DCMWSP564 - Elektrische grasmaaier DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DCMWSP564 DEWALT in PDF-formaat.
| Producttype | Draadloze elektrische grasmaaier |
| Merk | DeWalt |
| Model | DCMWSP564 |
| Voeding | 2 lithium-ion accu's 18 V (DCB181, DCB182, DCB183, DCB184, DCB185, DCB187, DCB189, DCB546, DCB547, DCB548) |
| Onbelast toerental | 2500 /min |
| Maximaal toerental | 2800 /min |
| Maaimeslengte | 53 cm |
| Gewicht (zonder accu) | 26 kg |
| Maaihoogte | Verstelbaar met hendels voor en achter (meerdere standen) |
| Maaimodi | Achteropvang, zijuitworp, mulching |
| Aandrijfsysteem | Zelfrijdend met variabele snelheid (instelwiel) |
| Veiligheid | Afneembare veiligheidssleutel, motorstop in 3 seconden, automatische mesrem |
| Opvangbak | Inbegrepen, met handgreep |
| Zijuitworp | Zijuitwerpafvoer inbegrepen |
| Handgreep | Inklapbaar voor opbergen, in hoogte verstelbaar |
| Geluidsniveau (druk) | 76 dB(A) |
| Geluidsniveau (vermogen) | 87 dB(A) |
| Trilling (hand/arm) | 2,5 m/s² |
| Onderhoud | Deck reinigen, maaimes slijpen en balanceren, geen smering nodig |
| Vervangmes | Ref. DWO1DT233 |
| Garantie | Zie DEWALT voorwaarden |
Veelgestelde vragen - DCMWSP564 DEWALT
Gebruikersvragen over DCMWSP564 DEWALT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DCMWSP564 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DCMWSP564 van het merk DEWALT.
GEBRUIKSAANWIJZING DCMWSP564 DEWALT
Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 80
Hartelijk gefeliciteerd!
U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap. Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een van de betrouwbaarste partners voor gebruikers van professioneel gereedschap.
Technische gegevens
| DCMWSP564 | ||
| Spanning V | DC | 2 x 18 |
| Accutype Li-Ion | ||
| Snelheid onbelast /min 2500 | ||
| Maximale snelheid /min 2800 | ||
| Maaibladlengte cm 53 | ||
| Gewicht (zonder accu) kg 26 | ||
| Geluidswaarden en/of vibratiewaarden (triax-vectorsom) volgensEN62841-1 | ||
| L_PA (niveau emissie geluidsdruk) dB (A) | 76 | |
| L_WA (niveau geluidsvermogen) | dB (A) | 87 |
| K (onzekerheid over het gegeven geluidsniveau) | dB (A) | 0,9 |
| Waarde gewogen trilling hand/arm: | ||
| Vibratie-emissiewaarde a_h = | m/s^2 | 2,5 |
| Onzekerheid K = | m/s^2 | 1,5 |
Het vibratie- en/of lawaai-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test die wordt gegeven in EN60335 en u kunt ermee het ene gereedschap met het andere vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling.
WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie- en/of lawaai-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie- en/of lawaai-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale werkperiode.
Een inschatting van het blootstellingsniveau aan vibratie en/of lawaai moet ook worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur.
Kijk naar aanvullende veiligheidsmaatregelen voor het beschermen van de gebruiker tegen de effecten of vibratie en/of lawaai, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires goed, houd de handen warm (relevant voor vibraties), organisatie van werkpatronen.
EG-conformiteitsverklaring Machinerichtlijn

2 x 18V maaimachine DCMWSP564
DEWALT verklaren dat de producten die worden beschreven onder Technische Gegevens voldoen aan: 2006/42/EC, EN60335-1:2012 + AC:2014 + A11:2014 + A13:2017 + A1:2019 + A14:2019 + A2:2019, EN60335-2-77:2010. Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2014/30/EU en 2011/65/EU.
2000/14/EC, Grasmaaier, 50 < L ≤ 70, Annex VI DEKRA Testing and Certification GmbH, Handwerkstraße 15, 70565 Stuttgart, Duitsland Aangemelde instantie ID-nr.: 0158
Niveau van akoestisch vermogen volgens 2000/14/EG (Artikel 12, bijlage VI, 50 < L ≤ 70 cm):
L_WA (gemeten geluidsvermogen) 87 dB(A) Onzekerheid (K) = 0,9 dB(A)
L_WA (gegarandeerd geluidsvermogen) 98 dB(A)
Neem voor meer informatie contact op met DEWALT op het volgende adres, of kijk op de achterzijde van deze handleiding. Ondergetekende is verantwoordelijk voor de compilatie van het technische bestand en doet deze verklaring namens DEWALT.

Markus Rompel Vice-President Engineering, PTE-Europa DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11, 65510, Idstein, Duitsland 30.09.2021

WAARSCHUWING: Lees de instructiehandleiding om het risico op letsel te verminderen.
Definities: Veiligheidsrichtlijnen
De definities hieronder beschrijven de ernstgraad voor elk signaalwoord. Gelieve de handleiding te lezen en op deze symbolen te letten.
GFVAAR: Wijst op een dreigende gevaarlijke situatie dependien niet vermeden, zal leiden tot de dood of ernstige verwondingen.
WAARSCHUWING: Wijst op een mogelijk gevaarlijke stredie die, indien niet vermeden, zou kunnen leiden tot de dood of ernstige letsels.
| Accu's Laders/Laadtijden (Minuten) | |||||||||||
| Cat # V | IX | Ah Gewicht (kg) | DCB104 | DCB107 | DCB112 | DCB113 | DCB115 | DCB118 | DCB132 | DCB119 | |
| DCB546 | 18/54 | 6,0/2,0 | 1,05 60 | 270 | 170 | 140 | 90 | 60 | 90 | X | |
| DCB547 | 18/54 | 9,0/3,0 | 1,46 | 75* | 420 | 270 | 220 | 135* | 75* | 135* | X |
| DCB548 | 18/54 | 12,0/4,0 | 1,44 | 120 | 540 | 350 | 300 | 180 | 120 | 180 | X |
| DCB181 | 18 | 1,5 | 0,35 | 22 | 70 | 45 | 35 | 22 | 22 | 22 | 45 |
| DCB182 | 18 | 4,0 | 0,61 | 60/40** | 185 | 120 | 100 | 60 | 60/40** | 60 | 120 |
| DCB183/B | 18 | 2,0 | 0,40 | 30 | 90 | 60 | 50 | 30 | 30 | 30 | 60 |
| DCB184/B | 18 | 5,0 | 0,62 | 75/50** | 240 | 150 | 120 | 75 | 75/50** | 75 | 150 |
| DCB185 | 18 | 1,3 | 0,35 | 22 | 60 | 40 | 30 | 22 | 22 | 22 | X |
| DCB187 | 18 | 3,0 | 0,54 | 45 | 140 | 90 | 70 | 45 | 45 | 45 | 90 |
| DCB189 | 18 | 4,0 | 0,54 | 60 | 60 | 120 | |||||
VORZICHTIG: Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die, indien niet vermeden, kan leiden tot kleine of matige letsels.
OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken.

op risico van een elektrische schok.

op brandgevaar.
Instructies voor de veiligheid
WAARSCHUWING: Bij snoerloze apparaten moeten beperde elementaire voorzorgsmaatregelen, waaronder de navolgende, in acht worden genomen zodat het gevaar voor brand, elektrische schokken, persoonlijk letsel en materiële schade tot een minimum wordt beperkt.

RSCHUWING: De veiligheidsregels moeten worden volgd wanneer u de machine gebruikt. Lees voor uw veiligheid en de veiligheid van omstanders deze acties voordat u de machine gebruikt. Bewaar de acties voor later gebruik.
- Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de machine in gebruik neemt.
- In deze handleiding wordt het bedoelde gebruik beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken dan wel de uitvoering van andere handelingen dan in deze gebruikershandleiding worden aanbevolen, kan tot persoonlijk letsel leiden.
- Bewaar deze handleiding zorgvuldig zodat u deze altijd nog eens kunt raadplegen.
BEWAAR ALLE WAARSCHUWINGEN EN INSTRUCTIES ZODAT U DEZE LATER OOK KUNT RAADPLEGEN
Gebruik van de machine
Ga bij gebruik van de machine altijd voorzichtig te werk.
- Dit apparaat mag niet zonder toezicht door jonge of lichamelijk zwakke mensen worden gebruikt.
- De machine mag niet als speelgoed worden gebruikt.
- Laat kinderen of dieren niet in de buurt van de werkomgeving komen en laat ze de machine niet aanraken.
- Let extra goed op wanneer u de machine in de buurt van kinderen gebruikt.
- Gebruik de machine alleen op een droge locatie. Het apparaat mag niet nat worden.
• Dompel het apparaat niet onder in water. - Open de carrosserie niet. Binnenin bevinden zich geen onderdelen waaraan de gebruiker onderhoud kan uitvoeren.
- Gebruik het apparaat niet in een omgeving met explosiegevaar, zoals in de nabijheid van brandbare vloeistoffen, gassen of stof.
- Controleer voor gebruik altijd of de bladen, de bouten van de bladen en het maaigedeelte niet versleten of beschadigd zijn. Vervang versleten of beschadigde bladen en bouten tegelijkertijd zodat alles beter op elkaar afgestemd blijft.
- Werk nooit met de machine terwijl er mensen, en in het bijzonder kinderen of huisdieren, dicht bij u in de buurt zijn.
- Bedenk dat de gebruiker van de machine verantwoordelijk is voor eventuele ongelukken of voor gevaren waaraan andere mensen of hun eigendommen worden blootgesteld.
Vóór gebruik
- Draag altijd stevige schoenen en een lange broek wanneer u de machine gebruikt. Werk niet met de machine op blote voeten of op sandalen. Draag geen kleding die ruim zit of die loshangende koorden of riemen heeft.
- Inspecteer het gebied waar u met de machine aan het werk gaat grondig en verwijder alle voorwerpen die door de machine kunnen worden weggeslingerd.
- Controleer voor gebruik altijd of het blad, de bladmoer en het maaigedeelte niet versleten of beschadigd zijn. Vervang versleten of beschadigde componenten in sets zodat de machine in balans blijft. Vervang beschadigde of onleesbare etiketten.
Na gebruik
- Bewaar de machine na gebruik op een droge, goed geventileerde plaats, buiten het bereik van kinderen.
- Kinderen mogen geen toegang hebben tot de opslaglocatie.
- Wanneer de machine in de auto staat, moet u de machine in de kofferruimte plaatsen of goed vastzetten, zodat de machine niet kan wegschieten bij plotselinge veranderingen in snelheid of richting.
Inspectie en reparaties
- Controleer de machine vóór gebruik op beschadigingen en defecten. Controleer de machine vooral op gebroken onderdelen, schade aan de schakelaars en andere omstandigheden die de werking ervan kunnen beïnvloeden.
- Gebruik de machine niet in geval van een of meer beschadigde of defecte onderdelen.
- Laat beschadigde of defecte onderdelen repareren of vervangen door erkende reparateur.
- Probeer nooit andere onderdelen te verwijderen of vervangen dan in deze handleiding zijn vermeld.
- Zorg dat uw vingers bij aanpassingen aan de maaimachine niet klem komen te zitten tussen de bewegende bladen/delen en de vaste delen van de machine.
- Onthoud dat bij het verrichten van onderhoud de bladen kunnen bewegen, ook al is de machine uitgeschakeld.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor gazonmaaiers
- Vervoer de machine niet terwijl de stroomvoorziening is ingeschakeld.
- Houd de handgreep stevig met beide handen vast wanneer u met de gazonmaaier werkt.
- Als de gazonmaaier op enig moment moet worden gekanteld, zorg er dan voor dat tijdens het kantelen beide handen in de werkpositie blijven. Houd beide handen in de werkpositie tot de gazonmaaier weer goed op de grond staat.
- Draag nooit een hoofdtelefoon voor radio of muziek wanneer u de gazonmaaier bedient.
- Probeer nooit de wielhoogte aan te passen terwijl de motor draait of terwijl de veiligheidssleutel zich in de behuizing van de schakelaar bevindt.
- Schakel de gazonmaaier als deze vastloopt, uit door de handgreep los te laten, wacht tot het maaiblad tot stilstand is gekomen, en probeer vervolgens pas de blokkering van de uitwerpopening te verwijderen of iets van onder de maaimachine weg te halen.
- Blijf met uw handen en voeten uit de buurt van het maalgebied.
- Houd zaagbladen scherp. Draag altijd handschoenen bij het hanteren van het maaiblad van de gazonmaaier.
-
Als u de grasopvang gebruikt, moet u deze regelmatig controleren op slijtage en beschadigingen. Als de grasopvang ernstig is versleten, moet u deze voor uw eigen veiligheid vervangen.
-
Ga zeer voorzichtig te werk wanneer u de gazonmaaier achteruit laat rijden of naar u toe trekt.
- Kom niet met uw handen of voeten bij of onder de gazonmaaier. Blijf altijd uit de buurt van uitwerpopening.
- Maak het gebied waar u de gazonmaaier gaat gebruiken vrij van voorwerpen zoals stenen, stokken, draad, speelgoed, botten, enz. Deze kunnen door het blad worden weggeslingerd. Voorwerpen die door het blad worden geraakt, kunnen ernstige verwondingen toebrengen aan personen. Blijf achter de handgreep wanneer de motor draait.
- Gebruik de gazonmaaier niet op blote voeten en niet wanneer u sandalen draagt. Draag altijd stevig schoeisel.
- Trek de gazonmaaier alleen achteruit wanneer dat niet anders kan. Kijk altijd omlaag en achter u voordat en terwijl u achteruit loopt.
- Richt uitgeworpen materiaal niet op anderen. Zorg dat uitgeworpen materiaal niet tegen een muur of obstakel komt. Het materiaal kan terugkaatsen naar de gebruiker van de gazonmaaier. Schakel, wanneer u op grindoppervlakken stuit, de gazonmaaier uit door de handgreep los te laten, en laat het blad tot stilstand komen.
- Gebruik de gazonmaaier niet zonder dat de volledige grasopvang, het uitwerpschild, de achterste beschermkap en andere veiligheidsvoorzieningen op hun plaats zitten en goed functioneren. Controleer regelmatig of alle beschermkappen en veiligheidsvoorzieningen in goede staat zijn en of ze goed werken en hun bedoelde functie uitvoeren. Vervang een beschadigde beschermkap of andere veiligheidsvoorziening voordat u de gazonmaaier weer gebruikt.
- Laat een ingeschakelde gazonmaaier nooit onbeheerd achter.
- Voordat u de gazonmaaier reinigt, de grasopvangzak verwijdert, het uitwerpschild vrijmaakt, de gazonmaaier onbeheerd achterlaat of aanpassingen, reparaties of inspecties uitvoert, moet u altijd de handgreep loslaten zodat de gazonmaaier wordt uitgeschakeld en wachten tot het blad tot stilstand is gekomen.
- Gebruik de gazonmaaier alleen bij daglicht of goed kunstlicht, wanneer voorwerpen op de route van het maaiblad duidelijk zichtbaar zijn voor wie met de gazonmaaier werkt.
- Werk niet met de gazonmaaier wanneer u onder invloed bent van alcohol of drugs, of wanneer u moe bent of ziek. Blijf altijd goed opletten, kijk wat u doet en gebruik uw gezond verstand.
- Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik de gazonmaaier nooit in vochtig of nat gras en nooit wanneer het regent. Let er altijd goed op waar u uw voeten zet. Loop rustig en ren niet.
- Laat, als de gazonmaaier ernstig gaat trillen, de handgreep los, wacht tot het blad tot stilstand is gekomen en onderzoek vervolgens onmiddellijk wat de oorzaak van het trillen is. Trillen is over het algemeen een waarschuwing voor problemen zie Problemen oplossen voor advies in het geval van abnormale trilling.
- Draag altijd goede bescherming voor uw ogen en luchtwegen wanneer u met de gazonmaaier werkt.
- Gebruikt u hulpstukken die niet worden aanbevolen voor deze gazonmaaier, dan kan dat leiden tot gevaarlijke
situaties. Gebruik uitsluitend accessoires die zijn goedgekeurd door DEWALT.
- Reik nooit buiten uw macht tijdens het werken met de gazonmaaier. Zorg er altijd voor dat u stevig staat en dat u niet uw evenwicht verliest tijdens het werken met de gazonmaaier.
- Maai dwars over het vlak van een helling, nooit omhoog en omlaag. Ga zeer voorzichtig te werk wanneer u op een helling van richting verandert.
- Pas op voor gaten, geulen, hobbels, stenen of andere verborgen voorwerpen. Op oneffen terrein kunt u uitglijden en vallen. Hoog gras kan obstakels verbergen.
- Maai niet op nat gras of zeer steile hellingen. Als u niet stevig staat, kunt u uitglijden en vallen.
- Maai niet in de buurt van steile hellingen, sloten of kades. U kunt uw houvast of evenwicht verliezen.
- Laat de maaimachine afkoelen voordat u deze opbergt.
- Trek de stekker uit het stopcontact en haal de accu uit de machine. Controleer dat alle bewegende onderdelen volledig tot stilstand zijn gekomen:
- Wanneer u maar de machine onbeheerd achterlaat;
- Voordat u een blokkade verwijdert;
- Voordat u de machine controleert, reinigt of eraan werkt.
Veiligheid van anderen
- Het is niet de bedoeling dat deze machine wordt gebruikt door personen (waaronder kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of psychische vermogens, of met een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij onder toezicht van of met aanwijzingen over het gebruik van de machine door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
- Er moet toezicht worden gehouden op kinderen zodat zij niet met het gereedschap kunnen spelen.
- Nadat u een vreemd object hebt geraakt. Inspecteer de machine op beschadigingen en voer, zo nodig, reparaties uit.
Overige risico's
Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het implementeren van veiligheidsvoorzieningen kunnen sommige overige risico's niet worden vermeden. Dit zijn:
- Verwondingen die worden veroorzaakt door het aanraken van draaiende of bewegende onderdelen.
- Verwondingen die worden veroorzaakt bij het vervangen van onderdelen, bladen of accessoires.
- Verwondingen die worden veroorzaakt door langdurig gebruik van het gereedschap. Las vooral regelmatig pauzes in wanneer u gereedschap langdurig achtereen gebruikt.
• Gehoorbeschadiging. - Gezondheidsrisico's als gevolg van het inademen van stof dat door gebruik van het gereedschap wordt veroorzaakt (bijvoorbeeld tijdens het werken met hout, vooral eiken, beuken en MDF.)
- Til nooit een machine op of draag nooit een machine terwijl de motor loopt.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
Laders
DEWALT laders hoeven niet te worden afgesteld en zijn zo ontworpen dat zij zeer gemakkelijk in het gebruik zijn.
Elektrische veiligheid
De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of het voltage van de accu overeenkomt met het voltage op het typeplaatje. Zorg er ook voor dat het voltage van uw oplader overeenkomt met dat van uw stroomvoorziening.

Uw DEWALT oplader is dubbel geïsoleerd in overeenstemming met EN60335; daarom is geen aarding nodig.
Als het netsnoer is beschadigd, mag het alleen worden vervangen door DEWALT of door een geautoriseerd servicebedrijf.
Een verlengsnoer gebruiken
U dient geen verlengsnoer te gebruiken, tenzij dit absoluut noodzakelijk is. Gebruik een goedgekeurd verlengsnoer dat geschikt is voor de stroominvoer van uw oplader (zie
Technische gegevens). De minimale geleidergrootte is 1 mm ^3 , de maximale lengte is 30 m.
Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen.
Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle acculaders
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES: Deze handleiding bevat belangrijke instructies voor de veiligheid en voor de bediening van geschikte batterijladers (raadpleeg Technische gegevens).
- Lees voordat u de lader gebruikt, alle instructies en aanwijzingen voor de veiligheid op de lader, de accu en het product dat de accu gebruikt.
WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Laat geen vloeistof in de lader dringen. Dit zou kunnen leiden tot een elektrische schok.
WAARSCHUWING: Wij adviseren een aardlekschakelaar met een reststroomwaarde van 30mA of minder te gebruiken.
VORZICHTIG: Gevaar voor brandwonden. Beperk hetrisico van letsel, laad alleen oplaadbare accu's op van het merk DEWALT. Andere typen accu's zouden uit elkaar kunnen springen en persoonlijk letsel en schade kunnen veroorzaken.
VOORZICHTIG: Houd toezicht op kinderen zodat zij niet met apparaat kunnen spelen.
OPMERKING: Onder bepaalde omstandigheden, wanneer de stekker van de lader in het stopcontact zit, kunnen de niet-afgedekte laadcontacten binnenin de lader door materiaal of een voorwerp worden kortgesloten. Bepaalde materialen die geleidend zijn, zoals, maar niet uitsluitend, staalwol, aluminiumfolie of een opeenhoping van metaalachtige deeltjes, kunnen beter bij de holtes van de lader worden weggehouden. Trek altijd de stekker uit het stopcontact wanneer er geen
accu in de lader zit. Trek de stekker van de lader uit het stopcontact voordat u de lader gaat reinigen.
- Probeer NIET de accu op te laden met andere laders dan die in deze handleiding worden beschreven. De lader en de accu zijn speciaal voor elkaar ontworpen.
- Deze laders zijn niet bedoeld voor een andere toepassing dan het opladen van oplaadbare accu's van DEWALT. Andere toepassingen kunnen leiden tot het gevaar van brand, elektrische schok of elektrocutie.
- Stel de lader niet bloot aan regen of sneeuw.
- U kunt beter niet aan het snoer trekken wanneer u de stekker van de lader uit het stopcontact trekt. Er is dan minder risico op beschadiging van het snoer en van de stekker.
- Het is belangrijk dat u het snoer zo plaatst dat niemand erop kan stappen of erover kan struikelen, en het snoer niet op een andere manier kan beschadigen of onder spanning kan komen te staan.
- Gebruik alleen een verlengsnoer als het er werkelijk niet anders kan. Gebruik van een ongeschikt verlengsnoer kan het risico van brand, elektrische schok of elektrocutie tot gevolg hebben.
- Plaats niet iets boven op een lader en plaats de lader niet op een zacht oppervlak omdat hierdoor de ventilatiesleuven kunnen worden geblokkeerd en de lader binnenin veel te heet wordt. Plaats de lader niet in de buurt van een warmtebron. De lader wordt geventileerd door sleuven boven en onder in de behuizing.
- Gebruik de lader niet met een beschadigd snoer of een beschadigde stekker—laat deze onmiddellijk vervangen.
- Gebruik de lader niet als er hard op is geslagen, als de lader is gevallen of op een andere manier beschadigd is. Breng de lader naar een erkend servicecentrum.
- Haal de lader niet uit elkaar; breng de lader naar een erkend servicecentrum wanneer service of reparatie nodig is. Onjuiste montage kan leiden tot het risico van een elektrische schok, elektrocutie of brand.
- Als het netsnoer is beschadigd, moet het onmiddellijk worden vervangen door de fabrikant, een servicemonteur van de fabrikant of een dergelijk vakbekwaam persoon, zodat risico is uitgesloten.
- Trek de stekker van de lader uit het stopcontact voordat u de lader gaat schoonmaken. Er is dan minder risico van een elektrische schok. Het risico is niet minder wanneer u de accu verwijderd.
• Probeer NOOIT 2 laders op elkaar aan te sluiten. - De lader is ontworpen voor de 230V stroomvoorziening van een woning. Probeer de lader niet te gebruiken op een andere spanning. Dit geldt niet voor de 12V-lader.
Een accu opladen (Afb. [Fig.] B)
- Steek de lader in een geschikt stopcontact voordat u de accu insteekt.
- Plaats de accu 23 in de lader, en let er daarbij op dat de accu geheel in de lader komt te zitten. Het rode lampje
(opladen) knippert herhaaldelijk en dat duidt erop dat het laadproces is gestart.
- Een volledig opgeladen accu wordt aangegeven door het rode lampje dat constant AAN blijft. De accu is nu volledig opgeladen en kan worden gebruikt of kan in de acculader blijven zitten. Duw, als u de accu uit de lader wilt nemen, op de accu-vrijgaveknop 24 op de accu.
OPMERKING: U kunt maximale prestaties en levensduur van lithium-ion-accu's garanderen door de accu's volledig op te laden voordat u deze voor het eerst in gebruik neemt.
Werking van de lader
Raadpleeg onderstaande indicatoren voor de laadstatus van de accu.
Laadindicaties
* Het rode lampje blijft knipperen, maar er brandt ook een geel indicatielampje wanneer de functie actief is. Wanneer de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt, gaat het gele lampje uit en hervat de lader de laadprocedure.
De geschikte lader(s) laden niet een kapotte accu op. Wanneer er niet een lampje op de lader gaat branden, betekent dat dat de batterij niet goed is.
OPMERKING: Dit kan ook betekenen dat er iets mis is met de lader.
Als de lader laat zien dat er een probleem is, laat de lader en de accu dan testen door een geautoriseerd servicecentrum.
Hot/Cold Pack Delay (Vertraging Hete/Koude Accu)
Wanneer de lader waarneemt dat een accu te warm of te koud is, wordt onmiddellijk een Hot/Cold Delay gestart en wordt het laden uitgesteld tot de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt. De lader schakelt dan automatisch over op de accu-laadstand. Deze functie waarborgt een maximale levensduur van de accu.
Een koude accu zal minder snel worden opgeladen dan een warme accu. De accu zal minder snel opladen gedurende de gehele laadcyclus en zal niet op maximumsnelheid gaan opladen, ook niet als de accu warmer wordt.
De lader DCB118 is voorzien van een interne ventilator voor het koelen van de accu. De ventilator gaat automatisch draaien wanneer de accu moet worden gekoeld. Gebruik de lader nooit als de ventilator niet goed werkt of als de ventilatiesleuven zijn geblokkeerd. Zorg ervoor dat er geen voorwerpen in de lader kunnen komen.
XR Li-Ion-gereedschap is ontworpen met een Elektronisch Beveiligingssysteem dat ervoor zorgt dat de accu niet te veel wordt geladen, niet te heet wordt of te veel wordt ontladen. Het product zal automatisch uitgeschakeld worden, als het elektronisch beschermingssysteem actief wordt. Als dit gebeurt,
zet u de Lithium-ion-accu op de lader, totdat deze volledig geladen is.
Montage aan de wand
Deze laders kunnen aan de wand worden gemonteerd of rechtop op een tafel of werkoppervlak staan. Plaats bij wandmontage de accu dichtbij een stopcontact en uit de buurt van een hoek of andere obstakels die de doorstroming van lucht kunnen verhinderen. Gebruik de achterzijde van de lader als sjabloon voor de plaatsing van de montageschroeven aan de wand. Monteer de lader stevig met gipsplaatschroeven (afzonderlijk aan te schaffen), van tenminste 25,4 mm lang waarvan de schroefkop een diameter heeft van of 7 – 9 mm, in hout geschroefd tot op een optimale diepte, waarbij ongeveer 5,5 mm van de schroef uitsteekt. Houd de sleuven aan de achterzijde van de lader tegenover de uitstekende schroeven en steek montagesleuven volledig op de schroeven.
Instructies voor het reinigen van de lader
WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Aom, voordat u met de reiniging begint, de stekker van de lader uit het stopcontact. U kunt stof en vet van de buitenzijde van de lader verwijderen met een doek of een zachte, niet-metalen borstel. Gebruik geen water of schoonmaakmiddelen. Laat nooit vloeistof in het gereedschap komen; dompel nooit een onderdeel van het gereedschap onder in een vloeistof.
Accu
Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle accu's
Als u vervangende accu's bestelt, zorg er dan voor dat u het catalogusnummer en voltage vermeldt.
De accu is niet volledig opgeladen als deze uit de verpakking komt. Voordat u de accu en oplader gebruikt, dient u de onderstaande veiligheidsinstructies te lezen. Volg vervolgens de oplaadprocedures zoals die zijn uitgelegd.
LEES ALLE INSTRUCTIES
- Laad de accu niet op en gebruik deze niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Wanneer u de accu plaatst in of verwijdert uit de lader kan het stof of de damp door een vonk vlamvatten.
- Gebruik nooit geweld bij het plaatsen van de accu in de lader. Wijzig de accu op geen enkele manier als deze niet past in een lader die niet geschikt is, omdat de accu kan openbarsten waardoor ernstig persoonlijk letsel kan ontstaan.
• Laad de accu's alleen op in DEWALT-laders.
- Spat NIET met water en dompel de accu niet onder in water of andere vloeistoffen.
- Berg het gereedschap en de accu niet op plaatsen op waar de temperatuur kan dalen tot onder 4 °C (39,2 °F) (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de winter), of kan oplopen tot tot 40 °C (104 °F) of hoger (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de zomer).
- Verbrand de accu niet, zelfs niet als deze ernstig beschadigd is of volledig verbruikt. De accu kan in vuur exploderen. Als lithium ion accu's worden verbrand, komen giftige dampen en materialen vrij.
- Als de inhoud van de accu in contact met de huid komt, wast u dit onmiddellijk af met water en een milde zeep. Als accuvloeistof in de ogen komt spoelt u 15 minuten met water in het geopende oog, of totdat de irritatie stopt. Als medische hulp nodig is dient u te vermelden dat de accuelektrolyt is samengesteld uit een mengsel van vloeibare organische carbonaten en lithiumzouten.
- De inhoud van geopende accucellen kan irritatie aan de luchtwegen veroorzaken. Zorg voor frisse lucht. Zoek als de symptomen aanhouden medische hulp.
WAARSCHUWING: Gevaar voor brandwonden. Aloestof kan ontvlambaar zijn als deze aan een vonk of vlam wordt blootgesteld.
WAARSCHUWING: Probeer nooit om welke reden dan dele accu te openen. Als de behuizing van de accu is gescheurd of beschadigd, zet de accu dan niet in de lader. Klem een accu niet vast, laat een accu niet vallen, beschadig een accu niet. Gebruik een accu of lader waar hard op is geslagen, die is gevallen, waar overheen is gereden of die op welke manier dan ook is beschadigd (dat wil zeggen, doorboord met een spijker, geraakt met een hamer, vertrapt) niet. Een elektrische schok of elektrocutie kan het gevolg zijn. Breng beschadigde accu's terug naar het servicecentrum zodat ze kunnen worden gerecycled.
WAARSCHUWING: Brandgevaar. Berg de accu met op en vervoer de accu niet op een manier dat metalen voorwerpen in contact kunnen komen met de aansluitpunten van de accu. Bijvoorbeeld, steek de accu niet in een schortzak, broekzakken, gereedschapskisten, gereedschapsdozen, laden, enz., waar een losse spijkers, schroeven, sleutels, enz. liggen.
VOORZICHTIG: Plaats het gereedschap wanneer niet in gebruik is, op z'n zijkant op een stabiel oppervlak waar het niet kan vallen of omvallen.
Sommige gereedschappen met grote accu's kunnen rechtop staan op de accu maar kunnen gemakkelijk worden omgegooid.
Transport
WAARSCHUWING: Brandgevaar. Tijdens het transport kunnen accu's mogelijk vlam vatten als de aansluitingen van de accu onbedoeld in aanraking komen met geleidende materialen. Controleer dat tijdens het transport de aansluitingen van de accu afgeschermd zijn en goed geïsoleerd van materialen die ermee in contact kunnen komen en kortsluiting kunnen veroorzaken.
OPMERKING: Lithium-ion batterijen mogen niet in gecontroleerde bagage worden gestopt.
DEWALT accu's voldoen aan alle van toepassing zijn verzendvoorschriften zoals deze zijn bepaald door de bedrijfstak en door wettelijke normen, zoals Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen van de UN; Voorschriften voor Gevaarlijke Goederen van de International Air Transport
Association (IATA), Voorschriften Internationale Maritieme Gevaarlijke Goederen (IMDG) en de Europese Overeenkomst Betreffende het Internationale Vervoer van Gevaarlijke Goederen over de Weg (ADR). Lithium-ion cellen en accu's zijn getest in overeenstemming met Hoofdstuk 38,3 van de Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen Handleiding van Testen en Criteria.
In de meeste gevallen zal bij de verzending van een DEWALT-accu deze naar verwachting worden geclassificeerd als volledig gereguleerd Klasse 9 Gevaarlijk materiaal. Over het algemeen zullen alleen verzendingen die een lithium-ion-accu bevatten met een energie-classificatie hoger dan 100 Wattuur (Wh), moeten worden verzonden als volledig gereguleerd Klasse 9. Bij alle lithium-ion-accu's wordt de Wattuur-classificatie op de accu vermeld. Verder adviseert DEWALT in verband met complicaties met de voorschriften, lithium-ion-accu's niet als luchtvracht alleen te verzenden, ongeacht de Wattuur-classificatie. Zendingen van gereedschap met accu's (combo-sets) kunnen naar verwachting per luchtvracht worden verzonden, als de Wattuur-classificatie van de accu niet hoger is dan 100 Wh.
Ongeacht of een verzending wordt geacht een vrijstelling te hebben of volledig voorgeschreven, is voor de verantwoordelijkheid van de verzender de meest recente voorschriften voor verpakking, labeling/markering en vereisten ten aanzien van documentatie.
De informatie die in dit hoofdstuk van de handleiding wordt verstrekt, wordt verstrekt in goed vertrouwen en wordt geacht nauwkeurig te zijn op het moment dat het document werd opgesteld. Er wordt echter geen garantie gegeven, impliciet of expliciet. Het is voor de verantwoordelijkheid van de koper ervoor te zorgen dat zijn activiteiten in overeenstemming zijn met de geldende voorschriften.
De FLEXVOLT™-accu vervoeren
De DEWALT FLEXVOLT™-accu heeft twee standen: Gebruiks- en Transport-.
Stand: Wanneer de FLEXVOLT™-accu op zichzelf staat of in een DEWALT 18V-product zit, werkt de accu als een 18V-accu. Wanneer de FLEXVOLT™-accu in een 54V- of een 108V-product (twee 54V-accu's) zit, werkt de accu als een 54V-accu.
Transport-stand: Wanneer de kap op de FLEXVOLT™-accu is bevestigd, staat de accu in de transport-stand. Houd de kap op de accu bij verzending.
In de Transport-stand zijn reeksen van cellen binnen in de accu elektrisch van elkaar geïsoleerd, waardoor 3 accu's ontstaan met een lagere Wattuur-classificatie (Wh), vergeleken bij 1 accu met een hogere Wh-classificatie. Door dit grotere aantal van 3 accu's met een lagere Wattuur- classificatie kan de accu vrijgesteld zijn van bepaalde voorschriften voor verzending die worden opgelegd aan accu's met een hogere Wattuur-capaciteit. Voorbeeld, de transport Voorbeeld van markering met etiket gebruik en transport

Wh waarde kan 3 x 36 Wh aangeven, dit betekend

Use: 108 Wh

Transport: 3x36 Wh
3 batterijen van elk 36 Wh. De Wh waarde tijdens gebruik kan 108 Wh aangeven (1 batterij).
Aanbevelingen voor opslag
- De beste plaats om het apparaat op te bergen is koel en droog, uit direct zonlicht en niet in overmatige hitte of koude. Voor optimale accuprestaties en levensduur bergt u accu's op bij kamertemperatuur als deze niet in gebruik zijn.
- Wanneer u de accu lange tijd opbergt, kunt u deze voor optimale resultaten het beste volledig opgeladen opslaan op een koele, droge plaats buiten de lader.
OPMERKING: Accu's kunnen beter niet volledig ontladen worden opgeslagen. De accu moet voor gebruik weer worden opgeladen.
Labels op de oplader en accu
Behalve de pictogrammen die in deze handleiding worden gebruikt, kunnen de volgende pictogrammen op de labels op de lader en op de accu staan:

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.

Zie Technische gegevens voor de oplaadtijd.

Niet doorboren met geleidende voorwerpen.

Laad geen beschadigde accu's op.

Niet blootstellen aan water.

Zorg dat defecte snoeren onmiddellijk worden vervangen.

Uitsluitend opladen tussen 4 °C en 40 °C.

Alleen voor gebruik binnenshuis.

Bied de accu als chemisch afval aan en houd rekening met het milieu.

Laad DEWALT-accu's alleen op met de aangewezen DEWALT-laders. Wanneer u andere accu's dan de aangewezen DEWALT-accu's oplaadt met een DEWALT-lader dan kunnen deze barsten of kan dit leiden tot andere gevaarlijke situaties.

Gooi de accu niet in het vuur.

GEBRUIK (zonder transport dop). Voorbeeld: Wh waarde geeft 108 Wh aan (1 batterij van 108 Wh).

TRANSPORT (met ingebouwde transport dop).
Voorbeeld: Wh waarde geeft 3 x 36 Wh aan (3 batterijen van 36 Wh).
Accutype
De volgende SKU(s) werken met een 18 volt accu: DCMWSP564
Deze accu's kunnen worden gebruikt: DCB181, DCB182,
DCB183, DCB183B, DCB183G, DCB184, DCB184B, DCB184G,
DCB185, DCB187, DCB189, DCB546, DCB547, DCB548.
Raadpleeg Technische Gegevens voor meer informatie.
Inhoud van de verpakking
De verpakking bevat:
1Gazonmaaier
1Grasopvangzak
1 Stortkokerzijopening
1Veiligheidssleutel
1Instructiehandleiding
OPMERKING: Bij de N-modellen worden geen accu's, laders en gereedschapskoffers geleverd. Bij de NT-modellen worden geen accu's en laders geleverd. Bij de B-modellen worden Bluetooth®-accu's geleverd.
OPMERKING: Het merkteken met het woord Bluetooth® en logo's zijn geregistreerde handelsmerken die eigendom zijn van Bluetooth®, SIG, Inc. en ieder gebruik van dergelijke merktekens door DEWALT is onder licentie. Overige handelsmerken en merknamen zijn eigendom van hun respectievelijke eigenaren.
- Controleer het gereedschap, de onderdelen of accessoires op eventuele beschadiging tijdens het transport.
- Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voor u het gereedschap in gebruik neemt.
Markeringen op het gereedschap
De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.


Pas op voor de scherpe bladen. Nadat u de motor hebt uitgeschakeld, blijven de bladen ronddraaien. Neem de veiligheidssleutel uit voordat u onderhoud uitvoert of wanneer het snoer beschadigd is.

Wees bedacht op voorwerpen die worden weggeslingerd. Houd omstanders uit de buurt van het maalgebied.

Richtlijn 2000/14/EC Gegarandeerd geluidsvermogen.

Stel het apparaat niet bloot aan regen.

Nadat u de machine hebt uitgeschakeld, blijven de bladen draaien.
Positie Datumcode (Afb. [Fig.] A)
De datumcode 19, die ook het jaar van fabricage omvat, is in de behuizing afgedrukt.
Voorbeeld:
2021 XX XX
Productiejaar en -week
Beschrijving (Afb. A)
WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel chamnooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben.
1 ON-OFF schakelkast
2 ON-OFF-knop
3 Veiligheidssleutel
4 Hoofdhandgreep (bovenste handgreep)
5 Beugelhandgreep
6 Beugelhandgreep voor in-/uitschakelen van zelf rijden
7 Handgreepvergrendelingen
8 Handgreepbeugels
9 Bevestigingsgaten handgreepopslag
10 Kap accu-ingang
11 Stelhendel maaihoogte
12 Afdekkap achterste opening
13 Grasopvangzak
14 Handgreep grasopvangzak
15 Zijflap
16 Zijopening stortkoker
17 Onderste handgreep
18 Knoppen bovenste handgreep
Bedoeld gebruik
Deze gazonmaaier is ontworpen voor professioneel maaien van gazons.
NIET TE GEBRUIKEN ONDER NATTE OMSTANDIGHEDEN OF OP EEN PLAATS WAAR BRANDBARE VLOEISTOFFEN OF GASSEN ZIJN.
Deze gazonmaaier is een professionele machine voor verzorging van gazons.
LAAT NIET kinderen in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren gebruikers met dit gereedschap werken.
- Jonge kinderen en personen met een zwakke gezondheid. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door jonge kinderen en personen met een zwakke gezondheid, zonder toezicht.
- Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, zintuiglijke of psychische mogelijkheden hebben; wanneer sprake is van gebrek aan ervaring, kennis of vaardigheden is gebruik alleen toegestaan onder toezicht van een persoon die
verantwoordelijk is voor de veiligheid van gebruikers. Laat nooit kinderen alleen met dit product.
MONTAGE EN AFSTELLINGEN
GENAAR: Beperk het risico van ernstig persoonlijk schakel de unit uit en verwijder de veiligheidssleutel en de accu's voor u aanpassingen uitvoert of hulpstukken of accessoires plaatst/ verwijdert. Wordt de machine per ongeluk gestart dan kan dat letsel veroorzaken.
De hoogte van de handgreep afstellen (Afb. A, C)
De maaimachine wordt verzonden in de opbergstand. Voor u verder gaat moet u de handgreep in de bedrijfsstand afstellen.
- Om de lagere handgreep 17 uit de opbergstand te ontgrendelen, dienen de twee knoppen voor de vergrendeling van de handgreep 7 een kwart slag gedraaid te worden. De knoppen voor de vergrendeling van de handgreep 7 bevinden zich aan beide zijden van de onderste handgreep 17.
- Breng de onderste handgreep omhoog naar de bedrijfstand. Ga voorzichtig te werk zodat u niet het snoer vastklemt of uitrekt.
- Draai de knoppen voor de vergrendeling van de handgreep 7 een kwart slag, zodat de onderste handgreep in de juiste stand staat ingesteld.
De bovenste handgreep bevestigen (Afb. A, D)
- Houd de gaten aan de onderzijde van de bovenste handgreep 4 tegenover de gaten bovenaan de onderste handgreep 17. Ga voorzichtig te werk zodat u niet het snoer vastklemt of uitrekt.
OPMERkInG: Let erop dat het snoer zich voor de beide handgrepen bevindt. Als dat niet zo is, kan het snoer in de war raken en daardoor zal het misschien niet gemakkelijk zijn de maaimachine op te bergen.
- Schuif vanaf de binnenzijde van de onderste handgreep 4 de hendels voor vergrendeling van de handgreep 20 door de twee gaten in de handgreep. Herhaal dit voor de tegenovergestelde zijde.
- Draai vanaf de buitenzijde van de bovenste handgreep, een knop van de handgreep 18 op elke bout van de handgreep 20. Ga voorzichtig te werk zodat u niet het snoer vastklemt of uitrekt.
Grasopvangzak (Afb. E)
GEYAAR: Schakel de machine uit en verwijder de beidssleutel en accu's.
-
Licht de afdekkap 12 van de achterste opening op en plaats de grasopvangzak 13 op de maaimachine zodat de haken van de zak 21 in de sleuven 22 op de kunststof oppervlakken binnenin op de handgreepbeugels schuiven, zoals in Afb. E wordt getoond. Breng dan de afdekkap van de achterste opening omlaag.
-
Als de zak is geplaatst, verwijder dan de zijopening 16 en controleer dat de zijflap 15 geheel omlaag is.
Zijopening (Afb.A, F)
GEVAAR: Schakel de machine uit en verwijder de vadgeidssleutel en accu's.
- U kunt de maaimachine met de zijopening laten werken door de grasopvangzak 13 te verwijderen.
- Denk eraan dat de afdekkap 12 van de achterste opening gesloten moet zijn.
- Licht de zijflap 15 op en haak de zijopening van de stortkoker 16 aan de maaimachine.
- Maak de zijflap los en controleer voor u de maaimachine inschakelt, of de zijopening van d stortkoker 16 op z'n plaats blijft zitten.
Mulchen (Afb. A, E, F)
GEVAAR: Schakel de machine uit en verwijder de v. heidssleutel en accu's.
- U kunt de maaimachine in de mulch-stand laten werken door de grasopvangzak 13 te verwijderen.
- Denk eraan dat de afdekkap 12 van de achterste opening gesloten moet zijn.
- Als de zak is geplaatst, verwijder dan de zijwaartse opvangtrechter 16 en controleer dat de zijflap 15 geheel omlaag is.
Hoogte van de maaimachine afstellen (Afb. G, H)
GEVAAR: Probeer nooit de hoogte van de machine af te stellen terwijl de motor loopt.
U kunt de maaihoogte aan de voorkant en aan de achterkant afstellen met de hendels 11 voor de hoogte-afstelling.
OPMERkInG: Als u niet zeker weet op welke hoogte u moet maaien, begin dan te maaien met hendels voor de hoogte-afstelling 11 in hoogste stand en stel de hoogte, naar behoefte, lager in.
De maaihoogte instellen
- Trek de hendel voor de hoogte-afstelling 11 aan de achterzijde los van de vergrendelingsnok 25.
- Verplaats de hendel in de richting van de voorzijde van de maaimachine als u de maaihoogte hoger wilt instellen.
- Verplaats de hendel in de richting van de achterzijde van de maaimachine als u de maaihoogte lager wilt instellen.
- Duw de hendel voor de hoogte-afstelling 11 in één van de vergrendelingsnokken 25 om de maaihoogte in te stellen.
- Herhaal dit voor de hendel van de hoogte-afstelling voor de voorzijde 11 waarbij in deze situatie de hendel in de richting van de achterzijde van de maaimachine moet worden verschoven om de maaihoogte lager in te stellen, en in de richting van de voorzijde van de maaimachine om de maaihoogte hoger in te stellen. OPMERkInG: Voor de beste resultaten moeten de hendels voor de hoogte-afstelling aan de voor- en achterzijde 11 op
dezelfde maaihoogte worden ingesteld, zoals aangegeven door het nummer direct naast de vergrendelingsnok.
BEDIENING
Instructies voor gebruik
WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veiligheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig personlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
Juiste positie van de handen (Afb. L)
WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk letse te verminderen, dient u ALTIJD de handen in de juiste positie te hebben, zoals afgebeeld.
WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk leste verminderen, houdt u het ALTIJD stevig vast, anticiperend op een plotseling reactie.
Voor de juiste handpositie zet u beide handen op de hoofdhandgreep 4 en de beugelhandgreep 6.
LEES DEZE INSTRUCTIEHANDLEIDING VOOR DE MAAIMACHINE IN GEBRUIK NEEMT
Raadpleeg Afbeelding A aan het begin van deze handleiding voor de volledige lijst van componenten. Bewaar deze handleiding zodat u deze later ook nog kunt raadplegen.
GENAAR: Scherp bewegend blad. Gebruik de gamaaier niet in de mulch-stand, als de achterste opening niet onder veerdruk is gesloten, omdat dit ernstige verwondingen tot gevolg kan hebben. Breng uw maaimachine voor reparatie naar het servicecentrum bij u in de buurt.
GEVAAR: Werk niet met de maaimachine als de baregreep niet op z'n plaats is vergrendeld.
GFNAAR: Scherp bewegend blad. Gebruik de maaimachine nooit in combinatie met de grasopvang als de haken van de grasopvangzak niet goed op de maaimachine zijn bevestigd en de achterste uitwerpopening niet stevig tegen de grasopvangzak is aangedrukt, omdat dan ernstig letsel het gevolg kan zijn.
WAARSCHUWING: Laat de maaimachine op z'n eigen soud wid werken. Overbelast het gereedschap niet.
De accu's plaatsen en verwijderen (Afb. I)
GEVAAR: CONTROLEER, VOORDAT U DE VERWIJDERT OF PLAATST, DAT DE VEILIGHEIDSSLEUTEL IS VERWIJDERD ZODAT WORDT VOORKOMEN DAT DE MAAIMACHINE WORDT INGESCHAKELD.
Deze maaimachine is ontworpen voor werking op twee accu's van gelijke capaciteit. De maaimachine werkt niet op één enkele accu, en als u de machine gebruikt op accu's van verschillende capaciteit, zal de machine worden uitgeschakeld wanneer de accu met de kleinste capaciteit is uitgeput.
OPMERkInG: U bereikt het beste resultaat wanneer de accu's volledig zijn opgeladen.
De accu's plaatsen
- Maak de accupoort toegankelijk door de kap 10 van de opening op te tillen en de accu zichtbaar te maken 26.
- Schuif de accu 23 in de accupoort 26 tot u een klik hoort (Afb. I). Herhaal dit voor de tweede accupoort.
OPMERkInG: Controleer dat de accu's geheel op hun plaats zitten en goed zijn vergrendeld voor u de maaimachine start. - Sluit de kap van de accupoort. Start de maaimachine pas wanneer u hebt gecontroleerd dat de kap volledig is gesloten.
De accu's uitnemen
- Maak de accupoort toegankelijk door de kap 10 van de opening op te tillen en de accu zichtbaar te maken 26.
- Druk op de accuvrijgaveknop 24 op de accu 23 en trek de accu's uit het gereedschap.
Veiligheidsssleutel (Afb. J)
GFYAAR: Scherp bewegend blad. Ter voorkoming van het onbedoeld starten of onbevoegd gebruik van uw snoerloze maaimachine is een uitneembare veiligheidssleutel 3 in het ontwerp van uw maaimachine opgenomen. De maaimachine wordt volledig uitgeschakeld wanneer u de veiligheidssleutel uit de maaimachine haalt.
GPVAAR: Roterende maaibladen kunnen ernstige voorhondingen veroorzaken. Voorkom ernstig letsel, schakel de machine uit en neem de veiligheidssleutel en de accu's uit wanneer u de maaimachine onbeheerd achterlaat, of wanneer u deze oplaadt, schoonmaakt, naziet, vervoert, optilt of stalt.
De maaimachine starten (Afb. I–L)
GPVAAR: Scherp bewegend blad. Probeer nooit de working van het systeem met de schakelkast en de veiligheidssleutel uit te schakelen omdat dit tot ernstig letsel kan leiden.
WAARSCHUWING: Controleer of het zelf rijden is uitgeschakeld, voordat de maaiier wordt gestart.
OPMERkInG: De maaimachine is klaar voor gebruik wanneer de accu's en de veiligheidssleutel zijn geplaatst.
-
Maak de accupoort toegankelijk door de kap 10 van de opening op te tillen en de accu zichtbaar te maken 26.
-
Schuif de accu 23 in de accupoort 26 tot u een klik hoort (Afb. 26). Herhaal deze procedure voor de tweede accupoort.
OPMERkInG: Controleer dat de accu's geheel op hun plaats zitten en goed zijn vergrendeld voor u de maaimachine start.
- Sluit de kap van de accupoort. Start de maaimachine pas wanneer u hebt gecontroleerd dat de kap volledig is gesloten.
-
Steek de veiligheidssleutel 3 in de Aan/Uit-schakelkast 1 tot de sleutel volledig in de behuizing zit. De maaimachine is klaar voor gebruik.
-
De maaimachine is voorzien van een speciale Aan/Uit-schakelkast 1. Duw, wanneer u de maaimachine wilt gebruiken, op de knop Aan/Uit 2 op de ON/OFF-schakelkast 1 en houd de knop ingedrukt, trek vervolgens de beugelhandgreep 5 naar de hoofdhandgreep.
OPMERKING: Wanneer de maaimachine loopt, kunt u de Aan/Uit-knop loslaten, maar u moet wel de beugelhandgreep tegen de hoofdhandgreep houden anders slaat de machine weer af.
- U kunt de maaimachine uitschakelen door de beugelhandgreep 5 los te laten.
WAARSCHUWING: Probeer nooit een schakelaar of de bæg vhandgreep in de ON-stand te vergrendelen.
OPMERKING: Wanneer de beugelhandgreep in de oorspronkelijke positie is teruggekeerd, wordt het "Automatisch Remsysteem" ingeschakeld. De motor wordt geremd en het maaiblad van de grasmaaier komt in drie seconden of minder tot stilstand. Als het blad van de maaimachine langer dan drie seconden blijft draaien, gebruik de machine dan niet meer en laat de machine nakijken.
Systeem voor zelf rijden op variabele snelheid (Afb. L)
GPVAAR: Scherp bewegend blad. Probeer nooit de verking van het systeem met de schakelkast, het systeem voor zelf rijden of de veiligheidssleutel uit te schakelen omdat dit tot ernstig letsel kan leiden.
De maaimachine is voorzien van een systeem voor zelf rijden op variabele snelheid. Dit systeem werkt onafhankelijk van de AAN/UIT-schakelaar van het maaiblad. Het kan alleen worden gebruikt als het maaiblad draait.
-
Volg de instructies zoals beschreven in De maaimachine starten.
-
Om het zelf rijden te activeren, dient de beugelhandgreep 5 tegen de hoofdhandgreep 4 gehouden te worden, met één hand.
-
Trek met uw andere hand aan de snelheidshendel voor het zelf rijden 6 in de richting van de hoofdhandgreep.
-
U kunt de snelheidshendel 6 vasthouden, of tegelijkertijd zowel de beugelhandgreep 5 als de sneheidshendel vasthouden.
-
Om het zelf rijden uit te schakelen, laat u de snelheidshendel 6 los.
OPMERKING: Wanneer u het zelf rijden uitschakelt, bijvoorbeeld aan het einde van een baan, kunnen de wielen tijdelijk vergrendeld worden wanneer u de maaimachine naar achteren trekt. Duw de maaimachine een beetje naar voren en verplaats de machine weer zoals u wilt.
OPMERKING: Tijdens het maaien is het mogelijk eenvoudiger om rond objecten, zoals een boom of planten, te maaien als de functie voor zelf rijden is uitgeschakeld. De maaier kan gemakkelijk worden gebruikt terwijl de functie voor zelf rijden is uitgeschakeld.
Keuzewiel voor variabele snelheid (Fig. L)
Uw maaier is voorzien van een keuzewiel voor variabele snelheid 36 hetgeen aan de onderkant van de behuizing van het besturingsmechanisme voor het zelf rijden 28 is aangebracht. Het systeem past zelf aan hoe snel of langzaam het systeem voor zelf rijden de maaier moet voortbewegen.
- Om de snelheid van het systeem voor zelf rijden te verhogen, dient het keuzewiel voor de variabele snelheid 36 in de richting van de pijl gedraaid te worden. De pijl wordt direct naast het keuzwiel voor de variabele snelheid 36 weergegeven.
- Om de snelheid van het systeem voor zelf rijden te verlagen, dient het keuzewiel voor de variabele snelheid 36 in de tegengestelde richting van de pijl gedraaid te worden. De pijl wordt direct naast het keuzwiel voor de variabele snelheid 36 weergegeven.
Overbelasting van de maaimachine
Voorkom beschadiging door overbelasting, maai niet te veel gras tegelijkertijd. Ga langzamer maaien of verhoog de maaihoogte.
GPVAAR: Het roterende maaiblad kan ernstige voorondingen veroorzaken. Schakel de maaimachine uit door de beugelhandgreep los te laten, neem de veiligheidssleutel uit, neem de accu's uit de machine en til dan pas de machine op voor het transport of stalling. Stal de machine op een droge plaats.
VOORZICHTIG: Knelpunt. Voorkom dat u uw vingers klement, houd uw vingers weg bij de handgrepen wanneer u deze invouwt.
U kunt de handgreep van de maaimachine gemakkelijk invouwen en de machine snel en handig opbergen.
- Draai de knoppen voor de vergrendeling van de handgreep 7 op de onderste handgreep, een kwart slag.
- Draai de handgreep naar de voorzijde van de maaimachine. Ga voorzichtig te werk zodat u niet het snoer vastklemt of uitrekt.
- Draai de knoppen voor de vergrendeling van de handgreep 7 een kwart slag om de handgreep in de stalling in de vergrendelde stand in te stellen.
- De maaimachine kan rechtop worden opgeslagen, waarbij de grasopvangbak is verwijderd, of vlak op die wielen van de machine worden opgeslagen.
ONDERHOUD
Uw gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum
aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig per 2000 onlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
Aan de lader en de accu kan geen onderhoud worden verricht.
Maaiblad verwijderen en installeren (Afb. M, N)
GEVAAR: RISICO VAN LETSEL. WANNEER U HET SYSTEM VAN MAAIBLADEN WEER MONTEERT, IS HET BELANGRIJK DAT U IEDER ONDERDEEL GOED INSTALLEERT, ZOALS HIERONDER WORDT BESCHREVEN. ONJUISTE MONTAGE VAN HET MAAIBLAD OF VAN ANDERE ONDERDELEN VAN HET SYSTEM VAN MAAIBLADEN, KAN LEIDEN TOT ERNSTIG LETSEL.
GEVAAR: Beperk het gevaar op ernstig persoonlijk letser tot een minimum: zet de machine uit, en neem de veiligheidssleutel en de accu's uit voor u aanpassingen uitvoert of hulpstukken of accessoires plaatst/verwijdert. Wanneer het gereedschap per ongeluk wordt gestart, kan dat leiden tot letsel.
Vervangende maaibladen zijn verkrijgbaar bij het geautoriseerde servicecentrum bij u in de buurt. Deze maaimachine vereist een vervangend maaiblad DT20682.
- Zaag een stuk hout van 2" x 4" 29 (ongeveer 610 mm lang) en plaats da, t zodat het maablad niet kan bewegen wanneer u de bout van het maablad 30 losdraait.
WAARSCHUWING: Gebruik handschoenen en geschikte o geenscherming. Draai de maaimachine op z'n zij. Wees voorzichtig met de scherpe randen van het schaarblad. - Plaats het hout en draai de bout van het maaiblad linksom. Gebruik hiervoor een 5/8" sleutel 31 (niet meegeleverd) zoals weergegeven in Afb. N.
- Verwijder de veerplaat van de bout van het maaiblad 32 en het maaiblad 33 zoals weergegeven in Afb. M. Inspecteer alle onderdelen op beschadiging en vervang onderdelen als dat nodig is.
- Plaats een geslepen of een nieuw blad op de schouder van de adapter van het maablad 34, zoals wordt getoond in Afb. M. Het maablad heeft een vleugevormige uitsnijding die overeen moet komen met dezelfde vorm op de adapter van het maablad.
OPMERKING: Zorg ervoor dat bij het terugplaatsen van het geslepen of nieuwe maaiblad op de schouder van de adapter, de onderkant van het maailblad met de markering 'ONDERZIJDE' naar de grond wijst,wanneer u de maaimachine weer in zijn normale rechte positie zet.
- Plaats de veerplaat op het maaiblad. Controleer of de uitspringen van de veerplaat overeenkomen met de bevestigingselementen van het maaiblad, indien
noodzakelijk, dient u het maaiblad tezamen met de veerplaat te draaien.
- Plaats een stuk hout zodat het blad niet kan draaien, zoals wordt getoond in Afb. N. Plaats de bout van het maaiblad en draai deze goed aan met de 5/8" sleutel.
Maaibladen slijpen
HOUD HET MAAIBLAD SCHERP ZODAT DE MAAIMACHINE OPTIMAAL KAN PRESTEREN. EEN BOT MAAIBLAD SNIJDT HET GRAS NIET GOED AF.
WAARSCHUWING: Draag handschoenen en geschikte dagscherming wanneer u een maaiblad verwijdert, slijpt en installeert. Neem vooral de veiligheidssleutel en de accu uit de maaimachine.
Onder normale omstandigheden is tweemaal slijpen tijdens een maaiseizoen meestal voldoende. Zand maakt dat het blad snel bot wordt. Als uw gazon zanderige aarde heeft, zult u het maaiblad misschien vaker moeten slijpen. VERVANG EEN
VERBOGEN OF BESCHADIGD MAAIBLAD ONMIDDELLIJK.
Bij het slijpen van het maaiblad:
- Let erop dat het maaiblad in balans blijft.
- Slijp het maaiblad onder de oorspronkelijke maaihoek.
- Slijp de snijkanten aan beide zijden van het maaiblad en verwijder gelijke hoeveelheden materiaal van beide zijden.
Blad slijpen in een bankschroef (Afb. O)
- Verwijder pas het maairimes, wanneer u hebt gecontroleerd dat de beugelhandgreep los is, het maairimes tot stilstand is gekomen en de veiligheidssleutel en de accu's uit de maaimachine zijn gehaald.
- Verwijder het maaiblad van de maaimachine. Zie instructies voor Maaiblad verwijderen en installeren.
- Zet het maaiblad 33 vast in een bankschroef 35.
- Draag de juiste oogbescherming en handschoenen, ga voorzichtig te werk zodat u zich niet snijdt.
- Vijl de snijranden van het blad voorzichtig met een fijne 37 vijl of een slijpsteen (niet meegeleverd), handhaaf de hoek van de oorspronkelijke snijrand.
- Controleer de balans van het maaiblad. Zie instructies voor Maaiblad uitbalanceren.
- Plaats het maaiblad weer op de maaimachine en zet het stevig vast.
Maaiblad uitbalanceren (Afb P)
Controleer de balans van het maaiblad 33 door het middengat in het mes op een spijker of de ronde schroevendraaier 36 te plaatsen die horizontaal in een bankschroef 35 is geklemd. Als een uiteinde van het maaiblad omlaag draait, vijl dan langs de scherpe rand van dat omlaag draaiende gedeelte. Het maaiblad is goed uitgebalanceerd wanneer geen van de uiteinden omlaag draait.

Smering
Uw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende smering nodig.

Reiniging
WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hoorbehuizing met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert.
WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of de bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof.
Laat de beugelhandgreep 6 los zodat de maaimachine wordt uitgeschakeld, laat het maaiblad tot stilstand komen en neem vervolgens verwijder de accu's en de veiligheidssleutel. Verwijder grasresten die zich aan de onderzijde van het maaimechanisme hebben verzameld. Sproeier geen water of andere vloeistoffen. Controleer na meerdere malen gebruiken dat alle blootstelde bevestigingen nog vast zitten.
Optionele accessoires
WAARSCHUWING: Omdat accessoires, anders dan die van een aangeboden door DEWALT, niet in combinatie met dit product werden getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires in combinatie met dit product gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te beperken, dienen uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires in combinatie met dit product gebruikt te worden.
Vraag uw dealer om nadere informatie over de juiste accessoires.
Bescherming van het milieu

Gescheiden inzameling. Producten en batterijen die zijn voorzien van dit symbool, mogen niet bij het normale huishoudelijke afval worden weggegooid.

Producten en batterijen bevatten materialen die
kunnen worden teruggewonnen en gerecycled, zodat de vraag naar grondstoffen afneemt. Recycle elektrische producten en batterijen volgens de lokale voorschriften. Nadere informatie is beschikbaar op www.2helpU.com.
Herlaadbare accu
Deze duurzame accu moet herladen worden als hij niet krachtig genoeg blijkt tijdens het uitvoeren van klussen die daarvoor vlot verliepen. Aan het einde van zijn technische levensduur dient u dit werktuig weg te gooien met respect voor het milieu:
- Gebruik de accu helemaal op en verwijder deze vervolgens uit het werktuig.
- Lithium-ion-cellen recyclebaar. Breng ze terug bij uw leverancier of naar het milieupark bij u in de buurt. De ingezamelde accu's zullen worden gerecycled of op juiste wijze tot afval worden verwerkt.