LG ARNU21GL6G4 - Airconditioning

ARNU21GL6G4 - Airconditioning LG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis ARNU21GL6G4 LG in PDF-formaat.

📄 363 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice LG ARNU21GL6G4 - page 170
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : LG

Model : ARNU21GL6G4

Categorie : Airconditioning

Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ARNU21GL6G4 - LG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ARNU21GL6G4 van het merk LG.

GEBRUIKSAANWIJZING ARNU21GL6G4 LG

2. Raadpleeg de bedrade afstandsbediening handleiding voor ESP instelprocedure.

  • 145 22.75 20.86 18.442019-20252 Binnenunit plafond verborgen kanaal- laag statisch type binnenunit installatiehandleiding INHOUDSOPGAVE Vier soorten "A"-schroeven Aansluitkabel Een glas water Schroevendraaier Functionaliteiten p. 3
  • Veiligheidsmaatregelen p. 4
  • Installatie p. 9
  • Keuze van de beste locatie p. 9
  • Flexibele installatie p. 10
  • Minimaal vloeroppervlak p. 11
  • Afmeting plafond en locatie waar de bout wordt opgehangen p. 12
  • Binnenunitinstallatie p. 13
  • Bedradingverbinding p. 13
  • De afvoer controleren p. 14
  • Afvoerleidingen p. 15
  • Instelling dip-switch p. 17
  • Instelling groepsbesturing p. 18
  • Modelomschrijving p. 23
  • Geluidsemissie p. 23
  • Beperkende concentratie p. 23
  • Hoe E.S.P. (Elektronisch Sta- biliteitsprogramma) in ste stellen? Buizen: Gaszijde Vloeistofzijde (Zie productgegevens) Isolatiemateriaal Aanvullende afvoerbuis Peilmeter Schroevendraaier Elektrische boor Gatkern boor Set uitdrijfgereedschap Gespecificeerde torsiesleutels (verschillende afhankelijk van het modelnummer) Moersleutel half union Zeskant moersleutel Gaslekdetector Vacuümpomp Meetspruitstuk Gebruikershandleiding Thermometer Installatievereisten Vereiste onderdelen Vereist gereedschapInstallatiehandleiding 3 Functionaliteiten Functionaliteiten Naam Afvoerslang Klemmetaal Sluitring om afvoer- bak op te hangen Klem (tie-wrap) Isolatie voor bevestiging Hoeveelheid p. 24
  • Gebruikershandleiding
  • Installatiehandleiding voor gasbuis voor vloeistofbuis NEDERLANDS Installatiehulpmiddel Luchtuitlaat ventilatieopeningenLuchtfiltersSchakelkastLuchtinlaatventilatieopeningenAfstandsbediening met bedradingVeiligheidsmaatregelen 4 Binnenunit Installeren
  • Gebruik geen defecte of te laag gewaardeerde stroomverbreker. Installeer dit apparaat in een speciaal daarvoor bestemde groep. - Daardoor voorkomt u het risico van brand of kortsluiting.
  • Roep voor elektrische installatie- of reparatiewerkzaamheden de hulp in van de dealer, de leverancier, een deskundige elektromonteur of een erkend elektrotechnisch installatiebureau. - Demonteer of repareer het product niet zelf. Daardoor voorkomt u het risico van brand of kortsluiting.
  • Dit apparaat moet altijd geaard worden. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting en schokgevaar te voorkomen.
  • Zet het paneel en de afdekplaat van de schakelkast stevig vast. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting en schokgevaar te voorkomen.
  • Laat altijd een afzonderlijke groep inclusief hoofdstroomverbreker installeren. - Een verkeerde bedrading of installatie kan brand, kortsluiting en elektrisch schokgevaar veroorzaken.
  • Gebruik een stroomonderbreker of zekering van de juiste waarde. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting en schokgevaar te voorkomen.
  • Vervang of verleng de netvoedingskabel niet. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting en schokgevaar te voorkomen.
  • Als gebruiker mag u het aircosysteem niet zelf installeren, verwijderen of opnieuw installeren. - Daardoor voorkomt u brand-, schok- en explosiegevaar en persoonlijk letsel. Veiligheidsmaatregelen Houd u aan de volgende aanwijzingen om persoonlijk letsel van u of anderen en beschadiging van deapparatuur te voorkomen.Besturingsfouten door het negeren van de aanwijzingen kunnen de apparatuur beschadigen. De ernsthiervan wordt uitgedrukt door de volgende pictogrammen. WAARSCHUWING LET OP Dit teken wijst op de mogelijkheid van dodelijk of ernstig lichamelijk letsel.Dit teken wijst op de mogelijkheid van persoonlijk letsel of materiële schade.De betekenis van de tekens die in deze handleiding worden gebruikt is hieronder aangegeven. Zeker niet doen. Volg deze instructie nauwgezet op. WAARSCHUWING De onderstaande symbolen worden weergegeven op binnen- en buitenunits. Lees de voorzorgsmaatregelen in dezehandleiding zorgvuldig door voordat u deunit gebruikt.Dit apparaat is gevuld met R32.Dit symbool geeft aan dat debedieningshandleiding zorgvuldig moetworden gelezen.Dit symbool geeft aan dat eenonderhoudstechnicus deze apparatuurmoet behandelen overeenkomstig deinstallatiehandleidingInstallatiehandleiding 5 Veiligheidsmaatregelen NEDERLANDS
  • Behandel het aircosysteem voorzichtig bij het uitpakken en installeren. - U kunt zich aan de scherpe randen verwonden. Pas op voor de randen van het huis en de condensor- en verdampervinnen.
  • Bel de dealer of een erkende servicecentrale voor installatie. - Daardoor kunt u brand-, schok- en explosiegevaar en persoonlijk letsel voorkomen.
  • Installeer het aircosysteem niet in een bouwvallige structuur. - Dit kan verwondingen, een ongeval of beschadiging van het aircosysteem veroorzaken.
  • Zorg ervoor dat de installatiestructuur niet geleidelijk vervallen raakt. - De airconditioner kan tegelijk met de installatiestructuur vallen, onklaar raken en materiële schade en persoonlijk letsel veroorzaken.
  • De schakelaar niet inschakelen (of in ieder geval de stroom niet aanzetten) als het voorpaneel, behuizing, deksel, of afdekplaat van de schakelkast verwijderd of geopend is. - Anders kan dit brand, elektrische schokken, explosies of de dood als gevolg hebben.
  • Gebruik een vacuümpomp of inert (stikstof) gas wanneer u een lektest of luchtzuivering uitvoert. Gebruik geen samengeperste lucht of zuurstof en gebruik geen brandbare gassen. Anders kan dit brand of een explosie veroorzaken. - Er bestaat risico op de dood, letsel, brand of een explosie. Bediening
  • Laat de airconditioner niet langdurig werken wanneer de luchtvochtigheid zeer hoog en een deur of raam open staat. - Daardoor kan vocht uit de lucht condenseren en het meubilair nat maken of beschadigen.
  • Zorg ervoor dat de netvoedingskabel bij het bedienen van het aircosysteem niet losgetrokken of beschadigd kan worden. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Plaats niets op de netvoedingskabel. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Trek de stekker van de netvoedingskabel niet uit het stopcontact wanneer het aircosysteem in werking is. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Raak het aircosysteem niet met natte handen aan. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Plaats geen verwarmingsapparaten of andere toestellen in de buurt van de netvoedingskabel. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting en schokgevaar te voorkomen.
  • Het apparaat moet in een goed geventileerde ruimte worden geplaatst waar de grootte van de ruimte overeen komt met de specificatie voor het gebruik. (voor R32)Veiligheidsmaatregelen 6 Binnenunit
  • Voorkom dat de elektrische onderdelen van het aircosysteem nat worden. - Daardoor helpt u brand, kortsluiting, schokgevaar en uitvallen van het aircosysteem te voorkomen.
  • Bewaar geen ontvlambare gassen en brandstoffen in de buurt van het aircosysteem. - Daardoor helpt u brand en uitvallen van het aircosysteem te voorkomen.
  • Gebruik het aircosysteem niet langdurig in een hermetisch gesloten ruimte. - Dit kan leiden tot zuurstoftekort.
  • Als er een lek is van ontvlambaar gas, sluit dan de gaskraan en open een raam om te ventileren voordat u het aircosysteem inschakelt. - Gebruik geen telefoon en zet geen schakelaars aan of uit. Door vonken kan een explosie of brand ontstaan.
  • Er komen vreemde geluiden of rookslierten uit het aircosysteem. Zet de hoofdschakelaar uit of trek de netvoedingskabel uit het stopcontact. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Schakel het aircosysteem bij stormachtig weer uit. Verwijder het aircosysteem bij een orkaanwaarschuwing tijdig uit het venster. - Een orkaan kan materiële schade, uitvallen van het product en kortsluiting veroorzaken.
  • Open het inlaatrooster van het aircosysteem niet als dit in werking is. (Raak het elektrostatische filter niet aan als het aircosysteem hiermee is uitgerust.) - Daardoor kunt u lichamelijk letsel, kortsluiting, schokgevaar en uitvallen van het aircosysteem voorkomen.
  • Neem contact op met een erkend elektrotechnisch installatiebureau als het aircosysteem geheel of gedeeltelijk onder water heeft gestaan. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.
  • Zorg ervoor dat geen water in het product kan doordringen. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting, schokgevaar en beschadiging van het product voorkomen.
  • Ventileer het aircosysteem regelmatig als u het samen met een kachel e.d. gebruikt. - Daardoor kunt u brand, kortsluiting en schokgevaar voorkomen.

Zet de hoofdschakelaar uit tijdens een reinigings- of controlebeurt van het aircosysteem. - Daardoor kunt u schokgevaar voorkomen.

  • Trek de netvoedingskabel uit het stopcontact of schakel de centrale stroomverbreker uit als het aircosysteem lange tijd niet wordt gebruikt. - Daardoor voorkomt u beschadiging, onklaar worden en per abuis inschakelen van het aircosysteem.
  • Zorg ervoor dat niemand op het buitenelement kan trappen of erover vallen. - Daardoor voorkomt u persoonlijk letsel en beschadiging van het aircosysteem.
  • Wanneer mechanische aansluitingen binnenshuis worden hergebruikt, moeten de afdichtende delen worden vernieuwd. (voor R32)
  • Wanneer uitlopende verbindingen binnenshuis worden hergebruikt, moet de welving opnieuw worden gemaakt. (voor R32)Installatiehandleiding 7 Veiligheidsmaatregelen NEDERLANDS LET OP Installeren
  • Controleer na de installatie of eventuele reparaties het aircosysteem altijd op gaslekken (koelmiddel). - De airco-installatie kan door een te laag koelmiddelniveau beschadigd worden.
  • Installeer altijd een afvoerbuis om condenswater correct af te voeren. - Door een slechte aansluiting kunnen waterlekken ontstaan.
  • Houd het aircosysteem altijd horizontaal – ook tijdens installatiewerkzaamheden. - Daardoor voorkomt u trillingen en lekken.
  • Installeer het aircosysteem niet op plaatsen waar het geluid of warme lucht van het buitenelement omwonenden kan hinderen. - Daardoor voorkomt u problemen met de buren.
  • Het apparaat moet altijd door minimaal twee personen getild en verplaatst worden. - Daardoor wordt persoonlijk letsel voorkomen.
  • Installeer het aircosysteem niet waar het rechtstreeks blootstaat aan wind uit zee (zoutinwerking). - Daardoor wordt corrosie van het aircosysteem voorkomen. Door toenemende corrosievorming op de condensor en de verdampervinnen gaat het aircosysteem steeds slechter werken. Bediening
  • Stel uw huid (en die van andere kamersbewoners) niet langdurig aan koude lucht bloot. (Ga niet in de luchtstroom zitten.) - Dat is slecht voor uw gezondheid.
  • Gebruik het aircosysteem niet voor speciale toepassingen als voedselconservering, de instandhouding van kunstwerken e.d. Het is een aircosysteem voor de gemiddelde consument, niet een precisiekoelsysteem. - Zo voorkomt u schade van uw bezittingen.
  • Blokkeer de luchtinlaat of luchtuitlaat niet. - Daardoor kan het product defect raken.
  • Reinig het aircosysteem altijd met een zachte doek. Gebruik geen agressieve detergenten, oplosmiddelen e.d. - Daardoor voorkomt brand, kortsluiting, schokgevaar en beschadiging van de kunststof onderdelen van de installatie.
  • Raak bij het verwijderen van het luchtfilter de metalen delen van het aircosysteem niet aan. Deze zijn zeer scherp. - Voorkom dus dat u gewond raakt.
  • Onderhoud mag alleen worden uitgevoerd zoals word aanbevolen door de fabrikant van de apparatuur. Onderhoud en reparatie waarbij de ondersteuning van ander gekwalificeerd personeel nodig is moet worden uitgevoerd onder toezicht van de persoon die bevoegd is voor het gebruik van brandbare koelmiddelen. (voor R32)Veiligheidsmaatregelen 8 Binnenunit
  • Trap niet op de onderdelen van het aircosysteem en plaats er niets op. (buitenelementen) - Daardoor voorkomt u persoonlijk letsel en storingen van het aircosysteem.
  • Breng het filter altijd voorzichtig aan. Reinig het filter minstens elke veertien dagen of vaker als het nodig is. - Een vuil filter vermindert de efficiëntie van het aircosysteem en kan storingen storing of beschadigingen van het systeem veroorzaken.
  • Steek nooit uw vingers of een ander object in de luchtinlaat of luchtuitlaat terwijl het systeem in werking is. - Er zijn scherpe en bewegende onderdelen waaraan u zich kunt verwonden.
  • Drink geen water dat door het systeem wordt afgevoerd. - Dit water is niet schoon en kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken.
  • Ga bij het reinigen of controleren van het systeem altijd op een stevige stoel of ladder staan. - Wees voorzichtig en zorg ervoor dat u niet valt.
  • Vervang uitgeputte batterijen in de afstandsbediening door nieuwe van hetzelfde type. Gebruik geen oude en nieuwe of verschillende typen batterijen door elkaar. - Daardoor voorkomt u brand- en explosiegevaar.
  • Laad de batterijen niet op en haal ze niet uit elkaar. Gooi batterijen nooit in een (haard)vuur. - Daardoor voorkomt u brandwonden en explosiegevaar.
  • Als vloeistof uit de batterijen op uw huid, kleding, meubels of vloerbedekking is gelekt, was deze dan goed af met schoon water. Gebruik de afstandsbediening niet als de batterijen lekken. - De chemicaliën in de batterijen kunnen brandwonden en andere gezondheidsproblemen veroorzaken.
  • Als u de vloeistof uit de batterijen per ongeluk in de mond hebt gekregen, poets dan uw tanden en ga naar een arts. Gebruik de afstandsbediening niet als de batterijen lekken. - De chemicaliën in de batterijen kunnen brandwonden en andere gezondheidsproblemen veroorzaken.
  • Onderhoud mag alleen worden uitgevoerd zoals word aanbevolen door de fabrikant van de apparatuur. Onderhoud en reparatie waarbij de ondersteuning van ander gekwalificeerd personeel nodig is moet worden uitgevoerd onder toezicht van de persoon die bevoegd is voor het gebruik van brandbare koelmiddelen. (voor R32)Installatiehandleiding 9 Installatie Installatie NEDERLANDS Binnenunit Installeer de airconditioner op de locatie die voldoet aan de volgende voorwaarden.
  • De plaats moet gemakkelijk een gewicht kunnen dragen dat vier keer het gewicht van de binnenunit overschrijdt.
  • Op de plaats moet de unit geïnspecteerd kunnen worden zoals in de afbeelding.
  • De plaats waar de unit waterpas moet worden gemaakt.
  • De plaats moet gemakkelijk verbonden kunnen worden met de buitenunit.
  • De plaats waar de unit niet wordt gestoord door elektrisch geluid.
  • De plaats waar luchtverdeling in de kamer goed zal zijn.
  • In de buurt van de unit mogen zich geen verwarmings- of stoombronnen bevinden. Bevestig de positieve relatie tussen de unit en de verings- bouten.
  • Installatie van de plafondopening om de filter schoon te maken of service onder het product. Keuze van de beste locatie A(Min)Inspectiegat(600 x 600)SchakelkastH=20 of meer• Geschikte afmeting “H” is noodzakelijk om een helling als afvoer weergegeven in de afbeelding te krijgenZijaanzicht (Eenheid: mm)

PlafondServiceruimte

m (kg)0 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Etage Op de muur gemonteerd Tegen het plafond gemonteerd - Het apparaat moet worden geïnstalleerd, gebruikt en geplaatst in een ruimte met een vloeroppervlak dat groter is dan het minimale vloeroppervlak. - Gebruik de grafiek of de tabel om het minimale vloeroppervlak te bepalen. - Het pijpwerk moet beschermd worden tegen fysieke schade en mag niet in een niet- geventileerde ruimte worden geïnstalleerd als die ruimte kleiner is dan A (minimale oppervlak voor de installatie) (voor R32) - m: Totale hoeveelheid koelmiddel in het systeem - Totale hoeveelheid koelmiddel: hoeveelheid fabriekskoelmiddel + extra hoeveelheid koelmiddel. Etagem (kg) Amin (m

NEDERLANDS Installatie12 Binnenunit Installatie Afmeting plafond en locatie waar de bout wordt opgehangen Installatie van de unit Installeer de unit correct boven het plafond.

  • Gebruik een flexibel kanaal tussen de unit en het kanaal om onnodige trillingen op te vangen.
  • Breng een filterset in de luchtretouropening aan. Installeer de unit zo dicht mogelijk bij een afvoeropening voor gemakkelijke wateraf- voer.
  • Kies hiervoor een plaats waar de unit horizontaal kan wor- den geplaatst en die het gewicht van de unit kan dragen.
  • Een plaats waar de unit de eigen trillingen kan opvangen.
  • Een plaats waar servicewerkzaamheden gemakkelijk kun- nen worden uitgevoerd.

Afmetingen Capaciteit (kBtu/h)

  • Kies en markeer de plaats van de bevestig- ingsbouten.
  • Boor de gaten voor bevestigingsankers aan de zichtkant van het plafond.
  • Plaats het instelanker en de afsluitring op de opgangbouten om de ophangbouten aan het plafond te bevestigen.
  • Zet de opgangbouten stevig op het instelanker vast.
  • Bevestig de installatieplaten met behulp van moeren, afsluitringen en veerschotels aan de ophangbouten (stel het niveau ruwweg in). 1 Instelanker Oud gebouw Nieuw gebouw 2 Onderlegring3 Veerring4 Moer5 Ophangbouten Sluit de bedrading individueel als volgt aan op de terminals op de besturingskaart maar de aansluiting op de buitenunit.
  • Zorg ervoor dat de kleur van de draden van de buitenunit en het terminalnummer hetzelfde zijn als die van de binnenunit. Spanning van de kabels

1) Schik 2 stroomkabels op het bedieningspaneel.

2) Maak eerst de stalen klem met een schroef aan de binnennaaf van het bedieningspaneel vast.

3) Maak voor het koelende model, de andere zijde van de klem met een schroef sterk vast. Plaats

voor het warmtepompmodel het 0,75 mm

snoer (dunnere snoer) op de klem en maak het met een plastic klem vast aan de andere naaf van het bedieningspaneel. Klemmenblok binnenBINNEN STROOM INVOERBuitenunitBinnenunitCentrale controllerBuitenunitBinnenunit 12V Klemmenblok binne Bedradingverbinding Binnenunitinstallatie LET OP! Zet de bouten en moeren stevig vast om te voorkomen dat de unit valt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat de schroeven van de klem vast zitten. VOORZICHTIG : De stroomkabel verbonden aan de unit dient in overeenstem- ming met de volgende specificaties geselecteerd te worden. NEDERLANDSInstallatie 14 Binnenunit 1. Verwijder het luchtfilter.2. Controleer de afvoer.• Sproei de inhoud van een of twee glazen waterop de verdamper.• Zorg ervoor dat het water door de afvoerslangvan de binnenunit loopt zonder lekkage. De afvoer controleren ISOLATIE, OVERIG Isoleer de verbindingsstukken en leidingen volledig.Alle thermische isolatie moet voldoen aan plaatselijke voorschriften.BINNENUNITCheck de werking en bediening na het voltooien van alle werkzaamheden.• Luchtverdeling............... Is de luchtverdeling goed?

  • Afvoer ........................... Is de afvoer soepel zonder druppelen?
  • Gaslekkage .................. Is de leidingaansluiting correct?• Bekabeling ................... Is de bekabelingaansluiting goed?
  • Vergrendelbout ............ Zit de vergrendelingsbout van de compressor los?
  • Isolatie Is de unit volledig geïsoleerd?• Aarde Is de unit veilig geaard?THERMISCHE ISOLATIETEST EN CHECK Vilt IsolatieGeen speling Kast (voor R32)
  • Wanneer mechanische aansluitingen binnenshuis worden hergebruikt,moeten de afdichtende delen worden vernieuwd.• Wanneer uitlopende verbindingen binnenshuis worden hergebruikt,moet de welving opnieuw worden gemaakt. LET OP Verwijder Zorg dat er hier geen speling is. Overlap met thermische isolatie voor leidingen. Thermische isolatie voor koelvloeistofleiding (ter plaatse geleverd) Thermische isolatie voor leidingen (ter plaatse geleverd) Slanghouder voor thermische isolatie (ter plaatse geleverd) Koelvloeistofleiding en thermische isolatie(ter plaatse geleverd) Thermische isolatie voor koelvloeistofleiding (ter plaatse geleverd) Slanghouder voor thermische isolatie (ter plaatse geleverd) Verbindingsstuk voor vloeistofleiding Verbindingsstuk voor gasleidingInstallatiehandleiding

Installatie NEDERLANDS LET OP Plafond Afvoerpomp in gebruikAfvoeropening Vooraanzicht 1. De afhelling van de binnenunit is zeer belangrijk voor de afvoer van de air conditioners voor inbouw.2. De minimaal vereiste isolatiedikte voor de verbindingsleiding is 19mm.• De unit moet horizontaal of gedeclineerd aan de afvoerslang verbonden zijn wanneerde installatie gereed is.• Afvoerleidingen moeten schuin omlaag staan (1/50 tot 1/100):zorg ervoor dat u geen omhoog/omlaag helling maakt, om terug-stromen te voorkomen.• Wees bij de aansluiting van de afvoerleidingen voorzichtig dat ugeen extra kracht uitoefent op de afvoerpoort van de binnenunit.• De buitendiameter van de afvoerverbinding op de binnenunitbedraagt 32mm. Zorg ervoor dat u warmte-isolatie aanbrengt op de afvoerleidingen.Leidingmateriaal: Polyvinylchloride leiding VP-25 enleidingbevestigingenDe air conditioner maakt gebruik van een afvoerpomp om water af te voeren.Gebruik de volgende procedure om de werking van de afvoerpomp te testen:

  • Sluit de hoofdafvoerleiding aan op de bui- tenkant en laat deze provisorisch op dieplaats totdat de test is afgelopen.
  • Vul de flexibele afvoerslang met water en controleer de leidingen op lekkage.
  • Zorg ervoor dat u de afvoerpomp contro- leert op normale werking en geluiden alsde elektrische bedrading compleet is.
  • Als de test voltooid is, sluit u de flexibele afvoerslang aan op de afvoerpoort op debinnenunit.Warmte-isolatie materiaal: Polyethyleen schuim meteen dikte van meer dan 8mm. Afvoertest Omhoogrouteren niettoegestaanBuisklemOnderhoudafvoerpoortBinnenunitToevoerwaterAfvoerpompAfvoerbakFlexibele afvoerslangHoofdafvoerleidingHet verbindingsstuklijmenAfvoerpoortAfvoerslang aansluitingDe klem gebruiken AfvoerleidingenInstallatie 16 Binnenunit LET OP: Nadat aan bovenstaande voorwaarden is voldaan, bereidt u de bedrading als volgt voor:

Zorg dat u altijd een individueel stroomcircuit gebruikt dat specifiek voor de klimaatregelaar is bedoeld. Volg voor de bedradingmethode het schakelschema dat in de afdekking van de bestur- ingskast staat vermeld.

2) Gebruik een stroomonderbrekerschakelaar tussen de stroombron en de eenheid.

De schroeven die de bedrading in de behuizing van elektrische aansluitingen vastmaken, kunnen waarschijnlijk losraken door trillingen waaraan de eenheid wordt blootgesteld tij- dens het transport. Controleer ze en zorg ervoor dat ze alle stevig vast zitten. (Als ze los zit- ten, kan dit tot het doorbranden van de bedrading leiden.)

4) Specificatie van stroombron

5) Controleer of de elektrische capaciteit voldoende is.

6) Zorg ervoor dat de beginspanning wordt gehouden op meer dan 90 procent van de

nominale spanning zoals gemarkeerd op het typeplaatje.

7) Controleer of de kabeldikte gelijk is aan de specificatie van de stroombronnen.

(Let in het bijzonder op de verhouding tussen de kabellengte en -dikte.)

8) Zorg altijd voor een aardlekschakelaar waar het nat of vochtig is.

9) De volgende zaken kunnen zich door een spanningsval voordoen.

  • Trilling van een magnetische schakelaar, beschadigt het contactpunt, breekt zekering, ver- stoort de normale werking van een overbelastingsbeveiliging.
  • Er wordt geen correcte opstartstroom aan de compressor gegeven. OVERDRACHT Leer de klant de bedienings- en onderhoudsprocedures, met behulp van de bedieningshandleid- ing (reinigen luchtfilter, temperatuurbeheer, enz.).Installatiehandleiding 17 Installatie NEDERLANDS Instelling dip-switch Bij Multi V modellen moeten DIP-switches 1, 2, 6 en 8 op OFF worden ingesteld. LET OP Functie Omschrijving Instelling uit Instelling aan Standaard SW1 Communicatie n.v.t. (standaard) - - Uit SW2 Cyclus n.v.t. (standaard) - - Uit SW3 Groepsbeheer Keuze voor master of slave Master Slave Uit SW4 Modus droog contact Keuze van modus droog contact Afstandsbediening met/zonder bedrading Keuze van modus handmatige of automatische bediening Automatisch Uit SW5 Installatie Ventilator continu in werking Stopzetten continue werking - Uit SW6 Verwarmingsverbinding n.v.t. - - Uit SW7 Ventila- torverbinding Keuze van ventila- torverbinding Stopzetten verbinding In werking Uit Vinkeuze (con- sole) Keuze zijde omhoog/omlaag vin Vin zijde omhoog + zijde omlaag Uitsluitend vin zijde omhoog Regiokeuze Keuze tropische regio Algemeen model Tropisch model SW8 Enz. Reserve - - Uit

In het geval dat de producten voldoen aan specifieke voorwaarden, kan de functie “Auto adressering” automatisch starten met de verbeterde snelheid door de tuimelschakelaar #3 van de buitenunit te draaien en de stroom te resetten. ※ Specifieke voorwaarden: - Alle namen van de binnenunits zijn ARNU****4. - Het serienummer van Multi V super IV (buitenunits) is van na oktober 2013. Tuimelschakelaar 7 segmenten Buitenunit PCB Buitenunit tuimelschakelaarInstallatie 18 Binnenunit Instelling groepsbesturing Toon foutmelding Uitsluitend serieel signaal en GND (aarding) lijnen aansluiten tussen slave binnenunit Master GND Signal 12 V LGAP netwerksysteem Master Slave Slave Slave

1. Groepsbesturing 1

Afstandsbediening met bedrading 1 + Standaard binneneenheden Sommige producten hebben geen tuimelschakelaar op de PCB. Het is mogelijk om de binnenunits op Master of Slave te zetten met behulp van de draadloze afstandsbediening in plaats van de tuimelschakelaar. Voor de details van de instelling kunt u de handleiding van de draadloze afstandsbediening raadplegen.

1. Het is mogelijk tot 16 eenheden binnenshuis (maximaal) op één afstandsbediening met

bedrading aan te sluiten. Stel slechts één binnenunit in op master, en stel de andere in op slave.

2. Het is mogelijk op ieder type eenheden binnenshuis aan te sluiten.

3. Het is mogelijk om tegelijkertijd een draadloze afstandsbediening te gebruiken.

et is mogelijk om tegelijkertijd aan te sluiten met een droog contact en een centrale controller.

Het is uitsluitend mogelijk de master binnenunit te herkennen door droog contact en centrale controller.

5. In het geval dat er een fout optreedt in de binnenunit, wordt de foutcode weergegeven op

de bedrade afstandsbediening. Het is mogelijk om de andere binnenunits te regelen behalve de units met een fout.

Master instelling - Nr. 3 uit

Slave instelling - Nr. 3 aan Binnenunit tuimelschakelaarInstallatiehandleiding 19 Installatie NEDERLANDS Toon foutmelding Sluit geen seriële 12V lijn aan GND Signal 12 V LGAP netwerksysteem Master Master Slave Slave

Het is mogelijk om 16 binnenunits (max.) te regelen met de bedrade masterafstandsbediening. Anders dan die, is dit hetzelfde voor de Groep Regeling 1.

2. Groepsbesturing 2

Bedrade afstandsbedieningen + Standaard binneneenheden Het is sinds februari 2009 mogelijk eenheden binnenshuis aan te sluiten. Dit kan leiden tot onjuist functioneren als er geen instelling op master of slave is. In het geval van Groepregeling is het mogelijk om de volgende functies te gebruiken. - Selectie van werking, stoppen of modus - Temperatuurinstelling en controle kamertemperatuur - Wijzigen van actuele tijd - Regelen van de stroomsnelheid (Hoog/middel/laag) - Reserveringsinstellingen Het is niet mogelijk om sommige functies te gebruiken.Installatie 20 Binnenunit GND Signaal 12 V LGAP netwerksysteemMasterSlaveMaster FAU Slave FAU Master Master Master Toon foutmelding Toon foutmelding FAU Standaard Standaard

  • FAU: Eenheid invoer verse lucht Standaard: Standaard binnenunit Standaard Standaard Als een aansluiting wordt gemaakt tussen een standaard binnenunit en een eenheid voor invo- er van verse lucht, scheidt u de eenheid voor invoer van verse lucht van de standaard een- heden. (N, M ≤ 16) (Omdat de temperatuurinstellingen verschillen.) Voor het overige geldt hetzelfde als voor groepsbesturing 1.

3. Groepsbesturing 3

Gemengde aansluiting van eenheden binnenshuis en eenheid invoer verse luchtInstallatiehandleiding 21 Installatie NEDERLANDS LGAP netwerksysteem Master Slave GND Signaal 12 V

Afstandsbediening met bedrading 2 + binnenunit 1

Het is mogelijk om twee afstandsbedieningen met bedrading aan te sluiten op één binnenunit. Zet slechts één binnenunit op Master, zet de andere op Slave. Zet slechts één bedrade afstandsbediening op Master, zet de andere op Slave.

2. Het is mogelijk om alle types eenheden binnenshuis aan te sluiten op twee afstandsbedieningen.

3. Het is mogelijk om tegelijkertijd een draadloze afstandsbediening te gebruiken.

Het is mogelijk om tegelijkertijd aan te sluiten met een droog contact en een centrale controller.

5. In het geval dat er een fout optreedt in een binnenunit, wordt de foutcode weergegeven

op de bedrade afstandsbediening.

6. Er zijn geen grenzen voor de functie van de binnenunit.Installatie

5. Accessoires voor instelling groepsbesturing

Het is mogelijk de groepsbesturing in te stellen met behulp van de onderstaande accessoires. Binnenunit 2 EA + afstandsbediening met bedrading Binnenunit 1 EA + afstandsbediening met bedrading 2EA PZCWRCG3 kabel die gebruikt wordt voor aansluiting PZCWRC2 kabel die gebruikt wordt voor aansluiting Slave Master Master PZCWRCG3 Master Slave PZCWRC2

  • Gebruik een geheel afgesloten onbrandbare leiding in het geval van een lokale bouwcode Vereist gebruik van gehele kabel. LET OP23Hoe E.S.P. (Elektronisch Stabiliteitsprogramma) in ste stellen? 24 Binnenunit Hoe E.S.P. (Elektronisch Stabiliteitsprogramma) in ste stellen? Ingestelde waarde Statische druk (mmAq(Pa)) (Eenheid: CMM) Ingestelde waarde Statische druk (mmAq(Pa)) (Eenheid: CMM) Ingestelde waarde Statische druk (mmAq(Pa)) (Eenheid: CMM) Opmerking:

1. De bovenstaande tabel toont de correlatie tussen de luchtverhoudingen en E.S.P.

2. Raadpleeg a.u.b. de handleiding van de afstandsbediening met bedrading voor de instellingsprocedure van E.S.P.