Erika 70 - Zaag Mafell - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Erika 70 Mafell in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Erika 70 Mafell
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Erika 70 - Mafell en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Erika 70 van het merk Mafell.
GEBRUIKSAANWIJZING Erika 70 Mafell
Lees alle veiligheidsaanwijzingen en instructies. Nalatigheid bij het naleven van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kan elektrische schok, brand en/of ernstige letsels veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsaanwijzingen en instructies voor later gebruik.
ADVERTENCIA
NL - EG conformiteitsverklaring
Wij bevestigen hiermede dat de machine ERIKA 70 / ERIKA 85 aan de vermelde EU-richtlijnen beantwoord. Bij constructie en bouw werden de vermelde normen toegepast. Gemachtigde voor de samensteiling van de technische documenten: Mafell AG
1 Verklaring van de symbolen 94
2 Gegevens van het product 94
2.1 Gegevens van de fabrikant 94
2.2 Karakterisering van de machine....94
2.3 Technische gegevens 95
2.4 Emissions 96
2.5 Leveromvang....96
2.6 Veiligheidsvoorzieningen....97
2.7 Reglementair gebruik 97
2.8 Restrisico's 97
3 Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektrisch werktuig 97
4 Veiligheidsvoorschriften voor tafelcirkelzagen 98
4.1 Veiligheidsinstructies voor veiligheidsafdekkingen....98
4.2 Veiligheidsinstructies voor zaagprocessen 98
4.3 Terugslag – oorzaken en overeenkomstige veiligheidsinstructies 99
4.4 Veiligheidsinstructies voor de bediening van tafelcirkelzagen....100
5 Specifieke veiligheidsregels 100
5.1 Werkgebied 100
5.2 Instructies voor onderhoud en reparatie....101
6 Voorbereiden / Instellen 101
6.1 Plaatsing / Transport 101
6.2 Netaansluiting....102
6.3 Bovenste beschermkap....102
6.4 Afzuigen van de spanen....102
6.5 Keuze van het zaagblad....103
6.6 Zaagbladwissel....103
6.7 Spouwmes....104
6.8 Gebruik als ondergebouwde trekzaag....105
6.9 Gebruik als tafelcirkelzaag 105
6.10 Filter reinigen....105
7 Bedrijf 105
7.1 Ingebruikname....105
7.2 In- en uitschakelen 105
7.3 Licht....105
7.4 Selectie van het toerental....106
7.5 Overbelastingsbescherming....106
7.6 Instelling van de snijdiepte 106
7.7 Invalszagen 106
7.8 Instelling voor schuine sneden 107
7.9 Multifunctieaanslag (leveringsomvang Erika 85)....107
7.10 Universele aanslag (leveringsomvang Erika 70)....107
7.11 Gebruik als parallelaanslag 108
7.12 Gebruik als dwars- en verstekaanslag 108
8 Onderhoud en reparatie 109
8.1 Controle van de veiligheidsvoorzieningen.... 109
8.2 Verzorging van de machine....109
8.3 Opslag 109
9 Verhelpen van storingen 110
10 Extra toebehoren.... 112
11 Explosietekening en onderdelenlijst 112
1 Verklaring van de symbolen

Dat symbool vindt u overal waar instructies betreffende de veiligheid staan.
Bij veronachtzaming kunnen zware verwondingen het gevolg zijn.

Dat symbool kenmerkt een eventueel schadelijke situatie.
Wordt deze niet vermeden, kunnen het product of voorwerpen in de omgeving worden beschadigd.

Dit symbool kenmerkt gebruikerstips en andere nuttige informaties.
2 Gegevens van het product
Erika 70: Art.nr. 972001, 972020, 972021
Erika 85: Art.nr. 971901, 971920, 971921
2.1 Gegevens van de fabrikant
MAFELL AG, Beffendorfer Straße 4, D-78727 Oberndorf/Neckar, Tel. +49 7423/812-0, Fax +49 7423/812-218, e-mail mafell@mafell.de
2.2 Karakterisering van de machine

Beschermsoort II

CE-teken ter documentatie van de overeenstemming met de principiële veiligheids- en gezondheidseisen volgens aanhangsel I van de machinerichtlijn

Alleen voor EU landen
Gooi elektrowerktuigen niet in het huishoudelijk afval!
Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG over oude elektro- en elektronische toestellen en de omzetting in nationaal recht moeten versleten elektrowerktuigen gescheiden worden verzameld en aan een milieuvriendelijk recycling worden toegevoerd.

Lees voor de vermindering van een verwondingsrisico de gebruiksaanwijzing.

Gebruik gehoor- en oogbescherming
De benaming van de machine gebeurt met de bordjes aan de voor- en achterkant volgens afb. 1 en 4 (pagina 3).
| Bedrijfsspanning | 230 V AC | |
| Netfrequentie | 50 Hz | |
| Opnamevermogen continu bedrijf | 2250 W | |
| Stroomopname continu bedrijf | 11,1 A - EU; 9,5 A – CH | |
| Toerental in de leegloop | 2050 - 4300 min ^-1 | |
| Snijdiepte 0°/30°/45° | 72/62/50 mm | |
| Zaagaggregaat zwenkbaar | -3° - 48° | |
| Doorsnede zaagblad max/min | 225/210 mm | |
| Grootste dikte van het stamblad | 1,8 mm | |
| Snijbreedte van het zaagblad | 2,5 mm | |
| Opnameboring zaagblad | 30 mm | |
| Diameter afzuigaansluiting | 58 mm | |
| Gewicht | 37,2 kg | |
| Afmetingen: | ||
| Afmeting van het tafelblad | 818 x 525 mm | |
| Hoogte van het tafelblad | Poten ingeklapt | 413 mm |
| Poten uitgeklapt | 891 mm |
Erika 85:
| Bedrijfsspanning | 230 V AC | |
| Netfrequentie | 50 Hz | |
| Opnamevermogen continu bedrijf | 2500 W | |
| Stroomopname continu bedrijf | 12,6 A - EU; 9,5 A - CH | |
| Toerental in de leegloop | 2050 - 4300 min ^-1 | |
| Snijdiepte 0°/30°/45° | 85/74/60 mm | |
| Zaagaggregaat zwenkbaar | -3° - 48° | |
| Doorsnede zaagblad max/min | 250/240 mm | |
| Grootste dikte van het stamblad | 1,8 mm | |
| Snijbreedte van het zaagblad | 2,8 mm | |
| Opnameboring zaagblad | 30 mm | |
| Diameter afzuigaansluiting | 58 mm | |
| Gewicht | 40,0 kg | |
| Afmetingen: | ||
| Afmeting van het tafelblad | 915 x 525 mm | |
| Hoogte van het tafelblad | Poten ingeklapt | 413 mm |
| Poten uitgeklapt | 891 mm |
2.4 Emissies
De geluidsemissiemeting gebeurde conform DIN EN 62841-3-1 en is handig om het elektronische gereedschap Erika te vergelijken met een ander gereedschap en om de belasting voorlopig in te schatten.

Gevaar
In functie van hoe het elektronisch gereedschap gebruikt wordt, in het bijzonder het bewerkte werkstuk, kunnen de geluidsemissiewaarden tijdens het werkelijk gebruik van het elektronisch gereedschap Erika afwijken van de vermelde waarden.
Draag daarom altijd gehoorbescherming, ook als het elektronisch gereedschap onbelast draait!
2.4.1 Gegevens van de geluidsemissie
De volgens EN 62841 berekende geluidsemissiewaarden bedragen:
| Erika 70 | Erika 85 | |
| Geluidsniveau L | _PA = 82,8 dB (A) L | _PA = 91,1 dB (A) |
| Onzekerheid K | _PA = 1,0 dB (A) K | _PA = 1,0 dB (A) |
| Geluidsniveau | L_PA = 101,4 dB (A) | L_PA = 105,7 dB (A) |
| Onzekerheid K | _PA = 1,0 dB (A) K | _PA = 1,0 dB (A) |
De geluidmeting werd met het standaard meegeleverde zaagblad doorgevoerd.
2.5 Leveromvang
Ondergebouwde trekzaag Erika 70 compleet met:
1 cirkelzaagblad van hardmetaal ∅ 225 mm, 32 tanden
1 spouwmes (dikte 2,2 mm)
1 beschermkap met afzuigaansluiting
1 universele aanslag
1 klemstuk
1 schuifstok
1 afzuigslang
1 aftakking (verbinding van bovenste en onderste afzuigaansluiting)
1 bediengereedschap in houder aan de machine
1 gebruiksaanwijzing
1 folder "Veiligheidsinstructies"
Ondergebouwde trekzaag Erika 85 compleet met:
1 cirkelzaagblad van hardmetaal ∅ 250 mm, 40 tanden
1 spouwmes (dikte 2,2 mm)
1 beschermkap met afzuigaansluiting
1 multifunctie-aanslag
1 klemstuk
1 schuifstok
1 afzuigslang
1 aftakking (verbinding van bovenste en onderste afzuigaansluiting)
1 bediengereedschap in houder aan de machine
1 gebruiksaanwijzing
1 folder "Veiligheidsinstructies"
2.6 Veiligheidsvoorzieningen

Gevaar
Deze voorzieningen zijn voor het veilig bedrijf van de machine noodzakelijk en mogen niet worden verwijderd of ongeldig worden gemaakt.
Controleer de veiligheidsvoorzieningen voor het bedrijf op een goede werking en eventuele beschadigingen. Gebruik de machine niet als veiligheidsvoorzieningen ontbreken of niet goed werken.
De machine is van de volgende veiligheidsvoorzieningen voorzien:
- Bovenste beschermkap
- Onderste beschermkap
- spouwmes
- zaagblad (conform EN 847-1)
- navenante zaagbgladflens
- uitlooptijd beneden de 10 s
- aanslagsysteem voor een veilige werkstukgeleiding
- afzuigaansluiting
- elektrische veiligheid conform EN 62841-1
De ondergebouwde trekzaag Erika is als tafelcirkelzaag en trekkapzaag uitsluitend geschikt voor het langs- en dwarszagen van massief hout.
Plaatmateriaal als spaanderplaat, meubelplaat en MDF-platen alsmede aluminiumprofielen en harde kunststofsoorten mogen eveneens worden verwerkt. Gebruik de toegestane zaagbalden conform EN 847-1.
Het gebruik in industrieel continu bedrijf is niet toegestaan.
Een ander gebruik dan boven beschreven, is niet toegestaan. Voor schade die uit zo'n ander gebruik resulteert, is de fabrikant niet aansprakelijk; bij zo'n
gebruik vervallen ook de garantie- en aansprakelijkheidseisen.
Om de machine reglementair te gebruiken, volgt u de door Mafell voorgeschreven bedrijfs-, onderhouds- en reparatievoorwaarden op.
2.8 Restrisico's

Gevaar
Ondanks een reglementair gebruik en de naleving van de veiligheidsinstructies blijven op basis van het gebruiksdoeleinde bepaalde restrisico's bestaan die gevolgen kunnen hebben voor de gezondheid.
- Aanraken van het lopend zaagblad in het snijbereik.
- Snijden aan de scherpe zaagbladtanden bij vervangen van het zaagblad.
- Terugslag van het werkstuk of van werkstukdelen.
- Wegslingeren van afzonderlijke tanden van het zaagblad.
- Aanraken van spanningsvoerende delen bij geopende elektrische inbouwruimtes en niet van het net gescheiden machine.
- Belemmering van het gehoor bij lang durende werkzaamheden zonder gehoorbescherming.
- Allergieën, irritaties van het slijmvlies door houtstof of smeerstoffen.
3 Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektrisch werktuig

Gevaar
Houdt alstublieft steeds rekening met de volgende veiligheidsbepalingen en met de in het desbetreffende gebruikersland geldige veiligheidsinstructies! Lees ook de veiligheidsinstructies in het meegestuurde document 070500 „Veiligheidsinstructies“ (conform norm EN 62841-1).
4 Veiligheidsvoorschriften voor tafelcirkelzagen
4.1 Veiligheidsinstructies voor veiligheidsafdekkingen
- Laat veiligheidsafdekkingen gemonteerd. Veiligheidsafdekkingen moeten in functionele toestand en correct gemonteerd zijn. Losse, beschadigde of niet correct werkende veiligheidsafdekkinen moeten gerepareerd of vervangen worden.
- Gebruik voor grove sneden altijd de zaagbladafdekking en de spie. Voor grove sneden waarbij het zaagblad volledig door de werkstukdikte gaat, beperken de veiligheidsafdekking en andere veiligheidsvoorzieningen het risico op letsels.
- Bevestig na de realisatie van verborgen sneden, zoals felzen, opensplijten met de omslagtechniek en uitsparingen frezen het spouwmes weer in de bovenste eindpositie. Breng de beschermende afdekking aan terwijl het spouwmes in de bovenste eindpositie staat. De veiligheidsafdekking en de spie beperken het risico op letsels.
- Vergewis u er voor het inschakelen van het elektrisch gereedschap van dat het zaagblad niet in contact komt met de veiligheidsafdekking, het spouwmes of het werkstuk. Onverwachte aanrakingen van die componenten met het zaagblad kan leiden tot gevaarlijke situaties.
- Justeer het spouwmes conform de beschrijving in de handleiding. Verkeerde afstanden, posities en uitrichtingen kunnen ertoe leiden dat het spouwmes een terugslag niet efficiënt tegenhoudt.
- Opdat het spouwmes kan werken, moet het zich in het zaagblad bevinden. Bij sneden in werkstukken die te kort zijn om het spouwmes te laten grijpen, heeft het spouwmes geen functie. In die omstandigheden kan het souwmes een terugslag niet voorkomen.
- Gebruik het voor het spouwmes passende zaagblad. Opdat het spouwmes correct zou werken, moet de zaagbladdiameter passen bij het overeenkomstige spouwmes, moet het stamblad van het zaagblad dunner zijn dan het spouwmes en moet de tandbreedte groter zijn dan de dikte van het spouwmes.
4.2 Veiligheidsinstructies voor zaagprocessen
- GEVAAR: Blijf met vingers en handen uit de buurt van het zaagblad of het zaagbereik. Een moment van onoplettendheid of wegschuiven zou uw handen naar het zaagblad kunnen brengen en zo ernstige letsels kunnen veroorzaken.
- Voer het werkstuk enkel tegen de draairichting van het zaagblad in. Invoeren van het werkstuk in dezelfde richting als het zaagblad boven de tafel kan ertoe leiden dat het werkstuk en uw handen in het zaagblad worden getrokken.
- Gebruik bij langssneden nooit de verstekaanslag om het werkstuk in te voeren en gebruik bij dwarssneden met de verstekaanslag nooit de parallelle aanslag voor de instelling van de lengte. Tegelijkertijd geleiden van het werkstuk met de parallelle aanslag en de verstekaanslag verhoogt het risico dat het zaagblad komt vastzitten en een terugslag ontstaat.
- Houd het werkstuk bij langssneden altijd volledig in contact met de aanslagrail en oefen de aanvoerkracht op het werkstuk altijd uit tussen aanslagrail en zaagblad. Gebruik een schuifstok als de afstand tussen aanslagrail en zaagblad minder dan 150 mm en een schuifblok als de afstand minder dan 50 mm is. Zulke hulpmiddelen zorgen ervoor dat uw handen op een veilige afstand van het zaagblad blijven.
- Gebruik enkel de meegeleverde schuifstok van de fabrikant of een stok die volgens de instructies werd gemaakt. De schuifstok garandeert voldoende afstand tussen uw handen en het zaagblad.
- Gebruik nooit een beschadigde of aangesneden schuifstok. Een beschadigde of aangezaagde schuifstok kan breken en ertoe leiden dat uw handen in contact komen met het zaagblad.
- Werk nooit 'bloothandig'. Gebruik altijd de parallelle aanslag of de verstekaanslag om het werkstuk aan te leggen en te geleiden. 'Bloothandig' betekent dat het werkstuk in de plaats van met de parallelle aanslag of de verstekaanslag met de handen ondersteund of geleid wordt. Bloothandig zagen leidt tot een verkeerde uitrichting, vastklemmen en terugslag.
-
Grijp nooit rond of boven een draaiend zaagblad. Het grijpen naar een werkstuk kan leiden tot onbedoeld contact met het draaiende zaagblad.
-
Ondersteun lange en/of brede werkstukken achter en/of naast de zaagtafel zodat ze horizontaal blijven. Lange en/of brede werkstukken hebben de neiging om aan de rand van de zaagtafel te kantelen. Dat leidt tot controleverlies, vastklemmen van het zaagblad en terugslag.
- Voer het werkstuk gelijkmatig in. Buig, draai of verschuif het werkstuk niet opzij. Als het zaagblad vastzit, moet het elektrisch gereedschap onmiddellijk uitgeschakeld, moet de netstekker uitgetrokken en de oorzaak verholpen worden. Het vastklemmen van het zaagblad door het werkstuk kan terugslag of blokkering van de motor veroorzaken.
- Neem afgezaagd materiaal niet weg terwijl de zaag draait. Afgezaagd materiaal kan tussen het zaagblad en de aanslagrail of in de veiligheidsafdekking terechtkomen en bij het wegnemen uw vingers in het zaagblad trekken. Schakel de zaag uit en wacht tot het zaagblad tot stilstand is gekomen vooraleer u het materiaal wegneemt.
- Gebruik voor langssneden aan werkstukken dunner dan 2 mm een extra parallelle aanslag die contact houdt met het tafeloppervlak. Dunne werkstukken kunnen onder de parallelle aanslag vastzitten en terugslag veroorzaken.
4.3 Terugslag – oorzaken en overeenkomstige veiligheidsinstructies
Een terugslag is de plotse reactie van het werkstuk ten gevolge van een haperend, vastzittend of verkeerd uitgericht zaagblad of een ten opzichte van het zaagblad schuin uitgevoerde snede in het werkstuk of als een deel van het werkstuk tussen het zaagblad en de parallelle aanslag of een ander vast object vastgeklemd wordt.
In de meeste gevallen wordt het werkstuk bij een terugslag door het achterste gedeelte van het zaagblad gegrepen, van de zaagtafel opgetild en in de richting van de bediener geslingerd.
Een terugslag ontstaat door een verkeerd gebruik van de tafelcirkelzaag. Dat kan u vermijden door gepaste voorzorgsmaatregelen, zoals hierna beschreven.
- Ga nooit in een directe lijn met het zaagblad staan. Ga nooit aan de kant van het zaagblad staan waar zich ook de aanslagrail bevindt. Bij terugslag kan het werkstuk met hoge snelheid naar
personen geslingerd worden die voor en in één lijn met het zaagblad staan.
- Grijp nooit boven of achter het zaagblad om aan het werkstuk te trekken of het te ondersteunen. Er kan ongewenst contact optreden met het zaagblad of een terugslag kan ertoe leiden dat uw vingers in het zaagblad getrokken worden.
- Houd en duw het werkstuk dat afgezaagd wordt nooit tegen het draaiende zaagblad. Duwen van het werkstuk dat afgezaagd wordt tegen het zaagblad leidt tot vastklemmen en terugslag.
- Richt de aanslagrail parallel ten opzichte van het zaagblad uit. Een niet-uitgerichte aanslagrail duwt het werkstuk tegen het zaagblad en veroorzaakt terugslag.
- Gebruik bij invalsneden (bv. felzen, uitboren of splitsen in omkeermethode) een drukkam om het werkstuk tegen de tafel en de aanslagrail te brengen. Met een drukkam kan u het werkstuk bij terugslag beter controleren.
- Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen in onoverzichtelijke bereiken van samengestelde werkstukken. Het in het werkstuk bewegende zaagblad kan in objecten zagen die een terugslag kunnen veroorzaken.
- Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een vastzittend zaagblad te beperken. Grote platen kunnen door het eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten overal ondersteund worden waar ze over het tafeloppervlak uitsteken.
- Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen van werkstukken die verdraaid of vervormd zijn of niet over een rechte rand beschikken, waarmee ze met een verstekaanslag of langs een aanslagrail geleid kunnen worden. Een vervormd of verdraaid werkstuk is niet stabiel en leidt tot een verkeerde uitrichting van de zaagsnede, vastklemmen en terugslag.
- Zaag nooit werkstukken die op of achter elkaar gelegd zijn. In dat geval kan het zaagblad een of meerdere delen grijpen en terugslag veroorzaken.
- Als u een zaag die in het werkstuk zit opnieuw wenst te starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn vastgehaakt. Als het zaagblad vastgeklemd is, kan het uit het werkstuk
bewegen of een terugslag veroorzaken als de zaag opnieuw gestart wordt.
- Houd zaagbladen proper, scherp en voldoende getordeerd. Gebruik nooit vervormde zaagbladen of zaagbladen met gescheurde of gebroken tanden. Scherpe en correct getordeerde zaagbladen minimaliseren het risico op vastklemmen, blokkeren en terugslag.
4.4 Veiligheidsinstructies voor de bediening van tafelcirkelzagen
- Schakel de tafelcirkelzaag uit en scheid ze van het stroomnet vooraleer u het tafelelement wegneemt, het zaagblad vervangen, instellingen aan het spouwmes of de veiligheidsafdekking uitvoert en als de machine zonder toezicht achtergelaten wordt. Voorzorgsmaatregelen dienen ter preventie van ongevallen.
- Laat de tafelcirkelzaag nooit zonder toezicht achter. Schakel het elektrisch gereedschap uit en verlaat het niet vooraleer het volledig tot stilstand is gekomen. Een draaiende zaag die achtergelaten wordt, vormt oncontroleerbaar gevaar.
- Stel de tafelcirkelzaag op een effen en goed verlichte plaats op waar u stabiel kan staan en uw evenwicht niet verliest. De opstelplaats moet voldoende ruimte bieden om werkstukken van het overeenkomstige formaat goed gehanteerd kunnen worden. Wanorde, slecht verlichte werkbereiken en oneffen, gladden bodems kunnen ongevallen veroorzaken.
- Verwijder regelmatig zaagspanen en zaagmeel onder de zaagtafel en van de stofafzuiging. Opeengehoopt zaagmeel is brandbaar en kan vanzelf ontbranden.
- Beveilig de tafelcirkelzaag. Een niet-reglementair beveiligde tafelcirkelzaag kan bewegen of omvallen.
- Neem instelgereedschap, houtresten ... van de tafelcirkelzaag weg vooraleer u deze inschakelt. Afwijking of vastklemming kunnen gevaarlijke zijn.
- Maak steeds gebruik van zaagbladen in de juiste grootte en met passende opnameboring (bv ruitvormig of rond). Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot controleverlies.
- Gebruik nooit beschadigd of verkeerd montagemateriaal voor het zaagblad zoals
flenzen, onderlegelementen, schroeven of moeren. Dat montagemateriaal werd speciaal vor uw zaagblad gemaakt om een veilige werking en een optimale capaciteit te garanderen.
- Ga nooit op de tafelcirkelzaag staan en gebruik de tafelcirkelzaag niet als opstaphulp. Er kunnen ernstige letsels optreden als het elektrische gereedschap omvalt of als u per ongeluk in contact komt met het zaagblad.
- Waarborg dat het zaagblad in de juiste draairichting is bevestigd. Gebruik geen slijpschijven of staalborstels met de tafelcirkelzaag. Een ondeskundige montage van het zaagblad of het gebruik van niet-aanbevolen toebehoren kan ernstige letsels veroorzaken.
5 Specifieke veiligheidsregels
5.1 Werkgebied
- Kinderen en jongeren mogen de tafelcirkelzaag niet bedienen. Daarvan uitgesloten zijn jongeren onder toezicht van een deskundige in het kader van hun opleiding.
- Let erop dat er zich geen personen in de gevarenzone bevinden.
- Werk nooit zonder de voor het desbetreffend werkproces voorgeschreven veiligheidsvoorzieningen en verander aan de machine niets, wat de veiligheid zou kunnen belemmeren.
- Draag tijdens het werk altijd uw persoonlijke beschermingsuitrusting (gehoorbescherming, veiligheidsbril, stofmasker, veiligheidsschoenen).
- Controleer het werkstuk op vreemde voorwerpen. Zaag niet in metalen delen, bv. nagels, omdat hierdoor de gevoelige hardmetaallemmets kunnen worden beschadigd.
- Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd snelstaal (HSS-zaagbladen).
- Houd rekening met invloeden uit de omgeving. Stel de tafelcirkelzaag niet bloot aan regen en vermijd werkzaamheden in vochtige of natte omgeving alsook in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen.
-
Maakt u buiten enkel gebruik van rubbergeisoleerde verlengsnoeren (bv HO7 RN-F) met een doorsnede van ten minste 1,5 mm ^2 en let u erop dat de kabel niet over scherpe kanten wordt getrokken.
-
Leid en leg de elektrische aansluitkabel zodanig weg van de tafelcirkelzaag dat er geen struikelgevaar bestaat aan de bedieningsplaats.
- Begin pas met het snijden van het werkstuk wanneer het zaagblad zijn volledig toerental heeft bereikt..
- Sluit de tafelcirkelzaag aan op een externe spaanafzuiging (transporteerbare kleine stofafzuiger) als u niet in open lucht werkt of als u onvoldoende kan ventileren. Het bij het snijden ontstane houtstof belemmert de vereiste zichtbaarheid en is in bepaalde mate schadelijk voor de gezondheid.
- Snij geen rondhout met de tafelcirkelzaag. Dat is niet toegestaan met de standaard aanslagen en aanvoerhulpmiddelen.
5.2 Instructies voor onderhoud en reparatie
- Trek de netstekker van de aansluitkabel uit het stopcontact vooraleer u onderhouds- en instandhoudingswerkzaamheden start.
- Werkzaamheden aan de elektrische delen van de machine mogen enkel door een elektricien worden uitgevoerd.
- Beschadigde kabels of stekkers moeten direct worden vervangen. Alleen Mafell of een geautoriseerde MAFELL-werkplaats mag de vervanging uitvoeren, om veiligheidsrisico's te vermijden.
- Bij sterk doorzaagde tafelgleuf moet het tafelblad door de MAFELL-klantenservice worden vervangen.
- Ontdoe geleidingen van bewegende delen ook regelmatig van zaagspanen en zaagmeel.
- Er mogen enkel originele MAFELL-reservedelen en toebehoren worden gebruikt. Anders bestaat er geen garantieaanspraak en geen aansprakelijkheid door de fabrikant.
6.1 Plaatsing / Transport
De machine wordt in een transportdoos aangeleverd. Controleer de machine op eventuele transportschade. Beschadigingen aan het verpakkingsmateriaal kunnen een verwijzing naar een ondeskundige transport zijn. Reclameer transportschade onmiddellijk bij uw machinedealer.
De volgende onderdelen zijn los ingesloten en moeten vóór de ingebruikname nog gemonteerd c.q. bij de machine worden gevoegd:
- Bovenste beschermkap
- Afzuigslang
- Universele aanslag
- schuifstok
- Klemstuk
- Aftakking (verbinding van bovenste en onderste afzuigaansluiting)
Voor de montage gaat u als volgt te werk:

Draai de vleugelschroef 2 (afb. 2 - pagina 3) tot de aanslag tegen de wijzers van de klok los. Druk op deze vleugelschroef en plaats de beschermkap 1 horizontaal op het spouwmes. Let erop dat het geleidingsgedeelte van de vleugelschroef stevig in de boring aan het spouwmes is vastgeklikt, wanneer u de vleugelschroef loslaat. Draai de vleugelmoer 2 weer vast.
Voor een korte opberging van de bovenste beschermkap met gedemonteerd spouwmes (bv. bij invalsneden) is de boring achteraan links op de langszijde van de machine voorzien waarin de beschermkap met en zonder spouwmes kan worden gehangen. Voor het transport kan de bovenste beschermkap ook op de montageplaat 50 (afb. 5 – pagina 3) van de voet achteraan links bevestigd worden.
• Afzuigslang en aftakking
Steek eerste de aftakking 4 (afb. 5 - pagina 3) op het afzuigstuk aan het spaankanaal. Het afzuigstuk aan de bovenste beschermkap verbindt u met de afzuigslang 5. Deze steekt u op het overeenkomstige aansluitstuk aan de aftakking.
- Universele aanslag
De montage van de universele aanslag is in paragraaf 5.10 beschreven.
• Schuifstok / schuifhandgreep
De meegeleverde schuifstok 6 (afb. 5 - pagina 3) kan u op de linker langszijde van de machine in de daartoe voorziene houder 42 (afb. 5 - pagina 3) en op de zijdlelingse transportgreep 7 opgeborgen worden.
Om de schuifhandgreep (extra toebehoren) op te bergen, zijn vooraan rechts op de lange zijde van de machine boorgaten voorzien, waarin u de schuifhandgreep kan hangen. Aan de schuifhandgreep kan een door u eventueel benodigd schuifhout worden bevestigd. Hiervoor wordt de handgreep op het schuifhout geplaatst en de twee punten in het hout gedrukt. Daarna wordt de vleugelschroef aangedrukt en ingedraaid. Zo maakt u een schuifblok.
- Klemstuk cpl.
Het klemstuk (van de universele aanslag) kan u met de vleugelschroef op de daartoe voorziene houder 43 (afb. 5 - pagina 3) bevestigen.
Voor het transport van de machine door twee personen zijn de op beide langszijden voorhanden transportgrepen 7 (afb. 5 - pagina 3) bedoeld.
De in hoogte verzette indeling van de grepen op de langs- en dwarszijden maakt ook een eenvoudiger transport van de machine over trappen mogelijk, waarbij de zaag door een persoon boven en door de tweede persoon beneden kan worden gehouden en zodoende horizontaal kan worden getransporteerd.
De beide voeten 9 en 10 (afb. 6 - pagina 3) van het onderframe klapt u voor een eenvoudiger transport op. Voor het stationair bedrijf van de machine worden de twee poten 9 en 10 naar beneden uitgeklapt, tot ze in hun eindpositie vastklikken. Oneffenheden van de ondergrond kunnen met de verstelbare poot worden opgevangen. Voor het transport, vooral naar bouwterreinen, worden de voeten ingeklapt. Hiervoor gaat u op de volgende manier te werk:
- Druk de achterste blokkeerstang 8 (afb. 3 - pagina 3) voor het losmaken van de blokkering naar
beneden en klap de achterste voet 9 helemaal in (zie afb. 6) tot de blokkeerstang vergrendelt.
- Bij de nu schuin staande machine drukt u de voorste blokkeerstang naar beneden en klapt u de voet 10 (afb. 6 - pagina 3) eveneens in tot de blokkeerstang vergrendelt.
6.2 Netaansluiting
Let voor de ingebruikname erop dat de netspanning met de op het vermogensplaatje van de machine vermelde bedrijfsspanning overeenstemt.
6.3 Bovenste beschermkap
De bovenste beschermkap is ontworpen volgens wettelijke bepalingen. De beschermkap en de zijdelingse afdekkingen moeten verhinderen dat de gebruiker onbedoeld in aanraking komt met de tandkranszone van het zaagblad. De zijdelingse afdekkingen liggen daarvoor altijd op het tafelblad of het werkstuk en passen zich aan de dikte van het werkstuk aan. Bij ongunstige hoeken en/of werkstukdiktes is zelfstandig openen fysiek niet mogelijk. Het werkstuk of aanslagsysteem duwt de zijdelingse afdekking dan in de richting van het zaagblad. Om dat te verhinderen, moeten de volgende instructies in acht genomen worden:
- Stel de snijdiepte altijd in volgens de werkstukdikte (zie gedeelte 5.6).
- Stel indien nodig een voldoende grote afstand tussen aanslag en zaagblad in of schuif bij een multifunctionele aanslag de telkens niet-benodigde aanslag terug om ervoor te zorgen dat de zijdelingse afdekkingen vrij kunnen glijden.
- Kies bij spitse sneden de werkrichting zodanig dat de zijdelingse afdekkingen in een zo recht mogelijke hoek op de rand van het werkstuk terechtkomen.
- Reinig de bovenste beschermkap regelmatig met een geschikte doek. Gebruik geen reinigings- en smeermiddelen op de beschermkap.
6.4 Afzuigen van de spanen
Bij alle werkzaamheden, waarbij een aanzienlijke hoeveelheid stof ontstaat, sluit de machine aan een geschikte externe afzuigvoorziening aan. De luchtsnelheid moet ten minste 20 m/s bedragen.
De binnendiameter van het afzuigaansluitstukbedraagt 58 mm.
Bij gebruik van de machine buiten of in voldoende geventileerde vertrekken kan bij kortstondig gebruik ook het als speciaal toebehoren verkrijgbare spaanderopvangsysteem (cleanbox) worden toegepast. Hierbij dient erop te worden gelet dat deze uiterlijk bij een vulling van 80 % moet worden geledigd (bij eiken- en beukenhoutstof rekening houden met een stofvrij afvoeren!).
6.5 Keuze van het zaagblad
Om een goede snijkwaliteit te behalen, maak alstublieft gebruik van scherp werktuig en kiest in overeenstemming met materiaal en toepassing een werktuig uit de volgende lijst:
Zagen van massief hout dwars en langs t.o.v. de vezelrichting en zagen van ongecoate spaanderplaten, triplexhout en dergelijke:
- Erika 70: HM-cirkelzaagblad ∅ 225 x 2,5 x 30 mm, 32 wisseltanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
- Erika 85: HM-cirkelzaagblad ∅ 250 x 2,8 x 30 mm, 40 wisseltanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
Zagen van gecoate platen:
- Erika 70: HM-cirkelzaagblad ∅ 225 x 2,5 x 30 mm, 48 wisseltanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
- Erika 85: HM-cirkelzaagblad ∅ 250 x 2,8 x 30 mm, 60 wisseltanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
Snijden van aluminiumprofielen:
- Erika 70: HM-cirkelzaagblad ∅ 225 x 2,5 x 30 mm, 68 trapeziumtanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
- Erika 85: HM-cirkelzaagblad ∅ 250 x 2,8 x 30 mm, 68 trapeziumtanden (artikelnummer zie paragraaf 8)
6.6 Zaagbladwissel

Gevaar
Neem bij alle onderhoudswerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.

- Breng het zaagaggregaat in middenpositie (tafelcirkelzaagfunctie), (zie hoofdstuk 4.8).
- Stel het zaagblad in op een snijdiepte van ca. 45 – 70 mm in (Erika 85: ca. 45 - 85 mm), (zie hoofdstuk 5.6).
- Verwijder het spouwmes met de bovenste beschermkap door indrukken van de drukker 41 (afb.10 – pagina 4) en tegelijkertijd trekken van het spouwmes 3 (afb 2 – pagina 3) naar boven en naar voren.
- Kantel de machine zijdelings iets om, zodat de linker langszijde goed toegankelijk wordt.
- Neem de zeskantsleutel 32 (afb. 10 - pagina 4) uit de houder 33 op het onderste deksel van de beschermkap.
- Open de vergrendeling 45 op de linkerkant van het deksel van de beschermkap door 14 -omwenteling naar links te draaien met de zeskantsleutel 32.
- Open beide zijdelingse schuivers (rood) 40 op het deksel van de beschermkap door naar boven te schuiven tot ze vastklikken.
- Klap het deksel van de beschermkap 90° open en trek het ongeveer 30 mm naar voren tot de beschermkap via de zwenkstang naar beneden draait.
- Druk de grendelknop 31 (afb. 10 - pagina 4) voor de onderste beschermkap en houd hem vast. Draai met de zeskantsleutel 32 de binnenzeskantschroef 34 met de klok mee los.
- Neem de voorste zaagbladflens 35 weg en het zaagblad naar boven of beneden weg.
- Breng het nieuwe zaagblad aan (snijrichting in acht nemen zie draairichtingssymbool in het deksel).
- Steek de flens 35 op de tweekant en draai de inbusbout 34 door draaien tegen de wijzers van de klok in met de inbussleutel vast.
- Controleer of het zaagblad bij het draaien van hand foutloos loopt.
- Trek de zeskantsleutel 32 ervan.
- Sluit het deksel van de beschermkap.
- Open beide zijdelingse schuivers pos. 40 (afb. 10 - pagina 4) op het deksel van de beschermkap door naar boven te schuiven tot ze vastklikken.
- Open de vergrendeling 45 op de linkerkant van het deksel van de beschermkap door 14 -omwenteling naar rechts te draaien met de zeskantsleutel 32.
• Schuif de zeskantsleutel 32 in de houder.
- Schuif het spouwmes samen met de bovenste beschermkap in de spouwmesopname tot deze vastklikt in de houder.
- Stel indien nodig het spouwmes juist af (zie hoofdstuk 4.6).
6.7 Spouwmes

Gevaar
Neem bij alle onderhoudswerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.

Het spouwmes voorkomt dat zich bij het langssnijden de snijvoeg achter het zaagblad sluit en daardoor een terugslag van het werkstuk ontstaat.
Deze functie is echter alleen gewaarborgd, als het spouwmes correct is ingesteld, d.w.z. de afstand t.o.v. de tandkrans binnen de gehele snijdiepte max. 5 mm bedraagt (zie afb. 7) en de dikte tussen de snijvoegbreedte en de stambladdikte van het gebruikte zaagblad ligt. Het meegeleverde spouwmes past bij de in hoofdstuk 4.4 vermelde met hardmetaal uitgevoerde zaagbladen.
Wanneer een afstelling van het spouwmes noodzakelijk is, gaat u als volgt te werk:
- Stel het zaagblad op de maximale snijdiepte in (zie hoofdstuk 5.6).
- Verwijder de bovenste beschermkap (zie hoofdstuk 4.1).
- Breng het zaagaggregaat in de middelste stand (tafelcirkelzaagfunctie) (zie paragraaf 4.8).
- Zet het zaagaggregaat op 45schuin (zie hoofdstuk 5.8).
- Open de vergrendeling 45 (afb. 10 - pagina 4) op de linkerkant van het deksel van de beschermkap door 14 -omwenteling naar links te draaien met de zeskantsleutel 32.
-
Schuif beide zijdelingse rode schuivers 40 op het onderste deksel van de beschermkap naar boven tot ze vastklikken.
-
Klap het deksel van de beschermkap ongeveer 90° naar voren en trek het deksel naar voren zodat het via de zwenkstang naar beneden draait.
- Draai de binnenzeskantschroef 37 (afb. 7 - pagina 4) los en stel het spouwmes 3 in overeenstemming met afb. 7 met betrekking tot de afstand naar de tandkrans en in hoogte in.
• Draai de binnenzeskantschroef 37 vast. - Sluit het deksel van de beschermkap opnieuw door 90° naar voren omhoog te zwenken, ca. 30 mm naar achteren te schuiven en naar boven te klappen. Vergrendel het deksel van de beschermkap in gesloten toestand door beide zijdelingse schuivers 40 (afb. 10 - pagina 4) naar beneden te duwen.
- Open de vergrendeling 45 op de linkerkant van het deksel van de beschermkap door 14 -omwenteling naar rechts te draaien met de zeskantsleutel 32.
- Schuif de bovenste beschermkap weer op het spouwmes en zet ze vast (zie hoofdstuk 4.1).
Het spouwmes kan in twee standen zonder gereedschap vastgeklikt worden:
- bovenste stand met beschermkap - voor normale snedes
- onderste stand zonder beschermkap - voor bedekte snedes
Om de betreffende stand te bereiken trekt u het spouwmes gewoon naar boven en naar voren of drukt het naar beneden en naar achteren.
Het spouwmes kan zonder gereedschap (voor invalsneden en zaagbladvervanging) weggenomen worden.
- Breng het zaagaggregaat in middenpositie (tafelcirkelzaagfunctie), (zie hoofdstuk 4.8).
- Stel de volledige snijhoogte in.
- Verwijder de bovenste beschermkap (zie hoofdstuk 4.1).
- Duw de drukker in de ovaalvormige opening in het bovenste, achterste deel van de onderste beschermkap.
- Trek, zolang u de drukker ingedrukt houdt, het spouwmes overeenkomstig de zaagbladdiameter naar voren/boven.
Let bij het aanbrengen van het spouwmes erop dat het spouwmes in een afstand van ca. 5 mm ten opzichte
van de zaagbladdiameter naar achteren en onderen geschoven wordt en in de gleuf van de spouwmeshouder ingevoerd wordt. Het spouwmes moet tot de aanslag c.q. het vastklikken naar beneden geduwd worden (de drukker moet daarbij niet ingedrukt worden).
6.8 Gebruik als ondergebouwde trekzaag
Het bijzonder voordeel bij de inzet als ondergebouwde trekzaag is het problemloze en exacte scheiden van vast staande werkstukken tot max. 330 mm (Erika 85: 423 mm) snijlengte bij werkstukken met een dikte van 16 mm, bv panelen. Leg het werkstuk aan het aanslagrail 14 (afb. 9 - pagina 4) van de universele aanslag 15 aan. Druk op de rode ontgrendelingsknop 16 en trek het zaagaggregaat met het handwiel 17 en de trekstang 18 naar voren. Na beëindiging van het snijproces loopt het zaagaggregaat weer in de uitgangspositie terug en wordt daar zelfstandig gearrêteerd.
6.9 Gebruik als tafelcirkelzaag
Het langssnijden van grotere werkstukken geschiedt in de tafelcirkelzaag-functie. Breng het zaagaggregaat hiervoor in de hiervoor gedachte positie van de tafel. Hiervoor draait u de knop 24 (afb. 8 - pagina 4) naar rechts en trekt u het zaagaggregaat zo ver naar voren, tot het automatisch in de hiervoor gedachte positie vastklikt.
Pas de universele aanslag 15 hierbij als parallelle aanslag toe. Daarbij kan u de aanslagrail 14 al naar afmetingen van het werkstuk met haar hoge werkstukgeleidingsvlakte of met 90 °gedraaid met haar lage geleidingsvlakte 25 inzetten.
U komt terug bij de ondergebouwde trekzaag-functie door de vergrendelknop 24 naar links te draaien. Het zaagaggregaat loopt dan zelfstandig in de eindpositie terug.
6.10 Filter reinigen
Open de bolcilinderschroef 44 (afb. 11 - pagina 4) een beetje. Klik het filterhuis 46 door naar voren schuiven uit het rotatiepunt van de tussenbehuizing. Reinig het filterhuis. Na het reinigen plaatst u het filterhuis aan de rotatiepunten 47 in omgekeerde volgorde opnieuw in de tussenbehuizing 48 (let erop dat het aan beide kanten in de rotatiepunten vastklikt). Bevestig het filterhuis door aanspannen van de bolcilinderschroef 44.
Alternatief kan de bolcilinderschroef 44 zo ver geopend worden tot het filterhuis 90° naar beneden kan gezwenkt worden. Reinig het filterhuis met een daartoe voorzien gereedschap. Zwenk het filterhuis na de reiniging 90° naar boven en bevestig het door de bolcilinderschroef 44 aan te spannen.
7 Bedrijf
7.1 Ingebruikname
Deze gebruiksaanwijzing moet iedere persoon die met de bediening van de machine is belast, ter kennisname worden doorgegeven, waarbij vooral attent dient te worden gemaakt op het hoofdstuk "Veiligheidsinstructies".
7.2 In- en uitschakelen
- Inschakelen: druk op de groene schakelknop 12 (afb. 9 - pagina 4).
- Uitschakelen: Druk op de rode schakelknop 11. Er vindt hierbij een automatische afremming van de zaagas met verkorting van de uitlooptijd op minder dan 10 s plaats.

De aansluitkabel kunt u voor het transport aan de rechter kant van de machine via de hiervoor bedoelde houders 13 (tevens transportgrepen) oprollen.

Als binnen een tijd (remcyclus) van 45 seconden meer dan viermaal geremd wordt, wordt de volgende remming uitgesteld tot de cyclustijd verlopen is.
7.3 Licht

Gevaar
Neem bij alle onderhoudswerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.
Het elektrisch gereedschap is uitgerust met een lichtmodule 49 (afb. 2 - pagina 4) in de bovenste beschermkap.
De lichtmodule wordt bij het inschakelen van de machine gedurende een bepaalde tijd voorzien en is daarna bedrijfsklaar.
In een bedrijfsklare toestand schakelt de lichtmodule bij het bewegen van de machine het licht automatisch in of bij een langere stilstand opnieuw uit.
Voor een storingsvrije werking van het licht moeten de gouden contacten aan het spouwmes bij verontreiniging gereinigd worden. Neem daaroe het spouwmes weg en reinig de contactvlakken met een doek van stof en spanen.
7.4 Selectie van het toerental
Opdat een optimale snijkwaliteit als naar te bewerkend materiaal wordt behaald, kan het zaagbladtoerental traploos van 2050 – 4300 min ^-1 worden gekozen. Dit kiest u via het onder de hoofdschakelaar aangebrachte wieltje.

Let er daarbij op dat de optimale snijkwaliteit niet alleen van het toerental, maar ook van het zaagblad en de zaagbladscherpte afhangt. Aanwijzingen met betrekking tot het geschikt zaagblad zie hoofdstuk 4.4.
7.5 Overbelastingsbescherming

De activering van de motorbeveiliging is altijd een teken voor een motoroverbelasting. De oorzaak hiervan moet worden opgespoord en verholpen.
Bij overbelasting van de motor wordt het toetental automatisch gereduceerd, resp. bij stroomstoring vindt een zelfstandig uitschakelen plaats. Nadat de spanning er weer is kunt u de machine weer inschakelen.
7.6 Instelling van de snijdiepte
De snijdiepte kan door draaien van het handwiel 17 (afb. 8 - pagina 4) traploos van 0 tot 72 mm (Erika 85: 0 tot 85 mm) worden ingesteld. Door draaien met de wijzers van de klok mee vergroot u de snijdiepte en verkleint hem door in de tegenovergestelde richting te draaien.
Om een goede snijkwaliteit te behalen, dient de ingestelde snijdiepte van het zaagblad ca. 5 mm boven de te bewerkende materiaaldikte te liggen.
Afhankelijk van de positie van het spouwmes in de beide blokkeerposities kan de op het spouwmes aangebrachte en telkens verticaal ten opzichte van de tafelvlakte staande meetschaal 38 (afb. 7 - pagina 4) als hulp voor de instelling van een bepaalde snijdiepte worden gebruikt. Dit geldt echter alleen voor zaagbladen met ø 225 mm (Erika 85: ø 250 mm).
Is een exacte instelling van de snijdiepte vereist, bv bij groeven of sponningen, stel dan altijd van beneden bij om een eventuele speling te compenseren.
7.7 Invalszagen

Gevaar
Terugslaggevaar bij invalsneden! Voor het invallen legt u het deel indien mogelijk aan de voorkant tegen een bevestigde aanslag. Druk het deel bij het invallen stevig op het tafeloppervlak. Houd bij het drukken rekening met de gevarenzone door het verschijnen van het zaagblad.

Verwijder de bovenste beschermkap (zie hoofdstuk 4.1). Verwijder het spouwmes (zie hoofdstuk 4.5).
Draai het zaagblad met het handwiel naar beneden tot het onder het tafelblad verdwenen is.
De invalsneden kunnen door draaien van het handwiel 17 (afb. 8 - pagina 4) traploos van 0 tot 85 mm bediend worden (let op: het zaagblad komt licht gebogen naar voren uit het werkstuk). Door draaien met de wijzers van de klok mee vergroot u de snijdiepte, door in de tegenovergestelde richting te draaien, verkleint u deze. Na de invalsnede plaatst u het spouwmes opnieuw op de oorspronkelijke plaats, zie hoofdstuk 4.6 en monteert u de beschermkap opnieuw op het spouwmes, zie hoofdstuk 4.5.
7.8 Instelling voor schuine sneden

Gevaar
Let er vóór het begin van de schuinstand bij lopend zaagblad op, dat zich noch de multifunctie-aanslag noch werkstukken in het zwenkbereik van het zaagblad bevinden.
Voor hoeken tot 45° zet u eerst de vastzethendel 19 los (afb. 9 - pagina 4) door tegen de wijzers van de klok in te draaien. Draai het zaagaggregaat door de handgreep 20 te draaien. Op de hoekschaal 21 wordt aan de wijzer 22 de snijhoek aangegeven. Zet de vastzethendel 19 weer vast.
Door bediening van de draaiknop 23 is het draaien van het zaagaggregaat met 3° over de twee eindposities 0° en 45° heen mogelijk. Bij het terugzwenken gaat de draaiknop zelfstandig weer in de uitgangsstand terug, zo dat bij het hernieuwd zwenken de 0° 45°-stand exact wordt aangereden.
7.9 Multifunctieaanslag (leveringsomvang Erika 85)
De beschrijving hierbij staat in de bijgesloten montageinstructies en lijst van vervangingsonderdelen.
7.10 Universele aanslag (leveringsomvang Erika 70)
De complete universele aanslag bestaat uit de stangenhouder 27 (afb. 8 - pagina 4) en de in de houder verstelbare geleidestang 26. Indien nodig kan u hem aan alle kanten van het tafelblad in elke positie op de zwaluwstaartgeleidingen plaatsen en als volgt aanspannen:
- Draai de spanhendel 51 (afb. 12) verticaal naar beneden in de losgezette positie 51.1 (afb. 13).
- Plaats daarna de stanghouder van schuin bovenaan (afb. 14) tegen het zwaluwstaartprofiel, zodanig dat de klem 53 (afb. 12) naar achter gedrukt wordt en in het profiel vastklikt.
- U kan de stanghouder in de losgezette positie 51.1 van de spanhendel variabel op het profiel verschuiven.
- Draai de spanhendel 51 naar links in positie 51.2 (afb. 13), om de stanghouder vast te zetten.
Door de spanhendel naar rechts in positie 51.3 (afb. 13) te draaien, kan u de stanghouder op elke willekeurige plaats van het profiel wegnemen.
Reinig het zwaluwstaartprofiel van de machine en de stanghouder en het klemvlak van de klem 53 (afb. 12) regelmatig met een geschikte doek. Daardoor garandeert u de nodige klemkracht.
De universele aanslag kan als parallelle aanslag bij de tafelcirkelzaag maar ook als dwars- en verstekaanslag bij de ondergebouwde trekzaag worden gebruikt.
De positie van de aanslagrail (aanleggen van het werkstuk) ten opzichte van de deelschijf resp. de schaal werd in de fabriek exact ingesteld. Als achteraf toch een aanpassing nodig is, doet u dat als volgt:
- Bevestig de universele aanslag in de zwaluwstaartgeleiding op de rechter of linker langszijde van de tafel.
- Breng de aanslagrail aan door losmaken van de bovenste vleugelschroef 28 in de 0-positie brengen en trek de vleugelschroef aan.
- Maak de twee bovenaan toegankelijke cilinderbouten met een schroevendraaier los.
- Maak de zijdelingse spanhendel 52.1 (afb. 13) aan de stanghouder 27 (afb. 8) los.
- Schuif vervolgens de aanslagrail tot net voor het zaagblad.
- Controleer of de aanslagrail juist is ingesteld. Daarbij moet u letten op de afstand tussen de parallelle aanslag en het zaagblad. Aan de achterste opgaande tand moet de afstand een beetje groter zijn dan aan de voorste afgaande tand.
- Zet de aanslagrail met de zijdelingse vergrendeling 52.2 (afb. 13) vast.
- Trek de cilinderbouten weer vast.
• Voer een testsnede uit!
Als die niet in orde is, stelt u opnieuw in.
Nadat u de aanslag heeft afgesteld, blijft de hoekweergave op de schaal bewaard!
7.11 Gebruik als parallelaanslag
De universele aanslag kan u op verschillende posities bevestigen en als parallelle aanslag gebruiken (zie afb.8 - pagina 4). Instelling zie 5.10. Bevestiging aan de rechter of linker lange zijde van de tafel. Daarbij moet u letten op de afstand tussen de parallelle aanslag en het zaagblad. Aan de achterste opgaande tand moet de afstand een beetje groter zijn dan aan de voorste afgaande tand.
- Draai de vleugelschroef 28 los en stel ze in op de hoekschaal 0°. Draai de vleugelmoer 28 weer vast.
- Bevestig de aanslag in de zwaluwstaartverbinding zodanig dat de aanslagrail van de voorste tafelkant tot na het midden van het zaagblad reikt. (Machine in tafelcirkelzaag-functie)
- Stel de voorziene maat tussen zaagblad en aanslagrail na het loszetten van de zijdelingse vergrendeling 52.1 (afb. 13) op de stanghouder 27 in door de geleider 26 te verschuiven. De breedte kan op de maatschaal 29 aan de naar het zaagblad toe gedraaide kant van de aanslagrail worden afgelezen.
- Maak de zijdelingse vergrendeling 52.2 en de spanhendel 51.2 terug vast.
- Bevestig de aanslagrail ook op de voorste tafelrand met het klemstuk 36 (afb. 8).
- Breng daarvoor de vierkantmoer op het klemstuk in de gleuf van de aanslagrail.
- Draai de vleugelmoer op het klemstuk tot het mes achter de zwaluwstaarverbinding van het tafelblad grijpt.
- Draai de vleugelmoer vast
De aanslagrail 14 kan nog in de aanslag in langsrichting worden versteld. Bestaat bv bij het langssnijden van massief hout het gevaar dat het werkstuk tussen aanslag en zaagblad gaat klemmen, wordt de aanslagrail zo verschoven dat het achterste einde ongeveer tot het midden van het zaagblad reikt. Hiervoor wordt de op de bovenkant van de aanslag geplaatste spanhendel 30 (afb. 8 - pagina 4) losgemaakt en de aanslagrail verschoven. Trek na de instelling de spanhendel weer vast. De aanslagrail 14 kan met 90° gedraaid ingezet worden. Dit vereenvoudigt het snijden van smalle werkstukken vooral bij schuin gezet zaagblad, omdat het dan voorhanden lage geleidingsvlak toelaat om de parallelaanslag dichter bij het zaagblad te schuiven. Zet hiervoor de spanhendel 30 aan de aanslag vast. Trek de aanslagrail 14 helemaal uit de houder. Plaats de aanslagrail 90° gedraaid zodanig dat de smalle kant naar het zaagblad wijst. Zet vervolgens de spanhendel weer vast. Ook in deze instelling van de aanslagrail kan de snijbreedte op de maatschaal 29 op de naar het zaagblad toe gedraaide kant worden afgelezen.
7.12 Gebruik als dwars- en verstekaanslag

Gevaar
Instellingen aan de universele aanslag uitsluitend bij stilstaand zaagblad uitvoeren.
Voor dwars- en versteksneden bij trekzaag-functie wordt de universele aanslag op de voorste linker tafelkant bevestigd. In deze positie wordt bij rechthoekige sneden op de hoek schaal het 0°-merk weergegeven.
Om hoeksnedes uit te voeren zet u de aan de bovenkant aanwezige vleugelschroef 28 los (afb. 9 - pagina 4). Draai de aanslagrail volgens de schaal naar de gewenste positie. Hiervoor is om de 15° een vastklikplek aanwezig. Vervolgens trekt u de vleugelschroef weer vast.
De vergrendeling kan u via de schuiver 54 (afb. 8 - pag. 4) onder de hoekschaal uitschakelen. Zet de vleugelschroef lichtjes los. Duw dan op het aan één kant uitstekende deel van de eenzijdige schuif.
Om een betere snijkwaliteit te behalen, moet het aanslagrail steeds zo dicht als mogelijk aan het snijvlak reiken. Deze is daarom aan de uiteinden uitgehaakt zodat de bovenste beschermkap ook bij het snijden van dunne werkstukken ver genoeg aangeplaatst kan worden. Zet voor het verstellen van de aanslagrail de vleugelschroeven 30 los (afb. 8 - pagina 4).
Door de geleider in de stanghouder 27 te verschuiven, kan u de aanslag zodanig instellen dat in functie van de overeenkomstige werkstukafmetingen een optimale instelling van de snijbreedte ontstaat.
8 Onderhoud en reparatie

Gevaar
Neem bij alle onderhoudswerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact.
MAFELL-machines werden onderhoudsvriendelijk geconstrueerd.
De toegepaste kogellagers werden op levenstijd gesmeerd. Na een langere bedrijfstijd adviseren wij, de machine aan een geautoriseerde klantenservice van MAFELL ter inspectie te geven.
Voor alle smeerplaatsen slechts onze speciale vet, bestel-nr. 049040 (1 kg - blik), gebruiken.
8.1 Controle van de veiligheidsvoorzieningen
De veiligheid van de machine is in eerste instantie afhankelijk van de goede werking van de aanwezige veiligheidsvoorzieningen. Het is dus belangrijk dat deze voorzieningen regelmatig op hun reglementaire toestand worden gecontroleerd. Daartoe behoren in het bijzonder het spouwmes, de bovenste en de onderste beschermkap.
Bovendien moeten de volgende punten alle 2 weken worden gecontroleerd:
- zelfstandig teruglopen van het zaagaggregaat in de uitgangspositie bij gebruik als trekzaag (zie gedeelte 4.7)
- automatisch vastzetten van het zaagaggregaat in de uitgangspositie na het teruglopen
- functioneren van de automatische vergrendeling van het zaagaggregaat in de middenpositie bij inzet als tafelcirkelzaag (zie gedeelte 4.8)
- storingsvrij bewegen van de beugel van de beschermkap van de max. snijhoogte tot het tafelblad.
- intacte toestand van de netkabel.
8.2 Verzorging van de machine
De glijdende en rollende delen moeten occasioneel met een geschikte stofzuiger van spanen en stof worden bevrijd. Een occasioneel besproeien met een gebruikelijk glijmiddel (bv. Caramba) vereenvoudigt het glijden van de delen.
Om een te grote verwarming van de motor te voorkomen, dient af en toe te worden gecontroleerd, dat zich op de oppervlakte van de motor geen stof heeft afgezet. Bij verontreiniging moet het filterhuis op de motor gereinigd worden (zie 4.9).
Reinig de bovenste beschermkap regelmatig met een geschikte doek. Gebruik geen reinigings- en smeermiddelen op de beschermkap.
8.3 Opslag
Reinig de machine zorgvuldig als u ze lange tijd niet gebruikt. Spuit blanke metaaldelen in met roestwerend middel.
9 Verhelpen van storingen

Gevaar
De opsporing van de oorzaken van voorhanden storingen en het verhelpen hiervan vereist steeds vermeerde oplettendheid en voorzichtigheid. Van tevoren netsteker trekken!
Hierna staan enkele vaak optredende storingen en hun oorzaken vermeld. Bij verdere storingen richt u zich alstublieft aan uw handelaar of direct aan de MAFELL-klantenservice.
| Storing | Oorzaak | Remedie |
| Machine kan niet ingeschakeld worden | Geen netspanning voorhanden | Spanningsvoeding controleren |
| Netzekering defect | Zekering vervangen | |
| Koolborstels versleten | Machine naar de MAFELL-klantenservice brengen | |
| Machine schakelt gedurende de leegloop zelfstandig uit | Stroomuitval | Voorzekeringen van het stroomnet controlerenDe machine start door de ingebouwdeonderpanningsbescherming niet weer vanzelf en moet na terugkeer van de spanning opnieuw worden ingeschakeld |
| Machine blijft gedurende het snijden staan | Stroomuitval | Netzijdige voorzekeringen controleren |
| Overbelasting van de machine | Aanvoersnelheid verlagen | |
| Machine remt niet | Binnen een tijd van 45 seconden werd meer dan viermaal geremd.Remvergrendeling is actief. | 45 seconden vanaf de eerste remming wordt een volgende remming vrijgegeven. Om te voorkomen dat het remmen vergrendeld wordt, vergroot u het reminterval naar minstens 10 seconden. |
| Werkstuk klemt bij het vooruit schuiven | Stomp zaagblad | Werkstuk vasthouden en motor meteen uitschakelen Vervolgens zaagblad vervangen |
| Aanslagrail van de universele c.q. multifunctionele aanslag staat niet parallel op het zaagblad | Aanslagrail opnieuw instellen, zie hoofdstuk 5.6 | |
| Brandvlekken aan de snijplekken | Voor het werkproces ongeschikt of stomp zaagblad | Zaagblad vervangen |
| Spanenuitgooi verstopt | Bedrijf zonder afzuiging | Bij uitgeschakelde machine spanen verwijderen Hiervoor schuiver 39 (afb. 10 - pagina 4) openen Hiermee kunnen de spanen in het spanenkanaal nu eenvoudig naar beneden worden verwijderd. Vervolgens de schuivers weer naar achteren sluiten |
| Afzuiging te zwak | Er moet een afzuigapparaat worden ingezet, dat aan het afzuigaansluitstuk een luchtsnelheid van ten minste 20 m/2 waarborgt | |
| Houtdelen in de spanenuitgooi | Schuiver 39 (afb. 10 - pagina 4) openen Nu kunnen houten delen eenvoudig uit het spanenkanaal worden verwijderd.Is dit niet helemaal mogelijk, het zaagblad volledig laten zakken.Vervolgens de schuivers weer naar achteren sluiten | |
| Hoogteverstelling loopt zwaar | Trekstang, worm tandsegment en borgplaat verontreinigd | Onderdelen reinigen en invetten of insmeren |
| Trekinrichting loopt zwaar | Trekstang, kogellagervlak en geleidingsbuis verontreinigd | Onderdelen reinigen |
| Buizenframe kan niet ingeklapt worden | Bovenste beschermkap in parkeerpositie op het buizenframe en het zaagaggregaat boven 30° gezwenkt | Zaagaggregaat tot onder 30° zwenken |
| Licht gaat uit | Machine werd ca. 10 seconden niet bewogen | Lichtmodule werd automatisch in de neutrale stand gebracht en gaat bij beweging van de machine vanzef opnieuw aan |
| De contactoppervlakken op het spouwmes zijn verontreinigd | Neem het spouwmes weg en reinig de gouden contactoppervlakken met een doek van stof en spanen |
10 Extra toebehoren
- Universele aanslag, compl. Best.-nr. 207912
- Multifunctionele aanslag (incl. handleiding) Best.-nr. 207910
- Parallelle aanslag (incl. handleiding) Best.-nr. 207506
- Stanghouder verpakt Best.-nr. 207507
- Schuifslede, compl. Best.-nr. 038563
- Aanslagliniaal 1.000 mm, incl. afkortaanslag Best.-nr. 203396
- Uittrekstang, compl. Best.-nr. 038309
- Klemstuk Best.-nr. 038294
- Extra tafel voor Erika 70 Best.-nr. 208438
- Extra tafel voor Erika 85 Best.-nr. 208439
- Houderrail 1000 mm Best.-nr. 038686
- Aanbouwset wielen Best.-nr. 202889
- Cleanbox startpakket Best.-nr. 203402
- Cleanbox, 5 stuks Best.-nr. 203575
- Zaagblad-HM ∅ 225 x 2,5 x 30, 32 tanden / WZ (Erika 70) Best.-nr. 092460
- Zaagblad-HM ∅ 225 x 2,5 x 30, 48 tanden / WZ (Erika 70) Best.-nr. 092462
- Zaagblad-HM ∅ 225 x 2,5 x 30, 68 tanden / FZ/TR (Erika 70) Best.-nr. 092464
- Zaagblad-HM ∅ 250 x 2,8 x 30, 24 tanden / WZ (Erika 85) Best.-nr. 092472
- Zaagblad-HM ∅ 250 x 2,8 x 30, 40 tanden / WZ (Erika 85) Best.-nr. 092465
- Zaagblad-HM ∅ 250 x 2,8 x 30, 60 tanden / WZ (Erika 85) Best.-nr. 092466
- Zaagblad-HM ∅ 250 x 2,8 x 30, 68 tanden / FZ/TR (Erika 85) Best.-nr. 092467
11 Explosietekening en onderdelenlijst
De overeenkomstige informatie van de reserveonderdelen vindt u op onze homepage: www.mafell.com
