste sensoren |
| 5 | Blauwe ader van de luidspreker: Aansluiting op steekplaats 3 in de stekker van de besturingselektronica van de voorste sensoren |
| 6 | Geel/zwarte ader: Aansluiting op het snelheidssignaal van de snelheidsmeter (optioneel) |
| 7 | Rood/grijze ader: Aansluiting op de mute-aansluiting van de radio (optioneel) |
| 8 | Voorste sensoren |
| 9 | Besturingselektronica voor achterste sensoren |
| 10 | Achteruitrijlicht |
| 11 | Zwart/blauwe ader: Aansluiting op het achteruitrijlicht |
| 12 | Bruine ader: Aansluiting op massa |
| 13 | Geel/rode ader van de aansluitkabel van de achterste sensoren Verbinding met de besturingselektronica van de voorste sensoren, insteekplaat 17 |
| 14 | Bruine ader van de aansluitkabel van de achterste sensoren: Verbinding met de besturingselektronica van de voorste sensoren, insteekplaat 5 |
| 15 | Achterste sensoren |
Het totale aansluitschema MWE9004 vindt u in afb. 12.
Nr. Omschrijving
1 Besturingselektronica
2 Achteruitrijlicht
3 Zwart/blauwe ader: Aansluiting op het achteruitrijlicht
4 Bruine ader: Aansluiting op massa
5 Gele ader van de luidspreker: Aansluiting op steekplaats 15 in de stekker van de besturingselektronica
6 Blauwe ader van de luidspreker: Aansluiting op steekplaats 3 in de stekker van de besturingselektronica
7 Rood/grijze ader: Aansluiting op de mute-aansluiting van de radio (optioneel)
8 Sensoren
7 Detectiebereik
Zie afb. 15
Het detectiebereik van de inparkeerhulp is aan de achterzijde in vier zones en aan de voorzijde in drie zones opgedeeld:
- Zone 1 (alleen achterzijde)
Deze zone omvat het eerste grensgebied. Hier worden kleine of slecht reflecterende objecten in sommige gevallen niet gedetecteerd.
- Zone 2
In deze zone worden nagenoeg alle objecten aangegeven.
- Zone 3
In deze zone worden vrijwel alle objecten aangegeven, wel kunnen er objecten in de dode hoek van de sensoren terechtkomen of vanwege hun hoedanigheid of geringe afmeting niet gedetecteerd worden.
- Stopzone (4)
Objecten in deze zone hebben tot gevolg dat de parkeerhulp door een permanente toon „Stop” doorgeeft.
In deze zone worden vrijwel alle objecten aangegeven, wel kunnen er objecten in de dode hoek van de sensoren terechtkomen of vanwege hun hoedanigheid of geringe afmeting niet gedetecteerd worden.
de afstand vanaf waar de parkeerhulp „Stop” signaleert kan in standen worden gewijzigd.
De weergave van vaste voorwerpen zoals aanhangers kan onderdrukt worden.
8 Systeem instellen
Zie afb. 16 tot afb. 18.

LET OP!
Ondeskundige instellingen kunnen de veilige werking beperken.

INSTRUCTIE
Voor het annuleren van de parameterinstelling, zonder op te slaan, of het beëindigen van de instelprocedure: geruime tijd geen toetsen indrukken.
De besturingselektronica voor de voorste sensoren bezit de volgende bedieningselementen:
Nr. in afb. 16 Omschrijving
1 Display F5Fabrieksinstellingen geactiveerd
C5Eigen instellingen uitgevoerd
2, 3 Toetsen voor het instellen van het systeem
Waarden instellen
Zie afb. 17 tot afb. 18
Stuurmodule aan de voorzijde configureren (MWE9008)
- Indien u de besturingselektronica van de voorste sensoren met de tachometer verbindt, kunt u instellen vanaf welke de rijsnelheid de sensoren uitschakelen.
▶ Zet parameter 11 op de gewenste waarde.
- Indien u de besturingselektronica van de voorste sensoren niet met de tachometer kunt verbinden (bijv. geen tachosignaal d.m.v. een CAN-busadapter als CBI150), kunt u een uitschakeltijd voor de voorste sensoren instellen.
▶ Zet parameter 12 op de gewenste tijd.
- U kunt het systeem zo instellen dat de voorste sensoren niet slechts tijdelijk tot de deactivering door de rijsnelheid of de uitschakeltijd obstakels aangeven, maar dat voortdurend doen.
▶ Stel hiervoor parameter 15 op de waarde 1.
- U kunt de gevoeligheid van de sensor instellen.
▶ Stel hiervoor parameter 17 in op de gewenste waarde: 1 = laag; 2 = gemiddeld; 3 = hoog
Stuurmodule aan de achterzijde configureren
U kunt de gevoeligheid van de sensor instellen.
▶ Stel hiervoor parameter 17 in op de gewenste waarde: 1 = laag; 2 = gemiddeld; 3 = hoog
Weergave van vaste objecten (bijv. trekhaak) onderdrukken (stuurmodule aan de achterzijde MWE9004/9008)

LET OP!
Controleer of zich tijdens het programmeerproces geen personen of andere objecten achter het voertuig bevinden.
▶ Programmeer parameter 10 op de waarde 1, 2 of 3, tot de vaste objecten niet meer worden weergegeven.
De waarde ☐ deactiveert deze functie.
Displayspiegelfunctie (alleen MWE9004)
Bij het gebruik van het LED-display 9101500062 kunt u de rechter- en de linkerweergave omwisselen.
▶ Stel parameter 14 in op de waarde 1.
Fabrieksinstelling herstellen
▶Druk langer dan twee seconden beide toetsen samen in.
√ Het display geeft F5 weer.
9 Werking testen
Om de parkeerhulp te testen, rijdt u bijvoorbeeld langzaam op een wand af.

LET OP!
Handel bij de eerste ingebruikname uiterst voorzichtig en maak u vertrouwd met de verschillende tonenreeksen (afb. 15).
10 Parkeerhulp gebruiken
De achterste sensoren (MWE9008/9004) worden automatisch geactiveerd door het inschakelen van de achteruitversnelling als het contact ingeschakeld is of als de motor loopt.
De voorste sensoren (MWE9008) worden automatische geactiveerd zodra de rijsnelheid tussen 0 en 10 km/h ligt en de ontsteking ingeschakeld is. Indien het tachosignaal niet kan worden waargenomen, worden de voorste sensoren geactiveerd door het inschakelen van het contact of na het in de achteruit schakelen. Na afloop van een instelbare uitschakeltijd worden ze automatisch gedeactiveerd. Bovendien kan er een schakelaar 9103555920 (toebehoren) ter activering van de voorste sensoren ingebouwd worden.
Zodra zich in het detectiebereik een hindernis bevindt, klinkt een signaaltoon die in gelijke intervallen wordt herhaald.
Als de hindernis verder wordt genaderd, verandert de tonenreeks afhankelijk van de zone waarin de hindernis zich bevindt; op die manier wordt de afstand doorgegeven (afb. 15).

LET OP!
Breng het voertuig onmiddellijk tot stilstand en controleer de situatie (evt. uitstappen), als bij het rangeren het volgende gebeurt: Bij het rangeren geeft het toestel eerst een hindernis aan en de tonenreeks wordt heel normaal sneller (bijv. overgang van de langzame in de middelste tonenreeks). Plotseling gaat de signaaltoon over in de langzame tonenreeks of er wordt helemaal geen hindernis meer aangegeven.
Dit betekent dat de oorspronkelijke hindernis zich niet meer in het detectiebereik van de sensoren bevindt (afhankelijk van de vorm), maar nog steeds kan worden genaderd.
11 Storingen zoeken
Toestel functioneert niet.
De voedingskabel (zwart/blauwe en bruine kabel) heeft geen contact of is verkeerd aangesloten.
▶Controleer de verbindingen.
De stekkers van de sensoren zijn niet of niet goed ingestoken in de besturingselektronica.
▶ Controleer de stekkers en steek ze indien nodig zo ver in tot ze vastklikken.
Na het inschakelen van het contact klinkt een lange toon (ca. 3 s)
Eén of meerdere sensoren zijn defect of niet meer verbonden met de besturingselektronica. Het display van de besturingselektronica geeft de defecte sensor weer:
- bijvoorbeeld E1 voor de voorste sensor de met korte kabel; E4 voor de voorste sensor met de lange kabel.
▶ Controleer de stekkers en steek ze indien nodig zo ver in tot ze vastklikken.
▶Vervang de defecte sensor(en).

LET OP!
Het systeem functioneert niet als een of meerdere sensoren defect zijn.
Toestel meldt hindernissen verkeerd.
De volgende oorzaken kunnen valse alarmen tot gevolg hebben:
- Bijvoorbeeld vuil of vorst op de sensoren.
▶Reinig de sensoren. - De sensoren zijn verkeerd gemonteerd.
▶ Pas de positie of hoogte van de sensoren aan (afb. 3). - De sensoren maken contact met het voertuigchassis.
▶Maak de sensoren van het chassis los.
Objecten aan het voertuig (bijv. reservewiel) leiden tot valse alarmen.
Programmeer parameter 10 op de waarde 1, zodat de vaste objecten niet meer worden aangegeven (zie hoofdstuk „Systeem instellen“ op pagina 89).
12 Garantie
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, wendt u zich tot het filiaal van de fabrikant in uw land (adressen zie achterkant van de handleiding) of tot uw speciaalzaak.
Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u het volgende mee op te sturen:
- defecte onderdelen,
- een kopie van de factuur met datum van aankoop,
- reden van de klacht of een beschrijving van de storing.
13 Afvoeren
Laat het verpakkingsmateriaal indien mogelijk recyclen.

Als u het product definitief buiten bedrijf stelt, informeer dan bij het dichtstbijzijnde recyclingcentrum of uw speciaalzaak naar de betreffende afvoervoorschriften.
| MagicWatch | ||
| MWE9008 MWE9004 | ||
| Artikelnr.: 9101500055 9101 | 500054 | |
| Detectiebereik voorste sensoren:Stopzone: Meetbereik: | ca. 0,10 m tot 0,25 mca. 0,25 m tot 0,95 m | - |
| Detectiebereik achterste sensoren:Stopzone: Meetbereik: | ca. 0,10 m tot 0,30 mca. 0,30 m tot 1,80 m | |
| Ultrasone frequentie: 40 kHz | ||
| Voedingsspanning: 9 – 30 volt | ||
| Stroomverbruik: maximaal 220 mA | ||
| Bedrijfstemperatuur: -25 °C | tot +70 °C | |
| Certificaat: | ![]() | |

INSTRUCTIE
De sensoren mogen gelakt worden. De fabrikant adviseert om de sensoren door een vakkundige werkplaats te laten lakken.
