DHA 10 - Luchtbevochtiger Master - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DHA 10 Master in PDF-formaat.

📄 105 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Master DHA 10 - page 25
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Master

Model : DHA 10

Categorie : Luchtbevochtiger

Download de handleiding voor uw Luchtbevochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DHA 10 - Master en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DHA 10 van het merk Master.

GEBRUIKSAANWIJZING DHA 10 Master

GOED. ► 1. WERKING Dit is een luchtontvochtiger die zonder compressor en zonder koelmiddel werkt. Het apparaat wordt gekenmerkt door een vaste ontvochtigingscapaciteit, onafhankelijk van de temperatuur van de omgeving. Deze luchtontvochtiger is efciënter dan luchtontvochtigers met compressor bij gebruik in lagere temperaturen, d.w.z. onder de 5°C. De werking van deze luchtontvochtiger is gebaseerd op een adsorptierotor (een roterende schijf met met chemisch gebonden silicagel). De vochtige lucht van buitenaf wordt door het apparaat geblazen, waar de lucht in aanraking komt met de rotor. Het chemische middel op de rotor verwijdert de vocht uit de lucht en verwarmt de lucht dankzij het interne verwarmingselement. De rotor draait onafgebroken. Het verwarmingselement verwijdert het water. Het water condenseert in het warmtewisselingssysteem en wordt naar de watertank afgevoerd ► FIG. 1

1. Vochtige lucht van de ruimte

8. Droge lucht die in de ruimte wordt geblazen

10. Het condenswater wordt in de watertank verzameld

11. Water dat in het proces van ontvochtiging overblijft

12. Lucht na ontvochtiging

► 2. PLAATSING Vochtige lucht verspreidt zich door het gehele huis. Het is dan ook raadzaam om de luchtontvochtiger op een centrale plaats neer te zetten, zodat de vochtige lucht van alle kanten uit het gehele huis kan worden aangezogen. Zorg ervoor dat de luchtontvochtiger op een vlakke ondergrond wordt geplaatst en dat aan alle kanten van het apparaat minstens 20 cm (8”) vrije ruimte wordt behouden, zodat de lucht onbelemmerd kan worden aangezogen en uitgeblazen. Advies voor “DROGER” functie. Houd minstens 40 cm afstand tussen de luchtuitlaat en het wasgoed (zie afb. op pagina 12) om zo te voorkomen dat er water in het apparaat komt en schade veroorzaakt. De luchtontvochtiger kan wordt gebruikt in de badkamer, kelder, keuken, huiskamer, in kasten, enz. (FIG. 2).

► 3. INSTRUCTIES VÓÓR HET GEBRUIK

LET OP! ► Dit apparaat dient te worden geplaatst op een vlakke en stabiele ondergrond om lekkage te voorkomen. Het apparaat dient rechtop te staan. ► Het apparaat bevat een chemisch middel. Gedurende het eerste uur van gebruik kan dit een geur afgeven. Dit is echter normaal en heeft geen gevaarlijke gevolgen. ► Het apparaat bevat een verwarmingselement en behoud daarom een minimale afstand van 1 meter van brandbare materialen. ► Haal altijd eerst de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat of een onderdeel ervan wilt reinigen of voordat u het apparaat wilt verplaatsen. Zet het apparaat nooit aan en schakel het nooit uit door de stekker uit het stopcontact the trekken. Gebruik hiervoor altijd de schakelaar op het bedieningspaneel. ► Het apparaat heeft een speciaal beveiligingssysteem dankzij welke het automatisch uitschakelt bij kanteling tijdens gebruik. ► Als de kabel van de luchtontvochtiger is beschadigd, dient deze vervangen te worden door een deskundige servicemonteur om ieder risico te voorkomen. ► Bedek of verstop de luchtinlaat en –uitlaat in geen geval met geen enkele voorwerpen. ► Giet geen enkele vloeistoffen in het apparaat. ► Het apparaat mag in geen geval worden besproeid met water of andere vloeistoffen of erin worden gedompeld. ► Gebruik geen spray tegen ongedierte of anderen brandbare schoonmaakmiddelen. ► Indien u het apparaat wilt verplaatsen, dient u het eerst uit te zetten, de stekker uit het stopcontact te halen en het watertank te legen. Het duurt ongeveer 2 minuten voordat het apparaat volledig is uitgeschakeld, omdat de Handleiding 1... WERKING 2... PLAATSING

verwarmingselementen moeten afkoelen. ► Voordat enige onderhouds-, transport- of reinigingswerkzaamheden wordt uitgevoerd, na het apparaat te hebben uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact te hebben gehaald, dient minstens een uur te worden gewacht. ► Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door kinderen of andere personen die hulp of toezicht nodig hebben, indien ze niet in staat zijn het apparaat te gebruiken op een veilige manier ten opzichte van hun fysieke en psychische toestand. Let er op dat kinderen niet met het apparaat spelen.

1. Gebruik buitenshuis (blootstelling aan zon, wind of

2. In de buurt van water

4. Op plaatsen waar kinderen zonder toezicht komen

5. Bij overbelasting van verlengsnoer

6. Wanneer de voedingskabel is beschadigd

7. Op schuine of oneffen ondergrond

8. Wanneer er brandgevaar bestaat of in de buurt van

9. Wanneer de luchtontvochtiger kan worden beschadigd

door chemische middelen in de buurt

10. Wanneer er risico bestaat op schade door vreemde

11. Voer eventuele reparaties nooit zelfstandig uit

12. Wanneer er water op het apparaat kan worden

1. Handgreep van apparaat

4. Afvoer van watertank

5. Deksel van watertank

7. Opening voor vaste waterafvoer

2. Actief koolstoflter

Na het drukken van deze knop kunt u het gewenste programma kiezen: LAAG (STILLE ontvochtiging) – indien het vochtigheidsgehalte in de ruimte: < is dan het ingestelde vochtigheidsgehalte zal het apparaat op een LAGE ventilatorsnelheid werken (zonder verwarming). ≥ is dan het ingestelde vochtigheidsgehalte zal het apparaat op een LAGE ventilatorsnelheid werken MET VERWARMING. HOOG (TURBO ontvochtiging) - indien het vochtigheidsgehalte in de ruimte: ≥ is dan het ingestelde vochtigheidsgehalte zal het apparaat op een HOGE ventilatorsnelheid werken MET VERWARMING. < is dan het ingestelde vochtigheidsgehalte zal het apparaat op een HOGE ventilatorsnelheid werken (zonder verwarming). DROGER: STAAT ALTIJD AAN wanneer het apparaat op een HOGE ventilatorsnelheid werkt MET VERWARMING.

2. HUMIDITY KNOP (VOCHTIGHEIDSGEHALTE)

Druk op de HUMIDITY knop om het gewenste vochtigheidsgehalte in de ruimte in te stellen: voortdurende ontvochtiging, 40%, 50%, 60% of 70%. Het corresponderende lampje zal gaan branden. Indien het vochtigheidsgehalte niet wordt ingesteld, zal het apparaat met een automatisch ingestelde vochtigheidsgehalte werken, namelijk 50%.

Druk op de TIMER knop indien u de tijd wilt instellen van de werking van het apparaat. Na de knop te hebben ingesteld, zal de LED display de gekozen tijd weergeven (1-24 uur). Na de klok te hebben geactiveerd, zal het TIMER symbool verschijnen en de ingestelde tijd zal worden weergegeven op de LED display gedurende 8 seconden. Vervolgens zal weer het vochtigheidsgehalte in de ruimte worden getoond. Wanneer de ingestelde tijd is verlopen, zal het apparaat automatisch uitschakelen. Indien er geen tijd wordt ingesteld, zal het apparaat onafgebroken gedurende 24 uur werken.

Met deze knop wordt het apparaat aangezet en uitgeschakeld. Wanneer het apparaat wordt aangezet, zal het bedrijfslampje aangaan.

5. CONTROLELAMPJE STILLE ONTVOCHTIGING

Indien u het programma STILLE ontvochtiging kiest, zal dit controlelampje aangaan.

6. CONTROLELAMPJE TURBO ONTVOCHTIGING

Indien u het programma TURBO ontvochtiging kiest, zal dit controlelampje aangaan.

7. CONTROLELAMPJE DROGER

Indien u het programma DROGER ontvochtiging kiest, zal dit controlelampje aangaan.

8. VOCHTIGHEIDSGEHALTE DISPLAY

Geeft het vochtigheidsgehalte in de ruimte weer (35~95%RH). Door op de knop TIMER te drukken, wordt de ingestelde tijd van de werking van het apparaat getoond. Na 8 seconden springt de weergave weer terug op het vochtigheidsgehalte.9. INDICATOR INSTELLING VOCH TIGHEIDSGEHALTE voortdurende ontvochtiging, 40%, 50%, 60%, 70%

Deze knop is voor het instellen van de tijd van de werking van het apparaat (1-24 uur).

11. AAN/UIT CONTROLELAMPJE

Wanneer het apparaat normaal werkt, is het controlelampje blauw. Dit controlelampje zal knipperen om te waarschuwen dat: ► Het apparaat is gekanteld. ► Het apparaat warmte afgeeft (na het apparaat is uitgeschakeld, geeft het gedurende 2 minuten nog warmte af, totdat het volkomen is afgekoeld).

12. CONTROLELAMPJE “WATERTANK VOL”

Dit controlelampje is ROOD wanneer de watertank vol is of wanneer deze onjuist is geplaatst. ► 6. BEDIENING ► Steek de netstekker in het stopcontact. Controleer eerst of de netspanning overeenkomt met de gegevens op het typeplaatje aan de achterkant van het apparaat. ► Druk op de AAN/UIT knop om het apparaat aan te zetten. De luchtontvochtiger zal starten (zonder ingestelde tijd werkt het apparaat onafgebroken). ► Druk op de knop HUMITIDY om het gewenste vochtigheidsgehalte in de ruimte in te stellen: voortdurende ontvochtiging, 40%, 50%, 60% of 70%. ► Druk op de knop MODE om de gewenste ventilatorsnelheid te kiezen: STIL, TURBO of DROGER. ► Druk op de knop TIMER om de gewenste tijd in te stellen van de werking van het apparaat (1-24 uur). ► Druk weer op de knop AAN/UIT of het apparaat uit te schakelen. BELANGRIJK! ► Na het uitschakelen van het apparaat zal het nog gedurende minstens 2 minuten werken, zodat de verwarmingselementen kunnen afkoelen. Tijdens deze afkoelingsfase zal het AAN/UIT controlelampje knipperen.

UIT TE SCHAKELEN. ► Gebruik het apparaat nooit zonder een FILTER. ► Voor veiligheidsredenen zal het verwarmingselement na 8 uur onafgebroken werk worden uitgeschakeld voor 2 minuten en vervolgens weer aangaan, ongeacht of de ingestelde tijd al is verlopen of niet. Tijdens deze pauze zal de ventilator wel werken en warme lucht uitblazen. Om het apparaat uit te schakelen, dient de AAN/UIT knop te worden ingedrukt (de ingestelde tijd zal worden gewist). De tijd wordt ook gewist zodra de watertank vol is. Indien er geen tijd wordt ingesteld, zal het apparaat automatisch uitschakelen na 24 uur. ► Indien het programma DROGER is ingesteld, dient het apparaat zich te bevinden op een afstand van MINSTENS 40 CM van andere voorwerpen (bijvoorbeeld wasgoed), waarbij er op dient te worden gelet dat er geen water in het apparaat komt. Raadpleeg de onderstaande afbeelding voor de minimale afstanden die behouden dienen te worden rondom het gehele apparaat (FIG. 8). ► Deze luchtontvochtiger heeft een veiligheidssysteem dat het apparaat beschermt tegen oververhitting. Zodra het apparaat kantelt, wordt het automatisch uitgeschakeld. Het AAN/UIT controlelampje wordt rood en het apparaat zal drie keer piepen. Na het apparaat weer rechtop te hebben gezet, dient de AAN/UIT knop te worden ingedrukt om het weer aan te zetten. ► Autodiagnose: Indien de kamersensor, vochtsensor of kantelsensor het niet doet, zal het apparaat drie keer piepen, het AAN/UIT controlelampje zal van kleur veranderen en ROOD worden en het apparaat zal worden UITGESCHAKELD. ► 7. WATERAFVOER Zodra de watertank vol is, zal het apparaat stoppen met werken en: ► dit lampje zal worden weergegeven op de display, wat aangeeft dat de watertank vol is ► het apparaat zal 10 keer piepen. Om deze waarschuwingssignalen uit te zetten, kunt u de AAN/ UIT knop gebruiken, waardoor het apparaat wordt uitgeschakeld. Om de watertank te legen dient u het volgende te doen (FIG. 9):

1. Houd het apparaat met één hand vast zodat het

2. Haal de watertank voorzichtig uit het apparaat.

3. Pak de handgreep van de watertank vast, verwijder

het deksel en leeg de tank door de waterafvoer.

4. Zodra de tank leeg is, kan deze weer terug worden

geplaatst. Controleer of het controlelampje “tank vol” uit is en of de luchtontvochtiger het weer doet. LET OP: INDIEN DE WATERTANK NIET JUIST

EN ROOD WORDEN EN HET APPARAAT ZAL PIEPEN. VASTE WATERAFVOER Wanneer de luchtontvochtiger wordt gebruikt in een ruimte met een hoge relatieve luchtvochtigheid, zal het nodig zijn om het waterreservoir vaker te legen. In dat geval verdient het aanbeveling om een aansluiting te maken met vaste afvoer. Dit is mogelijk op de volgende manier (FIG. 10):

1. Verwijder het dopje van de opening van de

vaste waterafvoer aan de achterkant aan de luchtontvochtiger.

2. Verwijder de stop van de watertank.

3. Schuif een waterslang (binnendiameter 12 mm) door

de opening van de afvoer. * LET OP: De waterslang wordt niet geleverd als vast onderdeel van het apparaat.

4. Haal de watertank uit het apparaat, plaats het dopje

van de vaste waterafvoer op de opening binnen in het apparaat.

ZH► 8. ONDERHOUD Voordat enige onderhouds-, of reinigingswerkzaamheden wordt uitgevoerd, na het apparaat te hebben uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact te hebben gehaald, dient minstens een uur te worden gewacht.

SCHOONMAKEN VAN DE BUITENKANT

Gebruik alleen een zachte doek om de buitenkant van het apparaat schoon te maken. Gebruik geen bijtende of agressieve chemische schoonmaakmiddelen in spray, benzine, of stoffen met chemische middelen. Deze middelen kunnen het apparaat blijvend beschadigen.

SCHOONMAKEN VAN HET LUCHTFILTER

Verwijder het lter dat zich aan de achterkant van het apparaat bevindt. (FIG. 11) STOFFILTER (UITWASBAAR) (FIG. 12):

1. Reinig het lter met een stofzuiger of klop het

voorzichtig uit. Indien het lter erg vuil is, kan het worden schoongemaakt in een warm sopje met een zacht (niet agressief) schoonmaakmiddel.

2. Zorg ervoor dat het lter compleet droog is alvorens

deze terug te plaatsen.

3. Zorg ervoor dat het lter niet wordt blootgesteld aan

direct zonlicht. ACTIEF KOOLSTOFFILTER Het actief koolstoflter mag niet met water in aanraking komen. De duurzaamheid ervan is afhankelijk van de omgeving waarin het apparaat wordt gebruikt. Dit lter moet regelmatig worden gecheckt (ongeveer om de 6 maanden) en indien nodig vervangen. OPSLAG Volg de onderstaande instructies op indien u de luchtontvochtiger gedurende een langere periode niet wilt gebruiken: ► Het apparaat uitschakelen, de voedingskabel uit het stopcontact trekken en netjes oprollen. ► Watertank legen en alle onderdelen goed drogen. ► De luchtontvochtiger bedekken en het apparaat op een plaats bewaren waar het niet wordt blootgesteld aan direct zonlicht.

De luchtontvochtiger werkt helemaal niet 1. Het apparaat is niet goed aangesloten

2. De watertank is vol of onjuist geplaatst.

3. Het apparaat staat op een oneffen ondergrond.

De luchtontvochtiger ontvocht niet of slechts heel weinig

1. Het lter is vuil of verstopt.

2. De luchtinlaat of –uitlaat is verstopt.

3. Het vochtigheidsgehalte in de ruimte is te laag.

De luchtontvochtiger ontvocht niet goed genoeg

1. Te veel open deuren en ramen.

2. Er is iets in de kamer dat voor een hoog vochtgehalte zorgt.

De luchtontvochtiger maakt een raar geluid

1. Controleer en reinig het lter.

2. Controleer of het apparaat rechtop staat en of het op een vlakke

ondergrond staat. Er loopt water uit de luchtontvochtiger 1. Controleer of het apparaat niet is gekanteld.

2. Controleer of de waterstroom in de watertank niet door iets wordt

geblokkeerd. Na het uitschakelen van de luchtontvochtiger blijft de ventilatormotor lopen

1. Dit is normaal. Het duurt ongeveer 2 minuten voordat het apparaat

volledig is uitgeschakeld, omdat de verwarmingselementen moeten worden afgekoeld door de interne ventilator.