Plana 7.0 - Vijl SCHEPPACH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Plana 7.0 SCHEPPACH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Plana 7.0 SCHEPPACH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vijl in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Plana 7.0 - SCHEPPACH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Plana 7.0 van het merk SCHEPPACH.
GEBRUIKSAANWIJZING Plana 7.0 SCHEPPACH
Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe schaafmachine.
AANWIJZING:
De fabrikant van dit apparaat is volgens de voor dit product geldende wettelijke aansprakelijkheid niet verantwoordelijk voor schade aan het apparaat of schade ontstaan door het apparaat bij:
→ Ondeskundig gebruik.
⇒ Het niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing
⇒ Reparaties door derden, door niet geautoriseerd personeel
⇒ Inbouw van en vervanging door "niet originele reserveonderdelen".
⇒ Bij gebruik voor andere dan de bestemde doeleinden.
⇒ Uitvallen van de elektriciteitsvoorziening. Bij het niet opvolgen van de elektrische voorschriften en de VDE-bepalingen 0100, DIN 57113 / VDE 0113.
Wij adviseren u:
Lees voor de montage en ingebruikneming de gehele gebruiksaanwijzing.
Deze gebruiksaanwijzing heeft als doel het u gemakkelijker te maken uw machine te leren kennen en optimaal gebruik te maken van zijn specifieke gebruiksmogelijkheden.
De gebruiksaanwijzing bevat belangrijke aanwijzingen over hoe u met deze machine veilig, vakkundig en efficiënt kunt werken, hoe u gevaar kunt vermijden, reparatiekosten kunt sparen, periodes van uitval kunt beperken en de betrouwbaarheid en levensduur van de machine kunt vergroten.
Naast de in deze gebruiksaanwijzing opgenomen veiligheidsbepalingen is het ook noodzakelijk te letten op de in uw land geldende voorschriften voor het gebruik van de machine.
De gebruiksaanwijzing moet in een plastic omhulsel, beschermd tegen vuil en vochtigheid, bij de machine bewaard worden. Al het bedienend personeel moet voor aanvang van het werk deze gebruikshandleiding gelezen en zorgvuldig in acht genomen hebben. Alleen personen die onderwezen zijn in het gebruik van de machine en de daaraan verbonden gevaren mogen aan de machine werken. De vereiste minimumleeftijd dient nageleefd te worden.
Naast de in deze gebruiksaanwijzing opgenomen veiligheidswenken en de specifieke voorschriften van uw land dient ook gelet te worden op de algemeen erkende technische regels voor het gebruik van houtbewerkingsmachines.
Inhoudsopgave
ALGEMENE AANWIJZINGEN
Algemene aanwijzingen
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Bij afkeuring moet onmiddelijk de transporteur op de hoogte gesteld worden.
→ Latere reclamaties worden niet erkend.
⇒ Controleer de zending op volledigheid.
⇒ Maak u voor het gebruik aan de hand van de gebruiksaanwijzing met het apparaat vertrouwd.
Gebruik bij accessoires zoals slijtage- en reserveonderdelen alleen originele SCHEPPACH-onderdelen. Rereveonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw SCHEPPACH-vakhandelaar.
Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsmede type en bouwjaar van het apparaat aan.
In deze gebruiksaanwijzing hebben we passages die betrekking hebben op uw veiligheid voorzien van dit symbool.

⇒ Wijs alle personen die met de machine werken op de veiligheidswenken.
⇒ Alle veiligheidswenken en waarschuwingen op de machine in acht nemen.
⇒ De voltallige veiligheidswenken en waarschuwingen in leesbare toestand bij de machine houden.
⇒ Voorzichtigheid bij het werken: Gevaar voor verwonding aan vingers en handen door het roterende snijwerktuig.
→ Maximale schaafastoerental 5400 1/min.
⇒ De schaafas werd in overeenstemming met de DIN EN 847-1 gefabriceerd.
⇒ Let u erop dat de machine stabiel op vaste grond staat.
⇒ Arbeidscyclus pas beginnen wanneer het volle toerental bereikt is.
⇒ Aansluitkabels op het stroomnet controleren. Geen gebrekkige kabels gebruiken. Zie Elektrische aansluiting.
⇒ Let erop dat de schaafmachine bij de aanbouw stabiel op vaste grond staat.
Houd kinderen uit de buurt van de op het elektriciteitsnet aangesloten machine.
⇒ Het bedienend personeel moet minstens 18 jaar oud zijn. Personen die opgeleid worden, moeten minstens 16 jaar oud zijn maar mogen alleen onder toezicht met de machine werken.
⇒ Aan de machine werkzame personen mogen niet afgeleid worden.
⇒ Het bedieningsgedeelte van de machine moet vrij zijn van spaanders en houtafval.
→ Geen wijdzittende kleding dragen. Sieraden, ringen en armbanden uitdoen.
⇒ De motor- en werktuigdraairichting in acht nemen, zie "Elektrische aansluiting schaafmachine".
⇒ De veiligheidsvoorzieningen op de machine mogen niet gedemonteerd of onbruikbaar gemaakt worden.
⇒ Bij het werken met de machine moeten alle beveiligingsinrichtingen en afdekkingen gemonteerd zijn.
⇒ Ombouw-, instel- meet- en reinigingswerkzaamheden alleen bij uitgeschakelde motor uitvoeren. Netstekker eruit trekken en wachten tot het roterende werktuig stilstaat.
⇒ Alle afdek-en veiligheidsinrichtingen moeten na voltooide reparatie- en onderhoudswerkzaamheden gelijk weer gemonteerd worden.
→ Installaties, reparaties en onderhoudswerkzaamheden aan de elektrische installatie mogen alleen door vakpersoneel uitgevoerd worden.
→ Voor het verhelpen van storingen de machine uitschakelen. Netstekker eruit trekken.
Voor het afzuigen van houtspaanders en houtstof behoort een afzuiginstallatie gebruikt te worden. De stromingssnelheid bij het afzuigstuk moet min. 20 m/s bedragen.
⇒ Werk alleen met geslepen schaafmessen. Botte schaafmessen vergroten het gevaar van terugslag.
⇒ Defecte schaafmessen (barsten e.d.) meteen verwisselen. Zie vervanging van messen!
De schaafasbeveiliging altijd aan de breedte van het werkstuk aanpassen. Het niet gebruikte deel van de schaafas moet afgedekt zijn.
⇒ Bij het schaven van korte werkstukken een toevoerlade gebruiken.
⇒ Bij inzetwerkzaamheden altijd inrichtingen gebruiken die het terugslaan van het werkstuk verhinderen.
De werkzaamheid van de terugslagbeveiliging voor het begin van iedere nieuwe ploeg controleren. De grijperpunten moeten scherpkantig zijn.
⇒ Bij het verlaten van de werkplaats de motor uitschakelen. Netstekker eruit trekken.
⇒ Alle afdek- en veiligheidswenken moeten na afgeronde reparatie- en onderhoudswerkzaamheden weer gemonteerd worden.
- Ook bij geringe verplaatsing van de machine alle energietoevoer afsluiten! Voor heringebruikname de machine weer zoals voorgeschreven aansluiten op het elektriciteitsnet!

Gebruik conform de geldende voorschriften
De schaafmachine is uitsluitend met het aangeboden werktuig en accesoires geconstrueerd voor het bewerken van hout.
⇒ De machine voldoet aan de geldende EG-machinerichtlijn.
⇒ De machine is ontworpen voor werkzaamheden met één ploeg, werktijd S 6 – 40 %.
⇒ Alle veiligheidswenken en waarschuwingen op de machine in acht nemen.
⇒ De voltallige veiligheidswenken en waarschuwingen in leesbare toestand bij de machine bewaren.
⇒ Bij gebruik in gesloten ruimtes moet de machine worden aangesloten op een afzuiginstallatie.
Voor het afzuigen van houtspaanders of zaagsel een afzuiginstallatie gebruiken. De stromingssnelheid bij het afzuigstuk moet min. 20 m/s bedragen. Onderdruk 1200 Pa.
⇒ Het inschakelmechanisme is als speciale accessoire verkrijgbaar.
Typ ALV 2 art.-nr. 79104010 230 V / 50 Hz
Typ ALV 10 art.-nr. 79104020 400 V / 230 V / 50 Hz
Bij het inschakelen van de bewerkingsmachine komt de afzuiging na 2-3 seconden startvertraging automatisch op gang. Daardoor wordt overbelasting van de huiszekering verhinderd.
⇒ Na het uitschakelen van de bewerkingsmachine loopt de afzuiging nog 3-4 seconden door en schakelt dan automatisch uit.
⇒ Het overgebleven stof wordt daarbij afgezogen, zoals vereist in de verordening voor gevaarlijke stoffen. Dit spaart stroom en vermindert het lawaai. De afzuiginstallatie werkt alleen wanneer de bewerkingsmachine in bedrijf is.
Voor industriële werkzaamheden moet voor het afzuigen een stofverwijderaar ingezet worden. Afzuiginstallaties of stofverwijderaar bij lopende bewerkingsmachine niet uitschakelen of verwijderen.
⇒ De machine alleen veiligheids- en gevaarbewust, in technisch onberispelijke toestand en conform de geldende voorschriften gebruiken, daarbij lettende op de gebruiksaanwijzing! In het bijzonder storingen die de veiligheid beïnvloeden kunnen, direct uit de weg (laten) ruimen!
⇒ De veiligheids-, werk-, en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsmede de in de technische gegevens aangegeven afmetingen moeten aangehouden worden.
De van toepassing zijnde voorschriften ter voorkoming van ongevallen en de overige algemeen erkende veiligheidstechnische regels moeten in acht genomen worden.
⇒ De machine mag alleen gebruikt, onderhouden en gerepareerd worden door deskundige, met de machine vertrouwde en van alle gevaren op de hoogte zijnde personen. Eigenmachtige veranderingen aan de machine sluiten aansprakelijkheid van de fabrikant voor daaruit volgende schade uit.
⇒ De machine mag alleen gebruikt worden met originele accessoires en werktuigen van de fabrikant.
⇒ Al het verdere gebruik geldt als niet conform de geldende regels. Voor daaruit resulterende schade is de fabrikant niet aansprakelijk, het risico is exclusief voor de gebruiker.
Overige risico's
De machine is naar de stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels gebouwd. Toch kunnen bij het werken enkele overige risico's optreden.
Gevaar voor verwonding van vingers en handen door de roterende schaafas bij niet doelmatige geleiding van het werkstuk.
⇒ Verwondingen door het wegslingerende werkstuk bij niet doelmatige houder of geleiding, zoals het werken zonder aanslag.
→ Gezondheidsgevaar door houtstof of houtspaanders.
⇒ Zonder meer persoonlijke bescherming zoals oogbeschermer en stofmasker dragen. Afzuiginstallatie gebruiken!
Gevaar voor de gezondheid door lawaai. Bij het werken wordt het toelaatbare geluidsniveau overschreden. Zonder meer persoonlijke bescherming zoals oorbeschermers dragen.
Gevaar door stroom bij gebruik van andere dan de voorgeschreven elektro-aansluitingskabels.
Bewerk alleen geselecteerd hout zonder gebreken als: knoesten, barsten overdwars of barsten aan de oppervlakte. Hout met gebreken houdt een risico bij het werken in.
⇒ Verder kunnen ondanks alle voorzorgsmaatregelen niet-klaarblijkelijke overige risico's bestaan.
⇒ Restrisico's kunnen geminimaliseerd worden wanneer de "Veiligheidsaanwijzingen" en het "Doelmatige gebruik", alsmede de gebruiksaanwijzing in het geheel in acht worden genomen.
Omvang van de levering
Schaafmachine SCHEPPACH Plana 7
Vlakschaafaanslag
Schaafasbeveiliging
Gecombineerde afzuigkap
Stiftsleutel Torx
Gebruiksaanwijzing

text_image
2750 600 ana 7.0 1050 600 960Technische gegevens

text_image
1856 1677 1106 862 603 655
text_image
780 160 400 1022 670 685 740Bouwmaten:
Totale lengte mm 1856
Totale breedte mm 780
Totale hoogte mm 1022
Bankhoogte mm 862
Lengte vlakschaafbank mm 820
Breedte vlakschaafbank mm 442
Lengte vandiktetafel mm 645
Breedte vandiktetafel mm 410
Gewicht kg 325
Schaafas:
Schaafassen ∅ mm 78
Messnijcirkel ∅ mm 80
Materiaal schaafas C45
Toerental max. 1/min 5400
Aantal schaafmessen stuks 3
Afmeting schaafmessen mm 3x12x410
Materiaal schaafmessen mm HSS Nr. 3343
Voeding:
Voedingswalsen stuks 2
Oppervlakte met rubber bekleed
Voedingswalsen ∅ mm 35,5
Lengte mm 398
Voedingssnelheid m/min 5 / 10
Ultschakelbaar ja
Aandrijving: 1902206902 1902206903
Draaistroommotor V 380-420/50 Hz 380-420/50Hz
Opgenomen vermogen P1 kW 4,0 5,0
Afgegeven vermogen P2 kW 3,0 4,0
Motortoerental 1/min 2800 2800
Bedrijfsmodus S 6/40 % S6/40%
Nominale stroom A 6,6 8,7
Werkgegevens:
Schaafbreedte vlakschaven max. mm 410
Spaandikte vlakschaven max. mm 5
Schaafbreedte vandikteschaven max. mm 400
Spaandikte vandikteschaven max. mm 5
Doorlaat vandikteschaven min/max. mm 5 / 230
Standaardaccessoires:
Vlakschaafaanslag verstelbaar
In de breedte mm 410
Hoek 90-45°
Aanslaglengte mm 1100
Aanslaghoogte mm 160
Schaafasafdekking
! Technische wijzigingen voorbehouden !
Karakteristieke waarden van het geluid
De volgens EN 23746 voor het geluidsvermogenniveau, resp. EN 31202 (correctiefactor k3, naar appendix A.2 van EN 31204 berekend) voor geluidsdrukniveau op de werkplaats vastgestelde geluidsemissiewaarden vallen onder de op basis van de in ISO 7904 appendix A uitgevoerde arbeidsvoorwaarden.
| Geluidsvermogenniveau in dB (vlakschaven) |
| Onbelast werken L_WA = 95,8 dB (A) Bewerking L_WA = 103,2 dB (A) |
| Geluidsdrukniveau op de werkplaats in dB |
| Onbelast werken L_pAeq = 83,2 dB (A) Bewerking L_pAeq = 93,5 dB (A) |
| Geluidsvermogenniveau in dB (vandikteschaven) |
| Onbelast werken L_WA = 96,6 dB (A) Bewerking L_WA = 102,0 dB (A) |
| Geluidsdrukniveau op de werkplaats in dB |
| Onbelast werken L_pAeq = 80,8 dB (A) Bewerking L_pAeq = 85,9 dB (A) |
Voor de genoemde emmissiewaarden geldt een speling als gevolg van de meetonnauwkeurigheid K = 4 dB
Verklaring betreffende de stof-emissie
De naar de "basisprincipes voor de controle van de stof-emissie (concentratieparameter) van houtbewerkingsmachines" van de vakcommissie inzake hout gemeten stof-emissiewaarden liggen onder de 2 mg/m³. Daardoor kan bij het aansluiten van de machine aan een normale afzuiging met luchtsnelheid van minstens 20 m/s uitgegaan worden van een op lange termijn zekere inachtneming van de in de Bondsrepubliek Duitsland geldende TRK-grenswaarde voor houtstof.
Montage
De machine wordt compleet gemonteerd aangeleverd en is daarmee gelijk klaar voor gebruik.
Montagegereedschap
Meegeleverd zijn:
1 Stiftsleutel Torx 62470123 (voor schaafmesverwisseling)
Gebruiksaanwijzing
Machine alleen aan kraanbeugel optillen!

text_image
max. 90°Kraanbeugel na opstellen verwijderen.
• Zij-afdekplaat 1 openen
- Kraanbeugel 2 na het losmaken van zeskantbout 3 verwijderen.

text_image
1 2 3Opstellen en justeren
Afb. "A"
De machine staat op 4 verstelbare rubberen buffers.
Oneffenheden in de grond vereffenen. De zeskantmoeren aan de onderkant d.m.v. sleutel losmaken en de rubberen buffers naar binnen- resp. buiten draaien.
De zeskantmoer weer aandraaien (contramoer vastschroeven).
Vlakschaafaanslag
Afb. "B"
⇒ Vlakschaafaanslag op machine aanbrengen
⇒ Met behulp van een aanslagwinkelhoek is de 90° positie te bepalen.
→ Klemhandel 1 aandraaien
Afb. "C"
Aanslagbout 2 voor de 90°- en de 45°-stand met behulp van een enkele sleutel, sleutelwijdte 10, instellen.
De vlakschaafaanslag is van 90°-45° traploos draaibaar, waarbij de handgrepen aan de draaisegmenten losgemaakt moeten worden.
De 90°-stand met een aanslagwinkelhoek instellen.
Na iedere hoekinstelling met een hoekmeter aan een proefmonster de maatnauwkeurigheid controleren.
Afb. "A"

⇒ De klemming van de vlakschaafaanslag gebeurt door middel van de twee excenterhefbomen 3.
⇒ De vlakschaafaanslag is over 410 mm van de schaafbreedte verstelbaar.
Afb. "D"

⇒ Bij afwijkingen kan de wijzer 1 bijgesteld worden door de schroeven 2 los te draaien.
⇒ Wijzer corrigeren, schroeven weer vastdraaien.
Afb. "E"

text_image
1 2 15.0° 15.0° 15.0°Afb. "E1"
⇒ De schaafasbeveiliging kan zonder gereedschap van positie veranderd worden, indien u de excenterhefboom omhoog beweegt.
→ Schaafasbeveiliging wegdraaien,
excenterhefboom weer naar beneden bewegen.
Afb. "E1"

Nooit zonder schaafasbeveiliging bij de vlakschaven werken.
Elektrische aansluiting
Afb. "F"
⇒ De machine met CEE-stekker aansluiten op het net, toevoer moet met 16 A beveiligd zijn.
→ Hoofdschakelaar aan de CEE-stekker in de I-stand schakelen.
⇒ Op de bedrijfsschakelaar de groene drukknop indrukken, de schaafas start.
⇒ Om uit te schakelen de rode paddestoelvormige knop indrukken, schaafas wordt binnen 10 sec. afgeremd.
Bij het uitschakelen van de schaafas door middel van de hoofdschakelaar (CEE-stekker) is de afremfunktie niet werkzaam!
→ Hoofdschakelaar in de 0-stand schakelen, de motor is hiermee vrij van spanning.
Afb. "F"

text_image
HoofdschakelaarBij netaansluiting of verplaatsing van de machine moet de draairichting gecontroleerd worden, eventueel moet de polariteit met behulp van een schroevendraaier omgedraaid worden (machinestopcontact).
Verandering van de draairichting

text_image
an de draairichting L2 L1 L3 NDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aangesloten. De aansluiting komt overeen met de desbetreffende VDE- en DIN-bepalingen. De netaansluiting van de klant alsmede het gebruikte verlengsnoer moeten aan deze voorschriften, resp. de plaatselijke EVU voorschriften voldoen.
Motor-reminrichting
Bij het uitschakelen van de machine remt een automatisch werkende tegenstroomrem veilig af. De rem remt de aandrijfmotor van de schaafas binnen 10 s af. Indien het remproces langer dan 10 s duurt, mag de machine niet meer gebruikt worden vanwege defecte rem. Machine moet absoluut van de spanningsvoorziening worden afgesloten. Alleen een elektricien mag belast worden met het verhelpen van de storing.
Bedrijfsmodus / Werktijd
De elektromotor is voor bedrijfsmodus S 6 - 40 % gedimensioneerd.
S 6 = continue werking met periodieke belasting
40 % = gebaseerd op 10 min.: 4 min. belasting; 6 min. onbelast bedrijf
Bij overbelasting van de motor schakelt deze zelfstandig af omdat een spoelthermostaat in de spoel van de motor aangebracht is. Na een afkoelperiode (lengte varieert) kan de motor weer ingeschakeld worden.

Aan elektrische aansluitkabels ontstaat vaak isolatieschade.
Mogelijke oorzaken:
⇒ Afklemmingen, wanneer aansluitkabels door raam- of deurkieren geleid worden.
⇒ Knikken door ondeskundige bevestiging of geleiding van de aansluitkabel.
→ Insnijdingen door het rijden over de aansluitkabel.
⇒ Isolatieschade door het losrukken uit de wandcontactdoos.
⇒ Breuken door veroudering van de isolatie. Dergelijke beschadigde elektro-aansluitkabels mogen niet gebruikt worden en zijn op basis van de isolatieschade levensgevaarlijk!
Elektrische aansluitkabels regelmatig controleren op beschadigingen. Let erop dat de aansluitkabel bij het controleren niet verbonden is met het elektriciteitsnet. Elektrische aansluitkabels moeten voldoen aan de desbetreffende VDE- en DIN-bepalingen en de plaatselijke EVE-voorschriften. Gebruik alleen aansluitkabels met kenmerk H 07 RN. Een opdruk van de type-aanduiding op de aansluitkabel is voorgeschreven.
Verlengsnoeren tot 25 meter lengte moeten een dwarsdoorsnede van 1,5 vierkante millimeter hebben, langere snoeren moeten een dwarsdoorsnede van minstens 2,5 vierkante millimeter hebben.
⇒ De netaansluiting wordt met 16 A traag beveiligd.
Draaistroommotor
⇒ Netspanning moet 380 ÷ 420 V 50 Hz bedragen.
⇒ Netaansluiting en verlengsnoeren moeten 5-aderig zijn = 3 P + N + SL.
⇒ Verlengsnoeren moeten een dwarsdoorsnede van minstens 1,5 mm² bezitten.
⇒ De netaansluiting wordt maximaal met 16 A beveiligd.
Bij netaansluiting of verplaatsing moet de draairichting gecontroleerd worden, eventueel moet de polariteit worden omgedraaid.

Aansluitingen en reparaties aan de elektrische uitrusting mogen alleen door een elektricien uitgevoerd worden.
Bij verdere vragen graag de volgende gegevens opgeven:
⇒ Fabrikant van de motor; motortype
→ Stroomsoort van de motor
→ Gegevens op machine- en typeplaatje
→ Gegevens van de elektronische besturing
Bij terugzending van de motor altijd de complete aandrijfeenheid met elektronische besturing opsturen.
Schakelschema 380-420V

⇒ Let u voor de ingebruikneming op de veiligheidswenken.
→ Alle bescherm- en hulpinrichtingen moeten gemonteerd zijn.
Aanpassings-, instellings-, meet- en reinigingswerkzaamheden alleen bij uitgeschakelde motor uitvoeren. Netstekker uittrekken of hoofdschakelaar in de 0-stand schakelen en wachten tot stilstand van het roterende werktuig.
Vlakschaven – spaanafname
Afb. "G"
De spaanafname bij het vlakschaven is door middel van scharnierhandel 1 traploos van 0 ÷ 5 mm instelbaar.

text_image
0 1 2 3 4 5Afb. "G"

Bij het vlakschaven van werkstukken met dikte tot 75 mm moet de schaafasbeveiliging van bovenaf het werkstuk en de schaafas afdekken. Bij een werkstukdikte van meer dan 75 mm de beveiligingsrail van de schaafasbeveiliging op werkstukbreedte zetten. Let erop dat u de handen met vingers bij elkaar en met de duim tegen de hand op het werktuig legt.
1 Vlakschaafaanslag
2 Schaafasbeveiliging
Voegen
Afb. "J"
Gebruik voor deze arbeidscyclus de vlakschaafaanslag; de schaafasbeveiliging op de vlakschaafbank laten rusten en de beveiligingsrail tot op werkstukbreedte bijstellen.
Druk het werkstuk tegen de schaafaanslag en leid het met beide handen over de schaafas. Zodra de plank ver genoeg in de afnametafel reikt, legt u de linker-hand erop en schuift u het zonder onderbrekingen over de schaafas.
Afb. "H"

Instellen van de voeg
In de fabriek wordt de tafel op een werkstuklengte van 2 m ingesteld, daarbij ontstaat een holle voeg van ca. 0,2 ÷ 0,5 mm.
Bij bijzondere eisen (sterk bolle-, holle-, of rechte voegen) moet de afnemende tafel versteld worden.
Sterke holle voegen
Vlakschaafbank boven de messnijcirkel Klemschroef 1 losdraaien Met verstelschroef 2 de tafel omhoog bewegen (max. 0,5 mm) Klemschroef 1 weer vastdraaien
Rechte voegen
Vlakschaafbank gelijk met de messnijcirkel
Zet een meetkaliber op de vlakschaafbank en draai de schaafas handmatig door. De schaafas behoort het meetkaliber 2-3 mm mee te nemen.
Sterk bolle voegen
Vlakschaafbank onder de messnijcirkel Klemschroef 1 losdraaien
Met verstelschroef 2 de tafel omlaag brengen (max. 0,5 mm)
Klemschroef 1 weer vastdraaien
•

text_image
2 0,2-0,5
text_image
10 5 0
text_image
0,2-0,5 2Vlakschaven – spaanderuitwerping Afb. "K"
Bij het vlakschaven moeten beide vlakschaafbanken vergrendeld zijn
De afzuigslang op de afzuigkap zetten
In combinatie met een afzuiginstallatie kan nu afgezogen worden.
Doorsnede afzuigstuk 140 mm
Vandikteschaven – machine-instelling Afb. "L"
De klemhandel 1 omhoogtrekken en beide vlakschaafbanken openklappen.
De uitwerpkap omhoogdraaien en vergrendelen (Pijl).
In combinatie met een afzuiginstallatie kan nu afgezogen worden
Vandikteschaven – tafelverstelling
De vandiktebank is door het handwiel in hoogte verstelbaar.
De geïntegreerde positie-uitlezing geeft de doorlaathoogte van 5-230 mm aan.
Een handwieldraaiing komt overeen met 2 mm
De vandiktebank en de vlakschaafbank altijd harsvrij houden. Spandikte max. 5 mm.
Correctie van de positie-uitlezing
Afb. "M"
De vandikteschaal kan bij maatonnauwkeurigheid gecorrigeerd worden.
Voorbeeld:
De doorlaathoogte is op 100 mm ingesteld.
Het bewerkte werkstuk heeft een maat van 101 mm.
De bevestigingsschroeven aan de zijkant van het handwiel losdraaien.
Door draaien de schaal op de positie-uitlezer instellen op maat 101 mm.
De bevestigingsschroeven op het handwiel weer vastdraaien.

De voeding is met de nokkenschakelaar in- en uitschakelbaar.
0 = uit
1 = AAN 5 m/min
2 = AAN 10 m/min
⇒ Eerst voeding inschakelen en dan het werkstuk inzetten
→ voedingsmotor loopt alleen bij draaiende schaafas
Afstellen van de voedingssnelheid
Bij smalle werkstukken tot ca. 100 mm breedte kan bij trap 2 een max. spaanafname van 5 mm geschaafd worden.
⇒ Bij brede werkstukken moet bij maximale spaanafname trap 1 ingesteld worden om zo een schoon werkstukoppervlak te bewerkstelligen.
⇒ Verandering van de voedingssnelheid kan ook tijdens belasting uitgevoerd worden.
Onderhoud

Onderhouds-, herstel- en reinigingswerkzaamheden alsmede het verhelpen van storingen alleen bij uitgeschakelde aandrijving uitvoeren.
Hoofdschakelaar in de 0-stand schakelen of de netstekker eruit trekken!
⇒ Alle afdek-en veiligheidsinrichtingen moeten na voltooide reparatie- en onderhoudswerkzaamheden gelijk weer gemonteerd worden.
De vlakschaafbank en de vandiktebank altijd harsvrij houden. U verkrijgt Pharmol-HEK harsverwijderaar concentraat art.-nr. 6100 9700 bij uw SCHEPPACH-vakhandelaar.
⇒ De lagering van de schaafas en de werktuigas zijn voorzien van continue smering. De in nieuwe toestand optredende verwarming is afhankelijk van de constructie en verdwijnt na enige tijd.
Afb. "O"
⇒ Voedingswalsen regelmatig reinigen.
⇒ De glijlagers van de voedingswalsen af en toe oliën.
⇒ De verstelas van de vandiktebank, zijn lagers alsmede de aandrijfas en beweegbare delen af en toe oliën.
⇒ Kettingspanning controleren. Indien nodig naspannen en oliën. Bij spannen van de vandiktetafelketting moet gelet worden op de parallelliteit van de vandiktetafel.
Afb. "N"

Spanning van de V-riem Afb. "P"
⇒ Zijwand met stiftsleutel openen
→ Klemhandel "A" losmaken
→ Motorwip naar beneden drukken
⇒ Klemhandel "A" aanhalen
⇒ Zijwand weer sluiten
Instelling van de voedingswalsen Afb. "R"
Om zeker te zijn van een probleemloze voeding moeten de drukveren ingesteld worden op de nevenstaande maten.
Beveiliging van de vlakschaaftafel Afb. "S"
⇒ Om een onbedoeld sluiten van de vlakschaafbanken te voorkomen, zijn beide vlakschaafbanken voorzien van een gasveer.
Bij het sluiten van de vlakschaafbanken behoeft geen verdere beveiliging verwijderd te worden.

text_image
Afb. "R"
text_image
10Afb. "S"

Vlakschaafbank Afb. "T"
De spaanafname bij het vlakschaven is door middel van de scharnierhandel van 0 - 5 mm traploos instelbaar.
Indien de vlakschaafbank tijdens het werk uit zichzelf verschuift, is een spaanafname op maat niet meer mogelijk. In dit geval moeten de vier zeskantbouten aangedraaid worden zodat de vlakschaafbank de ingestelde spaanafname weer automatisch in stand houdt
Schaafmessen
Let op!

De ingezette schaafmessen zijn wegwerpmessen en kunnen derhalve niet bijgeslepen worden. Ze kunnen alleen omgedraaid worden.
De in de fabriek ingezette schaafmessen zijn bedrijfs- klaar geslepen en correct ingesteld.
Alleen goed geslepen en precies ingestelde schaafmessen garanderen veilig werken
Wij adviseren u:
Alleen originele "SCHEPPACH" schaafmessen gebruiken.
Vervangende schaafmessen zijn verkrijgbaar bij uw vakhandelaar onder art.-nr. 6247 0702.
Schaafmessen verwisselen Afb. "P"
Per schaafmes beide spanwiggen 4) met stiftsleutel 1) losmaken tot voelbare aanslag bereikt is. Losmaken van de schroef door te draaien tegen de klok in; schroef beweegt zich naar beneden (Let op, linkse schroefdraad)
Spanwig beweegt zich bij het losdraaien van de schroef naar beneden, schaafmes komt vrij.
Afb. "T"

Schaafmes kan alleen in zijn geheel weggenomen en weer ingezet worden.
Bij het inzetten van het schaafmes moet erop gelet worden dat de schaafmessen aan de zijkant gelijk liggen met de schaafas.
Bij iedere vervanging van messen moeten het schaafmes en de wiglijst gereinigd worden.
Bij vervanging van messen bestaat verwondingsgevaar voor vingers en handen
Let op!

Controleer of het keermes goed gepositioneerd is door een vormgesloten verbinding tussen de geleidegroef in het basiselement en de geleideneus van het schaafmes. Ook behoort het door de spanwig goed gespannen te zijn.
De schaafas mag alleen met alle 3 de keermessen gebruikt worden. Bij gebruik met 1 of 2 keermessen bestaat gevaar voor ongevallen en ernstige onbalans.
Aandraaimoment schroeven 10 Nm.
Let op!

Bij montagefouten gevaar voor ongevallen!

Voor ingebruikneming van de schaafas moet gecontroleerd worden of gehandeld is naar de hiervoor genoemde aanwijzingen. Voor het inschakelen van de machine moeten de algemene veiligheidswenken in acht genomen worden.
Verhelpen van storingen
Voor het verhelpen van storingen de machine uitschakelen. Netstekker uittrekken.
Onregelmatig en haperend transport bij het vandikteschaven
| Oorzaak Remedie | |
| Vandiktebank verharst, in het bijzonder bij het bewerken van vochtige en harsige houtsoorten. | Vandiktebank regelmatig reinigen. De vandiktetafel behandelen met Pharmol droog - glijmiddelspray |
Werkstukafzetsel bij het vlakschaven
| Oorzaak Remedie | |
| Bot schaafmes Schaafmes omdraaien of vervangen door nieuwschaafmes. Zie gebruiksaanwijzing "Schaafmessen instellen" | |
Werkstukken niet recht (bol of hol) bij het vlakschaven
| Oorzaak Remedie | |
| Vlakschaafbanken staan niet parallel aan elkaar, resp. niet precies in vliegkring van de schaafas. | De voedingsschijf opnieuw parallel stellen aan de afnametafel.Voor het instellen een lange, rechte liniaal over beide tafelbladen leggen.Afnametafel instellen zieInstellen van de voeg. |
Machine loopt niet
| Oorzaak Remedie | |
| Motor van schaafas start niet | Hoofdschakelaar inschakelen Toevoer van elektriciteitsnet controlleren Zekeringen controlleren (Zelf aan te schaffen, 16 A) Afzuigkap of vlakschaafbank goed afsluiten zodat de eindschakelaar geschakeld wordt. |
| Voedingsmotor start niet | Machine inschakelen Miniatuurzekeringen 10 A in de regelbehuizing binnenin de machine controlleren. |
Schaafas remt niet af bij het uitschakelen
| Oorzaak Remedie | |
| Miniatuurzekering op remprintplaat defectRemprintplaat defect | ⇒ Miniatuurzekering 10 A op de remprintplaat in de regelbehuizing binnenin de machine controleren.⇒ Remprintplaat vervangen |
Elektrotechnische onderhoudswerkzaamheden mogen alleen door een elektricien uitgevoerd worden!
Speciale accessoires: Bestelnummer:
→ Aanbouwmodule voor langgatboorinrichting 6247 0701
→ HS Schaafmessen (1 set = 3 stuks) 6247 0702
⇒ Wielenstel met ophangconsole 6247 0703
→ HW Schaafmes 6247 0704
⇒ Hulpaanslag voor kleine werkstukken 6247 0705
→ Langgatboorinrichting Lbe 16 6331 0000
→ Langgatborenset 6330 4000
EG-conformiteitsverklaring
Dat de navolgend beschreven machine op grond van constructie en bouw alsook in de door ons in de handel gebrachte uitvoering voldoet aan de desbetreffende bepalingen in de onderstaande EG-richtlijnen.
Bij een verandering aan de machine verliest deze verklaring haar geldigheid.
Omschrijving van de machine: Schaafmachine, Plana 7.0
Machinetype: 1902206902 / 1902206903
Desbetreffende EG-richtlijnen: EG-machinerichtlijn 2006/42/EG
EG-EMV richtlijn 2004/108/EWG.
Toegepaste geharmoniseerde
Europese normen: EN 861, EN 847-1, EN 60204-1
Instanties waar de machine
aangemeld is volgens appendix VII: Fachausschuß Holz; 70504 Stuttgart
Duidelijke gebreken dienen binnen 8 dagen na ontvangst van de goederen aangegeven te worden, anders verliest de koper alle aanspraak vanwege dergelijke gebreken. Bij correct gebruik en voor de duur van de wettelijke garantietermijn verschaffen wij garantie zodanig dat wij ieder machineonderdeel dat binnen deze termijn aantoonbaar ten gevolge van materiaal- of constructiefouten onbruikbaar wordt, kostenloos vervangen. Voor onderdelen die wij niet zelf fabriceren verschaffen wij inzoverre garantie als ons de garantieaanspraak toekomt jegens onze toeleveranciers. De kosten voor het inzetten van nieuwe delen worden door de koper gedragen. Koopvernietigings- en verminderingsaanspraken en andere schadeloosstellingsaanspraken zijn uitgesloten.