SP 180-35 SI - Waterpomp METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SP 180-35 SI METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over SP 180-35 SI METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SP 180-35 SI - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SP 180-35 SI van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING SP 180-35 SI METABO
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing 18
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
1. Conformiteitsverklaring
Wij verklaren uitsluitend op eigen verantwoordelijkheid dat: deze vuilwaterpomp (aanduiding: SP...), geïdentificeerd door type en serienummer *1), voldoet aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij *4) - zie pagina 3.
2. Voorgeschreven gebruik van het systeem
Deze vuilwaterpomp (aanduiding: SP...) is bedoeld voor het verpompen van schoon en vuil water in huis en in de tuin.
- Het aandeel aan zwevende deeltjes in het afvalwater mag niet meer dan 5% bedragen.
- Het aandeel aan vaste stoffen in het afvalwater mag de bij de technische gegevens aangegeven korrelgrootte niet overschrijven.
- Elke andere vorm van gebruik geldt als niet doelmatig en is niet toegelaten.
Typische toepassingsgebieden:
- beregening en besproeien van de tuin en gazons uit dieper gelegen bronnen, putten of regenbakken.
- Gebruik als afvalwaterpomp.
- Leegpompen van tanks, waterbekkens, zinkputten of ondergelopen ruimten.
De pomp is niet bedoeld voor:
- industrieel of commercieel gebruik
- permanente circulatie (bijv. in een vijver)
De pomp is niet geschikt voor het transport van:
- drinkwater
- levensmiddelen
- zout water
- explosieve, brandbare, agressieve of voor de gezondheid gevaarlijke stoffen (bijv. chemicaliën), evenals fecaliën, olie,
- vloeistoffen warmer dan 35°C
De apparaten mogen door personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, als zij onder toezicht staan of omtrent het veilige gebruik van het apparaat werden geïnstrueerd en de hieruit daarmee gepaard gaande gevaren begrijpen.
Eigenmachtige veranderingen aan de pomp en het gebruik van onderdelen die niet zijn getest en vrijgegeven door de producent, zijn niet toegestaan.
Elk ondeskundig gebruik van de pomp is in strijd met de voorschriften; hierdoor kunnen niet te voorziene beschadigingen ontstaan! Alleen de gebruiker is aansprakelijk voor schade door oneigenlijk gebruik.
De algemeen erkende ongevallenpreventievoorschriften en de bijgevoegde veiligheidsinstructies moeten in acht worden genomen.
3. Algemene veiligheidsvoorschriften

Let voor uw veiligheid en die van het elektrische gereedschap op de passages die zijn voorzien van dit symbool!

WAARSCHUWING – Lees de gebruiksaanwijzing om het risico op letsel te verminderen.

WAARSCHUWING – lees alle veiligheidsinstructies, aanwijzingen,eldingen en technische gegevens, die en met het gereedschap worden geleverd.
Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen met het oog op toekomstig gebruik.
Geef uw gereedschap alleen met deze documenten aan anderen door.
4. Speciale veiligheidsinstructies
Het apparaat mag niet door kinderen worden gebruikt.
De reiniging en het onderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Bij gebruik in zwembaden en tuinvijvers en hun directe omgeving moeten de bepalingen overeenkomstig DIN VDE 0100 -702, -738 in acht worden genomen.
De pomp mag niet worden gebruikt wanneer er personen in het water aanwezig zijn.
Ook moeten eventuele plaatselijke voorschriften worden opgevolgd.
Trek de stekker uit het stopcontact, alvorens werkzaamheden aan de pomp uit te voeren. Controleren of de pomp en de aangesloten toebehoren drukloos zijn.
Bij het gebruik van pompen blijven de volgende restrisico's in principe bestaan – ze kunnen ook door veiligheidsvoorzieningen niet volledig worden vermeden.
4.1 Gevaar door omgevingsinvloeden!
Gebruik de pomp niet in ruimten waar explosiegevaar bestaat of in de buurt van ontvlambare vloeistoffen of gassen!
4.2 Gevaar door heet water!
De pomp maximaal. 5 minuten tegen een gesloten persleiding laten werken. Water dat in de pomp circuleert, raakt verhit.
Door heet water kunnen beschadigingen en lekkages aan de pomp en aansluitingen optreden,
waardoor heet water kan ontsnappen. Gevaar voor brandwonden!
Een defecte pomp loskoppelen van het elektriciteitsnet en laten afkoelen. De correcte werking van de installatie door een vakman laten controleren alvorens deze opnieuw in gebruik te nemen.
4.3 Gevaar door elektrische stroom!
De pomp moet via een aardlekschakelaar (RCD) met een toegekende lektroom van niet meer dan 30 mA van stroom worden voorzien.
De pomp voor aanvang van installatie-, onderhouds- of reinigingswerkzaamheden of voordat de pomp gedemonteerd wordt eerst loskoppelen van het elektriciteitsnet.
Raak de netstekker nooit aan met natte handen! Trek de stekker nooit aan het netsnoer uit het stopcontact.
Het apparaat mag alleen op geaarde stopcontacten worden aangesloten die deskundig geïnstalleerd, geaard en getest zijn.
De nationale installatievoorschriften moeten in acht worden genomen.
Het geaarde stopcontact of stekkerverbinding met een verlengsnoer moeten in een overstromingsvrije omgeving gemonteerd en tegen water beschermd zijn.
Verlengsnoeren moeten een voldoende grote aderdiameter hebben. Kabeltrommels moeten volledig afgerold zijn.
Netsnoer en verlengsnoer niet knikken, kneuzen, eraan trekken of overrijden; tegen scherpe kanten, olie en hitte beschermen.
Het verlengsnoer mag niet in contact komen met de te pompen vloeistof.
De stekker uit het stopcontact trekken:
- voor alle werkzaam aan de pomp;
- als er personen in het zwembad of tuinvijver aanwezig zijn.
De elektrische verbindingen mogen niet in het water liggen en moeten zich in een gebied bevinden dat veilig is voor overstromingen. Bij gebruik in de openlucht moeten zij spatwaterdicht zijn.
4.4 Gevaar door gebreken aan de pomp of storingen!
Controleer de pomp vóór ieder gebruik, vooral het netsnoer, de netstekker en elektrische onderdelen, op eventuele beschadigingen. Levensgevaar door elektrische schok!
Een beschadigde pomp mag pas weer worden gebruikt nadat het deskundig is gerepareerd.
Voer zelf nooit reparaties aan de pomp uit! Alleen vakmensen mogen reparaties aan pompen uitvoeren.

Om waterschade, bijv. ondergelopen ruimtes, te voorkomen, veroorzaakt door storingen of eken van het apparaat:
- Passende veiligheidsmaatregelen inplannen, bijv.: alarminstallatie of opvangbekken met bewaking
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade die veroorzaakt wordt omdat
- de pomp niet volgens de voorschriften werd gebruikt.
- de pomp door continugebruik overbelast werd.
- de pomp niet in een vorstvrije omgeving werd gebruikt of opgeslagen.
- eigenmachtige veranderingen aan de pomp werden uitgevoerd. Reparaties aan pompen mogen uitsluitend door een erkende elektricien worden uitgevoerd!
- het gebruik van onderdelen die niet door de fabrikant gecontroleerd en vrijgegeven zijn.
- het gebruik van ongeschikt installatiemateriaal (armaturen, aansluitleidingen, enz.).
Bij gebruik van universele draaikoppelingen (bajonetkoppelingen) alleen uitvoeringen gebruiken met een extra bevestigingsring voor een veilige afdichting.
Verontreiniging van de vloeistof kan worden veroorzaakt door lekkende smeermiddelen.
5. Overzicht
Zie pagina 2.
1 Klemelementen van kabeldepot
2 Kabeldepot
3 Bevestigingsrail
4 Bout (voor het reinigen van de vlotterschakelaar)
5 Omschakelaar "Handmatige modus"/ "Automatische modus"
6 Vlotterschakelaar (geïntegreerd in het apparaat)
7 Transportgreep (ook voor het bevestigen van een draagriem)
8 Aanzuigbereik
9 Multiadapter
10 Verbindingsstuk
11 Knop voor het verwijderen van de multiadapter
12 Hoekstuk
6. Montage, opstelling, voor de ingebruikname
6.1 Kabeldepot (2) aanbrengen
Afb. A. Klemelement (1) samendrukken en het kabeldepot (2) van boven van de bevestigingsrail (3) schuiven. De kabel zo nodig en bij opslag eerst opwikkelen.
6.2 Persleiding aansluiten
Afb. C. Op de knop (11) drukken en de multiadapter (9) van het draaibare hoekstuk (12) trekken.
Opmerking: voor een optimale pompwerking de multiadapter (9) zo afzagen dat deze bij de inwendige diameter van de persleiding past. (Om de inwendige diameter niet onnodig te verkleinen).
De persleiding op de multiadapter (9) schuiven en met een slangklem vastzetten. Of een persleiding met de juiste schroefdraad vastschroeven.
(De persleiding en slangklem worden niet
NEDERLANDSnl
meegeleverd. Zie de montageaanwijzingen van de fabrikant.)
De multiadapter (9) op het hoekstuk (12) steken tot hij vastklikt. Controleer of de hendel goed bevestigd is.
Door niet-drukbestendige onderdelen en een ondeskundige montage kan de persleiding tijdens het gebruik barsten. U kunt gewond raken door vloeistof die met hoge druk naar buiten spuit!
Alle onderdelen van de persleiding moeten drukbestendig zijn en vakkundig worden gemonteerd.
Geschikt installatiemateriaal: - drukbestendig (min. 10 bar) - warmtebestendig (min. 100 °C)
6.3 Kabel bevestigen
Gevaar voor elektrische schok! Til de pomp nooit op aan het netsnoer of de persslang. Deze zijn niet geschikt voor de betreffende trekbelasting.
Bevestig een stevige kabel aan de transportgreep (7) en laat de pomp daaraan in het water zakken.
6.4 Netaansluiting voorbereiden
Vergelijk vóór de ingebruikname of de op het typeplaatje aangegeven spanning en frequentie overeenkomen met de netspanning.
Gevaar door elektrische stroom! Zie het hoofdstuk 4.3.
7. Gebruik
Bij een te laag waterpeil zal de pomp drooglopen. Dat leidt tot een verhoogde slijtage en schade aan de pomp. Controleer vooraf altijd of het waterpeil toereikend en drooglopen uitgesloten is. Schakel de pomp onmiddellijk uit zodra de waterstroom stopt.
Bij een gesloten persleiding (waterkraan c.q. sproeier) de pomp maximaal 5 minuten laten draaien, anders kan er door oververhitting van het water in de pomp schade aan de pomp of kunnen andere gevaren ontstaan.
- Omschakelaar (5) op de stand "AUTO" zetten. De geïntegreerde vlotterschakelaar (6) schakelt de pomp al naargelang het waterpeil, automatisch in en uit.
- De geïntegreerde vlotterschakelaar (6) op de gewenste hoogte instellen: het klemelement van de vlotterschakelaar (6) iets samendrukken en naar boven/beneden verschuiven.
- In de onderste stand schakelt de pomp bij het bereiken van een waterpeil van ca. 150 mm automatisch in en begint te pompen tot het waterpeil weer tot ca. 125 mm is gedaald.
- In de bovenste stand schakelt de pomp bij het bereiken van een waterpeil van ca. 220 mm automatisch in en begint te pompen tot het
waterpeil weer tot ca. 125 mm is gedaald. - Tussenstanden zijn traploos mogelijk.
De geïntegreerde vlotterschakelaar moet altijd naar boven en onderen kunnen blijven bewegen zodat de pomp in- en uitgeschakeld kan worden. Zie hoofdstuk 8.1. Anders kan de pomp drooglopen en daardoor beschadigd worden.
7.2 Handmatige modus
- Omschakelaar (5) in de stand "HANDMATIG" zetten en zo de pomp op continubedrijf zetten.
- De pomp in de stand continubedrijf in de gaten houden en direct uitschakelen als deze lucht aanzuigt.
Verlies de pomp in de handmatige modus nooit uit het oog. In dat geval bestaat het risico dat de dompelpomp bij een te laag waterpeil droogloopt en beschadigd raakt!
Uitschakelen: de stekker uit het stopcontact trekken OF de omschakelaar (5) in de stand "AUTO" zetten (de pomp schakelt dan uit als de geïntegreerde vlotterschakelaar tot onder de uitschakelhoogte daalt).
7.3 Plaatsing
De maximaal toegestane dompeldiepte mag niet worden overschreden (zie het hoofdstuk 13.Technische gegevens).
Zet de pomp bij het onderdompelen eerst een beetje schuin, zodat er aan de onderkant geen luchtkussen kan worden gevormd, waardoor het aanzuigen wordt verhinderd. Daarna weer rechtop zetten.
Zorg ervoor dat de pomp stabiel staat.
Plaats de pomp zo dat het aanzuigbereik (8) niet door vreemde voorwerpen geblokkeerd kan raken. Plaats de pomp eventueel op een onderlaag.
De pomp kan ook hangend aan een touw worden gebruikt om zo zand en andere verontreinigingen uit de buurt van de pomp te houden:
-
laat de pomp altijd aan een kabel in een bron of schacht zakken. Het netsnoer en de persslang mogen daarbij niet aan trekbelastingen worden blootgesteld.
-
De kabel bevestigen
In- en uitschakelen
Inschakelen: de stekker in het stopcontact steken. Opgelet! De pomp start evt. onmiddellijk.
Uitschakelen: de stekker uit het stopcontact trekken.
7.4 Bij vorstgevaar
Vorst (< 4°C) brengt onherstelbare schade toe aan de pomp en de toebehoren omdat deze altijd water bevatten!
Bij het risico op vorst, de pomp en toebehoren demonteren en vorstvrij opslaan (zie het hoofdstuk 8.2).
8. Onderhoud, opslag

Gevaar!
Vóór alle werkzaamheden aan de pomp:
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Controleren of de pomp en de aangesloten toebehoren drukloos zijn.
- Andere dan de hier beschreven onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uitsluitend door geschoold personeel laten uitvoeren.
8.1 Regelmatig onderhoud
De pomp en toebehoren, met name elektrische en onder druk staande onderdelen, controlleren op beschadiging en zo nodig laten repareren.
De persleidingen op lekkage controleren.
De pomp regelmatig reinigen:
- spoel de pomp met schoon water. Hardnekkige verontreiniging met een borstel verwijderen.
- De binnenkant van de pomp spoelen: de pomp onderdompelen in een bak met schoon water en even inschakelen.
- De geïntegreerde vlotterschakelaar (6) reinigen: de bout (4) losdraaien en de behuizing van de vlotterschakelaar verwijderen. Spoelen met schoon water. In omgekeerde volgorde weer monteren.
8.2 Pomp demonteren en opbergen
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- De persleiding openen (waterkraan resp. spuitkop opendraaien), water geheel laten uitstromen.
- Laat de pomp helemaal leeg lopen, hiervoor: de persleiding verwijderen.
- Kabel van het kabeldepot (2) opwikkelen.
- De pomp in een vorstvrije ruimte (min. 5°C) opslaan.
- Buiten het bereik van kinderen bewaren.
9. Storingen verhelpen

Gevaar!
Vóór alle werkzaamheden aan de pomp:
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Controleren of de pomp en de aangesloten toebehoren drukloos zijn.
De pomp draait niet
- Er is geen netspanning.
- Controleer het snoer, de stekker, en de zekeringen.
- De netspanning is te laag.
- Gebruik een verlengsnoer met voldoende grote aderdiameter.
• Overbelastingsbeveiliging: automatisch uitschakelen als oververhitting dreigt. - Zodra de pomp is afgekoeld start deze automatisch weer.
-
De oorzaak van de oververhitting verhelpen. Is het water te warm? Blijft de pomp langdurig pompen bij een gesloten persleiding?
Aanzuigbereik verstopt, pomp geblokkeerd door vreemd voorwerp? -
De vlotterschakelaar schakelt de pomp bij stijgend waterpeil niet in.
- Controleer of de vlotterschakelaar voldoende bewegingsvrijheid heeft.
- Als de pomp ondanks voldoende bewegingsvrijheid van de vlotterschakelaar niet wordt ingeschakeld: de pomp laten repareren.
De motor bromt, start niet
- De pomp wordt geblokkeerd door een vreemd voorwerp.
- De pomp reinigen. Zie het hoofdstuk 8.
De pomp draait maar pompt niet goed
- De persleiding is geknikt.
Leg de persleiding recht. - Het aanzuiggedeelte is verstopt
- Reinigen, zie het hoofdstuk 8.
- De persleiding lekt.
- Dicht de persleiding af, draai de schroeven van de schroefklemmen goed vast.
- De opvoerhoogte is te groot voor de pomp.
- Neem de maximale opvoerhoogte voor de pomp in acht (zie Technische gegevens).
Pomp maakt veel lawaai
- Pomp zuigt lucht aan.
- Controleer of de watervoorraad voldoende groot is.
- Vreemd voorwerp (pomp reinigen)
Pomp loopt permanent
- De vlotterschakelaar bereikt de onderste positie niet.
- Controleer of de vlotterschakelaar voldoende bewegingsvrijheid heeft.
10. Toebehoren
Gebruik alleen originele Metabo-toebehoren.
Gebruik alleen toebehoren die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken.
Compleet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus.
11. Reparatie

Gevaar! Reparaties aan deze pomp mogen uitsluitend door een erkende elektricien en uitgevoerd!
Als het netsnoer van deze pomp beschadigd wordt, moet het door de fabrikant of diens klantenservice worden vervangen om eventuele gevaren te vermijden.
Neem voor pompen van Metabo die gerepareerd moeten worden a.u.b. contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com.
Voor het verzenden: de pomp helemaal leeg maken.
Lijsten met reserveonderdelen kunt u via www.metabo.com downloaden.
Neem de nationale voorschriften voor een milieuvriendelijke verwijdering en recycling van afgedankte pompen, verpakkingen en toebehoren in acht.
Verpakkingsmateriaal moet overeenkomstig hun codering volgens de gemeentelijke richtlijnen worden afgevoerd. Meer informatie vindt u op www.metabo.com onder Service.

Uitsluitend voor EU-landen: voer uw elektrisch gereedschap nooit met het huisvuil af! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG inzake gebruikte elektrische en elektronische machines en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving moet afgedankt elektrisch gereedschap gescheiden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze afgevoerd worden.
Toelichting op de gegevens van pagina 3.
Wijzigingen in het kader van technische verbeteringen voorbehouden.
De pompkarakteristiek (schema, pagina 3) geeft het slagvolume aan dat afhankelijk van de opvoerhoogte kan worden bereikt (diameter van de zuigslang = diameter van de persaansluiting).
U = netspanning
f = frequentie
P_1 =nominaal vermogen
I = nominale stroom
F =zekering min.
I = lengte van het netsnoer
F_V,max = max. slagvolume
F_h, = max. opvoerhoogte
F_p,max = max. persdruk
T_max = max. dompeldiepte
Z_temp = max. aanvoertemperatuur
K_max = max. korrelgrootte
S_1 =beschermingsgraad
S_2 =beschermingsklasse
A = afmetingen (Ixbxh)
m_1 =gewicht (met netsnoer)
m_2 =gewicht (zonder netsnoer)
\~ wisselstroom
De vermelde technische gegevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm).