OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Airconditioner

Bi2 Cassette - Airconditioner OLIMPIA SPLENDID - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Bi2 Cassette OLIMPIA SPLENDID in PDF-formaat.

📄 210 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - page 116
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over Bi2 Cassette OLIMPIA SPLENDID

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Bi2 Cassette - OLIMPIA SPLENDID en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Bi2 Cassette van het merk OLIMPIA SPLENDID.

GEBRUIKSAANWIJZING Bi2 Cassette OLIMPIA SPLENDID

Als gevolg van voortdurende productontwikkeling kunnen deze instructies onvolledig en/of verouderd zijn. Voor alles wat niet vermeld wordt, verwijzen we, in geval van fouten, twijfels over de interpretatie en/of alle andere redenen die bevestiging vereisen, naar de pre- en after-sales documentatie op de website van de fabrikant, die altijd up-to-date en volledig is, en in de verschillende beschikbare vertalingen.

Het geheel of gedeeltelijk reproduceren van deze "Handleiding voor de installatie, het gebruik en het onderhoud" is verboden.

- De technische gegevens, de uiterlijke kenmerken, de onderdelen en accessoires die in dit boekje zijn vermeld zijn niet bindend. De fabrikant behoudt zich het recht voor om op elk moment en zonder voorafgaande kennisgeving wijzigingen aan te brengen (wat betreft technische gegevens, prestaties, afmetingen enz.) die nodig worden geacht om het product te verbeteren.

- Verwijzingen naar wetten, voorschriften of technische regels die in dit boekje worden genoemd, zijn alleen ter informatie en hebben betrekking op de datum waarop dit boekje is gedrukt. De inwerkingtreding van nieuwe voorschriften of wijzigingen in bestaande voorschriften vormt geen reden voor de fabrikant om verplichtingen aan te gaan tegenover derden.

- De fabrikant is verantwoordelijk voor de conformiteit van zijn product met de wetten, richtlijnen en constructienormen die van kracht waren op het moment dat het product op de markt werd gebracht. De ontwerper, installateur en gebruiker zijn als enigen verantwoordelijk voor de kennis en de naleving van de wettelijke bepalingen en normen met betrekking tot het ontwerp van de systemen, de installatie, de bediening en het onderhoud binnen hun respectievelijke verantwoordelijkheidsgebieden.

- LET OP! Het is belangrijk om te controleren of het project en de installatie voldoen aan de geldende normen (EN-normen, veiligheidsvoorschriften, plaatselijke voorschriften) en, indien vereist, zijn goedgekeurd door de desbetreffende toezichthoudende instanties.

- Voor een correct en veilig gebruik van de unit zijn de installateur, de gebruiker en de onderhoudstechnicus, binnen hun respectieve verantwoordelijkheidsgebieden, verplicht om de instructies in deze handleiding nauwgezet op te volgen.

- Raadpleeg het betreffende instructieblad (instructies die integraal deel uitmaken van deze handleiding) voor eventuele accessoires.

- Alle handelingen die risico's inhouden (installatie, eerste inbedrijfstelling, onderhoud, oplossen van problemen enz.) moeten verricht worden door gekwalificeerd personeel.

- Lees alle informatie in dit boekje aandachtig en volledig door: het bevat belangrijke aanwijzingen betreffende een veilige installatie, gebruik en onderhoud.

- Let vooral op de gebruiksregels met de woorden "GEVAAR" of "LET OP", want als deze niet in acht worden genomen, kunnen ze schade veroorzaken aan de unit en/of aan eigendom, alsook lichamelijk letsel aan personen.

- Neem bij afwijkingen die niet in dit boekje worden besproken onmiddellijk contact op met de plaatselijke servicedienst of neem rechtstreeks contact op met de fabrikant.

- Zorg ervoor dat dit boekje altijd bij de unit wordt bewaard.

- Het boekje is een integraal en essentieel onderdeel van het product en moet aan de gebruiker worden overhandigd.

- Als het toestel wordt verkocht of overgedragen aan een andere eigenaar, zorg er dan altijd voor dat het boekje met de unit wordt meegegeven, zodat het kan worden geraadpleegd door de nieuwe eigenaar en/of installateur.

- Bewaar dit boekje minstens 10 jaar ter raadpleging op een droge plaats, om beschadiging te voorkomen.

- De fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af voor schade als gevolg van onjuist gebruik van de unit, en het gedeeltelijke of oppervlakkig lezen van de informatie in het boekje.

ELKE AFZONDERLIJKE UNIT HEEFT ZIJN EIGEN SPECIFIEK (EN UNIEK) BEDRADINGSSCHEMA. VERWIJS ALLEEN NAAR DAT SCHEMA!

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 1LET OPGevaar!!!
GAVGOGEVAAR:Spanning.
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 2GEVAAR:Hoge temperatuur
GASOGEVAAR:Bewegende onderdelen
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 3VERBODEN
WTEOVERPLICHT:Aarding
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 4VERPLICHT:Gebruik een heftruck
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 5VERPLICHT:Alleen gekwalificeerd personeel
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 6VERPLICHT:Gebruik beschermende handschoenen
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 7VERPLICHT:Neem de spanning weg
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 8VERPLICHT:Zie de handleiding
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - 9AEEA-bepalingen (afvalverwerking)

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 1

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 2

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 3

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 4

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 5

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 6

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 7

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 8

text_image OFF

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 9

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - 10

De volgende veiligheidsvoorschriften moeten in acht worden genomen tijdens het installeren, in bedrijf stellen, bedienen en onderhouden van de units:

  • De installatie moet worden uitgevoerd volgens de voorschriften die van kracht zijn in het land waar het toestel wordt gebruikt, volgens de instructies van de fabrikant, door professioneel gekwalificeerd personeel of door Servicecentra die door de fabrikant bevoegd zijn verklaard.
  • Alleen vooraf getraind en gekwalificeerd personeel mag de installatie, de eerste inbedrijfstelling en het onderhoud van de unit uitvoeren.
  • Met professioneel gekwalificeerd personeel wordt personeel bedoeld met specifieke technische competenties op het gebied van verwarmings- en airconditioningsysteeminstallaties. U kunt de nodige informatie verkrijgen door telefonisch contact op te nemen met de fabrikant.
  • Bereid op basis van het installatieplan de luchtkanalen, toevoerleidingen voor gekoeld water, warm water, elektriciteit enz. voor met alle bijbehorende regel-, onderbrekings- en veiligheidsvoorzieningen.
  • Gebruik de unit alleen als de unit zelf en de elektrische onderdelen ervan zijn aangesloten op het aardingssysteem van het gebouw.
  • Stel de unit niet bloot aan ontvlambare gassen.

Als de unit moet worden gemonteerd/gedemonteerd/onderhouden:

  • Bescherm uw handen met werkhandschoenen.
  • Let op de randen van het plaatmetaal in de unit.
  • Let op de buitenranden van de unit.
  • Koppel de stroomtoevoer los van de unit.
  • Wacht tot alle bewegende delen van de unit tot stilstand zijn gekomen.
  • Zorg ervoor dat de watertoevoerkraan gesloten is.
  • Wacht tot de warmtewisselaar is afgekoeld.
  • Houd de aanzuig- en uitblaasroosters altijd vrij.
  • Gebruik de unit niet als ondersteuning voor andere machines.
  • Laat geen gereedschap, doeken, losse of onvoldoende bevestigde onderdelen enz. achter in de unit.
  • Sluit de inspectiepanelen niet gedeeltelijk: zorg ervoor dat alle schroeven volledig vastzitten.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Als de unit moet worden gemonteerd/gedemonteerd/onderhouden: - 1

  • Bij toestellen met toegankelijke ventilatoren (ingebouwde versies en versies die bedoeld zijn om aangesloten te worden op luchtkanalen) mag u de unit alleen gebruiken als hij geïnstalleerd is in een compartiment dat alleen toegankelijk is met behulp van gereedschap.
  • Ventilatoren kunnen een toerental van 1000 toeren/minuut overschrijden. Steek geen voorwerpen of uw handen in de elektrische ventilator.
  • Installeer in de buurt van de unit, op een gemakkelijk bereikbare plaats, een omnipolaire veiligheidsschakelaar die de stroom naar het apparaat uitschakelt. Voordat u reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert, dient u de stroomtoevoer van de unit los te koppelen.
  • Zorg ervoor dat de elektrische stroomvoorziening uitgeschakeld is voordat u de unit betreedt. Zorg er in het bijzonder voor, voordat u de inspectiepanelen opent, dat de ventilator is uitgeschakeld en niet opnieuw kan worden ingeschakeld zonder medeweten van de persoon die ingrepen uitvoert op de unit.
  • CONTROLEER DE AARDINGSAANSLUITING!!

  • Deze unit mag alleen worden gebruikt voor het doel waarvoor hij is ontworpen: verwarming, airconditioning, ventilatie en luchtbehandeling van civiele, residentiële, commerciële en industriële omgevingen waarin de luchttoestand als goed/standaard/normaal kan worden beschouwd. Dat wil zeggen dat hij alleen mag worden gebruikt om lucht te behandelen met temperaturen die overeenkomen met "civiele waarden", met lage niveaus van vervuilende stoffen, industriële dampen, chemische dampen, zouten, stof, oliën, vetten, relatieve vochtigheid R.V. en agressieve stoffen. Elk ander gebruik moet worden beschouwd als onjuist en bijgevolg gevaarlijk (naast de mogelijkheid van het veroorzaken van corrosie/abnormale slijtage, vastplakken/vastlopen/verstoppen van motoren/ventilatoren/kussenblokken/lagers en bewegende onderdelen, verstoppen van filters/batterijen/enz. en het bijgevolg drastisch verminderen van de efficiëntie en levensduur van de unit).

  • De belangrijkste risico's ten gevolge van verkeerd onderhoud en/of gebruik zijn voornamelijk van elektrische (kortsluiting, elektrocutie, oververhitting en brand), thermische (oververhitting en brand), mechanische (projectie van bewegende onderdelen, oververhitting door wrijving en als gevolg daarvan brand) en hydraulische aard (waterlekkage, overstromingen en schade aan structuren en meubilair).
  • De standaardunit is in het bijzonder niet geschikt voor gebruik in de landbouwsector (bv. broeikassen met lucht beladen met R.V., meststoffen, stikstof, gesproeide chemicaliën en pesticiden enz.), in zoutrijke omgevingen en in de veehouderijsector (bv. veehouderijen met zure atmosferen, beladen met R.V., stikstof, ammoniak, drijfmest, biogas enz.), in de voedingsindustrie (lucht met hoge concentraties vluchtige organische stoffen, zure dampen, chloriden, gisten enz.), in zeegebieden (lucht met hoge concentraties chloriden, zout, agressieve stoffen enz.).

Vraag voor dit soort toepassing om specifieke units die speciaal ontworpen zijn voor het soort gebruik waarvoor ze bedoeld zijn (bv. units met een hoge IP-beschermingsgraad, ATEX-units, units met condensbakjes en/of afdekbak en/of batterij en/of andere onderdelen van AISI304L, AISI316, gelakt roestvrij staal, enz.).

  • Let op bij het opstarten van de units: start ze niet op in locaties waar andere operatoren nog bezig zijn met uit uitvoeren van werkzaamheden op de bouwplaats (montage/snijden/schuren/verven van gipsplaten/vloeren/panelen/meubels/enz. en bouwwerkzaamheden in het algemeen): de lucht kan veel stof en verontreinigende stoffen van verschillende aard bevatten (waaronder ook chemische stoffen) en snel leiden tot het beschadigen of het volledige stukgaan/ongebruik van de unit.
  • Als de unit wordt geïnstalleerd in ruimten met mindervalide personen en/of kinderen en/of dieren, moet hij zodanig worden geplaatst dat hij niet gemakkelijk toegankelijk is. Zorg ervoor dat de toe-gangsdeur naar de interne bediening altijd gesloten is.
  • De unit kan gebruikt worden door kinderen ouder dan 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke capaciteiten, dan wel zonder ervaring of de benodigde kennis, op voorwaarde dat zij onder toezicht staan of dat zij instructies voor het gebruik van de unit ontvangen hebben en begrepen hebben welke gevaren daaraan inherent zijn. Kinderen mogen niet met de unit spelen. Reinigings- en onderhoudswerkzaamheden door de gebruiker mogen niet worden uitgevoerd door kinderen die niet onder toezicht staan.
  • Een verkeerde installatie kan letsel aan personen en dieren en schade aan voorwerpen veroorzaken waarvoor de fabrikant niet verantwoordelijk kan worden gesteld.
  • De fabrikant is niet aansprakelijk voor eventuele schade veroorzaakt door oneigenlijk, onjuist of

onredelijk gebruik.

- Als de unit defect raakt of niet goed werkt, schakel hem dan uit, probeer hem niet te repareren en neem contact op met de installateur.

- Als u besluit de unit niet meer te gebruiken, moet u de onderdelen die een bron van gevaar kunnen vormen, onschadelijk maken.

- HOUD ER REKENING MEE DAT ELEKTRISCHE EN MECHANISCHE WIJZIGINGEN EN MANIPULATIE IN HET ALGEMEEN DE GARANTIE DOEN VERVALLEN!!

HOOFDONDERDELEN

  1. Paneel van ABS met centraal aanzuigrooster en 4 met de hand draaibare luchttoevoerlamellen aan de zijkant.

  2. Zwaar verzinkt plaatstalen draagconstructie met gaten voor bevestiging aan plafond + Interne thermisch-akoestische isolatie (klasse M1)

  3. Uitwendige beugels op de 4 hoeken voor een eenvoudige bevestiging aan het plafond

  4. Klemmenbord met deksel voor de aansluiting op de bedrade bediening (de bedrade bediening is een accessoire)

  5. Radiaalventilator met schoepen met vleugelprofiel

  6. Elektromotor 230V-1Ph-50Hz rechtstreeks gekoppeld aan de ventilator (AC of EC)

  7. Warmtewisselingsbatterij (1 batterij per unit met 2 leidingen - 1 batterij per unit met 4 leidingen)

  8. Hydraulische aansluitingen batterij

  9. Handmatig ontluchtingsventiel

  10. Handmatige waterafvoerklep

  11. Luchtkanaal en bakje gemaakt van ABS

  12. Condensafvoer

  13. Centrifugaal condensbakje met terugslagklep op de luchttoevoer om continue on/off te vermijden

  14. Vlotter met 2 niveaus: het 1e niveau voor de controle van de condensniveau, het 2e niveau voor de active-ring van het alarm

- Eenvoudig uitneembaar luchtfilter dat bestaat uit een metalen frame met een hoogefficiënt filterzeef van polypropyleen NAN-net.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - HOOFDONDERDELEN - 1

- Uitgebreid assortiment bedrade bedieningen, afstandsbedieningen en regelsystemen

• Regelkleppen (2- en 3-weg, on/off en modulerend)

• Elektrische weerstand met vermogensrelais en veiligheidsthermostaat

• Extra condensbakje

VERPAKKING

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VERPAKKING - 1

De units worden verzonden in een standaardverpakking bestaande uit een kartonnen doos (en/of nylon) en pallets.

De accessoires worden los meegeleverd of reeds op de unit gemonteerd (op aanvraag).

De verpakking bevat een envelop met de handleiding voor de installatie, het gebruik en het onderhoud.

DOCUMENTATIE EN LABELS

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - DOCUMENTATIE EN LABELS - 1

Op elke afzonderlijke unit is een label met serienummer (ter identificatie van het toestel) aangebracht met de volgende gegevens:

  • De gegevens van de fabrikant
  • Het model van de unit en het serienummer
  • Technische gegevens en algemene informatie

Het schakelschema wordt geleverd op een bijkomend label of extra vel papier.

Laat de verpakking niet los tijdens transport

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - DOCUMENTATIE EN LABELS - 2

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - DOCUMENTATIE EN LABELS - 3

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - DOCUMENTATIE EN LABELS - 4

Verplaats het toestel niet zelf als het meer dan 25 kg weegt

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - DOCUMENTATIE EN LABELS - 5

- Voor het transport moeten de volgende voorzorgsmaatregelen worden getroffen:

  • Geschikte vergrendeling op de laadvloer van de truck.
  • Bescherming van de lading met dekzeil.
  • Stapel geen andere units, onderdelen, verpakkingen of voorwerpen op de unit.

  • De unit wordt verzonden, vervoerd en geleverd in een beschermende verpakking die intact moet blijven tot hij op de installatielocatie wordt geplaatst.

  • Controleer of de onderdelen van de unit compleet zijn zoals besteld.
  • Controleer of het toestel geen schade vertoont en of de code van de unit overeenstemt met het bestelde model.
  • Elke unit wordt in de fabriek getest voor hij verzonden wordt, dus als er sprake van schade is, moet u de vervoerder onmiddellijk op de hoogte brengen.
  • Het transport, het lossen en de verplaatsing moeten met de grootste zorg worden uitgevoerd om mogelijke schade te voorkomen. Gebruik alleen de onderkant van de machine als aangrijpingspunt, voer geen druk uit op de onderdelen van de unit. Zorg ervoor dat de hefcapaciteit van het gebruikte voertuig toereikend is voor het gewicht van de unit. Zorg ervoor dat de unit stabiel in evenwicht is geplaatst voordat u hem optilt/verplaatst.
  • Ga voorzichtig te werk bij het optillen van de unit. Het zwaartepunt kan ook uit de as liggen.
  • Houd bij de keuze van het transportmiddel en de transportmethode rekening met verschillende factoren, bijvoorbeeld: het gewicht van de unit; het type en de grootte van de unit; de locatie en de route die afgelegd dient te worden (vuil terrein, geasfalteerd erf enz.); de staat van het terrein van bestemming (dak, erf enz.); de afstanden, de hoogteverschillen en de ongelijkmatigheden die overwonnen moeten worden (ongelijke paden, hellingen, trappen, deuren).

TRANSPORT, VERPLAATSING, OPSLAG OP DE BOUWPLAATS

  • Stapel geen andere units, onderdelen, verpakkingen of voorwerpen op de unit.
  • Droog bewaren: de units moeten afgedekt vervoerd en opgeslagen worden!
  • Houd het uit de buurt van: zonlicht, regen, sneeuw, zand en wind.
  • Limieten opslag- en transporttemperaturen: -20°C...+60°C; max 90% R.V.

de installatie van de unit en de accessoires maf alleen worden uitgevoerd door gespecialiseerd en gekwalificeerd personeel, volgens de geldende voorschriften en wetten, inclusief de lokale wetten van het land waar het toestel wordt geïnstalleerd.

NL - 6

Voorafgaand aan de installatie:

  • Controleer of de unit en de technische kenmerken overeenkomen met het ontwerp of andere documenten.
  • Laat de onderdelen van de verpakking niet binnen het bereik van kinderen en/of handelingsonbekwame personen en/of dieren, aangezien ze een bron van gevaar vormen.
  • Draag geschikte beschermende kleding voordat u overgaat tot het installeren van de unit. Gebruik geschikte apparatuur om ongevallen tijdens de installatie te voorkomen. Voer alle werkzaamheden uit in overeenstemming met de veiligheidswetten/-voorschriften die gelden in het land waar het toestel wordt geïnstalleerd.
  • Voordat u doorgaat met de installatie, is het aan te raden om alle losse accessoires op de unit te monteren volgens de installatie-instructies die zich in elke afzonderlijke kit bevinden.

Installatie:

  • Bepaal waar de unit geïnstalleerd zal worden. Plaats de unit op een stevig onderstel dat geen trillingen veroorzaakt en het gewicht van de unit kan dragen.
  • Installeer de unit niet op een plek waar deze aan direct zonlicht of warmtebronnen, stoom of ontvlambare gassen wordt blootgesteld.
  • Installeer de unit zodanig dat de luchtaanzuig- en luchttoevoeropeningen niet verstopt zijn. De lucht moet vrijuit in de te klimatiseren ruimte kunnen circuleren.
  • Installeer de unit op een eenvoudig bereikbare plek om gemakkelijk het onderhoud te kunnen verrichten.
  • Voor de correcte werking moet de unit op maximaal 3,5 meter boven de grond worden geïnstalleerd.

Bevestiging unit:

Kies de installatieplek van de unit zodanig dat rondom de unit een vrije ruimte van minstens 100 cm aanwezig is. Controleer bovendien of de unit en de leidingen de bestaande installatie (elektriciteits- of waterleidingen) niet hinderen. De unit moet met schroefdraadstangen en voor de structuur geschikte pluggen (niet geleverd) aan het plafond worden bevestigd:

  1. Geef de 4 punten op het plafond (A) aan en boor de gaten voor de schroefdraadstangen (B).
  2. Bevestig de schroefdraadstangen aan plafond (de lengte hangt af van de afstand tussen het plafond en het valse plafond).
  3. Hef de unit op door de schroefdraadstangen aan te brengen ter hoogte an de bevestigingssleuven en zet hem met geschikte onderlegringen en moeren vast.
  4. Controleer met een waterpas of de unit perfect waterpas is en zet de moeren en contramoeren vast.

- Vanwege het gewicht moet de unit met mechanische hulpmiddelen worden opgetild.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Bevestiging unit: - 1

text_image 530 600x600 A B 530

Bevestiging paneel:

Monteer het plastic paneel als de unit goed is vastgezet. Gebruik uitsluitend de geleverde schroeven. We adviseren om de schroeven niet te strak vast te draaien om te vermijden dat het rooster verbuigt.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Bevestiging paneel: - 1

  • De unit moet zodanig geïnstalleerd worden dat hij volledig toegankelijk is, zodat routinematig en buitengewoon onderhoud eenvoudig kan worden uitgevoerd, inclusief het op eenvoudige wijze vervangen van onderdelen en/of het volledig vervangen van de unit. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor kosten of uitgaven die voortvloeien uit het niet naleven van deze vereiste.
  • Het eventuele vals plafond moet toegang bieden tot de onder- en voorpanelen van de unit voor inspectie, onderhoud en vervanging van de filters, ventilatoren, batterij, regulerende onderdelen en het elektrische gedeelte.
  • Zorg aan de kant van de hydraulische aansluitingen voor een ruimte van ten minste 200 mm voor de montage van leidingen en kleppen.
  • Voorzie rondom de andere 3 zijden een vrije ruimte van minstens 100 mm voor inspectie/onderhoud.

INSTALLATIE: LUCHTVERBINDINGEN

Systeem voor luchtverversing en -verdeling op afstand

De openingen aan de zijkant kunnen gebruikt worden voor de aparte aanleg van een luchttoevoerkanaal dat met buiten verbonden is voor de luchtverversing en de luchttoevoer naar een aangrenzende ruimte.

Luchtverversing

Verwijder het membraan van plaatstaal dat met de letter "A" is aangegeven.

Gebruik de verbindingsflens ∅72mm (optioneel) en sluit een leiding met condenswerende isolatie aan. Voor het gebruik van een ventilator voor het kanaal (optioneel) moeten een terugslagklep en een filter aanwezig zijn om te vermijden dat stof de ruimte wordt ingevoerd.

Luchtverdeling op afstand

Verwijder het membraan van plaatstaal dat met de letter "B" is aangegeven.

Gebruik de verbindingsflens ∅155mm (optioneel) en sluit de leiding voor de verdeling van lucht naar een aangrenzende ruimte aan.

Het wordt aanbevolen om de luchtopening op het paneel ter hoogte van het kanaal voor de luchtverdeling op afstand af te sluiten.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Luchtverdeling op afstand - 1

text_image Toevoer naar aangrenzende ruimtes 103 B D.155 285 103 60 D.72 bucht A
  • De afmetingen van de leidingen moeten worden afgestemd op het systeem en de aeraulische eigenschappen (ESP) van de ventilatoren van de unit. Onjuist berekende leidingen veroorzaken vermogensverlies of het uitschakelen van apparaten op het systeem.
  • Om het geluidsniveau te dempen, raden we het gebruik van geïsoleerde leidingen aan.
  • Het wordt aanbevolen dat het afvoerkanaal begint met een recht stuk dat minstens 2 keer zo lang is als de kortere kant van het kanaal vóór bochten, aftakkingen en obstructies zoals kleppen, om te voorkomen dat de prestaties van de unit afnemen.
  • Divergerende secties mogen geen hellingen van meer dan 7° hebben.

In overeenstemming met de Europese richtlijnen en verordeningen betreffende ECODESIGN moeten de kanalen de juiste afmetingen hebben (grote doorsnede, weinig en beperkte richtingsveranderingen enz.) om een laag drukverlies te garanderen (drukverlies is altijd een bron van verspilling en energieverlies, met een daling van de prestaties en energie-efficiëntie van de unit en het systeem in het algemeen tot gevolg).

- De doorsnede van de aanzuig- en uitblaaskanalen moet altijd groter zijn (of maximaal gelijk aan, maar nooit kleiner dan) dan de respectieve inlaat van de unit, anders worden de @ ESP-prestaties nadelig beïnvloed (door de luchtdrukval).

NL - 8

INSTALLATIE: SANITAIRE AANSLUITING

- LET OP:

gebruik bij het aansluiten van de batterij op de leidingen altijd een antitorsiesysteem (bijv. moersleutel en contrasleutel) en draai deze met een geschikt koppel vast, anders kan de batterij breken.

Voor de versies met waterbatterij: Voer de hydraulische aansluitingen uit

  • In overeenstemming met de Europese richtlijnen en verordeningen betreffende ECODESIGN moeten de leidingen de juiste afmetingen hebben (grote doorsnede enz.) om een laag drukverlies te garanderen (drukverlies is altijd een bron van verspilling en energieverlies, met een daling van de prestaties en energie-efficiëntie van de unit en het systeem in het algemeen tot gevolg).
  • Hydraulische aansluitingen moeten worden gemaakt met leidingen met een grotere diameter (of minstens dezelfde, nooit kleiner) dan die van de hydraulische aansluitingen van de unit!
  • Zorg voor afsluitkleppen (met geschikte afmetingen, MIN 3/4") om de batterij te isoleren van de rest van het circuit in geval van buitengewoon onderhoud. Sluit de inlaat aan met een kogelkraan en de uitlaat met een balanceerkraan of houder (of installeer 2 kogelkranen).
  • Zorg voor een ontluchtingsventiel bovenaan en een afvoerventiel onderaan.
  • Verplicht: isoleer waterleidingen en kleppen voldoende om lekkage tijdens het koelen te voorkomen.
  • De warmtewisselaarbatterijen voor water zijn getest bij een druk van 30 bar en zijn daarom geschikt voor gebruik tot een maximale druk van 15 bar.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Voor de versies met waterbatterij: Voer de hydraulische aansluitingen uit - 1

Unit (aansluiting batt.) A 3/4": 10...14 Nm

Aandraaikoppel (Min .... Max)
OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Voor de versies met waterbatterij: Voer de hydraulische aansluitingen uit - 2

De belangrijkste oorzaken van batterijstoringen zijn:

  • Barsten/breuken in de lasnaden of buizen door abnormaal mechanisch impact (bv. schokken en/of forceren tijdens het vastnemen, transport, verplaatsen en, in het bijzonder, tijdens de installatie), in het bijzonder forceren tijdens de montage door het te hard aandraaien zonder gebruik te maken van antitorsiesystemen zoals moersleutel-contrasleutel.
  • Het overmatig uitzetten van de toevoerleidingen (voor de verschillende temperaturen voor warm/koud water), het uitzetten dat in bepaalde omstandigheden (bv. te lange lineaire leidingen) merkbaar en dus gevaarlijk kan worden als ze op de verdeelleidingen van de unit worden afgevoerd.
  • Het loskomen van gewichten, overdracht van trillingen of vervorming van de leidingen van de voedingsinstallatie op de verdeelstukken van de unit.

- Afhankelijk van de specifieke kenmerken van het systeem (geval per geval te beoordelen), is het gebruik VERPLICHT van beugels, compensatoren, antitrilbevestigingen en het gebruik van alle installatietechnische voorzieningen die zijn ontworpen om te voorkomen dat het gewicht, de vervormingen en de trillingen van de toevoerleidingen worden afgevoerd naar de verdeelleidingen van de unit.

Risico op bevriezing:

Gebruik antivriesmiddelen als de unit of de hydraulische aansluitingen blootgesteld kunnen worden aan temperaturen van ongeveer 0°C (bv.: bescherm leidingen met verwarmende kabels, bedek ze met isolatie, isoleer leidingen enz.). In het geval van installatie in gebieden met een bijzonder koud klimaat, moet het systeem worden leeggemaakt in afwachting van lange periodes van ongebruik.

Voor versies die worden gebruikt in koeling met condensaatvorming:

  • Verplicht: isoleer condens-afvoerleidingen voldoende om lekkage tijdens het koelen te voorkomen.
  • Het condensafvoernetwerk moet de juiste afmetingen hebben en de leidingen moeten zo geplaatst zijn dat er langs het traject een voldoende afschot (min. 3%) is. Er mogen geen stijgende delen of knelpunten zijn om een regelmatige afvoer mogelijk te maken.
  • Verplicht: installeer een sifon op de condensafvoerleiding.
  • De condensafvoer moet worden aangesloten op de regenwaterafvoer.
  • Gebruik geen afvoer voor schoon of vuil water (riolering) om te voorkomen dat er stank in de kamers komt als het water in de sifon verdampt.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Voor versies die worden gebruikt in koeling met condensaatvorming: - 1

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Voor versies die worden gebruikt in koeling met condensaatvorming: - 2

text_image 3 cm/m

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Voor versies die worden gebruikt in koeling met condensaatvorming: - 3

Een drainagesysteem moet een adequate sifon voorzien voor:

  • Vrije condensafvoer.
  • Het voorkomen van ongewenste luchtinvoer in de vacuümsystemen.
  • Het voorkomen van ongewenste luchtuitlaat in de systemen onder druk.
  • Voorkom het binnendringen van geuren of insecten.

- OPMERKING:

De sifon moet voorzien zijn van een dop voor de reiniging aan de onderkant of moet in elk geval snel gedemonteerd kunnen worden voor de reiniging.

MONTAGE EXTRA CONDENSBAKJE (optioneel)

Het extra condensbakje vangt de condens op die in nabijheid van wateraansluitingen en kleppen wordt gevormd. Bevestig het extra condensbakje met 2 geleverde schroeven aan de structuur op de plek die in de afbeelding is aangegeven. Zorg ervoor dat de leidingen of isolatie het condensbakje niet laten hellen, zodat de condens niet kan worden afgevoerd.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - MONTAGE EXTRA CONDENSBAKJE (optioneel) - 1

text_image 2 bevestigings- schroeven

INSTALLATIE: ELEKTRISCHE AANSLUITING

- UNIT GEBOUWD IN OVEREENSTEMMING MET DE HUIDIGE ELEKTRISCHE RICHTLIJNEN VAN DE EEG (ZIE DE VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING)

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - INSTALLATIE: ELEKTRISCHE AANSLUITING - 1

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - INSTALLATIE: ELEKTRISCHE AANSLUITING - 2

- VERPLICHT:

de elektrische aansluitingen en de installatie van de unit en de accessoires mogen alleen worden uitgevoerd door gespecialiseerd en gekwalificeerd personeel, volgens de geldende voorschriften en wetten, inclusief de lokale wetten van het land waar het toestel wordt geïnstalleerd.

- LET OP:

de unit moet elektrisch worden aangesloten: De elektrische installatie moet voldoen aan een plan dat is opgesteld door een gekwalificeerde ontwerper, gedocumenteerd en goedgekeurd volgens de geldende normen en wetten. Hieronder wordt slechts een

NL - 10

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - - LET OP: - 1

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - - LET OP: - 2

aantal (niet-exhaustieve) algemene voorschriften vermeld bij wijze van voorbeeld, waarbij voor meer details wordt verwezen naar het project van de elektrische installatie.

- LET OP:

voordat u om het even welke ingreep uitvoert, dient u ervoor te zorgen dat de stroomtoevoer is uitgeschakeld.

- Houd er rekening mee dat elektrische en mechanische wijzigingen en manipulatie in het algemeen de garantie doen vervallen.

  • Volg de EEG-veiligheidsvoorschriften en de normen/wetten die van kracht zijn in het land waar het toestel wordt geïnstalleerd.
  • Controleer of de netspanning overeenkomt met de gegevens op het typeplaatje van de unit.
  • Stroomtoevoer unit en accessoires (motor, elektrische weerstand, afstandsbedieningen, regeling enz.): Controleer of de netspanning binnen de ingestelde limieten ligt (zie de bedrijfslimieten).
  • Als de unit gebruikt worden met spanningen die buiten deze limieten vallen, vervalt de garantie.
  • Verzeker u ervan dat het elektrisch systeem niet alleen de bedrijfsstroom kan leveren die de unit nodig heeft, maar ook de stroom die nodig is om andere huishoudelijke apparaten en units die reeds in gebruik zijn van stroom te voorzien.

CONTROLEER DE AARDINGSAANSLUITING

  • De elektrische veiligheid van de unit kan alleen worden bereikt als hij correct is aangesloten op een efficiënt aardingssysteem, in overeenstemming met de toepasselijke veiligheidsnormen.
  • Op het moment van de verbinding dient de aardingskabel langer te zijn dan de kabels die onder spanning staan. Het is de laatste kabel die loskomt als er per ongeluk aan de voedingskabel wordt getrokken, waardoor een goede aarding gegarandeerd blijft.

KENMERKEN VAN VERBINDINGSKABELS

  • Sluit de unit en alle accessoires aan met kabels met een doorsnede die geschikt is voor het gebruikte vermogen en die voldoen aan de plaatselijke voorschriften. Ze moeten in elk geval groot genoeg zijn om tijdens het opstarten een spanningsverlies van minder dan 3% van de nominale spanning te realiseren.
  • Gebruik kabels van het type H05V-K of N07V-K met 300/500V-isolatie in een buis of kabelgoot.
  • Gebruik een afgeschermde kabel voor units met een inverter/driver of een ander apparaat dat de frequentie wijzigt.
  • Alle kabels moeten worden omhuld door een buis of een kabelgoot tot in het klemmenbord van de unit.
  • Kabels die de buis of kabelgoot verlaten, moeten zodanig geplaatst worden dat ze niet worden blootgesteld aan trek- of torsiespanningen en worden beschermd tegen invloeden van buitenaf. Kabels met strengen kunnen alleen worden gebruikt met kabelschoenen. Zorg ervoor dat de draadstrengen goed vastzitten.

ELEKTRISCHE VERBINDING EN OMNIPOLAIRE MAGNETOTHERMISCHE DIFFERENTIEELSCHAKELAAR

- ALLE BEDRADINGSSCHEMA'S ZIJN ONDERHEVIG AAN BIJWERKINGEN: RAADPLEEG HET BEDRADINGSSCHEMA DAT BIJ DE UNIT IS GELEVERD.

  • U bent verplicht zich tot een ontwerper te wenden en om gecertificeerde componenten van topkwaliteit te gebruiken met eigenschappen die geschikt zijn voor de kenmerken van het systeem waarin ze worden geïnstalleerd en voor de eigenschappen van de componenten die zijn gemonteerd op de unit/accessoire dat moet worden gevoed.
  • Voer de elektrische aansluiting uit volgens het bedradingsschema van de unit.
  • Voor de algemene voeding van de unit is het gebruik van adapters, verloopstekkers en/of verlengsnoeren niet toe-gestaan.
  • Om de unit te beschermen tegen kortsluiting, moet hij op de stroomtoevoer worden aangesloten met behulp van een geschikte omnipolaire magnetothermische differentieelschakelaar met een contactopening van minimaal 3 mm. Deze stroomonderbreker moet voldoende bescherming bieden tegen overbelasting (thermische deel) + bescherming tegen kortsluiting (magnetische deel) + bescherming tegen elektrische lekkage, storing of elektrocutie naar aarde (differentiële deel). Zie voor de keuze van de meest geschikte schakelaar het stroomverbruik op het label van de unit.
  • Vergeet niet: een omnipolaire schakelaar wordt gedefinieerd als een schakelaar die zowel op fase als op nul kan worden geopend. Dit betekent dat wanneer deze wordt geopend, beide contacten geopend zijn.
  • De omnipolaire schakelaar of de eventuele stekker (kabel en stekkerverbinding) moet zich op een toegankelijke plaats bevinden.
  • Het wordt aanbevolen om altijd een extra zekeringscheider stroomopwaarts te installeren die niet alleen voldoende extra bescherming biedt, maar het ook mogelijk maakt om de lijn volledig los te koppelen met een contactafstand >3 mm.
  • De installateur is verplicht om ervoor te zorgen dat de montage zo dicht mogelijk bij unit van de stroomonderbreker plaatsvindt!!

- STROOMVERBRUIK:

Raadpleeg de stroomverbruikswaarden op het typeplaatje van de unit.

Accessoires, afstandsbedieningen:

De installatielocatie van het bedieningspaneel moet zodanig worden gekozen dat de maximale en minimale omgevingstemperatuur van 0÷45°C, < 85% R.V. wordt gerespecteerd. Het bedieningspaneel mag alleen op een metalen muur worden gemonteerd als het permanent is aangesloten op het aardingsstopcontact.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - Accessoires, afstandsbedieningen: - 1
Toevoer naar aangrenzende ruimtes

WERKINGSLIMIETEN

MAXIMAAL stroomverbruik Waarde ophet identificatielabel van de unit
Stroomtoevoer (unit)230Vac ± 10% - 1Ph – 50/60Hz(min. 207 .... max. 253Vac)
Stroomtoevoer (afstandsbedieningen)230Vac ± 10% - 1Ph – 50/60Hz(min. 207 .... max. 253Vac)
Bedrijfstemperatuur (omgevingslucht) -20°C+40°C
Bedrijfsvochtigheid (omgevingslucht) 10%... 90% R.V. – R.H. (zonder condens)
Maximumtemperatuur toegevoerd water 75°C (GEEN oververhit water; GEEN stoom)
Minimumtemperatuur toegevoerd water3°C (met glycol). Voor lagere temperaturen zijn batterijontdooisystemen verplicht
Maximaal waterdebiet (Qw.max)Nominaal waterdebiet x 2 (voor hogere Qw, hoge watersnelheid, lawaai, hoge IN/OUT differentiële druk).
Minimaal waterdebiet (Qw.min)Nominale waterstroom x 1/3 (voor lagere Qw, lage Pdc, laminaire beweging, drastische prestatievermindering)
Maximale bedrijfsdruk (water) 15 bar
Ethyleenglycol (maximaal gewichtspercentage)80 %
Werking met oververhit water NEE
Werking met stoom NEE
Werking directe uitbreiding NEE

GEMIDDELDE MINIMUMWATERTEMPERATUUR (VOOR UNITS IN KOELMODUS)

Om condensatieverschijnselen op de buitenkant van de unit te voorkomen, mag de gemiddelde watertemperatuur niet lager zijn dan de limieten in de onderstaande tabel, die afhankelijk zijn van de thermo-hygrometrische omstandigheden van de omgevingslucht. De bovenstaande limieten hebben betrekking op werking aan de minimumsnelheid, wat het meest kritieke geval is.

Temperatuur met droge bol omgevingslucht(°C droge bol)
21 2325 27 29 31
GEMIDDELDE MINI-MUMTEMPERATUUR WATER (°C)Temperatuur met natte bol omgevingslucht(°C natte bol)153 3 3 3 3
173 3 3 3 3
193 3 3 3 3
215 4 3 3 3
237 6 5 5

Als, wanneer de gewenste kamertemperatuur is bereikt, de ventilator stopt terwijl er koud water door de batterij blijft circuleren, kan er zich condens vormen op de buitenkant van de unit.

Om condensvorming aan de buitenkant van de unit te voorkomen, dient u het regelsysteem van de installatie zodanig aan te passen dat bij het bereiken van de temperatuur, naast het stoppen van de ventilator, ook de waterstroom door de batterij wordt onderbroken (3-wegklep, 2-wegklep, pomp OFF, koelmachine OFF enz.) of dient u een bijkomende thermische isolatie van het toestel te voorzien.

EERSTE OPSTARTING

- VERPLICHT:

De eerste opstarting mag alleen worden uitgevoerd door gespecialiseerd en gekwalificeerd personeel.

Controleer de volgende punten voor u de unit opstart:

  • Verankering van de unit aan de structuur van het gebouw (plafond, dak enz.).
  • Aansluiting van de aardingskabel en aandraaien van alle elektrische klemmen.
  • Eventuele aansluiting van kanaliseringen. - Afsluiten van inspectiepanelen.
  • Voedingsspanning beschikbaar.
  • Controleer of de waterafsluitkranen in de buurt van de unit geopend zijn. Zorg ervoor dat de lucht uit de watertoevoerleiding is verwijderd.
  • Controleer of het watertoevoersysteem niet lekt.
  • Zorg ervoor dat de geldende voorschriften en normen met betrekking tot de installatie van deze units worden nageleefd.

Ga als volgt te werk voor de eerste opstarting:

  • Controleer of de magnetothermische stroomonderbreker is ingeschakeld.
  • Voorzie de unit van stroom.
  • De unit functioneert anders afhankelijk van het besturingssysteem (bedieningspaneel, printplaat, regelaar, schakelbord enz.) waarop hij is aangesloten. In feite beschikt elk type regelgeving over verschillende functies. Raadpleeg daarom altijd de instructie die bij het desbetreffende regelsysteem worden geleverd.

ALGEMENE VOORSCHRIFTEN >> Zomer: stel het regelsysteem in op een temperatuur die enkele graden lager is dan de huidige temperatuur. Winter: stel het regelsysteem in op een temperatuur die enkele graden hoger is dan de huidige temperatuur.

- Het is raadzaam om de unit enkele uren na installatie en na lange perioden van inactiviteit op volle snelheid te laten draaien (om eventuele verwerkingsresiduen of stoffen die zich tijdens een periode van inactiviteit hebben opgehoopt te verdampen, verdunnen, verspreiden en af te voeren).

- CONTROLEER HET STROOMVERBRUIK EN DE LUCHTSTROOM TERWIJL DE UNIT IN WER-KING IS.

Controleer aan het einde van de werkzaamheden of het stroomverbruik lager is dan of gelijk is aan het stroomverbruik dat vermeld staat op het label van de unit. Het stroomverbruik mag nooit hoger zijn dat het verbruik dat vermeld is op het typeplaatje, anders zal de unit verbranden!!!

1 Verklaring van overeenstemming:

- Deze unit moet geïnstalleerd worden door een erkend en gekwalificeerd bedrijf dat na voltooiing van de werkzaamheden aan de klant (eigenaar, gebruiker, andere) een conformiteitsverklaring moet afgeven waarin wordt verklaard dat de installatie op vakkundige wijze is uitgevoerd (d.w.z. in overeenstemming met het door de ontwerper opgestelde project, de geldende normen en de voorschriften van de fabrikant die vermeld zijn in deze handleiding).

2 Testverslag:

- Na de eerste inbedrijfstelling moet het geautoriseerde bedrijf het verslag betreffende de test en de eerste inbedrijfstelling van de unit (met handtekening van de klant voor acceptatie) en het systeemboekje (indien vereist) opstellen, in overeenstemming met de geldende voorschriften, en de machine overnemen, met de bijbehorende verantwoordelijkheden.

- Het ontbreken van de conformiteitsverklaring en/of het testrapport doet de garantie en elke andere aansprakelijkheid van de fabrikant in verband met de unit vervallen.

3 informatie voor de gebruiker:

- Het wordt aanbevolen dat het gekwalificeerde bedrijf dat de eerste inbedrijfstelling uitvoert, de gebruiker aan het einde van de werkzaamheden informeert over alle handelingen die nodig zijn voor de correcte werking en het correcte gebruik van de unit, met bijzondere aandacht voor het verplichte karakter van de periodieke controles (gewoon onderhoud voorbehouden aan de gebruiker + gewoon onderhoud voorbehouden aan gespecialiseerd personeel).

In- en uitschakeling van het toestel:

- LET OP! De eerste inbedrijfstelling van de unit is uitsluitend de verantwoordelijkheid van gespecialiseerd/gekwalificeerd technisch personeel en in het bijzonder van het installatiebedrijf, dat na voltooiing van de werkzaamheden aan het systeem de veiligheid en functionaliteit ervan in zijn geheel kan controleren. Zorg ervoor dat u deze handleiding, de conformiteitsverklaring van de installatie, het test- en inbedrijfstellingsverslag van de unit (en, indien van toepassing, het boekje van het systeem) in uw bezit heeft voordat u het apparaat in gebruik neemt.

- Voordat u de unit voor het eerst inschakelt, moet u controleren of het installatiebedrijf alle handelingen heeft uitgevoerd waarvoor het verantwoordelijk is (zie vorige paragrafen).

- Laat de unit niet onnodig ingeschakeld als het niet wordt gebruikt.

Defect of storing:

Schakel in geval van een defect en/of een storing de unit uit:

- Koppel de unit los van de omnipolaire hoofdschakelaar op de stroomtoevoer.

- Sluit de watertoevoerkranen.

- Onderneem geen pogingen tot reparatie of directe interventie.

- Neem alleen contact op met professioneel gekwalificeerd personeel.

- Reparaties aan de unit mogen alleen worden uitgevoerd door een door de fabrikant erkend servicecentrum met originele reserveonderdelen.

- Het niet naleven van bovenstaande voorschriften kan de veiligheid van de unit in gevaar brengen.

- LET OP!

Om een efficiënte en goede werking van de unit te garanderen, is het van essentieel belang om jaarlijks onderhoudswerkzaamheden te laten uitvoeren door professioneel gekwalificeerd personeel, volgens de instructies van de fabrikant.

Het is raadzaam om de unit enkele uren na de installatie en na lange perioden van inactiviteit op volle snelheid te laten draaien.

- OPMERKING:

Voor een nauwgezette en betrouwbare controle van de omgevingstemperatuur wordt aanbevolen om de motor altijd ingeschakeld te houden en de temperatuur te controleren met gebruik van de 2-weg (of 3-weg) kleppen of kies voor bedieningen met anti-stratificatiefunctie.

NL - 14

- De unit werkt anders afhankelijk van het besturingssysteem waarop het is aangesloten. In feite heeft elk bedieningspaneelmodel verschillende functies!! RAADPLEEG DAAROM ALTIJD DE INSTRUCTIES VAN HET SPECIFIEKE MEEGELEVERDE BEDIENINGSPANEEL.

De unit is niet geschikt voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met een gebrek aan ervaring of kennis, tenzij zij onder toezicht staan van of instructies hebben gekregen over het gebruik van de unit van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten in de gaten gehouden worden om te controleren of ze niet met de unit spelen.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - - OPMERKING: - 1

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - - OPMERKING: - 2

Het is erg gevaarlijk om aan de stroomkabel te trekken, erop te stappen, deze te verpletteren of vast te zetten met spijkers of kopspijkers. De beschadigde kabel kan kortsluiting en lichamelijk letsel veroorzaken.

- GEBRUIK HET TOESTEL NIET OP ONJUISTE WIJZE

De unit mag niet worden gebruikt voor het fokken, baren en grootbrengen van dieren.

- LICHT DE LUCHTSTRAAL OP CORRECTE WIJZE

Richt de kleppen zodanig dat de luchtstroom mensen niet rechtstreeks raakt, aangezien dit een ongemakkelijk gevoel geeft.

- PLAATS GEEN VOORWERPEN OP DE LUCHTUITLAAT

Steek geen voorwerpen in de luchtuitlaatopeningen. Dit kan leiden tot lichamelijk letsel en schade aan de unit.

- GA NIET OP HET TOESTEL ZITTEN

- BEDEK HET TOESTEL NIET

Met voorwerpen of gordijnen die de luchtstroom zelfs maar gedeeltelijk belemmeren.

- LET OP

Plaats tijdens de werking geen voorwerpen of doeken op het luchtuitlaatrooster om ze te drogen. Deze belemmeren de doorgang van het luchtuitlaatrooster en kunnen de unit beschadigen.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - - LET OP - 1

Richt geen waterstralen op de unit. Dit kan elektrische schokken veroorzaken of het apparaat beschadigen. Gebruik geen warm water, schuurmiddelen of oplosmiddelen; gebruik een zachte doek om de unit schoon te maken.

  • Koppel de unit los van de omnipolaire hoofdschakelaar op de stroomtoevoer.
  • Sluit de watertoevoerkranen.
  • In het geval van installatie in gebieden met een bijzonder koud klimaat, moet het systeem worden leeggemaakt in afwachting van lange periodes van ongebruik.

Deze units zijn gebouwd met moderne technologieën die efficiëntie en een goede werking op lange termijn garanderen, evenals een hoog veiligheidsniveau in overeenstemming met de huidige normen.

Om de unit zo efficiënt en veilig mogelijk te houden, is het van essentieel belang om een regelmatig inspectie- en onderhoudsschema op te stellen en te volgen, afhankelijk van de water- en luchtkarakteristieken en de algemene omstandigheden van de installatieplaats (per geval te beoordelen).

Het volgende onderhoudsschema wordt opgesteld op basis van goede/standaard/normale omstandigheden met betrekking tot de staat van vervuiling/stof van de lucht en de plaats van installatie (optimale situatie). Indicaties voor interventietijden voor een goed onderhoud zijn daarom louter indicatief en kunnen (zelfs veel) korter zijn, afhankelijk van de daadwerkelijke bedrijfsomstandigheden. De meest agressieve omgevingsomstandigheden doen zich voor wanneer er een abnormale hoeveelheid industriële dampen, zouten, chemische dampen, industrieel stof, vuil enz. in de lucht aanwezig is.

OM HET TOESTEL TE REINIGEN:

LET OP! Koppel de elektrische voeding los voordat met de reiniging wordt aangevangen.

Richt geen waterstralen op de unit. Dit kan elektrische schokken veroorzaken of de unit beschadigen. Maak geen gebruik van warm water, schuurmiddelen, oplosmiddelen, zure of basische oplossingen. Reinig de unit met een zachte doek die eventueel met lauwwarm water is bevochtigd. Gebruik het unit niet tijdens de reiniging van de ruimtes.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - OM HET TOESTEL TE REINIGEN: - 1

text_image Sloten

NL - 16

GEWOON ONDERHOUD (VOORBEHOUDEN AAN DE GEBRUIKER): MAANDE-LIJKSE CONTROLES

- OPMERKING:

Zorgvuldig onderhoud is altijd een bron van besparingen en veiligheid!

Voor ruimten met een "normale" reinheidsgraad wordt aanbevolen om de volgende handelingen uit te voeren aan het begin van elk airconditioningseizoen, aan het begin van elk verwarmingsseizoen en daarna ten minste elke maand dat de ruimte gebruikt wordt:

- REINIGING:

Veeg de buitenkant van de unit schoon met een vochtige doek.

- LUCHTFILTER:

Reinigen kan door het deken op te kloppen, het te wassen met een straal water en reinigingsmiddel of met een straal perslucht.

BELANGRIJK: om het filter te reinigen, moeten lucht- of waterstralen tegen de normale richting van de luchtinlaat in worden gericht en mogen ze niet te krachtig zijn om te vermijden dat ze de filtermassa beschadigen. Als filters met water worden gereinigd, laat ze dan zorgvuldig drogen voor gebruik om de efficiëntie van het systeem niet aan te tasten.

Reinig het filter met de volgende procedure:

  • Laat de sloten op het aanzuigroster van het voorpaneel met een platte schroevendraaier 90° draaien, zoals in de vorige afbeelding is getoond.
  • Verwijder het filter van de inwendige geleiders, zonder deze te beschadigen.
  • Plaats het filter na de reiniging terug in de geleiders, sluit het rooster door de sloten 90° in tegengestelde richting te draaien.
  • Hermonteer het filter altijd na de reiniging, voordat de unit weer wordt gestart.

- CONDENSAFVOER:

Controleer tijdens het zomerseizoen of de condensafvoer niet verstopt is en of de opvangbak vrij is van stof of ander vuil. Vuil kan de afvoer verstoppen, waardoor het condenswater overloopt. Als hij vuil is, neem dan contact op met het servicecentrum.

GEWOON ONDERHOUD (VOORBEHOUDEN AAN GEKWALIFICEERDE TECHNICI): JAARLIJKSE CONTROLES

Voor de goede werking en het behoud van de unit is het verplicht om minstens eenmaal per jaar onderhoudswerkzaamheden te laten uitvoeren door een gekwalificeerde technicus. Bij de 1e jaarlijkse inspectie wordt de unit volledig overgenomen door de onderhoudstechnicus (gekwalificeerde technicus), die de volgende verantwoordelijkheden heeft.

- CONTROLE ELEKTRISCHE ONDERDELEN:

Controleer alle elektrische apparatuur en vooral of de elektrische aansluitingen goed vastzitten. Controleer het stroomverbruik.

- CONTROLE VAN HET AANDRAAIEN van alle bouten, moeren en flenzen die door trillingen los kunnen zijn gekomen.

- TRILLINGEN / LAWAAI:

Controleer of de unit zonder trillingen of abnormale geluiden werkt.

- IN-/UITLAAT VAN HET VENTILATIECIRCUIT:

Controleer of ze niet geblokkeerd zijn, wat zou kunnen leiden tot oververhitting van de wikkelingen.

- MOTOR-VENTILATORGROEP:

Zowel de motor als de ventilatoren draaien op zelfsmerende lagers en zijn onderhoudsvrij. Controleer of de waaier schoon is. Controleer of er geen vuil en vreemde voorwerpen op de ventilator aanwezig zijn. Als dit niet het geval is, maak de ventilator dan schoon door perslucht te blazen op zo'n manier dat de waaier niet beschadigd raakt.

- MOTOR:

Controleer of de motor geen sporen van stof, vuil of andere onzuiverheden vertoont. Stof/vuil op de bewegende onderdelen (vooral lagers/glijlagers/enz.) kan leiden tot het vastkleven/vastlopen van de onderdelen zelf, waardoor de bewegingsweerstand toeneemt en het systeem kan blokkeren, de motor oververhit kan raken, verbranding kan optreden of schade kan ontstaan.

- LUCHTFILTERS:

Naast routinematige reiniging/onderhoud door de gebruiker moeten de luchtfilters ten minste eenmaal per jaar of 3000 bedrijfsuren volledig worden vervangen.

- BATTERIJ VOOR WATER:

De warmtewisselingsbatterij moet in perfecte staat worden gehouden om de technische kenmerken van het ontwerp te garanderen. Controleer de lamellenwand op belemmeringen voor de luchtdoorlaat: reinig hem indien nodig en zorg ervoor dat u de aluminium lamellen niet beschadigt. Gebruik voor het schoonmaken een bezem of, nog beter, een stofzuiger.

- CONDENSAFVOER:

Het bakje kan een broeihaard zijn van micro-organismen en schimmels. Daarom is het erg belangrijk om het bakje minstens één keer per jaar grondig te reinigen met geschikte schoonmaakmiddelen en te desinfecteren met ontsmettingsmiddelen. Giet na het schoonmaken water in het bakje om te controleren of het water goed wegloopt.

REGELS VOOR DE GEBRUIKER: BUITENGEWOON ONDERH./ASSISTENTIE

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - REGELS VOOR DE GEBRUIKER: BUITENGEWOON ONDERH./ASSISTENTIE - 1

- VERPLICHT:

Voor alle installatie-, inbedrijfstellings- en onderhoudswerkzaamheden enz. moet u altijd professioneel gekwalificeerd personeel inschakelen.

Zorg dat u de documentatie van de machine bij de hand hebt voordat u de technische dienst belt.

Het volgende moet VERPLICHT meegedeeld worden:

  • Het model van de unit, het serienummer, het aantal bedrijfsuren bij benadering.
  • Een beschrijving, ook beknopt, van het type installatie + het type storing die werd opgemerkt

REGELS VOOR DE GEBRUIKER: RESERVEONDERDELEN, VERVANGING VAN COMPONENTEN

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - REGELS VOOR DE GEBRUIKER: RESERVEONDERDELEN, VERVANGING VAN COMPONENTEN - 1

  • Als onderdelen vervangen moeten worden, is het aanbevolen om alleen originele onderdelen en reserveonderdelen te gebruiken, anders vervalt de garantie op de hele unit: Om veiligheids- en kwaliteitsredenen wordt aanbevolen om alleen originele onderdelen en reserveonderdelen te gebruiken bij vervangingen!!
  • Vermeld bij het bestellen van reserveonderdelen altijd het model van de unit, het serienummer en de beschrijving van het te bestellen onderdeel.
  • Er is een specifieke technische expertise vereist om onderdelen te vervangen, dus het is verplicht om altijd contact op te nemen met een Technisch Servicecentrum dat is hiervoor de toestemming heeft verkregen van de fabrikant.

- LET OP!

Alle vervangingen van onderdelen moeten worden uitgevoerd terwijl de unit niet in werking is en losgekoppeld is van water- en stroomtoevoer.

VUILVERWERKING

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VUILVERWERKING - 1

Aan het einde van hun levensduur moeten de units worden afgedankt volgens de geldende voorschriften in het land van installatie. Vermijd morsen of lekken in de natuur.

OLIMPIA SPLENDID Bi2 Cassette - VUILVERWERKING - 2

De unit bestaat uit de volgende materialen:

  • Gegalvaniseerd plaatstaal, voorgelakt, roestvrij staal, aluzink
  • Koper, aluminium
  • Polyester, polyethyleen, glasvezel, kunststof, ABS

ZOEKEN NAAR DEFECTEN (VOORBEHOUDEN AAN GEKWALIFICEER-DE TECHNICI)

- VERPLICHT:

VOORDAT U TOEGANG VERKRIJGT TOT HET TOESTEL, DIENT U GESCHIKTE BESCHER-MENDE KLEDING AAN TE TREKKEN EN DE VOEDING UIT TE SCHAKELEN MET BEHULP VAN DE OMNIPOLAIRE SCHAKELAAR STROOMOPWAARTS VAN DE UNIT.

DEFECT MOGELIJKE OORZAKEN - CONTROLES - OPLOSSINGEN
BEPERKTE LUCHTUITSTOOTVerkeerde instelling van de snelheid op het bedieningspaneel: Kies de correcte snelheid op het bedieningspaneel.
Luchtfilter verstopt: Reinig het luchtfilter.
Belemmering van de luchtstroom (inlaat en/of uitlaat): Verwijder de verstopping.
Omgekeerde draairichting: Controleer het schakelschema en de elektrische aansluitingen.
BUITENSPORIGE LUCHTSTROOMRotatiesnelheid te hoog: Verlaag de rotatiesnelheid van de ventilator.

NL - 18

DEFECT MOGELIJKE OORZAKEN - CONTROLES - OPLOSSINGEN
BUITENSPORIG LAWAAIBuitensporige luchtstroom: Verlaag de luchttoevoer.
Gebroken plaatwerk: Controleer de integriteit van de onderdelen en vervang de beschadigde onderdelen.
De roterende onderdelen zijn niet uitgebalanceerd: Breng de ventilatorwaaier opnieuw in evenwicht.
DE MOTOR (VENTILATOR) DRAAIT NIETGeen stroom: Controleer of er elektrische spanning is.
De beveiliging voor minimale watertemperatuur, indien aanwezig, is geactiveerd omdat de temperatuur van het water is gedaald tot onder de minimumtemperatuur die voor het gebruik in de winter is ingesteld. Controleer de warmtegenerator.
Controleer of:- De stroomtoevoer ingeschakeld is- De schakelaars en/of thermostaten in de correcte bedrijfsstand staan.
Controleer of: Er zich geen vreemde voorwerpen de draaibeweging van de ventilator blokkeren.
DE UNIT VERWARMT NIET ZOALS VOORHEENGeen warm water: Controleer de generator en de warmwaterpomp.
Foute instelling van het bedieningspaneel: Stel het bedieningspaneel correct in.
Controleer of: Of het luchfilter en de batterij schoon zijn.
Controleer of: Of er geen lucht in het hydraulische circuit is gekomen door het desbetreffende ontluchtingsventiel te ontluchten.
Controleer of:- Het systeem correct is uitgebalanceerd- De generator werkt- De warmwaterpomp werkt.
DE UNIT KOELT NIET AF ZOALS VOORHEENGeen koud water: Controleer de koeler en de waterpomp.
Foute instelling van het bedieningspaneel: Stel het bedieningspaneel correct in.
Controleer of: Of het luchfilter en de batterij schoon zijn.
Controleer of: Of er geen lucht in het hydraulische circuit is gekomen door het desbetreffende ontluchtingsventiel te ontluchten.
Controleor of:- Het systeem correct is uitgebalanceerd- De koeler werkt- De koudwaterpomp werkt
WATERLEKKENControleer de isolatie van de waterleidingen en verbeter deze
Draai de wateraansluitingen vast
Bevestig de unit perfect waterpas
Reinig het condensbakje
Controleer en reinig de condensafvoerleiding
Controleer of de condensafvoerpomp goed werkt
Controleer de helling van het condensbakje
CONDENSVERSCHIJNSELEN OP DE BUITENKANT VAN DE UNITDe grenswaarden voor temperatuur en vochtigheid die vermeld zijn in het hoofdstuk “Bedrijfslimieten” zijn bereikt: Verhoog de watertemperatuur tot boven de aangegeven minimumlimiet.
Problemen met de condenswaterafvoer: controleer het condensbakje en de condensafvoer.
Als, wanneer de gewenste kamertemperatuur is bereikt, stopt de ventilator, terwijl er koud water door de batterij blijft circuleren: Pas het regelsysteem van de installatie zodanig aan dat bij het bereiken van de temperatuur, naast het stoppen van de ventilator, ook de waterstroom door de batterij wordt onderbroken (bv. 3-wegklep, 2-wegklep, pomp OFF, koelmachine OFF enz.).
NEEM BIJ AFWIJKINGEN DIE NIET WORDEN BESPROKEN ONMIDDELLIJK CONTACT OP MET DE FABRIKANT.

Bi2 CASSETTE

Μονάδα με μοτέρ ΕС

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : OLIMPIA SPLENDID

Model : Bi2 Cassette

Categorie : Airconditioner