HILTI TE 50 - Boor

TE 50 - Boor HILTI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TE 50 HILTI in PDF-formaat.

📄 195 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice HILTI TE 50 - page 69
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HILTI

Model : TE 50

Categorie : Boor

Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TE 50 - HILTI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TE 50 van het merk HILTI.

GEBRUIKSAANWIJZING TE 50 HILTI

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING TE 50 / TE 50‑AVR Combihamer Lees de handleiding vóór het eerste gebruik beslist door. Bewaar deze handleiding altijd bij het appa- raat. Geef het apparaat alleen samen met de hand- leiding aan andere personen door. Inhoud Pagina1 Algemene opmerkingen 662 Beschrijving 673 Gereedschap, toebehoren 694 Technische gegevens 695 Veiligheidsinstructies 716 Inbedrijfneming 737 Bediening 748 Verzorging en onderhoud 769 Foutopsporing 7610 Afval voor hergebruik recyclen 7711 Fabrieksgarantie op apparatuur 7812 EG-conformiteitsverklaring (origineel) 78 1 Deze nummers verwijzen naar afbeeldingen. Deafbeel- dingen bij de tekst vindt u op de uitklapbare omslagpa-gina's. Houd deze bij het bestuderen van de handleidingopen.In de tekst van deze handleiding wordt met »het appa-raat« altijd de combihamer TE 50 of TE 50‑AVR bedoeld.Bedienings- en indicatie-elementen 1 Gereedschapopname Functiekeuzeschakelaar Regelschakelaar Voedingssnoer Zijhandgreep Diepteaanslag Service-indicatie Aanduiding diefstalbeveiliging (optioneel) Active Vibration Reduction AVR (alleen TE 50‑AVR) 1 Algemene opmerkingen 1.1 Signaalwoorden en hun betekenisGEVAARVoor een direct dreigend gevaar dat tot ernstig letsel oftot de dood leidt.WAARSCHUWING Voor een eventueel gevaarlijke situatie die tot ernstig letsel of tot de dood kan leiden.ATTENTIEVoor een eventueel gevaarlijke situatie die tot licht letselof tot materiële schade kan leiden.AANWIJZINGVoor gebruikstips en andere nuttige informatie.1.2 Verklaring van de pictogrammen en overigeaanwijzingenWaarschuwingstekensWaarschu-wing vooralgemeengevaarWaarschu-wing voorgevaarlijkeelektrischespanningWaarschu-wing voor heet oppervlak

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Gebodstekens Veiligheids- bril dragen Helm dragen Oorbescher- mers dragen Werkhand- schoenen dragen Licht stofmasker dragen Symbolen Vóór het gebruik de handleiding lezen Afval voor hergebruik recyclen Boren zonder slag Hamerboren Beitelen Beitel positioneren Volt Ampère Watt Wissel- stroom Hertz Nominaal nullasttoe- rental Omwentelin- gen per minuut Diameter Dubbel geïsoleerd Verwijzing naar beveiliging tegen diefstal Slotsymbool Plaats van de identificatiegegevens op het apparaat Het type en het seriekenmerk staan op het typeplaatje van uw apparaat. Neem deze gegevens over in uw hand- leiding en geef ze altijd door wanneer u onze vertegen- woordiging of ons servicestation om informatie vraagt. Type: Serienr.: 2 Beschrijving

2.1 Gebruik volgens de voorschriften

Het apparaat is een elektrisch aangedreven combihamer met pneumatisch slagwerk. Het apparaat is bestemd voor boorwerkzaamheden in beton, metselwerk, metaal en hout. Het apparaat kan daarnaast voor lichte tot middelzware beitelwerkzaamheden in metselwerk en voor de nabehandeling van beton worden gebruikt. Materialen die schadelijk zijn voor de gezondheid (bijv. asbest) mogen niet worden bewerkt. Neem ook de lokale wetgeving m.b.t. de arbeidsomstandigheden in acht. Het apparaat is bestemd voor de professionele gebruiker en mag alleen door geautoriseerd, onderricht personeel bediend, onderhouden en gerepareerd worden. Dit personeel moet speciaal op de hoogte zijn gesteld van de mogelijke gevaren. Het apparaat en de bijbehorende hulpmiddelen kunnen gevaar opleveren als ze door ongeschoolde personen onjuist of niet volgens de voorschriften worden gebruikt. De werkomgeving kan zijn: bouwplaats, werkplaats, renovatie, verbouw of nieuwbouw. Het apparaat mag alleen in een droge omgeving worden gebruikt. Gebruik het apparaat niet op plaatsen waar het risico van explosie en brand bestaat. Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt met de netspanning en -frequentie die op het typeplaatje staan aangegeven. Aanpassingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan. Gebruik ter voorkoming van letsel alleen originele Hilti toebehoren en apparaten. Neem de specificaties in de handleiding betreffende het gebruik, de verzorging en het onderhoud in acht.

Instelbare regelschakelaar om zacht aan te boren. Functiekeuzeschakelaar: Hamerboren Boren zonder slag Beitelfunctie Beitelinstelfunctie (12 standen)

Vibratiegedempte, zwenkbare zijhandgreep Handgreep met vibratiedemping

2.5 Veiligheidsinrichting

Mechanische slipkoppeling Elektronische aanloopblokkering tegen het onbedoeld aanlopen van het apparaat na een stroomonderbreking (zie hoofdstuk 9 Foutopsporing).

Het apparaat is uitgerust met een "Active Vibration Reduction" (AVR) systeem, waardoor de vibratie ten opzichte van de waarde zonder "Active Vibration Reduction" significant wordt gereduceerd.

2.8 Diefstalbeveiliging TPS (optioneel)

Het apparaat kan optioneel met de functie "beveiliging tegen diefstal TPS" zijn uitgerust. Is het apparaat met deze functie uitgerust, dan kan het alleen met de bijbehorende vrijschakelsleutel worden vrijgeschakeld en gebruikt.

2.9 Aanduidingen met lichtsignaal

Service-indicatie met lichtsignaal (zie het hoofdstuk "Verzorging en onderhoud") Aanduiding van diefstalbeveiliging (optioneel verkrijgbaar) (zie het hoofdstuk "Bediening")

2.10 Inbegrepen bij de levering van de standaarduitrusting zijn:

1 Apparaat met zijhandgreep 1 Hilti koffer 1Handleiding 1 Diepteaanslag 1Poetsdoek 1Vet

2.11 Gebruik van verlengsnoeren

Gebruik alleen verlengsnoeren die voor de toepassing zijn toegestaan en een voldoende diameter hebben. Anders kan vermogensverlies van het apparaat en oververhitting van het snoer optreden. Controleer het verlengsnoer regelmatig op beschadigingen. U dient beschadigde verlengsnoeren te vervangen. Aanbevolen minimale diameters en max. snoerlengtes: Snoerdiameter 1,5 mm² 2 mm² 2,5 mm² 3,5 mm² Netspanning 100 V 30 m 50 m Netspanning 110‑120 V 20 m 30 m 40 m Netspanning 220‑240 V 30 m 75 m

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Gebruik geen verlengsnoer met een snoerdiameter van 1,25 mm².

2.12 Verlengsnoer buiten

Gebruik buiten alleen voor dit doel goedgekeurde en overeenkomstig gekenmerkte verlengsnoeren.

2.13 Het gebruik van een generator of transformator

Dit apparaat kan met een generator of transformator van de bouwplaats worden aangedreven, wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan: afgegeven vermogen in watt minstens het dubbele van wat op het typeplaatje van het apparaat staat aangegeven, de bedrijfsspanning dient altijd binnende+5%en‑15%tenopzichtevande nominale spanning te liggen en de frequentie moet 50 tot 60 Hz en nooit meer dan 65 Hz bedragen, en er dient een automatische spanningsregelaar met aanloopversterking voorhanden te zijn. Gebruik naast de generator/transformator in geen geval gelijktijdig andere apparaten. Het in- en uitschakelen van andere apparaten kan onderspannings- en/of overspanningspieken veroorzaken, waardoor het apparaat beschadigd kan raken. 3 Gereedschap, toebehoren Omschrijving Artikelnummer, beschrijving Beveiliging tegen diefstal TPS (Theft Protection Sys- tem) met Company Card, Company Remote en vrij- schakelsleutel TPS‑K 206999, Optioneel Gereedschapopname TE‑Y Insteekgereedschap Insteekgereedschap met TE‑Y insteekeinde Snelspanopname Snelspanopname voor hout- en metaalboren met cilin- drische schacht of zeskant, boorhouder Stofafzuiging TE DRS‑S Omschrijving Beschrijving Hamerboren ∅ 12…32 mm Boor voor doorvoerboringen ∅ 30…32 mm Hamerboorkroon ∅ 45…90 mm Beitel Puntbeitel, platte beitel en vormbeitel met TE‑Y insteek- einde Houtboren ∅ 6…35 mm Metaalboren ∅ 6…13 mm 4 Technische gegevens Technische wijzigingen voorbehouden! AANWIJZING Het apparaat wordt in verschillende uitvoeringen, met een variërende nominale spanning aangeboden. De nominale spanning en het nominale ingangsvermogen van uw apparaat staan vermeld op het typeplaatje. Apparaat TE 50 / TE 50‑AVR Nominaal ingangsvermogen 1.050 W Nominale spanning/Nominale stroom Nominale spanning 100 V: 12,8 A Nominale spanning 110 V: 12,6 A Nominale spanning 120 V: 12,7 A Nominale spanning 220 V: 5,7 A Nominale spanning 230 V: 5,8 A Nominale spanning 240 V: 5,8 A

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Apparaat TE 50 / TE 50‑AVR Netfrequentie 50…60 Hz Gewicht conform EPTA‑Procedure 01/2003 TE 50 5,7 kg Gewicht conform EPTA‑Procedure 01/2003 TE 50‑AVR 5,8 kg Afmetingen (L x B x H) 462 mm X 113 mm X 243 mm Nullasttoerental 550/min Slagenergie conform EPTA‑procedure 05/2009 5,2 J Boorbereik in beton/metselwerk (hamerboren) ∅ 12…32 mm Boren van doorvoeringen ∅ 30…32 mm Hamerboorkronen ∅ 45…90 mm Boorbereik in hout (volboren) ∅ 6…35 mm Boorbereik in metaal (massief metaal) ∅ 6…13 mm AANWIJZING Het in deze aanwijzingen aangegeven trillingsniveau is overeenkomstig een in EN 60745 genormeerd meetproces gemeten en kan worden gebruikt voor een onderlinge vergelijking van elektrisch gereedschap. Het is ook geschikt voor een voorlopige inschatting van de trillingsbelasting. Het aangegeven trillingsniveau is representatief voor de belangrijkste gebruiksgebieden van het elektrisch gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter wordt gebruikt voor andere toepassingen, met afwijkende gereedschappen of als het onvoldoende wordt onderhouden, kan het trillingsniveau afwijken. Hierdoor kan de trillingsbelasting over de gehele gebruiksperiode duidelijk worden verhoogd. Voor een nauwkeurige inschatting van de trillingsbelasting moet ook rekening worden gehouden met de tijden waarin het apparaat is uitgeschakeld of weliswaar draait maar niet wordt gebruikt. Hierdoor kan de trillingsbelasting over de gehele gebruiksperiode duidelijk verminderen. Leg de overige veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de gebruiker tegen trillingen ook vast, zoals: Onderhoud van het elektrisch gereedschap en de gereedschappen, warmhouden van handen, organisatie van de werkzaamheden. Geluids- en vibratie-informatie (gemeten volgens EN 60745‑1 ): Typisch A‑gekwalificeerd geluidsvermogensniveau TE 50‑AVR 104 dB (A) Typisch A‑gekwalificeerd geluidsvermogensniveau TE 50 106 dB (A) Typisch A-gekwalificeerd emissiegeluidsniveau TE 50‑AVR 93 dB (A) Typisch A-gekwalificeerd emissiegeluidsniveau TE 50 95 dB (A) Onzekerheid voor het genoemde geluidsniveau 3 dB (A) Triaxiale vibratiewaarden TE 50‑AVR (vibratie-vectorsom) gemeten volgens EN 60745‑2‑1 prAA: 2005 Boren in metaal, (a h, D )<2,5m/s² Triaxiale vibratiewaarden TE 50‑AVR (vibratie-vectorsom) gemeten volgens EN 60745‑2‑6 prAB: 2005 Hamerboren in beton, (a h, HD )11,4m/s² Beitelen, (a h, Cheq )8,1m/s² Triaxiale vibratiewaarden TE 50 (vibratie-vectorsom) gemeten volgens EN 60745‑2‑1 prAA: 2005 Boren in metaal, (a h, D )<2,5m/s² Triaxiale vibratiewaarden TE 50 (vibratie-vectorsom) gemeten volgens EN 60745‑2‑6 prAB: 2005 Hamerboren in beton, (a h, HD )16,1m/s² Beitelen, (a h, Cheq )11,3m/s² Onzekerheid (K) voor triaxiale vibratiewaarden 1,5 m/s²

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Informatie over het apparaat en het gebruik ervan Gereedschapopname TE‑Y Isolatieklasse volgens EN Isolatieklasse II (dubbel geïsoleerd) volgens EN 60745‑1 5 Veiligheidsinstructies

5.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen voor

WAARSCHUWING Lees alle aanwijzingen en veiligheidsvoorschrif- ten. Wanneer de veiligheidsvoorschriften en aanwij- zingen niet in acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot ge- volg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en voorschriften goed. Het in de veiligheidsvoorschrif- ten gebruikte begrip "elektrisch gereedschap" heeft betrekking op elektrische gereedschappen met net- voeding (met aansluitkabel) en op accu-aangedreven elektrische gereedschappen (zonder aansluitkabel).

5.1.1 Veiligheid op de werkplek

a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden. b) Werk niet met het apparaat in een explosieve om- geving waarin zich brandbare vloeistoffen, gas- senofstoffenbevinden.Elektrische gereedschap- pen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het apparaat verliezen.

5.1.2 Elektrische veiligheid

a) De aansluitstekker van het elektrisch gereed- schap moet in het stopcontact passen. De stek- ker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stek- kers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok. b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwar- mingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is. c) Houd het elektrisch gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok. d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het elektrisch gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapsde- len. Beschadigdeofindewargeraaktekabelsver- groten het risico van een elektrische schok. e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereed- schap werkt, dient u alleen verlengkabels te ge- bruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedge- keurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving absoluut noodzakelijk is, gebruik dan een lekstroomschakelaar. Het gebruik van een lekstroomschakelaar verkleint het risico op stroomschokken.

5.1.3 Veiligheid van personen

a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektri- sche gereedschap. Gebruik het elektrisch gereed- schap niet wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een mo- ment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrisch gereedschap kan tot ernstig letsel leiden. b) Draag een persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van een per- soonlijke beschermende uitrusting, zoals een stof- masker, slipvaste werkschoenen, een veiligheids- helm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, ver- mindert het risico op letsel. c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer of het elektrisch gereedschap is uitgeschakeld voor- dat u de stekker in het stopcontact steekt en/of de accu aanbrengt, of het gereedschap optilt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrisch gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleu- tels voordat u het elektrisch gereedschap inscha- kelt. Instelgereedschap of een sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot letsel leiden. e) Neem geen ongewone lichaamshouding aan. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektrisch gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte werkkleding. Draag geen loshan- gende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen.

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Loshangende kleding, sieraden en lange haren kun- nen door bewegende delen worden meegenomen. g) Wanneer stofafzuig- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuig- systeem kan de gevaren door stof beperken.

5.1.4 Gebruik en hantering van het elektrisch

gereedschap a) Overbelast het apparaat niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektri- sche gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven vermogensbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaar- lijk en moet worden gerepareerd. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of de accu uit het apparaat voordat u het gereedschap in- stelt, toebehoren wisselt of het apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld star- ten van het elektrisch gereedschap. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschap- pen buiten bereik van kinderen. Laat het gereed- schap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt. e) Ga zorgvuldig met het elektrisch apparaat om. Controleer of bewegende delen correct functio- nerenennietvastklemmenenofonderdelenge- broken of zodanig beschadigd zijn dat de werking van het apparaat nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde delen repareren voordat u het appa- raat gebruikt. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen. f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzet- gereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden. g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, in- zetgereedschappen enz. zó als voor dit apparaat is voorgeschreven. Let daarbij op de arbeidsom- standigheden en de uit te voeren werkzaamhe- den. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.

a) Laat het apparaat alleen repareren door gekwa- lificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het elektrisch ge- reedschap in stand blijft.

5.2 Veiligheidsaanwijzingen voor hamers

a) Draag oorbeschermers. De inwerking van geluid kan gehoorbeschadiging veroorzaken. b) Gebruik de extra handgreep die bij de levering van het apparaat is inbegrepen. Verlies van controle kan tot lichamelijk letsel leiden. c) Houd het apparaat alleen vast aan de geïso- leerde greepgedeelten, wanneer u werkzaamhe- den uitvoert waarbij het inzetgereedschap ver- dekte stroomleidingen of het eigen netsnoer kan raken. Door het contact met een spanningvoerende leiding kunnen ook metalen delen van apparaten onder spanning komen te staan, hetgeen tot een elektrische schok kan leiden.

5.3 Aanvullende veiligheidsinstructies

5.3.1 Veiligheid van personen

a) Houd het apparaat altijd met beide handen vast aan de daarvoor bestemde handgrepen. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. b) Wanneer het apparaat zonder stofafzuiging wordt gebruikt, dient u bij werkzaamheden waarbij stof vrijkomt een licht stofmasker te dragen. c) Neem pauzes en doe ontspannings- en vingeroe- feningen, voor een betere doorbloeding van uw vingers. d) Raak geen roterende delen aan. Schakel het ap- paraat pas in het werkgebied in. Het aanraken van roterende delen, met name roterend gereedschap, kan lichamelijk letsel tot gevolg hebben. e) Leid het net- en het verlengsnoer tijdens het werk altijd naar achteren van het apparaat weg. Dit vermindert het risico om over het snoer te vallen. f) Kinderen moet duidelijk worden gemaakt dat het apparaat geen speelgoed is. g) Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik door kinderen of door zwakke, ongeschoolde perso- nen. h) Stof van materiaal zoals loodhoudende verf, som- mige houtsoorten, mineralen en metaal kunnen scha- delijk voor de gezondheid zijn. Het in contact komen met of het inademen van dit stof kan leiden tot aller- gische reacties en/of aandoeningen van de luchtwe- gen bij de gebruiker of personen die zich in de buurt bevinden. Bepaalde stoffen, zoals eiken- of beuken- stof, staan bekend als kankerverwekkend, in het bij- zonder in combinatie met houtbewerkingsmiddelen (chromaat, houtbeschermingsmiddelen). Asbesthou- dend materiaal mag alleen door vakkundig personeel worden bewerkt. Zo mogelijk gebruik maken van stofafzuiging. Om een betere stofafzuiging te ver- krijgen, gebruikmaken van een geschikte, door Hilti aanbevolen en op dit elektrisch apparaat af- gestemde mobiele stofafzuiging voor hout- en/of mineraalstof. Zorg voor een goede ventilatie van de werkruimte. Het wordt geadviseerd een adem- masker met filterklasse P2 te dragen. De in uw land geldende voorschriften bij de te bewerken materialen in acht nemen.

5.3.2 Gebruik en onderhoud van elektrische

gereedschappen a) Borg het werkstuk. Gebruik spaninrichtingen of een bankschroef om het werk vast te zetten. Op

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02deze manier zit het beter vast dan met de hand, en bovendien heeft u beide handen vrij om het apparaat te bedienen. b) Controleer of het gereedschap het bij het appa- raat passende opnamesysteem heeft en correct in de gereedschapopname vergrendeld is. c) Bij een stroomonderbreking het apparaat uitscha- kelen en de stekker uit het stopcontact halen. Dit voorkomt dat het apparaat per ongeluk wordt inge- schakeld wanneer het weer onder spanning komt te staan. d) Let erop dat u een stabiele en veilige houding heeft.

5.3.3 Elektrische veiligheid

a) Controleer het werkgebied voordat u begint te werken op verdekt liggende elektrische leidingen, gas- en waterleidingen, bijv. met een metaalde- tector. Externe metalen delen van het apparaat kun- nen onder spanning komen te staan als u per ongeluk bijv. een elektrische leiding beschadigt. Dit vormt een ernstig gevaar van een elektrische schok. b) Controleer regelmatig het voedingssnoer van het apparaat, en laat dit in geval van beschadiging vernieuwen door een erkend vakman. Wanneer het netsnoer van het elektrisch gereedschap be- schadigd is, dient dit door een speciaal ver- vaardigd netsnoer te worden vervangen. Dit kan verkregen worden bij de klantenservice. Contro- leer de verlengsnoeren regelmatig en vervang deze in geval van beschadiging. Wordt het net- of verlengsnoer tijdens de werkzaamheden be- schadigd, dan mag u het snoer niet aanraken. Haal de stekker uit het stopcontact. Beschadigde voedings- en verlengsnoeren houden het risico van een elektrische schok in. c) Laat vuile apparaten bij een veelvuldige bewer- king van geleidend materiaal regelmatig door de Hilti-service controleren. Vocht of stof dat zich aan het oppervlak van het apparaat hecht, met name van geleidend materiaal, kan onder ongunstige omstan- digheden tot een elektrische schok leiden. d) Wanneer u buiten met elektrisch gereedschap werkt, zorg er dan voor dat het apparaat met behulp van een lekstroombeveiligingschakelaar (RCD) met maximaal 30 mA afschakelstroom op het net is aangesloten. Het gebruik van een lekstroombeveiligingschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok. e) In principe wordt het gebruik van een lekstroom- beveiligingschakelaar (RCD) met maximaal 30 mA afschakelstroom aanbevolen. f) Bij een stroomonderbreking: het apparaat uit- schakelen en de stekker uit het stopcontact halen. Dit voorkomt dat het apparaat per ongeluk wordt in- geschakeld wanneer het weer onder spanning komt te staan.

a) Zorg voor een goede verlichting van het werkge- bied. b) Zorg voor een goede ventilatie van de werkom- geving. Slecht geventileerde werkruimtes kunnen als gevolg van de stofbelasting schadelijk zijn voor de gezondheid. c) Bij doorbraakwerkzaamheden dient u het gebied aan de overzijde van de werkzaamheden af te zet- ten. Er kunnen brokstukken naar buiten en / of naar beneden vallen, waardoor andere personen mogelijk letsel oplopen.

5.3.5 Persoonlijke veiligheidsuitrusting

De gebruiker en personen die zich in de buurt bevin- den, moeten tijdens het gebruik van het apparaat een geschikte veiligheidsbril, een helm, oorbeschermers, werkhandschoenen en een licht stofmasker dragen. 6 Inbedrijfneming

6.1 Zijhandgreep monteren en positioneren 2

ATTENTIE Om letsel te voorkomen dient u de diepteaanslag uit de zijhandgreep te verwijderen.

1. Haal de stekker uit het stopcontact.

2. Open de houder van de zijhandgreep door aan de

schapsopname op de schacht.

4. Draai de zijhandgreep in de gewenste stand.

5. Zet de zijhandgreep stevig vast door aan de greep

6.2 Apparaat vrijschakelen

Zie het hoofdstuk Bediening

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 026.3 Gebruik van verlengsnoer en generator of transformator Zie hoofdstuk 2 Beschrijving 7Bediening ATTENTIE Het apparaat heeft overeenkomstig zijn gebruiksdoelen een hoog toerental. Gebruik de zijhandgreep en werk altijd met twee handen aan het apparaat. De gebruiker moet voorbereid zijn op plotseling blokkerend gereed- schap. ATTENTIE Zet losse werkstukken vast met een spaninrichting of een bankschroef. ATTENTIE De tandwielkast mag niet als greepvlak worden ge- bruikt. ATTENTIE Controleer het gereedschap voor elk gebruik op be- schadigingen en onregelmatige slijtage.

ATTENTIE Draag bij het wisselen van gereedschap werkhand- schoenen, omdat het gereedschap heet wordt door het gebruik.

7.1.1 Diepteaanslag instellen 3

1. Open de houder van de zijhandgreep door aan de

2. Draai de zijhandgreep in de gewenste stand.

3. Plaats de houder met diepteaanslag in de gewenste

positie tegen de spanband.

4. Draai de schroef op de diepteaanslag los.

5. Stel de diepteaanslag en de gewenste boordiepte

6. Draai de schroef op de diepteaanslag vast.

7. Zetdezijhandgreepvastdooraandegreepte

draaien. Hierdoor wordt tegelijkertijd de diepteaan- slag bevestigd.

7.1.2 Gereedschap inzetten 4

1. Haal de stekker uit het stopcontact.

2. Controleer of het insteekeinde van het gereedschap

schoon en licht ingevet is. Zonodig dient u het insteekeinde te reinigen en in te vetten.

3. Controleer of de afdichtingslip van de stofkap

schoon is en in goede toestand verkeert. Maak zo nodig de stofkap schoon of vervang deze ingeval de afdichtingslip beschadigd is.

4. Breng het gereedschap in de gereedschapopname

en draai het met lichte aandrukkracht in tot het in de geleidegroef klikt.

5. Druk het gereedschap in de gereedschapopname

tot het hoorbaar inklikt.

6. Controleer of het gereedschap goed vergrendeld is

door er aan te trekken.

7.1.3 Gereedschap uitnemen 5

1. Haal de stekker uit het stopcontact.

2. Open de gereedschapopname door de gereed-

schapvergrendeling terug te trekken.

3. Trek het gereedschap uit de gereedschapopname.

ATTENTIE Door de bewerking van de ondergrond kan er materi- aal afsplinteren. Draag een veiligheidsbril, werkhand- schoenen en, wanneer u geen stofafzuiging gebruikt, een licht stofmasker. Afgesplinterd materiaal kan licha- melijk letsel en oogletsel veroorzaken. ATTENTIE Tijdens het werkproces wordt geluid geproduceerd. Draag oorbeschermers. Te hard geluid kan het gehoor beschadigen. ATTENTIE Neem pauzes en doe ontspannings- en vingeroefenin- gen, voor een betere doorbloeding van uw vingers.

7.2.1 Diefstalbeveiliging TPS (optioneel)

AANWIJZING Het apparaat kan optioneel met de functie "beveiliging tegen diefstal" zijn uitgerust. Is het apparaat met deze functie uitgerust, dan kan het alleen met de bijbehorende vrijschakelsleutel worden vrijgeschakeld en gebruikt.

7.2.1.1 Apparaat vrijschakelen 6

1. Steek de stekker van het apparaat in het stopcon-

tact. De gele lamp voor diefstalbeveiliging knippert. Het apparaat is nu gereed om signalen te ontvangen van de vrijschakelsleutel.

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 022. Breng de vrijschakelsleutel of de beugel van de TPS klok direct op het slotsymbool. Zodra de gele lamp tegen diefstalbeveiliging uitgaat, is het apparaat vrij- geschakeld. AANWIJZING Wordt de stroomtoevoer onderbro- ken, bijv. bij een wisseling van de werkomgeving of bij netuitval, dan kan het apparaat nog ong. 20 minu- ten functioneren. Bij langere onderbrekingen moet het apparaat m.b.v. de vrijschakelsleutel opnieuw worden vrijgeschakeld.

7.2.1.2 Activering van de diefstalbeveiligingsfunctie

voor het apparaat AANWIJZING Meer gedetailleerde informatie over de activering en het gebruik van de diefstalbeveiliging vindt u in de handlei- ding "Beveiliging tegen diefstal".

7.2.2 Boren zonder slag (A) 7

1. Draai de functiekeuzeschakelaar in de stand "Boren

zonder slag" tot hij inklikt. Tijdens bedrijf mag er niet aan de functiekeuzeschakelaar worden gedraaid.

2. Breng de zijhandgreep in de gewenste stand en

zorg ervoor dat hij op de juiste wijze gemonteerd en volgens voorschrift bevestigd is.

3. Steek de stekker in het stopcontact.

4. Plaats het apparaat met de boor op het gewenste

5. Druk langzaam op de regelschakelaar (werk met

een laag toerental, tot de boor in het boorgat ge- centreerd is).

6. Om met volledige capaciteit verder te werken, dient

de regelschakelaar volledig te worden doorgedrukt.

7. Oefen geen overmatige aandrukkracht uit. De boor-

capaciteit wordt daardoor niet verhoogd. Wanneer de aandrukkracht geringer is, is de levensduur van het gereedschap langer.

7.2.3 Hamerboren (B) 7

AANWIJZING Werken bij lage temperaturen: Om het slagmechanisme van hetapparaatte laten werken, is een minimale bedrijfs- temperatuur nodig. Om de minimale bedrijfstemperatuur te bereiken, plaatst u het apparaat kort op de ondergrond en laat u het in nullast draaien. Zonodig herhaalt u dit tot het slagmechanisme werkt.

1. Draai de functiekeuzeschakelaar in de stand "Ha-

merboren" tot hij inklikt. Tijdens bedrijf mag er niet aan de functiekeuzeschakelaar worden gedraaid.

2. Breng de zijhandgreep in de gewenste stand en

zorg ervoor dat hij op de juiste wijze gemonteerd en volgens voorschrift bevestigd is.

3. Steek de stekker in het stopcontact.

4. Plaats het apparaat met de boor op het gewenste

5. Druk langzaam op de regelschakelaar (werk met

een laag toerental, tot de boor in het boorgat ge- centreerd is).

6. Om met volledige capaciteit verder te werken, dient

de regelschakelaar volledig te worden doorgedrukt.

7. Oefen geen overmatige aandrukkracht uit. De slag-

capaciteit wordt daardoor niet verhoogd. Wanneer de aandrukkracht geringer is, is de levensduur van het gereedschap langer.

8. Om splinteren te voorkomen dient u bij het boren

van gaten het toerental kort voor de doorslag terug te schakelen.

AANWIJZING De beitel kan in 12 verschillende standen (in stappen van 30°) worden gezet. Hierdoor kan met platte beitels en vormbeitels altijd in een optimale houding worden gewerkt.

1. Draai de functiekeuzeschakelaar in de stand "Beitel

positioneren" tot hij inklikt. Tijdens bedrijf mag er niet aan de functiekeuzeschakelaar worden gedraaid.

2. Breng de zijhandgreep in de gewenste stand en

zorg ervoor dat hij op de juiste wijze gemonteerd en volgens voorschrift bevestigd is.

Draai de functiekeuzeschakelaar in de stand "Beitelen" tot hij inklikt. Tijdens bedrijf mag er niet aan de functie- keuzeschakelaar worden gedraaid.

7.2.4.3 Beitelen (D) 7

1. Steek de stekker in het stopcontact.

2. Plaats het apparaat met de beitel op het gewenste

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 028 Verzorging en onderhoud ATTENTIE Haal de stekker uit het stopcontact.

8.1 Verzorging van het gereedschap

Verwijder vastzittend vuil en bescherm het oppervlak van uw gereedschap tegen corrosie door het af en toe in te wrijven met een in olie gedrenkte poetsdoek.

8.2 Reiniging van het apparaat

ATTENTIE Het apparaat, in het bijzonder de greepgedeelten, schoon en vrij van olie en vet houden. Gebruik geen siliconenhoudende reinigingsmiddelen. De buitenste behuizing van het apparaat is gemaakt van stootvaste kunststof. Het greepgedeelte is van elasto- meer. Gebruik het apparaat nooit met verstopte ventilatiesleu- ven! Reinig de ventilatiesleuven voorzichtig met een droge borstel. Voorkom dat er vreemd materiaal in het apparaat binnendringt. Reinig de buitenkant van het ap- paraat regelmatig met een licht bevochtigde poetsdoek. Gebruik geen sproeiapparaat, stoomstraalapparaat of stromend water voor het reinigen! De elektrische veilig- heid van het apparaat kan daardoor in gevaar komen.

8.3 Service-indicatie

AANWIJZING Het apparaat is uitgerust met een service-indicatie. Aanduiding Is rood verlicht De looptijd voor een service is bereikt. Het apparaat kan vanaf dat de aandui- ding gaat branden nog voor enkele uren echte looptijd worden gebruikt voordat het apparaat automatisch wordt uitge- schakeld. Breng het apparaat tijdig naar de Hilti Service, zodat het altijd bedrijfs- klaar is. Knippert rood Zie het hoofdstuk Foutopsporing.

WAARSCHUWING Reparaties aan elektrische onderdelen mogen alleen door een elektrotechnicus worden uitgevoerd. Controleer regelmatig alle uitwendige delen van het ap- paraat op beschadigingen en ga na of alle bedieningsele- menten correct functioneren. Gebruik het apparaat niet wanneer er onderdelen beschadigd zijn of bedieningsele- menten niet correct functioneren. Laat het apparaat door de Hilti-service repareren.

8.5 Controle na schoonmaak- en

reparatiewerkzaamheden Na schoonmaak- en reparatiewerkzaamheden dient te worden nagegaan of veiligheidsinrichtingen correct en foutloos functioneren. 9 Foutopsporing Fout Mogelijke oorzaak Oplossing Apparaat start niet. Netstroomvoorziening onderbroken. Ander elektrisch gereedschap inbren- gen, functie controleren. Netsnoer of stekker defect. Door een elektrotechnicus laten con- troleren en eventueel vervangen. Generator met Sleep Mode. Generator met tweede verbruiker (bijv. bouwplaatslamp) belasten. Hierna het apparaat uit- en weer inschakelen. Ander elektrisch defect Door een elektrotechnicus laten con- troleren. De elektronische startblokkering na een stroomonderbreking is geacti- veerd. Schakel het apparaat uit en weer aan.

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 02Fout Mogelijke oorzaak Oplossing Slagmechanisme werkt niet. Apparaat is te koud. Apparaat op de minimale bedrijfstem- peratuur brengen Zie hoofdstuk: 7.2.3 Hamerboren (B) 7 Apparaat start niet en de indica- tie knippert rood. Schade aan het apparaat Laat het apparaat door de Hilti-service repareren. Apparaat start niet en de indica- tie is rood verlicht. Koolborstels versleten Door een elektrotechnicus laten con- troleren en eventueel vervangen. Apparaat start niet en de indica- tie knippert geel. Apparaat is niet vrijgeschakeld (op- tioneel bij apparaat met beveiliging tegen diefstal). Apparaat vrijschakelen met de vrij- schakelsleutel. Apparaat heeft geen volledig vermogen. Verlengsnoer te lang en / of met te geringe diameter. Verlengsnoer met toegestane lengte en / of met voldoende diameter ge- bruiken. Stroomvoorziening heeft te lage spanning. Apparaat op andere stroomvoorzie- ning aansluiten. Boor draait niet. Functiekeuzeschakelaar is niet ver- grendeld of bevindt zich in de stand "Beitelen" of in de stand "Beitel posi- tioneren". Functiekeuzeschakelaar tijdens stil- stand in de positie "Boren zonder slag" of "Hamerboren" brengen. Boor/beitel kan niet uit de ver- grendeling worden gehaald. Gereedschapopnamenietvolledig teruggetrokken. Gereedschapvergrendeling tot de aanslag terugtrekken en het gereed- schap uitnemen. Zijhandgreep niet correct gemon- teerd. Zijhandgreep losmaken en op de juiste wijze monteren, zodat de span- band en de zijhandgreep in de uitdie- ping zijn ingeklikt. 10 Afval voor hergebruik recyclen Hilti-apparaten zijn voor een groot deel vervaardigd uit materiaal dat kan worden gerecycled. Voor hergebruik is een juiste materiaalscheiding noodzakelijk. In veel landen is Hilti er al op ingesteld om uw oude apparaat voor recycling terug te nemen. Vraag hierover informatie bij de klantenservice van Hilti of bij uw verkoopadviseur. Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Overeenkomstig de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toe- passing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclingbedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen.

Printed: 08.07.2013 | Doc-Nr: PUB / 5070996 / 000 / 0211 Fabrieksgarantie op apparatuur Hilti garandeert dat het geleverde apparaat geen materiaal- of fabricagefouten heeft. Deze garantie geldt onder de voorwaarde dat het apparaat in overeenstemming met de handleiding van Hilti gebruikt, bediend, verzorgd en schoongemaakt wordt, en dat de technische uniformiteit gehandhaafd is, d.w.z. dat er alleen origineel Hilti-verbruiksmateriaal en originele Hilti-toebehoren en -reserveonderdelen voor het apparaat zijn gebruikt. Deze garantie omvat de gratis reparatie of de gratis vervanging van de defecte onderdelen tijdens de gehele levensduur van het apparaat. Onderdelen die aan normale slijtage onderhevig zijn, vallen niet onder deze garantie. Verdergaande aanspraak is uitgesloten voor zover er geen dwingende nationale voorschriften zijn die hier- van afwijken. Hilti is met name niet aansprakelijk voor directe of indirecte schade als gevolg van gebreken, verliezen of kosten in samenhang met het gebruik of de onmogelijkheid van het gebruik van het appa- raat voor welk doel dan ook. Stilzwijgende garantie voor gebruik of geschiktheid voor een bepaald doel is nadrukkelijk uitgesloten. Voor reparatie of vervanging moeten het toestel of de be- treffende onderdelen onmiddellijk na vaststelling van het defect naar de verantwoordelijke Hilti-marktorganisatie worden gezonden. Deze garantie omvat alle garantieverplichtingen van de kant van Hilti en vervangt alle vroegere of gelijktijdige, schriftelijke of mondelinge verklaringen betreffende ga- ranties. 12 EG-conformiteitsverklaring (origineel) Omschrijving: Combihamer Type: TE 50 / TE 50‑AVR Bouwjaar: 2006 Als de uitsluitend verantwoordelijken voor dit product verklaren wij dat het voldoet aan de volgende voorschrif- ten en normen: 2006/42/EG, 2004/108/EG, 2011/65/EU, EN 60745‑1, EN 60745‑2‑6, EN ISO 12100. Hilti Corporation, Feldkircherstrasse 100, FL‑9494 Schaan Paolo Luccini Jan Doongaji Head of BA Quality and Process Mana-gementExecutive Vice PresidentBusiness Area Electric Tools & Acces-soriesBusiness Unit PowerTools & Accessories01/2012 01/2012 Technische documentatie bij: Hilti Entwicklungsgesellschaft mbH Zulassung Elektrowerkzeuge Hiltistrasse 6 86916 Kaufering Deutschland