BOSCH MUM9AV5S00 - Keukenmachine

MUM9AV5S00 - Keukenmachine BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MUM9AV5S00 BOSCH in PDF-formaat.

📄 388 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BOSCH MUM9AV5S00 - page 86
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : MUM9AV5S00

Categorie : Keukenmachine

Download de handleiding voor uw Keukenmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MUM9AV5S00 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MUM9AV5S00 van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING MUM9AV5S00 BOSCH

  • ai sensi della direttiva europea 2012/19/UE in materia di apparecchi elettrici ed elettronici (waste electrical and electronic equipment – WEEE). Questa direttiva definisce le norme per la raccolta e il riciclaggio degli apparecchi dismessi valide su tutto il territorio dell’Unione Europea. Informarsi presso il rivenditore specializzato sulle attuali disposizioni per la rottamazione. Garanzia Per questo apparecchio sono valide le condizioni di garanzia pubblicate dal nostro rappresentante nel paese di vendita. Il rivenditore, presso il quale è stato acquistato l’apparecchio, è sempre ben disposto a fornire a richiesta informazioni a proposito. Per l’esercizio del diritto di garanzia è comunque necessario presen- tare il documento di acquisto. Con riserva di modifi ca.81 it Rimedi in caso di guasti Rimedi in caso di guasti Nelle seguenti tabelle trovate le soluzioni per problemi o guasti che potete risolvere da soli. Se non fosse possibile eliminare un guasto, rivolgersi al servizio assistenza clienti. Problema Possibile causa Rimedio Il display non indica niente. L’anello luminoso è spento. L’apparecchio non si accende. All’apparecchio non arriva elettricità. ■ Controllare l’alimentazione elettrica. ■ Inserire la spina di alimentazione. L’apparecchio non si avvia. L'anello luminoso si illumina. È stato attivato un sistema di sicurezza. X “Sistemi di sicurezza” ved. pagina 80 L’apparecchio si spegne durante l’uso. È stata lavorata una quantità eccessiva di ingredienti oppure è stata lavorata troppo a lungo. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Ridurre la quantità di alimenti lavorati. ■ Lasciare raffreddare l’apparecchio a temperatura ambiente. Il braccio oscillante è stato aperto. ■ Posizionare la manopola su y. ■ Premere il pulsante di sblocco e spingere il braccio oscillante verso il basso finché non si aggancia. La ciotola o l’ingranaggio angolare (accessori) si sono staccati. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Ruotare la ciotola fino all’arresto. ■ Ruotare l’ingranaggio angolare fino all’arresto e chiudere completamente la leva di chiusura. Il braccio oscillante non si apre. Sull’ingranaggio posteriore rosso è applicato un accessorio. ■ Rimuovere l’accessorio. ■ Premere il pulsante di sblocco e aprire il braccio oscillante. La bilancia non indica variazioni di peso, nonostante siano stati aggiunti ingredienti. La quantità di ingredienti aggiunti è inferiore a 5 grammi (0,01 lb). Aggiungere almeno 5 grammi (0,01 lb), altrimenti la bilancia non fornisce un risultato di misura corretto. L'apparecchio non avvia il programma SensorControl Plus selezionato e si spegne. La manopola non è stata tenuta abbastanza a lungo nella posizione ü. SensorControl Plus non si avvia. Compare “AGG INGRED.” anche se sono già stati aggiunti ingredienti. Per i modelli con bilancia: gli ingredienti sono stati aggiunti prima dell'attivazione della bilancia. ■ Vuotare la ciotola. ■ Selezionare nuovamente il programma. ■ Aggiungere gli ingredienti soltanto dopo aver selezionato il programma e dopo che la bilancia indica “0g “ oppure “0.00lb” (a seconda dell'impostazione) o sul display viene visualizzato “AGG. INGRED.”.82 it Rimedi in caso di guasti Messaggio sul display Possibile causa Rimedio ERRORE SOVRACCARICO MOTORE È stata lavorata una quantità eccessiva di ingredienti oppure è stata lavorata troppo a lungo. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Ridurre la quantità di alimenti lavorati. ■ Lasciare raffreddare l’apparecchio a temperatura ambiente. L’apparecchio o un accessorio sono bloccati. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Controllare l’apparecchio / accessorio e rimuovere il blocco. Motore guasto. Se il messaggio viene visualizzato il maniera continua probabilmente il motore è guasto. Si prega di contattare il servizio assistenza clienti. ERRORE BILANCIA La bilancia non funziona correttamente. ■ Resettare la bilancia: tenere premuto uno dei tasti funzione (D/A/C) finché sul display non viene visualizzato “OptiMUM”. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Riprovare dopo ca. 10 min. Bilancia guasta Se il messaggio viene visualizzato in maniera continua probabilmente la bilancia è guasta. Si prega di contattare il servizio assistenza clienti. La bilancia è esposta a vibrazioni. Non utilizzare l’apparecchio su superfici di lavoro sotto le quali è in funzione ad es. una lavastoviglie. Prima di utilizzare la bilancia l'apparecchio è stato spostato sul piano di lavoro trascinandolo. ■ Sollevare l'apparecchio e riabbassarlo. ■ Resettare la bilancia e riprovare. ERRORE BRACCIO ALZATO Il braccio oscillante è stato aperto. ■ Posizionare la manopola su y. ■ Premere il pulsante di sblocco e spingere il braccio oscillante verso il basso finché non si aggancia. ERRORE CONTROLLARE CIOTOLA La ciotola o l’ingranaggio angolare (accessori) si sono staccati. ■ Posizionare la manopola su y. Staccare la spina di alimentazione. ■ Ruotare la ciotola fino all’arresto. ■ Ruotare l’ingranaggio angolare fino all’arresto e chiudere completamente la leva di chiusura.86 nl Bestemming van het apparaat Bestemming van het apparaat Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend voor verwerkingshoeveelheden en -tijden die gebruikelijk zijn in het huishouden. Toegestane maximumhoeveelheden niet overschrijden. X “Recepten” zie pagina 99 Het apparaat is geschikt voor het mixen, kneden en kloppen van levensmiddelen. Het apparaat mag niet worden gebruikt om andere substanties of voorwerpen te verwerken. Bij gebruik van door de fabrikant goedgekeurde andere accessoires zijn aanvullende toepassingen mogelijk. Het apparaat uitsluitend met goedgekeurde originele onderdelen en accessoires gebruiken. Het toebehoren nooit voor andere apparaten gebruiken. Gebruik het apparaat alleen binnenshuis bij kamertemperatuur en tot 2000 m boven de zeespiegel. Belangrijke veiligheidsinstructies Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door, houd u eraan en bewaar hem goed! Als u dit apparaat aan iemand anders geeft, lever dan ook deze gebruiksaanwijzing mee. Bij niet-naleving van de aanwijzingen voor het juiste gebruik van het apparaat is de fabrikant niet aansprakelijk voor daaruit resulterende schade. Dit apparaat mag door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en/of kennis worden gebruikt indien dit onder toezicht gebeurt of indien zij over het veilige gebruik van het apparaat zijn geïnstrueerd en de hieruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen. Kinderen moeten van het apparaat en aansluitsnoer worden weggehouden en mogen het apparaat niet bedienen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd. W Gevaar voor elektrische schokken en brand! ■ Het apparaat mag uitsluitend via een conform de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom worden aangesloten. Overtuig u ervan dat het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie conform de elektrotechnische voorschriften is geïnstalleerd. ■ Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje. Alleen gebruiken wanneer het aansluitsnoer en het apparaat niet beschadigd zijn. Om gevaren te vermijden, mogen reparaties aan het apparaat, zoals het vervangen van een beschadigd aansluitsnoer, uitsluitend worden uitgevoerd door onze service.87 nl Belangrijke veiligheidsinstructies ■ Het apparaat nooit aansluiten op een tijdschakelaar of op een op afstand bedienbaar stopcontact. Tijdens het gebruik altijd toezicht houden op het apparaat! ■ Het apparaat niet neerzetten op of in de buurt van hete oppervlakken, zoals fornuisplaten. Het netsnoer niet met hete delen in aanraking brengen of over scherpe randen trekken. ■ Het basisapparaat niet in water dompelen en niet in de vaatwasser doen. Gebruik geen stoomreiniger. Het apparaat niet met vochtige handen gebruiken. ■ Het apparaat moet na ieder gebruik, als er geen toezicht aanwezig is, voor de montage, demontage of reiniging en bij storingen altijd van het net worden gescheiden. W Gevaar voor letsel! ■ Voordat u toebehoren of hulpstukken vervangt die bewegen tijdens het gebruik, moet het apparaat worden uitgeschakeld en worden losgemaakt van het stroomnet. ■ Niet in de behuizing grijpen bij het omlaag bewegen van de draaiarm om te voorkomen dat vingers of handen worden ingeklemd. Verstel de draaiarm niet wanneer het apparaat ingeschakeld is. ■ Hulpstukken alleen gebruiken als de kom is geplaatst, het deksel is aangebracht en het aandrijvingsbeschermdeksel is geplaatst! Bij gebruik van toebehoren de kom, het deksel en het aandrijvingsbeschermdeksel volgens de gebruiksaanwijzing aanbrengen! ■ Tijdens het gebruik nooit met de handen in de kom of in de vulopening grijpen. Geen voorwerpen (bijv. kooklepel) in de kom of de vulopening steken. Handen, haren, kleding en andere voorwerpen op een afstand houden van roterende delen. Na het uitschakelen loopt de aandrijving nog even na. Wacht tot de aandrijving geheel stilstaat. ■ Hulpstukken nooit gelijktijdig met een of 2 toebehoren gebruiken. Neem bij gebruik van toebehoren zowel deze als ook de bijgevoegde gebruiksaanwijzingen in acht. ■ Bij gebruik van toebehoren de kleurmarkering op het toebehoren en de aandrijving in acht nemen. W Verstikkingsgevaar! Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.88 nl Belangrijke veiligheidsinstructies W Attentie! ■ Wij adviseren u het apparaat niet langer ingeschakeld te laten dan nodig is voor het verwerken van de levensmiddelen. Niet onbelast laten lopen. ■ Het werkvlak moet goed toegankelijk, vochtbestendig, vast, vlak, droog en voldoende groot zijn om schade door spatten te voorkomen en ongehinderd te kunnen werken. W Belangrijk! Na elk gebruik of als u het apparaat langere tijd niet hebt gebruikt, dient u het altijd grondig te reinigen. X “Reiniging en verzorging” zie pagina 99 Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe Bosch-apparaat. Meer informatie over onze producten vindt u op onze internetsite. www.bosch-home.com Onze toestellen worden permanent verder ontwikkeld. Daarom kan het gebeuren dat bepaalde functies van deze handleiding afwijken. Controleer in dit geval of op onze internetpagina een nieuwere versie van deze handleiding beschikbaar is. Voor het gebruik van deze gebruiksaanwijzing: de omslagpagina’s van deze handleiding kunt u uitklappen. Hierop vindt u afbeeldingen met letters en cijfers, waarnaar in deze gebruiksaanwijzing steeds wordt verwezen (bijv. X Afbeeldingenreeks B). Inhoud Bestemming van het apparaat p. 86
  • Belangrijke veiligheidsinstructies p. 86
  • In één oogopslag p. 89
  • Voor het eerste gebruik p. 89
  • Onderdelen en bedieningselementen p. 89
  • Voorbereiding p. 92
  • Instellingen p. 92
  • Gebruik zonder extra functies p. 93
  • Gebruik van de tijd- en de timerfunctie p. 94
  • Gebruik van SensorControl Plus p. 95
  • Gebruik van de weegschaal p. 97
  • Gebruik van toebehoren p. 98
  • Reiniging en verzorging p. 99
  • Recepten p. 99
  • Fijne instelling van de hulpstukken p. 100
  • Beveiligingssystemen p. 101
  • Afval p. 101
  • Garantie p. 101
  • Hulp bij storingen p. 102
  • Toebehoren 9 nl In één oogopslag Voor het eerste gebruik Voordat het nieuwe apparaat kan worden gebruikt, moet dit volledig uitgepakt, gereinigd en gecontroleerd worden. Attentie! Een beschadigd apparaat nooit in bedrijf nemen! ■ Het basisapparaat en alle toebehoren uit de verpakking nemen en het aanwezige verpakkingsmateriaal verwijderen. ■ Alle onderdelen op volledigheid en zichtbare beschadigingen controleren. X Afbeelding A ■ Voor het eerste gebruik alle delen grondig reinigen en drogen. X “Reiniging en verzorging” zie pagina 99 Onderdelen en bedieningselementen Kleurmarkering De aandrijvingen van het basisapparaat hebben verschillende kleuren (zwart, geel en rood). Deze kleurmarkering vindt u ook op het toebehoren. Gebruik dit toebehoren uitsluitend aan de aandrijving met dezelfde kleur. Aandrijvingen X Afbeelding A Het apparaat beschikt over 3 verschillende aandrijvingen. Hoofdaandrijving, zwart (4) Voor het gebruik van de hulpstukken of voor het gebruik van toebehoren met een haakse overbrenging. Voorste aandrijving, geel (5) Voor het gebruik van toebehoren met een geel verbindingsstuk. Achterste aandrijving, rood (6) Voor het gebruik van toebehoren met een rood verbindingsstuk. In één oogopslag De pagina’s met afbeeldingen uitklappen. X Afbeelding A Basisapparaat 1 Draaischakelaar a Lichtring (gebruiksindicatie) b Instelschaal 2 Ontgrendelknop 3 Draaiarm 4 Hoofdaandrijving (zwart) a Opening voor het aanbrengen van de hulpstukken 5 Voorste aandrijving (geel) a Aandrijvingsbeschermdeksel 6 Achterste aandrijving (rood) a Aandrijvingsbeschermdeksel 7 Snoeropbergvak of snoeroproller* 8 Uitsparingen voor de kom Bedieningspaneel 9 Functietoetsen a Functiekeuzetoetsen* b Insteltoetsen 10 Display Kom 11 Roestvrijstalen kom 12 Deksel a Vulopening Hulpstukken 13 Roergarde “Profi Flexi” a Beschermkap met uitwerptoetsen 14 Professionele garde a Beschermkap met uitwerptoetsen 15 Kneedhaken a Beschermkap b Beschermkap met uitwerptoetsen p. 1048
  • afhankelijk van het model N.B.: afhankelijk van het model wordt uw keukenmachine met meer toebehoren geleverd.90 nl Onderdelen en bedieningselementen Aandrijvingsbeschermdeksel (5a en 6a) Voor het afdekken van aandrijvingen die niet worden gebruikt. Meer informatie: X “Toebehoren” zie pagina 104 Display X Afbeelding A Op het display worden instellingen, informa- tie, foutmeldingen en waarden weergege- ven. Lange teksten lopen hierbij van rechts naar links om ze volledig weer te geven. Voorbeeld: GISTDEEG HOUD DRAAIKN OP 2s OP GISTDEEG KNOP 2s OP M/A De taal waarin de teksten weergegeven worden, kan gewijzigd worden. X “Instellingen” zie pagina 92 Functietoetsen X Afbeelding A Het toestel bezit 3 tot 5 functietoetsen (afhankelijk van het model) waarmee bijzon- dere aanvullende functies en automatische programma’s gekozen en ingesteld worden. Toetsen

SensorControl Plus / programmaselectie / vorige

Timer / selectie / vorige

Weegschaal / tarra / vorige

Selectie / waarden verminderen

Selectie / waarden verhogen

  • afhankelijk van het model Functiekeuzetoetsen D / A / C Door kort indrukken wordt de gekozen functie geactiveerd. Door het indrukken en ingedrukt houden wordt de geselecteerde functie verlaten en op het display verschijnt opnieuw “OptiMUM”. Aanwijzing: De toetsen worden door licht aanraken met de vinger bediend. Het dragen van keukenhandschoenen kan de functie van de toetsen beïnvloeden. Het bedienen met voorwerpen (bijv. kooklepel) is niet mogelijk. Draaischakelaar met lichtring X Afbeelding B Met de draaischakelaar wordt de gewenste snelheid geselecteerd, een automatisch programma gestart of het apparaat uitgeschakeld. Tijdens het gebruik brandt de geïntegreerde lichtring. Bij een fout bij de bediening van het apparaat, een activering van de elektronische zekeringen en een apparaatdefect kan het apparaat niet meer worden ingeschakeld en de lichtring brandt. Instellingen ü De instelling ü heeft twee verschillende functies: Standaard (M): Momentschakeling met het hoogste toerental / snel. Schakelaar gedurende de gewenste tijd vasthouden. Met SensorControl Plus (A): Automatische regeling van de duur. Na activering van het automatische programma de schakelaar op ü zetten en enkele seconden in deze positie houden. De schakelaar blijft op ü staan en springt na het beëindigen van het automatische programma opnieuw op y. Het apparaat is uitgeschakeld. X “Gebruik van SensorControl Plus” zie pagina 95

Functie “Mengen” op laagste toerental / zeer langzaam. 1...7 Snelheidsstanden 1: laag toerental / langzaam 7: hoogste toerental / snel91 nl Onderdelen en bedieningselementen Hulpstukken X Afbeelding A Roergarde “Profi Flexi” Voor het roeren van deeg, bijv. roerdeeg of mousse. Voor het omroeren van geklopt eiwit of room. Professionele garde Voor het kloppen van eiwit, slagroom en dun deeg, bijv. biscuitdeeg. Kneedhaak Voor het kneden van zwaar deeg (bijv. gistdeeg) en voor het omroeren van ingrediënten die niet verkleind mogen worden (bijv. rozijnen, chocoladekoekjes). Snelheidsadviezen

Voor het mengen en behoedzaam mengen van verschillende ingrediënten (bijv. geklopt eiwit mengen) 1-2 Voor het roeren en mengen van ingrediënten 3 Voor het kneden van zwaar deeg met de kneedhaak 5-7 Voor het roeren en kloppen van ingrediënten (bijv. slagroom) met de roergarde “Profi Flexi” of met de professionele garde

Voor het gebruik van de hulpstukken met SensorControl Plus X “Gebruik van SensorControl Plus” zie pagina 95 Fijne instelling van de hulpstukken Het apparaat is in de fabriek zodanig ingesteld dat de professionele garde de bodem van de kom bijna aanraakt zodat de ingrediënten optimaal met elkaar worden vermengd. Wanneer de hulpstukken de bodem aanraken of de afstand tot de bodem te groot is, kan dit eenvoudig worden gecorrigeerd. X “Fijne instelling van de hulpstukken” zie pagina 100 Draaiarm X Afbeelding C De draaiarm wordt naar boven bewogen om een hulpstuk of de kom te plaatsen of te verwijderen. De draaiarm beschikt over een “Easy Armlift ”-functie, die de opwaartse beweging van de draaiarm ondersteunt. Kom en deksel X Afbeelding D Het apparaat wordt geleverd met een speciale kom die door het plaatsen en draaien vast met het basisapparaat wordt verbonden. Het deksel wordt aan de draaiarm bevestigd en opent automatisch bij het optillen van de draaiarm. Hulpstukken aanbrengen en verwijderen X Afbeelding E De hulpstukken zijn bij de beschermkap uitgerust met uitwerptoetsen die bestemd zijn om de hulpstukken eenvoudig te verwijderen. Hulpstuk aanbrengen: het hulpstuk tot het vastklikken in de hoofdaandrijving steken. De beschermkap dekt de aandrijving af. Hulpstuk verwijderen: op de beide uitwerptoetsen drukken tot het hulpstuk loskomt. Het hulpstuk uit de aandrijving trekken. Snoeroproller X Afbeelding A Afhankelijk van het model: het apparaat is met een automatische snoeroproller uitgerust. Netsnoer in één keer tot de gewenste lengte (max. 125 cm) uittrekken en langzaam loslaten; het snoer is gearrêteerd. Snoerlengte verminderen: lichtjes aan het snoer trekken en laten opwikkelen tot de gewenste lengte. Dan opnieuw kort aan het snoer trekken en langzaam loslaten; het snoer is gearrêteerd.92 nl Voorbereiding Belangrijk: Snoer niet met de hand inschuiven. Wanneer het snoer klem zit: het snoer geheel afwikkelen en opnieuw laten opwikkelen. Snoeropbergvak X Afbeelding A Afhankelijk van het model: het apparaat is met een snoeropbergvak uitgerust. De snoerlengte kan passend worden ingesteld door het snoer iets in het vak terug te duwen of verder naar buiten te trekken. Beveiligingssystemen Het apparaat beschikt over verschillende beveiligingssystemen. X “Beveiligingssys- temen” zie pagina 101 Voorbereiding ■ Basisapparaat op een gladde, schone en stabiele ondergrond zetten. ■ Het aansluitsnoer tot de benodigde lengte uittrekken. ■ Ontgrendelknop indrukken en de draai- arm tot de aanslag omhoog bewegen. ■ Het deksel met de vulopening naar voren op de hoofdaandrijving steken. ■ De kom plaatsen. Daarbij op de uitsparingen in het basisapparaat letten. ■ De kom tegen de klok in draaien tot hij vastklikt. Het basisapparaat is voor het verdere gebruik voorbereid. Belangrijk: het toestel niet op het werkblad verschuiven omdat dit de functie van de weegschaal kan hinderen. Het toestel optillen om het te verplaatsen. Instellingen ■ Ontgrendelknop indrukken en de draai- arm omlaag drukken tot hij vastklikt. ■ Stekker in wandcontactdoos doen. Het apparaat is ingeschakeld. ■ Op het display verschijnt “OptiMUM”. Aanwijzing: wordt het apparaat binnen een bepaalde tijd niet gebruikt of bediend, gaat het display langzaam uit en gaat het in stand-bymodus. Door het aanraken van een willekeurige toets verschijnt opnieuw “OptiMUM”. ■ De toetsen A en + tegelijk ingedrukt houden tot het configuratiemenu geopend wordt. ■ De toetsen A en + weer loslaten. Instelling selecteren ■ Telkens door het kort indrukken van de toets A verschijnen na elkaar de volgende instellingen. – TAAL Taal waarin de displayteksten weergegeven worden. – GELUID Volume van de signalen – instelling in 6 standen van uit tot luid. – HELDERHEID Helderheid van het display – instelling in 6 standen van donker tot helder. – EENHEDEN (bij modellen met weegschaal) W eergave-eenheid van de weegschaal – gram (g) of pond (lb). Instellingen wijzigen en opslaan ■ Met de toets + o - wordt de actuele instelling veranderd. ■ De toetsen A en + tegelijk ingedrukt houden tot “OPGESLAGEN” op het display verschijnt. ■ De toetsen A en + weer loslaten. De gewijzigde instellingen zijn opgeslagen. Voorbeeld: taal instellen X zie ook de korte handleiding ■ De toetsen A en + tegelijk ingedrukt houden tot het configuratiemenu geopend wordt. ■ De toetsen A en + weer loslaten. ■ De toets A zo vaak indrukken tot de taalkeuze verschijnt. TAAL NEDERLANDS93 nl Gebruik zonder extra functies ■ De toets + of - zo vaak indrukken tot de gewenste taal weergegeven wordt. ■ De toetsen A en + tegelijk ingedrukt houden tot “INSTELLINGEN OPGESLAGEN” op het display verschijnt. INSTELLIN OPGESLAGEN ■ Op het display verschijnt de taalkeuze. ■ De toetsen A en + weer loslaten. De taalkeuze is opgeslagen. ■ Eén van de functietoetsen (D/A/C) ingedrukt houden tot “OptiMUM” op het display verschijnt. Het apparaat is klaar voor gebruik. N.B.: Wordt het apparaat met de draaischa- kelaar ingeschakeld, dan wordt het menu onmiddellijk verlaten. Gebruik zonder extra functies W Gevaar voor letsel! – De stekker pas in het stopcontact steken wanneer alle voorbereidingen voor het werken met het apparaat zijn uitgevoerd. – Tijdens het gebruik nooit met de handen in de kom of in de vulopening grijpen. – Werk altijd met aangebracht deksel! – Voor het bewegen van de draaiarm of het wisselen van hulpstukken in elk geval wachten tot de aandrijving stilstaat. – Om veiligheidsredenen in elk geval het aandrijvingsbeschermdeksel op de voorste of achterste aandrijving aanbrengen. Belangrijk: – Basisapparaat zoals in “Voorbereiding” beschreven voorbereiden. – Het apparaat kan niet worden ingeschakeld wanneer de kom niet correct is geplaatst. Aanwijzing: de functie “TIJD” start bij elk gebruik automatisch, telt de verwerkingsduur mee en geeft deze op het display aan. X Afbeeldingenreeks F

1. Afhankelijk van de verwerkingstaak

roergarde “Profi Flexi”, professionele garde of kneedhaak kiezen X “Hulpstukken” zie pagina 91. Het hulpstuk tot het vastklikken in de hoofdaandrijving steken. De beschermkap dekt de aandrijving af.

2. De ingrediënten in de kom doen.

3. Ontgrendelknop indrukken en de

draaiarm omlaag drukken tot hij vastklikt. W Gevaar voor letsel! Draaiarm voorzichtig omlaag bewegen! Let erop dat vingers of handen niet worden ingeklemd. Apparaat bedienen

4. Stekker in wandcontactdoos doen.

Op het display verschijnt “OptiMUM”.

5. Draaischakelaar op de gewenste

stand zetten (X “Snelheidsadviezen” zie pagina 91). Op het display verschijnt “TIJD” en de verstreken verwerkingsduur wordt in minuten en seconden weergegeven. Aanwijzing: vanaf een duur van 60 minuten worden bijkomend uren weergegeven: “1:01:30”.

6. Verwerk de ingrediënten zo lang tot het

gewenste resultaat is bereikt.

7. Draaischakelaar op y zetten. Wachten

tot de aandrijving stilstaat. Stekker uit het stopcontact nemen.

8. Ontgrendelknop indrukken en de

draaiarm tot de aanslag omhoog bewegen.

9. De kom met de klok mee draaien tot hij

kan worden opgetild. Kom verwijderen.

10. Op de beide uitwerptoetsen drukken tot

het hulpstuk loskomt. Het hulpstuk uit de aandrijving trekken.

11. Deksel van de aandrijving trekken.94

nl Gebruik van de tijd- en de timerfunctie

12. Alle onderdelen bij voorkeur direct

na gebruik reinigen. X “Reiniging en verzorging” zie pagina 99 N.B.: gebruik ook onze toepassingsvoorbeelden om uw nieuwe apparaat en de functies ervan beter te leren kennen. X “Recepten” zie pagina 99 Ingrediënten toevoegen Tijdens de verwerking kunnen ook andere ingrediënten worden toegevoegd. X Afbeelding G ■ Terwijl het apparaat loopt verdere ingrediënten voorzichtig door de vulopening in het deksel toevoegen. W Gevaar voor letsel! Tijdens het gebruik nooit met de handen in de kom of in de vulopening grijpen. Geen voorwerpen (bijv. kooklepel) in de kom of de vulopening steken. X Afbeeldingenreeks H

1. Om grotere hoeveelheden of

ingrediënten toe te voegen, draaiknop op y zetten. Wachten tot de aandrijving stilstaat.

2. Ontgrendelknop indrukken en de draai-

arm tot de aanslag omhoog bewegen.

3. De ingrediënten direct in de kom doen.

Ontgrendelknop indrukken en de draai- arm omlaag drukken tot hij vastklikt. Op het display verschijnt “OptiMUM”. Ingrediënten verder verwerken. Gebruik van de tijd- en de timerfunctie Het apparaat is met een tijd- en timerfunctie uitgerust. Volgende functies zijn mogelijk: Functie “TIJD” Weergave van de verstreken verwerkings- duur (standaardinstelling). De functie “TIJD” start automatisch als met de verwerking van levensmiddelen begonnen wordt. Opmerkingen: – Tijdens de verwerking kort de toets A indrukken om de functie “TIMER” in te schakelen. – Tijdens de verwerking de toets A ingedrukt houden om het display op “00:00” terug te zetten. Functie “TIMER” Instellen van de gewenste duur. Als de duur verstreken is, weerklinkt een signaal en de verwerking wordt beëindigd. De functie kan ook zonder de verwerking van levensmiddelen gebruikt worden (bijv. voor kook- en rusttijden van levensmiddelen). X Afbeeldingenreeks I

1. Het apparaat voorbereiden.

Ingrediënten toevoegen.

2. Stekker in wandcontactdoos doen.

Op het display verschijnt “OptiMUM”.

3. De toets A indrukken. Op het display

4. Met de toets + of - de gewenste

verwerkingsduur instellen. Door het ingedrukt houden van de desbetreffende toets wisselen de waarden sneller. De ingestelde verwerkingsduur blijft ca. 5 minuten opgeslagen.

5. Draaischakelaar op de gewenste stand

6. Op het display wordt de resterende duur

weergegeven en afgeteld.

7. Als de resterende duur verstreken is,

weerklinkt een signaal en het apparaat stopt de verwerking automatisch. Op het display verschijnt “EINDE TIMER”. Aanwijzing: Geluidssignaal instellen X “Instellingen” zie pagina 92

8. Op het display verschijnt

9. Draaischakelaar op y zetten. Op het

display verschijnt “OptiMUM”.

10. Stekker uit het stopcontact nemen.

11. De verwerking met de functie “TIMER” is

12. Alle onderdelen bij voorkeur direct

na gebruik reinigen. X “Reiniging en verzorging” zie pagina 9995 nl Gebruik van SensorControl Plus Aanwijzingen: – Op het display wordt de duur in minuten en seconden weergegeven. Voorbeeld: 1 minuut en 30 seconden: “01:30”. Vanaf een duur van 60 minuten worden bijkomend uren weergegeven: “1:01:30”. – De toets + of - indrukken om de weergegeven resterende duur op elk moment aan te kunnen passen. – De toets A 2 keer kort indrukken om de timer te stoppen (het apparaat loopt verder) of opnieuw te starten. – De draaiknop op E draaien om de ver- werking te onderbreken. De resterende duur blijft opgeslagen en wordt na het herinschakelen opnieuw afgeteld. – De toets A ingedrukt houden om de timer uit te schakelen. Op het display verschijnt “OptiMUM”. Op het display verschijnt “00:00”. De functie “TIJD” is opnieuw geactiveerd. Timer gebruiken zonder levensmiddelen te verwerken: ■ De toets A indrukken. Op het display verschijnt “00:00”. ■ Met de toets + of - de gewenste verwerkingsduur instellen. ■ De toets A 2 keer kort indrukken om de timer te starten. ■ Op het display wordt de resterende duur weergegeven en afgeteld. ■ Als de duur verstreken is, weerklinkt er een signaal. Op het display verschijnt “EINDE TIMER”. Aanwijzingen: – De toets A 2 keer kort indrukken om de timer te stoppen of opnieuw te starten. – Wordt er tijdens het gebruik van de timer mee begonnen levensmiddelen te verwerken, dan loopt het apparaat tot het verstrijken van de resterende duur en wordt de verwerking automatisch gestopt. Gebruik van SensorControl Plus Het apparaat is (afhankelijk van het model) met SensorControl Plus automatische programma’s uitgerust. Sensoren bewaken de verwerking van de ingrediënten en schakelen na het bereiken van de voorgeprogrammeerde consistentie het apparaat automatisch uit. Met SensorControl Plus zijn volgende automatische programma’s beschikbaar. – ROOM Automatische bereiding van slagroom. – EIWIT Automatische bereiding van geklopt eiwit. – GISTDEEG Automatische bereiding van gistdeeg. Programma kiezen ■ Toets D indrukken. Op het display verschijnt “ROOM”. ■ Toets D of de toetsen +/- indrukken. Na elkaar verschijnen de volgende programma’s: Programma Hulpstuk / ingrediënten ROOM >300ml * Professionele garde 300-700 ml room ROOM >700ml * Professionele garde 700-1500 ml room EIWIT Professionele garde Eiwit van 2-12 eieren GISTDEEG Kneedhaak Ingrediënten en hoe- veelheden volgens recept X “Recepten” zie pagina 99

  • Bij apparaten met geïntegreerde weegschaal worden de opties “>300 ml” en “<700 ml” voor “ROOM” niet weergegeven. Op het display knippert “0g”. Als tussen 300 ml en 1500 ml room toegevoegd wordt, geeft het display permanent de hoeveelheid aan en het apparaat gebruikt automatisch de juiste instellingen. Wordt minder of meer room toegevoegd, dan knippert het weergegeven gewicht.96 nl Gebruik van SensorControl Plus Opmerkingen: – Om een goede werking van het sensorsysteem te waarborgen, moet de keukenmachine minstens 2 minuten in gebruik zijn geweest voordat de SensorControl Plus-automaat kan worden gebruikt. – Ingrediënten pas toevoegen nadat het programma geselecteerd werd en de weegschaal “0 g” of “0.00lb” (afhankelijk van de instelling) weergeeft of op het display “INGREDIËNTEN TOEVOEGEN” verschijnt. – Wordt het apparaat met de draaischakelaar ingeschakeld, dan wordt het menu onmiddellijk verlaten. – Nadat de verwerking met SensorControl Plus werd gestart, geen bijkomende ingrediënten toevoegen. – SensorControl Plus is alleen voor de beschreven hulpstukken en levensmiddelen (in de opgegeven hoeveelheden) geprogrammeerd. Andere combinaties zijn niet mogelijk. – De versheid, de temperatuur en de samenstelling van de gebruikte ingrediënten beïnvloeden de benodigde tijd en het resultaat. – De SensorControl Plus -automaat kan alleen optimale resultaten bereiken wanneer de eieren vers zijn resp. de room gekoeld is (ca. 6 °C). – Voordien bevroren room kan niet geklopt worden. – Gebruik van room met additieven of lactosevrije room kan niet tot ideale resultaten leiden. – Suiker, aroma’s en andere ingrediënten voor room of geklopt eiwit pas na beëindi- ging van SensorControl Plus toevoegen. – Na het starten van SensorControl Plus zijn de toetsen geblokkeerd. – Om de SensorControl Plus af te breken, de draaiknop op y zetten. Hiervoor moet een geringe weerstand overwon- nen worden. – Als het resultaat niet met de eigen wensen overeenkomt, de draaiknop op stand 7 (voor room en geklopt eiwit) of stand 3 (voor gistdeeg) zetten en de ingrediënten tot de gewenste consistentie verwerken. – SensorControl Plus geen tweede keer met reeds verwerkte ingrediënten starten. Een voorbeeld: eiwit met SensorControl Plus kloppen X Afbeeldingenreeks J

1. Het basisapparaat voorbereiden en de

professionele garde inzetten.

2. Ontgrendelknop indrukken en de draai-

arm omlaag drukken tot hij vastklikt.

3. Stekker in wandcontactdoos doen.

Op het display verschijnt “OptiMUM”.

4. Eieren scheiden (2-12 stuks).

5. Toets D indrukken. Op het display

verschijnt “ROOM”. Aanwijzing: Bij modellen zonder weegschaal verschijnt “ROOM >300ml”. Nogmaals op toets D drukken. Op het display verschijnt “ROOM >700ml”.

6. Toets D indrukken. Op het display

verschijnt “EIWIT”. Aanwijzing: bij apparaten met geïntegreerde weegschaal wordt deze nu gekalibreerd. Op het display verschijnen tijdens de kalibratie na elkaar streepjes: “–––––” (tarra). Op het display verschijnt “0g” of “0.00lb” (afhankelijk van de instelling).

7. Het eiwit in de kom doen. Op het

display verschijnt “HOUD DRAAIKNOP 2s OPM/A”.

8. Draaischakelaar op ü zetten en

2 seconden in deze positie houden.

9. Na 2 seconden wordt de

draaischakelaar automatisch gefixeerd en blijft dezze na het loslaten op ü staan. Belangrijk: blijft de draaischakelaar niet op ü staan, dan werd deze niet lang genoeg in deze positie vastgehouden.

10. Op het display verschijnt “SENSOR

CONTROL PLUS”. SensorControl Plus bewaakt de verwerking.97 nl Gebruik van de weegschaal

11. Als de voorgeprogrammeerde con-

sistentie bereikt werd, weerklinkt een signaal en de verwerking wordt beëin- digd. Op het display verschijnt “EINDE”. Aanwijzing: Geluidssignaal instellen X “Instellingen” zie pagina 92

12. De draaiknop springt automatisch op y.

Op het display verschijnt “OptiMUM”.

13. Stekker uit het stopcontact nemen.

14. De verwerking met de functie “EIWIT” is

15. Alle onderdelen bij voorkeur direct

na gebruik reinigen. X “Reiniging en verzorging” zie pagina 99 Gebruik van de weegschaal Het apparaat (afhankelijk van het model) is met een weegschaal uitgerust. Volgende toepassingen zijn mogelijk: – Wegen van toegevoegde ingrediënten (ofwel elk ingrediënt afzonderlijk of de som van alle ingrediënten). – Vooraf instellen van een gewenst gewicht en aftellen tot er voldoende toegevoegd werd (met akoestische aanwijssignalen). Aanwijzingen: – De weegschaal geeft het gewicht in stappen van 5 g weer (0,01 lb). Wordt minder dan 5 gram (0,01 lb) toegevoegd, dan levert de weegschaal geen correct meetresultaten. – Het toestel heeft 4 gewichtssensoren in de standvoeten. De weegschaal levert alleen correcte resultaten als ze met alle voeten op een vast en effen werkvlak staat. Geen doeken of dergelijke eronder leggen. – Het werkvlak mag tijdens het gebruik van de weegschaal niet aan trillingen zijn blootgesteld (bijv. voor andere activiteiten of andere apparaten). – Het toestel niet op het werkblad verschuiven omdat dit de functie van de weegschaal kan hinderen. Het toestel optillen om het te verplaatsen. – Na het inschakelen of terugzetten van de weegschaal wordt deze gedurende een kort moment gekalibreerd (tarra). Het apparaat hierbij niet aanraken en geen voorwerpen erop leggen (bijv. kooklepel, vaatdoek, etc.). – Erop letten dat maatbekers of verpakkingen niet op het apparaat (bijv. aan de rand van de vulschacht) liggen. Ingrediënten wegen X Afbeeldingenreeks K

1. Het basisapparaat voorbereiden.

2. Stekker in wandcontactdoos doen.

Op het display verschijnt “OptiMUM”.

3. Toets C indrukken en apparaat

niet meer aanraken. Op het display verschijnen tijdens de kalibratie na elkaar streepjes: “–––––” (tarra).

4. Op het display verschijnt “0g” of

“0.00lb” (afhankelijk van de instelling). De weegschaal is klaar.

5. Ingrediënten toevoegen. De weegschaal

geeft het gewicht weer.

6. Verwerking starten of verdere

ingrediënten klaar zetten.

7. Toets C indrukken en apparaat

niet meer aanraken. Op het display verschijnt “0g” of “0.00lb” (afhankelijk van de instelling). De weegschaal is klaar.

8. Op deze manier alle gewenste

ingrediënten toevoegen en afwegen. Daarna de afgewogen ingrediënten verwerken. X “Gebruik zonder extra functies” zie pagina 93 Aanwijzing: Als de toets C tijdens de verwerking van levensmiddelen wordt ingedrukt, verschijnt op het display “VOORWEEGSCHAAL STOPMACHINE”.98 nl Gebruik van toebehoren Gewicht vooraf instellen X Afbeeldingenreeks L

1. Toets C indrukken en apparaat

niet meer aanraken. Op het display verschijnen tijdens de kalibratie na elkaar streepjes: “–––––” (tarra).

2. Op het display verschijnt “0g” of

“0.00lb” (afhankelijk van de instelling). De weegschaal is klaar.

3. Op het display verschijnt “100g” of

“0.20lb” (afhankelijk van de instelling).

4. Met de toets + of - het gewenste

gewicht instellen (50-3000 g / 0.10-6.00 lb).

5. Ingrediënten toevoegen. De nog

ontbrekende hoeveelheid wordt op het display weergegeven, bijv. “65g”.

6. Vanaf “40 g” weerklinkt een terugkerend

signaal. Hoe geringer de resterende hoeveelheid, des te sneller weerklinkt het signaal. Aanwijzing: Geluidssignaal instellen X “Instellingen” zie pagina 92

7. Bij “0 g” (de vooraf ingestelde

hoeveelheid werd toegevoegd) gaat het signaal uit.

8. Wordt de vooraf ingestelde hoeveelheid

overschreden, dan weerklinkt het signaal permanent. Aanwijzing: Geluidssignaal instellen X “Instellingen” zie pagina 92 Het extra gewicht wordt met een minteken gemarkeerd. Bij 25 g teveel hoeveelheid wordt op het display “-25 g” weergegeven. Gebruik van toebehoren Bij uw keukenmachine horen een aantal toebehoren waarmee u de functieomvang duidelijk kunt uitbreiden. Afhankelijk van het model omvat de levering al bepaalde toe- behoren. Indien een van de toebehoren niet is meegeleverd, kan het in de speciaalzaak of bij de servicedienst worden aangeschaft. X “Toebehoren” zie pagina 104 Voorbereiding voor toebehoren Afhankelijk van het toebehoren moet het basisapparaat op verschillende wijze worden voorbereid. ■ Basisapparaat op een gladde, schone en stabiele ondergrond zetten. ■ Het aansluitsnoer tot de benodigde lengte uittrekken. ■ Basisapparaat volgens de afbeelding voorbereiden afhankelijk van het toebehoren. X Afbeelding M

1. Voorbereiding voor hulpstukken.

2. Voorbereiding voor toebehoren op

de zwarte aandrijving met haakse overbrenging en toebehoren dat op de plaats van de kom wordt aangebracht.

3. Voorbereiding voor toebehoren op de

rode aandrijving, bijvoorbeeld mixer of multi-fijnmaakapparaat.

4. Voorbereiding voor toebehoren op de

gele aandrijving zonder uitgang voor levensmiddelen, bijvoorbeeld multi- mixer of citruspers.

5. Voorbereiding voor toebehoren op

de gele aandrijving met uitgang voor levensmiddelen, bijvoorbeeld continue rasp- en snijapparaat. Belangrijk: ■ Let op de gele, rode of zwarte markering op de aandrijving en het toebehoren. X “Kleurmarkering” zie pagina 89 ■ Niet-gebruikte aandrijvingen altijd afdekken met aandrijvingsbeschermdeksels. ■ Alle verdere stappen staan vermeld in de desbetreffende gebruiksaanwijzing van het toebehoren.99 nl Reiniging en verzorging Reiniging en verzorging Het apparaat en de gebruikte hulpstukken moeten na elk gebruik grondig worden gereinigd. X Afbeelding N W Gevaar voor elektrische schok! – Voor het reinigen de stekker uit het stopcontact halen. – Het basisapparaat niet in vloeistof dompelen en niet reinigen in de vaatwasmachine. – Gebruik geen stoomreiniger. Attentie! – Gebruik geen reinigingsmiddelen die alcohol of spiritus bevatten. – Gebruik geen scherpe, puntige of metalen voorwerpen. – Gebruik geen schurende doeken of schurende reinigingsmiddelen. – Kunststof onderdelen niet vastklemmen in de vaatwasser, omdat ze dan onherstelbaar vervormd kunnen raken! Basisapparaat reinigen ■ Aandrijvingsbeschermdeksel verwijderen. ■ Veeg het basisapparaat en het aandrijvingsbeschermdeksel schoon met een zachte, vochtige doek en droog ze af. Kom en hulpstukken reinigen ■ Reinig de kom en de hulpstukken met een sopje en een zachte doek of spons of doe ze in de vaatwasser. ■ Alle onderdelen laten drogen. Recepten Slagroom – 200-1500 g ■ Room 1½ tot 4 minuten met de professionele garde kloppen op stand 7, afhankelijk van de hoeveelheid en de eigenschappen van de room. Aanwijzing: bij modellen met SensorControl Plus het automatische programma gebruiken. X “Gebruik van SensorControl Plus” zie pagina 95 Eiwit – 2-12 eiwitten ■ Eiwit 4 tot 6 minuten op stand 7 met de professionele garde kloppen. Aanwijzing: bij modellen met SensorControl Plus het automatische programma gebruiken. X “Gebruik van SensorControl Plus” zie pagina 95 Biscuitdeeg Basisrecept – 3 eieren – 3-4 el heet water – 150 g suiker – 1 pakjes vanillesuiker – 150 g bloem – 50 g zetmeel – eventueel bakpoeder ■ De ingrediënten (behalve de bloem en het zetmeel) ca. 4 tot 6 op stand 7 met de professionele garde tot schuim kloppen. ■ Draaischakelaar op stand 1 zetten en de gezeefde bloem en het zetmeel in ca. ½ tot 1 minuut lepel voor lepel toevoegen en erdoor mengen. Maximum hoeveelheid: 2 x basisrecept Roerdeeg Basisrecept – 3-4 eieren – 200-250 g suiker – 1 snufje zout – 1 pakje vanillesuiker of de schil van ½ citroen – 200-250 g boter of margarine (kamertemperatuur) – 500 g bloem – 1 pakje bakpoeder – 150 ml melk ■ Alle ingrediënten ca. ½ minuut op stand 2, vervolgens ca. 2-3 minuten op stand 7 met de roergarde Profi Flexi roeren. Maximum hoeveelheid: 2½ x basisrecept100 nl Fijne instelling van de hulpstukken Zandtaartdeeg Basisrecept – 125 g boter (kamertemperatuur) – 100-125 g suiker – 1 ei – 1 snufje zout – wat citroenschil of vanillesuiker – 250 g bloem – eventueel bakpoeder ■ Alle ingrediënten ca. ½ minuut op stand 2, vervolgens ca. 2-3 minuten op stand 6 met de roergarde Profi Flexi roeren. Bij meer dan 500 g bloem: ■ Ingrediënten met de kneedhaken ca. ½ minuut op stand

vervolgens ca. 3-4 minuten op stand 3 kneden. Maximum hoeveelheid: 4 x basisrecept Gistdeeg Basisrecept – 500 g bloem – 1 ei – 80 g vet (kamertemperatuur) – 80 g suiker – 200-250 ml lauwe melk – 25 g verse gist of 1 pakje gedroogde gist – schil van ½ citroen – 1 snufje zout ■ Alle ingrediënten ca. ½ minuut met de kneedhaak op stand 1 kneden, daarna ca. 3-6 minuten op stand 3. Maximum hoeveelheid: 3 x basisrecept Aanwijzing: bij modellen met SensorControl Plus het automatische programma gebruiken. X “Gebruik van SensorControl Plus” zie pagina 95 Pastadeeg Basisrecept – 500 g bloem – 250 g eieren (ca. 5 stuks) – naar wens 2-3 eetlepels (20-30 g) koud water ■ Alle ingrediënten ca. 3 tot 5 minuten op stand 3 tot deeg kneden. Maximumhoeveelheid: 1,5 x basisrecept Brooddeeg Basisrecept – 1000 g bloem – 3 pakje gedroogde gist – 2 tl zout – 660 ml warm water ■ Alle ingrediënten ca. ½ minuut met de kneedhaak op stand 1 kneden, daarna ca. 4-5 minuten op stand 3

Maximumhoeveelheid: 1,5 x basisrecept Fijne instelling van de hulpstukken W Gevaar voor letsel! Voor de fijne instelling de stekker uit het stopcontact halen. Attentie! Fijne instelling van de hulpstukken alleen in kleine stapjes uitvoeren. De draaiarm moet volledig omlaag kunnen worden bewogen en de hulpstukken mogen daarbij niet op de bodem en tegen de rand van de kom klemmen. De optimale afstand van de hulpstukken tot de kom bedraagt 3 mm. X Afbeeldingenreeks O ■ Controleer de actuele instelling terwijl de professionele garde is aangebracht. ■ Ontgrendelknop indrukken en de draaiarm tot de aanslag omhoog bewegen. ■ De hulpstukken met één hand vasthouden. De contramoer met een steeksleutel (10 mm) met de wijzers van de klok mee losdraaien. ■ Afstand tot de kom instellen door het hulpstuk te verdraaien (1 hele draai komt overeen met 1 mm hoogteverstelling). Tegen de klok in draaien: de afstand tot de kom wordt kleiner. Met de klok mee draaien: de afstand tot de kom wordt groter. ■ Ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot hij vastklikt.101 nl Beveiligingssystemen Afval

Gooi verpakkingsmateriaal op een milieuvriendelijke manier weg. Dit apparaat is gekenmerkt in overeen- stemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische appara- tuur (waste electrical and electronic equipment – WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten. Raadpleeg uw gespecialiseerde handelaar voor de geldende voorschriften inzake afvalverwijdering. Garantie Voor dit apparaat gelden de garantie- voor-waarden die worden uitgegeven door de vertegenwoordiging van ons bedrijf in het land van aankoop. De leverancier, bij wie u het apparaat heeft gekocht, geeft u hierover graag meer informatie. Om aanspraak te maken op de garantie heeft u altijd uw aankoopbewijs nodig. Wijzigingen voorbehouden. ■ Controleer de afstand van het hulpstuk. De optimale afstand van de hulpstukken tot de kom bedraagt 3 mm. Pas de afstand eventueel aan. ■ Als de afstand optimaal is ingesteld, de ontgrendelknop indraaien en de draaiarm terug zetten. ■ De hulpstukken met één hand vasthouden. De contramoer met een steeksleutel (10 mm) tegen de klok in vastdraaien. Beveiligingssystemen Inschakelbeveiliging Het apparaat kan alleen worden ingeschakeld wanneer de kom is aangebracht en tot aan het vastklikken werd gedraaid of wanneer een toebehoren met haakse overbrenging op de hoofdaandrijving werd bevestigd en wanneer de draaiarm in de onderste stand is vastgeklikt. Beveiliging tegen opnieuw inschakelen Bij een stroomstoring blijft het apparaat ingeschakeld, maar na de stroomstoring gaat de motor niet opnieuw lopen. Om opnieuw in te schakelen, de draaischakelaar eerst op y zetten en dan opnieuw inschakelen. Overbelastingsbeveiliging De overbelastingsbeveiliging schakelt de motor tijdens het gebruik automatisch uit. Een mogelijke oorzaak is het verwerken van een te grote hoeveelheid levensmiddelen tegelijk. Draaiarmbeveiliging De draaiarm kan niet worden ontgrendeld en bewogen wanneer er een toebehoren op de achterste aandrijving is aangebracht.102 nl Hulp bij storingen Hulp bij storingen In de volgende tabellen vindt u oplossingen voor problemen of storingen die u makkelijk zelf kunt verhelpen. Neem contact op met de servicedienst als een storing niet kan worden verholpen. Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Display geeft niets weer. Lichtring is uit. Het apparaat kan niet worden ingeschakeld. Het apparaat heeft geen stroom. ■ Stroomvoorziening controleren. ■ Stekker in wandcontactdoos doen. Het apparaat start niet. Lichtring brandt. Een veiligheidssysteem werd geactiveerd. X “Beveiligingssystemen” zie pagina 101 Het apparaat schakelt uit tijdens het gebruik. Er werd een te grote hoeveelheid ingredi- enten gelijktijdig of te lang verwerkt. ■ Draaischakelaar op y zetten. Stekker uit het stopcontact nemen. ■ Kleinere hoeveelheid verwerken. ■ Het apparaat tot kamertemperatuur laten afkoelen. Draaiarm werd geopend. ■ Draaischakelaar op y zetten. ■ Ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot hij vastklikt. Kom of haakse overbrenging (toebehoren) is losgekomen. ■ Draaischakelaar op y zetten. Stekker uit het stopcontact nemen. ■ De mengkom tot aan de aanslag vastdraaien. ■ Haakse overbrenging vastdraaien en sluithendel volledig sluiten. De draaiarm kan niet geopend worden. Op de achterste, rode aandrijving is toebehoren aangebracht. ■ Toebehoren verwijderen. ■ Ontgrendelknop indrukken en draaiarm openen. De weegschaal geeft geen gewichtswijziging aan hoewel ingrediënten toegevoegd worden. De hoeveelheid toegevoegde ingrediënten bedraagt minder dan 5 gram (0,01 lb). Minstens 5 gram (0,01 lb) toevoegen, anders levert de weegschaal geen correcte meetresultaten. Het apparaat start het geselecteerde SensorControl Plus programma niet en gaat opnieuw uit. De draaischakelaar werd niet lang genoeg op de positie ü vastgehouden.103 nl Hulp bij storingen Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing SensorControl Plus kan niet worden gestart. “INGREDIËNTEN TOEVOEGEN” verschijnt, hoewel de ingrediënten al werden toegevoegd. Bij modellen met weegschaal: ingrediënten werden toegevoegd vooraleer de weegschaal actief was. ■ Kom leegmaken. ■ Programma opnieuw kiezen. ■ Ingrediënten pas toevoegen nadat het programma geselecteerd werd en de weegschaal “0 g” of “0.00lb” (afhankelijk van de instelling) weergeeft of op het display