FESTOOL TS 75 EBQPlusFS - Zaag

TS 75 EBQPlusFS - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TS 75 EBQPlusFS FESTOOL in PDF-formaat.

📄 139 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice FESTOOL TS 75 EBQPlusFS - page 56
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : FESTOOL

Model : TS 75 EBQPlusFS

Categorie : Zaag

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TS 75 EBQPlusFS - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TS 75 EBQPlusFS van het merk FESTOOL.

GEBRUIKSAANWIJZING TS 75 EBQPlusFS FESTOOL

EG-conformiteitsverklaring. Wij verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat dit produkt voldoet aan de volgende normen of normatieve documen- ten:

  • Per tagliare in modo rapido e pulito materiali diversi, Festool vi offre, con qualsiasi applica zione, lame espressamente armonizzate per la vostra sega Festool. Italiano 5410 Ambiente Non gettare l’utensile fra i rifiuti dome stici! Avviare utensili, accessori ed im ballaggi ad un riciclo rispettoso dell’am biente. Attenersi alle disposizioni di legge na zionali in vigore. Solo UE: nel rispetto della direttiva europea in materia di apparecchiature elettriche ed elet troniche usate e delle rispettive leggi nazionali derivatene, gli elettroutensili devono essere raccolti separatamente e introdotti nell'apposi to ciclo di smaltimento e recupero a tutela del l'ambiente. Informazioni su REACh: www.festool.com/ reach Italiano 55Inhoudsopgave 1 Symbolen p. 56
  • 2 Veiligheidsvoorschriften p. 56
  • 3 Gebruik volgens de voorschriften p. 60
  • 4 Technische gegevens p. 60
  • 5 Ingebruikneming p. 60
  • 6 Instellingen p. 61
  • 7 Werken met het elektrische gereed schap p. 63
  • 8 Onderhoud en verzorging p. 64
  • 9 Accessoires p. 64
  • 10 Milieu 1 Symbolen Waarschuwing voor algemeen gevaar Waarschuwing voor elektrische schok Lees de gebruiksaanwijzing en veilig heidsvoorschriften! Draag een zuurstofmasker! Veiligheidshandschoenen bij gereed schapswisseling en omgang met ruwe materialen dragen! Draag gehoorbescherming! Draag een veiligheidsbril! Niet met het huisvuil meegeven. Netkabel loskoppelen Netkabel aansluiten Draairichting van de zaag en het zaag blad Zaagbladafmeting a diameter STOP Elektrodynamisch uitloopremsysteem Elektronica met regelbaar, constant toerental en temperatuurbewaking Beveiligingsklasse II CE-markering: Bevestigt de conformi teit van het elektrische gereedschap met de richtlijnen van de Europese Unie. Tip, aanwijzing Handelingsinstructie De vermelde afbeeldingen staan in het begin van de gebruiksaanwijzing. 2 Veiligheidsvoorschriften p. 65

2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor

elektrische gereedschappen WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij zingen om ze later te kunnen raadplegen. Het begrip “elektrisch gereedschap” dat in de veiligheidsinstructies gebruikt wordt, heeft be trekking op elektrisch gereedschap met net voeding (met netsnoer) of elektrisch gereed schap met accuvoeding (zonder netsnoer).

2.2 Machinespecifieke

veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzaagmachines Zaagmethode – Gevaar! Kom met uw handen niet in het zaagbereik en raak het zaagblad niet aan. Houd met uw tweede hand de extra greep of de motorbehuizing vast. Wanneer u de cirkelzaag vasthoudt met beide han den, kunnen ze niet gewond raken door het zaagblad. – Kom niet met uw handen onder het werk stuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet beschermen tegen het zaag blad. – Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte zichtbaar zijn onder het werkstuk. – Houd het werkstuk dat gezaagd moet wor den nooit in de hand of boven uw been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele opname. Het is belangrijk het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van li Nederlands 56chaamscontact, beklemming van het zaag blad of controleverlies tot een minimum te rug te brengen. – Houd het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert waarbij het in zetgereedschap verborgen stroomleidin gen of de eigen aansluitkabel kan raken. Contact met een spanningvoerende leiding zet ook de metalen onderdelen van het elektrisch gereedschap onder spanning en veroorzaakt een elektrische schok. – Gebruik bij het in de lengte zagen altijd een aanslag of een geleiding langs een rechte kant. Hierdoor wordt de zaagnauw keurigheid verbeterd en de kans op be klemming van het zaagblad verminderd. – Gebruik altijd zaagbladen die de juiste grootte en een geschikt opnamegat (bijv. ruitvormig of rond) hebben .Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controleverlies. – Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagblad-spanflenzen of -schroeven. De zaagblad-spanflenzen en -schroeven zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor op timale prestaties en gebruiksveiligheid. Terugslag – oorzaken en bijbehorende veilig heidsinstructies – Een terugslag is de plotselinge reactie van een hakend, klemmend of verkeerd uitge richt zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag zich ongecontroleerd van het werk stuk af en in de richting van de gebruiker beweegt – wanneer het zaagblad zich in de sluitende zaagspleet vasthaakt of klem komt te zit ten, raakt het geblokkeerd en wordt het ap paraat door de kracht van de motor in de richting van de gebruiker teruggeslagen; – wordt het zaagblad in de zaagsnede ver draaid of verkeerd uitgericht, dan kunnen de tanden van het achterste zaagbladge bied zich vasthaken in het oppervlak van het werkstuk, waardoor het zaagblad uit de zaagspleet en de zaag in de richting van de gebruiker terugspringt. Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de zaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden be schreven, kan dit echter worden voorkomen. – Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in zo'n positie dat u de te rugslagkrachten kunt opvangen. Blijf al tijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cir kelzaag naar achteren springen, maar wanneer de juiste maatregelen zijn getrof fen kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen. – Indien het zaagblad klem komt te zitten of u het werk onderbreekt, laat dan de aan-/ uit-schakelaar los en houd de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen. Probeer zolang het zaagblad zich beweegt nooit om de zaag uit het werkstuk te halen of naar achteren te trekken, anders kan er een te rugslag plaatsvinden. Bepaal de oorzaak voor het afklemmen van het zaagblad en los deze op. – Wanneer u een zaag die in het werkstuk steekt weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn blijven haken. Is het zaagblad beklemd ge raakt, dan kan het zich bij het opnieuw starten van de zaag uit het werkstuk bewe gen of een terugslag veroorzaken. – Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaag blad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen dienen aan beide kanten, zowel bij de zaagspleet als bij de rand, te worden ge stut. – Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd uitgerichte tanden leiden door de te nauwe zaagspleet tot een grotere wrij ving, beklemming van het zaagblad en te rugslag. – Draai voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstellingen vast. Wanneer de in stellingen tijdens het zagen gewijzigd wor den, kan het zaagblad beklemd raken en een terugslag optreden. – U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij „in valzaagsneden“ in bestaande wanden of andere plaatsen waar geen waarneming mogelijk is. Het invallende zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten geblok keerd raken en een terugslag veroorzaken. Functies van de beschermkap – Controleer voor gebruik altijd of de be schermkap goed sluit. Gebruik de zaag Nederlands 57niet wanneer de beschermkap niet vrij be wogen kan worden en niet direct sluit. Klem of bind de beschermkap nooit vast; daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. Mocht de zaag per ongeluk op de grond vallen, dan kan de beschermkap worden verbogen. Zorg ervoor dat de be schermkap vrij beweegt en bij alle zaag hoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt. – Controleer de toestand en werking van de veer voor de beschermkap. Werken de be schermkap en de veer niet foutloos, wacht dan met het gebruik van het apparaat. Be schadigde delen, plakkerige afzettingen of ophopingen van spaanders zorgen ervoor dat er bij de werking van de beschermkap vertraging optreedt. – Beveilig bij de „invalzaagsnede“ die niet in een rechte hoek uitgevoerd wordt, de grondplaat van de zaag tegen het zijde lings verschuiven. Verschuiven in zijwaart se richting kan ertoe leiden dat het zaag blad beklemd raakt en een terugslag ver oorzaakt. – Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de beschermkap het zaagblad afdekt. Een onbeschermd, nalo pend zaagblad beweegt de zaag tegen de zaagrichting in en zaagt wat het op zijn weg tegenkomt. Houd hierbij rekening met de nalooptijd van de zaag. Functie van de spouwmes – Gebruik het voor het spouwmes passende zaagblad. Opdat het spouwmes werkt, moet het stamblad van het zaagblad dun ner zijn dan het spouwmes en de tand breedte meer dan de dikte van het spouw mes bedragen. – Stel het spouwmes af volgens de beschrij ving in deze gebruiksaanwijzing. Onjuiste afstanden, een onjuiste positie en een on juiste uitlijning kunnen ertoe leiden dat het spouwmes een terugslag niet effectief voorkomt. – Het spouwmes kan alleen werken als het zich in de zaagspleet bevindt. Bij korte sneden kan het spouwmes een terugslag niet effectief verhinderen. – Gebruik de zaag niet met een verbogen spouwmes. Door een kleine storing kan vertraging optreden bij het sluiten van de beschermkap.

2.3 Veiligheidsinstructies voor het

voorgemonteerde zaagblad Toepassing – Het op het zaagblad aangegeven maxi mumtoerental mag niet worden overschre den of het toerentalbereik moet in acht worden genomen. – Het voorgemonteerde zaagblad is uitslui tend voor het gebruik in cirkelzagen be doeld. – Bij het uit- en inpakken van het gereed schap alsook bij het hanteren (bijv. inbouw in de machine) uiterst voorzichtig te werk gaan. Verwondingsgevaar door de heel scherpe snijkanten! – Bij het hanteren van het gereedschap wordt de greepveiligheid van het gereedschap door het dragen van veiligheidshandschoe nen verbeterd en de kans op letsel verder verminderd. – Cirkelzaagbladen die gescheurd zijn, moe ten vervangen worden. Reparatie is niet toegestaan. – Cirkelzaagbladen in composietuitvoering (gesoldeerde zaagtanden), waarvan de zaagtanddikte kleiner is dan 1 mm, mogen niet meer worden gebruikt. – Gereedschap met zichtbare scheuren, met stompe of beschadigde snijkanten mogen niet gebruikt worden. Montage en bevestiging – Gereedschappen moeten zo zijn opgespan nen dat ze bij het gebruik niet loslaten. – Bij de montage van de gereedschappen moet ervoor worden gezorgd dat het op spannen op de gereedschapsnaaf of op het spanvlak van het gereedschap plaatsvindt en dat de snijvlakken niet met andere on derdelen in aanraking komen. – Het verlengen van de sleutel of het aan draaien met behulp van hamerslagen is niet toegestaan. – De spanvlakken moeten worden gereinigd van verontreinigingen, vet, olie en water. – Spanschroeven moeten volgens de aanwij zingen van de fabrikant worden aange draaid. – Voor de instelling van de boorgatdiameter van cirkelzaagbladen in overeenstemming met de asdiameter van de machine mogen alleen vast ingebrachte ringen, bijv.: inge perste ringen of ringen die op hun plaats worden gehouden door een lijmverbinding, Nederlands 58worden gebruikt. Het gebruik van losse rin gen is niet toegestaan. Onderhoud en verzorging – Reparaties en slijpwerkzaamheden mogen alleen door Festool-servicewerkplaatsen of door experts worden uitgevoerd. – De constructie van het gereedschap mag niet veranderd worden. – Gereedschap regelmatig ontharsen en rei nigen (reinigingsmiddel met pH-waarde tussen 4,5 en 8). – Stompe snijkanten kunnen bij het spaan vlak tot een minimale snijdikte van 1 mm worden nageslepen. – Transport van het gereedschap alleen in een geschikte verpakking - verwondingsge vaar!

2.4 Overige veiligheidsvoorschriften

Draag geschikte persoonlijke bescher mingsmiddelen: Gehoorbescherming, vei ligheidsbril, stofmasker bij stofproduceren de werkzaamheden, veiligheidshandschoe nen bij het bewerken van ruwe materialen en bij de vervanging van het gereedschap. – Tijdens het werken kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhou dende verf, enkele houtsoorten of meta len). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of in ademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn. – Draag ter bescherming van uw ge zondheid een P2-stofmasker. Zorg in ge sloten ruimtes voor voldoende ventilatie en sluit een mobiele stofzuiger aan. – Controleer of behuizingsdelen beschadigin gen zoals scheurtjes of breuken vertonen. Laat beschadigde onderdelen vóór het ge bruik van het elektrische gereedschap re pareren. – Gebruik geschikte zoekapparaten om ver borgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke nutsbedrijf. Aontact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand ver oorzaken of tot een elektrische schok lei den. Beschadiging van een gasleiding kan een explosie veroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materiële schade.

2.5 Aluminiumbewerking

Bij de bewerking van aluminium dient men zich uit veiligheidsoverwegingen te houden aan de volgende maatregelen: – Machine aansluiten op een geschikt afzuig apparaat. – Machine regelmatig ontdoen van stofafzet tingen in het motorhuis. – Gebruik een aluminium zaagblad. – Sluit het kijkvenster/ de bescherming tegen stof en spanen. Draag een veiligheidsbril! – Bij het zagen van platen dienen de zaagbla den met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) kunnen zonder smeren worden bewerkt.

De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedra gen gewoonlijk: Geluidsdrukniveau L

= 99 dB(A) Onzekerheid K = 3 dB VOORZICHTIG Geluid dat bij het werk optreedt Beschadiging van het gehoor ► Gehoorbescherming gebruiken. Trillingsemissiewaarde a

(vectorsom van drie richtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 62841: Zagen van hout

De aangegeven emissiewaarden (trilling, ge luid) – zijn geschikt om machines te vergelijken, – om tijdens het gebruik een voorlopige in schatting van de trillings- en geluidsbelas ting te maken – en gelden voor de belangrijkste toepassin gen van het elektrische gereedschap. Nederlands 59VOORZICHTIG Emissiewaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het ge bruik van het gereedschap en de soort van het bewerkte werkstuk. ► De werkelijke belasting tijdens de gehele bedrijfscyclus moet beoordeeld worden. ► Afhankelijk van de werkelijke belasting moeten passende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden vastgelegd. 3 Gebruik volgens de voorschriften Conform de bepalingen zijn de invalcirkelzaag machines bestemd voor het zagen van hout, op hout gelijkende materialen, gips- en cementge bonden vezelstoffen en kunststoffen. Met de door Festool aangeboden speciale zaagbladen voor aluminium kunnen de machines ook voor het zagen van aluminium worden gebruikt. Er mag geen asbesthoudend materiaal worden bewerkt. Geen slijp- en schuurschijven gebruiken. Dit elektrische gereedschap mag uitsluitend door vakmannen of goed opgeleide personen worden gebruikt. Elektrisch gereedschap van Festool mag al leen worden ingebouwd in werktafels die hier voor door Festool bedoeld zijn. Door inbouw in andere of zelfgemaakte werktafels kan het elektrisch gereedschap onveilig worden, met mogelijk ernstige ongevallen als gevolg. De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaats vindt.

Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt: – Zaagbladen conform EN 847-1 – Diameter zaagblad 210 mm – Zaagbreedte 2,4 mm tot 2,6 mm – Opnamegat 30 mm – Stambladdikte max. 1,8 mm – Geschikt voor toerentallen tot 5000min

Festool-zaagbladen voldoen aan de norm EN 847-1. Zaag alleen materialen die conform de bepalin gen voor het betreffende zaagblad bestemd zijn. 4 Technische gegevens Handcirkelzaag TS 75 EBQ,TS 75 EQ Service 1600 W (110 V- variant: 13 A) Toerental (onbelast) 1350 - 4400 min

Verstek 0 - 47° Zaagdiepte bij 0° 0 - 75 mm Zaagdiepte bij 45° 0 - 56 mm Zaagbladafmeting 210x2,4x30 mm Gewicht (zonder netka bel) 6,2 kg 5 Ingebruikneming WAARSCHUWING Ontoelaatbare spanning of frequentie! Risico van ongevallen ► De netspanning en de frequentie van de stroombron dienen met de gegevens op het typeplaatje overeen te stemmen. ► In Noord-Amerika mogen alleen Festool- machines met een spanningsopgave van 120 V/60 Hz worden gebruikt. VOORZICHTIG Verhitting van de plug it-aansluiting bij on volledig vergrendelde bajonetsluiting Verbrandingsgevaar ► Voor het inschakelen van het elektrisch ge reedschap controleren of de bajonetslui ting van de aansluitkabel geheel is geslo ten en vergrendeld. De machine altijd uitschakelen alvorens de netkabel aan te sluiten of uit het stop contact te trekken! Aansluiten en losmaken van de netkabel -zie afbeelding[2]. Schuif de inschakelblokkering [1-8] naar boven en druk op de aan-/uit-schakelaar [1-7] (drukken = AAN / loslaten = UIT). De activering van de inschakelblokkering ont grendelt het invalzaagmechanisme. Het zaa gaggregaat kan naar beneden worden bewo gen. Hierbij komt het zaagblad uit de be schermkap. Nederlands 60Bij het optillen van de machine veert het zaagaggregaat weer in de oorspronkelijke stand terug. 6 Instellingen WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact!

De machine (TS 75 EBQ, TS 75 EQ) bezit een volledige-golfelektronica met de volgende ei genschappen: Zachte aanloop De elektronisch geregelde zachte aanloop zorgt ervoor dat het elektrische gereedschap stootvrij aanloopt. Constant toerental Het motortoerental wordt elektronisch constant gehouden. Hierdoor wordt ook bij belasting een gelijkblijvende zaagsnelheid bereikt. Toerentalregeling Het toerental kan met de stelknop [1-5] trap loos in het toerentalbereik (zie technische ge gevens) worden ingesteld. Daardoor kunt u de zaagsnelheid aan het betreffende oppervlak op timaal aanpassen. Toerentalstand per materiaal Massief hout (hard, zacht) 6 Spaan- en hardvezelplaten 3 ‑ 6 Gelaagd hout, meubelplaat, gefineerd en geplastificeerd plaatmateriaal

4 ‑ 6 Kunststof, vezelversterkte kunststof (GFK), papier en weefsel 3 ‑ 5 Acrylglas 4 ‑ 5 Temperatuurbeveiliging Bij een te hoge motortemperatuur worden stroomtoevoer en toerental gereduceerd. Het elektrische gereedschap draait alleen nog met verminderd vermogen om een snelle afkoeling door de motorventilatie mogelijk te maken. Na afkoeling komt het elektrische gereedschap weer automatisch op gang. Stroombegrenzing De stroombegrenzing voorkomt bij extreme overbelasting een te hoge stroomopname. Dit kan leiden tot een lager motortoerental. Na ontlasting komt de motor direct weer op toeren. Rem De TS 75 EBQ bezit een elektronische rem. Na het uitschakelen wordt het zaagblad in ca. 2 sec. elektronisch tot stilstand afgeremd.

De zaagdiepte kan van 0 – 75 mm worden inge steld. ► de zaagdiepteaanslag [3-3] indrukken en tot de gewenste zaagdiepte verschuiven (de op de schaal [3-1] aangegeven waarden gelden voor 0°-zaagsneden zonder geleide rail, ► de zaagdiepteaanslag loslaten (de zaag diepteaanslag klikt in stappen van 1 mm in). Het zaagaggregaat kan nu tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden worden gedrukt. IIn de boring [3-2] van de zaagdiepteaan slag kan een draadpen (M4x8 tot M4x12) worden aangebracht. Door aan de draad pen te draaien kan de zaagdiepte nog exacter (± 0,1 mm) worden ingesteld.

6.3 Zaaghoek instellen

Het zaagaggregaat kan tussen de 0° en 47° worden gedraaid: ► Draaiknoppen [3-4, 3-6] openen. ► Zaagaggregaat in de gewenste zaaghoek [3-5] draaien, ► Draaiknoppen weer vastdraaien. De beide eindstanden zijn af fabriek inge steld op 0° en 45°. Door de beide schroef draadpennen [3-7] tegen de klok in te draaien, kan de eindstand van 45° tot maximaal 47° worden vergroot.

6.4 Zaagblad selecteren

Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is. Neem de vereiste zaagbladgegevens in acht (zie hoofdstuk 3.1). Nederlands 61Verf Materiaal Symbool Geel Hout Rood Laminaat, minerale grondstof HPL/TRESPA

WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact! VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door heet en scherp ge reedschap ► Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken. ► Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap. Het zaagblad uitnemen ► Voordat u het zaagblad wisselt, dient u de machine in de 0°-stand te zetten en de maximale zaagdiepte in te stellen. ► Sla de hendel [4-2] tot aan de aanslag om. ► Schuif de inschakelblokkering [4-1] omh oog en druk het zaagaggregaat naar bene den tot het inklikt. ► Open de schroef [4-4] met de inbussleutel [4-3]. ► Verwijder het zaagblad . Zaagblad plaatsen WAARSCHUWING! Controleer schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen scho ne en onbeschadigde onderdelen! ► Nieuw zaagblad inbrengen. WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [4-9] en zaag [4-7] moeten over eenkomen! Wordt dit niet in acht genomen, dan kan dit tot ernstig letsel leiden. ► De buitenste flens [4-10] zo inbrengen dat de meeneempennen in de uitsparing van de binnenste flens grijpen. ► Schroef [4-4] stevig aandraaien. ► Hendel [4-2] terugslaan.

6.6 Splijtwig instellen

► Hendel [4-2] tot de aanslag omdraaien, ► inschakelblokkering [4-1] naar boven draaien en zaagaggregaat naar beneden drukken tot het inklikt, ► bout [4-6] met inbussleutel [4-3] losdraai en, ► splijtwig volgens afbeelding [4] instellen, ► bout [4-6] vast aandraaien, ► hendel [4-2] terugdraaien.

WAARSCHUWING Gevaar voor de gezondheid door stof ► Nooit zonder afzuiging werken. ► Nationale voorschriften in acht nemen. Festool mobiele stofzuiger Bij de afzuigaansluiting [6-1] kan een Festool mobiele stofzuiger met een afzuigslangdiame ter van 27/32 mm of 36 mm (36 mm vanwege geringer verstoppingsgevaar aanbevolen) wor den aangesloten. Het aansluitstuk van een afzuigslang Ø 27 wordt in het hoekstuk gestoken. Het aansluit stuk van een afzuigslang Ø 36 wordt in het hoekstuk gestoken. ATTENTIE! Als er geen antistatische afzuig slang wordt gebruikt, kan een statische opla ding ontstaan. De gebruiker kan een elektri sche schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd wor den.

6.8 Splinterbescherming monteren

Bij 0°-zaagsneden verbetert de splinterbe scherming (accessoires) duidelijk de kwaliteit van de snijrand van het afgezaagde werkstuk deel aan de bovenliggende zijde. ► Splinterbescherming [5-1] op de be schermkap bevestigen, ► Machine op het werkstuk resp. de geleide rail plaatsen, ► Splinterbescherming tot op het werkstuk naar beneden drukken en met de draaiknop [5-2] vastschroeven, ► Splinterbescherming inzagen (machine op maximale zaagdiepte en toerentalstand 6). Nederlands 627 Werken met het elektrische gereedschap Bij het werken alle aan het begin vermel de veiligheidsvoorschriften en de volgen de regels in acht nemen: Vóór het begin – Controleer voor elk gebruik of de aandrij feenheid met het zaagblad probleemloos en volledig in de uitgangsstand naar boven in de beschermende behuizing terug zwenkt. Gebruik de zaag niet als de boven ste eindpositie niet veiliggesteld is. Klem of fixeer de zwenkbare aandrijfeenheid nooit op een bepaalde zaagdiepte vast. Daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. – Controleer voor gebruik altijd of de induik voorziening functioneert en neem de ma chine alleen in gebruik wanneer deze func tioneert volgens de voorschriften. – Controleer of het zaagblad goed vastzit. – Verzeker u er vóór aanvang van de werk zaamheden van dat de draaiknop [3-4, 3-6] stevig is aangedraaid. – Zorg ervoor dat de afzuigslang en de netka bel over de gehele zaagsnede niet blijft ha ken, noch aan het werkstuk, noch aan de werkstuksteun of gevaarlijke plaatsen op de vloer. – Bevestig het werkstuk altijd zo dat het tij dens de bewerking niet kan bewegen. – Het werkstuk spanningsvrij en vlak opleg gen. Tijdens het werk – Houd het elektrische gereedschap tijdens de werkzaamheden altijd met beide han den vast aan de handgrepen [1-1, 1-6]. Dit is de voorwaarde voor exact werken en ab soluut noodzakelijk voor het induiken. Duik langzaam en gelijkmatig in het werkstuk in. – Geleid de machine alleen in ingeschakelde toestand tegen een werkstuk. – Beweeg de zaag altijd naar voren [1-2], en trek hem nooit achteruit naar u toe. – Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunst stof voor dat dit niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des te kleiner moet de voedingssnelheid zijn. – Werk niet met de machine wanneer de elektronica defect is, omdat dit tot een te hoog toerental kan leiden. Defecte elektro nica herkent u aan een gebrekkige zachte aanloop, wanneer er geen toerentalrege ling mogelijk is en bij rookontwikkeling of verbrandingsgeur uit de machine.

7.1 Zagen volgens aftekenlijn

De zaagindicatie [6-3] geeft bij 0°- en 45°-zaag sneden (zonder geleiderail) het zaagverloop aan.

De machine met het voorste deel van de zaag tafel op het werkstuk plaatsen, de machine in schakelen, tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden drukken en in de zaagrichting naar vo ren bewegen.

7.3 Delen uitzagen (invallend zagen)

Om een terugslag te voorkomen dienen bij invallend zagen de volgende aanwij zingen beslist in acht te worden genomen: – De machine dient altijd met de achterkant van de zaagtafel tegen een vaste aanslag te worden gezet. Bij werkzaamheden met de geleiderail moet de machine tegen de te rugslagstop [7-1] worden gezet, die op de geleiderail wordt vastgeklemd (zie afbeel ding [7]; wordt de geleiderail niet gebruikt, dan kan de terugslagstop op de geleide plaat [7-2] van de machine worden be waard). – De machine dient steeds met beide handen te worden vastgehouden en slechts lang zaam in te vallen Handelwijze de machine op het werkstuk plaatsen en tegen de aanslag (terugslagstop) zetten, machine in schakelen, langzaam tot de ingestelde zaag diepte naar benenden drukken en in de zaa grichting bewegen. De markeringen [6-2] geven bij maximale zaag diepte en gebruik van de geleiderail het voorste en achterste zaagpunt van het zaagblad (Ø 210 mm) aan. Nederlands 638 Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Vóór alle onderhouds- en reinigingswerk zaamheden de stekker altijd uit het stop contact trekken! ► Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam heden waarvoor het vereist is om de behui zing te openen, mogen alleen in een geau toriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd. Klantenservice en reparatie alleen door fabrikant of door servicewerk plaatsen. Adres bij u in de buurt op: www.festool.nl/service Alleen originele Festool-reserveon derdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.nl/service EKAT

De volgende aanwijzingen in acht nemen: ► Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen,bijv. een defecte hendel voor de gereedschapswisseling [1-8], moeten op deskundige wijze in een erkende en gespe cialiseerde werkplaats gerepareerd en ver vangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is. ► Controleer toestand en probleemloze werk ing van de terughaalveer die de gehele aan drijfeenheid in de bovenste beveiligde eind positie drukt. ► Zorg ervoor dat de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon zijn om de luchtcirculatie te waarborgen. ► Om splinters en spanen uit het elektrische gereedschap te verwijderen, dienen alle openingen te worden schoongezogen. Open nooit de beschermende kap [4-7]. ► Bij werkzaamheden met gips- en cement gebonden vezelplaten het apparaat bijzon der grondig reinigen. Reinig de ventilatie openingen van het elektrische gereedschap en de aan-/uit-schakelaar met droge en olievrije perslucht. Anders kan zich gips houdend stof in de behuizing van het elek trische gereedschap en op de aan-/uit- schakelaar afzetten en in verbinding met luchtvochtigheid uitharden. Dat kan tot na delige beïnvloeding van het schakelmecha nisme leiden. 9 Accessoires De bestelnummers voor accessoires en ge reedschap vindt u in uw Festool-catalogus of op het internet op www.festool.com.

9.1 Parallelaanslag, tafelverbreding

Voor het afzagen van delen met een maximale breedte van 180 mm kan een parallelaanslag worden ingezet. De parallelaanslag kan ook als tafelverbreding worden gebruikt.

De geleiderail maakt precieze, zuivere zaag sneden mogelijk en beschermt tegelijkertijd het oppervlak van het werkstuk tegen beschadi ging. In combinatie met de omvangrijke accessoires kunnen met het geleidesysteem exacte hoek zaagsneden, verstekzaagsneden en inpaswerk zaamheden worden uitgevoerd. De bevesti gingsmogelijkheid met behulp van lijmklem men [6-4] zorgt voor een stevig houvast en voor veilig werken. ► Speling van de zaagtafel op de geleiderail met de beide instelgeleiders [1-3] instellen. Zaag voor het eerste gebruik van de geleide rail de splinterbescherming [1-4] in: ► Zet het toerental van de machine op stand

► Plaats de machine met de gehele geleide plaat aan het achtereinde van de geleide rail. ► Schakel de machine in. ► Druk de machine langzaam tot de max. in gestelde zaagdiepte omlaag en zaag de splinterbescherming zonder onderbreking over de gehele lengte aan. De rand van de splinterbescherming komt nu precies overeen met de snijrand. Leg de geleiderail voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afval hout.

9.3 Multifunctionele tafel

Met de multifunctionele tafel MFT/3 kan het werkstuk eenvoudig worden opgespannen en kunnen grotere en kleinere werkstukken in combinatie met het geleidesysteem veilig en precies worden bewerkt. Door zijn talrijke ge bruiksmogelijk-heden is het mogelijk econo misch en ergonomisch te werken.