TSC 55 K - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TSC 55 K FESTOOL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TSC 55 K - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TSC 55 K van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING TSC 55 K FESTOOL
EU-conformiteitsverklaring. Wij verklaren en stellen ons ervoor verantwoordelijk dat dit product volledig voldoet aan alle volgende EU-richtlijnen en volgende normen of normatieve documenten daaraan ten grondslag gelegd werden:
- 8 Werken met het elektrische gereed schap p. 78
- 9 Onderhoud en verzorging p. 81
- 10 Accessoires p. 82
- 11 Milieu p. 82
- 12 Algemene aanwijzingen 1 Symbolen Waarschuwing voor algemeen gevaar Waarschuwing voor elektrische schok Lees de gebruiksaanwijzing en veilig heidsvoorschriften! Draag gehoorbescherming! Veiligheidshandschoenen bij gereed schapswisseling en omgang met ruwe materialen dragen! Draag een zuurstofmasker! Draag een veiligheidsbril! Accupack inbrengen Accupack verwijderen Gevaar van beknelling voor vingers en handen! Hoogste vermogen met twee accu packs (36 V). Geringer vermogen met één accupack (18 V). Draairichting van de zaag en het zaag blad KickbackStop-functie STOP Elektrodynamisch uitloopremsysteem Niet met het huisvuil meegeven. Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens. zie hoofdstuk 12.1 CE-markering: Bevestigt de conformi teit van het elektrische gereedschap met de richtlijnen van de Europese Unie. Handelingsinstructie Tip, aanwijzing 2 Veiligheidsvoorschriften p. 82
2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor
elektrische gereedschappen WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij zingen om ze later te kunnen raadplegen. Het begrip “elektrisch gereedschap” dat in de veiligheidsinstructies gebruikt wordt, heeft be trekking op elektrisch gereedschap met net voeding (met netsnoer) of elektrisch gereed schap met accuvoeding (zonder netsnoer). Neem de bedieningshandleiding van het op laadapparaat en het accupack in acht.
2.2 Machinespecifieke
veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzaagmachines Zaagmethode
Gevaar! Kom met uw handen niet in het zaagbereik en raak het zaagblad niet aan. Houd met uw tweede hand de extra greep of de motorbehuizing vast. Wanneer u de cirkelzaag vasthoudt met beide han den, kunnen ze niet gewond raken door het zaagblad. – Kom niet met uw handen onder het werk stuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet beschermen tegen het zaag blad. – Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte zichtbaar zijn onder het werkstuk. Nederlands 71– Houd het werkstuk dat gezaagd moet wor den nooit in de hand of boven uw been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele opname. Het is belangrijk het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van li chaamscontact, beklemming van het zaag blad of controleverlies tot een minimum te rug te brengen. – Houd het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert waarbij het in zetgereedschap verborgen stroomleidin gen kan raken. Contact met een spanning voerende leiding zet ook de metalen onder delen van het elektrisch gereedschap on der spanning en veroorzaakt een elektri sche schok. – Gebruik bij het in de lengte zagen altijd een aanslag of een geleiding langs een rechte kant. Hierdoor wordt de zaagnauw keurigheid verbeterd en de kans op be klemming van het zaagblad verminderd. – Gebruik altijd zaagbladen die de juiste grootte en een geschikt opnamegat (bijv. ruitvormig of rond) hebben .Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controleverlies. – Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagblad-spanflenzen of -schroeven. De zaagblad-spanflenzen en -schroeven zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor op timale prestaties en gebruiksveiligheid. Terugslag – oorzaak en bijbehorende veilig heidsinstructies – Een terugslag is de plotselinge reactie van een hakend, klemmend of verkeerd uitge richt zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag zich ongecontroleerd van het werk stuk af en in de richting van de gebruiker beweegt – wanneer het zaagblad zich in de sluitende zaagspleet vasthaakt of klem komt te zit ten, raakt het geblokkeerd en wordt het ap paraat door de kracht van de motor in de richting van de gebruiker teruggeslagen; – wordt het zaagblad in de zaagsnede ver draaid of verkeerd uitgericht, dan kunnen de tanden van het achterste zaagbladge bied zich vasthaken in het oppervlak van het werkstuk, waardoor het zaagblad uit de zaagspleet en de zaag in de richting van de gebruiker terugspringt. Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de zaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden be schreven, kan dit echter worden voorkomen. – Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in zo'n positie dat u de te rugslagkrachten kunt opvangen. Blijf al tijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cir kelzaag naar achteren springen, maar wanneer de juiste maatregelen zijn getrof fen kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen. – Indien het zaagblad klem komt te zitten of u het werk onderbreekt, laat dan de aan-/ uit-schakelaar los en houd de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen. Probeer zolang het zaagblad zich beweegt nooit om de zaag uit het werkstuk te halen of naar achteren te trekken, anders kan er een te rugslag plaatsvinden. Bepaal de oorzaak voor het afklemmen van het zaagblad en los deze op. – Wanneer u een zaag die in het werkstuk steekt weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn blijven haken. Is het zaagblad beklemd ge raakt, dan kan het zich bij het opnieuw starten van de zaag uit het werkstuk bewe gen of een terugslag veroorzaken. – Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaag blad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen dienen aan beide kanten, zowel bij de zaagspleet als bij de rand, te worden ge stut. – Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd uitgerichte tanden leiden door de te nauwe zaagspleet tot een grotere wrij ving, beklemming van het zaagblad en te rugslag. – Draai voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstellingen vast. Wanneer de in stellingen tijdens het zagen gewijzigd wor den, kan het zaagblad beklemd raken en een terugslag optreden. – U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij „in valzaagsneden“ in bestaande wanden of andere plaatsen waar geen waarneming mogelijk is. Het invallende zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten geblok keerd raken en een terugslag veroorzaken. Nederlands 72Functie van de beschermkap – Controleer voor gebruik altijd of de be schermkap goed sluit. Gebruik de zaag niet wanneer de beschermkap niet vrij be wogen kan worden en niet direct sluit. Klem of bind de beschermkap nooit vast; daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. Mocht de zaag per ongeluk op de grond vallen, dan kan de beschermkap worden verbogen. Zorg ervoor dat de be schermkap vrij beweegt en bij alle zaag hoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt. – Controleer de toestand en werking van de veer voor de beschermkap. Werken de be schermkap en de veer niet foutloos, wacht dan met het gebruik van het apparaat. Be schadigde delen, plakkerige afzettingen of ophopingen van spaanders zorgen ervoor dat er bij de werking van de beschermkap vertraging optreedt. – Beveilig bij de „invalzaagsnede“ die niet in een rechte hoek uitgevoerd wordt, de grondplaat van de zaag tegen het zijde lings verschuiven. Verschuiven in zijwaart se richting kan ertoe leiden dat het zaag blad beklemd raakt en een terugslag ver oorzaakt. – Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de beschermkap het zaagblad afdekt. Een onbeschermd, nalo pend zaagblad beweegt de zaag tegen de zaagrichting in en zaagt wat het op zijn weg tegenkomt. Houd hierbij rekening met de nalooptijd van de zaag. Werking van de aftastnok [1-21] (Kickback Stop-functie) – Reinig bij elke zaagbladwisseling de aftas teenheid [5-4] door uitblazen of met een kwast. Een verontreiniging van de aftas teenheid kan de KickbackStop-functie beïn vloeden en daardoor een remming van het zaagblad verhinderen. – Gebruik de zaag niet met een verbogen af tastnok. Al een geringe beschadiging kan de remming van het zaagblad vertragen.
2.3 Veiligheidsinstructies voor het
voorgemonteerde zaagblad Toepassing – Het op het zaagblad aangegeven maxi mumtoerental mag niet worden overschre den of het toerentalbereik moet in acht worden genomen. – Het voorgemonteerde zaagblad is uitslui tend voor het gebruik in cirkelzagen be doeld. – Bij het uit- en inpakken van het gereed schap alsook bij het hanteren (bijv. inbouw in de machine) uiterst voorzichtig te werk gaan. Verwondingsgevaar door de heel scherpe snijkanten! – Bij het hanteren van het gereedschap wordt de greepveiligheid van het gereedschap door het dragen van veiligheidshandschoe nen verbeterd en de kans op letsel verder verminderd. – Cirkelzaagbladen die gescheurd zijn, moe ten vervangen worden. Reparatie is niet toegestaan. – Cirkelzaagbladen in composietuitvoering (gesoldeerde zaagtanden), waarvan de zaagtanddikte kleiner is dan 1 mm, mogen niet meer worden gebruikt. – Gereedschap met zichtbare scheuren, met stompe of beschadigde snijkanten mogen niet gebruikt worden. Montage en bevestiging – Gereedschappen moeten zo zijn opgespan nen dat ze bij het gebruik niet loslaten. – Bij de montage van de gereedschappen moet ervoor worden gezorgd dat het op spannen op de gereedschapsnaaf of op het spanvlak van het gereedschap plaatsvindt en dat de snijvlakken niet met andere on derdelen in aanraking komen. – Het verlengen van de sleutel of het aan draaien met behulp van hamerslagen is niet toegestaan. – De spanvlakken moeten worden gereinigd van verontreinigingen, vet, olie en water. – Spanschroeven moeten volgens de aanwij zingen van de fabrikant worden aange draaid. – Voor de instelling van de boorgatdiameter van cirkelzaagbladen in overeenstemming met de asdiameter van de machine mogen alleen vast ingebrachte ringen, bijv.: inge perste ringen of ringen die op hun plaats worden gehouden door een lijmverbinding, worden gebruikt. Het gebruik van losse rin gen is niet toegestaan. Onderhoud en verzorging – Reparaties en slijpwerkzaamheden mogen alleen door Festool-servicewerkplaatsen of door experts worden uitgevoerd. – De constructie van het gereedschap mag niet veranderd worden. Nederlands 73– Gereedschap regelmatig ontharsen en rei nigen (reinigingsmiddel met pH-waarde tussen 4,5 en 8). – Stompe snijkanten kunnen bij het spaan vlak tot een minimale snijdikte van 1 mm worden nageslepen. – Transport van het gereedschap alleen in een geschikte verpakking - verwondingsge vaar!
2.4 Overige veiligheidsvoorschriften
Draag geschikte persoonlijke bescher mingsmiddelen: Gehoorbescherming, vei ligheidsbril, stofmasker bij stofproduceren de werkzaamheden, veiligheidshandschoe nen bij het bewerken van ruwe materialen en bij de vervanging van het gereedschap. – Tijdens het werken kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhou dende verf, enkele houtsoorten of meta len). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of in ademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn.
Draag ter bescherming van uw ge zondheid een P2-stofmasker. Zorg in ge sloten ruimtes voor voldoende ventilatie en sluit een mobiele stofzuiger aan. – Dit elektrische gereedschap mag niet wor den ingebouwd in een werktafel. Door in bouw in een zelfgemaakte of door een an dere fabrikant aangeboden werktafel kan het elektrische gereedschap onveilig wor den en tot ernstige ongevallen leiden. – Geen netvoeding of accupacks van andere leveranciers voor het gebruik van het ac cugereedschap toepassen. Geen oplaad apparaten van andere leveranciers voor het laden van de accupacks gebruiken. Het gebruik van accessoires die niet door de fa brikant worden voorgeschreven, kan tot een elektrische schok en/of ernstig letsel leiden. – Controleer of behuizingsdelen beschadigin gen zoals scheurtjes of breuken vertonen. Laat beschadigde onderdelen vóór het ge bruik van het elektrische gereedschap re pareren. – Gebruik geschikte zoekapparaten om ver borgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke nutsbedrijf. Aontact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand ver oorzaken of tot een elektrische schok lei den. Beschadiging van een gasleiding kan een explosie veroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materiële schade.
2.5 Aluminiumbewerking
Bij de bewerking van aluminium dient men zich uit veiligheidsoverwegingen te houden aan de volgende maatregelen: – Draag een veiligheidsbril! – Elektrisch gereedschap op een geschikt af zuigapparaat met antistatische afzuigslang aansluiten. – Elektrisch gereedschap regelmatig reini gen van stofafzettingen in de motorbehui zing. – Een aluminium-zaagblad gebruiken. – Sluit het kijkvenster/ de bescherming tegen stof en spanen. – Bij het zagen van platen dienen de zaagbla den met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) kunnen zonder smeren worden bewerkt.
De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedra gen gewoonlijk: Geluidsdrukniveau L
106 dB(A) Onzekerheid K = 5 dB VOORZICHTIG Geluid dat bij het werk optreedt Beschadiging van het gehoor ► Gehoorbescherming gebruiken. Trillingsemissiewaarde a
(vectorsom van drie richtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 62841: Zagen van hout
De aangegeven emissiewaarden (trilling, ge luid) – zijn geschikt om machines te vergelijken, Nederlands 74– om tijdens het gebruik een voorlopige in schatting van de trillings- en geluidsbelas ting te maken – en gelden voor de belangrijkste toepassin gen van het elektrische gereedschap. VOORZICHTIG Emissiewaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het ge bruik van het gereedschap en de soort van het bewerkte werkstuk. ► De werkelijke belasting tijdens de gehele bedrijfscyclus moet beoordeeld worden. ► Afhankelijk van de werkelijke belasting moeten passende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden vastgelegd. 3 Gebruik volgens de voorschriften Conform de bepalingen is de accu-pendelkap zaag bestemd voor het zagen van hout, op hout gelijkende materialen, gips- en cementgebon den vezelstoffen en kunststoffen. Met de door Festool aangeboden speciale zaagbladen voor aluminium kan de machine ook voor het zagen van aluminium worden gebruikt. Er mag geen asbesthoudend materiaal worden bewerkt. Geen slijp- en schuurschijven gebruiken. Het elektrische gereedschap is geschikt voor gebruik met Festool-accupacks van de serie BP uit dezelfde spanningsklasse. Dit elektrische gereedschap mag uitsluitend door vakmannen of goed opgeleide personen worden gebruikt. De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaats vindt.
Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt: – Zaagbladen conform EN 847-1 – Diameter zaagblad 160 mm – Zaagbreedte 1,8 mm – Opnamegat 20 mm – Stambladdikte 1,1-1,4 mm – Geschikt voor toerentallen tot 9500 min
Festool-zaagbladen voldoen aan de norm EN 847-1. Zaag alleen materialen die conform de bepalin gen voor het betreffende zaagblad bestemd zijn. 4 Technische gegevens Accu-invalcirkelzaag TSC 55 KEB Motorspanning 18 - 2 x 18 V Toerental (onbelast) 1 x 18 V 2650 - 3800 min
Verstek -1° tot 47° Zaagdiepte bij 0° 0 - 55 mm Zaagdiepte bij 45° 0 - 43 mm Zaagbladafmeting 160 x 1,8 x 20 mm Gewicht conform EPTA-pro cedure 01:2014 (met 2x ac cupack BP 18 Li 5,2 AS) 5,3 kg Gewicht zonder accupack 3,9 kg 5 Apparaatelementen [1-1] Handgrepen [1-2] Draaiknoppen voor hoekinstelling [1-3] Hoekschaal [1-4] Ontgrendelingen voor ondersnijdin gen -1° tot 47° [1-5] Hendel voor gereedschapwisseling [1-6] Inschakelblokkering [1-7] Aan/uit-schakelaar [1-8] Afzuigaansluiting [1-9] Toets voor het ontkoppelen van het accupack [1-10] Instelgeleiders [1-11] Toets capaciteitsindicatie op het ac cupack [1-12] Toerentalregeling [1-13] Capaciteitsindicatie accupack [1-14] Status-LED KickbackStop-functie [1-15] Toets KickbackStop-functie OFF [1-16] Instelschroef van de zaagdiepte voor bijgeslepen zaagbladen [1-17] Zaagdiepteaanslag [1-18] Freesindicatie Nederlands 75[1-19] Kijkvenster/bescherming tegen stof en spanen [1-20] Splinterbescherming [1-21] Aftastnok [1-22] Beveiligingsdeksel [1-23] Tweedelige schaal voor zaagdiepte aanslag (met/zonder geleiderail) De vermelde afbeeldingen staan aan het begin en aan het einde van de gebruiksaanwijzing. Afgebeelde of beschreven accessoires behoren voor een deel niet tot de leveringsomvang. 6 Accupack Vóór de plaatsing van het accupack moet de ac cu-aansluiting op verontreiniging gecontroleerd worden. Een verontreiniging van de accu-aan sluiting kan een goed contact belemmeren en tot schade aan de contacten leiden. Een gestoord contact kan tot oververhitting en beschadiging van het apparaat leiden. [2A] Accupack verwijderen. [2B]
lick Accupack plaatsen - tot aan het vastklikken. Let op! Het gebruik van de machine is al leen onder de volgende voorwaarden mo gelijk [2C]: Beide accupacks zijn aangebracht. Hoogste vermogen met twee accupacks (36 V). Alleen het onderste accupack is aangebracht. Geringer vermogen met één accupack (18 V).
6.1 Vermogensindicatie
De capaciteitsindicatie [1-13] geeft als de toets [1-11] wordt ingedrukt de laadtoestand van het accupack ca. 2 sec. lang aan: 70‑100% 40‑70% 15‑40% < 15%
Advies: Laad het accupack op alvorens de machine verder te gebruiken. Meer informatie over oplaadapparaat en accupack met capaciteitsindicatie vindt u in de bedieningshandleidingen van accu pack en oplaadapparaat. 7 Instellingen WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Vóór alle werkzaamheden aan het elektri sche gereedschap het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen.
Zachte aanloop De elektronisch geregelde zachte aanloop zorgt ervoor dat het elektrische gereedschap stootvrij aanloopt. Constant toerental Het motortoerental wordt elektronisch constant gehouden. Hierdoor wordt ook bij belasting een gelijkblijvende zaagsnelheid bereikt. Toerentalregeling Het toerental kan met de stelknop [1-12] trap loos in het toerentalbereik (zie technische ge gevens) worden ingesteld. Daardoor kunt u de zaagsnelheid aan het betreffende oppervlak op timaal aanpassen. Toerentalstand per materiaal Massief hout (hard, zacht) 6 Spaan- en hardvezelplaten 3 ‑ 6 Gelaagd hout, meubelplaat, gefineerd en geplastificeerd plaatmateriaal
4 ‑ 6 Kunststof, vezelversterkte kunststof (GFK), papier en weefsel 3 ‑ 5 Acrylglas 4 ‑ 5 Stroombegrenzing De stroombegrenzing voorkomt bij extreme overbelasting een te hoge stroomopname. Dit kan leiden tot een lager motortoerental. Na ontlasting komt de motor direct weer op toeren. Nederlands 76Rem De zaag bezit een elektronische rem. Na het uitschakelen wordt het zaagblad in ca. 2 sec. elektronisch tot stilstand afgeremd. Temperatuurbeveiliging Bij een te hoge motortemperatuur worden de stroomtoevoer en het toerental gereduceerd. Het elektrische gereedschap draait alleen nog met verminderd vermogen om een snelle af koeling door de motorventilatie mogelijk te ma ken. Na afkoeling komt het elektrisch gereed schap weer automatisch op gang.
7.2 Zaagdiepte instellen
De zaagdiepte kan van 0 - 55 mm op de zaag diepteaanslag [3-1] ingesteld worden. Het zaagaggregaat kan nu tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden worden gedrukt. Zaagdiepte zonder geleiderail max. 55 mm +FS Zaagdiepte met geleiderail FS max. 51 mm
7.3 Zaaghoek instellen
tussen 0° en 45°: ► Open de draaiknoppen [4-1]. ► Breng het zaagaggregaat in de gewenste zaaghoek [4-2]
► Sluit de draaiknoppen [4-1]. De beide standen (0° en 45°) zijn stan daard ingesteld en kunnen door de klan tenservice worden aangepast. Schuif bij hoekzaagsneden het kijkven ster/de splinterbescherming in de hoog ste positie! op ondersnijding -1° en 47°: ► Draai het zaagaggregaat zoals boven be schreven in de eindstand (0°/45°). ► Trek de ontgrendeling [4-3] iets naar bui ten. ► Trek voor de -1°-achtersnijding de ontgren deling [4-4] extra naar buiten. Het zaagaggregaat valt in de -1°/47°-stand. ► Sluit de draaiknoppen [4-1].
7.4 Zaagblad selecteren
Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is. Neem de vereiste zaagbladgegevens in acht (zie hoofdstuk 3.1). Verf Materiaal Symbool Geel Hout Rood Laminaat, minerale grondstof HPL/TRESPA
VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door heet en scherp ge reedschap ► Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken. ► Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap. WAARSCHUWING Gevaar voor letsel ► Vóór alle werkzaamheden aan het elektri sche gereedschap het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen. Het zaagblad uitnemen ► Voordat u het zaagblad wisselt, moet u de zaag in de 0°-stand te zetten en de maxima le zaagdiepte instellen. ► Sla de hendel [5-2] tot aan de aanslag om. Hendel alleen bij stilstand van de zaag be dienen! ► Druk het zaagaggregaat naar beneden tot het inklikt. Het zaagaggregaat bevindt zich in de bovenste inklikpositie [A]. ► Open de schroef [5-8] met de inbussleutel [5-2]. ► Verwijder het zaagblad [5-7]. Aftasteenheid reinigen WAARSCHUWING! Een verontreiniging van de aftasteenheid kan de KickbackStop-functie be invloeden en daardoor een remming van het zaagblad verhinderen. ► Houd het zaagaggregraat aan de greep vast, sluit de hendel [5-2] en druk het zaagag gregaat geheel naar beneden. Nederlands 77► Open de hendel [5-2] opnieuw en laat het zaagaggregaat inklikken. Het zaagaggregaat bevindt zich in de onderste inklikpositie [B]. ► Reinig de aftasteenheid [5-4] door uitblazen of met een kwast. Zaagblad plaatsen WAARSCHUWING! Controleer schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen scho ne en onbeschadigde onderdelen! ► Houd de zaagaggregaten aan de greep vast en sla de hendel [5-2] tot aan de aanslag om. ► Breng het zaagaggregaat weer in de boven ste inklikpositie. ► Breng een nieuw zaagblad aan. WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [5-6] en zaag [5-3] moeten over eenkomen! Wordt dit niet in acht genomen, dan kan dit tot ernstig letsel leiden. ► Breng de buitenste flens [5-5] zo in, dat de meeneempennen in de uitsparing van de binnenste flens grijpen. ► Draai de schroef [5-8] goed vast. ► Houd het zaagaggregraat aan de greep vast, sluit de hendel [5-2] en leid het zaagaggre gaat terug naar boven.
7.6 Kijkvenster/ splinterbescherming
aanbrengen Het kijkvenster (transparant) [6-1] maakt zicht op het zaagblad mogelijk en optimaliseert de stofafzuiging.
splinterbescherming (groen) [6-2] verbe tert bij 0° zaagsneden bovendien de kwaliteit van de snijrand aan de bovenkant van het afge zaagde werkstukdeel. ► Plaats de splinterbescherming [6-2]
► Schroef de draaiknop [6-3] door het langgat in de splinterbescherming. ► Let erop dat de moer [6-4] goed in de splin terbescherming zit. ► ATTENTIE! Alleen de draaiknop gebruiken die bij de invalcirkelzaagmachine wordt meegeleverd. De draaiknop van een andere zaag kan te lang zijn en het zaagblad blok keren. Splinterbescherming inzagen De splinterbescherming moet vóór het eerste gebruik ingezaagd worden: ► Stel de machine in op maximale zaagdiepte. ► Zet het toerental van de machine op stand
► Leg de machine voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afvalhout.
WAARSCHUWING Gevaar voor de gezondheid door stof ► Nooit zonder afzuiging werken. ► Nationale voorschriften in acht nemen. ► Bij het zagen van kankerverwekkende stof fen altijd een geschikte mobiele stofzuiger volgens de nationale bepalingen aanslui ten. Niet de stofopvangzak gebruiken. Geïntegreerde afzuiging ► Het aansluitstuk [7-2] van de stofopvangzak [7-3] door naar rechts te draaien aan de af zuigaansluiting [7-1] bevestigen. ► Voor het leegmaken het aansluitstuk van de stofopvangzak van de afzuigaansluiting ver wijderen door het naar links te draaien. Door verstoppingen in de beschermkap kunnen veiligheidsfuncties beïnvloed worden. Om ver stoppingen te vermijden is het daarom beter om met een mobiele stofzuiger met volle af zuigcapaciteit te werken. Bij het zagen (bijv. van MDF) kan er statische oplading ontstaan. Werk dan met een mobiele stofzuiger en een antistatische afzuigslang. Festool mobiele stofzuiger Bij de afzuigaansluiting [7-1] kan een Festool mobiele stofzuiger met een afzuigslangdiame ter van 27/32 mm of 36 mm (36 mm vanwege geringer verstoppingsgevaar aanbevolen) wor den aangesloten. Het aansluitstuk van een afzuigslang Ø 27 wordt in het hoekstuk [7-4] gestoken. Het aan sluitstuk van een afzuigslang Ø 36 wordt in het hoekstuk [7-4] gestoken. ATTENTIE! Als er geen antistatische afzuig slang wordt gebruikt, kan een statische opla ding ontstaan. De gebruiker kan een elektri sche schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd wor den. 8 Werken met het elektrische gereedschap Bij het werken alle aan het begin vermel de veiligheidsvoorschriften en de volgen de regels in acht nemen: Nederlands 78Vóór het begin – Controleer voor elk gebruik of de aandrij feenheid met het zaagblad probleemloos en volledig in de uitgangsstand naar boven in de beschermende behuizing terug zwenkt. Gebruik de zaag niet als de boven ste eindpositie niet veiliggesteld is. Klem of fixeer de zwenkbare aandrijfeenheid nooit op een bepaalde zaagdiepte vast. Daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. – Controleer voor gebruik altijd of de induik voorziening functioneert en neem de ma chine alleen in gebruik wanneer deze func tioneert volgens de voorschriften. – Controleer of het zaagblad goed vastzit. – Controleer voor elk gebruik van de zaag de KickbackStop-functie (zie hoofdstuk 8.7). – ATTENTIE! Oververhittingsgevaar! Voor gebruik controleren of het accupack veilig vastgeklikt is – Verzeker u er vóór aanvang van de werk zaamheden van dat de draaiknop [1-2] ste vig is aangedraaid. – Zorg ervoor dat de afzuigslang over de ge hele zaagsnede niet blijft haken, noch aan het werkstuk, noch aan de werkstuksteun of gevaarlijke plaatsen op de vloer. – Bevestig het werkstuk altijd zo dat het tij dens de bewerking niet kan bewegen. – Het werkstuk spanningsvrij en vlak opleg gen. Tijdens het werk – Leg de bodemplaat van de zaag bij het wer ken steeds geheel op. – Houd het elektrische gereedschap tijdens de werkzaamheden altijd met beide han den vast aan de handgrepen [1-1]. Dit is de voorwaarde voor exact werken en absoluut noodzakelijk voor het induiken. Duik lang zaam en gelijkmatig in het werkstuk in. – Geleid de machine alleen in ingeschakelde toestand tegen een werkstuk. – Beweeg de zaag altijd naar voren [10-2], en trek hem nooit achteruit naar u toe. – Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunst stof voor dat dit niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des te kleiner moet de voedingssnelheid zijn. – Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de beschermkap het zaagblad compleet afdekt.
8.1 In-/Uitschakelen
Schuif de inschakelblokkering [1-6] naar boven en druk op de in-/uitschake laar [1-7] (drukken = IN / loslaten = UIT). De activering van de inschakelblokkering ont grendelt het invalzaagmechanisme. Het zaa gaggregaat kan naar beneden worden bewo gen. Hierbij komt het zaagblad uit de be schermkap.
8.2 Akoestische waarschuwingssignalen
Bij de volgende bedrijfsomstandigheden klinkt een akoestisch waarschuwingssignaal en wordt de machine uitgeschakeld: peep ―
8.3 KickbackStop-functie
WAARSCHUWING Gevaar voor letsel De KickbackStop-functie garandeert geen volledige bescherming tegen een terugslag. ► Werk altijd geconcentreerd en neem alle veiligheidsinstructies en waarschuwingen in acht. Een terugslag tijdens het werk kan ertoe leiden dat de zaag onbedoeld opgelicht wordt. De aftastnok [8-1] herkent bij het werk een on bedoeld oplichten (terugslag) van de zaag van het werkstuk of van een rail en activeert een snelremming van het zaagblad (afbeelding 8a
Het gevaar van een terugslag wordt daarmee verminderd. Het kan echter niet volledig uitge sloten worden. Status-LED KickbackStop-functie Kleur Betekenis Groen KickbackStop-functie is actief. Oranje KickbackStop-functie is gedeacti veerd. Nederlands 79Kleur Betekenis Oranje knippe rend KickbackStop-functie is niet actief. De zaag werd gestart voordat de aftastnok op het werkstuk of op een geleiderail werd gedrukt. De bodemplaat van de zaag ligt niet geheel op. Na geheel opleggen van de zaag brandt de LED groen. Als dit niet het geval is, controleer dan de KickbackStop-functie (zie hoofd stuk 8.7
Rood knippe rend De KickbackStop-functie werd ge activeerd.
8.4 Onbedoeld activeren van de
KickbackStop-functie Bij het werken zonder geleiderail op een onge lijk werkstuk kan de KickbackStop-functie on bedoeld geactiveerd worden (afbeelding 8b). De aftastnok [8-1] tast langs het werkstuk. Bij een verdieping van het werkstuk komt de stand van de aftastnok overeen met de stand bij het oplichten van het werkstuk of van een geleide rail. Daarom wordt dan de KickbackStop-func tie geactiveerd. Het kan daarom nodig zijn om zonder KickbackStop-functie te werken (zie hoofdstuk 8.6).
8.5 Handeling na geactiveerde
KickbackStop-functie Geactiveerd door onbedoeld oplichten (terug slag) ► Redenen voor het oplichten vaststellen en verhelpen. ► Apparaat op beschadigingen controleren. ► Aftastnok op beschadigingen controleren. ► KickbackStop-functie controleren (zie hoofdstuk 8.7). Na onbedoeld activeren van de KickbackStop- functie ► De aan-/uitschakelaar loslaten en wachten tot de status-LED KickbackStop-functie niet meer knippert. ► Controleren of het inderdaad om een onbe doeld activeren van de KickbackStop-func tie ging (zie hoofdstuk 8.4 ) of toch om een terugslag. ► Probeer eerst met actieve KickbackStop- functie verder te werken. Alleen als u zon der rail werkt en uw werkstuk zo ongelijk is dat hierdoor de KickbackStop-functie meer dere keren geactiveerd zou worden, moet u de KickbackStop-functie deactiveren (zie hoofdstuk 8.6).
8.6 Werken zonder KickbackStop-functie
WAARSCHUWING Gevaar voor letsel Bij gedeactiveerde KickbackStop-functie wordt het zaagblad bij onbedoeld oplichten niet geremd. ► Deactiveer de KickbackStop-functie alleen als u zonder rail werkt en uw werkstuk zo ongelijk is dat de KickbackStop-functie meerdere keren onbedoeld geactiveerd zou worden. KickbackStop-functie deactiveren ► Toets KickbackStop-functie OFF indrukken. ► Binnen 10 seconden de aan-/uitschakelaar bedienen en vasthouden. KickbackStop-functie blijft gedeactiveerd tot aan het volgende loslaten van de aan-/uitscha kelaar. KickbackStop-functie kan alleen vóór het inschakelen van de zaag gedeactiveerd worden.
8.7 KickbackStop-functie controleren
WAARSCHUWING Letselgevaar door uitstekend zaagblad. ► Zaagdiepte vóór de functietest op 0 mm in stellen. Wij adviseren om het zaagblad vóór de functietest uit te bouwen. ► Zaagdiepte op 0 mm instellen. ► Apparaat op een vlakke en stevige onder grond plaatsen. ► Machine inschakelen. ► Toets KickbackStop-functie OFF binnen 5 seconden 4 keer op een afstand van min stens 0,5 seconden indrukken. Status-LED KickbackStop-functie knippert af wisselend rood en groen. ► Binnen 15 seconden ▷ Zaagaggregaat omlaag drukken. ▷ Apparaat aan de achterzijde optillen en weer neerlaten. Signaal klinkt, status-LED brandt groen. Kick backStop-functie werkt foutloos. Als er geen signaal klinkt en de status-LED wordt niet groen, dan werkt de KickbackStop- functie niet foutloos. Nederlands 80► Controleren of de functietest correct werd uitgevoerd. ► Aftasteenheid achter het zaagblad reinigen (zie zaagblad wisselen). Als de functietest nog steeds niet succesvol is, mag het apparaat niet meer gebruikt worden. Neem contact op met de servicewerkplaats van Festool.
8.8 Zagen volgens aftekenlijn
De zaagindicatie [9-2] geeft bij 0°- en 45°-zaag sneden (zonder geleiderail) het zaagverloop aan.
De machine met het voorste deel van de zaag tafel op het werkstuk plaatsen, de machine in schakelen, tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden drukken en in de zaagrichting naar vo ren bewegen.
8.10 Delen uitzagen (invallend zagen)
Om bij invallend zagen een terugslag te voorkomen dienen de volgende aanwij zingen beslist in acht te worden genomen: – Plaats de machine altijd met de achterkant van de zaagtafel tegen een vaste aanslag. – Zet de machine bij het werken met de ge leiderail tegen de terugslagstop FS-RSP (accessoires) [11-4] die op de geleiderail wordt vastgeklemd. Handelwijze ► Plaats de machine op het werkstuk en zet deze tegen een aanslag (terugslagstop). ► Schakel de machine in. ► Druk de machine langzaam tot de ingestel de zaagdiepte omlaag en beweeg deze in de zaagrichting vooruit. De markeringen [9-1] geven bij maximale zaag diepte en gebruik van de geleiderail het voorste en achterste zaagpunt van het zaagblad (Ø 160 mm) aan.
8.11 Gips- en cementgebonden vezelplaten
Vanwege de hoge stofontwikkeling wordt gead viseerd gebruik te maken van de aan de zijkant van de beschermkap te monteren afdekking ABSA-TS55 (accessoire) en een Festool mobiele stofafzuiger. 9 Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Vóór alle onderhouds- en reparatiewerk zaamheden altijd het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen. ► Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam heden, waarvoor het vereist is om de mo torbehuizing te openen, mogen alleen in een geautoriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd. Klantenservice en reparatie alleen door fabrikant of door servicewerk plaatsen. Adres bij u in de buurt op: www.festool.nl/service Alleen originele Festool-reserveon derdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.nl/service EKAT
De volgende aanwijzingen in acht nemen: ► Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen,bijv. een defecte hendel voor de gereedschapswisseling [1-5], moeten op deskundige wijze in een erkende en gespe cialiseerde werkplaats gerepareerd en ver vangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is. ► Controleer toestand en probleemloze werk ing van de terughaalveer die de gehele aan drijfeenheid in de bovenste beveiligde eind positie drukt. ► Zorg ervoor dat de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon zijn om de luchtcirculatie te waarborgen. ► Om splinters en spanen uit het elektrische gereedschap te verwijderen, dienen alle openingen te worden schoongezogen. Open nooit de beschermende kap [1-22]. ► De aansluitcontacten van het elektrische gereedschap, oplaadapparaat en accupack schoon houden. ► Bij werkzaamheden met gips- en cement gebonden vezelplaten het apparaat bijzon der grondig reinigen. Reinig de ventilatie openingen van het elektrische gereedschap en de aan-/uit-schakelaar met droge en olievrije perslucht. Anders kan zich gips houdend stof in de behuizing van het elek trische gereedschap en op de aan-/uit- schakelaar afzetten en in verbinding met luchtvochtigheid uitharden. Dat kan tot na Nederlands 81delige beïnvloeding van het schakelmecha nisme leiden.
9.1 Bijgeslepen zaagbladen
Met behulp van de instelschroef [10-1] kan de zaagdiepte van bijgeslepen zaagbladen nauw keurig worden ingesteld. ► Stel de zaagdiepteaanslag [10-2] in op 0 mm (met geleiderail). ► Ontgrendel het zaagaggregaat en druk het tot aan de aanslag omlaag. ► Schroef de instelschroef [10-1]zover naar binnen, tot het zaagblad het werkstuk raakt.
9.2 Zaagtafel wankelt
Bij de instelling van de zaaghoek moet de zaagtafel op een plat vlak staan. Wankelt de zaagtafel, dan moet de instelling opnieuw uitgevoerd worden (hoofdstuk 7.3) . 10 Accessoires Alleen door Festool toegelaten accessoires en verbruiksmateriaal gebruiken. Zie Festool-ca talogus of www.festool.nl. Door gebruik van andere accessoires en ver bruiksmateriaal kan het elektrisch gereed schap onzeker worden, hetgeen tot ernstige on gelukken kan leiden. Naast de beschreven toebehoren biedt Festool nog uitgebreide systeem-accessoires aan, waarmee u uw machine op veel manieren en effectief kunt gebruiken, bijv.:
- Parallelaanslag, tafelverbreding PA-TS 55
- Afdekking aan de zijkant, schaduwvoegen ABSA-TS 55
- Terugslagstop FS-RSP
- Parallelaanslag FS-PA en verlenging FS- PA-VL
Om uiteenlopend materiaal snel en zuiver te kunnen zagen biedt Festool voor alle werk zaamheden zaagbladen aan die speciaal op Festool zagen zijn afgestemd.
De geleiderail maakt precieze, zuivere zaag sneden mogelijk en beschermt tegelijkertijd het oppervlak van het werkstuk tegen beschadi ging. In combinatie met de omvangrijke accessoires kunnen met het geleidesysteem exacte hoek zaagsneden, verstekzaagsneden en inpaswerk zaamheden worden uitgevoerd. De bevesti gingsmogelijkheid met behulp van lijmklem men [11-5] zorgt voor een stevig houvast en voor veilig werken. ► Speling van de zaagtafel op de geleiderail met de beide instelgeleiders [11-1] instel len. Zaag voor het eerste gebruik van de geleide rail de splinterbescherming [11-3] in: ► Zet het toerental van de machine op stand
► Plaats de machine met de gehele geleide plaat aan het achtereinde van de geleide rail. ► Schakel de machine in. ► Druk de machine langzaam tot de max. in gestelde zaagdiepte omlaag en zaag de splinterbescherming zonder onderbreking over de gehele lengte aan. De rand van de splinterbescherming komt nu precies overeen met de snijrand. Leg de geleiderail voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afval hout. 11 Milieu Geef het apparaat niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijke wijze af. Neem de geldende nationale voorschriften in acht. Alleen EU: Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische appara ten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieu vriendelijke wijze te worden afgevoerd. Informatie voor REACH: www.festool.com/ reach 12 Algemene aanwijzingen
12.1 Informatie over gegevensbeveiliging
Het elektrische gereedschap bevat een chip voor de automatische opslag van machine- en gebruiksgegevens. De opgeslagen gegevens hebben geen betrekking op personen. De gegevens kunnen met speciale apparaten contactloos uitgelezen worden en worden door Festool uitsluitend gebruikt voor de storingsdi agnose, reparatie- en garantieafwikkeling als mede voor de verbetering van de kwaliteit of de verdere ontwikkeling van het elektrische ge reedschap. Zonder uitdrukkelijke toestemming Nederlands 82van de klant worden de gegevens niet voor an dere doeleinden gebruikt.
Het woordmerk Bluetooth
en de logo's zijn ge registreerde merken van Bluetooth SIG, Inc. en worden door TTS Tooltechnic Systems AG & Co. KG en dus door Festool onder licentie gebruikt. Nederlands 83Innehållsförteckning 1 Symboler................................................... 84 2 Säkerhetsanvisningar............................... 84 3 Avsedd användning................................... 87 4 Tekniska data
Notice-Facile