FinishControl 6500 TS - Verfspuit WAGNER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FinishControl 6500 TS WAGNER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over FinishControl 6500 TS WAGNER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verfspuit in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FinishControl 6500 TS - WAGNER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FinishControl 6500 TS van het merk WAGNER.
GEBRUIKSAANWIJZING FinishControl 6500 TS WAGNER
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
Inhoudsopgave
1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 47
2 VERKLARENDE AFBEELDING 50
3 INSTELLINGEN EN WEERGAVES OP HET
BEDIENINGSVELD ____ 50
4 HET WAGNER CLICK&PAINT-SYSTEEM 51
4.1 Delen van de spuitpistool ____ 51
7.1 Verwerkbare materialen 51
7.2 Niet-verwerkbare materialen 51
7.3 Coatingmaterialen die alleen met overeenkomstige spuitopzet (toebehoren) verwerkt kunnen worden _52
7.4 Voorbereiding van het materiaal 52
8 INSTELLING VAN DE VERFSPUITPISTOOL ____ 52
8.1 Instelling van het gewenste spuitpatroon ____ 52
8.2 Instellen van de materiaalhoeveelheide ____ 52
8.3 Instellen van de luchthoeveelheid 52
8.4 Positioneer de stijgbuis 52
9 INBEDRIJFSTELLING 53
10 SPUITTECHNIEK 53
11 ARBEIDSONDERBREKING 53
12 TRANSPORT 54
13 BUITEN BEDRIJF STELLEN EN REINIGEN ____ 54
13.1 Montage 55
14 ONDERHOUD 55
14.1 Luchtfilter 55
14.2 Ontluchtingsklep 55
15 VERHELPEN VAN STORINGEN 56
16 ACCESSOIRES EN RESERVEONDERDELEN ____ 57
16.1 Accessoires 57
16.2 Reserveonderdelen FinishControl 57
16.3 Reserveonderdelen TempSpray spuitopzet ____ 58
Inspectie van het apparaat 59
Aanwijzing voor afvoer 59
Belangrijke aanwijzing m.b.t. productaansprakelijkheid _ 59
Garantieverklaring 59
CE-Verklaring van overeenstemming ____ 136
Europa – servicenetwerk 138
Uitleg van de gebruikte symbolen
![]() | Dit symbool duidt op een potentieel gevaar voor u, resp. het apparaat. Onder dit symbool vindt u belangrijke informatie over het vermijden van letsel en schade op het apparaat. |
![]() | Duidt toepassingstips en andere bijzonder nuttige aanwijzingen aan. |
![]() | Instelling voor een brede spuitstraal |
![]() | Instelling voor een smalle spuitstraal |
![]() | Draag beschermende handschoenen. |
![]() | Pas op! Heet oppervlak |
1 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Let op de plaatselijk geldende voorschriften.
Daarnaast dienen de volgende voorschriften in acht te worden genomen.
Lees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en volg de hierin gegeven instructies op, om gevaren te voorkomen.
1. Veiligheid op de werkplek
Houd de werkplek schoon en goed verlicht. a)
Wanorde en niet verlichte werkplekken kunnen tot ongevallen leiden.
Gebruik het apparaat niet in een explosiegevaarlijke b) omgeving met brandbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap wekt vonken op die stof of dampen kunnen ontsteken.
Houd kinderen en andere personen tijdens het c) gebruik van elektrisch gereedschap op afstand.
Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het apparaat verliezen.
2. Elektrische veiligheid
De netstekker van het apparaat moet passen a) in de wandcontactdoos. De stekker mag op geen enkele manier worden gewijzigd. Gebruik geen stekkeradapter voor geaarde apparaten.
Ongewijzigde stekkers en passende wandcontactdozen verminderen het risico van elektrische schokken.
Voorkom contact van uw lichaam met geaarde b) oppervlakken van b.v. buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op elektrische schokken wanneer uw lichaam is geaard.
Houd het apparaat uit de regen en breng het niet c) in contact met water. In een elektrisch apparaat binnendringend water verhoogd het risico van elektrische schokken.
Gebruik de netkabel niet voor andere doeleinden, d) b.v. om het apparaat aan te dragen, op te hangen of om de stekker uit de wandcontactdoos te trekken. Houd de kabel verwijderd van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen van apparaten.
Beschadigde kabels en kabels die in de war zijn verhogen het risico van elektrische schokken.
Als u met elektrisch gereedschap buiten werkt, e) gebruik dan uitsluitend verlengsnoeren die ook voor buiten geschikt zijn. Het gebruik van voor buitengebruik geschikte verlengkabels vermindert het risico van elektrische schokken.
Als het gebruik van het apparaat in een vochtige f) omgeving niet valt te vermijden, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risico van een elektrische schok.
3. Veiligheid van personen
a) Wees alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij het werken met elektrisch gereedschap. Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent of onder de invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onachtzaamheid tijdens het gebruik van het apparaat kan leiden tot ernstig letsel.
b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen en draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van type en gebruik van het elektrisch gereedschap, vermindert het risico van letsel.
c) Voorkom onbedoeld starten van het gereedschap. Verzeker u ervan dat de schakelaar in de stand "UIT" staat, voordat u de netstekker in de wandcontactdoos steekt. Wanneer u tijdens het dragen van het apparaat een vinger op de schakelaar houdt of het apparaat ingeschakeld op de netvoeding aansluit, kan dit leiden tot ongevallen.
d) Verwijder afstelgereedschap of moersleutels voordat u het apparaat inschakelt. Gereedschap of een moersleutel die zich in een draaiend deel van het apparaat bevindt, kan leiden tot letsel.
e) Vermijd een abnormale lichaamshouding. Zorg voor een goede houding en bewaar op elk moment uw evenwicht. Dan kunt u het apparaat in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sierraden. Houd haren, kleding en handschoenen verwijderd van bewegende delen. Loszittende kleding, sierraden of lange haren kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
g) Dit apparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vaardigheden, met onvoldoende ervaring en/of met onvoldoende kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een persoon die voor hun veiligheid verantwoordelijk is of zij door deze persoon zijn geïnstrueerd in het gebruik van het apparaat. Kinderen moeten onder toezicht staan om te voorkomen dat zij spelen met het apparaat.
4. Zorgvuldige omgang met en gebruik van elektrisch gereedschap
Zorg dat u het apparaat niet overbelast. Gebruik a) voor uw werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven vermogensbereik.
Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de b) schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
Verwijder de stekker uit de wandcontactdoos c) voordat u afstellingen aan het apparaat uitvoert, accessoires vervangt of het apparaat aan de kant legt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat het apparaat onbedoeld wordt gestart.
Bewaar elektrisch gereedschap, wanneer het niet d) wordt gebruikt, buiten bereik van kinderen. Laat geen personen met het apparaat werken die daar niet mee vertrouwd zijn of die deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk wanneer dit door onervaren personen wordt gebruikt.
Onderhoud het apparaat zorgvuldig. Controleer e) dat bewegende delen correct functioneren en niet klemmen en dat er geen onderdelen zijn gebroken of zodanig beschadigd dat de werking van het apparaat nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het apparaat repareren. Veel ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, hulp-f) middelen enz. in overeenstemming met deze aanwijzingen en zoals voor dit specifieke type apparaat is voorgeschreven. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor ander dan het bedoelde gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties.
5. Service
Laat het apparaat uitsluitend repareren door a) gekwalificeerd technisch personeel en uitsluitend met originele onderdelen. Daarmee blijft de veiligheid van het apparaat gewaarborgd.
Wanneer het netsnoer van dit apparaat is b) beschadigd, moet dit door de fabrikant, zijn klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerd persoon worden vervangen om gevaren te voorkomen.
Veiligheidsinstructie voor verfaanbreng-toestellen
1. Brand- en explosiegevaren
Bij het spuiten van coatingmaterialen en de zelfstandige vorming van coatingmateriaal- en oplosmiddeldampen ontstaan brandbare gassen in het werkbereik (gevarenzone).
Brand- en explosiegevaar door ontstekingsbronnen in deze gevarenzone.
Het elektrisch aangedreven spuittoestel bevat zelf mogelijke ontstekingsbronnen (vonkenvorming door motor bij het in- en uitschakelen, op de stekker bij het in- en uitsteken, op de spuitpistool door mogelijke statische elektriciteit)
-> Toestel mag niet in industriële werkplaatsen, die onder de explosiebescherming vallen, gebruikt worden.
-> Basistoestel en netaansluiting moeten zich buiten de gevarenzone bevinden.
-> Geen brandbare coatingmaterialen en reinigingsmiddelen gebruiken
-> Productgegevensbladen in acht nemen!
-> Verf- of oplosmiddelvat in de buurt van het toestel altijd dicht afsluiten.
-> In de gevarenzone mogen geen ontstekingsbronnen zoals open vuur, aangestoken tabakswaar, gloeiende draden, hete oppervlakken, vonken bijv. door haakse slijper enz. aanwezig zijn.
-> Bij de toestelreiniging met oplosmiddel niet in een reservoir met kleine opening (spongat) spuiten. Gevaar door vorming van een explosief gas/luchtmengsel.
Het reservoir waarin gespoten wordt moet geaard zijn.
2. Attentie: Gevaar voor verwonding! Richt het spuitpistool nooit op uzelf, op andere personen en dieren.
-
Bij spuitwerkzaamheden ademhalingsbescherming dragen. Men dient de gebruiker een ademhalingsmasker ter beschikking te stellen. Ter voorkoming van beroepsziekten dienen bij bereiding, verwerking en reiniging van de apparaten de verwerkingsvoorschriften van de fabrikant van de gebruikte stoffen, oplosmiddelen en reinigingsmiddelen in acht te worden genomen. Ter bescherming van de huid zijn beschermkleding, handschoenen en eventuele huidcrème nodig.
-
Attentie: Bij werkzaamheden met het verfspuitsysteem in gesloten ruimten alsmede in de buitenlucht dient erop te worden gelet dat er geen oplosmiddeldampen naar de motorventilator toe worden gedreven of oplosmiddelhoudende dampen in de omgeving van het verfspuitsysteem worden gevormd. De motorventilator dient op de van het te spuiten object af gerichte kant te worden geplaatst. Houd in de buitenlucht rekening met de windrichting. Bij werkzaamheden in gesloten ruimten moet er voor voldoende ventilatie worden gezorgd om de oplosmiddeldampen te kunnen afvoeren. Er dient een minimale afstand tussen motorventilator en te spuiten object van 3 m te worden aangehouden.
-
Attentie: De verfspuit is niet tegen opspattend water beschermd. Hij mag noch bij regen in de buitenlucht worden gebruikt noch met water worden afgespoten en evenmin in een vloeistof worden gedompeld. Gebruik het apparaat niet in een vochtige of natte omgeving.
-
Pas op, gevaar voor kortsluiting! Verwarmingsstation en contacten aan de onderkant van het reservoir altijd vrij van vloeistoffen en vuil houden. Gebruik geen reservoir met beschadigde bodem.
Pas op, gevaar van een elektrische schok! 7. De beide schuiven naast het verwarmingsstation niet blokkeren.
De schuiven moeten altijd vrij beweegbaar zijn. Indien 8. nodig reinigen.
Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt met 9. goede werkend ventiel. Stop het gebruik van het apparaat wanneer er verf in de ventilatieslang (Afb.1, Pos. 18) omhoog komt! Demonteer en reinig de ventilatieslang, het ventiel en het membraan; vervang zonodig het membraan.
Gevuld spuitpistool niet legen. 10.
Afzuiginstallaties dienen overeenkomstig de plaatselijke 11. voorschriften op verantwoordelijkheid van de opdrachtgever te worden gerealiseerd.
-
De te coaten werkstukken moeten geaard zijn.
-
Houd rekening met gevaren die het gevolg kunnen zijn van het verspoten materiaal en neem tevens de aanwijzingen op de verpakking of van de fabrikant van het materiaal in acht.
-
Verspuit geen materialen waarvan u de eventuele gevaren niet kent.
-
Pas op, letselgevaar door de roerder! Verwarmingsproces en reiniging alleen met gesloten reservoir uitvoeren.
-
Start het verwarmingsproces alleen met gemonteerde roerder. Zonder roerder brandt het coatingmateriaal in het reservoir.
-
Voor demontage van de spuitopzet, druk door opendraaien van het reservoir ontlasten.
-
Trek voor alle werkzaamheden de stekker uit het stopcontact.
-
Werkzaamheden of reparaties aan de elektrische uitrusting mag men uitsluitend door een gediplomeerd elektricien laten uitvoeren. Ook dan wanneer er instructies in de gebruiksaanwijzing staan. Voor onvakkundige installatie wordt geen aansprakelijkheid aanvaard.
-
Ga niet op het apparaat zitten of staan. Gevaar voor kantelen en breuk!
2 verklArende AfBeeldIng (AfB. 1)
POS. BENAMING
1 Spuitkop
2 Luchtkap
3 Instelhendel spuitstraalbreedte (vormlucht)
4 Instelring spuitstraalniveau (verticaal/horizontaal)
5 Wartel
6 Spuitopzet compl.
7 Materiaalregeling
8 Pistoolgreep
9 Luchtregeling
10 Luchtslang
11 Sluiting Click&Paint
12 Trekker (bedient inschakelaar turbine → Materiaal wordt getransporteerd)
13 Reservoir (TempCup)
14 Roerder
15 Stijgbuis
16 Reservoirafdichting
17 Ventiel
POS. BENAMING
18 Ventilatieslang
19 Draaggreep
20 Gereedschap voor roerderwissel
21 Aan/uit-schakelaar (I = AAN, 0 = UIT)
22 Verwarmingsstation
23 Bedieningsveld
24 Pistoolopname voor parkeerpositie
25 Afdekking luchtfilter
26 Luchtfilter
27 Netsnoer
28 Luchtslangaansluiting
29 Reinigingsborstel
30 Stijgbuisfilter fijn (rood)
Stijgbuisfilter grof (wit)
31 Vultrechter (3 stuks)
32 Bevestigingsbanden luchtslang (2 stuks)
3 InStellIngen en WeergAveS oP het BedlenIngSveld (AfB. 2)
| A Toets „30°C“ Instelling voor de verwarming van het materiaal naar ca. 30°C (afhankelijk van het ge-bruikte materiaal)Standaard instelling bij het inschakelen van het apparaat | |
| B Toets „50°C“ Instelling voor de verwarming van het materiaal naar ca. 50°C (afhankelijk van het ge-bruikte materiaal) | |
| C Taste „Heat“ Start het verwarmingsproces | |
| D Taste „Clean“ Start het reinigingsproces | |
| E Controlelampje (geel) | Geeft aan, welke temperatuur is geselecteerdAls beide controlelampjes afwisselend knipperen wordt een functiecontrole uitgevoerdAls beide controlelampjes tegelijkertijd knipperen is er een storing aanwezig (informatie over soort storing en verhelpen van de storing zie hoofdstuk „Verhelpen van storingen“) |
| F Controlelampje „Spray/Clean“(groen) | Brandt als het coatingmateriaal de gewenste temperatuur bereikt heeftBrandt tijdens het reinigingsproces |
| G Controlelampje „Heating“(rood) | Brandt als het coatingmateriaal verwarmd wordt |

Houd een willekeurige toets ca. 3 seconden ingedrukt, om het verwarmingsproces of de reiniging af te breken
4 HET WAGNER CLICK&PAINT-SYSTEEM
Met het Wagner Click&Paint-systeem kan het voorste deel van het pistool (spuitopzet) snel en eenvoudig vervangen worden. Dit zorgt voor een snelle materiaalwissel zonder reiniging en biedt voor ieder materiaal en iedere toepassing het juiste werktuig.
De volgende spuitopzetten zijn verkrijgbaar:
| Spuitopzet Toepassingsgebied | |
| TempSpray (rood)Bestelnr. 2321 878 | Spuitopzet met gleufmondstuk en verwarmd reservoir (600 ml).De verwarming maakt ook het verwerken van hoogviscose materialen mogelijk. |
| FineSpray (bruin)Bestelnr. 2321 877 | Spuitopzet met rond mondstuk en 1000 ml RVS-reservoir. Perfect geschikt voor laagviscose lakken en lazuurverven. |
| WallSpray (wit)Bestelnr. 2321 880 | Dispersiespuitopzet met gleufmondstuk en 1400 ml kunststof reservoir. Afgestemd op de verwerking van dispersies. |
4.1 DELEN VAN DE SPUITPISTOOL
Plaats voor de montage de spuitopzet zo in de pistoolgreep, dat de beide pijlpunten op elkaar liggen. Draai de pistoolgreep in pijlrichting met 90° tot deze hoorbaar arrêteert. (afb. 3)
Voor het verwijderen van de spuitopzet: druk de sluiting (afb. 3, A) onder de handbeugel naar beneden en draai de spuitopzet met 90°.
| Spanning: 230 V~, 50 Hz | |
| Opgenomen vermogen: 1900 W | |
| Verstuivingsvermogen: | 300 W |
| Reservoirinhoud: | 600 ml |
| Luchtslang: | 5 m |
| Netsnoer: | 4 m |
| Isolatieklasse: | 1 |
| Geluidsdrukniveau:*Onzekerheid K: | 84 dB (A)4 dB (A) |
| Geluidsdrukvermogen:*Onzekerheid K: | 97 dB (A)4 dB (A) |
| Trillingsniveaus:Onzekerheid K: | <2,5 m/s ^2 1,5 m/s ^2 |
| Gewicht (motorventilator, lucht-slang en spuitpistool): | 9 kg |
* De geluidsemissiewaarde werd volgens EN 50144-2-7:2000 vastgesteld.
XVLP (Extra Volume Low Pressure) is een lage druk-sputtechniek, die met een groot luchtvolume en lage luchtdruk werkt. Het voordeel van deze spuittechniek ligt in de geringe verfnevelvorming. Daardoor worden de afdekkingswerkzaamheden tot een minimum gereduceerd.
Ten opzichte van het conventionele verfspuiten wordt een hoog rendement en een optimale oppervlaktekwaliteit bereikt terwijl het milieu tegelijkertijd wordt ontzien.
Beschrijving van de werking
Het verfspuitsysteem bestaat uit een motorventilator, die verstuiverlucht via een luchtslang naar een spuitpistool transporteert.
In het spuitpistool wordt een deel van de verstuiverlucht gebruikt om het verfreservoir onder druk te zetten. Door deze druk wordt de coatingstof via de stijgbuis naar de spuitkop getransporteerd en daar met de resterende verstuiverlucht verstoven.
Alle voor de werkzaamheden noodzakelijke instellingen (bijv. materiaalhoeveelheid) kunnen eenvoudig direct op het pistool aangebracht worden.
Met het in het basistoestel ingebouwde verwarmingsstation kan het coatingmateriaal in de meegeleverde TempSpray spuitopzet verwarmd worden.
7 MATERIAAL
7.1 VERWERKBARE MATERIALEN
Oplosmiddelhoudende en met water verdunbare lakken en verven
Beitsen, lazuurverven, impregneringen, oliën, transparante lakken, kunstharslakken, gekleurde lakken, alkydharslakken, primers, radiatorlakken, hamerslaglakken, roestwerende verven, effectlakken, structuurlakken
7.2 NIET-VERWERKBARE MATERIALEN
Materialen die sterk schurende bestanddelen bevatten, façadeverf, logen en zuurhoudende coatingmaterialen.
Brandbare coatingmaterialen.
7.3 COATINGMATERIALLEN DIE ALLEEN MET 'OVEREENKOMSTIGE SPUITOPZET (TOEBEHOREN) VERWERKT KUNNEN WORDEN
Binnenwandverf (dispersies en latexverf)
7.4 VOORBEREIDING VAN HET MATERIAAL

Raadpleeg de verwerkingsinstructies van de fabrikant op de verpakking of de gebruiksaanwijzing van het materiaal (in het bijzonder gegevens over vlampunt en maximaal toegestane verwarming)!

Indien nodig kunt u de FinishControl 6500 TS voor het oproeren van het coatingmateriaal gebruiken. Plaats hiervoor een gesloten TempSpray spuitopzet op het verwarmingsstation en druk de toets „Clean“ in.
Reinheid van het materiaal:
Voor een storingsvrije werking van het fijne sproeisysteem is de reinheid van het materiaal doorslaggevend. Bestaan er met betrekking tot de zuiverheid van het materiaal twijfels, is het raadzaam het materiaal door een fijne zeef te filteren.
Verwerking van het coatingmateriaal met de spuitopzet TempSpray (rood)
| Materiaal Verwerking | g Opmerkingen | |
| Oplosmiddelhou-dende lakken en verven | Instructies van de fabrikant volgen | |
| Met water verdunba-re lakken en verven | Instructies van de fabrikant volgen | |
| Beitsen, lazuurver-ven, impregnerin-gen, oliën | onverdund Spuitopzet Fine-Spray (bruin) aan-bevolen | |
| Transparante lakken,kunstharslakken,gekleurde lakken,alkydharslakken | Instructies van de fabrikant volgen | |
| Primers, radiatorlak-ken, hamerslaglak-ken | Instructies van de fabrikant volgen | |
| Roestwerende ver-ven, effectlakken | Instructies van de fabrikant volgen | |
| Multicolorverven,structuurlakken | Instructies van de fabrikant volgen | Spuitopzet Wall-Spray (wit) aanbe-volen |
8 INSTELLING VAN DE VERFSPUITPISTOOL
8.1 INSTELLING VAN HET GEWENSTE SPUITPATROON

Attentie: Nooit tijdens het instellen van de luchtkap de trekker overhalen.
Door het draaien van de zwarte instelring (afb. 4, 1), kan het richten van de spuitstraal bepaald worden.
A horizontale vlakke straal
→ voor het verticaal opbrengen van verf
→ voor het horizontaal opbrengen van verf
Aanvullend kan met de instelhendel (afb. 5, 1) tussen een brede ▶en een compacte (→spuitstraal omgeschakeld worden.
8.2 INSTELLEN VAN DE MATERIAALHOEVEELHEID (AFB. 6)
De materiaalhoeveelheid kan door het draaien van de materiaalhoeveelheidsregelaar (afb. 6, 1) stapsgewijs van 1 (minimum) tot 12 (maximum) ingesteld worden.
8.3 INSTELLEN VAN DE LUCHTHOEVEELHEID (AFB. 7)
Draai de luchthoeveelheidsregeling (afb, 7, 1) rechtsom, om de luchthoeveelheid te verhogen of linksom, om de luchthoeveelheid te verlagen (pijl op pistoollichaam in acht nemen).

De correcte instelling van lucht- en materiaalhoeveelheid is beslissend voor verstuiving en verfnevelvorming.
8.4 POSITIONEER DE STIJGBUIS
Bij een juiste stand van de stijgbuis kan de inhoud van het reservoir nagenoeg zonder restant worden verspoten.
Bij spuitwerkzaamheden op liggende voorwerpen:
Stijgbuis naar voren draaien. (Afb. 8 A)
Bij spuitwerkzaamheden boven het hoofd:
stijgbuis naar achteren draaien. (Afb. 8 B)
9 INBEDRIJFSTELLING
Op het elektrisch net aan te sluiten na of de netspanning met de aangegeven bedrijfsspanning op het ken-plaatje overeenstemt.
Gebruik voor de aansluiting een reglementair geaard veiligheidsstopcontact.
- Zijdelingse klemmen samendrukken en luchtslang op het basisapparaat insteken. (Afb. 9)
Draai het reservoir los van de spuitopzet.2.
Voorbereid coatingmateriaal vullen.3.

text_image
i Maximaal 600 ml in het reservoir vullen. 600ml- Afhankelijk van het gebruikte coatingmateriaal het overeenkomstige filter op de stijgbuis aanbrengen (afb. 10, 1)
dunvloeibare coatingmaterialen → Filter fijn (rood)
dikvloeibare coatingmaterialen → Filter grof (wit)

text_image
PAS OP! Ga na of de roerder in het re- servoir gemonteerd is. Zonder roerder brandt het coatingmateriaal bij het ver- warmingsproces in het reservoir.-
Draai het reservoir stevig aan de spuitopzet vast.
-
Netsnoer insteken.
-
Bedien de hoofdschakelaar van het apparaat.

text_image
Het coatingmateriaal kan op het verwarmings- station alleen met de TempSpray spuitopzet verwarmd worden. Indien het coatingmateriaal niet verwarmd moet worden of geen TempSpray spuitopzet gebruikt wordt, punt 8-12 overslaan.
text_image
Pas op, letselgevaar door de roerder! Ver- warmingsproces en reiniging alleen met gesloten reservoir uitvoeren.- Spuitopzet (zonder gemonteerde pistoolgreep) op verwarmingsstation plaatsen.

text_image
De beide gele controlelampjes knipperen af- wisselend als een functiecontrole uitgevoerd wordt. Als een fout wordt vastgesteld knipperen bei- de controlelampjes tegelijkertijd (mogelijke oorzaken zie „Verhelpen van storingen“). Als alles in orde is brandt de vooraf ingestelde temperatuur van 30°C.- Indien nodig de toets "50°C" indrukken, om de doeltemperatuur aan te passen.
- Toets "Heat" indrukken, om het verwarmingsproces te starten.
Het rode controlelampje "Heating" begint te branden en de roerder in het reservoir draait. - Zodra de ingestelde temperatuur bereikt is, brandt het groene controlelampje "Spray/Clean".
- Spuitopzet van het verwarmingsstation nemen.
- Spuitopzet en pistoolgreep met elkaar verbinden.
(Afb. 3)
Het apparaat is nu bedrijfsklaar.
10 SPUITTECHNIEK

text_image
De FinishControl heeft een handbeugel met 2 drukpunten. Eerst wordt de turbine gestart. Wanneer de trekker verder wordt ingedrukt, wordt materiaal getransporteerd.Trekker aan het verfspuitpistool overhalen.
Voer op een stuk karton een spuittest uit, om spuitbeeld, spuitstraalbreedte, materiaal- en luchthoeveelheid correct in te stellen.
Hou het spuitpistool verticaal en op gelijke afstand van ca. 3 - 20 cm van het te spuiten object. (Afb. 11)
Beweeg het spuitpistool met gelijkmatige bewegingen ofwel in dwarse richting ofwel op en neer. Een gelijkmatige geleiding van het pistool zorgt voor een uniform op-pervlak.
Met spuiten beginnen buiten het te verver object en onderbrekingen binnen het object vermijden.
Bij een te grote verfnevelvorming moeten de hoeveelheid lucht en materiaal alsook de afstand tot het object geoptimaliseerd worden.
- Apparaat met hoofdschakelaar op het basisapparaat uitschakelen.
- Spuitopzet met gemonteerde handgreep op verwarmingsstation plaatsen.
| i | Het coatingmateriaal koelt in 30 minuten met ca. 5°C af (afhankelijk van de omgevingstemperatuur). Bij langere onderbrekingen het coatingmateriaal bij werkbegin daarom weer verwarmen. |

Bij gebruik van sneldrogend of tweecomponentenbedekkingsmateriaal moet het apparaat binnen de verwerkingstijd met een geschikt reinigingsmiddel worden doorgespoeld, omdat het apparaat anders alleen nog met zeer veel moeite kan worden gereinigd of zelfs wordt beschadigd.
Belangrijk: Door de verwarming kan de perstijd van het materiaal veranderen. Overleg daarom met de materiaalfabrikant.
12 TRANSPORT
Netsnoer om het basisapparaat wikkelen.1.
-
Spuitopzet met gemonteerde handgreep op verwarmingsstation plaatsen.
-
Luchtslang door indrukken van de beide zijdelingse klemmen (afb. 9) uitsteken.
- Luchtslang oprollen en met de bevestigingsbanden samenbinden.
13 BUITEN BEDRIJF STELLEN EN REINIGEN

BELANGRIJK! Reservoir altijd direct na het einde van het werk reinigen, omdat opgedroogde materiaalresten anders aan de roerder kunnen vastplakken.
Door een geblokkeerde roerder kan het reservoir beschadigd worden.
Schakel het apparaat uit.1.
- Demonteer het pistool. Sluiting (afb. 3, A) iets naar beneden drukken. Spuitopzet en pistoolgreep tegen elkaar verdraaien.

LET OP! Elektrische contacten in de pistoolgreep. Dompel de pistoolgreep nooit in water of een andere vloeistof. Behuizing uitsluitend met een doordrenkte doek reinigen.
Draai het reservoir los. 3.
Resterende materiaal in het reservoir in oorspronkelijke reservoir ledigen.
- Vul het reservoir met oplosmiddel resp. water. Draai het reservoir weer vast.
Gebruik voor het schoonmaken geen brandbare materialen.

Pas op, letselgevaar door de roerder! Verwarmingsproces en reiniging alleen met gesloten reservoir uitvoeren.
- Spuitopzet (zonder gemonteerde pistoolgreep) op verwarmingsstation plaatsen.

PAS OP! Explosiegevaar! Nooit de verwarmingsfunctie starten (toets „HEAT“), als een met oplosmiddel gevuld reservoir op het verwarmingsstation staat.
- Toets "Clean" indrukken, om het reinigingsproces te starten (duur 90 seconden).
- Spuitopzet van het verwarmingsstation nemen.
- Spuitopzet en pistoolgreep met elkaar verbinden. (Afb. 3)
- Spuit het oplosmiddel resp. het water in een reservoir of op een doek. Indien nodig water resp. oplosmiddel verversen en reinigingsproces herhalen.
- Toestel op de hoofdschakelaar uitschakelen en stekker eruit trekken.
- Demonteer het pistool.
- Draai het reservoir los en maak het leeg.
- Stijgbuis met reservoirafdichting uitdraaien. (Afb. 12)
- Reinig de ontluchtingsboring (Afb. 10, 2)
- Stijgbuis en aanzuigaansluitstuk in de spuitopzet met reinigingsborstel reinigen. (Afb. 13)
- Roerder met verwijdergereedschap grijpen.
- Verwijdergereedschap licht samendrukken en roerder uit reservoir verwijderen. (Afb.14)
- Roerder vooral in de tussenruimtes grondig reinigen.

BELANGRIJK! Reservoir niet met puntige voorwerpen of voorwerpen met scherpe randen reinigen. Speciale coating van het reservoir wordt beschadigd.
- Binnenkant van het reservoir en roerderopname met doek of borstel grondig reinigen.

PAS OP! Elektrische contacten in het reservoir. Reservoir nooit onder water houden of in vloeistof dompelen. Alleen met doordrenkte doek reinigen.
- Maak de buitenzijde van spuitpistool en reservoir schoon met een in oplosmiddel resp. water gedrenkte doek.

Onderkant van het reservoir grondig afvegen, omdat materiaalresten de werking van het toestel kunnen verstoren.
Belangrijk: De contactpennen aan de onderkant van het reservoir moeten vrij beweegbaar zijn.

BELANGRIJK! Afdichtring in het reservoir is slechts beperkt oplosmiddelbestendig. Reservoir niet langere tijd met oplosmiddel gevuld opslaan.
- Instelring (afb. 16,1) voorzichtig van de wartelmoer (2) trekken. Wartelmoer (2) afschroeven, luchtkap (3), mondstuk (4) en mondstukafdichting (5) wegnemen. Alle onderdelen grondig reinigen.

LET OP! Reinig nooit afdichtingen, membraan en spuit- of luchtopeningen van het spuitpistool met spitse metalen voorwerpen.
Luchttoevoerslang en membraan zijn slechts beperkt oplosmiddelbestendig. Niet in oplosmiddel leggen, maar alleen afvegen.

Tussenruimtes op de naald bijzonder zorgvuldig reinigen (afb. 17)
Indien nodig afdekking van het verwarmingsstation door 22. het losdraaien van beide schroeven verwijderen. (Afb. 15)
- Afdekking en verwarmingsstation grondig afvegen, om verfresten te verwijderen.
Bedieningsveld indien nodig met vochtige doek afvegen.24. Zet alle delen weer in elkaar (zie "Montage").25.
13.1 MONTAGE
- Afdekking op verwarmingsstation plaatsen en vastschroeven. Bij niet-gemonteerde afdekking zijn de verwarmings- en reinigingsfuncties niet beschikbaar.

BELANGRIJK! Volg de hieronder beschreven stappen voor de montage precies op. Anders kan de spuitopzet beschadigd worden.
-
Mondstukafdichting zo op de naald schuiven, dat de groef (gleuf) van de spuitopzet weg wijst. (Afb. 18)
-
Mondstuk met uitsparing naar beneden op naald plaatsen. Pas op: Stand van de naald moet met de mondstukopening overeenkomen. (Afb. 19)
-
Luchtkap op mondstuk plaatsen (uitsparingen in de luchtkap in acht nemen). (Afb. 20)
-
Wartelmoer aanschroeven. (Afb. 21)
-
Instelring in de wartelmoer vergrendelen. (Afb. 22) Erop letten, dat de beide uitsparingen op de instelring in de hoorns van de luchtkap grijpen en de hendel voor de instelling van de spuitstraalbreedte op de pen zit.
-
Steek de reservoirafdichting van onder af op de stijgbuis en schuif deze door tot over de kraag.
Draai de reservoirafdichting daarbij licht heen en weer.
- Stijgbuis met reservoirafdichting in pistoollichaam draaien.
Pas op: stijgbuis goed indraaien, omdat anders tijdens het bedrijf de roerder geblokkeerd of beschadigd kan worden.
- Roerder met verwijdergereedschap weer in reservoir plaatsen en door licht indrukken arrêteren.

Om het pistool gemakkelijker te kunnen monteren, kunt u na het reinigen een ruime hoeveelheid smeervet (bijgeleverd) aanbrengen op de O-ring van de spuitopzet en de O-ring van de steekverbinding van de luchtslang (Afb. 23)
14 ONDERHOUD
14.1 LUCHTFILTER

Pas op! Apparaat nooit met vervuild of ontbrekend luchtfilter gebruiken, er zou vuil aangezogen kunnen worden en het bedrijf van het apparaat beïnvloeden. Luchtfilter altijd voor aanvang van het werk controleren.
- Verwijder de netstekker.
- Op het deksel van het luchtfiltercompartiment (Afb. 24).
- Afhankelijk van de vervuiling luchtfilter (afb. 24, 1) reinigen (uitblazen) of vervangen.
14.2 ONTLUCHTINGSKLEP

Indien verf in de luchttoevoerslang ingedrongen is, gaat u als volgt te werk:
- Trek de ventilatieslang (Afb. 25, 1) boven van het pistoollichaam af. Draai het ventieldeksel (2) los. Verwijder het membraan (3). Reinig alle delen zorgvuldig.

LET OP! Luchttoevoerslang en membraan zijn slechts beperkt oplosmiddelbestendig. Niet in oplosmiddel leggen, maar alleen afvegen.
- Membraan met pen vooruit in het klepdeksel zetten (zie daarvoor ook de markering op het pistoollichaam.).
- Pistoollichaam ondersteboven zetten en klepdeksel van onder aanschroeven.
- Steek de ventilatieslang op het ventieldeksel en op de nippel op het pistoollichaam.
15 verhelPen vAn StorIngen
| STORING OORZAAK OPLOSSING | ||
| Apparaat loopt niet aan Geen nets | spanning aanwezigHet apparaat is oververhitSchuiven beschadigd/ defect | •Controleren•Verwijder de netstekker, laat het apparaat ca. 30 minuten afkoelen, slang niet knikken, luchtfilter controlleren, aanzuigsleuven niet afdekken•Neem contact op met de Wagner-Service |
| Verwarmingsproces/ reiniging start niet (de beide gele controlelampjes knipperen tegelijkertijd) | •Verkeerde spuitopzet gebruiktSpuitopzet zit niet correct op het verwarmingsstation•Verwarmingsstation of contacten op het reservoir vervuildAfdekking verwarmingsstation niet gemonteerd•Temperatuurzekering in het reservoir is losgesprongen•Contacten in reservoir of verwarmingsstation defect | •Spuitopzet TempSpray gebruiken•Spuitopzet correct plaatsen•Reinigen•Afdekking monteren•Reservoir ca. 5 minuten laten afkoelen•Neem contact op met de Wagner-Service |
| Er komt geen materiaal uit de spuitkop | •Spuitkop verstopt•Te geringe materiaalhoeveelheid ingesteld•Reservoirdichting beschadigd•Geen drukopbouw in het reservoir•Reservoir leeg•Luchttoevoerslang los/beschadigd•Stijgbuis los•Stijgbuis / stijgbuisfilter verstopt•Ontluchtingsboring verstopt•Membraan vastgeplakt | •Reinigen•Hoeveelheid verhogen•Vervangen•Reservoir vastdraaien•Bijvullen•Insteken of vervangen•Insteken•Reinigen resp. ander filter gebruiken•Reinigen•Demonteren en reinigen (zie paragraaf 14.2) |
| Materiaal druppelt na uit de spuitkop | •Luchtkap, mondstuk of naald vervuild•Spuitopzet verkeerd gemonteerd•Spuitkop los•Spuitkopafdichting versleten•Spuitkop versleten•Naald versleten | •Reinigen•Correct monteren (zie paragraaf 13.1)•Wartel vastdraaien•Vervangen•Vervangen•Nieuwe spuitopzet gebruiken |
| Te grove verstuiving Materiaalhoeveelheid te hoog•Spuitkop vuil•Materiaal te dikvloeibaar•Te lage drukopbouw in het reservoir•Luchtfilter sterk vervuild•Te geringe luchthoeveelheid•Luchtslang beschadigd | •Hoeveelheid verlagen•Reinigen•Verder verdunnen•Reservoir vastdraaien•Vervangen (zie paragraaf 14.1)•Hoeveelheid verhogen•Controleren en indien nodig vervangen | |
| Spuitstraal pulseert Materiaal in het reservoir is bijna vop•Spuitkopafdichting versleten•Luchtfilter sterk vervuild•Stijgbuis los•Stijgbuis / stijgbuisfilter verstopt | •Bijvullen•Vervangen•Vervangen (zie paragraaf 14.1)•Insteken•Reinigen resp. ander filter gebruiken | |
| Materiaal vormt tot uitlopers Teveel material opgebracht•Te geringe afstand•Verkeerde spuitopzet | •Hoeveelheid verlagen•Afstand vergroten•Andere spuitopzet gebruiken | |
| Teveel materiaalnevel (Overspray) | • Afstand tot het spuitobject te groot• Materiaalhoeveelheid te hoog• Te grote luchthoeveelheid• Coatingmateriaal te sterk verdund• Verkeerde spuitopzet | • Spuitafstand verkleinen• Hoeveelheid verlagen• Hoeveelheid verlagen• Verdunningsgraad verlagen• Andere spuitopzet gebruiken |
| Slecht spuitbeeld Materiaal door | te sterke verwarming onherstelbaar beschadigd• Reservoir was voor het verwarmen al te sterk verwarmd. Het verwarmingsproces werd daardoor niet correct uitgevoerd | • Temperatuurinstelling verlagen (gegevensblad van de fabrikant in acht nemen)• Reservoir kort laten afkoelen en materiaal dan opnieuw verwarmen |
| Verf in de ventilatieslang Membraan vuil• Membraan defect | • Membraan reinigen (zie paragraaf 14.2)• Membraan vervangen (zie paragraaf 14.2) | |
| Spuitbeeld verslechtert tijdens het werk | • Mondstuk / luchtkap vervuild• Coatingmateriaal is te sterk afgekoeld | • Luchtkap van mondstuk verwijderen en beide onderdelen reinigen (vooral het boorgat in het midden van de luchtkap)• Coatingmateriaal weer verwarmen |
16 AcceSSolreS en reServeonderdelen
16.1 AcceSSolreS
POS. BESTELNR. BENAMING
1 2321 879 StandardSpray spuitopzet (geel) (incl. reservoir 1000 ml)
Verwerkt alle gebruikelijke lakken.
2 2321 877 FineSpray spuitopzet (bruin) (incl. reservoir 1000 ml)
Perfect geschikt voor laagviscose lakken en lazuurverven.
3 2321 880 WallSpray spuitopzet (wit) (incl. reservoir 1400 ml)
Afgestemd op de verwerking van dispersies.
4 2324 749 Reservoir (1400 ml) met deksel
5 2322 451 Reservoir (1000 ml) met deksel
16.2 reServeonderdelen fInlShcontrol 6500 tS (AfB. 26)
POS. BESTELNR. BENAMING
1 2312 650 Deksel luchtfiltercompartiment
2 2322 446 Luchtfilter (3 stuks)
3 2314 573 Pistoolgreep met luchtslang
4 0420 316 O-ring luchtslang
5 2307 902 Gereedschap voor roerderwissel
6 2322 477 Afdekking van de verwarmingsplaat (incl. bevestigingsschroeven)
7 0514 209 Reinigingsborstel
8 2324 745 Vultrechter (3 stuks)
9 2324 751 Bevestigingsband luchtslang
16.3 reServeonderdelen SPultoPzet teMPSPrAy (rood) (AfB. 27)
| POS. BESTELNR. BENAMING | ||
| 1 | 2321 878 TempSpray spuitopzet (rood) (incl. reservoir 600 ml) | |
| 2 | 2316 083 Instelhendel spuitstraalbreedte (vormlucht) | |
| 3 | 2314 591 Instelring spuitstraal | |
| 4 | 2317 807 | Luchtkap |
| 5 | 2314 585 | Luchtklep |
| 6 | 2317 423 | Spuitkop (S 4.1) |
| 7 | 2323 934 | Spuitkopafdichting |
| 8 | 2304 027 | Ventilatieslang, ventieldeksel, membraan |
| 9 | 0417 308 | O-ring spuitopzet |
| 10 | 2324 250 | Pistoollichaam (incl. positie 7-9) |
| 11 | 2319 223 | Reservoirafdichting |
| 12 | 2319 221 | Stijgbuis |
| 13 | 2324 248 | Stijgbuisfilter fijn (rood, 5 stuks) |
| 2324 249 | Stijgbuisfilter grof (wit, 5 stuks) | |
| 14 | 2308 678 | Roerder |
| 15 | 2322 475 | Reservoir (600 ml) met deksel |
| 2315 539 | Smeervet | |
INSPECTIE VAN HET APPARAAT
Om veiligheidsredenen raden wij u aan het apparaat indien nodig, echter minimaal één keer per 12 maanden, door een deskundige te laten controleren op een veilige werking.
Bij stilgelegde apparaten kan de controle tot aan de volgende keer in gebruik nemen worden verschoven.
Bovendien moeten ook alle (eventueel afwijkende) nationale controle- en onderhoudsvoorschriften in acht worden genomen.
Bij vragen neemt u a.u.b. contact op met de klantenservice van de firma Wagner.
BELANGRIJKE AANWIJZING M.B.T.
PRODUCTAANSPRAKELIJKHEID
Op basis van een sinds 01.01.1990 geldende EU-verordening is de fabrikant uitsluitend aansprakelijk voor zijn product, wanneer alle onderdelen van hem afkomstig zijn of door hem zijn vrijgegeven, resp. wanneer apparatuur correct is gemonteerd en wordt toegepast.
Bij gebruik van niet-originele accessoires en reserveonderde- len kan de aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk vervallen; in extreme gevallen kan door een bevoegde instantie (ar- beidsinspectie) het gebruik van het complete apparaat wor- den verboden.
Met originele WAGNER accessoires en reserveonderdelen heeft u de zekerheid dat aan alle veiligheidsvoorschriften is voldaan.
AANWIJZING VOOR AFVOER
Conform de Europese Richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en de omzetting daarvan in nationaal recht, mag dit product niet met het huisvuil worden afgevoerd, maar moet het voor milieuhygiënisch verantwoord hergebruik worden afgevoerd!

Uw oude WAGNER apparaat wordt door ons of onze handelsvertegenwoordigingen teruggenomen en voor u milieuhygienisch verantwoord afgevoerd. Neem in dat geval contact op met een van onze servicesteunpunten of handelsvertegenwoordigingen of rechtstreeks met ons.
GARANTIEVERKLARING
(Stand 01-02-2009)
1. Omvang van de garantie
Alle Wagner Professional-verfaanbrengingapparaten (hierna aangeduid als 'producten') worden zorgvuldig gecontroleerd, getest en onderworpen aan de strenge controles van de Wagner kwaliteitsborging. Wagner geeft daarom uitsluitend aan de commerciële of professionele gebruiker, die het product in de geautoriseerde speciaalzaak heeft gekocht (hierna aangeduid als 'klant'), een uitgebreidere garantie voor de op internet op www.wagner-group.com/profi-guarantee vermelde producten.
De garantieclaims van de koper uit het koopcontract met de verkoper alsmede wettelijke rechten worden niet beperkt door deze garantie.
Wij geven garantie zo, dat na onze beslissing het product of afzonderlijke onderdelen hiervan vervangen of gerepareerd worden of het apparaat tegen restitutie van de aankoopprijs wordt teruggenomen. De kosten voor materiaal en werktijd worden door ons overgenomen. Vervangen producten of onderdelen worden eigendom van Wagner.
2. Garantietijd en registrering
De garantietijd bedraagt 36 maanden, bij industrieel gebruik of identieke belasting en in het bijzonder ploegenbedrijf of bij verhuur 12 maanden.
Voor op benzine en lucht aangedreven aandrijvingen geven wij eveneens 12 maanden garantie.
De garantietijd begint met de dag van levering door de geautoriseerde speciaalzaak. Beslissend is de datum op het originele aankoopbewijs.
Voor alle vanaf 01-02-2009 bij de geautoriseerde speciaalzaak gekochte producten wordt de garantietijd met 24 maanden verlengd, als de koper deze apparaten binnen 4 weken na de dag van levering door de geautoriseerde speciaalzaak in overeenstemming met de volgende bepalingen registreert.
De registratie gebeurt op internet op www.wagner-group.com/profi-guarantee.
Als bevestiging geldt het garantiecertificaat en het originele aankoopbewijs, waarop de datum van aankoop staat. Een registratie is alleen mogelijk, als de koper toestemming verleent voor het opslaan van de gegevens die hij daar moet invoeren.
Door garantievergoedingen wordt de garantieperiode voor het product noch verlengd noch vernieuwd.
Na afloop van de betreffende garantieperiode kunnen claims tegen en vanuit de garantie niet meer geldend gemaakt worden.
3. Afhandeling
Als in de garantieperiode fouten in materiaal, verwerking of prestaties van het apparaat tevoorschijn komen, dan moeten garantieclaims onmiddellijk, uiterlijk echter binnen 2 weken geldend gemaakt worden.
Voor de inontvangstneming van garantieclaims is de geautoriseerde speciaalzaak, die het apparaat heeft geleverd, bevoegd. De garantieclaims kunnen echter ook bij onze in de bedieningshandleiding genoemde servicepunten geldend worden gemaakt. Het product moet samen met het originele aankoopbewijs, waarop de datum van aankoop en de productaanduiding moet staan, gratis opgestuurd of getoond worden. Voor de gebruikmaking van de garantieverlenging moet bovendien het garantiecertificaat worden bijgesloten. De kosten en het risico van verlies of beschadiging van het product op weg naar of van de instantie, die de garantieclaims in ontvangst neem of het gerepareerde product weer levert, draagt de klant.
4. Uitsluiting van garantie
Garantieclaims kunnen niet behandeld worden
-voor onderdelen, die onderworpen zijn aan gebruiksgebonden of andere, natuurlijke slijtage, alsmede gebreken aan het product, die terug te leiden zijn naar een gebruiksgebonden of andere, natuurlijke slijtage. Hiertoe behoren vooral kabels, kleppen, pakkingen, mondstukken, cilinders, zuigers, medium vervoerende behuizingsdelen, filters, slangen, dichtingen, rotoren, statoren etc.. Schade door slijtage wordt vooral veroorzaakt door schurende coatingmaterialen, zoals bijvoorbeeld dispersie, pleister, plamuur, lijm, glazuur, kwarts.
-bij fouten aan apparaten, die terug te leiden zijn naar niet-inachtneming van bedieningsinstructies, ongeschikt of verkeerd gebruik, verkeerde montage, resp. inbedrijfstelling door de koper of derden, niet-reglementair gebruik, anomale milieuomstandigheden, ongeschikte coatingmaterialen, chemische, elektrochemische of elektrische invloeden, ongeschikte bedrijfsomstandigheden, gebruik met verkeerde netspanning/- frequentie, overbelasting of gebrekkig(e) onderhoud, verzorging resp. reiniging.
-bij fouten aan het apparaat, die door gebruik van accessoire-, aanvullings-, of reserveonderdelen werden veroorzaakt, die geen originele Wagner-onderdelen zijn.
-bij producten, waarop veranderingen of aanvullingen werden aangebracht.
-bij producten met verwijderd of onleesbaar gemaakt serienummer
-bij producten, waarop door niet-geautoriseerde personen reparatiepogingen werden uitgevoerd.
-bij producten met geringe afwijkingen van de oorspronkelijke hoedanigheid, die voor waarde en gebruiksgeschiktheid van het apparaat onbelangrijk zijn.
-bij producten, die gedeeltelijk of compleet uit elkaar zijn gehaald.
5. Aanvullende regelingen
Bovenstaande garanties gelden uitsluitend voor producten die in de EU, het GOS of Australië door de geautoriseerde speciaalzaak gekocht en in het land van aankoop gebruikt worden.
Blijkt uit de controle, dat er geen garantiegeval aanwezig is, dan zijn de kosten van de reparatie voor de koper.
Deze bepalingen regelen alleen de rechtsverhouding naar ons toe. Verdergaande claims, vooral voor schade en verlies van welk soort dan ook, die door het product of het gebruik ervan ontstaan, zijn behalve in het toepassingsbereik uitgesloten van de productaansprakelijkheidswet.
Garantieclaims tegen de speciaalzaak blijven onaangetast. Deze garantie valt onder de Duitse wet. De contracttaal is Duits. Als de betekenis van de Duitse en een buitenlandse tekst van deze garantie van elkaar afwijken, heeft de betekenis van de Duitse tekst voorrang.
J. Wagner GmbH
Bondsrepubliek Duitsland
Alle wijzigingen voorbehouden
Gebruikte nationale technische normen en specificaties, in het bijzondere:


Markdorf, 06.12.2011
Documentatieverantwoordelijke





