GEBRUIKSAANWIJZING CombiCool RF 60 DOMETIC
NI Absorptiekoelkast
Gebruiksaanwijzing. 142
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en volg alle instructies, richtlijnen en waarschuwingen in deze handleiding op om ervoor te zorgen dat u het product te allen tijde op de juiste manier installeert, gebruikt en onderhoudt. Deze gebruiksaanwijzing MOET bij dit product bewaard worden.
Door het product te gebruiken, bevestigt u hierbij dat u alle instructies, richtlijnen en waarschuwingen zorgvuldig hebt gelezen en dat u de voorwaarden zoals hierin beschreven begrijpt en accepteert. U gaat ermee akkoord dit product alleen te gebruiken voor het beoogde doel en de beoogde toepassing en in overeenstemming met de instructies, richtlijnen en waarschuwingen zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing en in overeenstemming met de geldende wet- en regelgeving. Het niet lezen en opvolgen van de hierin beschreven instructies en waarschuwingen kan leiden tot letsel voor uzelf en anderen, schade aan uw product of schade aan andere eigendommen in de omgeving. Deze gebruiksaanwijzing, met inbegrip van de instructies, richtlijnen en waarschuwingen, en de bijbehorende documentatie kan onderhevig zijn aan wijzigingen en updates. Actuele productinformatie vindt u op dometic.com.
Inhoudsopgave
1 Verklaring van de symbolen 142 2 Veiligheidsaanwijzingen 143 3 Omvang van de levering 149 4 Beoogd gebruik 149 5 Technische beschrijving 150 6 Toestelplaatsen en aansluiten 151 7 Gebruik 154 8 Reiniging en onderhoud 159 9 Verhelpen van storingen 160 10 Garantie 162 11 Afvoer 162 12 Technische gegevens 163
1 Verklaring van de symbolen

WAARSCHUWING!
Veiligheidsaanwijzing: Duidt op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet worden voorkomen, kan leiden tot ernstig letsel of de dood.

VOORZICHTIG!
Veiligheidsaanwijzing: Duidt op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet worden voorkomen, kan leiden tot licht of matig letsel.

LET OP!
Duidt op een situatie die, indien deze niet worden voorkomen, kan leiden tot materiële schade.

INSTRUCTIE
Aanvullende informatie voor het gebruik van het product.
2 Veiligheidsaanwijzingen
2.1 Algemene veiligheid

WAARSCHUWING! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Gevaar voor elektrische schokken
- Gebruik het toestel niet als het zichtbaar beschadigd is.
- Als de wisselstroomkabel van het toestel beschadigd is, moet deze, om gevaren te voorkomen, worden vervangen door de fabrikant, diens klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerd persoon.
- Dit toestel mag uitsluitend worden gerepareerd door bevoegd personeel. Ondeskundige reparaties kunnen leiden tot aanzienlijke gevaren.
Explosiegevaar
- Bewaar geen explosiegevaarlijke stoffen zoals bijvoorbeeld spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas in het toestel.
Brandgevaar
- Het koelmiddel in de koelkring is licht ontvlambaar.
Bij een beschadiging van de koelkring (geur van ammoniak):
- Schakel het toestel uit. - Vermijd open vuur en vonken.
- Ventileer de ruimte goed.
Gevaar voor de gezondheid
- Open het absorptieaggregaat nooit. Het staat onder hoge druk en kan letsel veroorzaken als het wordt geopend.
- Dit toestel mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en ouder, evenals door personen met verminderd fysiek, zintuiglijk of mentaal vermogen of gebrek aan kennis en ervaring, mits zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilig gebruik van het toestel en inzicht hebben in de gevaren die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
- Kinderen mogen niet met het toestel spelen.
- Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.
- Kinderen van 3 tot 8 jaar mogen toestellen in- en uitruimen.
Gevaar voor insluiting van kinderen
- Zorg ervoor dat de legplanken zodanig zijn gemonteerd en beveiligd dat kinderen zich niet in het toestel kunnen opsluiten.
- Voor het afvoeren van uw oude koelkast:
- Demonteer de laden.
- Laat de legplanken in de koelkast, zodat kinderen er niet in kunnen klimmen.

VOORZICHTIG! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot licht of matig letsel.
Gevaar voor letsel
Grijp niet in het scharnier. - Leun niet op de geopende toesteldeur.

LET OP! Het niet in acht nemen van deze instructies kan leiden tot beschadiging van het toestel.
- Om brand te voorkomen moet de lamp worden vervangen door de fabrikant, servicemedewerker of een gelijkwaardig gekwalificeerde persoon.
- Gebruik voor voertuigreiniging rond het ventilatierooster geen hogedrukreiniger met water.
- Monteer de winterafdekkingen van het ventilatierooster (toebehoren) als het voertuig van buiten wordt gereinigd of langdurig uit bedrijf wordt genomen.
- Het toestel is niet geschikt voor het transporteren van bijtende materialen of materialen die oplosmiddelen bevatten.
- De isolatie van het toestel bevat ontvlambaar cyclopentaan waarvoor bij de afvoer speciale verwerkingsprocedures gelden. Breng het toestel aan het einde van zijn levensduur naar een erkend afvalverwerkingsbedrijf.
- Houd de condensatieopening altijd schoon. Dompel het toestel nooit onder in water.
- Bescherm het toestel en de kabels tegen hitte en vocht.
- Het toestel mag niet aan regen worden blootgesteld.
2.2 Toestel veilig plaatsen en aansluiten

WAARSCHUWING! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Brandgevaar
- Zorg ervoor dat het toestelcircuit niet beschadigd raakt tijdens het transport.
- Zorg er bij het positioneren van het toestel voor dat de voedingskabel niet verstrikt of beschadigd raakt.
- Plaats geen meervoudige stekkerdozen of draagbare voedingen achter het toestel.

LET OP! Het niet in acht nemen van deze instructies kan leiden tot beschadiging van het toestel.
Gevaar voor oververhitting
- Let er altijd op dat de warmte die bij het gebruik ontstaat goed afgevoerd kan worden. Zorg ervoor dat het toestel op voldoende afstand tot wanden en andere voorwerpen staat, zodat de lucht kan circuleren.
- Voor een optimale circulatie van het koudemiddel mag de hellingshoek van het toestel maximaal 3° bedragen. Plaats hiervoor het toestel met een waterpas horizontaal.
- Houd het toestel tijdens het transport alleen aan de toestelbehuizing vast. Houd het toestel nooit aan het absorptieaggregaat, de koelribben, gasleidingen, deur of het bedieningspaneel vast.
- Plaats het toestel niet in de buurt van open vuur of andere warmtebronnen (verwarming, direct zonlicht, gasovens etc.).
- Sluit het toestel uitsluitend met de bijbehorende wisselstroomaansluitkabel aan op de wisselstroomcontactdoos.
- Vraag uw voertuigfabrikant of het accumanagementsysteem van uw voertuig de toestellen uitschakelt om de accu te beschermen.
- Zet de koelkastdeur en het vriesvak in winterpositie als u het toestel gedurende een lange periode niet gaat gebruiken. Zo worden schimmelvorming voorkomen.
2.3 Veiligheid bij het gebruik van het toestel

WAARSCHUWING! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Gevaar voor elektrische schokken
- Let er voor de ingebruikname op dat voedingskabel en stekker droog zijn.
- Ontkoppel het toestel van de stroomvoorziening – voor elke reiniging en elk onderhoud – na elk gebruik.
Gevaar voor de gezondheid
- Controleer of het koelvermogen van het apparaat voldoet aan de eisen van de levensmiddelen die u wilt koelen.
- Gebruik het toestel alleen op goed geventileerde plaatsen.
- Gebruik het koeltoestel alleen met één enkele energiebron. Levensmiddelen mogen alleen in de originele verpakking of in geschikte bakken worden bewaard.
- Langdurig openen van het toestel kan leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de compartimenten van het toestel.
- Reinig oppervlakken die in contact komen met voedsel en aftapsystemen regelmatig.
- Bewaar rauw vlees en rauwe vis in geschikte bakken in het toestel, zodat contact met andere levensmiddelen niet mogelijk is, ook niet door druppelen.
- Als het toestel langdurig wordt blootgesteld aan een kamertemperatuur lager dan +10 °C, kan een gelijkmatige temperatuur in het vriesvak niet worden gegarandeerd. Dit kan leiden tot een temperatuurstijging in het vriesvak waardoor de opgeslagen levensmiddelen kunnen ontdooien.
- Als het toestel voor een langere periode leeg wordt gehouden:
- Schakel het toestel UIT.
- Ontdooi het toestel.
- Reinig en droog het toestel.
- Laat de deur open om schimmelvorming in het toestel te voorkomen.

VOORZICHTIG! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot licht of matig letsel.
Gevaar voor letsel
- Sluit en vergrendel de toesteldeur voordat u gaat rijden.
- Het koelaggregaat aan de rechterzijde van het toestel wordt tijdens gebruik zeer heet. Ga voorzichtig om met hittegeleidende delen van uitgenomen ventilatieroosters.

LET OP! Het niet in acht nemen van deze instructies kan leiden tot beschadiging van het toestel.
- Vergelijk de spanningsgegevens op het typeplaatje met de beschikbare energietoevoer.
- Sluit het toestel alleen als volgt aan:
- Gelijkstroomcontactdoos: gebruik alleen kabels met een geschikte kabeldiameter.
- Wisselstroomcontactdoos: gebruik alleen de bijgeleverde wisselstroomkabel.
- Trek de stekker nooit aan de kabel UIT het stopcontact.
- Als het toestel op een gelijkstroomcontactdoos is aangesloten: Kies gebruik met gelijkstroom (accubedrijf) alleen als u een accumulator gebruikt of de voertuiggenerator voldoende spanning levert.
- Als het toestel op een gelijkstroomcontactdoos is aangesloten: Ontkoppel het toestel van de accu of schakel het uit wanneer u de motor uitschakelt. Anders kan de voertuigaccu leeg raken.
- Let erop dat de ventilatieopeningen niet worden afgedekt.
- Gebruik geen elektrische toestellen in het toestel, behalve als deze toestellen waarvoor door de fabrikant worden aanbevolen. Vul het binnenreservoir niet met vloeistoffen of ijs.
- Bewaar zware voorwerpen zoals flessen of conserven uitsluitend in de toesteldeur, in het groentevak of op de onderste legplank.
2.4 Veilig gebruik met gas

WAARSCHUWING! Het niet in acht nemen van deze waarschuwingen kan leiden tot ernstig letsel of de dood.
Explosiegevaar
- Gebruik het toestel uitsluitend met de op het typeplaatje aangegeven druk. Gebruik alleen drukregelaars met een vaste instelling die voldoen aan de nationale voorschriften. Gebruik een vast ingestelde drukregelaar conform DIN EN 16129.
Verstikkingsgevaar
- Gebruik van het apparaat met gas in een ongeventileerd bereik leidt tot zuurstoftekort in dit bereik.
- Gebruik het toestel niet met gas in niet-geventileerde ruimten zoals gesloten ruimten, tenten, motorvoertuigen, campers, caravans, schuren, jachten, laarzen en vrachtwagencabines.
- Gebruik het toestel niet in ruimten met een volume van minder dan 40m3
- Plaats het apparaat niet in de buurt van ontvlambare materialen (papier, droge bladeren, textiel).
- Houd ontvlambare voorwerpen uit de buurt van de brander.
- Bewaar de flessen met vloeibaar gas nooit op niet-geventileerde plaatsen of onder grondniveau (trechtervormige kuilen in de grond).
- Bescherm flessen met vloeibaar gas tegen directe zonnestralen. De temperatuur mag niet hoger zijn dan 50°C .
- Controleer het toestel nooit met open vuur op lekkage.
- Indien u gas ruikt:
- Sluit de afsluitkraan van de gasverzorging en de flesklep.
- Bedien geen elektrische schakelaars.
- Blus open vuur.
- Laat de gasinstallatie door een vakbedrijf controleren.
- Laat het toestel niet onbeheerd wanneer deze met gas worden gebruikt.

LET OP! Het niet in acht nemen van deze instructies kan leiden tot beschadiging van het toestel.
- Gebruik uitsluitend propaan- of butaangas (geen aardgas).
3 Omvang van de levering
Aantal Beschrijving
1 Absorptietoestel 1 Wisselstroomkabel
4 Beoogd gebruik
Het mobiele koelapparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke en soortgelijke toepassingen zoals:
boerderijen - personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkomgevingen - klanten in hotels, motels en andere woonomgevingen - bed and breakfast-accommodaties - catering en soortgelijke toepassingen anders dan in de detailhandel
Dit toestel is geschikt voor:
- koelen, snelvriezen en bewaren van levensmiddelen
- gebruik op gelijkstroom, wisselstroom of gas
Het toestel is niet geschikt voor:
- Toestel als inbouwtoestel gebruiken
- Gebruik in hoge gebouwen, kamers onder de begane grond, badkamers en slaapkamers
- Gebruik in voertuigen
- Gebruik in boten
- Gebruik in ruimten met een volume van minder dan 40 m³, bijv. een ruimte van 4 x 4 m met een hoogte van 2,50 m
- Gebruik in niet goed geventileerde ruimten
Goed geventileerde ruimten zijn ruimten met meer dan een luchtverversing per uur met ramen en deuren die niet naaddicht zijn. De ruimten moeten ten minste een raam hebben dat kan worden geopend of een deur die direct naar buiten leidt
- De opslag van geneesmiddelen
- Opslag van bijtende of oplosmiddelhoudende substanties
Dit product is alleen geschikt voor het beoogde gebruik en de toepassing in overeenstemming met deze gebruiksaanwijzing.
Deze handleiding geeft informatie die nodig is voor een goede installatie en/of bediening van het toestel. Een slechte installatie en/of onjuist gebruik of onderhoud leidt tot onbevredigende prestaties en mogelijke storingen.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor letsel of schade aan het product die het gevolg is van:
- Onjuiste montage of aansluiting, inclusief te hoge spanning
- Onjuist onderhoud of gebruik van andere dan door de fabrikant geleverde originele reserveonderdelen
- Wijzigingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van de fabrikant
- Gebruik voor andere doeleinden dan beschreven in deze handleiding
Domatic behoudt zich het recht voor om het uiterlijk en de specificaties van het product te wijzigen.
5 Technische beschrijving
Het toestel is een koelkast met absorptiekoeling. Als koudemiddel wordt ammoniak gebruikt. Alle gebruikte materialen zijn geschikt voor levensmiddelen. De koelkring is onderhoudsvrij.
5.1 Componenten
| Nr.in
afb. 1,网页3 | Toelichting |
| 1 Bedieningspaneel |
| 2 Deurvergrendeling |
| 3 Verdamper |
| 4 Legplank |
| 5 Losse deuronderdelen |
| 6 Vriesvak (alleen RF 62) |
5.2 Bedieningspaneel
| Nr.in
afb. 2,网页3 | Beschrijving |
| 1 Energiekeuzeschakelaar |
| 2 Vlamindicator |
| 3 Thermostat |
| 4 Ontstekingstoets |
Energiekeuzeschakelaar
| Symbool
afb. 2,网页3 | Beschrijving |
| ○ | Uit |
| Wisselstroombedrijf |
| Gelijkstroombedrijf |
| Gebruik met gas |
6 Toestel plaatsen en aansluiten
6.1 Instructies voor het plaatsen van het toestel
Neem de volgende instructies bij het plaatsen van het toestel in acht:
- Houd minimaal 10 mm afstand tot de muren.
- Houd de ventilatieopeningen vrij van belemmeringen om een goede ventilatie te garanderen. Plaats het toestel op een horizontaal oppervlak. Gebruik een waterpas om dit te controleren.
6.2 Deurscharnier wijzigen

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken
Trek de stekker uit het stopcontact alvorens werkzaamheden aan het toestel uit te voeren.
U kunt de aanslag van de deur wijzigen, zodat de deur maar links in plaats van maar rechts opengaat.
Ga te werk zoals weergegeven om de deuraanslag te wijzigen (afb. 3, pagina 4 tot afb. 4, pagina 4).
6.3 Deur decor verrangen

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken
Trek de stekker uit het stopcontact alvorens werkzaamheden aan het toestel uit te voeren.
Ga te werk zoals weergegeven om het deurpaneel te verrangen (afb. 5, pagina 5).
6.4 Aansluiten op wisselstroomvoeding
- Controleer of de spanning op het typeplaatje overeenkomt met de aanwezige stroomvoorziening.
- Steek de wisselstroomkabel in het wisselstroomnet.
6.5 Aansluiten op gelijkstroomvoeding

LET OP! Gevaar voor schade
- Let bij het aansluiten van de poolklem op de juiste polariteit.
- Om spannings- en vermogensverlies te vermijden, moet de aansluitkabel zo kort mogelijk zijn en mag de kabel niet onderbroken worden. Vermijd daarom extra schakelaars, stekkers of verloopadapters.
- Maak het toestel en andere elektrische ladingen los van de accu alvorens de accu met een snellader op te laden. Overspanning kan de elektronica van het toestel beschadigen.
- Beveilig de positieve aansluiting met minimaal 15 A.
- Als u het toestel aansluit op de voertuigcontactdoos, let er dan op dat u het contact moet inschakelen om het toestel van stroom te voorzien.
- Controleer of de spanning op het typeplaatje overeenkomt met de accuspanning.
- Bepaal de vereiste kabeldiameter afhankelijk van de kabellengte aan de hand van de onderstaande tabel:
| Kabellenge Kabeldiameter |
| ≤ 2,5 m 2,5 mm² |
| 2,5 m - 4,0 m 4,0 mm² |
| 4,0 m - 6,0 m 6,0 mm² |
- Sluit de draden aan op een klemmenblok dat via een 15A-zekering met de accu is verbonden.
- Installeer een scheidingsschakelaar tussen beide polen.
De minimale isolatieafstand tussen de twee polen bedraagt 3 mm.
6.6 Toestel aansluiten op een gasfles

WAARSCHUWING!
Dit toestel mag alleen op de gastoevoer worden aangesloten door een vakman conform de geldende voorschriften en normen.

LET OP! Gevaar voor schade
- Gebruik uitsluitend propaan- of butaangasflessen (geen aardgas of stadsgas) met gekeurd drukreduceerventiel en passend kopstuk.
- Neem de in uw land toegestane drukwaarden in acht. Gebruik een vast ingestelde goedgekeurde drukregelaar:
- Voor Europa geldt: DIN EN 16129.
- Het toestel mag alleen worden gebruikt als de slangleidingen in technisch goede staat zijn. Vervang poreuze of beschadigde slangleidingen onmiddellijk.

INSTRUCTIE
Als de gasvlam dooft, sluit de ontstekingsregelaar de gastoevoer af.
- Controleer of de drukspecificatie op het typeplaatje dezelfde is als de drukgegevens op de drukregelaar op de propaan- of butaangasfles.
- Sluit het toestel als volgt aan op de gasslang (afb. 6, pagina 6).
- Sluit de gasslang als volgt aan op de gasfles (afb. 7, pagina 7).
Na het aansluiten van het toestel op de gastoevoer
- Controleer de gasleiding bij alle aansluitpunten (alle schroefdraadaansluitingen, slangaansluitingen met klemmen, aansluiting op de gasfles) op lekkage met een schuimend middel, bijv. zeep.
- Controleer de slang visueel (op scheuren, verwering, beschadiging).

LET OP! Gevaar voor schade
- Zorg ervoor dat drank of voedsel in glazen flessen niet te sterk afkoelt. Vloeistoffen zetten uit als ze bevriezen en kunnen daardoor glas breken.

INSTRUCTIE
- Voordat u het toestel voor de eerste keer gebruikt, moet u deze om hygiënische redenen van binnen en van buiten met een vochtige doek schoonmaken (zie hoofdstuk „Reiniging en onderhoud" op pagina 159).
- Het koelvermogen kan worden beïnvloed door:
- de omgevingstemperatuur
- de hoeveelheid levensmiddelen die geconserveerd dienen te worden
- het aantal keren dat de deksel wordt geopend
- Als het toestel gedurende langere tijd gekoeld heeft, kunnen er waterdruppels in het toestel ontstaan. Dat is normaal, aangezien het vocht in de lucht tot waterdruppels condenseert als de temperatuur in het toestel daalt. Het toestel is niet defect. Wis het eventueel af met een droge doek.
Let op het volgende om voedselverspilling tegen te gaan:
- Houd temperatuurschommelingen zo laag mogelijk. Open de koelkast uitsluitend indien nodig en slechts zo lang als noodzakelijk. Berg levensmiddelen zodanig op dat de lucht nog steeds goed kan circuleren.
- Pas de temperatuur aan aan de hoeveelheid en het type levensmiddelen.
- Bewaar de verschillende soorten levensmiddelen zoals afgebeeld. Levensmiddelen kunnen snel geuren en smaken opnemen of afgeven. Berg levensmiddelen daarom altijd afgedekt of in afgesloten bakken/flessen op.
7.1 Energie besparen
- Open de koelkast uitsluitend indien nodig en slechts zo lang als noodzakelijk.
- Laat warme levensmiddelen eerst afkoelen alvorens deze in het toestel koel te houden.
- Ontdooi de koelkast zodra er zich een ijslaag gevormd heeft.
- Vermijd een onnodig lage binnentemperatuur.
- Plaats de legplanken en laden voor een optimaal energieverbruik in de positie zoals bij levering.
- Controleer regelmatig of de deurafdichting nog goed zit.
- Verwijder regelmatig stof en vuil van de condensor.
7.2 Toestel met gelijkstroom gebruiken

INSTRUCTIE
- Als het toestel op de gelijkstroomcontactdoos is aangesloten, kan het koelvermogen niet worden ingesteld.
- Laat het toestel ongeveer 24 uur afkoelen voordat u gaat rijden met gebruik van gas of elektriciteit. Hierdoor bereikt uw toestel op de plaats van opstelling sneller het gewenste koelvermogen.
Toestel inschakelen (afb. 2, pagina 3)
Zet de energiekeuzeschakelaar (1) in de stand ✓. Het toestel begint met het koelen van de binnenruimte.
Toestel uitschakelen
Zet de energiekeuzeschakelaar (1) in de stand O. ✓ Het toestel is uitgeschakeld.
7.3 Toestel met wisselstroom gebruiken
Toestel inschakelen (afb. 2, pagina 3)
- Zet de energiekeuzeschakelaar (1) in de stand
- Draai de thermostat (3) in de stand MAX.
✓ Het toestel begint met het koelen van de binnenruimte.
Het duurt ongeveer 1 uur tot de binnenkant merkbaar koel wordt. Na ca. 5 uur kunt u de thermostat op een lagere temperatuur zetten.
Om het koelvermogen te verhogen, draait u de thermostat (3) rechtsom. Om het koelvermogen te verlagen, draait u de thermostat (3) linksom.
Toestel uitschakelen (afb. 2, pagina 3)
- Zet de energiekeuzeschakelaar (1) in de stand O.
- Draai de thermostat (3) in de stand O.
✓ Het toestel is uitgeschakeld.
7.4 Toestel met gas gebruiken
Toestel inschakelen (afb. 2, pagina 3)
- Zet de energiekeuzeschakelaar (1) in de stand
- Open de gastoevoer van de gasfles.
- Draai de thermostat (3) in de stand MAX.
- Druk de thermostaat (3) in en houd hem ingedrukt.
- Druk na 10 seconden meerdere malen op de ontstekingsknop (4), totdat de vlam brandt.
- Bij toestellen met elektronische ontsteking moet de ontstekingsknop (4) enkele seconden ingedrukt worden gehouden. Wanneer het toestel langere tijd niet is gebruikt of de gasfles werd gewisseld, kan dit meer dan 10 seconden duren door lucht in de leidingen.
- Na ontsteking houdt u de thermostaat (3) nog 30 seconden ingedrukt.
- Laat de thermostaat (3) los.
✓ De vlam kan worden geregeld met de vlamindicator (2). ✓ Het toestel begint met het koelen van de binnenruimte.
Het duurt ongeveer 1 uur tot de binnenkant merkbaar koel wordt. Na ca. 5 uur kunt u de thermostaat op een lagere temperatuur zetten.

INSTRUCTIE
Als de vlam niet gaat branden, herhaalt u de ontstekingsprocedure na 1 minuut.
Om het koelvermogen te verhogen, draait u de thermostaat (3) rechtsom. Om het koelvermogen te verlagen, draait u de thermostaat (3) linksom.
Toestel uitschakelen
- Sluit de gastoevoer van de gasfles.
- Draai de thermostaat (3) in de stand O.
7.5 Legplanken aanbrengen
▶ Ga te werk zoals weergegeven om de legplanken te verplaatsen (afb. 8, pagina 8).
▷ Ga te werk zoals weergegeven om de deur te ontgrendelen (afb. 9, pagina 8). ▷ Ga te werk zoals weergegeven om de deur voor transport te vergrendelen (afb. 10, pagina 9).
7.7 Toestel ontdooien

LET OP! Gevaar voor schade
- Gebruik geen mechanisch gereedschap voor het verwijderen van ijslagen of het losmaken van vastgevroren voorwerpen.
- Gebruik nooit verwarmde toestellen of kachels om het ontdooiproces te versnellen.

INSTRUCTIE
Na verloop van tijd vormt zich rijp op de koelribben in het toestel. Als deze rijplaag ongeveer 5 mm dik is, moet het toestel worden ontdooid.
- Onderbreek de spanning- en gastoevoer.
- Maak het toestel leeg.
- Leg een doek in het vak om overtollig water op te vangen.
- Laat de deur open.
- Wrijf het vak met een vochtige doek droog.
7.8 Toestel uitschakelen en opbergen
Als u van plan bent het toestel gedurende een langere periode niet te gebruiken, gaat u als volgt te werk:
- Onderbreek de spanning- en gastoevoer.
- Reinig het toestel (zie hoofdstuk „Reiniging en onderhoud" op pagina 159).
- Zet de deurvergrendeling in de ventilatiestand (afb. 11, pagina 9) om geurvorming te voorkomen.
8 Reiniging en onderhoud

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schok / brand
- Haal voor reiniging en onderhoud het toestel van het stroomnet.
- Reparatie- en onderhoudswerkzaamheden aan het koelaggregaat mogen alleen worden uitgevoerd door een erkend reparatiecentrum.

LET OP! Gevaar voor schade
Gebruik nooit borstels, schuursponsjes of harde of scherpe voorwerpen om ijs te verwijderen of om vastgevroren objecten los te maken.
Reinig het toestel regelmatig en als hij vuil is met een vochtige doek. Let erop dat er geen water in de afdichtingen druppelt. Dit kan de elektronica beschadigen. Veeg het toestel na het reinigen met een doek droog. Controleer de condensaatafvoer regelmatig.
Reinig de condensaatafvoer indien nodig. Als deze verstopt is, verzamelt het condensaat zich op de bodem van het toestel.
Gasfilter verrangen
Ga te werk zoals weergegeven om het gasfilter te verrangen (afb. 12, pagina 10).
Startaccu verrangen
Ga te werk zoals weergegeven om de startaccu te verrangen (afb. 13, pagina 11).
8.1 Gasbrandersysteem reinigen

WAARSCHUWING!
- Laat de brander afkoelen voordat u deze reinigt.
- Voer geen wijzigingen uit aan de gasinrichtingen.

INSTRUCTIE
- Vuil in de gasbrander is merkbaar door slechte ontsteking of deflagraties.
- De fabrikant adviseert ook reiniging van de brander nadat het toestel voor langere tijd niet werd gebruikt, of minstens jaarlijks.
- Bij gebruik van LPG-gas wordt het reinigingsinterval teruggebracht tot een half jaar of driemaandelijks, afhankelijk van de mate van vervuiling.
Ga als volgt te werk om de brander te reinigen (afb. 14, pagina 11).
9 Verhelpen van storingen
Probleem Mogelijke oorzaak Voorgestelde oplossing
Het toestel werkt niet. Het toestel is niet correct opgesteld.
Controleer of het apparaat waterpas staat. Controleer of er voldoende ventilatie is. De reparatie kan alleen door een geautoriseerd servicebedrijf uitgevoerd worden. In de meeste voertuigen moet de contactschakelaar ingeschakeld zijn om de gelijkstroomcontactdoos van spanning te voorzien. Vervang de voertuigzekering van de gelijkstroomcontactdoos (normaal 15 A) (neem hiervoor de bedieningshandleiding van uw voertuig in acht). Vervang de voertuigzekering van de gelijkstroomcontactdoos (normaal 15 A) (neem hiervoor de bedieningshandleiding van uw voertuig in acht).
Bij gebruik met gelijkstroom: Het toestel werkt niet (stekker in het stopcontact).
Aan de gelijkstroomcontactdoos in het voertuig is geen spanning.
De voertuigzekering is doorgebrand.
Probleem Mogelijke oorzaak Voorgestelde oplossing
Bij gebruik met wisselstroom:
Het toestel werkt niet (stekker in het stopcontact).
Op de wisselstroomcontactdoos staat geen spanning.
Probeer een ander stopcontact.
Bij gebruik met gas:
Het toestel werkt niet (koelbox is op gas aangesloten).
Het toestel is niet correct op het gas aangesloten.
▸ Controleer of de gastoevoer optimaal functioneert. ▸ Controleer of de klep van de gasfles open is. ▸ Controleer of er nog gas in de fles is. ▸ Controleer of meerdere energiebronnen gelijktijdig zijn aangesloten. Houd de temperatuurregelaar voor het ontsteken langer ingedrukt.
Het toestel start niet na langere tijd niet gebruikt te zijn.
- Ontkoppel het toestel van de stroomvoorziening.
Draai het ondersteboven en wacht 5 min. Draai het toestel weer om en schakel het opnieuw in.
Draai het ondersteboven en wacht 5 min. Draai het toestel weer om en schakel het opnieuw in.
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, neem dan contact op met de detailhandel of met het filiaal van de fabrikant in uw land (zie dometic.com/dealer).
De wettelijke garantieperiode is van toepassing. Als het product defect is, neem dan contact op met de detailhandel of met het filiaal van de fabrikant in uw land (zie dometic.com/dealer).
Stuur voor de afhandeling van reparaties of garantie de volgende documenten mee:
- Een kopie van de factuur met datum van aankoop
- De reden voor de claim of een beschrijving van de fout
Houd er rekening mee dat eigenmachtige of niet-professionele reparatie gevolgen voor de veiligheid kan hebben en dat de garantie hierdoor kan komen te vervallen.
11 Afvoer

WAARSCHUWING! Gevaar voor insluiting van kinderen
Demonteer bij het afvoeren van het oude toestel alle toesteldeuren en verwijder de legplanken in het toestel om te voorkomen dat kinderen erin klimmen en stikken.
Verpakkingsmaterialen recyclen

Gooi het verpakkingsmateriaal indien mogelijk altijd in recyclingafvalbakken.
Producten met niet-vervangbare batterijen, oplaadbare batterijen of lichtbronnen recyclen

▸ Als het product niet-vervangbare batterijen, oplaadbare batterijen of lichtbronnen bevat, hoeft u die niet te verwijderen voordat u het product afvoert. ▸ Als u het product definitief weg wilt doen, vraag dan bij het dichtstbijzijnde afvalverwerkingsbedrijf of uw dealer naar de betreffende afvoervoorschriften. Het product kan gratis worden afgevoerd.
| RF60 RF62 | |
| Totaal volume 61 l | |
| Capaciteit vriesvak - 5 l | | |
| Spanning 12 V=220 - 240 V~, 50/60 Hz |
| Elektriceteitsverbruik 110 W (gelijktstroom)110 W (wisselstroom) |
| Energieverbruik 1,9 kWh/24=uur (gelijktstroom)1,9 kWh/24=uur (wisselstroom) |
| Nominale thermische belasting 245 W (butaan)192 W (propaan) |
| Gasverbruik 17,5 g/uur (butaan)13,5 g/uur (propaan) |
| Toestelklasse l3B/P; 13B/P (50); 13+(28-30/37) |
| Koelvermögen Max. 30 °C onder omgevingstemperatuur |
| KlimaatklasseN |
| Beoogde omgevingstemperatuur | 16 °C tot 32 °C |
| Geluidsemissie0 dB |
| Koelmiddel | 357 g H2O + 168 g NH3 | 367 g H2O + 173 g NH3 |
| Afmetingen (b×h×d) | Zie afb. 15, pagina 12 |
| Gewicht | Ca. 24 kg |
| Inspectie/certificering | CE UK CA |