STIHL RM 545 - Grasmaaier

RM 545 - Grasmaaier STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RM 545 STIHL in PDF-formaat.

📄 390 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice STIHL RM 545 - page 89

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RM 545 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RM 545 van het merk STIHL.

GEBRUIKSAANWIJZING RM 545 STIHL

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL Geachte cliënt(e), Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoeften van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting. STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding. Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wensen u veel plezier met uw STIHL product. Dr. Nikolas Stihl

BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED

DOORLEZEN EN BEWAREN. Gedrukt op chloorvrij, gebleekt papier. Papier is recycleerbaar. Flap is vrij van halogeen.

Over deze gebruiksaanwijzing 88 Algemeen 88 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 88 Beschrijving van het apparaat 89 Voor uw veiligheid 89 Algemeen 89 Tanken – omgaan met benzine 90 Accu en oplaadapparaat 91 Kleding en uitrusting 91 Transport van het apparaat 91 Vóór het werken 92 Tijdens het werken 92 Onderhoud en reparaties 94 Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen 95 Afvoer 96 Toelichting van de symbolen 96 Leveringsomvang 96 Apparaat klaarmaken voor gebruik 97 Algemeen 97 Duwstang monteren 97 Kabelgeleiding monteren 97 Startkabel vast- en loshaken 97 Grasopvangbox monteren 98 Brandstof en motorolie 98 Bedieningselementen 98 Algemeen 98 Verstelbare onderdelen op de duwstang 98 Duwstang omklappen 98 Hoogteverstelling duwstang 98 Centrale snijhoogteverstelling 99 Accu en oplaadapparaat (RM 545 VE) 99 Inhoudsindicatie 99 Grasopvangbox vast- en loshaken 99 Veiligheidsvoorzieningen 100 Veiligheidsvoorzieningen 100 Motorstopbeugel 100 Aanwijzingen voor werken 100 Werkgebied van de gebruiker 100 Grasmaaiers met gazonwals 100 Mulchen 100 Hoe moet u mulchen? 101 Apparaat in gebruik nemen 101 Verbrandingsmotor starten 101 Verbrandingsmotor uitschakelen 101 Wielaandrijving 101 Grasopvangbox ledigen 102 Onderhoud 102 Algemeen 102 Apparaat reinigen 102 Messenslijtage controleren 103 Mes uit- en inbouwen 103 Balans van mes controleren 103 Maaimes slijpen 103 Kabel wielaandrijving afstellen 104 Verbrandingsmotor 104 Accu en oplaadapparaat onderhouden 104 Wielen en transmissie 104 Gazonwals onderhouden 104 Opslag en stilleggen (winterpauze) 104 Transport 105 Transport 105 Milieubescherming 105 Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 106 Standaard reserveonderdelen 1060478 111 9940 B - NL

Deze gebruiksaanwijzing is een originele gebruiksaanwijzing van de fabrikant in de zin van de EG-richtlijn 2006/42/EC. STIHL werkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering zijn daarom voorbehouden. Op basis van gegevens of afbeeldingen uit dit boekje kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaakt. Het is mogelijk dat in deze gebruiksaanwijzing modellen worden beschreven die niet in elk land verkrijgbaar zijn. Deze gebruiksaanwijzing is auteursrechtelijk beschermd. Alle rechten blijven voorbehouden, met name het recht op het kopiëren, vertalen en het verwerken met elektronische systemen.

2.2 Instructie voor het lezen van de

gebruiksaanwijzing Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen. Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht. Kijkrichting: kijkrichting bij gebruik ´links´ en ´rechts´ in de gebruiksaanwijzing: de gebruiker staat achter het apparaat en kijkt in de rijrichting naar voren. Hoofdstukverwijzing: naar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg wordt met een pijltje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzing naar een hoofdstuk: (Ö 4.) Markeringen van tekstpassages: de beschreven aanwijzingen kunnen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zijn. Handelingen waarbij ingrijpen van de gebruiker vereist is: ● Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ... Algemene opsommingen: – productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementen Teksten met aanvullende betekenis: tekstpassages met aanvullende betekenis zijn met één van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren. Teksten met afbeeldingverwijzing: afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaanwijzing. Het camerasymbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing. EU-conformiteitsverklaring 107 Grasmaaier STIHL RM 545.0, RM 545.0 T, RM 545.0 V, RM 545.0 VE, RM 545.0 VM, RM 545.0 VR 107 Technische gegevens 107 REACH 109 Defectopsporing 109 Onderhoudsschema 111 Leveringsbevestiging 111 Servicebevestiging 111

gebruiksaanwijzing Gevaar! Gevaar voor ongevallen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen zijn noodzakelijk of verboden. Waarschuwing! Kans op letsel. Bepaalde handelingen voorkomen mogelijk of waarschijnlijk letsel. Voorzichtig! Minder ernstig letsel of materiële schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen. Aanwijzing Informatie voor een beter apparaatgebruik en om een mogelijk oneigenlijk gebruik te vermijden.

Tijdens de werkzaamheden met het apparaat moeten de voorschriften ter preventie van ongevallen beslist in acht worden genomen. Vóór de eerste inbedrijfstelling moet u de hele gebruiksaanwijzing goed doorlezen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik zorgvuldig op een veilige plaats. Volg de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de afzonderlijke gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor. Deze veiligheidsmaatregelen zijn onontbeerlijk voor uw veiligheid, maar deze opsomming is niet uitputtend. Gebruik het apparaat altijd verstandig en met verantwoordelijkheidsgevoel, en denk erom dat de gebruiker aansprakelijk wordt gesteld voor ongevallen met andere personen of voor schade aan hun eigendommen. Maak u vertrouwd met de bedieningsonderdelen en het gebruik van de machine. Het apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en die met de bediening van het apparaat vertrouwd zijn. Elke gebruiker moet vóór de eerste ingebruikname vragen om een deskundige en praktische instructie. De verkoper of een andere deskundige moet aan de gebruiker uitleggen, hoe hij veilig met het apparaat kan werken. Bij deze instructie moet de gebruiker er vooral bewust van worden gemaakt dat voor het werken met dit apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie vereist zijn. Ook wanneer u het apparaat volgens de voorschriften bedient, blijven er risico's bestaan. Leen het apparaat inclusief accessoires alleen uit aan personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zijn. De gebruiksaanwijzing is onderdeel van het apparaat en moet altijd worden meegegeven. Gebruik het apparaat alleen als u uitgerust bent en een goede lichamelijke en geestelijke conditie hebt. Als u een verminderde gezondheid heeft, dient u uw arts te vragen of u met het apparaat kunt werken. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beïnvloeden, mag niet met het apparaat worden gewerkt. Controleer of de gebruiker lichamelijk, zintuigelijk en geestelijk in staat is om het apparaat te bedienen en ermee te werken. Als de gebruiker met lichamelijke, zintuigelijke of geestelijke beperkingen daartoe in staat is, mag de gebruiker er alleen onder toezicht of na instructie door een verantwoordelijke persoon mee werken. Controleer of de gebruiker meerderjarig is of conform nationale regelgeving onder toezicht voor een beroep wordt opgeleid. Let op – gevaar voor ongevallen! De grasmaaier is alleen bedoeld voor het maaien van gras. Een andere toepassing is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben.

3. Beschrijving van het

apparaat 1 Bovenstuk duwstang met verstelbare onderdelen (Ö 8.2) 2 Duwstangversterking 3 Startkabel 4 Draaiknop 5 Uitwerpklep 6 Typeplaatje met machinenummer 7 Verbrandingsmotor 8 Bougiestekker 9 Handgreep 10 Behuizing 11 Stootstrip 12 Aanduiding snijhoogte 13 Centrale snijhoogteverstelling 14 Draaiknop hoogteverstelling duwstang 15 Grasopvangbox 16 Inhoudsindicatie 17 Accu (RM 545 VE) 18 Mulchhulpstuk (RM 545 VM) 19 Gazonwals (RM 545 VR)

4. Voor uw veiligheid

Levensgevaar door verstikking! Verstikkingsgevaar voor kinderen bij het spelen met verpakkingsmateriaal. Houd verpakkingsmateriaal altijd buiten het bereik van kinderen.0478 111 9940 B - NL

Om persoonlijk letsel van de gebruiker te vermijden, mag de grasmaaier bijvoorbeeld niet worden ingezet voor volgende taken (onvolledige opsomming): – het trimmen van bosjes, heggen en struiken, – het snoeien van rankgewas, – gazononderhoud op dakbeplantingen en in bloembakken, – het hakselen en klein hakken van boom- en heggensnoeisel, – het schoonmaken van voetpaden (opzuigen, wegblazen), – het egaliseren van oneffenheden in de bodem, zoals bijv. molshopen. – het transporteren van maaigoed, buiten de in de daarvoor bedoelde grasopvangbox. Om veiligheidsredenen is het verboden wijzigingen aan het apparaat aan te brengen, behalve als het gaat om vakkundige montage van accessoires die door STIHL zijn goedgekeurd. Andere wijzigingen leiden tot het vervallen van uw garantie. Neem voor informatie over goedgekeurde accessoires contact op met uw STIHL vakhandelaar. Vooral elke wijziging aan het apparaat waardoor het vermogen of het toerental van de verbrandingsmotor of de elektromotor wordt veranderd, is verboden. Vervoer geen voorwerpen, dieren of personen, met name kinderen, met het apparaat. Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan. Opgelet! Gevaar voor de gezondheid door trillingen! Een overmatige belasting door trillingen kan schade aan de bloedsomloop en het zenuwstelsel veroorzaken, vooral bij personen met circulatiestoornissen. Raadpleeg een arts wanneer er symptomen optreden die door de trillingen zouden kunnen zijn veroorzaakt. Dergelijke symptomen treden voornamelijk op in de vingers, handen of polsen en zijn bijvoorbeeld (onvolledige opsomming): – gevoelloosheid, –pijn, – slappe spieren, – huidverkleuringen, – onaangenaam kriebelen. Houd de duwstang tijdens het werken stevig maar niet verkrampt met beide handen op de daarvoor bedoelde plaatsen vast. Plan de werktijden zodanig dat hoge belasting gedurende langere tijd wordt voorkomen. Laat het apparaat alleen los, als het op een horizontaal vlak staat en niet vanzelf kan wegrollen.

4.2 Tanken – omgaan met benzine

Bewaar de brandstof uitsluitend in geschikte en goedgekeurde reservoirs (jerrycans). Schroef de tankdoppen van de jerrycans altijd goed erop en draai de doppen stevig vast. Om veiligheidsredenen moeten defecte afsluitingen worden vervangen. Gebruik geen drankflessen of soortgelijke zaken om brandstoffen en smeermiddelen af te voeren of op te slaan, zoals bijv. benzine. Personen, met name kinderen, zouden in de verleiding kunnen komen om eruit te drinken. Houd benzine uit de buurt van vuur, permanent vuur, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken! Tank alleen in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken. Schakel de verbrandingsmotor voor het bijtanken uit en laat deze afkoelen. De benzine moet vóór het starten van de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Bij een draaiende verbrandingsmotor of hete machine mag de tankdop niet worden geopend en mag er geen benzine worden bijgevuld. Tank de brandstoftank niet te vol! Vul de brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulplug, zodat de brandstof ruimte heeft om uit te zetten. Volg ook de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor op. Als er benzine is overgelopen, mag u de verbrandingsmotor pas starten nadat u het met benzine verontreinigde oppervlak hebt gereinigd. Start de verbrandingsmotor niet voordat de benzinedampen zijn verdampt (droog vegen). Gemorste brandstof moet meteen worden afgeveegd. Levensgevaarlijk! Benzine is giftig en in hoge mate ontvlambaar.91 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL Verwissel van kleding als er benzine op is gemorst. Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden. Als de tank moet worden geleegd, moet dit in de buitenlucht worden uitgevoerd.

4.3 Accu en oplaadapparaat

De gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor opvolgen en goed bewaren. In de gebruiksaanwijzing leest u hoe u de accu en het oplaadapparaat veilig kunt gebruiken. Gebruik alleen de originele accu en het originele oplaadapparaat. Accu en oplaadapparaat tegen regen en vocht beschermen en nooit laten vallen. Gebruik alleen een onbeschadigde, niet vervormde accu en een onbeschadigd oplaadapparaat. Controleer met name de voedingskabel van het oplaadapparaat. Gebruik nooit een oplaadapparaat met een beschadigde voedingskabel. Accu en oplaadapparaat nooit uit elkaar nemen en nooit proberen te repareren. Een defecte accu of een defect oplaadapparaat moet worden vervangen. U mag het oplaadapparaat alleen op een voeding aansluiten die beveiligd is door een foutstroombeveiliging met een afschakelstroom van maximaal 30 mA. Voor nadere informatie kunt u terecht bij de elektricien. Niet-gebruikte accu ver van metalen voorwerpen (bijv. spijkers, munten, sieraden) houden. Accucontacten nooit kortsluiten, geen metalen transportbak gebruiken. Bij ondeskundig gebruik kan er vloeistof uit de accu stromen – contact vermijden! Bij onbedoeld contact met water afspoelen. Als de vloeistof in aanraking komt met de ogen, spoelt u deze eerst met water en raadpleegt u een arts. Uitstromende accuvloeistof kan huidirritatie en brandwonden en bijtende plekken veroorzaken. Verdere veiligheidsinstructies kunt u vinden op http://www.stihl.com/safety- data-sheets

4.4 Kleding en uitrusting

Draag tijdens werkzaamheden altijd stevige schoenen met grip. Werk nooit op blote voeten of bijvoorbeeld op sandalen. Bij onderhouds- en reinigingswerkzaamheden en tijdens het vervoer van de machine ook telkens stevige handschoenen dragen en lang haar samenbinden en bedekken (hoofddoek, muts enz.). Bij het slijpen van het maaimes moet altijd een geschikte veiligheidsbril worden gedragen. De machine mag alleen met een lange broek en nauwe kleding aan in gebruik worden genomen. Draag nooit losse kledingstukken die aan draaiende onderdelen (bedieningshendel) kunnen blijven hangen – ook geen sieraden, geen stropdassen en geen sjaals. Tijdens het werken ontstaat lawaai. Lawaai kan het gehoor beschadigen. Draag gehoorbescherming.

4.5 Transport van het apparaat

Werk uitsluitend met handschoenen aan om letsel door scherpe randen en hete onderdelen van het apparaat te voorkomen. Het apparaat niet met draaiende verbrandingsmotor verplaatsen. Schakel voor het transport de verbrandingsmotor uit, laat de messen uitlopen en trek de bougiestekker los. Transporteer het apparaat alleen met een afgekoelde verbrandingsmotor en zonder brandstof. Gebruik voor het laden geschikte hulpmiddelen (takel of laadhelling). Maak het apparaat en de erbij getransporteerde apparatuur (bijv. grasopvangbox) met geschikte bevestigingsmaterialen (gordels, kabels, enz.) vast aan het laadoppervlak. Maaimes bij het optillen en dragen niet aanraken. Raadpleeg de informatie in het hoofdstuk "Transport". Daar wordt beschreven hoe het apparaat op te tillen of vast te sjorren is. (Ö 13.)0478 111 9940 B - NL

Houd u bij het transport van het apparaat aan de plaatselijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadoppervlakken. Accu niet in de auto laten liggen en ongebruikte accu beschermen tegen direct zonlicht. Lithium-ionaccu's moeten bij het transport met de grootste zorg worden behandeld. Let met name op het voorkomen van kortsluiting. Vervoer de accu in de intacte originele verpakking of in een geschikte niet-metalen transportbak.

Het moet duidelijk zijn, dat er alleen personen met het apparaat werken die de gebruiksaanwijzing kennen. Controleer het brandstofsysteem vóór ingebruikname van het apparaat op lekkage, met name de zichtbare onderdelen, zoals bijv. tank, tankdop, slangverbindingen. Verbrandingsmotor bij lekkage of schade niet starten – Brandgevaar! Apparaat vóór ingebruikname door vakhandelaar laten repareren. Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparatuur met verbrandingsmotor of elektromotor in acht. Controleer het complete terrein waarop de machine wordt gebruikt en verwijder alle stenen, stokken, kabels, botten en andere voorwerpen die door de machine omhoog kunnen worden geslingerd. Hindernissen (bijv. boomstronken, wortels) kunnen in het hoge gras eenvoudig over het hoofd worden gezien. Markeer daarom vóór het maaien alle in het gazon verborgen vreemde voorwerpen (hindernissen) die niet verwijderd kunnen worden. Vóór het gebruik van het apparaat moeten alle defecte, versleten en beschadigde onderdelen worden vervangen. Onleesbare of beschadigde waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat moeten worden vervangen. Stickers en alle verdere vervangingsonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw STIHL vakhandelaar. Voor het gebruik van het apparaat dient men te controleren of de bougiestekker goed vastzit op de bougie. Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het in goede staat verkeert. Controleer vóór elk gebruik: – of het apparaat volgens de voorschriften is gemonteerd. – of het snijgereedschap en de complete snij-eenheid (maaimes, bevestigingselementen, maaiwerkbehuizing) in onberispelijke staat verkeren. Er moet vooral worden gecontroleerd op veilige montage, beschadigingen (kerven of scheuren) alsmede slijtage. (Ö 12.3) – of de tankdop goed vastgeschroefd is. – of de tank en de brandstofbevattende delen en de tankdop in onberispelijke staat verkeren. – of de veiligheidsvoorzieningen (bijvoorbeeld motorstopbeugel, uitwerpklep, behuizing, duwstang, beschermrooster) in onberispelijke staat verkeren en naar behoren functioneren. – of de accu (RM 545 VE) onbeschadigd en niet vervormd is. – of de grasopvangbox onbeschadigd en volledig gemonteerd is; een beschadigde grasopvangbox mag niet worden gebruikt. – of de olieafsluitschroef er goed op is geschroefd. Voer indien nodig alle noodzakelijke werkzaamheden uit of vertrouw deze toe aan de vakhandelaar. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.

4.7 Tijdens het werken

Werk nooit als er zich dieren of personen, in het bijzonder kinderen, binnen het gevaarlijke gebied bevinden. De schakel- en veiligheidsinrichtingen die op het apparaat zijn geïnstalleerd, mogen niet worden verwijderd of overbrugd. Zet in het bijzonder de motorstopbeugel nooit aan de duwstang vast (bijvoorbeeld door vastbinden). Opgelet - kans op letsel! Houd handen of voeten nooit tegen of onder draaiende onderdelen. Raak het ronddraaiende mes nooit aan. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening. Neem steeds de door de duwstang bepaalde veiligheidsafstand in acht. De duwstang moet steeds goed gemonteerd zijn en mag niet veranderd worden. Gebruik het apparaat nooit met neergeklapte duwstang. Bevestig nooit voorwerpen aan de duwstang (bijv. werkkleding). Werk alleen bij daglicht of bij goede kunstverlichting.93 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL Werk niet met het apparaat bij regen, onweer en met name niet bij blikseminslaggevaar. Bij een vochtige ondergrond is er meer gevaar voor letsel, omdat de gebruiker minder stabiel staat. Om uitglijden te voorkomen moet er bijzonder voorzichtig worden gewerkt. Indien mogelijk het apparaat niet op een vochtige ondergrond gebruiken. Uitlaatgassen: Het apparaat genereert giftige uitlaatgassen zodra de verbrandingsmotor is ingeschakeld. Deze gassen bevatten giftig koolmonoxide, een kleur- en reukloos gas, en andere schadelijke stoffen. De verbrandingsmotor mag nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes in werking worden gezet. Starten: start het apparaat voorzichtig - de aanwijzingen in het hoofdstuk "Apparaat in gebruik nemen" (Ö 11.) opvolgen. Bij het starten volgens deze instructies is er minder kans op letsel. Kans op letsel! Wanneer de startkabel snel terugspringt, worden hand en arm sneller naar de verbrandingsmotor getrokken, dan dat de startkabel kan worden losgelaten. Deze kickback kan botbreuken, kneuzingen en verstuikingen veroorzaken. Houd uw voeten bij het starten steeds op voldoende afstand van het snijgereedschap. Bij het starten mag het apparaat niet worden gekanteld. Bij het starten mag de beugel wielaandrijving niet worden bediend. Start de verbrandingsmotor niet wanneer het uitwerpkanaal niet door de uitwerpklep of de grasopvangbox is afgedekt. Werken op hellingen: hellingen altijd in de dwarsrichting, nooit in de lengterichting bewerken. Als de gebruiker bij het maaien in langsrichting de controle verliest over de grasmaaier kan hij overreden worden door het maaiende apparaat. Wees bijzonder voorzichtig als u op een helling van richting verandert. Let steeds op een goede stand bij hellingen en vermijd om met het apparaat te werken op zeer sterke hellingen. Om veiligheidsredenen mag het apparaat niet op hellingen steiler dan 25° (46,6 %) worden gebruikt. Kans op letsel! Een stijging van de helling van 25° betekent een verticale stijging van 46,6 cm bij een horizontale lengte van 100 cm. Voor gegarandeerd voldoende smering van de verbrandingsmotor moeten bij het gebruik van het apparaat op hellingen ook de instructies in de meegeleverde gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor in acht worden genomen. Werken: Probeer niet om het mes te inspecteren zolang de grasmaaier werkt. Zolang het maaimes loopt, mag de uitwerpklep niet worden geopend en/of mag de grasopvangbox niet worden weggenomen. Het ronddraaiende mes kan letsel veroorzaken. Werk altijd stapvoets en ga bij het werken met het apparaat vooral niet rennen. Door snel te lopen met het apparaat is er meer kans op letsel door struikelen, uitglijden enz. Wees bijzonder voorzichtig als u het apparaat omdraait of naar u toe trekt. Struikelgevaar! Gebruik het apparaat uiterst behoedzaam wanneer u in de buurt van hellingen, terreinkanten, sloten en dijken werkt. Houd met name voldoende afstand tot dergelijke gevarenzones. U moet om in het gras verborgen voorwerpen heenrijden (beregeningsinstallaties, palen, waterkranen, fundamenten, stroomkabels enz.). Rijd nooit over dergelijke voorwerpen heen. Levensgevaar door vergiftiging! Stop onmiddellijk met werken bij misselijkheid, hoofdpijn, zichtstoornissen (bijv. blikvernauwing), slecht horen, duizeligheid of een verminderd concentratievermogen. Deze symptomen kunnen onder andere door een te hoge concentratie uitlaatgassen worden veroorzaakt. Kans op letsel! Houd handen of voeten nooit boven, onder of tegen draaiende onderdelen.0478 111 9940 B - NL

Houd rekening met de uitloop van het snijgereedschap. Het duurt enkele seconden voordat het snijgereedschap helemaal tot stilstand is gekomen. Schakel de verbrandingsmotor uit, laat het werkgereedschap tot stilstand komen, trek de bougiestekker los en verwijder ook de accu (bij RM 545 VE), – wanneer u het apparaat verlaat of als het apparaat zonder toezicht is, – voordat u bijtankt. Tank alleen wanneer de verbrandingsmotor volledig is afgekoeld. Brandgevaar! – voordat u blokkades opheft of verstoppingen in het uitwerpkanaal verwijdert, – voordat u het apparaat optilt en draagt, – voordat u het apparaat transporteert, – voordat u begint met werken aan het maaimes, – voordat het apparaat wordt getest of gereinigd of voordat sommige werkzaamheden worden uitgevoerd (zoals het omklappen van de duwstang), – wanneer een vreemd voorwerp geraakt is of als de grasmaaier abnormaal hard begint te trillen. Controleer in deze gevallen het apparaat, in het bijzonder de snijeenheid (messen, messenas, mesbevestiging), op beschadigingen en voer de noodzakelijke reparaties uit voordat u het apparaat opnieuw start en ermee gaat werken. Schakel de verbrandingsmotor uit, – wanneer u het apparaat van en naar het te bewerken gazon duwt, – voordat u het apparaat over een niet met gras begroeide ondergrond gaat duwen, – voordat u de uitwerpklep opent of de grasopvangbox wegneemt, – wanneer het apparaat voor het transport moet worden gekanteld, – voordat u de snijhoogte instelt.

4.8 Onderhoud en reparaties

Voorafgaand aan reinigings-, instel-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden: ● apparaat op een vaste, vlakke ondergrond zetten, ● verbrandingsmotor uitschakelen en laten afkoelen, ● bougiestekker lostrekken. Opgelet – kans op letsel! Houd de bougiestekker van de bougie vandaan. Een onbedoelde ontstekingsvonk kan brand of stroomschokken veroorzaken. Bij een onbedoeld contact van de bougie met de bougiestekker kan de verbrandingsmotor ineens aanslaan. RM 545 VE: Daarbij accu verwijderen. Vooral voor werkzaamheden rondom de verbrandingsmotor, het uitlaatspruitstuk en de geluiddemper eerst laten afkoelen. De temperaturen kunnen tot 80 °C en meer oplopen. Kans op brandwonden! Direct contact met motorolie kan gevaarlijk zijn; ook mag motorolie niet worden gemorst. STIHL adviseert het bijvullen of verversen van motorolie door een STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren. Reiniging: na gebruik moet het gehele apparaat zorgvuldig worden gereinigd. (Ö 12.2) Ledig vóór het plaatsen in reinigingspositie de brandstoftank (bijv. door leegrijden). Maak de aangekoekte resten gras in de behuizing met een houten staaf los. Reinig de onderkant van de grasmaaier met een borstel en water. Gebruik nooit hogedrukreinigers en reinig het apparaat niet onder stromend water (bijvoorbeeld met een tuinslang). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen. Dergelijke reinigingsmiddelen kunnen kunststoffen Kans op letsel! Hard trillen wijst meestal op een storing. De grasmaaier mag met name niet worden gebruikt als de krukas beschadigd of verbogen is of als het maaimes beschadigd of verbogen is. Laat de noodzakelijke reparaties door een vakman – STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan – uitvoeren, indien u niet over de benodigde kennis beschikt. Kans op letsel door het maaimes! Door aan de startkabel te trekken krijgt het werkgereedschap een draaibeweging. Houd altijd voldoende afstand tot het maaimes, in het bijzonder de handen en de voeten, wanneer u aan de startkabel trekt.95 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL en metalen zodanig beschadigen dat de veiligheid van uw STIHL apparaat mogelijk in het geding komt. Om brandgevaar te voorkomen, moet u de gebieden rond de koelluchtopeningen, koelvinnen en rondom de uitlaat vrij houden van bijv. gras, stro, mos, bladeren of uitstromend vet. Onderhoudswerkzaamheden: Er mogen alleen onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze gebruiksaanwijzing vermeld staan. Alle andere werkzaamheden dient u door een vakhandelaar te laten uitvoeren. Neem altijd contact op met een vakhandelaar als u niet over de vereiste kennis en gereedschappen beschikt. STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend door de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren. STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld. Gebruik uitsluitend gereedschappen, accessoires of combi-apparaten die voor dit apparaat door STIHL zijn goedgekeurd of technisch gelijkwaardige onderdelen, om de kans op ongevallen met letsel of schade aan het apparaat te voorkomen. Neem bij vragen contact op met een vakhandelaar. Originele STIHL gereedschappen, accessoires en vervangingsonderdelen zijn wat betreft hun eigenschappen optimaal op het apparaat en de behoeften van de gebruiker afgestemd. Originele STIHL vervangingsonderdelen zijn herkenbaar aan het STIHL onderdeelnummer, het STIHL logo en eventueel het STIHL symbool op de onderdelen. Op kleine onderdelen kan ook alleen het teken staan. Om veiligheidsredenen moeten brandstofbevattende onderdelen (brandstofleiding, brandstofkraan, brandstoftank, tankdop, aansluitingen enz.) regelmatig op beschadigingen en lekkages worden geïnspecteerd en indien nodig door een erkende vakman worden vervangen (STIHL raadt de STIHL vakhandelaar aan). Houd waarschuwings- en instructiestickers altijd leesbaar en schoon. Beschadigde of verloren gegane stickers moeten via uw STIHL vakhandelaar door nieuwe originele stickers worden vervangen. Let er bij het vervangen van een onderdeel door een nieuw onderdeel op dat het nieuwe onderdeel van dezelfde stickers is voorzien. Werk aan de snijeenheid uitsluitend met dikke werkhandschoenen en met de uiterste voorzichtigheid. Zorg voor een veilig gebruik van het apparaat en zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven, en zeker de mesbout goed zijn vastgedraaid. Laat beschadigde geluiddempers en beschermplaten vervangen. Inspecteer het gehele apparaat en de grasopvangbox op gezette tijden, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat (bijv. voor de winterpauze), op slijtage en beschadigingen. Versleten of beschadigde onderdelen moeten om veiligheidsredenen direct worden vervangen, om ervoor te zorgen dat de machine altijd in veilige staat is. Wijzig de instellingen van de verbrandingsmotor nooit en jaag deze niet over zijn toeren. Als onderdelen of veiligheidsvoorzieningen voor onderhoudswerkzaamheden zijn verwijderd, moeten deze weer meteen en correct worden aangebracht.

4.9 Opslag bij langdurige

bedrijfsonderbrekingen Laat de verbrandingsmotor afkoelen voordat u het apparaat in een afgesloten ruimte plaatst. Bewaar het apparaat met een lege tank en de brandstofvoorraad in een afsluitbare en goed geventileerde ruimte. Controleer of het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) is beveiligd. Sla het apparaat nooit op in een gebouw met benzine in de tank. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur of vonken in aanraking komen en ontbranden. Als de tank moet worden geledigd zoals voor het stilleggen voor de winterpauze, mag de brandstoftank uitsluitend in de open lucht worden geledigd (bijv. leegrijden door de motor te laten draaien). Reinig het apparaat voor het opslaan (bijv. winterpauze) grondig. Apparaat alleen met uitgetrokken bougiestekker bewaren. RM 545 VE: Accu vóór de opslag verwijderen en gescheiden van het apparaat en beveiligd tegen gebruik door onbevoegden (bijv. door kinderen) bewaren.0478 111 9940 B - NL

Sla het apparaat in een veilige staat op. Laat het apparaat volledig afkoelen voor dat u het bedekt. Sla het apparaat zodanig op een horizontale ondergrond op, dat het niet per ongeluk kan wegrollen.

Afvalproducten zoals gebruikte olie of brandstof, gebruikte smeermiddelen, filters, accu's en soortgelijke slijtageonderdelen zijn slecht voor mensen en dieren en kunnen het milieu beschadigen. Ze moeten derhalve op de juiste wijze worden afgevoerd. Neem contact op met het recyclingcenter of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan. Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de daarvoor bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval wordt verwerkt. Verwijder om ongevallen te voorkomen vooral de bougiekabel, maak de tank leeg en tap de motorolie af. De accu moet gescheiden van het apparaat worden afgevoerd. Zorg dat accu’s veilig en milieuvriendelijk worden afgevoerd. Kans op letsel door het maaimes! Laat ook een grasmaaier aan het eind van de levensduur ervan nooit zonder toezicht staan. Bewaar het apparaat en in het bijzonder het maaimes altijd buiten het bereik van kinderen.

5. Toelichting van de

symbolen Let op! Lees vóór inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing. Kans op letsel! Houd andere personen uit de gevarenzone. Kans op letsel! Vóór werkzaamheden aan het snijgereedschap en onderhoud- en reinigings- werkzaamheden de bougiestekker eruit trekken. Kans op letsel! Houd handen en voeten uit de buurt van de messen! De snijvoorziening loopt na het uitschakelen nog een aantal seconden na (rem van de verbrandingsmotor/messen- rem). RM 545, RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VM, RM 545 VR: Verbrandingsmotor starten RM 545, RM 545 T, RM545V, RM545VM, RM 545 VR: Verbrandingsmotor uitschakelen RM 545 VE: Accu plaatsen, verbran- dingsmotor starten RM 545 VE: Verbrandingsmotor uitschakelen RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR: Wielaandrijving inschakelen RM545V, RM545VE, RM 545 VM, RM 545 VR: Rijsnelheid instellen Langzaam – hendel vario-aandrijving naar voren drukken Snel – hendel vario- aandrijving naar ach- teren trekken

Pos. Omschrijving st. A Basisapparaat 1

● Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.

7.2 Duwstang monteren

Duwstanghulzen aanbrengen: ● duwstanghulzen (I) op duwstang (1) steken. Vierkant gat aan binnenkant van duwstang plaatsen, boringen in de duwstang en het vierkante gat in de duwstanghuls moeten samenvallen. Duwstang monteren: ● duwstang (1) op de beide onderstukken duwstang (2) steken. ● Bouten met vlakke kop (G) van binnen naar buiten door boringen steken en met draaiknoppen (H) vastschroeven. 1 Kabelbreukbescherming links monteren: ● Alle trekkabels en kabels in de kabelbreukbescherming (F) leggen. ● Kabelbreukbescherming eerst in de bovenste boring (3) van het onderstuk duwstang geleiden. ● Aansluitend de kabelbreukbescherming in het onderste sleuf (4) van het onderstuk van de duwstang in de juiste positie plaatsen. 2 Kabelbreukbescherming rechts monteren: ● De montage van de kabelbreukbescherming (F) rechts gebeurt op dezelfde manier als aan de linkerkant.

7.3 Kabelgeleiding monteren

● Kabelgeleiding (E) in de uitsparingen op de behuizing (1) steken en naar het bovenstuk duwstang draaien. ● Alle kabels in de kabelgeleiding leggen. ● Kabelgeleiding met lichte druk in de beide daarvoor bedoelde boringen laten vastklikken.

7.4 Startkabel vast- en loshaken

● Trek vóór het vast- en loshaken van de startkabel de bougiestekker los van de verbrandingsmotor – breng deze daarna zo nodig weer aan. Vasthaken: ● Duw de motorstopbeugel (1) naar de duwstang en houd deze vast. ● Trek de startkabel (2) langzaam uit en houd deze vast. Laat de motorstopbeugel los. ● Haak de startkabel (2) in de kabelhouder (3) vast. Loshaken: ● Haak de startkabel (2) bij de kabelhouder (3) los en laat deze langzaam teruggaan. B Onderste gedeelte van de grasopvangbox

C Bovenste gedeelte van de grasopvangbox

G Bout met vlakke kop 2 H Draaiknop 2 I Duwstanghuls 2 J Accu (RM 545 VE) 1 K Oplaadapparaat (RM 545 VE)

– Gebruiksaanwijzing 1 – Gebruiksaanwijzing Verbrandingsmotor

7. Apparaat klaarmaken voor

gebruik Kans op letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk ´Voor uw veiligheid´ in acht. (Ö 4.) Pos. Omschrijving st. Kabelbreukbescherming (F) alleen zoals afgebeeld monteren. Kabels moeten onder de duwstang worden geleid. Draai zo nodig de draaiknop (H) vóór de montage los. RM 545, RM 545 T: Aan de rechterkant van de duwstang lopen geen kabels., daarom vervalt de kabelbreukbescherming rechts.

RM 545 VE: De verbrandingsmotor heeft geen startkabel.

● Bovenste gedeelte van de grasopvangbox (C) aan onderste gedeelte van de grasopvangbox (B) bevestigen. ● Bouten (D) van binnen door de betreffende openingen drukken. ● Bovenste gedeelte van de grasopvangbox door lichte druk in het onderste gedeelte van de grasopvangbox laten vastklikken. ● Grasopvangbox vasthaken. (Ö 8.8)

7.6 Brandstof en motorolie

Motorolie: gegevens over de te gebruiken motorolie en de vulhoeveelheid olie vindt u in de gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor. Controleer de inhoud regelmatig (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). Zorg ervoor dat de olie niet onder of boven het juiste peil komt te staan. Olietankdop voor het in gebruik nemen van de verbrandingsmotor goed vastschroeven. Brandstof: Advies: Verse merkbrandstoffen, Loodvrije benzine. Gegevens over de brandstofkwaliteit (octaangetal) vindt u in de gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor;

● Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond.

8.2 Verstelbare onderdelen op de

● Startkabel loshaken. (Ö 7.4) Transportstand – voor het ruimtebesparend transporteren en opslaan: ● draaiknoppen (1) erop schroeven totdat deze vrij draaien. De speciale constructie voorkomt dat de draaiknoppen vanzelf helemaal van de bouten kunnen draaien (bescherming tegen verlies). ● Bovenstuk duwstang (2) omklappen en op het apparaat laten liggen. Werkstand – voor het werken met het apparaat: ● bovenstuk duwstang (2) naar achter opklappen en met een hand vasthouden. ● Draaiknoppen (1) vastschroeven.

8.4 Hoogteverstelling duwstang

De duwstang (1) kan in 3 standen worden vastgezet: I laag II middel III hoog Voorkom schade aan het apparaat! Vul voor de eerste start motorolie bij. Voor het vullen met motorolie en tanken een aangepast vulhulpstuk (bijv. trechter) gebruiken.

Kans op letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk ´Voor uw veiligheid´ in acht. (Ö 4.) 1 Motorstopbeugel 2 Beugel wielaandrijving (RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR) 3 Hendel vario-aandrijving (RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR) 4Startknop (RM 545 VE)

Gevaar voor knellen! Door het losdraaien van de draaiknoppen kan het bovenstuk duwstang omklappen. Bovenstuk duwstang tijdens het erop schroeven van de draaiknoppen daarom met één hand op het hoogste punt vasthouden.

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL ● Draaiknop hoogteverstelling duwstang (2) linksom (ca. 5 slagen) losdraaien. ● Duwstang (1) met beide handen vastpakken en omhoog of omlaag in de gewenste positie zetten. Zorg ervoor dat de instelling van de duwstang links en rechts identiek is. ● Draaiknop hoogteverstelling duwstang (2) weer rechtsom vastdraaien.

snijhoogteverstelling RM 545, RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM: Er kunnen 7 snijhoogtes worden ingesteld. Stand 1: 25 mm Stand 7: 80 mm RM 545 VR: Er kunnen 6 snijhoogtes worden ingesteld. Stand 1: 20 mm Stand 6: 75 mm ● De hendel (1) voor de hoogteverstelling bevindt zich aan de linkerkant van het apparaat (zie afbeelding). ● Apparaat bij de greep (2) vastpakken en de verstelhendel (1) naar boven trekken en vasthouden om het klikmechanisme te ontgrendelen. Gewenste snijhoogte instellen door het apparaat omhoog of omlaag te bewegen. ● Deze kan aan de aanduiding snijhoogte (3) worden afgelezen. ● Verstelhendel (1) weer loslaten en hoogteverstelling laten vastklikken.

8.6 Accu en oplaadapparaat

(RM 545 VE) De grasmaaier RM 545 VE is voorzien van een elektrische startmotor. Als startaccu is een lithium-ionaccu ingebouwd. Het gebruik van de accu en het oplaadapparaat wordt beschreven in de meegeleverde gebruiksaanwijzing van de verbrandingsmotor. Eerste inbedrijfstelling: ● Beschermsticker (1) op de accu verwijderen. ● Oplaadapparaat (K) aansluiten op het elektriciteitsnet en accu (J) ca. 10 seconden laden. Zo wordt de slaapmodus (afleveringsstaat) uitgeschakeld en de accu geactiveerd. Daarna accu volledig opladen. Accu wegnemen en plaatsen: ● accu (J) opzij naar rechts uit de verbrandingsmotor wegnemen en weer in omgekeerde richting plaatsen.

8.7 Inhoudsindicatie

De door het mes gecreëerde luchtstroom tilt de inhoudsindicatie (1) omhoog. Als de grasopvangbox is gevuld, stopt de luchtstroom. Als de luchtstroom te gering is, zakt de inhoudsindicatie (1) naar de rusttoestand terug. Dit is een indicatie dat de grasopvangbox moet worden geledigd. Van een onbeperkte werking van de inhoudsindicatie is alleen bij een optimale luchtstroom sprake. Invloeden van buitenaf, zoals vochtig, dicht of hoog gras, lage snijtanden, vuil en dergelijke kunnen de luchtstroom en de werking van de inhoudsindicatie negatief beïnvloeden. A De grasopvangbox wordt gevuld B De grasopvangbox is gevuld ● Ledig de volle grasopvangbox (Ö 11.4).

8.8 Grasopvangbox vast- en

loshaken Vasthaken: ● uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● De grasopvangbox (2) wordt met de uitsparingen (3) aan de bevestiging (4) op het apparaat vastgehaakt. ● Uitwerpklep (1) weer met de hand sluiten. Loshaken: ● uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● Grasopvangbox (2) omhoog tillen, van de bevestiging (4) loshaken en verwijderen. ● Uitwerpklep (1) weer met de hand sluiten.

De accu mag alleen met het meegeleverde oplaadapparaat worden opgeladen, bij bedrijf van de grasmaaier wordt de accu niet bijgeladen. Druk ter controle van de laadtoestand op de toets (2) op de accu.

Bij apparaten met de mulchfunctie het mulchhulpstuk vóór het vasthaken van de grasopvangbox uit het uitwerpkanaal nemen. (Ö 10.3) 130478 111 9940 B - NL

Voor een veilige bediening en ter voorkoming van onjuist gebruik is het apparaat van verschillende veiligheidsvoorzieningen voorzien.

9.1 Veiligheidsvoorzieningen

De grasmaaier is met veiligheidsvoorzieningen uitgerust om een onopzettelijk contact met de maaimessen en het uitgeworpen maaigoed te voorkomen. Hiertoe behoren de behuizing, de uitwerpklep, de grasopvangbox en de correct gemonteerde duwstang.

De grasmaaier is voorzien van een motorstopvoorziening. Tijdens het gebruik wordt na het loslaten van de motorstopbeugel (1) de verbrandingsmotor uitgeschakeld. De verbrandingsmotor en de maaimessen komen binnen 3 seconden tot stilstand. Meten van de nalooptijd Na het starten van de verbrandingsmotor draaien de messen en is er windgeruis te horen. De uitlooptijd duurt even lang als het windgeruis na het uitschakelen van de verbrandingsmotor. Dit kan met een stopwatch worden gemeten. Een fraai en vol gazon ontstaat, – wanneer met lage snelheid gemaaid wordt. – wanneer het gazon vaak gemaaid en kort gehouden wordt. – wanneer bij warm en droog weer het gazon niet te kort gemaaid wordt, omdat het anders verbrandt door de zon en lelijk wordt. – wanneer met scherpe maaimessen gewerkt wordt – daarom de maaimessen regelmatig laten slijpen (dealer). – wanneer de snijrichting regelmatig wordt gewisseld.

10.1 Werkgebied van de

gebruiker ● Bij het starten en bij draaiende verbrandingsmotor moet de gebruiker zich om veiligheidsredenen altijd in het werkgebied bevinden achter de duwstang. Neem steeds de door de duwstang bepaalde veiligheidsafstand in acht. ● De grasmaaier mag uitsluitend door één persoon bediend worden, derden moeten zich buiten de gevarenzone bevinden. (Ö 4.)

10.2 Grasmaaiers met gazonwals

Het model RM 545 VR is uitgerust met een tweedelige aandrijfwals aan de achteras. Hierdoor kan heel precies langs een rand van het gazon of om planten worden gemaaid. Bovendien wordt het gras in de rijrichting gladgestreken, waardoor een typisch streeppatroon in het gazon ontstaat.

De multimaaier RM 545 VM is met een speciaal multimes en een reeds geplaatst mulchhulpstuk uitgevoerd. Mulchhulpstuk plaatsen Voor het gebruik van het apparaat als mulchmaaier moet het mulchhulpstuk (1) worden geplaatst: ● Uitwerpklep openen en vasthouden. ● Mulchhulpstuk (1) in het uitwerpkanaal plaatsen en van bovenaf met beide klemnokken (2) hoorbaar op de behuizing vastklikken. ● Uitwerpklep sluiten. Mulchhulpstuk verwijderen Om het apparaat als achteruitwerpmaaier of als grasverzamelaar (met gemonteerde grasopvangbox) te kunnen gebruiken, moet het mulchhulpstuk (1) uit het apparaat worden verwijderd: ● uitwerpklep openen en vasthouden.

9. Veiligheidsvoorzieningen

Kans op letsel! Bij een eventueel defect aan een van de veiligheidsvoorzieningen mag het apparaat niet in bedrijf worden genomen. Neem contact op met een vakhandelaar. STIHL beveelt de STIHL vakhandelaar aan. Kans op letsel! Als de uitlooptijd van de messen langer is, mag u het apparaat niet verder gebruiken en moet u het naar de vakhandelaar brengen.

10. Aanwijzingen voor

Kans op letsel! Schakel vóór alle werkzaamheden aan het mulchhulpstuk de verbrandingsmotor uit en trek de bougiestekker eruit.

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL ● Borglip (4) omhoog trekken en mulchhulpstuk (1) schuin naar boven uit het uitwerpkanaal trekken. ● Uitwerpklep sluiten (achteruitwerpmaaier) of grasopvangbox vasthaken en uitwerpklep sluiten (grasverzamelaar).

10.4 Hoe moet u mulchen?

Voor het mulchen moet een snijhoogte 4 tot 7 worden gekozen, omdat deze instelling van de snijhoogte de beste voor het hakselen van het gras is. Bij een te lage snijhoogte kan de behuizing van de maaier verstopt raken en daarna het maaimes blokkeren. De werksnelheid en snijhoogte moeten bij het mulchen zodanig worden gekozen, dat het multimes het te maaien gras optimaal kan verkorten en dat er een goed maairesultaat wordt bereikt. Bij hoog gras moet er meerdere malen en op hogere snijhoogtes worden gewerkt. Bij te hoog gras en vochtig gras mag deze maaier niet worden gebruikt.

11.1 Verbrandingsmotor starten

● Controleer olie- en brandstofpeil. (Ö 7.6) RM 545, RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VM, RM 545 VR: ● 1 Druk de motorstopbeugel (1) naar de duwstang en houd deze vast. ● 2 Trek de startkabel (2) langzaam uit tot de compressieweerstand. Trek aansluitend krachtig en snel door tot de volledige armlengte. Laat de startkabel (2) weer langzaam teruggaan, opdat deze weer correct wordt opgerold. ● Voer deze actie opnieuw uit tot de verbrandingsmotor aanslaat. RM 545 VE: ● Accu controleren: controleer de laadtoestand en laad de accu zo nodig op. (Ö 8.6) ● 1 Plaats de accu (3). ● 2 Druk de motorstopbeugel (1) naar de duwstang en houd deze vast. ● 3 Druk de startknop (4) in – maximaal 5 seconden en laat deze weer los. Neem als de verbrandingsmotor niet start, 1 minuut pauze vóór de volgende startpoging. Vermijd opnieuw starten bij een draaiende verbrandingsmotor.

11.2 Verbrandingsmotor

uitschakelen ● Laat de motorstopbeugel (1) los om de verbrandingsmotor uit te schakelen. De verbrandingsmotor en het maaimes komen na een korte uitlooptijd tot stilstand. ● RM 545 VE: Als het apparaat zonder toezicht is, verwijdert u de accu en bewaart u deze gescheiden van het apparaat en beveiligd tegen gebruik door onbevoegden (bijvoorbeeld door kinderen).

11.3 Wielaandrijving

De grasmaaiers RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM545VM, RM545VR zijn voorzien van een wielaandrijving. RM 545 T: Eén aandrijfsnelheid vooruit (transmissie met één versnelling) 3,6 km/u RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR: Onderweg traploos instelbare aandrijfsnelheid vooruit (vario- transmissie) 2,2 km/u – 3,8 km/u RM 545 VR: 2,4 km/u – 4,0 km/u Wielaandrijving inschakelen: ● verbrandingsmotor starten. (Ö 11.1) ● Beugel wielaandrijving (1) naar de duwstang trekken en houden. De wielaandrijving schakelt in en de grasmaaier zet zich vooruit in beweging.

11. Apparaat in gebruik

nemen Voorkom schade aan het apparaat! Start de verbrandingsmotor niet in hoog gras. Kies bij moeilijk starten een hogere instelling snijhoogte. Na het starten werkt de verbrandingsmotor dankzij de vaste aandrijfsnelheid steeds met optimaal toerental.

Aandrijfsnelheid instellen (RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR): ● Rijsnelheid verhogen: hendel vario-aandrijving (2) onderweg naar achteren trekken. ● Rijsnelheid verlagen: hendel vario-aandrijving (2) onderweg naar voren drukken. Wielaandrijving uitschakelen: ● beugel wielaandrijving (1) loslaten. De wielaandrijving schakelt uit en de grasmaaier blijft staan. De verbrandingsmotor draait verder.

11.4 Grasopvangbox ledigen

● Grasopvangbox loshaken en neerzetten. (Ö 8.8) ● Grasopvangbox aan de sluitlip (1) openen. Bovenste gedeelte van de grasopvangbox (2) naar boven openklappen en houden. Grasopvangbox naar achter omklappen en maaigoed ledigen. De grasopvangbox kan met de handgrepen (3, 4) aan het bovenste en onderste gedeelte van de grasopvangbox goed worden vastgehouden en comfortabel worden geledigd. ● Grasopvangbox sluiten. ● Grasopvangbox vasthaken. (Ö 8.8)

Jaarlijks onderhoud door de vakhandelaar: De grasmaaier moet elk jaar door een vakhandelaar worden geïnspecteerd. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.

12.2 Apparaat reinigen

Onderhoudsinterval: na elk gebruik Door het apparaat zorgzaam te behandelen, beschermt u het tegen beschadigingen en verlengt u de levensduur. ● Hoogste snijstand selecteren. (Ö 8.5) ● Grasopvangbox loshaken. (Ö 8.8) ● Bovenstuk duwstang (1) naar achter leunen. ● Uitwerpklep (2) openen en vasthouden. ● Apparaat voor aan de handgreep (3) optillen en zoals afgebeeld in de reinigingsstand plaatsen. Aanwijzingen voor het reinigen: ● verwijder vuil met een beperkte hoeveelheid water, met een borstel of met een doek. Reinig met name ook het maaimes. Richt waterstralen nooit op onderdelen van de verbrandingsmotor, pakkingen en lagers. ● Maak aangekoekte grasresten van tevoren met een houten staaf los. ● Indien nodig, speciaal reinigingsmiddel gebruiken (bijv. STIHL speciale reiniger). Schade aan het apparaat vermijden! Beugel wielaandrijving steeds volledig (tot aan de aanslag) indrukken, om gevolgschade aan de transmissie te vermijden. Schade aan het apparaat vermijden! Hendel vario-aandrijving (2) bij draaiende verbrandingsmotor bedienen. Kans op letsel! Verbrandingsmotor vóór het loshaken van de grasopvangbox uitschakelen en maaimes tot stilstand laten komen. Een volle grasopvangbox kan wel tot 16kg zwaar zijn.

Kans op letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk ´Voor uw veiligheid´ in acht. (Ö 4.).

Kans op letsel! Verbrandingsmotor uitschakelen, bougiestekker lostrekken, accu verwijderen (bij RM 545 VE) en apparaat laten afkoelen. Alvorens het apparaat in de reinigingsstand te plaatsen dient men de brandstoftank te ledigen (leegrijden). Apparaat staat alleen met geopende uitwerpklep veilig in de reinigingsstand.103 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL

12.3 Messenslijtage controleren

Onderhoudsinterval: vóór elk gebruik ● Klap de grasmaaier omhoog in de reinigingspositie. (Ö 12.2) ● Reinig het mes (1). ● Meet de mesdikte A op minstens 5 punten met een schuifmaat. Met name bij de mesvleugels is de minimumdikte essentieel. ● Standaardmes: Leg een liniaal (2) zoals afgebeeld tegen de betreffende mesrand en meet de slijtageB. ● Multimes (RM 545 VM): Controleer de minimumbreedte C met een schuifmaat op het smalste punt achter de mesvleugels. Het mes moet worden vervangen, – als het beschadigd is (kerven, scheuren), – als de meetwaarden op één of meerdere punten worden bereikt of buiten de toegestane grenzen liggen. 1 Slijtagegrenzen standaardmes: Mesdikte A: > 2 mm Slijtage B: < 5 mm 2 Slijtagegrenzen multimes (RM 545 VM): Mesdikte A: > 2 mm Minimumbreedte C: > 55 mm

12.4 Mes uit- en inbouwen

Demontage: ● Gebruik een geschikt houten blok (1, circa 60x60 mm) voor het tegenhouden van het mes (2). ● Schroef de mesbout (3) met een moersleutel SW 17 eruit. ● Neem het mes (2), de mesbout (3) en de borgring (4) weg. Montage: ● Reinig het montagevlak en de bus van het mes. ● Controleer de balans van mes. (Ö 12.5) ● Monteer het mes (2) met de omhoog gebogen vleugels naar boven (richting apparaat). ● Gebruik een geschikt houten blok (1, circa 60x60 mm) voor het tegenhouden van het mes (2). ● Draai de mesbout (3) met een nieuwe borgring (4) erin draaien en haal deze aan. Aandraaimoment:

● Demonteer het mes. (Ö 12.4) ● Leid een schroevendraaier (1) door de middelste boring (2) van het mes (3) en lijn het mes horizontaal. Als het mes goed in balans is, blijft het horizontaal staan. ● Als het mes naar één kant overhelt, slijpt u deze kant bij totdat het mes weer in balans is. (Ö 12.6)

12.6 Maaimes slijpen

STIHL raadt aan om het maaimes door een vakman te laten slijpen. Bij een onjuist geslepen mes (onjuiste slijphoek, onbalans enz.) komt de goede werking van het apparaat in het gedrang. Aanwijzingen voor het slijpen: ● Maaimes demonteren (Ö 12.4). ● Koel het maaimes tijdens het slijpen, bijvoorbeeld met water. Het mes mag niet blauw worden, omdat anders de snijresultaten minder worden. Kans op letsel! Messen slijten sterk verschillend, afhankelijk van de plaats van gebruik en inzetduur. Als u het apparaat op een zandige ondergrond of dikwijls in droge omstandigheden gebruikt, is dit zwaarder voor het mes en slijt het sneller dan gemiddeld. Een versleten mes kan afbreken en ernstig letsel veroorzaken. De instructies voor het mesonderhoud moeten daarom altijd in acht worden genomen.

Kans op letsel! Het mes (2) mag alleen zoals afgebeeld worden gemonteerd. De omhoog gebogen mesvleugels moeten naar boven wijzen. Houd het voorgeschreven aandraaimoment van de mesbout precies aan, omdat een veilige bevestiging van het snijgereedschap daarvan afhangt. Borg de mesbout (3) extra met Loctite 243. Vervang de borgring (4) bij elke montage van het mes, de mesbout (3) bij elke mesvervanging.

● Slijp het mes gelijkmatig om trillingen door onbalans te voorkomen. ● Slijp onder een hoek van 30°. ● Verwijder eventueel na het slijpen bramen op het lemmet met fijnkorrelig schuurpapier. ● Houd de slijtagegrenzen aan. (Ö 12.3)

12.7 Kabel wielaandrijving

afstellen Onderhoudsinterval: indien nodig De spanning van de kabel is af fabriek goed afgesteld. De kabel moet worden bijgesteld, – wanneer na langer gebruik de wielaandrijving bij geactiveerde beugel van de wielaandrijving zich niet goed inschakelt. – wanneer de wielaandrijving permanent ingeschakeld is. – Dit betekent dat de grasmaaier zich ongewild in beweging zet bij het uittrekken van de startkabel, hoewel de beugel van de wielaandrijving niet geactiveerd is. Spanning van de kabel controleren: ● activeer de beugel van de wielaandrijving en trek de grasmaaier gelijktijdig naar achteren. Vanaf ongeveer een derde van de hendelbeweging moeten de aandrijfwielen blokkeren. Kabel afstellen: ● door draaien van de verstelbout (1) links op het bovenstuk duwstang in de richting "+" wordt de kabel verder gespannen, door draaien in de richting "–" wordt deze ontspannen.

12.8 Verbrandingsmotor

Onderhoudsinterval: zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor. Algemene aanwijzingen: Neem de gebruiks- en onderhoudsinstructies in de bijgevoegde gebruiksaanwijzing onder het punt van de verbrandingsmotor in acht. Voor een lange levensduur is het van belang de olie op peil te houden, regelmatig de olie te verversen alsook het luchtfilter te vervangen. Voor de aanbevolen oliewissel-intervallen en informatie over motorolie en de vulhoeveelheid olie verwijzen wij u ook naar het punt van de verbrandingsmotor in de gebruiksaanwijzing. De koelvinnen moeten altijd schoon worden gehouden om een goede koeling van de verbrandingsmotor te garanderen.

12.9 Accu en oplaadapparaat

onderhouden Onderhoudsinterval: zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.

12.10 Wielen en transmissie

De lagers van de wielen zijn onderhoudsvrij. De transmissie is onderhoudsvrij.

12.11 Gazonwals onderhouden

De aandrijfketting moet regelmatig worden gesmeerd, de kogellagers en de walsen zijn onderhoudsvrij. Onderhoudsinterval: een keer per jaar of indien nodig ● Voor onderhoudsdoeleinden bout (1, torx 25) losdraaien en afdekking (2) wegnemen. ● Aandrijfketting met standaard verkrijgbaar vet smeren.

12.12 Opslag en stilleggen

(winterpauze) Apparaat in een droge, afgesloten, stofvrije ruimte opslaan. Bewaar het apparaat altijd buiten het bereik van kinderen. Eventuele storingen voor het opslagen corrigeren. Het apparaat moet steeds gebruikklaar zijn. Brandstof uit de brandstoftank aftappen en carburateur ledigen voor de opslag (bijv. door leegrijden). Kans op letsel! De kabel van de wielaandrijving moet goed ingesteld zijn wanneer met het apparaat wordt gewerkt. Neem indien nodig contact op met een vakhandelaar. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL Neem bij een langere stilstand van het apparaat (winterpauze) bijkomend de volgende punten in acht: ● Maak alle onderdelen aan de buitenkant van het apparaat zorgvuldig schoon. ● Smeer alle bewegende delen goed in met olie of vet. ● Schroef de bougie eruit (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor) en giet ca. 3 cm³ motorolie in de bougieboring in de verbrandingsmotor. Laat de verbrandingsmotor een paar keer zonder bougie doordraaien (aan de startkabel trekken). ● Bougie terug inschroeven (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). ● Ververs de olie (zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor). RM 545 VE: ● Accu verwijderen en gescheiden van het apparaat buiten het bereik van onbevoegde personen in een droge, stof- en vorstvrije ruimte opslaan. ● Accu vóór het begin van het seizoen volledig opladen. (Ö 8.6)

Apparaat dragen: ● apparaat uitsluitend aan de handgreep (1) en aan de duwstang (2) optillen. Houd altijd voldoende afstand tot het maaimes, met name wat betreft de voeten en benen. Apparaat vastsjorren: ● apparaat met geschikte bevestigingsmaterialen op het laadoppervlak vastzetten en uitsluitend op de 4 wielen staande transporteren. ● Maak de kabels of gordels aan het onderstuk duwstang (3) vast. Grasresten horen niet in de vuilnisbak, maar moeten worden gecomposteerd. De verpakkingen, het apparaat en de accessoires zijn met recycleerbaar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt. Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u de recyclage van waardevolle stoffen. Daarom moet het apparaat na afloop van de gebruikelijke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Raadpleeg bij het afvoeren de informatie in het hoofdstuk ´Afvoeren´ (Ö 4.10) Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. Voer afvalproducten als accu’s altijd op de juiste wijze af. Neem de plaatselijke voorschriften in acht. Bied de accu niet via het huisvuil aan, maar lever deze bij de vakhandelaar of het afvalpunt voor gevaarlijke stoffen in. ● Accu verwijderen (Ö 8.6) en gescheiden van de grasmaaier afvoeren. Brandgevaar! Houd de bougiestekker wegens ontstekingsgevaar uit de buurt van het bougiegat.

Kans op letsel! Lees vóór het transport het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" en volg de instructies op. (Ö 4.) Draag bij transport steeds geschikte beschermkleding (veiligheidsschoenen, werkhandschoenen). Trek vóór het optillen of transporteren steeds de bougiestekker los. Uit veiligheidsoverwegingen raadt STIHL aan om het apparaat alleen met hulp van een tweede persoon op te tillen of te dragen. Kijk vóór het optillen in het hoofdstuk "Technische gegevens" eerst hoeveel het apparaat weegt.

Belangrijke aanwijzingen voor het onderhoud van de productgroep Grasmaaiers met benzinemotor (STIHL RM) De firma STIHL aanvaardt in geen geval aansprakelijkheid voor materiële schade en persoonlijk letsel die het gevolg zijn van het niet in acht nemen van de instructies in de gebruiksaanwijzing, met name betreffende veiligheid, bediening en onderhoud, of die optreden door gebruik van niet toegestane aanbouw- of vervangingsonderdelen. Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acht om schade of overmatige slijtage aan uw STIHL apparaat te vermijden:

1. Slijtageonderdelen

Sommige onderdelen van het STIHL apparaat zijn ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduur tijdig worden vervangen. Dit omvat o. a.: – maaimes of multimes – grasopvangbox – V-riem (RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VM, RM 545 VR) – stootstrippen – accu (RM 545 VE) – aandrijfketting (RM 545 VR)

2. Inachtneming van de voorschriften in

deze gebruiksaanwijzing Het STIHL apparaat moet zo zorgvuldig mogelijk worden gebruikt, onderhouden en opgeslagen, zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het niet in acht nemen van veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt, is de gebruiker zelf verantwoordelijk. Dit geldt met name voor: – niet door STIHL goedgekeurde wijzigingen aan het product. – het gebruik van niet door STIHL goedgekeurde gebruiksstoffen (smeermiddelen, benzine en motorolie, zie gegevens van de fabrikant van de verbrandingsmotor). – Het gebruik van gereedschappen of accessoires die niet voor het apparaat zijn goedgekeurd, niet geschikt zijn of van een minder goede kwaliteit zijn. – niet reglementair gebruik van het product. – gebruik van het product bij sport- of wedstrijdevenementen. – gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.

3. Onderhoudswerkzaamheden

Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd. Voor zover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden uitgevoerd, moeten deze aan een vakhandelaar worden overgelaten. STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren. STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld. Als deze werkzaamheden niet worden uitgevoerd, kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker verantwoordelijk is. Hiertoe behoren onder andere: – corrosie en andere gevolgschade door ondeskundige opslag. – beschadigingen aan het apparaat door het gebruik van kwalitatief minderwaardige reserveonderdelen. – beschadigingen door niet tijdig of ondeskundig uitgevoerd onderhoud resp. beschadigingen door onderhouds- of reparatiewerkzaamheden die niet in werkplaatsen van vakhandelaars zijn uitgevoerd. Maaimes voor RM 545, RM 545 T, RM 545 V, RM 545 VE, RM 545 VR:

Multimes voor RM 545 VM:

RM 545.0 T, RM 545.0 V, RM 545.0 VE, RM 545.0 VM, RM 545.0 VR STIHL Tirol GmbH Hans Peter Stihl-Straße 5 6336 Langkampfen Oostenrijk verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat – Type: Grasmaaier – Merk: STIHL – Type: RM 545.0, RM 545.0 T, RM 545.0 V, RM 545.0 VE, RM 545.0 VM, RM 545.0 VR – Productiecode: 6340 voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2000/14/EC, 2006/42/EC, 2014/30/EU und 2011/65/EU en overeenkomstig de op de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN ISO 5395-1, EN ISO 5395-2, EN 60335-1, EN 14982, EN 60335-2-29 en EN 62233 (voor zover van toepassing). Naam en adres van de bevoegde instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 D-90431 Nürnberg Voor het bepalen van het gemeten en gewaarborgde geluidsniveau is gehandeld volgens richtlijn 2000/14/EC, bijlage VIII. RM 545.0, RM 545.0 T, RM 545.0 V, RM 545.0 VM, RM 545.0 VR – Gemeten geluidsniveau: 94,4 dB(A) – Gegarandeerd geluidsniveau: 95 dB(A) RM 545.0 VE – Gemeten geluidsniveau: 94,8 dB(A) – Gegarandeerd geluidsniveau: 96 dB(A) De technische documentatie is bewaard bij de registratie van het product van STIHL Tirol GmbH. Het bouwjaar en het machinenummer staan op de grasmaaier vermeld. Langkampfen, 02.11.2020 STIHL Tirol GmbH namens Matthias Fleischer, Hoofd Onderzoek en Ontwikkeling namens Sven Zimmermann, Hoofd Kwaliteit De bevestigingselementen van het maaimes (bijvoorbeeld de mesbout) moeten bij het verwisselen of monteren van het mes worden vervangen. Vervangingsonderdelen zijn bij de STIHL vakhandelaar verkrijgbaar.

conformiteitsverklaring

18. Technische gegevens

RM 545.0, RM 545.0 T, RM 545.0 V, RM 545.0 VE, RM 545.0 VM, RM 545.0 VR: Serienummer 6340 Bouwwijze verbrandingsmotor 4-takt- verbrandingsmo- tor Fabrikant verbrandingsmotor Briggs & Stratton Snijbreedte 43 cm Snijvoorziening Mesbalk Aandrijving mesbalk permanent Aandraaimoment mesbout 60 - 65 Nm Wiel-Ø voor 180 mm Capaciteit grasopvangbox 60 l Lengte 147 cm Breedte 48 cm Hoogte 102 cm RM 545.0: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 650 EXi Cilinderinhoud 163 cc Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,4 - 2800 kW - omw/min Startsysteem Trekkoord Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min0478 111 9940 B - NL

Snijhoogten 25 - 80 mm Wiel-Ø achter 200 mm Gewicht 27 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 95 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

82 dB(A) Onzekerheid K

2 dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: Gemeten waarde

2,40 m/sec² Meting conform EN 20643 RM 545.0 T: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 650 EXi Cilinderinhoud 163 cc Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,4 - 2800 kW - omw/min Startsysteem Trekkoord Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min Snijhoogten 25 - 80 mm Wiel-Ø achter 200 mm Wielaandrijving achterwiel 1 versnelling Gewicht 29 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 95 dB(A) RM 545.0: Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

82 dB(A) Onzekerheid K

2dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: Gemeten waarde

2,40 m/sec² Meting conform EN 20643 RM 545.0 V: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 650 EXi Cilinderinhoud 163 cc Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,4 - 2800 kW - omw/min Startsysteem Trekkoord Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min Snijhoogten 25 - 80 mm Wiel-Ø achter 200 mm Wielaandrijving achterwiel Vario Gewicht 29 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 95 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

82 dB(A) Onzekerheid K

2dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: RM 545.0 T: Gemeten waarde

2,40 m/sec² Meting conform EN 20643 RM 545.0 VE: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 675 iS Cilinderinhoud 163 cc Lithium-ionaccu en oplaadapparaat zie gebruiksaan- wijzing van de verbrandingsmo- tor Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,6 - 2800 kW - omw/min Startsysteem ElektroStart Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min Snijhoogten 25 - 80 mm Wiel-Ø achter 200 mm Wielaandrijving achterwiel Vario Gewicht 31 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 96 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

83 dB(A) Onzekerheid K

2 dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: Gemeten waarde

2,40 m/sec² Meting conform EN 20643 RM 545.0 V:109 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL Transport van lithium-ionaccu´s: RM 545.0 VE: De gebruikte lithium- ionaccu´s voldoen aan de cf. UN- handboek ST/SG/AC.10/11/Rev.5 deel III, paragraaf 38.3 vermelde voorwaarden. De gebruiker kan deze accu´s bij transport over de weg zonder verdere voorwaarden naar de plaats van gebruik van het apparaat vervoeren. Neem voor het transport per vliegtuig of per schip de landspecifieke voorschriften in acht. Verdere aanwijzingen voor transport kunt u vinden op http://www.stihl.com/safety- data-sheets

REACH duidt op een EG-verordening inzake het registeren, analyseren en toestaan van chemicaliën. Voor informatie over het voldoen aan de REACH-verordening (EG) nr. 1907/2006 gaat u naar www.stihl.com/reach Storing: Verbrandingsmotor start niet Mogelijke oorzaak: – Motorstopbeugel niet bediend. – RM 545 VE: Accu leeg of defect – Geen brandstof in de tank; brandstofleiding verstopt. – Slechte, vervuilde of oude brandstof in de tank. – Luchtfilter vuil. – Bougiestekker is van bougie afgekoppeld; ontstekingskabel is niet goed op de stekker aangesloten. – Bougie vol roet of beschadigd; verkeerde afstand elektroden. – Behuizing van de grasmaaier verstopt. Oplossing: – Motorstopbeugel naar de duwstang duwen en vasthouden. (Ö 9.2) – RM 545 VE: Accu opladen of vervangen. (Ö 8.6) – Brandstof bijvullen; brandstofleidingen reinigen. # RM 545.0 VM: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 650 EXi Cilinderinhoud 163 cc Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,4 - 2800 kW - omw/min Startsysteem Trekkoord Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min Snijhoogten 25 - 80 mm Wiel-Ø achter 200 mm Wielaandrijving achterwiel Vario Gewicht 30 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 95 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

82 dB(A) Onzekerheid K

2 dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: Gemeten waarde

2,40 m/sec² Meting conform EN 20643 RM 545.0 VR: Typeaanduiding verbrandingsmotor Series 650 EXi Cilinderinhoud 163 cc Nominaal vermogen bij nominaal toerental 2,4 - 2800 kW - omw/min Startsysteem Trekkoord Brandstoftank 1,0 l Toerental mesbalk 2800 omw/min Snijhoogten 20 - 75 mm Wals-Ø achter 90 mm Aandrijving wals Vario Gewicht 30 kg Geluidsemissie Conform richtlijn 2000/14/EC: Gewaarborgd geluidsniveau L WAd 95 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Geluidsdrukniveau op werkplek L

82 dB(A) Onzekerheid K

2dB(A) Vibraties hand-arm Aangegeven trillingsemissiewaarde vol- gens EN 12096: Gemeten waarde

4,20 m/sec² Onzekerheid K

# Neem eventueel contact op met een vakhandelaar. STIHL beveelt de STIHL vakhandelaar aan. @ Zie gebruiksaanwijzing verbrandingsmotor.0478 111 9940 B - NL

– Alleen recente merkbrandstof, normale loodvrije benzine gebruiken; carburator reinigen. # – Luchtfilter reinigen. # – Bougiestekker aansluiten; verbinding tussen ontstekingskabel en stekker controleren. # – Bougie reinigen of vervangen; afstand elektroden instellen. # – Behuizing van de grasmaaier reinigen – eerst bougiestekker lostrekken en bij RM 545 VE ook accu verwijderen. (Ö 12.2) Storing: Slecht starten of verminderen van het vermogen van de verbrandingsmotor. Mogelijke oorzaak: – Behuizing van de grasmaaier verstopt. – U maait met een te lage snijstand of de rijsnelheid is ten opzichte van de snijhoogte te hoog. – Er zit water in de brandstoftank en carburator; de carburator is verstopt. – Brandstoftank vuil. – Luchtfilter vuil. – Bougie vol roet. Oplossing: – Behuizing van de grasmaaier reinigen – eerst bougiestekker lostrekken en bij RM 545 VE ook accu verwijderen. (Ö 12.2) – Hogere snijstand instellen of rijsnelheid verlagen. (Ö 8.5) – Brandstoftank leegmaken, brandstofleiding en carburator reinigen. # – Brandstoftank reinigen. # – Luchtfilter reinigen. # – Bougie reinigen. # Storing: Maaikanaal verstopt Mogelijke oorzaak: – Maaimes is versleten. – Maaien van te hoog of te vochtig gras. Oplossing: – Maaimes vervangen. (Ö 12.4) – Snijhoogte en maaisnelheid aan de te maaien oppervlakte aanpassen. (Ö 10.), (Ö 8.5) Storing: Onzuivere snede, gras wordt geel Mogelijke oorzaak: – Mes is stomp of versleten. – De maaisnelheid is in verhouding tot de snijhoogte te hoog. Oplossing: – Mes slijpen of vervangen (Ö 12.6), (Ö 12.4), # – Maaisnelheid verlagen en/of juiste snijhoogte kiezen (niet werken op laagste snijhoogte). (Ö 8.5), (Ö 11.3) Storing: Verbrandingsmotor wordt zeer heet. Mogelijke oorzaak: – Te laag oliepeil in de verbrandingsmotor. – Koelribben zijn vuil. Oplossing: – Motorolie verversen. (Ö 7.6) – Koelribben reinigen. (Ö 12.2) Storing: Geen aandrijving bij het bedienen van de beugel wielaandrijving Mogelijke oorzaak: – Kabel wielaandrijving verkeerd afgesteld. – Kabel wielaandrijving defect (bijv. geknikt). – V-riem versleten. – Transmissie defect. Oplossing: – Afstelling kabel controleren. (Ö 12.7) – Kabel vervangen. # – V-riem vervangen. # – Transmissie vervangen. # Storing: Snelheidsregeling vario-aandrijving werkt niet Mogelijke oorzaak: – Hendel vario-aandrijving in verkeerde richting gedrukt. – Kabel vario-aandrijving losgesprongen of defect (bijv. geknikt). Oplossing: – Hendel vario-aandrijving in de juiste richting drukken. (Ö 11.3) – Kabel vario-aandrijving vasthaken of vervangen. # Storing: Sterke vibraties tijdens gebruik. Mogelijke oorzaak: –Mesbout los. – Mes is door verkeerd slijpen of breuk in onbalans. – Snijeenheid defect.111 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSLSKTR NL 0478 111 9940 B - NL – Bevestiging van de verbrandingsmotor los. Oplossing: – Mesbout vastdraaien. (Ö 12.4) – Mes slijpen (balanceren) of vervangen. (Ö 12.5), (Ö 12.6), # – Mes, messenas en mesbevestiging controleren en zo nodig repareren. # – Bevestigingsbouten van de verbrandingsmotor aandraaien. #

Geef deze gebruiksaanwijzing bij onderhoudswerkzaamheden aan uw STIHL vakhandelaar. Hij geeft in de voorgedrukte velden aan welke servicewerkzaamheden er zijn uitgevoerd.

20. Onderhoudsschema

Service uitgevoerd op Datum volgende servicebeurt0478 111 9940 B - NL

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIHL

Model : RM 545

Categorie : Grasmaaier