Unico Vertical 35 HP - Airconditioning OLIMPIA SPLENDID - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Unico Vertical 35 HP OLIMPIA SPLENDID in PDF-formaat.

📄 555 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice OLIMPIA SPLENDID Unico Vertical 35 HP - page 263
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : OLIMPIA SPLENDID

Model : Unico Vertical 35 HP

Categorie : Airconditioning

Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Unico Vertical 35 HP - OLIMPIA SPLENDID en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Unico Vertical 35 HP van het merk OLIMPIA SPLENDID.

GEBRUIKSAANWIJZING Unico Vertical 35 HP OLIMPIA SPLENDID

GEBRUIKS- EN ONDERHOUDSAANWIJZINGEN

1. Het apparaat bevat het gas R32. R32 is een geuoreerd broeikasgas.

2. Leef de toepasselijke normen na. Lekkend koudegas en open vuur verboden.

3. Let goed op aangezien het koudemiddel R32 geurloos is.

4. Het apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar of ouder en door per-

sonen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke bekwaamheden, of zonder ervaring of de benodigde kennis, op voorwaarde dat ze onder toezicht staan, of nadat ze instructies over het veilige gebruik van het apparaat ontvangen hebben en de gevaren die daaraan inherent zijn begrepen hebben.

5. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

6. De reiniging en het onderhoud die door de gebruiker uitgevoerd moeten worden

mogen niet uitgevoerd worden door kinderen zonder toezicht.

7. Laat de beschadigde voedingskabel vervangen door de fabrikant of diens service-

centrum of een technicus met soortgelijke bekwaamheid om risico’s te vermijden.

8. De installatie, eerste inwerkingstelling en de volgende onderhoudsfasen, met uit-

zondering van de reiniging of het wassen van het luchtlter, mogen uitsluitend door bevoegd en bekwaam personeel worden verricht.

9. Om ieder risico op elektrocutie te voorkomen, moet de stekker uit het stopcontact

worden verwijderd en/of de hoofdschakelaar worden uitgeschakeld alvorens ongeacht welke onderhoudsingreep aan de apparaten te verrichten.

10. Raadpleeg tijdens de installatie de minimumafstanden gegeven in afbeelding 2.

11. De unit moet zodanig worden geplaatst dat mechanische schade wordt vermeden.

Plaats haar in een goed geventileerde ruimte zonder continu werkende ontstekings- bronnen of open vuur.

3.4.1 - Beschrijving van de toetsen van de afstandsbediening (afb. 8) .....................................28

3.4.2 - Beschrijving van het display van de afstandsbediening (afb. 9) .....................................28

  • 3.5.2 - Toets ECO p. 29
  • 3.5.3 - In-/uitschakeling van het apparaat p. 29
  • 3.5.4 - Werking “Koeling” p. 29
  • 3.5.5 - Werking enkel “Ontvochtiging” p. 30
  • 3.5.6 - Werking enkel “Ventilatie” p. 30
  • 3.5.7 - Werking enkel “Welzijn” (automatisch) p. 30
  • 3.5.8 - Werking “Verwarming” p. 30
  • INHOUDSOPGAVENL - 2 NEDERLANDS VERWIJDERING Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat het niet bij het normale huisvuil mag worden gestopt, maar naar een erkend inzamelbedrijf voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur moet worden gebracht. Door het product op passende wijze te verwijderen helpt u mogelijke schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid als gevolg van een ongeschikte verwijdering van het product vermijden. Informeer bij de gemeente, de plaatselijke afvalverwijderingsdienst of de winkel waar het product aangeschaft is naar meer informatie over de recycling van dit product. Dit voorschrift is uitsluitend geldig binnen EU-lidstaten. 3.5.9 - Regeling van de ventilatorsnelheid p. 31
  • 3.5.10 - Toets SILENT p. 32
  • 3.5.11 - Instelling van de timer p. 32
  • 3.5.12 - Instelling van de klok en de timer p. 32

3.5.16 - Beheer van het apparaat als de afstandsbediening niet beschikbaar is ......................34

5.3.2 - Functionele aspecten die niet als storingen moeten worden beschouwd ......................40

Wij wensen u eerst en vooral te bedanken omdat u de voorkeur hebt gegeven aan een door ons geproduceerd apparaat. Dit is een voorbehouden document, volgens de wetsbepalingen, met een verbod op ver- veelvoudiging of overdracht aan derden zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabri- kant. fabrikant. Het apparaat kan worden bijgewerkt en daarom andere details vertonen dan aangeduid, zonder gevolgen voor de teksten in deze handleiding.

De pictogrammen die in dit hoofdstuk beschreven worden, worden gebruikt om snel en eensluidend de informatie te verstrekken die nodig is om de machine veilig te kunnen gebruiken.

Service Geeft situaties aan waarin de interne SERVICE moet worden gewaarschuwd: TECHNISCHE KLANTENDIENST Inhoudsopgave Paragrafen die van dit symbool voorzien zijn, bevatten zeer belangrijke informatie en voorschriften die voornamelijk de veiligheid betreffen. De veronachtzaming ervan kan resulteren in: - gevaren voor de gezondheid van de operators - verval van de contractuele garantie - weigering van aansprakelijkheid door de fabrikant. Opgeheven hand Geeft handelingen aan die om geen enkele reden mogen worden verricht.

GEVAARLIJKE ELEKTRISCHE SPANNING

Signaleert aan het betrokken personeel dat de beschreven handeling elektrocutiegevaar kan veroorzaken indien de veiligheidsnormen niet in acht worden genomen.NL - 4 NEDERLANDS

ALGEMEEN GEVAAR Signaleert aan het betrokken personeel dat de beschreven handeling risico’s inhoudt voor lichamelijke schade indien de veiligheidsnormen niet in acht worden genomen. GEVAAR Signaleert dat het apparaat ontvlambaar koelmiddel gebruikt. Als de koelvloeistof uitloopt en wordt blootgesteld aan een externe ontstekingsbron bestaat risico op brand.

GEVAAR HOGE TEMPERATUREN

Signaleert aan het betrokken personeel, dat de beschreven handeling risico’s inhoudt voor brandwonden door contact met zeer hete componenten, indien de veiligheidsnormen niet in acht worden genomen. NIET AFDEKKEN Signaleert aan het betrokken personeel dat het verboden is om het apparaat af te dekken om oververhitting te voorkomen. OPGELET

  • Signaleert dat dit document aandachtig moet worden gelezen alvorens het apparaat te installeren en/of te gebruiken.
  • Geeft aan dat dit document aandachtig moet worden gelezen voordat onderhouds- en/of reinigingswerkzaamheden worden verricht. OPGELET
  • Signaleert dat er extra informatie in de meegeleverde handleidingen kan aanwezig zijn.
  • Duidt aan dat er informatie in de gebruiksaanwijzing of installatie- handleiding beschikbaar is. OPGELET Duidt aan dat het servicepersoneel met het apparaat moet omgaan, in overeenstemming met de installatiehandleiding.UNICO VERTICAL R32 NL - 5 NEDERLANDS

0.3 - ALGEMEEN ADVIES

1. Dit is een voorbehouden document, volgens de wetsbepalingen, met

een verbod op verveelvoudiging of overdracht aan derden zonder uitdrukkelijke toestemming van OLIMPIA SPLENDID. De machines kunnen worden bijgewerkt en daarom andere details vertonen dan aangeduid, zonder gevolgen voor de teksten in deze handleiding.

2. Lees deze handleiding aandachtig door alvorens een handeling (in-

stallatie, gebruik, onderhoud) te verrichten en leef de aanwijzingen van de verschillende hoofdstukken aandachtig na.

3. Al het personeel, betrokken bij het transport en de installatie van de

machine, moet op de hoogte worden gesteld van de onderhavige instructies.

5. De fabrikant behoudt zich het recht voor om de modellen op elk ge-

wenst moment te wijzigen, waarbij de essentiële eigenschappen die in deze handleiding beschreven zijn behouden blijven.

6. De installatie en het onderhoud van apparatuur voor de klimaatre-

geling, zoals dit apparaat, kunnen gevaarlijk blijken te zijn omdat koudemiddel onder druk en elektrische onderdelen onder spanning in deze apparaten aanwezig zijn. De installatie, de eerste inschake- ling en de daaropvolgende onderhoudsfasen mogen uitsluitend door erkend en bekwaam personeel worden verricht.

7. De garantie vervalt in het geval van installaties die verricht worden

zonder dat de waarschuwingen van deze handleiding in acht worden genomen en gebruik buiten de voorgeschreven temperatuurlimieten.

8. Hetnormaleonderhoudaandeltersendealgemeneuitwendige

reiniging kunnen ook door de gebruiker worden verricht, aangezien ze geen gevaren vormen of ingewikkeld zijn.

Tijdens de montage, en bij iedere onderhoudsingreep, is het nodig de voorzorgsmaatregelen in acht te nemen die vermeld worden in deze handleiding en die op de etiketten in of op de apparaten staan

GEVOLGD OM HET RISICO OP BRAND, ELEKTRISCHE SCHOKKEN EN ONGEVALLEN TE BEPERKEN, INCLUSIEF HET VOLGENDE:NL - 6 NEDERLANDS en moeten ook alle voorzorgsmaatregelen getroffen worden die door het gezonde verstand ingegeven worden en opgelegd worden door de Veiligheidsvoorschriften die van kracht zijn in het land van installatie.

10. Draag altijd veiligheidshandschoenen en een veiligheidsbril bij

werkzaamheden aan de koudemiddelzijde van de apparaten.

11. De klimaatregelaars mogen niet worden geïnstalleerd in omge-

vingen waar ontvlambare of explosieve gassen aanwezig zijn, in zeer vochtige omgevingen (wasserijen, broeikassen, enz.) of op plaatsen waar zich andere machines bevinden die een sterke warmtebron genereren.

12. Gebruik uitsluitend originele onderdelen van OLIMPIA SPLENDID

voor de vervanging van componenten.

Om ieder risico op elektrocutie te voorkomen, moet de stekker uit het stopcontact worden verwijderd alvorens ongeacht welke onderhoudsingreep aan de apparaten te verrichten.

14. Blikseminslag, naburige auto’s en mobiele telefoons kunnen sto-

ringen veroorzaken. Het apparaat enkele seconden van de stroom afsluiten en vervolgens weer starten.

15. Op regenachtige dagen is het raadzaam om de elektrische voeding

te af te sluiten om schade door blikseminslag te voorkomen.

16. Als het apparaat een lange tijd niet wordt gebruikt of niemand de

geklimatiseerde kamer gebruikt, is het raadzaam de elektrische stroomtoevoer af te sluiten om ongevallen te vermijden.

17. Gebruik geen vloeibare of corrosieve reinigingsmiddelen om het

apparaat te reinigen, verstuif geen water of andere vloeistoffen op het apparaat daar ze de onderdelen in pvc kunnen beschadigen of zelfs elektrische schokken kunnen veroorzaken.

18. Het apparaat en de afstandsbediening niet nat maken.

Kortsluitingen of brand zou kunnen optreden.

19. Bij storingen in de werking (bv: abnormale geluiden, een slechte

geur, rook, een abnormale temperatuurtoename, elektrische dis- persie, enz.) de elektrische stroomtoevoer onmiddellijk afsluiten. Neem contact op met uw plaatselijke verkoper.

20. De klimaatregelaar niet langdurig laten werken bij een hoge lucht-

vochtigheid of als deuren en/of ramen open staan. Het vocht kan gaan condenseren en de meubels bevochtigen of beschadigen.

21. De voedingsstekker tijdens de werking niet aansluiten of loskop-

pelen. Brand- of elektrocutiegevaar.UNICO VERTICAL R32 NL - 7 NEDERLANDS

22. Het (werkende) product niet met vochtige handen aanraken.

Brand- of elektrocutiegevaar.

23. Het verwarmingstoestel of andere apparatuur buiten bereik van

24. Zorg ervoor dat het water niet in de elektrische delen dringt. Dit zou

Open het rooster voor luchtingang niet tijdens de werking van het apparaat. Kans op letsel, schokken of beschadiging van het product.

26. Blokkeer de luchtinlaat of -uitlaat niet; het kan het product be-

27. Tijdens de werking van het apparaat geen vingers of andere voor-

werpen aanbrengen in de luchtin- of luchtuittrede. De aanwezigheid van scherpe bewegende delen kan leiden tot verwondingen.

28. Het water dat door het apparaat uitgestoten wordt niet drinken. Dit is

niet hygiënisch en kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken.

29. Bij gaslekken van andere apparaten de omgeving goed verluchten

alvorens de airco in te schakelen.

30. De apparatuur niet demonteren of aanpassen.

31. De ruimte goed ventileren als het apparaat wordt gebruikt in combi-

natie met een kachel. enz.

32. Het apparaat niet gebruiken voor andere doeleinden dan degene

waarvoor het is ontworpen.

e personen die op een koelcircuit werken of ingrijpen, moeten in het bezit zijnvandegepastecerticatie,afgegevendooreenbevoegdeinstantie, die hun bevoegdheid vaststelt om koelmiddelen veilig te behandelen volgenseendoorbrancheverenigingenerkendebeoordelingsspecicatie. 34.HetgasR32nietindeatmosfeeruitstoten.R32iseengeuoreerd broeikasgas met een aardopwarmingspotentieel (GWP) = 675.

35. Het apparaat dat in de handleiding beschreven wordt, stemt over-

een met de volgende Europese verordeningen

  • ECODESIGN 2009/125/EG, 206/2012/EU
  • ENERGY LABELLING 2012/30/EU, 626/2011/EU en de eventuele daaropvolgende wijzigingen.

36. Sluit de unit niet aan op de elektriciteit zolang de installatie niet vol-

37. Let op als tijdens de werking elektrische weerstanden actief zijn,

het oppervlak van de unit kan een temperatuur van 60°C bereiken. Gevaar voor brandwonden. Houd een minimale afstand van 200NL - 8 NEDERLANDS mm ten opzichte van het apparaat aan.

Tijdens de montage, en bij iedere onderhoudsingreep, is het nodig de voor- zorgsmaatregelen in acht te nemen die vermeld worden in deze handleiding en op de etiketten in de apparaten en moeten ook alle voorzorgsmaatre- gelen getroffen worden die door het gezonde verstand ingegeven worden en opgelegd worden door de Veiligheidsvoorschriften en de voorschriften voor elektrische aansluitingen die van kracht zijn in het land van installatie.

  • Dezeklimaatregelaarbevatgeuoreerdegassen.Raadpleeghet typeplaatjeophetapparaatvoorspeciekeinformatieoverhet type en de hoeveelheid gas.
  • De installatie, assistentie, het onderhoud en de reparatie van het apparaat moeten worden uitgevoerd door een erkend technicus.
  • De demontage en recyclage van het apparaat moeten worden uitgevoerd door bevoegd technisch personeel.
  • Als er een lekzoeker op het systeem is geïnstalleerd, moet u min- stens om de 12 maanden op lekkage controleren.

Als wordt gecontroleerd of geen lekken aanwezig zijn, is het raad- zaam om een gedetailleerd register van alle inspecties bij te houden.

  • Controleer de zone rondom de apparatuur, voordat werkzaamhe- den aan het apparaat worden verricht, om na te gaan dat er geen brand- en/of verbrandingsgevaar heersen. Tref de volgende maatregelen voor de reparatie van het koelsys- teem, voordat werkzaamheden aan het systeem worden verricht.

1. Baken de zone rondom de werkruimte af en vermijd werkzaamhe-

den in enge ruimten. Zorg voor veilige werkomstandigheden door het ontvlambare materiaal te controleren.

2. Het onderhoudspersoneel en iedereen die in de omringende zone

werkzaamheden verricht, moet ingelicht zijn over de te verrichten werkzaamheden.

3. Vóór en tijdens de werkzaamheden MOET de zone gecontroleerd

wordenmeteenspeciekekoudemiddeldetector,zodatdemonteur een mogelijk gevaarlijke atmosfeer kan herkennen. Controleer of de lekdetector geschikt is voor het gebruik in combinatie met ont- vlambare koudemiddelen, geen vonken veroorzaakt en afgedicht of intrinsiek veilig is.

4. De kalibratie van elektronische lekdetectoren kan vereist zijn. Kalibreer

ze, indien nodig, in en zone waar geen koudemiddel in aanwezig is.

5. Controleer of de detector geen potentiële ontstekingsbron is en ge-

schikt is voor het gebruikte koudemiddel. De detector moet ingesteld zijn op een LFL-percentage van het koudemiddel en moet voor het gebruikte koudemiddel zijn gekalibreerd. Het geschikte gaspercentage (maximaal 25%) moet bevestigd worden.

6. Elimineer open vuur als u vermoedt dat er sprake is van een lekkage.

Als u een lekkage vaststelt waarvoor gesoldeerd moet worden, dient alle koudemiddel uit het systeem te worden afgetapt of moet het in een deel van het systeem buiten bereik van de lekkage worden ge- isoleerd (met afsluiters). Spoel het systeem vervolgens vóór en na het solderen met zuurstofvrije stikstof (OFN).

- of poederblusser binnen handbereik als werk- zaamheden aan het warme apparaat moeten worden verricht.

8. Gebruik GEEN enkele ontstekingsbron voor werkzaamheden

waarbij de leidingen moeten worden blootgelegd die ontvlambaar koudemiddel bevatten of hebben bevat. Brand- of explosiegevaar!

9. Alle ontstekingsbronnen (ook een brandende sigaret) moeten buiten

bereik worden gehouden van de plaats waar alle werkzaamheden worden verricht waarbij ontvlambaar koudemiddel in de omringende ruimte kan vrijkomen.

10. Controleer of de ruimte voldoende geventileerd is, voordat werk-

zaamheden in het systeem worden verricht. Er moet een continue ventilatie worden gewaarborgd.

11. Gebruik GEEN middelen om het ontdooiingsproces te versnellen,

of voor de reiniging, met uitzondering van de door de producent aanbevolen middelen.

12. Controleer altijd vóór elke handeling of:

  • de condensors leeg zijn. Deze handeling moet veilig worden verricht om mogelijke vonk- vorming te vermijden;NL - 10 NEDERLANDS
  • geen enkele elektrische component onder spanning staat en er geen blootliggende kabels zijn tijdens het vullen, aftappen of spoelen van het systeem;
  • de aarding niet onderbroken is.

13. De elektrische voedingen van het apparaat, waar de werkzaamheden

aan worden verricht, moeten zijn losgekoppeld. Breng een permanente lekdetector aan op het meest kritieke punt als het apparaat absoluut elektrisch gevoed moet worden.

14. Controleer of de pakkingen en afdichtende materialen niet zijn

aangetast. Mogelijke ontwikkeling van een ontvlambare atmosfeer.

Pas geen enkele permanente capacitieve of inductieve lading op het circuit toe, zonder te hebben gecontroleerd of hierdoor de toelaatbare spanning en stroom van het gebruikte apparaat worden overschre- den. Het testapparaat moet correcte nominale waarden hebben.

16. Controleer regelmatig of de kabels niet blootgesteld wordt aan

slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, scherpe randen of aan ieder ander nadelig effect van de omgeving.

Verricht de onderstaande standaardprocedures bij reparatiewerkzaam- heden of andersoortige werkzaamheden aan het koudemiddelcircuit:

  • verwijder het koudemiddel;
  • spoel het circuit met inert gas;
  • spoel het circuit opnieuw met inert gas;
  • open het circuit door de snijbranden of lassen. 18.Hetkoudemiddelmoetinspeciekegasessenwordenopgeslagen. Het systeem moet “gereinigd” worden met OFN om de unit veilig te maken. Het kan zijn dat deze procedure meerdere malen moet worden herhaald. Gebruik GEEN perslucht of zuurstof voor deze handeling. 19.Degasessenmoetenindeverticaalwordengehouden.Gebruik uitsluitendgasessendievoorhetopvangenvankoudemiddelen geschiktzijn.Degasessenmoetenvoorzienzijnvaneenterugstroom- klep en uitschakelkleppen die in goede staat verkeren. Bovendien moet een set gekalibreerde weegschalen aanwezig zijn.

20. De leidingen moeten beschikken over afkoppelsystemen en mo-

gen GEEN lekken vertonen. Controleer, voordat het aftapapparaat gebruikt wordt, of het apparaat goed onderhouden is en de even- tueel aanverwante elektrische componenten zijn afgedicht, om te vermijden dat eventueel vrijkomend koudemiddel vlam kan vatten.

21. Controleer of het koelsysteem geaard is, voordat het systeem met

koudemiddel wordt gevuld. Breng een label op het systeem aan alsUNICO VERTICAL R32 NL - 11 NEDERLANDS het is gevuld. Let bijzonder goed om te vermijden dat het koelsysteem overbelast wordt.

22. Onderwerp het systeem aan een druktest met OFN, voordat het

wordt gevuld, en aan een dichtingstest nadat het is gevuld voor- dat het in werking wordt gesteld. Onderwerp het systeem aan een extra dichtingstest, voordat de plaats wordt verlaten. 23.Hetopgevangenkoudemiddelmoetindegeschiktegasesaande leverancier worden afgegeven, met ondertekening van het afvalover- drachtsbewijs. Koudemiddelen mogen NIET worden gemengd in het aftapapparaatofdegasessen.

Als de compressors, of de compressoroliën verwijderd moeten worden, controleer dan of ze geleegd zijn tot een aanvaardbaar niveau om er zeker van te zijn dat het ontvlambare koudemiddel niet in het smeermiddel achterblijft. Verricht deze procedure voordat de compressor naar de leverancier wordt teruggezonden. Gebruik de elektrische verwarming uitsluitend op het huis van de compressor, om dit proces te versnellen.

25. De unit niet doorboren of verbranden.

26. Elektrische componenten die vervangen worden MOETEN geschikt zijn

voorenovereenstemmenmetdespecicatiesvanhetapparaat.Elkon- derhoud MOET worden verricht in overeenstemming met de aanwijzingen van deze handleiding. Bij twijfel contact opnemen met de fabrikant.

27. Verricht de volgende controles:

  • De markeringen op de unit zijn altijd leesbaar en goed zichtbaar. Herstel ze als dit niet het geval is;
  • De leidingen of componenten die het koudemiddel bevatten, MOETEN geïnstalleerd worden op een plaats waar ze door geen enkele sub- stantie kunnen corroderen, tenzij de componenten zijn vervaardigd van materialen die intrinsiek corrosiebestendig zijn of op passende wijze tegen dit risico zijn beschermd.

28. Al het koudemiddel moet veilig worden teruggewonnen. Neem daarbij

tevens een monster van de olie en het koudemiddel als een analyse nodig is, voordat het teruggewonnen koudemiddel wordt hergebruikt. Scheid de elektrische voeding van het systeem af, voordat met de pro- cedure aangevangen wordt, en controleer of:

  • de hulpmiddelen voor de mechanische verplaatsing van de met koudemiddelgevuldegasessenbeschikbaarzijn;
  • alle persoonlijke beschermingsmiddelen beschikbaar zijn en correct gebruikt worden;
  • het terugwinningsproces altijd door een competent persoon gecon- troleerd wordt;NL - 12 NEDERLANDS
  • dehulpmiddelenengasessenvoordeterugwinningaandenormen voldoen. Tap het systeem af. Zorg voor een collector, als dit niet mogelijk is, zodat al het koudemiddel kan worden verwijderd. Controleerofdegasesopdeweegschaalisaangebrachtenstart de machine voor het terugwinnen volgens de aanwijzingen, voordat met het terugwinnen wordt aangevangen. 29.DegasessenNIETovermatigvullen(devloeistofmagnietmeerdan 80% van het volume overschrijden). De maximale werkdruk van de gas- esmagNIETwordenoverschreden,ookniettijdelijk.Controleerofde hulpmiddelenendegasessenzijnverwijderd,alshetprocesisafge- rond zoals eerder is beschreven. Controleer of alle afsluiters gesloten zij, voordat het apparaat ingeschakeld wordt.

30. Het teruggewonnen koudemiddel mag niet in een ander koelsysteem

worden aangebracht, tenzij het is gezuiverd en gecontroleerd.

31. Controleer aan het einde van de installatie of er geen koudemiddel lekt

(koudemiddel dat aan open vuur blootgesteld wordt, produceert een giftig gas).

0.5 - EIGENLIJK GEBRUIK

  • De klimaatregelaar mag uitsluitend gebruikt worden voor het produ- ceren van warme of koude lucht (naar keuze) met als enig doel de temperatuur in de omgeving aangenaam te maken.
  • Een oneigenlijk gebruik van de (externe en interne) apparatuur met eventuele schade die berokkend wordt aan mensen, voorwerpen of dieren, ontheft OLIMPIA SPLENDID van iedere vorm van aansprake- lijkheid.
  • De klimaatregelaars mogen niet worden geïnstalleerd in omgevingen waar ontvlambare of explosieve gassen aanwezig zijn, in zeer vochtige omgevingen (wasserijen, broeikassen, enz.) of op plaatsen waar zich andere machines bevinden die een sterke warmtebron genereren, in de buurt van een bron van zout water of zwavelhoudend water.
  • Gebruik GEEN gassen, benzine of andere ontvlambare vloeistoffen in de buurt van de airconditioner.
  • De airco heeft geen ventilator om frisse lucht in het lokaal te brengen. Verlucht door de deuren en vensters te openen.
  • Installeeraltijdeenautomatischeschakelaarenlegeenspeciek voedingscircuit aan.UNICO VERTICAL R32

De units die het airconditioningsysteem samenstellen worden apart verpakt in karton. De verpakking kan met een vorkheftruck worden vervoerd. Gebruik de desbetreffende handgrepen om de verpakking op te tillen. Zorg ervoor dat u alles binnen handbereik heeft, voordat u met de montage aanvangt. A. Apparaat UNICO VERTICAL T1. Afstandsbediening C. Handleiding FSC-Unico R32-waarschuwingen D. Isolatiestrip (2) E. Schroeven en pluggen F. Luchtin- en luchtuittreder- oosters met kettingen en installatiesetjes (2) G. Interne ens (2) H. Blad voor leidingen in de muur (2)

Bevestigingsbeugel aan de muur M. Bevestigingsplaat (2) N. Condensafvoerleiding O. Aansluiting condensafvoer- slang P. Beugel voor rotatie van de condensklep Q. Sjabloon De batterijen (T3) voor de afstandsbediening, 2 in aantal – type AAA van 1,5 V, zijn componenten die nodig zijn maar geen deel uitmaken van de levering.

Sla de verpakkingen op in een gesloten ruimte waar ze tegen weersinvloeden worden beschermd. Breng matten of een pallet aan tussen de verpakkingen en de vloer. DE VERPAKKING NIET OMDRAAIEN OF HORIZONTAAL PLAATSEN.A

De verpakking bestaat uit geschikt materiaal. Het product wordt verpakt door ervaren personeel. De apparatuur wordt compleet en in perfecte staat geleverd. Om echter de kwaliteit van het transportbedrijf te controleren, moet u het volgende doen: a. Bij ontvangst van de colli, controleren op de verpakking is beschadigd. Als dit zo is de goederen onder voorbehoud aanvaarden en foto’s maken van de schijnbare schade. b. Uitpakken en op de paklijst controleren of alle componenten aanwezig zijn. c. Controleren of de onderdelen niet werden beschadigd tijdens het transport; anders binnen 3 dagen na ontvangst de schade aan het transportbedrijf meedelen d.m.v. aangetekende brief met ontvangstbewijs en foto’s toevoegen. d. Let goed op tijdens het uitpakken en de installatie van de apparatuur. Scherpe delen kunnen verwondingen veroorzaken. Let op voor scherpe de hoeken van de structuur en de vinnen van de condensor. Informatie over transportschade wordt 3 dagen na de levering niet meer onderzocht. Voor geschillen is de bevoegde rechtbank het hof van BRESCIA. Bewaar de verpakking minstens tijdens de garantieperiode om ze te kunnen gebruiken om het product naar het servicecentrum te zenden als een reparatie is vereist. Het verpakkingsmateriaal verwijderen volgens de geldende normen inzake afvalverwijdering.

2. Functie- en alarmenweerga-

3. Luchtintrederooster

6. Seriële poortUNICO VERTICAL R32 NL - 15NEDERLANDS

Volg de instructies in de installatiehandleiding en in deze handleiding nauwkeurig op voor een succesvolle installatie en optimale werking. Het niet in acht nemen van de aangeduide normen, waardoor een slechte werking van de apparatuur kan optreden, ontheft het bedrijf OLIMPIA SPLENDID van elke vorm van garantie en van eventuele schade, veroorzaakt aan personen, dieren of zaken. Het is belangrijk dat de elektrische installatie aan de normen en de gegevens van het technische blad voldoet en geaard is.

  • Bereken de thermische belasting in de zomer (en winter in het geval van een model met warmtepomp) van de ruimte, alvorens de klimaatregelaar te installeren.
  • Hoe nauwkeuriger deze berekening is, des te beter het apparaat zal werken.
  • Raadpleeg de toepasselijke normen voor deze berekeningen.
  • Voor bijzonder belangrijke toepassingen adviseren we u om u door gespecialiseerde technici te laten bijstaan.
  • Probeer grotere thermische belastingen zo veel mogelijk te beperken aan de hand van de volgende maatregelen. Breng gordijnen of externe zonwering (luiken, veranda’s, reecterende folie, enz.) aan op grote ruiten waar de zon op staat. De ruimte waar de klimaatregeling in geïnstalleerd is, moet zo veel mogelijk gesloten blijven.
  • Maak geen gebruik van halogeenlampen of andere elektrische apparatuur die veel energie verbruiken (ovens, stoomstrijkijzers, kookplaten, enz.).

2.3 - KEUZE VAN DE POSITIE VAN DE UNIT

Om een beter rendement te bereiken en storingen of gevaarlijke situaties te vermijden, moet de installatie van de interne apparatuur voldoen aan de volgende eisen: a. Plaats de apparatuur niet bloot aan warmte of damp (afb. 3).min 100mm min 1670mm min 690mm min 310mm

NL - 16 NEDERLANDS b. Zorg ervoor dat rechts en links van het apparaat minstens 100 mm en boven het apparaat minstens 80 mm vrijgehouden wordt (afb. 2). c. De wand waarop de binnenunit zal worden gemonteerd, moet stabiel, stevig en geschikt zijn om het gewicht te dragen. d. Rondom de unit moet voldoende ruimte vrijgehouden worden zodat onderhoud kan worden verricht. e. De vrije circulatie van lucht aan de luchtintrede bovenaan en de luchtuittrede aan de voorkant mag niet verhinderd worden (door bijv. gordijnen, planten of meubels). Hierdoor zou turbulentie kunnen ontstaan die de correcte werking van het apparaat verhindert (afb. 3). f. Sproei geen water of andere vloeistoffen op het apparaat (afb. 3). g. Plaats het apparaat niet zodanig dat de luchtstroom direct op mensen in de nabijheid wordt gericht (afb. 3). h. De uittredelouvres nooit geforceerd openen (afb. 3).

i. Geen essen, blikjes, kleding, planten of

andere voorwerpen op het luchtintrederooster plaatsen (afb. 3). l. De klimaatregelaar niet direct boven een huishoudelijk apparaat (tv, radio, koelkast enz.) of boven een warmtebron installeren (afb. 3).UNICO VERTICAL R32 NL - 17NEDERLANDS Kies voor de installatie tegen een buitenmuur.

Controleer, als de installatieplek bepaald is, of op de punten waar gaten geboord moeten worden geen structuren of installaties (bal- ken, kolommen, waterleidingen, elektrische kabels, enz.) aanwezig zijn die de installatie zouden kunnen verhinderen. Controleer tevens of de vrije circulatie van de lucht door de aan te leggen gaten niet verhinderd wordt (door planten en loof, houtwerk, luiken, roosters met een te jne maas, enz.). Raadpleeg de INSTALLATIEHANDLEIDING van de Unico Vertical voor de installatieprocedure van het toestel.

2.4 - ELEKTRISCHE AANSLUITING

Het toestel is uitgerust met een netsnoer met een stekker. Als het stopcontact zich binnen de lengte van het snoer bevindt, sluit het dan aan.

Alvorens de klimaatregelaar aan te sluiten, controleert u of:

  • De spanning- en frequentiewaarden overeenstemmen met de gegevens op de typeplaat van het apparaat.
  • De voedingslijn is voorzien van een doeltreffende aardaanslui- ting, geschikt voor de maximale absorptie van de klimaatregelaar (kabels met een minimale doorsnede van 1,5mm
  • Het apparaat uitsluitend wordt gevoed aan de hand van een stopcontact dat voor de geleverde stekker geschikt is.

Laat de voedingskabel eventueel uitsluitend vervangen door een erkend servicecentrum of bekwaam personeel. Op het voedingsnet van het apparaat moet een geschikte meerpo- lige scheidingsschakelaar worden voorzien, in overeenstemming met de nationale installatienormen. Controleer ook of de elektrische voeding is voorzien van een doel- treffende aardaansluiting en geschikte beveiliging tegen overbe- lasting en/of kortsluiting (het wordt aanbevolen om een vertraagde zekering type 16 AT of andere elementen met soortgelijke functies te gebruiken).A NL - 18

Om ieder risico op elektrocutie te voorkomen moet de hoofdschakelaar worden uitgeschakeld voordat elektrische aansluitingen en ongeacht welke onderhoudsingreep op de apparaten uitgevoerd worden.

2.5 - CONFIGURATIES VIA HET CONTROLEPANEEL

Handel als volgt om de conguraties te wijzigen: a. Controleer of het toestel correct van stroom wordt voorzien en is aangesloten en of het is ingesteld op stand-by. b. Houd de toets MODE circa 10 seconden ingedrukt tot het display de parameter weergeeft. c. Druk op de toetsen + of - om de parameterwaarde te selecteren die ingesteld moet worden (van P0 tot P4). d. Houd de toets MODE circa 2 seconden ingedrukt tot de parameter knippert. e. Druk op de toetsen + of - om de gewenste waarde te selecteren. f. Druk op MODE om de gewenste waarde te bevestigen. g. Druk op de toets Stand-by of wacht circa 20 seconden om de conguratiepro- cedure van de parameters te verlaten.

2.5.1 - ConguratieEnergyboost/Systemenable

De ingang gesitueerd op klem (Y2) van de hoofdkaart (Y1) kan gebruikt worden om de functies ENERGY BOOST of SYSTEM ENABLE van de klimaatregelaar te activeren (afb. 4). In de conguratie van het contact Energy boost of System enable toont het display . De parameter kan een waarde tussen -5 en +5 hebben. Met waarde PI = 0 werkt de ingang als SYS- TEM ENABLE. Wanneer het contact open gaat, wordt de klimaatregelaar op de stand-bymodus ge- forceerd. Met waarde PI≠0 werkt de ingang als ENERGY BOOST. Wanneer het contact opengaat, verschijnt code E op het display, de gewenste tem-UNICO VERTICAL R32

NL - 21 NEDERLANDS peratuur wordt verlaagd met PI °C als de airconditioner in de koelmodus staat of verhoogd met PI °C als de airconditioner in de verwarmingsmodus staat. Wanneer het contact sluit, keert de airconditioner terug naar de vorige bedrijfstoestand. De ENERGY BOOST-input heeft geen effect wanneer de airconditioner in de ventilator-, ontvochtigings- of automatische stand staat. Controleer, voordat u de handelingen verricht, of de installatie met de afstandsbediening is uitgeschakeld en of de stekker uit het stop- contact is verwijderd (of de voorgeschakelde hoofdafscheider op “0” OFF is geplaatst). Handel als volgt om het apparaat te congureren voor de activering van een van de twee functies: a. Verwijder de bekledingspanelen, indien van toepassing. Verwijder de schroeven (X) van het voorpaneel (Fig. 5). b. Verwijder het voorpaneel (X1) (Fig. 5). c. Verwijder de meegeleverde jumper (Y3) uit de schroefklem (Y2) (Fig. 5). d. Sluit de schakelinrichting. e. Breng het voorpaneel van het toestel opnieuw aan. Deze ingang moet gecon- troleerd worden door een droog contact. De ingang moet aangestuurd worden door een spanningsloos contact, zonder potentiaal. Gebruik geen kabels die langer zijn dan 10 meter.NL - 22 NEDERLANDS

2.5.2 - ConguratieInputsetting

In de conguratie van geopend of gesloten contact toont het display . Voer de eerder beschreven procedures uit om de gewenste conguratie in te stellen en kies tussen de parameter (gesloten contact) of (geopend contact).

  • Parameter nc- Normaal gesloten (standaardselectie): wanneer de contact- schakelaar opent, voert het toestel de geselecteerde functie uit (aangegeven door parameter PI). Als het contact wordt gesloten, start het toestel opnieuw op in de vorige bedrijfsmodus.
  • Parameter no- Normaal open: wanneer de contactschakelaar sluit, voert het toestel de geselecteerde functie uit (aangegeven door parameter PI). Als het contact wordt geopend, start het toestel opnieuw op in de vorige bedrijfsmodus.

2.5.3 - Conguratiemeeteenheidvandetemperatuur

In de conguratie van de meeteenheid van de temperatuur toont het display . Voer de eerder beschreven procedures uit om de gewenste conguratie in te stellen en kies tussen de parameter (metrisch stelsel) of (imperiaal stelsel). Conguratievandemeeteenheidmetbehulpvandeafstandsbediening: a. Druk de toetsen B6 en B7 tegelijkertijd in. De conguratie van de meeteenheid wordt opgeslagen in het toestel om de selectie te herstellen na een eventuele stroomonderbreking.

2.5.4 - Conguratiewarmtepomp/alleenkoud/alleenwarm

In de conguratie van de werkwijze van de unit toont het display . Om de machine in te stellen op een wijze dat hij zowel in koeling als in verwarming werkt, selecteer conguratie “HP” (heat pump). Om de machine in te stellen op een wijze dat hij alleen in koeling werkt, selecteer conguratie “CO” (cooling only). Om de machine in te stellen op een wijze dat hij alleen in verwarming werkt, selecteer conguratie “HO” (heating only). Gebruik de noodafvoer wanneer de machine is ingesteld op de CO-modus.

Laat de elektrische aansluiting van het apparaat verrichten door gespecialiseerd personeel dat aan de door de wet voorgeschreven bekwaamheden voldoet. De installatie-instructies zijn opgenomen in de specieke paragraaf van deze handleiding.UNICO VERTICAL R32 MODE DisplayLED1LED2LED3LED5

De normale luchtstroom door de in- en externe roosters mag door geen enkel voorwerp of obstakel (meubels, gordijnen, planten, loof, luiken, enz.) worden verhinderd.

  • Plaats niets op de omkasting van de klimaatregelaar en ga er niet op zitten om ernstige schade aan de uitwendige onderdelen te vermijden.
  • Schakel het apparaat onmiddellijk uit en koppel het van de elek- trische voeding los als het water lekt. Neem vervolgens contact op met het dichtstbijzijnde servicecentrum.
  • Tijdens het verwarmen zal de klimaatregelaar regelmatig het ijs verwijderen dat op de uitwendige warmtewisselaar ontstaat. In dit geval blijft de machine werken, maar stuurt ze geen warme lucht de ruimte in. Deze fase kan 3 tot 10 minuten duren.
  • Maak het luchtlter regelmatig schoon zoals in de specieke paragraaf (5.1.2) is beschreven.

Het apparaat mag niet geïnstalleerd worden in ruimtes waar explosieve gassen ontstaan of een luchtvochtigheid of temperaturen die de maxi- male limieten beschreven in de installatiehandleiding overschrijden.

3.2 - BESCHRIJVING VAN HET SIGNALERINGSPANEEL

In het midden van het voorpaneel van het toestel bevindt zich het display van de machine met toetsen en leds waarvan de functies hieronder worden beschreven. Knoppen Druk eerst op een van de toetsen om het paneel in te schakelen alvorens de volgende handelingen uit te voeren. + Toename gewenste temperatuur (maxi- maal instelbare waarde 30°C/86F). - Afname gewenste temperatuur. (minimaal instelbare waarde in verwarmingsmodus 16°C/61F, in koelmodus 18°C/64F). Activering/deactivering (Stand-by) van de klimaatregelaar en selectie ventila- tiesnelheid. - Korte aanraking om de minimale, medium, maximale of automatische ven- tilatiesnelheid te selecteren. - Lange aanraking voor activering/deactivering (Stand-by).NL - 24 NEDERLANDS MODE Selectie werkmodus en instelling parameters - Korte aanraking (langer dan 2 seconden) om de werkmodus ventilatie, koeling, verwarming te selecteren

Lange aanraking om de parameterinstelling in te schakelen indien op Stand-by + en - Minstens 5 seconden gelijktijdig indrukken om de toetsenbordvergrendeling in/uit te schakelen en MODE Gelijktijdig en langdurig indrukken (minstens 5 seconden) om de signalering van vuil lter te resetten Overige IR Infrarood ontvanger B Geluidssignaalinrichting Leds LED1: modusinstelling, rood of blauw LED2: wireless verbindingsinstelling, groen LED3: geeft aan dat de elektrische verwarming werkt, oranje LED5: timerinstelling, wit WERKVOORWAARDEN DISPLAY (wit) LED2

X ON Waarschuwing lter vuil*

Temperatuureenheid systeem OFF OFF X Temperatuureenheid systeem Celsius

  • Reset zoals beschreven in paragraaf 3.2 ON* Als wireless is aangesloten ON Geactiveerd X Doet er niet toe OFF Uitgeschakeld6 NL - 26 NEDERLANDS

3.3 - GEBRUIK VAN DE AFSTANDSBEDIE-

NING De afstandsbediening die bij de klimaatregelaar geleverd is, is een instrument dat u in staat stelt de apparatuur op een zo comfortabel mogelijke manier te gebruiken. Dit instrument moet zorgvuldig worden gehanteerd:

  • Maak het niet nat (reinig het niet met water en stel het niet aan weersinvloeden bloot).
  • Laat het niet op de grond vallen of hard stoten.
  • Stel het niet bloot aan direct zonlicht. De afstandsbediening werkt alleen bij modellen met bekledingspane- len Unico Vertical (UNICO VERTICAL 35HP EVAN-EVANX). Bij in- bouwmodellen (UNICO VERTICAL-NK 35HP EVAN-EVANX) wordt het toestel bediend met behulp van de thermostaten (verkrijgbaar als optionele kits).
  • De afstandsbediening werkt met infrarood.
  • Zorg er tijdens het gebruik voor dat tussen de afstandsbediening en de klimaatregelaar geen obstakels aanwezig zijn.
  • Als in de ruimte andere apparaten met een afstandsbediening gebruikt worden (tv, stereo-installaties, enz.) kan het verzonden signaal gestoord worden of verloren gaan.
  • Elektronische en uorescentielampen kunnen de verzending tussen de afstandsbediening en de klimaatregelaar storen.
  • Haal de batterijen uit de afstandsbediening als deze lange tijd niet zal worden gebruikt.
  • Het display van het apparaat schakelt uit als de afstandsbe- diening een aantal seconden niet gebruikt wordt. Druk op een willekeurige toets om het display weer in te schakelen.

3.3.1 - De batterijen plaatsen (afb. 6)

Om de batterijen correct te plaatsen: a. Verwijder het klepje van het batterijvak. b. Breng de batterijen in het specieke vak aan volgens de aangegeven polariteit. Houd u nauwgezet aan de pola- riteit die op de bodem van het batterijvak is aangegeven. c. Sluit het klepje goed af.UNICO VERTICAL R32 ~8m

Vervang de batterijen als het display van de afstandsbediening niet langer helder is of de instel- lingen van de klimaatregelaar niet langer met de afstandsbediening kunnen worden gewijzigd. Gebruik altijd nieuwe batterijen en vervang ze allebei. Als oude batterijen worden gebruikt of batterijen van een ander type kan dit een slechte werking van de afstandbediening veroorzaken. Voor de afstandsbediening zijn twee droge alkalinebatterijen vereist van 1,5V (AAA.LR03/) (afb. 6). Na het vervangen van de batterijen, de klok met de afstandsbediening regelen.

Uitgeputte batterijen moeten samen worden verwijderd en worden ingeleverd bij erkende afvalinzamelbedrijven of in overeenstemming met de plaatselijke voorschriften worden afgevoerd.

  • Als u de afstandsbediening enkele weken of meer niet gebruikt, de batterijen verwijderen. Batterijlekken kunnen de afstandsbediening beschadigen.
  • De gemiddelde levensduur van de batterijen, bij een normaal gebruik, is ongeveer zes maanden. Vervang de batterijen als u de “biep” voor de ontvangst van het commando niet meer hoort of als de indicator voor de overdracht op de afstandsbediening niet aangaat.

De batterijen niet laden of demonteren. De batterijen niet in het vuur werpen. Ze kunnen branden of ontploffen.

Als de vloeistof van de batterijen op de huid of kleding terechtkomt, zorgvuldig wassen met zuiver water. De afstandsbediening niet ge- bruiken met batterijen die reeds lekten. De chemische producten aanwezig in de batterijen kunnen brandwonden of andere risico’s voor de gezondheid met zich meebrengen.

3.3.3 - Positie van de afstandsbedie-

  • Houd de afstandsbediening in een positie waarin het signaal de ontvan- ger van het apparaat kan bereiken (maximumafstand circa 8 meter - met volle batterijen) (afb. 7). Door de aan- wezigheid van obstakels (meubels, gordijnen, wanden enz.) tussen de afstandsbediening en het apparaat wordt het bereik van de afstandsbe- diening verminderd.B1

De afstandsbediening fungeert als een interface tussen de gebruiker en de klimaatre- gelaar. Daarom is het heel belangrijk dat elke functie, het gebruik van de bedieningen en de weergegeven symbolen bekend is.

3.4.1 - Beschrijving van de toetsen van de afstandsbediening (afb. 8)

3.4.2 - Beschrijving van het display van de afstandsbediening (afb. 9)

B1 Activering/deactivering (stand-by) van de unit B2 Toets ECONOMY/ECO B3 Toets SILENT B4 Selectie werkwijze - koeling > verwarming > ventilatie > ontvochtiging > automatisch B5 Verhoging/verlaging ventilatorsnel- heid B6 Instelling klok/programmering B7 Verhoging/verlaging gewenste tem- peratuur/klok/programmering B8 Activering/deactivering van het oscil- leren van de luchtuittredeap B9 Display B10 Activering/deactivering inschakeling display op machine B11 Activering/deactivering programma’s B12 Selectie gewenste meeteenheid temperatuur °C / °F door de toetsen B7 tegelijkertijd in te drukken D1 Aanduiding ventilatorsnelheid of automatische werking (AUTO) D2 Verwarming D3 Koeling D4 Ontvochtiging D5 Gewenste temperatuur/klok/program- mering D6 Nachtfunctie (SILENT) D7 Automatische functie D8 Programma 1 D9 Programma 2 D10 Temperatuurindicator/klokUNICO VERTICAL R32 D9D2

D11 Functie ECO geactiveerd D12 Ventilatiesnelheid minimum - medium - maximum D13 Commando wordt verzonden D14 Instelling uitschakeltijd programma D15 Instelling klok/programma D16 Instelling inschakeltijd programma D17 Signalering batterij ontladen D18 Timer minuten

3.5.1 - Algemene inschakeling en beheer van de werking

  • De afstandsbediening kan gebruikt worden om de installatie te beheren. Richt de voorkant van de afstandsbediening naar het paneel van het apparaat om commando’s naar de klimaatregelaar te sturen. Het apparaat laat een geluidssignaal horen om te bevestigen dat het commando is ontvangen.
  • De commando’s kunnen worden verzonden vanaf een maximumafstand van ongeveer 8 meter (met volle batterijen).
  • Met een druk op de toets B2 op de afstandsbediening wordt de energiespaarfunctie geactiveerd. Deze functie optimaliseert automatisch de functies van de machine op het display wordt het symbool D11 weergegeven.

3.5.3 - In-/uitschakeling van het apparaat

  • Activeer/deactiveer (stand-by) de klimaatregelaar met een druk op de knop B1 op de afstandsbediening. Het besturingssysteem van de unit is voorzien van een geheugen, zodat de instellingen niet verloren gaan wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld.

Als het apparaat lange tijd niet gebruikt zal worden, moet het met de hoofdschakelaar worden uitgeschakeld door de hoofdschakelaar of worden afgekoppeld door de stekker uit het stopcontact te halen.

3.5.4 - Werking “Koeling”

  • Door deze werkwijze in te stellen, ontvochtigt en koelt het apparaat de omgeving.
  • Activeer deze werkwijze door meerdere keren op de toets B4 op de afstandsbe-NL - 30 NEDERLANDS diening te drukken tot het symbool D3 op het display van de afstandsbediening weergegeven wordt.
  • In deze werkwijze kunnen de gewenste temperatuur en de ventilatorsnelheid worden ingesteld.
  • Drie minuten (maximale tijd) na de activering van de werkwijze gaat de compressor van start en begint het apparaat koude lucht af te geven.

3.5.5 - Werking enkel “Ontvochtiging”

  • Door deze werkwijze in te stellen, ontvochtigt het apparaat de omgeving. De activering van deze functie is bijzonder nuttig in het voor- en naseizoen, d.w.z. op (bijvoorbeeld regenachtige) dagen met een aangename temperatuur, maar met een dergelijk hoge luchtvochtigheid dat een bepaald ongemak ervaren wordt.
  • In deze werkwijze worden de instelling van de omgevingstemperatuur en de instelling van de ventilatorsnelheid, die altijd minimum is, genegeerd.
  • Iedere aanduiding van de temperatuur en van de ventilatorsnelheid verdwijnt ver- volgens van het display van de afstandsbediening en van het bedieningspaneel.
  • Activeer deze werkwijze door meerdere keren op de toets B4 op de afstandsbediening te drukken tot het symbool D4 en het symbool automatische ventilatie D1 (ventilator plus eerste streepje) op het display van de afstandsbediening weergegeven worden.
  • In deze werkwijze is het normaal dat het apparaat onderbroken werkt.

3.5.6 - Werking enkel “Ventilatie”

  • In deze werkwijze voert het apparaat geen enkele ingreep uit op de temperatuur of de vochtigheid van de lucht in de ruimte.
  • Activeer deze werkwijze door meerdere keren op de toets B4 op de afstandsbediening te drukken tot het symbool van de automatische ventilatie D1 (ventilator plus eerste streepje) op het display van de afstandsbediening weergegeven wordt.

3.5.7 - Werking enkel “Welzijn” (automatisch)

  • In deze werkwijze worden de temperatuur van de installatie en de ventilatorsnelheid automatisch geregeld (met uitzondering van de werking “ontvochtiging”) naar aanleiding van de temperatuur in de ruimte en de ingestelde gewenste temperatuur.
  • Activeer deze werkwijze door meerdere keren op de toets B4 op de afstandsbediening te drukken tot het symbool D7 op het display weergegeven wordt.

3.5.8 - Werking “Verwarming”

  • Door deze werkwijze in te stellen, verwarmt het apparaat de omgeving. Deze functie is uitsluitend beschikbaar voor modellen met warmtepomp (HP).
  • Activeer deze werkwijze door meerdere keren op de toets B4 op de afstandsbediening te drukken tot het symbool D2 op het display van de afstandsbediening weergegeven wordt.
  • In deze werkwijze kunnen de gewenste temperatuur en de ventilatorsnelheidUNICO VERTICAL R32 NL - 31 NEDERLANDS worden ingesteld. Drie minuten (maximale tijd) na de activering van de werkwijze gaat de compressor van start en begint het apparaat warmte af te geven. Het apparaat zal de warmtewisselaar regelmatig ontdooien. Ge- durende deze fase stuurt de klimaatregelaar geen warme lucht de ruimte in, ook al blijven de inwendige onderdelen ingeschakeld, met uitzondering van de ventilator van de omgevingslucht. Bij een lage buitentemperatuur kan een vertraging optreden bij de overschakeling van de minimumsnelheid naar de medium- of maxi- mumsnelheid wanneer het signaal met de afstandsbediening wordt gezonden. Na de uitschakeling van de unit blijft de interne ventilator nog een aantal seconden werken. Vervolgens wordt de ventilator uitgeschakeld. Als het toestel is uitgerust met een elektrisch verwarmingselement, wordt dit automatisch geactiveerd als back-up warmtebron voor de compressor bij lage buitentemperaturen. De schakeltemperatuur bij elektrische back-upverwarming bedraagt standaard 4°C buiten. De waarde kan worden gewijzigd tussen -15°C en 13°C door een bevoegde TC. Als de elektrische verwarmer werkt, brandt er een oranje indicatie (LED3) op het bedieningspaneel.

3.5.9 - Regeling van de ventilatorsnelheid

  • De ventilatorsnelheid kan geregeld worden met de toets B5 (op de afstandsbediening).
  • De snelheid wijzigt volgens de onderstaande volgorde door meerdere keren op de toets te drukken: Laag > Medium > Hoog > Automatisch.
  • Hoe hoger de ingestelde snelheid, hoe hoger het rendement van de machine, maar hoe lager de geruisloosheid ervan.
  • De microprocessor in de machine regelt automatisch de snelheid wanneer de snelheid Automatisch is ingesteld. Hoe groter het verschil in de gemeten omgevingstemperatuur en de ingestelde temperatuur, hoe langer de hoge snelheid ingeschakeld blijft.
  • De snelheid wordt automatisch verlaagd naarmate de omgevingstemperatuur de ingestelde temperatuur bereikt.
  • In de werkwijze ontvochtiging kan de snelheid niet geregeld worden aangezien het apparaat uitsluitend op de lage snelheid kan werken.D10
  • Activeer deze werkwijze door op de toets B3 op de afstandsbediening te drukken, op het display wordt het symbool D6 weergegeven.
  • Activeer de functie SILENT voor meerdere resultaten: - graduele verhoging van de ingestelde temperatuur in koeling

graduele verlaging van de ingestelde temperatuur in verwarming (enkel modellen HP) - verlaging van het geluidsniveau van het apparaat - afname van de ventilatiesnelheid

  • Voor de activering van de functie SILENT moeten eerst de werkmodus en de ge- wenste temperatuur geselecteerd worden en moet vervolgens de functie SILENT geactiveerd worden door op de toets B3 te drukken.
  • De afname van het geluid heeft een optimalisering van het geluid en van het koel-/ verwarmingsvermogen van de machine tot gevolg. Als het koel-/verwarmingsver- mogen op bepaalde momenten onvoldoende is, deactiveer dan de functie SILENT.

3.5.11 - Instelling van de timer

  • De logica van het apparaat biedt de gebruiker de mogelijkheid om gebruik te maken van twee verschillende timerprogramma’s (zie de paragraaf 3.5.14) aan de hand waarvan het apparaat op naar wens ingestelde tijdstippen kan worden geactiveerd en gedeactiveerd (zo kan het bijvoorbeeld vlak voor uw thuiskomst worden ingeschakeld, zodat u een aangename temperatuur in uw woning aantreft).
  • Stel eerst de juiste tijd in (zie de paragraaf 3.5.13) en vervolgens de timer op de gewenste tijdstippen als u deze functies wilt gebruiken.

3.5.12 - Instelling van de klok en de timer

Ga als volgt te werk om de tijd in te stellen met de afstandsbediening (afb.10): a. Druk op de toets B6 (SET TIMER) tot op het display de uren h (D10) worden aangegeven b. Stel de uren in met de toetsen B7 (+ en -). c. Druk op de toets B6 tot op het display de minuten m (D10) worden aangegeven. d. Stel de minuten in met de toetsen B7 (+ en

e. Sla de tijd op met een druk op de toets B6 en ga verder met het programmeren van de timer.UNICO VERTICAL R32

3.5.13 - Instelling van de timertijden (PROGR. 1 en PROGR. 2)

Het is mogelijk om een van de twee of de beide timerprogramma’s in te stellen. Stel de tijden voor de activering en deactivering van het apparaat in de twee programma’s in met de afstandsbediening en ga als volgt te werk (afb.11): a. Druk een of meerdere keren op de toets B6 (SET TIMER) tot op het display het symbool 1 (D8) (inschakeltijd 1e programma) en het symbool ON (D16) weergegeven worden. b. Verhoog of verlaag met de toetsen B7 (+ en -) het tijdstip waarop de klimaatregelaar ingeschakeld moet worden. De toetsen B7 (+ en -) wijzigen de instelbare tijd met stappen van 30 minuten. c. Druk een tweede keer op de toets B6 (SET TIMER) tot op het display het symbool 1 (D8) (uitschakeltijd 1e programma) en het symbool OFF (D14) weergegeven worden. d. Verhoog of verlaag met de toetsen B7 (+ en -) het tijdstip waarop de klimaatregelaar uitgeschakeld moet worden. De toetsen B7 (+ en -) wijzigen de instelbare tijd met stappen van 30 minuten. e. Druk opnieuw op de toets B6 (SET TIMER). Op het display worden het symbool 2 (D9) (inschakeltijd 2e programma) en het symbool ON (D16) weergegeven. f. Verhoog of verlaag met de toetsen B7 (+ en -) het tijdstip waarop de klimaatregelaar ingeschakeld moet worden. De toetsen B7 (+ en -) wijzigen de instelbare tijd met stappen van 30 minuten. g. Druk opnieuw op de toets B6 (SET TIMER) tot op het display het symbool 2 (D9) (uitschakeltijd 2e programma) en het symbool OFF (D14) weergegeven worden. h. Verhoog of verlaag met de toetsen B7 (+ en -) het tijdstip waarop de klimaatregelaar uitgeschakeld moet worden. De toetsen B7 (+ en -) wijzigen de instelbare tijd met stappen van 30 minuten.

i. Hervat de normale werking door een of meerdere keren op de toets B6 (SET

TIMER) te drukken tot de symbolen behorende bij deze instellingen van het display verdwijnen.NL - 34 NEDERLANDS

3.5.14 - Activering en deactivering van de timer

Als de timerprogramma’s ingesteld zijn, kunnen ze naar gelang de behoefte geactiveerd of gedeactiveerd worden. De activering van een van de twee of beide programma’s betreffen. Elke keer dat u op de knop B11 (activering van de programma’s drukt) wijzigt de situatie als volgt:

  • Activering 1e en 2e programma.
  • Deactivering van de beide programma’s.

3.5.15 - Reset van alle functies van de afstandsbediening

Door de batterijen te vervangen of door deze ook enkele ogenblikken te verwijderen, worden alle instellingen van de afstandsbediening gereset. Door dit te doen worden alle tijdinstellingen van de timer, die in de afstandsbediening opgeslagen zijn, gean- nuleerd en herstelt de afstandsbediening alle fabrieksinstellingen.

Beheer van het apparaat als de afstandsbediening niet beschikbaar is Mocht de afstandsbediening zoek raken, de batterijen leeg raken of mocht de af- standsbediening slecht werken, dan kan men de klimaatregelaar laten werken met de toetsen op de machine.

3.6 - ADVIES VOOR ENERGIEBESPARING

Vervolgens enkele tips om het verbruik te beperken:

  • Houd de lters altijd proper (zie hoofdstuk onderhoud en reiniging).
  • Houd de deuren en de vensters van de kamers gesloten waar de airco werkt.
  • Vermijd dat zonlicht de kamer binnendringt (wij adviseren het gebruik van gordijnen, blinden of rolluiken).
  • De banen van de luchtstroming van de unit niet verstoppen (inlaat en uitlaat); hierdoor vermindert het rendement, het apparaat werkt niet correct en onherroepelijke storingen kunnen optreden.

De unit is gereed gemaakt voor de verbinding via app. Raadpleeg voor meer informatie over het gebruik van de app WiHandleiding.

4.1.1 - Verbinding apparaat

a. Sluit het apparaat aan op het stopcontact en zet de airconditioner op stand-by. b. Druk op de afstandsbediening 6 keer op de toets B10. c. De unit laat een pieptoon horen en het display toont .UNICO VERTICAL R32 iOS Android NL - 35 NEDERLANDS

4.1.2 - Installatie app

a. Open respectievelijk “App Store” of “Google Play”. b. Zoek de applicatie “OS Home” of scan de QR-code. c. Download de applicatie. De APP kan zonder mededeling worden geüpdatet. Controleer de compatibiliteit met het besturings- systeem van het apparaat voordat de app wordt geïnstalleerd.

Houd de APP altijd geüpdatet tot de meest recente versie. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor problemen die worden veroorzaakt door de internetverbinding, de wi-router en intelligente apparaten. Neem voor assistentie contact op met de oorspronkelijke leverancier.

4.1.3 - Registratie app

Controleer of de wi-router met het internet verbonden is, voor- dat met de gebruikersregistratie en de netwerkconguratie wordt aangevangen. a. Controleer of het apparaat verbonden is met een wi-router. b. Klik op “Een nieuw account aanmaken”. c. Voer uw e-mailadres in en klik vervolgens op “controlecode ontvangen”. d. Voer de controlecode in die naar het eerder opgegeven e-mailadres is gezonden. Klik op “Controlecode opnieuw verzenden” als de e-mail na aan aantal minuten nog altijd niet is ontvangen, en wacht.

Controleer in “Spam” in de inbox van uw e-mailadres als u geen e-mail met de code ontvangt. e. Stel het wachtwoord in. Als men al een account heeft, handel dan als volgt: a. Klik op “Inloggen”. b. Voer het eigen e-mailadres en wachtwoord in. c. Klik op “Aanmelden”.

Handel als volgt om het gewenste apparaat toe te voegen: a. Klik op “Apparaat toevoegen” of op “+” rechtsboven. b. Selecteer het apparaat UNICO VERTICAL met behulp van de categorie in de lijst. c. Controleer of het apparaat met het te gebruiken wi-netwerk verbonden is.NL - 36NEDERLANDS Als een ander wi-netwerk het conguratieproces stoort, moet u het van uw apparaat verwijderen. d. Sluit de voedingskabel van het apparaat aan op het stopcontact; activeer ver- volgens de “Wi”-functie zoals eerder is beschreven. e. Als het controlelampje van de “Wi”-functie knippert op het apparaat, druk dan op “snel knipperen controlelampje bevestigen”. f. Voer het wachtwoord in van het wi-netwerk dat gebruikt wordt en verbind het apparaat door op “Volgende” te klikken. g. Wacht tot het apparaat verbonden is.

Controleer of de naam van het wi-netwerk en het wachtwoord uitsluitend cijfers en letters (en dus geen speciale tekens) bevat als de verbinding mislukt. Probeer opnieuw de punten “d”, “e” en “f” uit te voeren. h. Als het apparaat verbonden is, kan de naam ervan worden gewijzigd en kan de ruimte worden gekozen waarin het zich bevindt.

5 - REINIGING EN ONDERHOUD

Alvorens onderhoud of reinigingen uit te voeren, steeds controleren of de installatie met de afstandsbediening werd uitgescha- keld en of de stekker uit het contact werd getrokken (of de algemene scheidings- schakelaar opwaarts op “0” OFF werd gezet).

De metalen delen van de unit niet aanraken wanneer de luchtlters worden verwijderd. Ze zijn zeer scherp. Risico op snijwonden.

5.1.1 - Reiniging van het apparaat en de afstandsbediening

Gebruik een droge doek om het apparaat en de afstandsbediening te reinigen. Als het apparaat zeer vuil is kunt u voor de reiniging een met koud water bevochtigde doek gebruiken. Zuig de ruimte tussen het intrederooster en de luchtintrede schoon.

Gebruik geen antistatische of chemisch behandelde doek om het apparaat te reinigen. Gebruik geen benzine, oplosmiddelen, po- lijstpasta of soortgelijke middelen.UNICO VERTICAL R32

NL - 37 NEDERLANDS Deze producten kunnen de pvc oppervlakken vervormen of breuken veroorzaken.

5.1.2-Reinigingvanhetluchtlter

Reinig het luchtlter regelmatig om een doeltreffende ltering van de interne lucht en een goede werking van uw klimaatregelaar te waarborgen. Het luchtlter is aan de bovenkant van het apparaat aangebracht. a. Schakel het toestel uit. b. Scheid het apparaat af van de elektrische voeding.

Til het voorpaneel (F1) omhoog, indien van toepassing, en til de zijpanelen (F2) van de lters uit hun behuizing (Fig. 12).

Was het lter en laat het perfect drogen. e. Breng het voorpaneel (F1) opnieuw aan , indien van toepassing, en de zijpanelen (F2) van de lters. Voor het UNICO VERTICAL-NK 35HP EVAN-EVANX-toestel, plaats de rand achteraan van het lter in het rooster (Fig. 12).NL - 38NEDERLANDS Om de signalering vuillter te wissen, druk dan nadat de klimaatregelaar op de netspanning aangesloten is minstens 5 seconden gelijktijdig op de toetsen Stand-by en MODE die op het bedieningspaneel aanwezig zijn. Op deze wijze wordt de signalering van vuil lter gewist en wordt de betreffende telling gereset.

Gebruik het toestel niet zonder lter of als het lter beschadigd is.

Als de apparatuur lange tijd niet gebruikt zal wordt, handel dan als volgt: a. Stop de klimaatregelaar en scheid de voeding af. b. Verwijder de batterijen uit de afstandsbediening.

Probeer nooit om de apparatuur zelfstandig te repareren.

5.2.1 - Periodiek onderhoud

De klimaatregelaar is op dusdanige wijze ontwikkeld dat het normale onderhoud tot een minimum is beperkt. Het normale onderhoud bestaat uitsluitend uit de volgende reinigingswerkzaamheden:

  • Het omgevingsluchtlter elke 2 weken reinigen of wassen of elke keer dat de rode led gaat branden (de gebruiker kan deze handeling verrichten zoals is beschreven in de gebruikershandleiding).
  • Inspecteer en reinig de koelspiralen en het condensatiebeheersysteem minstens één keer per jaar.
  • Onderhoud moet worden uitgevoerd door ervaren technici. De installateur moet al het verpakkingsmateriaal opruimen en met een vochtige doek alle sporen van stof of vuil tijdens de montage te verwijderen. Het is ook aan te raden om de eindgebruiker uit te leggen hoe het systeem werkt, hem te laten zien hoe de luchtl- ters verwijderd en gereinigd moeten worden en hem vervolgens vertrouwd te maken met de installatie- en bedieningsinstructies.

5.2.2 - Afvoer van condenswater in geval van nood

De klimaatregelaar stopt en geeft alarmcode 20 weer op het display van het voorpa- neel van de machine als het systeem voor de verwerking van condenswater storingen vertoont.UNICO VERTICAL R32

NL - 39 NEDERLANDS Voer het water af volgens de hierna beschreven eenvoudige handelingen wanneer u op de tussenkomst van het servicecentrum wacht en het apparaat tijdelijk wilt laten werken. Controleer, voordat u de handelingen ver- richt, of de installatie met de afstandsbe- diening is uitgeschakeld en of de stekker uit het stopcontact is verwijderd (of de voorgeschakelde hoofdafscheider op “0” OFF is geplaatst).

  • Trek lichtjes aan de buis (1) om hem uit de kabelklem (2) onder de machinebasis te halen.
  • Plaats een grote bak, draai de slang (1) en plaats deze bovenop de bak.
  • Verwijder de dop (3) en laat het water eruit lopen.
  • Zodra de storing is verholpen, sluit het servicecentrum het afvoerkanaal weer.NL - 40 NEDERLANDS

Het is heel belangrijk dat de gebruiker problemen of storingen kan herkennen die van de normale werking van het apparaat afwijken. De meest voorkomende storingen kan de gebruiker zelf eenvoudig oplossen (zie de paragraaf

: Storingen en oplossingen). Voor alle andere signaleringen (zie de paragraaf: 5.3.3) moet altijd contact worden opgenomen met de technische assistentie

Elke vorm van garantie vervalt bij elke poging tot reparatie die door onbevoegd personeel wordt verricht.

5.3.2 - Functionele aspecten die niet als storingen moeten worden be-

schouwd Tijdens de normale werking kan het volgende voorvallen: a. De compressor start niet voordat een bepaalde tijd (ongeveer drie minuten na de vorige stop) is verstreken. - In de werkingslogica van het apparaat is een vertraging tussen de stop van de compressor en een daaropvolgende inschakeling voorzien, zodat de compressor tegen herhaaldelijke activeringen wordt beschermd.

Bij apparaten met warmtepomp kan het zijn dat de warme lucht tijdens de verwarming pas een aantal minuten na de inschakeling van de compressor afgegeven wordt. - Tijdens de eerste minuten werking zou immers te koude lucht de ruimte ingeblazen kunnen worden (die de aanwezige mensen zou kunnen hinderen) omdat het apparaat nog niet op vol vermogen werkt als de ventilator samen met de compressor ingeschakeld wordt. c. In geval van een stroomonderbreking verschijnt alarmcode 08 of 50.

5.3.3 - Alarmen paneel

Neem contact op met een servicecentrum van Olimpia als een van de alarmen langer dan drie minuten weergegeven wordt. Foutcode op het display Beschrijving alarm

Temperatuursonde buitenlucht defect Temperatuursonde externe batterij defect Temperatuursonde aanvoer defectUNICO VERTICAL R32 NL - 41 NEDERLANDS Foutcode op het display Beschrijving alarm

Beveiliging hoge temperatuur vermogenskaart

Communicatieprobleem interne en externe logicakaarten

De compressor heeft een afwijkende start (verlies van fase, omgekeerde rotatie)

Verlies rotatiesnelheid compressor

Defect vermogenskaart

Temperatuur externe batterij te hoog (in heating)

Beveiliging aanvoertemperatuur te hoog

Temperatuursonde binnenomgeving defect

Beveiliging temperatuur interne batterij te hoog (in heating)

Stroom compressor niet geschikt

Buitenomgevingstemperatuur te hoog om in heating te werken

Binnenomgevingstemperatuur te laag om in cooling te werken

Defect communicatie tussen interne logicakaart en driver

Beveiliging stroom naar compressor

Beveiliging gelijkspanning bus te hoog of te laag

Slechte werking Oorzaak Mogelijke oplossing Het apparaat start niet Stroomonderbreking Wacht tot de stroom is hersteld. De unit is van de stroom ontkoppeld. Controleer of de stekker in het stopcontact zit. De zekering is onderbroken of de magnetothermische schakelaar is geactiveerd. De zekering vervangen of de magnetothermische schakelaar herstellen. De batterijen van de afstands- bediening kunnen uitgeput zijn. De batterijen vervangen. Het uur ingesteld met de timer kan verkeerd zijn. Wachten of de instelling van de timer annuleren. Het apparaat koelt/ver- warmt niet voldoende Verkeerde temperatuurin- stelling. Stel de juiste temperatuur in. Raadpleeg voor de procedu- re het hoofdstuk "Gebruik van de afstandsbediening". De luchtlter is vuil. Het luchtlter reinigen. De deuren en vensters zijn open. De deuren en vensters sluiten. De luchtinlaat- of uitlaatope- ningen van de binnenunit of buitenunit zijn geblokkeerd. Verwijder de verstopping en start opnieuw het apparaat. De beveiliging van 3 minu- ten van de compressor is geactiveerd. Wachten. Het apparaat is ingesteld in de koelmodus of de verwar- mingsmodus. Controleer de geactiveerde modus op het display van de afstandsbediening. Het apparaat werkt maar het paneel (2) is nog steeds uit. Het display is ingesteld op uitgeschakeld. Activeer het display opnieuw met de afstandsbediening. Het apparaat werkt maar de knoppen van het pa- neel (2) werken niet. De toetsenbordvergrende- ling is actief. Schakel de toetsenbord- vergrendeling uit vanaf het signaleringspaneel. Het toestel verwarmt niet. Alarmcode 5 of 31 ver- schijnt op het display van het toestel. Controleer of de voorkant en de bovenkant van het toestel niet bedekt of ge- blokkeerd zijn. Als de storing niet is opgelost, contact opnemen met het dichtstbijzijnde servicecentrum. Gedetailleerde informatie verstrekken over de storing en het model van de apparatuur.UNICO VERTICAL R32 EL - 1