ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI - Grasmaaier BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING ROTAK 43 LI E ACCU, ROTAK43LI BOSCH
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
da Original brugsanvisning
sv Bruksanvisning i original
no Original driftsinstruks
Veiligheidsvoorschriften
Let op! Lees de volgende voorschriften zorgvuldig. Maak uzelf vertrouwd met de bedieningselementen en het juiste gebruik van de machine. Bewaar de gebruiksaanwijzing goed voor later gebruik.
Verklaring van de symbolen op de machine

Algemene waarschuwing.

Lees de gebruiksaanwijzing.

Voorkom dat personen in de buurt gewond raken door weggeslingerde voorwerpen.

Houd personen in de buurt op een veilige afstand tot het gereedschap.

Scherp(e) mes(sen). Wees uiterst voorzichtig met tenen en vingers.

Voordat u de machine instelt of schoonmaakt en wanneer u de machine, ook slechts voor korte tijd, onbeheerd achterlaat, dient u deze uit te schakelen en de stroomkringonderbreker te verwijderen.

Niet van toepassing.

Wacht tot alle delen van de machine volledig tot stilstand gekomen zijn voordat u deze aanraakt. De messen draaien na het uitschakelen van de machine nog en kunnen verwondingen veroorzaken.

Gebruik het gereedschap niet in de regen en stel het niet bloot aan regen.

Bescherm uzelf tegen een elektrische schok.

Houd de aansluitkabel uit de buurt van de snijmessen.

Gebruik het oplaadapparaat alleen in een droge ruimte.

Het oplaadapparaat is voorzien van een veiligheidstransformator.
Bediening
Laat kinderen of personen die deze voorschriften niet gelezen hebben de machine nooit gebruiken. In uw land gelden eventueel voorschriften ten aanzien van de leeftijd van de bediener. Bewaar de machine buiten het bereik van kinderen wanneer deze niet wordt gebruikt.
- Dit gereedschap is er niet voor bestemd om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuigelijke of geestelijke vermogens of gebrekkige ervaring en/of gebrekkige kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon, of zij van deze persoon instructies ontvangen ten aanzien van het gebruik van het gereedschap. Kinderen moeten onder toezicht staan, om zeker te stellen dat zij niet met het gereedschap spelen.
▶ Maai nooit dicht in de buurt van personen, in het bijzonder kinderen, of huisdieren.
▶ De bediener of gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen, persoonlijk letsel of schade aan het eigendom van anderen.
- Gebruik de machine niet met blote voeten of met open sandalen. Draag altijd stevige schoenen en een lange broek.
- Controleer het te bewerken oppervlak zorgvuldig op stenen, stokken, metaaldraad, botten en andere voorwerpen en verwijder deze.
▶ Controleer vóór gebruik altijd of de messen, de messchroeven of het maimechanisme versleten of beschadigd zijn. Vervang versleten of beschadigde messen en messchroeven altijd als complete set, om onbalans te voorkomen.
▶ Maai alleen bij daglicht of goed kunstlicht.
- Gebruik de machine bij voorkeur niet wanneer het gras nat is.
▶ Loop altijd rustig, nooit te snel.
- Gebruik de machine nooit met defecte beveiligingen of afschermingen of zonder veiligheidsvoorzieningen, zoals stootbescherming en/of grasvanger.
▶ Het werken op hellingen kan gevaarlijk zijn.
- Maai geen bijzonder steile hellingen.
- Zorg ervoor dat u op een helling of op nat gras altijd stevig staat.
- Maai altijd dwars op een helling, nooit naar boven of naar beneden.
- Ga altijd uiterst voorzichtig te werk bij het veranderen van richting op een helling.
▶ Wees uiterst voorzichtig bij het achteruitlopen of bij het trekken van de machine.
▶ Duw de machine tijdens het maaien altijd naar voren, trek deze nooit naar u toe.
De messen moeten stilstaan wanneer u de machine voor het transport moet kantelen, wanneer u een gedeelte moet oversteken dat niet met gras is beplant en wanneer u de machine naar en van het te maaien gebied verplaatst.
Kantel de machine bij het starten of aantrekken van de motor niet, behalve wanneer dit voor het starten in hoog gras nodig is. Til in dit geval de van de bediener afgewende zijde door het naar beneden duwen van de handgreep niet verder dan nodig omhoog. Let erop dat u beide handen aan de greep hebt wanneer u de machine weer laat zakken.
▶ Schakel de machine in zoals in de gebruiksaanwijzing beschreven en houd uw voeten ruim uit de buurt van rondraaiende delen.
▶ Breng handen en voeten niet in de buurt van of onder ronddraaiende delen.
▶ Houd afstand tot de afvoerzone terwijl u met de machine werkt.
- Til of draag de machine nooit terwijl de motor loopt.
Stroomkringonderbreker losmaken:
- altijd wanneer u de machine verlaat,
- vóór het verwijderen van blokkeringen,
- voordat u de machine controleert of reinigt of aan de machine werkt,
- na het raken van een voorwerp. Controleer de machine onmiddellijk op beschadigingen en laat deze indien nodig repareren,
- als de machine op een ongewone manier begint te trillen (onmiddellijk controleren).
Onderhoud
▶ Stel vast dat alle moeren, bouten en schroeven goed vastzitten, zodat een veilige werktoestand van de machine gewaarborgd is.
- Controleer de grasbak regelmatig op toestand en slijtage.
- Controleer de machine en vervang veiligheidshalve versleten of beschadigde delen.
- Gebruik uitsluitend de voor de machine voorziene maaimessen.
Zorg ervoor dat vervangingsonderdelen van Bosch afkomstig zijn.
▶ Draag altijd tuinhandschoenen wanneer u de scherpe messen vastpakt of er aan werkt.
Aanwijzingen voor de optimale omgang met de accu
▶ Controleer dat het gereedschap uitgeschakeld is voordat u de accu er in zet. Het inzetten van een accu in gereedschap dat ingeschakeld is, kan tot ongevallen leiden.
Houd het oplaadapparaat uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het oplaadapparaat vergroot het risico van een elektrische schok.
Laad accu's alleen op in oplaadapparaten die door de fabrikant worden geadviseerd. Voor een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat brandgevaar wanneer het met andere accu's wordt gebruikt.
Laad geen accu's van andere fabrikanten op. Het oplaadapparaat is alleen geschikt voor het opladen van Bosch-lithiumionaccu's met de in de technische gegevens vermelde spanningen. Anders bestaat er brand- en explosiegevaar.
Houd het oplaadapparaat schoon. Door vervuiling bestaat gevaar voor een elektrische schok.
▶ Controleer voor elk gebruik oplaadapparaat, kabel en stekker. Gebruik het oplaadapparaat niet als u een beschadiging hebt vastgesteld. Open het oplaadapparaat niet zelf en laat het alleen door gekwalificeerd personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen repareren. Beschadigde oplaadapparaten, kabels en stekkers vergroten het risico van een elektrische schok.
- Gebruik het oplaadapparaat niet op een gemakkelijk brandbare ondergrond (zoals papier of textiel) of in een brandbare omgeving. Vanwege de bij het opladen optredende verwarming van het oplaadapparaat bestaat brandgevaar.
- Gebruik alleen de daarvoor bedoelde accu's in de gereedschappen. Het gebruik van andere accu's kan tot letsel en brandgevaar leiden.
▶ Voorkom aanraking van de niet-gebruikte accu met paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven en andere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties en verbrandingen leiden.
▶ Open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.
▶ Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdurend zonlicht en vuur. Er bestaat explosiegevaar.
- Sluit de accu niet kort. Er bestaat explosiegevaar.
Bij beschadiging en onjuist gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. Zorg voor frisse lucht en raadpleeg bij klachten een arts. De dampen kunnen de luchtwegen irriteren.
▶ Bescherm de accu tegen vocht en water.
▶ Bewaar de accu alleen bij een temperatuur tussen 0 °C en 45 °C. Laat de accu bijvoorbeeld in de zomer niet in de auto liggen.
▶ Reinig de ventilatieopeningen van de accu af en toe met een zachte, schone en droge doek.
Functiebeschrijving

Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle voorschriften. Als de waarschuwingen en voorschriften niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Gebruik volgens bestemming
De machine is bestemd voor het maaien van gazons (voor particulier gebruik).
Meegeleverd
Neem het gereedschap voorzichtig uit de verpakking. Controleer of de volgende delen compleet zijn:
- Gazonmaaier met greepbeugel
- 1 Onderstuk greepbeugel
- 2 Schroeven
- 2 Vleugelmoeren
- 2 Plaatschroeven
- 2 Grasbakhelften (Rotak 34/37 LI)
- 3 Grasbakhelften (Rotak 43 LI)
- 2 Kabelclips
- Oplaadapparaat
- Stroomkringonderbreker
- Accu/accu's*
- Gebruiksaanwijzing
\* Productspecifiek
Neem contact op met uw leverancier wanneer er onderdelen ontbreken of beschadigd zijn.
De machine weegt in compleet gemonteerde toestand ongeveer 12,8–13,8 kg. Vraag indien nodig hulp om de machine uit de verpakking te nemen.
Let op scherpe messen wanneer u de machine uit de verpakking neemt of naar het gazon draagt.
Afgebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het gereedschap op de pagina met afbeeldingen.
1 Schakelhendel
2 Veiligheidsknop
3 Bovenstuk greepbeugel
4 Grasbak
5 Stootbescherming
6 Onderstuk greepbeugel
7 Accuafscherming
8 Accu
9 Ventilatieopeningen
10 Wielen
11 Grasharken
12 Hendel voor maaihoogte
13 Knop voor accuoplaadindicatie
14 Accu-oplaadindicatie
15 Indicatie temperatuurbewaking
16 Oplaadschacht
17 Oplaadapparaat
18 Rode LED-indicatie op oplaadapparaat
19 Groene LED-indicatie op oplaadapparaat
20 Netstekker**
21 Serienummer
** verschilt per land
Niet elk afgebeeld en beschreven toebehoren wordt standaard meegeleverd. Het volledige toebehoren vindt u in ons toebehorenprogramma.
Technische gegevens
| Gazonmaaier | Rotak 34 LI | Rotak 37 LI | Rotak 43 LI | |
| Zaaknummer | 3 600 H81 ... | 3 600 H81 ... | 3 600 H81 ... | |
| Mesbreedte | cm | 34 | 37 | 43 |
| Maaihoogte | mm | 20-70 | 20-70 | 20-70 |
| Inhoud grasbak | l | 40 | 40 | 50 |
| Gewicht (max.) | kg | 12,8 | 13,0 | 13,8 |
| Serienummer | Zie serienummer 21 (typeplaatje) op de machine | |||
| Accu | Li-Ion | Li-Ion | Li-Ion | |
| Zaaknummer | 2 607 336 107 | 2 607 336 107 | 2 607 336 107 | |
| Nominale spanning | V | 36 | 36 | 36 |
| Oplaadtijd (bij lege accu) | min | 60 | 60 | 60 |
| Aantal accucellen | 20 | 20 | 20 | |
| Oplaadapparaat | AL 3640 CVProfessional | AL 3640 CVProfessional | AL 3640 CVProfessional | |
| Zaaknummer | 2 607 225 ... | 2 607 225 ... | 2 607 225 ... | |
| Nominale spanning | V | 36 | 36 | 36 |
| Laadstroom | A | 4,0 | 4,0 | 4,0 |
| Toegestaan oplaadtemperatuurbereik | °C | 0-45 | 0-45 | 0-45 |
| Gewicht volgensEPTA-Procedure 01/2003 | kg | 1,0 | 1,0 | 1,0 |
| Isolatieklasse | ☐/II | ☐/II | ☐/II | |
Informatie over geluid en trillingen Rotak 34/37 LI
Meetwaarden bepaald volgens 2000/14/EG (1,60 m hoogte, 1,0 m afstand) en EN ISO 5349. Het A-gewogen geluidsniveau van het apparaat bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 81 dB(A); gegarandeerd geluidsvermogenniveau lager dan 90 dB(A). Onzekerheid K=0.74 dB. De hand/arm-trilling is kenmerkend minder dan 2,5 m/s².
Rotak 43 LI
Meetwaarden bepaald volgens 2000/14/EG (1,60 m hoogte, 1,0 m afstand) en EN ISO 5349. Het A-gewogen geluidsniveau van de machine bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 81 dB(A); gegarandeerd geluidsvermogenniveau lager dan 91 dB(A). Onzekerheid K=0.74 dB. De hand/arm-trilling is kenmerkend minder dan 2,5 m/s².
Conformiteitsverklaring Rotak 34/37 LI
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens” beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 60335, EN 50338 (accugereedschap) en EN 60335 (acculader) volgens de bepalingen van de richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG, 98/37/EG (t/m 28-12-2009), 2006/42/EG (vanaf 29-12-2009), 2000/14/EG. 2000/14/EG: Gemeten geluidsdrukniveau 90 dB(A). Wegingsmethode van de conformiteit volgens aanhangsel VI.
Rotak 43 LI
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens” beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 60335, EN 50338 (accugereedschap) en EN 60335 (acculader) volgens de bepalingen van de richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG, 98/37/EG (t/m 28-12-2009), 2006/42/EG (vanaf 29-12-2009), 2000/14/EG. 2000/14/EG: Gemeten geluidsdrukniveau 90 dB(A). Wegingsmethode van de conformiteit volgens aanhangsel VI.
Benoemde instantie: SRL, Sudbury, England, Nr. 1088
▶ Let op! Schakel de machine vóór onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uit, maak de stroomkringonderbreker los en verwijder de accu. Hetzelfde geldt wanneer de stroomkabel beschadigd, doorgesneden of in de war is.
▶ Nadat de machine uitgeschakeld is, draaien de messen nog enkele seconden.
▶ Voorzichtig! Raak het ronddraaiende snijmes niet aan.
Accu opladen
Let op de spanning van het stroomnet: De spanning van de stroombron moet overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van het gereedschap. Met 230 V aangeduide apparaten kunnen ook met 220 V/240 V worden gebruikt. Gebruik alleen het meegeleverde oplaadapparaat. Alleen dit oplaadapparaat is afgestemd op de bij het gereedschap gebruikte lithiumionaccu.
De accu is voorzien van een thermische beveiliging die ervoor zorgt dat de accu alleen in het temperatuurbereik tussen 0 °C en 45 °C kan worden opgeladen. Daardoor wordt een lange levensduur van de accu bereikt.
Opmerking: De accu wordt gedeeltelijk opgeladen geleverd. Om de volledige capaciteit van de accu te verkrijgen, laadt u voor het eerste gebruik de accu volledig in het oplaadapparaat op.
De lithiumionaccu kan op elk moment worden opgeladen zonder de levensduur te verkorten. Een onderbreking van het opladen schaadt de accu niet.
De lithiumionaccu is tijdens het gebruik in de machine beschermd tegen te sterk ontladen. Als de accu leeg is, wordt de machine door een veiligheidsschakeling uitgeschakeld en kan niet meer worden gebruikt.
Druk na het automatisch uitschakelen van het gereedschap niet meer op de aan/uitschakelaar. De accu kan anders beschadigd worden.
Opladen
Het opladen begint zodra de netstekker van het oplaadapparaat in het stopcontact en de accu 8 in de oplaadschacht 16 wordt gestoken.
Door de intelligente oplaadmethode wordt de oplaadtoestand van de accu automatisch herkend en wordt de accu afhankelijk van de accu-temperatuur en -spanning met de optimale laadstroom opgeladen.
Daardoor wordt de accu ontzien en blijft deze, indien in het oplaadapparaat bewaard, altijd volledig opgeladen.
Betekenis van de indicatie-elementen
Het bewaken van het opladen wordt aangegeven door de LED-indicaties 18 en 19:
Snel opladen

Snel opladen wordt aangegeven door knipperen van de groene LED-indicatie 19.
Tijdens het opladen gaan de drie groene LED's na elkaar branden en gaan deze kort uit. De accu is volledig opgeladen als de drie groene LED's continu branden. Ongeveer 5 minuten nadat de accu volledig is opgeladen, gaan de drie groene LED's weer uit.
Opmerking: Snel opladen is alleen mogelijk als de temperatuur van de accu zich binnen het toegestane oplaadtemperatuurbereik bevindt, zie het gedeelte „Technische gegevens”.
Accu opgeladen

Continu branden van de groe-ne LED-indicatie 19 geeft aan dat de accu volledig opgeladen is.
Bovendien klinkt gedurende ca. 2 seconden een geluidssignaal waardoor akoestisch wordt aangegeven dat de accu volledig is opgeladen.
De accu kan vervolgens worden verwijderd en onmiddellijk worden gebruikt.
Als de accu niet in het oplaadapparaat is gestoken, geeft continu branden van de groene LED-indicatie 19 aan dat de stekker in het stopcontact is gestoken en het oplaadapparaat gereed is voor gebruik.
Accutemperatuur onder 0 °C of boven 45 °C

Continu branden van de rode LED-indicatie 18 geeft aan dat de temperatuur van de accu buiten het snellaadtempera-
tuurbereik van 0 °C – 45 °C ligt. Zodra het toegestane temperatuurbereik bereikt is, schakelt het oplaadapparaat automatisch over op snelladen.
Als de temperatuur van de accu buiten het toegestane oplaadtemperatuurbereik ligt, gaat de rode LED van de accu branden wanneer u de accu in het oplaadapparaat zet.
Geen opladen mogelijk

Een andere storing tijdens het opladen wordt aangegeven door knipperen van de rode LED-indicatie 18.
Het opladen kan niet worden gestart en het opladen van de accu is niet mogelijk (zie „Storingen opsporen”).
Aanwijzingen voor het opladen
Bij langdurig opladen of meermaals opladen zonder onderbreking kan het oplaadapparaat warm worden. Dit is echter zonder bezwaar en wijst niet op een technisch defect van het oplaadapparaat.
Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opla- den duidt erop dat de accu versleten is en moet worden vervangen.
De in het oplaadapparaat geïntegreerde ventilatorregeling bewaakt de temperatuur van de ingezette accu. Als de accutemperatuur boven 30 °C ligt, wordt de accu door een ventilator op de optimale oplaadtemperatuur gekoeld. De ingeschakelde ventilator maakt een ventilatiegeluid.
Als de ventilator niet loopt, ligt de accutemperatuur in het optimale oplaadtemperatuurbereik, of is de ventilator defect. In dit geval wordt de oplaadtijd van de accu langer.
Montage
▶ Breng de accu of de stroomkringonderbreker niet aan voordat de machine volledig gemonteerd is.
▶ Let er bij het uit elkaar of in elkaar klappen van de bovenste en onderste handgreep op dat de stroomkabel niet vastgeklemd wordt. Laat de handgreep niet vallen.
Montage van de greepbeugels A
① ② Zet het greepbeugelonderstuk 6 in de daarvoor voorziene gaten en bevestig het met de plaatschroeven.
Opmerking: Het greepbeugelonderstuk 3 is in hoogte verstelbaar. Monteer de greepbeugel in stand I of II.
③ Bevestig het greepbeugelonderstuk 3 met de schroeven en vleugelmoeren 22 aan de onderste stang 6.
Opmerking: Controleer dat de kabel met de meegeleverde kabelclips aan de greepbeugel bevestigd is.
Accu plaatsen B
① ② Trek de hendel voor de accuafdekking 23 omhoog en til de accuafdekking 7 omhoog.
③ Zet de accu 8 in zodat deze met een klikgeluid hoorbaar vastklikt.
④ Breng de stroomkringonderbreker 24 zoals afgebeeld aan. Controleer dat deze juist geplaatst is.
⑤ Als u de gazonmaaier niet meteen gebruikt, zet u de stroomkringonderbreker 24 zoals afgebeeld in de parkeerstand.
Sluit de accuafdekking 7.
Accu verwijderen
Trek de hendel voor de accuafdekking 23 omhoog en til de accuafdekking 7 omhoog.
Maak de stroomkringonderbreker 24 los en breng deze in de parkeerpositie.
Trek de hendel voor de accuafdekking 23 omhoog.
Verwijder de accu 8.
Grasbak in elkaar zetten
Rotak 34/37 LI C
Combineer het bovenstuk en het onderstuk van de grasbak door de sluitingen langs de rand vast te klikken. Begin aan de achterkant en werk naar voren toe.
Rotak 43 LI D
- Combineer beide helften van het onderstuk van de grasbak door de sluitingen langs de rand vast te klikken. Begin aan de achterkant en werk naar voren toe.
② Steek beide helften van de gasbak in elkaar.
Gasbak inzetten en verwijderen E
Til de botsbescherming 5 op en houd hem in deze stand om om de gasbak 4 in te zetten of te verwijderen.
Als er geen gras hoeft te worden opgevangen, kan de gazonmaaier zonder bevestigde grasbak 4 worden gebruikt. De botsbescherming 5 moet dan echter omlaag worden geklapt.
Maaihoogte instellen F
Zet voor het instellen van de maaihoogte de machine stil, laat de schakelhendel los en wacht tot de motor stilstaat. De messen draaien na het uitschakelen van de motor nog en kunnen verwondingen veroorzaken.
▶ Voorzichtig! Raak het ronddraaiende snijmes niet aan.
Wanneer u voor de eerste keer in het seizoen maait, moet u een grote maaihoogte instellen.
De gazonmaaier kan op 7 maaihoogten tussen 35 mm en 70 mm worden ingesteld.
Druk hiertoe de hendel voor de maaihoogte 12 naar binnen en beweeg deze naar voren of naar achteren terwijl u de gazonmaaier omlaag duwt of omhoog tilt om zo de gewenste maaihoogte in te stellen.
Door de afscherming 25 zoals afgebeeld te verwijderen, kunt u de maaihoogte van de gazon-maaier tot 20 mm verminderen.
▶ Bij een maaihoogte van 20 – 30 mm wordt de gebruiksluur van de accu korter.
Gebruik
Ingebruikneming
Nadat de machine uitgeschakeld is, draaien de messen nog enkele seconden. Wacht tot de motor en de messen stilstaan voordat u de machine opnieuw inschakelt.
▶ Schakel het gereedschap niet kort achtereen uit en weer in.
Opmerking: Duw de greepbeugel naar beneden om de voorwielen op te tillen en het aanlopen te vergemakkelijken.
Breng de stroomkringonderbreker 24 weer aan.
Inschakelen G

① Druk op de veiligheidsknop 2 en houd deze ingedrukt.
② Trek de schakelhendel 1 tegen de greepbeugel.
Laat de veiligheidsknop 2 los.
Opmerking: De motor start na het bedienen van de schakelhendel 1 met een geringe tijdvertraging.
Uitschakelen
Laat de schakelhendel 1 los.
Als u de gazonmaaier niet meteen gebruikt, zet u de stroomkringonderbreker 24 zoals afgebeeld in de parkeerstand.
De machine is voorzien van een motorrem. Deze veiligheidsvoorziening remt het mes binnen enkele seconden af.
Maaien H

Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld fel zonlicht, en vuur. Het gereedschap werkt niet onder 0 °C en niet boven 45 °C.
▶ Laat de accu bij fel zonlicht niet in de machine zitten.
Tijdens werkzaamheden onder bijzonder zware omstandigheden de motor niet overbelasten. Bij overbelasting daalt het motortoerental en verandert het motorgeluid. Stop in dit geval, laat de schakelhendel 1 los en stel een grotere maaihoogte in. Anders kan het maaivermogen (gebruiksduur van de accu) verminderd worden. De machine of de accu kunnen beschadigd worden.
Met de grasharken 11 kunt u bij muren en hoeken tot aan opstaande randen maaien. Let erop dat u bij het maaien tot aan opstaande randen met de grasharken 11 geen voorwerpen raakt.
Tips voor de werkzaamheden
Accu-oplaadindicatie (zie hoofdafbeelding)
De accu 8 is voorzien van een oplaadindicatie 14 die de oplaadtoestand van de accu aangeeft. De oplaadindicatie 14 bestaat uit drie groene LED's.
Bedien de toets voor de oplaadindicatie 13 om de oplaadindictie 14 te activeren. Na ca. 5 seconden gaat de oplaadindicatie automatisch uit.
De oplaadtoestand kan ook worden gecontroleerd terwijl de accu verwijderd is.
| LED-indicatie | Accucapaciteit |
| Continu branden 3 groe-ne LED's | ≥2/3 |
| Continu branden 2 groe-ne LED's | ≥1/3 |
| Continu brandt 1 groene LED | ≤1/3 |
| Knipperlicht 1 groene LED | Reserve |
Als na het bedienen van de toets 13 geen van de LED's brandt, is de accu defect en moet deze worden vervangen.
Om veiligheidsredenen kan de oplaadtoestand alleen worden opgevraagd als de machine stilstaat.
Tijdens het opladen gaan de drie groene LED's na elkaar branden en gaan deze kort uit. De accu is volledig opgeladen als de drie groene LED's continu branden. Ongeveer 5 minuten nadat de accu volledig is opgeladen, gaan de drie groene LED's weer uit.
Indicatie voor temperatuurbewaking (zie hoofdafbeelding)
De rode LED van de indicatie voor temperatuurbewaking 15 geeft aan dat de accu of de elektronica van de machine (wanneer de accu is aangebracht) zich in niet het optimale temperatuurbereik bevindt. In dit geval werkt de machine niet, of niet met volledig vermogen.
Temperatuurbewaking van de accu
De rode LED 15 knippert als de knop 13 of de aan/uit-schakelaar 1 wordt ingedrukt (terwijl de accu in het gereedschap is geplaatst): De bedrijfstemperatuur van de accu ligt buiten het temperatuurbereik van -10 °C tot +60 °C.
Bij een temperatuur boven 70 °C wordt de accu uitgeschakeld tot deze zich weer in het toegestane bedrijfstemperatuurbereik bevindt.
Temperatuurbewaking van de elektronica van de machine
De rode LED 15 brandt bij het indrukken van de aan/uit-schakelaar 1 continu: De temperatuur van de elektronica van de machine bedraagt minder dan 5 °C of meer dan 75 °C.
Bij een temperatuur boven 90 °C wordt de elektronica van de machine uitgeschakeld tot deze zich weer in het toegestane bedrijfstemperatuurbereik bevindt.
Maaivermogen (gebruiksduur accu)
Het maaivermogen (de gebruiksduur van de accu) is afhankelijk van de eigenschappen van het gazon, zoals de grasdichtheid, de vochtigheid, de lengte van het gras en de maaihoogte.
Vaak in- en uitschakelen van de machine tijdens het maaien beperkt eveneens het maaivermogen (de gebruiksduur van de accu).
Als u het maaivermogen (de gebruiksduur van de accu) wilt optimaliseren, is het raadzaam om vaker te maaien, de maaihoogte te vergroten en in een passend tempo te lopen.
Het onderstaande voorbeeld toont de samenhang tussen maaihoogte en maaivermogen met betrekking tot één acculading.
| Maaiomstandigheden | ||
Zeer dun en droog gazon![]() | Dun en droog gazon![]() | Gazon met normale dichtheid![]() |
| Maaivermogen (Rotak 34 LI) | ||
| tot 300 m^2 | tot 150 m^2 | tot 100 m^2 |
| Maaivermogen (Rotak 37 LI) | ||
| tot 300 m^2 | tot 150 m^2 | tot 100 m^2 |
| Maaivermogen (Rotak 43 LI) | ||
| tot 300 m^2 | tot 150 m^2 | tot 100 m^2 |
Om de gebruiksduur te verlengen, kunt u via een erkende klantenservice voor Bosch tuingereedschappen een extra accu aanschaffen.
Storingen opsporen
De volgende tabel geeft een overzicht van storingsverschijnselen en hoe u problemen kunt oplossen, mocht uw gereedschap eenmaal niet goed werken. Neem contact op met uw servicewerkplaats wanneer u het probleem niet zelf kunt verhelpen.
▶ Let op: Schakel de machine uit en maak de stroomkringonderbreker los voordat u op zoek gaat naar de fout.
| Symptomen | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Machine loopt niet | Verstopping mogelijk | Onderzijde van machine con- troleren en indien nodig vrij ma- ken (draag altijd tuinhand- schoenen) |
| Accu niet vol opgeladen | Accu opladen | |
| Accu niet (goed) ingestoken | Accu plaatsen | |
| Zekering in stroomkringonder- breker defect of doorgebrand | Neem contact op met klanten- service | |
| Gras te lang | Grotere maaihoogte instellen en machine kantelen om de be- ginbelasting te beperken | |
| Motorbeveiliging aangesproken | Laat de motor afkoelen en stel een grotere maaihoogte in | |
| Accu te koud of te heet | Accu laten opwarmen of afkoe- len | |
| Stroomkringonderbreker is niet goed of niet volledig ingezet | Goed inzetten | |
| De motor start na het bedienen van de schakelhendel met een geringe tijdvertraging | Bedien de schakelhendel ca. 1-3 seconden om de motor te starten | |
| Motor start en stopt vervolgens weer | Accu niet vol opgeladen | Accu opladen |
| Stroomkringonderbreker is niet goed of niet volledig ingezet | Goed inzetten | |
| Accu niet (goed) ingestoken | Accu plaatsen | |
| Accu te koud of te heet | Accu laten opwarmen of afkoe- lenGrotere maaihoogte instellen | |
| Machine loopt met onderbre- kingen | Interne bekabeling van gereed- schap defect | Neem contact op met klanten- service |
| Motorbeveiliging aangesproken | Laat de motor afkoelen en stel een grotere maaihoogte in | |
| Machine maait onregelmatig en/ofMotor loopt moeilijk | Maaihoogte te laag | Grotere maaihoogte instellen (zie „Maaihoogte in-stellen”) |
| Messen bot | Mes vervangen (zie „Onder-houd van de messen”) | |
| Verstopping mogelijk | Onderzijde van machine con-troleren en indien nodig vrij ma-ken (draag altijd tuinhand-schoenen) | |
| Mes omgekeerd gemonteerd | Mes goed monteren (zie „On-derhoud van de messen”) | |
| Maaivermogen (gebruiksduur accu) onvoldoende | Maaihoogte te laag | Stel een grotere maaihoogte in en maai langzamer |
| Gras te hoog | Stel een grotere maaihoogte in en maai langzamer | |
| Gras te nat of vochtig | Wacht tot het gras droog is en loop langzamer | |
| Gras te dicht | Stel een grotere maaihoogte in, loop langzamer en maai vaker | |
| Een extra accu kunt u via een erkende klantenservice voor Bosch tuingereedschappen aanschaffen | Neem contact op met klanten-service | |
| Na het inschakelen van de ma-chine draait het maairnes niet | Mes wordt gehinderd door gras | Schakel de machine uit Verstopping verwijderen (draag altijd tuinhandschoenen) |
| Moer of schroef van mes los | Draai de moer of de schroef van het mes vast | |
| Sterke trillingen of geluiden | Moer of schroef van mes los | Draai de moer of de schroef van het mes vast |
| Mes beschadigd | Mes vervangen | |
| Opladen niet mogelijk | Accucontacten vuil | Reinig de accucontacten, bij-voorbeeld door de accu enkele keren te plaatsen en te verwij-deren, of vervang de accu in-dien nodig |
| De accu is defect door een ver-bindingsbreuk in de accu (af-zonderlijke cellen) | Vervang de accu | |
| De LED-indicaties 18 en 19branden niet nadat de stekker in het stopcontact wordt gesto-ken | Netsnoer van het oplaadappa- raat is niet (of niet goed) vast-gestoken | Steek de stekker (volledig) in het stopcontact |
| Stopcontact, netsnoer of op-laadapparaat defect | Controleer de netspanning en laat het oplaadapparaat even-tueel nazien door een erkende klantenservice voor Bosch elek-trische gereedschappen |
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
▶ Let op! Schakel de machine vóór onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uit, maak de stroomkringonderbreker los en verwijder de accu en de grasbak.
▶ Draag altijd tuinhandschoenen wanneer u de scherpe messen vastpakt of er aan werkt.
Opmerking: Voer de volgende onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit, zodat u verzekerd bent van een lang en probleemloos gebruik.
Controleer de machine regelmatig op zichtbare gebreken zoals losse of beschadigde messen, losse verbindingen en versleten of beschadigde delen.
Controleer of afschermingen en veiligheidsvoorzieningen niet beschadigd zijn en juist zijn aangebracht. Voer voor het gebruik eventueel noodzakelijke onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit.
Mocht het gereedschap ondanks zorgvuldige fabricage- en testmethoden toch defect raken, dient de reparatie te worden uitgevoerd door een erkende klantenservice voor Bosch-tuingereedschappen.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande zaaknummer volgens het typeplaatje van de machine.
Onderhoud van de messen I
▶ Let op! Schakel de machine vóór onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uit, maak de stroomkringonderbreker los en verwijder de accu en de grasbak.
▶ Draag altijd tuinhandschoenen wanneer u de scherpe messen vastpakt of er aan werkt.
Leg de machine op de rechterzijkant om het mes te controleren. Vervang een stomp of beschadigd mes.
Ga als volgt te werk om het mes te vervangen: Steek een schroevendraaier (niet meegeleverd) in het gat 26 om de aandrijving vast te zetten. Houd het mes 30 vast, terwijl u handschoenen (niet meegeleverd) draagt, en verwijder met een schroefsleutel (niet meegeleverd) de messchroef 29, de messchijf 28 en het mes 30.
Bevestig het mes 30 met de messchijf 28 en de messchroef 29. Voordat u de messchroef 29 vastdraait, dient u te controleren of het mes niet omgekeerd gemonteerd is (symbool 😊 moet zichtbaar zijn, zie afbeelding I).
Controleer dat de schroevendraaier verwijderd is voordat u de machine in gebruik neemt.
▶ Smeer het mes of de messchroef bij de montage niet met vet of olie.
Onderhoud van de accu
▶ Let op! Schakel de machine vóór onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uit, maak de stroomkringonderbreker los en verwijder de accu en de grasbak.
▶ Draag altijd tuinhandschoenen wanneer u de scherpe messen vastpakt of er aan werkt.
Neem de volgende aanwijzingen en maatregelen in acht om een optimaal gebruik van de accu te waarborgen.
- Bescherm de accu tegen vocht en water.
- Bewaar de accu alleen bij een temperatuur tussen 0 °C en 45 °C. Laat de accu bijvoorbeeld in de zomer niet in de auto liggen.
- Laat de accu bij fel zonlicht niet in de machine zitten.
- De optimale temperatuur voor het bewaren van de accu bedraagt 5 °C.
- Reinig de ventilatieopeningen van de accu af en toe met een zachte, schone en droge doek.
Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opla- den duidt erop dat de accu versleten is en moet worden vervangen.
Na de werkzaamheden. Gereedschap opbergen
Maak de buitenkant van de machine grondig schoon met een zachte borstel en een doek. Gebruik geen water en geen oplos- of polijstmiddelen. Verwijder al het vastzittende gras en deeltjes, in het bijzonder van de ventilatieopeningen 9.
Leg de machine op zijn zijkant en maak de messen schoon. Verwijder samengeperst gras met een voorwerp van hout of plastic.
▶ Draag altijd tuinhandschoenen wanneer u de scherpe messen vastpakt of er aan werkt.
Bewaar de machine op een droge plaats. Plaats geen andere voorwerpen op de machine. Klap de greepbeugel volledig samen om ruimte te besparen.
Let er bij het uit elkaar of in elkaar klappen van de bovenste en onderste handgreep op dat de stroomkabel niet vastgeklemd wordt. Laat de handgreep niet vallen.
Voor het bewaren van de machine wordt de grasbak verwijderd.
Toebehoren
Snijmes
Rotak 34 LI....F 016 800 288
Rotak 37 LI....F 016 800 277
Rotak 43 LI....F 016 800 278
Klantenservice en advies
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op:
www.bosch-pt.com
De medewerkers van onze klantenservice adviseren u graag bij vragen over de aankoop, het gebruik en de instelling van producten en toebehoren.
Nederland
Tel.: +31 (076) 579 54 54
Fax: +31 (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België en Luxemburg
Tel.: +32 (070) 22 55 65
Fax: +32 (070) 22 55 75
E-mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Vervoer
De accu is getest volgens UN-handboek ST/SG/AC.10/11/Rev.3 deel III, paragraaf 38.3. De accu heeft een werkzame bescherming tegen inwendige overdruk en kortsluiting en voorzie- ningen ter voorkoming van breuk door geweld en gevaarlijke terugstroom.
De in de accu aanwezige lithiumequivalentie-hoeveelheid ligt onder de geldende grenswaarden. Daarom zijn op de accu (als los onderdeel of in het gereedschap ingezet) geen nationale of internationale voorschriften voor gevaarlijke
goederen van toepassing. De voorschriften voor gevaarlijke goederen kunnen echter bij het vervoer van meerdere accu's relevant zijn. Het kan in dit geval noodzakelijk zijn om bijzondere voorwaarden (bijvoorbeeld bij de verpakking) in acht te nemen. Meer informatie vindt u in een informatieblad in het Engels onder het volgende internetadres: http://purchasing.bosch.com/en/start/Allgemeines/Download/index.htm.
Afvalverwijdering
Elektrische gereedschappen, toebehoren en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Alleen voor landen van de EU:

Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil. Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in na-
tionaal recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Accu's en batterijen:

text_image
Li-Ion LiLi-ion:
Lees de aanwijzingen in het gedeelte „Vervoer”, pagina 110 en neem deze in acht.
Gooi accu's of batterijen niet bij het huisvuil en evenmin in het vuur of het water. Accu's en batterijen moeten worden ingezameld, gerecycled of op een voor het milieu verantwoorde wijze worden afgevoerd.
Alleen voor landen van de EU:
Volgens richtlijn 91/157/EEG moeten defecte of versleten accu's en batterijen worden gerecycled.


