HKC 55 KEB - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HKC 55 KEB FESTOOL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HKC 55 KEB FESTOOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HKC 55 KEB - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HKC 55 KEB van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING HKC 55 KEB FESTOOL
nl: EU-conformiteitsverklaringWij verklaren en stellen ons ervoor verantwoordelijk dat dit product volledig voldoet aan alle volgende EU-richtlijnen en volgende normen of normatieve documenten daaraan ten grondslag gelegd werden:
1 Symbolen....133
2 Veiligheidsvoorschriften....133
3 Beoogd gebruik.... 136
4 Technische gegevens.... 136
5 Apparaatcomponenten....136
6 Accu.... 137
7 Instellingen....137
8 Werken met het elektrische gereedschap...... 138
9 Onderhoud en verzorging....139
10 Accessoires.... 140
11 Milieu.... 140
12 Algemene aanwijzingen.... 140
1 Symbolen

Waarschuwing voor algemeen gevaar

Waarschuwing voor elektrische schok

Lees de gebruiksaanwijzing en veiligheidsvoorschriften.

Gehoorbescherming dragen.

Veiligheidshandschoenen bij het wisselen van gereedschap dragen.

Accupack inbrengen.

Accupack verwijderen.

Gevarenzone! Handen weghouden!

Draairichting van de zaag en het zaagblad

Elektrodynamisch uitloopremsysteem

KickbackStop-functie

Niet met het huisvuil meegeven.

Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens. zie hoofdstuk 12.1

CE-markering van overeenstemming

Tip, aanwijzing
12.3 Lisensopplysninger
2 Veiligheidsvoorschriften
2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen.
Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen om ze later te kunnen raadplegen.
Neem de bedieningshandleiding van het oplaadapparaat en het accupack in acht.
2.2 Machinespecifieke veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzaagmachines
Zaagmethode

- GevaarJKom met uw handen niet in het zaagbereik en raak het zaagblad niet aan. Houd met uw tweede hand de extra greep of de motorbehuizing vast. Wanneer u de cirkelzaag vasthoudt met beide handen, kunnen ze niet gewond raken door het zaagblad.
- Kom niet met uw handen onder het werkstuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet beschermen tegen het zaagblad.
- Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte zichtbaar zijn onder het werkstuk.
- Houd het werkstuk dat gezaagd moet worden nooit in de hand of boven uw been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele opname. Het is belangrijk het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van lichaamscontact, beklemming van het zaagblad of controleverlies tot een minimum terug te brengen.
- Houd het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen kan raken. Contact met een spanningvoerende leiding zet ook de metalen onderdelen van het elektrisch gereedschap onder spanning en veroorzaakt een elektrische schok.
- Gebruik bij het in de lengte zagen altijd een aanslag of een geleiding langs een rechte kant. Hierdoor wordt de zaagnauwkeurigheid verbeterd en de kans op beklemming van het zaagblad verminderd.
- Gebruik altijd zaagbladen die de juiste grootte en een geschikt opnamegat (bijv. ruitvormig of rond) hebben .Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controleverlies.
Nederlands
- Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagbladspanflenzen of -schroeven. De zaagbladspanflenzen en -schroeven zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor optimale prestaties en gebruiksveiligheid.
Terugslag - oorzaak en bijbehorende veiligheidsinstructies
- Een terugslag is de plotselinge reactie van een hakend, klemmend of verkeerd uitgericht zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag zich ongecontroleerd van het werkstuk af en in de richting van de gebruiker beweegt
- wanneer het zaagblad zich in de sluitende zaagspleet vasthaakt of klem komt te zitten, raakt het geblokkeerd en wordt het apparaat door de kracht van de motor in de richting van de gebruiker teruggeslagen;
- wordt het zaagblad in de zaagsnede verdraaid of verkeerd uitgericht, dan kunnen de tanden van het achterste zaagbladgebied zich vasthaken in het oppervlak van het werkstuk, waardoor het zaagblad uit de zaagspleet en de zaag in de richting van de gebruiker terugspringt.
Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de zaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden beschreven, kan dit echter worden voorkomen.
- Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in zo'n positie dat u de terugslagkrachten kunt opvangen. Blijf altijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cirkelzaag naar achteren springen, maar wanneer de juiste maatregelen zijn getroffen kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen.
- Indien het zaagblad klem komt te zitten of u het werk onderbreekt, laat dan de aan-/uit-schakelaar los en houd de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen. Probeer zolang het zaagblad zich beweegt nooit om de zaag uit het werkstuk te halen of naar achteren te trekken, anders kan er een terugslag plaatsvinden. Bepaal de oorzaak voor het afklemmen van het zaagblad en los deze op.
- Wanneer u een zaag die in het werkstuk steekt weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn blijven haken. Is het zaagblad beklemd geraakt, dan kan het zich bij het opnieuw starten van de zaag uit het werkstuk bewegen of een terugslag veroorzaken.
- Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaagblad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen dienen aan beide kanten, zowel bij de zaagspleet als bij de rand, te worden gestut.
-
Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd uitgerichte tanden leiden door de te nauwe zaagspleet tot een grotere wrijving, beklemming van het zaagblad en terugslag.
-
Draai voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstellingen vast. Wanneer de instellingen tijdens het zagen gewijzigd worden, kan het zaagblad beklemd raken en een terugslag optreden.
- U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij het zagen in bestaande wanden of andere niet inkijkbare gedeeltes. Het invallende zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten geblokkeerd raken en een terugslag veroorzaken.
Functie van de onderste beschermkap
- Controleer voor gebruik altijd of de onderste beschermkap goed sluit. Gebruik de zaag niet wanneer de onderste beschermkap niet vrij bewogen kan worden en niet direct sluit. Klem of bind de onderste beschermkap nooit vast in een geopende positie. Mocht de zaag per ongeluk op de grond vallen, dan kan de onderste beschermkap worden verbogen. Open de beschermkap met de terugtrekhendel en zorg ervoor dat hij vrij beweegt en bij alle zaaghoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt.
- Controleer de werking van de veer van de onderste beschermkap. Wanneer de onderste beschermkap en de veer niet foutloos werken, dient onderhoud te worden gepleegd aan de zaag alvorens hem te gebruiken. Beschadigde delen, plakkerige afzettingen of ophopingen van spaanders leiden tot een vertraagde werking van de onderste beschermkap.
- Open de onderste beschermkap alleen handmatig bij bijzondere zaagsnedes, zoals „inval- en hoekzaagsnedes“. Open de onderste beschermkap met de terugtrekhendel en laat deze los zodra het zaagblad in het werkstuk valt. Bij alle andere zaagwerkzaamheden moet de onderste beschermkap automatisch werken.
- Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt. Een onbeschermd, nalopend zaagblad beweegt de zaag tegen de zaagrichting in en zaagt wat het op zijn weg tegenkomt. Houd hierbij rekening met de nalooptijd van de zaag.
Werking van de geleidenok [1-5]
- Gebruik indien mogelijk het voor de geleidenok passende zaagblad. Bij gebruik van zaagbladen met een dikker zaagblad is de werking van de geleidenok beperkter. Om ervoor te zorgen dat de geleidenok werkt, moet het stamblad van het zaagblad dunner zijn dan de geleidenok en de tandbreedte dikker zijn dan de geleidenok. Houd bij gebruik van een dikker zaagblad rekening met een groter terugslaggevaar.
- Gebruik de zaag niet met een verbogen geleidenok. Door een kleine storing kan vertraging optreden bij het sluiten van de beschermkap.
Overige veiligheidsvoorschriften
- Draag geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen: gehoorbescherming en veiligheidsbril.
- Ter bescherming van uw gezondheid een geschikt ademmasker dragen. Zorg in gesloten ruimtes voor
voldoende ventilatie en sluit een mobiele stofzuiger aan.
- Tijdens het werken kunnen schadelijke/giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhoudende verf, enkele houtsoorten of metalen). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of inademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn.
- Bouw de elektrische machine niet in een werktafel in. Door inbouw in een zelfgemaakte of door een andere fabrikant aangeboden werktafel kan de elektrische machine onveilig worden en tot ernstige ongevallen leiden.
- Gebruik alleen de daarvoor bedoelde accu's en geen netvoedingen voor het gebruik van de accumachines. Gebruik geen oplaadapparaten van andere leveranciers voor het laden van de accu's. Het gebruik van accessoires die niet door de fabrikant worden voorgeschreven, kan tot een elektrische schok en/of ernstig letsel leiden.
- Controleer of behuizingsdelen beschadigingen zoals scheurtjes of breuken vertonen. Laat beschadigde onderdelen vóór het gebruik van het elektrische gereedschap repareren.
- Gebruik geschikte zoekapparaten om verborgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke nutsbedrijf. Aontact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand veroorzaken of tot een elektrische schok leiden. Beschadiging van een gasleiding kan een explosie veroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materiële schade.
- De machine niet voor bovenhandse werkzaamheden gebruiken.
- Kom niet met uw handen bij de spaanafvoer. U kunt gewond raken als gevolg van ronddraaiende onderdelen.
- Wacht tot het elektrische gereedschap tot stilstand gekomen is voor u het weglegt. Het inzetgereedschap kan zich vasthaken en tot het verlies van de controle over het elektrische gereedschap leiden.
Veiligheidsinstructies voor het voorgemonteerde zaagblad
Toepassing
- Het op het zaagblad aangegeven maximumtoerental mag niet worden overschreden of het toerentalbereik moet in acht worden genomen.
- Het voorgemonteerde zaagblad is uitsluitend voor het gebruik in cirkelzagen bedoeld.
- Bij het uit- en inpakken van het gereedschap alsook bij het hanteren (bijv. inbouw in de machine) uiterst voorzichtig te werk gaan. Verwondingsgevaar door de heel scherpe snijkanten!
-
Bij het hanteren van het gereedschap wordt de greepveiligheid van het gereedschap door het dragen van veiligheidshandschoenen verbeterd en de kans op letsel verder verminderd.
-
Cirkelzaagbladen die gescheurd zijn, moeten vervangen worden. Reparatie is niet toegestaan.
- Cirkelzaagbladen in composietuitvoering (gesoldeerde zaagtanden), waarvan de zaagtanddikte kleiner is dan 1 mm, mogen niet meer worden gebruikt.
- WAARSCHUWING! Gereedschap met zichtbare scheuren, met stompe of beschadigde snijkanten mogen niet gebruikt worden.
Montage en bevestiging
- Gereedschappen moeten zo zijn opgespannen dat ze bij het gebruik niet loslaten.
- Bij de montage van de gereedschappen moet ervoor worden gezorgd dat het opspannen op de gereedschapsnaaf of op het spanvlak van het gereedschap plaatsvindt en dat de snijvlakken niet met andere onderdelen in aanraking komen.
- Het verlengen van de sleutel of het aandraaien met behulp van hamerslagen is niet toegestaan.
- De spanvlakken moeten worden gereinigd van verontreinigingen, vet, olie en water.
- Spanschroeven moeten volgens de aanwijzingen van de fabrikant worden aangedraaid.
- Voor de instelling van de boorgatdiameter van cirkelzaagbladen in overeenstemming met de asdiameter van de machine mogen alleen vast ingebrachte ringen, bijv.: ingeperste ringen of ringen die op hun plaats worden gehouden door een lijmverbinding, worden gebruikt. Het gebruik van losse ringen is niet toegestaan.
Onderhoud en verzorging
- Reparaties en naslijpwerkzaamheden mogen alleen door Festool-servicewerkplaatsen of door experts worden uitgevoerd.
- De constructie van het gereedschap mag niet veranderd worden.
- Gereedschap regelmatig ontharsen en reinigen (reinigingsmiddel met pH-waarde tussen 4,5 en 8).
- Stompe snijkanten kunnen bij het spaanvlak tot een minimale snijdikte van 1 mm worden nageslepen.
- Transport van het gereedschap alleen in een geschikte verpakking - verwondingsgevaar!
2.3 Restrisico's
Ook wanneer men zich aan alle relevante bouwvoorschriften houdt, kunnen zich bij gebruik van de machine nog gevaarlijke situaties voordoen, bijv. als gevolg van:
- aanraking van het zaagblad nabij de aanzetopening onder de zaagtafel,
- aanraking van het onder het werkstuk uitstekende deel van het zaagblad bij het zagen,
- aanraking van draaiende delen van de zijkant: zaagblad, spanflens, flensschroef,
- terugslag van de machine bij vastlopen in het werkstuk,
- aanraking van spanningvoerende delen bij geopende behuizing en niet-uitgetrokken accu,
- het wegschieten van werkstukdelen,
- het wegschieten van werkstukdelen bij beschadigd gereedschap,
- geluidsemissie,
Nederlands
- stofemissie.
2.4 Aluminiumbewerking
Bij de bewerking van aluminium dient men zich uit veiligheidsoverwegingen te houden aan de volgende maatregelen:
- Draag een veiligheidsbril!
- Elektrisch gereedschap op een geschikt afzuigapparaat met antistatische afzuigslang aansluiten.
- Elektrisch gereedschap regelmatig reinigen van stofafzettingen in de motorbehuizing.
- Gebruik een voor zaagsneden in aluminium geschikt zaagblad.
- Bij het zagen van platen dienen de zaagbladen met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) kunnen zonder smeren worden bewerkt.
2.5 Emissiewaarden
De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedragen gewoonlijk:
| Geluidsdrukniveau L | _PA = 91 dB(A) |
| Geluidsvermogensniveau L | _WA = 99 dB(A) |
| Onzekerheid K = 3 dB |

VOORZICHTIG
Geluidsemissies bij het werken met elektrische machines kunnen gehoorbeschadiging veroorzaken.
- Gebruik een gehoorbescherming.
Trillingsemissiewaarde a_h (vectorsom van drie richtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 62841:
| Zagen van hout | a_h < 2,5 m/s^2 |
| K = 1,5 m/s^2 | |
| Zagen van aluminium | a_h < 2,5 m/s^2 |
| K = 1,5 m/s^2 |
De aangegeven emissiewaarden (trilling, geluid)
- zijn geschikt om machines te vergelijken,
- om tijdens het gebruik een voorlopige inschatting van de trillings- en geluidsbelasting te maken
- en gelden voor de belangrijkste toepassingen van het elektrische gereedschap.

VOORZICHTIG
Emissiewaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het gebruik van de machine en de soort van het bewerkte werkstuk.
- Beoordeel de werkelijke belasting tijdens de gehele bedrijfscyclus.
- Leg afhankelijk van de werkelijke belasting passende veiligheidsmaatregelen vast.
3 Beoogd gebruik
Accu-pendelkapzaag bestemd voor het zagen van
- hout en houtachtig materiaal,
- gips- en cementgebonden vezelstoffen,
- kunststoffen.
Met de door Festool aangeboden speciale zaagbladen voor aluminium kunnen de elektrische machines ook voor het zagen van aluminium worden gebruikt.
Er mag geen asbesthoudend materiaal worden bewerkt. Geen slijp- en schuurschijven gebruiken.
De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaatsvindt.
3.1 Zaagbladen
Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt:
- Zaagbladen conform EN 847-1
- Diameter zaagblad 160 mm
- Zaagbreedte 1,6–1,8 mm
- Opnamegat 20 mm
- Stambladdikte 1,1–1,4 mm
- Geschikt voor toerentallen tot 9500min ^-1
Festool-zaagbladen voldoen aan de norm EN 847-1.
Zaag alleen materialen die conform de bepalingen voor het betreffende zaagblad bestemd zijn.
| Motorspanning 18 V | --- |
| Toerental (onbelast) | 5200 min ^-1 |
| Geschikte accu's Festool-serie BP 18 ≥ 4 Ah | |
| Verstek 0° tot 50° | |
| Zaagdiepte bij 0° 0–55 mm | |
| Zaagdiepte bij 50° 38 mm | |
| Zaagbladafmeting 160 x 1,6 x 20 mm | |
| Gewicht zonder accu 3,5 kg |
5 Apparaatcomponenten
[1-1] Handgrepen
[1-2] Inschakelblokkering
[1-3] Hendel voor gereedschapswisseling
[1-4] Terugtrekhendel voor pendelbeschermkap
[1-5] Geleidenok
[1-6] Pendelbeschermkap
[1-7] Aan-/uitschakelaar
[1-8] Hendel voor invalfunctie
[1-9] Tweedelige schaal voor zaagdiepteaanslag (met/zonder geleiderail)
[1-10] Afzuigaansluiting
[1-11] Hoekschaal
[1-12] Draaiknop voor hoekinstelling
[1-13] Instelling van de zaagdiepte
[1-14] Accu
[1-15] Toets voor het ontkoppelen van de accu
[1-16] Instelgeleiders
[1-17] Status-LED KickbackStop-functie
De vermelde afbeeldingen staan in het begin van de gebruiksaanwijzing.
Afgebeelde of beschreven accessoires behoren voor een deel niet tot de leveringsomvang.
6 Accu
Vóór de plaatsing van de accu moet de accu-aansluiting op verontreiniging gecontroleerd worden. Een verontreiniging van de accu-aansluiting kan een goed contact belemmeren en tot schade aan de contacten leiden.
Een gestoord contact kan tot oververhitting en beschadiging van het apparaat leiden.
[2A]
De accu verwijderen.
[2B]
De accu tot aan het vastklikken plaatsen.
Meer informatie over oplaadapparaat en accu staat in de bedieningshandleidingen van accu en oplaadapparaat.
7 Instellingen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
- Neem vóór alle werkzaamheden aan de elektrische machine de accu uit de machine.
7.1 Elektronica
Temperatuurbeveiliging
Bij een te hoge motortemperatuur worden de stroomtoevoer en het toerental gereduceerd. Het elektrische gereedschap draait alleen nog met verminderd vermogen door om een snelle afkoeling door de motorventilatie mogelijk te maken. Na afkoeling komt het elektrisch gereedschap weer automatisch op gang.
Beveiliging tegen overbelasting
Bij extreme overbelasting van het apparaat beschermt een elektronische beveiliging tegen overbelasting de motor tegen beschadiging. In dat geval blijft de motor staan en loopt pas weer verder na ontlasting. Voor de heringebruikneming moet men het apparaat weer inschakelen.
Herstartbeveiliging
De ingebouwde herstartbeveiliging voorkomt dat het elektrisch gereedschap na een spanningsonderbreking weer automatisch start wanneer de aan-/uit-schakelaar is ingedrukt. Het elektrisch gereedschap moet in dit geval eerst worden uitgeschakeld en vervolgens weer ingeschakeld.
Rem
De zaag bezit een elektronische rem. Na het uitschakelen wordt het zaagblad in ca. 2 sec. elektronisch tot stilstand afgeremd.
7.2 Festool App\*
Met behulp van de Festool App kan de elektrische machine geconfigureerd worden. Hiervoor moet de gebruikte accu een Bluetooth® accu zijn.
i Verbinding van de accu via Bluetooth®, zie gebruiksaanwijzing accu.
In de Festool App vind je meer informatie over de bediening van de elektrische machine.
* Niet voor elk land beschikbaar.
7.3 Zaagdiepte instellen
De zaagdiepte kan van 0 - 55 mm worden ingesteld.
▶ Zaagdiepte-instelling [3-1] samendrukken.
- Zaagaggregaat aan hoofdhandgreep omhoog trekken of omlaag drukken.

Zaagdiepte zonder geleide-/afkortrail max. 55 mm

Zaagdiepte met geleide-/afkortrail max. 51 mm
7.4 Zaaghoek instellen
Bij de instelling van de zaaghoek moet de zaagtafel op een plat vlak staan.
Tussen 0° en 50°:
▶ Draaiknop [4-2] losdraaien.
- Zaagaggregaat in de gewenste zaaghoek [4-1] draaien.
▶ Draaiknop [4-2] sluiten.
De beide standen (0° en 50°) zijn standaard ingesteld en kunnen door de klantenservice worden aangepast.
Bij hoekzaagsneden is de zaagdiepte minder dan de aangegeven waarde op de zaagdiepteschaal.
7.5 Pendelbeschermkap instellen

VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel! Scherpe randen!
Wanneer de pendelbeschermkap plotseling wordt losgelaten, springt hij snel terug.
- De pendelbeschermkap [1-6] mag uitsluitend met de terugtrekhendel [1-4] geopend worden.
7.6 Zaagblad selecteren
Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is.
| Verf Materiaal Symbol | |
| Geel Hout | ![]() |
| Rood Laminaat, minerale grondstof | ![]() |
| Groen Gips- en cementgebonden spaan- en vezelplaten | ![]() |
| Blauw Aluminium, kunststof | ![]() |
7.7 Zaagblad wisselen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
▶ Neem vóór alle werkzaamheden aan de elektrische machine de accu uit de machine.

VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door heet en scherp gereedschap.
- Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken.
- Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap.
Het zaagblad uitnemen
- Voor de zaagbladwisseling de zaag in de 0°-stand draaien en de maximale zaagdiepte instellen.
- Zaag voor het wisselen op het motordeksel [5-1] leggen.
▶ Hendel [5-3] tot aan de aanslag omdraaien.
▶ Schroef [5-9] met de inbussleutel [5-2] openen.
▶ Pendelbeschermkap [5-10] uitsluitend met terugtrekhendel [5-4] geopend houden.
▶ Zaagblad [5-8] afnemen.
Zaagblad plaatsen
WAARSCHUWING! Controleer schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen schone en onbeschadigde onderdelen!
▶ Nieuw zaagblad inbrengen.
WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [5-7] en zaag [5-5] moeten overeenkomen! Wordt dit niet in acht genomen, dan kan dit tot ernstig letsel leiden.
▶ De buitenste flens [5-6] zo inbrengen dat de meeneempennen in de uitsparing van de binnenste flens grijpen.
▶ Terugtrekhendel [5-4] loslaten en pendelbeschermkap [5-10] in zijn definitieve stand laten terugdraaien.
▶ Schroef [5-9] stevig aandraaien.
▶ Hendel [5-3] terugslaan.
7.8 Afzuiging [6]
![FESTOOL HKC 55 KEB - Afzuiging [6] - 1](/content/2026/04/738357/images/d8af01358a79819ab659d7c7c45aafc6f3096e181f52d3b4fc7db599c8c0a984.jpg)
WAARSCHUWING
Gevaar voor de gezondheid door stof
▶ Nooit zonder afzuiging werken.
- Nationale voorschriften in acht nemen.
- Bij het zagen van kankerverwekkende stoffen altijd een geschikte mobiele stofzuiger volgens de nationale bepalingen aansluiten. Niet de stofopvangzak gebruiken.
Geïntegreerde afzuiging
- Het aansluitstuk [6-2] van de stofopvangzak [6-3] door naar rechts te draaien aan de afzuigaansluiting [6-1] bevestigen.
▶ Voor het leegmaken het aansluitstuk van de stofopvangzak van de afzuigaansluiting verwijderen door het naar links te draaien.
Festool mobiele stofzuiger
Bij de afzuigaansluiting [6-1] kan een Festool mobiele stofzuiger met een afzuigslangdiameter van 27/32 mm of 36 mm (36 mm vanwege geringer verstoppingsgevaar aanbevolen) worden aangesloten.
Het aansluitstuk van een afzuigslang ∅ 27 wordt in het hoekstuk gestoken. Het aansluitstuk van een afzuigslang ∅ 36 wordt in het hoekstuk gestoken.
ATTENTIE! Als er geen antistatische afzuigslang wordt gebruikt, kan een statische oplading ontstaan. De gebruiker kan een elektrische schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd worden.
8 Werken met het elektrische gereedschap

Bij het werken alle aan het begin vermelde veiligheidsvoorschriften en de volgende regels in acht nemen:
Vóór het begin
- Voor elk gebruik altijd de werking van de pendelbeschermkap met behulp van de terugtrekhendel [1-4] controleren. Ervoor zorgen dat de beschermkap vrij beweegt en bij alle zaaghoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt. Het elektrisch gereedschap alleen gebruiken indien het volgens voorschrift functioneert.
- Bevestig het werkstuk altijd zo dat het tijdens de bewerking niet kan bewegen.
- Zorg ervoor dat de afzuigslang over de gehele zaagsnede niet blijft haken, noch aan het werkstuk, noch aan de werkstuksteun of gevaarlijke plaatsen op de vloer.
- Verzeker u er vóór aanvang van de werkzaamheden van dat de draaiknop [1-12] stevig is aangedraaid.
- ATTENTIE! Oververhittingsgevaar! Voor gebruik controleren of de accu goed vastgeklikt is.
Tijdens het werk
- Houd het elektrische gereedschap tijdens de werkzaamheden altijd met beide handen vast aan de handgrepen [1-1]. Dit is de voorwaarde voor exact werken en absoluut noodzakelijk voor het induiken. Duik langzaam en gelijkmatig in het werkstuk in.
- Geleid de machine alleen in ingeschakelde toestand tegen het werkstuk.
- Beweeg de zaag altijd naar voren [8-9], en trek hem nooit achteruit naar u toe.
- Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunststof voor dat dit niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des te kleiner moet de voedingssnelheid zijn.
8.1 In-/Uitschakelen
▶ Inschakelblokkering [1-2] omhoog bewegen.
▶ In-/uitschakelaar [1-7] indrukken.
indrukken= AAN
loslaten = UIT
8.2 Waarschuwingssignalen
Bij de volgende bedrijfsomstandigheden klinken er waarschuwingssignalen en wordt de elektrische machine uitgeschakeld:
| Signaal Oorzaak Maatregel | ||
| Piept eenmaal. | Accu leeg/incompatibel. | Accu laden/vervangen. |
| Elektrische machine overbelast. | Elektrische machine minder belasten. | |
| Elektrische machine is oververhit. | Na afkoeling elektrische machine weer in bedrijf nemen. | |
| Piept continu. | Elektrische machine defect. | Voor het verhelpen van de fout contact opnemen met de fabrikant. |
8.3 Zagen volgens aftekenlijn
De zaagindicaties geven het zaagverloop zonder geleiderail aan:
0°-snede: [7-1]
45^ -snede: [7-2]
8.4 Delen afzagen
De zaag met het voorste gedeelte van de zaagtafel op het werkstuk zetten, inschakelen en in de zaagrichting vooruit bewegen.
8.5 Delen uitzagen (invallend zagen)

Om bij invallend zagen een terugslag te voorkomen dienen de volgende aanwijzingen beslist in acht te worden genomen:
- Plaats de machine altijd met de achterkant van de zaagtafel tegen een vaste aanslag.
- Zet de machine bij het werken met de geleiderail tegen de terugslagstop FS-RSP (accessoires) [8-6] die op de geleiderail wordt vastgeklemd.
Handelwijze
▶ Zaagdiepte instellen (zie hoofdstuk 7.3).
▶ Hendel [8-1] omlaag drukken.
☑ Het zaagaggregaat draait omhoog in de stand voor invallend zagen.
▶ Terugtrekhendel [8-2] tot aan de aanslag omlaag gedrukt houden.
☑ Pendelbeschermkap [8-4] gaat open en het zaagblad komt vrij.
- De zaag op het werkstuk en tegen een aanslag (terugslagstop) zetten.
▶ De zaag inschakelen.
▶ De zaag langzaam tot de ingestelde zaagdiepte omlaag drukken tot hij inklikt, terugtrekhendel [8-2] loslaten en in de zaagrichting [8-9] vooruit bewegen.
☑ De inkeping [8-3] geeft bij maximale zaagdiepte en gebruik van de geleiderail het achterste zaagpunt van het zaagblad (∅ 160 mm) aan.
8.6 KickbackStop-functie

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
De KickbackStop-functie garandeert geen volledige bescherming tegen een terugslag.
- Werk altijd geconcentreerd en neem alle veiligheidsinstructies en waarschuwingen in acht.
Een terugslag tijdens het werk kan ertoe leiden dat de zaag onbedoeld opgelicht wordt.
De zaag herkent bij het werk een onbedoeld oplichten (terugslag) van het werkstuk of van een rail en activeert een snelremming van het zaagblad.
Het gevaar van een terugslag wordt daarmee verminderd. Het kan echter niet volledig uitgesloten worden.
Status-LED KickbackStop-functie
Verf Betekenis
| Groen KickbackStop-functie is actief. | |
| Rood knipperend De KickbackStop-functie werd geactiveerd. | |
| Rood, oranje of uit. | KickbackStop-functie is defect.► Accu ontkoppelen.► Contact opnemen met de klantenservice. |
8.7 Handeling na geactiveerde KickbackStopfunctie
▶ De aan-/uitschakelaar [1-7] loslaten en wachten tot de status-LED KickbackStop-functie [1-17] niet meer knippert.
- Redenen voor de terugslag vaststellen en verhelpen.
- Apparaat op beschadigingen controleren.
9 Onderhoud en verzorging

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
- Verwijder vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd de accu uit de elektrische machine.
- Laat alle onderhouds- en reparatiewerkzaamheden waarvoor het vereist is om de motorbehuizing te openen alleen in een geautoriseerde onderhoudswerkplaats uitvoeren.
Klantenservice en reparaties mogen alleen door de fabrikant of door servicewerkplaatsen uitgevoerd worden. Alleen originele Festool-reserveonderdelen gebruiken.
Meer informatie: www.festool.nl/service

Een regelmatige reiniging van de machine, vooral van de afstelinrichtingen en de geleiders, vormt een belangrijke veiligheidsfactor.
De volgende aanwijzingen in acht nemen:
▶ Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen, bijv. een defecte hendel voor de gereedschapswisseling [1-3], moeten op deskundige
Nederlands
wijze in een erkende en gespecialiseerde werkplaats gerepareerd en vervangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is.
- Zorg ervoor dat de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon zijn om de luchtcirculatie te waarborgen.
- Om splinters en spanen uit het elektrische gereedschap te verwijderen, dienen alle openingen te worden schoongezogen. Open nooit de beschermende kap.
- De pendelbeschermkap moet altijd vrij kunnen bewegen en zelfstandig kunnen sluiten. De ruimte om de pendelbeschermkap altijd schoonhouden. Stof en spanen met behulp van perslucht uit de beschermkap blazen of verwijderen met een kwast.
▶ De aansluitcontacten van het elektrische gereedschap, oplaadapparaat en accupack schoon houden. - Bij werkzaamheden met gips- en cementgebonden vezelplaten het apparaat bijzonder grondig reinigen. Reinig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap en de aan-/uit-schakelaar met droge en olievrije perslucht. Anders kan zich gipshoudend stof in de behuizing van het elektrische gereedschap en op de aan-/uit-schakelaar afzetten en in verbinding met luchtvochtigheid uitharden. Dat kan tot nadelige beïnvloeding van het schakelmechanisme leiden.
10 Accessoires
Alleen door Festool toegelaten accessoires en verbruiksmateriaal gebruiken. Zie www.festool.nl.
Door gebruik van andere accessoires en verbruiksmateriaal kan de elektrische machine onveilig worden, hetgeen tot ernstige ongelukken kan leiden.
10.1 Zaagbladen, overige accessoires
Om uiteenlopend materiaal snel en zuiver te kunnen zagen biedt Festool voor alle werkzaamheden zaagbladen aan die speciaal op Festool zagen zijn afgestemd.
10.2 Geleiderail
De geleiderail maakt precieze, zuivere zaagsneden mogelijk en beschermt tegelijkertijd het oppervlak van het werkstuk tegen beschadiging.
In combinatie met de omvangrijke accessoires kunnen met het geleidesysteem exacte hoekzaagsneden, verstekzaagsneden en inpaswerkzaamheden worden uitgevoerd. De bevestigingsmogelijkheid met behulp van lijmklemmen [8-7] zorgt voor een stevig houvast en voor veilig werken.
- Speling van de zaagtafel op de geleiderail met de beide instelgeleiders [8-8] instellen.
Voor het eerste gebruik van de geleiderail de splinterbescherming [8-5] inzagen:
- zaag met de gehele geleideplaat aan het achtereinde van de geleiderail plaatsen,
- de zaag in de 0°-stand draaien en de maximale zaagdiepte instellen,
▶ De zaag inschakelen.
▶ De splinterbescherming langzaam zonder onderbreking over de gehele lengte aanzagen.
☑ De rand van de splinterbescherming komt nu precies overeen met de snijrand.
Leg de geleiderail voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afvalhout.
10.3 Afkortrail
De afkortrail is conform de bepalingen geschikt voor het zagen van hout en plaatmateriaal.
De afkortrail maakt precieze en schone sneden mogelijk, met name hoekzaagsneden kunnen eenvoudig en telkens opnieuw worden uitgevoerd. De zaag beweegt na het zagen automatisch terug in de uitgangspositie.
Neem de gebruiksaanwijzing van de afkortrail FSK in acht.
11 Milieu

Elektrische machine, gebruikte batterijen en accu's niet met het huisvuil weggooien. De apparaten, accessoires en verpakkingen op
milieuvriendelijke wijze afvoeren. De nationale voorschriften in acht nemen.
Gebruikte batterijen, accu's en lampen vóór verwijdering op een niet-vernielende wijze van het elektrische apparaat scheiden. Daardoor kunnen ze efficiënt gerecycled worden.
Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd.
Informatie over de inzamelpunten vind je op www.festool.com/environment.
Informatie over kritische stoffen: www.festool.nl/reach
12 Algemene aanwijzingen
12.1 Informatie over gegevensbeveiliging
Het elektrische gereedschap bevat een chip voor de automatische opslag van machine- en gebruiksgegevens. De opgeslagen gegevens hebben geen betrekking op personen.
De gegevens kunnen met speciale apparaten contactloos uitgelezen worden en worden door Festool uitsluitend gebruikt voor de storingsdiagnose, reparatie- en garantieafwikkeling alsmede voor de verbetering van de kwaliteit of de verdere ontwikkeling van het elektrische gereedschap. Zonder uitdrukkelijke toestemming van de klant worden de gegevens niet voor andere doeleinden gebruikt.
12.2 Bluetooth®
Het woordmerk Bluetooth® en de logo's zijn geregistreerde merken van Bluetooth SIG, Inc. en worden door TTS Tooltechnic Systems AG & Co. KG en dus door Festool onder licentie gebruikt.
12.3 Licentieaanwijzingen
Licentieaanwijzingen over de eventueel in het product gebruikte Open Source-licenties zijn te vinden in de Festool App* onder Informatie > Opensourcelicenties voor elektrische gereedschappen.
* Niet voor elk land beschikbaar.



