Dolceclima Brezza 14 HP WiFi - Airconditioning OLIMPIA SPLENDID - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Dolceclima Brezza 14 HP WiFi OLIMPIA SPLENDID in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Dolceclima Brezza 14 HP WiFi OLIMPIA SPLENDID
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Dolceclima Brezza 14 HP WiFi - OLIMPIA SPLENDID en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Dolceclima Brezza 14 HP WiFi van het merk OLIMPIA SPLENDID.
GEBRUIKSAANWIJZING Dolceclima Brezza 14 HP WiFi OLIMPIA SPLENDID
GEBRUIKS- EN ONDERHOUDSAANWIJZINGEN
NL
3.3.a - Plaatsing van de batterijen....14
3.3.b - Vervanging van de batterijen....15
3.3.c - Positie van de afstandsbediening....15
3.4 - GEBRUIK VAN HET APPARAAT 15
3.4.a - Voorafgaande handelingen....15
3.4.b - Inschakeling/uitschakeling apparaat....16
3.5 - WERKWIJZE KOELING (COOL) 16
3.6 - WERKWIJZE ONTVOCHTIGING (DRY) 16
3.7 - VENTILATIEWERKWIJZE (FAN) 16
3.8 - WERKWIJZE VERWARMING (HEAT) (uitsluitend HP machines) 16
3.9 - SLEEP-MODUS 17
3.10 - WERKWIJZE TIMER....17
3.11 - FUNCTIE SWING....17
3.12 - FUNCTIE WIFI 17
4 - ONDERHOUD EN REINIGING....17
4.1 - REINIGING....18
4.1.a - Reiniging van het apparaat en van de afstandsbediening 18
4.1.b - Reiniging van het aanzuigfilter 18
4.1.c - Wenken voor de energiebesparing 18
4.2 - ONDERHOUD....18
4.2.a - Afvoer condenswater....19
Wij wensen u eerst en vooral te bedanken omdat u de voorkeur hebt gegeven aan een door ons geproduceerd apparaat.
0.2 - SYMBOLLEN
De pictogrammen die in het volgende hoofdstuk staan, maken het mogelijk de benodigde informatie voor het correcte gebruik van de machine onder veilige omstandigheden snel en op eenduidige wijze te verstrekken.
0.2.1 - Redactionele pictogrammen
![]() | Signaleert dat dit document aandachtig moet worden gelezen alvorens het apparaat te installeren en/of te gebruiken. |
| Signaleert dat het servicepersoneel met het apparaat moet omgaan, in overeenstemming met de installatiehandleiding. | |
![]() | Signaleert dat er extra informatie in de meegeleverde handleidingen kan aanwezig zijn. |
| Duidt aan dat er informatie in de gebruiksaanwijzing of installatiehandleiding beschikbaar is. | |
![]() | Duidt aan dat het servicepersoneel met het apparaat moet omgaan, in overeenstemming met de installatiehandleiding. |
![]() | Signaleert dat het apparaat ontvlambaar koelmiddel gebruikt. Als de koelvloeistof uitloopt en wordt blootgesteld aan een externe ontstekingsbron bestaat risico op brand. |
![]() | Wijst het betrokken personeel op het feit dat indien de beschreven handeling niet uitgevoerd wordt met inachtneming van de veiligheidsvoorschriften, het risico bestaat een elektrische schok te krijgen. |
![]() | Signaleert aan het betrokken personeel dat de beschreven handeling risico's inhoudt voor lichamelijke schade indien de veiligheidsnormen niet in acht worden genomen. |
![]() | Signaleert aan het betrokken personeel, dat de beschreven handeling risico's inhoudt voor brandwonden door contact met zeer hete componenten, indien de veiligheidsnormen niet in acht worden genomen. |
![]() | De paragrafen die voorafgegaan worden door dit symbool bevatten zeer belangrijke informatie en voorschriften, met name over de veiligheid. De veronachtzaming ervan kan de volgende gevolgen hebben:- gevaar voor de persoonlijke veiligheid van de operators- verlies van de contractuele garantie- afwijzing van aansprakelijkheid door de fabrikant. |
![]() | Duidt op acties die absoluut niet uitgevoerd mogen worden. |
![]() | Signaleert aan het betrokken personeel dat het verboden is om het apparaat af te dekken om oververhitting te voorkomen. |
0.3 - ALGEMEEN ADVIES
ALS ELEKTRISCHE APPARATUUR WORDT GEBRUIKT,MOETEN DE BASISVEILIG-HEIDSVOORSCHRIFTEN STEEDS WORDEN GEVOLGD OM HET RISICO OP BRAND, ELEK-TRISCHE SCHOKKENEN ONGEVALLEN TE BEPERKEN, INCLUSIEF HET VOLGENDE:

Om eventuele beschadiging van de compressor te voorkomen, wordt iedere start met 3 minuten vertraagd ten opzichte van de laatste uitschakeling.

- Document van vertrouwelijke aard, volgens de wettelijke bepalingen, met verbod op reproductie of versturing aan derden zonder de uitdrukkelijke autorisatie van de firma OLIMPIA SPLENDID. De machines kunnen bijwerkingen ondergaan en dus andere onderdelen vertonen dan die afgebeeld worden zonder om deze reden de teksten van deze handleiding te compromitteren.

es deze handleiding met aandacht alvorens verder te gaan met om het even welke handeling (installatie, onderhoud, gebruik) en houd u strikt aan hetgeen in de afzonderlijke hoofdstukken beschreven wordt.

Bewaar de handleiding goed zodat u hem altijd bij de hand heeft en indien nodig kunt raadplegen.
Controleer nadat u het apparaat uit de verpakking gehaald heeft of het apparaat intact is; het verpakkingsmateriaal mag niet binnen het bereik van kinderen gehouden worden omdat dit een bron van gevaar kan zijn.
- DE FABRIKANT STELT ZICH OP GÉNERLEI WIJZÉ AANSPRAKELIJK VOOR PERSOON-LIJK LETSEL OF MATERIÈLE SCHADE DIE HET GEVOLG IS VAN DE VERONACHTZA-MING VAN DE VOORSCHRIFTEN DIE IN DEZE HANDLEIDING STAAN.
- De fabrikant behoudt zich het recht voor om ieder gewenst moment wijzigingen aan de eigen modellen aan te brengen terwijl de essentiële kenmerken die in deze handleiding beschreven worden onveranderd blijven.

-
Het onderhoud van apparatuur voor de klimaatregeling, zoals dit apparaat, kan gevaarlijk blijken te zijn omdat koelgas onder druk en elektrische onderdelen onder spanning in dit apparaat aanwezig zijn. De eventuele onderhoudsingrepen (met uitzondering van de reiniging van de filters) moeten dus uitsluitend uitgevoerd worden door geautoriseerd en gekwalificeerd personeel.
-
Installaties die uitgevoerd worden zonder inachtneming van de aanwijzingen die in deze handleiding staan en het gebruik buiten de voorgeschreven temperatuurlimieten doen de garantie komen te vervallen.
- Het gewone onderhoud van de filters en de algemene externe reiniging kunnen ook door de gebruiker uitgevoerd worden omdat hierbij geen moeilijke of gevaarlijke handelingen betrokken zijn.
- Tijdens de montage, en bij iedere onderhoudsingreep, is het nodig de voorzorgsmaatregelen in acht te nemen die vermeld worden in deze handleiding en die op de etiketten in of op het apparaat staan en moeten ook alle voorzorgsmaatregelen getroffen worden die door het gezonde verstand ingegeven worden en opgelegd worden door de Veiligheidsvoorschriften die van kracht zijn in het land van installatie.

- In geval van vervanging van de componenten mogen uitsluitend originele reserveonderdelen van OLIMPIA SPLENDID gebruikt worden.

- Als het apparaat een lange tijd niet wordt gebruikt of niemand de geklimatiseerde kamer gebruikt, is het raadzaam de elektrische stroomtoevoer af te sluiten om ongevallen te vermijden.

- Gebruik geen vloeibare of corrosieve reinigingsmiddelen om het apparaat te reinigen, verstuif geen water of andere vloeistoffen op het apparaat daar ze de onderdelen in pvc kunnen beschadigen of zelfs elektrische schokken kunnen veroorzaken.

- De binnenkant van het apparaat en de afstandsbediening niet nat maken. Kortsluitingen of brand zou kunnen optreden.

- Bij storingen van de werking (bijvoorbeeld: abnormale geluiden, een slechte geur, rook, een abnormale temperatuurstijging, elektrische dispersie, enz.) moet het apparaat on-
NL - 3
middellijk worden uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact getrokken worden. Voor eventuele reparaties mag u zich uitsluitend tot de bevoegde technische ser-vicecentra van de fabrikant wenden en om het gebruik van originele reserveonder-delen vragen. Wordt het bovenstaande niet in acht genomen dan kan de veili-gheid van het apparaat hierdoor in gevaar gebracht worden.
- Laat de klimaatregelaar niet gedurende lange tijd in werking indien het vochtgehalte hoog is en deuren of ramen open zijn. De vochtigheid zou condensvorming kunnen veroorza-ken waardoor het interieur nat of beschadigd wordt.

- Sluit de voedingsstekker niet af tijdens de werking. Risico op brand of elektrische schokken.
-
Leg geen zware of hete voorwerpen bovenop het apparaat.
-
Voordat het apparaat elektrisch aangesloten wordt, moet gecontroleerd worden of de gegevens die op het plaatje staan overeenkomen met die van het elektrische distributienet. Het stopcontact moet met een aarding uitgerust zijn. Het plaatje (20) bevindt zich op de zijkanten van het apparaat (Afb.2).
-
Installeer het apparaat volgens de instructies van de fabrikant. Een verkeerde installatie kan persoonlijk letsel, dierenleed of materiële schade veroorzaken waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk gesteld kan worden.
-
Bij incompatibiliteit tussen het stopcontact en de stekker van het apparaat moet het stopcontact door professioneel gekwalificeerd personeel vervangen worden door een van een ander type, dat geschikt is, en moet dit personeel controleren of de doorsnede van de kabels van het stopcontact geschikt is voor het vermogen dat door het apparaat geabsorbeerd wordt. Doorgaans wordt afgeraden om adapters en/of verlengsnoeren te gebruiken. Mocht het gebruik daarvan toch noodzakelijk zijn, dan moeten ze conform de van kracht zijnde veiligheidsvoorschriften zijn en mag het stroomdebiet (A) ervan niet lager zijn dan het maximum debiet van het apparaat.
-
Dit apparaat is niet bestemd om te werken door middel van een externe timer of met een apart systeem voor afstandsbediening.
-
Gebruik het apparaat altijd alleen in de verticale stand.
-
Sluit op geen enkele wijze de roosters voor de luchtinlaat en de luchtuitlaat af.
-
Steek geen onbekende voorwerpen in de roosters voor luchtinlaat en luchtuitlaat aangezien het risico op elektrische schokken, brand of beschadigingen van het apparaat bestaat.
-
Gebruik het apparaat niet:
-
met natte of vochtige handen;
-
op blote voeten.
-
Trek niet aan de voedingskabel of aan het apparaat zelf om de stekker uit het stopcontact te trekken.
- Gebruik het apparaat niet onder rechtstreeks zonlicht of vlakbij warmtebronnen als een kachel, een verwarmingsapparaat of een radiator (Afb.3)
- Gebruik het apparaat niet vlakbij gastoestellen (Afb.3)
- Plaats het apparaat altijd op een stabiel, vlak en genivelleerd oppervlak.
- Laat minstens 80 cm ruimte vrij aan de zijkanten en aan de achterkant van het apparaat en laat minstens 80 cm ruimte vrij boven het apparaat (Afb.1).
-
Plaats het apparaat niet vlakbij een elektrisch stopcontact (Afb.4).
-
Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn zodat de stekker in geval van nood gemakkelijk losgetrokken kan worden.
-
Hanteer de stekker niet met natte handen.
-
De voedingskabel niet sterk doorbuigen, verdraaien, eraan trekken of beschadigen.
-
De elektrische voedingskabel niet afwikkelen onder tapijten, dekens of in kabelgoten. Leg de kabel uit in zones die geen doorgangszones zijn, zodat struikelen voorkomen wordt.
-
Sluit de kabel af als de unit gedurende lange tijd niet gebruikt wordt en/of wanneer niemand thuis is.
-
Gebruik het apparaat niet in bijzonder vochtige ruimtes (badkamer, keuken, enz.).
-
Gebruik het apparaat niet buiten of op natte oppervlakken. Vermijd dat vloeistoffen op het apparaat gegoten worden. Gebruik het apparaat niet vlakbij gootstenen of kranen.
-
Dompel het apparaat niet in water of andere vloeistoffen.
- Reinig het apparaat met een vochtige doek, gebruik geen schuurproducten of schurende materialen. Zie de betreffende paragraaf voor de reiniging van de filters.
- De meest voorkomende oorzaak van oververhitting is de opeenhoping van stof of pluizen
NL - 4
in het apparaat. Verwijder deze opeenhopingen regelmatig terwijl het apparaat afgesloten is van het stopcontact en zuig de roosters schoon.
- Gebruik het apparaat niet in ruimtes met aanzienlijke temperatuurschommelingen omdat dan condens in het apparaat kan ontstaan.
- Installeer het apparaat op minstens 2 meter van andere elektronische apparaten (TV, radio, computer, DVD-lezer, enz.) om interferentie te voorkomen (Afb.6).
- Gebruik het apparaat niet als de ruimte kort geleden behandeld is met een insecticide in de vorm van gas, bij brandende wierook, chemische dampen of olieresidu.
-
Gebruik de machine niet zonder dat de filters correct in positie gebracht zijn.
-
De demontage, reparaties of omschakeling die uitgevoerd wordt door iemand die niet daartoe geautoriseerd is, kan ernstige schade veroorzaken en de garantie van de fabrikant annuleren.
-
Gebruik het apparaat niet bij defecten of een slechte werking, als de kabel of de stekker beschadigd zijn of als het apparaat gevallen is of op enige andere wijze beschadigd is. Schakel het apparaat uit, trek de stekker uit het stopcontact en laat het nakijken door professioneel gekwalificeerd personeel.
- Het apparaat niet demonteren of wijzigingen erop aanbrengen.
-
Het is extreem gevaarlijk het apparaat zelf te repareren.
-
Als u besluit om het apparaat af te danken wordt geadviseerd om het apparaat onwerkzaam te maken door, nadat u de stekker uit het stopcontact gehaald heeft, het elektrische snoer door te knippen. Er wordt bovendien geadviseerd om de onderdelen van het apparaat die een gevaar kunnen ople-veren, vooral voor kinderen die ermee kunnen gaan spelen, onschadelijk te maken.
-
Voor het ontdooiingsproces en voor de reiniging van het apparaat mogen geen andere instrumenten gebruikt worden dan die door de fabrikant aanbevolen worden.
-
Het apparaat is voorzien van een thermische beveiliging die de elektronische kaart behoedt tegen een te hoge temperatuur. Mocht deze beveiliging in werking treden, trek de stekker dan uit het stopcontact en wacht tot het apparaat volledig afgekoeld is (minstens 20÷30 minuten). Steek de stekker daarna weer in het stopcontact en herstart het apparaat. Als het apparaat niet herstart wordt, trek de stekker dan uit het stopcontact en neem contact op met een Assistentiecentrum.
-
Details van type en classificatie van zekeringen: T, 250V AC, 3,15A of hoger.
0.4 - BEOOGD GEBRUIK
- De klimaatregelaar mag uitsluitend gebruikt worden voor het produceren van warme lucht* of koude lucht of voor het ontvochtigen van de lucht (naar keuze) met als enig doel de temperatuur in de omgeving aangenaam te maken.
- Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik of gelijkaardig gebruik.
- Een oneigenlijk gebruik van het apparaat, met eventuele schade die berokkend wordt aan mensen, voorwerpen of dieren, ontheft OLIMPIA SPLENDID van iedere vorm van aansprakelijkheid.
0.5 - RISICOZONES
- De airconditioners mogen niet worden geïnstalleerd in omgevingen waar ontvlambare of explosieve gassen aanwezig zijn, in zeer vochtige omgevingen (wasserijen, broeikassen, enz.) of op plaatsen waar zich andere machines bevinden die een sterke warmtebron genereren, in de buurt van een bron van zout water of zwavelhoudend water.
- Gebruik GEEN gassen, benzine of andere ontvlambare vloeistoffen in de buurt van de air-conditioner.
- Gebruik alleen de bijgeleverde onderdelen (zie paragraaf 1.1). Het gebruik van niet-standaard onderdelen kan lekkage van water, elektrische schokken, brand en persoonlijk letsel of materiële schade veroorzaken.

Dit product mag uitsluitend worden gebruikt volgens de specificaties, aangeduid in deze handleiding. Als het op een andere wijze wordt gebruikt dan aangeduid kan dit leiden tot zware ongevallen. DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR SCHADE AAN PERSONEN OF ZAKEN, VOORTVLOEIEND UIT HET NIET IN ACHT NEMEN VAN DE NORMEN, AANWEZIG IN DEZE HANDLEIDING.
| Hoeveelheid gas R290 in Kg (zie etiket met gegevens op het apparaat) | 0,120 | 0,130 | 0,140 | 0,150 | 0,160 | 0,170 | 0,180 | 0,190 | 0,200 | 0,210 | 0,220 | ||
| Minimum afmetingen van de ruimte voor het gebruik en de opslag ( m^2 ) | 6 7 7 | 8 8 9 9 | 10 | 10 | 11 |
-
DIT APPARAAT BEVAT EEN HOEVEELHEID KOELGAS R290 DIE GELIJK IS AAN DE HOEVEELHEID DIE VERMELD WORDT OP HET ETIKET MET GEGEVENS DAT OP HET APPARAAT AANGEBRACHT IS.
-
HET APPARAAT MOET OPGESLAGEN WORDEN IN EEN VERTREK WAARIN GEEN ONT-STEKINGSBRONNEN MET CONTINUE WERKING AANWEZIG ZIJN (BIJVOORBEELD: OPEN VUUR, APPARATEN DIE OP GAS WERKEN OF VERWARMINGSTOESTELLEN MET ELEKTRISCHE WERKING).
-
Niet perforeren of verbranden.
-
Houd er rekening mee dat koelgas geurloos kan zijn.
-
R290 is een koelgas conform de Europese richtlijnen op het gebied van het milieu. Perforeer het circuit van het koelgas op geen enkele plek.
-
Gebruik geen middelen om het ontdooiingsproces te versnellen, of voor de reiniging, met uitzondering van de door de producent aanbevolen middelen.
-
Wanneer het apparaat ontdooid en gereinigd wordt, mogen geen andere instrumenten gebruikt worden dan die door de fabrikant aanbevolen worden.
-
Als het apparaat geïnstalleerd, gebruikt of bewaard wordt in een niet geventileerde zone, dan moet die ruimte ontworpen zijn ter preventie van de accumulatie van gelekt koelmiddel, die te wijten is aan elektrische verwarmingstoestellen, kachels, of andere ontstekingsbronnen.
-
Neem de nationale voorschriften op het gebied van gas in acht.
-
Houd de ventilatie-openingen vrij van obstructies.
-
Het apparaat moet zo opgeslagen worden dat mechanische schade vermeden wordt.
-
Een ieder die boven of in een koelgascircuit moet werken, moet in het bezit zijn van een geldig certificaat, waarop verklaard wordt dat die persoon competent is om op veilige wijze koelmiddelen te hanteren, dat in overeenstemming is met een specifieke beoordeling die erkend is door de sector.

-
Het onderhoud moet uitsluitend uitgevoerd worden zoals aanbevolen wordt door de producent van het apparaat. Het onderhoud en de reparaties die de assistentie van ander gespecialiseerd personeel vereisen, moeten uitgevoerd worden onder toezicht van een persoon die competent is voor het gebruik van ontvlambare koelmiddelen.
-
VERVOER VAN APPARATUUR DIE ONTVLAMBARE KOELMIDDELEN BEVAT Raadpleeg de wetgeving voor het vervoer.
-
MARKERING VAN DE APPARATUUR MET SYMBOLEN Raadpleeg de plaatselijke wetgeving.
-
VERWIJDERING VAN APPARATUUR DIE ONTVLAMBARE KOELMIDDELEN GEBRUIKT Raadpleeg de nationale wetgeving.
-
OPSLAG VAN DE APPARATUUR/APPARATEN De opslag van de apparatuur moet conform de instructies van de fabrikant zijn.
NL - 6
21. OPSLAG VAN DE VERPAKTE (NIET VERKOCHTE) APPARATUUR
De verpakking moet zo uitgevoerd zijn dat een interne mechanische beschadiging van de apparatuur geen lekkage van koelmiddel veroorzaakt. Het maximum aantal delen van de apparatuur dat samen opgeslagen kan worden wordt aangeduid door de plaatselijke wetgeving.

INFORMATIE OVER HET ONDERHOUD
a) Controles van het gebied
Voordat handelingen uitgevoerd worden op systemen die ontvlambare koelmiddelen bevatten, moeten de veiligheidscontroles uitgevoerd worden om zich ervan te verzekeren dat het risico op ontbranding minimaal is. Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om eventuele reparaties van het koelmiddelsysteem uit te voeren voordat het gebruikt wordt.
b) Afwikkeling van het werk
Het werk moet uitgevoerd worden onder controle, om het risico op de aanwezigheid van gas of ontvlambare dampen tijdens de uitvoering van het werk zelf te minimaliseren.
c) Algemeen werkgebied
Al het personeel dat met het onderhoud belast is, en de andere operators die in het werkgebied aanwezig zijn, moeten geïnstrueerd zijn over de aard van het werk dat verricht gaat worden. Vermijd het om in kleine ruimtes te werken. De zone rondom het werkgebied moet afgebakend zijn. Controleer of het gebied veilig gesteld is dankzij de controle van ontvlambaar materiaal.
d) Controle van de aanwezigheid van koelmiddel
Het gebied moet vóór en tijdens het werk gecontroleerd worden met gebruik van een adequate detector van koelmiddelen om er zeker van te zijn dat de operator zich bewust is van de aanwezigheid van een potentieel ontvlambare atmosfeer. Controleer of het apparaat voor de detectie van lekken geschikt is voor ontvlambare koelmiddelen, dus of het vonkvrij is, op passende wijze verzegeld of intrinsiek veilig is.
e) Aanwezigheid van brandblussers
Mocht ongeacht welke warme bewerking op de koelapparatuur uitgevoerd moeten worden, of op ongeacht welk daarop aangesloten deel, dan moet adequate brandblusapparatuur binnen handbereik beschikbaar zijn. Zorg ervoor dat er altijd een droge poederblusser of een CO2-blusser aanwezig is vlakbij het gebied waar het vullen plaatsvindt.
f) Afwezigheid van ontvlambare bronnen
Geen enkele operator die aan het werk is op het koelsysteem waarbij het blootleggen van ongeacht welke leiding nodig is die een ontvlambaar koelmiddel bevat of bevat heeft, mag enige ontvlambare bron gebruiken op een wijze dat brand of een explosie veroorzaakt kan worden. Alle mogelijke ontvlambare bronnen, met inbegrip van het gebruik van sigaretten, moeten voldoende ver van de plaats van installatie, reparatie, verwijdering en sloop gehouden worden, waar het ontvlambare koelmiddel in de omringende ruimte zou kunnen worden afgegeven. Voordat het werk begint moet het gebied rondom de apparatuur bestudeerd worden om er zeker van te zijn dat geen ontvlambare elementen of risico's op ontbranding aanwezig zijn. Gebruik markeringen die het roken verbieden.
g) Geventileerd gebied
Controleer of het installatiegebied in de open lucht is of op passende wijze geventileerd wordt voordat het systeem gestart wordt of ongeacht welke warme bewerking op de apparatuur uitgevoerd wordt. De mate van ventilatie moet aanwezig zijn gedurende de gehele periode waarin de bewerking uitgevoerd wordt. De ventilatie moet in staat zijn om ieder koelmiddel dat vrijgekomen is op veilige wijze te verspreiden en om het bij voorkeur naar buiten in de atmosfeer uit te stoten.
h) Controles op de koelapparatuur
Wanneer de elektrische onderdelen vervangen worden, moeten de nieuwe onderdelen geschikt zijn voor het gebruik en conform de aangeduide specificaties zijn. De richtlijnen van de fabrikant over het onderhoud en de assistentie moeten altijd in acht genomen worden. Raadpleeg bij twijfel de technische dienst van de fabrikant voor assistentie. De volgende controles moeten uitgevoerd worden op installaties waarin ontvlambare koelmiddelen gebruikt worden:
controleer of de grootte van de vulling in overeenstemming is met de afmetingen van het vertrek waarin de delen die het koelmiddel bevatten geïnstalleerd zijn; of het systeem en de ventilatie-openingen correct werken en niet verstopt zijn; als van een koelcircuit gebruik gemaakt wordt, moet de aanwezigheid van koelmiddel in het secundaire circuit gecontroleerd worden; of de markering die op de machine aangebracht is nog steeds zichtbaar en leesbaar is. Markeringen en aanduidingen die niet leesbaar zijn moeten gecorrigeerd worden; of de koelleidingen en -onderdelen geïnstalleerd zijn in een positie waarin het onwaarschijnlijk is dat ze blootgesteld worden aan ongeacht welke stof die de onderdelen die het koelmiddel bevatten zou kunnen aantasten door corrosie, tenzij die onderdelen uit een materiaal bestaan dat intrinsiek bestand is tegen corrosie of dat op passende wijze daartegen beschermd wordt.
i) Controles op de elektrische apparaten
De reparatie en het onderhoud van de elektrische onderdelen moeten eerste veiligheidscontroles en inspectieprocedures van de onderdelen bevatten. Mocht een defect optreden dat de veiligheid kan compromitteren, schakel dan niet de elektrische voeding naar het circuit in zolang het probleem niet op passende wijze verholpen is. Gebruik een tijdelijke geschikte oplossing als het defect niet onmiddellijk verholpen kan worden en het nodig is dat de werking voortgezet wordt. Deze situatie moet meegedeeld worden aan de eigenaar van de apparatuur zodat alle partijen erover geïnformeerd zijn. De eerste veiligheidscontroles bevatten: controleer of de condensatoren ontladen zijn: deze controle moet op veilige wijze uitgevoerd worden om vonken te voorkomen; controleer of de elektrische onderdelen en kabels die onder spanning staan tijdens het vullen, het herstel of de ontluchting van het systeem niet blootgesteld worden; controleer de continuïteit van de aardaansluiting.
- REPARATIE VERZEGELDE ONDERDELEN
a) Tijdens de reparatie van verzegelde onderdelen moeten alle elektrische voedingen van de uitrusting waarop gewerkt wordt afgesloten worden voordat ongeacht welke verzegelde afdekking, enz., weggenomen wordt. Mocht het absoluut nodig zijn dat de elektrische voeding op de uitrusting ingeschakeld is tijdens de reparatie, dan moet een permanent werkzame lekdetector in positie gebracht zijn op het meest kritieke punt, om de operator te waarschuwen voor een potentieel gevaarlijke situatie.
b) Besteed bijzondere aandacht aan wat nu volgt om er zeker van te zijn dat de afdekking op geen enkele wijze wijzigingen ondergaat die van invloed zijn op het veiligheidsniveau wanneer op elektrische onderdelen gewerkt wordt. Dit omvat beschadigingen van kabels, een overmatig aantal aansluitingen, eindstukken die niet zijn vervaardigd volgens de oorspronkelijke specificaties, beschadigingen van pakkingen, verkeerde montage van kabelklemmen, enz. Controleer of de apparatuur op veilige wijze gemonteerd is. Controleer of de pakkingen of de verzegelingsmaterialen niet dusdanig verslechterd zijn dat de binnenkomst van ontvlambare atmosferen niet meer voorkomen kan worden. De vervangingsonderdelen moeten voldoen aan de specificaties van de fabrikant.

Het gebruik van siliconenkit kan de doeltreffende werking van enkele soorten lekdetectiesystemen belemmeren. De intrinsiek veilige onderdelen mogen niet geïsoleerd worden voordat erop ingegrepen wordt.
- REPARATIE VAN INTRINSIEK VEILIGE ONDERDELEN
Pas geen enkele inductielading en ladingen met permanente capaciteit toe op het circuit, zonder eerst gecontroleerd te hebben of de maximum spanning en stroom, die voor de gebruikte apparatuur toegestaan zijn, niet overschreden worden. De intrinsiek veilige onderdelen zijn de enige waarop ingegrepen kan worden terwijl ze onder spanning staan en een ontvlambare atmosfeer aanwezig is. Het testsysteem moet op de correcte stroomsterkte staan. Vervang de onderdelen alleen door de reserveonderdelen die aangeduid worden door de fabrikant. Andere dan de aangedui-de onderdelen kunnen na een lek de ontbranding van het koelmiddel in de atmosfeer veroorzaken.
NL - 8
25. BEKABELING
Controleer of de bekabeling niet blootgesteld wordt aan slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, scherpe randen of aan ieder ander nadelig effect van de omgeving. Houd tijdens de controle ook rekening met de effecten van veroudering of van constante trillingen die veroorzaakt worden door elementen als compressoren of ventilatoren.
26. DETECTIE VAN ONTVLAMBARE KOELMIDDELEN
Gebruik in geen enkel geval potentiële ontstekingsbronnen om lekken van koelmiddel te detecteren.
Gebruik geen steekvlammen (of iedere ander detectiesysteem dat van open vuur gebruik maakt).
27. LEKDETECTIEMETHODEN
De volgende lekdetectiemethoden worden als aanvaardbaar beschouwd voor systemen die ontvlambare koelmiddelen bevatten. Gebruik elektronische lekdetectors voor ontvlambare koelmidde- len, ook als de gevoeligheid mogelijk niet geschikt is of ze opnieuw gekalibreerd moeten worden. (De detectie-uitrusting moet gekalibreerd worden in een gebied zonder koelmiddel.) Controleer of de detector geen potentiële ontstekingsbron is en geschikt is voor het gebruikte koelmiddel. De lekdetectie-uitrusting moet ingesteld zijn op een percentage LFL van het koelmiddel en gekalibreerd zijn ten aanzien van het gebruikte koelmiddel en het geschikte percentage gas (maximaal 25%) is bevestigd. De vloeistoffen voor de detectie van lekken kunnen gebruikt worden met het merendeel van de koelmiddelen maar het gebruik van reinigingsmiddelen die chloor bevatten moet vermeden worden aangezien chloor op het koelmiddel zou kunnen reageren en de koperen leidingen kan aantasten door corrosie. Als een lek vermoed wordt, moet al het open vuur verwijderd/gedoofd wor- den. Als een koelmiddellek gedetecteerd wordt waarvoor lassen nodig is, win dan al het koelmiddel uit het systeem terug of isoleer het (door middel van de afsluitkleppen) in een deel van het systeem dat zich ver van het lek bevindt. Vervolgens moet vóór en tijdens het lasproces zuurstofvrije stikstof (OFN) in het systeem vrijgelaten worden.
28. VERWIJDERING EN LEDIGING
Gebruik conventionele procedures wanneer op het circuit van het koelmiddel gewerkt wordt voor het uitvoeren van reparaties of om iedere andere reden. Desondanks is het belangrijk dat de beste praktijk in acht genomen wordt gezien het feit dat rekening gehouden moet worden met de ontvlambaarheid. Neem de volgende procedure in acht:
• Verwijder het koelmiddel;
- Ontlucht het circuit met inert gas;
• Leeg het;
- Ontlucht het nog een keer met inert gas;
- Open het circuit door middel van snijden of lassen.
De koelmiddelvulling moet hersteld worden in cilinders die geschikt zijn voor de terugwinning. Reinig het systeem met OFN om de eenheid veilig te maken. Het zou nodig kunnen zijn deze procedure meerdere malen te moeten herhalen. Gebruik geen perslucht of zuurstof voor deze handeling. De reiniging moet voltooid worden door het luchtledige deel van het systeem met OFN te vullen en door te blijven gaan met vullen tot de werkdruk bereikt wordt, vervolgens moet de OFN in de atmosfeer geloosd worden en tenslotte moet het systeem weer in een luchtledige situatie gebracht worden. Herhaal het proces tot geen koelmiddel meer in het systeem achtergebleven is. Wanneer de laatste vulling met OFN gebruikt wordt, moet het systeem op de atmosferische druk gebracht worden om het te kunnen gebruiken. Deze handeling is absoluut van vitaal belang als laswerken op de leidingen uitgevoerd moeten worden. Controleer of de afvoer van de vacuümpomp zich niet vlakbij enige ontstekingsbron bevindt en of de ventilatie beschikbaar is.
29. VULPROCEDURES
Naast de conventionele vulprocedures moeten de volgende vereisten in acht genomen worden.
Controleer of er geen vermenging van verschillende koelmiddelen plaatsvindt tijdens het vullen van de apparatuur. De leidingen moeten zo kort mogelijk zijn om de hoeveelheid koelmiddel erin tot het minimum te beperken. De cilinders moeten in de opgerichte stand gehouden blijven. Controleer of het koelsysteem aangesloten is op de aarde alvorens het met koelmiddel te vullen. Etiketteer het systeem wanneer het eenmaal gevuld is (als dat nog niet gedaan was). Let bijzonder goed op dat
het koelsysteem niet overbelast wordt. Test de druk met de OFN alvorens het systeem opnieuw te vullen. Voer de dichtingstest van het systeem na afloop van het vullen uit maar voorafgaand aan de inbedrijfstelling. Een extra dichtingstest moet uitgevoerd worden voordat de plaats van installatie verlaten wordt.
30. BUITENDIENSTSTELLING
Alvorens deze procedure uit te voeren, is het van essentieel belang dat de technicus vertrouwd geraakt is met de apparatuur en alle onderdelen daarvan. Het wordt als een goede praktijk beschouwd om alle koelmiddelen op veilige wijze terug te winnen. Alvorens deze handeling uit te voeren, moeten een oliemonster en een koelmiddelmonster genomen worden, voor als het nodig is eerst een analyse uit te voeren voordat een teruggewonnen koelmiddel opnieuw wordt gebruikt. Het is van essentieel belang dat de elektrische energie beschikbaar is voordat met deze procedure begonnen wordt.
a) Raak vertrouwd met de apparatuur en met de werking ervan.
b) Breng de elektrische isolatie van het systeem tot stand.
c) Controleer voordat deze procedure uitgevoerd wordt, of:
- De mechanische uitrusting voor de verplaatsing beschikbaar is, indien nodig, om de cilinders van het koelmiddel te verplaatsen;
- Alle veiligheidsvoorzieningen beschikbaar zijn en correct gebruikt worden;
- Het terugwinningsproces altijd door een competent persoon gecontroleerd wordt;
- De uitrusting die voor de terugwinning gebruikt wordt, en de cilinders, conform de toepasselijke standaards zijn.
d) Leeg het koelsysteem, indien mogelijk.
e) Als geen situatie van vacuum verkregen kan worden, gebruik dan een collector zodat het koel-middel uit de diverse delen van het systeem verwijderd kan worden.
f) Controleer of de cilinder op de weegschalen geplaatst is voordat de terugwinning wordt uitgevoerd.
g) Start de terugwinningsmachine en handel conform de instructies van de fabrikant.
h) Overbelast de cilinders niet. (Niet meer dan 80% van het vulvolume van de vloeistof).
i) Overschrijd niet de maximum werkdruk van de cilinder, ook niet tijdelijk.
j) Wanneer de cilinders correct gevuld zijn en het proces voltooid is, controleer dan of de cilinders en de uitrusting onmiddellijk van de plaats van installatie verwijderd worden en of alle isolatiekleppen ervan gesloten zijn.
k) Het teruggewonnen koelmiddel mag niet in een ander koelsysteem geladen worden, tenzij dit gereinigd en gecontroleerd is.
31. ETIKETTERING
De uitrusting moet geëtiketteerd zijn met de aanduiding dat hij buiten dienst gesteld is en het koelmiddel verwijderd is. Breng de datum en uw handtekening op het etiket aan. Controleer of er etiketten op de uitrusting aanwezig zijn die aangeven dat de uitrusting een ontvlambaar koelmiddel bevat.
32. TERUGWINNING
Wanneer koelmiddel uit een systeem verwijderd wordt, of dit nu voor onderhoud of voor de buitendienststelling is, is het een goede zaak om alle koelmiddelen op veilige wijze te verwijderen. Bij de overdracht van het koelmiddel naar de cilinders moet gecontroleerd worden of alleen cilinders gebruikt worden die geschikt zijn voor de terugwinning van het koelmiddel. Controleer of het correcte aantal cilinders beschikbaar is om de volledige vulling van het systeem in op te slaan. Alle te gebruiken cilinders zijn ontworpen voor het teruggewonnen koelmiddel en daarvoor geëtiketteerd (of wel speciale cilinders voor de terugwinning van koelmiddel). De cilinders moeten uitgerust zijn met een drukafvoerklep en bijbehorende perfect werkende afsluitkleppen. De lege terugwinningscilinders worden luchtledig gemaakt en indien mogelijk gekoeld worden voordat de terugwinning plaatsvindt. De uitrusting voor de terugwinning moet perfect werkzaam zijn en een set met instructies voor de terugwinning bevatten, die binnen handbereik is en geschikt is voor de terugwinning van ontvlambare koelmiddelen. Bovendien moet een groep gekalibreerde weegschalen beschikbaar en
perfect werkzaam zijn. De leidingen moeten voorzien zijn van hermetisch gesloten aansluitingen met afsluiting in perfecte staat. Voordat de terugwinningsmachine gebruikt wordt, moet gecontroleerd worden of deze in goede staat van werking verkeert, of correct onderhoud erop uitgevoerd is en of ieder elektrisch onderdeel ervan verzegeld is, om ontsteking te voorkomen in geval koelmiddel vrijkomt. Raadpleeg de fabrikant in geval van twijfel. Het teruggewonnen koelmiddel moet teruggegeven worden aan de leverancier, in de correcte cilinder en met de bijbehorende Nota voor Overbrenging van Afval. Meng geen koelmiddelen in de terugwinningseenheden en met name in de cilinders. Als de compressoren, of de oliën van de compressoren, verwijderd moeten worden, controleer dan of ze geleegd zijn tot een aanvaardbaar niveau om er zeker van te zijn dat het ontvlambare koelmiddel niet in het smeermiddel achterblijft. Het ledigingsproces moet uitgevoerd worden voordat de compressor naar de leveranciers teruggebracht wordt. Gebruik alleen elektrische verwarmingssystemen op het hoofddeel van de compressor, om dit proces te versnellen.Verwijder de olie uit een systeem op veilige wijze.
Het apparaat is apart verpakt in een kartonnen verpakking.
De verpakking kan met de hand vervoerd worden door twee werknemers of op een transporttruck geladen worden.

Sla de verpakking apart op, niet stapelen.
- Buigzame leiding voor lucht- afvoer
-
Aansluiting buigzame leiding zijde machine
-
Afstandsbediening
-
Slider voor installatie op schuifraam / rolluik
-
Aansluiting voor Slider / venster
- Handleiding
- Condensafvoerleiding
1.2 - IDENTIFICATIE VAN DE VOORNAAMSTE ONDERDELEN (Afb.A)
- Bedieningspaneel
- Rooster luchtuitlaat
- Flap
- IR-ontvanger afstandsbediening
- Wielen
- Handgreep
-
Rooster luchtfilter
27a. Luchtfilter -
Dop condenswaterafvoer (voor gebruik als ontvochtiger)
-
Rooster luchtinlaat
-
Uitneembaar luchtfilter
-
Rooster luchtuitlaat
-
Dop voor lediging condenswater (bij transport, onderhoud of een overmatige accumulatie van water)
-
Kabelhaspel
-
Elektrische voedingskabel
-
Dop condenswaterafvoer (alleen voor model met warmtepomp)
A

text_image
21 22 23 24 25 26
text_image
26 30 27 28 29 33 31 34 25 32-35
Het transport en de verplaatsing van het apparaat moet in de verticale stand plaatsvinden.
- Als het apparaat in horizontale positie wordt vervoerd, moet het ten minste twee uur rechtop staan alvorens het in gebruik te nemen.
- Alvorens het apparaat te verplaatsen of te vervoeren, moet het condenswater volledig afgevoerd worden, zoals beschreven wordt in paragraaf 4.2.a

Waarschuwing
sport van de airconditioner op kwetsbare vloeren (bv. houten vloeren):
• Voer het condenswater volledig af.
- Let tijdens de verplaatsing van de airconditioner bijzonder goed op omdat de wielen sporen op de vloer kunnen achterlaten. Ofschoon het onbuigzame zwenkwielen betreft, kunnen deze beschadigd raken door het gebruik of vuil worden.
Er wordt aanbevolen te controleren of de wielen schoon zijn en vrij kunnen draaien.
De veronachtzaming van het volgende kan het apparaat schade berokkenen.
a. Installeer de klimaatregelaar op vlakke, stabiele oppervlakken en op de vloer.
b. Sluit de klimaatregelaar alleen aan op stopcontacten die van een aarding voorzien zijn.
c. Controleer of gordijnen of andere voorwerpen de luchtaanzuigfilters niet afsluiten (Afb.7).
d. Controleer of tussen de klimaatregelaar en aangrenzende wanden een minimum afstand van 80 cm gehandhaafd blijft (Afb.1).
e. Bij het in gebruik nemen van het apparaat moet altijd opgelet worden of er geen obstakels zijn voor de aanzuiging en de uitlaat van de lucht.
f. De airconditioner mag niet in vertrekken gebruikt worden die als wasruimte dienen.
g. Installeer de airconditioner uitsluitend in droge vertrekken.
h. De airconditioner moet niet worden geactiveerd in de aanwezigheid van gevaarlijke materialen, dampen of vloeistoffen worden gebracht
i. Reinig de luchtfilters minstens één keer per week.

De airconditioner moet in een geschikte ruimte geïnstalleerd worden.
Er wordt aanbevolen zonlicht te beperken door middel van rolluiken, gordijnen, zonweringen, en om deuren en ramen gesloten te houden.
a. Zet de airconditioner voor een raam of voor een terras-/balkondeur.
b. Breng het eindstuk aan de machinezijde (2) in positie op de buigzame leiding (1) zoals Afb.8 toont.
c. Breng het eindstuk (5) in positie op de andere zijde van de buigzame leiding (1) (Afb.8).
d. Steek het eindstuk aan de machinezijde (2) in de opening van de luchtuitlaat van het apparaat (26), zoals afbeelding 9 toont.
e. Breng het eindstuk (5) in positie op een wijze dat de lucht naar buiten afgevoerd wordt (Afb.10)
f. Als men over een (verticaal of horizontaal) schuifraam beschikt, of over een rolluik, dan is het mogelijk de bijgeleverde "SLIDER KIT" (4) te gebruiken die een efficiëntere installatie mogelijk maakt. Ga voor de installatie met SLIDER KIT te werk zoals de afbeeldingen 11a en 11b tonen.

Rol de slang alleen zover als nodig is uit zodat de luchtgeleider klem tussen de openslaande gedeelten van het kozijn blijft zitten.
NL - 12

OLIMPIA
SPLENDID
2.4 - ELEKTRISCHE AANSLUITING
Het apparaat wordt geleverd met een voedingskabel met stekker.
Voor het aansluiten van de airconditioner, ervoor zorgen dat:
- De waarden van de spanning en frequentie aan de specificaties van de machinegegevens voeldoen.
- De kracht lijn met een efficiënte aarding is uitgerust en de juiste afmetingen voor de maximale absorptie van de airconditioner heeft.
- Het apparaat voeding netwerk moet worden voorzien in een passende meerpolige inrichting volgens de nationale installatie voorschriften.
- De apparatuur uitsluitend door een socket wordt gevoed dat compatibel met de meegeleverde stekker is.

ventuele vervanging van de voedingskabel mag alleen worden uitgevoerd door Olimpia Splendid technische dienst of door personeel met gelijkaardige kwalificatie.
2.5 - DRAINAGE
Al naargelang de gebruikswijzen van het apparaat is het nodig de condensafvoerleiding aan te sluiten. Handel als volgt (Afb.12-13a-13b) voor het gebruik als ontvochtiger of warmtepomp (uitsluitend daarvoor voorbestemde machines):
a. Draai de dop (28) of de dop (35) los modellen met warmtepomp.
b. Verwijder het rubberen dopje (32).
c. Plaats de leiding (7) op de aansluiting.

Controleer of het uiteinde van de afvoerleiding (7) in positie gebracht is op het afvoerputje of in een recipiënt.
Controleer of de leiding (7) niet verstopt is.
3 - GEBRUIK VAN HET APPARAAT
De werkwijzen van de conditioner kunnen zowel met de afstandsbediening als op het bedieningspaneel op de conditioner geselecteerd worden.
De ontvangst van de geselecteerde functie wordt bevestigd door een "pieptoon" van de zoemer.
3.1 - TOETSEN
AFSTANDSBEDIENING (Afb.C)
• B1: Knop ON/OFF;
• B2: Knop "Timer";
• B3: Knop "Sleep";
• B4: Knop verhoging temperatuur/vertraging;
• B5: Knop Verlaging temperatuur/vertraging;
• B6: Knop "Ventilatie";
• B7: Knop "Modus"
koeling =>
=> ontvochtiging =>
=> alleen ventilator =>
=> verwarming (alleen actief in de versie met warmtepomp) =>
=> koeling => ...
• B8: Toets "Swing"

text_image
C B4 B6 B7 B2 B3 B5 B1 B8NL - 13
3.2 - SYMBOLEN EN TOETSEN BEDIENINGSPANEEEL (Afb.B)

text_image
B S7 S9 S5 S3 S4 S2 S3a D1S10 S8 S6 88 SW5 SW4 SW6SW2 SW3 SW1• SW1: Werking / Stand-by;
• SW2: Selectie werkwijze
koeling =>
=> ontvochtiging =>
=> alleen ventilator =>
=> verwarming (alleen actief in de versie met warmtepomp) =>
=> koeling => ...
• SW3: Verhoging temperatuur/vertraging;
• SW4: Verlaging temperatuur/vertraging;
- SW5: Timer-modus
• SW6: Ventilatiemodus / Werkwijze WiFi;
• D1: Ingestelde temperatuur/timer
• S0: Led ventilatie "High";
• S1: Led ventilatie "Medium";
• S2: Led ventilatie "Low";
• S3a: Led koelmodus;
- S3b: Led werkwijze verwarming (uitsluitend in de versie met warmtepomp);
• S4: Led ontvochtigingsmodus;
• S5: Led ventilatiemodus;
• S6: Led Timer-modus;
• S7: Led Sleep-modus;
• S8: Led oscillatie;
• S9: Led waterbak vol;
• S10: Led werkwijze WiFi.
3.3 - GEBRUIK VAN DE AFSTANDSBEDIENING
De afstandsbediening die bij de klimaatregelaar geleverd is, is een instrument dat u in staat stelt het apparaat op een zo comfortabel mogelijke manier te gebruiken.
Dit instrument moet met zorg gehanteerd worden, met name:
- Maak het niet nat (niet met water reinigen of aan de weersomstandigheden blootgesteld laten).
- Niet op de grond laten vallen of er hard tegen stoten.
- Blootstelling aan direct zonlicht vermijden.

- De afstandsbediening werkt met infrarood technologie.
- Tijdens het gebruik mogen geen obstakels tussen de afstandsbediening en de klimaatregelaar aanwezig zijn.
- Indien andere apparaten met een afstandsbediening in de ruimte gebruikt worden (TV, stereo, enz..) zouden storingen kunnen ontstaan.
- Elektronische of fluorescente lampen kunnen de zendingen tussen afstandsbediening en klimaatregelaar storen.
- Verwijder de batterijen indien de afstandsbediening lange tijd niet gebruikt wordt.
3.3.a - Plaatsing van de batterijen
Om de batterijen correct te plaatsen (niet geleverd):
a. Verwijder het deurtje van het batterijvak (afb. 14).
b. Steek er de batterijen in (afb. 14).

Neem de positie van de polen strikt in acht, deze staan aangeduid op de bodem van het vak.
c. Sluit opnieuw het deurtje.
NL - 14

OLIMPIA SPLENDID
3.3.b - Vervanging van de batterijen

Gebruik altijd nieuwe batterijen.
Als oude batterijen worden gebruikt of batterijen van een ander type kan dit een slechte werking van de afstandbediening veroorzaken.
- Voor de afstandsbediening zijn twee droge alkalinebatterijen vereist van 1,5V (AAA.) (Afb.14).

Zijn de batterijen eenmaal op dan moeten beide vervangen worden en voor vuilverwerking naar de speciale verzamelpunten gebracht worden, zoals geregeld wordt door de plaatselijke wetgeving
- Als u de afstandsbediening enkele weken of meer niet gebruikt, de batterijen verwijderen. Batterijlekken kunnen de afstandsbediening beschadigen.

De batterijen niet laden of demonteren. De batterijen niet in het vuur werpen. Annen branden of ontploffen.

Als de vloeistof van de batterijen op de huid of kleding terechtkomt, zorgvuldig was- sen met zuiver water. De afstandsbediening niet gebruiken met batterijen die reeds lekten. De chemische producten aanwezig in de batterijen kunnen brandwonden of andere risico's voor de gezondheid met zich meebrengen.
3.3.c - Positie van de afstandsbediening
- Houd de afstandsbediening in een positie waarin het signaal de ontvanger (29) van het apparaat kan bereiken (maximum afstand circa 5 meter - met geladen batterijen) (Afb.D).
Door de aanwezigheid van obstakels (meubels, gordijnen, wanden enz.) tussen de afstandsbediening en het apparaat wordt het bereik van de afstandsbediening verminderd.

text_image
D ~5m 293.4 - GEBRUIK VAN HET APPARAAT
Handel als volgt om het apparaat te gebruiken.

Om eventuele beschadiging van de compressor te voorkomen, wordt iedere start met 3 minuten vertraagd ten opzichte van de laatste uitschakeling.
3.4.a - Voorafgaande handelingen

- Breng het apparaat in positie op een stabiel vlak, dat niet hellend is, op minstens 50 cm van de muur of van ieder ander object, om de correcte luchtcirculatie te garanderen. Plaats het op een oppervlak dat bestand tegen water is omdat eventueel naar buiten lekkend water de meubels of de vloer schade kan berokkenen.
- Plaats het apparaat niet rechtstreeks op tapijten, handdoeken, dekens of andere absorberende oppervlakken.
- Steek de stekker in het stopcontact; het toestel geeft een "piep", alle leds gaan een aantal seconden branden en het apparaat gaat in de stand-by.

Voordat het apparaat elektrisch aangesloten wordt, moet gecontroleerd worden of de gegevens die op het plaatje staan overeenkomen met die van het elektrische distributienet.
NL - 15
3.4.b - Inschakeling/uitschakeling apparaat
a. Het apparaat kan voor korte tijde ingeschakeld of uitgeschakeld wordt door op de afstandsbediening op B1 of op het controlepaneel op SW1 te drukken (voor een langdurige stilstand moet het apparaat gedeactiveerd worden door de stekker uit het stopcontact te trekken).
b. Bij een langdurige stilstand van het apparaat moet het gereset worden door de stekker uit het stopcontact te trekken, 5÷10 seconden te wachten en de stekker weer naar binnen te steken; en pieptoon geeft aan dat het apparaat gereed voor het gebruik is.
Voor de instelling van het automatisch in- of uitschakelen van het toestel, zie de paragraaf "Timer-modus".
3.5 - WERKWIJZE KOELING (COOL)
a. Door deze werkwijze in te stellen, ontvochtigt en koelt het apparaat de omgeving.
Deze werkwijze kan geselecteerd worden door op B7 of SW2 te drukken tot de Led koeling (S3a) geactiveerd wordt op het display van het bedieningspaneel.
b. Het temperatuurinstelpunt (ingestelde temperatuur) kan worden ingesteld van 16°C tot 31°C in stappen van 1°C met B4/B5 of SW3/SW4 en de overeenkomstige waarde verschijnt op het display.
c. (Maximaal) drie minuten na de activering van deze werkwijze gaat de compressor van start en begint het apparaat koele lucht af te geven.
3.6 - WERKWIJZE ONTVOCHTIGING (DRY)
a. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door op B7 of SW2 te drukken tot de Led ontvochtiging (S4) geactiveerd wordt op het display van het bedieningspaneel.
b. In de werkwijze DRY, is het niet mogelijk de snelheid van de ventilator te selecteren of de temperatuur te regelen. De motor van de ventilator werkt op lage snelheid.
c. Houd deuren en ramen gesloten voor het beste ontvochtigingseffect.
Niet de leiding voor de luchtuitstoot in positie brengen op het raam.
d. Sluit de leiding voor de condensafvoer aan (paragraaf 2.5).
3.7 - VENTILATIEWERKWIJZE (FAN)
a. Door deze werkwijze te gebruiken, zal het apparaat geen enkele effect hebben, noch op de temperatuur noch op de luchtvochtigheid in het vertrek, maar de lucht alleen in circulatie houden.
b. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door op B7 of SW2 te drukken tot de Led ventilatie (S5) geactiveerd wordt op het display van het bedieningspaneel.
c. In deze bedrijfsmodus is de interne ventilator altijd ingeschakeld en kan het gewenste toerental via B6 of SW6 worden geselecteerd; de bijbehorende LED's "High" (S0), "Medium" (S1) of "Low" (S2) lichten op.
3.8 - WERKWIJZE VERWARMING (HEAT) (uitsluitend HP machines)
a. Door deze werkwijze in te stellen, verwarmt het apparaat de ruimte.
Deze werkwijze kan geselecteerd worden door op B7 of SW2 te drukken tot de Led verwarming (S3b) geactiveerd wordt op het display van het bedieningspaneel.
b. Het temperatuurinstelpunt (ingestelde temperatuur) kan worden ingesteld van 16°C tot 31°C in stappen van 1°C met B4/B5 of SW3/SW4 en de overeenkomstige waarde verschijnt op het display.
c. Drie minuten (maximale tijd) na de activering van de werkwijze gaat de compressor van start en beginnt het apparaat warmte af te geven.
d. Sluit de leiding voor de condensafvoer aan (paragraaf 2.5).
3.9 - SLEEP-MODUS
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
- Deze functie is niet beschikbaar in de werkwijze Ontvochtiging (DRY) en Alleen Ventilatie (FAN).
a. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door op B3 te drukken; de led "werkwijze Sleep" (S7) wordt op het display van het bedieningspaneel geactiveerd. Het apparaat verlaagt (in koeling) of verhoogt (in verwarming) de ingestelde temperatuur met 1°C (1 of 2 F) gedurende 1 uur.
b. Onderbreek de functie door op de toets (B3) op de afstandsbediening te drukken; de led (S7) gaat uit.
3.10 - WERKWIJZE TIMER
Deze modus kan worden gebruikt om een timer te activeren om het toestel in of uit te schakelen.
Volg de onderstaande instructies om de timer voor het INSCHAKELEN van het toestel te activeren:
a. Met het toestel in stand-by (met de stekker in het stopcontact) drukt u op B2 of SW5.
b. Wanneer LED S6 knippert, de gewenste tijdswaarde instellen met de toetsen B4/B5 of SW3/SW4. (0h (Timer uit) ---> 1h ---> 2h ---> .. 24h ---> 23h ---> 22h ---> .. 0h (Timer uit) ---> ..).
c. LED S6 blijft branden.
d. Het toestel schakelt automatisch in wanneer het de vooraf ingestelde tijd bereikt.
Volg de onderstaande instructies om de timer voor het UITSCHAKELEN van het toestel te activeren:
a. Met de armatuur ingeschakeld (Led S8 actief) druk op B2 of SW5.
b. Wanneer LED S6 knippert, de gewenste tijdswaarde instellen met de toetsen B4/B5 of SW3/SW4. (0h (Timer uit) ---> 1h ---> 2h ---> .. 24h ---> 23h ---> 22h ---> .. 0h (Timer uit) ---> ..).
c. LED S6 blijft branden.
d. Het toestel schakelt automatisch uit wanneer het de vooraf ingestelde tijd bereikt.
3.11 - FUNCTIE SWING
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
a. Wanneer het apparaat gestart wordt, gaat de flap (23) geheel open.
b. Door op de toets "SWING" (B8) op de afstandsbediening te drukken, begint de flap automatisch te bewegen.
c. Druk om de flap in een bepaalde positie te stoppen op de toets "SWING" (B8).
Druk er opnieuw op om het oscilleren opnieuw te starten.
3.12 - FUNCTIE WIFI
a. Druk ongeveer 5 seconden lang op SW6; de functie "Wifi" wordt geactiveerd en de led (S10) begint te knipperen.

De led (S10) stopt met knipperen en blijft op het display branden als het apparaat zich verbindt met de smartphone.

De instructies voor de verbinding met het wifi-netwerk en het gebruik van de app kunnen worden gevonden op de website www.olimpiasplendid.com onder download.
4 - ONDERHOUD EN REINIGING

Alvorens tot ongeacht welke onderhoudsingreep en reiniging over te gaan, moet altijd gecontroleerd worden of de voedingsstekker uit het stopcontact van de installatie getrokken is.

Raak de metalen delen van het apparaat niet aan wanneer het filter weggenomen wordt. Risico op letsels door de scherpe metalen randen.

Gebruik geen water om de interne delen van de airco te reinigen. De blootstelling aan water kan de isolatie beschadigen waardoor risico voor elektrische schokken optreedt.
NL - 17
4.1 - REINIGING
4.1.a - Reiniging van het apparaat en van de afstandsbediening
a. Gebruik een droge doek om het apparaat en de afstandsbediening te reinigen.
b. Als het apparaat zeer vuil is kunt u voor de reiniging een met koud water bevochtigde doek gebruiken.

Gebruik geen antistatische of chemisch behandelde doek om het apparaat te reinigen.

Gebruik geen benzine, oplosmiddelen, polijstpasta of soortgelijke middelen. producten kunnen de pvc oppervlakken vervormen of breuken veroorzaken.
4.1.b - Reiniging van het aanzuigfilter
Om een doeltreffende filtering van de binnenlucht en een goede wer king van uw airconditioner te waarborgen is het absoluut noodzakelijk om de luchtfilters regelmatig te reinigen.

Het vuile luchtfilter vermindert de koelcapaciteit van het apparaat. Zorg er dus voor het filter om de twee weken te reinigen.
a. Koppel het rooster (27) compleet met filter (27a) los en til het op om het van het apparaat weg te nemen (Afb.15).
b. Verwijder het filter (27a) van het rooster (27) (Afb.16).
c. Reinig het filter (27a) met een stofzuiger of was het met water, laat het drogen op een koele plek.
d. Zuig eventuele pluizen op van de lamellen (Afb.17).

Als het filter (27a) beschadigd is, vervang het dan.
e. Controleer of het filter (27a) volledig droog is.
f. Plaats het filter (27a) terug in het rooster (27) en let goed op zijn correcte plaatsing.
g. Plaats het rooster (27) compleet met filter (27a) terug op het apparaat en controleer of het correct vast gekoppeld wordt (Afb.18).

Gebruik het apparaat niet zonder het filter (27a).
4.1.c - Wenken voor de energiebesparing
Vervolgens enkele tips om het verbruik te beperken:
- Houd de filters altijd proper (zie hoofdstuk onderhoud en reiniging).
- Houd de deuren en de vensters van de kamers gesloten waar de airco werkt.
- Vermijd dat zonlicht de kamer binnendringt (wij adviseren het gebruik van gordijnen, blinden of rolluiken).
- Verstop niet de (inkomende en uitgaande) luchtstroom van het apparaat; naast het feit dat dan geen optimaal rendement verkregen wordt, compromitteert het ook de correcte werking van het apparaat en is het mogelijk dat onherstelbare defecten optreden.
4.2 - ONDERHOUD
Als voorzien wordt dat het apparaat lange tijd niet gebruikt wordt, handel dan als volgt:
a. Activeer enkele uren de werkwijze alleen ventilator (circa 1÷2 uur) om de binnenkant van het apparaat te drogen.
b. Stop de airco en sluit de voeding af.
c. Reinig de luchtfilters.
d. Voer het condenswater volledig af.
e. Wikkel de elektrische voedingskabel (34) rond de haspel (33) en plaats de stekker in de daarvoor bestemde behuizing (31) (Afb.21).
f. Verwijder de batterijen uit de afstandsbediening.
g. Doe het toestel terug in de originele verpakking en bewaar het op een koele, droge plaats uit de buurt van direct zonlicht.
NL - 18

Bewaar het toestel niet in een vochtige of bijzonder vuile omgeving.
Controles alvorens de airco weer in werking te stellen:
a. Na een lange periode inactiviteit van de airconditioner de filters reinigen.
b. Controleer of de uitgang of ingang van de lucht niet is verstopt (vooral na een lange periode van inactiviteit van de airconditioner).
4.2.a - Afvoer condenswater
Wanneer het condenswater in de onderste bak het vooraf bepaalde niveau bereikt, geeft het apparaat een geluidssignaal en gaat de LED (S9) branden. In dit geval:
a. Trek de stekker uit het stopcontact.
b. Verplaats het apparaat voorzichtig naar een positie die geschikt is om het water af te voeren.
c. Verwijder de afvoerdop (32) en het rubber dopje (32a) (Afb.19).

Controleer of de afvoerdop (32) correct vastgeschroefd is om te voorkomen dat water lekt.
d. Laat al het water naar buiten komen.
e. Plaat het rubber dopje (32a) terug en schroef de afvoerdop (32) vast (Afb.20).
f. Steek de stekker in het stopcontact.

Als de fout herhaald wordt, neem dan contact op met een Assistentiecentrum.
Raadpleeg voor de technische gegevens het gegevensplaatje dat op het product aangebracht is (Afb.2).
6 - ONGEMAKKEN EN MOGELIJKE OPLOSINGEN
Probeer niet het apparaat zelf te repareren.
Als de storing niet is opgelost, neem dan contact op met de plaatselijke verkoper of het dichtst bijgelegen service center. Verstrek gedetailleerde informatie over de storing en het model van het apparaat.
| SLECHTE WERKING | OORZAAK | WAT TE DOEN? |
| Het apparaat werkt niet. | Er is geen stroom.De stekker zit niet in het stopcontact. | Wacht even.Steek de stekker in het stopcontact. |
| Het apparaat wordt niet ingeschakeld. | Led S9 aanIn de werkwijze KOELING: de omgevings-temperatuur is lager dan de ingestelde temperatuur | De tray voor het opvangen van het water is vol.Schakel het apparaat uit, voer het water uit de tray af en herstart het apparaat vervolgens. Stel de temperatuur opnieuw in >>>> |
| SLECHTE WERKINGHet apparaat wordt niet ingeschakeld. | OORZAAKIn de werkwijze VERWARMING: de omgevingstemperatuur is hoger dan de ingestelde temperatuur. | WAT TE DOEN?Stel de temperatuur opnieuw in. |
| Het apparaat werkt alleen voor korte tijd. | De ingestelde temperatuur is te dichtbij de omgevingstemperatuur.____De aanzuiging van de buitenlucht wordt belemmerd. | Verlaag de ingestelde temperatuur.____Verwijder de obstakels.Neem contact op met de Servicedienst. |
| Het apparaat koelt niet goed. | De luchtfilters zijn verstopt door vuil, pluizen of haar van huisdieren.____De afvoerleiding is niet aangesloten of is geblokkeerd.____Het apparaat heeft een laag niveau koelmiddel.____De instelling van de temperatuur is te hoog.____De ramen en de deuren van het vertrek zijn open.____De zone van het vertrek is te groot.____Er zijn warmtebronnen in de kamer. | Schakel het apparaat uit en reinig de filters door de instructies te volgen.____Schakel het apparaat uit, sluit de leiding af, verwijder de eventuele obstructie en sluit de afvoerleiding weer aan.____Neem contact op met een service center om het apparaat te laten inspecteren en bij te vullen met koelmiddel.____Verlaag de ingestelde temperatuur.____Controleer of alle ramen en deuren dicht zijn____Controleer opnieuw het koelgebied.____Verwijder de warmtebronnen, indien mogelijk. |
| Het apparaat is lawaaiig en trilt overmatig. | Het draagvlak van het apparaat is niet genivelleerd.____De luchtfilters zijn verstopt door vuil, pluizen of haar van huisdieren. | Plaats het apparaat op een stabiel, vlak en genivelleerd oppervlak.____Schakel het apparaat uit en reinig de filters door de instructies te volgen. |
| Tijdens het verplaatsen van de airconditioner komt er water uit. | De airconditioner is schuin gehouden of op zijn kant gelegd. | Voordat het apparaat verplaatst wordt moet het water verwijderd worden. |
| Het display geeft “E0” aan. | Omgevingstemperatuursensor defect. | Neem contact op met de Servicedienst. |
| Het display geeft “E1” aan. | Temperatuursensor van condensor defect. | Neem contact op met de Servicedienst. |
| Het display geeft “E2” aan. | Waterreservoir vol terwijl de werkwijze koe-ling geactiveerd is. | Leeg het waterreservoir zoals in de specifieke paragraaf is beschreven. |
| Het display geeft “E3” aan. | Temperatuursensor verdamper defect. | Neem contact op met de Servicedienst. |
| Het display geeft “E4” aan. | Waterreservoir vol terwijl de werkwijze ver-warming geactiveerd is. | Leeg het waterreservoir zoals in de specifieke paragraaf is beschreven. |
0 - ΠΡΟΕΙΔΟΠΟΙΗΣΕΙΣ 2
Het symbool op het product of op de verpakking geeft aan dat het product niet als normaal huishoudafval beschouwd moet worden maar naar een verzamelcentrum gebracht moet worden voor het recyclen van elektrische en elektronische apparatuur. Door dit product op correcte wijze als vuil te verwerken, worden potentieel negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid vermeden. Deze gevolgen zouden kunnen voortkomen uit een verkeerde vuilverwerking van het product. Voor meer gedetailleerde informatie over de recycling van dit product dient contact opgenomen te worden met het gemeentekantoor, de plaatselijke vuilophaaldienst of de winkel waarin het product gekocht is. Dit voorschrift geldt alleen in de Lidstaten van de EU.









