Master B 150 - Verwarming

B 150 - Verwarming Master - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis B 150 Master in PDF-formaat.

📄 140 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Master B 150 - page 30

Gebruikersvragen over B 150 Master

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Verwarming in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding B 150 - Master en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. B 150 van het merk Master.

GEBRUIKSAANWIJZING B 150 Master

BELANGRIJK: Dit luchtverwarmingsstoestel is ontworpen voor mobiele en tijdelijke professionele toepassingen. Het is Nietontworpen voor huishoudelijk gebruik of ommenen warmtecomfort te bieden.

BELANGRIJK: Dit toestel is nicht geschikt om gebrukt te worden door Personen (kinderen inbegren) met beperkte fysische, sensorische en mentale capacititeiten, of zonderervaring, tenminste als ze nicht onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Men要去 erop toezieen dat kinderen net met het toestel spelen.

GEVAAR: Koolmonoxidevergifting kar fataal+zijn.

De eerste symptomen van koolmonoxidevergifting lijken op die van griep, met hoofdpijn, duizeligheid en/of braken. Dergelijkke symptomen wordenveroorzaakt door een slechte werkung van de generator.ALSDEZESYMPTOMENZICHZOUDEN VOORDOEN, MOET MEN ONMIDDELLIJK NAAR BUITEN GAAN en de generator lately repareren door de technische Dienst.

▶1.1.BIJTANKEN:

1.1.1. Het personeel belast met het bijtanken要去 gekwalificeerd zich, en volledig vertrouwd met de instructies van de fabrikant en met de geldende normen wat betreft het veilig bijtanken van generatoren.
1.1.2. Gebruik uitsluitend het type brandstof dat uitdrukkelijk vermeld worden op het identificatielabel van de generator.
1.1.3. Vooraleer bij te tanken,zet de generatoruit en wacht tot hij afgekoeld is.
1.1.4. De opslagtanks van de brandstof要去en zich in een afzonderlijke infrastructuur bevinden.
1.1.5. Alle brandstofreservoirs要去en zich op een minimale veilige afstand van de generator bevinden, volgens de geldende normen.
1.1.6. De brandstof moet bewaard worden in lokalen waar de vloer geen penetratie toelaat

of het wegdruppelen op vlammen eronder, die ontbranding können veroorzaken.

▶1.1.7. Het bewaren van de brandstof dient te gebeuren conform met de geldende normen.
▶1.2. VEILIGHEID:
1.2.1. Gebruik de generator nooit in lokalen waar er benzine, solventen voor verf of andere zerer ontvlambare dampen aanwezig+zijn.
1.2.2. Houdt u tijdens het gebruik van de generator aan alleplaatselijk reglementeringen en aan de geldende normen.
1.2.3. Generatoren die gebruikt worden in de nabijheid van dekzeilen, gordijnen of ander gelijkaardig afdekmaterialiaal, moeten zich op voilige afstandbehinden. Het is ook aanbevolen om brandvertragende afdekmaterialen te gebruiken.
1.2.4. Uitsluitend gebruiken in goed geventileerde ruimtes. Voorzie een geschikte opening volgens de geldende normen, om verse lucht van buiten aan te voeren.
1.2.5. De generator enkel voeden met stroom waarvan de spanning en freiorentie conform is met de specificaties op het identificatielabel van de generator.
1.2.6. Gebruik uitsluitende verlangkabels met drie draden die correct op de massa aangesloten zich.
1.2.7. Aanbevolen veilige minimumafstandende respecteren:tussen de generator en ontvlambare substanties zich:uitgang vooraan = 2,5m; zijkant,van boven en achteraan = 1,5 m.
1.2.8. Plaats de generator die warm is of in Werking, op een stabiele en vlakke ondergrond, om brandgevaar te vermijden.
1.2.9. Houd dieren op veilige afstand van de generator.
1.2.10. Haal de stekker van de generator uit het stopcontact als hij Niet gebruikt worden.
1.2.11. Als de generator door eenthermostat gecontroleerd wordt, kan hij op ieder ogenblick aangaan.
▶1.2.12. Gebruik de generator nooit in kamers die intens bewoond worden, noch in slaapkamers.
1.2.13. Blokker nooit de luchttoevoer (aan de awhilekant), noch de luchtuitgang (voorkant) van de generator.
▶1.2.14. Wonneer de generator warm is, of aangesloten op het elektrische net, of in werkking is, mag hij nooit verplaatst, verhandeld

of bijgevuld worden, of onderworpen worden aan onderhoudswerkzaamheden.

1.2.15. De lucht nicht kanaliseren, nied bij ingang noch bij uitgang van de generator.
1.2.16.Houdvoldoende afstand tot ontvlambare materialen, of hittelabiele elementen (met inbegrip van de voedingskabel) van de warme delen van de generator.
1.2.17. Als de voedingskabel beschadigd blijkt,要去hijdoorde technische Dienst worden verrangen,om ieder risico te vermijden.

2. UITPAKKEN

▶2.1. Haal alle verpakkingsmaterialaal weg, gebruikt om de generator te verpakken en te versturen, en verwijder die volgens de geldende normen.
2.2. Haal alle artikelen uit de verpakking.
▶2.3. Controller op eventuele beschadigingen, opgelopen tijdens het transport. Als de generator beschadigd lijkt, moet men onmiddelijk de concessionshouser verwittigen, waar het toestel werk aangekocht.

3. ASSEMBLAGE (29-44 kW)

(ZIEFIG.1)

Deze modellen zijn uitgerust met wielen en handvaten/handvat, naargelang het model. Deze componenten bevinden zich samen met de bijhorende montageboutein in de doos van de generator.

4. BRANDSTOF

WAARSCHUWING: De generator werkt enkel op DIESEL of KEROSINE.

Gebruik uitsluitend diesel of kerosine, om brandgevaar of ontploffingsgevaar te vermijden.

Maak nooit gebruik van benzine, nafta, solventen voor verstoffen, alcohol of andere zeer ontvlambare brandstoffen.

Gebruik onschadelijke antivriesadditieven bij zeer lage temperaturen.

5. WERKINGSPRINCIPES

De série compressorproducten heeft een ruim vermogenaanbod. De modellen zijn beschikbaar met zowel enkele als dubbele verbrandingskamers naast elkaar. Bij verwarmingen met een dubbele verbrandingskamer können de twee verbrandingskamers tegelijk op maximaal vermogen worden gebruikt, ofwel kunt u een enkteverbrandingskamer gebruiken om een medium vermogen te verkrijgen.

(ZIE FIG.2)

A. Verbrandingskamer en kop,
B. Ventilator,
C.Motor,
D. Compressor,
E. Tank.

De compressor (D) die door de motor (C) in werkung worden gezet, drukt de lucht samen, die via de vernevelingsspuitmond de brandstof uit de tank (E) aanzuigt door het "VENTURI - EFFECT". Bij contact met de ontsteker ontbrandt de vernevelde brandstof binnenin de verbrandingskamer (A). De verbrandingsproducten worden vermengd met de luchtstroom van de omgeving, opgewekt door de rotatie van de ventilator (B), enaar buiten uit de generator gedreven. Een fotoweerstand die op een elektronische besturingskaart is aangesloten, contrôleert constante correcte werkung van de generator, en stopt de cyclus wanner er zich problemen voordoen.

6. WERKING

WAARSCHUWING: Lees aandachtig de "INLICHTINGEN BETREFFENDE DE VEILIGHEID" vooraleer de generator aan te zetten.

6.1.DE GENERATOR AANZETTEN:

6.1.1 . Volg alle instructies met betrekking tot de veiligheid.
6.1.2 Controller of er brandstof in de tank aanwezig is.
6.1.3.Sluit de dop van de tank.
6.1.4. Steek de stekker in het netstopcontact (ZIE SPANNING IN DE "LABEL TECHNISCHE GEGEVENS") (ZIE FIG. 3).
6.1.5.Zet de schakelaar "ON/OFF" op de stand ON"(I) (ZIE FIG.4).De generator moet binnen enkele seconden aangaan. Als de generator niet opstart, raadpleeg de paragraaf 13.EEN PROBLEEM UITZOEKEN MODELLEN MET EEN DUBELE

VERBRANDINGSKAMER: Om de verwarming op maximaal vermogen te gebruiken, draait u beiden "ON/OFF"-schakelaars waar "ON" (I). Om de verwarming op medium vermogen te gebruiken, zet u slechts een van de "ON/OFF"-schakelaars op "ON" (I). U vindt aanwijzingen voor het beheer en de selectie van de afzonderlijke kamer op het besturingspaneel en op de verbrandingskamer.

6.1.6.Voordemodellenmetomgevingsthermostaat, controller de stand van de draaiknop (ZIE FIG. 9-10).
N.B.: WANNEER DE GENERATOR UITGAAT OMDAT DE BRANDSTOF OP IS, DE TANK BIJVULLEN EN DE GENERATOR RESETTEN (ZIE PARAG. 6.2).

6.2.DE GENERATOR RESETTEN:

Bij modellen met automatische "RESET", de generator uitschakelen en weeer aanzetten (ZIE FIG. 5-4).
6.3.DE GENERATOR UITZETTEN:

DE STEKKER NIET UITTREKKEN TOT DE KOELCYCLUS IS VOLTOOID.

6.3.1.Zet de schakelaar "ON/OFF" op de stand OFF0ZIE FIG.5
6.3.2. Koppel de generator los van het elektrische net (ZIE FIG. 6).

7. BIJREGEN VAN DE DRUK VAN DE COMPRESSOR (Raadpleeg een erkende servicedienst)

(ZIE FIG. 7)

nI

WEGENS SLIJTAGE VAN DE GENERATOR KAN HET NODIG WORDEN OM DE DRUK VAN DE COMPRESSOR WEER OP PEIL TE BRENGEN.

7.1. Bepaal in de "LABEL TECHNISCHE GEGEVENS", de correcte druk (Bar - PSI - kPa) van uw generator.
7.2.Haal de schroef/dop weg van de koppeling van de manometer (A).
7.3. Monteer de manometer (niet meegeleverd, wie "ACCESSOIRES").
7.4.Zet de generator aan.
7.5.Draai de regelschroef in wijzerzin om de druk te verhogen en in gegenwijzerzin om de druk te verminderen (B).
7.6. Neem de manometer weg en plaats deschroef/dop terug (A).

8. REINGING FILTER VAN DE TANK

(ZIE FIG. 8)

AFHANKELIJK VAN DE HOEVEEELHEID BRANDSTOF DIE GEBRIukt WORDT, KAN HET NODIG WORDEN OM DE FILTER VAN DE TANK TE REINIGEN.

8.1. Verwijder de dop (A) van de tank.
8.2.Haal de filter (B)uit de tank.
8.3. Reinig de filter (B) met zuivere brandstof, zorg ervoor de filter nicht te beschadigen.
8.4.Hermonteer de filter (B) in de tank.
8.5.Sluit dedop (A).

9. OPSLAG EN TRANSPORT

OM DE GENERATOR ZO GOED MOGELIK OP TE SLAAN EN/OF TE VEROEREN, IS HET AANBEVOLEN DE VOLGENDE PROCEDURE TE VOLGEN.

9.1. Haal alle brandstof uit de tank tot hij leeg is (sommige modellen zich uitgerust met een afvoerdop onderaan de tank. Verwijder in dat geval de afvoerdop en LAST de brandstof eruit lopen).
9.2. Indien men vaststelt dat er residuen zich, giet zuivere brandstof in de tank en LAST opniew af.
9.3. Sluit de dop van de tank en/of eventuel de afvoerdop, en verwerk de brandstof op correcte wijze volgens de geldende normen.
9.4. Om de generator zo goed möglich te bewaren, is het aanbevolen deze in vlakke positie te houden, om te vermijden dat er brandstof uitloopt, en om die op een droge plaats op te sloaan, beschut gegen möglichke externe schade.

Bij modellen die vooraf ingesteld zich voor een kamerthermostat op afstand, verwijdert u de afdekking verbonden met de verwarming (A); sluit de thermostat (B) (optie) aan en stel de gewenste kamertemperatuur in. De kamerthermostat zet de verwarming volledig uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt. Als de temperatuur onder de ingestelde temperatuur daalt, zal de verwarming automatisch zich opnieuw inschakelen.

10.2. MODELLEN MET

KAMERTHERMOSTAAT GEINSTALLEERD OP

HET BEDIERINGSPANEEL:

(ZIEFIG.10)

Wanner u bij modellen met kamerthermostat geinstalleerd op het bedieningspaneel aan de knop (B) draait, begint de gewenste temperatuur enkele seconden op het display (A) te knipperen, daarna verschijnt de kamertemperatureuor op het display. Wanner de knop (B) helemaal maar rechts worden gedraaid,verschijnt "CH" op het display (A); daarna werkdt de verwarming continu.

10.3 MODELLEN VOORAF INGESTELD

Bij modellen die vooraf ingesteld zich voor een kamerthermostat op afstand en een kamerthermostat geinstalleerd op het bedieningspaneel, verwijdert u de afdekking verbonden met de verwarming (ZIE A FIG. 9) en sluit u de thermostat aan (ZIE B FIG. 9) (optie).

Voor een correcte werkking van de verwarming draait u de knop hebelaal maar rechts (ZIE B FIG.

10), op het display (ZIE A FIG. 10) verschijnt "CH"; daarna stelt u de gewenste temperatuur in op de kamerthermostat op afstand.

11. PREVENTIEF ONDERHOUDSPROGRAMMA

WAARSCHUWING: VOORALEER EEN ONDERHOUD OF REPARATIE UIT TE VOEREN, MOET MEN DE VOEDINGSKABEL LOSKOPPELEN VAN HET ELEKTRISCHE NET EN ER ZICH VAN VERZEKEREN DAT DE GENERATOR Koud IS.

COMPONENT FREQUENTIE ONDERHOUD ONDERHOUD$PROCEDURE

Brandstoftank ledere 150-200 werkuren de tank leegmaken en spoelen met zuivere brandstofDe tank leegmaken en spoelen met zuivere brandstof (ZIE PARAG. 9)
Filters ledere 500werkuren of naargelang dedoodwendigheden reinigen of verrangenRaadpleeg een erkende servicedienst

12. FOUTMELDINGEN OP DE DISPLAY (WAAR AANWEZIG)

(ZIE FIG. 7)

OORZAAK OPLOSSING
F01. De "ON/OFF" schakelaar staat in de positie "ON" (I) wonneer de generator worden aangesloten op het elektriciteitsnet1. Haal de stekker uit het stopcontact, zet de ON/OFF" schakelaar in de positie "OFF" (0) en sluit het apparaat opnieuw aan op het elektriciteitsnet en zet de "ON/OFF" schakelaar in de positie "ON" (I)
F11. Te weinig brandstof1. Zet de "ON/OFF" schakelaar in de positie "OFF" (0) en brandstoftank bijvullen
2. De brandstof is verontreinigd2. Zet de "ON/OFF" schakelaar in de positie "OFF" (0), de brandstoftank leegmaken en cervolgens weir bijvullen. Reinig het filter met behulp van schoon brandstof. Wees voorzichtig om het filter Niet te beschadigen (ZIE PARAG. 8)
3. De fotocel is verontreinigd of beschadigd3. Raadpleeg een erkende servicedienst
4. Het brandstofffilter is verontreinigd4. ZIE PARAG. 8
5. Ontstekingsfout5. Raadpleeg een erkende servicedienst
F21. Kabel onderbroken1. Raadpleeg een erkende servicedienst
2. De sensor is beschadigd2. Raadpleeg een erkende servicedienst
F31. Interne oververhitting van de generator1. Generator uitschakelen en wachten totdat het apparaat volledig is afgekoeld
F41. Spanning nicht geschikt 1. Controller en of uw systeme de correcte spanning heeft
LO1. De buitentemperatuur is lager dan -5°C1. Normale conditie
CH1. Continu bedrijf 1. Normale conditie

13. TROUBLESHOOTING

PROBLEM MOGELIJKE OORZAAK MOGELIJKE OPLOSSING

De generator start nicht1. Generator geblokkeerd 2. Startschakelaar staat op “OFF” (0) 3. Geen voeding 4. Interventionie van de temperatuursensor 5. Besturingskaart geblokkeerd 6. Foutieve instelling van de omgevingsthermostaat (waar aanwezig)1. De generator resetten (ZIE PARAG. 6.2) 2. Zet de startschakelaar op “ON” (I) 3. Steek de voedingskabel correct in het stopcontact van het elektrische net 4. Wacht minstens tien minuten en probeerervolgens opnieuw over te gaan tot deontstekingsfase 5a. De generator resetten (ZIE PARAG. 6.2) 5b. Identificierer de foulmelding op de display (waar aanwezig) 6. Bedien de omgevingsthermostaat, zet hem op een hogere temperatuur dan die van de werkomgeving (ZIE FIG. 9-10)
De motor start maar erkomt geenvlam1. Geen brandstof 2. Verkeerde druk van de pomp 3. Vreemde substanties aanwezig in de tank1. Brandstof bijvullen en eventueel de generatorresetten 2. De druk van de compressor bijregelen (ZIE PARAG. 7) 3. Maak de tank leeg en vul met zuivere brandstof (ZIE PARAG. 9)

IMPORTANTE: LEIA E COMPREENDA Este MANUAL OPERativo ANTES DE EFFECTUAR A MONTAGEM, A COLOCAÇÃO EM FUNÇÂO OU A MANUTENÇÂO DESTE AQUECEDOR. O USO ERRADO DO AQUECEDOR PODE CAUSAR LESões GRAVES. CONSERVE ESTE MANUAL PARA FUTURA CONSULTA.

1. INFORMAÇOES SOBRE A SEGURANCA ADVERTÊNCIAS

Master B 150 - INFORMAÇOES SOBRE A SEGURANCA ADVERTÊNCIAS - 1

-Dit product werd ontworpen en gemaakt met hoogwaardige materialen en componenten, die gerecycleerd en herbruikt kannen worden.

Wanner op een product het symbool van de afvalbak op wielen met een kruis erdoor is aangebracht, betekent dit dat het product valt onder de Europese Richtlijn 2012/19/UE.

-Gelieve inlichtingen in te winnen betreffende het plaatselijke system voor gedifferentieerde inzameling van elektrische en elektronische toestellen.

-Respecteer deplaatselijke normen die van kracht zijn, en verwijder de oude toestellen Niet als gewoon huishoudelijk afval. Een correcte verwijdering van het product helpt om möglichke negatieve gevolgen voor de gezondheid van mens en milieu te voorkomen.

- pt - ELIMINAGO DO PRODUCTO

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Master

Model : B 150

Categorie : Verwarming