CSC SYS 50 EBI - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CSC SYS 50 EBI FESTOOL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CSC SYS 50 EBI - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CSC SYS 50 EBI van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING CSC SYS 50 EBI FESTOOL
EU-conformiteitsverklaring. Wij verklaren en stellen ons ervoor verantwoordelijk dat dit product volledig voldoet aan alle volgende EU-richtlijnen en volgende normen of normatieve documenten daaraan ten grondslag gelegd werden:
- 8 Accupack p. 102
- 9 Instellingen p. 102
- 10 Werken met het elektrische gereed schap p. 106
- 11 Transport p. 107
- 12 Onderhoud en verzorging p. 108
- 13 Accessoires p. 109
- 14 Milieu p. 109
- 15 Algemene aanwijzingen p. 109
- 16 Foutoplossing 1 Symbolen Waarschuwing voor algemeen gevaar Waarschuwing voor elektrische schok Gevaar van beknelling voor vingers en handen! Lees de gebruiksaanwijzing en veilig heidsvoorschriften! Draag gehoorbescherming! Draag een zuurstofmasker! Draag veiligheidshandschoenen bij het wisselen van gereedschap. Draag een veiligheidsbril! Niet met het huisvuil meegeven. Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens. zie hoofdstuk 15.2 CE-markering: Bevestigt de conformi teit van het elektrische gereedschap met de richtlijnen van de Europese Unie. Tip, aanwijzing Handelingsinstructie Accupack inbrengen. Accupack verwijderen. Draairichting van de zaag en het zaag blad Instelmarkering parkeerstand Zaagblad voor spouwmeswisseling via de be dieningsmodule in de parkeerstand bewegen. 2 Veiligheidsvoorschriften p. 110
2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor
elektrische gereedschappen WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij zingen om ze later te kunnen raadplegen. Het begrip “elektrisch gereedschap” dat in de veiligheidsinstructies gebruikt wordt, heeft be trekking op elektrisch gereedschap met net voeding (met netsnoer) of elektrisch gereed schap met accuvoeding (zonder netsnoer). Neem de bedieningshandleiding van het op laadapparaat en het accupack in acht.
2.2 Veiligheidsinstructies voor
1) Beschermkapgerelateerde veiligheidsin
structies – Laat de beschermkappen gemonteerd. Beschermkappen moeten in goed werken de staat verkeren en juist zijn gemon teerd. Losse, beschadigde of niet goed functionerende beschermkappen moeten worden gerepareerd of vervangen. – Gebruik voor scheidingssneden steeds de beschermkap van het zaagblad en het spouwmes. Bij scheidingssneden waarbij het zaagblad volledig door de werkstukdik te zaagt, verlagen de beschermkap en an Nederlands 95dere veiligheidsinrichtingen het risico van lichamelijk letsel. – Bevestig na voltooiing van bewerkingen (bijv. felsen, groeven of splitsen in de om slagprocedure), waarbij het verwijderen van de beschermkap en/of het spouwmes is vereist, onmiddellijk weer het beveili gingssysteem. De beschermkap en het spouwmes verlagen het risico van lichame lijk letsel. – Zorg er vóór het inschakelen van het elek trische gereedschap voor dat het zaagblad de beschermkap, het spouwmes of het werkstuk niet aanraakt. Als deze compo nenten per ongeluk in aanraking komen met het zaagblad, kan dat tot een gevaarlij ke situatie leiden. – Stel het spouwmes af volgens de beschrij ving in deze gebruiksaanwijzing. Onjuiste afstanden, een onjuiste positie en een on juiste uitlijning kunnen ertoe leiden dat het spouwmes een terugslag niet effectief voorkomt. – Opdat het spouwmes goed kan functione ren, moet het ingrijpen in het werkstuk. Bij zaagsneden in werkstukken die te kort zijn om het spouwmes te laten ingrijpen, is het spouwmes ineffectief. Onder deze om standigheden kan een terugslag niet door het spouwmes worden voorkomen. – Gebruik het voor het spouwmes passende zaagblad. Opdat het spouwmes goed werkt, moet de diameter van het zaagblad bij het desbetreffende spouwmes passen, de rug van het zaagblad dunner dan het spouw mes en de tandbreedte groter dan de spouwmesdikte zijn.
2) Veiligheidsinstructies voor het zagen
GEVAAR: Kom met uw vingers en handen niet in de buurt van het zaagblad of in het zaaggebied. Bij een moment van onachtzaamheid of bij uitschieten kan uw hand naar het zaagblad worden geleid wat tot ernstig lichamelijk letsel kan leiden. – Leid het werkstuk alleen tegen de draai richting in naar het zaagblad. Als u het werkstuk in dezelfde richting als de draai richting van het zaagblad boven de tafel toevoert, kan dat ertoe leiden dat het werk stuk en uw hand naar het zaagblad worden getrokken. – Gebruik bij lengtesneden nooit de verstek aanslag voor het leiden van het werkstuk, en gebruik bij dwarssneden met de ver stekaanslag bovendien nooit de parallel aanslag voor de lengte-instelling. Door het gelijktijdig leiden van het werkstuk met de parallelaanslag en de verstekaanslag is er een grotere kans dat het zaagblad klemt en er een terugslag ontstaat. – Oefen bij lengtesneden de toevoerkracht op het werkstuk altijd tussen de aansla grail en het zaagblad uit. Gebruik een duwlat als de afstand tussen de aansla grail en het zaagblad minder is dan 150 mm, en een schuifblok als de afstand min der is dan 50 mm. Dergelijke werkhulp middelen zorgen ervoor dat uw hand op veilige afstand van het zaagblad blijft. – Gebruik alleen de meegeleverde duwlat van de fabrikant of een duwlat die volgens de aanwijzingen is geproduceerd. De duw lat zorgt voor voldoende afstand tussen de hand en het zaagblad. – Gebruik nooit een beschadigde of aange zaagde duwlat. Een beschadigde duwlat kan breken en ertoe leiden dat uw hand in het zaagblad terechtkomt. – Werk niet "uit de vrije hand". Gebruik al tijd de parallelaanslag of de verstekaan slag om het werkstuk aan te leggen en te leiden. "Uit de vrije hand" betekent dat het werkstuk in plaats van met de parallelaan slag of de verstekaanslag met de handen wordt ondersteund of geleid. Zagen uit de vrije hand leidt tot een onjuiste uitlijning, klemmen en een terugslag. – Blijf met uw handen uit de buurt van een draaiend zaagblad. Als u een werkstuk wilt pakken, kunt u per ongeluk in contact ko men met het draaiende zaagblad. – Ondersteun lange en/of brede werkstuk ken achter en/of aan de zijkant van de zaagtafel zodat deze horizontaal blijven. Lange en/of brede werkstukken hebben de neiging om te kantelen aan de rand van de zaagtafel, met als gevolg verlies van con trole, vastlopen van het zaagblad en terug slag. – Leid het werkstuk gelijkmatig. Buig of draai het werkstuk niet. Als het zaagblad klemt, schakelt u de elektrische machine direct uit, verwijdert u de accu en verhelpt u de oorzaak van het klemmen. Het klem men van het zaagblad door het werkstuk kan tot een terugslag of tot het blokkeren van de motor leiden. Nederlands 96– Verwijder het afgezaagde materiaal niet als de zaag draait. Afgezaagd materiaal kan zich tussen het zaagblad en de aansla grail of in de beschermkap vastzetten en bij het verwijderen uw vingers naar het zaag blad trekken. Schakel de zaag uit en wacht tot het zaagblad tot stilstand is gekomen voordat u het materiaal verwijdert. – Gebruik voor lengtesneden op werkstuk ken die dunner zijn dan 2 mm een extra parallelaanslag die in contact staat met het tafeloppervlak. Dunne werkstukken kunnen zich onder de parallelaanslag vast zetten, wat tot een terugslag kan leiden.
3) Terugslag – oorzaken en bijbehorende vei
ligheidsinstructies Een terugslag is de plotselinge reactie van het werkstuk als gevolg van een zaagblad dat blijft haken of klemt, of een schuin geleide aan het zaagblad gerelateerde snede in het werkstuk of als een deel van het werkstuk tussen het zaag blad en de parallelaanslag of een ander vast staand object wordt ingeklemd. In de meeste gevallen wordt het werkstuk bij een terugslag door het achterste gedeelte van het zaagblad gegrepen, door de zaagtafel opge tild en in de richting van de bediener geslin gerd. Een terugslag is het gevolg van een verkeerd of onjuist gebruik van de tafelcirkelzaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden beschreven, kan dit echter worden voorkomen. – Ga nooit in een directe lijn met het zaag blad staan. Blijf altijd aan de kant van het zaagblad staan waar zich ook de aansla grail bevindt. Bij een terugslag kan het werkstuk met hoge snelheid naar personen worden geslingerd die vóór en in één lijn met het zaagblad staan. – Blijf met uw handen uit de buurt van het zaagblad als u aan het werkstuk trekt of het ondersteunt. U kunt per ongeluk in contact komen met het zaagblad, of een te rugslag kan ertoe leiden dat uw vingers naar het zaagblad worden getrokken. – Houd en druk het werkstuk dat wordt af gezaagd nooit tegen het draaiende zaag blad. Als u het werkstuk dat wordt afge zaagd tegen het zaagblad drukt, leidt dat tot klemmen en een terugslag. – Lijn de aanslagrail parallel aan het zaag blad uit. Een niet-uitgelijnde aanslagrail drukt het werkstuk tegen het zaagblad en veroorzaakt een terugslag. – Gebruik bij verdekte zaagsneden (bijv. groeven, kerven of splitsen in de omslag procedure) een drukelement om het werkstuk tegen tafel en aanslagrail te lei den. Met een drukelement kunt u het werk stuk bij een terugslag beter controleren. – Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen in niet-zichtbare gebieden van gemonteerde werkstukken. Het induikende zaagblad kan in objecten zagen die een terugslag kunnen veroorzaken. – Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaag blad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten overal worden ondersteund waar ze over het tafeloppervlak uitsteken. – Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen van werkstukken die zijn gedraaid, kno pen bevatten, zijn vervormd of niet over een rechte kant beschikken waarop ze met een verstekaanslag of langs een aan slagrail kunnen worden geleid. Een ver vormd, knopen bevattend of gedraaid werk stuk is instabiel en leidt tot een onjuiste uitlijning van de zaagvoeg met het zaag blad, tot klemmen en tot een terugslag. – Zaag nooit meerdere op elkaar of achter elkaar gestapelde werkstukken. Het zaag blad kan een of meer delen grijpen en een terugslag veroorzaken. – Als u een zaag waarvan het zaagblad in het werkstuk steekt weer wilt starten, centreert u het zaagblad zodanig in de zaagvoeg dat de zaagtanden niet in het werkstuk zijn blijven haken. Als het zaag blad klemt, kan het werkstuk worden opge tild en een terugslag worden veroorzaakt als de zaag opnieuw wordt gestart. – Houd de zaagbladen schoon, scherp en voldoende om en om aangebracht. Ge bruik nooit vervormde zaagbladen of zaagbladen met gescheurde of gebroken tanden. Scherpe en correct om en om aan gebrachte zaagbladen beperken klemmen, blokkeren en een terugslag tot een mini mum.
4) Veiligheidsinstructies voor de bediening van
tafelcirkelzagen – Schakel de tafelcirkelzaag uit en verwij der de accu voordat u het tafelinzetstuk verwijdert, het zaagblad vervangt, instel Nederlands 97lingen aan het spouwmes of de bescherm kap van het zaagblad uitvoert en als de machine zonder toezicht wordt gelaten. Voorzorgsmaatregelen dienen ervoor om ongevallen te voorkomen. – Laat de tafelcirkelzaag nooit zonder toe zicht draaien. Schakel het elektrische ge reedschap uit en laat het niet achter voor dat het volledig tot stilstand is gekomen. Een zaag die zonder toezicht draait, vormt een ongecontroleerd gevaar. – Plaats de tafelcirkelzaag op een plek die vlak is en goed is verlicht en waar u veilig kunt staan en uw evenwicht kunt houden. De locatie moet genoeg ruimte bieden om goed te kunnen omgaan met de grootte van uw werkstukken. Wanorde, onverlichte werkplaatsen en oneffen, gladde vloeren kunnen ongevallen veroorzaken. – Verwijder regelmatig zaagsel onder de zaagtafel en/of uit de stofafzuiging. Opge hoopt zaagsel is brandbaar en kan vanzelf ontvlammen. – Zet de tafelcirkelzaag goed vast. Een niet goed vastgezette tafelcirkelzaag kan zich verplaatsen of omvallen. – Verwijder stelgereedschap, houtresten enz. uit de tafelcirkelzaag voordat u deze inschakelt. Afbuiging of mogelijk klemmen kan gevaarlijk zijn. – Gebruik altijd zaagbladen die de juiste grootte en een geschikt opnameboorgat (bijv. ruitvormig of rond) hebben. Zaagbla den die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controleverlies. – Gebruik nooit beschadigd of onjuist mon tagemateriaal voor zaagbladen zoals flen zen, sluitringen, schroeven of moeren. Dit montagemateriaal voor zaagbladen is spe ciaal voor uw zaag ontworpen, voor een vei lig gebruik en optimale prestaties. – Ga nooit op de tafelcirkelzaag staan en ge bruik de tafelcirkelzaag niet als trapje. Er kan ernstig lichamelijk letsel ontstaan als het elektrische gereedschap omvalt of als u per ongeluk met het zaagblad in contact komt. – Zorg ervoor dat het zaagblad in de juiste draairichting is gemonteerd. Gebruik geen schuurschijven of staalborstels met de ta felcirkelzaag. Ondeskundige montage van het zaagblad of het gebruik van niet-aanbe volen accessoires kan tot ernstig lichame lijk letsel leiden.
2.3 Veiligheidsinstructies voor het
voorgemonteerde zaagblad Toepassing – Het op het zaagblad aangegeven maxi mumtoerental mag niet worden overschre den of het toerentalbereik moet in acht worden genomen. – Het voorgemonteerde zaagblad is uitslui tend voor het gebruik in cirkelzagen be doeld. – Bij het uit- en inpakken van het gereed schap alsook bij het hanteren (bijv. inbouw in de machine) uiterst voorzichtig te werk gaan. Verwondingsgevaar door de heel scherpe snijkanten! – Bij het hanteren van het gereedschap wordt de greepveiligheid van het gereedschap door het dragen van veiligheidshandschoe nen verbeterd en de kans op letsel verder verminderd. – Cirkelzaagbladen die gescheurd zijn, moe ten vervangen worden. Reparatie is niet toegestaan. – Cirkelzaagbladen in composietuitvoering (gesoldeerde zaagtanden), waarvan de zaagtanddikte kleiner is dan 1 mm, mogen niet meer worden gebruikt. – WAARSCHUWING! Gereedschap met zicht bare scheuren, met stompe of beschadigde snijkanten mogen niet gebruikt worden. Montage en bevestiging – Gereedschappen moeten zo zijn opgespan nen dat ze bij het gebruik niet loslaten. – Bij de montage van de gereedschappen moet ervoor worden gezorgd dat het op spannen op de gereedschapsnaaf of op het spanvlak van het gereedschap plaatsvindt en dat de snijvlakken niet met andere on derdelen in aanraking komen. – Het verlengen van de sleutel of het aan draaien met behulp van hamerslagen is niet toegestaan. – De spanvlakken moeten worden gereinigd van verontreinigingen, vet, olie en water. – Spanschroeven moeten volgens de aanwij zingen van de fabrikant worden aange draaid. – Voor de instelling van de boorgatdiameter van cirkelzaagbladen in overeenstemming met de asdiameter van de machine mogen Nederlands 98alleen vast ingebrachte ringen, bijv.: inge perste ringen of ringen die op hun plaats worden gehouden door een lijmverbinding, worden gebruikt. Het gebruik van losse rin gen is niet toegestaan. Onderhoud en verzorging – Reparaties en slijpwerkzaamheden mogen alleen door Festool-servicewerkplaatsen of door experts worden uitgevoerd. – De constructie van het gereedschap mag niet veranderd worden. – Gereedschap regelmatig ontharsen en rei nigen (reinigingsmiddel met pH-waarde tussen 4,5 en 8). – Stompe snijkanten kunnen bij het spaan vlak tot een minimale snijdikte van 1 mm worden nageslepen. – Transport van het gereedschap alleen in een geschikte verpakking - verwondingsge vaar!
2.4 Overige veiligheidsvoorschriften
Draag geschikte persoonlijke bescher mingsmiddelen: Gehoorbescherming, vei ligheidsbril, stofmasker bij stofproduceren de werkzaamheden. – Tijdens het werken kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhou dende verf, enkele houtsoorten of meta len). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of in ademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn. – Ter bescherming van uw gezondheid een geschikt ademmasker dragen. Zorg in ge sloten ruimtes voor voldoende ventilatie en sluit een mobiele stofzuiger aan. – Controleer of behuizingsdelen beschadi gingen zoals scheurtjes of breuken verto nen. Laat beschadigde onderdelen vóór het gebruik van het elektrische gereedschap repareren. – Geen netvoeding of accupacks van andere leveranciers voor het gebruik van het ac cugereedschap toepassen. Geen oplaad apparaten van andere leveranciers voor het laden van de accupacks gebruiken. Het gebruik van accessoires die niet door de fa brikant worden voorgeschreven, kan tot een elektrische schok en/of ernstig letsel leiden.
2.5 Aluminiumbewerking
Bij de bewerking van aluminium dient men zich uit veiligheidsoverwegingen te houden aan de volgende maatregelen: – Draag een veiligheidsbril! – Elektrisch gereedschap op een geschikt af zuigapparaat met antistatische afzuigslang aansluiten. – Elektrisch gereedschap regelmatig reini gen van stofafzettingen in de motorbehui zing. – Een aluminium-zaagblad gebruiken. – Bij het zagen van platen dienen de zaagbla den met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) kunnen zonder smeren worden bewerkt.
Ook wanneer u zich aan alle relevante bouw voorschriften houdt, kunnen zich bij het gebruik van de elektrische machine nog gevaarlijke si tuaties voordoen, bijv. als gevolg van: – Aanraking van draaiende delen: zaagblad, spanflens, flensschroef, – aanraking van spanningvoerende delen bij geopende behuizing, – het wegschieten van werkstukdelen, – het wegschieten van werkstukdelen bij be schadigd gereedschap, – geluidsemissie, – stofemissie.
De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedra gen gewoonlijk: Geluidsdrukniveau L
98 dB(A) Onzekerheid K = 3 dB VOORZICHTIG Geluid dat bij het werk optreedt Beschadiging van het gehoor ► Gehoorbescherming gebruiken. Nederlands 99VOORZICHTIG Emissiewaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het ge bruik van het gereedschap en de soort van het bewerkte werkstuk. ► De werkelijke belasting tijdens de gehele bedrijfscyclus moet beoordeeld worden. ► Afhankelijk van de werkelijke belasting moeten passende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden vastgelegd. 3 Gebruik volgens de voorschriften De CSC SYS 50 is als transporteerbare formaat cirkelzaag (tafelcirkelzaag met geïntegreerde schuiftafel) bedoeld voor het zagen van hout, gelamineerde houten platen en kunststof. Met de door Festool aangeboden speciale zaag bladen kunnen de machines ook voor het zagen van ongeharde ferro- en non-ferrometalen worden gebruikt. Het wordt niet aanbevolen voor het zagen van minerale plaatmaterialen zoals gipsplaat. Het schurende stof leidt tot hoge slijtage van de elektrische aandrijvingen. Er mag geen asbesthoudend materiaal worden bewerkt. Geen slijp- en schuurschijven gebruiken. De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaats vindt.
Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt: – Zaagbladen conform EN 847-1 – Diameter zaagblad 168 mm – Zaagbreedte 1,8 mm – Opnamegat 20 mm – Stambladdikte 1,2 mm – Geschikt voor toerentallen tot 9500 min
Festool-zaagbladen voldoen aan de norm EN 847-1. Zaag alleen materialen die conform de bepalin gen voor het betreffende zaagblad bestemd zijn. Zaagbladen van hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS-staal) mogen niet worden toegepast. 4 Technische gegevens Accu-formaatcir kelzaag CSC SYS 50 Motorspanning 36 V Toerental (onbelast) 6800 min
Geschikte accu's Festool-serie BP 18 ≥ 4 Ah Opnameboorgat Ø 20 mm Hellingshoek -10° - 47° Zaaghoogte bij 0°
Afkortzaag-snede breedte bij 90° 450 mm Afkortzaag-snede breedte bij 45° 340 mm Afkortzaag-snede breedte bij 70° 140 mm Parallelle zaagsne debreedte 280 mm Verstekhoek 0 - 70° Transportmaat 512 x 396 x 296 mm Tafelhoogte 228 mm Frequentie 2402 MHz – 2480 MHz Equivalent isotroop uitgestraald vermo gen (EIRP) < 10 dBm Totaalgewicht zon der accu's 20,2 kg
- Door fabricagetoleranties bij zaagblad en elektrische machine kunnen ook hogere zaagsneden mogelijk zijn. 5 Apparaatcomponenten De vermelde afbeeldingen staan aan het begin en aan het einde van de gebruiksaanwijzing. [1-1] Greepvlak [1-2] Koelluchtopening [1-3] Hoofdschakelaar [1-4] Status-LED Nederlands 100[1-5] Klem hoekarreteeraanslag fixeren [1-6] Schuiftafel [1-7] Groef voor hoekarreteeraanslag [1-8] Groef voor Festool geleiderail- klemmen [1-9] Tafelinzetstuk [1-10] Inbussleutel [1-11] Spouwmes verdekte zaagsnede [1-12] Spouwmes met beschermingsaf dekking [1-13] Duwlat in duwlatbox [1-14] Parallelaanslag [1-15] Schaal zaagbreedte lengtesneden [1-16] Tafelverbreding [1-17] Grendelinrichting tafelverbreding [1-18] Bedieningsmodule [1-19] Stofopvangzak [1-20] Hoekarreteeraanslag [1-21] Vergrendelhendel schuiftafel [1-22] Sluitklem [1-23] Systainerkap [1-24] Draagreep 6 Bedieningsmodule
Afhankelijk van de context worden in het dis play [2-3] verschillende elementen weergege ven. [2-7] Positie X van Y (bij assistenten) [2-8] Opmerkingsgrafiek dialoog [2-9] Infotekst dialoog [2-10] Focuslijn selectiemogelijkheid [2-11] Favoriet parkeerstand [2-12] Zaaghoek (hoofdbeeldscherm) [2-13] Zaaghoogte (hoofdbeeldscherm) [2-14] Capaciteitsindicatie accu's [2-15] Status Bluetooth® verbinding (bij actieve Bluetooth® functie) [2-16] Favorietpositie (hoofdbeeldscherm) 7 Ingebruikneming
7.1 Elektrische machine opstellen
WAARSCHUWING Risico van ongevallen Elektrische machine kantelt op een oneffen ondergrond. ► Let op een veilige stand van de elektrische machine. Het steunvlak moet vlak, in goede staat en vrij van losliggende voorwerpen (bijv. spaanders en zaagresten) zijn. ► Elektrische machine in een horizontale vlakke positie met de rubberen voeten op een stevige vlakke ondergrond zetten. ► Sluitklem [1-22] aan beide zijden van de elektrische machine losmaken. ► Systainerkap [1-23] naar boven oplichten.
7.2 Eerste ingebruikneming
Na het eerste inschakelen van de elektrische machine start op het display het volgende ver loop
1. Instelling van taal en eenheid.
2. De assistent "Eerste stappen" legt de ba
sisbediening van de elektrische machine uit.
3. Initiële referentieloop wordt doorlopen.
4. Zaaghoogte op nul kalibreren (zie hoofd
5. Hoofdbeeldscherm (zaaghoek/zaaghoogte)
wordt weergegeven. Als de referentieloop wordt onderbroken, wordt hiernaar bij het volgende inschakelen van de elektrische machine opnieuw gevraagd.
7.3 In-/uitschakelen
Elektrische machine inschakelen ► Accu plaatsen (zie hoofdstuk 8
► Hoofdschakelaar [1-3] indrukken. LED [1-4] brandt. Als een referentieloop nood zakelijk is, wordt dit in het display aangegeven. ► Referentieloop uitvoeren: Draaiwiel [2-4] indrukken en ingedrukt houden. Nederlands 101Om constant nauwkeurige werkresultaten te bereiken, raden wij aan om na het transport van de elektrische machine een referentieloop uit te voeren. Zaagblad inschakelen ► Gewenste instellingen op de bedieningsmo dule uitvoeren (zie hoofdstuk 9.1). ► Werkstuk opleggen en evt. met Festool ge leiderailklemmen in de gleuf [1-8] op de schuiftafel bevestigen. ► Handen uit de gevarenzone weghouden. ► Startschakelaar [2-5] indrukken Zaagblad start. Zaagblad uitschakelen ► Op de stopschakelaar [2-6] drukken om de zaag uit te schakelen. Als het zaagblad toch nog verder draait: Elektrische machine op de hoofdschake laar [1-3] uitschakelen of accu verwijde ren. Contact opnemen met Festool Servi ce. Elektrische machine uitschakelen ► Wacht tot het zaagblad tot stilstand is geko men. ► Elektrische machine op de hoofdschake laar [1-3] uitschakelen. Na 4 uur zonder bediening schakelt de elektrische machine volledig uit. (Tijd kan via de Festool Work-app gewijzigd wor den.) 8 Accupack Vóór de plaatsing van het accupack moet de ac cu-aansluiting op verontreiniging gecontroleerd worden. Een verontreiniging van de accu-aan sluiting kan een goed contact belemmeren en tot schade aan de contacten leiden. Een gestoord contact kan tot oververhitting en beschadiging van het apparaat leiden. [3A] Accupack verwijderen. [3B]
lick Accupack plaatsen - tot aan het vastklikken. Het gebruik van de elektrische machine is alleen mogelijk als beide accu's geplaatst zijn en over voldoende laadcapaciteit be schikken. Geschikte accu's, zie hoofd stuk 4.
8.1 Capaciteitsindicatie
De laadtoestand van de accu's wordt op het dis play en in de Festool Work-app weergegeven. De nummering van de accu's [3B-1] bevindt zich naast de accu-aansluitingen. Meer informatie over oplaadapparaat en accupack met capaciteitsindicatie vindt u in de bedieningshandleidingen van accu pack en oplaadapparaat. 9 Instellingen Zie voor aanvullende informatie www.festool.com/QuickGuide-CSCSYS
9.1 Instellingen op de bedieningsmodule
Let erop dat het gebied rondom het zaagblad vrij is als u het zaagblad instelt. Volgende instellingen kunnen via de bedie ningsmodule uitgevoerd worden: – Taal – Eenheid – Toerental – Zaaghoogte (zaagbladhoogte) – Zaaghoogte kalibreren – Zaaghoek (zaagbladhoek) – Zaaghoek kalibreren – Favorieten selecteren en toewijzen – Referentieloop – Naar fabrieksinstellingen terugzetten Voor volgende instellingen is een assistent in het menu beschikbaar: – Referentieloop – Eerste stappen – Zaaghoogte kalibreren – Zaaghoek kalibreren – Zaagblad wisselen Navigeren Navigeren door een menu, een assistent of door diverse selectiemogelijkheden ► Draaiwiel [2-4] naar rechts of links draaien. Hoofdmenu oproepen ► Draaiwiel twee keer indrukken. Selecteren Een assistent starten of een selectie bevestigen ► Draaiwiel indrukken.
9.2 Festool Work-app*
Met behulp van de Festool Work-app kan de elektrische machine geconfigureerd worden. Hiervoor moet minstens een van de beide ge plaatste accu's een Bluetooth
accu zijn. Nederlands 102Verbinding van de accu via Bluetooth
, zie gebruiksaanwijzing accu. In de Festool Work-app vindt u meer infor matie over de bediening van de elektrische machine.
- Niet voor elk land beschikbaar.
9.3 Toerental instellen
Het toerental kan op de bedieningsmodule in 6 standen aan de eisen van het werkstuk wor den aangepast.
9.4 Zaaghoogte instellen
De zaaghoogte op de bedieningsmodule instel len. ► Hoogtetoets [2-2] bedienen. ► Binnen 10 seconden op het draaiwiel [2-4] de gewenste zaaghoogte instellen. Om de instelmodus al vóór afloop van de 10 seconden te beëindigen: Hoogte toets bedienen. Instelling van de zaaghoek in stappen van eentienden: Draaiwiel tijdens het draaien ingedrukt houden.
9.5 Zaaghoogte kalibreren
Bij de eerste ingebruikneming en na een veran dering van de zaagbladdiameter moet de zaag hoogte gekalibreerd worden. De zaagbladdia meter kan veranderen als gevolg van bijslijpen of vervanging van het zaagblad. U start de kalibratie via de optie "Zaaghoogte kalibreren" op het display. Volg de aanwijzingen op het display. ► Druk op de draaiknop om het zaagblad tot onder de tafel neer te laten. ► Plaats een korte afvalplint op de schuiftafel tegen de hoekarreteeraanslag (net als bij een afkortzaagsnede). ► Druk op de draaiknop om de stap te bevesti gen. ► Schakel het zaagblad in met de startscha kelaar [2-5]
► Voer een afkortzaagsnede uit. Draai hierbij langzaam aan de draaiknop om het zaag blad langzaam en stapsgewijs omhoog te brengen. Wanneer het zaagblad de afvalplint raakt, is het nulpunt bereikt en kan het zaagblad uitgescha keld worden. ► Druk op de draaiknop om deze instelling als nieuwe nulpositie op te slaan.
9.6 Zaaghoek instellen
VOORZICHTIG Gevaar voor beknelling Bij het instellen van de zaaghoek beweegt het afzuigkanaal mee. ► Handen of voorwerpen niet tussen afzuig kanaal en schuiftafel brengen. De zaaghoek op de bedieningsmodule instellen. ► Hoektoets [2-1] bedienen. ► Binnen 10 seconden aan het draaiwiel [2-4] de gewenste hoek instellen. Om de instelmodus al vóór afloop van de 10 seconden te beëindigen: Hoektoets be dienen. Instelling van de zaaghoek in stappen van eentienden: Draaiwiel tijdens het draaien ingedrukt houden.
9.7 Zaaghoek kalibreren
Als de zaag de ingevoerde zaaghoek niet meer correct zaagt: ► De zaaghoek via de assistent op de bedie ningsmodule kalibreren.
Vier veelgebruikte combinaties van zaaghoogte en zaaghoek kunnen als favoriet worden opge slagen. Als vijfde niet-wijzigbare favoriet "P" is de parkeerstand opgeslagen. Deze wordt alleen weergegeven als de systainerkap niet in de hui dige positie opgezet kan worden. Favoriet selecteren ► In het hoofdbeeldscherm met het draaiwiel een favorietenpaar [2-11] selecteren. ► Draaiwiel indrukken en vasthouden tot de zaagbladpositie volledig is aangelopen. Favoriet opslaan ► Gewenste combinatie uit zaaghoogte en zaaghoek instellen. ► Hoektoets en hoogtetoets gelijktijdig in drukken. ► Met het draaiwiel de gewenste favorieten positie [2-11] kiezen. ► Selectie door indrukken van het draaiwiel bevestigen. Nederlands 1039.9 Spouwmes WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Vóór alle werkzaamheden aan de elektri sche machine deze met de hoofdschake laar uitschakelen en de accu uit de elektri sche machine verwijderen. WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Nooit zonder spouwmes werken. Spouwmes met beschermingsafdekking [1-12] Indien mogelijk altijd het spouwmes met be schermingsafdekking gebruiken. Spouwmes verdekte zaagsnede [1-11] Voor verdekte zaagsneden of groeven. Spouwmes demonteren mogelijkheid 1 [4A]
Zaagblad via de bedieningsmodule in de parkeerstand bewegen (favoriet "P" selec teren). ► Inbussleutel [1-10] in de opening op het typeplaatje drukken, ingedrukt houden en spouwmes naar boven lostrekken.
Inbussleutel weer in de daarvoor bedoel de houder [1-10] plaatsen. Spouwmes demonteren mogelijkheid 2 [4B] ► Afdekplaat demonteren (zie hoofdstuk 9.16
Spouwmesvergrendeling indrukken, in gedrukt houden en spouwmes naar boven lostrekken. ► Afdekplaat weer monteren. Spouwmes monteren [4C] ► Spouwmes van boven indrukken tot het vastklikt. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel! Effectieve vergrendeling van het spouwmes controleren.
WAARSCHUWING Gevaar voor de gezondheid door stof ► Nooit zonder afzuiging werken. ► Nationale voorschriften in acht nemen. ► Bij het zagen van kankerverwekkende stof fen altijd een geschikte mobiele stofzuiger volgens de nationale bepalingen aanslui ten. Niet de stofopvangzak gebruiken. Geïntegreerde afzuiging ► Het aansluitstuk [5-1] van de stofopvang zak [5-3] door naar rechts te draaien aan de afzuigaansluiting [5-2] bevestigen. ► Voor het leegmaken het aansluitstuk van de stofopvangzak van de afzuigaansluiting ver wijderen door het naar links te draaien. Door verstoppingen in de beschermkap kunnen veiligheidsfuncties beïnvloed worden. Om ver stoppingen te vermijden is het daarom beter om met een mobiele stofzuiger met volle af zuigcapaciteit te werken. Bij het zagen (bijv. van MDF) kan er statische oplading ontstaan. Werk dan met een mobiele stofzuiger en een antistatische afzuigslang. Festool mobiele stofzuiger Aan de afzuigaansluiting [5-2] kan een Festool mobiele stofzuiger met een zuigslang met een diameter van 27 mm worden aangesloten. Het aansluitstuk van een afzuigslang wordt in het aansluitstuk [5-2] gestoken. ATTENTIE! Als er geen antistatische afzuig slang wordt gebruikt, kan een statische opla ding ontstaan. De gebruiker kan een elektri sche schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd wor den.
9.11 Tafelverbreding
[6] Ter vergroting van het werkvlak bij lengtezaag sneden vanaf ca. 95 mm. ► Tafelverbreding uitklappen. ► Tafelverbreding inklappen.
9.12 Parallelaanslag
Parallelaanslag monteren ► Afbeelding [7] Zaagbreedte lengtezaagsneden instellen ► Afbeelding [8] Aanslagrail [9-1] instellen ► Afbeelding [9A] Voor hoekzaagsneden of zeer lage werk stukken de aanslagrail [9-1] draaien [9B]. De lage zijde wijst dan naar het zaagblad.
9.13 Schuiftafel instellen
De schuiftafel kan in twee posities gefixeerd worden. Werkpositie ► Achterste positie A, afbeelding [10] Zaagbladwisselpositie ► Voorste positie B, afbeelding [10] Nederlands 104ATTENTIE! Gevaar voor letsel. De schuiftafel altijd fixeren als deze niet gebruikt wordt om te schuiven.
9.14 Hoekarreteeraanslag
De hoekarreteeraanslag kan als dwars- of hoekaanslag (verstekaanslag) worden gebruikt. WAARSCHUWING Risico op ongelukken door inzetgereedschap ► Aanslagrail [13-1] mag niet in het zaagge bied reiken. ► Alle schroeven en draaikoppen van de hoe karreteeraanslag moeten tijdens het zagen stevig zijn vastgedraaid. Hoekarreteeraanslag monteren / positioneren ► Afbeelding [11] Hoek instellen ► Afbeelding [12] Hoekarreteeraanslag vergrendelt op 13 gebrui kelijke hoekinstellingen. Aanslagrail zijdelingse positie instellen ► Afbeelding [13]
9.15 Zaagblad selecteren
Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is. Neem de vereiste zaagbladgegevens in acht (zie hoofdstuk 3.1). Verf Materiaal Symbool Geel Hout Rood Laminaat, minerale grondstof HPL/TRESPA
WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Vóór alle werkzaamheden aan de elektri sche machine deze met de hoofdschake laar uitschakelen en de accu uit de elektri sche machine verwijderen. VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door heet en scherp ge reedschap ► Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken. ► Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap. Zaagbladwisselpositie ► Zaagblad via de bedieningsmodule [14-9]
zaagbladwisselpositie bewegen. Afdekplaat demonteren ► Schuiftafel [14-12] in de voorste positie zet ten. Daar met de vergrendelhendel [14-7] vergrendelen. ► Met meegeleverde inbussleutel [14-2] de schroef [14-11] aan de afdekplaat losdraai en. ► Afdekplaat [14-8] afnemen. Zaagblad demonteren ► Spouwmes [14-10] demonteren (zie hoofd stuk 9.9) ► Spindelstoptoets [14-1] naar onderen druk ken en de schroef [14-3] met de inbussleu tel openen (linkse schroefdraad). ► Schroef en flens [14-4] afnemen en zaag blad naar boven eruit nemen. Zaagblad monteren ► WAARSCHUWING! Controleer schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen schone en onbeschadigde onderdelen! ► Nieuw zaagblad en buitenste flens plaatsen. WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [14-5] en zaag [14-6] moet over eenstemmen! Wordt dit niet in acht geno men, dan kan dit tot ernstig letsel leiden. In geplaatste toestand is het opschrift van het zaagblad niet zichtbaar. ► De schroef stevig aandraaien (linkse schroefdraad). ► Afdekplaat [14-8] plaatsen en vastschroe ven. ► Spouwmes plaatsen. ► Inbussleutel in de daarvoor bedoelde hou der [1-10] plaatsen. Nederlands 10510 Werken met het elektrische gereedschap
Bij het werken alle aan het begin vermel de veiligheidsvoorschriften en de volgen de regels in acht nemen: Vóór het begin – Ervoor zorgen dat de zaagbladafscherming onbeschadigd is en bij alle zaaghoeken en zaaghoogtes het zaagblad niet raakt. De kleppen op de zaagbladafscherming moe ten vrij kunnen bewegen. – Tafelplaat, afdekplaat en tafelinzetstuk mo gen niet beschadigd zijn (bijv. insnijdingen in de zaagvoeg). Vervang onmiddellijk be schadigde onderdelen. – Werk nooit zonder geplaatste afdekplaat, serviceklep of tafelinzetstuk. – Controleer of het zaagblad goed vastzit. – ATTENTIE! Oververhittingsgevaar! Voor gebruik controleren of de accu goed vast geklikt is. – Het werkstuk spanningsvrij en vlak opleg gen. Tijdens het werk – Kantelgevaar! Elektrische machines kun nen kantelen als zeer grote werkstukken of te zware werkstukken worden bewerkt. – Draag geen veiligheidshandschoenen bij het zagen. Veiligheidshandschoenen kun nen door het zaagblad worden gegrepen en de hand in het zaagblad trekken. – Correcte werkpositie: Op de schuiftafelzijde naast de zaagbladlijn. – Gevaar voor letsel door wegvliegende de len. Omstanders kunnen letsel oplopen. Af stand houden. – Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunst stof voor dat dit niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des te kleiner moet de voedingssnelheid zijn. – De positie van de elektrische machine nooit bij lopend zaagblad wijzigen. – Als de duwlat [1-12] niet wordt gebruikt, moet deze in de duwlatbox (Afbeelding 1) worden bewaard.
De zaag kan toegepast worden als – Formaatcirkelzaag met schuiftafel en dwarsaanslag. – Tafelcirckelzaag met vastgezette schuiftafel en lengteaan slag.
10.3 Afkortzaagsneden
Afkort- en hoekzaagsneden aan de linkerzijde van de elektrische machine uitvoeren. Altijd de hoekarreteeraanslag gebruiken (zie hoofd stuk 9.14).
► Voor hoekzaagsneden het spouwmes met beschermingsafdekking gebruiken (zie hoofdstuk 9.9
► De parallelaanslag demonteren. ► Hoekarreteeraanslag in de schuiftafel posi tioneren (zie hoofdstuk 9.14). ► Schuiftafelfixering losmaken (zie hoofd stuk 9.13). ► Werkstuk met hoekarreteeraanslag gelei den.
► Het spouwmes met beschermingsafdekking monteren (zie hoofdstuk 9.9
► De hoekarreteeraanslag demonteren (zie hoofdstuk 9.14). ► De parallelaanslag monteren (zie hoofd stuk 9.12). ► Lengtezaagsnede uitvoeren.
10.6 Versteklengtesneden
► Spouwmes met beschermingsafdekking ge bruiken (zie hoofdstuk 9.9). ► De hoekarreteeraanslag demonteren (zie hoofdstuk 9.14
► De parallelaanslag monteren (zie hoofd stuk 9.12). ► Als het zaagblad in de richting van de paral lelaanslag wordt gebogen [9B]: ▻ De aanslagrail [9-1] zo draaien dat de lage zijde naar het zaagblad wijst, zodat er meer ruimte voor de duwlat ontstaat en het zaagblad niet in contact komt met de aanslagrail. ▻ Als er dan nog niet genoeg ruimte voor de duwlat tussen beschermingsafdek king en aanslagrail is, moet er een schuifblok
gebruikt worden. ▻ Om vastklemmen en terugslag van het werkstuk te voorkomen, moet de aan slagrail zo ingesteld worden dat de ach terkant gelijk is met een lijn van 45° ten opzichte van het midden van het zaag blad. Nederlands 106► Hellingshoek van het zaagblad op de bedie ningsmodule instellen (zie hoofdstuk 9.6). ► Werkstuk aan de parallelaanslag geleiden.
- Wordt niet meegeleverd.
10.7 Verdekte zaagsneden
WAARSCHUWING Risico op ongelukken door terugslag ► Onmiddellijk na de werkzaamheden die het verwijderen van het spouwmes met be schermingsafdekking vereisen, is het ab soluut noodzakelijk om het spouwmes met beschermingsafdekking weer te installe ren. Gecompliceerde bewerkingen met verdekte zaagsneden zoals invalzagen en gutsen zijn niet toegestaan. Gebruik voor verdekte zaagsneden een drukelement
, zodat het werkstuk tijdens de snede vast op de tafel wordt gedrukt.
- Wordt niet meegeleverd. Voor verdekte zaagsneden het spouwmes voor verdekte zaagsneden gebruiken (zie hoofd stuk 9.9). Groeven ► Groefdiepte (= zaaghoogte) op de bedie ningsmodule instellen (zie hoofdstuk 9.4
► Parallelaanslag instellen (zie hoofd stuk 9.12). ► Spouwmes voor verdekte zaagsneden mon teren (zie hoofdstuk 9.9). ► Werkstuk aan de parallelaanslag geleiden. ► Proces herhalen tot de gewenste groef breedte is bereikt. Felsen De eerste snede in de smalle zijde van het werkstuk zagen. ► Zaaghoogte van de eerste snede op de be dieningsmodule instellen (zie hoofd stuk 9.4). ► Parallelaanslag instellen (zie hoofd stuk 9.12). De eerste snede in de smalle zijde van het werkstuk kan worden uitgevoerd. ► Werkstuk omkeren. ► Zaaghoogte van de tweede snede instellen. ► Parallelaanslag instellen. Afstand tot de parallelaanslag zodanig kiezen dat de reeds gezaagde groef niet aan de zijde van de aanslag ligt. De tweede snede aan de smalle zijde van het werkstuk kan worden uitgevoerd.
10.8 Blokkeringen verwijderen [15]
WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Vóór alle werkzaamheden aan de elektri sche machine deze met de hoofdschake laar uitschakelen en de accu uit de elektri sche machine verwijderen. ► Afdekplaat demonteren (zie hoofdstuk 9.16
► Zaagbladklep [15-1] ontgrendelen en daar na naar onderen zwenken. ► ATTENTIE! Veiligheidshandschoenen dra gen. Werkstukresten verwijderen, bereik om het zaagblad afzuigen. ► Zaagbladklep sluiten, afdekplaat monteren. ► Inbussleutel in de daarvoor bedoelde hou der [1-10] plaatsen. 11 Transport VOORZICHTIG Gevaar voor letsel! Elektrische machine kan bij het dragen uit de hand glijden. ► Elektrische machine altijd met beide han den aan de daarvoor bedoelde greepvlak ken [1-1] aan beide zijden van de elektri sche machine vasthouden. ► Bij het dragen aan de draaggreep [1-24] ervoor zorgen dat het deksel met beide sluitklemmen is geborgd. VOORZICHTIG Gevaar voor letsel Schuiftafel kan uitschuiven. Tafelverbreding kan uitklappen. ► Het transport van de elektrische machine moet altijd in de daarvoor bestemde trans portstand plaatsvinden.
11.1 Elektrische machine beveiligen
(transportstand) ► Zaagblad via de bedieningsmodule in de parkeerstand bewegen (favoriet "P" selec teren). Nederlands 107► Elektrische machine op de hoofdschake laar uitschakelen (zie hoofdstuk 7.3
► Schuiftafel fixeren (zie hoofdstuk 9.13). ► Tafelverbreding dichtklappen (zie hoofd stuk 9.11). ► De aanslagrails samenschuiven tot de beide instelmarkeringen van de parkeerstand (zie hoofdstuk 1) naar elkaar wijzen. ► Parallelaanslag op de elektrische machine in de parkeerstand zetten [16B]
► Spouwmes met beschermingsafdekking en resterende accessoires in het deksel opber gen [16A] . De hoekarreteeraanslag kan ook op de elektrische machine in de parkeer stand aangebracht worden [16B]
► Deksel sluiten en met beide sluitklemmen borgen. Elektrische machine is in transportstand. 12 Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Vóór alle onderhouds- en reparatiewerk zaamheden altijd het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen. ► Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam heden, waarvoor het vereist is om de mo torbehuizing te openen, mogen alleen in een geautoriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd. Klantenservice en reparatie alleen door fabrikant of door servicewerk plaatsen. Adres bij u in de buurt op: www.festool.nl/service Alleen originele Festool-reserveon derdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.nl/service EKAT
► Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen moeten op deskundige wijze in een erkende en gespecialiseerde werk plaats gerepareerd en vervangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaan wijzing aangegeven is. ► Zorg ervoor dat de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon zijn om de luchtcirculatie te waarborgen. ► Stofafzettingen, splinters en spanen door afzuigen verwijderen (zie hoofdstuk 10.8
12.1 Hoogte tafelverbreding bijstellen
12.2 Schuiftafelhoogte bijstellen [18]
Als de hoogte van de schuiftafel niet meer met de hoogte van de tafelplaat overeenstemt: ► Schuiftafel in de voorste positie zetten. ► Afdekkap [18-1] verwijderen en schroef daaronder losdraaien. ► Schuiftafel in de achterste positie zetten. ► Afdekkap [18-2] verwijderen en schroef los draaien. ► De hoogte van de schuiftafel met de instel schroeven [18-3] en [18-4] bijstellen. Naar rechts draaien = neerlaten Naar links draaien = oplichten ► Schroeven [18-1] en [18-2] vastdraai en (3,5 Nm) en afdekkappen plaatsen.
12.3 Schuiftafel maximale slag
bijstellen [19] Als de schuiftafel niet meer over het maximale schuifbereik bewogen kan worden: ► Schuiftafel handmatig (met kracht) in de eindposities voor en achter bewegen tot de kant van de schuiftafel op de slagmarkerin gen [19-1] ligt.
12.4 Loopbanen van de schuiftafel
reinigen [20] Als de schuiftafel moeizaam te verplaatsen is, kan dit komen door vuil in de loopbanen van de schuiftafel of in de kogellagers. ► Vier loopbanen in de geleider van de schuif tafel [20-1] en vier loopbanen op de schuif tafel [20-2] met een doek reinigen. Als de schuiftafel moeizaam blijft lopen, neem dan contact op met de fabrikant of een geauto riseerde servicewerkplaats.
12.5 Hoekarreteeraanslag bijstellen
Bijstellen van de haaksheid: ► Afbeelding [21]
12.6 Eindaanslagen reinigen [22]
Als de referentieloop mislukt: Eindaanslagen van hoogte- en hoekinstelling reinigen. ► Zaagblad naar de hoogste positie bewegen. ► Zaaghoek op 0° instellen. ► Elektrische machine op de hoofdschakelaar uitschakelen en accu's verwijderen. ► Tafelverbreding uitklappen. ► Serviceklep [22-1] verwijderen. ► Eindaanslagen hoogte onder [22-3]
hoek [22-4] met een borstel reinigen. ► Serviceklep plaatsen en met de schroef [22-2] vastdraaien. Nederlands 108► Accu's plaatsen en elektrische machine op de hoofdschakelaar inschakelen. ► Zaagblad volledig naar onderen bewegen. ► Elektrische machine op de hoofdschakelaar uitschakelen en accu's verwijderen. ► Serviceklep [22-1] verwijderen. ► Eindaanslagen hoek boven [22-5] met een borstel reinigen. ► Serviceklep plaatsen en met de schroef [22-2] vastdraaien. ► Afdekplaat demonteren (zie hoofdstuk 9.16).
Eindaanslagen hoek [22-6]+[22-7] met een borstel reinigen. ► Afdekplaat monteren. Bij problemen met deze handeling contact op nemen met een geautoriseerde servicewerk plaats of de fabrikant.
12.7 Parallelaanslag ten opzichte van het
zaagblad uitlijnen [23] Bij splinters aan de bovenzijde van het werk stuk links van het zaagblad (aan de zijde van de hoekarreteeraanslag) ► Schroef [23-1] indraaien. Parallelaanslag beweegt in richting A. Bij splinters rechts van het zaagblad (aan de zijde van de parallelaanslag) ► Schroef [23-1] uitdraaien. Parallelaanslag beweegt in richting B. Een omdraaiing van de schroef [23-1] komt overeen met een beweging in rich ting A of B van ca. 3,1 mm Eventueel moet de klemkracht van de parallel aanslag opnieuw ingesteld worden (zie hoofd stuk 12.8). ► Schroef [23-1] indraaien: Klemkracht moet verminderd worden. ► Schroef [23-1] uitdraaien: Klemkracht moet verhoogd worden.
12.8 Klemkracht parallelaanslag
bijstellen [24] ► Indraaien van de schroef [24-1] verhoogt de klemkracht. ► Losdraaien van de schroef verlaagt de klemkracht.
12.9 Schuiftafel ten opzichte van zaagblad
uitlijnen [25] ► Schuiftafel in de voorste positie zetten en vergrendelen. ► Afdekkap [25-1] verwijderen.
Om los te maken op de beide punten drukken. ▻ Afdekkap lostrekken. ► Afdekkap [25-2] verwijderen en schroef daaronder iets losdraaien. ► Schuiftafel in de achterste positie zetten.
Afdekkap [25-3] verwijderen en schroef daaronder iets losdraaien.
De vrije zaagsnede met de schroef [25-4] bijstellen. LET OP : Schroef [25-5] NIET verdraaien. De schuiftafel loopt anders moeizaam.
+ schroeven vastdraaien. ► Alle afdekkappen weer plaatsen. 13 Accessoires De bestelnummers voor accessoires en ge reedschap vindt u in de Festool-catalogus of online via www.festool.nl
14 Milieu Geef het apparaat niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijke wijze af. Neem de geldende nationale voorschriften in acht. Vóór de verwijdering, voor zover aanwezig, moeten lege oude batterijen en accu's die niet in het afgedankte apparaat omhuld zijn, en lam pen die zonder vernieling uit het afgedankte ap paraat genomen kunnen worden, van het afge dankte apparaat gescheiden worden. Zodoende kunnen oude batterijen en accu's in een gere geld recyclingproces opgenomen worden. Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd. Informatie over de inzamelpunten voor een cor recte verwijdering is onder www.festool.nl/ recycling in te zien. Informatie voor REACH: www.festool.nl/reach 15 Algemene aanwijzingen
Het woordmerk Bluetooth
en de logo's zijn ge registreerde merken van Bluetooth SIG, Inc. en worden door TTS Tooltechnic Systems AG & Co. KG en dus door Festool onder licentie gebruikt.
15.2 Informatie over gegevensbeveiliging
Het elektrische gereedschap bevat een chip voor de automatische opslag van machine- en Nederlands 109gebruiksgegevens. De opgeslagen gegevens hebben geen betrekking op personen. De gegevens kunnen met speciale apparaten contactloos uitgelezen worden en worden door Festool uitsluitend gebruikt voor de storingsdi agnose, reparatie- en garantieafwikkeling als mede voor de verbetering van de kwaliteit of de verdere ontwikkeling van het elektrische ge reedschap. Zonder uitdrukkelijke toestemming van de klant worden de gegevens niet voor an dere doeleinden gebruikt. 16 Foutoplossing Probleem Mogelijke oorzaken Oplossingen Display gaat niet aan. Een of beide accu's zijn ontla den. Accu's opladen. Verkeerde accu gebruikt. Geschikte accu's gebruiken (zie hoofdstuk 4). Display geeft niets weer. Display defect. Contact opnemen met geautoriseerde service werkplaats of fabrikant. Display toont waar schuwingsmelding. Waarschuwing bijv. voor oververhitting. Op infotekst in de dialoog letten en melding over de focuslijn bevestigen. Display geeft fout aan. Elektrische machine probeert een probleem op te lossen, bijv. oververhitting. De aanwijzingen op het display volgen. Elektrische machine defect. Contact opnemen met geautoriseerde service werkplaats of fabrikant. Status-LED knippert rood. Verkeerde accucombinatie geplaatst. Zie hoofdstuk 4
Onderspanning bij systeems tart (accustand te laag). Accu vervangen. Systainerkap kan niet gesloten worden. Accessoires bevinden zich niet in de parkeerstand. Elektrische machine in de transportstand zetten (zie hoofdstuk 11.1
Inbussleutel kan niet in de opening op het type plaatje ingebracht wor den. Zaagblad bevindt zich niet in de parkeerstand. Zaagblad via de bedieningsmodule in de par keerstand bewegen (zie hoofdstuk 9.8
Zaaghoek komt niet overeen met de gege vens in het display. Zaaghoek versteld. Zaaghoek kalibreren (zie hoofdstuk 9.7). Zaaghoogte komt niet overeen met de gege vens in het display. Zaaghoogte versteld. Zaaghoogte kalibreren (zie hoofdstuk 9.5). Referentieloop mislukt Bereik kan niet worden be reikt. Eindaanslagen vervuild. Eindaanslagen reinigen (zie hoofdstuk 12.6). Schuiftafel en tafel plaat bevinden zich niet op gelijke hoogte. Schuiftafelhoogte versteld. Schuiftafelhoogte bijstellen (zie hoofdstuk 12.2). Tafelverbreding en ta felplaat bevinden zich niet op gelijke hoogte. Hoogte tafelverbreding ver steld. Hoogte tafelverbreding bijstellen (zie hoofd stuk 12.1). Nederlands 110Schuiftafel kan niet meer volledig tot in beide posities bewogen worden. Maximale slag versteld. Schuiftafel maximale slag bijstellen (zie hoofd stuk 12.3). Schuiftafel kan moei zaam bewogen worden. Loopbanen vervuild. Loopbanen met een doek schoonmaken (zie hoofdstuk 12.4
Kogellagers vervuild. Contact opnemen met geautoriseerde service werkplaats of fabrikant. Splinters bij het zagen Vrije zaagsnede parallelaan slag versteld. Parallelaanslag ten opzichte van het zaagblad uitlijnen (zie hoofdstuk 12.7). Motor loopt met ver minderd vermogen Motortemperatuur te hoog. Toerental is verlaagd om een snelle afkoeling door de mo torventilatie mogelijk te ma ken. Na afkoeling komt de elektrische machine weer automatisch op gang. Pas verder werken na beëindigde afkoeling. Nederlands 111Innehållsförteckning 1 Symboler................................................. 112 2 Säkerhetsanvisningar............................. 112 3 Avsedd användning..................................116 4 Tekniska data
Notice-Facile