GEBRUIKSAANWIJZING SAN FRANCISCO 300 BLAUPUNKT
Afneembaar bedieningspaneel ontgrendelen
(2) -toets
In menu: menupunt oproepen
Radioweergave: zoekafstemming starten
MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaar- weergave: naar volgende map/volgende CD gaan
(3) Aan-/uit-toets
Kort indrukken: autoradio inschakelen
In bedrijf: autoradio onderdrukken (Mute)
Lang indrukken: autoradio uitschakelen
(4) Volumeregelaar
(5) <-toets
In het menu: instelling veranderen
Radioweergave: zender instellen
Andere weergavesoorten: titelselectie
⑥ SRC-toets
Audiobron kiezen
(7) CD-opening
(8) Display
USB-aansluiting
(10) driehoek-toets (Eject)
CD uitwerpen
(11) Front-AUX-IN-bus (12) Toetsenblok 1 - 5 (13) DIS/ESC-toets
In menu: menu verlaten
In bedrijf: weergave omschakelen
(14) pijltje-rechts-toets
In het menu: instelling veranderen
Radioweergave: zender instellen
Andere weergavesoorten: titel selecteren
(15) MENU·OK-toets
Kort indrukken: menu oproepen, instellingen bevestigen
Lang indrukken: scan-functie starten
(16) V-toets
In menu: menupunt oproepen
Radioweergave: zoekafstemming starten
MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaarweergave: naar vorige map/vorige CD gaan
(17) AUD-toets
Audiomenu oproepen
(18) BND-toets
Kort indrukken: tijdens radioweergave geheugenniveau kiezen
Lang indrukken: tijdens radioweergave Travelstore-functie starten
Inhoud
Veiligheidsinstructies 88
Gebruikte symbolen 88
Verkeersveiligheid 88
Algemene veiligheidsinstructies 88
Conformiteitsverklaring. 88
Reinigingsinstructies. 89
Afvoerinstructies. 89
Leveringsomvang. 89
Speciale toebehoren (niet meegeleverd).... 89
In bedrijf nemen 90
Bedieningspaneel plaatsen/verwijderen .... 90
Tunerregio instellen 90
In-/uitschakelen 90
Volume 91
Demo-modus in-/uitschakelen. 91
Versienummers weergeven 91
Verkeersinformatie. 91
Radioweergave. 92
RDS 92
Naar radioweergave omschakelen. 92
Geheugenniveau kiezen. 92
Zenders instellen. 92
Zender opslaan/opgeslagen zenders oproepen. 93
USB-datadrager aansluiten/verwijderen. 96
Titel kiezen. 96
Map/CD kiezen (alleen bij MP3-/WMA-/C'n'C- resp. CD-wisselaar-weergave). 96
Snelle zoekdoorloop. 97
Titels in willekeurige volgorde weergeven. 97
Afzonderlijke titels, resp. CD's of mappen herhaald afspelen. 98
Displayweergave instellen. 98
Externe audiobronnen. 98
Front-AUX-IN-bus. 98
AUX-ingang aan de zijkant. 99
Klankinstellingen. 99
Audiomenu oproepen en verlaten 100
Instelling in audiomenu uitvoeren 100
Uitgebreid audiomenu oproepen en verlaten 100
Instelling in het uitgebreide audiomenu uitvoeren 101
Gebruikersinstellingen 101
Gebruikersmenu oproepen en verlaten 101
Instelling in gebruikersmenu uitvoeren 102
Fabrieksinstellingen 105
Nuttige informatie 106
Garantie 106
Service 106
Inbouwhandleiding 317
Veiligheidsinstructies
Veiligheidsinstructies
De autoradio is conform de huidige stand van de techniek en erkende veiligheidstechnische voorschriften geproduceerd. Toch kunnen er gevaren ontstaan wanneer u de veiligheidsinstructies in deze handleiding niet aanhoudt.
Deze handleiding bevat belangrijke informatie voor het eenvoudig en veilig inbouwen en bedienen van de autoradio.
- Lees deze handleiding zorgvuldig en volledig door, voordat u de autoradio gebruikt.
- Bewaar deze handleiding zodanig dat deze te allen tijde voor alle gebruikers toegankelijk is.
- Geef de autoradio altijd samen met deze handleiding aan derden door.
Houd u tevens de handleidingen aan van de apparaten die in combinatie met deze autoradio worden gebruikt.
Gebruikte symbolen
In deze handleiding worden de volgende symbolen gebruikt:

GEVAAR!
Waarschuwt voor persoonlijk letsel.

VOORZICHTIG!
Waarschuwt voor beschadiging van de CD-speler.

Het CE-teken bevestigt dat de EU-richtlijnen zijn aangehouden.

Geeft een handeling aan.

Geeft een opsomming aan.
Verkeersveiligheid
Houd de volgende instructies aan m.b.t. de verkeersveiligheid:
- Gebruik het apparaat zodanig, dat u uw voertuig altijd veilig kunt besturen. Stop bij
twijfel op een geschikte plek en bedien uw apparaat terwijl het voertuig stil staat.
Bedieningsdeel alleen bij stilstaand voertuig verwijderen of bevestigen. - Luister altijd met een redelijk volume, om uw gehoor te beschermen en om akoestische waarschuwingssignalen (bijv. politie) te kunnen horen. Tijdens mute-pauzes (bijv. bij het wisselen van audiobron) is het veranderen van het volume niet hoorbaar. Verhoog niet het volume tijdens deze geluidsonderdrukking.
Algemene veiligheidsinstructies
Houd de volgende instructies aan, om uzelf tegen letsel te beschermen:
- U mag het apparaat niet openen of veranderen. In dit apparaat bevindt zich een klasse-1-laser welke letsel aan uw ogen kan veroorzaken.
- Verhoog het volume niet tijdens onderdrukkingspauzes, bijv. bij het wisselen van audiobron. Het wijzigen van het volume is niet hoorbaar tijdens de geluidsonderdrukking.
Correct gebruik
Deze autoradio is voor inbouw en gebruik in een voertuig met 12 V boordspanning ontworpen en moet in een DIN-opening worden ingebouwd. Let op de vermogensgrenzen in de technische gegevens. Laat reparaties en eventueel de inbouw door een vakman uitvoeren.
Inbouwinstructies
U mag de autoradio alleen inbouwen, wanneer u ervaring heeft met de inbouw van autoradio's en bekend bent met het elektrische systeem van het voertuig. Houd u daarom aan de Inbouwhandleiding aan het einde van deze handleiding.
Hiermee verklaart Blaupunkt GmbH dat deze autoradio San Francisco 300 in overeenstemming is met de vereisten en de andere relevante voorschriften van de richtlijn 89/336/EG.
Reinigingsinstructies
Oplos-, reinigings- en schuurmiddelen alsmede cockpit-spray en kunststofonderhoudsmiddelen kunnen stoffen bevatten welke het oppervlak van de autoradio aantasten.
- Gebruik voor de reiniging van de autoradio uitsluitend een droge, of licht vochtige doek.
- Reinig indien nodig de contacten van het bedieningspaneel met een zachte, in schoonmaakalcohol gedrenkte doek.
Afvoerinstructies

Voer uw afgedankte apparaat niet af met het huisvuil!
Gebruik voor het afvoeren van het oude apparaat de beschikbare retour- en verzamelsystemen.
Leveringsomvang
In de leveringsomvang zijn inbegrepen:
1 Autoradio, 1 Bedienings-/inbouwhandleiding, 1 Etui voor het bedieningspaneel, 1 Frame, 1 Onderdelenset, 2 Demontagegereedschappen, 1 USB-aansluitkabel
Opmerking:
Wij raden het gebruik van originele Blaupunkt-toebehoren aan (www.blaupunkt.com).
Speciale toebehoren (niet meegeleverd)
Informeer bij uw Blaupunkt-vakhandel of via het internet onder www.blaupunkt.com over speciale accessoires, bijvoorbeeld:
- De stuurwiel- of handafstandsbediening van Blaupunkt voor betrouwbare en comfortabele bediening van de basisfuncties (in-/uitschakelen met de afstandsbediening niet mogelijk)
- De C'n'C-compatibele interfaces van Blaupunkt (C'n'C = Command and Control) voor aansluiting op Bluetooth®-compatibele mobiele telefoons en streaming-apparaten (bijv. via de Bluetooth®/USB-interface) en van aanvullende datadragers en apparaten (bijv. via de iPod®/USB-interface) via de iPod®/USB-interface
- Blaupunkt-cd-wisselaar
- Blaupunkt- of Velocity-versterker
In bedrijf nemen
Bedieningspaneel plaatsen/verwijderen
Uw autoradio is ter bescherming tegen diefstal uitgerust met een afneembaar bedieningspaneel (Release-Panel). Bij uitlevering bevindt het bedieningspaneel zich in de meegeleverde etui. Om de radio na inbouw in bedrijf te nemen, moet u eerst het bedieningspaneel plaatsen (zie paragraaf "Bedieningspaneel plaatsen" in dit hoofdstuk).
Neem het bedieningspaneel steeds mee wanneer u het voertuig verlaat. Zonder dit bedieningspaneel is de autoradio voor een dief waardeloos.
Voorzichtig
Beschadiging van het bedieningspaneel
Laat het bedieningspaneel niet vallen.
Transporteer het bedieningspaneel zo dat het tegen stoten is beschermd en de contacten niet vuil kunnen worden.
Stel het bedieningspaneel niet aan direct zonlicht of andere warmtebronnen bloot.
Voorkom directe aanraking van de contacten van het bedieningspaneel met de huid.
Bedieningspaneel plaatsen
Schuif het bedieningspaneel in de houder aan de rechter rand van de behuizing. Duw het bedieningspaneel voorzichtig in de linker houder totdat het vergrendelt.
Bedieningspaneel afnemen
Druk op de toets ① om het bedieningspaneel vrij te geven. De linkerkant van het bedieningspaneel komt los uit het apparaat en door een vergrendeling wordt voorkomen dat het paneel eruit valt. Pak het bedieningspaneel aan de linkerzijde vast en trek deze door de weerstand van de vergrendeling recht naar voren uit de bevestiging.
Opmerking:
De autoradio schakelt automatisch uit, zodra het bedieningspaneel wordt verwijderd.
Tunerregio instellen
Deze autoradio is gemaakt voor gebruik in verschillende regio's met verschillende frequentiebereiken en zendertechnologieën. Af fabriek is de Tunerregio "EUROPE" (Europa) ingesteld. Daarnaast zijn de tunerregio's "USA", "THAI" (Thailand) en "S AMERICA" (Zuid-Amerika) beschikbaar. Wanneer u de autoradio buiten Europa gebruikt, dan moet u eventueel eerst een geschikte tunerregio instellen:
Schakel de autoradio eventueel eerst UIT. Houd tegelijkertijd de toetsen MENU·OK 15 en 4 12 ingedrukt en druk op de aan-/uittoets 3.
De autoradio wordt ingeschakeld. Op het display verschijnt de actueel ingestelde tunerregio.
Druk net zo vaak op de toets √16 / √2 totdat de gewenste tunerregio wordt weergegeven. Druk op de toets MENU·OK 15.
In-/uitschakelen
In-/uitschakelen met de aan-/uit-toets
Voor het inschakelen drukt u op de aan-/uittoets ③.
De autoradio schakelt in.
- Om het apparaat uit te schakelen houdt u aan-/uit-toets ③ langer dan 2 seconden ingedrukt.
De autoradio schakelt uit.
Opmerking:
Wanneer u de autoradio bij uitgeschakeld voertuigcontact aanzet, dan schakelt de radio zich automatisch na 1 uur uit, zodat de accu van het voertuig niet leeg raakt.
Wanneer de autoradio conform de inbouwhandleiding met het contactslot van de auto is verbonden en niet met de aan-/uit-toets ③ is uitge
schakeld, wordt het met het contact in- resp. uitgeschakeld.
Volume
Volume instellen
Het volume kan in stappen van 0 (uit) tot 50 (maximaal) worden ingesteld.
Draai aan de volumeregelaar ④ om het volume te wijzigen.
Opmerking:
Wanneer een telefoon of navigatiesysteem is aangesloten op de autoradio zoals omschreven in de inbouwhandleiding, dan wordt de autoradio bij een telefoongesprek resp. bij een navigatiemededeling onderdrukt, en het gesprek resp. de gesproken mededeling wordt via de autoradioluidsprekers doorgegeven. Op het display verschijnt dan "TELEPHONE".
Autoradio zacht zetten (mute)
U kunt het volume snel naar een door u ingestelde waarde reduceren.
Druk kort op de aan-/uit-toets ③ om de autoradio zacht te zetten, resp. om het vorige volume weer te activeren.
Op het display worden tijdens de onderdrukking "MUTE" weergegeven.
Lees voor het instellen van het mute-volume in het hoofdstuk "Gebruikersinstellingen" de paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "MUTE LVL".
Demo-modus in-/uitschakelen
De demomodus toont u de functies van de autoradio als lichtkrant op het display. U kunt de demomodus in- respectievelijk uitschakelen:
Schakel de autoradio eventueel eerst uit. Houd tegelijkertijd de toetsen MENU·OK 15 en 2 12 ingedrukt en druk op de aan-/uittoets 3.
De autoradio wordt ingeschakeld. Op het display wordt "DEMO MODE" weergegeven,
wanneer u de demomodus heeft ingeschakeld. Door het indrukken van een willekeurige toets wordt de demomodus onderbroken en kunt u het apparaat bedienen.
Versienummers weergeven
U kunt de versienummers van de verschillende apparaatcomponenten laten weergeven.
Schakel de autoradio eventueel eerst uit. Houd tegelijkertijd de toetsen MENU·OK 15 en 1 12 ingedrukt en druk op de aan-/uittoets 3.
De autoradio wordt ingeschakeld. Op het display verschijnt het versienummer van de eerste component. Het eerste teken geeft het component aan: P = Processor, E = EPROM, A = Accordo.
Druk op de toets < 5 / > 14 om de versienummers van de andere componenten weer te geven. Druk op de toets MENU·OK 5 om naar de laatst beluisterde audiobron terug te gaan.
In de tunerregio "EUROPE" kan een FM-zender verkeersberichten markeren met behulp van een RDS-signaal. Wanneer de voorrang voor verkeersberichten is ingeschakeld, wordt een verkeersbericht automatisch weergegeven, ook wanneer de autoradio momenteel niet op de radioweergave is ingesteld of wanneer een zender van het MW- of LW-golfgebied is ingesteld.
Bij ingeschakelde voorrang wordt in het display het filesymbool ( ) weergegeven. Tijdens een weergegeven verkeersbericht wordt "TRAFFIC" in het display weergegeven.
Lees voor het in- en uitschakelen van de voorrang in het hoofdstuk "Gebruikersinstellingen" de paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "TRAF".
Opmerkingen:
- Het volume wordt voor de duur van het doorgeschakelde verkeersbericht verhoogd. U kunt het minimale volume voor
verkeersberichten instellen (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren").
- Om een doorgegeven verkeersbericht af te breken, drukt u op de toets DIS/ESC (13).
Radioweergave
RDS
In de tunerregio "EUROPE" zenden veel FM-zenders naast hun programma tevens een RDS-signaal (Radio Data System) uit, dat de volgende extra functies mogelijk maakt:
- De zendernaam wordt in het display getoond.
- De autoradio herkent verkeersberichten en nieuwszendingen en kan deze in iedere weergavesoort (bijv. tijdens CD-weergave) automatisch doorgeven.
- Alternatieve Frequentie (AF): wanneer de RDS-functie geactiveerd is, schakelt de autoradio automatisch naar de als beste te ontvangen frequentie van de ingestelde zender.
- Regionaal (REG): Sommige zenders verdelen hun programma op bepaalde tijden in regionale programma's met verschillende inhoud. Bij ingeschakelde REG-functie schakelt de autoradio alleen over naar alternatieve frequenties, wanneer die hetzelfde regionale programma uitzenden.
Voor het in- en uitschakelen van de RDS- resp. REG-functie leest u in hoofdstuk "Gebruikersinstellingen" de paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren" (menupunten "RDS", "REG").
Naar radioweergave omschakelen
Druk net zo vaak op de toets SRC 6 totdat "TUNER" wordt weergegeven:
Het actuele geheugenniveau verschijnt eenmaal als lichtkrant op het display.
Geheugenniveau kiezen
De volgende geheugenniveaus zijn in de verschillende tunerregio's beschikbaar:
| Regio | Geheugenniveaus |
| EUROPE | FM1, FM2, FMT, MW, LW |
| USA | FM1, FM2, FMT, AM, AMT |
| THAI | FM1, FM2, FMT, AM |
| S AMERICA | FM1, FM2, FMT, AM, AMT |
Druk net zo vaak op de toets BND (18) totdat het gewenste geheugenniveau wordt weergegeven.
Opmerking:
Op elk geheugenniveau kunnen maximaal 5 zenders worden geprogrammeerd.
Zenders instellen
U hebt verschillende mogelijkheden om een zender in te stellen:
Zenders handmatig instellen
Druk toets < 5 / > 14 één- of meerdere malen in om de frequentie stapsgewijs te wijzigen, resp. lang om de frequentie snel te wijzigen.
Opmerkingen:
- Voor de tunerregio "EUROPE": in het golfgebied FM worden bij ingeschakelde RDS-werking automatisch de volgende zender van de zenderketen ingesteld.
- Voor de tunerregio "EUROPE", "USA" en "S AMERICA": in het golfgebied FM worden bij ingeschakelde PTY-functie het actueel gekozen programmatype weergegeven en kan worden gewijzigd (zie hoofdstuk "PTY").
Zoekafstemming starten
Druk op de toets 16 / A2 , om de Zoekafstemming te starten.
De eerstvolgende ontvangbare zender wordt ingesteld.
Opmerkingen:
- Voor de tunesregio "EUROPE": in het golfgebied FM worden bij ingeschakelde voorrang voor verkeersinformatie alleen verkeersinformatiezenders ingesteld.
- Voor de tunesregio's "EUROPE", "USA" en "S AMERICA": in het golfgebied FM worden bij ingeschakelde PTY-functie de volgende zenders met het actueel gekozen programmatype ingesteld (zie hoofdstuk "PTY").
- De gevoeligheid van de zoekdoorloop kan worden ingesteld (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "SENS").
Zender opslaan/opgeslagen zenders oproepen
Kies het gewenste geheugenniveau. Stel eventueel de gewenste zender in. Druk op de voorkeuzetoets 1 - 5 gedurende ca. 2 seconden om de actuele zender onder de toets op te slaan.
Druk kort op de voorkeuzetoets 1-5 om de opgeslagen zender te kiezen.
Zenders kort weergeven
Met de scanfunctie worden elke ontvangbare zender van het actuele golfgebied kort weergegeven.
Druk de toets MENU·OK gedurende ca. 2 seconden in om het kort weergeven te starten, resp. kort om de actueel ingestelde zender verder te beluisteren.
Tijdens het kort weergeven worden op het display afwisselend "SCAN" en de actuele frequentie alsmede het geheugenniveau resp. de zendernaam weergegeven.
Opmerking:
Voor de radioweergave kan de duur van het fragment per zender worden ingesteld (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "SCAN TIME").
stuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "SCAN TIME").
Zenders automatisch programmeren (Travelstore)
Met Travelstore kunt u de 5 sterkste zenders van de regio automatisch zoeken en op een geheugenniveau opslaan. Eerder opgeslagen zenders van dit geheugenniveau worden hierbij gewist.
In de tunerregio "EUROPE" en "THAI" kunt u met Travelstore 5 FM-zenders op het geheugenniveau FMT opslaan. In de tunerregio "USA" en "S AMERICA" kunt u daarnaast 5 AM-zenders op het geheugenniveau AMT opslaan.
Kies een geheugenniveau van het gewenste golfgebied, bijv. FM1 of AM. Druk op de toets BND ⑱ gedurende ca. 2 seconden.
De tuner begint dan met de automatische zoekafstemming; op het display wordt "FM TSTORE" resp. "AM TSTORE" weergegeven. Wanneer het opslaan voltooid is, worden de zenders op geheugenpositie 1 van geheugenniveau FMT, resp. AMT weergegeven.
Opmerking:
Voor de tunerregio "EUROPE": bij ingeschakelde voorrang voor verkeersinformatie ( ) worden uitsluitend verkeersinformatiezenders opgeslagen.
PTY
In de tunerregio's "EUROPE", "USA" en "S AMERICA" kan een FM-zender het actuele programmatype doorgeven, bijv. CULTUUR, POP, JAZZ, ROCK, SPORT of WETENSCHAP. Met de PTY-functie kunt u zo doelgericht naar uitzendingen van een bepaald programmatype zoeken, bijv. maar rock- of sportuitzendingen. Let erop, dat PTY niet door alle zenders wordt ondersteund.
Radioweergave | CD-/MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaar-weergave
Opmerking:
Om de PTY-functie te gebruiken, moet u deze afzonderlijk in het menu inschakelen (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "PTY").
Programmatype kiezen
Opmerking:
In de tunerregio "EUROPE" kunt u de taal instellen, waarin de programmatypen worden weergegeven (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "PTY LANG").
Druk kort op de toets < 5 / > 14. Het actueel gekozen programmatype wordt kort weergegeven en u kunt een ander programmatype kiezen. Druk indien gewenst net zo vaak op de toets < 5 / > 14 totdat het gewenste programmatype wordt weergegeven.
Zender zoeken
Druk op de toets V 16 / A 2
Zodra de zoekdoorloop begint, verschijnt kort "SEARCH" op het display. Daarna wordt het actuele programmatype weergegeven.
Zodra een zender is gevonden, verschijnt kort "PTY FOUND". Zolang het programmatype van de ingestelde zender overeenstemt met het actueel gekozen programmatype, worden in het display afwisselend het programmatype en de zendernaam, resp. de frequentie weergegeven.
Opmerkingen:
- Wanneer er geen zender met het gekozen programmatype wordt gevonden, worden kort "NO PTY" weergegeven en klinkt een pieptoon. De laatst weergegeven zender wordt opnieuw ingesteld.
- Wanneer de ingestelde of een andere zender uit de zenderketen op een later tijdstip het gewenste programmatype uitzendt,
dan schakelt de autoradio automatisch van de actuele zender, resp. actuele audiobron, (bijv. CD) naar de zender met het gewenste programmatype. Houd er rekening mee dat deze functie niet door alle zenders wordt ondersteund.
Displayweergave instellen
Druk op de toets DIS/ESC 13 om tussen deze beide weergaves te wisselen:
| Weergave | Betekenis |
| ABCDEF
resp.
FM1 102.90 | Zendernaam
resp.
geheugenniveau/
frequentie |
| FM1 11:32 | Geheugenniveau/tijd |
CD-/MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaar-weergave
CD-/MP3-/WMA-weergave
U kunt met deze autoradio audio-CD's (CDDA) en CD-R/RWs met audio-, MP3- of WMA-bestanden alsmede MP3- of WMA-bestanden op USB-datadragers afspelen.

Gevaar voor vernieling van de CD-speler!
Niet ronde contour-CD's (shape CD's) en CD's met een doorsnede van 8 cm (mini-CD's) mogen niet worden gebruikt.
Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor beschadigingen aan de CD-speler door ongeschikte CD's.
Opmerkingen:
- Voor optimaal functioneren moet u alleen CD's gebruiken met het Compact-Disc-logo.
- Blaupunkt kan geen garantie geven voor het optimaal functioneren van tegen kopiëren beveiligde CD's en op de markt leverbare lege CD's en USB-datadragers.
Houdt bij het voorbereiden van een MP3-/WMA-datadrager de volgende instructies aan:
- Benaming van titels en mappen:
- Max. 16 tekens (CD) resp. 24 tekens (USB) incl. de bestandsextensie ".mp3" resp. ".wma" (bij meer tekens wordt het aantal van de door de autoradio herkenbare titels en mappen beperkt)
- Geen speciale tekens of umlauten
- CD-formaat: audio-CD (CDDA), CD-R/RW, diameter: 12 cm
- CD-dataformaat: ISO 9660 Level 1 en 2, Joliet
- CD-brandsnelheid: max. 16-voudig (aanbevolen)
- USB-formaat/-bestandssysteem: mass storage device (massageheugen)/FAT32
- Extensie van audiobestanden:
- .MP3 voor MP3-bestanden
- .WMA voor WMA-bestanden
- WMA-bestanden alleen zonder Digital Rights Management (DRM) en aangemaakt met Windows Media Player vanaf versie 8
- MP3-ID3-tags: versie 1 en 2
- Bitrate voor het aanmaken van audiobestanden:
- MP3: 32 tot 320 kbps
- WMA: 32 tot 192 kbps
Max. aantal titels: 20000
C'n'C-weergave
De C'n'C-interface van Blaupunkt (C'n'C = Command and Control) zorgt voor een nog comfortabelere bediening van apparaat en datadragers, die via een C'n'C-compatibele Blaupunkt-interface op de autoradio zijn aangesloten.
Controleer voordat u een C'n'C-geschikte Blaupunkt-interface aansluit de modus van de AUX-ingang op de achterzijde. Lees de paragraaf "AUX-ingang op achterzijde" in het hoofdstuk "Externe audiobronnen".
CD-wisselaar-weergave
U kunt op de autoradio de volgende CD-wisselaar aansluiten:
Informatie over de behandeling van CD's, het plaatsen van CD's en voor de bediening van de CD-wisselaar vindt u in de gebruiksaanwijzing van uw CD-wisselaar.
Controleer voordat u een CD-wisselaar aansluit de modus van de AUX-ingang op de achterzijde. Lees de paragraaf "AUX-ingang op achterzijde" in het hoofdstuk "Externe audiobronnen".
Overschakelen naar de CD-/MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaar-weergave
Druk net zo vaak op de toets SRC ⑥ tot de gewenste audiobron wordt weergegeven:
- "CD": geplaatste CD.
- "MP3": geplaatste CD, die al als MP3-CD herkend is.
- "USB": aangesloten USB-datadrager.
- Naam van het via C'n'C aangesloten apparaat
- "CDC / AUX": aangesloten CD-wisselaar (wanneer geen andere externe audiobron is aangesloten).
Opmerkingen:
- De betreffende audiobron kan uitsluitend worden geselecteerd, wanneer een corresponderende CD is geplaatst, resp. een corresponderend apparaat (bijv. een USB-datadrager of een CD-wisselaar) is aangesloten.
- Wanneer de autoradio de data van een aangesloten apparaat of datadrager voor de weergave eerst moet lezen, verschijnt zolang "READING" in het display. Dit kan bij grote databhoeveelheden wel tot 1 minuut duren. Wanneer er sprake is van een storing in het apparaat of datadrager of wanneer de overgedragen data niet weer
gegeven kunnen worden, wordt een overeenkomstige melding op het display weergegeven (bijv. "ERROR" of "USB ERROR").
- Leest de aangesloten CD-wisselaar vervolgens de geplaatste CD's (bijv. na een onderbreking in de voeding of na een magazijnwisseling), dan worden gedurende die periode "MAG SCAN" weergegeven. Wanneer de CD-wisselaar geen CD's of geen magazijn bevat, dan wordt "NO DISC" weergegeven.
CD-plaatsen
Opmerking:
Het automatische transport van de CD mag niet worden gehinderd of geholpen.
Schuif de CD met de bedrukte zijde naar boven in de CD-opening ⑦, totdat een weerstand waarneembaar wordt.
De CD wordt automatisch naar binnen getrokken en uw data worden gecontroleerd (op het display wordt zolang "READING" weergegeven). Daarna begint de weergave in CD- resp. MP3-weergave. Op het display wordt bij geplaatste CD het CD-symbool getoond.
Opmerking:
Wanneer de geplaatste CD niet kan worden weergegeven, wordt kort "CD ERROR" weergegeven en wordt de CD na ca. 2 seconden uit het apparaat geschoven.
CD verwijderen
Opmerkingen:
- Een niet uitgeschoven en niet verwijderde CD wordt na ca. 10 seconden automatisch naar binnen getransporteerd.
- U kunt ook CD's naar buiten laten schuiven wanneer de autoradio is uitgeschakeld of er een andere audiobron actief is.
Druk op de toets ⎩ ⑩ om een geplaatste CD uit te schuiven.
USB-datadrager aansluiten/verwijderen
Om een USB-datadrager aan te kunnen sluiten, moet de meegeleverde USB-kabel op de autoradio worden aangesloten (zie inbouwhandleiding).
Schakel de autoradio uit, zodat de datadrager op de juiste wijze kan worden aan- en afgemeld. Sluit de USB-datadrager op de USB-kabel aan, resp. ontkoppel deze.
Op het display wordt bij aangesloten USB-datadrager het USB-symbool weergegeven. Wordt de USB-datadrager na het aansluiten resp. na het inschakelen van de autoradio de eerste keer als audiobron geselecteerd, dan worden vervolgens de data ingelezen (op het display wordt gedurende deze periode "READING" weergegeven).
Opmerkingen:
- Wanneer de aangesloten USB-datadrager niet weergegeven kan worden, wordt kort "USB ERROR" weergegeven.
- De voor het inlezen benodigde tijd hangt af van het model en de grootte van de USB-datadrager.
Titelkiezen
Druk kort op de toets < 5 / > om naar de vorige/volgende titel te gaan.
Opmerking:
Wanneer de actuele titel langer dan 3 seconden wordt weergegeven, wordt de titel opnieuw gestart door één keer op < 5 te drukken.
Map/CD kiezen (alleen bij MP3-/WMA-/C'n'C- resp. CD-wisselaarweergave)
Druk op de toets V 16 / A 2 om naar de vorige/volgende map resp. vorige/volgende CD te gaan.
Opmerking:
U kunt zo ook tussen afspeellijsten van een via C'n'C aangesloten apparaat wisselen.
Snellezoekdoorloop
Houd de toets < 5 / > net zolang ingedrukt tot de gewenste positie is bereikt.
Weergave onderbreken
Druk op toets 3 12 om de weergave te onderbreken ("PAUSE") resp. weer te hervatten.
Afspeellijst-modus (alleen in MP3-/WMA-weergave)
De autoradio kan afspeellijsten afspelen, die met een MP3-manager zoals bijv. WinAmp of Microsoft Media Player zijn gemaakt. De afspeellijsten moeten opgeslagen zijn in de root-map van de CD resp. de USB-datadrager. De volgende afspeellijstformaten kunnen herkend worden: M3U, PLS.
Titel in afspeellijst-modus kiezen
Druk gedurende ca. 2 seconden op de toets 2 (12) om naar de afspeellijst-modus over te schakelen:
Op het display wordt "LIST MODE" weergegeven. De eerste titel van de eerste afspeellijst wordt afgespeeld.
Opmerking:
Wanneer de datadrager geen afspeellijsten bevat, wordt "NO LIST" weergegeven.
Druk kort op de toets < 5 / > 14 om naar de vorige/volgende titel van de actuele afspeellijst te gaan. Druk op de toets (16) / (2) om naar de vorige/volgende afspeellijst te gaan.
Op het display worden kort de naam van de gekozen afspeellijst weergegeven en de eerste titel van de afspeellijst wordt afgespeeld.
Afspeellijst-modus verlaten
Druk gedurende ca. 2 seconden op toets 212:
Op het display wordt kort "LIST OFF" weergegeven. De actuele titel wordt verder afgespeeld.
Alle titels kort weergeven
Met de scanfunctie worden alle beschikbare titels weergegeven.
Druk gedurende ca. 2 seconden op toets MENU·OK ① om het kort weergeven te starten, resp. kort, om de actueel kort weergegeven titel verder te beluisteren.
Tijdens het kort weergeven worden op het display afwisselend "SCAN" en het actuele titelnummer resp. de bestandsnaam weergegeven.
Opmerkingen:
- Bij weergave van CD-wisselaar is de duur van fragment per titel ca. 10 seconden. Voor alle andere weergavesoorten kan de duur van fragment per titel worden ingesteld (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "SCAN TIME").
- In de afspeellijst-modus (MP3-weergave) worden uitsluitend de titels van de actuele afspeellijst kort weergegeven.
Titels in willekeurige volgorde weergeven
Druk op de toets 5 MIX (12), om te schakelen tussen de weergavemodi:
| Bedrijf | Weergave | Betekenis |
| CD | MIX ALL | Titels mixen |
| MP3/WMA/C'n'C1 | MIX DIR2 | Titels van de actuèle(SS) mappen mixen |
| MIX ALL2 | Titels van de data-dragers mixen |
| CDC | MIX CD | Titels van de actuèle(CD) mixen |
| MIX ALL | Titels van alle CD's mixen |
| Alg. | MIX OFF | Normale weergave |
1 Bij C'n'C-bedrijf kunnen afhankelijk van het aangesloten apparaat verdere weergave-modi beschikbaar zijn 2 Niet in MP3-afspeellijst-modus
CD-/MP3-/WMA-/C'n'C-/CD-wisselaarweergave / Externe audiobronnen
Wanneer de MIX-functie actief is, wordt het MIX-symbool op het display weergegeven.
Afzonderlijke titels, respectievelijk CD's of mappings herhaald afspelen
Druk op de toets 4 RPT (12) om tussen de weergavemodi te schakelen:
| Bedrijf | Weergave | Betekenis |
| CD | RPT TRACK | Titel herhalen |
| MP3/WMA/C'n'C'1 | RPT TRACK | Titel herhalen |
| RPT DIR2 | Map herhalen |
| CDC | RPT TRACK | Titel herhalen |
| RPT DISC | CD herhalen |
| Alg. | RPT OFF | Normale weergave |
1 Bij C'n'C-bedrijf kunnen afhankelijk van het aangesloten apparaat verdere weergavemodi beschikbaar zijn. Niet in MP3-afspeellijst-modus.
Wanneer de RPT-functie actief is, wordt het RPT-symbool op het display weergegeven.
Displayweergave instellen
Druk een of meerdere malen op toets DIS/ESC (13) om tussen deze weergaven te wisselen:
| Bedrijf | Weergave | Betekenis |
| CD | T 01 02:15 | Titelnummer en speeltijd |
| T 01 18:33 | Titelnummer enijd |
| MP3/WMA/C'n'C | 01 ABC | Bestandsnaam |
| ABCDEF | Artiest¹ |
| ABCDEF | Albumnaam¹ |
| PLAY 02:15 | Speeltijd |
| CLK 18:33 | Tijd |
| Bedrijf | Weergave | Betekenis |
| CDC | T 01 02:15 | Titelnummer en speeltijd |
| T 01 18:33 | Titelnummer en kloktijd |
| CD 02T 03 | CD-nummer en titelnummer |
1 Artiest- en albumnaam moeten als ID3-tag zijn opgeslagen en worden slechts gedurende ca. 10 seconden en eventueel als lichtkrant weergegeven; anders wordt de bestandsnaam weergegeven.
Opmerking
U kunt de weergave van CD-tekst van een audio-CD in- en uitschakelen (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "CD TEXT"). Bij ingeschakelde CD-tekst wordt bij aanvang van elke titel de betreffende CD-tekst eenmaal als lichtkrant weergegeven.
Externe audiobronnen
Front-AUX-IN-bus

Gevaar! Verhoogd letselgevaar door stekker.
In geval van een ongeluk kan de uitstekende stekker in de front-AUX-IN-bus letsel veroorzaken. Het gebruik van rechte stekkers of adapters leidt tot een verhoogd risico op letsel.
Daarom verdient gebruik van haakse stekkers aanbeveling, bijv. de Blaupunkt toebehorenkabel (7 607 001 535).
Zodra een externe audiobron zoals bijvoorbeeld een draagbare CD-/ MiniDisc- of MP3-speler op de front-AUX-IN-bus is aangesloten, kan deze met de toets SRC ⑥ worden geselecteerd. Op het display worden dan "FRONT AUX" weergegeven.
AUX-ingang aan de zijkant
Via de AUX-ingang aan de rechterzijde (Rear-AUXIN) kunt u verschillende externe audiobronnen op de autoradio aansluiten:
- C'n'C-geschikte apparaten uit het Blaupunkt-toebehorenprogramma (bijv. een C'n'C-geschikte Bluetooth®/USB- of iPod®/USB-interface; C'n'C = Command and Control).
- CD-wisselaar
- Andere externe audiobronnen zoals bijvoorbeeld draagbare CD-spelers, MiniDisc-spelers, MP3-spelers of een niet C'n'C-compatibele Blaupunkt-interface.
Opmerking:
Voor het aansluiten van een externe audiobron via de AUX-ingang op de achterzijde heeft u een adapterkabel nodig. Deze kabel (Blaupunkt-nr. 7607897093) is verkrijgbaar bij uw Blaupunkt-vakhandel.
Controleer voordat u een bepaald apparaat aansluit, eerst de modus van de AUX-ingang op de achterzijde en wijzig eventueel de instelling (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "CDC"). Let er op dat u de instellingen uitsluitend wijzigt zolang er geen apparaat op de AUX-ingang aan de achterzijde is aangesloten. Verwijder eerst eventueel aangesloten apparaten bij uitgeschakelde autoradio.
C'n'C-weergave starten
Druk net zo vaak op toets SRC 6 totdat de naam van het via C'n'C aangesloten apparaat op het display verschijnt.
De weergave begint.
Opmerkingen:
- De C'n'C-weergave kan alleen worden gekozen wanneer een geschikt apparaat op een C'n'C-interface is aangesloten.
- Lees voor de bediening van de radio in C'n'C-bedrijf het hoofdstuk "CD-/MP3-/ WMA-/C'n'C-/CD-wisselaar- weergave".
- U kunt gebruik makend van een geschikte adapterkabel tot maximaal 3 C'n'C-compatibele Blaupunkt-interfaces op de autoradio aansluiten. Om er voor te zorgen dat de autoradio de verschillende interfaces kan onderscheiden, kunt u aan elke interface een individueel apparaatnummer toekennen (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "C'N'C").
AUX-weergave starten
Druk net zo vaak op toets SRC 6 totdat "CDC/AUX" op het display verschijnt.
De weergave begint.
Opmerking:
U kunt voor de AUX-ingang op de blijde een eigen naam invoeren, welke in AUX-weergave op het display worden weergegeven, wanneer u de aangesloten audiobron heeft geselecteerd (zie hoofdstuk "Gebruikersinstellingen", paragraaf "Instelling in gebruikersmenu uitvoeren", menupunt "AUX EDIT").
Klankinstellingen
In het audio-menu kunt u de volgende klankkleurinstellingen veranderen:
- Bas en treble instellen
- Volumeverdeling links/rechts (balans) resp. voor/achter (fader) instellen
- Versterking van de lage tonen bij laag volume (X-Bass) instellen.
In het uitgebreide audio-menu kunt u daarnaast de volgende instellingen uitvoeren:
3-band-equalizer instellen: - Middentonenniveau instellen. - Bas-, midden- en hoge tonen frequentie kiezen. - Kwaliteitsfactor voor bas en middentonen instellen. - Uitgebreide X-Bass-instellingen uitvoeren (niveau en frequentie)
Klankinstellingen
- Equalizer-voorinstellingen kiezen
Opmerking:
De instellingen voor bassen, midden- en hoge tonen worden steeds voor de actuele audiobron opgeslagen.
Druk kort op de toets AUD (17), om het audiomenu te openen. Druk net zo vaak op de toets V (16) / A (2) totdat het gewenste menupunt is geselecteerd. Voer de instelling uit (zie volgende paragrafen). Druk kort op toets MENU·OK (5) om een ander menupunt te selecteren. - of - Druk kort op toets DIS/ESC (13) om het menu te verlaten.
Opmerking:
Het menu wordt automatisch ca. 15 seconden nadat voor het laatst toetsen zijn ingedrukt verlaten en u keert terug naar de weergave van de actuele audiobron.
BAS
Niveau lage tonen. Instellingen: -7 tot +7.
Druk op toets > (14), om het submenu te openen. Druk op toets V (16) / A (2) om de instelling uit te voeren.
TREBLE
Niveau hoge tonen. Instellingen: -7 tot +7.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets √16 / √2 om de instelling uit te voeren.
Balans
Volumeverdeling links/rechts. Instellingen: L9 (links) tot R9 (rechts).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets 16 / A2 om de instelling uit te voeren.
FADER
Volumeverdeling voor/achter. Instellingen: R9 (achter) tot F9 (voor).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets 16 / A2 om de instelling uit te voeren.
X-BASS
Versterking van de lage tonen bij gering volume. Instellingen: 0 (uit) tot 3 (grootste versterking).
Druk op toets > (14), om het submenu te openen. Druk op toets 16 / A2 om de instelling uit te voeren.
Kies in het audiomenu het menupunt "ENHANCED". Druk op toets > om het ENHANCED-menu te openen. Druk net zo vaak op de toets 16 / A2 totdat het gewenste menupunt is geselecteerd. Voer de instelling uit (zie volgende paragrafen). Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om een ander menupunt te selecteren. - of - Druk kort op toets DIS/ESC ① om het menu te verlaten.
E-BASS
BASFREQUENTIE EN KWALITEITSFACTOR INSTELLEN:
- Basfrequentie: 60/80/100/200 Hz Kwaliteitsfactor: 1,0/1,25/1,5/2,0
Druk op toets >14 om het submenu E-BASS te openen. Druk op toets √16 / √2 om te wisselen tussen de submenu's "FREQ" (frequentie) en QFAC (kwaliteitsfactor). Druk op de toets <5 / >14 om te wisselen tussen de beschikbare instellingen van het submenu.
E-TREBLE
Hoge frequenties instellen. Instellingen: 10/12,5 tot 15/17,5 kHz.
Druk op toets >14 om het submenu E-TREBLE te openen. Druk op de toets <5 / >14 om te wisselen tussen de beschikbare instellingen van het submenu.
E-MIDDLE
Middenniveau en -frequentie alsmede kwaliteitsfactor instellen. Instellingen:
- Middenniveau: -7 tot +7
- Middenfrequentie: 0,5/1,0/1,5/2,5 kHz Kwaliteitsfactor: 0,5/0,75/1,0/1,25
Druk op toets >14 om het submenu E-MIDDLE te openen. Druk op toets √16 / √2 om te wisselen tussen de submenu's "GAIN" (niveau), "FREQ" (frequentie) en QFAC (kwaliteitsfactor). Druk op de toets <5 / >14 om te wisselen tussen de beschikbare instellingen van het submenu.
E-XBASS
X-Bass niveau en -frequentie instellen. Instellingen:
X-Bass niveau: 0 (uit) tot 3 X-Bass frequentie: 30/60/100 Hz
Druk op toets >14 om het submenu E-XBASS te openen. Druk op toets √16 / √2 om te wisselen tussen de submenu's "GAIN" (niveau) en "FREQ" (frequentie). Druk op de toets <5 / >14 om te wisselen tussen de beschikbare instellingen van het submenu.
PRESETS
Equalizer-voorinstellingen kiezen. Instellingen: POP, ROCK, CLASSIC, P-EQ OFF (geen voorinstelling).
Druk op toets 14 om het submenu PRE-SETS te openen. Druk op toets 16/π om tussen de instellingen te wisselen.
Gebruikersinstellingen
Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om het menu te openen. Druk net zo vaak op de toets 16/2 totdat het gewenste menupunt is geselecteerd. Voer de instelling uit (zie volgende paragrafen). Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om een ander menupunt te selecteren.
-of-
Gebruikersinstellingen
Druk kort op toets DIS/ESC (13) om het menu te verlaten.
Opmerking:
Het menu wordt automatisch ca. 15 seconden nadat voor het laatst toetsen zijn ingedrukt verlaten en u keert terug naar de weergave van de actuele audiobron.
CDC
Modus van de AUX-ingang op de achterkant instellen. Instellingen: ON (voor aansluiten van een CD-wisselaar of een andere externe audiobron), OFF (voor aansluiting van een C'n'C-geschikt Blaupunkt-interface).
Druk op toets 14 om het submenu te openen. Druk op toets 14 om tussen de instellingen te wisselen. Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om de gekozen instelling te bevestigen.
De autoradio schakelt automatisch uit en met de gekozen instelling weer in.
CN'C
Ken aan aangesloten C'n'C-geschikte interfaces een individueel apparaatnummer toe (C'n'C = Command and Control). Lengte: 4 posities, cijfers: 0-9, A-F (hexadecimaal).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets V(16) / A(2) om de interface te kiezen ("DEV 1 - 3"). Druk op toets >14 om het apparaatnummer te wijzigen. Druk op toets <5 / >14 om te wisselen tussen de posities.
Het teken op de gekozen positie knippert, wanneer dit is gekozen.
Druk op toets V16 / A2 om op de geselecteerde positie een cijfer te kiezen.
Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om het ingevoerde apparaatnummer te bevestigen.
CDTEXT
Weergave van CD-tekst in- of uitschakelen. Instellingen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen. Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om de gekozen instelling te bevestigen.
TA VOLUME
(alleen voor tunerregio "EUROPE")
Minimale volume voor verkeersberichten instellen. Instellingen: 1 - 50.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets V16 / A2 of draai aan de volumeregelaar 4 om de instelling uit te voeren.
SENS
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: Gevoeligheid van de Zoekafstemming instellen. Instellingen: L01 (geringste) - H16 (hoogste).
Druk op toets > (14) om het submenu te openen. Druk op toets V (16) / A (2) om de instelling uit te voeren.
SCAN TIME
Duur van fragment in stappen van 5 seconden instellen. Instelling: 5 - 30.
Druk op toets > (14), om het submenu te openen. Druk op toets V (16) / A (2) om de instelling uit te voeren.
CLOCK SET
De tijd van de klok instellen.
Druk op toets > (14) om het submenu te openen.
Druk op toets < (5) / > (14) om te wisselen tussen minuten en uren. De minuten- resp. urenweergave knippert wanneer deze is geselecteerd. Druk op toets V (16) / A (2) om de minuten, resp. uren in te stellen. Druk kort op toets MENU·OK (15) om de ingevoerde tijd te bevestigen.
Opmerking:
In de 12-uur tijdmodus (12H MODE) worden 's ochtends een "A" resp. 's middags een "P" weergegeven.
12H/24H MODE
12- resp. 24-uur-tijdmodus kiezen. Instellingen: 12H, 24H.
Druk op toets > (14) om het submenu te openen. Druk op toets > (14) om tussen de instellingen te wisselen.
CLOCK
Weergave van de klok bij uitgeschakelde radio en uitgeschakeld voertuigcontact in- of uitschakelen. Instellingen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen. Druk kort op toets MENU·OK 15 om de gekozen instelling te bevestigen.
BEEP
Bevestigingstoon in- of uitschakelen. Instellen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen. Druk kort op toets MENU·OK 15 om de gekozen instelling te bevestigen.
TEL VOL
Minimaal volume voor navigatiemeldingen en telefoongesprekken instellen. Instellingen: 1 - 50.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 of draai aan de volumeregelaar 4 om de instelling uit te voeren.
MUTE LVL
Volume voor onderdrukking instellen. Instellingen: 0 - 50.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 of draai aan de volumeregelaar 4 om de instelling uit te voeren.
ON VOLUME
Inschakelvolume instellen. Instellingen: 0 - 50 of LAST VOL (voor het uitschakelen van de autoradio staat ingesteld volume). Bij de instelling "LAST VOL" is het inschakelvolume begrensd op max. 25.
Druk op toets >14 om de instelling "LAST VOL" te kiezen. -of- Druk op toets <5 om het inschakelvolume tussen 0 en 50 in te stellen. Druk op toets >14 of draai aan de volumeregelaar 4 om de instelling uit te voeren.
REG
(alleen voor tunerregio "EUROPE")
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: REG-functie in- of uitschakelen. Instellingen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >① om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen.
Gebruikersinstellingen
PTYLANG
(alleen voor tunerregio "EUROPE")
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: taal voor de weergave van de programmatypen kiezen. Instellingen: ENGLISH, FRANCAIS, DEUTSCH.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets 16 / 2 om tussen de instellingen te wisselen.
PTY
(alleen voor tunerregio "EUROPE", "USA", "S AMERICA")
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: PTY-functie in- of uitschakelen. Instellingen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets > ⑭ om tussen de instellingen te wisselen.
DISP COL
Kleuren voor de displayverlichting mengen uit de basiskleuren rood, groen en blauw (RGB). Instellingen voor R, G en B steeds 0 tot 16.
Druk op toets < 5 om het submenu "4096 COL" te kiezen (instellen van R, G en B), resp. de toets >14 om het submenu "256 COL" te kiezen (instellen van R en G, B blijft ongewijzigd). Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets < 5 / > 14 om te wisselen tussen de kleuren.
De waarde van de geselecteerde kleur knippert.
Druk op toets V 16 / A2 om de waarde van de geselecteerde kleur in te stellen. Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om de gekozen instelling te bevestigen.
SCAN
Continue kleurwisseling van de displayverlichting in- of uitschakelen. Instellen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >① om het submenu te openen. Druk op toets >⑭ om tussen de instellingen te wisselen. Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om de gekozen instelling te bevestigen.
Wanneer de continue kleurwisseling is ingeschakeld, wijzigt de kleur van de displayverlichting voortdurend over het hele kleurenspectrum.
COL SCAN
Kleur van de displayverlichting tijdens een kleurzoekdoorloop selecteren.
Druk op toets >14 om de kleurzoekdoorloop te starten.
Op het display worden afwisselend "SCANNING" en "OK (MENU)" weergegeven en de kleur van de displayverlichting wijzigt voortdurend.
Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om de juist ingestelde kleur te selecteren.
DIM DAY/DIM NIGHT
Displayhelderheid voor overdag (DIM DAY) resp. 's nachts (DIM NIGHT) instellen. Instellingen: 1-16.
Druk op toets >① om het submenu te openen. Druk op toets √16 / √2 om de instelling uit te voeren.
Wanneer uw autoradio is aangesloten zoals staat beschreven in de handleiding en uw voertuig beschikt over de betreffende aansluiting, dan volgt de omschakeling van de displayhelderheid voor dag en nacht tegelijk met het in- en uitschakelen van de voertuigverlichting.
AUX EDIT
Naam voor de AUX-ingang aan de achterkant bij AUX-weergave invoeren. Lengte: 9 posities; tekens: A-Z, 0-9.
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets <5 / >14 om te wisselen tussen de posities.
Het teken op de gekozen positie knippert, wanneer dit is gekozen.
Druk op toets V16 / A2 om op de geselecteerde positie een teken te selecteren. Druk kort op toets MENU·OK (15) om de ingevoerde naam te bevestigen.
TRAF
(alleen voor tunerregio "EUROPE")
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: voorrang voor verkeersberichten in- of uitschakelen. Instellingen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen.
RDS
(alleen voor tunerregio "EUROPE")
Alleen bij FM-radioweergave mogelijk: RDS-functie in- of uitschakelen. Instellen: ON (aan), OFF (uit).
Druk op toets >14 om het submenu te openen. Druk op toets >14 om tussen de instellingen te wisselen.
Fabrieksinstellingen
Fabrieksinstellingen in gebruikersmenu:
| ON VOLUME | LAST VOL |
| MUTE LVL | 0 |
| SENS | HI6 |
| SCAN TIME | 10 |
| CLOCK | OFF |
| BEEP | ON |
| DIM DAY | 15 |
| DIM NIGHT | 12 |
| CDTEXT | OFF |
| 12H/24H MODE | 24H |
| CLOCKSET | 00:00 |
| TEL VOL | 17 |
| TA VOL | 20 |
| RDS* | ON |
| REG* | ON |
| TRAF* | OFF |
- Alleen in tunerregio "EUROPE"
U kunt de oorspronkelijke fabrieksinstellingen van de autoradio herstellen:
Druk kort op toets MENU·OK ⑤ om het menu te openen. Druk net zo vaak op toets V^16 / A^2 totdat het menupunt "NORMSET" is geselecteerd. Druk langer dan 4 seconden op de toets MENU·OK⑲
Op het display wordt kort "NORM ON" weergegeven. De autoradio schakelt automatisch uit en weer in met de fabrieksinstellingen.
Opmerking:
Wanneer u de toets MENU·OK (15) korter dan 4 seconden indrukt, worden "NORM OFF" op het display weergegeven en blijven de actuele instellingen bewaard.
Garantie
Voor onze producten die binnen de Europese Unie gekocht zijn, bieden wij een fabrieksgarantie. Voor buiten de EU gekochte apparaten gelden de garantiebepalingen van de betreffende vertegenwoordigingen in die landen.
De garantievoorwaarden kunt u raadplegen op www.blaupunkt.com of direct opvragen bij:
Blaupunkt GmbH
Hotline
Robert-Bosch-Str. 200
D-31139 Hildesheim
Service
In enkele landen biedt Blaupunkt een reparatie- en afhaalservice aan.
Op www.blaupunkt.com kunt u nagaan of deze service ook in uw land beschikbaar is.
Mocht u van deze dienst gebruik willen maken, dan kunt u via het internet het afhalen van uw autoradio aanvragen.
Technische gegevens
Voedingsspanning
Bedrijfsspanning: 10,5 - 14,4 V
Opgenomen vermogen
Bij weergave: 10 A
10 sec. na het
uitschakelen: < 3,5 mA
Versterker
Uitgangsvermogen: 4 x 26 Watt sinus bij 14,4 V aan 4 Ohm. 4 x 50 W max. vermogen
Tuner
Golflengtegebied Europa/Thailand:
FM: 87,5 - 108 MHz
Golfgebieden Zuid-Amerika:
FM: 87,5-107,9 MHz
Afmetingen en gewicht
B x H x D (mm): 182 x 53 x 155
Wijzigingen voorbehouden

(1) [V-knop]
Om het losneembare paneel te verwijderen
(2) Λ-knop
In het menu: Openen van menu-optie
NL - Inbouw handleiding

Adviezen voor de veiligheid
Wilt u tijdens het monteren en aansluiten de volgende veiligheidsadviezen in acht nemen.
- De minpool van de batterij afklemmen! De veiligheidsadviezen van de fabrikant in acht nemen.
- Bij het gaten boren erop letten dat geen voertuigonderdelen worden beschadigd.
- De dwarsdoorsnede van de plus- en minkabel mag niet minder dan 1,5 mm² zijn. Stekker aan de voertuigkant niet aan de radio aansluiten!
De voor uw voertuig vereiste adapterkabel is bij de BLAUPUNKT-vakhandel verkrijgbaar!
- Afhankelijk van de uitvoering kan uw auto afwijken van deze beschrijving. Voor schade door fouten in montage of aansluiting en schade als gevolg waarvan aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.
Mochten de hier vermelde aanwijzingen voor de montage voor u niet van toepassing zijn, dan kunt u contact opnemen met uw Blaupunkt-vakhandel, uw autofabrikant of onze telefoon-hotline.
Bij inbouw van een versterker of cd-wisselaar moeten eerst de massacontacten van de apparaten worden verbonden voordat de stekkers voor de line-in- of line-out-bussen worden aangesloten.
De massa van andere apparaten mag niet aan de massa van de autoradio (huis) worden aangesloten.

Als speciaal accessoire verkrijgbaar
Wijzigingen voorbehouden!