MXH550 - Grasmaaier MURRAY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MXH550 MURRAY in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MXH550 - MURRAY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MXH550 van het merk MURRAY.
GEBRUIKSAANWIJZING MXH550 MURRAY
Gebruiker veiligheid Symbolen en Waarschuwingen Het veiligheid waarschuwingssymbool wordt gebruikt om veiligheidsinformatie te identificeren over gevaren die kunnen resulteren in persoonlijk letsel. Een signaalwoord (GEVAAR, WAARSCHUWING, of OPGEPAST) wordt met het waarschuwingssymbool gebruikt om de waarschijnlijkheid en de potentiële ernst van het letsel aan te geven. Daarbij kan een gevarensymbool gebruikt worden om het soort gevaar aan te geven.
GEVAAR duidt op een gevaar dat, indien niet voorkomen, zal resulteren in de dood of ernstig letsel. WAARSCHUWING duidt op een gevaar dat, indien niet voorkomen, kan resulteren in de dood of ernstig letsel.
OPGEPAST duidt op een gevaar dat, indien niet voorkomen, kan resulteren in minder ernstig letsel. OPGEPAST, indien gebruikt zonder het waarschu- wingssymbool, geeft een situatie aan die kan resulteren in schade aan de machine.
Eigenaar informatie Ken uw product: Als U de machine begrijpt en hoe deze werkt, dan krijgt U de beste prestaties. Vergelijk als U dit handboek leest de afbeeldingen met de machine. Leer de plaats en werking van de bedieningen. Volg de gebruiksaanwijzing en veiligheidsregels om ongelukken te voorkomen. Bewaar deze instructies voor naslag later. Verantwoordelijkheden van de eigenaar WAARSCHUWING: Deze maaimachine kan voorwerpen wegslingeren. Wanneer de veiligheidsinstructies niet worden opgevolgd, kan dit resulteren in ernstige verwondingen van de gebruiker of omstanders. Het is de verantwoordelijkheid van de eigenaar onderstaande instructies op te volgen.
Veilige gebruiksgewoonten Voor loopmaaiers
Lees, begrijp en volg alle instructies op de machine in de gebruiksaanwijzing(en). Maak Uzelf grondig vertrouwd
met de bedieningen en het juiste gebruik van een loopmaaier voordat U begint. Maak Uzelf vertrouwd met alle veiligheids- en gebruiksstickers op deze machine en op alle mogelijke aanbouwwerktuigen of accessoires. Plaats geen handen of voeten in de buurt van- of onder draaiende onderdelen. Laat alleen verantwoordelijke personen die bekend zijn met de instructies de loopmaaier gebruiken. Inspecteer het gebied waar de maaier gebruikt gaat worden. Uw machine kan kleine voorwerpen met hoge snelheid verplaatsen met persoonlijk letsel of beschadiging van eigendommen als gevolg. Blijf uit de buurt van breekbare voorwerpen zoals ramen van auto’s, huizen en broeikassen. Houd het gebied waar de machine gebruikt wordt vrij van alle personen, vooral kleine kinderen en huisdieren. Draag toepasselijke kleding zoals een shirt of jack met lange mouwen. Draag ook een lange broek. Draag geen korte broek. Draag geen losse kleding die in de machine verstrikt kan raken. Draag altijd een veiligheidsbril bij het gebruik van een loopmaaier om uw ogen te beschermen tegen voorwerpen van buitenaf die vanaf de machine kunnen worden weggeslingerd. Draag altijd werkhandschoenen en stevige schoenen. Lederen werkschoenen of korte laarzen werken prima voor de meeste mensen. Deze beschermen de enkels en schenen van de gebruiker tegen takjes, splinters en ander vuil en verbeteren de grip. Het wordt aangeraden hoofdbescherming te dragen om te voorkomen dat U geraakt wordt door kleine rondvliegende voorwerpen of laag hangende takken, twijgen, of andere voorwerpen die niet door de gebruiker worden opgemerkt. Gebruik de loopmaaier niet zonder op hun plaats zittende afschermingen of andere beschermende voorzieningen. Gebruik deze machine alleen waarvoor deze bedoeld is. Gebruik de maaier niet over los materiaal zoals gravel, takken, afval enz. die het risico veroorzaken van weggeslingerde voorwerpen of schade aan de maaier. Raadpleeg de handleiding van de fabrikant voor de correcte installatie en het gebruik van accessoires. Gebruik uitsluitend accessoires die door de fabrikant zijn goedgekeurd. Uitsluitend in daglicht of goed kunstlicht gebruiken. Gebruik de loopmaaier niet wanneer U onder de invloed bent van alcohol, drugs of andere medicijnen die duizeligheid kunnen veroorzaken of uw bekwaamheid om de machine veilig te bedienen kunnen beïnvloeden. Gebruik een maaier nooit in nat gras. Zorg ervoor dat U stevig staat: houd de hendel stevig vast en loop; nooit rennen. Inspecteer voor ieder gebruik de gaskabel en bedieningshendel. Controleer of de kabel vrij en niet beschadigd is. Controleer ook de kabelverbindingen naar de carburateur voor knikken, losse fittingen en belemmeringen. Controleer of de bedieningshefboom correct werkt. Stop de motor bij het oversteken van gravel opritten, voetpaden of wegen. Kijk uit voor verkeer bij gebruik in de buurt van- of bij het oversteken van wegen. BRIGGSandSTRATTON.COM
21. Stop de motor altijd wanneer U de machine achterlaat,
voordat U de machine reinigt, repareert of inspecteert, controleer of alle bewegende delen gestopt zijn. Laat de motor afkoelen, ontkoppel de bougiekabel en houd deze weg van de bougie.
22. Wanneer de machine ongewoon begint te trillen, stop
dan de motor, ontkoppel de bougiekabel en voorkom dat deze de bougie raakt. Controleer onmiddellijk wat de oorzaak is. Trillingen zijn gewoonlijk een waarschuwing voor problemen.
23. Stop de motor na het raken van een voorwerp. Verwijder
de kabel van de bougie. Inspecteer de loopmaaier op schade. Repareer de loopmaaier voordat deze weer gestart en gebruikt wordt.
24. Inspecteer de loopmaaier regelmatig. Controleer of er
geen onderdelen krom, beschadigd of los zijn.
25. Til of draag een loopmaaier nooit terwijl de motor nog
26. Langdurige blootstelling aan lawaai en trillingen van een
door een benzinemotor aangedreven loopmaaier dient voorkomen te worden. Neem regelmatig pauzes en/of draag gehoorbescherming tegen motorlawaai en werkhandschoenen om trillingen in de handen te verminderen.
II. Gebruik op hellingen
Hellingen zijn een belangrijke oorzaak van ongelukken door slippen en vallen die kunnen resulteren in ernstig letsel. Alle hellingen vragen extra voorzichtigheid. Als U zich niet prettig voelt op een helling, maai deze dan niet. Maai langs het horizontale oppervlak van hellingen; nooit omhoog en omlaag. Verwijder objecten zoals stenen, takken, enz. Let op gaten, groeven of hobbels. Lang gras kan obstakels verbergen. Maai niet in de buurt van bunkers, greppels of kades. De gebruiker zou zijn grip of balans kunnen verliezen. Maai niet op overmatig steile hellingen. Maai niet op overmatig steile hellingen (maximaal 15 graden) of gebieden waar de bodem erg ruw is. Wees extra voorzichtig bij het veranderen van richting op hellingen. Maai geen nat gras. Verminderde grip kan slippen veroorzaken.
Er kunnen tragische ongevallen voorkomen als de gebruiker niet op de aanwezigheid van kinderen let. Kinderen worden vaak aangetrokken door de maaier en de bijbehorende activiteiten. Neem nooit aan dat kinderen daar blijven waar U ze het laatst zag.
1. Houd kinderen weg uit het te maaien gebied en laat ze
onder de hoede van een verantwoordelijke volwassene.
2. Zet de loopmaaier uit wanneer kinderen het gebied binnenkomen.
3. Kijk voor- en tijdens het achteruit maaien achterom en
omlaag en let op kleine kinderen.
4. Laat kinderen nooit de loopmaaier gebruiken.
5. Wees extra voorzichtig bij het naderen van blinde hoeken, bossages, bomen of andere voorwerpen die het
uitzicht belemmeren.
Wees extra voorzichtig bij het behandelen van benzine en andere brandstoffen. Deze zijn brandbaar en dampen zijn explosief. a. Gebruik uitsluitend een goedgekeurde jerrycan. b. Nooit met draaiende motor de tankdop verwijderen of bijtanken. Laat de motor afkoelen voordat bijgetankt wordt. Niet roken. c. Nooit de machine binnenshuis bijtanken. d. Sla de machine of jerrycan nooit binnenshuis op waar zich een open vlam, zoals in een geiser of boiler, bevindt. e. Wanneer de tank afgetapt moet worden, dan dient dit buitenshuis te gebeuren. De afgetapte brandstof moet worden bewaard in een container die daar specifiek voor is ontworpen of het moet zorgvuldig worden afgevoerd. f. Oude olie en benzine moeten zorgvuldig in containers worden gegoten die specifiek voor olie en benzine ontworpen zijn. g. Gevulde containers moeten voor recyclen voorzichtig vervoerd worden naar een scheidingscentrum. Laat een motor nooit binnenshuis of in een afgesloten gebied draaien. Voer nooit reparaties of afstellingen uit met draaiende motor. Ontkoppel de bougiekabel en houd deze weg van de bougie om per ongeluk starten te voorkomen (verwijder de contactsleutel bij elektrisch gestarte motoren). Draag altijd oogbescherming wanneer U afstellingen of reparaties uitvoert. Controleer regelmatig of de motorbevestigingsbouten nog vast zitten. Zorg dat alle moeren en bouten strak zitten en houd de apparatuur in goede staat. Als er onderdelen worden vervangen, zorg er dan voor dat het bevestigingsmateriaal goed vast zit. Rommel nooit met veiligheidsvoorzieningen. Controleer regelmatig of deze nog goed werken. Kantel de maaier tijdens service of reparatie niet omhoog tenzij dit uitdrukkelijk in deze gebruiksaanwijzing vermeld wordt. Service- en reparatieprocedures kunnen worden uitgevoerd met de loopmaaier in rechtopstaande positie. Sommige procedures zullen eenvoudiger zijn wanneer de machine op een verhoogde tafel of werkoppervlak geplaatst is. Houd om brandgevaar te voorkomen de loopmaaier vrij van gras, bladeren of ander opgehoopt vuil. Verwijder gemorste olie of benzine. Laat de loopmaaier afkoelen voordat deze wordt opgeslagen. Stop en inspecteer de machine als U iets raakt. Zonodig repareren voordat opnieuw gestart wordt. Altijd de bougie loskoppelen voor schoonmaken, repareren of afstellen. Verander niet de instelling van de regulateur van de motor en laat deze niet over toeren draaien. Reinig of vervang veiligheidsstickers zonodig. Houd ter bescherming tegen oververhitting van de motor altijd de vuilafscherming van de motor schoon en op zijn plaats. Inspecteer de loopmaaier voor opslag. Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen. Vervang het maaimes door een door de fabriek goedgekeurd onderdeel.
Beschrijving De loopmaaier is een grasmaaier van het roterende type, aangedreven door een motor. De motor drijft een maaimes aan dat zich onder het maaierhuis bevindt. Het mes komt omhoog en snijdt het gras af. De maaihoogte kan worden aangepast zodat u het gazon op de gewenste wijze kunt afwerken. Het afgemaaide gras wordt opgevangen in een graszak aan de achterzijde of het kan bij bepaalde maaiers worden gerecycled, zodat het kan dienen als gazonvoeding. Het zo gerecyclede gras wordt ook wel mulch of muls genoemd. Bij de duwmodellen moet de bestuurder de maaier zelf duwen. Modellen met aandrijving hebben een achterwielaandrijvingssysteem waardoor het maaien gemakkelijker gaat. Waarvoor het apparaat bedoeld is/waarvoor niet De loopmaaier is gemaakt voor het maaien van gazongras. Elk ander gebruik is niet toegestaan. De maaier is niet gemaakt voor het maaien van gras dat langer is dan 15 cm noch voor het maaien van gras met hoog onkruid. De grasmaaier is alleen geschikt voor privégebruik voor gazons van woonhuizen. Hij is niet geschikt voor het maaien van gras in openbare parken of het maaien van sport- en speelvelden. Kenmerken en bedieningsfuncties (Afb. 1) Vergelijk de volgende kenmerken en bedieningen met uw model. Zorg ervoor dat u hun locatie en doel kent. A. Motor stophefboom B. Bovenste hendel C. Knop of vergrendelhefboom D. Onderste hendel E. Achterklep F. Motor G. Hoogteverstelling H. Naamplaat
J. Repeteerstartergreep K. Aandrijvinghefboom (Zelfrijdend model) L. Mulchplug Afbeeldingen BELANGRIJK: De volgende afbeeldingen bevinden zich op uw machine of in de literatuur die met uw product is geleverd. Voordat u de machine gebruikt dient u de betekenis en het doel van elke afbeelding te leren en begrijpen. Pictogrammen veiligheidswaarschuwingen (Afb. 23) A. WAARSCHUWING B. BELANGRIJK: Lees de gebruiksaanwijzing voordat deze machine gebruikt wordt. C. WAARSCHUWING: Weggeslingerde voorwerpen. Houd omstanders op afstand. Lees de gebruiksaanwijzing voordat deze machine gebruikt wordt. D. WAARSCHUWING: Gebruik deze machine niet op hellingen groter dan 10 graden. E. WAARSCHUWING: Niet op staan.
F. WAARSCHUWING: Houd handen en voeten weg van het ronddraaiende mes. G. VOORZICHTIG: Neem de bougiekabel los van de bougie voordat onderhoud aan de machine wordt uitgevoerd. H. WAARSCHUWING: Vingerletsel. Bediening en gebruik afbeeldingen (Afb. 24)
Langzaam Snel Olie Brandstof Motor -- Start/”Run” (=aan)/Stop Aandrijving bedieningshefboom -Ingeschakeld/Uitgeschakeld Montage Illustraties en afbeeldingen beginnen op blz. 1. Instructies voor het uitpakken De maaier was volledig geassembleerd op de fabriek. Toen de maaier in het karton werd verpakt, is de hendel in de stand “opslag” gedaan. Volg de onderstaande stappen om de hendel in de normale gebruikspositie te plaatsen.
1. Verwijder de maaier uit het karton.
2. (Afb. 2) Trek de onderste hendel (A) omhoog tot de uiteinden hiervan in de gebruiksstand vergrendelen (B).
Draai knop (D) vast tot de onderste hendel stevig vast zit.
3. (Afb. 3) Verwijder de knop (A) en het bevestigingsmateriaal van de onderste hendel (C) Zet de bovenste hendel
bovenste hendel (B) in de bedrijfsstand. Draai de knoppen (A) vast tot de bovenste en de onderste hendel op hun plaats vergrendeld zijn.
4. (Afb. 4) Om het repeteerstarterkoord te monteren, moet u
eerst de stophefboom van de motor inschakelen (F). Trek langzaam aan de hendel van de repeteerstarter (G) en installeer het koord van de repeteerstarter in de koordgeleider (H).
5. (Afb. 2) Zet op modellen met een eigen aandrijfsysteem
de kabels vast in de hendel met de kabelklemmen (F). VOORZICHTIG: Ga zorgvuldig te werk bij het vouwen of oprichten van de hendel. Beschadig de kabels niet. Een verbogen kabel werkt niet naar behoren. Vervang voordat u de machine gebruikt een verbogen of beschadigde kabel. De grasvangzak assembleren
1. (Afb. 5) Schuif het framesamenstel (A) in het open uiteinde van de grasvangzak (B).
2. (Afb. 6) Zorg ervoor dat hendel (C) zich buiten de vangzak bevindt. Bevestig de klemmen (D) aan het framesamenstel (E). De grasvangzak bevestigen (Afb. 7) 1. Til om de grasvangzak te bevestigen de achterklep omhoog (F). Houd hendel (G) van de vangzak vast en bevestig de vangzakhaken (H) aan de achterklep scharnierstang (I). Laat de achterklep zakken. BELANGRIJK: Zorg ervoor dat de vangzakhaken (H) bevestigd zijn aan de achterklep scharnierstang (I). BRIGGSandSTRATTON.COM De motor prepareren WAARSCHUWING: Raadpleeg voor de te gebruiken benzine of olie de gebruiksaanwijzing van de motor. Gebruik altijd een veilige jerrycan voor de benzine. Niet roken tijdens het met benzine bijvullen van de motor. Vul niet binnenshuis benzine bij. Stop de motor voordat benzine wordt toegevoegd. Laat de motor verscheidene minuten afkoelen. OPGEPAST: In de motor zit geen olie of benzine. Zorg er voordat u de motor start voor dat olie volgens de instructies in de gebruiksaanwijzing wordt bijgevuld. Wanneer u de motor zonder olie start, zal deze onherstelbaar beschadigen en dit zal niet door garantie gedekt zijn. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de motor voor de te gebruiken olie en benzine. Lees voordat u de machine gebruikt de informatie over veiligheid, gebruik, onderhoud en opslag. De mulchplug vervangen WAARSCHUWING: Ontkoppel voordat u de mulchplug verwijdert of installeert de bougiekabel en houd deze weg van de bougie. (Afb. 8) Sommige modellen hebben een optionele mulchplug. Gebruik de mulchplug (A) om gras te mulchen voor een schoon, fijn resultaat. Verwijder de mulchplug als volgt om gras in de vangzak op te vangen. Achterwielaandrijvingsysteem (Afb. 11) WAARSCHUWING: Voor veilig gebruik moet het aandrijfsysteem onmiddellijk ontkoppelen wanneer de aandrijfhefboom losgelaten wordt. Wanneer het aandrijfsysteem niet naar behoren functioneert, gebruikt de maaier dan niet tot het aandrijfsysteem afgesteld of gerepareerd is door een geautoriseerd service centrum. Zelf-aangedreven modellen hebben een achterwielaandrijvingsysteem. Gebruik dit systeem als volgt.
1. Houd de motorstophefboom (A) in de stand “in bedrijf”.
Start de motor. NOOT: Laat, om de motor te stoppen de motorstophefboom los (A).
2. Duw de aandrijvinghefboom (C) volledig vooruit. Het aandrijfsysteem is nu ingeschakeld en de maaier zal vooruit
3. Laat voor het uitsluitend ontkoppelen van het aandrijfsysteem de aandrijfhefboom(C) los. In de ontkoppelde positie
(D), zal de maaier niet meer voorwaarts bewegen maar de motor zal blijven draaien.
4. Laat, om zowel het aandrijfsysteem te ontkoppelen als
ook de motor te stoppen, de motorstophefboom (A)los. NOOT: Wanneer het aandrijfsysteem op een nieuwe machine ontkoppeld wordt, is het mogelijk dat de achterwielen blijven draaien indien deze van de grond getild worden. Dit is normaal met een nieuwe V-snaar en zal stoppen na 1 of 2 uur gebruik. De Motor Starten De mulchplug verwijderen
1. (Afb. 9) Til de achterklep op (B).
2. Verwijder de mulchplug (A) uit de uitworpopening.
De mulchplug installeren
1. (Afb. 9) Til de achterklep op (B).
2. Schuif de mulchplug (A) in de uitworpopening.
Werking Illustraties en afbeeldingen beginnen op blz. 1. Motorstophefboom (Afb. 10) Laat de motorstophefboom los (A) en de motor en het maaimes zullen automatisch stoppen. Houd de motorstophefboom (A) in de bedrijfsstand (B) om de motor te starten en gebruiken. Bedien voordat u de motor start de motorstophefboom enige malen. Controleer of de motorstopkabel vrij beweegt en of de motorstophefboom correct functioneert. De Motor Stoppen (Afb. 10) Laat, om de motor te stoppen de motorstophefboom los (A). Ontkoppel de bougiekabel en houd deze weg van de bougie om te voorkomen dat de motor start. WAARSCHUWING: Het mes zal ronddraaien wanneer de motor loopt. BELANGRIJK: Bedien, voordat u de motor start, de motorstophefboom enkele malen. Overtuig u ervan dat de motorstopkabel vrij kan bewegen en dat de motorstophefboom naar behoren werkt.
1. Controleer de olie. Zie de gebruiksaanwijzing van de motor.
2. Vul de brandstoftank met normale ongelode benzine. Zie
“de motor voorbereiden”.
3. Zorg ervoor dat de bougiekabel is aangesloten op de bougie.
4. (Afb. 12) Motoren met primer: Druk voor de meeste
temperaturen de primerbalg (E) driemaal stevig in. Bij kouder weer kan extra primen nodig zijn. Een warme motor verlangt meestal geen primen. Wacht telkens nadat u de primerbalg heeft ingedrukt twee seconden. NOOT: Druk bij het starten van een nieuwe motor de primerbalg vijf maal in. NOOT: Overmatig primen kan de carburateur met benzine doen overstromen. Zie “motor start niet” in het deel Storingzoeken.
5. (Afb. 11) Zelf-aangedreven modellen: Zorg ervoor dat
de aandrijfhefboom (C) zich in ontkoppelde positie bevindt (D).
6. (Afb. 13) Sta achter de maaier. Gebruik één hand om de
motorstophefboom als getoond vast te houden (A) in de stand bedrijf. Houd met de andere hand de repeteerstartergreep (F)vast. 7. Trek langzaam de repeteerstartergreep uit tot er weerstand gevoeld wordt, trek dan snel om de motor te starten. Laat de repeteerstartergreep langzaam terugkeren.
8. Raadpleeg indien de motor niet in 5 of 6 pogingen start
het hoofdstuk Storingzoeken. Voordat u de maaier gaat gebruiken WAARSCHUWING: Controleer de conditie van de grasvangzak op slijtage of vervorming. Vervang onderdelen indien deze versleten of beschadigd zijn door originele onderdelen. Gebruik, om de grasvangzak volledig te vullen, de motor met de snelheidsbediening (indien hiermee uitgerust) in de volgas positie. S Gebruik, om de grasvangzak volledig te vullen (indien hiermee uitgerust), de motor met de snelheidsbediening in de volgas stand (indien uitgerust met dergelijke bediening). S Zorg dat de grasvangzak (indien de maaier hiermee is uitgerust) goed is aangebracht. S Kijk de grasvangzak na op tekenen van slijtage of vervorming. Vervang onderdelen indien deze zijn versleten of beschadigd alleen door originele onderdelen. De maaihoogte verstellen WAARSCHUWING: Het mes draait wanneer de motor loopt. Ontkoppel voordat u de maaihoogte verstelt de bougiekabel en houd deze weg van de bougie. Modellen met individuele wielverstelling (Afb. 15) Beweeg om de maaihoogte te verstellen de positie van de stelarm (A) van elk wiel als volgt.
1. Ontkoppel de stelarm (A).
2. Verplaats de stelarm naar een andere stand.
3. Zorg ervoor dat elke stelarm zich in dezelfde positie
bevindt zodat de maaier vlak maait. Modellen met verstelling met een enkele hefboom (Afb. 16 en Afb. 17) Beweeg voor het veranderen van de maaihoogte de stelhefboom (B) als volgt.
1. Ontkoppel de stelhefboom (B).
2. Verplaats de stelarm naar een andere stand.
De grasvangzak legen WAARSCHUWING: Stop de motor voordat u de grasvangzak verwijdert. Ontkoppel voordat u gras uit het maaihuis verwijdert de bougiekabel en houd deze weg van de bougie.
1. (Afb. 7) Til de achterklep op (A).
2. Houd de hendel (B) van de grasvangzak vast. Til het framesamenstel omhoog (C) over de
achterklepscharnierstang (D).
3. (Afb. 13) Gooi het gras uit de grasvangzak weg (E).
Maaitips Sommige modellen hebben een optionele mulchplug. Wanneer de mulchplug geïnstalleerd is, dan zal het gras fijn versnipperd en gemakkelijk gerecycled worden. Omdat voedingsstoffen teruggevoerd worden naar de bodem, zal het gazon minder meststoffen nodig hebben.
De volgende tips verhogen de prestaties en verbeteren het aanzicht van het gazon. S Het gras moet droog zijn. Wanneer het gras nat is, zal het moeilijk te maaien zijn en zware brokken gras veroorzaken. S Het gras mag niet te lang zijn. De maximale hoogte om nog effectief te maaien is 10 cm. Stel de hoogteverstelling zodanig in dat het bovenste 1/3 deel van het gras gemaaid wordt. S Wanneer het gras hoger is dan 10 cm, moet er tweemaal gemaaid worden. Stel de hoogteverstelling voor de eerste maaibeurt in de hoogste stand. Verstel dan de hoogteverstelling voor de tweede maaibeurt. S Houd het maaimes scherp. Een mes dat niet scherp is, veroorzaakt dat de uiteinden van het gras bruin worden. S Reinig de bodem van het maaierhuis. De prestaties zullen afnemen indien zich gras en andere verontreinigingen ophopen. Probeer het volgende om de maaiprestaties te verbeteren: S vergroot de maaihoogte S maai vaker S gebruik een lagere rijsnelheid S reduceer de maaibreedte S verander de richting S maai een tweede keer Onderhoud Motoronderhoud Illustraties en afbeeldingen beginnen op blz. 1. Gebruik het volgende onderhoud hoofdstuk om uw machine in goede conditie te houden. Lees deze handleiding voordat u de motor start en lees ook de gebruiksaanwijzing voor de motor. Alle onderhoudsinformatie voor de motor vindt u in de gebruiksaanwijzing voor de motor. WAARSCHUWING: Voordat u inspectie, afstelling of reparatie uitvoert, de bougiekabel loskoppelen en deze weghouden van de bougie. De motor kantelen (Afb. 14) Voorzichtig: De motor niet kantelen met de bougie naar beneden. Kantel de motor altijd met de bougie omhoog wanneer u onderhoud aan de motor uitvoert, het maaimes inspecteert of de onderkant van het maaihuis reinigt. Het transporteren of kantelen van de motor met de bougie omlaag zal het volgende veroorzaken. S slecht starten S rokende motor S vervuilde bougie S met olie of benzine doordrenken van de luchtfilter Smering
1. Smeer voor de beste prestatie de wielen en alle scharnierpunten elke 25 uur met motorolie.
2. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor de motor voor de
smering van de motor. BRIGGSandSTRATTON.COM NOOT: Smeer niet de stopkabel van de motor. Smeermiddelen beschadigen de kabel en voorkomen dat deze vrij kan bewegen. Vervang de kabel indien krom of beschadigd. Het maaierhuis reinigen WAARSCHUWING: Het mes draait wanneer de motor loopt. Stop de motor en ontkoppel de bougiekabel en houd deze weg van de bougie voordat u het maaierhuis reinigt. Indien gras of ander vuil ophoopt onder de bodem van het maaierhuis, zullen de prestaties afnemen. Reinig het maaierhuis na het maaien als volgt.
2. Ontkoppel de bougiekabel van de bougie
3. Reinig de boven- en onderkant van het maaierhuis.
De aandrijfsnaar verwijderen Breng de maaier voor het verwijderen of onderhoud van de aandrijfriem naar een erkende servicedealer. De aandrijfkabel afstellen (Afb. 19) WAARSCHUWING: Laat voordat u de aandrijfkabel afstelt de motorstophefboom los en wacht tot de motor stopt. Controleer als het aandrijfsysteem niet correct in- en uitschakelt de hendel op juiste assemblage. Zorg ervoor dat alle onderdelen in goede conditie zijn, niet gebroken of krom en dat alle bevestigingsmaterialen vastzitten. Versleten onderdelen veranderen de prestaties van het aandrijfsysteem. Wanneer u dik gras of op heuvels maait, kan het systeem slippen als de aandrijfkabel te los is. Als het aandrijfsysteem slipt, het op de volgende manier afstellen of de maaier naar een geautoriseerd service centrum brengen.
1. (Afb. 19) Indien het aandrijfsysteem slipt, de kabelverstelling (A) één slag in de in de afbeelding getoonde richting
draaien. Gebruik de maaier en test het aandrijfsysteem. 2. Als de aandrijving nog steeds slipt, draai dan de kabelverstelling nog een slag om de kabel in te korten. Test opnieuw het aandrijfsysteem.
3. Herhaal de afstelling en het testen tot het aandrijfsysteem
niet meer slipt. 4. Controleer voordat u begint te maaien of het aandrijfsysteem correct ontkoppelt en de maaier stopt. Als het aandrijfsysteem niet ontkoppelt, breng dan de maaier naar een geautoriseerd service centrum voordat u deze gebruikt. Onderhoud aan het maaimes (Afb. 20) WAARSCHUWING: Voordat u het mes (B) of de mesadapter (E) inspecteert; ontkoppel de bougiekabel en houd deze weg van de bougie. Stop de motor als het mes iets raakt. Neem de bougiekabel los van de bougie. Controleer de machine op schade. Controleer het mes (B) regelmatig op beschadiging zoals barsten. Controleer regelmatig de bout (A) die het mes bevestigt. Zorg ervoor dat de bout vastgedraaid blijft. Stop de motor als het mes een voorwerp raakt. Neem de bougiekabel los van de bougie. Controleer de mesadapter (E) op beschadiging. Controleer op een krom of beschadigd mes of andere schade. Voordat u de machine gebruikt moeten beschadigde onderdelen vervangen worden door vervangingsonderdelen van de fabrikant. Vervang voor de veiligheid het mes elke twee jaar. Houd het mes scherp. Een bot mes veroorzaakt bruine uiteinden aan het gras. Breng de maaier voor het verwijderen of onderhoud van het mes naar een erkende servicedealer. De maaihoogte controleren (Afb. 20) Test het systeem op een klein gebied. Zie het hoofdstuk Foutopsporing als de snijhoogte niet overal vlak is of als het gemaaide gras niet wordt afgevoerd of als de maaier zelfs helemaal niet maait. Hendel inklappen Opslag VOORZICHTIG: Ga zorgvuldig te werk bij het vouwen of oprichten van de hendel. Beschadig de kabels niet. Een verbogen kabel werkt niet naar behoren. Vervang voordat u de machine gebruikt een verbogen of beschadigde kabel. De hendel inklappen 1. (Afb. 21) Op modellen met knoppen (A); draai de knoppen (A), die de bovenste hendel (B) aan de onderste hendel (C) bevestigen, los. VOORZICHTIG: Zorg er bij het in- en uitklappen van de hendel voor dat de kabels niet tussen de bovenste- en onderste hendel of rond de hendelbouten bekneld raken.
2. (Afb. 22) Draai de bovenste hendel (B) naar de achterkant van de machine.
3. Druk de uiteinden van de onderste hendel in (C).
4. Draai de hendels voorwaarts over de motor als getoond.
Zorg ervoor dat de kabels niet beschadigen. De hendel omhoog klappen 1. (Afb. 22) Trek de onderste hendel (C) terug tot de uiteinden van de onderste hendel in de gebruiksstand vergrendelen. Zet hem vervolgens vast met bevestigingsmateriaal.
2. Til de bovenste hendel (B) in de gebruikers positie.
3. (Afb. 21) Draai de knoppen (A) vast op modellen die hiermee zijn uitgerust.
De maaier voor opslag voorbereiden WAARSCHUWING: Tap geen benzine binnenshuis of in de buurt van vuur of wanneer u rookt af. Benzinedampen kunnen een explosie of brand veroorzaken.
1. Tap de brandstoftank af.
2. Laat de motor draaien totdat deze geen benzine meer
3. Tap de olie uit de warme motor af. Vul het carter met verse olie.
4. Verwijder de bougie. Giet 30 cc olie in de cilinder. Trek de
repeteerstarter langzaam uit zodat de olie de cilinder zal beschermen. Installeer een nieuwe bougie.
5. Maak de koelvinnen van de cilinder en de motorbehuizing
6. Reinig de onderkant van het maaierhuis.
7. Maak de maaier volledig schoon om de verf te beschermen.
8. Plaats de machine in een goed geventileerde ruimte.
9. Zorg ervoor dat er geen gras meer in de opvangbak is. In
de vangzak achtergebleven gras zal tijdens opslag de zak beschadigen.
Vervangingsonderdelen bestellen De motor presteert slecht. Gebruik uitsluitend vervangingsonderdelen die door de fabrikant geautoriseerd of goedgekeurd zijn. Gebruik geen aanbouwmachines of accessoires die niet specifiek voor dit product zijn aanbevolen. Om de juiste vervangingsonderdelen te krijgen, moet u het modelnummer opgeven dat zich bevindt op de naamplaat van het product. Bij bestelling is de volgende informatie nodig: S Modelnummer S Serienummer S Onderdeelnummer S Aantal Indien u niet in staat bent op bovenstaande manier onderdelen of service te verkrijgen, neem dan contact op met: Briggs & Stratton UK Ltd Road Four, Winsford Industrial Estate, Winsford, Cheshire, CW7 3QN United Kingdom www.BRIGGSandSTRATTON.COM
1. Controleer de maaihoogte-instelling. Verhoog de maaihoogte als het gras hoog is.
2. Controleer de bodem van de maaimesbehuizing. Reinig
de mesbehuizing van gras of ander vuil.
3. Controleer de bougiekabel. Zorg ervoor dat de kabel is
4. Reinig de koelvinnen van de motor van gras en ander vuil.
5. Controleer de carburateurafstellingen. Zie de gebruiksaanwijzing van de motor.
6. Controleer de elektrodeafstand van de bougie. Stel deze
7. Controleer de hoeveelheid olie in de motor. Zonodig olie
8. Controleer de luchtfilter van de motor. Zie de gebruiksaanwijzing van de motor.
9. De benzine is slecht. Tap de benzinetank af en reinig deze. Vul de tank met schone benzine.
Storingzoeken De motor start niet.
1. Controleer of de brandstoftank gevuld is met schone benzine. Gebruik geen oude benzine.
2. Druk bij een koude motor de primerbalg (optie op sommige modellen) vijf maal in.
3. Controleer of de bougiekabel is aangesloten op de bougie.
4. Stel de carburateur af. Zie de gebruiksaanwijzing voor de
5. Er bevindt zich teveel benzine in de cilinder. Verwijder en
droog de bougie, Trek de repeteerstarter enkele malen uit. Installeer de bougie. Sluit de bougiekabel aan op de bougie. Start de motor.
6. De motor is moeilijk te starten in zwaar of hoog gras. Verplaats de maaier naar een schoon en droog oppervlak.
7. Controleer of de stopschakelaar van de motor in de stand
„open“ bevindt. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor de motor. De motor stopt niet.
1. Laat de motorstophefboom los.
2. Controleer de motorstopkabel. Vervang de kabel wanneer
deze krom of beschadigd is.
1. Het mes is niet gebalanceerd. Verwijder het mes en vervang het door een fabrieks vervangingsmes.
2. Controleer op een krom of gebroken mes. Een beschadigd mes is gevaarlijk en moet vervangen worden.
3. Controleer de mesadapter. Vervang een gebroken mesadapter.
4. Als het trillen aanhoudt, breng de maaier dan naar een
geautoriseerde dealer. Het gras wordt niet correct uitgeworpen.
1. Reinig de onderkant van het maaierhuis.
2. Controleer op een ernstig versleten mes. Verwijder en
slijp het mes. Vervang het mes voor de veiligheid iedere twee jaar door een fabrieksvervangingsmes. Het gras wordt niet gelijkmatig gemaaid.
1. Controleer de hoogteverstelling van elk wiel. De hoogteverstelling moet voor elk wiel hetzelfde zijn.
2. Zorg ervoor dat het mes scherp is.
3. Controleer op een krom of gebroken mes. Een beschadigd mes is gevaarlijk en moet vervangen worden.
4. Controleer op een gebroken mesadapter. Vervang een
gebroken mesadapter.
5. Beweeg de toerentalbediening (indien hiermee uitgerust)
naar de stand “fast” (=volgas) of “start”.
6. Controleer de toerentalbediening (indien hiermee
uitgerust). Zorg ervoor dat de toerentalbediening zich niet in de stand “choke” bevindt.
7. Beweeg de toerentalbediening (indien hiermee uitgerust)
naar de stand “fast” (=volgas). Controleer de snelheid van de motor volgens de gebruiksaanwijzing van de motor. BRIGGSandSTRATTON.COM Geldig vanaf 09/07 GARANTIEBEPALINGEN GARANTIEBEPALINGEN Briggs & Stratton Power Products Group, LLC zal kosteloos het onderdeel of de onderdelen repareren of vervangen die materiaalgebreken of fabricagefouten of beide vertonen. De koper draagt de transportkosten voor reparatie of vervanging vallend onder deze garantie. Deze garantie geldt voor de onderstaande duur en is onderhevig aan onderstaande voorwaarden. Ga voor de garantieservice naar de dichtstbijzijnde geautoriseerde servicedealer in uw regio. U vindt de dichtstbijzijnde geautoriseerde servicedealer op de kaart met de dealerlocaties op www.murray.com. Er geldt geen andere uitdrukkelijke garantie. Impliciete garanties, met inbegrip van verkoopbaarheid en geschiktheid voor een specifiek doel zijn beperkt tot één jaar na de datum van aankoop of voorzover wettelijk is toegestaan, en alle impliciete garanties worden uitgesloten. Aansprakelijkheid voor incidentele of gevolgschade is uitgesloten voorzover wettelijk is toegestaan. Bepaalde staten of landen staan geen uitzonderingen toe met betrekking tot de duur van impliciete garantie, en bepaalde staten of landen staan niet toe dat incidentele of gevolgschade wordt uitgesloten, dus mogelijk geldt bovenstaande beperking en uitsluiting niet voor u. Deze garantie geeft u specifieke wettelijke rechten; mogelijk heeft u ook andere rechten; deze verschillen van staat tot staat en van land tot land. Product Type Grasmaaier, loopmaaier-type GARANTIETERMEN Particulier gebruik 2 jaar Commercieel gebruik 90 dagen De garantieperiode begint op de dag van aankoop van de eerste detailhandelconsument of commerciële eindgebruiker en gaat door voor de tijdsperiode in bovenstaande tabel. “Consumentengebruik” betekent persoonlijk huishoudelijk gebruik door een detailhandelconsument. “Commercieel gebruik” betekent elk ander gebruik, inclusief inkomen verschaffend gebruik of verhuurdoeleinden. Als een product eenmaal commercieel gebruikt is, dan zal deze daarna voor deze garantie als commercieel gebruikt worden beschouwd. Er is geen garantieregistratie nodig om garantie te verkrijgen. Bewaar uw aankoopnota. Indien u geen bewijs van de eerste aankoopdatum kunt overleggen op het moment dat om garantieservice wordt verzocht, dan zal de fabricagedatum van het product gebruikt worden om de garantieperiode te bepalen.
Wij verwelkomen garantiereparatie en verontschuldigen ons voor het ongemak. Elke geautoriseerde Service Dealer kan garantiereparaties uitvoeren. De meeste garantiereparaties zullen routinematig worden uitgevoerd, maar soms kunnen verzoeken om garantieservice niet gerechtvaardigd zijn. Bijvoorbeeld, garantieservice is niet van toepassing als de schade aan het product het gevolg is van verkeerd gebruik, gebrek aan regelmatig onderhoud, verzending, behandeling, opslag of verkeerde installatie. Evenzo is garantie ongeldig als het serienummer van het product verwijderd is of als het product gewijzigd of gemodificeerd is. Deze garantie dekt uitsluitend met het product verbandhoudende materialen. Om misverstanden die tussen dealer en klant kunnen ontstaan te voorkomen, zijn hieronder enkele oorzaken van het defect raken van een product opgenoemd die niet onder garantie worden gedekt. Normale Slijtage: Door kleine motoren aangedreven machines hebben, net als alle mechanische apparaten, periodiek onderhoud en vervanging van onderdelen nodig om goed te presteren. Garantie dekt geen reparaties wanneer normaal gebruik de levensduur van het product of onderdeel heeft uitgeput.
Installatie: Deze garantie is niet van toepassing op producten die onderhavig zijn geweest aan verkeerde of niet geautoriseerde installatie, verandering of modificatie. Noch installaties die starten voorkomen of onbevredigende motorprestaties veroorzaken.
Verkeerd Onderhoud: De levensduur van deze machine hangt af van de omstandigheden waaronder deze werkt, evenals het onderhoud dat wordt uitgevoerd. Aanbevolen onderhoud en afstelintervallen zijn afgedrukt in de Gebruiksaanwijzing. Vaak worden producten zoals grondfrezen, kantenmaaiers en cirkelmaaiers gebruikt in stoffige omstandigheden, waardoor wat lijkt op voortijdige slijtage kan optreden. Zulke slijtage, indien veroorzaakt door stof, vuil of ander schurend materiaal dat het product kan binnendringen door verkeerd onderhoud, wordt niet door garantie gedekt. De garantie zal geen reparaties dekken die het gevolg zijn van vervangingsonderdelen die niet-origineel geproduceerde onderdelen zijn.
Verkeerde en/of onvoldoende brandstof of smering: Deze garantie dekt geen schade door het gebruik van verouderde brandstof, of gemanipuleerde benzine. Schade aan de motor of motorcomponenten, zoals verbrandingskamer, kleppen, klepzetels, klepgeleiders, verbrande startmotorwikkelingen veroorzaakt door alternatieve brandstoffen zoals LPG, aardgas, worden niet gedekt tenzij de motor hiervoor is gecertificeerd. Onderdelen die zijn ingelopen of gebroken doordat het product was gebruikt met onvoldoende, vervuilde of de verkeerde kwaliteit smeerolie, evenals productcomponenten die zijn beschadigd door onvoldoende smering zijn niet gedekt.
Misbruik tijdens gebruik: Het correcte gebruik van het product is vermeld in de gebruiksaanwijzing. Producten die beschadigd zijn door over toeren draaien, oververhitting, of gebruik in een afgesloten ruimte zonder voldoende ventilatie, producten die defect geraakt zijn door overmatige trillingen door een losse motorbevestiging, losse of niet-gebalanceerde messen, aandrijvingen, over toeren draaien, of een kromme krukas door het raken van een vast voorwerp, schade of storing ten gevolge van ongelukken, misbruik of verkeerde service of verstarring of chemische vervorming, evenals gebruik buiten de aanbevolen capaciteiten als aangegeven in de gebruiksaanwijzing wordt niet gedekt.
Regelmatig onderhoud, slijtdelen of afstellingen: Deze garantie sluit slijtdelen zoals olie, snaren, messen, O-ringen, filters enz. uit.
Overige uitsluitingen: Reparaties of afstelling van onderdelen die niet door Briggs & Stratton zijn gefabriceerd, vallen niet onder de dekking. Deze garantie sluit defecten uit die het gevolg zijn van force majeure en andere soortgelijke gebeurtenissen waaraan de fabrikant niets kan doen. Gebruikte, gereviseerde en demonstratieproducten zijn ook uitgesloten. Garantieservice is alleen beschikbaar via geautoriseerde servicedealers. Kijk op www.BRIGGSandSTRATTON.COM waar bij u in de buurt een dergelijke dealer is gevestigd.
Notice-Facile