BM 59 - Bloeddrukmeter BEURER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BM 59 BEURER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BM 59 BEURER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BM 59 - BEURER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BM 59 van het merk BEURER.
GEBRUIKSAANWIJZING BM 59 BEURER
NL Bloeddrukmeter voor de bovenarm Gebruiksaanwijzing......110
NL Vouw pagina 3 uit om de gebruiksaanwijzing te kunnen lezen.
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Volg de waarschuwingen en veiligheidsopmerkingen op. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik. Zorg ervoor dat de gebruiksaanwijzing toegankelijk is voor andere gebruikers. Geef als u het apparaat aan iemand anders geeft, ook de gebruiksaanwijzing mee.
INHOUD
- Bij levering inbegrepen....110
- Verklaring van de symbolen 110
- Beoogd gebruik 112
- Waarschuwingen en veiligheidsopmerkingen 113
- Beschrijving van het apparaat....115
- Gebruik....115
6.1 Ingebruikname 115
6.2 Bluetooth ^® -verbinding maken 116
6.3 Verbinding met de app "beurer HealthManager Pro". 116
6.4 Voorafgaand aan de bloeddrukmeting in acht nemen 116
6.5 Bloeddrukmeting uitvoeren....117
6.6 Resultaten beoordelen....117
6.7 Overdracht van de meetwaarden via Bluetooth ^® ......119
6.8 Meetwaarden bekijken en wissen....119
- Reiniging en onderhoud 119
- Toebehoren en/of reserveonderdelen....120
- Problemen oplossen....120
- Afvoeren 121
- Technische gegevens....121
- Garantie/service 122
1. BIJ LEVERING INBEGREPEN
Controleer of de buitenkant van de verpakking intact is en of alle onderdelen aanwezig zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de toebehoren zichtbaar beschadigd zijn en moet al het verpakkingsmateriaal worden verwijderd. Wij adviseren u het apparaat bij twijfel niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreffende klantenservice.
- Bloeddrukmeter voor de bovenarm
- Manchet voor de bovenarm (22 – 42 cm)
- Accu, zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'
- Beknopte handleiding
- Gebruiksaanwijzing
- Bloeddrukpas
- USB-C-kabel
2. VERKLARING VAN DE SYMBOLEN
Op het apparaat, in de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het typeplaatje van het apparaat worden de volgende symbolen gebruikt:
WAARSCHUWING
Duidt op een mogelijk dreigend gevaar. Indien dit niet vermeden wordt, kan dit de dood of ernstig letsel tot gevolg hebben.
▲ VOORZICHTIG
Duidt op een mogelijk dreigend gevaar. Indien dit niet verme- den wordt, kan dit lichte of geringe verwondingen tot gevolg hebben.

Productinformatie
Verwijzing naar belangrijke informatie

Handleiding in acht nemen
Lees voor aanvang van het werk en/of het bedienen van apparaten of machines de handleiding

Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment).

Batterijen die schadelijke stoffen bevatten, mogen niet met het huisvuil worden weggegooid

Fabrikant

CE-markering
Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en nationale richtlijnen.

Voer de verpakking af overeenkomstig de milieueisen

Aanduiding voor de identificatie van het verpakkingsmateriaal.
A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer: 1-7 = kunststoffen, 20-22 = papier en karton

Scheid het product en de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af.

Apparaat uit veiligheidsklasse II
Het apparaat is dubbel geïsoleerd en voldoet dan ook aan veiligheidsklasse 2

IP-klasse
Het apparaat is beschermd tegen voorwerpen van ≥12,5 mm en tegen schuin neervallende druppels.

Gelijkstroom
Het apparaat is alleen geschikt voor gelijkstroom

Unique Device Identifier (UDI)
Code voor een eenduidige productidentificatie

Chargenummer

Artikelnummer

Serienummer

Medisch apparaat

Scheiding van de toegepaste delen type BF
Galvanisch gescheiden toegepast deel (F staat voor floating), voldoet aan de eisen aan lekstromen voor type B
| [GSZ7] | Temperatuurbereik |
![]() | Vochtigheidsbereik |
![]() | Luchtdruklimiet |
![]() | Typenummer |
![]() | Productiedatum |
![]() | Importeursymbool |
3. BEOOGDGEBRUIK
Doel
De bloeddrukmeter (hierna 'apparaat' genoemd) is bedoeld voor de volautomatische, niet-invasieve meting van arteriële bloeddruk- en hartslagwaarden aan de bovenarm.
De bloeddrukmeter is ontwikkeld voor zelfmeting in de thuisomgeving door volwassenen.
Doelgroep
De bloeddrukmeting is geschikt voor volwassen gebruikers met een bovenarmomtrek die binnen het bereik ligt dat op de manchet wordt vermeld.
Klinische voordelen
Met dit apparaat kan de gebruiker snel en eenvoudig zijn bloeddruk- en hartslagwaarden registreren. De vastgestelde meetwaarden worden conform internationaal geldende richtlijnen geclassificeerd en grafisch beoordeeld. Het apparaat kan daarnaast eventueel aanwezige onregelmatige hartslagen tijdens de meting herkennen en de gebruiker hier door middel van een symbool op het display op wijzen. Het apparaat slaat de geregistreerde meetwaarden op en kan ook gemiddelde waarden van eerdere metingen weergeven. De geregistreerde gegevens kunnen zorgverleners helpen bij het diagnosticeren en behandelen van bloeddrukproblemen en dragen voor de gebruiker op die manier bij aan een gezondheidscontrole op de lange termijn.
Indicaties
De gebruiker kan bij een hoge bloeddruk en een lage bloeddruk zijn bloeddruk en hartslagwaarden zelfstandig in zijn thuisomgeving in de gaten houden. De gebruiker hoeft echter geen hoge bloeddruk of aritmieën te hebben om het apparaat te gebruiken.
Contra-indicaties
WAARSCHUWING
- Gebruik de bloeddrukmeter niet bij baby's, kinderen en huisdieren.
- Personen met een beperkt fysiek, zintuiglijk of geestelijk vermogen mogen het apparaat alleen gebruiken wanneer het gebruik plaatsvindt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon en wanneer zij van deze persoon aanwijzingen hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat.
- Gebruik het apparaat niet als u elektrische implantaten (bijv. een pacemaker) hebt.
-
Gebruik het apparaat niet als u metalen implantaten hebt.
-
Breng de manchet niet aan bij personen die een borstamputatie hebben ondergaan.
- Plaats de manchet niet over wonden, omdat dit kan leiden tot meer verwondingen.
- Let op dat de manchet niet om een arm wordt aangebracht waarvan de (slag)aderen een medische behandeling ondergaan, zoals intravasculaire toegang, intravasculaire therapie of een arterioveneuze shunt.
- Gebruik het apparaat niet bij personen met een allergie of een gevoelige huid.
Ongewenste bijwerkingen
- Huidirritatie
- Negatieve invloed op de bloedsomloop
4. WAARSCHUWINGEN EN VEILIGHEIDS-OPMERKINGEN
Algemene waarschuwingen
WAARSCHUWING
- De waarden die u hebt gemeten, dienen slechts als indicatie – ze vormen geen vervanging van een medisch onderzoek! Bespreek uw gemeten waarden met uw arts. Neem in geen geval zelf medische beslissingen op basis van deze waarden (bijv. met betrekking tot de dosering van medicijnen)!
- Het apparaat is alleen bedoeld voor het in deze gebruiksaanwijzing beschreven gebruik. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk of verkeerd gebruik.
- Het gebruik van de bloeddrukmeter buiten de thuisomgeving of terwijl u in beweging bent (bijv. tijdens een rit in een auto of een ambulance, tijdens een vlucht in een helikopter of tijdens
lichamelijke inspanning zoals sport), kan de meetnauwkeurigheid beïnvloeden en foutieve metingen veroorzaken.
- Aandoeningen aan hart en bloedvaten kunnen leiden tot foutieve metingen of kunnen de meetnauwkeurigheid beïnvloeden.
- Alvorens het apparaat in een van de volgende gevallen te gebruiken, moet u uw arts raadplegen: bij hartritmestoornissen, doorbloedingsstoornissen, diabetes, zwangerschap, pre-eclampsie, lage bloeddruk, koude rillingen of trillingen.
- Gebruik het apparaat niet gelijktijdig met andere medische elektrische apparaten (ME-apparaten). Dit kan leiden tot een storing van de meetapparatuur en/of tot een onnauwkeurige meting.
- Gebruik het apparaat niet buiten de aangegeven omstandigheden voor opslag en gebruik. Dit kan leiden tot onjuiste metingen.
- Let op dat de functie van het betreffende ledemaat tijdens het oppompen van de manchet kan worden beïnvloed.
- Voer de metingen niet vaker uit dan nodig is. Als gevolg van een beperking van de bloeddoorstroming kunnen er bloeduitstortingen ontstaan.
- De bloedsomloop mag niet onnodig lang worden afgebonden door de bloeddrukmeting. Haal bij storingen van het apparaat de manchet van de arm.
- Breng de manchet uitsluitend om de bovenarm aan. Breng de manchet niet om andere delen van het lichaam aan.
- Kleine onderdelen kunnen bij inslikken verstikkingsgevaar opleveren voor kleine kinderen. Kinderen moet daarom altijd onder toezicht worden gehouden.
-
Laat het apparaat niet vallen, ga niet op het apparaat staan en schud er niet mee.
-
Haal het apparaat niet uit elkaar. Dit kan namelijk leiden tot beschadigingen, storingen of een onjuiste werking.
- Om een verschil tussen de linker- en de rechterzijde uit te sluiten, moet de meting eerst op beide armen worden uitgevoerd.
- Gebruik het apparaat nooit tijdens onderhoud. Onderhoud omvat onderhoud, inspectie en reparatie.
Algemene veiligheidsmaatregelen
VOORZICHTIG
- De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onderdelen en precisieonderdelen. De nauwkeurigheid van de meetwaarden en de levensduur van het apparaat zijn afhankelijk van de zorgvuldige hantering van het apparaat.
- Bescherm het apparaat en de netadapter tegen schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zonlicht.
- Laat het apparaat op kamertemperatuur komen voordat u met de meting begint. Als de meetapparatuur rond de maximale of minimale opslag- en transporttemperatuur is opgeslagen en in een omgeving met een temperatuur van 20 °C wordt gebracht, wordt aanbevolen om ca. 2 uur te wachten alvorens de meetapparatuur te gebruiken.
- Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke elektromagnetische velden en houd het uit de buurt van radioapparatuur of mobiele telefoons.
- Zorg ervoor dat de manchetslang niet bekneld raakt of samengedrukt of geknikt wordt.
Aanwijzingen voor het gebruik van accu's
WAARSCHUWING
- Als vloeistof uit een accucel in aanraking komt met de huid of ogen, moet u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.
- Bescherm accu's tegen overmatige hitte.
- Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen kunnen accu's inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar accu's daarom buiten bereik van kleine kinderen!
- Roep bij inslikken onmiddellijk de hulp van een arts in.
- Explosiegevaar! Werp accu's niet in vuur.
- Als er een accu is gaan lekken, moet u veiligheidshandschoenen aantrekken en het accuvak met een droge doek reinigen.
- Haal accu's niet uit elkaar, open ze niet en hak ze niet in stukken.
- Neem de aanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-) in acht.
VOORZICHTIG
- Accu's mogen niet worden kortgesloten.
- Gebruik alleen laders die in de gebruiksaanwijzing worden vermeld.
- Voordat u accu's gebruikt, moet u deze op de juiste wijze opladen. Neem te allen tijde de aanwijzingen van de fabrikant en de informatie in deze gebruiksaanwijzing voor het correct opladen in acht.
- Laad de accu ten minste elke 3 maanden volledig op.
- Laad de accu volledig op voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt.
Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit
VOORZICHTIG
- Het apparaat is geschikt voor gebruik in alle omgevingen die in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld, waaronder de thuisomgeving.
- Het apparaat kan bij de aanwezigheid van elektromagnetische storingen onder omstandigheden mogelijk slechts beperkt worden gebruikt. Als gevolg daarvan kunnen bijv. foutmeldingen ontstaan of kan het display/apparaat uitvallen.
- Het gebruik van dit apparaat direct naast andere apparaten of opgestapeld met andere apparaten moet worden vermeden, omdat dit een onjuiste werking tot gevolg kan hebben. Als gebruik op de hiervoor beschreven wijze noodzakelijk is, moeten dit apparaat en de andere apparaten in de gaten worden gehouden om er zeker van te zijn dat ze correct werken.
- Het gebruik van andere toebehoren en/of reserveonderdelen dan de toebehoren en/of reserveonderdelen die de fabrikant van dit apparaat vastgelegd of beschikbaar gesteld heeft, kan verhoogde elektromagnetische storingen of een verminderde bestandheid tegen elektromagnetische storingen tot gevolg hebben, waardoor het apparaat mogelijk niet correct werkt.
- Houd draagbare HF-communicatieapparatuur (waaronder randapparatuur, zoals antennekabels of externe antennes) minstens 30 cm bij alle delen van het apparaat (incl. alle bij de levering inbegrepen kabels) vandaan.
- Als deze instructies niet in acht worden genomen, kan dit de prestatiekenmerken van het apparaat negatief beïnvloeden.
De bijbehorende tekeningen zijn afgebeeld op pagina 3.
1 Leddisplay
2 Geheugenknop
3 START/STOP-toets ①
4 Laadaansluiting type C
5 Manchet
Weergaven op het display
6 Symbool voor Bluetooth®-verbinding ✉
7 Symbool voor systolische bloeddruk
8 Eenheden van de meting
9 Symbool voor diastolische bloeddruk
10 Symbool hartslag ♥
11 Weergave van waarden / Accustatusindicator
12 Led-risico-indicator
Symbool hartritmestoornis
6. GEBRUIK
6.1 Ingebruikname
Bloeddrukmeter opladen
Als op het display 1 wordt weergegeven, moet u het apparaat opladen.
Wij adviseren u het apparaat volledig op te laden voordat u het in gebruik neemt. Sluit het apparaat met behulp van de meege-leverde USB-C-kabel op een USB-spannings voorziening aan (zie afbeelding C). Door op een toets te drukken, geeft de accusa-tusindicator de actuele laadtoestand aan. Wanneer de accu wordt
opgeladen, knippert , en wanneer de accu volledig is opgeladen, wordt weergegeven. Na enkele seconden wordt het display uitgeschakeld. Druk kort op Ⓐ om de laadtoestand weer te kunnen zien.

Het apparaat kan tijdens het opladen niet worden gebruikt.

Verbind het apparaat vóór de eerste meting met de app 'beurer HealthManager Pro'. Volg voor de koppeling de aanwijzingen in de app op.
6.2 Bluetooth ^® -verbinding maken
- Download de gratis app ‘ beurer HealthManager Pro’ in de Apple App Store of de Google Play Store.
Hier gaat u naar de app ' beurer HealthManager Pro' *


- Activeer Bluetooth® in de instellingen van de smartphone.
- Open de app.
- Selecteer BM 59 in de app en volg de instructies op.
Lijst met systeemvereisten en compatibele apparaten

* Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese richtlijnen.
6.3 Verbinding met de app "beurer HealthManagerPro"
Een regelmatige verbinding met de app "beurer HealthManager Pro" is noodzakelijk om de juiste tijd op het apparaat in te stellen:
- Voorwaarde: Bluetooth®-verbinding gemaakt (zie hoofdstuk 6.2 Bluetooth®-verbinding maken).
- Geen tijd op het apparaat: ,APP' knippert op het display.
- Bluetooth®-verbinding mislukt: ,NO TIME' wordt op het display weergegeven.
- Bluetooth®-verbinding gelukt: Tijd wordt gesynchroniseerd.
- Als deze procedure is gelukt, wordt 'TIME' op het scherm weergegeven.
Druk op Als u het instellen van de tijd wilt overslaan. Op het display wordt 'NO TIME' weergegeven. Houd er rekening mee dat de metingen die daarna worden uitgevoerd, met een verkeerde tijd in de app "beurer HealthManager Pro" kunnen verschijnen.
6.4 Voorafgaand aan de bloeddrukmeting in acht nemen
Algemene regels bij het zelf meten van de bloeddruk
- Om een vergelijkbaar en zinvol profiel over de ontwikkeling van uw bloeddruk te genereren, meet u uw bloeddruk regelmatig op hetzelfde tijdstip van de dag. Meet de bloeddruk twee keer per dag: een keer in de ochtend nadat u bent opgestaan en een keer in de avond.
- De meting moet altijd bij voldoende fysieke rust worden uitgevoerd. Vermijd metingen op stressvolle momenten.
-
Ten minste 30 minuten voor de meting mag u niet eten, drinken of roken en geen lichamelijke inspanningen verrichten.
-
Rust voorafgaand aan de eerste bloeddrukmeting altijd 5 minuten uit!
- Als u meer metingen na elkaar wilt uitvoeren, moet tussen de afzonderlijke metingen telkens 5 minuten rust worden gehouden.
- Herhaal de meting wanneer u twijfelt over de gemeten waarden.
Manchet aanbrengen
U kunt de bloeddruk aan beide armen meten. Bepaalde afwijkingen tussen de waarden aan de rechter- en linkerarm zijn volkomen normaal. Voer de meting altijd uit aan de arm met de hogere bloeddrukwaarden. Raadpleeg daarom eerst uw arts voordat u met de zelfmeting begint.
- Meet uw bloeddruk altijd aan dezelfde arm.
- De bloeddrukmeting is geschikt voor volwassen gebruikers met een bovenarmomtrek die binnen het bereik ligt dat op de manchet wordt vermeld (22 - 42 cm).
- Controleer voorafgaand aan de meting de pasvorm met behulp van de hieronder beschreven indexmarkering.
- Ontbloot uw bovenarm. De doorbloeding van de arm mag niet worden belemmerd, bijvoorbeeld door te strakke kledingstukken.
- De manchet moet zo om de bovenarm worden aangebracht dat de onderste rand 2 tot 3 cm boven de binnenkant van de elleboog en boven de slagader ligt. De slang wijst daarbij naar het midden van de handpalm D.
De manchet moet zo strak worden aangebracht dat er nog twee vingers onder de gesloten manchet passen E.
Juiste lichaamshouding aannemen
- Zorg ervoor dat u tijdens de bloeddrukmeting rechtop en comfortabel zit. Leun met uw rug tegen de stoelleuning.
- Leg uw arm op een ondergrond F.
- Plaats uw voeten naast elkaar plat op de grond.
- De manchet moet zich ter hoogte van het hart bevinden.
- Blijf tijdens de meting zo rustig mogelijk en praat niet.
6.5 Bloeddrukmeting uitvoeren
Voorwaarde: manchet aangebracht, gebruiker geselecteerd.
Meting
- Druk op ⚫Alle displayelementen worden kort weergegeven. De manchet wordt automatisch opgepompt. Het meetproces wordt gestart. ⚪Wordt weergegeven zodra er een hartslag wordt herkend.
Druk op Ⓐ om de meting af te breken.
- De meetresultaten voor systolische druk, diastolische druk A en hartslag B worden afwisselend weergegeven.
'Er' verschijnt wanneer de meting niet juist kon worden uitgevoerd. Neem in dat geval het hoofdstuk 'Wat te doen bij problemen' in acht.
Herhaal eventueel na 1 minuut het aanbrengen van de manchet.
Het apparaat wordt na ongeveer 30 seconden automatisch uitgeschakeld.
6.6 Resultaten beoordelen
Algemene informatie over de bloeddruk
- De bloeddruk is de kracht waarmee de bloedstroom tegen de wanden van aders drukt. De arteriële bloeddruk verandert in de loop van een hartcyclus constant.
- De bloeddruk wordt altijd in de vorm van twee waarden weergegeven:
- De hoogste druk is de systolische bloeddruk. Deze ontstaat wanneer de hartspier zich samentrekt en het bloed daardoor in de bloedvaten wordt gedrukt.
- De laagste druk is de diastolische bloeddruk. Dit is de druk die aanwezig is wanneer de hartspier zich volledig uitgerekt heeft en het hart zich met bloed vult.
- Schommelingen in de bloeddruk zijn normaal. Zelfs bij een herhaalde meting kan er sprake zijn van aanzienlijke verschillen tussen de gemeten waarden. Eenmalige of onregelmatige metingen geven daarom geen betrouwbare informatie over de werkelijke bloeddruk. Een betrouwbare beoordeling is alleen mogelijk als u regelmatig metingen uitvoert onder vergelijkbare omstandigheden.
Hartritmestoornissen
Het apparaat kan tijdens de bloeddrukmeting eventuele hartritmestoornissen identificeren. Na de meting wijst u op eventuele onregelmatigheden in uw hartslag.
Herhaal de meting als wordt weergegeven.
Gebruik voor de beoordeling van uw bloeddruk alleen de resultaten die zonder onregelmatigheden in uw hartslag zijn geregistreerd.
Raadpleeg uw arts als vaak wordt weergegeven. Alleen hij kan de aanwezigheid van een stoornis tijdens een onderzoek vaststellen.
Led-risico-indicator
| Bereik van de gemeten bloeddrukwaarden | Classificatie | Kleur van de risico-indicator | |
| Systolisch (in mmHg) | Diastolisch (in mmHg) | ||
| ≥ 180 ≥ 110 | Hoge bloeddruk graad 3 (ernstig) _1 | Rood | |
| 160–179100 | -109 | Hoge bloeddruk graad 2 (middelmatig) _1 | Oranje |
| 140–15990 | -99 | Hoge bloeddruk graad 1 (licht) _1 | Geel |
| 130–13985 | -89 Hoog-normaal | 1 | Groen |
| 120–12980 | -84 Normaal | 1 | Groen |
| < 120 < 80 Optimaal | 1 | Groen | |
| < 90 < 60 Te lage bloeddruk | 2 | Oranje | |
De led-risico-indicator 12 geeft aan binnen welk gebied de gemeten bloeddruk zich bevindt. Als de gemeten waarden zich in twee verschillende gebieden bevinden (bijv. systolisch in het gebied 'hoog-normaal' en diastolisch in het gebied 'normaal'), dan geeft de led-risico-indicator altijd het hoogste gebied weer; in het beschreven voorbeeld is dat 'hoog-normaal'.
Houd er rekening mee dat deze standaardwaarden uitsluitend opgevat mogen worden als algemene richtlijn, omdat de bloeddruk per persoon kan afwijken.
Houd er ook rekening mee dat de waarden die u thuis zelf meet over het algemeen lager zijn dan de waarden die bij uw arts worden gemeten. Raadpleeg regelmatig uw arts. Alleen uw arts kan
u vertellen wat uw persoonlijke streefwaarden zijn voor een gecontroleerde bloeddruk – met name als u een medicamenteuze behandeling ondergaat.
Te lage bloeddruk
WAARSCHUWING
Een te lage bloeddruk (hypotensie) kan gevaarlijk zijn voor de gezondheid en duizeligheid of flauwvallen veroorzaken. We spreken van een te lage bloeddruk wanneer systole en diastole lager zijn dan 90/60 mmHg (bron: National Health Service, 2023).
Raadpleeg een arts wanneer u plotseling een lage bloeddruk hebt.
6.7 Overdracht van de meetwaarden via Bluetooth®
- Volg voor het maken van een Bluetooth®-verbinding met de app 'beurer HealthManager Pro' de aanwijzingen in het hoofdstuk 'Bluetooth®-verbinding maken' op.
- Om de meetwaarden via Bluetooth® over te dragen, maakt het apparaat verbinding met de app 'beurer HealthManager Pro'. Daarbij knippert.
- Zodra het apparaat met de app is verbonden, wordt * continu op het display weergegeven.
- Meetwaarden worden automatisch overgedragen.
6.8 Meetwaarden bekijken en wissen
De resultaten van elke succesvolle meting worden opgeslagen. Bij meer dan 240 meetgegevens worden telkens de oudste meet gegevens gewist.
Druk op het uitgeschakelde apparaat op Bluetooth® geactiveerd meetgegevens worden auto matisch overgedragen.
Afzonderlijke meetwaarden
-
Druk op Falle meetresultaten worden achtereenvolgens op het display weergegeven, te beginnen met het meest recente meetresultaat. Druk op Fm terug te gaan naar het vorige meetresultaat. Druk op Fm het volgende meetresultaat weer te geven.
-
Houd Ⓟ seconden ingedrukt om het apparaat weer uit te schakelen.
De berekening van de gemiddelde waarde en de datum- en tijdfunctie worden alleen in de app weer gegeven.
Meetwaarden wissen
- Druk op het uitgeschakelde apparaat op 5m alle opgeslagen meetwaarden van de gebruiker te wissen.
- Houd 📄 ongeveer 3 seconden ingedrukt. Op het display verschijnt ‘no’. Alle waarden worden gewist.
7. REINIGING EN ONDERHOUD
- Reinig het apparaat en de manchet voorzichtig met alleen een licht bevochtigde doek.
- Gebruik geen schoonmaakproducten of oplosmiddelen.
- Houd het apparaat en de manchet nooit onder water, omdat er anders vocht kan binnendringen, waardoor het apparaat en de manchet beschadigd kunnen raken.
- Zorg ervoor dat er geen zware voorwerpen op het apparaat en de manchet worden geplaatst als u deze opbergt.
8. TOEBEHOREN EN/OF RESERVEONDERDELEN
Toebehoren en/of reserveonderdelen vindt u op de website www.beurer.de onder het kopje 'Service'. Geef het bijbehorende bestelnummer op.
| Omschrijving Artikel-/bestelnummer | |
| USB-C-kabel 110.046 | |
| Netvoeding (EU) 072.78 | |
| Netvoeding (UK) 072.79 |
- PROBLEMEN OPLOSSEN
| Fout-melding | MogelijkoorzaakOplossing | |
| Er 1 | Er kon geen hartslag worden gemeten. | Herhaal de meting na een pauze van een minuut. Let erop dat u tijdens de meting niet spreekt of beweegt. |
| Er2 | De gemeten bloed-druk ligt buiten het meetbereik. | |
| Er3 | Er is sprake van een pneumatische systeemfout. De manchet is niet juist aangebracht. | Voer het meetproces opnie-uw uit. Let erop dat u niet beweegt en niet praat. |
| Fout-melding | MogelijkoorzaakOp | lossing |
| Er4 | Er is een fout opgetreden tijdens de meting. | Herhaal de meting na een pauze van een minuut. Let erop dat u tijdens de meting niet spreekt of beweegt. |
| Er5 | De oppompdruk is hoger dan 295 mmHg. | Controleer bij een nieuwe meting of de manchet correct kan worden opge-pompt. |
| Er6 | Er is sprake van een systeemfout. | Neem bij deze foutmelding contact op met de klanten-service. |
| Er7 | Er zijn problemen met de verbinding tussen smart-phone/tablet en app. | Schakel de hoofdunit uit, sluit de app en deactiveer in eerste instantie Bluetooth® op uw smartphone/tablet om de functie vervolgens opnieuw te activeren. Probeer opnieuw verbinding te maken. |
| De accu is bijna leeg. | Laad de accu op. |
10. AFVOEREN
Apparaat repareren en afvoeren
- U mag het apparaat niet zelf repareren of afstellen. Wanneer u dit toch doet, kan een storingsvrije werking niet langer worden gegarandeerd.
- Reparaties mogen alleen door de klantenservice of geautoriseerde verkopers worden uitgevoerd. Controleer voordat u een klacht indient altijd eerst de accu.
- Het apparaat mag niet met het huisvuil worden weggegooid. U kunt het apparaat inleveren bij gespecialiseerde inza-melpunten in uw land. Voer het apparaat af conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de verantwoordelijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.
Accu verwijderen
- Deponeer de gebruikte, volledig lege accu's in de daarvoor specifiek bestemde afvalbakken of bied ze bij het afvalverwerkingsstation of de elektriciteitszaak aan als chemisch afval. U bent wettelijk verplicht de accu's correct te verwijderen.
- Deze tekens kunt u aantreffen op accu's met schadelijke stoffen:
- Pb = batterij bevat lood
- Cd = batterij bevat cadmium
- Hg = batterij bevat kwik

| Meetmethode | Oscillometrische, non-invasieve bloeddrukme - ting aan de bovenarm |
| Meetbereik | Manchetdruk 0–295 mmHg,systolisch 57–255 mmHg,diastolisch 25 – 195 mmHg,hartslag40–199 slagen/minuut |
| Nauwkeurigheid van deweergave | Systolisch ± 3 mmHg,diastolisch ± 3 mmHg,hartslag ± 5% van de weergegeven waarde |
| Meetonzekerheid | Max. toelaatbare standaardafwijking conform klinische controle: systolisch 8 mmHg/diastolisch 8 mmHg |
| Geheugen 1 x 240 geheugenruimtes | |
| Afmetingen L | 125 mm x b 48 mm x h 28 mm |
| Gewicht Ongeveer 225 g (met accu, met manchet) | |
| Manchetmaat | Bovenarmomtrek van 22 tot 42 cm |
| Omstandigheden bijgebruik | + 5 °C tot + 40 °C, 15% – 90 % relatieve luchtvochtigheid, omgevingsdruk van 700 –1060 hPa |
| Omstandigheden vooropslag entransport | -20 °C tot + 55 °C, 10 % – 93% relatieve luchtvochtigheid (niet condenserend) |
| Stroomvoorziening | Opladen: 5 V — — — 1 AOplaadbare li-ionbatterij, 3,7 V |
| Gebruiksduur van de accu | Voor ongeveer 60 metingen, afhankelijk van de hoogte van de bloeddruk dan wel de oppomp-druk en van het aantalBluetooth®-verbindingen |
| Te verwachten levens-duur van het product | Informatie over de levensduur van het product vindt u op beurer.com |
| Classificatie | Interne voeding, IP 22 geen AP of APG,ononderbroken werkingBloeddruk: toegepast onderdeel, type BF |
| Gegevens-overdracht viaBluetooth®wireless technology | Het apparaat maakt gebruik vanBluetooth®,frequentieband 2400 – 24835 MHz, zendvermogen max. 8 dBm |
Het serienummer staat op het apparaat of in het batterijvak.
Technische wijzigingen voor de verbetering en verdere ontwikkeling van het product voorbehouden.
- Dit apparaat voldoet aan de Europese norm EN 60601-1-2 (groep 1, klasse B, in overeenstemming met CISPR-11, IEC 61000-3-2, IEC 61000-3-3, IEC 61000-4-2, IEC 61000-4-3, IEC 61000-4-4, IEC 61000-4-5, IEC 61000-4-6, IEC 61000-4-7, IEC 61000-4-8, IEC 61000-4-11) en is onderworpen aan bijzondere veiligheidsmaatregelen op het gebied van elektromagnetische compatibiliteit. Let er daarbij op dat draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur dit apparaat negatief kunnen beïnvloeden.
- Het apparaat voldoet aan de verordening (EU) 2017/745 van het Europees Parlement en de Raad betreffende medische
hulpmiddelen, aan de betreffende nationale bepalingen en aan de norm IEC 80601-2-30 (Medische elektrische toestellen deel 2 – 30: Speciale eisen voor basisveiligheid en essentiële prestaties van niet-invasieve bloeddrukmeters).
- De nauwkeurigheid van deze bloeddrukmeter is zorgvuldig gecontroleerd en het apparaat is ontwikkeld met het oog op een lange gebruiksduur. Wanneer het apparaat in de geneeskunde wordt gebruikt, moeten meettechnische controles met daarvoor geschikte middelen worden uitgevoerd. Uitgebreide informatie over het controleren van de nauwkeurigheid kan worden aangevraagd via het servicepunt.
12. GARANTIE/SERVICE
Meer informatie over de garantie en de garantievoorwaarden vindt u in de meegeleverde garantiebrochure.
Melding van incidenten
Voor gebruikers/patiënten in de Europese Unie en bij identieke reguleringssystemen (verordening betreffende medische apparaten MDR (EU) 2017/745) geldt: als zich tijdens of vanwege het gebruik van het product een ernstig incident voordoet, dient u dit te melden bij de fabrikant en/of bij diens gemachtigde en bij de desbetreffende nationale overheid van de lidstaat waarin de gebruiker/patiënt zich bevindt.
DANSK





