GH 370 S - Mechanische hakselaar STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GH 370 S STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GH 370 S STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Mechanische hakselaar in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GH 370 S - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GH 370 S van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING GH 370 S STIHL
Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoeften van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting.
STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding.
Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wensen u veel plezier met uw STIHL product.

Dr. Nikolas Stihl
BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOORLEZEN EN BEWAREN.
1. Inhoudsopgave
Over deze gebruiksaanwijzing 68
Algemeen 68
Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 68
Beschrijving van het apparaat 68
Voor uw veiligheid 69
Algemeen 69
Tanken – omgaan met benzine 70
Kleding en uitrusting 70
Transport van het apparaat 70
Vóór het werken 71
Tijdens het werken 71
Onderhoud en reparaties 73
Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen 74
Afvoer 74
Toelichting van de symbolen 75
Leveringsomvang 75
Apparaat klaarmaken voor gebruik 75
Uitwerpverlenging monteren 76
Wielen en onderstel monteren 76
Uitworpklep monteren 76
Uitworpklep openen en sluiten 76
Messenschijf monteren 76
Messenschijf demonteren 76
Vultrechter monteren 76
Vultrechter demonteren 76
Brandstof en motorolie 77
Aanwijzingen voor werken 77
Werkgebied van de gebruiker 77
Welk materiaal kan er worden verwerkt? 77
Welk materiaal kan niet worden verwerkt? 77
Maximale diameter van de takken 77
Vullen van de tuinhakselaar 77
Juiste belasting van het apparaat 78
Veiligheidsvoorzieningen 78
Motorstop 78
Beschermkappen 78
Apparaat in gebruik nemen 78
Verbrandingsmotor starten 78
Verbrandingsmotor uitschakelen 78
Hakselen 78
Onderhoud 79
Verbrandingsmotor 79
Apparaat reinigen 79
Messen onderhouden 80
Onderhoud van de V-riem 81
Motorolie verversen 81
Opslag en winterpauze 81
Transport 82
Tuinhakselaar trekken of duwen 82
Tuinhakselaar optillen of dragen 82
Tuinhakselaar op een laadoppervlak transporteren 82
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 82
Standaard reserveonderdelen 83
Milieubescherming 83
Conformiteitsverklaring 83
EU-conformiteitsverklaring Tuinhakselaar STIHL GH 370.1 S 83
2. Over deze gebruiksaanwijzing
2.1 Algemeen
Deze gebruiksaanwijzing is een originele gebruiksaanwijzing van de fabrikant in de zin van de EG-richtlijn 2006/42/EC.
STIHL werkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering zijn daarom voorbehouden.
Op basis van gegevens of afbeeldingen uit dit boekje kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaakt.
Het is mogelijk dat in deze gebruiksaanwijzing modellen worden beschreven die niet in elk land verkrijgbaar zijn.
Deze gebruiksaanwijzing is auteursrechtelijk beschermd. Alle rechten blijven voorbehouden, met name het recht op het kopiëren, vertalen en het verwerken met elektronische systemen.
2.2 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing
Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen.
Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht.
Kijkrichting:
Kijkrichting bij gebruik links en rechts in de gebruiksaanwijzing:
De gebruiker staat achter het apparaat (werkstand).
Hoofdstukverwijzing:
Naar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg wordt met een pijltje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzing naar een hoofdstuk: (⇔ 7.1)
Markeringen van tekstpassages:
De beschreven aanwijzingen kunnen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zijn.
Handelingen waarbij ingrijpen van de gebruiker vereist is:
- Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ...
Algemene opsommingen:
- productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementen
Teksten met aanvullende betekenis:
Tekstpassages met aanvullende betekenis zijn met één van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren.

Gevaar!
Gevaar voor ongevallen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen zijn noodzakelijk of verboden.

Waarschuwing!
Kans op letsel. Bepaalde handelingen voorkomen mogelijk of waarschijnlijk letsel.

Voorzichtig!
Minder ernstig letsel of materiële schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen.

Aanwijzing
Informatie voor een beter apparaatgebruik en om een mogelijk oneigenlijk gebruik te vermijden.
Teksten met afbeeldingverwijzing:
afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaanwijzing.
Het camerasymbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing.

3. Beschrijving van het apparaat
1 Vultrechter
2 Verbrandingsmotor
3 Bougiestekker
4 Wiel
5 Wielvoet
6 Uitwerpschacht
7 Afsluitschroeven
8 Aan/uit-knop
9 Typeplaatje met machinenummer

4. Voor uw veiligheid
4.1 Algemeen

Tijdens de werkzaamheden met het apparaat moeten de voorschriften ter preventie van ongevallen beslist in acht
worden genomen.

Lees vóór de eerste inbedrijfstelling de hele gebruiksaanwijzing goed door. Bewaar de gebruiksaanwijzing
voor later gebruik zorgvuldig op een veilige plaats.
Volg de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
Deze veiligheidsmaatregelen zijn onontbeerlijk voor uw veiligheid, maar deze opsomming is niet uitputtend.
Gebruik het apparaat altijd verstandig en met verantwoordelijkheidsgevoel, en denk erom dat de gebruiker aansprakelijk wordt gesteld voor ongevallen met andere personen of voor schade aan hun eigendommen.
Maak u vertrouwd met de bedieningsonderdelen en het gebruik van de machine.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en die met de bediening van het apparaat vertrouwd zijn. Elke gebruiker moet vóór de eerste ingebruikname vragen om een deskundige en praktische instructie. De verkoper of een andere deskundige moet aan de gebruiker uitleggen, hoe hij veilig met het apparaat kan werken.
Bij deze instructie moet de gebruiker er vooral bewust van worden gemaakt dat voor het werken met dit apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie vereist zijn.
Ook wanneer u het apparaat volgens de voorschriften bedient, blijven er risico's bestaan.

Levensgevaar door verstikking! Verstikkingsgevaar voor kinderen bij het spelen met verpakkingsmateriaal. Houd verpakkingsmateriaal altijd buiten het bereik van kinderen.
Leen het apparaat inclusief accessoires alleen uit aan personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zijn. De gebruiksaanwijzing is onderdeel van het apparaat en moet altijd worden meegegeven.
Gebruik het apparaat alleen als u uitgerust bent en een goede lichamelijke en geestelijke conditie hebt. Als u een verminderde gezondheid heeft, dient u uw arts te vragen of u met het apparaat kunt werken. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beïnvloeden, mag niet met het apparaat worden gewerkt.
Controleer of de gebruiker lichamelijk, zintuigelijk en geestelijk in staat is om het apparaat te bedienen en ermee te werken. Als de gebruiker met lichamelijke, zintuigelijke of geestelijke beperkingen daartoe in staat is, mag de gebruiker er alleen onder toezicht of na instructie door een verantwoordelijke persoon mee werken.
Controleer of de gebruiker meerderjarig is of conform nationale regelgeving onder toezicht voor een beroep wordt opgeleid.
Opgelet – Gevaar voor ongevallen!
STIHL-tuinhakselaars zijn geschikt voor het klein hakken van takken en plantenresten. Een andere toepassing is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben.
U mag de tuinhakselaar niet gebruiken (onvolledige opsomming):
- voor het kleinsnijden van andere materialen (zoals glas of metaal).
- voor werkzaamheden die niet in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven.
- voor de productie van levensmiddelen (zoals het klein hakken van ijs of het maken van druivenpulp).
Om veiligheidsredenen is het verboden wijzigingen aan het apparaat aan te brengen, behalve als het gaat om vakkundige montage van accessoires die door STIHL zijn goedgekeurd. Andere wijzigingen leiden tot het vervallen van uw garantie. Neem voor informatie over goedgekeurde accessoires contact op met uw STIHL vakhandelaar.
Vooral elke wijziging aan het apparaat waardoor het vermogen of het toerental van de verbrandingsmotor of de elektromotor wordt veranderd, is verboden.
Vervoer geen voorwerpen, dieren of personen, met name kinderen, met het apparaat.
Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan.
4.2 Tanken – omgaan met benzine

Levensgevaarlijk!
Benzine is giftig en in hoge mate ontvlambaar.
Bewaar de brandstof uitsluitend in geschikte en goedgekeurde reservoirs (jerrycans). Schroef de tankdoppen van de jerrycans altijd goed erop en draai de doppen stevig vast. Om veiligheidsredenen moeten defecte afsluitingen worden vervangen.
Gebruik geen drankflessen of soortgelijke zaken om brandstoffen en smeermiddelen af te voeren of op te slaan, zoals bijv. benzine. Personen, met name kinderen, zouden in de verleiding kunnen komen om eruit te drinken.

Houd benzine uit de buurt van vuur, permanent vuur, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken!
Tank alleen in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken.
Schakel de verbrandingsmotor voor het bijtanken uit en laat deze afkoelen.
De benzine moet vóór het starten van de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Bij een draaiende verbrandingsmotor of hete machine mag de tankdop niet worden geopend en mag er geen benzine worden bijgevuld.
Tank de brandstoftank niet te vol!
Vul de brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulplug, zodat de brandstof ruimte heeft om uit te zetten. Volg ook de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor op.


Als er benzine is overgelopen, mag u de verbrandingsmotor pas starten nadat u het met benzine verontreinigde oppervlak hebt gereinigd. Start de verbrandingsmotor niet voordat de benzinedampen zijn verdampt (droog vegen).
Gemorste brandstof moet meteen worden afgeveegd.
Verwissel van kleding als er benzine op is gemorst.
Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden.
Als de tank moet worden geleegd, moet dit in de buitenlucht worden uitgevoerd.
4.3 Kleding en uitrusting

Draag tijdens werkzaamheden altijd stevige schoenen met grip. Werk nooit op blote voeten of eld op sandalen.

Draag altijd leren veiligheidshandschoenen met een gesloten manchet tijdens het werk en vooral ook bij
onderhoudswerkzaamheden en bij het vervoer van het apparaat.

Draag tijdens de werkzaamheden altijd een veiligheidsbril en gehoorbescherming. Draag
deze bril tijdens de gehele duur van de werkzaamheden.

Tijdens het werken met het apparaat geschikte en nauwsluitende kleding dragen, dat wil zeggen overall, geen
stofjas. Draag tijdens het werken met het apparaat geen sjaal, stropdas, sieraden, hangende linten of koorden of andere afstaande kledingstukken.
U dient tijdens de gehele duur van de werkzaamheden en bij alle werkzaamheden aan het apparaat lang haar samen te binden en te bedekken (met een hoofddoek, muts, enz.).
4.4 Transport van het apparaat
Werk uitsluitend met
veiligheidshandschoenen (⇒ 4.3) aan om letsel door scherpe randen en hete onderdelen van het apparaat te voorkomen.
Het apparaat niet met draaiende verbrandingsmotor verplaatsen. Schakel voor het transport de verbrandingsmotor uit, laat de messen uitlopen en trek de bougiestekker los.
Transporteer het apparaat alleen met een afgekoelde verbrandingsmotor en zonder brandstof.
Transporteer het apparaat alleen met volgens de voorschriften gemonteerde vultrechter.
Gevaar voor letsel door vrijliggende messen!
Let met name bij het kantelen op het gewicht van het apparaat.
Gebruik voor het laden geschikte hulpmiddelen (takel of laadhelling).
Maak met geschikte
bevestigingsmaterialen (gordels, kabels, enz.) het apparaat op het laadoppervlak vast aan de bevestigingspunten, die in deze gebruiksaanwijzing beschreven zijn. (⇔ 12.3)
Machine alleen stapvoets trekken of duwen. Niet wegslepen!
Houd u bij het transport van het apparaat aan de plaatselijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadoppervlakken.
4.5 Vóór het werken
Het moet duidelijk zijn, dat er alleen personen met het apparaat werken die de gebruiksaanwijzing kennen.
Verwijder voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt het verpakkingsmateriaal en de transportvergrendelingen.
Controleer het brandstofsysteem vóór ingebruikname van het apparaat op lekkage, met name de zichtbare onderdelen, zoals bijv. tank, tankdop, slangverbindingen. Verbrandingsmotor bij lekkage of schade niet starten –
Brandgevaar!
Apparaat vóór ingebruikname door vakhandelaar laten repareren.
Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparatuur met verbrandingsmotor of elektromotor in acht.
Vóór het gebruik van het apparaat moeten alle defecte, versleten en beschadigde onderdelen worden vervangen. Onleesbare of beschadigde waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat moeten worden vervangen. Stickers en alle verdere vervangingsonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw STIHL vakhandelaar.

Kans op letsel!
Versleten of beschadigde onderdelen (zoals botte messen) kunnen de veiligheid van het apparaat aantasten en letsel veroorzaken bij de gebruiker.
Vóór de inbedrijfstelling moet het volgende worden gecontroleerd en verzekerd:
- De afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen zitten op hun plaats en verkeren in onberispelijke staat.
- Alle brandstofvoerende onderdelen op de verbrandingsmotor zijn aanwezig en in orde (niet lek).
– De tank is in orde (niet lek). - De behuizing en de snijvoorziening (messen, messenas, messenschijven, enz.) zijn niet versleten of beschadigd.
- Er bevindt zich geen hakselgoed meer in het apparaat en de vultrechter is leeg.
- Alle bouten, moeren en andere bevestigingselementen zijn aanwezig of aangehaald. Losgemaakte bouten en moeren moeten voor de ingebruikstelling worden aangehaald (houd het aanhaalmoment aan).
Gebruik het apparaat alleen buiten en niet bij een muur of een ander vast voorwerp, om de kans op letsel en schade te verkleinen (geen uitwijkmogelijkheden voor de gebruiker, glasbreuk in ruiten, krassen op auto's, enz.).
Zet het apparaat stevig op een vlakke en vaste ondergrond.
Gebruik het apparaat niet op een geplaveid of met grind bedekt oppervlak, want uitgeworpen of omhoog geslingerd materiaal kan dan verwondingen veroorzaken.
Zorg elke keer vóór de ingebruikname ervoor dat het apparaat conform de voorschriften is afgesloten. (⇒ 7.7)
De op het apparaat geïnstalleerde schakel- en veiligheidsinrichtingen mogen niet worden verwijderd of overbrugd.
4.6 Tijdens het werken

Werk nooit als er zich dieren of personen, in het bijzonder kinderen, binnen het gevaarlijke gebied bevinden.
Werk niet met het apparaat bij regen, onweer en met name niet bij blikseminslaggevaar.
Bij een vochtige ondergrond is er meer gevaar voor letsel, omdat de gebruiker minder stabiel staat. Om uitglijden te voorkomen moet er bijzonder voorzichtig worden gewerkt. Indien mogelijk het apparaat niet op een vochtige ondergrond gebruiken.
Werk alleen bij daglicht of bij goede kunstverlichting.
Het werkgebied moet tijdens de gehele duur van de werkzaamheden schoon en in orde worden gehouden. Verwijder voorwerpen met struikelgevaar, zoals stenen, takken, kabels enz.
De standplaats van de gebruiker mag niet hoger dan de standplaats van het apparaat zijn.
Uitlaatgassen:

Levensgevaar door vergiftiging! Stop onmiddellijk met werken bij misselijkheid, hoofdpijn, zichtstoornissen (bijv. blikvernauwing), slecht horen, duizeligheid of een verminderd concentratievermogen. Deze symptomen kunnen onder andere door een te hoge concentratie uitlaatgassen worden veroorzaakt.

Het apparaat genereert giftige uitlaatgassen zodra de verbrandingsmotor is ingeschakeld. Deze gassen
bevatten giftig koolmonoxide, een kleuren reukloos gas, en andere schadelijke stoffen. De verbrandingsmotor mag nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes in werking worden gezet.
Stel de machine zo op, dat de uitlaatgassen tijdens het werken niet in uw gezicht waaien.
Starten:
Voor het starten het apparaat in een stabiele stand brengen en rechtop neerzetten. Het apparaat mag in geen geval liggend in gebruik worden genomen.
Niet aan de startkabel trekken als de machine niet goed gesloten is en de messen vrijliggen.
Gevaar voor letsel door draaiende messen!
Start het apparaat voorzichtig - de aanwijzingen in het hoofdstuk "Apparaat in gebruik nemen" (⇒ 10.) opvolgen. Bij het starten volgens deze instructies is er minder kans op letsel.
Kans op letsel!
Wanneer de startkabel snel terugspringt, worden hand en arm sneller naar de
verbrandingsmotor getrokken, dan dat de startkabel kan worden losgelaten. Deze kickback kan botbreuken, kneuzingen en verstuikingen veroorzaken.
Blijf bij het starten van de verbrandingsmotor of het inschakelen van de elektromotor uit de buurt van de uitwerpopening. Er mag geen hakselmateriaal in de tuinhakselaar aanwezig zijn als deze wordt gestart of ingeschakeld. Hakselmateriaal kan eruit worden geslingerd en letsel veroorzaken.
Bij het starten mag het apparaat niet worden gekanteld.
Werken:

Kans op letsel!
Houd handen of voeten nooit boven, onder of tegen draaiende onderdelen.
Houd na het starten van het apparaat nooit het gezicht of andere lichaamsdelen boven de vultrechter en vóór de uitworpopening. Houd uw hoofd en lichaam nooit dicht bij de vulopening.

Grijp nooit met de handen, andere lichaamsdelen of kleding in de vultrechter of de uitworpschacht. Er heerst groot
verwondingsgevaar voor de ogen, het gezicht, vingers, hand enz.
Zorg altijd voor een goed evenwicht en een stabiele houding. U mag zich niet naar voren strekken.
De gebruiker moet voor het vullen in het beschreven werkgebied van de bediener staan. Blijf tijdens de gehele duur van de werkzaamheden altijd in het werkgebied en in geen geval in de uitworpzone. (⇒ 8.1)
Gevaar van letsel!
Hakselmateriaal kan tijdens het gebruik terug naar boven toe geslingerd worden. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen aan gezicht, ogen en handen. Draag daarom een veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen (⇒ 4.3) en houd het hoofd uit de buurt van de vulopening.
Kantel het apparaat nooit als de verbrandingsmotor of de elektromotor draait.
Als het apparaat tijdens het gebruik omvalt, moet u direct de verbrandingsmotor uitschakelen en de bougiestekker eruit trekken.
Let erop, dat in de uitwerpschacht geen hakselmateriaal achterblijft, omdat dit tot een slecht snijresultaat of terugslagen kan leiden.
Let er bij het vullen van de tuinhakselaar vooral op, dat geen vreemde voorwerpen zoals metalen voorwerpen, stenen, kunststof, glas, enz. in de hakselkamer kunnen komen, omdat deze beschadigingen en terugslagen uit de vultrechter kunnen veroorzaken.

Kans op letsel!
De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugschietend hakselgoed en vreemde voorwerpen. Houd vreemde voorwerpen uit de buurt van het apparaat en verwijder verstoppingen onmiddellijk.

Kans op letsel!
Bij het vullen van de tuinhakselaar met takken kunnen er terugslagen ontstaan. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugsland hakselgoed. Draag veiligheidshandschoenen en een veiligheidsbril (⇒ 4.3)!
Schakel de verbrandingsmotor uit,
- voordat u het apparaat kantelt, duwt of trekt,
- voordat u de afsluitschroeven losdraait en het apparaat opent,
- voordat u bijtankt. Tank alleen wanneer de verbrandingsmotor volledig is afgekoeld.
Brandgevaar!

Houd rekening met de uitloop van het snijgereedschap. Het duurt enkele seconden voordat het snijgereedschap helemaal tot stilstand is gekomen.
Schakel de verbrandingsmotor uit, trek de bougiestekker eruit en laat alle draaiende gereedschappen tot stilstand komen.
– vooraleer u het apparaat achterlaat,
- voordat u het apparaat optilt en draagt,
- voordat u het apparaat transporteert,
- voordat u blokkades opheft of
verstoppingen bij de snijeenheid, in de
vultrechter of in het uitwerpkanaal
verwijdert;
- voordat er werkzaamheden aan de snijeenheid worden verricht,
- voordat het apparaat getest of gereinigd wordt of voordat sommige werkzaamheden uitgevoerd worden.
Indien in het snijgereedschap vreemde voorwerpen geraken, indien het apparaat vreemde geluiden maakt of vreemde trillingen vertoont, schakel dan onmiddellijk de motor af en laat het apparaat uitlopen. Trek de bougiestekker uit, verwijder de vultrechter en volg de volgende stappen:
- Controleer het apparaat, in het bijzonder de snijeenheid (messen, messenschijf, mesbout) op beschadigingen en laat noodzakelijke herstellingen door een vakman uitvoeren voordat u het apparaat opnieuw start en ermee aan de slag gaat.
- Controleer of alle onderdelen van de snijeenheid stevig vastzitten en draai de schroeven eventueel opnieuw aan (koppels aanhouden).
- Laat de beschadigde onderdelen door een vakman vervangen of herstellen, waarbij de onderdelen een bewezen gelijkwaardige kwaliteit dienen te hebben.
4.7 Onderhoud en reparaties
Voorafgaand aan reinigings-, instel-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden:
- apparaat op een vaste, vlakke ondergrond zetten,
- verbrandingsmotor uitschakelen en laten afkoelen,
• bougiestekker lostrekken.
Opgelet – Kans op letsel!
Houd de bougiestekker uit de buurt van de bougie; een plotseling ontstane vonk kan leiden tot brand of een stroomschok.

Als de bougie per ongeluk in contact komt met de bougiestekker, kan de verbrandingsmotor aanslaan zonder dat dit de bedoeling is.
Vooral voor werkzaamheden rondom de verbrandingsmotor, het uitlaatspruitstuk en de geluiddemper eerst laten afkoelen. De temperaturen kunnen tot 80 °C en meer oplopen. Kans op brandwonden!
Direct contact met motorolie kan gevaarlijk zijn; ook mag motorolie niet worden gemorst.
STIHL adviseert het bijvullen of verversen van motorolie door een STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren.
Reiniging:
na gebruik moet het gehele apparaat zorgvuldig worden gereinigd. (⇒ 11.2)
Gebruik nooit hogedrukreinigers en reinig het apparaat niet onder stromend water (bijvoorbeeld met een tuinslang).
Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen. Dergelijke reinigingsmiddelen kunnen kunststoffen en metalen zodanig beschadigen dat de veiligheid van uw STIHL apparaat mogelijk in het geding komt.
Om brandgevaar te voorkomen, moet u de gebieden rond de koelluchtopeningen, koelvinnen en rondom de uitlaat vrij houden van bijv. gras, stro, mos, bladeren of uitstromend vet.
Onderhoudswerkzaamheden:
Er mogen alleen onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze gebruiksaanwijzing vermeld staan. Alle andere werkzaamheden dient u door een vakhandelaar te laten uitvoeren. Neem altijd contact op met een vakhandelaar als u niet over de vereiste
kennis en gereedschappen beschikt. STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend door de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren. STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
Gebruik uitsluitend gereedschappen, accessoires of combi-apparaten die voor dit apparaat door STIHL zijn goedgekeurd of technisch gelijkwaardige onderdelen, om de kans op ongevallen met letsel of schade aan het apparaat te voorkomen. Neem bij vragen contact op met een vakhandelaar.
Originele STIHL gereedschappen, accessoires en vervangingsonderdelen zijn wat betreft hun eigenschappen optimaal op het apparaat en de behoeften van de gebruiker afgestemd. Originele STIHL vervangingsonderdelen zijn herkenbaar aan het STIHL onderdeelnummer, het STIHL logo en eventueel het STIHL symbool op de onderdelen. Op kleine onderdelen kan ook alleen het teken staan.
Om veiligheidsredenen moeten brandstofbevattende onderdelen (brandstofleiding, brandstofkraan, brandstoftank, tankdop, aansluitingen enz.) regelmatig op beschadigingen en lekkages worden geïnspecteerd en indien nodig door een erkende vakman worden vervangen (STIHL raadt de STIHL vakhandelaar aan).
Houd waarschuwings- en instructiestickers altijd leesbaar en schoon. Beschadigde of verloren gegane stickers moeten via uw STIHL vakhandelaar door nieuwe originele stickers worden vervangen. Let er bij het vervangen van een onderdeel door een nieuw onderdeel op dat het nieuwe onderdeel van dezelfde stickers is voorzien.
Werk aan de snijeenheid uitsluitend met veiligheidshandschoenen ( 4.3) en met de uiterste voorzichtigheid.
Zorg dat alle moeren, bouten en schroeven, met name alle schroeven in de snijeenheid, goed zijn vastgedraaid, zodat u de machine veilig kunt gebruiken.
Inspecteer het gehele apparaat op gezette tijden, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat (bijv. voor de winterpauze), op slijtage en beschadigingen. Versleten of beschadigde onderdelen moeten om veiligheidsredenen direct worden vervangen, om ervoor te zorgen dat het apparaat altijd in veilige staat is.
Wijzig de instellingen van de verbrandingsmotor nooit en jaag deze niet over zijn toeren.
Als onderdelen of veiligheidsvoorzieningen voor onderhoudswerkzaamheden zijn verwijderd, moeten deze weer meteen en correct worden aangebracht.
4.8 Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen
Laat de verbrandingsmotor afkoelen voordat u het apparaat in een afgesloten ruimte plaatst.
Bewaar het apparaat met een lege tank en de brandstofvoorraad in een afsluitbare en goed geventileerde ruimte.
Controleer of het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) is beveiligd.
Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden.
Als de tank moet worden afgetapt (b v. stilleggen voor de winterpauze), mag de brandstoftank uitsluitend in de open lucht worden geledigd (tank b v. in de open lucht leegrijden door de verbrandingsmotor te laten draaien).
Reinig het apparaat voor het opslaan (bijv. winterpauze) grondig.
Apparaat alleen met uitgetrokken bougiestekker bewaren.
Sla het apparaat in een veilige staat op.
Tuinhakselaar alleen met gemonteerde vultrechter opslaan.
Gevaar voor letsel door vrijliggende messen!
4.9 Afvoer
Afvalproducten zoals gebruikte olie of brandstof, gebruikte smeermiddelen, filters, accu's en soortgelijke slijtageonderdelen zijn slecht voor mensen en dieren en kunnen het milieu beschadigen. Ze moeten derhalve op de juiste wijze worden afgevoerd.
Neem contact op met het recyclingcenter of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de daarvoor bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval wordt
verwerkt. Verwijder om ongevallen te voorkomen vooral de bougiekabel, maak de tank leeg en tap de motorolie af.
Gevaar voor letsel door de messen! Laat ook een uitgediende tuinhakselaar nooit zonder toezicht achter. Bewaar de machine en in het bijzonder alle messen altijd buiten het bereik van kinderen.
5. Toelichting van de symbolen

Opgelet!
Lees vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing en de veiligheidsinstructies en volg deze op.

Kans op letsel!
Houd andere personen uit de gevarenzone.

Gevaar voor letsel!
Gevaar voor letsel door ronddraaiende onderdelen.

Opgelet!
Trek vóór onderhouds- of reinigingswerkzaamheden de bougiestekker los.

Draag gehoorbescherming!
Draag een veiligheidsbril!
Draag veiligheidshandschoenen!

Gevaar voor letsel!
Grijp nooit met de handen, andere lichaamsdelen of kleding in de vultrechter of de uitworpschacht.

Kans op letsel!
Niet op het apparaat stappen.
6. Leveringsomvang

Pos. Omschrijving Stk.
| A Vultrechter | 1 | |
| B Basisapparaat | 1 | |
| C Wielvoet | 1 | |
| D Uitwerpklep | 1 | |
| E | Uitworpverlenging | 1 |
| F | Staaf | 1 |
| G | Wiel | 2 |
| H Wielkap | 2 | |
| I | Messenschijf | 1 |
| J | Torxschroef | 5 |
| P5x20 | ||
Pos. Omschrijving Stk.
K1 Moer M10 2
K2 Borgmoer M8 2
L1 Ring 2
L2 Ring A10 2
M Torxschroef 1 P5x50
N Bout met vlakke kop 2 M8x45
O Zeskantbout 1 M10x55
P Borgring 1
Q Afsluitschroef 2
R Wielbout 2
S Pin 2
T Deflector 1
U Bovenste afstandsring 1
V Onderste afstandsring 1
W Beschermkap 1
X Montagegereedschap 1
Y Torx-sleutel 1
Z Combinatiesleutel 1
• Gebruiksaanwijzing 1
- Gebruiksaanwijzing 1 Verbrandingsmotor
7. Apparaat klaarmaken voor gebruik

Gevaar voor letsel!
Neem de veiligheidsaanwijzingen in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" (⇒ 4.)in acht.
- Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.
7.1 Uitwerpverlenging monteren

- Uitworpverlenging (E) op het basisapparaat steken en schroeven (J) vastdraaien (1 - 2 Nm).
7.2 Wielen en onderstel monteren

- Wielen (G) links en rechts met wielbouten (R), ring (L1), ring (L2) en moer (K1) aan de wielvoet (C) bevestigen.
• Druk de wielkappen (H) op de wielen. - Wielvoet op vlakke, vaste ondergrond plaatsen, zoals op de afbeelding, en basisapparaat (B) erop plaatsen.
- Platkopbouten (N) aan de linkerkant insteken en borgmoeren (K2) erop draaien, maar niet helemaal vastdraaien.
Torx-bout (M) aan de rechterkant indraaien (1 - 2 Nm).
- Moeren (K2) vastschroeven (10 - 12 Nm).
7.3 Uitworpklep monteren

- Tuinhakselaar naar achteren omdraaien.
- Lijst (F) in de uitworpverlenging plaatsen. Schroeven (J) vastdraaien (1 - 2 N m).
• Tuinhakselaar neerzetten. - Uitworpklep (D) op de uitworpverlenging plaatsen. Let er bij het monteren op dat de ribben (1) links en rechts aan de binnenzijde van de klep precies in de geleidegroef van de uitworpverlenging (2) vallen.
- Pen (S) links en rechts erin drukken.
7.4 Uitworpklep openen en sluiten

Open de uitworpklep:
- voordat u begint met hakselen moet u de uitworpklep (D) omhoog klappen en de sluitbeugel (1) in de uitworpverlenging vastklikken.
Uitworpklep sluiten:
- wanneer u het apparaat wilt transporteren of op een plaatsbesparende manier wilt opslaan, moet u de sluitbeugel (1) licht optillen en de uitworpklep (D) omlaag klappen.
7.5 Messenschijf monteren


Neem de montagevolgorde en het aanhaalmoment van 52 - 60 Nm in acht.
Zorg er bij de montage voor dat de bovenste afstandsring (U) zich in de juiste positie ten opzichte van beide messen bevindt.
- Beschermkap (W), onderste afstandsring (V), messenschijf (I), bovenste afstandsring (U), deflector (T), borgring (P) op meshouder plaatsen en schroef (O) aanbrengen.
- Gebruik het montagegereedschap (X) om de messenschijf tegen te houden. Draai de bout (O) met de combisleutel (Z) in en haal deze met een aanhaalmoment van 52 - 60 Nm aan.
7.6 Messenschijf demonteren

- Gebruik het montagegereedschap (X) om de messenschijf tegen te houden.
- Bout (O) met combisleutel (Z) losdraaien.
- Bout (O), borgring (P), deflector (T), bovenste afstandsring (U) en messenschijf (I) wegnemen.
7.7 Vultrechter monteren


De afsluitschroeven (Q) zijn na de eerste montage met een bescherming tegen verlies met de vultrechter verbonden.
- Afsluitschroeven (Q) op het sleufgat van de vultrechter plaatsen en volledig indraaien.
- Vultrechter (A) aan het scharnier (1) op het basisapparaat monteren en naar voren zwenken.
- Draai beide sluitbouten (Q) gelijktijdig aan.
7.8 Vultrechter demonteren

- De twee afsluitschroeven (Q) 11 zover losdraaien, tot deze losgaan. De twee schroeven blijven op de vultrechter
- Klap de vultrechter (A) naar achteren en verwijder deze.
7.9 Brandstof en motorolie


Vul motorolie bij voordat u het apparaat voor de eerste keer start (⇒ zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
Motorolie
Gegevens over de te gebruiken motorolie en de vulhoeveelheid olie vindt u in de gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor. Controleer de inhoud regelmatig (⇒ zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). Zorg ervoor dat de olie niet onder of boven het juiste peil komt te staan.
Brandstof
Advies:
verse merkbrandstoffen, loodvrije benzine (⇒ zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). Gebruik voor het tanken een trechter (wordt niet meegeleverd). Neem de waarschuwingen in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" in acht. (⇒ 4.)
8. Aanwijzingen voor werken

Gevaar voor letsel!
Neem de
veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" in acht. (⇒ 4.)
De tuinhakselaar mag maar door één persoon worden gevuld.
8.1 Werkgebied van de gebruiker
- De gebruiker dient zich tijdens de totale duur van de
werkzaamheden (wanneer de elektromotor ingeschakeld is of de verbrandingsmotor draait) uit veiligheidsoverwegingen altijd in het werkgebied (grijs vlak X) op te houden, in het bijzonder om te voorkomen dat hij door teruggeworpen materiaal gewond raakt.
8.2 Welk materiaal kan er worden verwerkt?

De tuinhakselaar kan boom- of heggensnoeisel, en takken met veel of weinig vertakkingen verwerken.

Boom- en heggensnoeisel moet inmaximale takdiameter te verse toestand worden verwerkt, verkleinen.
omdat het hakselvermogen bij vers
hakselgoed hoger is dan bij uitgedroogd of nat materiaal De verwerking van droog hakselgoed verhoogt het ris terugslag. De gebruiker kan letsel oplopen door terugspringende takken.
Hoofdregel:
materialen die niet op de compost horen, mogen ook niet met de tuinhakselaar worden verwerkt.
8.4 Maximale diameter van de takken
Deze gegevens hebben betrekking op vers gesneden takken:
Maximumdiameter van de takken
GH 370 S: 45 mm

Voorzichtig!
Wanneer meerdere dunne takken tegelijk worden ingebracht, mag de som van de afzonderlijke takdiameters niet groter zijn dan de maximale takdiameter.
In het geval van droog of nat hakselgoed kan het nodig zijn de
_n maximale takdiameter te
verkleinen.
s

Gevaar voor letsel!
De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugspringende takken. Om letsel door terugslande takken te voorkomen, moet de tuinhakselaar op de juiste manier worden gevuld.
Let bij het vullen op de maximaal aangegeven diameter van de takken. Snoei takken met een sterke vertakking en verwijder zijscheuten. De grote vulopening dient uitsluitend voor een betere invoer van takken met veel zijtakken.

8.3 Welk materiaal kan niet worden verwerkt?

Stenen, glas, metaal (draad, spijkers ...) of kunststof mogen niet in de tuinhakselaar komen.

- Houd u bij het vullen van de tuinhakselaar binnen het werkgebied. (⇒ 8.1)
- Overschrijd de maximale diameter van de takken niet. (⇒ 8.4)
- Steek takken enigszins scheef in het apparaat en duw deze volgens het symbool op de linkerkant van de trechter tot aan de messenset naar binnen.
Het harde materiaal wordt daarbij automatisch door het apparaat naar binnen getrokken. Langere takken moeten bij het hakselen met de hand worden ondersteund en geleid.
8.6 Juiste belasting van het apparaat
De elektromotor of verbrandingsmotor van de tuinhakselaar mag maar zo zwaar belast worden dat het toerental niet te veel daalt. Vul de tuinhakselaar steeds gelijkmatig en continu. Daalt het toerental tijdens het werken met de tuinhakselaar, stop dan met bijvullen om de elektromotor of de verbrandingsmotor te ontlasten.
9. Veiligheidsvoorzieningen
9.1 Motorstop
De verbrandingsmotor resp. het snijgereedschap kan alleen bij een correct afgesloten vultrechter worden gestart.
Bij het losdraaien van de sluitbout aan de motorkant tijdens het bedrijf wordt het ontstekingscontact onderbroken en de verbrandingsmotor resp. het snijgereedschap komt na enkele seconden tot stilstand.
9.2 Beschermkappen
De tuinhakselaar is voorzien van beschermkappen in het vul- en uitworpgebied. Dit zijn de gehele vultrechter met bovenstuk en beschermkap, de uitworpverlenging en de uitworpklep.
De beschermkappen zorgen ervoor dat u tijdens het hakselen altijd op veilige afstand van de hakmessen blijft.
10. Apparaat in gebruik nemen

Gevaar voor letsel!
Lees vóór het in bedrijf stellen het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" zorgvuldig door en volg de instructies op. (⇔ 4.)
10.1 Verbrandingsmotor starten


- Controleer het olie- en brandstofpeil. (⇒ 7.9)
- Zet de schakelaar (1) in de stand I.
- Trek de startkabel (2) langzaam tot de compressorweerstand uit en trek de kabel vervolgens krachtig tot armlengte verder uit.
Haal de kabel langzaam terug, zodat deze correct door de startmotor wordt opgerold.
Herhaal het starten totdat de verbrandingsmotor loopt.
10.2 Verbrandingsmotor uitschakelen


stilstand.
- Zet de schakelaar (1) in stand O. De verbrandingsmotor of het snijgereedschap komt na een korte uitlooptijd tot
10.3 Hakselen
- Schuif de tuinhakselaar op een vlakke en stevige ondergrond en zet deze in een veilige positie.
- Trek veiligheidshandschoenen aan en zet een veiligheidsbril en gehoorbescherming op. (⇒ 4.3)
- Open de uitwerpklep. (⇒ 7.4)
-
Start de tuinhakselaar. (⇒ 10.1)
-
Wachten tot de verbrandingsmotor het maximum toerental (stationair toerental) bereikt heeft.
- Tuinhakselaar op de juiste manier met hakselgoed vullen. (⇔ 8.5)
- De tuinhakselaar na de werkzaamheden uitschakelen (⇒ 10.2) en reinigen. (⇒ 11.2)
11. Onderhoud

Gevaar van letsel! Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n.
Raak de messen pas aan als ze stilstaan.
Neem altijd contact op met uw vakhandelaar als u niet over de vereiste kennis of gereedschappen beschikt.
STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren.
STIHL raadt aan originele STIHL reserveonderdelen te gebruiken.
Kans op letsel!
Voordat u aan onderhouds-- of reinigingswerkzaamheden aan het apparaat begint, dient u het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" (⇒ 4.), in het bijzonder de paragraaf "Onderhoud en reparaties" (⇒ 4.7), zorgvuldig te lezen en alle veiligheidsinstructies op te volgen.

Trek voor alle onderhouds-- en reinigingswerkzaamhede n de bougiestekker eruit!
11.1 Verbrandingsmotor
Onderhoudsinterval: Voor elk gebruik
Voor een lange gebruiksduur is het van belang de olie op peil te houden, regelmatig de olie te verversen en het luchtfilter te vervangen. Neem de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de bijgevoegde gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor in acht.
De koelvinnen moeten altijd schoon worden gehouden om een goede koeling van de verbrandingsmotor te garanderen.
11.2 Apparaat reinigen
Onderhoudsinterval: na elk gebruik
Reinig het apparaat na elk gebruik grondig. Door het apparaat voorzichtig te behandelen, beschermt u het tegen beschadigingen en verlengt u de levensduur.
Reinigingspositie van de tuinhakselaar:
Het apparaat mag alleen in de afgebeelde positie worden gereinigd.
• Demonteer de vultrechter. (⇒ 7.8)
Als de tuinhakselaar niet zoals beschreven wordt geplaatst, kan het apparaat (verbrandingsmotor) schade oplopen.

Richt waterstralen nooit op onderdelen van de elektromotor of verbrandingsmotor,
pakkingen, lagers en elektrische onderdelen zoals schakelaars. Dit kan leiden tot dure reparaties.

Als u vuil en aangekoekte resten niet met een borstel, vochtige doek of houten stok kunt verwijderen, raadt STIHL aan een speciaal
reinigingsmiddel te gebruiken (zoals STIHL speciale reiniger).
Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen.
Maak de messenschijven regelmatig schoon.
Ontdoe de koelvinnen, het ventilatorwiel, de zone rondom de luchtfilter, de uitlaat enz. van vuil, opdat er voldoende koeling van de motor gegarandeerd kan worden.
11.3 Messen onderhouden


Gevaar voor letsel! Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n!

Onderhoudsinterval: voor elk gebruik
• Demonteer de vultrechter. (⇒ 7.8)
- Controleer de messen op beschadiging (kerven of scheuren) en slijtage en draai ze indien nodig om of vervang ze.
Slijtagegrens van de messen:

Vóór het bereiken van de aangegeven slijtagegrens moeten de betreffende messen worden omgekeerd of vervangen. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
- Meet op meerdere plekken op de messen de afstand tussen de boring en de mesrand. Minimale afstand 6 m m
Messen keren:

De messen zijn uitgevoerd als omkeermessen. Dit houdt in dat stompe messen één keer omgekeerd kunnen worden, waarna de machine weer klaar is voor gebruik. Keer altijd beide messen om!
- Messenschijf demonteren. (⇔ 7.6)
- Bouten (1) losdraaien en met moeren (2) wegnemen.
- Messen (3) omhoog verwijderen.
- Messenschijf reinigen.
- Messen (3) keren en met de scherpe kant vrijliggend op de messenschijf leggen en de boringen laten samenvallen.
- Bouten (1) door de boringen steken en moeren (2) vastdraaien. Moeren (2) met 22 - 28 Nm vastdraaien.
- Messenschijf monteren. (⇒ 7.5)
Messen slijpen:

Het wordt aanbevolen om het slijpen van alle hakselmessen uitsluitend door een vakhandelaar te laten uitvoeren. Stompe en onjuist geslepen messen (verkeerde slijphoek, onbalans door ongelijk geslepen messen, enz) verhogen de kans op terugslag. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugslaand hakselgoed. Bovendien kan de werking (invoer van het hakselmateriaal, stabiliteit van de messen, enz.) van de tuinhakselaar verslechteren.
Messen die aan beide kanten stomp zijn, moeten worden geslepen voordat u ermee verder werkt.
Om u ervan te verzekeren dat het apparaat optimaal functioneert, dient u de messen uitsluitend door een vakman te laten slijpen. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
- Demonteer de messen om ze te laten slijpen.
- Koel de messen tijdens het slijpen, bijvoorbeeld met water. Het mes mag niet blauw worden, omdat anders de snijresultaten minder worden.
- Slijp het mes gelijkmatig om trillingen door onbalans te voorkomen.
- Controleer het mes vóór het monteren op beschadigingen: Messen moeten worden vervangen zodra er inkepingen of scheuren te zien zijn, of als de slijtagegrens is bereikt.
-
Slijp de lemmeten onder een slijphoek van 30°.
• Slijp messen tegen het lemmet. -
Verwijder eventuele bramen op het lemmet na het slijpen met fijnkorrelig schuurpapier.
- Neem bij de montage van de messen de aanhaalmomenten in de paragraaf "Messen keren" in acht.
11.4 Onderhoud van de V-riem

Onderhoudsinterval: Na elke 10 uren gebruikstijd
Controleer de V-riem met een visuele inspectie op slijtage en beschadigingen en vervang deze indien nodig.
Controleer de V-riemspanning en stel deze zo nodig af.
Te weinig spanning verhoogt slijtage van de V-riem, terwijl te veel spanning beschadigingen aan de lagers kan veroorzaken. Wanneer u over onvoldoende kennis voor het controleren en afstellen van de V-riem beschikt, dient een vakman deze werkzaamheden uit te voeren.
V-riemspanning controlleren:
- Trek de bougiestekker los.
- Draai de schroeven (1) los, maar draai ze er niet helemaal uit (blijven op beschermplaat) en neem de beschermplaat (2) weg.
- Druk met uw duim op de V-riem tussen de twee snaarwielen. De V-riem moet circa 10 mm kunnen worden doorgedrukt.
V-riemspanning afstellen:
- Motorschroefverbinding losmaken (zonder afbeelding): Maak de 3 bouten van de motorbevestiging los, maar draai ze niet eruit; houd de moeren aan de bovenzijde tegen.
- Span de V-riem door de afstelmoer (3) te draaien.
- Haal de bevestigingsbouten van de motor na het afstellen weer aan en monteer de beschermplaat.
11.5 Motorolie verversen

Onderhoudsinterval:
De aanbevolen olieverversingsintervallen, de te gebruiken motorolie en de hoeveelheid olie die u per keer moet verversen, vindt u in de gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor.
Olieaftapschroef:
- schroeven (1) losdraaien, maar niet geheel losdraaien (blijven op beschermplaat) en beschermplaat (2) wegnemen.
- Olieaftapschroef (3) losdraaien en motorolie aftappen.
- Olieaftapschroef (3) weer aanbrengen en verse motorolie bijvullen. Beschermplaat (2) monteren.
11.6 Opslag en winterpauze
Tuinhakselaar in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Bewaar het apparaat altijd buiten het bereik van kinderen.
De tuinhakselaar alleen in veilige toestand en met gemonteerde vultrechter opslaan. Neem bij een langere stilstand van de tuinhakselaar (winterpauze) de volgende punten in acht:
- Maak alle onderdelen aan de buitenkant van het apparaat zorgvuldig schoon.
- Smeer alle bewegende delen goed in met olie of vet.
- Maak de brandstoftank en carburator leeg (bijv. door de verbrandingsmotor leeg te rijden).
- Schroef de bougie eruit en giet door de bougieboring ca. 3 cm³ motorolie in de verbrandingsmotor. Laat de verbrandingsmotor een paar keer zonder bougie doordraaien.

Brandgevaar!
Houd de bougiestekker uit de buurt van het bougiegat (gevaar voor ontsteking).
- Ververs de olie (→ zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
- Dek de verbrandingsmotor goed af en bewaar het apparaat rechtopstaand in een droge, stofarme ruimte.
12. Transport

Kans op letsel!
Lees voor het transport het hoofdstuk "Voor uw veiligheid", in het bijzonder het hoofdstuk "Transport van het apparaat" zorgvuldig door en volg de instructies op. (⇒ 4.4)
12.1 Tuinhakselaar trekken of duwen

- Tuinhakselaar aan de uitworpverlenging (1) vasthouden en achterover kantelen.
- De tuinhakselaar kan langzaam (stapvoets) worden getrokken of geduwd.
12.2 Tuinhakselaar optillen of dragen


Tuinhakselaar vanwege het grote gewicht minstens met twee man optillen. Draag geschikte beschermende kleding, die uw onderarmen en bovenlichaam geheel bedekt.
- Houd de tuinhakselaar bij het optillen rechts aan de behuizing en links onder de verbrandingsmotor vast.
12.3 Tuinhakselaar op een laadoppervlak transporteren

- Transporteer de tuinhakselaar op laadoppervlakken uitsluitend rechtop.
- Zeker het apparaat met geschikte bevestigingsmiddelen, zodat het niet verschuift. Maak de touwen resp. gordels aan de wielvoet (1) of vultrechter (2) vast.
13. Slijtage minimaliseren en schade voorkomen
Belangrijke aanwijzingen voor het onderhoud van de productgroep
Tuinhakselaar met benzinemotor (STIHL GH)
De firma STIHL aanvaardt in geen geval aansprakelijkheid voor materiële schade en persoonlijk letsel die het gevolg zijn van het niet in acht nemen van de instructies in de gebruiksaanwijzing, met name betreffende veiligheid, bediening en onderhoud, of die optreden door gebruik van niet toegestane aanbouw- of vervangingsonderdelen.
Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acht om schade of overmatige slijtage aan uw STIHL apparaat te vermijden:
1. Slijtageonderdelen
Sommige onderdelen van het STIHL apparaat zijn ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduur tijdig worden vervangen.
Hiertoe behoren onder andere:
- Mes
- Messenschijf
- V - r i e m
2. Inachtneming van de voorschriften in deze gebruiksaanwijzing
Het STIHL apparaat moet zo zorgvuldig mogelijk worden gebruikt, onderhouden en opgeslagen, zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het niet in acht nemen van veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt, is de gebruiker zelf verantwoordelijk.
Dit geldt met name voor:
- niet reglementair gebruik van het product.
- het gebruik van niet door STIHL toegelaten gebruiksstoffen (smeermiddelen, benzine en motorolie, zie de gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor).
- niet door STIHL goedgekeurde wijzigingen aan het product.
- gebruik van niet door STIHL goedgekeurde aanbouwdelen, combiapparaten of snijgereedschap.
- gebruik van het product bij sport- of wedstrijdevenementen.
- gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.
3. Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd.
Voor zover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden uitgevoerd, moeten deze aan een vakhandelaar worden overgelaten.
STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren.
STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
Als deze werkzaamheden niet worden uitgevoerd, kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker verantwoordelijk is.
Hiertoe behoren onder andere:
- corrosie en andere gevolgschade door ondeskundige opslag.
- beschadigingen en gevolgschade door het gebruik van andere onderdelen dan originele STIHL onderdelen.
- beschadigingen door onderhouds- en reparatiewerkzaamheden die niet in werkplaatsen van erkende dealers werden uitgevoerd.
14. Standaard reserveonderdelen
Messenschijf compleet
6903 700 5101
Omkeermessen (2x)
6903 702 0101
V-riem
6001 704 2100
Hakselgoed hoort niet in de vuilnisbak, maar moet worden gecomposteerd.
De verpakkingen, het apparaat en de accessoires zijn van recyclebaar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt.
Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u het hergebruik van waardevolle stoffen. Daarom moet het apparaat na afloop van de gebruikelijke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Onjuiste verwijdering kan de gezondheid schaden en het milieu belasten.
16. Conformiteitsverklaring
16.1 EU-conformiteitsverklaring Tuinhakselaar STIHL GH 370.1 S
verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat
- Type: Tuinhakselaars
- Merk: STIHL
- Type: GH 370.1 S
- Nominaal vermogen bij nominaal toerental: 3,4 | 3000 kW | /min
- Productiecode: 6001
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2000/14/EC, 2006/42/EC, 2014/30/EU en 2011/65/EU en overeenkomstig de op de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 13683 en EN ISO 14982.
Voor het bepalen van het gemeten en gewaarborgde geluidsniveau is gehandeld volgens richtlijn 2000/14/EC, bijlage V.
– Gemeten geluidsniveau: 100,4 dB(A)
– Gegarandeerd geluidsniveau: 103 dB(A)
De technische documentatie wordt bewaard bij STIHL Tirol GmbH.
Het bouwjaar en het machinenummer staan op de tuinhakselaar vermeld.
Langkampfen, 02-08-2021
STIHL Tirol GmbH
namens

Matthias Fleischer, Hoofd Onderzoek en Ontwikkeling
namens

Sven Zimmermann, Hoofdafdelingschef Kwaliteit
bij nominaal 3,4 | 3000
toerental: kW | /min
Cilinderinhoud: 196 cc
Startinrichting: Trekkoord
Brandstoftank: 1,4 l
Aandrijving
snijeenheid: permanent
Onzekerheid K_WA 3,0 dB(A)
Omkeermes: 22 – 28 Nm
REACH duidt op een EG-verordening inzake het registeren, analyseren en toestaan van chemicaliën.
Voor informatie over het voldoen aan de REACH-verordening (EG) nr. 1907/2006 gaat u naar www.stihl.com/reach
18. Defectopsporing
Zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.
✗ Neem eventueel contact op met een vakhandelaar. STIHL beveelt de STIHL vakhandelaar aan.
Storing:
Verbrandingsmotor start niet
Mogelijke oorzaak:
– Vultrechter niet volgens de voorschriften afgesloten
– Messenschijf blokkeert
- Geen brandstof in de tank; brandstofleiding verstopt
– Slechte, vervuilde of oude brandstof in de tank
- Bougiestekker is van bougie afgekoppeld; ontstekingskabel is niet goed op de stekker aangesloten
- Luchtfilter is vuil
– Bougie vol roet of beschadigd; verkeerde afstand elektroden
- Verbrandingsmotor is na meermaals opstarten "verzopen"
Oplossing:
– Vultrechter volgens de voorschriften sluiten en vastschroeven ( 7.7)
- Hakselresten in behuizing verwijderen (opgelet: eerst de bougiestekker eruit trekken)
- Brandstof bijvullen, brandstofleidingen reinigen ( 7.9)
– Alleen verse merkbrandstof, normale loodvrije benzine gebruiken; carburator reinigen ( 7.9)
- Bougiestekker aanbrengen; verbinding tussen bougiekabel en stekker controleren 📄 ✗
- Luchtfilter reinigen 📄 ✗
- Bougie reinigen of vervangen; afstand elektroden instellen 📄 ✗
- Bougie losdraaien en drogen; startkabel bij losgeschroefde bougie meermaals aantrekken (schakelaar in stand O)
Storing:
Verbrandingsmotor wordt zeer heet
Mogelijke oorzaak:
- Koelvinnen zijn vuil
– Te laag oliepeil in de verbrandingsmotor
- Oppervlak van verbrandingsmotor is bedekt met hakselmateriaal
Oplossing:
– Koelvinnen reinigen (⇒ 11.2)
- Motorolie bijvullen (⇒ 7.9)
- Verbrandingsmotor van hakselmateriaal ontdoen
Storing:
Afval wordt niet ingetrokken
Mogelijke oorzaak:
- Botte of verkeerd geslepen messen
Oplossing:
- Messen omkeren resp. slijpen; bij het slijpen de slijphoek van 30° in acht nemen (⇒ 11.3) ✗
Storing:
Hakselresultaat is minder geworden
Mogelijke oorzaak:
- Stompe messen
- Verkeerd geslepen messen
- Verbogen messenschijf
Oplossing:
- Messen bijslijpen of vervangen (⇒ 11.3) ✗
- Messen goed slijpen (⇒ 11.3) ✗
- Messenschijf via visuele inspectie controleren en zo nodig vervangen (⇔ 7.6)
Storing:
Heftige trillingen tijdens de werkzaamheden, abnormale geluiden, gerammel
Mogelijke oorzaak:
– Messenschijf of messen defect
- Motorbevestiging los
- Bouten zijn los
Oplossing:
- Messenschijven, messen, messenas, bouten, moeren, ringen en lagers van de snijeenheid controleren, zo nodig repareren ✗
- Bouten motorbevestiging aandraaien
- Controleren of bouten goed vast zitten
19. Onderhoudsschema
19.1 Leveringsbevestiging
Model:
Serienummer:

Datum: ____ ____ ____ ____ ____

Volgende onderhoudsbeurt
Datum: ____ ____ ____ ____ ____
19.2 Servicebevestiging
Geef deze gebruiksaanwijzing bij onderhoudswerkzaamheden aan uw STIHL vakhandelaar.
Hij geeft in de voorgedrukte velden aan welke servicewerkzaamheden er zijn uitgevoerd.
Service uitgevoerd op
Datum volgende servicebeurt

Gentile cliente,
Purtați ochelari de protectie!
W Capac de protectie 1
Marca de fabricatie: STIHL
Model: GH 370.1 S
Identificare serie: 6001