KLL 220 - Laserpointer METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KLL 220 METABO in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KLL 220 METABO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Laserpointer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KLL 220 - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KLL 220 van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING KLL 220 METABO
Handleiding De Metabo KLL 2-20 is een eenvoudig te bedienen kruislijn- en loodlijnlaser. De laser is zelfnivellerend binnen een bereik van ± 4,5°. Bovendien kan de laser snel en nauwkeurig nivelleren. De horizontaal en verticaal geprojecteerde laserstralen zorgen ervoor dat u nauwkeurig kunt werken. Dankzij de gepulste laserstraal kan over grotere afstanden worden gewerkt met een speciale lijnreceiver. Houd bij het lezen van de bedieningshandleiding het fotokatern erbij. Houdt u zich aan de algemene instructies voor hantering, instandhouding en onderhoud van het apparaat. Houdt u zich aan de veiligheidsinstructies voor laserstralen ! Onderdelen apparatuur (1a) Toets: aan/ uit (1b) Schakelaar aan/ uit (transportbeveiliging) (2) LED‘s voor aanduiding: (2a) Bedrijfsfunctie AAN resp. GEREED (2b) Batterijspanning (3) Uitvoeropening horizontale en verticale laserstraal (4) Uitgangsopeningen loodlijnen (5) Voet - uitschuifbaar (6) Klemhendel (7) Deksel van batterijvak (8) Stootbeveiliging (9) Schroefdraad voor aansluiting van statief 1/4” (10) Magneten (11) Wandhouder Voor de eerste ingebruikneming: Duidelijke markering van het laserapparaat op de aangegeven locatie met de waarschuwing in uw taal. De desbetre ende stickers zijn toegevoegd. Deze sticker met de in de desbetre ende taal geformuleerde waarschuwing dient op de plaats van de Engelse tekst hier te worden aangebracht ! Batterijen moeten worden geplaatst -> batte- rijen vervangen
Belangrijkste toepassingen: Functies: De KLL 2-20 kan in 2 bedrijfsmodi worden gebruikt.
1. Als zelfnivellerende lijnlaser 2. Als laserapparaat voor markeerwer
+ loodlijnlaser zaamheden zonder nivelleerfunctie Bedrijfsmodus met zelfnivellering: In deze modus kan de gebruiker een type laserlijn kiezen. Inbedrijfstelling Met de aan/uitschakelaar (1b) wordt het apparaat ingeschakeld. Na het inschakelen verschijnen een horizontale en een verticale laserlijn en de loodlijnlaserpunten. De laser wordt automatisch uitgelijnd. Instelling van het type laserlijn: Door de keuzeschakelaar (1a) te gebruiken kunnen achtereenvolgens de verticale en de horizontale laserlijnen met de loodlijnlaserpunten en de kruislaserlijn worden ingesteld. Bij te grote helling knippert de laser ! Laser knippert -> Apparaat staat te schuin + bevindt zich buiten het zelfnivellerendbereik + laser kan zich niet automatisch d.m.v. nivelleren instellen Bedrijfsmodus zonder nivelleerfunctie: De Aan/Uitschakelaar (1b) is uitgeschakeld. De KLL 2-20 wordt in deze modus alleen met de keuzeschakelaar (1a) in/uitgeschakeld. Bedrijfsmodus loodlijnfunctie Om het onderste loodpunt beter te kunnen zien kan de voet worden uitgeschoven. De KLL 2-20 wordt opgesteld en ingeschakeld (schakelaar 1b). De naar onderen gerichte laserstraal wordt gepositioneerd aan de hand van het desbetre ende object of een markering. Markeer de positie van de loodrechte laserstraal naar boven op het plafond. Wanneer de loodlijnlaserpunten zijn ingeschakeld, dan zijn gelijktijdig ook de laserlijnen ingeschakeld. Let erop, dat u altijd het midden van de laserpunt gebruikt om te markeren ! Controle van het kalibreren De kruislijn- en loodlijnlaser KLL 2-20 is geconstrueerd voor gebruik op bou- wplaatsen. Bij het verlaten van de fabriek bevindt het apparaat zich in een foutloos afgestelde toestand. Zoals bij elk precisie-instrument dient het kalibreren echter regelmatig te worden gecontroleerd. Voor elk nieuw begin van de werkzaamheden, zeker wanneer het apparaat aan veel trillingen is blootgesteld, dient dit te worden gecontroleerd.
Voor de horizontale controle zijn 2 parallelle wandvlakken op een afstand van ten minste 5 m nodig.
1. Monteer de KLL 2-20 op afstand S van 50 mm tot 75 mm van een wand A op
een horizontale ondergrond of op het statief met de voorzijde richting de wand.
2. Apparaat inschakelen (1b) .
3. Het zichtbare laserstraalkruis op de wand A markeren (punt 1).
4. Het gehele laserapparaat ca. 180° draaien zonder de hoogte van het
apparaat te wijzigen.
5. Het zichtbare laserstraalkruis op de wand B markeren (punt 2).
6. Laserapparaat nu direct voor wand B plaatsen.
7. Het apparaat zo in hoogte instellen dat de laserpunthoogte met punt 2
8. Zonder de hoogte van de laser te veranderen, draait u hem180°, zodat de
laserstraal naar het merkteken op de eerste wand (stap 3 / punt 1 ) wijst. Meet de verticale afstand tussen punt 1 en punt 3. Daarbij mag het verschil niet meer bedragen dan: S Maximaal toegestane waarde 5 m 3,0 mm 10 m 6,0 mm 15 m 9,0 mm 20 m 12,0 mm Voor de verschillen geldt: Δ ges 1 = Δ 1 - Δ 2 < ± 2mm Δ ges 2 = Δ 3 - Δ 2 < ± 2mm bij het berekenen rekening houden met de voortekens!
2. Horizontale controle - helling van de laserlijn
De hellingshoek van de laser en de lijnrechte projectie controleren
1. Markeer op de vloer 3 punten die telkens 5 m van elkaar zijn verwijderd
en precies op één lijn liggen.
2. Plaats de laser op afstand S = 5 m van de lijn precies voor de middelste
4. Meet aan de hand van de markeringen de hoogte van de laserlijn.
5. Apparaat verplaatsen.
6. Plaats de laser op afstand S = 5 m van de lijn precies voor de middelste
markering = positie Y
7. Meet aan de hand van de markeringen de hoogte van de laserlijn.
Verticale controle Voor deze controle is het noodzakelijk dat u een referentie creëert. Bevestig bijv. een peillood in de buurt van een wand. Plaats nu het laserapparaat voor deze referentiemarkering (afstand y). De verticale laserstraal wordt nu vergeleken met deze referentiemarkering. Over een lengte van 2 m mag de afwijking van het midden van de lijnlaser ten opzichte van de referentiemarkering niet meer bedragen dan 1 mm. Peilcontrole
1. Apparaat inschakelen.
2. Plaats de laser zo dat de neerwaartse straal op een merkteken
op de vloer gericht is.
3. Breng een merkteken op het plafond aan waar de opwaartse straal
4. Draai de laser 180° en richt de neerwaartse straal opnieuw op
het merkteken op de vloer.
5. Breng een merkteken op het plafond aan waar de opwaartse straal
6. Meet de afstand tussen de twee merktekens op het plafond; deze afstand
is tweemaal de feitelijke afwijking. Daarbij mag het verschil niet groter zijn dan: 5 m op 3 mm Vervanging van batterij De deksel van de batterijhouder (4) in de richting van de pijl openen. Plaats de nieuwe batterijen op de met symbolen aangegeven manier in de batterijhouder. Er kunnen ook geschikte accu‘s worden gebruikt. Technische gegevens Lasertype: Rode diodelaser, Lijnlaser gepulst, golflengte 635 nm Uitgangsvermogen: < 1 mW, laserklasse 2 volgens IEC 60825-1:2007 Zelfnivellerend gebied*: ca. ± 4,5° Nivelleerprecisie*: Laserlijn horizontaal*: L1 = ± 0,3 mm/m Midden van de laserlinie Laserlinienneigung : L2 = ± 0,2 mm/m Laserlijn Nauwkeurigheid opwaartse laserstraal*: L3 = ± 0,3 mm/m Nauwkeurigheid neerwaartse laserstraal*: L4 = ± 0,4 mm/m Batterijen: 3 x 1,5 V Mignonceller Alkaline, grootte AA,LR6 Bedrijfsduur: ca. 20 uur (Alkaline) Bedrijfstemperatuurgebied: -10 °C tot +50 °C Bewaartemperatuur: -20 °C tot +60 °C Technische wijzigingen voorbehouden.
- Indien gebruikt binnen opgegeven temperatuurlimieten
Metabo meetinstrumenten dat aan service toe is Neem voor meetinstrumenten van Metabo die aan service toe zijn contact op met uw Metabo-vertegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com.it
SimpelGids