Flex L 3709115 - Vermaler

L 3709115 - Vermaler Flex - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis L 3709115 Flex in PDF-formaat.

📄 278 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag ⚙️ Specs 🖨️ Afdrukken
Notice Flex L 3709115 - page 68
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Flex

Model : L 3709115

Categorie : Vermaler

SKIP

Veelgestelde vragen - L 3709115 Flex

Download de handleiding voor uw Vermaler in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding L 3709115 - Flex en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. L 3709115 van het merk Flex.

GEBRUIKSAANWIJZING L 3709115 Flex

  • Inhoud Gebruikte symbolen p. 68
  • Symbolen op het gereedschap p. 68
  • Voor uw veiligheid p. 68
  • Geluid en trillingen p. 72
  • Technische gegevens p. 73
  • In één oogopslag p. 74
  • Gebruiksaanwijzing p. 75
  • Onderhoud en verzorging p. 77
  • Afvoeren van verpakking en machine p. 78
  • -Conformiteit p. 78
  • Uitsluiting van aansprakelijkheid Gebruikte symbolen WAARSCHUWING! Geeft een onmiddellijk dreigend gevaar aan. Als de waarschuwing niet in acht wordt genomen, dreigen levensgevaarlijke of zeer ernstige verwondingen. VOORZICHTIG! Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan. Als de aanwijzing niet in acht wordt genomen, kunnen persoonlijk letsel of materiële schade het gevolg zijn. LET OP Geeft gebruikstips en belangrijke informatie aan. Symbolen op het gereedschap Lees de gebruiksaanwijzing voordat u het gereedschap in gebruik neemt! Draag een oogbescherming! Isolatieklasse II (volledig geïsoleerd) Afvoeren van het oude apparaat (zie pagina 78)! Voor uw veiligheid WAARSCHUWING! Lees voor het gebruik van de haakse slijpmachine de volgende voorschriften en neem deze in acht: p. 78

deze gebruiksaanwijzing,

de „Algemene veiligheidsvoorschriften” voor het gebruik van elektrische gereed- schappen in de meegeleverde brochure (document-nummer: 315.915),

de op de plaats van gebruik geldende regels en voorschriften ter voorkoming van ongevallen. Deze haakse slijpmachine is geconstrueerd volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kunnen bij het gebruik ervan levens- gevaar en verwondingsgevaar voor de gebruiker en voor andere personen resp. gevaren voor beschadigingen aan de machine of aan andere zaken optreden. De haakse slijpmachine mag alleen worden gebruikt:

volgens de bestemming,

in een veiligheidstechnisch optimale toestand. Verhelp storingen die de veiligheid in gevaar brengen onmiddellijk

Gebruik volgens bestemming Deze haakse slijpmachine is bestemd: – voor professioneel gebruik in de industrie en door de vakman, – voor het droog slijpen en doorslijpen van metaal en steen; voor doorslijpen is een speciale doorslijpbeschermkap vereist, – voor gebruik met slijpgereedschap en toebehoren dat in deze gebruiksaan- wijzing aangegeven of door de fabrikant wordt geadviseerd en voor een omtrek- snelheid van 80 m/s is toegestaan. Niet toegestaan zijn bijvoorbeeld kettingfrees- schijven en zaagbladen.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Veiligheidsvoorschriften WAARSCHUWING! Lees alle met het elektrisch gereedschap meegeleverde veiligheidsvoorschriften, aanwijzingen, afbeeldingen en specificaties. Als de veiligheidsvoorschriften en aanwij- zingen niet in acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veilig- heidsvoorschriften en aanwijzingen voor de toekomst. Algemene waarschuwingen voor slijpen en doorslijpen Dit elektrische gereedschap is te ge- bruiken als slijp- en doorslijpmachine. Neem alle veiligheidsvoorschriften, aan- wijzingen, afbeeldingen en gegevens die u bij het gereedschap ontvangt in acht. Als u de volgende aanwijzingen niet in acht neemt, kunnen een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel het gevolg zijn.

Dit elektrische gereedschap is niet geschikt voor schuurwerkzaamheden (met schuurpapier), werkzaamheden met draadborstels en polijstwerkzaamheden. Toepassingen waarvoor het elektrische gereedschap niet is voorzien, kunnen gevaren en verwondingen veroorzaken

Gebruik uitsluitend toebehoren dat door de fabrikant speciaal voor dit elektrische gereedschap is voorzien en gead- viseerd. Het feit dat u het toebehoren aan het elektrische gereedschap kunt beves- tigen, waarborgt nog geen veilig gebruik. Het toegestane toerental van het inzet- gereedschap moet minstens even hoog zijn als het maximale toerental dat op het elektrische gereedschap vermeld staat. Toebehoren dat sneller draait dan toe- gestaan, kan onherstelbaar beschadigd worden en wegvliegen. De buitendiameter en de dikte van het inzetgereedschap moeten overeen- komen met de maatgegevens van het elektrische gereedschap. Inzetgereed- schappen met onjuiste afmetingen kunnen niet voldoende afgeschermd of gecontroleerd worden.

Inzetgereedschappen met schroefdraad- inzetstuk moeten nauwkeurig op de schroefdraad van de uitgaande as passen. De gatdiameter van met een flens gemonteerde inzetgereedschappen moet passen bij de opnamediameter van de flens. Inzetgereedschappen die niet nauwkeurig op de uitgaande as van het elektrische gereedschap passen, draaien ongelijkmatig, trillen sterk en kunnen tot het verlies van de controle leiden. Gebruik geen beschadigde inzetgereed- schappen. Controleer voor het gebruik altijd inzetgereedschappen zoals slijpschijven op afsplinteringen en scheuren, steunschijven op scheuren of sterke slijtage en draadborstels op losse of gebroken draden. Als het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap valt, dient u te controleren of het bescha- digd is, of gebruik een onbeschadigd inzetgereedschap. Als u het inzetgereed- schap hebt gecontroleerd en ingezet, laat u de machine een minuut lang met het maximale toerental lopen. Daarbij dient u en dienen andere perso- nen uit de buurt van het ronddraaiende inzetgereedschap te blijven. Beschadigde inzetgereedschappen breken meestal gedurende deze testtijd. Draag persoonlijke beschermende uit- rusting. Gebruik afhankelijk van de toe- passing een volledige gezichtsbescher- ming, oogbescherming of veiligheidsbril. Draag indien van toepassing een stof- masker, een gehoorbescherming, werkhandschoenen of een speciaal schort dat kleine slijp- en metaaldeeltjes tegenhoudt. Uw ogen moeten worden beschermd tegen wegvliegende deeltjes die bij ver- schillende toepassingen ontstaan. Een stof- of ademmasker moet het stof filteren dat bij de toepassing ontstaat. Als u lang wordt blootgesteld aan luid lawaai, kan uw gehoor worden bescha- digd.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand bevinden van de plaats waar u werkt. Iedereen die de werkomgeving betreedt, moet persoonlijke beschermende uitrusting dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken inzetgereedschappen kunnen wegvliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de directe werkomgeving. Houd het gereedschap alleen aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroom- leidingen of de eigen stroomkabel kan raken. Contact met een onder spanning staande leiding kan ook metalen delen van het gereedschap onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden. Houd de stroomkabel uit de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan de stroomkabel worden doorgesneden of meegenomen en uw hand of arm kan in het ronddraaiende inzetgereedschap terechtkomen. Leg het elektrische gereedschap nooit neer voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het oppervlak, waardoor u de controle over het elek- trische gereedschap kunt verliezen. Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap worden meegenomen en het inzet- gereedschap kan zich in uw lichaam boren. Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap. De motorventilator trekt stof in het huis en een sterke ophoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken. Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materialen ontsteken.

Gebruik geen inzetgereedschappen waar- voor vloeibare koelmiddelen vereist zijn. Het gebruik van water of andere vloei- bare koelmiddelen kan tot een elek- trische schok leiden. Terugslag en bijbehorende veiligheids- voorschriften Terugslag is de plotselinge reactie als gevolg van een vasthakend of geblokkeerd draaiend inzetgereedschap, zoals een slijpschijf, schuurschijf, steunschijf, draad- borstel, enz. Vasthaken of blokkeren leidt tot een abrupte stop van het ronddraaiende inzetgereedschap. Daardoor wordt een ongecontroleerd elektrisch gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereed- schap versneld op de plaats van de blok- kering. Als bijvoorbeeld een slijpschijf in het werkstuk vasthaakt of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstuk invalt, zich vastgrijpen. Daardoor kan de slijpschijf uitbreken of een terugslag veroorzaken. De slijpschijf beweegt zich vervolgens naar de bediener toe of van de bediener weg, afhankelijk van de draai- richting van de schijf op de plaats van de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken. Een terugslag is het gevolg van verkeerd of onjuist gebruik van het elektrische gereed- schap. Terugslag kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven. Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een positie waarin u de terugslag- krachten kunt opvangen. Gebruik altijd de extra handgreep, indien aanwezig, om de grootst mogelijke controle te hebben over terugslag- krachten of reactiemomenten bij het op toeren komen. De bediener kan door geschikte voor- zorgsmaatregelen de terugslag- en reactiekrachten beheersen. Breng uw hand nooit in de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Het inzetgereedschap kan bij de terugslag over uw hand bewegen.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Mijd met uw lichaam het gebied waar- heen het elektrische gereedschap bij een terugslag wordt bewogen. De terugslag drijft het elektrische gereed- schap in de richting die tegengesteld is aan de beweging van de slijpschijf op de plaats van de blokkering. Werk bijzonder voorzichtig in de buurt van hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat inzetgereedschappen van het werkstuk terugstoten en vast- klemmen. Het ronddraaiende inzetgereedschap neigt er toe, zich vast te klemmen bij hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt. Dit veroorzaakt een controleverlies of terugslag. Gebruik geen kettingblad of getand zaagblad. Zulke inzetgereedschappen veroorzaken vaak een terugslag of het verlies van de controle over het elektrische gereed- schap. Bijzondere veiligheidsvoorschriften voor slijp- en doorslijpwerkzaamheden Gebruik uitsluitend het voor het elek- trische gereedschap toegestane schuur- toebehoren en de voor dit schuurtoebe- horen voorziene beschermkap. Schuurtoebehoren dat niet voor het elektrische gereedschap is voorzien, kan niet voldoende worden afgeschermd en is niet veilig.

Gebogen slijpschijven moeten zodanig gemonteerd worden dat hun slijpoppervlak niet boven de rand van de beschermkap uit steekt. Een onjuist gemonteerde slijpschijf die over de rand van de slijpschijf uitsteekt, kan onvoldoende afgeschermd worden.

De beschermkap moet stevig op het elektrische gereedschap zijn aangebracht en voor een maximum aan veiligheid zodanig zijn ingesteld dat het kleinst mogelijke deel van het slijptoebehoren open naar de bediener wijst. De beschermkap helpt de bediener te beschermen tegen brokstukken en toevallig contact met het slijptoebehoren alsmede tegen vonken die de kleding kun- nen doen ontbranden.

Schuurtoebehoren mag alleen worden gebruikt voor de geadviseerde toepas- singsmogelijkheden. Bijvoorbeeld: slijp nooit met de zijkant van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Een zijwaartse krachtinwerking op dit schuurtoebehoren kan het toe- behoren breken. Gebruik altijd onbeschadigde span- flenzen in de juiste maat en vorm voor de door u gekozen slijpschijf. Geschikte flenzen steunen de slijpschijf en verminderen zo het gevaar van een slijpschijfbreuk. Flenzen voor doorslijp- schijven kunnen verschillen van de flenzen voor andere slijpschijven. Gebruik geen versleten slijpschijven van grotere elektrische gereedschappen. Slijpschijven voor grotere elektrische gereedschappen zijn niet geconstrueerd voor de hogere toerentallen van kleinere elektrische gereedschappen en kunnen breken. Overige bijzondere veiligheidsvoor- schriften voor doorslijpwerkzaamheden Voorkom blokkeren van de doorslijpschijf en te hoge aandrukkracht. Slijp niet overmatig diep. Een overbelasting van de doorslijpschijf vergroot de slijtage en de gevoeligheid voor kantelen of blokkeren en daardoor de mogelijkheid van een terugslag of breuk van het slijptoebehoren. Mijd de omgeving voor en achter de ronddraaiende doorslijpschijf. Als u de doorslijpschijf in het werkstuk van u weg beweegt, kan in het geval van een terugslag het elektrische gereed- schap met de draaiende schijf recht- streeks naar u toe worden geslingerd. Als de doorslijpschijf vastklemt of als u de werkzaamheden onderbreekt, schakelt u het gereedschap uit en houdt u het rustig vast tot de schijf tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de groef te trekken. Anders kan een terugslag het gevolg zijn. Stel de oorzaak van het vastklemmen vast en maak deze ongedaan.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Schakel het elektrische gereedschap niet opnieuw in zolang het zich in het werkstuk bevindt. Laat de doorslijpschijf eerst het volledige toerental bereiken voordat u het doorslijpen voorzichtig voortzet. Anders kan de schijf vasthaken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken. Ondersteun platen of grote werkstukken om het risico van een terugslag door een ingeklemde doorslijpschijf te vermin- deren. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorbuigen. Het werkstuk moet aan beide zijden van de schijf worden ondersteund, zowel vlakbij de slijpgroef als aan de rand. Wees bijzonder voorzichtig bij invallend frezen in bestaande muren of andere plaatsen zonder voldoende zicht. De invallende doorslijpschijf kan bij het doorslijpen van gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken. Overige veiligheidsvoorschriften De netspanning en de op het typeplaatje vermelde spanningsgegevens moeten overeenkomen. Druk alleen op knop voor de blokkering van de uitgaande as als het slijpgereed- schap stilstaat. Geluid en trillingen LET OP Waarden voor het A-gewogen geluids- niveau en de totale trillingswaarden staan in de tabel „Technische gegevens“. De geluids- en trillingswaarden zijn vast- gesteld volgens EN 60745. VOORZICHTIG! De aangegeven meetwaarden gelden voor nieuwe gereedschappen. Bij dagelijks gebruik veranderen geluids- en trillingswaarden. LET OP Het is deze instructies vermelde trillings- niveau is gemeten volgens de meet- methode zoals beschreven in de norm EN 60745 en kan worden gebruikt voor de onderlinge vergelijking van elektrische gereedschappen. Het is ook geschikt voor een voorlopige inschatting van de trillings- belasting. Het vermelde trillingsniveau geldt voor de voornaamste toepassingen van het elektrische gereedschap. Indien het elek- trische gereedschap wordt gebruikt voor andere toepassingen, met afwijkende inzetgereedschappen of zonder voldoende onderhoud, kan het trillingsniveau afwijken. Dit kan de trillingsbelasting over het gehele arbeidstijdvak duidelijk verhogen. Voor een nauwkeurige schatting van de trillingsbelasting moeten ook de tijden in aanmerking worden genomen waarin het gereedschap uitgeschakeld is, of waarin het wel loopt, maar niet feitelijk wordt gebruikt. Dit kan de trillingsbelasting over het gehele arbeidstijdvak duidelijk verminderen. Leg aanvullende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener tegen het effect van trillingen vast, zoals: onderhoud van elektrische gereedschap en inzet- gereedschappen, warm houden van de handen, organisatie van de arbeids- processen

VOORZICHTIG! Draag een gehoorbescherming bij een geluidsdruk van meer dan 85 dB(A).L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

L 1001 Machinetype Haakse slijpmachine Max. Ø slijpgereedschap mm 115 125 125 125 Dikte slijpgereedschap mm 1–6 Opnameboorgat

22,23 Schroefdraad uitgaande as M14 Toerental o.p.m. 12500 12000 6000–11500 10000 Opgenomen vermogen

Afgegeven vermogen W 450 480 530 600 Gewicht volgens „EPTA-procedure 1/2003“ (zonder Kabel) kg 1,9 2,0 2,2 Isolatieklasse II/ A-gewogen geluidsniveau volgens EN 60745 (zie „Geluid en trillingen”): Geluidsdrukniveau L

Totale trillingswaarde volgens EN 60745 (zie „Geluid en trillingen”): Emissiewaarde a

bij oppervlakte- schuurwerkzaamheden m/s

bij doorslijp- werkzaamheden m/s

In één oogopslag In deze gebruiksaanwijzing worden verschillende elektrische gereedschappen beschreven. Details van de afbeeldingen kunnen afwijken van het door u gekochte elektrische gereedschap. 1 Uitgaande as 2 Schroefdraadflens a Spanmoer b Spanflens 3 Beschermkap 4 Handgreep Handgreep kan links en rechts worden gemonteerd. 5 Blokkering van de uitgaande as Voor het vastzetten van de uitgaande as bij het wisselen van inzetgereed- schap. 6 Machinekop Met luchtafvoeropening en draai- richtingpijl. 7 Schakelaar Voor in- en uitschakelen. Met vergrendelingsstand voor continu gebruik. 8 Netsnoer 4,0 m met stekker 9 Spansleutel 10 Typeplaatje (niet afgebeeld) 11 Stelwiel voor vooraf instelbaar toerental (alleen LE 9-10 125)L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Gebruiksaanwijzing WAARSCHUWING! Trek voor alle werkzaamheden aan de haakse slijpmachine de stekker uit het stopcontact. Voor de ingebruikneming Pak de haakse slijpmachine uit en controleer of alles compleet is meegeleverd en er geen transportschade is. In- en uitschakelen Gebruik voor korte duur zonder vergren-deling: Duw de schakelaar naar voren en houd deze vast. Als u de machine wilt uitschakelen, laat u de schakelaar los. Continu gebruik met vergrendeling: Duw de schakelaar naar voren (1.) en ver- grendel vervolgens de schakelaar door deze vooraan in te drukken (2.). Als u de machine wilt uitschakelen, ontgrendelt u de schakelaar door deze achteraan in te drukken. LET OP Nadat de stroom is uitgevallen, start het ingeschakelde gereedschap niet opnieuw. Vooraf instelbaar toerental (alleen LE 9-10 125) Als u het werktoerental wilt instellen, zet u het stelwiel op de gewenste waarde. Veiligheidsbeschermkap (L 3709-115, L 801, L 3709-125) WAARSCHUWING! Nooit zonder de veiligheidsbeschermkap werken. Voor de aanpassing aan de te verrichten werkzaamheden kunt u de veiligheids- beschermkap zonder hulpgereedschap verstellen. Voor doorslijpen moet een speciale doorslijpbeschermkap worden gebruikt. VOORZICHTIG! Verwondingsgevaar! Draag werkhandschoenen! Trek de stekker uit de contactdoos.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Draai de veiligheidsbeschermkap in de gewenste stand. Snelspanschroef (LE 9-10 125, L 10-10 125, L 1001) WAARSCHUWING! Werk bij afbraam- en doorslijpwerkzaamheden nooit zonder beschermkap. Trek de stekker uit de contactdoos. Maak de spanhendel (a) los. Verstel de beschermkap. Schroef (b) zo vast aandraaien dat de spanhendel net nog met de hand kan worden gespannen. Draai de spanhendel weer vast. Voor doorslijpen moet een speciale snelspan-doorslijpbeschermkap worden gebruikt. Slijpgereedschap bevestigen of wisselen Trek de stekker uit de contactdoos. Arretering van uitgaande as indrukken en ingedrukt houden (1.). Draai met de spansleutel de spanmoer tegen de wijzers van de klok in los van de uitgaande as en verwijder de spanmoer (2.). Leg de slijpschijf in de juiste positie op de uitgaande as. Draai de spamoer met de kraag naar boven op de uitgaande as. Druk op de blokkering van de uitgaande as en houd deze ingedrukt. Draai de spanmoer met de spansleutel vast. Steek de stekker in de contactdoos. Schakel de haakse slijpmachine in met de schakelaar zonder deze vast te klikken en laat de haakse slijpmachine gedurende ca. 30 seconden lopen. Controleer de machine op onbalans en trillingen. Schakel de haakse slijpmachine uit.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Tips voor de werkzaamheden LET OP Na het uitschakelen loopt het slijpgereedschap nog korte tijd uit. Afbramen WAARSCHUWING! Gebruik nooit doorslijpschijven voor afbraam-werkzaamheden. – Aanzethoek 20°–40° voor optimale afname. – Beweeg de haakse slijpmachine met matige druk heen en weer. Daardoor wordt het werkstuk niet te heet en ontstaan er geen verkleuringen. Bovendien komen er zo geen groeven in het werkstuk. Doorslijpen WAARSCHUWING! Voor doorslijpwerkzaamheden moet een speciale doorslijpbeschermkap worden gebruikt. – Druk de machine niet aan. Houd de machine niet schuin. Laat de machine niet oscilleren. – De haakse slijpmachine moet altijd in tegengestelde richting werken. Anders kan de schijf ongecontroleerd uit de groef springen. – Pas de voeding aan het te bewerken materiaal aan. Hoe harder het materiaal, hoe langzamer u naar voren beweegt. Zie www.flex-tools.com voor meer informatie over de producten van de fabrikant. Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING! Trek voor alle werkzaamheden aan de haakse slijpmachine de stekker uit het stopcontact. Reiniging WAARSCHUWING! Bij het bewerken van metalen kan zich bij intensief gebruik geleidend stof in het machinehuis ophopen. Gevaar voor beschadiging van de veilig- heidsisolatie! Gebruik de machine via een aardlekschakelaar (inschakelstroom 30 mA). Reinig de machine en de ventilatieopenin- gen regelmatig. De frequentie van de reini- ging is afhankelijk van het bewerkte materiaal en van de duur van het gebruik. Blaas de binnenzijde van het machinehuis met de motor regelmatig met droge per- slucht door. Koolborstels De haakse slijpmachine is voorzien van zelfuitschakelende koolborstels. Na het bereiken van de slijtagegrens schakelen de koolborstels de haakse slijpmachine automatisch uit. LET OP Gebruik uitsluitend originele vervangings- onderdelen van de fabrikant. Bij het gebruik van onderdelen van een andere fabrikant vervallen de garantieverplichtingen van de fabrikant. Door de luchttoevoeropeningen aan de achterzijde kunnen de koolborstelvonken tijdens het gebruik worden geobserveerd. Schakel de haakse slijpmachine onmiddel- lijk uit bij sterke vonkontwikkeling van de koolborstels. Geef de haakse slijpmachine vervolgens af bij een door de fabrikant erkende klanten- service.L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001

Machinekop LET OP Draai de schroeven op de machinekop tijdens de garantietijd niet los. Anders vervallen de garantieverplichtingen van de fabrikant. Reparaties Laat reparaties uitsluitend uitvoeren door een door de fabrikant erkende klanten- service. Vervangingsonderdelen en toebehoren Zie voor meer toebehoren, in het bijzonder slijpgereedschappen, de catalogi van de fabrikant. Explosietekeningen en onderdelenlijsten vindt u op onze website: www.flex-tools.com Afvoeren van verpakking en machine WAARSCHUWING! Maak een versleten machine onbruikbaar door het netsnoer te verwijderen. Alleen voor EU-landen Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil. Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elek- tronische apparatuur en de omzetting van de richtlijn in nationaal recht moeten versleten elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze opnieuw worden gebruikt. LET OP Vraag uw vakhandel naar de mogelijkheden om uw oude gereedschap af geven. -Conformiteit Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens” beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 60745 volgens de bepalingen van de richtlijnen 2014/30/EU, 2006/42/EG, 2011/65/EU. Verantwoordelijk voor technische documentatie: FLEX-Elektrowerkzeuge GmbH, R & D Bahnhofstrasse 15, D-71711 Steinheim/Murr

71711 Steinheim/Murr Uitsluiting van aansprakelijkheid De fabrikant en zijn vertegenwoordiger zijn niet aansprakelijk voor schade en verloren winst door onderbreking van de werkzaamheden die door het product of het niet-mogelijke gebruik van het product zijn veroorzaakt. De fabrikant en zijn vertegenwoordiger zijn niet aansprakelijk voor schade die door ondes- kundig gebruik of in combinatie met producten van andere fabrikanten is veroorzaakt. Klaus Peter Weinper Head of QualityDepartment (QD) Eckhard Rhle Manager Research &Development (R & D)L 3709 -115, L 3709 -125, LE 9-10 125, L 10-10 125, L 801, L 1001