P 3300 G - Waterpomp METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis P 3300 G METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over P 3300 G METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding P 3300 G - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. P 3300 G van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING P 3300 G METABO
nl Originele gebruiksaanwijzing 16
Originele gebruiksaanwijzing
1. Conformiteitsverklaring
Wij verzklaren op eigenaen uitsluitende verantwoording dat: deze pompen/hydrofoorpompen/hydrofoor automatien, geidentificieredloor type en serienummer *1), voldoen aan alle relevante bpalingen van derichtlijnen *2) en normen *3).Technische documentatie bij *4)-zie pagina 3.
2. Beoogd gebruik
Dit apparaat is bestemd voor het transporteren van schoon water op het gebied van huis en tuin, voor het besproeien en bevloeien, als bron-, regen- en bedrijfswaterpomp en voor het leegpompen van tuinvijpers en waterreservoirs.
De pomp is Niet bedoeld voor:
-continubedrijt
- industriel of commercieel gebruik
De pomp is nicht geschickt voor de transport van:
drinkwater
-levensmiddelen
-zout water
- exposieve, brandbare, agressieve of voor de gezondheid gevaarlijke stoffen (bijv. chemicalien)
-vloeistoffen warmer dan 35^
-
zand bevattend water en schurende vloeistoffen
-
chloorhoudende vloeistoffen (bjv. zwembadwater)
De pomp is nicht geschickt voor de drukversterking: voor zover de aansluiting van de pomp aan een reeds onder druk staande leiding dient te geschieden, moet een geschikte drukregelaar ervoor worden geschakeld. De maximale druk van het systeme mag in ieder geval de aangegeven maximale druk van de pomp Niet overschrijden. Bovendien moet er rekening mee worden gezhouden dat de ingangsdruk worden opgeteld bij de uitschakeldruk van de pomp!
Dit apparatus is Niet bestemd voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysiieke, sensorische of geestelijkte capaciteiten of die gebrek aan ervaring en/of kennis hebden.
Eigenmachtige veranderingen aan het apparaat en het gebruik van onderdelen die nicht zichen getest en vrijgeveen door de fabrikant, zichen nicht togeteastaan.
Elk ondeskundig gebruik van het apparatusa is in strijd met de voorschriften; hierdoor können nicht te voorziene beschadigingen ontstaan! Alleen de gebruiker is aansprakelijk voor schade door oneigenlijk gebruik.
De algemeen erkende
ungevallenpreventievoerschriften en de bijgevoegde verilgheidsinstructues要去en acht worden genomen.
3. Algemene veiligheidsinstructies

Let ter bescherming van uzelf en het apparatus op de met dit symbola aangegeven passages!

WAARSCHUWING - Lees de gebruiksaanwijzing om het risico van letsel te verminderen.

WAARSCHUWING Lees alle veiligheidsinstrumentes en aanwijzingen.
Als de veiligheidsinstrumentes en aanwijzingen nicht in acht worden genommen, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen goed met het oog op toekomstig gebruik.
Geef de pomp alleen met deze documenten door aan andereen.
De informatatie in deze gebruiksaanwijzing is als volgt gekenmerkt:

Gevaar! Waarschuwing voor lichamelijk letsel of milieuschade.

Gevaar voor elektrische schok!
Waarschuwing voor lichamelijk letsel door rische schok.

Let op! Waarschuwing voor materiele schade.
4. Speciale
veiligheidsvoorschriften
Kinderen, jeugdigen en personen die nicht vertrouwd zijn met de gebruiksaanwijzing mogen het apparaat Niet gebruiken.
Er dient op gelet te worden dat kinderen nicht met het apparaat spelen.
Bij gebruik in tuinvijvers en hun directe omgeving moeten de bepalingen volgens DIN VDE 0100-702, -738 in acht worden genomen.
Het apparatusaat moet van stroom voorzien worden via een aardlekschakelaar (RCD) met een toegekende lekstroom van nichteer dan 30mA
Het apparaat mag nicht worden gebruikt wonneer er zich personen in het water bevinden.
Bij gebruik voor de huishoudelijkke watervoorziening dienen de wettelijkke water- en afvalwatervoorschriften en de bepalingen volgens DIN 1988 te worden nageleefd.
De volgende resterende risico's lijven bij het gebruik van pompen en drukvaten (afhankelijk van de uitvoering) in principe bestaan - ze können ook door veiligheidsvoorzieningen nicht volledig worden vermeden.
4.1 Gevaar door omgevingsinvloeden!
Stel het apparaat Niet bloot aan regen. Gebruik het apparaat Niet in een natte of vochtige omgeving.
Gebruik het apparaat Niet in ruimten waar explosiegevaar bestaat of in de buurt van ontvlambare vloeistoffen of gassen!
4.2 Gevaar door heet water!
Gevaar! Brengeen
terugslagventiel in de zuigaansluiting (8) aan om te voorkomen dat water in de zuigleiding terug kan stromen. Hierdoor kan het volgende gevaar worden beperkt:
Door heet water kunnen beschadigingen en lekkages optreden aan het apparaat en de aansluitleidingen, waardoor heet water kan ontsnappen. Gevaar voor brandwonden!
Apparaten met de aanduiding HWW...: als de uitschakeldruk van de drukschakelaar door slechte drukverhoudingen of door een defecte drukschakelaar nicht worden bereikt, kan het water in het apparaat verhit raken door interne circulatie.
Apparaten met de aanduiding P....: apparaat max. 5 minuten gegen gesloten drukleiding latent werken. Water dat in het apparaat circuleert, raakt verhit.
Bij een defect het apparaat van het elektriciteitsnet halen en lately afkoelen. Correcte werking van de installmentatie latent controlleren dooreenvakman alvorens deze opnieuw in gebruik te nemen.
4.3 Gevaar door elektrische stroom!
Richt de waterstraal nicht direct op het apparaat of andere elektrische onderdelen! Levensgevaar door elektrische schok!
Bij installmentie- en
onderhoudswerkzaamheden mag
het apparaat Niet op het
elektriciteitsnetঀ aangesloten.
Raak de netstekker nooit aan met\ natte handen! Trek de stekker\ nooit aan het snoeruit het\ stopcontact.
Netsnoer en verlengsnoer nicht knikken, kneuzen, rukken of overrijden; gegen scherpe kanten, olie enitte beschermen.
4.4 Gevaar door gebreken aan het apparaat of storingen!
Controleer voor gebruik alkijd het apparaat, vooral netsnoer, netstekker en elektrische onderdelen, op eventuele beschadigingen. Levensgevaardoor elektrische schok!
Een beschadigd apparatus mag pas waar worden gezruikt nadat het deskundig is gerepareerd.
Voer nooit zichreparatiesuit aan het apparaat!Alleen vakmensen mogen reparaties aan pompen endrukvaten (afhankelijk vanuitvoering)uitvoeren.
Let op! Om waterschade, bijv.
ondergelopen ruimtes, te
voorkomen,veroorzaakt door
storingen of gebreken van het
apparaat:
- Plan geschkke
veiligheidsmaatregelen in, bijv.: alarminstallati of opvangreservoir met bewaking
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade die veroorzaakt worden door - foutief gebruik van het apparaat.
- overbelasting van het apparaat door permanent gebruik.
- gebruik of bewildaring van het apparaat zichonder vorstbescherming.
- het uitvoeren van eigenmachtige veranderingen aan het apparaat. Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen worden uitgevoerd door een elektromonteur!
-het gebruik van onderdelen die Niet door de fabrikant gecontroleerd en vrijgeveen zich. - het gebruik van ongeschikt installatiematerialiaal (armaturen, aansluitleidingen, enz.).
Geschikt installimaterialiaal: -drukbestendig (min. 10 bar)
- warmtebestendig (min. 100^ )
Bij gebruik van universele draaikoppelingen
(bajonetkoppelingen) alleu euitvoeringen gebruiken met een extra bevestigingsring voor een veilige afldichting.
5. Overzicht
Zie pagina 2. De afbeeldingen gelden als voorbeeld voor alle apparaat.
1 Aan-/uit-schakelaar
2 Pomp
3 Drukvat ("ketel")*
4 Luchtventiel voor Voorvuldruk
5 Wateraftapschoef
6 Drukschakelaar
7 Manometer (waterdruk)
8 Zuigaansluiting
9 Watervulschroef
0 Drukaanschluiting
1 Drukschakelaar -verstellen van de in- en uitschakeldruk
2 Drukschakelaar - verstellen van het drukverschil
afhankelijk van de uitvoering
6. Ingebruikname
6.1 Opstelling
Het apparaat moet op een droge (max. Iuchtvochtigheid 80% ), goed geventileerd en tegen stevensinvloeden beschermde plek horizontal worden geplaatst. Een veilige, vlakke en stevige standClient ook te worden gewaarborgd bij een maximale watervulling van het apparaat. De ventilationsleuvenogeniet worden afgedekt over vuil aanzuiigen.De afstand tot muren en andere voorwerpenClient minstens 5 cm te bedragen.Beschemen gegen vorst-zie hoofdstuk 8.2.
Om trillingen te voorkomen mag het apparaat nicht worden vastgeschroefd maar het op een elastische ondergrund te worden geplaatst.
Bij gebruik bij tuinvijvers moet het apparaat zo zijn opgesteld dat het Niet kan overstromen en Niet in het water kan vallen. Additionele wettelijkke vereisten dienen in acht te worden genomen.
6.2 Zuigleiding aansluiten
Let op! De zuigleiding moet zo worden gemonteerd det zepe geen mechanische kracht of spanning op de pomp uitoefert.
Let op! Gebruik een aanzuigfilter om de pomp te beschermen gegen zand en vuil.
Let op! Om ervoor te zorgen dat het water bij een uitgeschakelde pomp Niet wegloopt, is absolutuertenererugslagventielvereist. Wij raden aan een terugslagventiel te monteren in de aanzuigopening van de zuigslang en de zuigaansluiting (8) van de pomp. Afhankelijk van het model is hier reeds een terugslagventiel geintegreerd (zie hoofdstuk 13. Technische geveens).
Alle schroefverbindungen met aufdichtband voor schroefdraad afdachten (ca. 10-15 omwikkelingen in de richting van de schroefdraad). Lekkagesveroorzaken het aanzuigen van lucht en verminderen of verhinderen het aanzuigen van water.
De zuigleiding moet minstens 1" (25 mm)
binnendiameter hebben; hij moet knikvast en vacuumbestendig zijn.
De zuigleiding moet zo kort möglichk zijn, odomat met een toenemende leidinglengte het pompvermögen afneamt.
De zuigleiding moet maar de pomp toe gestaag oplopen om luchtblaasjes te voorkomen.
Er要去en voldoende watertoevoer
gegarandeerd着眼 en het uiteinde van de
zuigleiding要去ch altijd in het water bevinden.
Let erop dat de zuigleiding Niet op de bodem ligt,
zodat er geen zand of vuil worden aangezogen.
Hiervoor kan bijv. een drijvende afname als
toebehoor worden gebruikt.
6.3 Drukleiding aansluiten
Om wrijvingsverlies te verminderen dient de drukleiding minstens 1^ (25 mm) binnendiameter te bezitten. Bij gegruik vankleiner diameters, bijvoorbeeld 1/2' kunnen vanwege slechte ventilatie toepassingsproblemen ontstaan.
Let op! De drukleiding moet zo worden gemonteerd dat deze geen mechanische kracht of spanning op de pomp uitoefert.
Alle schroefeverbindungen met afdichtband voor schroeifdraad afdachten, om te voorkomen dat water eruit lekt (ca. 10-15 omwikkelingen in de richting van de schroeifdraad).
Alle onderdelen van de drukleiding要去en drukvast zich en vakkundig worden gemonteerd.
Gevaar! Door nicht-drukvaste onderden en ondeskundige montage kan de drukleiding springenijdens het gebruig. U Aunt gewond raken door vloeistof die met houig druk naart buiten spuit!
6.4 Aansluiting op een buizenstelsel
Om trillingen en geruis te beperken moet het het aparaat met elastische sangleidingen op het buizenstelsel worden aangesloten.
Bij vast geinstalleerde buizen worden aanbevolen,\ deze op de eerste 2 meter alleen stijgend te\ plaatsen, om een best möglichke ventilatie te\ waarborgen.
6.5 Netaansluiting
A Gevaar door elektrische stroom! Bedien het apparaat Niet in een natte omgeving en alleen onder de volgende voorwaarden:
-
Het apparaat mag alleen worden aangesloten aan veiligheidscontactdozen die deskundig geinstalleerd, geaard en getest+zijn.
-
Netspanning, netfrequentie en zekering moeten overeenstemmen met de technische gegevens.
- Het apparaat moet van stroom voorzien worden via een aardlekschakelaar (RCD) met een toegekende lektrooom van Niet meer dan 30mA .
- De elektrische verbindingen mogen nicht in het water liggen en要去en zich in een gebied bevinden dat veilig is voor overstromingen. Bij gebruik in de openlucht要去en zij spatwaterdichtহn.
- Verlengsnoeren要去en voldoende grote aderdiameter hebben. Kabeltrommels要去en volledig afgerold+zijn.
- Nationale installmentevoorschriften要去en in acheit wordengenomen.
6.6 Voorvuldruk instellen (alleen HWW...)
Voor ingebruikname de voorvuldruk instellen. Zie hoofdstuk 9.4.
6.7 Pomp vullen en aanzuigen
Opgelet! Bij elke neue aansluiting of bij verlies van water of het aanzuiigen van lucht moet de pomp met water worden gevuld. Door gebruik van de pomp zonder watervulling raakt de pomp onherstelbaar beschadigd! Om een wrijvingsloos gebruik te waarborgen, raden wij u voor de eerste ingebruikname een voloende waterafame aan om het system volledig te ontluchten.
- Watervulschroef (9) samen met afdichting uitschroeven.
- Langzaam schoon water ingieten, tot de pomp gevuld is.
- Watervulschroef (9) met afdichting weer inschroeven.
- Drukleiding openen (waterkraan resp. spuikkop opendraaien), zodat lucht bij het aanzuigen kan ontwijden.
- Apparaat inschakelen (zie hoofdstuk 7.).
- Wanner er gelijkmatig water uittvloeit, is het apparaatkaar voor gebruik.
Aanwijizing: de zuigleiding hoeft Niet te worden gezuld, onward de pomp zelfaanzuiigend is. Afhankelijk van de leidinglente en-diameter kan het evenwel eenigeijduren voordat er druk is opgebouwd. Wanner u de aanzuigtijd wilt verkorten: Een terugslagventiel monteren in de aanzuigopening van de zuigslang en de zuigleiding vullen.
7. Bediening
Let op! Pomp en zuigleiding moeten aangesloten en gezuld zich (zie hoofdstuk 6.).
Let op! Pomp mag Niet drooglopen. Er moet alsigtijd voldoende pompmedium (water) aanwezig zich.
Wanneer de pomp wird geblokkeerd door vrende objecten de motor oververhit is, schakelt een veiligheidsschakeling de motoruit.
7.1 Apparaat gebruiken
Tuinpomp
(Apparatenandauiding P...)
Werkingsprincipe: het tapraat loopt, zaalng het is ingeschakeld.
! Gevaar! Bij gesloten drukleiding de pomp maximaal 5 minutes lately lopen, anders kan er door oververhitting van het water in de pomp schade ontstaan.
- Netstekker insteken.
- Indien nodig de pomp vullen - zie hoofdstuk 6.7
- Apparaat inschakenen: Het apparaat met behulp van de schakelaar (1) inschakenen.
NEDERLANDSnl
- Drukleiding openen (waterkraan resp. spuitkop opendraaien).
- Controlleren of er water uittroomt!
- Na beeindig van het werk het apparaat uitschakenen: Het apparaat met behulp van de schakelaar (1) uitschakenen.
Hydrofoorpomp
(Apparaataanduiding HWW...)
Werkingsprincpe: het apparaat schakelt in wanner de waterdruk door wateronttreckking onder de inschakeldruk zakt; en meer uit wanner de uitschakeldruk bereikt is. De ketel bevat een rubberbalg die standarde onder luchtdruk
("voorvuldruk") staat; dit maakt het aftappen vankleine hoeveelheden water mogelijk, zonder datde pomp aanloopt.
1. Netstekker insteken.
2. Indien nodig de pomp vullen - zie hoofdstuk 6.7
3. Apparaat inschaken: Het apparaat met behulp van de schakelaar (1) inschaken.
4. Drukleiding openen (waterkraan resp. spuitkop opendraaien).
5. Controlleren of er water uitsroom! Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
6. Het apparaat schakelt, alaar behoefte, aan enuit.
8. Onderhoud

Gevaar! Alvorens u met werkzaamheden aan het apparaat begint:
-Netstekkeruihetsopcontacttrekken.
- Controlleren of het apparaat en de aangesloten accessoires drukoos toen.
- Andere dan de hier beschren uneven onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uitsluitend door geschoold personeel latent ultvoeren.
8.1 Regelmatig onderhoud
Apparaat en accessoires, met name elektrische en onder druk staande onderdelen, controeren op beschadiging en zo nodig latente repareren.
- Zuig- en drukleidingen controleren op lekkage.
- Wanner het pompvermögen afneemt aanuizigfilter en filterinzet (indien aanwezig) reinigen en indien nodig vernieuwen.
Voorvuldruk van de ketel (3) (afhankelijk van de uitvoerig) controleren en zo nodig verhogen (zie hoofdstuk 9.4 Voorvuldruk verhogen).
8.2 Bij vorstgevaar
Let op! Vorst (< 4^) brengt onherstelbare schade aan het apparaat en de toebehoren aan ontdat deze altiid water bevatten!
- Bij het risico van vorst apparaat en accessoires demonteren en vorstkrij opstaan (zie volgende sectie).
8.3 Apparaat demonteren en bewaren
- Apparaat uitschaken. Netstekkeruit het stopcontact trekken.
- Drukleiding openen (waterkraan resp. spuittkop opendraaien), water geheel latent uistromen.
- Pomp (2) en ketel (3) geheel latent leeglopen, hiervoor:
- de wateraftapschroef (5) uitdraaien.
- zuig- en drukleidingen van het apparatus demonteren.
- apparaat in een vorstvrije ruimte (min. 5^ ) opslaan.
8.4 Drukschakelaar instellen (alleen HWW 3500/25 G. Voor de instelling van alle andere HWW neemt u alstublieft contact op met de Metabo-klantenservice)
Gevaar! Gevaar op een elektrische schok aan de aansluitklemmen in de
drukschakelaar! Alleen elektriciens mogen de drukschakelaar openen en instellenen uitvoeren.
De drukschakelaar is af fabriek ingesteld voor de meest gangbare toepassingsgebieden en kan indien nodig als volgt worden ingesteld.
Opmerking: door het verstellen van de hoofddrukveer (11) veranderet de in- en uitschakeldruk nagenoog proportioneel, het drukverschil blijt onverandered. Het verstellen van het drukverschil (12) veranderert alleen de uitschakeldruk, de inschakeldruk blijft onverandered.
1. Pomp uitschakelen, stekker UIT het stopcontact trekken en de afwezigheid van spanning waarborgen.
- Afdekking verwijderen van de drukschakelaar.
- Verandering inschakeldruk: hoofddrukveer (11) verstellen (SW 9 mm; 1 omdraaing ca. 0,1 -0,15 bar). Deze instelling verstelt indezelfd reichting nagenoeg proportioneel ook de uitschakeldruk!
- Verandering uitschakeldruk: drukverschil (12) veranderen. De inschakeldruk blijt onveranderd.
- Afdekking op de drukschakelaar monteren en vakkundige installmentie controleren.
- Pomp in gebruik nemen, gewenste waarde controlleren bij de manometer (7).
- Indien nodig stappen 1-6 herhalen, totdat de gewenste waarde is ingesteld.
Opgelet! De vermelde maximale druk van de pomp mag Niet worden overschreten. De inschakeldruk van de drukschakelaar moet alotijd minstens 0,2 bar boven de Voorvuldruk van de tank (1,5 bar, zie hoofdstuk 9.4) zijn. Om frequent schaken van de pomp te verhinderen, diest der schiekildruk zo hoog mogelijk (bijvoorbeeld voorinstelling ca. 1,8 bar) te worden gekozen.
9. Problemen en storingen

Gevaar!
-A I v o r e n s u m e t w e r k z aamheden aan apparaat begint:
-Netstekker uithetstopcontacttrekken.
- Controlleren of het apparaat en de aangesloten accessoires drukloos zich.
9.1Pomp loopt nicht
- Er is geen netspanning.
Aan/uitschakelaar, snoer, stekker, stopcontact en zekering controleren. - De netspanning is te laag.
- Gebruik een verlengsnoer met voldoende große aderdiameter.
- Motor oververhit, motorbeveilingging geactiveerd.
- Na het afkoelen worden het apparaat automatisch opnieuw ingeschakeld.
- Voor voldoende ventilatie zorgen, luchtspelen vrijhoven.
- Maximale aanvoertemperatuur in acht nemen.
- Motor bromt, start nicht.
- Reparatieoodzakelijk, zie hoofdstuk 11.
- Pomp verstopt of defect.
- Pomp demonteren en reinigen. Diffusor reinigen, eventueel vernieuwen. Loopwiel reinigen, eventueel vernieuwen. Zie hoofdstuk 11.
Leidings-/ingangsdruk hoger dan de inschakeldruk van de pomp. - Er要去 een drukregelaar worden voorgeschakeld, zie hoofdschakelaar 2.
9.2 Pomp zuigt nicht goed of loopt zeer luid:
- Watertekort.
- Controller of de watervoorraad voldoende groin is.
Pomp nicht voldoende met water gevuld.
-Zie hoofdstuk6.7.
Zuigleiding doorlatend. - Zuigleiding aufdichten, schroefverbindingen aantrekken.
Zuighoogte te groot. - Maximale zuighoogte in acht nemen.
- Terugslagventiel plaatsen, zuigleiding met water vullen.
Aanzuigfilter (toebehoren) verstopt. - Reinigen, eventuel vernieuwen.
- Terugslagventiel (toebehoren) geblokkeerd.
- Reinigen, eventuel vernieuwen.
Water komt vrijCUSen motor en pomp, glijriningafdichting ondicht. (Een minimale uitsroom van water (max. ca. 30 druppels per dag) is bij glijriningafdichtingen afhankelijk van het gebruik).
-Glijringafdichtingen vermieuwen.Zie hoofdstuk 11.
Pompverstopt of defect.
-Ziehoofdstuk9.1
9.3 De druk is te laag of de pomp loopt
continu (voortdurend in-/uitschakelen):
Zuigleiding doorlatend of zuighoogte te grot.
-Zie h o o f d stuk9.2.
-Zie hoofofdstuk9.1.
-
HWW....: drukschakelaar is versteld.
-
In- enuitschakeldruk van de manometer (7) aflezen en die waarde controleren (zie hoofdstuk 13. Technische geveens). Neem in geval van een noodzakelijkke aanpassing contact op met de Metabo-klantenservice. Zie hoofdstuk 11.
-
HWW...pomp slaat al na geringe wateronttrekking (ca. 0,5 l) aan.
- Controlleren of de voorvuldruk in de ketel te laag is. Eventuele verhogen. Zie hoofdstuk 9.4.
- HWW...er loopt water uit het luchtventiel.
Rubberbalg in de ketel permeabel; vermieuwen. Zie hoofdstuk 11.
9.4 Voorvuldruk verhogen (alleen HWW...)
Wanneer de pomp op den duur al na een geringe wateronttrekking (ca. 0,5 l) aanslaat,要去 de voorvuldruk in de ketel opnieuw worden hegebeboud.
Aanwijizing: de kelet-voorvuldruk (luchtdruk) kan nicht worden afgelezen op de manometer (waterdruk) (7).
- Netstekker uithetstopcontacttrekken.
- Drukleiding openen (waterkaraan resp. spulfkop opendraaien), water geheel latent uistromen.
- Kunststof kap aan de voorzijde van de ketel afschroeven; waarachter bevindt zich het luchtventiel.
- Luchtpomp of compressorslang met een "bandenventiel"-aansluiting en drukmeter op het luchtventielplaatsen.
- Oppompen tot de Voorziene voorvuldruk (1,5 bar, die hoogdstuk 13. Technische gegevens).
- Apparaat weer aansluien en werkking controeren.
10. Toebehoren
Gebruik alleen origineel Metabo toebehoor.
Gebruik alleen toebehoor dat voldoet aan de in deze gebruiksaanwijzing genoemde eisen en kenmerken.
Complet toebehorenprogramma, zie www.metabo.com of de catalogus.
11. Reparatie
! Gevaar! Reparaties aan dit apparaat mogenuitsluitend door een erkendevakman wordenuitgevoerd!
Neem voor gereedschap van Metabo dat gerepareerd guest te worden contact op met uw Metabo-vertegenwoordig. Zie voor adressen www.metabo.com.
Voor verzending: pomp en ketel volledig legen (zie hoofdstuk 8.3).
Lijsten met reserveonderdelen kurz u via www.metabo.com downloaden.
Neem de nationale voorschriften in acht voor een milieuvriendelijk verwijdering en de recycling van afgedankte machines, verpakkingen en toebehoren.
Verpakkingsmaterialaal moet overeenkomstig hun codering volgens de gemeentelijkrechtijinen worden aufgevoerd. Meer informatie vindt u op www.metabo.com onder Service
Uitsluitend voor EU-landen: geef uw elektrisch gereedschap nooit met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake gekrukke elektrische en elektronische apparaten en de vertaling hiervan in de nationale wetgeving dienen oud elektrisch gereedschap geschienen te worden ingezamelden en op milieuvriendelijk witje te worden afgevoerd.
Toelichting op de gegevens van pagina 3.
Wijzigingen in het kader van technische verbeteringen voorbehonden.
De pompkarakteristiek (schema, pagina 3) geeft het slagvolumaanat afhankelijk van de opvoerhoogte kan worden bereikt (zuighoogte 0,5m en 1^面 -zuigslang).
E =elektronica/droogloopbescherming
V=terugslagventiel geinteggreerd aan de
zuigaansluiting (8) van de pomp
K=stroomkabel
| U | = | n | e | t | s | p | a | n | n | i | n | g |
| f | = | f | r | e | q | u | e | n | t | i | e |
P1 =nominalvermogen
P_Standby = verbruik in stand-by
I=nominale stroom
C =bedrijfscondensator
n = nominal toerental
Fv,max=max.slqvolum
Fh,max =max.opvoerhoogte
Fp,max=max.persdruk
p1 =drukschakelaar: inschakeldruk
p2 =drukschakelaar: uitschakeldruk
Sh,max=max.zuighoogte
Stemp=max.aanvoertemperatuur
Temp Ttemp =omgevingstemperatuur
S_1^comp = spuitbeveiligingsklasse
S2 =beveiligingsklasse
S_3^- =isolatiemateriaialklasse
M_P =material van de pompbehuizing G = grijs gietijzer
M_R =material van de pomp-as
Mw =material van het pomploopwiel
Ds =zuigaansluiting-binnendraad
Dp =drukaansluiting-binnendraad
TV =ketel-volume
Tmax=max.keteldruk
P1max =ketel-voorvuldruk
A* =afmetingen: lengte x bredte x hooget m =gewicht (met netsnoer)
wisselstroom
De vermelde technische gevevens zijn tolerantiewaarden (overeenkomstig de betreffende geldige norm).
A Emissiewaarden
Deze waarden makeen een beoordeling van de emissie van het elektrisch gereedschap en een vergelijking van de verschillende elektrische gereedschappen mogelijk. Afhankelijk van het gebruik, de toestand van het elektrisch gereedschap of het inetgereedschap kan de daadwerkelijkke belasting hoger of laser uittallen. Neem voor de beoordeling pauzes en fasen met een lagere belasting in aanmerking. Bepaal op basis van de overeenkomstig aangepaste taxatiewaarden maatregelen ter beschemming van de gebruiker, bijv. organisatorische maatregelen.
Typisch A-gekwaliffeerd geluidsniveau: LpA =geluidsdrukniveau
LWA =geluidsvermogensniveau
K_pA K_WA = onzekerheid
L_WA(G) =gegarandeerd geluidsvermogensniveau conform 2000/14/EG


Draag gehoorbescherming!
ITALIANOit
HavTia 8ev npoepzeta yia ta eEhiC:
-2uvexic λειτουργia
-Biounxavikn n eTayyEaatkiXpnon
HavTia 8ev evseikvutai yia Tnv npowon Tov EEnc:
- Noo vepo
-Toofoa
SimpelGids