Aquaforce 15000 - Pomp HOZELOCK - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Aquaforce 15000 HOZELOCK in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Aquaforce 15000 HOZELOCK
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Aquaforce 15000 - HOZELOCK en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Aquaforce 15000 van het merk HOZELOCK.
GEBRUIKSAANWIJZING Aquaforce 15000 HOZELOCK
OP http://www.hozelock.com/customer-service/ instruction-leaflets.html. Inhoud (Fig.1) Controleer vooraf aan de installatie of alle inhoud aanwezig is. A. Beschermstuk voor kleine vissen B. Pomp C. Uitlaatadapter D. Kogelscharnier E. Slangkoppeling & moer F. Filterhuis G. Eindkap H. Debietregeling
Inleiding Deze Hozelock Cyprio Aquaforce-pomp wordt elektrisch aangedreven en is ontworpen om vaste deeltjes tot een diameter van 10 mm te verpompen met minimaal onderhoud aan de voorzeef. Dit soort pompen is met name geschikt voor het verpompen van water naar externe filters, voor gebruik in watervallen met een hoog debiet of voor waterlooptoepassingen waarbij minimaal onderhoud belangrijk is. De pomp gebruikt geen olie of vet voor smering en kan veilig worden gebruikt in vijvers met vissen of planten. De motor bestaat uit een afgesloten stator en een watergekoelde rotor. Alle elektrische componenten zijn van het water geïsoleerd. LET OP AUTOMATISCHE AFSLAG Teneinde een lange levensduur van uw pomp te garanderen en schade te voorkomen, is deze uitgerust met een automatische beveiliging tegen oververhitting. Deze schakelt de pomp uit als hij oververhit raakt. Wanneer dit gebeurt, dient u de stroomtoevoer naar de pomp uit te schakelen. Kijk wat de oorzaak is. Dit komt meestal doordat vuildeeltjes de inlaten van de pomp verstoppen of het rotorblad blokkeren. Verwijder het obstakel en wacht tot de pomp is afgekoeld. Zet de pomp dan weer aan. Algemene Veiligheidsinstructies
1. Deze pomp is alleen ontworpen voor gebruik
in vijvers. Gebruik deze pomp alleen voor het aandrijven van filtersystemen voor vijvers, Aquaforce 1000 2500 4000 6000 8000 12000 15000 Verkäufliche Art.-Nr. 1580 1581 1582 1583A 1584A 1585A 1586A Volt (V) 230V 50Hz 230V 50Hz 230V 50Hz 230V 50Hz 230V 50Hz 230V 50Hz 230V 50Hz Leistung (w) 25 30 50 65 95 130 180 Maximale Fördermenge, QMax, (l/h)
IP-Schutzart IPX8 IPX8 IPX8 IPX8 IPX8 IPX8 IPX8 Maximale Tauchtiefe (m 2.5 2.5 2.5 2.5 2.5 2.5 2.5 Maximale Wassertemperatur TMax, (°C) 35°C 35°C 35°C 35°C 35°C 35°C 35°C Amphibischer Einsatz ✘ ✘ ✘ ✔ ✔ ✔ ✔ *Unter kontrollierten Bedingungen gemessen Leistung* NL21 waterpartijen, watervallen, etc. Gebruik deze pomp niet voor andere dingen (m.a.w. gebruik deze pomp niet voor zwembaden, badkamers, CV-installaties, etc.). Gebruik van dit product voor andere toepassingen kan verwondingen of productschade tot gevolg hebben.
2. Belangrijk - Dit apparaat mag uitsluitend worden
gebruikt door of onder toezicht van een volwassen persoon die in staat is het apparaat veilig te gebruiken en die de risico’s begrijpt. Dit apparaat moet buiten bereik van kinderen en personen met een verminderde fysieke, motorische en mentale bekwaamheden worden gebruikt en opgeslagen.
3. WAARSCHUWING: Ontkoppel altijd alle
apparaten in de vijver van het elektriciteitsnet voordat u uw handen in het water steekt om apparatuur te installeren, te repareren, te onderhouden of te behandelen. Steek de stekkerzijde van de kabel nooit in water.
4. Gebruik nooit de stroomkabel om de pomp op te
tillen; dit kan schade veroorzaken. Wij adviseren om een ophaalkoord aan het handvat op de zeefkooi vast te maken als de pomp diep onder water wordt geïnstalleerd.
5. Gebruik de pomp niet bij vorst en laat deze ook niet
7. Laat de pomp nooit droog lopen.
8. Gebruik deze pomp niet zonder dat de zeefkooi
goed eraan vast zit. Als u de pomp zonder de zeefkooi gebruikt, kan uw garantie vervallen.
9. LET OP: Dit product is niet geschikt voor water
10. LET OP: Gebruik dit product niet als de
stroomkabel of de motor op enigerlei wijze beschadigd is. De stroomkabel kan niet worden vervangen aangezien deze vast zit in de motorbehuizing en dient derhalve volgens plaatselijke regelgeving te worden verwijderd.
11. Als u in een gebied woont met hard water (water
met een hoog gehalte calcium of kalk), dienen de pomp, de rotoreenheid en de binnenkant van de motor regelmatig te worden gereinigd (zie ONDERHOUD).
12. Gebruik alleen accessoires die zijn ontworpen voor
gebruik met dit product. Als u andere accessoires gebruikt, kan uw garantie vervallen.
13. Deze pomp is niet geschikt voor gebruik met zout
14. Raadpleeg voor de maximale totale opvoerhoogte
van deze pompen de tabel aan het eind van deze instructies. Elektrische Aansluitingen
1. PAS OP: Ontkoppel alle apparaten in de vijver
of schakel de stroomtoevoer uit voordat u met uw handen in het water gaat bij het installeren, herstellen, onderhouden of verplaatsen van apparatuur.
2. Controleer of het op het apparaat aangegeven
voltage overeenkomt met de netstroom.
3. De pomp wordt geleverd met een 3-aderige
stroomkabel van 10m die permanent en geseald is aangesloten op de motor. De stroomkabel kan niet worden vervangen. Als de kabel beschadigd is, dient de pomp te worden weggedaan. De met dit product meegeleverde stekker is niet waterdicht en dient te worden ondergebracht in een droge, waterdichte behuizing.
4. Er dient zich in de stroomtoevoer een
aardlekschakelaar van 10 mA of 30 mA te bevinden.
5. De installatie dient te voldoen aan de Nationale en
Plaatselijke bedradingsvoorschriften, die mogelijk het gebruik van kunststof of metalen pijpen kunnen bevatten om de kabel te beschermen.
6. PAS OP: Dit apparaat moet worden aangesloten
op een geaard stopcontact.
7. De pompkabel (en verlengkabel) dient juist
te worden geplaatst en voldoende tegen beschadiging te worden beschermd, vooral als deze in contact kan komen met tuingereedschap (grasmaaiers, vorken, etc.), kinderen en huisdieren. Installatie OPMERKING: Bij amfibisch gebruik MOET de droog opgestelde pomp horizontaal staan, zoals afgebeeld. (Fig. 2 & 3) Montage & Installatie Pomp - Gebruik Onder Water
1. Open de klemmen aan beide kanten van de
zeefkooi en open de kooi (Fig 1 – F).
2. Verwijder het beschermstuk voor kleine vissen (Fig.
3. Verwijder & pak kogelscharnier, slangkoppelingen
& debietregelaar uit (Fig 1 – D, E & H).
4. Verwijder de stroomkabel en rol deze af.
5. Controleer of de uitlaat van de pomp goed vastzit
aan de uitlaatadapter (Fig 1 – C). Plaats de pomp op de montageplaats en zorg ervoor dat het uitlaatstuk in de ribben schuift vooraan het onderste deel van de kooi (Fig 4). NB: De adapter moet met de afvoer naar de onderkant van de kooi zijn gericht (Afb. 5).
6. Plaats de stroomkabel in de uitsparing aan de
zijkant van de kooi. Zorg ervoor dat deze in de juiste positie zit, zodat de kabel niet vastklemt als22 de kooi wordt dichtgemaakt. (Fig 6). Breng het beschermstuk voor kleine vissen weer aan.
7. Sluit het deksel van de kooi en zorg ervoor dat de
eindkap (Fig 1 – G) in de juiste positie zit. Zet het deksel vast door in het midden van de klemmen te drukken (Fig 7).
8. Controleer of de in- en uitlaatnokken van het
kogelscharnier op één lijn liggen en draai de moer stevig op het schroefdraad van de uitlaatadapter (Fig 8).
9. Gebruik van slangen met kleine doorlaat leidt tot
overmatige restrictie van de waterstroom. Hoe groter de diameter van de slang die u gebruikt, des te beter zullen de prestaties van de pomp zijn, vooral bij grotere slanglengtes. De slangkoppeling die met dit apparaat wordt meegeleverd is geschikt voor slangen van 25 mm (1’’), 32 mm (1,25’’) en 40 mm (1,6’’), alsmede een ¾’’ BSP-schroefdraad voor het bevestigen van fonteinaccessoires. Wij adviseren altijd om voor pompen van deze grootte de slang met een diameter van 40 mm te gebruiken als de pomp wordt gebruikt als watervalpomp of in combinatie met een filter (Fig 2 & 3). Zodra u de slangdiameter die u wilt gebruiken heeft geselecteerd, dient u de stappen van de slangkoppeling af te snijden die kleiner zijn dan de slangdiameter om restrictie te voorkomen (Fig 9). Schuif een slang van geschikte lengte om de slangkoppeling, zet deze vast met een geschikte slangklem en plaats het uiteinde van de slang in de gewenste locatie,
10. Schroef de slangkoppeling direct op de uitlaatnok
van het kogelscharnier (Fig 10). Het kogelscharnier kan worden gedraaid, zodat de slang bij de pomp vandaan kan worden gehouden. POSITIE Locatie vijverpomp
11. Voor het beste resultaat dient de pomp in het
diepste deel van de vijver te worden geplaatst. Dit zorgt voor de beste circulatie van water in de vijver en bij gebruik als filtratiepomp wordt de capaciteit om vaste deeltjes te transporteren gemaximaliseerd. Voor het beste resultaat dient de pomp niet direct op de bodem van de vijver te worden geplaatst. Wij adviseren om de pomp op een vlakke, horizontale verhoging te installeren die ongeveer 300 mm boven de bodem van de vijver uitsteekt. Dit voorkomt dat de pomp modder direct van de bodem van de vijver aanzuigt en zorgt er ook voor dat er voldoende water in de vijver blijft staan bij onbedoelde lekkage van vijverwater (zie fig 11). Gebruik nooit de stroomkabel om de pomp op te tillen; dit kan schade veroorzaken. Wij adviseren om een ophaalkoord aan het handvat op de zeefkooi vast te maken als de pomp diep onder water wordt geïnstalleerd. Beschermstuk voor kleine vissen
12. Als u vissen of andere diersoorten in uw vijver
hebt, kunnen deze in bepaalde perioden van het jaar broed aanzetten. Het jonge broed is op dat moment erg klein en kan de pomp in worden gezogen. Om dit risico te verkleinen zijn Aquaforce- pompen uitgerust met een uniek beschermstuk voor kleine visjes. De gaatjes in de inlaatzeef worden hiermee verkleind tot 2 mm op dit kritieke moment in de levenscyclus van de vis. Om deze functie te gebruiken plaatst u de vier poten van het beschermstuk in de bijpassende gedeelten in de onderste kooi zoals getoond in Afb 12. Zorg daarbij dat het beschermstuk correct in positie komt. Sluit de bovenkant van de kooi en zet de klemmen vast. Terwijl het beschermstuk in gebruik is, moet u de zeefkooi mogelijk vaker ontstoppen. Zodra de vis of andere diersoort voldoende is gegroeid kunt u het beschermstuk uit de pompkooi verwijderen en de maaswijdte van de zeef weer terugbrengen tot de maximale grootte van 10 mm. Gebruik van Debietregelaar Met de debietregelaar (Fig 1 – H) kunt u de hoeveelheid water die de pomp binnengaat variëren. U kunt deze ook gebruiken om een tweede inlaat op de pomp aan te sluiten, zoals een satellietfilter of een afschuimer. Gebruik de debietregelaar niet als u de pomp amfibisch gebruikt.
1. Maak de kooi open en verwijder de eindkap (Fig 1 –
2. Sluit de debietregelaar door het buitenste deel te
roteren tot de pijlen op één lijn liggen.
3. Schroef de debietregelaar stevig vast op de
inlaat van de pomp, waarbij de pijlen op de debietregelaar op één lijn moeten liggen met de pijl bovenop de pompkamer (Fig 13).
4. Plaats de pomp in de kooi. Zorg ervoor dat de
sleuven in de uitlaatadapter op één lijn liggen met de ribben in het onderste deel van de kooi en dat de handgreep van de debietregelaar zich aan de buitenkant van de kooi bevindt (Fig 14).
5. Voor gebruik als debietregelaar dient u de eindkap
naar het vrije uiteinde van de debietregelaar te schroeven.
6. Draai de handgreep in de gewenste positie.
Hiermee varieert u de opening van de debietregelaar. De pijl op de handgreep valt samen met de aanwijzer aan de buitenkant van de bovenkooi. Als de spitse kant van de pijl samenvalt met de aanwijzer aan de buitenkant van het filterhuis, geeft dit minimaal debiet aan. Als de wijde kant van de pijl samenvalt met de aanwijzer, geeft dit maximaal debiet aan (zie Fig 14).
7. Plaats de kabel in de uitsparing (zie punt 6 onder23
Gebruik onder water), sluit het kooideksel en zet de klemmen vast.
8. Maak om een tweede inlaat te gebruiken een slang
met de juiste lengte vast aan een slangkoppeling dat op de juiste diameter is afgesneden en schroef deze op het vrije uiteinde van de debietregelaar in plaats van de eindkap (Fig 15).
9. Het andere uiteinde van de slang kan worden
vastgemaakt aan een satellietfilter (Fig 17) (als reserveonderdeel verkrijgbaar bij Hozelock) of aan een afschuimer (Fig 16).
10. Door de handgreep van de debietregelaar te
draaien, kan de hoeveelheid water worden gevarieerd die door het satellietfilter of de afschuimer gaat. Pompinstallatie - amfibisch Deze pomp kan amfibisch worden gebruikt (m.a.w. kan boven water worden gebruikt). WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat de pomp geen lucht aanzuigt of droogloopt, anders raakt uw pomp beschadigd! WAARSCHUWING: Ontkoppel altijd alle apparaten in de vijver van het elektriciteitsnet voordat u uw handen in het water steekt om apparatuur te installeren, repareren, onderhouden of behandelen. NB: Deze pomp activeert zichzelf niet. De aanzuigslang en pomp moeten voor het inschakelen met water worden gevuld.
1. Open de klemmen aan beide kanten van de
zeefkooi, open de kooi en verwijder de volledige inhoud.
2. Schroef de uitlaatadapter van de pompuitlaat af
en plaats deze op de ribben in het onderste deel van de kooi (Fig 18)
3. Plaats de pomp onder het wateroppervlak
dichtbij de rand van de vijver, zodat er water in de pompkamer kan stromen (Pomp is niet zelfaanzuigend) (Fig 19).
4. Snij 2 slangkoppelingen af op de benodigde
grootte (zie punt 9 onder Gebruik onder water). Zet een slang van de juiste lengte op elke slangkoppeling en zet deze vast met de juiste slangklemmen.
5. Dompel de inlaatslang onder het wateroppervlak
en zorg ervoor dat de gehele slang opvult. Schroef de slangkoppeling aan de inlaat van de pomp en zorg voor een waterdichte verbinding met de meegeleverde sluitring (Fig 20).
6. Zet de uitlaatslang op de pompuitlaat door de
slangkoppeling erop te schroeven. Gebruik de meegeleverde sluitring om voor een waterdichte verbinding te zorgen (Fig 21).
7. Controleer of de pompkamer en de slang vol met
water zijn en zet de pomp aan. De pomp kan nu uit het water worden gehaald en in de locatie voor amfibisch gebruik worden gezet, waarbij het inlaateinde van de slang onder water dient te blijven.
8. Verbind met een andere slangkoppeling de kooi
met het inlaateinde van de inlaatslang om te voorkomen dat de pomp verstopt raakt.
9. Bij amfibisch gebruik van de pomp dient de pomp
tegen direct zonlicht te worden beschermd. Direct zonlicht kan de motor oververhitten.
10. Het kogelscharnier is niet ontworpen voor gebruik
boven water. Onderhoud De Hozelock Cyprio-serie Aquaforce-pompen is ontworpen voor snel en eenvoudig onderhoud. Om de levensduur van uw pomp te verlengen en uw pomp in optimale conditie te houden, dient u deze onderhoudsrichtlijnen te volgen. Let op: Ontkoppel of schakel altijd de stekkers van ALLE apparaten in de vijver uit voordat u met uw handen in het water gaat of met het onderhoud begint.
1. Als de pomp pas is geïnstalleerd, dient u dagelijks te
debiet), dient u de zeefkooi schoon te maken. Schoonmaakintervallen kunnen verschillen, afhankelijk van de kwaliteit van het water in uw vijver. Dit kan soms wekelijks zijn tijdens de zomermaanden. Om de zeefkooi te reinigen dient u de klemmen te openen en de pomp te verwijderen. Vuildeeltjes die de gaten van de zeef verstoppen kunnen dan uit de kooi worden verwijderd en de kooi kan in schoon water worden gewassen. U dient ook te controleren of de pompkamer & rotor niet verstopt zijn met vuildeeltjes.
3. Tenminste eenmaal per jaar dient u de pomp
inclusief de rotor zoals hieronder beschreven volledig te demonteren en alle componenten in schoon, vers water te wassen. Vervang alle versleten of kapotte onderdelen. Demonteren & monteren pomp (6000 & 8000) - Fig 22 & 24
1. Zet de pomp uit, verwijder de zeefkooi zoals
hierboven beschreven en verwijder de pomp.
2. Controleer of de pomp is afgekoeld voordat u deze
3. Draai de 4 Pozidrive-schroeven (a) los uit de kamer.
4. Trek de pompkamer (b) voorzichtig en recht uit het
5. Trek de rotorgroep (c) uit het motorhuis.
Belangrijk! Let goed op en zorg dat de rotor niet valt.24
6. Reinig alle componenten in schoon water.
Gebruik geen wasmiddel of andere chemische schoonmaakmiddelen.
7. Controleer of de O-ring (d) in zijn groef ligt (Afb.
8. Plaats de rotorgroep terug in het motorhuis; let
daarbij op dat de pennen van het motorhuis (Afb. 24c en 24d) in de gaten in de plaat achter de rotor komen te vallen.
9. Breng de pompkamer weer aan. Draai de
pompkamer om de schroefgaten in lijn te brengen en bevestig de schroeven opnieuw. Let op en zorg dat de moeren in het motorhuis (Afb. 24e) niet naar buiten worden gedrukt.
10. Breng de pomp weer aan op de zeefkooi.
Demonteren & monteren pomp (12000 & 15000) - Fig 23 & 25
1. Zet de pomp uit, verwijder de zeefkooi zoals
hierboven beschreven en verwijder de pomp.
2. Controleer of de pomp is afgekoeld voordat u deze
3. Draai de 4 Pozidrive-schroeven (a) los uit de kamer.
4. Draai de pompkamer (b) en trek deze recht uit het
5. Trek de rotorgroep (c) uit het motorhuis.
Belangrijk! Let goed op en zorg dat de rotor niet valt.
6. Reinig alle componenten in schoon water.
Gebruik geen wasmiddel of andere chemische schoonmaakmiddelen.
7. Plaats de rotorgroep terug in het motorhuis
(Afb. 25a). Let daarbij op dat de pennen van het motorhuis (Afb. 25b) in de gaten in de plaat achter de rotor komen te vallen.
8. Denk eraan dat de groef voor de O-ring wordt
gevormd zodra de rotor correct is geplaatst (Afb. 25c). Breng de O-ring (d) aan over de rotor. Controleer of de O-ring correct is geplaatst tussen de rotorplaat en het motorhuis (Afb. 25d).
9. Breng de pompkamer weer aan. Draai de
pompkamer om de schroefgaten in lijn te brengen en bevestig de schroeven opnieuw. Let op en zorg dat de moeren in het motorhuis (Afb. 25e) niet naar buiten worden gedrukt.
10. Breng de pomp weer aan op de zeefkooi.
Zorg Tijdens de Winter
1. U dient uw pomp tijdens de herfst uit uw vijver te
2. Maak de pomp zoals boven beschreven schoon.
3. Tijdens de winter adviseren wij om de pomp in een
emmer water te bewaren. Dit is om te voorkomen dat de lagers uitdrogen en mogelijk vastlopen. Dit is vooral van belang als u de pomp in een gebied met hard water heeft gebruikt. De emmer water met de pomp dient te worden opgeslagen in een vorstvrije ruimte. Opsporen van Storingen/ Oplossen van Fouten Belangrijk – Bewaar dit gedeelte voor referentie.
LAGE STROMING UIT POMP
1. Zorg ervoor dat de zeefkooi schoon is.
2. Een uitlaatpijp met een kleine diameter zal het
uitlaatdebiet verkleinen.
3. Zorg ervoor dat er geen verstoppingen zijn in de
4. Als de pomp tevens op land wordt gebruikt, zorg er
dan voor dat het kogelscharnier niet gebruikt wordt en dat de meegeleverde ringen worden gebruikt bij het aansluiten van de slangkoppelingen op de pompen.
2. Controleer de zekering, aardlekschakelaar en
3. Controleer of de rotor niet vast zit, verstopt is,
beschadigd is of tekenen vertoont van overmatige slijtage.
4. Zorg ervoor dat de zeefkooi schoon is.
5. De thermische beveiliging is geactiveerd. (zie
INLEIDING). 3+2 -Jarige Garantie op Hozelock Cyprio Als deze pomp, exclusief de rotoreenheid, binnen 3 jaar na de aankoopdatum onbruikbaar wordt, zal deze gratis worden gerepareerd of vervangen (door ons te bepalen), tenzij de pomp volgens ons is beschadigd of verkeerd is gebruikt. Om deze 3-jarige garantie te verlengen naar 5 jaar dient u zich te registreren op http://register.hozelock.com. Wij accepteren geen aansprakelijkheid voor schade vanwege ongelukken, onjuiste installatie of onjuist gebruik. Onze aansprakelijkheid beperkt zich tot het vervangen van een kapotte pomp. Deze garantie is niet overdraagbaar. Het heeft geen gevolgen voor uw wettelijke rechten. Om te profiteren van de garantie, dient u eerst contact op te nemen met de Hozelock Cyprio Klantenservice. Die kan u verzoeken om de pomp met aankoopbewijs direct op te sturen naar onderstaand adres. www.hozelock.com25 Grazie per aver acquistato un prodotto di qualità Hozelock, che offre un funzionamento in tutta sicurezza per molti anni.
SimpelGids